CConstaterende datHulst
Koppel je AI →
Document · PDF

Concept-verslag commissie ABZ 27 januari 2025

Gemeenteraad 13 februari 2025, gemeente Hulst5.491 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Verslag Commissievergadering Algemeen Bestuurlijke Zaken d.d. 27 JANUARI 2025

Aanwezig: J. Van Eck (HulstPLUS), A. Paping (PvdA), E. Naessens (VVD), M. Strooband-de Moor (Algemeen Belang Groot Hulst), S. van den Bergen (Algemeen Belang Groot Hulst), G. Ter Horst (D66), G. Lernout (Groot Hontenisse-Hulst), J. van Wesemael (CDA), T. Willaert (Fractie Willaert), C. de Kraker (voorzitter), I. Jense-van Haarst (burgemeester) , C. Pieters (gemeentesecretaris), K. Schelfhout (commissiegriffier) Afwezig: M. Eckhardt (Fractie Eckhardt), R. Bertram (D66), F. Walravens (FVD), F. van Driessche (voorzitter) 1.

Opening De voorzitter opent de vergadering en heet alle aanwezigen van harte welkom. Hij vervangt de heer Van Driessche, die wegens ziekte afwezig is. Hij meldt verder de afwezigheid van mevrouw Eckhardt en de heer Walravens. Mevrouw Ter Horst is vandaag als vervanger aanwezig.

2.

Mededelingen De burgemeester bedankt namens de commissaris van de Koning iedereen voor de fijne ontvangst en het mooie programma tijdens zijn bezoek op 15 januari. De heer Van Eck vond het onderwerp, democratie in de gemeenteraad van Hulst, interessant, maar geeft aan dat de discussie niet verliep zoals gehoopt door tijdsverschuivingen in de agenda. Er werden enkele vragen aan de commissaris gesteld, met het verzoek om de belangen van Hulst in overweging te nemen. Dit verdient volgens de heer Van Eck navolging. Hij verwacht dat het onderwerp later opnieuw wordt besproken, mogelijk naar aanleiding van een inkomende brief van de provincie. De heer Willaert heeft een vraag naar aanleiding van het tweede bezoek van de commissaris van de Koning. Hij merkt op dat de commissaris regelmatig in de pers verschijnt en duidelijke ideeën heeft over Zeeland. Omdat de heer Willaert bij het tweede bezoek niet aanwezig kon zijn, vraagt hij welke opvolging hieraan wordt gegeven en welke terugkoppeling de gemeenteraad kan verwachten. Hij benadrukt dat het belangrijk is dat de gemeente gehoord wordt en niet pas achteraf geconfronteerd wordt met de plannen en ambities van de commissaris. De burgemeester geeft aan dat de commissaris van de Koning nog volop bezig is met zijn kennismaking en inwerkperiode, ondanks de onzekerheid over zijn positie op lange termijn.

In de tussentijd werkt hij hard aan de visie Zeeland 2050 en heeft hij aantekeningen gemaakt van zijn gesprekken, waaronder die met de gemeenteraad. Daarnaast spreekt hij met veel anderen om een breed beeld te vormen. Voor de zomer wordt een conceptvisie verwacht, waarop de gemeente kan reageren. De burgemeester zal de raad op de hoogte stellen zodra de conceptvisie gereed is, zodat eventuele aanvullingen kunnen worden besproken. De heer Lernout deelt namens zijn fractie zijn ontstemming over het besluit van de RUD om naar Middelburg te verhuizen, zoals hij vanmorgen in de krant las. Volgens hem is dit besluit onder druk van de provincie genomen en betekent het opnieuw een verlies voor ZeeuwsVlaanderen. Hij vindt het schrijnend dat weer een overheidsinstantie uit de regio verdwijnt en stelt de vraag wat het OZO-overleg in dit licht nog voor zin heeft.

De burgemeester geeft aan dat zij niet over dit besluit gaat, maar zal de ontstemming van de heer Lernout doorgeven aan de verantwoordelijke portefeuillehouder, die hier ongetwijfeld van op de hoogte is. Dit onderwerp valt onder de commissie Ruimte. 3.

Vaststellen agenda Mevrouw Strooband- de Moor vraagt of bij ingekomen stuk A73 ingekomen stuk 10 behandeld kan worden, aangezien beide stukken betrekking hebben op de buitendijkse grazers. De voorzitter geeft aan dat de stukken A73 en 10 gezamenlijk behandeld zullen worden bij agendapunt 7, de buitendijkse grazers. Hoewel ze misschien niet duidelijk op de agenda staan, worden beide stukken samen besproken. De agenda wordt daarmee vastgesteld.

4.

Verslag vorige vergadering De burgemeester geeft een update over de actiepunten. Wat betreft de toenemende discriminatie zijn er momenteel geen signalen. De tweede actie gaat over de raadsadviescommissie. Gemeente Hulst blijkt de enige gemeente die behoefte heeft aan zo'n commissie. De uitnodiging aan de VRZ is herhaald, en een andere afdeling heeft het nu opgepakt. De burgemeester verwacht snel actie. Over de ingekomen stukken meldt ze dat de griffie hard werkt aan de beschikbaarheid van documenten zonder inloggen, behalve voor adviescommissies en brieven van inwoners, waarvoor nog een oplossing wordt gezocht. Verder was een overleg met Rijkswaterstaat gepland, maar door ziekte werd dit uitgesteld. In de volgende commissie zal ze hierover een update geven. Mevrouw Ter Horst vraagt naar de status van de mobiele bloedbank, waar eerder een vraag over was gesteld. Ze wil weten of het college iets onderneemt richting de bloedbank om te kijken of de voorziening toch behouden kan blijven voor Hulst. De voorzitter geeft aan dat de antwoorden kunnen teruggevonden worden in de ingekomen stukken van december. Mevrouw Ter Horst kan er bij de commissie Samenleving op terugkomen, aangezien het een kwestie is voor wethouder Ruissen.

De heer Willaert vraagt de voorzitter kort of er iets te zeggen is over de lopende moties, zoals eerder besproken tijdens de vorige commissieverhandeling, en of dit onderwerp hier aan de orde kan komen. De voorzitter geeft aan dat de moties in het presidium zijn besproken en dat ze terugkomen op de agenda van de gemeenteraad. Moties worden niet in de commissie besproken, zoals afgesproken in het presidium. Een terugkoppeling kan eventueel via een mededeling plaatsvinden, waarbij het overzicht van de moties wordt gepresenteerd.

5.

Spreekrecht burgers Er zijn geen insprekers aangemeld.

6.

Nieuws van de gemeenschappelijke regelingen / verbonden partijen Er is geen nieuws.

7.

Nieuws van de grote projecten De burgemeester informeert de commissie over verschillende onderwerpen. Ten eerste, wat betreft de asielzoekersverdeling, bevestigt zij dat het verdeelbesluit van de minister is uitgekomen. Hulst krijgt 100 asielzoekers, zoals eerder afgesproken, onderdeel van de

2

Zeeuwse verdeling van 2109 asielzoekers. In totaal zijn er 400 asielzoekers in ZeeuwsVlaanderen, verdeeld over Sluis (100), Terneuzen (200) en Hulst (100). De burgemeester benadrukt dat er op dit moment geen problemen zijn met de grenscontroles, maar dat de situatie gemonitord wordt, vooral omdat de burgemeester van Sint-Gillis zich hierover zorgen maakt. Wat betreft de spoorweg, is de aanbesteding bijna afgerond. De gemeente is druk in gesprek met een van de partijen om dit proces netjes af te ronden. De burgemeester verwacht snel meer informatie te kunnen delen, mogelijk via een raadsinformatiebrief. De hoorzittingen zijn afgerond, met acht hoorzittingen waarbij negen bezwaarmakers besloten niet deel te nemen. Er zijn vijf vergaderingen geweest met verschillende werkgroepen, waaronder samenleving, monitoring en veiligheid, en er zijn ook vergaderingen met omwonenden gehouden om de situatie te verhelpen. De verwachting is dat de beslissing op bezwaar half februari genomen wordt. Volgende keer zal de burgemeester meer details geven, mogelijk met visuele ondersteuning. A. Ingekomen stuk A73: Buitendijkse grazers, toelichting portefeuillehouder De burgemeester vertelt over de situatie met de koeien in de Saeftinghe, die in oktober werd ontdekt door Zeeuws Landschap. Dit leidde tot snel handelen, omdat veehouders en streekproductenverkopers getroffen werden.

Er werd een brief naar de NVWA gestuurd, maar de situatie werd bemoeilijkt door de grens tussen Nederland en België, met verschillende autoriteiten. In Nederland is een deel van het vee vrijgegeven voor verkoop, maar in België duurt het langer. Daarnaast bespreekt de burgemeester het PFAS-onderzoek in de regio Westerschelde, uitgevoerd door het RIVM. Er is een landelijk programma van drie jaar, maar veel onzekerheden blijven over wat ermee gedaan kan worden. De GGD heeft geen actieve rol, maar adviseert de gemeente. Er was een bijeenkomst van het ministerie van IMW en VWS op 23 januari, en op 5 maart komt er een bijeenkomst van het RIVM voor terugkoppeling. Wat betreft de koeien blijft het complex, vooral voor de zomer, als ze weer buiten moeten grazen. Ook de vraag wie de kosten van het probleem draagt, is nog niet opgelost. Op 19 februari is er een bijeenkomst in de Abdij in Middelburg waarbij de NVWA informatie geeft over de voortgang, die ook opgenomen wordt. Tot slot meldt de burgemeester dat de RUD onderzoek doet naar mogelijke PFAS-bronnen bij bedrijven in Zeeland. De heer Naessens vraagt naar de reden waarom de stieren zijn afgemaakt. Hij vindt dat het project niet goed is verlopen en is van mening dat de stieren gewoon verder hadden kunnen leven. Ook de manier waarop ze zijn afgemaakt, vindt hij niet goed.

De heer Lernout uit zijn ongeloof over het verhaal van de grote grazers en de manier waarop de informatie is gedeeld. Hij sluit zich aan bij zijn voorganger en stelt dat de stieren misschien niet afgemaakt hadden hoeven worden, ondanks de aanwezigheid van PFAS. Hij vindt de maatregel vreemd. De heer Lernout herinnert aan de eerdere beloftes over het produceren van pré-salé vlees uit de Saeftinghe. Daarnaast uit hij irritatie over het feit dat bijeenkomsten steeds in Middelburg plaatsvinden, terwijl de mensen in ZeeuwsVlaanderen blijven zitten met onopgeloste vragen. Hij pleit voor een lokaal aanspreekpunt voor de bewoners van regio's zoals Emmadorp, Paal en Walsoorden, waar de onrust leeft. Ook vraagt hij naar het onderzoek naar de effecten van de seaspray en of er mededelingen worden gedaan naar de boeren in de polder. Hij benadrukt de impact op de samenleving en de noodzaak voor actie. De heer Van Wesemael sluit zich aan bij de zorgen van de heer Lernout over de impact van de seaspray en vraagt hoe gevaarlijk deze daadwerkelijk is voor de omwonenden rond de Westerschelde. Daarnaast wijst hij op de mogelijke compensatie voor getroffen bedrijven,

3

inclusief de schade aan hun imago. Hij wil weten of hier al zicht op is en welke stappen worden ondernomen. Mevrouw Strooband-de Moor uit haar zorgen over de gang van zaken rond het euthanaseren van de waterbuffels. Ze vindt het verdacht dat deze kwestie pas naar buiten kwam nadat de Hertogin Hedwigepolder onder water was gezet, terwijl het probleem al jaren bekend leek te zijn. Ze vraagt of de boeren, die hun vee in Saeftinghe hadden lopen, volledig schadeloos worden gesteld, gezien het enorme verlies dat zij lijden. Daarnaast vraagt zij waarom de dieren niet apart gehouden konden worden om een ander gebied te begrazen en waarom de gemeente Hulst hierin geen rol heeft gespeeld. Ze wil weten of er plannen zijn om volgend jaar opnieuw dieren af te maken en spreekt haar afschuw uit over het feit dat de dieren zichtbaar bebloed lagen op een plek waar veel mensen wandelen, vooral in de vakantieperiode. Volgens haar lijkt het erop dat het euthanaseren van deze dieren de makkelijkste oplossing was. Namens haar fractie benadrukt zij dat dergelijke praktijken niet meer mogen voorkomen, noch in Hulst, noch elders. Ze uit ook kritiek op FREE Nature, dat zichzelf als natuurliefhebber presenteert, maar deze situatie toch heeft laten gebeuren. Tot slot vraagt ze om duidelijkheid over de verspreiding van seaspray en of er zicht is op hoe ver de verontreiniging zich uitstrekt.

De heer Willaert uit scherpe kritiek op de gang van zaken rondom het doden van de grote grazers door FREE Nature. Hij stelt dat veel mensen geschokt en verontrust zijn door de manier waarop dit gebeurde en vraagt of hier iets mee is gedaan. Hij pleit ervoor dat de gemeente FREE Nature streng aanspreekt en hen excuses laat aanbieden. Volgens hem mag dit niet zonder consequenties blijven. Daarnaast sluit hij zich aan bij de kritiek op het feit dat belangrijke bijeenkomsten over PFAS steeds in Middelburg plaatsvinden en niet in Hulst, terwijl Hulst zwaar getroffen is. Hij herinnert eraan dat Hulst ooit was beloofd de plek te worden voor een internationale PFASconferentie. Hij hekelt het feit dat Den Haag de regio negeert en vindt dat de gemeente met de vuist op tafel moet slaan om beleidsmakers hiernaartoe te krijgen. Tot slot wijst hij op een mogelijke oplossing voor PFAS-verontreiniging, hennepteelt. Hij refereert aan een onderzoek uit België waaruit blijkt dat hennep tot 85 procent van de PFAS uit grond en grondwater kan filteren. Hij vraagt zich af of de gemeente hiervan op de hoogte is en waarom er nog geen concrete actie wordt ondernomen, terwijl er internationaal al interesse is. Volgens hem zou dit een veel snellere en effectievere aanpak kunnen zijn dan jarenlang wachten op nieuwe onderzoeken.

Hij besluit met de opmerking dat hij uitkijkt naar hennepvelden in Saeftinghe en vraagt de gemeente hier serieus naar te kijken. De heer Paping stelt vragen over de rol van de PFAS-coördinator uit Den Haag en wat er in de afgelopen twee jaar concreet is gedaan. Hij merkt op dat de communicatie rondom PFAS gebrekkig is geweest en dat dit mogelijk had kunnen helpen om de ontstane schade te beperken. Hoewel hij de gemeente complimenteert met haar aanpak na 17 oktober, benadrukt hij dat betere communicatie cruciaal is om dit soort situaties in de toekomst te voorkomen. De heer Van Eck uit zijn zorgen over de gebrekkige informatievoorziening rondom de PFASproblematiek. Hij vindt het vreemd dat partijen al langer op de hoogte waren, maar niets hebben doorgegeven, wat doet denken aan eerdere situaties zoals in 2005. Hij benadrukt dat de coördinatie ontbreekt en dat inwoners onvoldoende geïnformeerd worden. Ook stelt hij vragen over de rol van de PFAS-coördinatoren en pleit hij voor meer overleg en verantwoording, die in zijn ogen in Hulst zou moeten plaatsvinden in plaats van in Middelburg. Daarnaast vraagt hij zich af of de economische schade goed in kaart wordt gebracht. Hij deelt zijn verbazing over het feit dat de invloed van seaspray pas nu aan het licht komt en verwijst naar recente berichtgeving over hennep als mogelijke oplossing. Tot

4

slot benadrukt hij dat er te veel versnipperde communicatie is en dat de gemeente beter geïnformeerd en betrokken zou moeten worden. Mevrouw Ter Horst benadrukt het belang van grootschalige dataverzameling en metingen om de situatie nauwkeurig te monitoren. Dit is essentieel om de bron van de vervuiling te achterhalen en de ontwikkelingen in de komende jaren goed te volgen. Ze legt daarbij speciale nadruk op de impact op water, en in het bijzonder op de drinkwatervoorziening. De burgemeester erkent dat de gemeente Hulst te laat op de hoogte werd gesteld van de hoge PFAS-waarden in de Westerschelde en de gevolgen daarvan. Ze benadrukt dat communicatie en coördinatie verbeterd moeten worden, met name tussen de gemeente, provincie en betrokken instanties zoals de GGD en de PFAS-coördinator uit Den Haag. Ze geeft aan dat de geplande informatiebijeenkomst in de abdij van Middelburg plaatsvindt, omdat meerdere gemeenten betrokken zijn. Ze bevestigt dat er meer onderzoek nodig is naar de verspreiding van PFAS via seaspray en de gevolgen voor landbouw en volksgezondheid. De mogelijkheid om met hennep de bodem te saneren is bekend, maar er zijn nog geen concrete plannen of geïnteresseerde partijen. Ook wordt bekeken hoe de economische schade zich ontwikkelt en of compensatie mogelijk is, inclusief de deelname aan de schadeclaim tegen chemiebedrijf 3M.

Over het euthanaseren van de waterbuffels spreekt de burgemeester haar afkeuring uit. De gemeente was hier niet vooraf van op de hoogte en heeft FREE Nature daarover een brief gestuurd met vragen en een berisping. Ze noemt de situatie bruut en zegt dat dit in de toekomst niet meer mag voorkomen. Mevrouw Ter Horst stelt vragen over het monitoren van PFAS in het drinkwater en de mogelijkheden om PFAS te zuiveren in waterzuiveringsinstallaties. Ze vraagt of er concrete plannen zijn om deze zuivering toe te passen. De heer Van Eck uit kritiek op de rol van de GGD. Twee jaar geleden werd al gesproken over de mogelijkheid voor inwoners van Hulst om bloedonderzoek te laten doen, zodat zij zich konden aansluiten bij een collectieve schadeclaim tegen 3M in België. Dit is toen niet doorgegaan, omdat de GGD weigerde om dit onderzoek uit te voeren. Hij dringt er bij de gemeente op aan om de GGD opnieuw te benaderen en desnoods opdracht te geven om bloedonderzoek te faciliteren. Hij pleit voor testlocaties in Hulst, zodat inwoners die zich zorgen maken gratis hun bloed kunnen laten testen en, indien nodig, kunnen deelnemen aan de juridische procedure tegen 3M. De heer Willaert noemt vier speerpunten in de aanpak. Hij pleit voor meer aandacht voor het afvangen van PFAS bij de bron, vooral omdat er in het verleden gevallen waren van wat eerst verboden was, dat later gelegaliseerd werd.

Daarnaast vraagt hij om meer actie op het gebied van opruiming, bijvoorbeeld door hennep in te zetten, en wil hij dat deze kennis breder gedeeld wordt. Hij wijst ook op de langdurige gezondheidsonderzoeken, verwijzend naar de situatie in West Virginia waar PFAS uitgebreid onderzocht wordt, en vraagt of deze kennis gedeeld kan worden. Wat betreft schadeafhandeling pleit hij ervoor om ruimte te reserveren voor schadeclaims, die later kunnen ontstaan, zowel voor bedrijven als particulieren. Tot slot denkt hij mee over de mogelijkheid om lokale boeren in te schakelen voor sanering van PFAS door middel van hennep, wat mogelijk meerdere problemen tegelijk oplost. Mevrouw Strooband-de Moor uit haar frustratie over het PFAS-probleem, dat al tien jaar geleden werd aangekaart zonder actie. Ze verwelkomt het landelijke bloedonderzoek, maar vindt dat dit veel eerder had moeten gebeuren. Ze bekritiseert het gebrek aan transparantie en proactieve communicatie, waardoor er steeds zelf om informatie gevraagd moet worden. Ook maakt ze zich zorgen over boeren met gezonde dieren op stal en hoopt ze op een snelle oplossing, zodat de dieren niet terug

5

hoeven naar vervuilde grond. Tot slot betreurt ze dat de gemeente Hulst niet betrokken was bij de besluitvorming om de dieren te euthanaseren, terwijl de provincie dat wel was. Ze vindt dat de gemeente ten minste op de hoogte gesteld had moeten worden. De heer Lernout bekritiseert dat Middelburg opnieuw de leiding naar zich toetrekt en herinnert zich dat er eerder twee fulltime PFAS-coördinatoren waren aangesteld, maar vraagt zich af wat zij daadwerkelijk hebben gedaan. Hij vindt dat deze coördinatoren gemeenten en inwoners beter hadden moeten informeren. Daarnaast pleit hij voor hennepteelt als oplossing, aangezien dit al in Nederland gebeurt voor industriële toepassingen. Hij stelt voor om Wageningen hierbij te betrekken en snel stappen te zetten. Tot slot benadrukt hij dat compensatie voor boeren snel geregeld moet worden. Zonder financiële steun raken zij economisch in de problemen. Hij waarschuwt voor een situatie zoals in Groningen, waar na tientallen jaren nog steeds om compensatie wordt gestreden. De burgemeester erkent de ernst van de PFAS-problematiek en begrijpt de frustratie van betrokkenen, vooral omdat het dossier al jaren speelt zonder afdoende oplossingen.

Ze benadrukt dat de zichtbaarheid van de coördinatoren in Hulst niet per se iets zegt over hun inzet, maar neemt het signaal serieus en zal hen vragen om meer duidelijkheid te geven over hun werkzaamheden en hierover een gesprek te voeren. Wat betreft de getroffen veehouders en ondernemers, onderstreept de burgemeester dat snelle schadevergoeding essentieel is om faillissementen en economische problemen te voorkomen. Ze benadrukt dat een groot deel van de veestapel inmiddels weer in productie kan worden genomen. Toch blijft ze aandringen op blijvende aandacht voor de schadebeperking en ondersteuning van de ondernemers. Verder overweegt ze een brief te sturen aan de provincie en de coördinatoren om vast te leggen welke zorgen en vragen er leven. Dit moet helpen om het gesprek voort te zetten en te voorkomen dat het onderwerp uit beeld verdwijnt. Ze erkent de zorgen over de traagheid van de landelijke onderzoeken en geeft aan dat er nog aanvullende studies lopen, waaronder biomonitoring op bloedsamples om mogelijke gezondheidsrisico’s in kaart te brengen. De burgemeester blijft aandringen op een bloedonderzoek, ondanks eerdere weerstand vanuit de GGD. Ze merkt op dat het verzet tegen zo’n onderzoek lijkt af te nemen en hoopt dat er nu stappen worden gezet in de goede richting.

Wat betreft de aansluiting bij het 3M-proces, geeft ze aan dat de gemeente onderzoekt of en hoe dat mogelijk is. Mocht het lukken om een causaal verband aan te tonen tussen PFASvervuiling en gezondheidsschade, dan wil de gemeente inwoners hierop wijzen en hen helpen zich hierbij aan te sluiten. Daarnaast gaat ze navraag doen bij Evides over de zuivering van drinkwater en de mate waarin PFAS eruit wordt gefilterd. De voorzitter herinnert de burgemeester aan een eerdere toezegging aan de heer Lernout om te onderzoeken of er een loket kan worden geopend voor mensen met vragen of problemen rondom de PFAS-problematiek. De burgemeester zwakt dit iets af, ze zegt toe om te onderzoeken of er bijvoorbeeld eens per maand een inloopmiddag georganiseerd kan worden, waar mensen met vragen of problemen terecht kunnen. De heer Van Eck stelt dat de kosten door 3M moeten worden gedragen. Hij wijst erop dat er al een lopende rechtszaak is, waarbij mensen zich kunnen aansluiten, en dat snelheid geboden is omdat er waarschijnlijk een deadline is voor deelname. Hij pleit ervoor dat de gemeente Hulst de GGD verzoekt om hierbij te helpen, aangezien de gemeenteraden het

6

beleid van de GGD bepalen, en dat de kosten vervolgens bij 3M in rekening worden gebracht. 8.

Bespreekstukken A. Voorstel tot wijziging GR Veiligheidsregio Zeeland 2025 De voorzitter wijst op de inwerkingtreding van de gewijzigde Wet gemeenschappelijke regelingen per 1 juli 2022. Deze wijziging heeft als doel de democratische legitimatie van gemeenschappelijke regelingen te versterken. Dit gebeurt door gemeenten meer sturingsen controlemogelijkheden te geven en gemeenteraden beter in staat te stellen hun controlerende taak uit te voeren. Dit geldt onder andere voor zienswijzen, wijzigingen, participatie, de actieve informatieplicht, evaluaties en de Planning & Control-cyclus. Daarnaast biedt de wet de mogelijkheid om als gemeenteraad gezamenlijk een raadsadviescommissie in te stellen. De heer Paping geeft aan dat het idee van een raadsadviescommissie al eerder is besproken. Hij heeft nu het gevoel dat de VRZ de bal terugkaatst en dat de dertien gemeenten het er eerst over eens moeten worden. Hij vindt dat dit proces efficiënter zou kunnen verlopen en benadrukt dat een verzoek altijd ingediend kan worden. De heer Willaert benadrukt dat er tijdens het vorige debat consensus was over de proactieve houding van de gemeente en het belang van meedenken over de toekomst. Hij uit bezorgdheid over de beperkte democratische impact van een gemeenschappelijke regeling als één gemeente weigert deel te nemen aan de raadadviescommissie, wat het hele proces kan blokkeren.

Ondanks zijn kritiek op deze beperking, waardeert hij de inspanningen van de portefeuillehouder, maar geeft aan dat hij niet akkoord gaat met de huidige opzet van de regeling zonder de voorgestelde escape dat niet alle raden mee hoeven te doen. Mevrouw Strooband-de Moor uit haar frustratie dat Hulst vaak de enige gemeente lijkt te zijn die zich uitspreekt tegen bepaalde voorstellen. Ze is geïnteresseerd in de reden waarom andere gemeenten zich tegen de raadsadviescommissie verzetten, gezien hun argumenten. Daarnaast maakt ze opmerkingen over de actieve informatieplicht van gemeenschappelijke regelingen, waarbij ze aangeeft dat persoonlijke informatie en niet alleen schriftelijke communicatie nodig is. Tot slot geeft ze aan dat haar indruk op basis van de aanbestedingsbrief is dat er nooit een raadsadviescommissie komt. De heer Lernout uit zijn teleurstelling over de communicatie rondom het onderwerp, waarbij hij aangeeft dat hij zich als raad op afstand voelt staan. Hij vindt de invloed te beperkt en stelt voor om het nieuwe hoofdkantoor mogelijk in Zeeuws-Vlaanderen te vestigen, hoewel hij twijfelt of dit haalbaar is. De heer Van Eck geeft een dat er in de raadsklankbordgroep jeugdzorg veel overeenstemming was om een raadsadviescommissie op te richten, maar gaat ook in op de tegenwerking die er daarbij ook was.

Hij beschrijft hoe de afgelopen jaren er weinig vooruitgang werd geboekt en hoe de bestuurders probeerden te verhinderen dat zo'n commissie verplicht werd. Hij vergelijkt dit met eerdere ervaringen, zoals het onderzoek naar jeugdzorg, waarbij hij vond dat er geen bereidheid was om meer bevoegdheden aan de raadsleden te geven. Hij stelt dat er meer ruimte moet worden gemaakt voor de raadsadviescommissie in de gemeenschappelijke regelingen, en hij vindt dat wat er nu staat de democratie aantast. Hij pleit voor een gesprek met de commissaris hierover. De burgemeester uit haar teleurstelling over de situatie en herkent volledig de frustratie die door de raadsleden wordt geuit. Ze sluit zich aan bij de opmerkingen van de heer Willaert over de ontsnappingsclausule, waarbij ze aangeeft dat dit mogelijk een oplossing zou

7

kunnen zijn om een raadsadviescommissie alsnog te realiseren, zelfs als niet alle raden meedoen. Echter, ze benadrukt dat het moeilijk is om met slechts een klein aantal gemeenten een effectief adviesorgaan te vormen, omdat de meerderheidsvariant niet haalbaar is. Ze geeft aan dat het beste wat nu uit de situatie is gehaald, is dat de bestaande klankbordgroep, die momenteel weinig invloed heeft, meer handen en voeten zal krijgen. De gemeente zal vaker betrokken worden bij deze groep, wat hen in staat zou moeten stellen om actief mee te denken en invloed uit te oefenen. De burgemeester erkent dat het belangrijk is om scherp te blijven en samen te werken om deze klankbordgroep effectiever te maken. Ze stelt voor om niet strikt vast te houden aan de naam raadsadviescommissie, maar te focussen op de inhoud en werking van de groep. Als raadsleden actief betrokken zijn en de groep goed voorbereiden, zou dit alsnog als een verkapte adviescommissie kunnen fungeren. De burgemeester geeft aan dat de wijziging van de regeling in feite niet tegengehouden kan worden, tenzij het in strijd is met het recht of het algemeen belang, wat in dit geval niet aan te tonen is. Daardoor komt het uiteindelijk neer op een ja of ja-beslissing.

De heer Van Eck benadrukt dat de raadsklankbordgroep jeugdzorg altijd goed functioneerde door tijdige verslaglegging, wat de raadsleden ondersteunde bij belangrijke besluiten. Hij stelt voor dat deze werkwijze als voorbeeld wordt genomen. Verder vindt hij dat de huidige kwestie niet opnieuw naar de raad moet komen voor heroverweging, maar dat er nu een definitief besluit genomen moet worden. De voorzitter geeft aan dat als één partij het wil, het onderwerp als bespreekpunt naar de raad moet. De vraag is dan wat er precies ter discussie wordt gesteld, vooral de inhoud en vorm van de klankbordgroep of raadsadviescommissie. De raad moet hierover nadenken en bepalen hoe ze dit in het raadvoorstel willen opnemen. De voorzitter stelt voor om samen met de griffier te bekijken hoe dit op een goede manier gepresenteerd kan worden in de raad. 9.

Ingekomen stukken Naar aanleiding van brief D38 over geldautomaten over de grens in België, waar men in ieder dorp en kern een automaat wil plaatsen ligt de vraag van ABGH voor of losse geldautomatenunits een oplossing zouden kunnen zijn voor kernen in Hulst zonder geldautomaten. De burgemeester stelt voor om wethouder Depauw te vragen om onderzoek te doen naar de behoefte en het probleem, en om bij verschillende banken na te gaan of ze iets voor de gemeente kunnen betekenen. De heer Lernout reageert door te benadrukken dat de plaatsing van geldautomaten landelijk wordt geregeld door Geldmaat, en dat de gemeente daar geen directe invloed op heeft. Hij erkent dat dit frustrerend is voor de mensen, maar legt uit dat de gemeente helaas geen controle heeft over deze zaak. De heer Van den Bergen bevestigt de opmerkingen van de heer Lernout, maar voegt toe dat hij zelf ook geprobeerd heeft contact te zoeken met Geldmaat. Het antwoord dat men kan pinnen bij een supermarkt wordt door hem als onvoldoende beschouwd, aangezien de supermarkt niet altijd open is of altijd geld in huis heeft. Hij wijst erop dat het college wellicht druk kan uitoefenen op Geldmaat, ondanks dat de gemeente hier officieel geen controle over heeft. De heer Willaert benadrukt dat er mensen zijn die nog cash geld nodig hebben en dat zij niet allemaal goed ter been zijn.

Hij vindt het belangrijk dat de gemeente dit signaal

8

afgeeft naar Geldmaat, en voegt eraan toe dat de sluiting van filialen van de Regiobank de situatie verder zou kunnen verergeren. De heer Van Eck stelt voor dat de gemeente overlegt met de eigenaren van supermarkten die geldautomaten hebben, om ervoor te zorgen dat deze blijven bestaan. Hij wijst erop dat de functies van plaatselijke banken waarschijnlijk verdwijnen, wat het probleem verergert. Hij benadrukt ook dat er vanuit de ouderenbonden wordt gepleit om ervoor te zorgen dat ouderen toegang blijven houden tot contant geld. Zijn verzoek is dat de gemeente actie onderneemt en bij de supermarkten informeert naar de mogelijkheden. De burgemeester concludeert dat de gemeente geen directe invloed heeft op de plaatsing van geldautomaten, maar hoopt dat supermarkten, ondanks hun beperkte openingstijden, een oplossing bieden voor senioren die contant geld nodig hebben. Ze zal wethouder Depauw vragen contact op te nemen met Geldmaat. Vervolgens bespreekt de burgemeester het punt over gezamenlijke huisvesting van de GGD en de Veiligheidsregio. Ze vermeldt dat in sommige provincies deze twee organisaties al samengevoegd zijn, maar dat de vraag is of dit kostenbesparend is. Ze verwijst naar een langlopend dossier over gezamenlijke huisvesting, waarbij een projectleider is aangesteld om een businesscase op te stellen.

Er wordt verder gewerkt aan de samenwerkingsvormen, rechtsvormen en andere noodzakelijke aspecten. In februari 2025 wordt er een update gegeven en in april 2025 wordt er verwacht dat er een besluitvorming volgt. Tussentijds zullen ze de voortgang met de betrokken partijen bespreken. Mevrouw Strooband-de Moor bespreekt punt 7, de noodzaak om te onderzoeken hoe regio's die al samenwerken, dit hebben aangepakt. In punt 18 verwijst ze naar gesprekken met vier regio's die al enige tijd samenwerken en regio's die nog geen samenwerking hebben, met als doel om hun ervaringen te delen. Ze benadrukt dat de raden nauwlettend de voortgang moeten volgen en op de hoogte moeten blijven. Op pagina 4 staat dat het belangrijk is dat de raden een duidelijke stem hebben als er een beslissing wordt genomen over één samenwerkingsvorm. Ze benadrukt dat haar fractie nog steeds tegen één gemeenschappelijke regeling is, hoewel ze openstaat voor overtuigende argumenten die mogelijk tot een andere conclusie kunnen leiden, hoewel ze daar zelf twijfels over heeft. De burgemeester beaamt dat het belangrijk is om nauw betrokken te blijven, vooral wanneer het beslissingsmoment nadert. Ze geeft aan dat niet alleen zijzelf, maar ook de VRZ aanwezig moet zijn om haar verhaal te vertellen.

Ze suggereert dat de VRZ mogelijk overtuigender kan zijn, aangezien deze organisatie meer achter het voorstel staat dan zijzelf. De burgemeester belooft dat de betrokkenen goed meegenomen zullen worden en dat dit ook in het verslag zal worden opgenomen. Mevrouw Ter Horst uit haar bezorgdheid over het vinden van de juiste stukken, wat ze eerder ook al had aangekaart. Daarnaast vraagt ze naar het ingekomen stuk nummer 17, dat gaat over een brief van de VNG over de participatieverordening die per 1 januari 2027 moet worden ingevoerd. Ze wil weten wanneer dit onderwerp op de agenda komt. De voorzitter geeft aan dat er landelijk een ander systeem wordt opgezet voor de ingekomen stukken. De burgemeester geeft aan dat wethouder Mangnus hard werkt aan de participatieverordening en dat hij de aangewezen persoon is om hierover te spreken. 10.

Agendavoorstellen voor de volgende vergadering van de raadscommissie

9

Er zijn geen agenderingsvoorstellen binnen gekomen. 11.

Rondvraag De heer Lernout stelt de vraag of de brandweerkazerne in Kloosterzande al is aanbesteed. De burgemeester antwoordt dat het bestek bijna klaar is en dat de aanbesteding in februari op de markt zal worden gezet. Mevrouw Ter Horst vraagt of er al een evaluatie is van de nieuwjaarsnacht, met betrekking tot incidenten, inzet van hulpverlening, schade, enzovoort. Ze verwijst ook naar het hoge aantal oogletsels dat dit jaar is gemeld en vraagt zich af of er in Hulst ook incidenten zijn geweest. Ze suggereert om te bespreken of er behoefte is aan een vuurwerkverbod in een volgende vergadering. De burgemeester meldt dat de jaarwisseling in Hulst rustig was, zoals gebruikelijk. Er waren geen incidenten of grote uitrukken van de brandweer, en de politie had vooral te maken met winkeldiefstallen. Er was wel één vuurwerkincident, maar de schade was laag, rond de 7000 euro. Ze stelt dat als er interesse is in een vuurwerkverbod, dit een politiek statement is en aan de gemeenteraad overgelaten moet worden. 12. Sluiting De voorzitter sluit de vergadering om 21.00 uur.

10

Verslag Commissievergadering Algemeen Bestuurlijke Zaken d.d. 27 JANUARI 2025 ACTIEPUNTEN/TOEZEGGINGEN RAADSCOMMISSIE ABZ Nr. 1

Datum opgevoerd * 02 december 2024

Onderwerp Raadsadviescommissie

Actie/toezegging Nagaan standpunt andere gemeenten over al dan niet voorstander raadsadviescommissie

Status De gemeente Hulst is de enige voorstander van een raadsadviescommissie bij de gemeenschappelijke regeling VRZ

2

* 02 december 2024

Uitnodiging VRZ

Benaderen directeur VRZ tot beantwoorden vragen via presentatie en/of bezoek aan Hulst

Directeur VRZ is opnieuw uitgenodigd

3

02 december 2024

Ingekomen stukken

Mogelijkheden beoordelen voor op andere wijze ontsluiten van ingekomen stukken

Behoudens brieven van inwoners zijn ingekomen stukken openbaar gesteld m.i.v. 1 januari 2025. De griffie werkt in overleg met de leverancier van het RIS aan een oplossing.

4

02 december 2024

Rijkswaterstaat

Commissie ABZ periodiek informeren over inhoud overleggen met Rws

Continue

5

27 januari 2025

FPAS-problematiek

Toezegging portefeuillehouder om te onderzoeken of er bijvoorbeeld eens per maand een inloopmiddag georganiseerd kan worden, waar mensen met vragen of problemen rondom PFAS terecht kunnen.

* Van actiepunten met een * wordt voorgesteld ze als afgedaan te beschouwen Aldus vastgesteld door de raadscommissie Algemeen Bestuurlijke Zaken d.d. …………… De commissiegriffier,

De commissievoorzitter,

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15127509/2