CConstaterende datHeumen
Koppel je AI →
Document · PDF

D14 Bijlage II Concept Begroting 2022 VRGZ

Raad 3 juni 2021, gemeente HeumenBij agendapunt: Lijst Ingekomen Stukken17.535 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Niet gevonden in dit document.

Programmabegroting 2022 Meerjarenraming 2023-2025

Colofon Versienummer:

1.1

Datum:

31-03-2021

Status:

Definitief

Omslagfoto:

Peter Bliek fotografie, 2020

Inhoudsopgave Voorwoord................................................................................................................................... 5 1

Inleiding ............................................................................................................................... 7 1.1 Leeswijzer begroting ..................................................................................................................... 7

2

Beleidsplan 2020-2023 .......................................................................................................... 9 2.1 Kernactiviteiten ............................................................................................................................. 9 2.2 Accenten ..................................................................................................................................... 11 2.3 Specifieke risico’s ........................................................................................................................ 13

3

Programma Crisis- en Rampenbestrijding ............................................................................ 16 3.1 Brandweer ................................................................................................................................... 16 3.2 Crisisbeheersing .......................................................................................................................... 17

4

Programma Regionale Ambulancevoorziening (RAV) ........................................................... 21 4.1 Ambulancezorg Gelderland-Zuid ................................................................................................ 21 4.2 Regionaal meerjarenbeleidsplan Ambulancezorg Gelderland-Zuid ........................................... 21 4.3 Financiering ................................................................................................................................. 23 4.4 Kerngegevens ambulancezorg .................................................................................................... 24 4.5 Streefwaarden ambulancezorg ................................................................................................... 24

5

Paragrafen .......................................................................................................................... 26 5.1 Weerstandsvermogen en risicobeheersing ................................................................................ 26 5.2 Onderhoud kapitaalgoederen ..................................................................................................... 29 5.3 Financiering ................................................................................................................................. 30 5.4 Bedrijfsvoering ............................................................................................................................ 32 5.5 Verbonden partijen ..................................................................................................................... 35

6

Financiële begroting ............................................................................................................ 37 6.1 Baten en lasten Veiligheidsregio Gelderland-Zuid ...................................................................... 38 6.2 Baten en lasten Crisis- en Rampenbestrijding ............................................................................ 39 6.3 Baten en lasten Regionale Ambulancevoorziening..................................................................... 43 6.4 Uiteenzetting financiële positie .................................................................................................. 46 6.5 Stand en verloop voorzieningen en reserves .............................................................................. 48 6.6 Incidentele baten en lasten en structureel evenwicht ............................................................... 48 6.7 Investeringsplanning ................................................................................................................... 49

7

Bijlagen .............................................................................................................................. 52 7.1 Bijdragen deelnemende gemeenten .......................................................................................... 52 7.2 Baten en lasten per taakveld ...................................................................................................... 56 7.3 Begrotingswijzigingen 2021 ........................................................................................................ 62

Programmabegroting 2022 en meerjarenraming 2023-2025

3

7.4 Regionaal Beleidsplan 2020-2023 ............................................................................................... 65 7.5 Beleidsindicatoren ...................................................................................................................... 67 7.6 Financiële spelregels ................................................................................................................... 68 7.7 Begrippenlijst .............................................................................................................................. 78 7.8 Verklaring van afkortingen .......................................................................................................... 79

Programmabegroting 2022 en meerjarenraming 2023-2025

4

Voorwoord Voor u ligt de begroting 2022 van de Veiligheidsregio Gelderland-Zuid (VRGZ). In deze begroting worden activiteiten beschreven die de veiligheidsregio in 2022 wil uitvoeren. Deze activiteiten zijn hoofdzakelijk gebaseerd op het Regionaal Beleidsplan 2020-2023, dat het Algemeen Bestuur na raadpleging van de gemeenteraden op 19 december 2019 heeft vastgesteld. En het is ook een begroting met een bijzonder accent: opgesteld in een periode waarin de VRGZ nog altijd te maken heeft met de coronacrisis. Vele medewerkers zetten zich nog steeds dagelijks in voor de bestrijding van het COVID-19 virus. Alles wordt gedaan om de voorgenomen plannen uit te voeren, maar de invloed van de crisis op deze doorkijk naar het jaar 2022 brengt ook enige onzekerheid met zich mee. De beschreven activiteiten zijn gebaseerd op de ambitie dat we dé partner zijn op het gebied van fysieke veiligheid, met oog voor sociale veiligheid. Daarin is ons streven uitstekende dienstverlening te bieden aan iedereen die woont, werkt en verblijft in Gelderland-Zuid, waarmee we in belangrijke mate bijdragen aan een veilige leefomgeving. De VRGZ geeft invulling aan die dienstverlening door te werken vanuit vertrouwen en het tonen van eigenaarschap en probleemoplossend vermogen. De beschreven activiteiten zijn niet nieuw.

De hoofdtaak van de VRGZ blijft de operationele dienstverlening op de terreinen van brandweer, ambulancezorg, meldkamer en voorbereiding op en bestrijding van crisis en rampen en de ondersteunende bedrijfsvoering. De inzet van deze activiteiten is steeds meer risicogericht en leidt binnen algemene kaders tot maatwerkoplossingen. In het kader van verlengd lokaal bestuur willen we samen met gemeenten, andere overheidspartners, inwoners en bedrijven inhoud geven aan onze dienstverlening. Onze doelstelling is een veilige leefomgeving zo goed mogelijk te borgen. Zoals uit de effecten van de coronacrisis blijkt is een samenleving waarin honderd procent garantie op veiligheid bestaat niet mogelijk. De overheid heeft wel als verantwoordelijkheid om zo goed mogelijk die veiligheid te borgen. De overheid kan het echter niet alleen. Het is ook de verantwoordelijkheid van elke burger om mee te helpen aan het creëren van een zo veilig mogelijke omgeving. De inbreng van iedereen is van belang; ‘iedereen is hulpverlener’. Uitgaande van de huidige situatie vindt de uitvoering van de activiteiten plaats binnen de bestaande financiële ruimte.

Overeenkomstig wat is beschreven in de Kaderbrief 2022 VRGZ wordt in de begroting 2022 om een extra bijdrage gevraagd voor de afgesproken index (die is gebaseerd op door het bestuur vastgestelde standaard uitgangspunten), informatiebeveiliging (CISO) en consignatievergoeding Hoofd Officier van Dienst (HOvD). De regio zit hierdoor financieel niet ruim in het jasje; het vet zit niet meer op de botten. Het bestuur acht de financiële ondergrens verantwoord zonder de primaire dienstverlening aan te hoeven tasten. Het Dagelijks Bestuur van de Veiligheidsregio Gelderland-Zuid

Programmabegroting 2022 en meerjarenraming 2023-2025

5

1 Inleiding

Programmabegroting 2022 en meerjarenraming 2023-2025

6

1 Inleiding 1.1 Leeswijzer begroting De begroting van de VRGZ bestaat uit: ▪

de activiteiten uit het beleidsplan 2020-2023 (volgens de daarin benoemde accenten en risico’s) die in 2022 worden opgepakt;

▪

Crisis- en Rampenbestrijding (Brandweer en sector Crisisbeheersing);

▪

Regionale Ambulancevoorziening (RAV);

▪

interne bedrijfsvoering.

In het tweede hoofdstuk wordt beschreven welke accenten uit het beleidsplan 2020 - 2023 in 2022 worden opgepakt. Het beleidsplan omvat een periode van vier jaar en vormt de kapstok van de bestuurlijke stukken. De begroting van 2022 is gebaseerd op dit beleidsplan en ook de tussentijdse rapportages worden daarvan afgeleid. In het derde en vierde hoofdstuk worden de jaarplannen van de twee programma’s van de veiligheidsregio weergegeven: Crisis- en Rampenbestrijding (Brandweer en sector Crisisbeheersing) en de Regionale Ambulancevoorziening. In hoofdstuk vijf en zes volgen de paragrafen en de financiële uiteenzetting.

Programmabegroting 2022 en meerjarenraming 2023-2025

7

2 Beleidsplan

Programmabegroting 2022 en meerjarenraming 2023-2025

8

2 Beleidsplan 2020-2023 In december 2019 heeft het Algemeen Bestuur het Regionaal Beleidsplan voor de periode 2020-2023 vastgesteld. In het beleidsplan worden de kernactiviteiten van de veiligheidsregio, de accenten voor de betreffende beleidsperiode en een aantal specifieke risico’s benoemd. Dit hoofdstuk van de begroting 2022 volgt dezelfde indeling: eerst wordt kort ingegaan op de kernactiviteiten, daarna wordt bij elk van de vier geformuleerde accenten beschreven wat het uitgangspunt en doel is. Daarbij wordt aangegeven wat we in het begrotingsjaar 2022 gaan realiseren (dit wordt in de programmahoofdstukken verder uitgewerkt). Het hoofdstuk sluit af met een korte beschrijving van de specifieke risico’s. Coronacrisis Deze begroting kent een bijzonder aspect: de coronacrisis. Op het moment van opstellen van deze begroting, begin 2021, hebben we te maken met de tweede golf in de coronacrisis. Op de hoofdtaak van de VRGZ, de operationele dienstverlening van brandweer, ambulancezorg en de meldkamer, heeft de crisis tot nu toe beperkt negatieve invloed gehad. Bij de ambulancezorg en meldkamer is dit vooral te danken aan de grote bereidheid van de medewerkers tot veel extra inzet. Het heeft invloed gehad op de werkzaamheden van de organisatieonderdelen Crisisbeheersing, de teams van de brandweer en Bedrijfsvoering.

Medewerkers met een rol in de crisisorganisatie hebben zich ingezet voor de crisis, maar ook om de dagelijkse zaken zoveel als mogelijk te continueren. Geplande activiteiten hebben daardoor vertraging opgelopen. In paragraaf 2.1 hieronder zijn de verwachtingen voor de planning van de activiteiten uit het beleidsplan verwerkt.

2.1 Kernactiviteiten Activiteiten Beleidsplan In het door het bestuur vastgestelde Regionaal Beleidsplan 2020-2023 zijn de activiteiten beschreven die de VRGZ voornemens is uit te voeren. Hieronder zijn de activiteiten weergegeven die vertraging hebben opgelopen of nog oplopen in verband met de forse inspanning voor de bestrijding van het coronavirus.

Programmabegroting 2022 en meerjarenraming 2023-2025

9

Activiteit Regionaal Beleidsplan

Verwachte planning

Zorgrisicoprofiel (de vertaling van het regionale risicoprofiel naar specifiek de witte kolom)

In 2020 geen stappen gezet wat wel de planning was. Kan haalbaar blijven in periode tot en met 2023 maar het verdere verloop van de coronacrisis kan nog van invloed zijn.

Iedereen hulpverlener

Niet gestart in 2020 (ook inzet van gemeenten door corona niet mogelijk). Naar verwachting wordt dit in 2022 opgepakt. Verschoven naar 2021 met doorloop naar 2022.

Werkwijze ontwikkelen voor afstemming van onderwerpen tussen gemeenten en VRGZ. Evalueren van oefeningen en incidenten.

Oefenen met andere regio’s, crisis- en ketenpartners, gemeenten, ministeries op diverse crises met diffuse en bovenregionale effecten. Met Opleiden, Trainen en Oefenen (OTO) de mogelijkheden voor een flexibele crisisorganisatie meenemen. Evenementenbeleid en -advisering (toename adviesaanvragen) Informatiegestuurd werken (VIK) en dynamisch risicoprofiel Met gemeenten nieuwe arrangementen ontwikkelen om crisisfunctionarissen te boeien en binden.

Cyberrisico’s Project VLAM (vinden, binden, boeien van vrijwilligers) Organisatie voorbereiden op Omgevingswet.

Samenhang Regionaal risicoprofiel en advisering gemeenten in relatie tot de Omgevingswet. Met gemeenten en omgevingsdiensten het huidige programma Risicobeheersing actualiseren. Zorgcoördinatiecentrum

Vertraging opgelopen. 2021 wordt gebruikt voor een verdere verkenning van een mogelijk evaluatiesysteem. Mogelijk implementatie daarvan in 2022. Door corona zijn vrijwel alle oefeningen vervallen. Planning blijft wel binnen de periode 2021-2023. Door corona zijn vrijwel alle oefeningen vervallen. Planning blijft wel binnen de periode 2021-2023. Niet gebeurd in 2020. Planning aangepast naar 2021/2022. Visie op het VIK is vertraagd opgeleverd. Planning wordt aangepast naar afronding in 2022. Is in 2020 niet opgepakt. Wel heeft de coronacrisis ervoor gezorgd dat de crisisorganisatie weer scherp in beeld is bij de gemeenten. Planning is aangepast naar 2021/2022. In 2020 is een kleine inventarisatie gemaakt. Planning aangepast naar 2021/2022. Wel voortvarend gestart. Omdat besprekingen met vrijwilligers niet mogelijk zijn vertraging in oplevering producten. Doorloop naar 2022. Vertraging omdat opleidingen en fysiek onderwijs geen doorgang hebben gevonden. Kan pas starten als fysieke contactmomenten weer mogelijk zijn. Was gepland voor 2020; wordt nu eind 2021. Zorgverzekeraars hebben landelijke de looptijd van alle pilots met een jaar verlengd. Wordt nu eind 2022. Project ligt met dat jaar extra wel op koers.

Tabel 1: planning activiteiten De komende tijd wordt verkend wat deze achterstand betekent voor andere toekomstig geplande activiteiten.

Programmabegroting 2022 en meerjarenraming 2023-2025

10

2.2 Accenten Samenwerking en afstemming Uitgangspunt De veiligheidsregio faciliteert een netwerk, waarin samen met functionarissen van diverse partners wordt bekeken wat de trends en ontwikkelingen zijn op het terrein van veiligheid en wat dit betekent voor de taakstelling, rol en verantwoordelijkheden van ieder om een veilige samenleving zoveel mogelijk te borgen of om daarnaar terug te keren. Doel In 2022 willen we de samenwerking en afstemming met gemeenten versterken. Wat gaan we doen in 2022? In 2022 bouwen we verder aan het netwerk, waardoor we een steeds beter beeld hebben van ons kennisnetwerk en zaken beter afstemmen. Dit komt de crisisbeheersing ten goede, maar ook de reguliere advisering over risico’s. Zie voor een verdere uitwerking hiervan paragraaf 3.2. Daarnaast is de ambitie van de veiligheidsregio om ook de bestuurlijke samenwerking met gemeenten verder te versterken. Dit vereist afstemming met de raden via de griffiers over onder meer de Kaderbrief en de Planning en Controlcyclus en de in dat kader vereiste zienswijzeprocedure. In dit verband wordt bezien wat de implicaties zijn van het op dit moment aanhangig wetsvoorstel tot wijziging van de Wet gemeenschappelijke regelingen. Dit wetsvoorstel beoogt de democratische legitimatie van de gemeenschappelijke regelingen te versterken.

Risicogerichte benadering Uitgangspunt De risico’s en de mogelijke aantasting van veiligheid zijn niet overal hetzelfde. Een standaardaanpak van onveilige situaties past niet altijd en overal. Met een risicogerichte benadering wordt ingezet op díe maatregelen die het meest bijdragen aan risicoreductie en op een integrale aanpak van vraagstukken. Doel Aan de hand van die risicogerichte benadering wordt bekeken welke dienstverlening maatschappelijk, bestuurlijk en financieel proportioneel is. Wat gaan we doen in 2022? Het programma Risicobeheersing wordt eind 2021 opgeleverd en gaat in 2022 bij bestuurlijke goedkeuring van kracht.

Programmabegroting 2022 en meerjarenraming 2023-2025

11

Weerbare samenleving Uitgangspunt In een weerbare samenleving kennen inwoners, werknemers, instellingen en ondernemers hun eigen verantwoordelijkheid voor de veiligheid in hun leefomgeving (eigen gedrag en voorbereidingen), en voor het zich actief informeren over veiligheidsrisico’s van gebouw tot evenementenbezoek. Doel De weerbaarheid van de samenleving (inwoners, bedrijven, instellingen) in Gelderland-Zuid vergroten door kennisvermeerdering, vergroten zelfredzaamheid en burgerparticipatie. Het vertrekpunt is hierbij ‘veiligheid is van ons allemaal en iedereen is hulpverlener’. Wat gaan we doen in 2022? We continueren onze activiteiten voor risicocommunicatie; activiteiten binnen het programma Brandveilig Leven; voorlichting na brand, inwonersonderzoeken of informatie direct na incidenten en het project Iedereen hulpverlener.

Een toekomstbestendige veiligheidsregio Uitgangspunt We zorgen dat de veiligheidsregio als organisatie toekomstbestendig is. Doel Een veiligheidsregio die voor de uitvoering van haar taken voorbereid is op de uitdagingen van de komende jaren. Wat gaan we doen in 2022? De volgende activiteiten worden ondernomen: duurzame inzetbaarheid, actieplan ambulancezorg, programma vrijwilligheid brandweer en werving bemensing crisisorganisatie. Verwerking uitkomsten evaluatie Wet veiligheidsregio’s De door de ministerraad ingestelde Evaluatiecommissie wet veiligheidsregio’s heeft onderzocht in hoeverre de Wet veiligheidsregio’s (Wvr) bijdraagt aan de beheersing van risico’s voor burgers. En ook hoe de aanpak van crises aansluit op de nieuwe trends in crises, crisisbeheersing en brandweerzorg. Op diverse onderdelen heeft de commissie geadviseerd om de wet te wijzigen. Vooral op het onderdeel crisisbeheersing maar ook op brandweerzorg. Het rapport van de Evaluatiecommissie en de beleidsreactie van de minister daarop is op 4 maart 2021 met het Algemeen Bestuur besproken. We houden rekening met gevolgen voor de organisatie van de veiligheidsregio’s, mogelijk ook de governance, de reikwijdte van de taken van de veiligheidsregio’s en de wijze van samenwerking. De

Programmabegroting 2022 en meerjarenraming 2023-2025

12

impact op onze organisatie en taken wordt uitgewerkt als er duidelijkheid is over de adviezen en aanpassing van de wet. Landelijke Meldkamer Samenwerking De afgelopen jaren zijn in het land verschillende regionale meldkamers van de brandweer, politie, ambulancezorg en Koninklijke Marechaussee samengevoegd en worden zij één voor één aangesloten op een landelijk ICT-infrastructuur. Uiteindelijk komen er tien landelijke, aan elkaar gekoppelde, meldkamerlocaties. De meldkamer voor de VRGZ, die intussen als Meldkamer Arnhem-Nijmegen (MAN) op één locatie samenwoont met de meldkamer van Gelderland-Midden, gaat behoren tot de Meldkamer OostNederland. Behalve MAN gaat die bestaan uit de al samengevoegde meldkamers van de Veiligheidsregio’s IJsselland en Noord- en Oost-Gelderland en Meldkamer Twente. De samenvoeging staat gepland voor november 2022. De Landelijke Meldkamer Samenwerking (LMS), onderdeel van de nationale politie, is verantwoordelijk voor het beheer van de meldkamer. Met het oog op de samenvoeging informeert de projectorganisatie van Oost-Nederland begin 2021 de betrokken besturen van de vijf veiligheidsregio’s. Landelijke werkgeversvereniging In december 2020 heeft het Algemeen Bestuur na raadpleging van gemeenteraden ingestemd met de aansluiting bij een nog op te richten werkgeversvereniging.

Deze vereniging zal op landelijk niveau collectieve afspraken maken voor de sector veiligheidsregio’s. Met ingang van uiterlijk 1 januari 2022 zal deze vereniging functioneren.

2.3 Specifieke risico’s Hieronder worden de aanpak en activiteiten beschreven van de specifieke risico’s die benoemd zijn in het Regionaal Beleidsplan: cyberrisico’s, energietransitie, extreem weer en gevolgen criminaliteit voor de fysieke leefomgeving.

Cyberrisico’s In 2022 wordt voortgebouwd op de activiteiten die in 2020 en 2021 zijn opgepakt: onderzoeken of wij als organisatie voldoende voorbereid zijn op cyberincidenten (cyberweerbaarheid) en het in beeld hebben van digitale risicovolle bedrijven in onze omgeving: in feite beheersing van cyberrisico’s (cyberwaakzaamheid). Dit laatste gebeurt in samenwerking met cruciale partners, bedrijven en instellingen.

Programmabegroting 2022 en meerjarenraming 2023-2025

13

Gevolgen criminaliteit voor fysieke omgeving Samen met de gemeenten en politie wordt verkend welke invloeden criminaliteit heeft op de fysieke leefomgeving en de veiligheid van onze inwoners. Te denken is aan hennep, dumping van drugsafval, plofkraak, brandstichting, xtc-laboratorium. Bekeken wordt wat gemeenten van de VRGZ verwacht en wat de VRGZ hierin kan bieden.

Energietransitie Om de CO2-uitstoot in Nederland terug te dringen vindt een transitie naar duurzame energiebronnen plaats. Toepassing van zonne-energie, windmolens, biomassa of aardwarmte zien we al om ons heen en zien we verder uitgebreid worden. De energietransitie vraagt om slimme opslag en distributie van energie met accu’s of via waterstof . Deze grootschalige transitie brengt ook nieuwe veiligheidsrisico’s met zich mee. In 2020 is het project Energietransitie gestart. Doel is om praktische handvatten te hebben om te anticiperen op de energieontwikkelingen. Het resultaat moet zijn: ▪

een concreet brandweerbreed dynamisch praktijkplan waarin de belangrijkste regionale ontwikkelingen beschreven worden;

▪

een meerjarig actieplan;

▪

deelname aan landelijke en interregionale netwerken.

Hierbij gaan we ook uit van de Regionale Energiestrategie van de gemeenten van onze regio waarin zij hun ambities op dit vlak hebben vastgelegd. Daardoor kan ingespeeld worden op de specifieke veiligheidsrisico’s voor de regio.

Extreem weer De gevolgen van extreem weer (te droog, te warm en te nat) worden onderzocht. Verduidelijkt wordt welke rol en positie VRGZ in preventief en repressief opzicht moet vervullen op het gebied van veiligheid, samen met gemeenten en partners. In 2022 worden die rollen uitgewerkt in concrete activiteiten.

Programmabegroting 2022 en meerjarenraming 2023-2025

14

3 Programma Crisis- en Rampenbestrijding

Programmabegroting 2022 en meerjarenraming 2023-2025

15

3 Programma Crisis- en Rampenbestrijding In het derde hoofdstuk van deze begroting wordt het programma Crisis- en Rampenbestrijding voor het begrotingsjaar 2022 verder uitgewerkt. In de eerste paragraaf staan de ontwikkelingen van de sector Brandweer centraal, in de tweede paragraaf wordt uiteengezet wat de sector Crisisbeheersing in 2022 gaat realiseren. De tabel met het overzicht van baten en lasten van het programma C&R en een toelichting op de verschillen staan in paragraaf 6.2.

3.1 Brandweer Bij de sector Brandweer gaat in 2022 de aandacht met name naar de onderwerpen vrijwilligheid, taakdifferentiatie, brandweerzorgplan, HOvD piket en duiktaak.

Programma Vrijwilligheid In 2020 is Operatie VLAM van start gegaan om tot een toekomstbestendige inrichting van vrijwilligheid te komen. De opdracht richt zich op het optimaal vormgeven van het vinden, binden en boeien van vrijwilligers in co-creatie met gemeenten, werkgevers, burgers en vrijwilligers In 2020 zijn vijf deelprojecten van start gegaan, die uitmonden activiteiten die in 2021 en 2022 worden uitgewerkt.

Taakdifferentiatie De toekomstbestendigheid van vrijwilligheid hangt ook samen met de mogelijke ontwikkeling van de taakdifferentiatie tussen vrijwilligers en beroepsbrandweer. In 2018 is gebleken dat het stelstel van vrijwilligheid bij de brandweer niet in lijn is met Europese regelgeving. Om hieraan te voldoen wordt landelijk voorgesteld een taakdifferentiatie tussen de vrijwilligers en de beroepsmedewerkers te creëren. In 2021 vindt besluitvorming plaats over de gewenste taakdifferentiatie tijdens het overleg van het Veiligheidsberaad met de minister. Pas na het besluit en de uitwerking daarvan kan aangegeven worden welke impact dit heeft op de brandweer VRGZ met welke financiële gevolgen voor 2022 en de jaren erna.

Brandweerzorgplan Het huidige Brandweerzorgplan is eind 2017 vastgesteld door het Algemeen Bestuur. Gestart wordt met een upgrade van het Brandweerzorgplan dat vooral in 2022 zijn beslag zal krijgen. Daarbij worden ook de landelijke ontwikkelingen op dit gebied meegenomen.

Programmabegroting 2022 en meerjarenraming 2023-2025

16

Aanpassing piket Hoofdofficier van Dienst (HOvD) De VRGZ beschikt op dit moment over verschillende HOvD-piketten. Alle HOvD’s kunnen worden ingezet voor zes verschillende operationele functies. Deze stapeling van functies vergt veel van betrokkenen om bij te blijven, is lastig te combineren met de beheersmatige taak en belemmert de instroom van nieuwe mensen door het veeleisende takenpakket. Deze stapeling van functies is dan ook kwetsbaar, niet toekomstbestendig en vanuit goed werkgeverschap ook niet langer wenselijk (beperkt instroom, hoge oefenbelasting). Met name de taken op het gebied van incidentbestrijding gevaarlijke stoffen (IBGS) vergen specialistische kennis en andere competenties dan de overige taken. De kwaliteit staat daardoor onder druk. Voorstel is daarom om de taak van adviseur gevaarlijke stoffen uit het HOvD-piket te halen en daarvoor een nieuw piket Adviseur gevaarlijke stoffen in te richten. In 2022 wordt dit verder voorbereid om per 1 januari 2023 deze werkwijze te kunnen invoeren.

Duiktaak In juni 2019 heeft het Algemeen Bestuur ingestemd met het voorstel om voor de invulling van de duiktaak in Gelderland-Zuid afspraken te maken met de veiligheidsregio’s Gelderland-Midden en Brabant-Noord. Bij de invulling van de duiktaak bleken de door de twee regio’s gewenste afspraken echter niet geraamde kosten met zich mee te brengen. Het bestuur heeft daarop opdracht gegeven om voor 2021 de inzet van een duikteam te organiseren door een dienstverleningsovereenkomst aan te gaan met Gelderland-Midden en Brabant-Noord. De kosten voor 2021 worden incidenteel gedekt. Tegelijkertijd wordt in 2021 onderzocht of er private partijen zijn die de duiktaak structureel kunnen uitvoeren of dat andere vormen van structurele private samenwerking mogelijk zijn. De uitkomst van dit onderzoek wordt in het Algemeen Bestuur besproken. Afhankelijk van de besluitvorming worden de consequenties verwerkt in de begroting 2022.

3.2 Crisisbeheersing De sector Crisisbeheersing vormt samen met de sector Brandweer het programma Crisis- en Rampenbestrijding. In de sector Crisisbeheersing zijn ook de taken en verantwoordelijkheden van de GHOR ondergebracht.

Informatie datagestuurde advisering Begin 2022 wordt gewerkt aan het verder ontwikkelen van informatiemanagement voor crisisbeheersing en beleidsadvisering. Daartoe worden data verzameld die afkomstig zijn van de

Programmabegroting 2022 en meerjarenraming 2023-2025

17

eigen organisatie en van andere partners (regionaal en landelijk actief). Door integrale en actuele informatieverzameling en duiding van deze data kan het bestuur beter worden geadviseerd.

Flexibilisering van de crisisorganisatie Nieuwe typen rampen en crises vragen om (deels) andere expertise en competenties. Terwijl we enerzijds zien dat een multidisciplinaire afstemmingsstructuur een goede basis biedt voor de bestrijding van rampen en crises, ervaren we ook dat het zwaartepunt wordt verlegd en sommige expertise ontbreekt. Zo was voorheen veelal de brandweer primair aan zet, maar hadden bij de coronacrisis vooral de GHOR en Bevolkingszorg een hoofdrol. En ook een cyberaanval vraagt om andere partners. In 2021 worden te maken keuzes en gevolgen voor een meer flexibele crisisorganisatie nader in beeld gebracht en met het Algemeen Bestuur besproken. In 2022 zullen onze bestaande crisisfunctionarissen waar nodig worden bijgeschoold en geoefend in dit nieuwe model. Bij de werving van nieuwe functionarissen wordt gericht geworven op de nieuwe competenties.

GHOR Na de introductie en implementatie van het netcentrisch werken binnen de geneeskundige zorg (LCMS-GZ) in 2021 zal deze manier van informatiedeling verder ontwikkeld worden. Tijdens de coronacrisis is binnen het zorgnetwerk nieuwe kennis en ervaring opgedaan op het gebied van zorgcontinuïteit. Dit helpt ons om samen met de betrokken zorgpartners de voorbereiding op rampen en crises te verbeteren.

Doorontwikkeling risicocommunicatie Communicatie is een belangrijk middel om inwoners te helpen om in te spelen op deze risico’s en zich voor te bereiden op rampen en crises. In 2021 ontwikkelen we een visie op risicocommunicatie. Elementen hierin zijn informatie via onze website, gebruik van nieuwe (sociale) media en doelgroepencommunicatie. In 2022 gaan we via pilots experimenteren met onderdelen van deze nieuwe risicocommunicatie.

Versterking van onze netwerkorganisatie Op basis van de nieuwe typen rampen en crisis verkennen we welke expertise en competenties nodig zijn om deze het hoofd te kunnen bieden. Het is onmogelijk en onwenselijk om al deze kennis en expertise zelf in huis te hebben. Vele soorten rampen en crises komen immers niet zo vaak voor en dan is het kostbaar en erg arbeidsintensief om de kennis op peil te houden. Beter is om – net als met bestaande partners – nieuwe allianties aan te gaan.

Programmabegroting 2022 en meerjarenraming 2023-2025

18

Piket IM CoPI De informatiemanager (IM) CoPI zorgt voor het creëren van een helder beeld van een incident om tot goede besluitvorming te komen die nodig is voor bestrijding van een incident of crisis. Voor de informatiemanager geldt geen opkomstplicht en functionarissen krijgen enkel een vergoeding bij een inzet. Als deze informatiemanager op zogenaamd “hard piket” wordt gezet is extra financiering nodig. Gezien de financiële lastige situatie bij gemeenten wordt op dit moment verkend of en op welke wijze de functie anders inhoud kan worden geven evenals de daarbij behorende financiering.

Programmabegroting 2022 en meerjarenraming 2023-2025

19

4 Programma Regionale Ambulancevoorziening

Programmabegroting 2022 en meerjarenraming 2023-2025

20

4 Programma Regionale Ambulancevoorziening (RAV) Het tweede programma bij de veiligheidsregio betreft de Regionale Ambulancevoorziening. In 2022 wordt aandacht besteed aan de hieronder genoemde onderwerpen.

4.1 Ambulancezorg Gelderland-Zuid Ambulancezorg Gelderland-Zuid (GZ) is een erkende gezondheidszorginstelling en voert haar werkzaamheden uit op grond van de door het Ministerie van VWS verstrekte “aanwijzing” in het kader van de Wet ambulancezorgvoorzieningen. De Wet ambulancezorgvoorzieningen is ingegaan per 1 januari 2021. Het kwaliteitskader ambulancezorg dat per 1 januari 2020 geïmplementeerd is in de sector heeft een belangrijke plaats gekregen binnen de nieuwe wet ambulancezorg. Daardoor is niet langer alleen de responstijd van de spoedurgentie maatgevend voor de geleverde kwaliteit van zorg. De ambulancesector ziet in een korte tijd vele veranderingen op zich afkomen. Door het groeiend aantal zorgvragers in combinatie met de politieke wens om de stijgende zorguitgave te drukken zullen veranderingen in het (acute) zorgsysteem de komende jaren noodzakelijk zijn. Behalve de stijgende vraag worden de zorgvragen ook steeds complexer. De Nederlander wordt namelijk steeds ouder, maar niet per se gezonder. Hierdoor komt de acute zorgsector steeds verder onder druk te staan. De ‘houtskoolschets Acute Zorg’, aangeboden door Minister Van Rijn in juli 2020, geeft een eerste aanzet voor noodzakelijke veranderingen voor de gehele acute zorgsector om beschikbaarheid en toegankelijkheid in de toekomst te kunnen blijven waarborgen.

Onduidelijk is nog hoe deze houtskoolschets politiek ontvangen wordt. De geschetste ideeën betekenen echter voor de ambulancesector vergaande veranderingen. Vooral op het gebied van de coördinatie, beschikbare informatie en allocatie van patiënten.

4.2 Regionaal meerjarenbeleidsplan Ambulancezorg Gelderland-Zuid De sector Ambulancezorg volgt de door het Algemeen Bestuur vastgestelde Regionaal Beleidsplan Ambulancezorg Gelderland-Zuid 2020-2023 om in te spelen op interne en externe ontwikkelingen die de sector Ambulancezorg op zich af ziet komen. Een aantal lopende ontwikkelingen en trajecten wordt hieronder toegelicht.

Zorgcoördinatie en landelijke meldkamer organisatie Apeldoorn In het voorjaar 2020 hebben Ambulancezorg Gelderland-Zuid en Ambulancezorg Gelderland-Midden gezamenlijke toestemming gekregen om een pilot te starten naar virtuele zorgcoördinatie. Beproefd wordt hoe er meer coördinatie, samenwerking en uitwisseling van informatie plaats kan vinden,

Programmabegroting 2022 en meerjarenraming 2023-2025

21

zonder dat dit een fysieke samenvoeging van de meldkamer ambulancezorg en de telefonische triage van de huisartsenposten betekent. Waar de pilot aanvankelijk eind 2021 afgerond zou worden, is dit wegens de coronacrisis verlengd tot eind 2022. Deze ontwikkeling sluit aan op de landelijke meldkamersamenwerking (LMS) in Apeldoorn.

Urgentieklassen herindeling Voor de juiste inzet van de verschillende vormen van ambulancezorg op de steeds grotere diversiteit aan zorgvragen en voor het beter kunnen afstemmen met de huisartsensector is de juiste urgentiebepaling van uiterst belang. De ambulancesector kent momenteel twee urgentieclassificaties voor spoedzorg (A1 en A2) en twee urgentieclassificaties voor geplande zorg (B1 en B2). Deze urgentiebepalingen worden heroverwogen en ziektebeelden worden opnieuw ingedeeld. Mogelijke consequentie van een nieuwe indeling is dat verdere differentiatie van zorg noodzakelijk is. Dit kan invloed hebben op de wijze waarop nu de ambulancezorg is georganiseerd. Belangrijke vraag is ook hoe dit zich verhoudt tot andere zorgprofessionals in de eerste lijn, de kosten, maar ook de efficiency van de zorg. Deze effecten worden de komende jaren verder onderzocht.

Verantwoordingsdruk/informatiedruk Het aantal regionale- en landelijke informatie-uitvragen neemt toe. Ook de invoering van het kwaliteitskader ambulancezorg betekent voor de organisatie meer dataverzameling. Daarnaast worden deze uitvragen meer divers en specifieker. Op landelijk en daarop aansluitend regionaal niveau binnen Ambulancezorg Gelderland-Zuid worden de antwoorden op deze vragen verkend.

Toekomstbestendig Ambulancezorg Gelderland-Zuid Zoals hierboven is opgesomd staan de ambulancesector en organisatie voor een groot aantal ontwikkelingen. De veranderende omgeving en andere eisen vragen om een andere organisatie die hier flexibel op in kan spelen. In het beleidsplan van de ambulancezorg is dit al verwoord. De komende periode wordt veel geïnvesteerd in de transitie om te ontwikkelen naar een toekomstbestendige Ambulancezorg Gelderland-Zuid.

Onderzoek optimalisatie rooster Ondanks de vergrote focus op meerdere kwaliteitsindicatoren en een aanpassing van de classificatie van de zorgvragen blijft de aandacht voor de tijdsnorm voor bepaalde zorgvragen groot. Met beperkte middelen moet aan de 95%-norm (binnen 15 minuten na een melding is de ambulance op de plaats van het incident) voor de totale regio voldaan worden. In 2021 wordt een onderzoek in

Programmabegroting 2022 en meerjarenraming 2023-2025

22

Gelderland-Zuid uitgevoerd naar de huidige spreiding en beschikbaarheid van ambulancevoertuigen en naar de (theoretische) optimale spreiding en beschikbaarheid. In 2022 wordt gemonitord in hoeverre een dergelijke optimalisatie bijdraagt aan verbetering van de 95%-normering.

4.3 Financiering Net als in de afgelopen jaren zal Ambulancezorg Gelderland-Zuid ook de komende jaren landelijk en regionaal veel aandacht besteden aan herijking van haar budgetten. Door de huidige budgetsystematiek van de sector met een aantal genormeerde bedragen blijft de financiering namelijk dikwijls knellen. Ook het niet volledig compenseren van de loonontwikkeling vormt een groot risico. Ambulancezorg Gelderland-Zuid zal ook in 2022 landelijk aandacht blijven vragen voor adequate financiering.

Programmabegroting 2022 en meerjarenraming 2023-2025

23

4.4 Kerngegevens ambulancezorg Kerngegevens Eenheden

Voorgenomen

Opkomstlocaties

4

Voorwaardenscheppende locaties

9

A-ambulances en B-ambulances

32

Mobiele Intensive Care Unit (MICU)

1

Rapid Responder voertuigen

4 Tabel 2: kerngegevens ambulancezorg

4.5 Streefwaarden ambulancezorg Streefwaarden Operationele inzetprestatie

Verwacht

A1-ritten ambulance

Ca. 10.000

A1-ritten binnen 15 minuten

95%

A1-ritten gemiddelde meldtijd

max. 1:40

A1-ritten gemiddelde opstarttijd

max. 0:45

A1-ritten gemiddelde rijtijd

6:30

A1-ritten gemiddelde responstijd

8:55

A2-ritten ambulance

Ca. 8.000

A2-ritten binnen 30 minuten

98%

Vakbekwaamheid Medewerkers met bekwaamheidsverklaring

100% Tabel 3: streefwaarden ambulancezorg

Programmabegroting 2022 en meerjarenraming 2023-2025

24

5 Paragrafen

Programmabegroting 2022 en meerjarenraming 2023-2025

25

5 Paragrafen 5.1 Weerstandsvermogen en risicobeheersing In deze paragraaf komen de normering van de algemene reserve, het weerstandsvermogen en de weerstandscapaciteit aan de orde. Daarnaast worden de risico’s van de VRGZ beschreven. Voor het beleid omtrent weerstandsvermogen en risicobeheersing wordt verwezen naar bijlage 7.6 Financiële spelregels.

Algemene reserve, weerstandsvermogen en weerstandscapaciteit Programma Crisis- en Rampenbestrijding Algemene reserve Crisis- en Rampenbestrijding Bedragen * € 1.000,-

Begroting 2022

Raming 2023

Raming 2024

Raming 2025

Norm eigen vermogen is 5% van de baten

2.635

2.616

2.616

2.616

Algemene reserve rampenbestrijding

2.551

2.570

2.589

2.608

Percentage eigen vermogen van de baten

4,8%

4,9%

4,9%

5,0%

Tabel 4: algemene reserve C&R Bestemde reserves worden niet meegenomen in deze toetsingstabel van het eigen vermogen. Het saldo van de algemene reserve benadert de norm van 5%. Indien positieve resultaten behaald worden geldt als uitgangspunt dat dit resultaat toegevoegd wordt aan de algemene reserve tot de bestuurlijke norm. Het weerstandsvermogen is de mate waarin de benodigde capaciteit wordt gedekt door de beschikbare capaciteit. De verwachte beschikbare weerstandscapaciteit is niet toereikend om de geïnventariseerde en gecalculeerde risico’s (zie paragraaf 5.1.2) te dekken. Naarmate de gecalculeerde risico’s zich daadwerkelijk voordoen zal de VRGZ hiervoor bezuinigingsmaatregelen treffen of wordt de bijdrage van gemeenten hoger. Programma RAV De reserve van de RAV ziet er als volgt uit: Reserve aanvaardbare kosten RAV Bedragen * € 1.000,-

Begroting 2022

Raming 2023

Raming 2024

Raming 2025

De minimale norm is 10% van de baten

2.658

2.658

2.658

2.658

De streefwaarde is 15% van de baten

3.987

3.987

3.987

3.987

Reserve aanvaardbare kosten RAV

1.826

1.826

1.826

1.826

7%

7%

7%

7%

Percentage eigen vermogen van de baten

Tabel 5: reserve aanvaardbare kosten RAV

Programmabegroting 2022 en meerjarenraming 2023-2025

26

Cijfermatig haalt de Ambulancezorg GZ de minimale norm van 10% van de baten niet. Dit wordt vooral veroorzaakt door het negatieve resultaat van 2019. In dat jaar is fors geïnvesteerd in uitbreiding van diensten en daardoor heeft de Ambulancezorg GZ dubbele lasten gehad voor het enerzijds opleiden van personeel en anderzijds het inhuren van externe capaciteit om de ambulanceritten op de weg te kunnen uitvoeren. De verwachte beschikbare weerstandscapaciteit is niet toereikend om de geïnventariseerde en gecalculeerde risico’s te dekken (zie paragraaf 5.1.2).

Risico’s In tabel 6 is een samenvatting van de risico’s met financiële omvang opgenomen. Bij de bepaling van de noodzakelijke risicocapaciteit is rekening gehouden met de weging van de verwachtingswaarde van de kans dat de risico’s zich voordoen.

Bedragen *€ 1.000,-

Verwachtingswaarde afzonderlijke risico’s

Noodzakelijke risicocapaciteit VRGZ

Noodzakelijke risicocapaciteit C&R

Noodzakelijke risicocapaciteit RAV

3.518

2.595

2.163

432

Maatschappelijke risico’s

382

76

54

22

Economische risico’s

714

286

200

86

Middelen, organisatie, medewerkers en efficiency

4.360

2.228

1.561

667

Totaal

8.974

5.185

3.978

1.207

Nieuwe wet- en regelgeving en politiek bestuurlijke risico’s

Tabel 6: samenvatting risico’s

Ten opzichte van vorig jaar hebben zich de volgende mutaties voorgedaan: 5.1.2.1

Vervallen risico’s

▪

Functiewaardering verpleegkundigen: lasten worden met terugwerkende kracht gecompenseerd door verzekeraars;

▪

Aanbesteding vergunning ambulancezorg: nieuwe wet is definitief geworden, mogelijke financiële gevolgen zijn niet meer aan de orde;

▪

Tekort brandweervrijwilligers: kans op grootschalig vertrek daalt sterk doordat vrijwilligers er financieel niet op achteruitgaan bij nieuwe contractvorm n.a.v. WNRA;

▪

Omgevingswet: grote organisatorische gevolgen zullen uitblijven.

Programmabegroting 2022 en meerjarenraming 2023-2025

27

5.1.2.2

Nieuwe risico’s

▪

Piket: momenteel is het piket van de Informatiemanagers CoPI op basis van vrije instroom. Omzetting naar een piketregeling geeft structureel hogere lasten.

▪

Crisisorganisatie: Naar aanleiding van de evaluatie Wet veiligheidsregio’s zal de crisisorganisatie aangepast worden. Dit betekent dat crisisfunctionarissen bijgeschoold worden en dat de informatiefunctie wordt geïntensiveerd (personele uitbreiding en software applicaties).

▪

LMS/ZCC: AZGZ is samen met Ambulancezorg Gelderland-Midden een pilot gestart voor een zorgcoördinatiecentrum (ZCC). Zo’n centrum betekent dat een aantal meldtafels niet voorzien is in de toekomstige gemeenschappelijke meldkamer in Apeldoorn. Het budget is van de RAV’en naar de LMS overgeheveld. Inmiddels is geregeld dat LMS de beheerkosten van de meldtafels financiert aan Veiligheidsregio Gelderland-Zuid conform tarief in Apeldoorn. Meerkosten zullen wel voor rekening van de RAV’en zijn. De aanvraag pilot is akkoord bevonden, inmiddels wordt huisvesting gezocht. Drie of vier panden in het gebied Gelderland-Midden en Gelderland-Zuid komen als locatie in aanmerking, in 2021 volgt besluitvorming en zullen de financiële gevolgen bekend zijn.

▪

Duikteam: In de adviesnota Duiktaak Gelderland-Zuid worden verschillende opties voor de uitvoering van de duiktaak uitgewerkt met inschatting van bijbehorende lasten. Het Algemeen Bestuur heeft in november 2020 aangegeven akkoord te gaan om een DVO met VGGM en Brabant-Noord te sluiten en een kostenpost van € 130.000,- voor het jaar 2021. De omvang van deze uitzetting na 2021 is nog niet bekend. In 2021 zal bekeken worden wat de mogelijkheden zijn van particuliere duikers.

5.1.2.3

Belangrijke risico’s

Een aantal risico’s is niet verwijderd, gewijzigd of is nieuw, maar vormen de meest relevante risico’s voor de VRGZ. De risico’s met de grootste impact zijn: ▪

WNRA, brandweervrijwilligers: onderwerp wordt in februari in het Veiligheidsberaad besproken. Lasten nemen toe i.v.m. wijziging van de overeenkomsten met de brandweervrijwilligers. Streven is om meerkosten bij het Rijk te declareren.

▪

COVID-19: risico daalt i.v.m. toename testen en vaccinaties. Meerkosten kunnen eventueel bij het Ministerie van VWS gedeclareerd worden.

▪

Vitaliteit/duurzame inzetbaarheid: beleid wordt geformuleerd en eerste kwartaal 2021 aan het GO voorgelegd.

▪

Werkgeversvereniging: in verband met de beëindiging van de CAR-UWO worden de veiligheidsregio’s niet meer vanuit CAR-UWO ondersteund en heeft het Veiligheidsberaad besloten dat de veiligheidsregio’s gezamenlijk een CAO starten. Daarvoor wordt een werkgeversvereniging opgericht.

Programmabegroting 2022 en meerjarenraming 2023-2025

28

▪

LMO: de meldkamer van de VRGZ wordt in de toekomst in Oost-5-verband georganiseerd. Naar verwachting zal deze in Apeldoorn eind 2022 operationeel zijn. De huisvesting en automatisering valt onder verantwoordelijkheid van de politie. Dat geldt ook voor de financiering. Hiervoor heeft een uitname van de rijksbijdrage plaatsgevonden. De resterende lasten blijven tot de samenvoeging in Apeldoorn onderdeel van de begroting van de VRGZ. Na de samenvoeging zullen de resterende lasten via een nog vast te stellen verdeelsleutel bij de veiligheidsregio’s in rekening gebracht worden. De exacte financiële consequenties hiervan zijn in 2022 bekend.

▪

Verzekeringen: als gevolg van blijvende stijging van de premies wordt landelijk nagegaan welke alternatieven mogelijk zijn zoals het gezamenlijk door de veiligheidsregio’s in eigen beheer uitvoeren van de verzekeringen.

▪

De RAV wordt gefinancierd op basis van door de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) vastgestelde budgetparameters. Zorgverzekeraars dekken niet de volledige kosten die gemaakt worden conform deze parameters. Dit betekent dat er sprake is van jaarlijkse incidentele toekenning van bepaalde budgetcomponenten, terwijl het voor de RAV wenselijk is dat er sprake is van structurele toekenning. Daarnaast moeten kosten en opbrengsten op de juiste componenten gedekt worden. Dus innovatiegelden voor innovatieprojecten en salarisbudgetten voor salariskosten. Op die manier worden de kosten met zekerheid voor de lange termijn gedekt. Er lopen diverse onderzoeken door de NZa voor de gehele sector om te zorgen dat kosten en budgetten met elkaar in lijn zijn. De uitslag van het onderzoek volgt in maart 2021.

Kengetallen Onderstaande kengetallen zijn opgenomen conform Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV). De structurele exploitatieruimte is in 2021 t/m 2023 negatief doordat de vrijval van de bestemde reserve niet meegenomen wordt in de berekening kengetallen. Kengetallen

Realisatie 2020

Gew. Begr. 2021

Raming 2022

Raming 2023

Raming 2024

Raming 2025

Netto schuldquote

63%

78%

80%

90%

91%

100%

Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen

63%

78%

80%

90%

91%

100%

Solvabiliteitsratio

9%

7%

6%

5%

5%

5%

Structurele exploitatieruimte

5%

-0,8%

-0,5%

-0,3%

0,0%

0,0%

Tabel 7: kengetallen

5.2 Onderhoud kapitaalgoederen Een overzicht van de geplande investeringen is opgenomen in paragraaf 6.7. In zijn algemeenheid worden kapitaalgoederen van de VRGZ onderhouden en vervangen na afloop van de economische levensduur. De belangrijkste kapitaalgoederen betreffen de gebouwen.

Programmabegroting 2022 en meerjarenraming 2023-2025

29

5.3 Financiering Beleid t.a.v. risicobeheer en financieringsportefeuille Risicobeheer Het verstrekken van leningen en garanderen van rente en aflossing van leningen is de VRGZ niet toegestaan. Financieringsportefeuille De hoeveelheid geld die nodig is voor de uitvoering van de verschillende taken van de organisatie wordt beheerd door de treasuryfunctie. Werkwijze, taken en verantwoordelijkheden zijn vastgelegd in het treasurystatuut. Dit statuut is op 5 november 2015 door het Algemeen Bestuur vastgesteld. De VRGZ voert een risicomijdend beleid. Voor de VRGZ geldt het schatkistbankieren voor decentrale overheden. Dit houdt in dat tegoeden worden aangehouden in de Nederlandse schatkist. Hierdoor zal de Nederlandse Staat minder geld hoeven te lenen op de financiële markten en zal de staatsschuld dalen.

Rente en treasury In onderstaand renteschema worden de rentelasten, de toerekening aan taakvelden en het renteresultaat weergegeven (bedragen x € 1.000,-): Renteschema (bedragen * €1.000,-)

2022

a. De externe rentelasten over de korte en lange financiering

1.070

b. De externe rentebaten

0

Saldo rentelasten en -baten

1.070

c. De rente die aan taakvelden moet worden doorberekend/toegerekend Aan taakvelden toe te rekenen externe rente

0 1.070

d1. Rente over eigen vermogen

0

d2. Rente over voorzieningen (gewaardeerd op contante waarde)

0

Totaal aan taakvelden toe te rekenen rente

1.070

e. De werkelijk aan taakvelden toegerekende rente (renteomslag) (2,0%)

1.224

f. Renteresultaat op het taakveld treasury

154

Tabel 8: renteschema

Programmabegroting 2022 en meerjarenraming 2023-2025

30

Kasgeldlimiet Het Ministerie van Financiën geeft aan welk bedrag mag worden gefinancierd met kortlopende geldleningen; de kasgeldlimiet. Als de kasgeldlimiet structureel wordt overschreden moet de kortlopende schuld worden omgezet in een langlopende schuld. Op basis van navolgend schema lijkt de VRGZ niet binnen de norm voor de kasgeldlimiet te blijven en zullen indien nodig, langlopende leningen moeten worden aangetrokken. Kasgeldlimiet (bedragen * € 1.000,-)

1e kwt

2e kwt

3e kwt

4e kwt

Omvang begroting per 1 januari (is grondslag)

79.711

79.711

79.711

79.711

- in procenten van de grondslag

8,2%

8,2%

8,2%

8,2%

- in bedrag

6.536

6.536

6.536

6.536

- opgenomen gelden < 1 jaar

19.236

19.236

19.236

19.236

- schuld in rekening courant

0

0

0

0

- gestorte gelden door derden < 1 jaar

0

0

0

0

- ov. geldleningen niet zijnde vaste schuld

0

0

0

0

1.258

1.258

1.258

1.258

0

0

0

0

6.819

6.819

6.819

6.819

11.159

11.159

11.159

11.159

Toegestane kasgeldlimiet (1)

6.536

6.536

6.536

6.536

Ruimte (+)/ Overschrijding (-) (1 - 4)

-4.623

-4.623

-4.623

-4.623

1 Toegestane kasgeldlimiet

2 Omvang vlottende korte schuld (+/+)

3 Vlottende middelen (-/-) - contante gelden in kas - tegoeden in rekening-courant - overige uitstaande gelden < 1 jaar Toets kasgeldlimiet 4 Totaal netto vlottende schuld (2 - 3)

Tabel 9: kasgeldlimiet Renterisiconorm Om ongewenste financiële gevolgen van rentewijzigingen te beperken geeft het ministerie ook een renterisiconorm aan. Deze renterisiconorm geeft de omvang van de schuld weer die in een jaar maximaal voor renteconversie in aanmerking mag komen. De uitkomst hiervan mag niet overschreden worden zodat een spreiding van de opgenomen leningen, looptijden en rente-aanpassingsdata en een eventueel hieruit voortvloeiende rentewijziging ontstaat. De VRGZ blijft binnen de norm van de Wet Fido1.

1

Wet Financiering decentrale overheden Programmabegroting 2022 en meerjarenraming 2023-2025

31

Renterisiconorm (bedragen * € 1.000,-)

Begroting 2022

Begroting 2023

Begroting 2024

Begroting 2025

0

0

0

0

1

Renteherziening

2

Aflossingen

6.896

8.943

0

3.150

3

Renterisico (1+2)

6.896

8.943

0

3.150

4

Renterisiconorm

15.942

15.942

15.942

15.942

5a Ruimte onder renterisiconorm

9.047

6.999

15.942

12.792

5b Overschrijding renterisiconorm

0

0

0

0

Berekening renterisiconorm 4a Begrotingstotaal (lasten + stortingen reserves) 4b Percentage regeling

79.711 20%

Renterisiconorm (4a x 4b)

15.942

Tabel 10: renterisiconorm

5.4 Bedrijfsvoering In deze paragraaf wordt aandacht besteed aan de taken waarvoor binnen de begroting geen afzonderlijk programma is opgenomen. Het gaat dan om de wijze waarop de bedrijfsvoering plaatsvindt en een korte beschrijving van de ontwikkelingen die daarop van invloed zijn.

Ambtelijke organisatie De VRGZ wordt geleid door een directie bestaande uit twee leden: een directeur Crisisbeheersing en een directeur Brandweer- en Ambulancezorg. De GHOR (onderdeel van de sector Crisisbeheersing) wordt aangestuurd door de Directeur Publieke Gezondheid (DPG) die tevens directeur is van de GGD Gelderland-Zuid.

Besturing Managers van sectoren en afdelingen zijn verantwoordelijk voor zowel de inhoud van hun beleidsterreinen als voor de budgetbeheersing om hun taken uit te voeren. Zij opereren als integraal manager en zijn dus naast genoemde inhoudelijke aspecten ook verantwoordelijk voor alle PIOFACHtaken (personeel, informatievoorziening en ICT, organisatie, financiën, administratie, communicatie en huisvesting). Dit alles wordt uitgevoerd binnen de door het Algemeen Bestuur en directie vastgestelde (financiële) beleidskader. De directie ziet er op toe dat de ambtelijke organisatie integer handelt, de bestuursbesluiten goed uitvoert en bevordert de onderlinge samenwerking en samenhang tussen de sectoren en afdelingen en met de externe partners ten behoeve van integrale advisering aan het bestuur en de operationele taakuitvoering.

Programmabegroting 2022 en meerjarenraming 2023-2025

32

HRM De afdeling HRM draagt bij aan de ontwikkeling van de organisatie door activiteiten te verrichten die geformuleerd zijn in de strategische HRM-visie en vallen onder onderstaande drie speerpunten. Goed in ons werk Goed zijn in je werk draagt bij aan werkplezier en deskundige medewerkers zijn succesbepalend voor de organisatie. Deskundig zijn is geen statisch gegeven. De omgeving verandert en daarmee ook het werk. Omgevingsbewustzijn is dus van belang, evenals het mee kunnen ontwikkelen in de juiste richting. Een veilige omgeving waarin fouten die voorkomen worden geëvalueerd en gebruikt om onze dienstverlening te verbeteren, is daarbij noodzakelijk. Goed in ons vel Gezonde medewerkers die goed in hun vel zitten, zowel mentaal als fysiek, die blij zijn met hun werk en de organisatie, zijn succesbepalend voor de organisatie. Ook daar willen we als organisatie in investeren. Uitgangspunt is dat medewerkers in afstemming met hun team(leden) zelf de regie pakken in wat zij nodig hebben en dat zij daarin worden gefaciliteerd; het idee van ‘zorgen voor’ naar ‘zorgen dat’. Onderwerpen hierbij zijn het zorgen voor: een goede werkverdeling binnen de teams en daarmee voor een acceptabele werkdruk, een goede balans tussen werk en privé, een gezonde levensstijl en persoonlijke ontwikkeling. Goed leiderschap Om de mensen en de inhoud te begeleiden is ook goed leiderschap nodig.

Leiderschap dat zich richt op ‘wat’ we doen en ruimte geeft voor het ‘hoe’ we het doen. En verbindend leiderschap dat als collectief stuurt op gedrag; gedrag waarin in ieder geval de kernwaarden zichtbaar zijn.

Informatiemanagement en ICT Met de aanstelling van een nieuwe manager voor dit vakgebied in 2020 wordt verder gewerkt aan het grip krijgen op de organisatiebrede informatievoorziening en het grote aantal verbeterinitiatieven. Een stuurgroep zal worden opgezet die het projectenportfolio gaat bepalen en prioriteiten gaat stellen. In de tweede helft van het jaar wordt met hen een herijkt Strategisch Informatieplan opgesteld. VRGZ maakt steeds meer gebruik van data voor het besturen van de organisatie en voor het nemen van tactische en operationele beslissingen. De in de afgelopen jaren opgezette data-infrastructuur wordt daarvoor gestructureerd en geprofessionaliseerd. Op het gebied van ICT-infrastructuur wordt gewerkt aan het verbeteren van de netwerkinfrastructuur (bekabeling en wifi), mobiele telefonie en bereikbaarheid. Ook wordt op alle locaties uniformering en verbetering van de audiovisuele apparatuur doorgevoerd.

Programmabegroting 2022 en meerjarenraming 2023-2025

33

Documentaire informatievoorziening & Archiefwet Naar verwachting zal halverwege 2021 de nieuwe Archiefwet en de Wet open overheid (Woo), in plaats van de Wet openbaarheid van bestuur (Wob), in werking treden. Er zijn vooral consequenties voor de digitale informatiehuishouding (overbrenging fysieke/digitale archieven van 20 jaar naar 10 jaar of misschien wel korter) en daarnaast zal de informatiebeveiliging worden aangescherpt. Dit houdt in dat onze organisatie de informatiehuishouding goed op orde moet hebben en houden. Naar aanleiding van een audit door de archiefinspectie zijn de kritiekpunten nader onderzocht en uitgewerkt in een actierapport. De omvang vereist een gestructureerde aanpak, gesplitst in een aantal snel uitvoerbare acties en een aantal projectmatig aan te pakken onderwerpen. Er zijn meerdere wetten en regelingen in de maak die gevolgen en raakvlakken hebben met betrekking tot informatievoorziening en –beheer. Het gaat hier met name om de Wet modernisering elektronisch bestuurlijk verkeer (Wmebv) en de Wet open overheid. De VRGZ bestudeert de impact op de organisatie en voert een project uit om maatregelen hieromtrent te implementeren. Zaakgericht werken Bij de afdeling Documentatie Informatievoorziening (DIV) zal informatiebeheer worden versterkt.

Beoogd wordt dat het Document Management Systeem (DMS) JOIN (een hulpmiddel om alle informatie veilig op te slaan, te gebruiken en te delen) als middel wordt ingezet bij de VRGZ om digitaal en zaakgericht/procesmatig te werken. Punt op de horizon is dat het DMS JOIN volledig is ingericht met alle processen binnen de VRGZ en daardoor overal zaakgericht wordt gewerkt.

Vastgoed & Facility Management De afdeling Vastgoed & Facility Management voert het beheer over 40 VRGZ- en 21 GGD-gebouwen, inclusief bijbehorende terreinen. Huisvesting Het Algemeen Bestuur heeft de onderhoudsbudgetten voor de kazernes verhoogd. De incidentele bijdrage voor de jaren 2020, 2021 en 2022 bedraagt € 300.000,- en vanaf 2021 structureel € 480.000,-. In 2021 en 2022 staan er twee grote nieuwbouwprojecten op de planning. Een nieuwe kazerne in Dodewaard en een nieuwe ambulancepost in Tiel. Extra aandacht is er voor duurzaamheid in de bestaande panden. Verbeteringen worden waar mogelijk uitgevoerd in combinatie met het (achterstallig) onderhoud en verplichte energiebesparende maatregelen die vanuit de overheid worden opgelegd. Inkoop De afdeling Inkoop heeft ten doel het ontwikkelen van en het adviseren over inkoopbeleid, plus het uitvoeren van alle werkzaamheden die noodzakelijk zijn voor een goede uitvoering en beheer van het

Programmabegroting 2022 en meerjarenraming 2023-2025

34

inkoopbeleid door de inkoopfunctie. In 2021 wordt dit inkoopbeleid herzien. De implementatie daarvan vindt eveneens plaats in 2021. Tevens zal het inkoopproces worden geprofessionaliseerd. Dit draagt bij aan de rechtmatigheid, doelmatigheid en het bereiken van de organisatiedoelstellingen. In 2022 zal contractbeheer en contractmanagement een opvolging krijgen, voortbordurend op het nieuwe inkoopbeleid en het herziene inkoopproces. Hiermee wordt verwacht operationele en financiële prestaties van leveranciers te maximaliseren en risico’s te reduceren. Goed contractbeheer is een belangrijke randvoorwaarde hierbij.

Finance & Control Rechtmatigheid De VRGZ is in 2020 gestart met het treffen van voorbereidingen in verband met de rechtmatigheidsverklaring die vanaf 2021 overgaat van de accountant naar het Dagelijks Bestuur. In 2021 wordt gestart met de risicoanalyse. De risicoanalyse wordt gebaseerd op een combinatie van de financiële omvang van een proces en het ingeschatte risico op een materiële onjuistheid of fout. Op basis daarvan zal het huidige interne controleplan worden herzien en uitgevoerd. Naar verwachting zal dit proces in 2021 worden afgerond waarna het vanaf 2022 in de reguliere P&C-cyclus zal worden ingebed.

5.5 Verbonden partijen De VRGZ werkt intensief samen met de GGD Gelderland-Zuid op het gebied van de bedrijfsvoering (geleverd door de afdelingen Vastgoed- en Facilitymanagement, HRM, IV en Financiën & Control). Daarnaast gaat een vergelijkbare constructie worden opgezet voor de Meldkamer Oost-Nederland (MON). Het personeel zal in dienst komen van de VNOG (Veiligheidsregio Noord- en OostGelderland) en de VRGZ zal op basis van een verdeelsleutel bijdragen. Er is in beide gevallen geen sprake van een verbonden partij in die zin dat de VRGZ risico's draagt die vanuit de andere partij worden veroorzaakt. Wel zijn er kosten gemoeid met het eventueel verbreken van het samenwerkingsverband.

Programmabegroting 2022 en meerjarenraming 2023-2025

35

6 Financiële begroting

Programmabegroting 2022 en meerjarenraming 2023-2025

36

6 Financiële begroting In hoofdstuk 6 wordt aan de hand van de balans en resultatenrekening uiteengezet wat voor 2022 tot en met 2025 verwacht wordt. Ook wordt het verloop van de reserves en voorzieningen uiteengezet en de meerjareninvesteringsplanning weergegeven. Voor alle tabellen in de paragrafen 6.1 tot en met 6.3 geldt: er zijn geen incidentele baten of lasten noch structurele reservemutaties.

Programmabegroting 2022 en meerjarenraming 2023-2025

37

6.1 Baten en lasten Veiligheidsregio Gelderland-Zuid In onderstaande tabel zijn de baten en lasten van de VRGZ weergegeven. Overzicht baten en lasten VRGZ (x € 1.000,-)

Realisatie 2020

Gewijzigde begroting 2021

Begroting 2022

Raming 2023

Raming 2024

Raming 2025

Budget aanvaardbare kosten

24.848

23.675

26.033

26.033

26.033

26.033

Rijksbijdragen

7.364

7.063

7.107

7.107

7.107

7.107

0

0

0

0

0

0

Gemeentelijke bijdragen

39.146

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10080094/1