23 A77 Bijlage I Plan van Aanpak nav advies invoering rekenkamer Omgevingswet
Tekst van het document
Plan van Aanpak nav advies invoering rekenkamer Omgevingswet Inleiding In het eerste kwartaal van dit jaar heeft de rekenkamer onderzoek gedaan naar de invoering van de Omgevingswet. Op 17 april 2023 heeft zij een briefadvies gegeven, waarin zij een drietal aanbevelingen doet. Het briefadvies is op 7 september jl. in de Commissie Ruimte besproken. In dit plan van aanpak adviseren wij u op welke manier wij de aanbevelingen willen implementeren. Korte schets rapport
Op 1 januari 2024 treedt de Omgevingswet in werking. De rekenkamer heeft onderzoek gedaan naar de vraag of de gemeente Heumen op die datum haar taken kan uitvoeren. In deze quick scan staat de vraag centraal in hoeverre de gemeente voldoet aan de ‘minimale eisen’ die bij de invoering van de wet worden gesteld en wat de rol van de raad is om een goede invoering te borgen. De rekenkamer baseert zich hierbij op de minimale acties zoals die door de VNG zijn geformuleerd in de ‘Roadmap minimale acties Omgevingswet’ (versie 6.0 d.d. 28 september 2022). De rekenkamer concludeert, dat de gemeente Heumen heeft gekozen voor een pragmatische en beleidsarme overgang naar het nieuwe juridische stelsel. De gemeente heeft samen met buurgemeenten en ODRN het afgelopen jaar operationeel de benodigde stappen gezet voor het ontvangen van aanvragen en meldingen, het verlenen van vergunningen, toezicht en handhaving, en het verlenen van nadeelcompensatie. De aanpassing van de planvorming en andere acties zijn voorbereid, maar nog niet afgerond. Voor een deel (planvorming) hangt dit samen met de keuze om op dit vlak ‘niet voor de muziek uit te lopen’. Daarnaast is de invoering van de wet opnieuw uitgesteld (van 1 juli 2023 tot 1 januari 2024) en staat een deel van de acties (o.a. trainingen) in het derde en vierde kwartaal 2023 gepland.
De rekenkamer concludeert, dat er geen omvattende implementatiestrategie (inclusief financieel kader) is opgesteld (advies 1), dat er geen omvattende inventarisatie van alle relevante programma’s is gemaakt (advies 5 in kader van kerninstrument programma), noch dat de veranderopgave na 2023 zijn uitgewerkt (advies 8). Aan de meeste eisen die operationeel nodig zijn voor de continuïteit van de belangrijkste processen is voldaan, maar - vanuit de keuze voor een beleidsarme overgang – niet vanuit een omvattend, door de raad vastgesteld kader waarin alle benodigde acties programmatisch zijn ingebed. Aanbevelingen Op basis van het voorgaande doet de rekenkamer drie aanbevelingen aan de raad voor versterking van haar rol bij de invoering en uitvoering van de nieuwe Omgevingswet. Aanbeveling 1. Actueel plan van aanpak De rekenkamer beveelt de raad aan om het college te vragen binnen afzienbare termijn alsnog een integraal plan van aanpak op basis van het VNG-overzicht met minimale eisen aan hem aan te bieden. Het plan van aanpak komt voort uit advies 1 (Ambities, strategie, aanpak en financiën bepaald) en advies 8 (Veranderopgave na 2023 bepaald) van het VNG-overzicht van minimale acties. Het moet duidelijk maken wat de concrete aanpak, bijbehorende planning en financiële consequenties zijn voor de implementatie van de minimale eisen en adviezen uit het overzicht van de Zaak Document
: :
185476 185688
VNG die op dit moment nog niet zijn afgerond en de acties die tijdens de uitvoering in de komende jaren te verwachten zijn. Het plan van aanpak kan beknopt zijn, maar moet de raad een samenhangend overzicht geven van de planning van acties, belangrijke mijlpalen, financiële consequenties en het type keuzes dat de raad daarbij kan maken. Het is van belang dat hierbij onderscheid wordt gemaakt tussen zaken die specifiek betrekking hebben op de uitvoering en door het college opgepakt (gaan) worden en zaken waarbij de raad een rol heeft. Zowel college als raad zullen alert moeten zijn de onderling afgesproken rollen goed te bewaken. Daarbij beveelt de rekenkamer de raad meer concreet aan om het college als uitgangspunt voor de planning mee te geven dat zaken waarover besluitvorming door de raad aan de orde is, tijdig voor de uiterste beslisdatum aan de raad aangeboden worden. Dit met het oog op het waarborgen van de kwaliteit van de besluitvorming, gegeven de grote maatschappelijke belangen en financiële risico’s die er spelen rond de (invoering van de) Omgevingswet.
Aanbeveling 2. Informatievoorziening aan de raad
De invoering van de Omgevingswet is een complex en uitgebreid dossier. De looptijd van het implementatietraject betreft meerdere raadsperioden. De aanbeveling van de rekenkamer is dat de raad in overleg met het college komt tot één – liefst openbare - centrale vindplaats van alle (voor de raad) relevante documenten. Te denken is daarbij aan het plan van aanpak, de voortgangsrapportages, raadsvoorstellen en –besluiten, toelichtingen op de samenhang tussen de verschillende stukken en (links naar) relevante publicaties van het Rijk, de provincie en bijvoorbeeld de VNG. In overleg met uw griffie stemmen wij af op welke manier deze centrale vindplaats het best kan worden ingericht. Zodra dit is gebeurd, informeren wij u hierover.
Aanbeveling 3: Regelmatige voortgangsinformatie De invoering van de Omgevingswet is voor alle betrokkenen een omvangrijke operatie, waarbij – ondanks het uitstel van de invoeringsdatum – sprake is van de nodige tijdsdruk. De rekenkamer acht het daarom van belang dat de uitvoering van het plan van aanpak periodiek gevolgd wordt, en dat de raad zich op gezette tijden laat informeren over de voortgang en eventuele (inhoudelijke, strategische en financiële) dilemma’s bij de uitvoering. Waar nodig kan dan tijdig bijgestuurd worden. De fractieleden uit de raad die de Omgevingswet in hun portefeuille hebben, kunnen zo de (kwaliteit van de) voortgangsinformatie actief volgen en naar aanleiding daarvan voorstellen aan de raad doen voor de behandeling van zaken die daaruit voortvloeien. Tot 1 januari 2024 moet nog het nodige gebeuren en ook op korte termijn zal de voortgang van deze acties goed moeten worden geborgd. Plan van aanpak Hieronder worden de acties weergegeven die het college voorstaat ten aanzien van deze aanbevelingen. Per aanbeveling leggen wij uit welke stappen wij nemen. Aanbeveling 1: Opstellen actueel Plan van aanpak op basis van het VNG overzicht met minimale eisen.
Context
Naast Implementatieplan invoering Omgevingswet dat uw raad op 28 februari 2019 heeft vastgesteld, heeft voor ons steeds het Spoorboekje van de VNG als leidraad gediend. Dit blijft zo voor de periode tot 1 januari a.s. en daarna. Het uitstel van de wet heeft tot gevolg dat ook een aantal acties logischerwijs is doorgeschoven. Dit gebeurt – volgens planning- alsnog voor 1 januari 2024. De omgevingsvisie Heumen bieden wij voor vaststelling aan voor uw raad 26 oktober 2023. Een andere majeure opdracht is het voorbereiden van het omgevingsplan. Op 1 januari a.s. hebben alle gemeenten in Nederland een omgevingsplan van rechtswege (zgn. ‘tijdelijke omgevingsplan’). Dit plan is een bundeling van alle bestemmingsplannen in onze gemeente, een aantal lokale verordeningen en zeshonderd rijksregels (‘de zgn. ‘Bruidsschat’). Volgens de wet moet de gemeente op 1 januari 2032 het volwaardig omgevingsplan gereed hebben. Wij werken momenteel aan een transitieplan op welke manier wij dit proces willen vormgeven en zullen u hierover informeren.
2
Wij onderschrijven het standpunt van de rekenkamer dat de Omgevingswet meer behelst dat het ‘technisch’ aanpassen van de regels, processen en werkwijzen, maar ook gaat om een verdergaande ontwikkeling van onder andere cultuur, vaardigheden, gedrag en gedeelde waarden. Deze ontwikkeling vraagt duurzaam aandacht tot 2029 (en wellicht daarna)” (zie ook VNG, Minimale acties Omgevingswet voor gemeenten, versie 6.0, 28 september 2022). Heumen heeft de VTH taken (Vergunningen, toezicht & handhaving) uitbesteed aan de ODRN. Inwoners/ondernemers die een initiatief indienen om het omgevingsplan te wijzigen willen wij optimaal faciliteren. De wet gaat uit van een paradigmawisseling waarbij de gemeente nadrukkelijk onderzoekt, op welke manier een initiatief mogelijk kan worden gemaakt. Dit betekent dat we onze medewerkers hierbij helpen via scholing en opleiding. Daarnaast zijn we de werkprocessen aan het uitlijnen waardoor medewerkers worden geholpen/gestimuleerd om concreet invulling aan een klantgerichte manier van werken. De keerzijde is ook dat we geen medewerking verlenen aan initiatieven die niet in de omgevingsvisie of andere relevante beleidsdocumenten passen. Deze duidelijkheid willen we zo vroeg mogelijk in het proces verschaffen. Ons voorstel is dat we een (beknopt) plan van aanpak opstellen waarin overzichtelijk de verschillende acties integraal worden beschreven.
We zullen hierbij een onderscheid maken tussen acties die voor 1 januari a.s. moeten zijn afgerond. Tevens wordt inzichtelijk gemaakt op welke momenten u als raad een rol vervult.
Aanbeveling 2. Informatievoorziening aan de raad Wij onderschrijven de meerwaarde om op één centrale plaats alle documenten samen te brengen. Onderdeel hiervan is dat deze vindplaats gemakkelijk vindbaar en toegankelijk is. Aanbeveling 3: Regelmatige voortgangsinformatie Ook deze aanbeveling wordt door ons onderschreven. Wij stellen voor om twee keer per jaar een voortgangsrapportage op te stellen waarbij de (belangrijkste) ontwikkelingen inzake de Omgevingswet worden beschreven. De VNG ‘Roadmap minimale acties Omgevingswet’ (versie 6.0 d.d. 28 september 2022) zullen wij hierbij als voorbeeld gebruiken. Indien nodig zullen we u tussentijds informeren. Tot slot We gaan er vanuit dat we met dit plan van aanpak op een adequate manier invulling geven aan de aanbevelingen van de rekenkamer. Malden, 19 september 2023
3