Bijlage 5d Begroting Werkplein Hart van West-Brabant 2027.pdf
Tekst van het document
1
1. Inleiding ............................................................................................................................................... 4 2. Het werkplein in 2027 .......................................................................................................................... 7 2.1 Visie en strategische doelstellingen .................................................................................................. 7 2.2 Samenwerken met Werkplein ........................................................................................................... 8 2.3 Participatiewet in Balans ................................................................................................................. 10 2.4 Inwonerparticipatie .......................................................................................................................... 11 2.5 Bestandsontwikkeling ...................................................................................................................... 11 3. Werk en participatie ......................................................................................................................... 12 3.1 Inleiding ...........................................................................................................................................
12 3.2 Wat gaan we doen in 2027? ............................................................................................................ 12 3.3 Wat mag het kosten? ....................................................................................................................... 16 3.4 Analyse begroting 2027 t.o.v. begroting 2026 ................................................................................. 17 4 Programma inkomen ....................................................................................................................... 19 4.1 Inleiding ........................................................................................................................................... 19 4.2 Wat gaan we doen in 2027? ............................................................................................................ 19 4.3 Wat mag het kosten? ....................................................................................................................... 20 4.4 Analyse begroting 2027 t.o.v. jaarrekening 2025 ............................................................................ 21 5. Programma inkomensondersteuning ................................................................................................
23 5.1 Inleiding ........................................................................................................................................... 23 5.2 Wat gaan we doen in 2027?............................................................................................................23 5.3 Bestaanszekerheid .......................................................................................................................... 23 5.4 Wat mag het kosten?.......................................................................................................................23 5.5 Analyse begroting 2027 t.o.v. begroting 2026 ................................................................................. 24 6 Programma Inburgering ................................................................................................................... 25 6.1 Inleiding ........................................................................................................................................... 25 6.2 Wat gaan we doen in 2027? ........................................................................................................... 25 6.3 Wat mag het kosten? ....................................................................................................................... 27 6.4 Analyse begroting 2027 t.o.v.
jaarrekening 2025 ............................................................................ 29 7. Begroting ........................................................................................................................................... 32 7.1 Paragraaf financiering ..................................................................................................................... 32 7.2 Paragraaf bedrijfsvoering ................................................................................................................ 34 7.3 Paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheer ........................................................................... 36 8. Financiële begroting .......................................................................................................................... 39 8.1 Staat van baten en lasten per programma ...................................................................................... 39 8.2 Meerjarenprognose per programma ................................................................................................ 42 8.3 Incidentele baten en lasten.............................................................................................................. 43 8.4 Verantwoording taakvelden begroting 2027 ....................................................................................
43 8.5 Financiële richtlijnen begroting 2027 ............................................................................................... 44 8.6 Beleidsmatige richtlijnen begroting 2027 ......................................................................................... 51 8.7 Gemeentelijke bijdrage programma- en bedrijfsvoeringskosten 2027-2030................................... 52 8.8 Beleidsindicatoren ........................................................................................................................... 56 8.9 (Meerjaren) balans 2027-2030 ........................................................................................................ 60
2
3
1. Inleiding
Wij leggen u de begroting 2027 en de meerjarenbegroting 2028-2030 van de Gemeenschappelijke Regeling ISD Werkplein Hart van West-Brabant voor; kortweg de Programmabegroting Werkplein Hart van West-Brabant 2027-2030.
Sociale samenhang Er gebeurt veel in de sociale zekerheid. Hierin is sprake van een fragiel samenspel waarbij economie, sociale samenhang, arbeidsmarkt, zorg, bestaanszekerheid maar ook de onrust in de wereld nog steeds een rol spelen. Alles grijpt in elkaar en heeft in meerdere of mindere mate invloed op het leven van ons allemaal. De wereld om ons heen wordt steeds onvoorspelbaarder. Oude internationale zekerheden verdwijnen en de dreigingen voor onze vrije manier van leven en onze rechtsstaat nemen toe. Dit heeft grote invloed op de bestaanszekerheid van veel inwoners. Het Werkplein is een van de organisaties die middenin de samenleving staan en waar de dagelijkse realiteit van veel inwoners zichtbaar wordt. Daarbij hebben we als organisatie te maken met het politieke speelveld om ons heen. Waarbij landelijk gezien in 2026 het nieuwe (minderheids)kabinet is gestart en lokaal in het voorjaar 2026 de nieuwe gemeenteraden aantreden.
‘Aan de slag’ Het nieuwe kabinet presenteerde op 30 januari 2026 het nieuwe regeerakkoord 2026-2030 ‘Aan de slag’. Hierin zijn verschillende voorstellen opgenomen die het sociaal domein en daarmee ook het Werkplein raken. In het coalitieakkoord blijft ruimte om te werken vanuit vertrouwen, de menselijke maat en eenvoud. Deze waarden zijn ook belangrijke uitgangspunten voor het Werkplein. Deze ingezette koers houden we de komende jaren vast. Het coalitieakkoord is op hoofdlijnen. Voor de uitwerking van de voorstellen zal het voor het minderheidskabinet balanceren worden tussen verschillende belangen, afwegingen en argumenten. Waarbij er veel grote thema's spelen die belangrijk zijn voor Nederland. Binnen het onderdeel ‘werk en zekerheid’1 is ruimte voor de inzet op armoede en participatie. Daarnaast heeft ‘leven lang ontwikkelen’ en de stap van ‘werk naar werk’ waarbij de arbeidsmarktregio's een rol spelen een plek in het coalitieakkoord. Maar bijvoorbeeld ook mogelijke veranderingen in de WW op termijn. Los van het regeerakkoord is er bijvoorbeeld ook de ontwikkeling rondom de verblijfsstatus van Oekraïners in ons land. Al deze onderdelen zijn in meer of mindere mate van invloed op de uitvoeringspraktijk van het Werkplein. Sommige maatregelen kunnen indirect gevolgen hebben voor de bestandsontwikkeling.
Als vanzelfsprekend volgen we alle ontwikkelingen en nemen deze in 2026 en 2027 mee in onze beleidsvorming en werkwijze.
1
Zie het coalitieakkoord ‘Aan de slag, Bouwen aan een beter Nederland’, 30 januari 2026, pag. 41 e.v. 4
Balans in de Participatiewet Parallel hieraan wordt in 2026 de Participatiewet in Balans verder ingevoerd. We willen dat iedereen mee kàn doen. Tegelijkertijd zien we al jaren een steeds complexer wordende doelgroep bij het Werkplein. Inwoners hebben complexe problemen op vaak meerdere terreinen. Hierdoor zijn mensen niet in staat om te participeren of uit te stromen naar werk. Een stabiele leefsituatie is nodig om uiteindelijk actief mee te doen in de samenleving. Dit vraagt veel inzet en een lange weg van ontwikkeling. Deze constateringen en ervaringen bij het Werkplein worden ondersteund door het rapport van het SCP ‘Een brede blik op bijstand. We zien dat mensen in de bijstand vaak problemen op meerdere levensdomeinen hebben. Denk hierbij aan arbeidsbeperkingen, schulden en gezondheidsproblematiek. Voor deze inwoners is uitstroom naar betaald werk (nog) niet haalbaar. Met de Participatiewet in Balans en de daaraan gekoppelde ‘cultuuromslag’ zetten we de inwoner centraal en kunnen we nog meer doen wat nodig is. De ontwikkeling die het Werkplein de afgelopen jaren ingezet heeft sluiten hier naadloos bij aan. Of anders gezegd de beoogde landelijke wijzigingen sluiten perfect bij de nieuwe manier van werken van het Werkplein aan. Het Werkplein is wat dat betreft een voorloper.
Programma’s Werkplein Gemeenten en Werkplein maken gezamenlijk de programmaplaat. Hierin staan de visie, strategische doelen en indicatoren. De gemeenten en het Werkplein bepalen jaarlijks de inspanningen die een bijdrage leveren aan deze doelstellingen. In deze begroting 2027 en meerjarenbegroting 2028-2030 geven wij aan wat het Werkplein in de komende jaren wil realiseren. De begroting is opgesteld langs de vier programma’s van dienstverlening aan onze inwoners: •
•
• •
In het programma Werk en Participatie staat de ontwikkeling en participatie van onze inwoners centraal. Waar kunnen we onze inwoners ondersteunen in hun ontwikkeling. Zowel in hun ontwikkeling naar werk en/of participatie als in ondersteuning en/of doorverwijzing in hun zorgvraag op welk terrein dan ook. Het programma Inkomen focust zich op het verstrekken van uitkeringen, terugvordering en verhaal, handhaving e.d. Een inkomen is van essentieel belang voor onze inwoners om uiteindelijk te kunnen groeien richting werk en/of participatie. Het programma Inkomensondersteuning kan met de inkomensondersteunende regelingen bijdragen aan de ontwikkeling van onze inwoners. Het programma Inburgering richt zich op de nieuwkomers in de D6 gemeenten. Vanaf 1 januari 2022 voert het Werkplein de nieuwe Wet Inburgering uit voor de zes gemeenten.
Naast deze inhoudelijke programma’s geven we een doorkijk van de bedrijfsvoeringskosten. Onze insteek is om deze kosten zo beperkt mogelijk te houden door efficiënt om te gaan met de beschikbare middelen.
Opbouw begroting 2027 De opbouw is als volgt: Na de inleiding in hoofdstuk 1 lichten we in hoofdstuk 2 toe hoe we het Werkplein in 2027 zien. In de daaropvolgende hoofdstukken gaan we zowel inhoudelijk als financieel in op de vier programma’s (Werk en Participatie, Inkomen, Inkomensondersteuning en Inburgering). De afsluitende hoofstukken 7 tot en met 10 zijn voor het grootste deel financieel ingestoken met verplichte onderdelen voor een begroting.
5
Begrotingsrichtlijnen De gemeenteraden hebben voor het jaar 2027 een aantal begrotingsrichtlijnen meegegeven. Hoe wij daar vorm aan hebben gegeven, is terug te lezen in de tabellen hoofdstuk 8.5 (financiële richtlijnen) en 8.6 (beleidsmatige richtlijnen).
Financiële positie gemeenten Als Werkplein hebben we kritisch naar onze uitgaven gekeken. Omdat we een vangnet zijn voor kwetsbare inwoners in ons gebied die op het absolute minimuminkomen zitten is de beïnvloedbaarheid van budgetten voor de meeste programma’s minimaal. Waar sprake is van beïnvloedbare budgetten is dat in onderstaande tekst aangegeven. Bedrijfsvoering In principe is de stijging van de kosten beperkt tot inflatiecorrectie en loonstijging conform de begrotingsuitgangspunten. Dit geldt met name voor de kosten van bedrijfsvoering. Er is kritisch naar de uitgaven en baten van bedrijfsvoering gekeken. Ondanks toepassing van de indexering 2027 voor loonkosten (1,6% vanaf 1-1-2026 en 3,5% per 1-4-2026) en prijsstijgingen (2,5%) op de begroting blijft de toename van de gemeentelijke bijdrage beperkt tot € 255.606, dat is 1,25%. Ten opzichte van de jaarschijf 2027uit de begroting 2026 is sprake van een daling van de kosten met ruim 1,1 mln. In paragraaf 8.1 is dat inzichtelijk gemaakt. Bij het programma Werk en Participatie heeft de kostenstijging grotendeels betrekking op beschut werk (€ 962.105). Dit betreft de stijging van het aantal beschut werkplekken conform taakstelling van het Rijk en de tijdelijke compensatie van de invoering van de structurele forfaitaire loonkostensubsidie voor beschut werk (€ 559.160).
Deze kosten worden via het gemeentefonds (specifieke uitkering) aan gemeenten gecompenseerd. Bij het programma Inkomen zijn de kosten gestegen als gevolg van een geraamde toename van het bestand in 2026 (1,4%) en voor 2027 een daling met 1,4%. Dat is conform het Sociaal Economisch Plan (SEP) van het CPB van maart 2026. Daarnaast is sprake van het toepassen van indexatie van het minimumloon (2,2% in januari 2026, 1,8% per 1 juli 2026, 2% per 1-1-2027 en 1,7% per 1 juli 2027). De bijstandskosten nemen daardoor toe met 4,1 miljoen. Ook de loonkostensubsidie zien we jaarlijks flink toenemen (2,1 miljoen). Dat is een gevolg van de Participatiewet waarin de jaarlijkse instroom van inwoners met een indicatie garantiebaan en beschut werk zal toenemen. Dit wordt ook door het Rijk gecompenseerd. Voor het programma Inkomensondersteuning hebben we de ramingen gebaseerd op de werkelijke kosten van 2025, verlaging van het budget in 2026 op basis van werkelijkheid 2025 alsmede inflatiecorrectie van 3% in 2027. Dat is conform begrotingsuitgangspunten. De totale kosten van het programma dalen met € 217.468. Bij het programma Inburgering is de taakstelling voor het aantal inburgeraars gebaseerd op de taakstelling voor 2026. De kosten worden volledig gedekt door de rijksvergoeding die gemeenten ontvangen. De extra taken vluchtelingenwerk (2,8 ton) betreft een bewuste keuze van gemeenten.
Binnen het programma Inburgering betreft dit een beïnvloedbaar budget.
6
2. Het werkplein in 2024
2.1 Visie en strategische doelstellingen In 2026 is onze visie nog steeds actueel. De visie wordt in het werkprogramma 2026 als volgt omschreven:
“Wij vertrouwen in de talenten en kwaliteiten van onze inwoners. Daarom stimuleren wij iedereen om deze te ontwikkelen, met als doel werk, en als dat (nog) niet lukt, wel meedoen in de samenleving. Dat doen we samen met de inwoner, collega’s en partners op basis van maatwerk.”
Deze visie is vertaald naar vijf strategische doelstellingen voor 2026: 1. 2. 3. 4. 5.
Meer inwoners zijn zelfredzaam; Meer inwoners krijgen passende ondersteuning; Minder inwoners leven in armoede; Meer inburgeraars doen mee naar vermogen; Werkgevers benutten beter de talenten en kwaliteiten van inwoners.
In het werkprogramma 2026 zijn we met gemeenten en Werkplein gezamenlijk tot 6 thema’s gekomen. 1. 2. 3. 4. 5. 6.
Van school naar werk (hoofdstuk 3.2.2) Statushouders en inburgeraars (hoofdstuk 6) Bestaanszekerheid (hoofdstuk 4 en 5) Samenwerken met Werkplein (hoofdstuk 2) Participatiewet in Balans (hoofdstuk 2) Inwonerparticipatie (hoofdstuk 2)
7
Deze thema’s zijn in het werkprogramma als kapstok gebruikt om tot een meer concrete uitwerking te komen. De strategische doelstellingen zijn in 2025 vastgesteld voor de jaren 2026 – 2028. In 2026 kijken gemeenten en Werkplein samen naar de huidige strategische doelstellingen en visie. We bepalen gezamenlijk of de doelstellingen en visie nog passend zijn bij de huidige koers van het Werkplein. De inhoudelijke afzonderlijke programma’s in de volgende hoofdstukken zijn opgebouwd aan de hand van bovenstaande thema’s.
2.2 Samenwerken met Werkplein Het Werkplein is één van de partners binnen het brede sociaal domein. We hebben een breed scala aan samenwerkingspartners. Denk hierbij aan gemeenten (jeugd, Wmo, schuldhulpverlening), WVS, partners in het sociaal domein, ISD, arbeidsmarktregio West-Brabant, werkgevers etc.). Om de over view vanuit het Werkplein te bewaken is ‘samenwerken met Werkplein’ als afzonderlijk thema opgenomen.
2.2.1 Implementatie zelforganisatie Het Werkplein spant zich in om steeds effectiever te zijn. Eén van de middelen om dit te bereiken is de invoering van zelforganisatie. Dit wordt vanaf 2025 voorbereid. Streven is om in 2027 medewerkers die contacten onderhouden met inwoner te laten werken in kleinere eenheden binnen het werkgebied. Voordeel hiervan is dat kleinere, divers samengestelde eenheden meer focus kunnen hebben. Binnen de gestelde kaders hebben deze medewerkers veel regelruimte, om te doen wat nodig is om inwoners verder te helpen. Belangrijk uitgangspunt voor het Werkplein is dat alle inwoners in ons bestand gepaste aandacht krijgen. Voor een deel van onze inwoners is dat individuele aandacht en voor een deel van ons bestand zijn dat groepsgerichte activiteiten.
2.2.2 Wegwijzer In 2026 en 2027 werken we samen met WVS en ISD aan het programma Wegwijzer ‘Van koers naar Kans, samen vooruit. De visie van ons programma is: “Wij geloven in de talenten van onze inwoners en stimuleren hen deze te ontwikkelen. Ons doel is dat inwoners actief meedoen in de samenleving, waar mogelijk door te werken. Door hechte samenwerking, zowel binnen en tussen onze organisaties als met partners in het sociaal domein, 8
zorgen we dat iedereen de ondersteuning krijgt die nodig is. Zo maken we samen maatschappelijke impact!” Vanuit de visie formuleren we veranderdoelen en inspanningen. De strategische doelstelling van het programma is: Elk jaar zorgen wij ervoor dat we meer inwoners samen helpen actief mee te doen in de samenleving, waar mogelijk door te werken. In 2030 bieden wij passende dienstverlening* aan alle inwoners vallend onder de Participatiewet. Iedereen doet mee. *Definiëring passende dienstverlening = lopende activiteit op participatie/re-integratie vanaf 2025 incl. vrijstelling/ontheffing
Om dit te bereiken zijn de onderliggende doelstellingen:
In hoofdstuk 3.2.3 staan we nog wat uitgebreider stil bij het programma Wegwijzer.
2.2.3 Arbeidsmarktregio De arbeidsmarktregio is een netwerk van Werkgeversorganisaties, werknemersorganisaties, onderwijs, SBB, werkontwikkelbedrijven, UWV en 14 gemeenten en Werkplein met ISD. In 2026 is het Werkcentrum West-Brabant geopend. In 2026 bepalen de negen gemeenten in West-Brabant en de drie uitvoeringsorganisaties (WVS, ISD en Werkplein) positie in de arbeidsmarktregio. Ondertussen nemen we deel aan de projectgroepen en projecten rondom ‘Van school naar duurzaam werk’ en ‘statushouders’. In 2027 wordt er regionaal aan een nieuwe meerjarenagenda gewerkt.
2.2.4 Nationaal Programma Roosendaal (NPR) De gemeente Roosendaal krijgt voor 20 jaar extra ondersteuning van het Rijk om taaie wijken aan te pakken. Het Werkplein is alliantiepartner in het Nationaal Programma Roosendaal. In 2026 wil het Werkplein passende focus aanbrengen op thema’s waar het Werkplein het meest effectief op kan bijdragen. Deze ligt met name in het programma Perspectief op werk, en de doelgroepen kinderen van onze inwoners, jongeren en statushouders. Het NPR is een plustaak voor de gemeente Roosendaal. De te maken kosten worden gedekt uit de bijdrage van de gemeente Roosendaal/NPR.
9
Plustaak Nationaal Programma Roosendaal Interne projectleider NPR
2026 110.533
2027 2028 e.v. pm
pm
Preventie met Gezag (PMG) Re-integratieofficier (RIO) Integrale Persoonsgerichte Toeleiding naar Arbeid (IPTA) Administratieve taken preventie met gezag (*betaling door gemeente Roosendaal) Maatwerkbudget
330.000 120.000
280.000 120.000
280.000 120.000
120.000
120.000
120.000
40.000 50.000
40.000
40.000
Re-integratie Gebiedsgericht werken Wegnemen van belemmeringen Deskundigheidsbevordering klantmanagers Gerichte inzet doelgroep
180.000 23.000 22.000 45.000 90.000
Totale inzet Nationaal Programma Roosendaal Bijdrage: Nationaal Programma Roosendaal PMG Nationaal Programma Roosendaal Perspectief op werk Resultaatsbestemming 2025 (projectleider) Totaal bijdrage Nationaal Programma Roosendaal Gemeente Roosendaal-adm taken pmg Totaal inzet gemeente Roosendaal Totaal bijdrage
620.533
280.000
280.000
290.000
240.000
240.000
180.000 110.533 580.533 40.000 40.000 620.533
pm
pm
pm pm
pm pm 240.000 40.000 40.000 280.000
240.000 40.000 40.000 280.000
2.3 Participatiewet in Balans De Participatiewet moet minder draaien om regels en meer om mensen. Belangrijke uitgangspunten zijn: vertrouwen, eenvoud en de menselijke maat. De wijzigingen vanuit het wetsvoorstel Participatiewet in Balans moeten de Participatiewet eerlijker en duidelijker maken voor mensen met een uitkering én voor professionals die hen helpen. Het programma Participatiewet in Balans zorgt ervoor dat regels en ondersteuning beter passen bij de situatie van mensen. Dit moet leiden tot betere dienstverlening, meer duidelijkheid en meer ruimte voor maatwerk. Professionals hebben daarbij een belangrijke rol. De Participatiewet in Balans omvat 3 sporen: •
Spoor 1: Wijzigingen die op korte termijn de regels en ondersteuning van de Participatiewet beter laten aansluiten op de mogelijkheden en omstandigheden van de mensen voor wie ze bedoeld zijn. Deze wijzigingen, die mede op initiatief van de gemeentelijke uitvoering zijn voorgesteld, staan in het wetsvoorstel Participatiewet in balans;
•
Spoor 2: De fundamentele herziening van het stelsel op de lange termijn;
•
Spoor 3: Het versterken van de vakkundigheid in (de verandering naar) de herziene Participatiewet. Door de organisatieontwikkelingen bij het Werkplein wordt hier al aan gewerkt.
In 2026 werken we aan de wijzigingen uit spoor 1 fase 2 en 3. De wijzigingen in het kader van de Participatiewet in Balans leiden tot aanpassing van de werkinstructies, documenten, beleidsregels en verordeningen. Daarnaast werken we aan een programma van leren en ontwikkelen in het kader van spoor 3. 10
Gemeenten ontvangen rijksmiddelen voor de implementatie van de Participatiewet in Balans. Een deel van deze middelen is in deze begroting opgenomen (zie hiervoor hoofdstuk 8.1). De rest zal met een begrotingswijziging naar het Werkplein komen. Deze middelen worden ingezet voor inzet en capaciteit en trainen en ontwikkelen.
2.4 Inwonerparticipatie Het Werkplein zet de inwoner centraal. Dan ligt het voor de hand dat inwoners invloed hebben op hoe onze dienstverlening is ingericht. In 2026 wordt een plan uitgewerkt op welke wijze het Werkplein inwonerparticipatie verder vorm geeft. Denk onder meer aan het grotere positie voor de Adviesraad van het Werkplein en het meten van de kwaliteit van dienstverlening.
2.5 Bestandsontwikkeling 2.5.1 Toekomstige ontwikkelingen Er zijn een aantal toekomstige ontwikkelingen die wellicht van invloed gaan zijn op de het aantal inwoners dat in aanmerking komt voor een bijstandsuitkering. De eerste heeft betrekking op het verblijfsrecht van Oekraïners vanaf maart 2027.2 De Richtlijn Tijdelijke Bescherming geeft tot 4 maart 2027 de speciale status aan Oekraïners. Het is nog onduidelijk hoe het vervolg qua verblijfsrecht en verblijfsmogelijkheden wordt geregeld. Er lopen gesprekken tussen het Rijk en gemeenten omtrent de (financiële en uitvoerende) gevolgen van deze landelijke koers. In deze begroting voor 2027 is nog geen rekening gehouden met deze mogelijke ontwikkelingen. Daarnaast is in het coalitieakkoord iets opgenomen over het verkorten van de WW-periode. Vanwege de onzekerheden rondom deze mogelijke wijzigingen is dit nog niet meegenomen in deze begroting.
2.5.2 Prognose bijstandsvolume In de begroting hanteren we voor de ontwikkeling van ons bestand de CPB-prognose. Voor de begroting van 2026 was dat de prognose van februari 2025 (voor 2026 0% toename bestand). Inmiddels zijn de ramingen in maart 2026 bijgesteld door het CPB. In het laatste Sociaal Economisch Plan is de tendens dat het bestand in 2026 met 1,4% toeneemt. Vanaf 2027 gaat het CPB uit van een daling met 1,4%. Het CPB neemt in hun berekening landelijk beleid mee zoals is opgenomen in het Hoofdlijnenakkoord. Actualisatie CPB MEV maart 2026 Bijstand (WWB/IOAW/IOAZ) Stijging/daling per jaar Stijging/daling cumulatief
2025 355.000
2026 360.000 1,4%
2027 355.000 -1,4% -1,4%
2028 355.000 0,0% -1,4%
2029 350.000 -1,4% -2,8%
2030 350.000 0,0% -2,8%
Hoewel voor het jaar 2026 en verder er zeker onzekerheden blijven bestaan (economie kan stagneren, geopolitieke ontwikkelingen) geven wij de richting aan voor een blijvende inzet op de ontwikkeling van onze inwoners. Daar is tenslotte waar we dit alles voor doen!
Hoogachtend,
Hoogachtend,
Petra Koenders
René van Ginderen
Directeur
Voorzitter
2
Zie hiervoor ‘Verzamelbrief opvang Oekraïners’ van het ministerie van Asiel en Migratie, d.d. 28 november 2025 11
3.1 Inleiding Sinds de invoering van de Participatiewet in 2015 zijn er steeds meer inwoners met complexe problematieken die gebruik maken van de dienstverlening van het Werkplein. Ruim 70% van de inwoners die bij het Werkplein terecht komen hebben een grote afstand tot de arbeidsmarkt en een brede hulpvraag. We merken dat deze groep inwoners vraagt om een andere, bredere kijk op dienstverlening. Juist voor deze groep is het belangrijk dat de professionals binnen het sociaal domein en de lokale netwerken elkaar weten te vinden en samenwerken. Als Werkplein hebben we oog voor wat écht telt. Daarom stimuleren wij iedereen om zich te ontwikkelen, met als doel werk, en als dat niet kan, meedoen in de samenleving. Dat doen we samen met de inwoner, collega’s en partners op basis van maatwerk. Dit is de kern van het nieuwe Werkplein. Opgave voor het Werkplein is om cultuur en structuur van de organisatie hierop in te richten. Proces en inhoud van de ondersteuning zijn maatwerk. Onze medewerkers hebben veel regelruimte om met de inwoner de best passende keuzes te maken. Samenwerking met collega’s in het sociaal domein wordt de norm. Door beter het effect te meten van wat we doen en een continue dialoog hierover (intervisie) verwachten we dat de kwaliteit van onze dienstverlening zal toenemen, en meer inwoners naar vermogen mee kunnen doen in de samenleving.
Deze beweging van het Werkplein sluit perfect aan bij de ontwikkelingen rondom de Participatiewet in Balans. In 2026 en 2027 werken we verder aan de implementatie van concrete maatregelen in de Participatiewet. En hebben we oog voor uitvoeringspraktijk bij het Werkplein. Dit doen we met trainingen en een ontwikkellijn voor onze professionals.
3.2 Wat gaan we doen in 2027? In deze begroting gaan we uit van de resultaatafspraken die het Werkplein en gemeenten gemaakt hebben in het werkprogramma 2026. De resultaatafspraken voor 2027 zullen eind 2026 vastgesteld worden. Aan de hand van de strategische doelstellingen gaan we in op de indicatoren en thema’s. De strategische doelstellingen zijn vastgesteld voor de periode 2026 – 2028. 1. 2. 3. 4. 5.
Meer inwoners zijn zelfredzaam; Meer inwoners krijgen passende ondersteuning; Minder inwoners leven in armoede; Meer inburgeraars doen mee naar vermogen; Werkgevers benutten beter de talenten en kwaliteiten van inwoners.
In het werkprogramma zijn we met gemeenten en Werkplein gezamenlijk tot 6 thema’s gekomen. In dit hoofdstuk komen de thema’s ‘Van school naar werk’ en ‘Samenwerken met Werkplein’ aan de orde. De hieronder genoemde instrumenten en aanpakken zijn niet uitputtend voor de werkwijze van het Werkplein.
12
3.2.1. Ontwikkeling, werk en participatie Het Werkplein werkt aan ontwikkeling, werk en participatie van onze inwoners. Hiermee dragen we bij aan de strategische doelstellingen rondom zelfredzaamheid, passende ondersteuning en werkgevers de talenten en kwaliteiten van inwoners laten benutten. We zien dat de doelgroep die het Werkplein ondersteunt steeds grotere en complexere problemen heeft. Dit betekent dat er aandacht nodig is op meerdere leefgebieden en er regelmatig meerdere (zorg)partijen betrokken zijn rondom een inwoner. Dit heeft tot gevolg dat trajecten die voor deze inwoners ingezet worden ook intensiever zijn en een langere doorlooptijd hebben. Dit heeft ook gevolgen voor de kosten. Het prijskaartje dat aan deze trajecten hangt is nou eenmaal hoger. Daarnaast hebben we financiële verplichtingen binnen het programma Wegwijzer. Het is belangrijk om scherp te zijn op de budgetten binnen het programma Werk en Participatie. Het ontwikkelen van onze inwoners staat bij het Werkplein voorop. Ook in 2026 en daaropvolgende jaren. Voor iedere inwoner is een stabiele basis belangrijk. De ene inwoner zal de stap naar betaald werk maken voor een ander is vrijwilligerswerk het hoogst haalbare. Het is goed om te kijken welk type dienstverlening voor welke doelgroep het best passend is.
Inwoners zonder groeipotentieel bij het Werkplein hebben andere dienstverlening nodig dan inwoners die nog wel stappen kunnen maken met ondersteuning vanuit het Werkplein. In 2026 en 2027 werken we aan verdere specificatie van de aanpak van de verschillende klantgroepen bij het Werkplein. Hierdoor krijgt iedere klantgroep passende ondersteuning.
Werk en ontwikkelgerichte trajecten We bieden we onze inwoners zowel werkgerichte als ontwikkeltrajecten. Het kan hierbij gaan om individuele maatwerktrajecten, ontwikkeltrajecten via WVS, taalaanbod, opleidingen of ondersteuning door onze ontwikkelaars. Een inwoner die een indicatie banenafspraak krijgt kan bij het Werkplein terecht voor ondersteuning richting werk bij een reguliere werkgever. Als dit (nog) niet mogelijk is dan wordt ingezet op het jobready maken van een kandidaat. Daarnaast wordt ingezet op nazorg om uitval en verdere terugval te voorkomen, de werkgever te ontzorgen en uiteindelijk zoveel mogelijk duurzame plaatsingen te realiseren.
Beschut werk Iedereen met een indicatie beschut werk die jobready is plaatsen we op een betaalde baan bij een werkgever of bij WVS. We gaan de totale taakstelling overschrijden. Dit betekent dat er meer inwoners een beschutte werkplek nodig hebben dan dat we daarvoor financiering vanuit het Rijk ontvangen in de vorm van begeleidingsvergoeding. De zes gemeenten hebben gezamenlijk besloten dat inwoners met een beschut werken indicatie geplaatst mogen worden los van de taakstelling. Ook als dit betekent dat de taakstelling wordt overschreden. De verwachting is dat we voor 2027 en verder zullen uitkomen op circa 44 beschutwerk plekken boven de taakstelling. Het Rijk koerst erop om per 1 januari 2028 de forfaitaire loonkostensubsidie in te voeren voor beschut werk. De voorbereiding hiervan vindt plaats in 2027. Dit betekent dat er aan alle beschut werkers een structurele loonkostensubsidie van 68% gekoppeld wordt. Een loonwaardemeting is dan niet meer nodig. Werkgevers die een beschut werker in dienst hebben ontvangen de structurele loonkostensubsidie vanuit de Buig middelen van het Werkplein. Tot die tijd verstrekt het Rijk extra middelen via de begeleidingsvergoeding beschut werk. Dit is voor de jaren 2025 – 2027. Het
13
Werkplein verdeelt deze bijdrage over alle werkgevers die een beschut werker in dienst hebben (conform AB besluit van 15 december 2025).
3.2.2 Van school naar werk In het werkprogramma 2026 zijn een aantal concrete acties gericht op jongeren opgenomen. Deze komen voort uit samenwerking binnen de regio. Enerzijds vanuit het Nationaal Programma Roosendaal. En anderzijds vanuit het Werkcentrum West-Brabant.
PMG aanpak (Preventie met Gezag Aanpak) In 2026 start het Werkplein met het inzetten van de re-integratieofficier en integrale persoonlijke toeleiding naar arbeid coach in Roosendaal in het kader van het Nationaal Programma Roosendaal. Het doel is om samen met partners te voorkomen dat jongeren in aanraking komen met georganiseerde (drugs)criminaliteit en daar verder in afglijden.
Preventieve samenwerking met doorstroompunt en onderwijs Op 1 januari 2026 is de Wet ‘Van school naar duurzaam werk’ in werking getreden. Het doel hierbij is dat jongeren in een kwetsbare positie beter ondersteund worden bij de overstap van school naar werk. Hiervoor is een dekkend aanbod in de regio nodig. Van belang is dat alle jongeren zichtbaar zijn en de juiste hulp krijgen bij hun zoektocht naar een passende plek op de arbeidsmarkt. Hiervoor ontwikkelen we een vanzelfsprekende samenwerking in de regio tussen het Werkplein en het onderwijsveld zodat jongeren in beeld zijn. We voorkomen schooluitval en wanneer scholing niet het juiste pad is voor een jongere dan zetten we de weg in naar werk. In 2026 zetten we in op het vastleggen van een taakverdeling en werkafspraken met de subregionale doorstroompunten, het werkcentrum West-Brabant en het regionale onderwijsveld.
3.2.3 Wegwijzer Binnen het programma Wegwijzer werken we in 2026 aan het werkprogramma ‘Van Koers naar Kans, samen vooruit’. In dit programma zijn een aantal grote projecten opgenomen waarmee we de doelstellingen binnen de WegWijzer gaan behalen. Hiervoor gebruiken we de methodiek PMC ofwel projectmatig creëren. De projecten kennen een korte termijn focus met een eigen na te streven resultaat wat bijdraagt aan de strategische doelstellingen. Dit willen we realiseren door korte lijnen, het programma als integraal onderdeel van de 3 organisaties en met betrokkenheid van alle directeuren, managers en medewerkers. Doelstellingen Om te zorgen dat inwoners actief mee kunnen doen in de samenleving zijn er binnen Wegwijzer een aantal onderliggende doelstellingen bepaald: 1. We versterken de onderliggende relaties en stimuleren een cultuur van vertrouwen en wederzijds begrip 2. We werken volgens een gezamenlijke definitie van 7 uitgangspunten 3. Meer inwoners krijgen passende ondersteuning 4. Iedereen doet mee Om te bepalen of we de doelstellingen ook daadwerkelijk behalen en onze inwoners stappen zetten in hun ontwikkeling richting meedoen zijn in het programma indicatoren voor 2026 bepaald:
14
Kwantitatief • 40% van het bestand in beeld via Spreekkamer met integraal plan van aanpak o.b.v. perspectief = vertaling van iedereen doet mee • Meer opstap- en vangnetbanen dan vorig jaar • Meer nieuw ingezette beschut werkplekken dan vorig jaar • Meer nieuw ingezette LKS dan vorig jaar • Meer nieuwe inburgeraars naar werk dan vorig jaar • Meer inzet van ontwikkeltrajecten (incl. Startpunt) dan vorig jaar • Stijging % doorstroom VSO/PrO-leerlingen met uitstroomprofiel werk naar werk dan vorig jaar • Stijging % bemiddeling naar werk vanuit een ontwikkeltraject dan vorig jaar Kwalitatief • Inwoners voelen zich serieus genomen (= menselijke maat; impactmeting inwoners in ontwikkeltraject) • Cultuurverandering (ingezette activiteiten met StudioSpaak; ontwikkeling gezamenlijke activiteiten en samenspel in praktijk).
Projecten en activiteiten Wegwijzer Het programma Wegwijzer is een verzameling van de onderstaande projecten: I. Knelpunt Dienstverlening Aanpak: 1 Wij brengen alle inwoners met een bijstandsuitkering in beeld Wij ontwikkelen een eenduidige werkwijze van intake & diagnose 2 Wij bieden inwoners maatwerktrajecten door: Passen het instrument loonkostensubsidie (LKS) toe op iedere inwoner waarvoor dit passend is Benutten WVS voor opstap- en vangnetbanen (met LKS) Zetten boven taakstelling van gemeenten beschutte werkplekken in Ontwikkelen - waar nodig - een gezamenlijke aanpak voor specifieke doelgroepen Een naadloze aansluiting op werk voor leerlingen van VSO-/praktijkscholen met uitstroomprofiel 'werk' Ontwikkelen een gezamenlijke aanpak op bemiddeling naar werk Bieden passende nazorg bij elke plaatsing 3 Het verandertraject gericht op het samenwerken volgens de 7 uitgangspunten II. Knelpunt Omgeving Aanpak: 4 Wij halen de buitenwereld naar binnen III.
Knelpunt 'Systeem' en cultuur Aanpak: 5 Wij werken samen volgens een set van meerjarig vastgestelde uitgangspunten 6 Wij stellen een set van gezamenlijke kpi’s op die samenhangt met de kpi’s van de 3 organisaties 7 We komen met een voorstel voor efficiënte en effectieve inzet van financiële middelen 8 Wij gaan werken aan de hand van een functioneel integraal governance-model 9 Wij werken stapsgewijs meer samen op gebied van Beleid en Bedrijfsvoering 10 Wij werken samen op locatie 11 Wij gaan aan de slag met onze gezamenlijke en individuele veranderopgave = WEGWIJZER
15
Financiering Wegwijzer
De kosten en bijdragen voor de samenwerking in Wegwijzer zijn in het programma Werk en Participatie opgenomen. Dat is ook het geval bij de ISD Brabantse Wal en de WVS. Daarnaast worden er nog projecten en activiteiten bekostigd uit de door het Rijk beschikbaar gestelde middelen voor Sociale infrastructuur en Impulsbudget. Deze middelen worden door de WVS beheerd.
3.3 Wat mag het kosten? De inzet binnen het programma Werk en Participatie wordt zowel gefinancierd vanuit de reguliere exploitatiebegroting (qua personele inzet) als vanuit de algemene uitkering cluster Participatie. De bijdrage van de gemeente is van oudsher gebaseerd op het Participatiebudget (re-integratiebudget) dat door het Rijk beschikbaar werd gesteld. Inmiddels is dat, evenals begeleiding nieuw beschut, onderdeel geworden van de algemene uitkering van gemeenten. Dat maakt dat de middelen voor reintegratie niet meer te herleiden zijn. Het Werkplein gaat in de begroting voortaan uit van wat nodig is voor de re-integratie en ontwikkeling van de inwoners.
16
Programma Werk & Participatie Bijdrage aan bedrijfsvoering: Werkpunt Ontwikkeling Inzet instrumenten: Diagnostische tool en Spreekkamer Individuele trajecten/Maatwerk Ontwikkeltrajecten WVS Wegwijzer Praktijkervaringsplekpolis Beschut werken Beschut werk plaatsen boven taakstelling Beschut werken reiskosten Jobcoaching Loonwaardemetingen Intensivering nazorg Project bestandsbeheersing Totaal lasten Doorbelasting ketensamenwerking Doorbelasting ontwikkeltraject Doorbelasting aan Roosendaal NPR Totaal baten Saldo van lasten en baten Bijdragen gemeenten Etten-Leur Halderberge Moerdijk Roosendaal Rucphen Zundert Totaal bijdragen gemeenten
Jaarrekening 2025
Begroting 2026
Begroting 2027
Mutaties
1.274.867 961.616 0 123.570 1.333.224 555.133 161.739 8.267 2.371.841
1.274.867 961.616
1.274.867 961.616
0 0
135.000 1.100.000 960.000 68.000 7.000 2.056.600 452.000 72.350 300.000 140.000 94.830 50.000 7.672.263
135.000 1.400.000 859.460 165.000 8.500 3.018.705 474.430 85.000 210.000 140.000 94.830 8.827.408 80.000
0 300.000 -100.540 97.000 1.500 962.105 22.430 12.650 -90.000 0 0 -50.000 1.155.145 80.000
7.672.263
80.000 8.747.408
80.000 1.075.145
1.188.434 850.087 712.753 3.898.277 790.243 232.470 7.672.263
1.354.973 969.213 812.634 4.444.558 900.983 265.046 8.747.408
166.539 119.126 99.881 546.281 110.740 32.576 1.075.145
76.580 211.872 138.384 14.875 260.973 7.492.941 78.935 9.350 4.916 93.201 7.399.740 1.146.220 819.891 687.436 3.759.808 762.173 224.212 7.399.740
3.4 Analyse begroting 2027 t.o.v. begroting 2026 De begroting is gebaseerd op staand beleid en met de huidige inzichten en kaders opgesteld. Omdat er sprake is van een begroting die gebaseerd is op het werkprogramma 2026 kunnen er nog de nodige zaken veranderen.
Werkpunt en Ontwikkeling Het betreft hier personeelslasten, zowel inhuur als in loondienst voor de inzet van team Werkpunt en team Ontwikkeling. Dit bedrag is gelijk aan de begroting 2026.
Individuele trajecten/maatwerk Deze kosten zijn de laatste jaren gestegen. Door blijvende inzet zetten meer inwoners stappen in hun ontwikkeling. Hier zijn kosten voor trajecten aan gekoppeld. Door de complexere doelgroep en de actievere inzet op deze groep inwoners kopen we veelal duurdere trajecten in. Daarnaast nemen door de toename van het aantal inburgeraars de kosten voor de buspassen voor statushouders toe.
Ontwikkeltrajecten WVS Binnen de ketensamenwerking is afgestemd dat er 380 ontwikkeltrajecten worden ingezet bij WVS. Daarvan zijn 255 trajecten voor rekening van het Werkplein. Deze aantallen zijn puur rekenkundig voor de begroting. We leggen de focus op kwaliteit in plaats van kwantiteit. In 2025 is ongeveer 20% van de kosten doorbelast naar inburgering. Voor de begroting van 2027 gaan we hier ook vanuit. Vandaar dat het begrote bedrag ten opzichte van de begroting 2026 naar beneden bijgesteld wordt. In 17
2027 gaan we uit van 255 trajecten. Daarnaast is in 2026 en 2027 rekening gehouden met indexeringen. In 2025 hebben waren dit er 228.
Wegwijzer Dit bedrag is hoger ten opzichte van de begroting 2026, maar er staan baten tegenover van € 80.000. Dit zijn de kosten van programmamanager en projectkosten die wij doorbelasten aan onze partners in de Ketensamenwerking.
Beschut werk De begeleidingsvergoeding per medewerker is verhoogd. Daarnaast is er voor 3 jaar een extra rijksbijdrage beschut werk beschikbaar gekomen vanaf 2025, de voorloper van de forfaitaire loonkostensubsidie. Voor 2027 gaat het om een bedrag van €559.160. De begeleidingsvergoeding exclusief deze extra middelen bedraagt € 2.459.545. In de jaarrekening werden de extra middelen separaat gepresenteerd en bij het opstellen van begroting 2026 waren deze middelen nog niet gepubliceerd door het Rijk.
Beschut werk plaatsen boven taakstelling We gaan in 2027 uit van 44 plaatsingen boven de taakstelling. De begeleidingsvergoeding van € 12.485 per plaatsing komen ten laste van de gemeenten zelf. Het is een bewuste keuze van gemeenten om meer inwoners met een grote afstand tot de arbeidsmarkt te laten participeren middels werk.
Beschut werk reiskosten Een verhoging van de reiskosten is een logisch gevolg van de stijging van het aantal beschut werkplekken.
Jobcoaching We stellen deze post naar beneden bij in lijn met de daadwerkelijke kosten uit de jaarrekening 2025.
18
4. Programma inkomen
4.1 Inleiding Het verstrekken van uitkeringen is het grootste onderdeel van de begroting van het Werkplein. Als mensen zich melden met een vraagstuk op het gebied van inkomen, dan zien we steeds meer de bredere problemen die iemand heeft. Hiervoor zoeken we de bredere samenwerking op in het sociale domein.
4.2 Wat gaan we doen in 2027? In deze begroting gaan we uit van de resultaatafspraken die het Werkplein en gemeenten gemaakt hebben in het werkprogramma 2026. De resultaatafspraken voor 2027 zullen eind 2026 vastgesteld worden. Aan de hand van de strategische doelstellingen gaan we in op de indicatoren en thema’s. De strategische doelstellingen zijn vastgesteld voor de periode 2026 – 2028. 1. 2. 3. 4. 5.
Meer inwoners zijn zelfredzaam; Meer inwoners krijgen passende ondersteuning; Minder inwoners leven in armoede; Meer inburgeraars doen mee naar vermogen; Werkgevers benutten beter de talenten en kwaliteiten van inwoners.
In dit hoofdstuk zoomen we verder in op het thema Bestaanszekerheid uit het werkprogramma 2026.
4.2.1 Meer inwoners zijn zelfredzaam Veruit het grootste deel van onze begroting wordt gebruikt voor het betalen van uitkeringen. Dit doen wij op tijd en rechtmatig waardoor kwetsbare inwoners in hun levensonderhoud kunnen voorzien. Een groot deel van de medewerkers houdt zich bezig met het toekennen, wijzigen en betalen van deze uitkeringen. In 2026 is de Participatiewet in Balans in werking getreden. Deze transformatie is verdeeld in drie fases. Fase 1 is in 2026 afgerond. In 2027 treedt fase 2 in werking. Dit heeft gevolgen voor de manier waarop wij uitkeringen verstrekken. Zo veranderen de vrijlatingen voor inwoners die werken, ontstaat er de mogelijkheid tot een bufferbudget en wijzigt de manier waarop wij inkomsten verrekenen met de uitkering.
4.2.2 Oekraïense vluchtelingen In deze begroting willen we alvast voorsorteren op de mogelijke instroom van Oekraïense vluchtelingen in de bijstand in 2027. Tot 4 maart 2027 vallen Oekraïense vluchtelingen in Nederland onder de Richtlijn Tijdelijke Bescherming (RTB). Daardoor krijgen zij opvang en leefgeld via gemeenten. Vanaf 2026 betaalt het Werkplein alleen nog voor de gemeenten Moerdijk en Rucphen dit leefgeld uit. Eerder was dit voor meerdere gemeenten. De Europese Unie is voornemens de RTB te stoppen. Dit is nog niet besloten. Wanneer dit stopt, krijgen Oekraïners de mogelijkheid om een beroep te doen op een bijstandsuitkering. Het is belangrijk om rekening te houden met een eventueel hogere instroom vanaf maart 2027. Hiermee is echter financieel nog geen rekening gehouden in deze
19
begroting. Wanneer duidelijk wordt wat de intentie van het Rijk is zullen wij dit via een begrotingswijziging aan u voorleggen. Binnen de Werkpleingemeenten verblijven op dit moment zo’n 1178 Oekraïense vluchtelingen. Hiervan zijn er 950 tussen de 18 en 67 jaar oud (de bijstandsgerechtigde leeftijd) en daarvan ontvangen 152 inwoners leefgeld. Dit betekent dat deze 152 inwoners geen (volledig) inkomen hebben vanuit betaald werk en dus mogelijk een bijstandsuitkering willen aanvragen.
Etten-Leur Halderberge Moerdijk Rucphen Roosendaal Zundert Totaal
Oekraïners die verblijven in de gemeente (zowel opvanglocatie als elders) 153 202 322 34 360 107 1178
Oekraïners tussen de 18 en 67 jaar 103 144 224 27 272 180 950
Oekraïners die leefgeld ontvangen tussen de 18 en 67 jaar oud 24 21 28 8 54 17 152
Deze aantallen geven een globaal beeld van de situatie in maart 2026. Het is niet gezegd dat al deze mensen recht hebben op een bijstandsuitkering. Natuurlijk spelen er meer vraagstukken zoals huisvesting en een mogelijke inburgerings/integratieverplichting.
4.3 Wat mag het kosten? Onze inzet binnen het programma Inkomen wordt zowel gefinancierd vanuit de reguliere exploitatiebegroting (qua personele inzet) als vanuit de BUIG-middelen. Deze laatste kosten worden 1-op-1 op klantniveau verrekend met de gemeenten waarvoor deze kosten gemaakt worden c.q. wiens inwoners het betreffen.
20
Programma inkomen Lasten Pwet BBZ BBZ (declarabel) IOAW IOAZ Onderzoekskosten Invorderings- en externe controlekosten Externe controlekosten Loonkostensubsidie Studietoeslag Totaal lasten Baten Baten debiteuren Buig Baten debiteuren Ioaw/Ioaz Baten debiteuren BBZ Baten debiteuren BBZ (declarabel) Totaal baten Saldo van lasten en baten Bijdragen gemeenten Etten-Leur Halderberge Moerdijk Roosendaal Rucphen Zundert Totaal bijdragen gemeenten
Jaarrekening 2025
Begroting 2026
Begroting 2027
Verschil
75.818.026 185.571
83.045.159 203.827
2.593.889 410.073 65.082 20.698
78.930.812 140.000 2.137.469 282.618 75.000 25.000
1.814.241 513.098 75.000 25.000
4.114.347 63.827 -323.228 230.480 -
158.157 5.853.628 179.049 85.284.172
200.000 5.805.473 231.374 87.827.746
200.000 7.918.122 260.821 94.055.269
2.112.649 29.447 6.227.522
1.214.376 8.218 1.872 29.302
1.112.924 25.000 25.000
1.249.590 11.637 18.025 25.000
136.665 -13.363 18.025 -
1.253.769 84.030.403
1.162.924 86.664.822
1.304.251 92.751.017
141.327 6.086.195
14.874.881 9.668.590 10.912.511 36.842.055 7.183.519 4.548.848 84.030.403
15.044.787 9.564.129 10.701.396 39.973.252 6.894.864 4.486.393 86.664.822
16.987.419 10.675.468 12.063.471 40.086.552 7.930.676 5.007.431 92.751.017
1.942.632 1.111.338 1.362.075 113.300 1.035.812 521.038 6.086.195
Tabel: Geraamde kosten voor Inkomen 2027
4.4 Analyse begroting 2027 t.o.v. jaarrekening 2025 Voor de begroting voor 2027 wordt uitgegaan van de werkelijke Buig-uitgaven over 2025 gecorrigeerd met de verwachtingen van de prijsontwikkeling van het BBP en de raming van het CPB. Actualisatie CPB MEV maart 2026 Bijstand (WWB/IOAW/IOAZ) Stijging/daling per jaar Stijging/daling cumulatief
2025 355.000
2026 360.000 1,4%
2027 355.000 -1,4% -1,4%
2028 355.000 0,0% -1,4%
2029 350.000 -1,4% -2,8%
2030 350.000 0,0% -2,8%
De verwachting is dat het bestand in 2026 stijgt met 1,4% procent ten opzichte van 2025. Voor 2027 is de verwachting dat deze daalt met 1,4%. Deze verwachtingen zijn gebaseerd op het rapport Centraal Economisch Plan (CEP) 2026. In de tabel ‘Geraamde kosten voor Inkomen 2027’ resulteert dit in met name een toename kosten Participatiewet. Het indexatiepercentage per 1 januari 2026 is vastgesteld op 2,2%. De verwachting is dat deze per juli 2026 uitkomt op 1,8%. Uit de afgelopen jaren blijkt dat het indexatiepercentage in juli lager uitvalt dan in januari van het geldende jaar. Voor 2027 gaan we uit van de indexatiepercentages 2% in januari en 1,7% in juli. Voor de begroting 2027 wordt gewerkt met één gemiddeld uitkeringstarief voor alle zes de gemeenten. Dit voorkomt grote schommelingen door onderlinge tariefverschillen en zorgt voor een overzichtelijker begroting. Bij de jaarrekening wordt uitgegaan van de werkelijke kosten per gemeente. Eventuele verschillen worden dan per gemeente verrekend. Het uitkeringstarief is gebaseerd op het tweede deel van 2025, geïndexeerd met de indexatiepercentages zoals hierboven toegelicht.
21
IOAW De IOAW laat de afgelopen jaren een dalende lijn zijn. De verwachting is dat dit ook in 2027 door zal zetten. De instroom in de IOAW neemt af door de specifieke doelgroep die voor deze regeling in aanmerking komt. Het gaat om inwoners die voor 1 januari 1965 geboren zijn, tussen hun 50e en 60e werkloos zijn geworden de volledige WW hebben doorlopen. Een deel van deze doelgroep gaat inmiddels met pensioen en de instroom neemt af. Daarnaast is de IOAW een aflopende regeling, wat de dalende lijn ook verklaart. IOAZ Voor de IOAZ verwachten we voor 2027 een stijging van de kosten. Deze stijging is mede te verklaren doordat de toegangseisen voor de IOAZ per 1 januari 2026 zijn gewijzigd ten gunste van inwoners waardoor we verwachten dat iets meer inwoners een beroep zullen doen op de IOAZ. De verwachting is dat de kosten iets zullen stijgen ten opzichte van de jaarrekening van 2025. In de eerste bestuursrapportage van 2026 zullen we de begroting van 2026 naar boven bijstellen. BBZ De BBZ is in 2024 en 2025 nagenoeg gelijk gebleven. Voor de jaren 2026 en 2027 verwachten we geen grote schommelingen. De relatief kleine kostenpost is afhankelijk van de economische situatie. Dat maakt het lastig te begroten. Voor de begroting van 2027 zijn we uitgegaan van de gemiddelde kosten in 2024 en 2025, verhoogd met een indexering van 3% in 2026 en 2% in 2027.
Loonkostensubsidie Dit is een post die jaarlijks stijgt door de taakstelling beschut werk en de garantiebanen. Door die twee vormen van werk komen er jaarlijks mensen bij die loonkostensubsidie ontvangen. Het is de verwachting dat dit de komende jaren alleen maar toe zal nemen en dat de uitgaven dus ook zullen stijgen. Dat is op zichzelf een positieve ontwikkeling omdat hierdoor mensen aan het werk gaan. De kosten van loonkostensubsidie worden door het Rijk volledig vergoed.
Werkplein
2027
2028
2029
2030
Doelstelling plaatsingen beschut werk
197
208
219
231
Beschut werk toename per jaar Plaatsingen beschut boven taakstelling
12
11
11
12
44
44
44
44
Doelstelling plaatsing garantiebanen
80
80
80
80
Studietoeslag De studietoeslag hebben we gebaseerd op 2025, verhoogd met 3% indexering in 2026 en nogmaals 3% in 2027.
22
5. Programma inkomensondersteuning
5.1 Inleiding Eén van de doelen van Werkplein is het verminderen van armoede door inwoners te ondersteunen naar werk en financiële zelfredzaamheid. Er is een breed scala aan voorzieningen beschikbaar bij gemeenten en ketenpartners, maar deze worden niet altijd goed benut of zijn onvoldoende in beeld. Het Werkplein richt zich op het verbeteren van de toegang tot deze voorzieningen en het bevorderen van maatschappelijke participatie door maatwerk en integrale ondersteuning.
5.2 Wat gaan we doen in 2027? In deze begroting gaan we uit van de resultaatafspraken die het Werkplein en gemeenten gemaakt hebben in het werkprogramma 2026. De resultaatafspraken voor 2027 zullen eind 2026 vastgesteld worden. Aan de hand van de strategische doelstellingen gaan we in op de indicatoren en thema’s. De strategische doelstellingen zijn vastgesteld voor de periode 2026 – 2028. 1. 2. 3. 4. 5.
Meer inwoners zijn zelfredzaam; Meer inwoners krijgen passende ondersteuning; Minder inwoners leven in armoede; Meer inburgeraars doen mee naar vermogen; Werkgevers benutten beter de talenten en kwaliteiten van inwoners.
In dit hoofdstuk zoomen we verder in op het thema Bestaanszekerheid uit het werkprogramma 2026.
5.3 Bestaanszekerheid In het programma inkomensondersteuning dragen we vooral bij aan de doelstelling dat minder inwoners in armoede leven. Dit doen we door de uitvoering van lokale minimaregelingen en bijzondere bijstand (incl. individuele inkomenstoeslag en collectieve zorgverzekering voor minima). Daarnaast maakten we gebruik van het instrument Voorzieningenwijzer in de jaren 2025 en 2026. In 2026 wordt geëvalueerd of dit instrument met de huidige werkwijze voldoende bijdraagt aan het inzichtelijk maken van de minimaregelingen waarvoor een inwoner in aanmerking komt. In deze begroting zijn daarom geen kosten voor de voorzieningenwijzer opgenomen. Ook versterken we de samenwerking met de D6 gemeenten doordat het Werkplein meewerkt aan lokale initiatieven, zoals het Armoedepact in Etten-Leur. Met als beoogd resultaat een verbeterde toegang tot armoedebestrijdingsmaatregelen en ondersteuning voor inwoners.
5.4 Wat mag het kosten? Onze inzet binnen het Programma Inkomensondersteuning wordt zowel gefinancierd vanuit de reguliere exploitatiebegroting (personele inzet) als vanuit de voorzieningen en overdrachten. Deze laatste kosten worden 1-op-1 verrekend met de gemeenten waarvoor deze kosten worden gemaakt.
23
Het benodigde budget waarover het Werkplein moet beschikken, is weergegeven in onderstaande tabel. Programma inkomensondersteuning
Jaarrekening 2025
Begroting 2026
Begroting 2027
Verschil
6.730.002
7.284.001
7.210.000
-74.001
742.347 2.899.238 15.405 10.386.992
650.000 3.016.689 20.000 10.970.691
810.000 2.702.342 20.000 10.742.342
664.525 664.525 9.722.467
801.240 801.240 10.169.451
790.359 790.359 9.951.982
160.000 -314.348 -228.349 -10.881 -10.881 -217.468
2.192.136 1.139.827 1.129.533 3.963.949 800.504 496.518 9.722.467
2.245.310 1.283.932 1.243.417 4.026.273 834.858 535.659 10.169.451
2.231.950 1.147.918 1.126.794 4.071.594 848.838 524.889 9.951.982
-13.361 -136.015 -116.623 45.321 13.980 -10.770 -217.468
Lasten Bijzondere bijstand Minimabeleid (webshop) Collectieve zvw premie Externe adviezen Totaal lasten Baten Baten debiteuren bijz. bijstand Totaal baten Saldo van lasten en baten Bijdragen gemeenten Etten-Leur Halderberge Moerdijk Roosendaal Rucphen Zundert Totaal bijdragen gemeenten
Tabel: Geraamde kosten voor Inkomensondersteuning 2027
5. Analyse begroting 2027 t.o.v. begroting 2026 Bijzondere bijstand Op basis van het jaar 2025 is de verwachting dat de bijzondere bijstand in 2026 uitkomt op 7 miljoen. De begroting voor 2026 zal in de eerste bestuursrapportage naar beneden worden bijgesteld. Voor het jaar 2027 gaan we uit van een indexering van 3% op de 7 miljoen. Het merendeel van de totale jaarlijkse kosten voor bijzondere bijstand wordt besteed aan de drie kostensoorten bewindvoering, individuele inkomenstoeslag en huisraad/woninginrichting. Minimabeleid Het minimabeleid in de begroting 2027 is geraamd op basis van de jaarrekening 2025. In de begroting van 2026 was de gemeente Roosendaal niet opgenomen. Dit verklaart het verschil van 160.000 in de tabel ‘Geraamde kosten voor Inkomensondersteuning 2027’. Premiebijdrage collectieve zorgverzekering In de raming 2027 gaan wij er van uit dat de gemeenten hun gemeentelijke premiebijdragen handhaven op het niveau 2026: bijdrage van € 17,00 p/mnd bij de polis gemeente extra en € 42,50 (inwoners Etten-Leur € 48,25) p/mnd bij de polis gemeente extra uitgebreid. Het budget voor de Collectieve ziektekostenverzekering 2027 is gebaseerd op het aantal premieplichtige deelnemers per maart 2026 (6.621) en de gemeentelijke premiebijdrage 2026.
Onzekere factor is elk jaar weer dat op dit moment onbekend is met welk bedrag de zorgverzekeraars hun premies in 2027 gaan verhogen. De afgelopen jaren tonen een daling aan in het aantal deelnemers. We verwachten dat de daling verder voortzet.
24
6.1 Inleiding Werkplein heeft inmiddels meerdere jaren ervaring met de uitvoering van de Wet Inburgering 2021 die op 1 januari 2022 van kracht werd. De instroom van inburgeraars is afhankelijk van migratiebeleid en beleid rond de huisvesting van statushouders. Op dit moment is er nog veel onduidelijkheid over de mogelijke instroom in 2027 vanwege het EU-migratiepact dat komend jaar geïmplementeerd zal worden en landelijke ontwikkelingen rondom de beperking van migratie en de spreidingwet met de komst van een nieuw kabinet. Het is daarom voor nu aannemelijk dat de instroom in 2027 nagenoeg gelijk zal blijven maar gepaard kan gaan met schommelingen wanneer landelijke of Europese maatregelen in werking treden. Om die reden gaan we momenteel uit van een stabiel beeld, met aandacht voor mogelijke toekomstige aanpassingen zodra landelijke besluitvorming is afgerond.
6.2 Wat gaan we doen in 2027? In deze begroting gaan we uit van de resultaatafspraken die het Werkplein en gemeenten gemaakt hebben in het werkprogramma 2026. De resultaatafspraken voor 2027 zullen eind 2026 vastgesteld worden. Aan de hand van de strategische doelstellingen gaan we in op de indicatoren en inspanningen. De strategische doelstellingen zijn vastgesteld voor de periode 2026 – 2028. 1) 2) 3) 4) 5)
Meer inwoners zijn zelfredzaam; Meer inwoners krijgen passende ondersteuning; Minder inwoners leven in armoede; Meer inburgeraars doen mee naar vermogen; Werkgevers benutten beter de talenten en kwaliteiten van inwoners.
In dit hoofdstuk gaan we verder in op het thema statushouders en inburgeraars dat is de programmaplaat is opgenomen. De hieronder genoemde instrumenten en aanpakken zijn niet uitputtend voor de werkwijze van het Werkplein.
6.2.1 Meer inburgeraars doen mee naar vermogen In het werkprogramma 2026 zijn een aantal concrete acties gericht op statushouders en inburgeraars opgenomen. Deze komen onder andere voort uit samenwerking in de WegWijzer en de arbeidsmarktregio.
Ontwikkelen gezamenlijke aanpak voor doelgroep statushouders binnen WegWijzer In dit project gaat het om een passend aanbod te creëren voor inburgeraars. Eerst wordt de ondersteuningsbehoefte in beeld gebracht. Hierin is het ‘Advies en verkenning statushouders en werk in West-Brabant West’ (2024) leidend. We onderzoeken en ontwikkelen een passende dienstverlening en testen dit middels een pilot. We formuleren een advies: inzicht in middelen en inzet die nodig is om deze dienstverlening uit te voeren, inclusief de impact op de inwoner en de 3 organisaties. Tot slot is de implementatiefase.
25
Passend onderwijs voor inburgeringsplichtige jongeren in de Z-route Een goede overgang van onderwijsplicht naar inburgeringsplicht is nodig om inburgeraars meer mee te laten doen. We willen voorkomen dat de inburgeringsplicht vanuit de Wet Inburgering conflicteert met de kwalificatieplicht voor jongeren. Jongeren die jonger zijn dan 18 jaar en onderwijs volgen binnen de Internationale Schakelklas (ISK) van Curio, stromen op het moment dat zij 18 worden automatisch door naar de Z‑route bij een taalaanbieder. Dit leidt in de praktijk regelmatig tot ongewenste situaties, omdat veel van deze jongeren gebaat zijn bij het blijven volgen van regulier onderwijs, zodat zij een startkwalificatie kunnen behalen en hun kansen op duurzame participatie op de arbeidsmarkt vergroten. Om dit te realiseren zijn duidelijke werkafspraken nodig tussen de betrokken partijen, waaronder Werkplein, Curio en Tulp. Deze afspraken moeten ervoor zorgen dat onderwijs en inburgering goed op elkaar aansluiten en dat jongeren een geïntegreerd traject kunnen volgen. Het doel is om de schoolweek van jongeren in de Z‑route zo vorm te geven dat onderwijsactiviteiten en inburgeringsonderdelen in balans zijn en elkaar versterken. Op deze manier ontstaat een duurzaam en passend traject dat zowel voldoet aan wettelijke verplichtingen als aansluit bij de ontwikkelbehoeften van jongeren.