D07 Dorp, Stad en Land, jaarverslag 2025
Tekst van het document
Samen bouwen aan onze leefomgeving Jaarverslag 2025 JAARVERSLAG 2025 Vogelvlucht over Zuid-West Nederland Een overzicht van de jaarverslagen voor alle gemeenten waar Dorp, Stad en Land adviseert 2 JAARVERSLAG 2025 3 Inhoud Voorwoord | 5 Toekomstvisie voor Hulst | 6 Q-teams: De sleutel tot kwaliteit, s amenhang en versnelling | 10 Monumenten aanwijzen mét de eigenaren | 14 Maatwerkcursus voor plantoetsers B orsele | 14 Methodiek voor De Omgeving van het Monument | 14 De kracht van een goede Nota Omgevingskwaliteit | 16 Commis sies onder de Omgevingswet | 19 Jaarcijfers | 20 Wij zijn Dorp, Stad en Land | 22 Ons werk in Zuid-Holland | 24 Ons werk in Zeeland | 32 Ons werk in Noord-Brabant | 36 Colofon | Fotografie | Dorp, Stad en Land Het jaarverslag is een uitgave van | Coverfotografie | — | René de Wit | Groot Handelsgebouw Dorp, Stad en Land | Portretfotografie | — | Ingmar Timmer | Stationsplein 45, 3013 AK Rotterdam © 2026 | Reportagefoto’s | — | Dorp, Stad en Land | Unit E3.168 Postbus 29129, 3001 GC Rotterdam Concept en ontwerp | Druk | info@dorpstadenland.nl JUST — www.just .agency | Puntgaaf Drukwerk, Leiden | 010 280 94 45 Tekst en eindredactie Suzanne Stam | Wij danken iedereen die meegewerkt heeft Dorp, Stad en Land | aan het tot stand komen van deze uitgave.
4 JAARVERSLAG 2025 Samen bouwen we aan onze leefomgeving De druk op de ruimte neemt toe: de woningbouwopgave, energietransitie, behoud van erfgoed en landschap, en de vraag om veilige voedselproductie en landbouw. T egelijkertijd is de roep om snelheid en minder regels sterk. Arlette van Poppel, directeur van Dorp, Stad en Land is ervan overtuigd dat dat kan. ‘Met realistisch en toekomstgericht beleid, wat initiatiefnemers vroegtijdig duidelijkheid biedt voor hun bouwplannen. Wij helpen gemeenten daarbij.’ A rlette blikt terug op een jaar van kennisontwikkeling, samenwerking en groei. ‘We zijn trots op de soepele samenwerking en constructieve banden die we met steeds meer gemeenten en organisaties opbouwen. Samen werken we aan een mooie en toekomstbestendige leefomgeving.’ Samenhang, vroeg meedenken en in gesprek Gemeenten lopen steeds vaker tegen dezelfde vraag aan, zo ziet Arlette: hoe organiseer je processen zo dat ze zowel kwaliteit als versnelling mogelijk maken? Het antwoord: ‘Door meer integraal en in samenhang te adviseren. Door al in een vroeg stadium mee te denken met gemeenten en initiatiefnemers en zo te zorgen voor goed doordachte bouwplannen. Met elkaar in gesprek gaan, dat is ontzettend belangrijk.
Dit sluit aan bij de Omgevingswet.’ Landelijk beleid en flexibel huisadviseurschap Ook dit jaar blijft Dorp, Stad en Land weer kennis delen en nieuwe dien - sten ontwikkelen. ‘Zo werken we met onze zusterorganisaties in Team Ruimtelijke Kwaliteit Nederland aan een landelijke handreiking om beleid voor omgevingskwaliteit vorm te geven. Ook investeren we met Dorp, Stad en Land in de nieuwe dienst ‘huisadviseurschap’ . Hiermee kunnen gemeenten flexibel extra deskundigheid van ons inzetten wanneer dat nodig is.’ Advies aan nieuwe wethouders en gemeenteraadsleden ‘Ga met ons de uitdaging aan om ver vooruit te kijken: wat voor gemeente willen we zijn, hoe willen we samenleven, van welke leefomgeving worden wij gelukkig? Vervolgens gaan we terugtellen: wat kunnen we dan nu doen? En dat is vaak al heel wat! We laten zien wat er kan als je de verschillende uitdagingen en belangen goed combineert, en maken dat ook beeldend en praktisch. Voor gemeentebestuurders die zich bezighouden met gebiedsontwikkeling, bouwen, wonen, cultureel erfgoed, economie, sociale cohesie, landelijk gebied of recreatie, is dit zeer behulpzaam.’ Op pagina 6 een voorbeeld met Gemeente Hulst. Een mooie en toekomstbestendige leefomgeving De missie van Dorp, Stad en Land is luid en duidelijk: het versterken van de leefomgevingskwaliteit in Nederland.
Arlette: ‘Dat is best ingewikkeld, door alle regels, tegenstrijdigheden in beleid, hoge kosten en snelle technische ontwikkelingen. Wij willen minder complexiteit en vereenvoudiging. Heb je als gemeente een vraag of kom je ergens niet uit, bel ons gerust!’ 5 JAARVERSLAG 2025 Hulst bruist: Historische vestingstad als motor voor een levendige toekomst Kan het water rond onze vestingstad weer een bevaarbaar rondje worden? En kunnen de historische poorten hun oorspronkelijke karakter als brug terugkrijgen? Die vragen stelde Hulst aan Dorp, Stad en Land. Het antwoord: een praktische visie met uitvoerbare ingrepen voor de korte, midden- en lange termijn. Wethouder Gino Depauw: ‘Deze visie verbindt ons erfgoed met verkeer , toerisme, recreatie, wonen en de inrichting van de openbare ruimte. Een goed uitgewerkt plan voor nu en de toekomst.’ 6 JAARVERSLAG 2025 7 JAARVERSLAG 2025 Oplossing: de poort in de hoofdrol Opbouw van de stad op de kaart van Hattinga in lagen weergegeven 1 De stad als geheel 2 De binnen en buitenvest en de drie poorten 3 De moestuinen en boomgaarden binnen de wal 4 De hoofdstructuur van de straten naar de poorten 5 De poortpleintjes en de centrale Grote Markt H et Zeeuwse Hulst is een kleine, maar de meest Vlaamse stad in Nederland, zo vertelt wethouder Gino Depauw: ‘Een stad met een bourgondische inslag, waar we het leven vieren.
We zijn heel trots op onze rijke geschiedenis en ons erfgoed. Hulst kreeg in 1180 stadsrechten en ontwikkelde zich tot een be - langrijke vesting- en havenstad. Erfgoed speelt een prominente rol. Je moet weten waarom je stad, dorp of omgeving zo is opgebouwd, hoe het is ontstaan en wat er allemaal heeft plaatsgevonden. Je moet weten waar je vandaan komt.’ Stadswallen, poorten en ravelijn Hulst is een beschermd stadsgezicht met maar liefst 68 rijksmonumenten. De 3,5 km lange stadswallen, aangelegd tijdens de Tachtigjarige Oorlog, zijn volledig gerestaureerd. Bij de trots van Hulst horen ook de vier poorten (Bagijnepoort, voormalige Keldermanspoort, Gentse Poort en Dubbele Poort), bolwerken en het ra - velijn (een vijfhoekig eiland bij een vesting, als extra verdedigingswerk). Hulst had oorspronkelijk 5 ravelij - nen, waarvan er nu nog één over is. Zo’n drie jaar terug wilde de gemeenteraad onderzoe - ken of een aantal elementen in hun oude glorie kon worden hersteld. Gino: ‘Zo wilden we kijken of we het oorspronkelijke water rondom de vestging weer met el- kaar konden verbinden, bijvoorbeeld om een rondje te schaatsen of te varen. En of we de oorspronkelijke brug- gen en poorten terug konden brengen.’ Verleden tastbaar maken Restauratiearchitect Maarten Raaijmakers en architec - tuurhistoricus Marije Couperus van Dorp, Stad en Land gingen met de opdracht aan de slag.
Maarten: ‘Hulst is een parel van een vestingstad. Zo puur als hier ga je het niet meer zien. Alle verdedigingselementen zijn hier nog aanwezig. Uit ons onderzoek bleek al snel dat het doortrekken van het rondje water technisch niet haal - baar was vanwege de damlichamen en de vele kabels en leidingen. Maar we zagen in het rondje wel goede mogelijkheden om het water en het erfgoed meer in de hoofdrol te zetten. Een mooie kans om het verleden weer meer tastbaar te maken.’ Drie gezichten voor het water Zo krijgt het water rond de vesting drie nieuwe gezich - ten: een stille zone waar de monumentale uitstraling het sterkst is, een rustige zone waar mensen kunnen vissen, en een recreatieve zone om te varen en suppen. Marije: ‘Zo wordt het water niet alleen zichtbaar, maar ook beleefbaar.’ Ook werden de poorten onder de loep genomen. Marije: ‘Rondom de poorten zie je goed de gelaagdheid van tijden terug. Sinds de jaren ’50 werd er veel ruimte ge - geven aan auto’s. De Gentse Poort ligt nu aan de zijlijn naast een doorgaande weg. Ook zie je het water niet meer, net als bij de Bagijnenpoort. In onze verkenning 5 2 43 1 8 JAARVERSLAG 2025 geven we aan hoe je met kleine, middelgrote en grote ingrepen het karakter van een brug naar de poort te - rug kan brengen. Zoals het versmallen van de dam en toevoegen van leuningen waardoor er weer meer con - tact met het water ontstaat.
Ook het verplaatsen van bomen, vlaggenmasten en terrasschotten of vervangen van stenen en belijning kan al veel doen. Zo verbetert de uitstraling en wordt het erfgoed beter leesbaar. En het maakt die plekken tegelijkertijd prettiger om te zien en te verblijven.’ Ruïne als trekpleister Ook de Keldermanspoort, een ruïne met een rijke ge - schiedenis, krijgt in het plan een nieuw leven. Marije: ‘Deze voormalige waterpoort ligt uit de route en ligt er verlaten bij. Maar de komst van nieuwe wonin - gen brengt meer beweging in en naar dit gebied. Met bijvoorbeeld een theehuis en terras kan de Kelder - manspoort een levendige ontmoetingsplek worden. Door het uitgraven en herstellen van een oud ravelijn dat hier ligt, ontstaat weer het oorspronkelijke eilandje. Met een houten fiets- en voetgangersbrug kan de poort met het ravelijn worden verbonden. Zo transformeer je een vergeten hoek in een trekpleister.’ Creatieve herinnering aan het verleden Een van de uitgangspunten is erfgoed terugbrengen waar dat kan, maar niet alles hoeft volledig in ere te worden hersteld. Zo is de Asschepoort in de 17e eeuw helemaal verdwenen, alleen het stratenpatroon laat nog een flauwe herinnering na. ‘Deze ‘verloren poort’ kan je weer op andere manieren voelbaar maken’ , ver- telt Marije. ‘Nu is het een stenig pleintje voor parkeren. Door groen toe te voegen, is de sfeer snel en eenvoudig te verbeteren.
Een kunstproject, gemaakt in samen - werking met bewoners, kan de verloren poort weer tot leven brengen. Niet als exacte reconstructie, maar als creatieve herinnering aan het verleden.’ Behapbare fasen In de nieuwe visie geeft Dorp, Stad en Land 16 voor - stellen voor ingrepen waarmee Hulst haar erfgoed kan inzetten. Hiermee kan de stad het erfgoed meer in beeld brengen, beter zichtbaar maken en de locaties meer met elkaar in verbinding brengen. Het erfgoed is zo een nóg beter visitekaartje en het draagt bij aan de kwaliteit en ontwikkeling van de stad. Maarten: ‘We hebben de ingrepen verdeeld in behapba- re fasen: wat kan snel worden gerealiseerd, wat vraagt meer tijd en wat is voor de lange termijn. Dat geeft de stad een realistisch kader om stap voor stap te inves - teren in de toekomst. Bij Dorp, Stad en Land zetten we ons in voor de lange termijn en de generaties na ons. Wij hebben meer dan 75 jaar kennis van dit soort dorpen, steden, landschappen en erfgoed. Voor deze verkenning hadden we ook nauw contact met de lokale commissie omgevingskwaliteit. We hebben lokale kennis benut, en die komt met deze visie weer ten goede aan bewoners, ondernemers en bezoekers.’ Plan voor de toekomst De gemeenteraad was razend enthousiast over de visie.
Wethouder Gino van Hulst: ‘Ik zit sinds 2005 in de lokale politiek en heb nog nooit meegemaakt dat een plan met applaus werd ontvangen! De grootste verrassing vond ik het idee voor de Keldermanspoort. Het terug uitgra - ven van het ravelijn stond al gepland voor dit en volgend jaar, samen met de aanleg van een nieuw fiets- en voet- pad door het stadspark. We kijken of we meer ideeën uit deze visie rondom het ravelijn en de Keldermanspoort kunnen meenemen. Dat hangt af van de werkzaamhe - den zelf en ook de financiën spelen mee. Dat geldt ook voor de Gentse Poort, waar al werkzaamheden voor staan gepland. Deze verkenning is niet alleen praktisch en uitvoerbaar maar ook inspirerend en vol mooie idee- en. We gaan goed kijken wat we uit deze visie al mee kunnen nemen, of we meer werkzaamheden aan el - kaar kunnen koppelen. Het fijne hieraan is de fasering, want we kunnen niet alles tegelijkertijd doen. Met dit plan hebben we een route voor de komende 25 jaar met ruimte om stap voor stap te investeren.
Hier kan de stad lange tijd mee verder.’ Vogelvlucht van de gave vestingstad Hulst Marije Couperus en Maarten Raaijmakers presenteren de visie aan de gemeenteraad 9 JAARVERSLAG 2025 Gemeenten die er al mee werken zijn het erover eens: het Q-team, oftewel Kwaliteitsteam, speelt een cruciale rol bij het voor elkaar krijgen van kwaliteit en samenhang bij hun grote gebieds- ontwikkelingen. Dorp, Stad en Land verzorgde in 2025 maar liefst 44 Q-teams bij lid-gemeenten. Maar wat doet zo’n team zoal? Drie leden van de Q-teams van Lansingerland, Westland en Schiedam aan het woord. E en Q-team is een tijdelijk team van experts dat wordt ingezet bij grote gebiedsontwik - kelingen, zowel bij nieuwbouw als bij de transformatie van bestaande wijken. Het doel is om al in een vroeg stadium met alle betrokken partijen te werken aan plannen die de ambities van de gemeente waarmaken. Het Q-team heeft een sturende en adviserende rol. Zij geeft een ontwikkelaar in een vroeg stadium duidelijkheid over de kaders en stimuleert om daar - binnen tot een hoge omgevingskwaliteit te komen. Het team bestaat doorgaans uit onder meer een stedenbouwkundige, landschapsarchitect, architect en andere deskundigen, aangevuld met vertegenwoordigers van de gemeente en een lid van de commissie omgevingskwaliteit. Zo wordt een goede afstemming richting vergunningverlening geborgd.
Dorp, Stad en Land helpt gemeenten bij het opzetten van een Q-team, vertelt directeur Arlette van Poppel: ‘We organiseren en structureren het hele proces in overleg met de gemeente. We regelen de rolverdeling, bestuurlijke afstemming en inzet van de juiste deskundigen. Daarbij vormt een beeldkwaliteitsplan of gebiedsvisie de basis waarop zowel het Q-team als de commissie toetsen. Q-teams zijn een sterke vorm van vooroverleg: in de initiatieffase zitten alle partijen al aan tafel. Daardoor kunnen hobbels vroeg worden opgelost, ontstaat meer samenhang in het gebied en kan uiteindelijk sneller, beter en tegen lagere kosten worden gebouwd.’ Q-teams: De sleutel tot kwaliteit, samenhang en versnelling in gebiedsontwikkeling 10 JAARVERSLAG 2025 Westland — Flora Campus ‘Een slecht stedenbouwkundig plan krijg je nooit goed met architectuur, hoe mooi een gebouw ook is. Een goed stedenbouwkundig plan is het belangrijkste bij gebiedsontwikkeling, en dat gaat niet over mooi of lelijk maar of alles in goede samenhang is. Daarom is supervisie in het beginstadium zo belangrijk en effectief, je kunt nog bijsturen en het voorkomt frustratie achteraf’ , zo stelt Wytze Patijn. Wytze is architect en stedenbouwkundige, voormalig rijksbouwmeester, stads - bouwmeester Delft, hoogleraar en decaan aan de TU Delft.
Vanwege zijn schat aan ervaring vroeg Dorp, Stad en Land hem als voorzitter van het Q-team en su - pervisor voor de gebiedsontwikkeling Flora Campus in het Westland. Dit gebied bij Naaldwijk wordt een gemengd leer-, werk- en woongebied van zo’n 25 hectare. ‘ Als Q-team kijken we naar hoe de routes zijn om een gebouw binnen te komen, is de ingang duidelijk, is het veilig en zit er bijvoorbeeld geen bocht in de fietstun - nel? Is het levendig in het openbaar gebied op maaiveldniveau? Maar ook hoe wordt het groen onderhouden na oplevering? Ambities zijn essentieel, maar de grootste kunst is om ze waar te maken. Al dit soort aspecten maken het werk als supervisor heel leuk.’ ‘ Elk gebouw moet een bijdrage aan de stad zijn’ — Wytze Patijn Hoogbouw met een kroon Wat is er bijzonder aan Flora Campus? Wytze: ‘De inrichting met het vele groen. Het hart van het plan is een park met een waterpartij. Ook moet er veel groen komen bij en op de gebou - wen, op terrassen en daken. Het Westland is een kustgebied met een zilt klimaat. Niet alles kan er groeien en er zijn specifieke planten en insecten. Dat moet je vooraf meenemen. Bijzonder is zeker de hoogbouw in het plan. Dat is nieuw voor het Westland. Hoge gebouwen moeten spannend zijn om naar te kijken en een woontoren moet een mooie bovenkant hebben als een soort kroon.
Leerlingen van de vmbo-school hebben een maquette gemaakt, met een woontoren met een mooie beëindiging op de bovenste verdieping. Dat vonden wij passend en inspirerend voor de woontorens die er moeten komen. Het eerste hoge woongebouw is aangepast op dat idee. Uiteindelijk moet elk ge- bouw een bijdrage aan de beleving van de stad zijn.’ Sterke architect Nog een punt waar een Q-team op let: ‘Ik probeer als supervisor de betrokkenen te stimuleren te kiezen voor een goed en sterk architectenbureau. Het is belangrijk dat een architect de op - drachtgever kan overtuigen om de beste keuze te maken voor het ontwerp’ . Hoe zit het met bestuurlijk draagvlak? Wytze: ‘Ik zie het ook als een taak om bestuurders en raadsleden goed te informeren en zo nodig te overtuigen. We hebben in Nederland een demo - cratisch bestuur dat in beginsel bestaat uit leken. Daarom is het van groot belang om als experts goed met de bestuurders te communiceren.’ 11 JAARVERSLAG 2025 Lansingerland — Wilderszijde Een dubbele check op de kwaliteit van de leefomgeving. Dat is de waarde van het Q-team voor projectmanager Wouter van Leeuwen voor de gebiedsontwikkeling Wilderszijde. Een groene, klimaat - adaptieve wijk met zo’n 3.000 woningen en voorzieningen zoals een supermarkt, school en gezondheidscentrum.
‘Nieuw voor onze gemeente is dat dit een wijk wordt met meer gelaagdheid in de wo - ningen en voor diverse doelgroepen. Natuurinclusief bouwen staat hoog in het vaandel. Het wordt een samenleving op zich.’ ‘ Q-team kijkt met een breed perspectief en oog voor de lange termijn’ — Wouter van Leeuwen Hoe werkt het? Dorp, Stad en Land kan per gemeente op basis van de wensen en behoeften een Q-team opzetten, of deskundigen betrekken voor een door de gemeente zelf opgezet Q-team. Globaal en afhankelijk van de lokale afspraken ziet het werk van een Q-team er zo uit: • Plannen worden vanaf het schetsontwerp, voorlopig ontwerp tot en met het definitief ontwerp door het Q-team getoetst op basis van het Beeldkwaliteitsplan • Initiatiefnemers dienen hun plan doorgaans een week van tevoren in bij het Q-team • Het Q-team behandelt het plan tijdens het overleg, meestal in bijzijn van de initiatiefnemer, en geeft feedback • Binnen een week na behandeling ontvangt de initiatiefnemer een ondertekend overdrachtsdocument, waarna het plan kan worden aangepast • De initiatiefnemer kan het plan meerdere keren doornemen met het Q-team, tot partijen tevreden zijn en het Q-team akkoord geeft om het plan uit te werken naar een aanvraag omgevingsvergunning • Het bouwplan komt op de agenda van de commissie omge - vingskwaliteit.
Het overdrachtsdocument van het Q-team en het beeldkwaliteitsplan zijn het toetsingskader • De commissie kent de gemaakte keuzes tijdens de ontwerpfase en kan daarom -mits het plan nog steeds voldoet aan de gemaakte afspraken- snel een positief advies geven voor vergunning 12 JAARVERSLAG 2025 Aandacht voor geluid Omdat Wilderszijde naast de Hogesnelheidslijn ligt en in de buurt van Rotterdam The Hague Airport, zijn er speciale geluidsreducerende maatregelen in het stedenbouwkundig plan opgenomen. Lansingerland heeft een Q-team samengesteld met een supervisor, vertegenwoordiging van Dorp, Stad en Land en een geluidsdeskundige. Wouter: ‘Het plan voldoet aan de geluidsnormen, maar we vinden extra aandacht voor de leefkwaliteit van bewoners belangrijk. De akoesticus weet hoe je met bebouwing geluid kan beïnvloeden. Groen absorbeert geluid, hoe meer er dan van is, hoe beter. Ook kijkt hij bijvoorbeeld naar de werking van overkappingen, ligging van erkers, slaapkamers en de zitplek in een tuin.’ Leerpunt Wouter ziet in een Q-team een goed middel. ‘Het kost misschien in het begin veel energie en tijd, maar je krijgt wel een volledige en zorg - vuldige afweging op basis van het Beeldkwaliteitsplan. Het Q-team kijkt echt interdisciplinair, in een breed perspectief en naar de gevolgen op de lange termijn.’ De eerste fases van de woningen zijn opgeleverd.
Wouter: ‘Onlangs hebben we met het Q-team een rondje gelopen. Dat vond iedereen heel positief. Veel zaken die op papier stonden, worden dan zichtbaar en sprekender. Het is ook leerzaam omdat je dan ziet hoe de praktijk is. Zo viel op dat het mooier zou zijn als de kliko’s minder prominent aan de straat staan. Dat nemen we mee als leerpunt. Zo’n evaluatierondje is dus heel belangrijk.’ Schiedam — SchieDistrict ‘De ‘superglue’ tussen partijen bij grote ontwikkelingen’ , zo noemt Lydia Buist-Izelaar het Q-team. Lydia is directeur gebiedsontwikkeling SchieDistrict, een grootschalige gebiedsontwikkeling in Schiedam en voorzitter van het Q-team. SchieDistrict beslaat zo’n 160 hectare en wordt een mix van wonen, werken, leren en recreëren. Hiermee wil de gemeente een sociale en economische stijging voor de stad en regio op gang brengen. De ontwikkeling bestaat uit diverse grote projecten zoals vernieuwing van het station, de transformatie en vergroenen van een be- staand bedrijventerrein, verduurzaming van stadstraten, de komst van een Mechatronica Innovatie Campus, de bouw van circa 4.500 woningen en mogelijk een nieuw station in Schiedam-Noord. De locaties worden in samenhang aangepakt, er zijn acht ontwikkelaars bij betrokken. Lydia: ‘We willen geen scherpe grenzen of overgangen meer, maar dat de buitenruimtes tussen de woongebieden en werklocaties logisch en prettig overvloeien.
Zo komen er langs de Schie die ook door het bedrijven terrein loopt, groene oevers met een boulevard om te fietsen en te wandelen.’ Kan eigenlijk niet zonder Schiedam is voor een groot deel welstandsvrij, met uitzondering van een aantal beschermde stadsgezichten. Bouwplannen hoeven alleen door de commissie omgevingskwaliteit getoetst te worden. Lydia is blij dat de gemeente twee Q-teams heeft, waarvan het kwaliteitsteam SchieDistrict al sinds 2018 operationeel is. ‘Bij zulke grote gebiedsontwikkelingen die ook nog eens overlopen in de bestaande stad, en waar zoveel ontwikke- laars bij betrokken zijn, kun je eigenlijk niet zonder. Het is goed om naar het grotere geheel te kijken én oog voor detail te hebben. Door plannen in een vroeg stadium te toetsen, kun je tijdens het proces bijsturen. We helpen ontwikkelaars en architecten op deze manier, ze weten waar ze aan toe zijn en hoeven achteraf geen dingen te repareren. Dat scheelt tijd en we zitten geen geld te verbranden. Ik zie het Q-team echt als super - glue tussen alle betrokken partijen en belanghebbenden.’ ‘ Q-team is als superlijm, plannen worden er beter van’ — Lydia Buist-Izelaar Betere plannen Plannen worden regelmatig bijgesteld op advies van het Q-team.
Lydia: ‘We kijken naar bijvoorbeeld hoeveel ingangen een gebouw heeft, naar de wind, duurzaamheid maar ook of het past in het stedelijk weefsel, sociale veiligheid en hoe je iets op straatniveau er - vaart. De combinatie van stedenbouw en landschap vinden we heel belangrijk. Door er gezamenlijk naar te kijken, bewaken en verbeteren we een ontwerp en uiteindelijk ook de leefomgeving. Plannen worden er echt beter van.’ 13 JAARVERSLAG 2025 Monumenten aanwijzen mét de eigenaren M onumenten maken zichtbaar wat een gemeente bijzonder maakt. Ze vertellen het verhaal van dorpen, steden en landschappen en geven inwoners herkenning en verbondenheid met hun leefomgeving. Tegelijk zien veel gemeenten dat monumentenaanwijzing weerstand oproept. Zodra sprake is van een mogelijke monumentenstatus, reageren inwoners vaak terughoudend. In onze ervaring bij Dorp, Stad en Land zien zij vooral mogelijke nadelen: extra kosten voor onderhoud, strengere regels bij verbouwen en minder vrijheid in het gebruik van hun pand. Die zorgen zijn begrijpelijk. Een monumentenstatus raakt direct aan privébe - zit en kan financiële en praktische gevolgen hebben. Weerstand heeft vaak minder te maken met het monument zelf en meer met het proces eromheen. Wanneer eigenaren pas laat worden geïnformeerd, tast dat vertrouwen aan en maakt erfgoedbeleid kwetsbaar.
Daarom adviseren wij gemeenten om monumententrajecten niet te starten met aan - wijzen, maar met uitleg en gesprek. Door vroegtijdig duidelijk te maken waarom een inventarisatie wordt gestart, welke stappen volgen en hoe belangen worden afgewogen, ontstaat rust. Eigenaren krijgen ruimte om vragen te stellen en hun inzichten te delen, voordat standpunten verharden. Aandacht voor de praktijk is daarbij essentieel. Wat betekent een monumentenstatus in de dagelijkse praktijk? Wanneer is een vergunning nodig en wanneer niet? En welke ondersteuning is beschikbaar? Door dit concreet en toegankelijk te maken, bijvoorbeeld door te wijzen op onderhoudsadvies, subsidiemogelijkheden of begeleiding via Monu - mentenwacht, ervaren eigenaren dat bescherming en ondersteuning samengaan. Informatiebrochure voor monumenteneigenaren, door Dorp, Stad en Land Checklist: zes stappen naar een zorgvuldig aanwijzingstraject Informeren Leg doel, waarde en verloop van het traject vroegtijdig en helder uit aan inwoners en eigenaren. Verkennen Breng in beeld welke gebouwen en plekken betekenisvol zijn voor het verhaal van de gemeente. Afwegen Weeg publieke belangen en persoonlijke situaties zorgvuldig en zichtbaar tegen elkaar af. Onderzoeken Voer objectbeoor- delingen uit en leg deze begrijpelijk vast. Besluiten Zorg voor bestuurlijke vaststelling met goed afgestemde communicatie.
T erugkoppelen Geef duidelijke uitleg over de uitkomsten en wat deze betekenen voor inwoners. Methodiek om gemeenten te helpen De Omgeving van het Monument D e Omgevingswet vraagt om een nieuwe benadering van de bescherming van erfgoed. Concreet betekent dit dat ontwikkelingen in de omgeving van het mo - nument, het monument niet mogen schaden of ontsieren. Naast monumenten moeten ook de omgeving van monumenten in het omgevingsplan worden opgenomen. Om gemeenten hierbij te helpen, heeft Dorp, Stad en Land een methodiek ontwikkeld waarmee onze adviseurs snel, eenduidig en goed de omgeving van het monument kunnen vaststellen en vastleggen. Een praktische methodiek De essentie van deze methodiek is een uiterst praktische manier om van wettelijke normen een inzichtelijke kaart te maken. Rond elk monument wordt een werkings - gebied gedefinieerd dat de invloedssfeer van het monument inzichtelijk maakt. Dit werkingsgebied vormt vervolgens de basis voor regels in het omgevingsplan. De om - geving van het monument wordt zorgvuldig bepaald, afgestemd op de ruimtelijke context en betekenis van het monument. De Dorp, Stad en Land methodiek kent een opzet met twee niveaus: een generieke en een specifieke werkwijze. In overleg met de gemeente wordt een lokaal passende verdeling tussen generiek en specifiek bepaald.
14 JAARVERSLAG 2025 Samenwerking met Steunpunten Cultureel Erfgoed In november 2025 werd door Erfgoed Zeeland een ken - nismiddag georganiseerd, waarin erfgoedadviseurs Marije Couperus en Maurice Moerland van Dorp, Stad en Land een uitgebreide presentatie met kennissessies voor gemeenten in Zeeland verzorgd hebben. In april 2026 hebben Marije en Maurice tijdens de kennissessie ‘ Aan de slag met de omgeving van het monument’ , georganiseerd door Erfgoedhuis Zuid-Holland, gemeenteambtenaren kennis laten maken met de nieuwe methodiek. Hier kwam veel positieve respons op, de opkomst was geweldig en veel gemeenten toonden interesse. Wilt u in gesprek gaan om ook voor uw gemeente deze methodiek toe te passen, neem dan contact op met pro - jectcoördinator Aimée de Back, erfgoedadviseur van Dorp, Stad en Land. Ook interessant voor andere gemeenten De ervaringen van de vergunningverleners in Borsele laat zien hoe effec - tief een maatwerkcursus kan zijn voor het vergro - ten van deskundigheid in allerlei aspecten van omge- vingskwaliteit. Door middel van scholing met de nieuw- ste inzichten en vakkennis, ondersteunt Dorp, Stad en Land graag gemeenten en hun medewerkers die zich professioneel willen door - ontwikkelen.
Maatwerkcursus door Dorp, Stad en Land Borsele versterkt vakkennis van plantoetsers D e gemeente Borsele vroeg Dorp, Stad en Land om een cursus te ontwikkelen voor de ver - gunningverleners die dagelijks werken aan het beoordelen van bouwplannen binnen het omge - vingsplan. De invoering van de Omgevingswet, actuele ontwikkelingen in de gebouwde omgeving en de toe - genomen aandacht voor verduurzaming vormden de aanleiding voor verdieping van de kennis en vaardig - heden De cursus richtte zich op omgevingskwaliteit, beeldkwaliteit en de negen woningtypologieën uit de Beeldkwaliteitsnota. Maatwerkprogramma met theorie en praktijk Dorp, Stad en Land ontwierp een cursusprogramma van drie dagdelen: twee met theorie en één met prak - tijkcasussen op locatie in Borsele. In de voorbereiding werden bouwtypologieën uit de beleidsnota geanaly - seerd en fotoreportages gemaakt in alle vijftien kernen van Borsele. De gemeente kent meerdere karakteristieke dorpen met een rijke en uiteenlopende bouwgeschie - denis, waardoor lokale kennis van groot belang is. Dit zorgde voor een inhoudelijk sterk programma dat nauw aansloot op de dagelijkse praktijk van vergunningver - leners.
Inzicht in woningtypologieën en beeldkwaliteit Deelnemers leerden de kernen in de gemeente ken - nen en de negen woningtypologieën te herkennen, van schuurboerderijen tot jaren ’60- en ’70-woningen en hedendaagse architectuur. Dakvormen, materialisering, gevelcomposities en ensemblewaarden kregen daarbij bijzondere aandacht. Ook werden verduurzamingsmo - gelijkheden binnen het beschermd gezicht besproken, zodat vergunningverleners de inwoners goed kunnen adviseren met de nieuwste kennis over verduurzamen. Verdieping in omgevingskwaliteit en monumentenzorg Deelnemers onderzochten hoe omgevingskwaliteit landt in beleid en procedures en hoe dit zich verhoudt tot beeldkwaliteit en erfgoed. Thema’s zoals historische gelaagdheid, de restauratieladder en praktische ver- duurzamingsmaatregelen gaven houvast voor zorgvul - dige afwegingen. Casussen versterken inzicht De diverse locatiebezoeken in Borsele waren zeer leer - zaam. Cursisten leerden hier casussen met behulp van de puntenmatrix van Dorp, Stad en Land beoordelen. Deelnemers kregen hierdoor inzicht in de typologie van gebouwen en locaties, waardoor hun kijk op gebouwen veranderde: details vielen sneller op, ensembles kregen meer betekenis en historische gelaagdheid werd duide- lijker herkend. Monumenten waarvoor een generieke aanpak volstaat De generieke werkwijze is snel en eenvoudig toepasbaar.
De omgeving van het mo - nument wordt bepaald aan de hand van de ruimtelijke context. Dit is bruikbaar voor woonhuizen, boerderijen of kleinere objecten zonder bijzondere ensemble- of land - schappelijke samenhang. Monumenten waarvoor een specifieke aanpak nodig is Bij de specifieke werkwijze is sprake van maatwerk. Dit wordt toegepast bij monu - menten met een bijzondere betekenis voor hun omgeving, zoals monumenten met een sterke ensemblewaarde, een landschappelijke of stedenbouwkundige rol, of een complexe historisch-ruimtelijke samenhang. Denk bijvoorbeeld aan een kerk, een vuurtoren of een hofje. Bij deze monumenten wordt de omgeving handmatig bepaald op basis van onder meer zichtlijnen, functionele relaties en historische structuren. Dit vraagt om uitgebreide inhoudelijke erfgoedkennis. T oepassing in Gemeente Gorinchem De methodiek is inmiddels door Dorp, Stad en Land in de gemeente Gorinchem uit - gevoerd. De resultaten laten zien dat deze combinatie van generiek en specifiek heel goed werkt. Het bevestigt bovendien het belang van een integrale benadering van erf - goed en omgevingskwaliteit, waarin bescherming en ontwikkeling geen tegenpolen zijn maar elkaar juist versterken.
15 JAARVERSLAG 2025 De Omgevingswet bundelt tientallen wetten voor de fysieke leefomgeving en biedt gemeenten een concrete kans om omgevingskwaliteit – de waarden die het karakter van een gebied bepalen en die mensen als waardevol zien – niet langer sectoraal, maar integraal te borgen. De kracht van een goede Nota Omgevingskwaliteit 16 JAARVERSLAG 2025 Elementen van een Nota Een goede Nota Omgevingskwaliteit volgt een integrale en gebiedsgerichte aanpak, opgebouwd rond een aantal samenhangende elementen. Het vertrekpunt is altijd de vraag wat een gebied bij - zonder maakt, de kernkwaliteiten: de ruimtelijke, landschappelijke, cultuurhistorische en ecologische kenmerken die een plek zijn karakter geven. Volgens Adviseur Roel Bosch staan zij voor de ziel en identiteit van een plek. ‘De kernkwaliteiten van een gebied vormen een belangrijke basis, ze staan voor de ziel en de identiteit van een dorp of stad. De kernkwaliteiten wil je als waarde behouden en versterken. Daarnaast kun je ook nieuwe waarden toevoegen. In de meeste gemeenten moeten veel nieuwe woningen worden gebouwd.
Door die opgave vanuit de kernwaarden te benaderen kun je aansluiten op de kwaliteit van de bestaande omgeving.’ — Roel Bosch, Dorp, Stad en Land Op basis van die kernkwaliteiten worden kwaliteit - sambities bepaald per gebied: wat willen we behouden, versterken of vernieuwen? In Maassluis is dat voor erfgoed helder verwoord: ‘Uitgangspunt voor het beheer van de cultuurhistorische waarden is behoud. Erfgoed zonder functie en gebruik gaat verloren. De herbestemming van objecten en gebieden is essen - tieel voor behoud, maar moet de cultuurhistorische waarden respecteren.’ Het buitengebied van Vlaardingen biedt routes om te wandelen, fietsen en te varen, met volop ruimte voor natuur , een klimaatrobuuste inrichting en biodiversiteit. Bron: Omgevingsvisie Vlaardingen, opgesteld door Dorp, Stad en Land Vlaardingen: de regieniveaukaart maakt in één oogopslag zichtbaar waar de gemeente meer of minder ruimte biedt voor verandering. Bron: Nota Omgevingskwaliteit Vlaardingen Wat is er veranderd? Gemeentelijk kwaliteitsbeleid was vóór de Omge - vingswet versnipperd. Denk aan welstandsnota’s, erfgoedbeleid en landschapsvisies die ieder een ei - gen koers voeren. In de praktijk betekende dit dat een initiatiefnemer gelijktijdig een welstandsnota moest raadplegen voor het uiterlijk van een bouwwerk én een landschapsvisie voor de wensen van het landelijk gebied.
Het kwam nogal eens voor dat er tegenstrijdigheden bestonden tussen de verschillende beleidsstukken. De Omgevingswet brengt daar samenhang in met vier kerninstrumenten die samen de beleidscyclus vormen: van visievorming en programmering tot het omgevings- plan en de vergunningverlening. Een goede samenhang tussen de kerninstrumenten en de kwaliteitsadvisering draagt zo bij aan zowel kwaliteit als efficiëntie in de be - sluitvorming. Als het omgevingsplan open regels bevat over het uiterlijk van bouwwerken, zoals de vormgeving en materialisering, zijn gemeenten verplicht dit nader uit te werken in beleidsregels conform artikel 4.19 Ow. Tegelijkertijd stimuleert de Omgevingswet om kwa - liteitsbeleid te ontwikkelen dat verder gaat dan het uiterlijk alleen, met aandacht voor alle aspecten van omgevingskwaliteit. Daarnaast speelt kwaliteitsadvisering een belangrij - ke rol bij het versterken van de omgevingskwaliteit; die moet niet alleen garanderen dat bouwplannen aan minimale kwaliteitseisen voldoen, maar ook hel - pen om bouwplannen beter te maken én procedures te versnellen. De Omgevingswet introduceert daarom de Adviescommissie Omgevingskwaliteit, die met een bredere en integrale blik verder gaat dan het uiterlijk van bouwwerken alleen. De gemeenteraad bepaalt de reikwijdte van de advisering, en de Omgevingswet laat daar nadrukkelijk ruimte voor.
Artikel 17.9 Ow zegt: de commissie baseert haar advies op de omgevingsvisie, het omgevingsplan én de beleidsregels voor omgevings- kwaliteit. In de praktijk merkt Dorp, Stad en Land dat gemeen - ten veel behoefte hebben aan een beoordelingskader bij vergunningverlening, maar ook aan houvast voor de bredere opgaven waar zij voor staan. Met het opstellen van een Nota Omgevingskwaliteit helpen Selina Abra - ham, Sander van Venetië, Roel Bosch en Anne Pellikaan, alle vier adviseurs van Dorp, Stad en Land, gemeenten hier invulling aan te geven. ‘We streven naar een brede benadering. Een goede nota kijkt verder dan hoe een gebouw eruitziet. Het gaat om alle aspecten van de leefomgeving en de opgaven waar gemeenten nu voor staan, zoals de energietransitie, toekomst bestendig bouwen, klimaatadaptatie en de druk op biodiversiteit.’ — Selina Abraham, Dorp, Stad en Land Wat is een Nota Omgevingskwaliteit? Een Nota Omgevingskwaliteit geeft duidelijkheid over hoe een gemeente om wil gaan met de wijze waarop ruimtelijke initiatieven de kwaliteit van de om - geving versterken. In de Nota Omgevingskwaliteit van Leidschendam-Voorburg verwoordt de wethouder het als volgt: ‘Het Romeinse forum is niet meer zichtbaar , de Mall of the Netherlands des te meer .
Maar alle veranderingen ten spijt, tegelijkertijd bleef LeidschendamVoorburg diezelfde mooie, praktische, fijne en toekomstbewuste gemeente. De constante verbeteringen gingen gepaard met respect voor onze kwaliteiten. Er is dus een balans tussen aanpassingen in de ruimte en het blijvende karakter van Leidschendam, Stompwijk en Voorburg. Die balans moet ook worden bewaakt. Met deze Nota Omgevingskwaliteit wordt dat kader aangegeven.’ — Philip van Veller , Wethouder Leidschendam-Voorburg De nota vertaalt de brede doelen naar concrete af - wegingskaders voor de adviescommissie, ambtelijke adviseurs en ambtelijke plantoetsers. Zo weet een ini - tiatiefnemer vooraf waar hij aan toe is, wat leidt tot soepelere beoordelingen en plannen die bijdragen aan de kwaliteit van de leefomgeving. De nota is geen kerninstrument van de Omgevingswet, maar is als be - leidsregel gekoppeld aan het omgevingsplan en voldoet daarmee als kader voor inspiratie, begeleiding en be - oordeling van bouwplannen. Tegelijkertijd heeft ze het potentieel om samenhang te brengen tussen alle kern - instrumenten en de beleidscyclus als geheel. Vormen van regie Maatwerk Aandacht Basis Ontwikkeling 17 JAARVERSLAG 2025 Afhankelijk van de kernkwaliteiten en de ruimtelijke opgaven worden kwaliteitsambities vertaald naar regie- niveaus die duidelijk maken hoe intensief de gemeente wil sturen per gebied.
In Maassluis geldt voor het his - torisch centrum een bijzonder niveau: extra inspanning voor behoud en versterking van de ruimtelijke kwaliteit, waarbij elk plan een bijdrage moet leveren aan de kwa - liteit van het straatbeeld. In Vlaardingen onderscheidt de nota vier regieniveaus, van maatwerk in historische gebieden tot ontwikkeling in transformatiezones. Waar de oude welstandsnota vooral stuurde op het voorko - men van negatieve gevolgen, biedt de nieuwe aanpak een positief kader per gebied. Daarnaast formuleert een goede nota basisprincipes: richtinggevende uitspraken die voor alle gebieden en alle projecten gelden. In Leidschendam-Voorburg is één van de gouden regels: ‘Binnen de fysieke leefomgeving heeft de openbare ruimte prioriteit. Gevels en dakland - schap kunnen daarbij een essentieel onderdeel zijn van de beleving van de openbare ruimte.’ De Omgevingswet biedt ruimte voor open normen in het omgevingsplan: regels die een kwaliteitsdoel formu- leren maar ruimte laten voor interpretatie en maatwerk. Een open norm als ‘nieuwbouw moet aansluiten bij het karakter van de omgeving’ vraagt om uitleg. Een goede gebiedsbeschrijving in de nota biedt precies die con - text: een integraal beeld van de bestaande kenmerken, wat beschermd moet worden en welke kwaliteiten voor de toekomst gewenst zijn.
In de nota van Leidschen - dam-Voorburg worden de bedrijventerreinen integraal beschreven: van stedenbouwkundige samenhang en be- reikbaarheid tot de inrichting van de openbare ruimte en groenstructuren. Zo ontstaat een volledig beeld van het gebied als basis voor nieuwe ontwikkelingen, of het nu gaat om het wijzigen van een gevel, het herbestem - men van een kavel of een grotere gebiedsontwikkeling. De kernkwaliteiten en kwaliteitsambities zijn eventueel uitgewerkt met beoordelingsregels met criteria: van kleine bouwplannen tot grote herontwikkelingen, van cultureel erfgoed tot openbare ruimte en landschap. Een goede Nota Omgevingskwaliteit is daarmee geen uitgebreid handboek, maar een helder communicatie - middel dat op elk moment in het proces duidelijk maakt waar de gemeente op stuurt. Leidschendam-Voorburg: van de samenhangende vooroorlogse woonblokken met rode dakpannen en rijke detaillering tot de functionele naoorlogse flatbouw met horizontale banden en open balkons. De gebiedsbeschrijving geeft per periode houvast voor de beoordeling van verbouwingen en nieuwe toevoegingen. Bron: Nota Omgevingskwaliteit Leidschendam-Voorburg, opgesteld door Dorp, Stad en Land De kracht van een Nota Omgevingskwaliteit zit niet alleen in het eindproduct, maar ook in het proces van totstandkoming.
Het proces Dorp, Stad en Land organiseert het hele traject voor het opstellen van een Nota Omgevingskwaliteit, dat ongeveer een jaar duurt. Wat het proces bijzonder maakt, is de interne beweging die het teweegbrengt. Omdat omgevingskwaliteit meerdere discipli - nes omvat, komen er afdelingen aan tafel die voorheen niet in gezamenlijkheid over de kwaliteit van de omgeving spraken, bijvoorbeeld stedenbouw, cultuurhistorie en open- bare ruimte. ‘Die zijn heel blij dat ze eerder betrokken worden. We zien dat dat iets teweegbrengt bij gemeenten, het maakt het integraal denken los en verandert ook hun interne processen. Heel waardevol en leuk om te zien.’ — Sander van Venetië, Dorp, Stad en Land Een levend document in een dynamisch proces Een goede Nota Omgevingskwaliteit is een levend document. Ze blijft actueel door digi- tale verwijzingen naar andere beleidsdocumenten met een kortere vernieuwingscyclus, en groeit mee met de ambities en opgaven van de gemeente. Tegelijkertijd is geen enkele nota hetzelfde. De behoefte van iedere gemeente verschilt, afhankelijk van het eigen karakter en cultuur. Volgens adviseur Sander van Venetië is een nota een moment in een dynamisch proces: de ambitie voor de komende jaren mag groot zijn, maar het kan in kleine stappen.
Dorp, Stad en Land werkt daarom samen met elke gemeente aan de opbouw en invulling van een nota die de omgevingskwaliteit lokaal het beste dient. 18 JAARVERSLAG 2025 A l bijna 100 jaar zet Dorp, Stad en Land zich in voor de kwaliteit van onze leefomgeving. In deze lange periode ontwikkelde de oorspronkelijke Schoonheidscommissie zich via de Welstands- en Monumentencommissie tot de huidige Commissie Omgevingskwaliteit. Deze commissies begeleiden en toetsen bouwplannen op een zorgvuldige inpassing in de omgeving. Daarbij stimuleren ze een creatieve houding in het ontwerp proces, helpen ze initiatiefnemers met oplossingen en ondersteunen ze gemeenten bij het maken van keuzes die passen bij identiteit, historie en toekomst van de plek. De Commissie Omgevingskwaliteit adviseert het college over omgevingskwaliteit in de volle breedte. Vanuit een integrale be - nadering brengt de commissie architectuur, cultureel erfgoed, stedenbouw, openbare ruimte, landschap en natuur samen, met als doel de leefomgeving in al zijn samenhang te versterken, duurzaam en herkenbaar voor huidige bewoners en toekomstige generaties. Commissies van Dorp, Stad en Land werken vanuit een uitnodi - gende en transparante houding.
De voorkeur gaat uit naar een ‘ja, mits’-benadering: zoeken naar wat wél kan, zonder het waardevolle karakter van architectuur, erfgoed, landschap en stedenbouwkun- dige structuren uit het oog te verliezen. Initiatiefnemers worden aangemoedigd om vroegtijdig het ge - sprek aan te gaan, iets dat elke gemeente kan faciliteren. Dorp Stad en Land wil er graag naartoe werken dat alle belangrijke bouwplannen in een vooroverleg besproken worden. Deze vroege betrokkenheid leidt tot kwalitatief betere bouwplannen, duide - lijkere verwachtingen en een gestroomlijnder en sneller proces. Door het gezamenlijk verkennen van varianten ontstaat ruimte voor maatwerk en kwaliteitsverbetering. Dit kan zowel in de vorm van vooroverleg met een initiatiefnemer, als met een ambtelijk collegiaal overleg. Voor grotere gebiedsontwikkelingen biedt het instellen van een Q-team veel kansen om met een maximum aan draagvlak en ex - pertise in een vroeg stadium toe te werken naar een eindontwerp waar een Commissie Omgevingskwaliteit uiteindelijk met grote zekerheid een positief advies over zal uitbrengen. Ilse Boost, voorzitter van de Commissie Omgevingskwaliteit West- land vanuit Dorp, Stad en Land, heeft goede ervaringen met het bespreken van bouwplannen in een vroeg stadium.
‘Plannen die bij de Omgevingstafel of in het vooroverleg zijn besproken doorlopen meestal vlot de formele vergunningsfase en hebben een beter bouw - plan als resultaat. In de voorfase is er meer ruimte om verschillende richtingen te onderzoeken. In die fase kan de commissie het ontwerp- proces beter ondersteunen, zonder dat bouwplanwijzigingen grote gevolgen hebben. Initiatiefnemers zijn doorgaans tevreden met het proces en zijn blij met de verbeteringen van hun ontwerp. Ook amb - tenaren zijn vaak blij als ze even kunnen sparren met de commissie.’ Kwaliteitsadvisering door Dorp, Stad en Land Doorontwikkeling naar de Commissie Omgevingskwaliteit In 2025 brachten commissies van Dorp, Stad en Land 18.000 adviezen uit over bouwplannen Wat is omgevings kwaliteit? ‘De Omgevingswet introduceert omgevingskwaliteit als één van de drie maatschappelijke doelen, naast gezondheid en veiligheid. Omgevingskwaliteit heeft betrekking op de menselijke beleving van cultureel erfgoed, architectuur, stedenbouw en landschap, en op de kwaliteit van de natuur.
Het gaat daarbij om de waarden die het karakter van een gebied bepalen en die mensen in de sa - menleving als waardevol zien.’ 19 JAARVE R S LAG 2025 Ja arrekening 2025 Vereniging D orp, Stad en Land De jaarrekening van de vereniging wordt vastgesteld tijdens de Algemene Ledenvergadering in september 2026 Toelichting op de cijfers van 2025 | Balans per 31 december 2025 Het | jaar | 2025 | stond | in | het | teken | van | intensievere A c t i va | 31-12-2025 | 31-12-2024 samenwerking met onze lidgemeenten, verdere profes- sionalisering van de commissies omgevingskwaliteit, | VASTE ACTIVA organisatiegroei en het versterken van onze maatschap- pelijke | rol. | In | een | context | die | werd | gekenmerkt | door Financiële vaste activa verkiezingen en politieke veranderingen, toenemende | Overige effecten | 1.134.883 | 1.091.433 druk op de ruimte en aanhoudende personeelstekorten, | VLOTTENDE ACTIVA zijn wij erin geslaagd onze koers vast te houden en waar mogelijk te verdiepen. | Vorderingen Overige vorderingen | 4.482 | 5.183 Het | financiële | resultaat | van | de | Stichting | over | 2025 | laat | Liquide middelen | 1.283.470 | 1.291.080 een positief beeld zien. Het resultaat over 2025 laat | Totaal activa | 2.422.835 | 2.387.696 echter | een | duidelijke | daling | zien | ten | opzichte | van | het voorgaande | jaar.
| Deze | ontwikkeling | hangt | samen | met het uitzonderlijke karakter van 2024, waarin als gevolg | Pa | s | s i v a | 31-12-2025 | 31-12-2024 van de invoering van de Omgevingswet sprake was van een eenmalige piek in de baten door het ongebruikelijk | Eigen vermogen | 2.414.257 | 2.374.645 grote aantal adviesaanvragen voor omvangrijke plan- | Kortlopende schulden ontwikkelingen. | Daarnaast | zien | we | in | 2025 | een | lichte | Schulden aan leveranciers en handelskredieten | – | 2.381 stijging van het aantal projecten voor nieuw beleid voor onze lidgemeenten. Het resultaat over 2025 laat daar- | Overige schulden | 8.578 | 10.670 mee een normalisatie zien naar een meer representatief | Totaal passiva | 2.422.835 | 2.387.696 niveau voor onze organisatie. Daarnaast is in 2025 verder gewerkt aan een gezon- de vermogensopbouw. Een solide vermogenspositie is | Staat van baten en lasten over 2025 van belang om toekomstige schommelingen in de vraag naar | advisering op | te | kunnen | vangen, | mede in | het | licht | 2 025 | 2 0 24 van | de | conjunctuurgevoeligheid | van | de | bouwsector waarin wij opereren.
Dit stelt ons in staat om ook in | Netto-omzet | 67.600 | 64.000 economisch | minder | gunstige | tijden | onze | lidgemeenten | Overige bedrijfskosten | 62.634 | 67.173 blijvend te ondersteunen bij het realiseren en behouden | Totaal bedrijfsresultaat | 4.966 | -3.173 van | een | hoogwaardige | kwaliteit | van | de | leefomgeving. Hiermee | blijft | de | organisatie | financieel | weerbaar | en | in staat om haar publieke taak op een verantwoorde wijze | Opbrengsten van effecten | 30.093 | 17.442 te blijven vervullen. | Andere rentebaten en soortgelijke opbrengsten | 18.647 | 20.519 Aan de lastenzijde zien we een stijging, met name | Rentelasten en soortgelijke kosten | -14.094 | -14.357 veroorzaakt | door | hogere | loonkosten | en | kosten | voor Financiële baten en lasten | 34.646 | 23.604 uitbesteed werk. Onder deze laatste post vallen de ver- | Totaal van resultaat voor belastingen | 39.612 | 20.431 goedingen | aan | externe | adviseurs. | De | toename | hiervan | Belastingen over de winst of het verlies | - | - hangt | samen | met | het | feit | dat | in | 2025 | aanzienlijk | meer | Totaal van resultaat na belastingen | 39.612 | 20.431 adviezen | zijn | uitgebracht | over | vergunningaanvragen dan | in | 2024: | circa | 18.000 | adviezen | ten | opzichte | van circa 15.000 in het voorgaande jaar.
Hoewel | het | aantal | adviezen | is | toegenomen, | heeft | dit zich | onder | meer | in | opdrachten | voor | het | opstellen | van Daarnaast | zijn | er | extra | bedrijfskosten | gemaakt | als | ge- niet geleid tot een evenredige groei van de opbrengs- | nota’s omgevingskwaliteit , beleidsadvisering op het ge- | volg | van | gerichte | investeringen | in | kennisontwikkeling. ten. | Dit | wordt | verklaard | door | een | verschuiving | in | het bied | van | erfgoed | en | het | uitvoeren | van | gemeentebrede | Een | voorbeeld | hiervan | is | het | project | Omgeving | van | het type | aanvragen. | In | 2025 | zijn | relatief | meer | adviezen monumenteninventarisaties. | monument , | waarvoor | een | methodiek | is | ontwikkeld | die uitgebracht | over | kleinere | bouwplannen, | zoals | aan- | en | beschikbaar | wordt | gesteld | aan | gemeenten. | Deze | ont- opbouwen. Daarnaast is het aantal vooroverleggen toe- | Daarnaast | is | in | 2025 | geïnvesteerd | in | de | huisvesting wikkeling is uit eigen middelen gefinancierd. Inmiddels genomen. Vooroverleggen worden bewust tegen een | van | de | organisatie.
| Binnen | het | Groothandelsgebouw wordt | deze | methodiek | actief | gedeeld | met | gemeenten, laag en niet kostendekkend tarief aangeboden, met als | in | Rotterdam | is | een | nieuwe, | ruimere | kantoorruimte onder andere in samenwerking met de steunpunten doel deze vorm van vroegtijdige afstemming te stimule- | betrokken, die zorgvuldig is verbouwd om aan te slui- | cultureel erfgoed. Over dit project treft u een nadere ren. Goede vooroverleggen dragen aantoonbaar bij aan | ten bij de groei en ontwikkeling van de organisatie. | toelichting aan op pagina 14. een | soepeler | en | sneller | verloop | van | het | latere | vergun- | Het bestaande kantoor voldeed niet langer aan de ei- ningstraject . | De | stijging | van | het | aantal | vooroverleggen | sen | die | samenhangen | met | de | personele | ontwikkeling Met | het | oog | op | de | toekomst | zetten | wij | in | op | een | goede in | 2025 | kan | in | dat | licht | als | een | positieve | ontwikkeling | en | de | behoefte | aan | effectieve | samenwerking. | Met | deze | samenwerking | met | onze | lidgemeenten | en | het | onder- worden beschouwd. | verbouwing is een passende en inspirerende werkom- | steunen | van | kwalitatief | hoogwaardige | ontwikkelingen geving | gerealiseerd, | die | recht | doet | aan | de | waarden | die | in onze leefomgeving.
Met onze deskundige organisatie De | stijging | van | de | loonkosten | hangt | mede | samen | met wij als organisatie uitdragen. De investering is mede | en | een | solide | financiële | basis | blijven | wij | ons | inzetten de | uitbreiding | van | het | personeelsbestand. | In | 2025 | zijn | mogelijk | gemaakt | door | het | positieve | resultaat | in | 2024 | voor onze publieke taak. Samen bouwen we aan onze nieuwe medewerkers aangetrokken met aanvullende | en | kan | worden | beschouwd | als | een | weloverwogen leefomgeving! en | meer | integrale | expertise. | Hiermee | is | de | organisatie | aanwending van middelen op een financieel gezond mo- beter in staat om gemeenten te ondersteunen bij strate- | ment. De kosten van deze verbouwing zijn geactiveerd gische vraagstukken en beleidsontwikkeling. Dit vertaalt | en als zodanig zichtbaar op de balans. 20 JAARVE R S LAG 2025 Ja arrekening 2025 Stichting D orp, Stad en Land De jaarrekening van de Stichting is vastgesteld tijdens de B estuursvergadering in mei 2026. Balans per 31 december 2025 | B estuur en Raad van Toezicht A c t i va | 31-12-2025 | 31-12-2024 | Dorp, | Stad | en | Land | is | een | onafhankelijke | Vereniging en | Stichting. | Gemeenten | en | andere | overheden | kunnen VASTE ACTIVA | lid worden van de Vereniging.
Het Bestuur van de Vereniging vertegenwoordigt de belangen van de leden Materiële vaste activa | en | vormt | tevens | de | Raad | van | Toezicht van | de | Stichting. Verbouwing | 744.659 | 21.241 | In | de | Stichting | vinden | alle | werkzaamheden | plaats. | De Inventaris | 38.276 | 38.757 | directeur-bestuurder | van | de | Stichting, | Arlette | van Vervoermiddelen | 1.580 | 3.415 | Poppel, | en | de | Raad | van | Toezicht | vergaderen | vier | maal per jaar. 784.515 | 63.413 VLOTTENDE ACTIVA | In 2025 bestond de Raad van Toezicht uit: Vorderingen | drs. Henri J.J. Lenferink Vorderingen op handelsdebiteuren | 991.628 | 884.847 | Voorzitter Belastingen en premies sociale verzekeringen | 33.974 | 0 | waarnemend Commissaris van de Koning in Overige vorderingen | 361.254 | 450.307 | Gelderland, oud-burgemeester van Leiden Overlopende activa | 61.381 | 24.254 | mr. Emiel H. de Joode 1.448.237 | 1.359.408 | Secretaris Liquide middelen | 1.983.753 | 2.553.480 | Advocaat en partner bij Ten Holter Noordam advocaten Totaal activa | 4.216.505 | 3.976.301 | mr. Erik de Rijk Penningmeester en Voorzitter Raad van commissarissen Vodafone Europe B.V. Pa | s | s i v a | 31-12-2025 | 31-12-2024 Eigen vermogen | 3.428.079 | 2.951.919 | mr. drs. Annemiek M.M.
Jetten MSc Voorzieningen | Bestuurslid Lid algemeen bestuur van Brabantse Delta, Overige voorzieningen | oud waarnemend-burgemeester van Papendrecht , Kortlopende schulden | oud-burgemeester van Vlaardingen, Schulden aan leveranciers en handelskredieten | 268.978 | 240.312 | oud-burgemeester van Sluis Schulden ter zake van belastingen en premies | 197.044 | 546.590 | Robbert-Jan van Duijn sociale verzekeringen | Bestuurslid Overige schulden | 55.689 | – | Burgemeester van Nieuwkoop, Overlopende passiva | 266.715 | 237.480 | oud-wethouder van Aalsmeer 788.426 | 1.024.382 Totaal passiva | 4.216.505 | 3.976.301 | Milène Junius Bestuurslid Vertrouwenspersoon Eerste Kamer, oud-burgemeester van Hellevoetsluis Staten van baten en lasten over 2025 | Maarten Raaijmakers Bestuurslid 2 025 | 2 0 24 | Architect en adviseur Erfgoed en Cultuurhistorie Netto-omzet | 4.939.911 | 5.603.292 | mr.
Eveline Smits Kosten | Bestuurslid Kosten uitbesteed werk | 2.002.496 | 1.745.068 | Advocaat bij Kneppelhout Advocaten Loonkosten | 1.101.340 | 1.001.278 Sociale lasten | 174.950 | 160.800 Pensioenlasten | 167.596 | 164.382 | Save the date Overige personeelsbeloningen | 175.717 | 175.298 | Algemene Ledenvergadering op Afschrijvingen materiële vaste activa | 44.330 | 24.705 | 17 september 2026 om 14.00 uur Overige bedrijfskosten | 672.848 | 578.774 Totaal van som der kosten | 4.339.277 | 3.850.305 | Op het programma staan een terugblik op het afgelopen Totaal van bedrijfsresultaat | 600.634 | 1.752.987 | jaar | en | vooruitblik | op | komend | jaar, | het | vaststellen van | de | jaarcijfers | en | een | actuele | themasessie | over Andere rentebaten en soortgelijke opbrengsten | 25.921 | 19.899 | omgevingskwaliteit. De vergadering is online zodat Rentelasten en soortgelijke kosten | -1.661 | -1.015 | iedereen | gemakkelijk | aan | kan | sluiten. | De | definitieve Financiële baten en lasten | 24.260 | 18.884 | uitnodiging met het volledige programma volgt! Totaal van resultaat voor belastingen | 624.894 | 1.771.871 Belastingen over de winst of het verlies | -148.734 | -444.582 Totaal van resultaat na belastingen | 476.160 | 1.327.289 21 JAARVERSLAG 2025 ir. Arlette van Poppel ir. Agaath Schedler ir. Aimée de Back Anne Pellikaan Emile Brouwer MSc ir. Johan Roelofs ir.
Joke van Egmond Karin van Leijden Leonie Hiffens ir. Luuk de Boer ing. Aerlant Cloïn AvB ing. Bas Schout Gerhard Vermeulen AvB ir. Hans van Daal Henk Jan Derksen MA ir. Hester van Gent Ieme Heidema ir. Hester Wessels ir. Anet Goemans Cas Nagtzaam MSc ir. Egbert Töns ir. Arend Groenewegen ir. Cor Bouwstra ir. Elvira Gronovius ir. Evert Dorresteijn ir. Arjan Welschot prof. ir. Dick van Gameren ir. Art Nieuwpoort dr. Dolf Broekhuizen ir. Geert Reitsma Maartje Franse MSc Marije Couperus MSc Marjolein van Rijsoort Maurice Moerland MA Ramsey Jansen Rosita Baldan Sander van Venetie MSc ir. Selina Abraham Shila Holthuijsen ir. Ton Jansen Wij zijn Dorp, MedewerkersAdviseurs Stad en Land 22 JAARVERSLAG 2025 ir. Wouter de Jonge ir. William de Ronde ir. Willem Hein Schenk ir. Wendy Voorwinde ir. Wytze Patijn ir. Victor Verhagen ir. Twan Jütte Timko Lokerse MSc ir. Suzanne Loen ir. Suzanne Linders ir. Ilse Boost Jasper Deurloo MSc ir. Ingrid Douwes ing. Joost van der Ham MSc ir. Jan Couwenberg ing. Jos van de Lindeloof ir. Jan-Hein Janssens ir. Karen van Vliet ir. Jan-Willem Walraad ir. Karin Vlaar ir. Suzanne de Kanter ir. René Heijne ir. Paul Kloet ir. Marcel van Dijk ir. Margreet Temme ir. Maarten Peek Maarten Willems AvB Maarten Raaijmakers BNA ir. Matthijs Klooster ir. Lukas Ruijs ing. Leon Verhoeven MSc ir. Katrijn van de Vrande ir. Niels Drijvers drs. ir.
Nicoline van der Kooij Nico van den Berg AvB ir. Maurits Cobben Remco Rolvink AvB ir. Reinier Witteveen ing. Piet den Hertog MA ir. Philip Mannaerts ir. Siebold Nijenhuis ir. Sarah Wolff ir. Riëtte van der Werff ir. René Onsia Wij zijn Dorp, Stad en Land 23 JAARVERSLAG 2025 Zuid-Holland Noordwijk Lisse Teylingen Katwijk Oegstgeest Leiden Zoeterwoude Alphen aan den Rijn Lansingerland Rotterdam Albrandswaard Hoeksche Waard Zwijndrecht Ridderkerk Barendrecht Hendrik-Ido-Ambacht Papendrecht Sliedrecht Dordrecht Drimmelen Geertruidenberg Waalwijk Heusden Vught Meierijstad Land van Cuijk Bergen (L.) Venray Horst aan de Maas Venlo Gennep Son en Breugel Eindhoven Nuenen, Gerwen en Nederwetten Laarbeek Helmond Geldrop-Mierlo Loon op ZandOosterhout Dongen Hardinxveld-Giessendam Alblasserdam Capelle aan den IJssel Krimpenerwaard Krimpen aan den IJssel Zoetermeer Waddinxveen Bodegraven-Reeuwijk Woerden Nieuwegein Houten Culemborg West Betuwe Montfoort IJsselsteinOudewater Lopik Vijfheerenlanden (Utrecht) Molenlanden Gorinchem Altena Zaltbommel Maasdriel ‘s-Hertogenbosch Oss Zuidplas Gouda Leiderdorp Wassenaar Voorschoten Leidschendam-Voorburg ‘s-Gravenhage Westland Rijswijk Delft Midden-Delfland Pijnacker-Nootdorp Voorne aan Zee Nissewaard Goeree-Overflakkee Schouwen-Duiveland Noord-Beveland Tholen Bergen op Zoom Woensdrecht Roosendaal Steenbergen Moerdijk Halderberge Rucphen Zundert (lid
per 2024) Etten-Leur Breda Gilze en Rijen Tilburg Veere Middelburg Vlissingen Sluis Borsele Goes Kapelle Reimerswaal Hulst Terneuzen Vlaardingen Maassluis Schiedam Hillegom Haarlemmermeer Aalsmeer Uithoorn De Ronde Venen Kaag en Braassem Nieuwkoop 5 39 41 42 43 18 19 20 21 22 23 9 10 Op deze overzichtskaart vindt u een selectie van onze werkzaamheden uit 2025. Voor iedere gemeente die lid is van onze vereniging, hebben we één opvallend bouwplan geselecteerd waarover de commissie van Dorp, Stad en Land adviseerde. Variërend van advies over kleine verbouwingen tot grote herbestemmingsplannen en de aanleg van nieuwe wijken.
24 1 Hillegom | Haarlemmermeer 2 Noordwijk | 3 Lis se | Aalsmeer Uithoorn 4 Teylingen | De Ronde Venen Katwijk | 6 | 12 Oegstgeest | Kaag en Braas sem | 13 7 | 8 | Nieuwkoop Leiden | Leiderdorp Was senaar | 14 Voorschoten | 11 Zoeterwoude | Alphen aan den Rijn Woerden Leidschendam-Voorburg ‘s-Gravenhage | 15 Zoetermeer | B odegraven-Reeuwijk 16 | Montfoort Rijswijk | Waddinxveen Pijnacker-Nootdorp | Oudewater | IJs selstein | Nieuwegein 17 | Gouda | Houten Westland | Delft | Lansingerland | 25 Zuidplas | Lopik Midden-Delfland | 26 24 | Krimpenerwaard Capelle aan den IJs sel | 27 | Culemborg Maas sluis | S chiedam36Vijfheerenlanden Vlaardingen | Krimpen aan den IJs sel | 29 | (Utrecht) Rotterdam | Molenlanden Voorne aan Zee | 35 | 34 38 | Ridderkerk | Alblas serdam | We s t | B et u we Albrandswaard | Barendrecht | 33 | 31 | 28 Nis sewaard | Hendrik-Ido-Ambacht | 32 | Sliedrecht | 30 | Gorinchem 37 | Papendrecht | Hardinxveld-Gies sendam Zwijndrecht Zaltbommel 40 | Dordrecht | Altena | Maasdriel | Os s Goeree-Overflakkee | Hoeksche Waard ‘s-Hertogenbosch S chouwen-Duiveland | Drimmelen | Geertruidenberg | WaalwijkHeusdenGennep 25 Moerdijk | Vught | Land van Cuijk Oosterhout | Loon op Zand Dongen Steenbergen | Halderberge Noord-B eveland | Meierijstad Tholen | Etten-Leur | BredaTilburg | B ergen (L .) Veere | Gilze en Rijen Laarbeek Goes | Rucphen Middelburg | Roosendaal | S on en