260603 TECHNISCHE VRAGEN BO-SMV (per 11-6-26).pdf
Tekst van het document
90.
Jaarmonitor Sociaal domein 22 Aangegeven is dat van de 1124 signalen er 141 zijn bereikt. Dit is 12,5%. Dit is fors lager dan het landelijke gemiddelde van rond de 20%. Hoe kan dit verklaard worden? Jaarmonitor Sociaal domein 22 Aangegeven is dat van 455 personen niet is geregistreerd of deze wel of niet bereikt zijn. Dit is een kwalijke zaak. Op welke manier wordt het proces van registratie verbeterd, zodat dit niet meer kan gebeuren?
WOS H
92.
Jaarmonitor Sociaal domein 23 Een cursus rondkomen is in 2025 niet gegeven ivm personele capaciteit. Wordt deze in 2026 en de komende jaren wel gegeven?
WOS H
93.
Jaarmonitor Sociaal domein 23 Welke aanvragen leiden niet tot een traject of tot ondersteuning door vrijwilligers? Wat is een andere ‘oplossing’ of worden deze afgewezen?
WOS H
91.
WOS H
De IDO-middelen zijn echter niet afzonderlijk of expliciet opgenomen in het in de begroting vermelde subsidiebedrag voor de bibliotheek. Dit verklaart het verschil tussen het begrote en het uiteindelijk verleende subsidiebedrag. Door personele capaciteit worden er voornamelijk mails en brieven verstuurd naar inwoners waarvoor een betalingsachterstand is gemeld. Landelijke ervaring leert dat een persoonlijke benadering (telefonisch of huisbezoek) leidt tot meer bereik. Dit heeft te maken met hoe de rapportage wordt samengesteld vanuit het vroegsignaleringssysteem. Op 993 signalen is een hulpaanbod gedaan. Er kunnen meerdere signalen op één adres worden gedaan. Hiervoor wordt maar één actie op ondernomen. Daarnaast zijn er recivide-meldingen, dus elke maand een melding op hetzelfde adres. Hierop wordt niet elke maand een actie gedaan. Daarnaast vallen er signalen uit door BRP-controle (verhuizing of overlijden). Inwoners die al in een traject zitten en waarvoor een signaal binnenkomt, krijgen geen hulpaanbod. We zijn momenteel bezig met het evalueren van het proces rondom vroegsignalering en de taakverdeling hierin met oa Surplus. We nemen ook het aspect van preventie hierin mee, zodat we een zo compleet mogelijk beeld krijgen van wat er nodig is voor inwoners. Of dit uiteindelijk in de vorm van deze cursus zal zijn, kunnen we op dit moment nog niet met zekerheid zeggen.
Sommige aanvragen kunnen worden afgedaan met een aanvraag budgetbeheer of bewindvoering. Hiervoor hoeft geen traject schuldhulpverlening opgestart te worden. Het komt ook voor dat een inwoner afhaakt tijdens de behandeling van de aanvraag.
20
94.
95.
96.
97.
Jaarmonitor Sociaal domein 33 Door een wijziging in de registratie van zaken, wordt een gedeelte van de hulpvragen HBFZ geregistreerd als een informatie- en advies vraag. Deze worden hier niet in meegeteld als lopend traject. Omdat deze aanvragen juist preventief kunnen werken en ook capaciteit vergen, is het belangrijk om deze juist ook apart te registreren en hierover te rapporteren. Wordt dit aangepast in 2026 en de komende jaren? Jaarmonitor Sociaal domein 33 Wordt met het aantal lopende trajecten het aantal aanmeldingen schuldhulpverlening bedoeld, waarvoor een beschikking is afgegeven en een schuldregeling loopt of wordt voorbereid? Of anders? Pagina 31/32: 2.1 Verkeer en vervoer: Er is een negatief verschil van 307.000 euro, terwijl er slechts een toelichting gegeven wordt op 3 punten met een totaal negatief verschil van 87.000 euro. Waar zit de rest van het verschil in? Pagina 49/51: 8.2 Grondexploitatie (niet-bedrijventerreinen): Er ontbreekt een verklaring, terwijl er een positief verschil is van 17,963 miljoen bij de lasten en een negatief verschil van 16,906 miljoen bij de baten. Dit draagt voor een groot deel bij aan het positieve verschil van 1,642 miljoen op de ruimtelijke en economische ontwikkelingen.
WOS H
De informatie- en adviesvragen worden apart geregistreerd. Deze zullen we vanaf 2026 ook rapporteren.
WOS H
Met het aantal lopende trajecten wordt bedoeld de casussen waarvoor een beschikking is afgegeven en waarvoor een schuldregeling loopt of wordt voorbereid via Kredietbank Nederland.
D66
Het negatieve verschil van € 307.000 betreft uitsluitend de lasten. Daar staat echter een voordelig verschil op de baten tegenover van € 270.000. Hierdoor is per saldo sprake van een beperkt negatief verschil van € 37.000. In de mutaties zijn alleen de grootste afwijkingen afzonderlijk toegelicht. Alle resultaten binnen de grondexploitaties worden verrekend met de algemene reserve grondexploitaties. Hierdoor is dit per saldo budgettair neutraal. Het totaal van de verschillen die betrekking hebben op de grondexploitaties (lasten grondexploitaties € 18,0 mln positief, baten grondexploitaties € 16,9 mln negatief, mutaties reserves grondexploitaties € 1,1 mln negatief) is dan ook 0. Een toelichting op de grondexploitaties is opgenomen in de paragraaf grondbeleid.
D66
21
98.
Pagina 136: Afwijkingen Gids Proportionaliteit, Overige afwijkingen en Maatregelen. Er zijn meerdere afwijkingen geconstateerd in de aanbestedingsprocedures en dat er eerder fouten zijn geconstateerd die nog doorlopen in 2025. Tot wanneer lopen deze contracten nog? En hoe wordt in de toekomst voorkomen dat dergelijke fouten gemaakt worden?
D66
99.
De jaarrekening sluit met een positief resultaat van € 1,43 miljoen. Welk deel hiervan is incidenteel en welk deel structureel? Hoeveel van het positieve resultaat is ontstaan doordat werkzaamheden of investeringen zijn doorgeschoven naar een later jaar?
FVD
100.
FVD
U treft op blz. 36 de maatregelen aan die het college wil nemen naar aanleiding van de rechtmatigheidsafwijkingen op het gebied van inkopen en aanbesteden. Voor wat betreft raamovereenkomsten heeft het college in de loop van 2025 nadere beleidsregels vastgesteld. Voor raamovereenkomsten geldt vanaf 1 januari 2026 dat voor alle raamovereenkomsten een maximale waarde moet worden bepaald en dat de maximale termijn van een raamovereenkomst in beginsel 4 jaar is. Hiervan kan alleen gemotiveerd en met instemming van het college worden afgeweken. Voor wat betreft de afwijkingen van de Gids Proportionaliteit het volgende. In het laatste, door het college, vastgestelde inkoop- en aanbestedingsbeleid gemeente Halderberge is aansluiting gezocht bij de Gids Proportionaliteit. Enerzijds is de ruimte om een opdracht een-op-een te gunnen vergroot, maar daar staat tegenover dat boven de vastgestelde grenzen (waarboven in beginsel meervoudig onderhands moet worden aanbesteed) wat strakker geregeld zijn, in lijn met de Gids Proportionaliteit. Er mag worden afgeweken, maar alleen met instemming van het college, voorafgaand aan de opdrachtvertrekking en gemotiveerd. Bovenstaande heeft de aandacht van het MT.
Er is een inschatting gemaakt van het bedrag aan afwijkingen dat dit jaar (2026) zal komen te vervallen, omdat de betreffende contracten in de loop van dit jaar dan wel vorig jaar al afgelopen zijn: ca. 50% zal naar verwachting komen te vervallen (ca. 2 miljoen). Het positieve resultaat van de jaarrekening 2025 is voor het overgrote deel een incidenteel voordeel. Voor zover er structurele effecten zijn, wordt dit meegenomen in de Zomernota 2026. In het bestemmingsvoorstel is een bedrag van € 317.476 opgenomen voor jaaroverschrijdende uitgaven. Dit zijn zaken waarvoor het budget was geraamd in 2025, maar de uitvoering pas in 2026 plaatsvindt. Als er investeringen worden doorgeschoven van 2025 naar 2026 heeft dit nog geen effect op het saldo van jaarrekening 2025. Dit komt doordat de afschrijving pas start in het jaar nadat een investering is afgerond. Dit leidt dus pas in 2026 tot een bijstelling van de afschrijvingslasten. Deze bijstelling wordt meegenomen in de Zomernota 2026.
22
101.
De jeugdzorg laat opnieuw een nadeel van € 184.000 zien. Wat verwacht het college voor 2026 en 2027?
FVD
Met ingang van 2026 is gekozen voor een nieuwe manier van kostenraming. Conform de nieuwe methodiek worden de raming en meerjarenraming voor o.a. de jeugdzorgarrangementen, maatwerk, LTA en pleegzorg bij de Zomernota 2026 op basis van de jaarrekeningcijfers van 2025 bijgesteld. In de bijstellingen zijn tevens de maatregelen en bezuinigingsopties verwerkt. De verwachting is dat de nieuwe methodiek beter aansluit op te verwachte kosten waardoor grote bijstellingen gedurende het jaar kunnen worden voorkomen. Er kunnen gedurende het jaar echter altijd incidenten voordoen waardoor extra budget noodzakelijk is.
102.
De voorziening voor wethouderspensioenen laat een nadeel zien van € 720.000. Wat is hiervan de oorzaak?
FVD
103.
De gemeente ontvangt extra geld uit het gemeentefonds. Is dit structureel of incidenteel?
FVD
Het tekort in 2025 werd met name veroorzaakt door verplichtingen over voorgaande jaren. Om facturen over voorgaande jaren zo veel mogelijk te voorkomen zijn diverse beheersmaatregelen genomen zodat deze facturen als verplichting bij het opstellen van de jaarrekening worden meegenomen. We blijven daarbij echter ook afhankelijk van juiste en tijdige aanlevering van informatie en facturen door de zorgaanbieders. Het zal dan ook nooit helemaal voorkomen kunnen worden dat er nog facturen over oude jaren komen. Dit is het gevolg van de toekomstige overgang van het Appa-pensioen voor (oud-)bestuurders naar het ABP. In de verschillenanalyse van het programma Bestuur en burgerzaken (pag. 14) is een uitgebreide toelichting hierop opgenomen. Op bladzijde 78 - 79 van de jaarrekening 2025 treft u een overzicht van de mutaties van de uitkeringen uit het Gemeentefonds aan. Zoals u ziet is het overgrote deel van de mutaties meegenomen in de P&C-cyclus (begrotingswijzigingen). De decembercirculaire verschijnt dusdanig laat, dat we de financiële gevolgen van deze circulaire niet meer kunnen meenemen in de laatste begrotingswijziging (slotwijziging). De financiële gevolgen die uit de decembercirculaire voortvloeien hebben doorgaans alleen betrekking op het jaar 2025 en worden meegenomen in de jaarrekening.
Daarnaast ontvangen wij periodiek specificaties van het ministerie van BZK over de aantallen eenheden. Vaak ook nog over oudere jaren. Mutaties van de aantallen eenheden kunnen een structureel effect hebben. Deze effecten wordt meegenomen in de Zomernota 2026.
23
104.
De burgerpeiling laat zien dat inwoners de samenwerking met FVD inwoners waarderen met een 5,9. Waarom is dit cijfer de afgelopen jaren niet verbeterd?
105.
Welke concrete besparingen zijn in 2025 gerealiseerd binnen de gemeentelijke organisatie
FVD
106.
Op pagina 85. Punt 1.8.2 overhead staat aangegeven € 299.000 voor juridische en inkoopadvies.Welk deel is voor juridisch advies en welk deel voor inkoopadvies? Betreft het juridisch advies op inkoopgebied of op ander gebied en zo ja welk gebied?
FVD
107.
108. 109.
FVD
Zijn er in 2025 nog meer kosten gemaakt voor advocaten of FVD advocaten kantoren, welke advocaten en advocaten kantoren en voor welke casussen? Bij het onderdeel veiligheid valt een dalende CDA maatschappelijke trend op. Gezien het belang dat de coalitie aan dit thema hecht, hoe wordt deze ontwikkeling geduid en welke maatregelen worden overwogen?
Ik ga ervan uit dat u de samenwerking met gemeente en inwoners bedoelt. Veel van de algemene cijfers (zoals de samenwerking tussen gemeente en inwoners) verschillen niet wezenlijk van de beoordeling uit 2021. Dit wil echter niet zeggen dat we niets terug kunnen zien van de inspanningen die naar aanleiding van de vorige Burgerpeiling zijn uitgevoerd. De beoordeling op individuele onderwerpen/vragen laten namelijk in veel gevallen wel een forse stijging zien! Zo is het vertrouwen in het bestuur van de gemeente fors gestegen, net als de tevredenheid over het onderhoud van groen in de buurt. Het onderzoeksbureau waar wij gebruik van maken, geeft ook aan dat algemene cijfers lastiger (positief) te beïnvloeden zijn dan de beoordeling op concrete onderdelen, zoals tevredenheid over groen en onderdelen van dienstverlening. Dat heeft vooral te maken met dat een negatieve ervaring langer doorwerkt dan een positieve ervaring. De negatieve ervaring van langere tijd geleden (kan 10 jaar terug zijn) kan nu nog doorwerken bij het invullen van de vragenlijst op algemenere vragen. Het onderzoeksbureau geeft ook aan dat dat een beeld is wat ook bij andere gemeenten hetzelfde is. In de Programmabegroting 2026 is een taakstelling op de organisatiekosten opgenomen. Deze gaat pas in vanaf 2026. In de Zomernota 2026 wordt een voorstel opgenomen voor de concrete invulling van deze taakstelling.
Het betreft een bedrag van € 69.000 aan juridisch advies en een bedrag van € 230.000 aan inkoopadvies Het betreft juridische advieskosten op het gebied van ruimtelijke procedures, fiscale vraagstukken en VPB, inkoopvoorwaarden, huisvesting arbeidsmigranten, vastgoed, stichtingskosten en notariskosten. Niet van toepassing. Op korte termijn worden de resultaten van de nieuwe veiligheidsmonitor verwacht. Met deze cijfers kunnen we beter de ontwikkeling in een breder maatschappelijk perspectief duiden. Momenteel wordt gewerkt aan het nieuwe Integrale Veiligheidsplan (IVP) voor de komende vier jaar en het daaropvolgende lokale jaarplan voor 2027. Daarbij wordt nadrukkelijk ingezet op thema’s als preventie, vroegsignalering, zichtbaarheid van handhaving en het vergroten van de meldingsbereidheid. Deze inzet is erop gericht om zowel de fysieke als de ervaren veiligheid van inwoners te versterken.
24
110.
De solvabiliteitsratio daalt onder de 20%. Hoe beoordeelt het college de financiële weerbaarheid van de gemeente op de middellange termijn, en welke maatregelen worden genomen om de vermogenspositie te versterken?
CDA
111.
VVD Vraag over de controleverklaring die is afgegeven. Er zijn fouten voor een bedrag van ongeveer 4,5mln aan rechtmatigheidsfouten en 2,5mln aan onduidelijkheden. Welke concrete oorzaken liggen ten grondslag aan de € 4,5 mln rechtmatigheidsfouten?
112.
Het is de eerste keer ook dat RA12 de verklaring heeft verstrekt. Hoe is de samenwerking verlopen? Zijn er nog bepaalde zaken naar voren gekomen?
VVD
De solvabiliteit is inderdaad gedaald ten opzichte van de Jaarrekening 2024 maar minder dan bij de Begroting 2025 werd verwacht. Ten opzichte van de Begroting 2025 laten de financiële kengetallen een positieve ontwikkeling zien. In de paragraaf weerstandvermogen en risicobeheersing is een toelichting opgenomen op de financiële kengetallen (blz. 109). Om de financiële positie te verbeteren wordt bij de bestemming van het saldo van de jaarrekening voorgesteld een bedrag van € 512.494 toe te voegen aan de algemene reserve. In de jaarrekening staat op bladzijde 133 tot en met 137 een vrij uitgebreide toelichting op de rechtmatigheidsverantwoording. Daarbij wordt ingegaan op de oorzaken van de geconstateerde afwijkingen per proces. Daarnaast worden er ook in de toelichting op de rechtmatigheidsverantwoording maatregelen genoemd die genomen zullen worden om het aantal afwijkingen onder de verantwoordingsgrens te brengen. Het is wel zo dat een deel van de fouten door de gemeenteraad als acceptabel worden beschouwd. Het gaat dan om de overschrijdingen van de lasten op programmaniveau en een deel van de overschreden investeringskredieten (begrotingscriterium). In totaal gaat om 1,8 miljoen aan acceptabele afwijkingen (in dit geval fouten). De onduidelijkheden hebben voornamelijk te maken met interpretatie van weten regelgeving op het gebied van inkopen en aanbesteden.
In het bijzonder raamovereenkomsten die meervoudig onderhands aanbesteed maar waarvoor geen maximale waarde is berekend/vastgesteld). Hiervoor zijn inmiddels beleidsregels opgesteld, zodat in de toekomst de kans op onduidelijkheden of fouten kleiner wordt. Aangezien een deel van de afwijkingen betrekking hebben op contracten die dit jaar of vorig jaar zijn afgelopen, zal het bedrag aan afwijkingen naar verwachting dalen, tenminste als er geen nieuwe afwijkingen geconstateerd worden. Het is niet de eerste keer dat RA12 een accountantsverklaring heeft verstrekt. RA12 heeft over de jaarrekening 2024 zijn eerste accountantsverklaring verstrekt. De samenwerking is op zich prima verlopen. Wat wel opvalt is dat ze vrij weinig vragen hebben gesteld. Dat kan (ook) betekenen dat hetgeen wij aangeleverd hebben voor hen heel duidelijk is.
Ag. 7 Begrotingen 2027 en Jaarrekeningen 2025 Verbonden Partijen 7.1 113.
Gemeentelijke Gezondheidsdienst (GGD) Welke Halderbergse wijken worden door de GGD mogelijk gezien als “achterblijvend qua gezondheid”, en wanneer krijgen wij hierover duidelijkheid?
114.
Op basis van welke indicatoren bepaalt de GGD of een wijk in D66 aanmerking komt voor de regionale aanpak?
D66
De GGD heeft nog niet gedefinieerd met welke wijken zij concrete maatregelen af gaat spreken om een gezonde leefomgeving te creëren. Dit is in de GGDbegroting geformuleerd als een streven voor 2027 en behoeft nog nadere uitwerking. Zie hiervoor het antwoord bij vraag 113.
25
115.
Wat is het financiële risico voor Halderberge als de GGD geen externe financiering vindt voor SKIP-die-Trip in 2027– 2028?
D66
Het financiële risico is vooralsnog incidenteel van aard. De bijdrage van Halderberge voor Skip de Trip in 2027 en 2028 bedraagt, op basis van de huidige systematiek, circa € 5.956 per jaar, onder voorbehoud van actualisatie van inwoneraantallen.
116.
Heeft Halderberge voldoende ambtelijke capaciteit om te voldoen aan de extra verwachtingen van de GGD op het gebied van jeugd, mentale gezondheid en leefomgeving? Welke maatregelen worden er genomen om de structurele stijging van de gemeentelijke bijdrage aan de GGD te beheersen?
D66
118.
Hoe wordt Halderberge betrokken bij het traject Samen Sterker, en wanneer wordt de raad hierover actief geïnformeerd?
D66
119.
WOS
7.2
Format zienswijze: wat is de reden dat in de gemeentelijke meerjarenbegroting de bedragen vanuit de GGDmeerjarenbegroting niet worden overgenomen voor wat betreft de gemeentelijke bijdrage? Regionale Ambulancevoorziening
De GGD neemt ieder jaar nieuwe initiatieven op in haar beleidsbegroting. Evenals in voorgaande jaren verwachten wij hiervoor voldoende beschikbare capaciteit te hebben. De GGD heeft een bestuurlijke opdracht tot bezuinigen verwerkt in haar begroting 2026. Dat betekent een structurele taakstelling van 4%. De GGD verwacht in 2026 en uiterlijk in 2027 volledige invulling te hebben gegeven aan deze bezuiniging. Gemeenten zijn via het Algemeen Bestuur van de GGD betrokken. In april 2025 informeerde wethouder Van Ham de raadsgroep sociaal domein met een memo over Samen Sterker. In mei 2025 informeerde de GGD met een brief de gemeenteraden. Wethouder Van Ham heeft in de Commissie BO van 21 mei 2025 verwezen naar deze brief en raadsleden opgeroepen om deel te nemen aan de aangekondigde webinars. Op 18 december 2025 is een informatiebrief van GGD West-Brabant naar de raad gestuurd met tussentijdse bevindingen en een tijdlijn van de verkenning naar verdergaande samenwerking. Gemeenteraden worden verder via de GGD kaderbrieven en -begrotingen geïnformeerd over Samen Sterker. Volgens de planning zijn begin 2027 de colleges en gemeenteraden in de gelegenheid om een zienswijze te formuleren op het voorgenomen besluit van het Algemeen Bestuur over de verdergaande samenwerking.
De gemeentelijke bijdrage vanuit de GGD-meerjarenbegroting wordt verwerkt in de gemeentebegroting bij het eerstvolgende P&C-moment. In dit geval is dat de Zomernota 2026. Hetzelfde geldt voor de teruggave die over 2025 wordt ontvangen.
7.3
West-Brabants Archief
7.4 120.
Veiligheidsregio Midden- en West-Brabant Is bekend waardoor er een hoog ziekteverzuim is bij de 24 uurs dienst, en hoe probeer men dit omlaag te krijgen?
117.
D66
WOS H
11-06-26: beantwoording van de vragen 120 t/m 133 Binnen de 24-uursdienst is sprake van langdurig verzuim. De achterliggende oorzaken zijn uiteenlopend en betreffen zowel fysieke als mentale klachten. Het zijn klachten die ervoor zorgen dat manschappen niet kunnen worden ingezet in de parate dienst. Zij worden wel ingezet voor dagdienst werkzaamheden. De brandweer stuurt op het terugdringen van het ziekteverzuim via sociaal en medisch overleg met de arbodienst, de inzet van het bedrijfszorgpakket en aandacht voor duurzame inzetbaarheid binnen het programma Samen Vitaal.
26
121. 122.
Er wordt besloten de te veel ontvangen middelen 2023 en WOS H 2024 niet terug te betalen aan de gemeente. Om welk bedrag gaat dit? Welke norm hanteert de veiligheidsregio zelf voor het Lokaal H weerstandsvermogen, en wanneer wordt deze weer als ‘voldoende’ beschouwd?
Dit gaat om een bedrag van in totaal € 936.000,- voor alle gemeenten. Voor Halderberge gaat het om een totaalbedrag van € 24.800. Er is geen harde norm voor het weerstandsvermogen. In 2025 was het beschikbare weerstandsvermogen € 1.920.000. Door aftrek van een deel van het negatieve resultaat is sprake van een verdere afname van het beschikbare weerstandsvermogen. Dit is een logisch gevolg van het besluit van het Algemeen Bestuur om een deel van het negatief resultaat 2025 te dekken uit de algemene reserve. Het verhogen van het weerstandsvermogen is mogelijk door een combinatie van vergroten van middelen (algemene reserve) en beheersen van risico's. Omdat de VRMWB op dit moment een beperkte algemene reserve bezit kunnen ze momenteel onvoorziene financiële tegenvallers/risico's beperkt opvangen. Tegenvallers/risico's zullen door de deelnemers opgevangen moeten worden. Hiermee zijn in feite de gemeenten een deel van de benodigde weerstandscapaciteit en doen we indien nodig een beroep op de weerstandscapaciteit van de deelnemende gemeenten.
123.
Op welke termijn verwacht het bestuur de ratio van 0,38 te verbeteren?
Lokaal H
Na aftrek van een deel van het negatief resultaat 2025 van de algemene reserve is het weerstandsvermogen afgenomen. Om alsnog een buffer te hebben en bij financiële tegenvallers niet direct terug te vallen op de gemeenten heeft het Algemeen Bestuur besloten om de bestemmingsreserve doorontwikkeling (€ 392k) op te heffen en dit bedrag toe te voegen aan de algemene reserve. Hierdoor bedraagt de stand van de algemene reserve per 1-1-2026 € 1,121 mln. Als de onverwachte tegenvallers hoger uitvallen, doet de VRMWB een beroep op de gemeenten.
124.
Hoe verhoudt de stijging naar 7.742 incidenten en 73 natuurbranden zich tot de trend van eerdere jaren?
Lokaal H
Het incidentenbeeld laat over de afgelopen jaren geen structureel stijgende lijn zien. In 2025 lag het aantal incidenten maar 2% boven het gemiddelde van afgelopen acht jaar. Na twee relatief rustige jaren is bij natuurbranden sprake van een stijging. Dit past bij het grillige karakter van dit type incidenten, dat sterk afhankelijk is van weersomstandigheden. Vooralsnog zien de brandweer dit niet als een structurele toename, maar (vooralsnog) als een fluctuatie binnen de meerjarige bandbreedte.
125.
Is de huidige capaciteit structureel toereikend voor deze groei?
Lokaal H
Hoewel bij natuurbranden na twee rustige jaren een toename zichtbaar is, past dit binnen de gebruikelijke jaarlijkse fluctuaties. Dit leidt voor nu niet tot een ander beeld ten aanzien van de benodigde capaciteit.
27
126.
In hoeverre zijn de hogere kosten voor spaarverlof, vrijwilligers en onderhoud incidenteel of structureel van aard?
Lokaal H
De kosten voor het spaarverlof zijn structureel. Deze regeling waarmee werknemers hun verlofuren kunnen sparen om bijvoorbeeld eerder te stoppen met werken, geldt ook voor gemeenten. Wel wordt op basis van actuele gegevens zo goed mogelijk ingeschat hoeveel er in de voorziening gestort moet worden. De hogere kosten voor onderhoud zijn naar verwachting ook structureel, maar door onderhoud meer intern (zelf) uit te voeren kunnen we de prijsstijgingen in de markt grotendeels compenseren. De kosten voor vrijwilligers zijn incidenteel. Ook hier wordt zo goed mogelijk rekening gehouden met de meest actuele gegevens en ontwikkelingen waardoor hogere kosten voorkomen kunnen worden.
127.
Is het structureel inzetten van reserves onderdeel van beleid, of wordt dit gezien als een tijdelijke oplossing?
Lokaal H
Het doel van de algemene reserve is het opvangen van onvoorziene uitgaven en eventuele tekorten op het jaarrekeningresultaat. Dit is niet structureel. Het inzetten van de bestemmingsreserves is eveneens incidenteel.
128.
Welke risico’s ziet het bestuur als deze lijn wordt doorgezet?
Lokaal H
In 2025 was het beschikbare weerstandsvermogen € 1.920.000. Door aftrek van een deel van het negatieve resultaat is sprake van een afname van het beschikbare weerstandsvermogen (algemene reserve). De financiële weerbaarheid van de VRMWB neemt af, bij een verdere afname van de algemene reserve is het risico dat de VRMWB toekomstige financiële tegenvallers en risico's niet zelf kan opvangen en een beroep moet doen op de deelnemende gemeenten.
129.
De veiligheidsregio meldt een onvoldoende weerstandsvermogen (ratio 0,38). Welke impact heeft dit risico voor Halderberge? Welke gevolgen heeft het voor Halderberge als de VRMWB onverwachte tegenvallers moet opvangen?
D66
Als de onverwachte tegenvallers hoger uitvallen dan het beschikbare weerstandsvermogen, doet de VRMWB een beroep op de gemeenten. De exacte financiële bijdrage van de gemeente is afhankelijk van de omvang van de tegenvaller en/of het risico dat zich voordoet. Indien dit zich voordoet zal de bijdrage per gemeente o.b.v. het verdeelsleutel gemeentelijke bijdrage zijn. Om deze reden dienen de deelnemende gemeenten een algemene reserve aan te houden om de risico’s van de Veiligheidsregio op te vangen die onder andere is bestemd voor de risico’s die voortvloeien uit de gemeenschappelijke regeling waarin wordt deelgenomen. Hiermee zijn in feite de gemeenten een deel van de benodigde weerstandscapaciteit en doen we indien nodig een beroep op de weerstandscapaciteit van de deelnemende gemeenten.
130.
De VRMWB verwacht dat hogere CAO-kosten, spaarverlof en D66 materieelkosten structureel doorwerken. Is de structurele stijging van onze bijdrage richting 2030 verwerkt in onze meerjarenbegroting?
De meerjarenbegroting van de Veiligheidsregio is opgenomen in de gemeentelijke meerjarenbegroting.
28
131.
Nieuwe taken zonder structurele dekking: De VRMWB start met noodsteunpunten, weerbaarheid, digitale veiligheid en voorbereiding op vervallen Defensietaken. Is het een reëel risico dat deze nieuwe taken later alsnog tot extra gemeentelijke bijdragen leiden?
D66
Op 15 oktober 2025 zijn in het kader van de maatschappelijke weerbaarheid door de minister van Justitie en Veiligheid, het Veiligheidsberaad en de Vereniging Nederlandse Gemeenten afspraken gemaakt. Daarbij is besloten om de reguliere Rijksbijdrage BDuR op te hogen (na de verwerking van de 10% korting). De ophoging wordt voor de taken van de veiligheidsregio’s ingezet en specifieker voor de versterking en intensivering van de regionale weerbaarheid in het kader van de crisisbeheersing. De ophoging is in feite een compensatie van de 10% korting op de Rijksbijdrage om aan de landelijke doelstelling te kunnen voldoen. Daarnaast wordt voor Noodsteunpunten/ coördinatiepunten en burgerhulpverlening in 2025 (€ 180k) en 2026 (€ 400k) incidentele bijdragen ontvangen voor de uitvoering van de pilot noodsteunpunten. Op basis van de landelijke evaluatie eind 2026 zal de verdeelsleutel worden bepaald voor de structurele gelden vanaf 2027. Uit de bestuurlijke opdracht ‘Financiële uitdagingen’ in 2025 is het principe ‘Nieuwe taken, nieuwe knaken’ voortgekomen: Nieuwe taken of wet- en stelselwijzigingen moeten gefinancierd worden met nieuwe middelen (‘nieuwe taken, nieuwe knaken’). Stelselwijzigingen worden gezien als verantwoordelijkheid van het Rijk. Denk hierbij aan versterken weerbaarheid samenleving en de financiering beroepsbezetting vanwege Europese wet- en regelgeving.
Nieuwe taken worden zoals eerder afgesproken altijd ter besluitvorming voorgelegd aan het bestuur.
132.
Door verschuivingen in aanbestedingen ontstaat in 2027 een investeringspiek van ruim € 21 miljoen. Wat betekent dit concreet voor de kapitaallasten die Halderberge moet dragen?
D66
In de begroting 2026, jaarschijf 2027, staat een totaal investeringsbedrag van € 16,5 mln. waarbij € 233k aan kapitaallasten is verrekend in de bijdrage voor Halderberge. In de begroting 2027 is het totale investeringsbedrag € 21,1 mln. en resulteert het in € 227k aan kapitaallasten voor Halderberge. Het heeft dus een licht voordelig effect. Dit komt onder meer door een lager rentepercentage op de investeringen.
133.
De VRMWB geeft aan dat het vasthouden aan de nullijn “een steeds grotere uitdaging” wordt. Hoe gaat de komende jaren gemonitord worden of de VRMWB binnen de financiële kaders blijft? Hoe wordt de raad hierover geïnformeerd? Opmaak reactiebrief (bijlage 4g) van onze gemeente die niet helemaal klopt Werkplein Hart van West-Brabant
D66
De monitoring verloopt via de planning en control-cyclus, met de bestuursrapportage over de maanden tot 1 juli en de slotwijziging einde jaar. De bestuursrapportage wordt in september ter informatie gedeeld met de raden. Het document is vervangen.
134. 7.5
VVD
11-06-26: beantwoording van de vragen 135 t/m 137.
29
135.
Op blz 12 is te zien dat het bestand van Halderberge is WOS H gegroeid. Ook van Zundert en Rucphen, deze gemeentes worden genoemd met een verklaring van deze groei. Halderberge niet. Is bekend wat de reden is van groei van het bestand van inwoners in Halderberge?
De algemene instroom bij Halderberge ligt in 2025 iets lager dan in 2024. Daarbij moet worden opgemerkt dat in 2025 minder statushouders zijn gevestigd (6 in 2025 tegenover 33 in 2024). Dit betekent dat de reguliere instroom feitelijk hoger ligt dan in 2024. Hiervoor is geen eenduidige specifieke oorzaak aan te wijzen. Sinds 2015 is sprake van een steeds complexere doelgroep. Inwoners die voorheen in aanmerking kwamen voor een Wajong-uitkering vallen nu onder het Werkplein. Ook inwoners met een indicatie banenafspraak of beschut werk maken deel uit van het bestand. Er is steeds vaker sprake van meervoudige en complexe problematiek. Voordat uitstroom richting arbeid mogelijk is, moet deze problematiek eerst worden aangepakt. Voor een deel van de inwoners is participatie het hoogst haalbare doel. Dit betekent dat zij, ondanks inzet en ontwikkeling, onderdeel blijven van het Werkpleinbestand. De uitstroom ligt in 2025 duidelijk lager dan in 2024. Het verschil in uitstroom richting arbeid tussen beide jaren is beperkt. Het grootste verschil wordt verklaard door uitstroom om persoonlijke redenen (denk hierbij aan aangaan relatie en het bereiken van de AOW-gerechtigde leeftijd). Dit zijn factoren waar wij geen directe invloed op hebben en die van jaar tot jaar sterk kunnen fluctueren.
Het is daarbij belangrijk om te benadrukken dat uitstroom weliswaar een gewenst resultaat is, maar er is ook een grote groep inwoners die niet (naar werk) uitstromen. Het Werkplein richt zich nadrukkelijk ook op ontwikkeling richting participatie. Deze participatie kan verschillende vormen aannemen en is breder dan alleen betaalde arbeid. Een andere verklaring voor de groei van het bestand is gelegen in het hoge aantal gevestigde statushouders in 2024 (en ook in 2023). Dit werkt door in latere jaren, omdat statushouders vaak meer tijd nodig hebben om stappen te zetten richting participatie of, waar mogelijk, werk. Afhankelijk van de gevolgde leerroute is uitstroom richting regulier werk niet altijd realistisch. De afgelopen jaren hebben we flink ingezet op de samenwerking binnen Wegwijzer samen met WVS en ISD. Hierin zien we een steeds diverser aanbod (statushouders, banenafspraak, opstapbanen etc). Hierdoor kunnen nog meer inwoners zich ontwikkelen binnen hun eigen mogelijkheden.
30
136.
Op blz. 19 wordt gesproken over 'het elkaar actief opzoeken' tussen werkplein en de overige hulpverlenende organisaties en gemeentes. Wordt er gewerkt in 1 informatiesysteem waardoor gegevens over inwoners met diverse problematieken direct worden uitgewisseld?
WOS H
Op dit moment bestaat er geen informatiesysteem waarin gegevens met andere hulpverlenende organisaties en gemeenten worden gedeeld. Dit heeft voornamelijk te maken met de privacy. Er zijn veel voorwaarden verbonden aan het onderling delen van informatie die betrekking heeft op de inwoner. Wel zijn er diverse overlegstructuren waarin onderling informatie wordt uitgewisseld en zien we in de praktijk dat medewerkers van Werkplein de collega’s bij o.a. WMO, schuldhulpverlening en Jeugd goed weten te vinden. Op dit moment wordt onderzocht welke rol Werkplein krijgt binnen het SLT (Stevig Lokaal Team). Deze nieuwe manier van samenwerken zal ongetwijfeld ook invloed hebben op het onderling uitwisselen van gegevens. Onderdeel van Wegwijzer (Ketensamenwerking) is ‘’de Spreekkamer’’. Dit instrument wordt ingezet om gerichtere dienstverlening mogelijk te maken. Het ligt in de lijn der verwachting dat Werkplein, de ISD en WVS hier gezamenlijk in zullen gaan werken. Op inwoner-niveau wordt er frequent informatie uitgewisseld, na instemming inwoner. Dit gebeurt als het Werkplein bijvoorbeeld schakelt met schuldhulpverlening om deze ondersteuning goed op gang te krijgen. Andersom wordt er ook zo geschakeld met Werkplein. Deze manier van werken zorgt ervoor dat problematiek waarmee een inwoner te maken heeft breed wordt bezien en hier ook breed een vervolg aan wordt gegeven.
137.
Algemene vraag: het werkplein is bezig met een heel programma, waarbij cultuuromslag belangrijk is: van controle naar vertrouwen. Hoe ervaren de inwoners van Halderberge deze cultuuromslag? Is dit gemeten in Halderberge door bijvoorbeeld een klanttevredenheidsonderzoek?
WOS H
De eerste geluiden van deze cultuuromslag zijn positief, maar kan Werkplein niet cijfermatig onderbouwen. Het uitvoeren van metingen bij inwoners over de dienstverlening staat op de planning voor volgend jaar. Werkplein is actief op zoek naar manieren om inwoners meer inspraak te geven over- en te betrekken bij het vormgeven van de dienstverlening. Er wordt nu al meer geïnvesteerd in de Adviesraad van het Werkplein. Er wordt actief geworven, zodat de Adviesraad bestaat uit inwoners van alle zes gemeenten, en uit vertegenwoordiging van alle zes lokale adviesraden sociaal domein. Om het belang van de Adviesraad te onderstrepen sluit de directeur aan bij ieder overleg.
138.
WOS H
Het document jaarstukken 2025 is vervangen en bewerkbaar.
7.6
document 5c van agendapunt 7.5 annoteren / aantekeningen vermelden in RIS is niet mogelijk. Werkvoorzieningschap West Noord-Brabant
7.7
Omgevingsdienst Midden- en West-Brabant
7.8
Belastingsamenwerking West-Brabant
7.9
Regio West Brabant
31
7.10
Regionaal Bureau Leren
32