CConstaterende datHeumen
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage IV vast te stellen bestemmingsplan - Bijlage 2 Quickscan ecologie

Raad 30 juni 2022, gemeente HeumenBij agendapunt: Gewijzigde vaststelling bestemmingsplan Oude Kleefsebaan 29a Overasselt2.662 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Niet gevonden in dit document.

QUICKSCAN OUDE KLEEFSEBAAN 29A, OVERASSELT In opdracht van Jos Gerritsen en Wilma Rutten

QUICKSCAN OUDE KLEEFSEBAAN 29A, OVERASSELT

1

Colofon: Titel: Opdrachtgever: Opgesteld door: Auteur: Status: Versie: Datum:

QUICKSCAN OUDE KLEEFSEBAAN 29A, OVERASSELT Jos Gerritsen/Wilma Rutten MIECON BV Dr. F.J.A. Kuenen definitief 2 12 oktober 2021

QUICKSCAN OUDE KLEEFSEBAAN 29A, OVERASSELT

2

Inhoudsopgave 1.

Inleiding................................................................................................... 4

2.

Werkwijze ................................................................................................ 5

3.

Beschrijving Plangebied ................................................................................ 5

4.

Soortbescherming ....................................................................................... 6

5.

4.1.

Grondgebonden zoogdieren ..................................................................... 6

4.2.

Vleermuizen........................................................................................ 6

4.3.

Broedvogels ........................................................................................ 7

4.4.

Reptielen & Amfibieën ........................................................................... 7

4.5.

Planten ............................................................................................. 8

4.6.

Vissen ............................................................................................... 8

4.7.

Ongewervelden .................................................................................... 8

Gebiedsbescherming .................................................................................... 8 5.1.

Natura 2000-gebieden ............................................................................ 8

5.2.

Natuurnetwerk Nederland ....................................................................... 8

5.3.

Houtopstanden .................................................................................... 9

6.

Conclusie ............................................................................................... 10

7.

Aanbevelingen ......................................................................................... 11 7.1.

Steenuil ........................................................................................... 11

7.2.

Bloemen .......................................................................................... 11

7.3.

Broedvogels ...................................................................................... 11

7.4.

Vleermuizen...................................................................................... 11

8.

Beeldmateriaal ........................................................................................ 12

9.

Bronnen ................................................................................................. 15

QUICKSCAN OUDE KLEEFSEBAAN 29A, OVERASSELT

3

1. INLEIDING

Aan de Oude Kleefsebaan 29a te Overasselt is een schuur gelegen die vroeger heeft gefungeerd als champignonkwekerij. De initiatiefnemer is voornemens om deze schuur om te vormen tot een moderne woning met behoud van delen van de schuur. Om de gevolgen van de ontwikkelingen in beeld te brengen dienen van rechtswege enkele haalbaarheidsonderzoeken te worden uitgevoerd. Eén van die onderzoeken is een onderzoek naar de natuurwaarden die op dit moment in het plangebied en binnen de invloedssfeer van de plannen aanwezig zijn. Een dergelijk onderzoek vindt plaats in de vorm van een quickscan. Een quickscan geeft voornamelijk aan welke beschermde soorten met zekerheid niet worden aangetast door de voorgenomen plannen. Een quickscan kan leiden tot een nader onderzoek om meer duidelijkheid te krijgen over de aanwezigheid van niet uit te sluiten soortgroepen en de functie die het plangebied hiervoor heeft. Een quickscan is gebaseerd op een enkel veldbezoek. Op basis van de heersende omstandigheden in het plangebied ten tijde van het veldbezoek, aangetroffen sporen of exemplaren van beschermde soorten, al bekende waarnemingen en soortspecifieke habitateisen worden uitspraken gedaan over de mogelijkheid dat beschermde soortgroepen negatief worden beïnvloed door de geplande ontwikkelingen.

Een quickscan is geen vervanging voor een nader onderzoek en kan niet als basis worden gebruikt voor de aanvraag van een ontheffing op de Wet Natuurbescherming.

Topografische kaart van Overasselt. De rode stip geeft de ligging weer van het plangebied Bron: J.W. van Aalst, www.opentopo.nl

QUICKSCAN OUDE KLEEFSEBAAN 29A, OVERASSELT

4

2. WERKWIJZE Op woensdag 18 augustus 2021 is het veldbezoek ter plaatse uitgevoerd. Tijdens een veldbezoek wordt de bebouwing beoordeeld en geïnspecteerd. Hierbij wordt gelet op sporen van beschermde diersoorten. Deze sporen kunnen bestaan uit vraatsporen, keutels, prenten, wissels, haren, veren of prooiresten. In een enkel geval worden dode of levende exemplaren van een beschermde soort gevonden. Het veldbezoek vormt de basis van een goed onderbouwde beschrijving waaruit duidelijk wordt welke soortgroepen wel of niet gebruik kunnen maken van het plangebied en wat het effect van de plannen op deze soortgroepen is. Ook wordt aan de hand van de plannen een inschatting gemaakt van eventuele effecten op nabij gelegen beschermde gebieden. De quickscan is ook gebaseerd op GIS-data die betrekking heeft op de ligging ten opzichte van beschermde gebieden.

3. BESCHRIJVING PLANGEBIED

Het plangebied is op dit moment ingericht als tuin. Er staan enkele hoogstam fruitbomen. Aan de zuidzijde is een open verbinding met agrarische gronden welke aansluiten op de zomerdijk van de Maas. Aan de noordzijde grenst het plangebied aan de Oude Kleefse Baan. Dit is een rustige verkeersweg die voornamelijk door bestemmingsverkeer wordt gebruikt. Aan weerszijden van het plangebied staan vrijstaande woningen met grote tuinen. Aan de overzijde van de Oude Kleefse Baan bevindt zich de bebouwde kom van Overasselt. In het plangebied staat een oud gebouw dat vroeger dienst heeft gedaan als champignonkwekerij. Dit is herkenbaar aan de grote warmtekanalen die zijn aangebracht en aan de relatief goed geïsoleerde muren. Het gebouw is gedeeltelijk begroeid met wilde wingerd en clematis.

QUICKSCAN OUDE KLEEFSEBAAN 29A, OVERASSELT

5

4. SOORTBESCHERMING 4.1. Grondgebonden zoogdieren Er wordt onderscheid gemaakt in grondgebonden zoogdiersoorten en vleermuizen. Vleermuizen zijn weliswaar ook zoogdieren maar door hun afwijkende levenswijze en hun specifieke habitateisen wordt deze groep hierna apart behandeld. In de omgeving van het plangebied komen meerdere grondgebonden zoogdiersoorten voor. De meeste soorten zijn algemeen zoals Haas (Lepus europaeus), Konijn (Oryctolagus cuniculus), Mol (Talpa europaea) en allerlei muizensoorten. In de regio van het plangebied komen ook de Das (Meles meles) en de Steenmarter (Martes foina) voor. In het plangebied zijn geen sporen aangetroffen die wijzen op gebruik door bovengenoemde soorten. Het plangebied was ten tijde van het veldbezoek in gebruik als tuin. Ook zijn in de directe omgeving geen wissels of andere aanwijzingen gevonden. De ontwikkelingen leiden niet tot een totaal ander gebruik van het plangebied. Ook na de ontwikkelingen is het grotendeels in gebruik als tuin waarbij het huidige gebruik gelijk blijft. Er zijn geen negatieve effecten te verwachten op beschermde grondgebonden zoogdiersoorten.

4.2. Vleermuizen Vleermuizen kunnen grofweg worden ingedeeld in twee groepen. De eerste groep zijn de vleermuizen die gebruik maken van gebouwen. Deze vleermuizen kruipen weg achter luiken, boeiboorden, gevelbetimmering of kruipen via allerlei openingen weg in de spouwmuur. De andere groep heeft verblijfplaatsen in bomen. Deze groep maakt gebruik van inrottingsgaten, spechtengaten, loshangende schors en andere schuilplaatsen in bomen. Enkele soorten maken van beide typen verblijfplaatsen gebruik. Bomen In het plangebied staan nu enkele bomen. Deze bomen zijn goed onderhouden en inrottingsgaten of andere beschadigingen zijn niet aanwezig. Vleermuizen kunnen de bomen niet gebruiken als vaste rust- of verblijfplaats gebruiken. Bebouwing De aanwezige bebouwing is van oudsher in gebruik geweest om champignons te kweken. Dit is te zien aan de kanalen die onder de vloer en over het plafond lopen. Ook zijn de spouwmuren gevuld met een dikke laag kurkpoeder om de warmte zoveel mogelijk bij de champignons te houden. De zolderruimte is ongeïsoleerd en is voorzien van een ongeïsoleerd dak van golfplaat. De vloer van de zolderruimte was vroeger voorzien van een dikke laag stro ter isolatie. Deze laag is in het verleden gedeeltelijk verwijderd maar is nog goed te zien bij de dakranden. De zolderruimte is niet in gebruik door vleermuizen.

Er zijn geen sporen gevonden die wijzen op de aanwezigheid. Er zijn wel sporen aangetroffen die aangeven dat de zolderruimte in zijn geheel niet in gebruik is door vleermuizen of andere vliegende dieren. De zolderruimte bevat namelijk veel spinrag wat bij vliegbewegingen door vleermuizen zou verdwijnen. Aan de buitenzijde is de voorgevel begroeid met wingerd en clematis. Hierdoor is deze gevel niet beschikbaar voor vleermuizen. De achtergevel is wel vrij toegankelijk maar hier zijn geen openingen aanwezig die mogelijkheden bieden voor vleermuizen. De golfplaten sluiten strak aan op de buitenmuur en bieden geen mogelijkheden voor vleermuizen

QUICKSCAN OUDE KLEEFSEBAAN 29A, OVERASSELT

6

Vliegroutes Vliegroutes van vleermuizen kunnen van essentieel belang zijn voor een populatie als het aantal mogelijkheden voor migratie beperkt is. In dit geval is er geen effect op vliegroutes. Er zijn legio mogelijkheden voor vleermuizen om zich door het gebied heen te bewegen. Bij de ontwikkelingen worden geen vliegroutes onderbroken. Foerageergebied Wanneer een populatie afhankelijk is van een bepaald foerageergebied om te overleven, dan dient dit beschermde te worden. Het is vrijwel zeker dat vleermuizen een enkele keer foerageren in het plangebied of direct daarbuiten. Het staat echter vast dat er geen sprake is van een essentieel foerageergebied. De gehele omgeving is in dezelfde mate geschikt als foerageergebied. Bovendien ligt op 200 m afstand een vijver die zeker veel geschikter is als foerageergebied voor vleermuizen. Er zijn geen negatieve effecten te verwachten op vleermuissoorten.

4.3. Broedvogels In het plangebied hangt in een boom een steenuilenkast. Deze kast is in gebruik geweest door steenuilen (Athene noctua) en is al jaren aanwezig in het plangebied. De kast en de omgeving van de boom blijft ongemoeid. Nadat de ontwikkelingen zijn afgerond, is het plangebied in dezelfde mate geschikt. Er zijn geen negatieve effecten op steenuilen te verwachten. Van andere jaarrond beschermde vogelsoorten zijn geen sporen aangetroffen. Wel is het zo dat algemeen voorkomende vogelsoorten tot broeden kunnen komen in het plangebied. Dit zal met name in de beukenhagen gebeuren die het plangebied afschermen van de doorgaande weg. Tevens zullen vogels als Merel (Turdus merula) en Winterkoning (Nannus trochlodytes) gebruik maken van de klimplanten op de voorgevel om in te broeden. Zolang er geen actieve broedgevallen worden verstoord is er geen sprake van een negatief effect op deze dieren. Het is aan te raden om te voorkomen dat vogels binnen de invloedssfeer van de werkzaamheden gaan broeden als er werkzaamheden zijn gepland of worden uitgevoerd. Dit kan door bijvoorbeeld voorafgaand aan het broedseizoen de gevelbegroeiing te verwijderen of heel kort te snoeien. Vogels gaan er dan niet broeden. Er zijn geen negatieve effecten te verwachten op jaarrond beschermde vogelsoorten.

4.4. Reptielen & Amfibieën Reptielen Reptielen zijn gebonden aan structuurrijke habitats met een lage verstoringsgraad. Het plangebied maakt geen deel uit van een dergelijke habitat en heeft daar ook geen verbindingen mee. De aanwezigheid van reptielen kan op voorhand worden uitgesloten. Er zijn geen negatieve effecten te verwachten op beschermde reptielsoorten. Amfibieen Het is goed mogelijk dat in of nabij het besluitgebied vrijgestelde soorten voorkomen zoals de Bruine kikker (Rana temporaria) of de Gewone pad (Bufo bufo). Deze soorten komen wijdverspreid voor en stellen geen hoge eisen aan hun omgeving. Mochten deze dieren worden aangetroffen tijdens de werkzaamheden, dan mogen deze zonder verdere consequenties worden gevangen en buiten de invloedssfeer van de werkzaamheden weer worden vrijgelaten. Dit valt onder de zorgplicht. De meer zeldzame soorten amfibieën zijn vaak gebonden aan bijzondere watertypen om zich voort te planten. In het plangebied is geen open water aanwezig en daardoor ontbreekt het aan

QUICKSCAN OUDE KLEEFSEBAAN 29A, OVERASSELT

7

een geschikte voortplantingsbiotoop. Ook de winterbiotoop van zeldzame amfibieën ontbreekt in het plangebied. Er zijn geen negatieve effecten te verwachten op beschermde amfibiesoorten.

4.5. Planten Het plangebied is grotendeels in gebruik als tuin en wordt ook als zodanig beheerd. Hierdoor zijn er geen mogelijkheden voor beschermde plantensoorten. Deze zijn niet aangetroffen. Enkel algemeen voorkomende plantensoorten zijn binnen het plangebied en de directe omgeving aangetroffen. De aangetroffen planten soorten zijn allemaal gebonden aan een voedselrijk bodemtype. Het perceel dat ten zuiden van het plangebied ligt, heeft een agrarische functie. Het beheer van een dergelijk perceel verkleint de kansen op aanwezigheid van beschermde soorten nog verder. Beschermde plantensoorten kunnen worden uitgesloten in het plangebied.

4.6. Vissen In het plangebied komt geen open water voor. Vissen zijn op voorhand uit te sluiten Beschermde vissoorten kunnen worden uitgesloten in het plangebied.

4.7. Ongewervelden Beschermde ongewervelden zijn veelal afhankelijk van zeer specifieke en daardoor zeldzame biotopen. Het plangebied maakt geen deel uit van een dergelijke biotoop en op basis daarvan kunnen beschermde soorten ongewervelden op voorhand worden uitgesloten. Beschermde soorten ongewervelden kunnen worden uitgesloten in het plangebied.

5. GEBIEDSBESCHERMING 5.1. Natura 2000-gebieden Activiteiten die een effect hebben op instandhoudingsdoelstellingen van nabij gelegen Natura 2000-gebieden kunnen vergunning plichtig zijn. De ontwikkelingen in het plangebied leiden niet tot een ander gebruik en bovendien is het dichtstbijzijnde Natura 2000-gebied gelegen op een afstand van meer dan 3 km. Op een dergelijke afstand zijn geen effecten meer te verwachten door de aard van de ontwikkelingen, het tussenliggende gebied en de afwezigheid van overeenkomstig habitat. De ontwikkelingen in het plangebied leiden niet tot aantasting van Natura 2000-gebieden.

5.2. Natuurnetwerk Nederland Het Natuurnetwerk in Nederland is bedoeld om natuurgebieden met elkaar te verbinden via corridors. Het doel is om de uitwisseling van genetisch materiaal tussen populaties te bevorderen en daarmee de kwetsbaarheid af te laten nemen. Het dichtstbijzijnde onderdeel van het natuurnetwerk bevindt zich op 210 m van het plangebied. Het gaat hierbij om Haagbeuken- en Essenbos. Het natuurnetwerk kent echter geen externe werking wat inhoudt dat alleen fysieke aantastingen van het netwerk leiden tot een vervolgtraject. In dit geval is er dus geen sprake van aantasting van het Natuurnetwerk Nederland. De ontwikkelingen in het plangebied leiden niet tot aantasting van het Natuurnetwerk Nederland.

QUICKSCAN OUDE KLEEFSEBAAN 29A, OVERASSELT

8

5.3. Houtopstanden Wanneer er sprake is van houtopstanden die deel uitmaken van een bomenrij van 21 bomen of meer of een oppervlakte beslaan van 10 are of meer, dan is een kapmelding verplicht met herplantplicht. Dit is niet aan de orde in het plangebied. De aanwezige bomen blijven behouden. En tevens voldoen de bomen niet aan de bovengenoemde voorwaarde. De ontwikkelingen leiden niet tot aantasting van beschermde houtopstanden.

QUICKSCAN OUDE KLEEFSEBAAN 29A, OVERASSELT

9

6. CONCLUSIE

De ontwikkelingen aan de Oude Kleefsebaan 29a leiden niet tot negatieve effecten op natuurwaarden. Vaste rust- of verblijfplaatsen van beschermde soorten worden niet aangetast. Evenmin is er sprake van een negatief effect op de instandhoudingsdoelstellingen van Natura 2000-gebieden, het Natuurnetwerk Nederland of de provinciale invulling daarvan of op beschermde houtopstanden. De ontwikkelingen kunnen worden uitgevoerd zonder verdere consequenties vanuit de Wet Natuurbescherming.

QUICKSCAN OUDE KLEEFSEBAAN 29A, OVERASSELT

10

7. AANBEVELINGEN

Het plangebied aan de Oude Kleefsebaan te Overasselt biedt mogelijkheden om de natuurwaarden te verhogen. Hieronder volgen enkele aanbevelingen die tot doel hebben om de potentie van het plangebied te verhogen voor diverse beschermde soortgroepen.

7.1. Steenuil De aanleg van takkenrillen van houtachtig snoeiafval heeft een positief effect op de foerageermogelijkheden van steenuilen en ook andere uilen. Een andere optie is de aanleg van zogenaamde muizenruiters.

7.2. Bloemen Door een gefaseerd maaibeheer toe te passen op het gras kan een kruidenrijk grasland worden verkregen met een hoge aantrekkingskracht op insecten. Het plangebied ligt binnen de invloedssfeer van de rivier en is dus van nature voedselrijk. Het is niet mogelijk om door middel van maaibeheer een hele hoge soortenrijkdom van kruiden te behalen maar veel hoger dan nu het geval is, behoort zeker tot de mogelijkheden.

7.3. Broedvogels Hoewel de begroeide gevel voor het ontwikkelen van de plannen een risico vormt, is het wel aan te bevelen gevels opnieuw te laten begroeien. Dit levert veel mogelijkheden op voor broedvogels.

7.4. Vleermuizen Vaak kunnen bij nieuwbouw/renovatie/verbouw met vrij eenvoudige ingrepen veel kansen worden gecreëerd voor de vestiging van vleermuizen. Als bij voorbeeld gevelbetimmering wordt toegepast, dan kan dit een prima verblijfplaats vormen voor vleermuizen als een ruimte achter de betimmering beschikbaar blijft van 2 tot 3 cm. Ook het achterwege laten van tuinverlichting zorgt al voor meer aanwezigheid van vleermuizen.

QUICKSCAN OUDE KLEEFSEBAAN 29A, OVERASSELT

11

8. BEELDMATERIAAL

Voorgevel van het gebouw in het plangebied. De gevel is in zijn geheel ontoegankelijk voor vleermuizen. Mogelijk dat hier wel algemeen voorkomende vogels gaan broeden.

Binnenzijde van het gebouw. Ten tijde van het veldbezoek was het gebouw in gebruik als schuur/opslag. In het plafond zijn de openingen te zien die een functie hadden bij het transport van warmte tijdens het kweken van champignons.

QUICKSCAN OUDE KLEEFSEBAAN 29A, OVERASSELT

12

Ander deel van het gebouw dat in gebruik is als schuur/opslag.

Grote hoeveelheid spinrag op de zolder. Dit geeft aan dat hier al lange tijd geen activiteit van vogels of zoogdieren is geweest.

QUICKSCAN OUDE KLEEFSEBAAN 29A, OVERASSELT

13

Deel van opening in de muur. De donkere substantie is kurk in poedervorm. Hiermee zijn alle muren geïsoleerd. Het poeder maakt het voor vleermuizen onmogelijk om gebruik te maken van de muren als vaste rust- of verblijfplaats.

Detail van de achtergevel. De dakplaten sluiten nauw aan op de buitenmuur.

QUICKSCAN OUDE KLEEFSEBAAN 29A, OVERASSELT

14

9. BRONNEN Gerrits, F., 2021. De champigonteelt in Overasselt. Dorpskrant Overasselt, jaargang 5, Nr.1, pp. 10-11. Gerrits, F., 2021. Champigonteelt 2. Dorpskrant Overasselt, jaargang 5, Nr.2, pp. 10-13. Gerrits, F., 2021. Champigonteelt 3. Dorpskrant Overasselt, jaargang 5, Nr.3, pp. 8-10. Geolink.gelderland.nl/natuurregels-in-gelderland: GIS-data betreffende de geldende natuurregels in plangebied Oude Kleefse baan 29a. www.waarneming.nl, website met deels ongevalideerde waarnemingen van soorten planten en dieren in Nederland. www.gelderland.nl, provinciale website met alle geldende regels omtrent de Wet Natuurbescherming en de provinciale invulling daarvan.

QUICKSCAN OUDE KLEEFSEBAAN 29A, OVERASSELT

15

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11486414/1