Beleidsplan 2021-2025 definitief.pdf
Tekst van het document
Beleidsplan Openbare Verlichting “Licht waar het moet, donker waar het kan” Gemeente Halderberge 2021 - 2025
W. Verstappen MONTAD
Inhoudsopgave 1 Inleiding 1.1 Aanleiding 1.2 Doelstelling 1.3 Leeswijzer 2 Waar moeten wij rekening mee houden? 2.1 Landelijke beleidskaders 2.1.1 De functies van de openbare verlichting 2.1.2 Verantwoordelijkheid 2.1.3 Richtlijnen openbare verlichting 2.1.4 Werkgeversverantwoordelijkheid 2.1.5 Wet Natuurbescherming 2.1.6 Politiekeurmerk Veilig wonen (PKVW) 2.1.7 SER Energieakkoord voor duurzame groei 2.1.8 Milieucriteria voor Maatschappelijk verantwoord inkopen: 2.2 Regionale beleidskaders 2.3 Gemeentelijke kaders 2.3.1 Verkeer 2.3.2 Raadsprogramma 2018-2022 3 Wat heeft Halderberge aan openbare verlichting? 3.1 Leeftijdsopbouw 3.2 Areaalopbouw naar type 3.2.1 Lichtbron eigenschappen 4 Wat wil Halderberge? 4.1 Ambitie en visie 4.1.1 Algemene uitgangspunten voor openbare verlichting 4.1.2 Renovatie 4.1.3 Duisternis 4.1.4 Techniek 4.1.5 Smart City – Smart Lighting 4.2 Beleidsregels Halderberge 4.2.1 Generieke beleidsregels 4.2.2 Gebied specifieke beleidsregels 5 Hoe gaan wij dat bereiken? 5.1 Scenario’s 5.2 Scenario komende beleidsperiode 5.3 Conclusie en aanbevelingen Bijlage 1 Milieucriteria voor Maatschappelijk verantwoord inkopen Bijlage 2 Specificaties Zhagaconnector Bijlage 3 Uitgangspunten berekening financiele doorrekening Bijlage 4 Gebruikte lampen Bijlage 5 Type materialen gerelateerd a/d functie van de weg Bijlage 6 SLEEC Bijlage 7 Voorpublicatie burgerparticipatie in
de openbare verlichting
-4-4-5-5-
-6-6-6-7-8-8-9-9- 10 - 11 - 11 - 11 - 11 - 12 -
- 14 - 14 - 15 - 16 -
- 17 - 17 - 17 - 17 - 18 - 18 - 18 - 21 - 21 - 25 -
- 28 - 28 - 29 - 34 - 37 - 38 - 39 - 44 - 45 - 47 - 48 -
-2-
-3-
1
Inleiding.
Een goede openbare verlichting is van belang voor de verkeersveiligheid, sociale veiligheid en leefbaarheid in Halderberge. Openbare verlichting levert een bijdrage aan een veilig en vlot transport van personen en goederen en het voorkomen van vandalisme en criminaliteit. Openbare verlichting bepaalt mede de visuele kwaliteit van wijken, bedrijventerreinen en winkelgebieden. Overdag door de visuele uitstraling, zorgvuldige plaatsing en goed onderhoud aan lichtmasten. In de avond door een goede, veilige en prettige verlichting. Met de uitbreiding naar een 24/7 economie ontstaat er steeds meer behoefte aan het faciliteren van openbare verlichting, ook daar waar we dat voorheen niet nodig achten. Er zijn geen wetten of strikte normen voor het plaatsen van openbare verlichting, dus de gemeente Halderberge heeft de ruimte om eigen beleid te bepalen. Naast de ‘klassieke’ veiligheidsaspecten, spelen ook duurzaamheid, ruimtelijke kwaliteit en economische afwegingen een steeds grotere rol in de keuze voor het plaatsen van verlichting en de materialen die worden gebruikt. Naast het wel verlichten van wegen en openbare ruimten is er een zeker zo groot belang om niet te verlichten. Er zal dus altijd voor een bepaalde locatie een goede afweging moeten worden gemaakt of er wel of niet verlicht moet/kan gaan worden.
Bij het opstellen van het beleid voor de openbare verlichting is er rekening gehouden met: de gestelde landelijke beleidskaders, regionale beleidskaders en de gemeentelijke beleidskaders. Binnen de landelijke beleidskaders wordt de verantwoordelijkheid van de gemeente, voor het totale beheer en onderhoud van de openbare ruimte, beschreven in relatie tot wat in de wet is bepaald, ofwel een goed rentmeesterschap. Naast de wet zijn er ook nog een aantal richtlijnen betrokken bij het opstellen van dit beleidsplan. Zo worden er richtlijnen gesteld aan de openbare verlichting, maar ook de werkgeversverantwoordelijkheid is tegen het licht gehouden. Naast deze specifieke zaken maken toch ook de wet natuurbescherming en het Politiekeurmerk Veilig Wonen als landelijke richtlijn onderdeel uit van het beleid van Halderberge. Tot slot is het Energieakkoord 2030, dat is opgesteld in opdracht van en in samenwerking met de Sociaal Economische Raad (SER), geraadpleegd. In het voorliggend beleidsplan zijn, op basis van de huidige stand van de techniek en rekening houdend met de landelijke en regionale doelstellingen, kaders opgesteld waarbinnen Halderberge haar licht op maat wil uitvoeren.
1.1 Aanleiding. De aanleiding voor het opstellen van het nieuwe beleidsplan is het verlopen van het huidige beleidsplan eind 2020, welke de periode 2016-2020 betrof. Halderberge heeft in 2016 bewust gekozen om de innovaties in de openbare verlichting, als de komst van LED, volwassen te laten worden alvorens dit als een “absolute must” toe te passen. De keuze om bestaande verlichting te vervangen door LED was en is geen automatische keuze. Als er bij vervanging kwalitatief gelijkwaardige vervanging aan LED mogelijk is wordt deze ook in het nieuwe beleid in de overweging meegenomen. Criterium hierbij is dan dat de gelijkwaardige oplossing even lang meegaat als LED, maar minder geld kost. Met name om deze reden was LED nog niet als standaard opgenomen in het beleidsplan wat in 2015 door de raad is vastgesteld (in de afgelopen jaren is overigens bijna altijd LED als oplossing geplaatst). Gezien de snelle ontwikkelingen van de laatste jaren zien wij als gemeente nu als het juiste moment om onze beleidskaders te herzien. Voor de openbare verlichting is de ambitie van Halderberge “Licht waar het moet, donker waar het kan".
Het implementeren van deze ambitie resulteert al sinds 2017 in een omgeving die bij avond en nacht bewust verlicht wordt op plekken waar zich maatschappelijke dynamiek afspeelt, maar waar het donker is op verlaten plekken en in het buitengebied, zodat donker ook daadwerkelijk donker is.
-4-
Er wordt hard gewerkt aan het ontwikkelen van een beleidskader, waarbinnen (financiële) instrumenten kunnen worden ingezet voor burgerinitiatieven en overheidsparticipatie. De gemeente Halderberge wil haar inwoners zoveel als mogelijk betrekken bij besluitvormingen op allerlei gebieden. Halderberge houdt rekening met ontwikkelingen binnen haar gemeente. Bij de vervangingsplannen die de afgelopen jaren zijn doorgevoerd is rekening gehouden met vergrijzing binnen Halderberge. De nieuwe verlichting wordt (vanaf 2016) daarom standaard minimaal 10% over gedimensioneerd zodat het lichtniveau, wanneer gewenst, op een later moment nog 10% kan worden opgeschakeld. In het Raadsprogramma 2018-2022 van Halderberge zijn beleidsambities opgenomen die specifiek voor onze gemeente zijn opgesteld. Een van de eerste is dat onze inwoners zicht thuis moeten voelen in Halderberge. Uiteraard kan dit op vele manieren worden bewerkstelligd. Ook de openbare verlichting kan hier haar steentje aan bijdragen. Ook het regionaal samenwerkingsverband met de gemeenten Etten-Leur, Moerdijk, Roosendaal, Rucphen en Zundert, benoemd als De6, staan in het raadsprogramma 2018-2022. Verder zijn voor de openbare ruimte groen, schoon en veilig, klimaatadaptie, verbeteren van de verkeersveiligheid en vervoer opgenomen als beleidsonderdelen in het Raadsprogramma.
Naast deze algemene zaken is het onderdeel “duurzaamheid en duurzame energie” een directe link naar de openbare verlichting. In het Raadsprogramma 2018-2022 wordt hierin het volgende beschreven: “De gemeente neemt haar verantwoordelijkheid waar het gaat om energiebesparing en verduurzaming van het eigen vastgoed en het maatschappelijk vastgoed. Bij de inkoop en uitbesteding van onder andere aanleg wegen en openbare verlichting, door de gemeentelijke organisatie, is duurzaamheid één van de wegingsfactoren.”
1.2 Doelstelling. Ons doel is om onze openbare verlichting dusdanig efficiënt in te richten dat het bijdraagt aan de sociale- en verkeersveiligheid en tevens zorgdraagt voor de juiste beleving in de donkere uren. Hierbij is aandacht voor verlichten op maat vanuit de gedachte “Licht waar het moet, donker waar het kan”. Dit houdt concreet in dat het uitgangpunt is om niet te verlichten wanneer dit geen onderbouwde toegevoegde waarde heeft. De doelstelling van dit beleidsplan is om: Toe te lichten op welke wijze er door de gemeente vorm wordt gegeven aan het beheer en onderhoud van de openbare verlichtingsobjecten; Inzichtelijk te maken hoe het huidige areaal aan verlichtingsobjecten met welk jaarlijks budget kan worden onderhouden; Inzicht te geven in het verloop van het meerjarig vervangingsplan van de openbare verlichting.
1.3 Leeswijzer. Om u als lezer structuur te bieden bij het lezen van dit beleidsplan is een onderverdeling gemaakt in vijf hoofdstukken. Hoofdstuk 1 staat geheel in het teken van de aanleiding en het doel van dit beleidsplan. Hoofdstuk 2 geeft antwoord op de vraag waar Halderberge rekening mee moet houden. Hierin worden de beleidskaders voor openbare verlichting benoemd en beschreven. In hoofdstuk 3 wordt de huidige stand van zaken van de openbare verlichting in Halderberge uiteengezet. Met al het voorgaande als uitgangspunten is hoofdstuk 4 gebruikt om de uiteindelijke beleidsregels van Halderberge te formuleren. Nu dit helder is, geeft hoofdstuk 5 inzicht in wat er nodig is om het beschreven beleid uit te kunnen voeren. Het financieel kader en het gekozen uitvoeringsscenario geven een richting naar de benodigdheden om tot invoering van het beleid te kunnen komen. Tot slot zijn er nog diverse bijlagen die ter ondersteuning van dit beleidsplan dienen.
-5-
2
Waar moeten wij rekening mee houden?
Openbare verlichting heeft veel raakvlakken met overige beleidsgebieden. Natuurlijk is er een sterke samenhang met het wegbeleid, maar bijvoorbeeld ook met duurzaamheid en veiligheid. Verder is niet alleen lokaal beleid relevant. Ook regionaal en landelijk beleid spelen een rol en zorgen voor kaders. Dit hoofdstuk geeft een overzicht van de relevante beleidskaders en de wijze waarop die invloed hebben op openbare verlichting binnen onze gemeenten en daarmee antwoord geven op de vraag: “Waar moeten wij rekening mee houden?”
2.1 Landelijke beleidskaders. 2.1.1 De functies van de openbare verlichting. Bij het implementeren van de Nederlandse Praktijk Richtlijn voor openbare verlichting (NPR13201-2017) binnen de gemeente, in combinatie met de uitvoering van het nieuwe beleid, is het van belang dat een goed onderbouwde keuze wordt gemaakt voor wat betreft het wel/niet verlichten en de wijze waarop verlicht wordt. Deze integrale afweging maakt Halderberge op basis van de volgende functies: Verkeersveiligheid; Sociale veiligheid; Ruimtelijke inrichting en leefbaarheid; Duurzaamheid*. * Hoewel duurzaamheid niet direct een functie is, wordt hij toch meegenomen in deze functie opsomming: Doel van de openbare verlichting
Verkeersveiligheid
Sociale veiligheid
Vlotte en veilige afwerking van het verkeer
Veilig gevoel voor de inwoner
Verlichting op gevaarlijke punten
Gelijkmatigheid van verlichting
Verminderen van risicoaansprakelijkheid
Voldoende lichtsterkte
Ruimtelijke inrichting / Leefbaarheid
Duurzaamheid
Sfeer door lichtkleur
Energiebesparing
Sfeer door vormgeving
Verminderen CO₂ uitstoot
Kwaliteit van de openbare verlichting
Figuur 4.2-1:Schematische weergave doelen openbare verlichting
Halderberge heeft, ook in het huidige beleidsplan, haar ambities afgestemd op het klimaatbeleid, dat de basis vormt voor het SER-Energieakkoord, en de inzet van openbare verlichting. “Licht waar het moet, donker waar het kan” is daarbij een passend uitgangspunt. Onnodig verlichten van openbare wegen kost niet alleen veel geld maar het heeft ook nadelige gevolgen voor het milieu en de natuur. Verkeersveiligheid. Onder verkeersveiligheid wordt een veilige en vlotte afwikkeling van het verkeer verstaan. Op de openbare weg is zicht de belangrijkste waarnemingsfactor om ons veilig te kunnen verplaatsen. In het donker wordt een groot deel van dit zicht beperkt. Deels wordt dit gecompenseerd door de verlichting van bijvoorbeeld auto’s of fietsers, maar deze verlichting is niet altijd voldoende voor veilig gebruik van de weg. De gebruiker kan niet verder kijken dan zijn eigen lichtstraal. Om ook in het donker te kunnen anticiperen op het overige wegverkeer, vooral in druk gebied, kan o.a. openbare verlichting helpen bij het vergroten van de verkeersveiligheid. De openbare verlichting kan dus van invloed zijn op de verkeersveiligheid bij duisternis. De verkeersdeelnemers moeten het verloop van de weg, de aanwezigheid van zijwegen, overige weggebruikers en eventuele obstakels kunnen waarnemen.
-6-
Sociale veiligheid. Openbare verlichting heeft een invloed op het veiligheidsgevoel van de gebruikers van de openbare ruimte. Een slecht verlichte omgeving, waarin weinig overzicht is, kan als onveilig worden ervaren. Dit terwijl dezelfde omgeving als veilig kan worden ervaren wanneer deze goed is uitgelicht. Dit, doordat iets of iemand herkenbaar is en een weggebruiker in staat wordt gesteld tijdig te reageren. Openbare verlichting kan dus ook sociale veiligheid bieden. Dit geldt echter niet altijd. Het vergroten van sociale veiligheid door het inzetten van openbare verlichting kan enkel op die plekken waar woningen staan en/of waar een intensief gebruik van de openbare ruimte plaatsvindt. Zonder deze sociale controle levert het verlichten van een openbare ruimte schijnveiligheid op. Ruimtelijke inrichting en leefbaarheid. Het juiste gebruik van verlichting versterkt het karakter van de openbare ruimte. Het plaatsen van klassieke lantaarns draagt bij aan de historische uitstraling van de omgeving. Het illumineren van karakteristieke en/of monumentale gebouwen verbetert de beleving van de openbare ruimte in het donker. De kleur van het licht speelt hierbij een grote rol. Zo levert verlichting met een gele (warme) gloed doorgaans een gezelligere ruimte op dan wit/blauwe (koude) verlichting. De keuze in toepassingen hiervan kan per situatie bepaald worden.
Heldere of witte gelijkmatige verlichting kan weer helpen bij het veiliger maken van de omgeving. Duurzaamheid. Gemiddeld gaat circa 30%-50% van de energie binnen een gemeente naar de openbare verlichting. Door te investeren in energiezuinige alternatieven zijn er gemiddeld genomen besparingen tot wel 40% op het energieverbruik van de openbare verlichting realiseerbaar. Openbare verlichting is dus een belangrijke factor in het totale energieverbruik binnen Nederlandse gemeenten; zo ook in Halderberge. Het verduurzamen van de openbare verlichting binnen onze gemeente leidt tot een grote stap in de verduurzaming van de gehele gemeente. Door verduurzaming wordt er een besparing op het milieu gerealiseerd, minder CO2-uitstoot en het levert een besparing op in de energiekosten, materiaal en onderhoud. Het beleid voor de openbare verlichting kan bijdragen aan het verlagen van de milieudruk, het energieverbruik en het voorkomen van natuurschade. Hiervoor moet aandacht worden besteedt aan de volgende aspecten: Lichthinder en lichtvervuiling (energiebesparing); Verlichtingssterkte (energiebesparing); Duisternis; Effectief gebruik van materialen (innovatieve oplossingen uit de markt).
2.1.2 Verantwoordelijkheid. Op basis van het Burgerlijk Wetboek kan de gemeente, als beheerder van de openbare ruimte, aansprakelijk gesteld worden voor wanneer de openbare ruimte niet voldoet aan de eisen die men daaraan in de gegeven omstandigheid mag stellen en waardoor er een gevaar voor personen en zaken ontstaat. Onder het nieuwe huidige recht is de schuldverantwoordelijkheid sinds enkele jaren omgezet in een risicoaansprakelijkheid. Dat wil zeggen dat de weggebruiker niet meer de schuld van de wegbeheerder hoeft aan te tonen maar slechts de gevaarlijke toestand van de weg en het daardoor intreden van het gevaar. De nieuwe bepaling zal sneller aansprakelijkheid van de gemeente als wegbeheerder met zich mee kunnen brengen dan voorheen het geval was. Wettelijk is nog niet vastgelegd aan welke kwaliteit de openbare verlichting moet voldoen, maar justitie hanteert op dit moment als enig houvast de Aanbevelingen voor Openbare Verlichting, uitgegeven door de NSVV. Een wegbeheerder is vrij om af te wijken van de aanbevelingen mits dit is onderbouwd en beleidsmatig is vastgelegd.
-7-
2.1.3 Richtlijnen openbare verlichting. Door de Nederlands Stichting voor Verlichtingskunde (NSVV) zijn diverse richtlijnen en aanbevelingen opgesteld over openbare verlichting. Deze richtlijnen en aanbevelingen gelden, landelijk, als vertrekpunt bij de toepassing van verlichting in de openbare ruimte. De NSVV heeft in combinatie met de NEN in januari 2017 de Nederlandse Praktijk Richtlijn (NPR13201-2017) gepubliceerd en uitgebracht. Deze publicatie dient als vervanging van de NPR13201-1:2002 en Ontwerp NPR 13201:2016. Tevens vervalt met het uitbrengen van de nieuwe richtlijn de tijdelijke richtlijn genaamd ROVL2011, welke na uitkomst als standaard richtlijn in Nederland werd gehanteerd. In 2014 is de Richtlijn voor Actieve Markering gepubliceerd door de NSVV. In deze richtlijn worden op basis van praktijkervaring handvaten geboden voor het toepassen van actieve markering. Actieve markering gebruikt het licht van bijv. koplampen om de omgeving te verlichten. Deze richtlijn biedt een standaardisatie, waarmee producenten betere producten kunnen ontwikkelen en geeft de weggebruiker een vertrouwd beeld. Deze actieve markering zou een oplossing kunnen bieden in gebieden waar reguliere openbare verlichting niet realiseerbaar is. Hierbij valt te denken aan onze buiten- en natuurgebieden. In maart 2020 heeft de NSVV de nieuwe “Richtlijn Lichthinder” gepubliceerd.
Met deze richtlijn wordt beoogd om een stap te zetten richting een evenwicht tussen natuur, mens en techniek. De gemeente Halderberge conformeert zich aan de verschillende richtlijnen a.d.h.v. de waarden toegekend aan stedelijke omgeving. Klachten over lichthinder worden individueel behandelt i.r.t. de richtlijn.
2.1.4 Werkgeversverantwoordelijkheid. Openbare verlichting is een elektrotechnische installatie en met die reden hebben we te maken met zowel de NEN-1010 als de NEN-3140. Waar de ene de veiligheid van de laagspanningsinstallatie beschrijft geeft de ander aan hoe je hier bedrijfsmatig veilig mee om kan gaan. Dé norm voor elektrotechnische laagspanningsinstallaties in woningen, gebouwen en infrastructuur is de NEN-1010 “Veiligheidsbepalingen voor laagspanningsinstallaties”. Deze norm heeft betrekking op het veilig aanleggen van nieuwe installaties, maar ook op aanpassingen van bestaande installaties. De NEN-3140 “Bedrijfsvoering van elektrische installaties - Laagspanning” is van toepassing op de bedrijfsvoering van elektrotechnische laagspanningsinstallaties in woningen, gebouwen en infrastructuur. Deze norm beschrijft het veilig werken aan en met deze installaties. Het wordt gezien als de juridisch sterkste methode om aantoonbaar te voldoen aan de eisen in het Arbobesluit met betrekking tot veilig werken aan en met de genoemde installaties. Het elektriciteitsnet, dat de openbare verlichting in Halderberge voedt, is grotendeels in beheer bij Enexis. Enexis voert naast beheer ook de regie over de veiligheid van het ondergrondse elektriciteitsnet, tot aan het aansluitblok achter het mastdeurtje in de mast.
Halderberge is daarbij verantwoordelijk voor het bovengrondse deel van de installaties. Het bedrijventerrein Borchwerf heeft een klein energienet dat geheel in eigendom en beheer van Halderberge is; een zogenaamd eigen net. Daarnaast zijn er nog een paar kleine eigen energienetwerken in Oudenbosch die in eigendom van Halderberge zijn (totaal ong. 100 meter). Sinds de nieuwe NEN3140 van 1998 moet iedere gemeente een Installatieverantwoordelijke hebben (een persoon met een elektrotechnische achtergrond). Die is er bij een gemeente vaak niet, ook niet bij Halderberge. De installatieverantwoordelijkheid kan ook worden overgedragen aan interne of zelfs externe partijen. Een Installatieverantwoordelijke (IV-er) is de persoon die de directe verantwoordelijkheid draagt voor de veilige bedrijfsvoering van de elektrische installatie en/of de elektrische arbeidsmiddelen. Dit omvat allerlei taken zoals beschreven in NEN 3140, die er op zijn gericht de veiligheid van de elektrische installaties en elektrische arbeidsmiddelen te waarborgen en het veilig werken ermee mogelijk te maken.
-8-
Halderberge heeft de Installatieverantwoordelijkheid gemandateerd aan de manager van het team Realisatie. Verder wordt de IV-er ingehuurd vanuit een extern bureau. Momenteel wordt bekeken om, in het kader van de D6, aan te sluiten bij de gemeenten Rucphen en Zundert. Verder wordt aan de verschillende aannemers, die aan elektrotechnische installaties (niet alleen voor de openbare verlichting maar o.a. ook aan gemalen van het drukriool, gebouwen en evenementenkasten) werken, gevraagd om, in het kader van de NEN 3140, de juiste bevoegdheden aan te tonen. Belangrijke taken en verantwoordlijkheden die bij Installatieverantwoordelijkheid komen kijken zijn onder andere: Het tijdig inspecteren en laten herstellen van gebreken, de veiligheid van elektrische installaties en het regelen van arbeidsmiddelen; Opzetten van een toegangsregeling voor ruimten en installaties met elektrisch gevaar; Het vaststellen van procedures voor bediening van, en werkzaamheden aan, elektrische installaties; Het toetsen en goedkeuren van plannen voor elektrische installaties; Het in gebruik nemen van elektrische installaties na werkzaamheden aan die installaties (en/of bij overdracht); Het opzetten van een Risico Inventarisatie en Evaluatie (RI&E) van alle elektrische installaties.
2.1.5 Wet Natuurbescherming. Sinds 1 januari 2017 is de Wet Natuurbescherming van kracht. Deze wet vervangt de Natuurbeschermingswet 1998, de Boswet en de Flora- en Faunawet. De Wet Natuurbescherming voorziet in de bescherming van planten- en diersoorten en kan daarmee uiteenlopende gevolgen hebben voor onze gemeente. Als aangetoond kan worden dat verlichting verstorend is voor bepaalde soorten kan op basis van deze wet worden besloten dat de lichtbron aangepast of zelfs verwijderd moet worden. Naast de Wet Natuurbescherming heeft Nederland de Europese Vogel- en Habitatrichtlijn geïmplementeerd in de wetgeving. Deze richtlijn voorziet in de bescherming van leefgebieden van verschillende planten- en diersoorten. De aangewezen Vogel- en Habitatrichtlijngebieden genieten een speciale bescherming, waardoor plannen/projecten met gevolgen voor een dergelijk gebied moeten worden getoetst aan bepaalde eisen. Verlichting kan negatieve gevolgen hebben voor fauna en toetsing van dit aspect is dan ook noodzakelijk binnen de omschreven richtlijngebieden. Vanuit de ecologie is verlichting in het buitengebied en in natuurgebieden niet wenselijk. De noodzaak van goede verlichting in de openbare ruimte mag vanuit het oogpunt van verkeers- en sociale veiligheid niet onderschat worden.
Het afstemmen van de verlichting in het natuurzones kan een belangrijke bijdrage leveren aan natuurbescherming en behoud van biodiversiteit. Vanuit deze gedachte is het raadzaam om in de natuurzones in onze gemeente te overwegen om verlichting weg te laten, verlichting aan te passen/vervangen door afgeschermde verlichting, te kiezen voor automatisch dimmende lichtbronnen of voor andere ecologisch verantwoorde mogelijkheden. Wij beschikken echter niet over een dergelijke gebied waarop deze wet direct van toepassing zou kunnen zijn. Op het moment dat een dergelijk gebied binnen onze gemeente wordt aangelegd of wordt aangewezen zal de gemeente zich aan deze wet moeten conformeren.
2.1.6 Politiekeurmerk Veilig wonen (PKVW). Eind 1994 startten de Politie Holland Midden, de ministeries van Binnenlandse Zaken en Justitie en de stuurgroep “Experimenten Volkshuisvesting” een regionaal experiment met het “Politiekeurmerk Veilig Wonen”. Nieuwbouwwijken en bestaande wijken die aan bepaalde - in een handboek vastgestelde – eisen voldoen, komen voor het keurmerk in aanmerking. De eisen zijn afgestemd op de praktijk van het inbreken. Maar ook de sociale veiligheid in de directe omgeving speelt een rol. Eisen voor verlichting maken uiteraard een belangrijk - en veel besproken - deel uit van het pakket. Sinds medio 1996 bestaat er een samenwerking tussen het Politiekeurmerk Veilig Wonen en de NSVV. Het politiekeurmerk is in eerste instantie bedoeld voor de directe woonomgeving. Ruimtes die door een ieder kunnen worden gebruikt (particulier of openbaar) vallen
-9-
onder de verantwoordelijkheid van de betreffende eigenaar. De openbare verlichting maakt onderdeel uit van het politiekeurmerk. Het keurmerk volgt grotendeels de richtlijnen en aanbevelingen van de NSVV en stelt nadere eisen aan de mate van de verlichting. Het toepassen van het keurmerk is een gemeentelijke keuze en vormt geen verplichting. Daarnaast heeft het toepassen van het Politie Keurmerk Veilig Wonen (PKVW) alleen zin als de gehele openbare ruimte waarin de installatie zich bevindt, zoals ook het groen en het hang- en sluitwerk van een gebouw, voldoet aan het PKVW. Halderberge heeft, met het vaststellen van eerdere beleidsplannen, de keuze gemaakt hieraan te willen voldoen.
2.1.7 SER Energieakkoord voor duurzame groei. Het SER-Energieakkoord vormt de basis voor het landelijke energie- en klimaatbeleid tot 2030. Het bevat afspraken over energiebesparing, schone technologie en klimaatbeleid. Uitvoering hiervan moet resulteren in een betaalbare en schone energievoorziening, werkgelegenheid en een duurzame economie. Het Energieakkoord is getekend door ruim 40 organisaties, waaronder de VNG, IPO, UvW, Rijksoverheid, natuur-, milieu- en andere maatschappelijke organisaties. Voor openbare verlichting wordt gestreefd naar een versnelde renovatie van het huidige, grotendeels verouderde areaal. In het SER-Energieakkoord staan de volgende doelstellingen voor openbare verlichting (OVL) en verkeersregelinstallaties (VRI's): 1) 2) 3) 4)
20% energiebesparing in de OVL en verkeersregelinstallaties (VRI's)* in 2020 t.o.v. 2013; 50% energiebesparing in OVL en VRI's in 2030 t.o.v. 2013; 40% slim energiemanagement in OVL in 2020 t.o.v. 2013; 40% energiezuiniger OVL in 2020 t.o.v. 2013.
* Gelet op het minimum aantal VRI’s binnen Halderberge (2, waarvan 1 gelegen binnen het beheergebied van Borchwerf II) wordt dit verder buiten beschouwing gelaten. - De definitie van slim energiemanagement in de OVL is: het anders schakelen dan het standaard avond / nacht schakelen, aangeboden door de netbeheerder en het regelen van het lichtniveau (dimmen). - De definitie van energiezuinige OVL is: het voorzien van energiezuinige lichtbronnen en/of VSA/driver en de mate van energiezuinigheid gebaseerd op efficiëntie, effectiviteit en haalbaar/toepasbaar op dat moment. Belangrijk om te weten is dat de vier doelstellingen gelden voor heel Nederland, alle openbare verlichting en verkeersregelinstallaties van gemeenten, provincies, waterschappen en Rijkswaterstaat tezamen. Dus niet iedere gemeente hoeft 20% en 50% energiebesparing te halen. 95% van de OVL in Nederland is eigendom van de gemeenten. Het referentiejaar voor doelstelling 1 en 2 is 2013. Gemeenten die al veel energie bespaard hebben in de periode tot 2013 dragen echter wel bij aan doelstellingen 3 en 4 en kunnen bovendien tot voorbeeld dienen voor andere gemeenten én deze helpen. Als we kijken naar het totaal landelijke elektrisch energieverbruik versus dat van Halderberge blijkt dat we onder het totaal landelijk gemiddelde zitten. Halderberge verbruikt ca.
45,5 kWh/m² tegenover zo’n 49,7 kWh/m² gemiddeld in Nederland. Kijken we naar de omliggende gemeenten dan zien we de volgende prestaties: Rucphen: 63,2 kWh/m² Etten-Leur: 47,9 kWh/m² Moerdijk: 53,2 kWh/m² Steenbergen: 51,2 kWh/m² Roosendaal: 46,0 kWh/m² (Bron: Waar staat je gemeente van de VNG)
Bij het maken van keuzes voor beleid op het gebied van openbare verlichting worden er landelijk duurzaamheidscriteria overwogen. Indien goed onderbouwd kan er worden afgeweken van de criteria. Dit, omdat de inzichten en materialen op het gebied van openbare verlichting, binnen de beleidsperiode 2021 t/m 2025, snel kunnen veranderen.
- 10 -
Momenteel zijn deze als volgt: Duurzaamheidscriteria Toepassen van milieuvriendelijk geproduceerde materialen. Toepassen van verlichtingsmiddelen met een hoge levensduur en recyclingmogelijkheden. Toepassen van verlichtingsmiddelen die efficiënt en energiezuinig zijn (minder CO2). Dimmen van lichtbronnen in nachtelijke uren, om zo energie te besparen (minder CO2) en het milieu te ontlasten (lichtvervuiling). Hergebruiken van vrijkomende materialen. Afvoeren van defecte gasontladingslampen naar een erkende verwerker. Voorkomen van lichthinder door kritisch ontwerp (wel of niet verlichten, afstand t.o.v. bomen en struiken) en dimmen.
2.1.8 Milieucriteria voor Maatschappelijk verantwoord inkopen. De huidige Milieucriteria worden momenteel geëvalueerd en zullen snel een update ondergaan waarna ze worden gepubliceerd. Omdat de exacte datum van publicatie nog niet bekend is houden wij ons voorlopig nog aan de huidige Milieucriteria, zoals gegeven in bijlage 1. Aanvullend hanteren wij als gunningscriteria dat materialen demontabel en scheidbaar moeten zijn in alle toe te passen materialen voor de openbare verlichting. Eén van de belangrijke onderdelen van de Duurzaam Inkopen criteria voor openbare verlichting is de invoering van het energielabel. Een energielabel is een maatstaf voor de afnemer van het product om te zien hoe zuinig, milieuvriendelijk en/of energiebesparend het aangekochte product is. De ‘Handleiding Energielabeling Openbare Verlichting’ in mei 2010 uitgegeven door de NSVV en het Agentschap NL is een maat voor het energieverbruik bij een bepaalde prestatie.
2.2 Regionale beleidskaders. De regionale samenwerking in de vorm van gemeenschappelijke regelingen heeft een enorme vlucht genomen, zoals beschreven in het Raadsprogramma 2018-2022. Samenwerking in het samenwerkingsverband met “De6” maakt een verbinding tussen de gemeenten Halderberge, Etten-Leur, Moerdijk, Roosendaal, Rucphen en Zundert. Op initiatief van de voorzitter van de Raad wordt actief gezocht naar een betere controle en verantwoording van de gemeenschappelijke regelingen. Er wordt onder andere gekeken hoe de participatie en de democratische verankering van de verbonden partijen kan worden versterkt. Zo wordt momenteel de mogelijkheid onderzocht voor een gezamenlijke regeling, tussen de gemeenten die deelnemen in de D6, voor de Installatieverantwoordelijkheid bij elektrotechnische installaties.
2.3 Gemeentelijke kaders. Voor de gemeentelijke beleidskaders zijn gemeentelijke afspraken/stukken opgenomen met directe raakvlakken op de openbare verlichting. Overigens is er voor de technische aspecten voor de OVL door de gemeente Halderberge een richtlijn (ROA-OVL) opgesteld, waarbij de landelijke regelgeving de basis is.
2.3.1 Verkeer. De gemeente stimuleert positieve gedragsbeïnvloeding van verkeersdeelnemers. Dat kan door het nemen van fysieke maatregelen, maar ook door weggebruikers bewust te maken van hun verkeersgedrag en verantwoordelijkheid in de (eigen) omgeving. Kwetsbare verkeersdeelnemers verdienen bescherming. De
- 11 -
gemeente betrekt de positie van deze kwetsbare verkeerdeelnemer bij de voorbereiding van plannen voor de inrichting van de openbare ruimte. Door het toepassen van intelligente verlichting wordt de veiligheid bij voetgangersoversteekplaatsen en scholen verhoogd. Binnen Halderberge zijn op diverse plaatsen zogenaamde “Zebrasafes” neergelegd. Deze Zebrasafes zijn zebrapaden met verlichting waarmee de zichtbaarheid en de veiligheid bij het oversteken wordt verhoogd. Daarnaast worden fietspaden voorzien van goede verlichting. Langs het fietspad op het bedrijventerrein aan de Bosschendijk zijn sensors geplaatst die het licht afwaarderen als er geen fietsers zijn en weer opwaarderen als er fietsers langs komen. Langs de St Antoinedijk zijn drukknoppen geplaatst waarbij fietsers kunnen kiezen voor verlichting. Dit alles valt onder het verbeteren van de verkeersveiligheid en de veiligheid.
2.3.2 Raadsprogramma 2018-2022. De gemeenteraad heeft in het raadsprogramma 2018-2022 acht punten opgenomen die volgens alle partijen een prominente plaats moeten hebben in het raadsprogramma. Die punten zijn: Verhogen veiligheid(sgevoel) en betere handhaving; Zorgdragen voor meer woningbouw die aansluit bij de behoefte; Stimuleren lokale economie/ werkgelegenheid en tegengaan leegstand; Goede zorg op maat/ totale sociaal domein op orde; Verbeteren onderhoud van het openbaar gebied; Duurzaamheid en duurzame energie stimulering; Verbeteren verkeersveiligheid. Financieel beleid het moet blijven kloppen. De dikgedrukte punten hebben direct raakvlak met de openbare verlichting en worden hieronder nog eens verduidelijkt. Verhogen veiligheid(sgevoel). In het raadsprogramma 2018-2020 worden een aantal verhogende maatregelen benoemd als het gaat om het veiligheidsgevoel. Openbare verlichting kan daar zeker een bijdrage aan leveren. Goede, werkende openbare verlichting op de juiste plaatsen is van groot belang voor het veiligheidsgevoel. Uit onderzoek is gebleken dat met name wit licht, veelal bij toepassing van LED verlichting, een goede bijdrage levert aan het veiligheidsgevoel. Dit komt omdat wit licht een hele goede weergave heeft van kleuren, waardoor herkenning van objecten en personen wordt verhoogd. Verbeteren onderhoud van het openbaar gebied.
Naast de algemene verbeteringen, die in het raadsprogramma 2018-2022 zijn beschreven, zien we ook specifiek voor de openbare verlichting mogelijkheden tot verbetering. Het vervangen van de bestaande verlichting door LED resulteert uiteindelijk ook in een verlaging van de onderhoudskosten. LED verlichting heeft een langere levensduur dan de bestaande conventionele verlichting en er is minder onderhoud nodig, bijvoorbeeld voor het vervangen van lampen. Duurzaamheid en duurzame energie stimulering. Halderberge kan voorwaardenscheppend optreden en een voorbeeldfunctie vervullen in het bewustzijn over duurzaamheid en duurzame energie. Halderberge neemt dan ook haar verantwoordelijkheid waar het gaat om energiebesparing en verduurzaming van het eigen én het maatschappelijke vastgoed. Bij inkoop en uitbesteding van onder andere openbare verlichting door de gemeentelijke organisatie is duurzaamheid één van de wegingsfactoren. Ook wordt de aanleg van oplaadpunten voor elektrische voertuigen vergemakkelijkt, gestimuleerd en betrokken bij de aanleg van (nieuwbouw)projecten.
- 12 -
Verbeteren verkeersveiligheid. Het verbeteren van de verkeersveiligheid speelt een rol, zonder te kort te doen aan andere vormen van veiligheid(sgevoel). Informatievoorziening en gedragsbeïnvloeding worden ingezet, bijvoorbeeld door de Zebrasafes en de drukknop langs de St Antoinedijk. Een andere mogelijkheid hiervoor is realiseerbaar door het toepassen van een adaptief toestel aan een verlichtingsarmatuur. Door gebruik te maken van een zogenaamde “Zhaga-connector” kan bijvoorbeeld een camera worden toegevoegd aan het verlichtingsarmatuur. Hiermee kan het verkeer desgewenst worden gemonitord en kan beïnvloeding van gedrag worden toegepast aan de hand van dat wat is waargenomen. Dat kan door het nemen van fysieke maatregelen, maar ook door weggebruikers bewust te maken van hun verkeersgedrag in de eigen omgeving. Wellicht zijn er in de toekomst ook voorzieningen mogelijk om een gedegen temperatuurmeting van de omgeving uit te voeren en daar de gladheidsbestrijding op toe te passen.
- 13 -
3
Wat heeft Halderberge aan openbare verlichting?
Om dit beleidsplan in het juiste perspectief te kunnen beschouwen, is het van belang om een beeld te kunnen vormen van de omvang en de karakteristieken van de openbare verlichting in onze gemeente. In dit hoofdstuk wordt er antwoord gegeven op de vraag “Wat hebben wij aan materialen in de openbare verlichting?” in de .gemeente Halderberge. Omvang areaal openbare verlichting Halderberge (incl. VVP 2019-2020) Lichtmasten Armaturen totaal Armaturen conventioneel 7.018 7.131 5.269
Armaturen LED 1.862 (ca. 24%)
De masten zijn grotendeels aangesloten op het netwerk van Enexis. Door het aansluiten van de lichtmasten op het net van Enexis hoeft Halderberge (behalve in het gebied van Borchwerf II, wat is geregeld binnen het parkmanagement) geen rekening te houden met vervangingsleeftijden van ondergrondse kabels en/of voedingskasten. In maart 2020 bedroeg het energieverbruik van de openbare verlichting 1.111.000 kWh. (Bron: beheerprogramma MOON van de gemeente Halderberge).
Verder zien we de volgende cijfers betreffende de openbare verlichting van Halderberge.
Aandeel zuinige openbare verlichting (%)
Aandeel slimme openbare verlichting (%)
Openbare Verlichting Halderberge Aandeel Groeipercentage Percentage openbare aantal elektriciteitsbesparing verlichting met lichtbronnen openbare verlichting Ledlampen (%) openbare en VRI’s t.o.v. 2013 verlichting t.o.v. (%) 2013 (%)
64 11 24 9,6 (Bron: beheerprogramma MOON van de gemeente Halderberge).
8
Stroomverbruik openbare verlichting en VRI’s in relatie tot het totaal aan stroomverbruik binnen de gemeente Halderberge (%) 37
3.1 Leeftijdsopbouw. Op basis van de inventarisatie is er een analyse gemaakt van het door de gemeente beschikbaar gestelde beheerbestand. In de onderstaande tabellen is een overzicht gemaakt van de leeftijden van de masten en armaturen. De gemiddelde leeftijd van stalen lichtmasten ligt rond de 20 jaar. De jongste masten zijn geplaatst in 2020 en de oudste zijn ouder dan 40 jaar, hoewel de categorie <40 jr. slechts 7% betreft (technische levensduur stalen masten is landelijk gezet op 40 jaar). Bij aluminium lichtmasten ligt de gemiddelde leeftijd iets lager. Hier ligt de gemiddelde leeftijd rond de 15 jaar. Bij aluminium lichtmasten is ongeveer 35% ouder dan 30 jaar (technische levensduur aluminium masten is landelijk gezet op 30 jaar).
Tabel 3.1-1: Leeftijdsopbouw areaal lichtmasten openbare verlichting gemeente Halderberge (bron: gemeente Halderberge)
- 14 -
Het mogelijk verlengen van de door Halderberge gehanteerde verwachte technische levensduur brengt risico’s met zich mee. Bij lichtmasten kan de leeftijd een probleem worden, wanneer deze ouder zijn dan 35 jaar. Door het uitvoeren van een stabiliteitsmeting kan worden vastgesteld of en hoelang de levensduur verantwoord en gegarandeerd kan worden verlengd. Dit zijn dan wel extra onderzoekskosten. Daarbij is de kwaliteit van het ondergrondse deel niet te zien en in te schatten en blijft veelal het kritische punt. Bij armaturen is de gemiddelde leeftijd 9 jaar en is 30% ouder dan 20jaar.
Tabel 3.1-2: Leeftijdsopbouw areaal armaturen openbare verlichting gemeente Halderberge (bron: gemeente Halderberge)
Verlichtingsarmaturen ouder dan 20 jaar krijgen te maken met andere verouderingsverschijnselen. Zo zal de lichtkap van deze categorie armaturen vaak dof worden waardoor er minder licht uit het armatuur komt. Vaak zijn oudere typen verlichtingsarmaturen en/of onderdelen daarvan niet meer verkrijgbaar in verband met uitfasering door de fabrikant. Het door ouderdom defect raken van armaturen resulteert dan uiteindelijk in hogere kosten, meer storingen en langer doorlooptijden voor oplossen van storingen.
3.2 Areaalopbouw naar type.
Tabel 3.2-1: Areaal opbouw naar type lampen (bron: gemeente Halderberge)
De bovenstaande grafiek laat de opbouw van het aantal lampen per type zien waarbij is te analyseren dat er nog circa 33% van het huidige areaal tot de categorie minder tot niet zuinige lampen behoort. In bijlage 4 worden de gebruikte afkortingen in de tabel verklaart. Het overgrote deel van het areaal is voorzien van lichtmasten met een PL lichtbron. Deze lampsoort kan worden gezien als de ‘spaarlamp’ voor de openbare verlichting. Met deze reden is het areaal al behoorlijk energiezuinig. Aanvullend maatregelen kunnen alsnog genomen worden voor verdere verduurzaming van het areaal. Het vervangen door LED-armaturen in combinatie met het dimmen van een installatie in de nachtelijke uren is hiervan een weg die al is ingeslagen in Halderberge. Het vervangen van de armaturen met hogere vermogens zal snel resulteren in het verduurzamen van de installaties.
- 15 -
De onderverdeling van de lichtmasten in lichtpunthoogte en materiaalsoort is in onderstaande tabel weergegeven. Vanwege de grote verschillen in aantallen is voor de weergave gekozen voor een tabel in plaats van een grafiek. Lichtpunthoogte t/m 4 meter >4 t/m 6 meter >6 t/m 8 meter >8 t/m 10 meter Totaal
Materiaalsoort Staal 3.042 1.939 1.013 83 6.077
Gietijzer 2
2
Aluminium 513 364 58 4 939
Aantal 3.557 2.303 1.071 87 7.018
Tabel 3.2-2: Areaal opbouw naar type en materiaalsoort lichtmasten (bron: gemeente Halderberge)
3.2.1 Lichtbron eigenschappen. In de voorgaande paragraaf zijn een aantal lamptypen genoemd die in onze gemeente zijn te vinden. Al deze typen hebben, zoals te zien in onderstaande tabel, hun eigen specifieke karakters en zijn daardoor niet door elkaar te gebruiken. Lamptype**
Toepassing
Karakteristiek
Gemiddelde technische levensduur *
SOX**
Hoofdwegen
Oranje-geel licht, goede waarneming van
9.000 branduren
objecten, slechte waarneming van kleuren.
(circa 3 jaar)
Wordt gezien als inefficiënte lichtbron. SON-
Hoofdwegen
(T)(PLUS) PLE, PLS,
Alle wegen, woonstraten
PLL, PLT
Geel-oranje licht, goede waarneming van
12.000 branduren
objecten, verminderde waarneming van kleuren
(circa 4 jaar)
Wit licht goede waarneming van objecten, goede
16.000 branduren
waarneming van kleuren
(circa 4 jaar)
CPO-TT,
Hoofdwegen, woonstraten
Wit licht goede waarneming van objecten, goede
16.000 branduren
CDO-TT,
en winkelgebieden
waarneming van kleuren.
(circa 4 jaar)
Alle wegen, woonstraten
Wit licht goede waarneming van objecten, goede
100.000 branduren
en winkelgebieden
waarneming van kleuren
(circa 25 jaar), o.b.v.
CDM-TT LED
L80F10 TL-
Alle wegen, woonstraten
(D)(E)(S)**
Wit licht goede waarneming van objecten, goede
16.000 branduren
waarneming van kleuren. Wordt gezien als
(circa 4 jaar)
inefficiënte lichtbron. HPL-N**
Alle wegen, woonstraten
Wit licht goede waarneming van objecten, goede
50.000 branduren
waarneming van kleuren
(circa 12,5 jaar)
Tabel 3.2.1-1 Karakteristieken lichtbronnen *) Het aantal getoonde branduren is een gemiddelde dat de leveranciers opgeven. **) Dit type lampen is of wordt binnenkort uitgefaseerd waardoor leveren niet of nauwelijks mogelijk is.
- 16 -
4
Wat wil Halderberge?
In de voorgaande hoofdstukken is uitgebreid stilgestaan bij wat er op basis van de techniek verwacht wordt en wat de huidige stand van zaken van de openbare verlichting in Halderberge is. In dit hoofdstuk richten we ons op hoe we ons beleid vanaf heden in Halderberge gaan profileren. Hierbij komen zowel algemene als specifieke zaken aan bod. Daarmee wordt invulling gegeven aan de vraag “Wat wil Halderberge?”
4.1 Ambitie en visie. Halderberge wil haar openbare verlichting op een zo duurzaam mogelijke wijze invulling geven. Zo duurzaam mogelijk betekend dat er onder andere wordt gekeken naar leeftijd, type lamp en materiaal. Vervanging van materialen, die hun einde technische levensduur nog niet hebben bereikt, zou leiden tot kapitaalsvernietiging wat natuurlijk niet wenselijk is. Als de materialen echter wel in aanmerking komen voor vervanging, dan wordt er voor een duurzame oplossing gekozen.
4.1.1 Algemene uitgangspunten voor openbare verlichting. Openbare verlichting heeft tot doel om bij duisternis (circa 4.000 uur per jaar = 47 % van het jaar) het openbare leven zo goed mogelijk te laten functioneren. Hoewel met openbare verlichting het niveau van het daglicht niet bereikt kan worden, moet de openbare verlichting wel bijdragen aan een veilige woon- en leefomgeving. Een goede kwaliteit van de openbare verlichting is van groot belang om dit doel te bereiken. Wij stellen als uitgangspunt “Licht waar het moet, donker waar het kan” voor. Er wordt gestreefd naar het gebruik van openbare verlichting op het niveau dat deze recht doet aan alle functies wat openbare verlichting moet hebben, wanneer de situatie er om vraagt. Halderberge wil er naar streven dat de openbare verlichting duurzaam en tegen acceptabele kosten bijdraagt aan: De verkeersdoorstroming en de verkeersveiligheid; Het gevoel van sociale veiligheid; Het creëren van sfeer / gezelligheid / identiteit. Bovenstaande bijdrage moet binnen onze gemeente nagestreefd worden met in het achterhoofd houdend dat de openbare verlichting in de bijdrage geen tot zo min mogelijk hinder veroorzaakt voor haar omgeving. Hierbij valt te denken aan de natuur maar ook richting de bewoners van de gemeente en de weggebruikers.
4.1.2 Renovatie. Halderberge heeft haar renovatie van openbare verlichting goed op orde. Aan de huidige mastleeftijden, opgenomen in de tabel in paragraaf 3.1, is te zien dat er periodiek vervanging heeft plaatsgevonden. Op het gebied van armatuurvervangingen hebben we, gezien de snelheid van ontwikkelingen in LED en dimmen, ook goed ingezet. Van het totaal aantal lichtpunten zijn er inmiddels al ongeveer 2.000 vervangen door een energiezuiniger variant. Wij hanteren voor stalen lichtmasten een economische levensduur van 40 jaar en 30 jaar voor aluminium. Voor armaturen hanteren we een technische levensduur van 20 jaar. Het streven is de masten en armaturen aan het einde van de technische levensduur te vervangen. Daarmee wordt voorkomen dat de technische staat zodanig verslechtert dat het risico op uitval of schade te groot wordt. Daarnaast geldt bij veel oudere armaturen dat de techniek en materiaalkeuzes verouderd of niet duurzaam zijn, en onderdelen niet meer worden geleverd. Bij het massaal vervangen van lampen op basis van de branduren, de zogenaamde remplace, wordt gestreefd naar het voorkomen van ad-hoc werkzaamheden. Deze wijze van vervangen is in de praktijk relatief goedkoper dan ad-hoc vervangingen. Zo is het goedkoper om de lichtmasten in een straat eenmalig allemaal te vervangen, dan dat er op verschillende momenten één of enkele worden vervangen.
Bij het toepassen van armaturen met LED-verlichting is het raadzaam om in heel de straat de armaturen te vervangen, waardoor de mate van licht in
- 17 -
heel de straat nader kan worden afgestemd en incidentele uitval van (oudere) armaturen/ lampen wordt voorkomen.
4.1.3 Duisternis. Het beleid voor de openbare verlichting in Halderberge, zoals beschreven in paragraaf 1.2, willen we richten op “Verlichten daar waar het moet, donker waar het kan”. Alle verlichting zal daarom goed en doelmatig worden uitgevoerd. Vrij vertaald betekend dit dat er wordt verlicht zodat het openbare leven bij duisternis veilig en leefbaar is. Daarbij wordt de duisternis, daar waar nodig, zoveel mogelijk gerespecteerd.
4.1.4 Techniek. In tegenstelling tot een aantal jaren geleden bevat openbare verlichting steeds meer techniek. Was het jaren geleden alleen mogelijk om de verlichting ’s-avonds aan en ’s-morgens uit te doen, zo kunnen we nu steeds meer. Met de komst van de nieuwe technieken hebben we steeds meer licht op maat. Daarbij gaat de verlichting alleen aan wanneer het moet en kan de lichtsterkte worden aangepast aan de behoefte van de gebruiker. Het is en blijft een uitdaging om met een juiste toepassing van openbare verlichting en de beschikbare technieken te voldoen aan alle gewenste vormen van veiligheid en beeldkwaliteit voor de openbare ruimte. Hierbij moet de openbare ruimte zo optimaal mogelijk worden bediend, tegen zo laag mogelijke kosten.
4.1.5 Smart City – Smart Lighting. Smart City is een term die meer en meer wordt gebruikt in de wereld van de openbare ruimte. Maar wat is Smart City en wat kunnen we er mee? Smart City gebruikt technologie om de kwaliteit, de prestaties en de interactiviteit van verschillende diensten in de openbare ruimte te combineren en te verbeteren. Daarbij maakt “The Internet Of Things” het mogelijk dat technologie slim met elkaar verbonden kan worden (communicatie via internet) en maakt hierdoor alle manieren van directe sturing mogelijk. Door interactief op behoefte te sturen kunnen de gebruikskosten omlaag en kan er meer efficiënt op output worden gestuurd. Smart City en de ontelbare mogelijkheden bieden een oplossing voor diverse problemen of behoeftes in de openbare ruimte. Innovatieve technieken en ICT/infra helpen in deze sturing en interactie. Smart City oplossingen zijn heel divers en in alle vormen en maten in te vullen. Onderstaand zijn een aantal mogelijkheden beschreven van zaken die Smart City mogelijk maakt. Crowd-control: sturen van groepen mensen bij bijvoorbeeld evenementen; Sturen van verkeersstromen op basis van verkeersintensiteit; Verbeteren van de luchtkwaliteit door beïnvloeding van uitstoot; Reageren op calamiteiten door meting van bijvoorbeeld luchtkwaliteit, geluid etc.; Vuilnisdiensten op afroep; vuilcontainers geven melding bij ledigingsbehoefte.
- 18 -
Figuur 4.1.5-1: Schematische weergave mogelijkheden Smart City
De ontwikkeling van Smart City mogelijkheden is continu en nog lang niet afgelopen. Het is slechts de vraag; Welk probleem wil ik oplossen? Of in welke behoefte wil ik voorzien? Bijna alle problemen zijn nu, of in de toekomst in te vullen met een Smart City oplossing. Het is slechts een kwestie van tijd…én geld. Smart Lighting.
Smart Lighting (Slim Licht) is een onderdeel van Smart City dat zich specifiek richt op de moderne technologie rond de verlichting. In de openbare verlichting vertaald dit zich in de vorm van op afstand bestuurbare en beheerbare armaturen en verlichting. Met de hedendaagse technologie kunnen armaturen of lampen (systemen) zelf communiceren met het beheersysteem van de beheerder. Het schouwen van het areaal zal doormiddel van deze nieuwe technieken in de toekomst anders kunnen worden ingericht. Dit zou jaarlijks ook minder frequent kunnen door o.a. de langere levensduur van Ledlampen. Op termijn zorgt dit voor een meer efficiënter en kostenbesparend beheer. De wijze van verbinding en communicatie met openbare verlichting is op verschillende manieren in te vullen met elk hun eigen voor en nadelen. De keuze die hierin gemaakt moet worden is belangrijk voor het type oplossing dat beoogd wordt. Zo zorgen camera’s of complexe sensoren voor veel data verkeer. Bij een ‘simpele’ vraag of een lamp in een lichtmast werkt is dit meer efficiënt in kosten en bereik. In beide gevallen zal d.m.v. een controller contact moeten worden gezocht met een lichtmast die weer communiceert naar een communicatieplatform.
- 19 -
Figuur 4.1.5-2: Schematische weergave opzet communicatie Smart-Lighting
Naast het op afstand kunnen beheren van de openbare verlichting biedt Smart Lighting ook de mogelijkheid om het licht te sturen. Zo wordt het mogelijk om bij veiligheidssituaties het verlichtingsniveau op te schalen tot een voor de veiligheidsdienst/handhaving vooraf vastgesteld niveau. Daarnaast kan dynamisch dimmen, daar waar het toegepast wordt, er voor zorgen dat de doelstellingen voor duurzaamheid ingevuld kunnen worden en licht naar behoefte kan worden gestuurd. Deze mogelijkheden zijn in Halderberge al op een aantal plaatsen toegepast. Zo is er op de St. Antoinedijk een drukknopsysteem geplaatst waarmee het licht kan worden aangedaan als daar behoefte voor is. Langs het fietspad op het bedrijventerrein Oudenbosch zijn sensoren aanwezig die de verlichting automatisch opschalen als er fietsers in een afgebakend gebied aanwezig zijn. De verlichting bij de Brede school in Hoeven, Oud Gastel en Oudenbosch zijn met betrekking tot het lichtniveau, op afstand op- en af te schakelen. Dit beleidsplan beoogt de openbare verlichting, naast te verduurzamen, ook toekomstbestendig in te richten. Om dit te realiseren moet nieuw te plaatsen openbare verlichting ingericht zijn voor de toekomst.
De keuze is vervolgens om de verlichting direct te voorzien van apparatuur om te kunnen communiceren of de armaturen zo in te richten dat bij behoefte in de toekomst deze functie eenvoudig kan worden uitgebreid. Door de toenemende behoefte aan Smart Lighting concepten wordt het tijd om te “normaliseren”. Er lijkt nu een universele oplossing in de maak te zijn om dit normaliseren tot een soort van standaard te verheffen. De ontwikkeling van een genormaliseerde (Zhaga)connector is de eerste stap in het normaliseren van Smart Lighting (bijlage 2). Al met al zullen de kosten van een armatuur een fractie hoger zijn in verband met het vooraf uitrusten met een dergelijke connector. Echter de kosten om een module direct bij levering aan te brengen zijn natuurlijk vele malen lager dan nadat het armatuur al is geplaatst. Er zijn ook veel minder risico’s met het ingrijpen op het armatuur zelf. Een interessante ontwikkeling dus zeker omdat we nog helemaal niet weten wat we uiteindelijk met Smart City willen bereiken. Vooruitlopend op wat in hoofdstuk 5 is beschreven, worden vanaf dit jaar alle nieuwe armaturen in de gemeente Halderberge voorzien van de gestandaardiseerde connector (Zhaga). Deze connector maakt het mogelijk om in de toekomst snel in connectiviteit uit te kunnen breiden. Het is bijvoorbeeld nu al mogelijk om lampen (systemen) zelf te laten melden als zij defect zijn.
Op deze manier hoeft een burger geen melding te maken en kunnen er ook geen verkeerde of zelfs dubbele meldingen meer worden gegenereerd. Het vraagt wel een iets hogere investering in aanschafkosten. De volgende stap is de mogelijkheid om het tijdstip van dimmen en de hoeveelheid van dimmen op elk gewenst moment eenvoudig aan te kunnen passen aan de behoefte van bewoners en weggebruikers. Hiermee wordt het beheer van openbare verlichting nog efficiënter en meer en meer op maat.
- 20 -
Het is van belang om bij toepassing van Smart City technologie niet alleen te kijken naar de behoeftes van de gemeente maar zeker ook naar de behoefte van de bewoners. Heeft het zin om straatverlichtingstoestellen aan het internet te koppelen? Heeft het zin om sensoren aan te brengen aan, in of op straatverlichtingstoestellen? Het antwoord ligt in het feit dat overheden de Smart City identiteit inmiddels grootschalig implementeren in onze samenleving. Het is nog te vroeg om volmondig ja te zeggen op de vraag of de behoefte bij Halderberge aanwezig is om Smart City grootschalig te implementeren. Eén van de grootste redenen is dat, de vanuit de markt aangeboden technieken, nog al wat kinderziektes vertonen. Vanuit een brainstormsessie met diverse vakdisciplines binnen het team Realisatie van de gemeente Halderberge kwam verder naar voren dat er nog geen grootschalige behoefte bestaat, maar er wel aanknopingspunten zijn voor behoefte in de toekomst. Echter, dit kan snel veranderen. In paragraaf 2.3.1 en 2.3.2 zijn hiervan al een aantal voorbeelden gegeven als temperatuurmeting voor gladheidsbestrijding. Maar ook gedragsbeïnvloeding door aanzetten van licht of het verhogen van het lichtniveau of zelfs het veranderen van de lichtkleur.
4.2 Beleidsregels Halderberge. 4.2.1 Generieke beleidsregels. Verlichtingssterkte en gelijkmatigheid van de verlichting. In 2017 is de door de Nederlandse Stichting voor Verlichtingskunde (NSVV) opgestelde Nederlandse Praktijk Richtlijn (NPR-13201:2017) van kracht geworden. Halderberge hanteert de richtlijnen van de NPR-13207:2017. Bijkomend is nu de zogenaamde verticale verlichtingssterkte. Deze verticale verlichtingssterkte is van belang voor een goede gezichtsherkenning in verblijfsgebieden. De klasse indeling is in de NPR-13201:2017 opgenomen als “Verhoogde gezichtsherkenning” en onderverdeeld in drie klassen. Deze verhoogde gezichtsherkenning wordt alleen toegepast bij nieuwe installaties. Politiekeurmerk veilig wonen (PKVW). Halderberge conformeert zich aan het politiekeurmerk veilig wonen mits het bouwplan ook is gebouwd volgens het PKVW. Achterpaden worden in nieuwe situaties vanuit onze gemeente verlicht mits de achterpaden in beheer en eigendom van Halderberge zijn. Andere partijen zullen hierin zoveel mogelijk worden meegenomen. Beleidsregels aangaande verlichtingssterkte en gelijkmatigheid:
De verlichtingssterkte voldoet aan de NPR13201:2017; De gelijkmatigheid voldoet aan de NPR13201:2017; Klasse B (Ev ≥ 0,5 lux) is de streefwaarde verticale verlichtingssterkte in nieuwe situaties; Bij bestaande verlichting kan worden afgeweken van de minimale verticale verlichtingssterkte (vanuit economisch oogpunt); Het politiekeurmerk veilig wonen wordt toegepast mits is gebouwd volgens het PKVW; Achterpaden worden in nieuwe situaties en/of bij renovatie, verlicht.
Energiebesparing. Om besparing te realiseren zijn de volgende uitgangspunten opgesteld. Halderberge conformeert zich aan het Energieakkoord en de doelen benoemd voor de openbare verlichting. Op dit moment (medio 2020) is er 9% besparing ten opzichte van de nulmeting van januari 2013 gerealiseerd in onze gemeente, ondanks een stijging van het areaal met 10%. Wij denken dit te kunnen bereiken door het consequent toepassen van LED verlichting in combinatie met het toepassen van dimmen bij vervanging en uitbreiding.
- 21 -
Beleidsregels aangaande energiebesparing:
Bij vervanging of nieuwe openbare verlichting moet er gebruik te worden gemaakt van LED verlichting, voor zover dit (beheer)technisch en financieel realistisch is; Dimmen van nieuw te plaatsen en/of te vervangen (conventionele) verlichtingsinstallaties; Gebruik maken van alternatieve technieken in plaats van verlichting ten behoeve van geleiding; Nieuwe of aangepaste openbare verlichtingsinstallatie die minimaal voldoen aan energielabel B (SLEEC); Het streven is in 2022 een energiebesparing te behalen van minimaal 20% ten opzichte van 2013, voor zover dit financieel en maatschappelijk verantwoord is.
Lichthinder. Lichthinder is licht dat als storend en verblindend wordt ervaren. Een goede sturing van de lichtbundel leidt tot efficiëntere verlichting en kan daardoor met minder energie af. Om dit te voorkomen is er een verblindingsindex classificatie (D) vastgesteld in de NPR13201. Tevens is er door het NSVV in maart 2020 de vernieuwde richtlijn met betrekking tot lichthinder uitgegeven. Halderberge conformeert zich aan de richtlijn lichthinder. Daar waar gevraagd, zal er worden uitgegaan van een omgevingszone conform de richtlijn. Klachten over lichthinder worden individueel behandelt, met als uitgangspunt de richtlijn. Beleidsregels aangaande lichthinder en duisternis:
Bij nieuwe verlichtingsontwerpen moet de verblindingsindex classificatie worden aangetoond van de gebruikte armaturen en ter beoordeling worden voorgelegd aan de beheerder OVL; Bij nieuwe ontwerpen en huidige openbare verlichting worden de richtlijn “algemene richtlijn betreffende lichthinder” gehandhaafd; Bij klachten wordt de situatie individueel bekeken en beoordeeld, op basis van de richtlijn en de uitgangspunten van de gemeente Halderberge.
Lichtvervuiling en duisternis. Het voorkomen van lichtvervuiling is van belang. Omdat lichtvervuiling iets te zwaar beladen over kan komen gebruiken we bij voorkeur de term “strooilicht”. Halderberge hecht vooral in de buitengebieden waarde aan duisternis en wil deze duisternis behouden en waar mogelijk uitbreiden. In sommige situaties is, enigszins beperkt, strooilicht wenselijk. Hierbij valt te denken aan het “mee verlichten” van voortuinen en/of voordeuren van de inwoners van Halderberge. Beleidsregels aangaande lichtvervuiling en duisternis:
Verlichten daar waar het moet, donker waar het kan; Met strooilicht moet worden voorkomen dat voortuinen geheel donker worden en/of dat particulieren alsnog gevellampjes gaan aanbrengen, waardoor beoogde energiebesparingen te niet worden gedaan. Overleg met particulieren, en bijvoorbeeld de Woningstichting, is hierbij van belang.
Materialisatie. Halderberge heeft eigen inkoopvoorwaarden. Deze zijn niet vastgesteld aan de hand van milieucriteria ten aanzien van maatschappelijk verantwoord inkopen. Er is ook geen specifieke relatie gelegd met de openbare verlichting. Wel is er in de paragraaf Kwaliteit, Keuring en Garantie opgenomen dat de algemeen geldende normen en voorschriften voor veiligheid, gezondheid en milieu van toepassing zijn op de algemene inkoop voorwaarden.
- 22 -
In bijlage 5 zijn de keuzes voor materialen (type armatuur) gekoppeld aan de functie van de weg. Dit om diversiteit tegen te gaan en om het beheer en onderhoud ook beheersbaar te krijgen. Vóór 2016 waren er meer dan 200 verschillende armatuurtypen. De gemeente conformeert zich aan het toepassen van: LED incl. door de fabrikanten beschreven levensduur van 20 jaar (L80F10 conform TM21); Dimbare verlichting op alle wegen in Halderberge; Beperking van lichthinder; Vervallen materialen moeten demontabel en scheidbaar zijn; Met name zichtlocaties komen in aanmerking voor bediening op afstand m.b.v. telemetrie. Beleidsregels aangaande materialisatie: