CConstaterende datHalderberge
Koppel je AI →
Document · PDF

1423827 Raadsvoorstel IHP opvang- en onderwijshuisvesting.pdf

Gemeenteraad 9 juli 2026, gemeente HalderbergeBij agendapunt: 6: Voorstel Actualisatie Integraal Huisvestingsplan opvang- en onderwijshuisvesting5.776 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

RAADSVOORSTEL

Zaaknummer

1423827

Contactpersoon

M. Schram

Raadsvergadering d.d. 09.07.2026

Commissie

25.06.2026

Portefeuillehouder

Telefoonnummer

0165-390500

P. Schouw, wethouder

Onderwerp Actualisatie Integraal Huisvestingsplan opvang- en onderwijshuisvesting Samenvatting Om de richting te bepalen voor het aanpakken van diverse knelpunten in de opvang- en onderwijshuisvesting en om in te spelen op verdere demografische, onderwijskundige en maatschappelijke ontwikkelingen is het Integraal Huisvestingsplan (IHP) opvang- en onderwijshuisvesting in opdracht van de gemeente geactualiseerd. In het IHP worden de kaders en speerpunten benoemd die binnen de kinderopvang en onderwijshuisvesting voor de komende jaren aan de orde zijn. Inleiding & beeldvorming Het proces om tot een Integraal Huisvestingsplan te komen is in 2019 begonnen met het opstellen van de visie op Kindcentra. In de commissie SM&V van 28 november 2019 heeft uw gemeenteraad de visie die hiervoor als basis dient besproken. Op 19 december 2019 is het Visiedocument Kindcentra door uw gemeenteraad vastgesteld. In een IHP leggen gemeente en scholen hun gedeelde visie op het scholenlandschap van de toekomst vast. Deze gedeelde langetermijnvisie helpt de gemeente, schoolbesturen en kinderopvangpartijen om strategische keuzes te maken en te bepalen hoe ze met investeringen omgaan. In het IHP zijn ook de prioriteiten en fasering van noodzakelijke verbeteringen aan schoolgebouwen dan wel (vervangende) nieuwbouw opgenomen.

Het vormt een onderlinge afspraken set tussen gemeente, schoolbesturen en kinderopvang. De gemeente, de schoolbesturen en kinderopvangpartijen spannen zich in om de in het IHP opgenomen maatregelen te realiseren In samenwerking met de schoolbesturen en kinderopvang is de kwaliteit van de huidige onderwijshuisvesting in beeld gebracht en zijn de benodigde maatregelen bepaald om de gebouwen passend te maken bij de onderwijsbehoefte

1 / 14

Om richting te geven aan deze opgave en in te spelen op demografische, onderwijskundige en maatschappelijke ontwikkelingen, is op 18 maart 2021 het IHP vastgesteld. Dit plan biedt tot 2037 een langetermijnvisie voor alle schoollocaties in Halderberge. Het IHP is een gemeentelijk beleidsdocument ter voorbereiding op de financiële programmering. Dit voorstel regelt de benodigde investeringen voor het investeringsprogramma tot 2030. De Verordening voorzieningen huisvesting onderwijs 2022 dient als vangnet voor situatie waarin het IHP niet voorziet. Sinds 2021 hebben zich demografische, financiële en beleidsmatige ontwikkelingen voorgedaan. Om de uitvoerbaarheid en actualiteit van het plan te waarborgen heeft ons college op 16 juni 2025 opdracht gegeven het IHP te actualiseren. Dit komt overeen met het advies om een IHP na vier jaar te herzien. De Rekenkamer heeft onderzoek gedaan naar het gemeentelijk beleid voor onderwijshuisvesting. Op basis van de conclusies en aanbevelingen is uw gemeenteraad op 2 december 2025 via een tussenbericht geïnformeerd over de voortgang van het integrale huisvestingsplan (IHP) voor opvang en onderwijs. Op 8 januari 2026 is uw gemeenteraad tussentijds geïnformeerd over de huisvestingsplannen voor basisschool De Regenboog en basisschool De Bukehof.

Op 5 februari zijn financiële middelen beschikbaar gesteld voor de planvoorbereiding van de kindcentra De Bukehof en De Regenboog, alsmede het schoolcomplex Futura. Daarnaast zijn middelen toegekend voor het herstel van constructieve gebreken bij basisschool Uniek en het schoolcomplex Futura, en voor de sloop van het Carrégebouw op het terrein van het Markland College. Op 2 april 2026 ontving uw raad een informatiebrief over de voortgang van de actualisatie van het Integraal Huisvestingsplan (IHP) Opvang en Onderwijshuisvesting, evenals over de verdere uitwerking van de huisvestingsplannen. Tijdens de raadsinformatiebijeenkomst van 13 april 2026 is uw gemeenteraad aanvullend geïnformeerd over het IHP en de actualisatie daarvan. Met de vaststelling van een geactualiseerd IHP vervalt het IHP zoals vastgesteld in de raadsvergadering van 18 maart 2021 niet. De actualisatie is bedoeld om het plan toekomstbestendig te houden, zonder de basisprincipes aan te passen. Doelstelling Goede schoolgebouwen dragen bij aan het kunnen geven van kwalitatief goed onderwijs en zorgen voor een prettig leer- en werkklimaat. Hierbij is het van belang dat de huisvesting aansluit bij de inhoudelijke visie van alle partners.

Daarnaast heeft de gemeente een wettelijke zorgplicht voor adequate onderwijshuisvesting Gemeente en onderwijs werken gezamenlijk aan een toekomstbestendig plan vanuit een visie waarin wordt uitgegaan van duurzame, gezonde en inclusieve schoolgebouwen die aansluiten bij demografie, wijkontwikkeling en onderwijsvisie. Huisvesting ondersteunt pedagogischdidactische kwaliteit, flexibiliteit en gelijke kansen. Transparante samenwerking en langetermijnplanning vormen de basis voor doelmatige investeringen en toekomstbestendige scholen in de dorpskernen. Zowel landelijk als lokaal hebben er verschillende ontwikkelingen plaatsgevonden die vragen om het Integraal Huisvestingsplan (IHP) opvang- en onderwijshuisvesting te herzien. De doelstelling is om in de looptijd van IHP alle onderwijshuisvesting op een voldoende basiskwaliteit te brengen. De actualisatie richt zich op het herijken van onderdelen zoals de leerlingenprognoses, doorlooptijden van projecten, scenario’s en relevante wet- en regelgeving. 2 / 14

Het geactualiseerde IHP geeft inzicht in de maatregelen die nodig zijn om te komen tot een toekomstbestendige onderwijshuisvestingsportefeuille en de omvang van de daarvoor benodigde investeringen. Met het IHP stelt uw gemeenteraad haar visie op opvang- en onderwijshuisvesting in de gemeente Halderberge opnieuw vast en daarmee het kader voor haar handelen. Tevens geeft het IHP een doorzicht in de opgave voor de komende jaren met een bijbehorende fasering. Voor de eerste jaren is een concrete uitvoering van het plan opgenomen. Voor de vervolgjaren betreft het een indicatieve fasering en investering. De geformuleerde maatregelen in het IHP liggen na vaststelling door uw gemeenteraad de eerste vijf jaar vast. Voor de jaren daarna committeert de gemeenteraad zich aan de inspanningsverplichting om indien mogelijk en verantwoord de benodigde middelen tijdig beschikbaar te maken en stellen. Op deze manier kan de gemeenteraad haar ambities, prioritering en inzet van financiële middelen periodiek wegen en telkens de opgave voor de korte termijn en de lange termijn duiden en (her)ijken. Met het IHP hebben gemeente en schoolbesturen houvast voor het maken van keuzes voor de middellange en lange termijn. Overwegingen 1.1 Zorgplicht De gemeente heeft de wettelijke zorgplicht voor onderwijsvoorzieningen.

De gemeente is op grond van de Wet op het primair onderwijs, nader ingevuld door de verordening onderwijshuisvesting, verantwoordelijk voor de onderwijshuisvesting binnen haar gemeente. Met het IHP opvang- en onderwijshuisvesting heeft het college onderzoek gedaan naar de verschillende mogelijkheden om de behoefte aan opvang- en onderwijsruimte in te vullen. 1.2 MJOP Schoolbesturen zijn verplicht om elke vier jaar een meerjarenonderhoudsplan (MJOP) op te stellen, op basis van een bouwkundige inspectie van hun gebouwen. Het voorstel om het IHP te actualiseren volgt op deze herziening van de MJOP's en bevat een plan voor de komende twaalf jaar, inclusief besluitvorming over renovatie of nieuwbouw van schoolgebouwen ouder dan 40 jaar. 1.3 Actualisatie Er is geen nieuw IHP opgesteld. Het bestaande is plan op onderdelen herijkt. Bij de actualisatie is beoordeeld of de scope en kaders van het vorige IHP nog van toepassing zijn of moesten worden aangepast. Het oorspronkelijke IHP diende als basis, waarbij in ieder geval de leerlingenprognose, de kostenkengetallen en de beoogde programmering zijn geactualiseerd. De volgorde van de projecten blijft ongewijzigd, maar de doorlooptijden zijn aangepast. Daarnaast zijn de scenario’s, studies en bouwprojecten opnieuw bekeken en waar nodig aangescherpt.

Tot slot zijn relevante wet- en regelgeving en actuele ontwikkelingen verwerkt in het plan. 1.4 Demografische ontwikkelingen Bij vaststelling van het IHP opvang- en onderwijshuisvesting is in 2021 besloten om tweejaarlijks opdracht te geven om een prognose op te stellen. In 2025 is een leerlingenprognose en ruimtebehoefte opgesteld. De uitkomsten zijn verwerkt in het IHP om de capaciteitsbehoefte te bepalen. 1.5 Kader Het uitgangspunt op basis van de huidige wetgeving is dat de gemeente een zorgplicht heeft om te voorzien in passende huisvesting en dat schoolbesturen zowel inhoudelijk als financieel verantwoordelijk zijn voor het onderhoud en functionele aanpassingen in de eerste 40 jaar van de levenscyclus van een gebouw. Dit is vastgelegd in de Wet op het primair onderwijs, Wet op de expertisecentra en de Wet op het voortgezet onderwijs. In het IHP opvang- en 3 / 14

onderwijshuisvesting zijn de schoolgebouwen in beeld gebracht waar gemeentelijke investeringen noodzakelijk zijn. 1.6 Scenario’s In het IHP worden vijf scenario’s voor gebouwen onderscheiden. Aan deze scenario’s is een nieuw scenario toegevoegd: Levensduurverlengende renovatie met een termijn van 20 jaar. Het bestaande scenario voor vervangende nieuwbouw blijft gehandhaafd. Voor modulaire of semi-permanente schoolgebouwen wordt, afhankelijk van de gekozen flexibele bouwvorm, een afschrijvingstermijn en economische levensduur van 10 jaar toegepast. Modulaire bouw kent een korte afschrijvingstermijn en brengt hogere exploitatiekosten met zich mee. Een gemengd scenario, waarin traditionele bouw wordt gecombineerd met modulaire huisvesting, wordt steeds gebruikelijker, met name bij fluctuerende leerlingaantallen. Bij (vervangende) nieuwbouw of renovatie is het van belang te anticiperen op toekomstige groei of krimp. Dit vraagt om expliciete aandacht voor uitbreidings- en inkrimpmogelijkheden. In de planvorming wordt per locatie rekening gehouden met de ruimtelijke potentie voor groei en/of krimp, zonder dat dit afbreuk doet aan het onderwijskundige en/of opvangconcept. Het ontwerp houdt vanaf de start rekening met mogelijke ontwikkelingen. De financiële vertaling hiervan is opgenomen in het geactualiseerde IHP, waarin uitbreidbaarheid als ingreep is meegenomen.

1.7 Nieuwkomersonderwijs Nieuwkomersonderwijs is een structureel onderdeel geworden van het lokale onderwijsveld en vraagt om een duurzame plek binnen de toekomstige voorzieningen. Het betreft kinderen met een niet-Nederlandse achtergrond die de Nederlandse taal nog niet (volledig) beheersen. Vanuit de gezamenlijke visie is in het IHP opgenomen dat leerlingen in hun eerste jaar onderwijs krijgen binnen één gezamenlijke voorziening, waarna zij doorstromen naar het reguliere primair of voortgezet onderwijs. Met deze voorziening wordt een stevige en uniforme basis gecreëerd, waardoor verschillen in ontwikkelingsniveau, thuissituatie en eerdere ondersteuning zoveel mogelijk worden verkleind. Binnen deze gezamenlijke voorziening krijgen professionals de ruimte om leerlingen zorgvuldig te volgen, hun ondersteuningsbehoeften in kaart te brengen en een passende vervolgstap richting het reguliere onderwijs te adviseren. Door vroegtijdig te investeren in begeleiding, taalontwikkeling, gedragsondersteuning en het aanpakken van leerachterstanden kunnen problemen op latere leeftijd worden voorkomen. Voor de komende vijf jaar is er ruimte beschikbaar binnen de bestaande schoolgebouwen, gekoppeld aan de Bukenhof, waarmee in de eerste fase kan worden voorzien in een passende en geconcentreerde voorziening. Voor de periode daarna zal aanvullende ruimte moeten worden gezocht.

Daarbij houdt de gemeente nadrukkelijk rekening met de belangen om de opgebouwde kennis, expertise en kwaliteit van het aanbod te behouden en verder te versterken. De pedagogisch-didactische uitwerking van dit onderwijs vindt plaats binnen de overlegstructuren onderwijs. Voor de huisvesting betekent dit dat rekening gehouden moet worden met een minimale, flexibele basisvoorziening die het mogelijk maakt om deze doelgroep adequaat op te vangen. Daarbij stellen we als voorwaarde dat gemeenten in de regio, waarvan leerlingen gebruikmaken van de voorziening, meefinancieren. 1.7 Vergoeding gebruik onderwijsruimte door kinder- en buitenschoolse opvangpartijen De Wet primair onderwijs biedt de mogelijkheid om voor bestaande bouw verhuur vorm te geven. Sinds 1 juli 2021 vraagt ons college aan kinderopvang- en buitenschoolse opvangorganisaties een kapitaallastenvergoeding voor ruimten met de bestemming ‘onderwijs’ waarin voorschoolse, tussentijdse en naschoolse opvang wordt aangeboden. De vergoeding is bijgesteld vanwege de hogere investeringskosten. Voor de continuïteit borgt het college hiermee bestaande afspraken, inclusief het ruimtegebruik. Dit geeft partijen zekerheid over inhoudelijke en ruimtelijke afspraken en biedt opvangorganisaties investeringsperspectief vanuit zowel inhoud als financiën. De geraamde inkomsten zijn opgenomen in de financiële paragraaf. 4 / 14

1.8 Rekenkameronderzoek Onderwijshuisvesting De Rekenkamer heeft onderzoek gedaan naar het gemeentelijk beleid voor onderwijshuisvesting. Op basis van de conclusies en aanbevelingen is uw raad op 2 december 2025 via een tussenbericht geïnformeerd over de voortgang van het integrale huisvestingsplan (IHP) voor opvang en onderwijs. De aanbevelingen van de Rekenkamer zijn overgenomen en verwerkt in het geactualiseerde IHP. 1.9 Samenhang andere beleidsterreinen De actualisatie van het Integraal Huisvestingsplan (IHP) sluit aan bij diverse gemeentelijke beleidsterreinen en vormt een essentiële bouwsteen voor de verdere ontwikkeling van onze gemeente. De keuzes op het gebied van onderwijshuisvesting dragen bij aan het gewenste profiel van een toekomstgerichte, leefbare en traditioneel sterke onderwijsgemeente. Investeren in kwalitatief hoogwaardige onderwijsvoorzieningen, moderne en duurzame schoolgebouwen en toekomstbestendige schoolpleinen versterkt niet alleen het bewegingsonderwijs, maar biedt tevens kansen om sportvoorzieningen beter te benutten en multifunctioneel in te zetten. Ook op het gebied van cultuur ontstaan mogelijkheden: door ruimte te creëren voor culturele activiteiten, kunsteducatie en samenwerking met lokale culturele partners wordt de maatschappelijke functie van scholen verder vergroot.

Daarnaast vraagt de situering, bereikbaarheid en clustering van onderwijs-, sport- en cultuurvoorzieningen om een integrale afweging met verkeer en veiligheid. Het borgen van veilige loop- en fietsroutes voor leerlingen en bezoekers, evenals het beheersbaar houden van verkeersdruk in woonwijken, is hierbij een belangrijk uitgangspunt. Het IHP fungeert daarmee als een strategisch instrument waarin onderwijskwaliteit, leefomgeving, sport, cultuur, duurzaamheid, energiezuinigheid, klimaatadaptatie, verkeer en veiligheid in samenhang worden beschouwd. Hierdoor ontstaat een integrale benadering die bijdraagt aan een toekomstbestendige en vitale gemeente. Risico's 2.1 Uitkering uit het gemeentefonds Elke gemeente ontvangt een algemene uitkering uit het gemeentefonds, waarin ook middelen zijn opgenomen voor de cluster Educatie. Omdat het hier gaat om een algemene uitkering, is het gemeentebestuur in principe vrij in de besteding van deze middelen. Wel geldt dat de gemeente gehouden is aan haar wettelijke zorgplicht ten aanzien van onderwijshuisvesting, ongeacht de hoogte van de ontvangen vergoeding. Hoewel bedragen en normen periodiek worden aangepast, blijft de uitkering uit het gemeentefonds voor onderwijshuisvesting structureel ontoereikend.

De bijdrage groeit slechts mee met het bruto binnenlands product (bbp), terwijl de kosten voor renovatie, nieuwbouw en verduurzaming van schoolgebouwen in een veel hoger tempo stijgen. Door internationale spanningen, stijgende grondstofprijzen en verstoringen in mondiale toeleveringsketens nemen de bouw- en energiekosten toe, waardoor de kloof tussen beschikbare middelen en daadwerkelijke investeringsbehoeften verder groeit. Door het vaststellen van het geactualiseerde Integraal Huisvestingsplan (IHP) onderstreept uw raad het belang van kwalitatieve onderwijshuisvesting. Daarbij wordt ingezet op investeringen in gezonde, energiezuinige en toekomstbestendige schoolgebouwen. Uw raad neemt hierin de regie en zet binnen de beschikbare financiële kaders alles op alles om invulling te geven aan de zorgplicht. 2.2 Normbedragen De onderwijswetten schrijven voor dat de gemeenteraad normen vaststelt aan de hand waarvan de bedragen worden vastgesteld voor de toegekende voorzieningen in de huisvesting. De in 2021 vastgestelde investeringsbedragen binnen het IHP hebben een indicatief karakter en zijn gebaseerd op generieke kostenkengetallen. Het nadeel van normbedragen is gelegen in de inflexibiliteit ervan. Het zijn vaste, gemiddelde bedragen die veelal landelijk worden 5 / 14

toegepast. Hierdoor kan slecht worden ingespeeld op kostenverhogende factoren die het gevolg zijn van lokale omstandigheden. De stichtingskostennormen zijn in het geactualiseerde IHP gebaseerd op de kostenkengetallen uit het Kwaliteitskader Onderwijshuisvesting van Ruimte-OK. Deze kengetallen worden jaarlijks geactualiseerd, waardoor de normen beter aansluiten bij de werkelijke kosten in de markt. 2.3 Renovatie Met de komst van het wetsvoorstel Wet planmatige aanpak onderwijshuisvesting wordt het begrip renovatie toegevoegd aan de voorzieningen waarvoor gemeenten verantwoordelijk zijn. Renovatie krijgt hiermee een duidelijke juridische status en wordt expliciet gedefinieerd als een volwaardig alternatief voor nieuwbouw. Dit betekent dat bij het opstellen van IHP niet alleen nieuwbouw, maar ook renovatie als gelijkwaardige optie is meegenomen. Deze wijziging biedt gemeenten en schoolbesturen meer flexibiliteit om te kiezen voor oplossingen die zowel financieel als duurzaam verantwoord zijn, en sluit aan bij de doelstelling om investeringen in onderwijshuisvesting planmatig en doelmatig uit te voeren. 2.4 Eerste inrichting Voor de eerste inrichting van het nieuwe schoolgebouw ligt de verantwoordelijkheid bij de gemeente, die zorgdraagt voor een basisuitrusting waarmee het gebouw gebruiksklaar wordt opgeleverd.

Bij een uitbreiding van een schoolgebouw is aanvullende inrichting van de nieuwe klaslokalen noodzakelijk. Het schoolbestuur heeft hiervoor inmiddels een aanvraag ingediend voor Kindcentra Uniek, De Klinkert en Talente. De bijbehorende vergoeding is opgenomen in het geactualiseerde IHP. 2.5 Inclusiever en passend onderwijs De huidige Wet Passend Onderwijs, die sinds 2014 van kracht is, vormt het vertrekpunt voor de transitie naar Inclusief Onderwijs. De landelijke ambitie is dat in 2035 alle kinderen, ongeacht hun ondersteuningsbehoefte, onderwijs kunnen volgen op een reguliere school in de eigen buurt. Deze beweging naar een inclusiever onderwijssysteem heeft gevolgen voor de ruimtelijke behoefte van scholen en voor de vraag die zij aan de gemeente stellen. In gesprekken met de schoolbesturen is verkend welke aanvullende ruimtelijke voorzieningen nodig kunnen zijn en welke investeringen dit van de gemeente vraagt. Daarbij is het uitgangspunt dat de gemeente investeert in eventuele extra vierkante meters, terwijl de schoolbesturen verantwoordelijk zijn voor de exploitatielasten van deze uitbreiding. Op dit moment is er nog geen formeel verzoek van de schoolbesturen waarin de gewenste uitbreiding is onderbouwd met een uitgewerkte visie, concrete plannen of een financiële vertaling in de meerjarenbegroting.

De gemeente onderkent echter het belang van deze ontwikkeling en zet actief in op het ondersteunen van scholen bij het formuleren en verder uitwerken van hun plannen. Voorlopig kan indicatief worden uitgegaan van een uitbreiding van circa vijf procent bruto vloeroppervlak per onderwijsvoorziening, waarbij per locatie gemotiveerd kan worden afgeweken. De indicatief bekende kosten bedragen circa € 1.021.000 voor de periode tot en met 2029 en circa € 3.244.000 voor de periode 2030–2040. Deze bedragen zijn als ingreep opgenomen in het geactualiseerde Integraal Huisvestingsplan (IHP). Aan de schoolbesturen wordt verzocht een voorstel op te stellen voor de onderwijsinhoudelijke invulling, inclusief de ondersteuningsmogelijkheden voor inclusief onderwijs, waarbij zij relevante wet- en regelgeving en actuele onderwijsontwikkelingen betrekken. De gemeente neemt hierbij een ondersteunende rol op zich, waarbij zij ook bewaakt dat de verschillende plannen in samenhang worden ontwikkeld en elkaar versterken. Met dit raadsvoorstel geeft de gemeenteraad, vooruitlopend op de beoogde landelijke wetgeving voor Inclusief Onderwijs, invulling aan deze ontwikkeling. Dit betekent dat de gemeente tijdig anticipeert op de ruimtelijke en financiële consequenties die deze transitie met zich meebrengt. Het IHP biedt ruimte om boven-normatief te denken en maatwerk te leveren wanneer dat nodig is.

Per project wordt afgewogen of de gemeente kan investeren in extra ruimte, of de onderwijsinstellingen de 6 / 14

aanvullende exploitatielasten kunnen dragen en in hoeverre multifunctioneel ruimtegebruik kansen biedt om de gewenste functionaliteit te realiseren. Het is daarbij wenselijk om eventuele uitbreidingen mee te nemen op het moment dat een verbouwing of renovatie plaatsvindt, omdat achteraf uitbreiden leidt tot hogere kosten en ingrijpender aanpassingen aan bestaande gebouwen. 2.6 Netcongestie De huidige beperkte capaciteit van het energienet vormt een knelpunt voor nieuwbouw, uitbreidingsplannen en verduurzamingsopgaven. Dit kan leiden tot vertraging in de realisatie van projecten. Hoewel er oplossingsrichtingen beschikbaar zijn, brengen deze vaak aanvullende kosten met zich mee. Daarom wordt binnen het IHP per project een frictiebudget opgenomen om dit risico te beheersen. Bij de uitvoering wordt per project gekozen voor de meest doelmatige en financieel verantwoorde oplossing. 2.7 Investeringen onderwijs Het wetsvoorstel Planmatige en doelmatige aanpak onderwijshuisvesting voorziet in het opheffen van het huidige investeringsverbod voor schoolbesturen. Dit betekent dat schoolbesturen in bepaalde gevallen mogen meefinancieren in de bouw of renovatie van schoolgebouwen, mits er sprake is van een overschot op de besteding van onderwijsmiddelen.

In de praktijk komt een dergelijk overschot echter zelden voor, waardoor deze mogelijkheid vooral een theoretische optie blijft en niet leidt tot een bijdrage vanuit schoolbesturen. 2.7 Leerlingenprognose Om beter zicht te houden op demografische, onderwijskundige en maatschappelijke ontwikkelingen in relatie tot onderwijshuisvesting wordt twee jaarlijks opdracht gegeven om een prognose op te stellen. Afwijkingen in de prognoses kunnen worden verklaard door woningbouwplannen die bij het opstellen van een prognose nog niet zijn vastgesteld en door gegevens die schoolbesturen aanleveren op basis van de 1-februari- en 1-oktobertelling. In de berekeningen wordt rekening gehouden met lokale en actuele ontwikkelingen, zoals migratie, geboortecijfers en gemeentelijke bevolkingsprognoses, aangevuld met CBS-data en input van schoolbesturen. Omdat sinds 2021 gewerkt wordt met een tweejaarlijkse prognosecyclus, wijkt het beeld af van eerdere jaren. Om de instroom en doorstroom zo betrouwbaar mogelijk te ramen zal voor de komende prognoses een gewogen gemiddelde van het marktaandeel over de afgelopen vijf jaar worden meegenomen. 2.8 Actualiseren Factsheets vormen een integraal onderdeel van het IHP. Ze geven een overzichtelijke en actuele stand van zaken van de schoolgebouwen binnen onze gemeente.

Op basis van het advies uit het rekenkameronderzoek wordt voorgesteld deze factsheets periodiek te actualiseren. Gevraagd wordt opdracht te geven tot een tweejaarlijkse herziening van de factsheets en hiervoor structureel budget op te nemen in de begroting. 2.9 Bekostigingsplafond Ons college neemt het advies van de Rekenkamer over om een bekostigingsplafond vast te stellen. Het bekostigingsplafond is het bedrag dat ons college jaarlijks beschikbaar stelt voor het bekostigen van de voorzieningen huisvesting onderwijs. Als het bedrag niet toereikend is voor alle aanvragen, is het noodzakelijk prioriteiten te stellen. De wijze waarop de prioriteiten worden gesteld is opgenomen in de modelverordening voorzieningen huisvesting onderwijs. Tijdens raadvergadering op 5 februari 2026 heeft uw raad besloten om de conclusies van het Rekenkamerrapport over te nemen. De Rekenkamer adviseert om een herziene verordening aan de raad voor te leggen, maar specificeert niet welke onderdelen aangepast zouden moeten worden of wat de herziening precies zou moeten omvatten. De meest recente Modelverordening voorzieningen huisvesting onderwijs is de versie van de VNG uit 2020. In de 7 / 14

jaren 2016 t/m 2021 heeft een aantal wijzigingen plaatsgevonden in de modelverordening van de VNG. In 2022 is de verordening voor Halderberge aangepast en door uw gemeenteraad vastgesteld. De normbedragen worden jaarlijks geactualiseerd. Tijdens de presentatie van de Rekenkamer op donderdag 22 januari 2026 is door de Rekenkamer bevestigd dat de verordening in lijn ligt met de praktijk op het moment dat er een bekostigingsplafond wordt vastgesteld. Er is hiermee geen aanleiding voor een bredere wijziging van de verordening. 2.10 Bewegen en buitenruimte Gemeenten zijn wettelijk verantwoordelijk voor het realiseren van voldoende voorzieningen voor bewegingsonderwijs in het primair en voortgezet onderwijs. Een gezonde leeromgeving stimuleert beweging, wat bijdraagt aan leerprestaties en welzijn van kinderen. Bij nieuwbouw en levensduurverlengende renovatie wordt in het geactualiseerde IHP daarom ingezet op een beweegvriendelijke buitenruimte. Bij bestaande locaties blijft de huidige buitenruimte behouden, maar wordt vergroening waar mogelijk toegepast. Voor nieuwbouw en renovatie is de ambitie om, naast de 3 m² verhard speelterrein per leerling zoals vastgelegd in de verordening, ook 2 m² onverhard speelterrein per leerling te realiseren, conform het kwaliteitskader van Ruimte-OK. De aanleg van extra speelruimte wordt door de gemeente bekostigd.

De exploitatiekosten liggen bij het schoolbestuur. In overleg kan (een deel van) het terrein onderdeel blijven van de openbare ruimte, waarbij de gemeente een gedeelte de exploitatiekosten draagt. Per project wordt, in samenspraak met schoolbesturen en kinderopvangorganisaties, bekeken wat mogelijk is. Bij de planvorming voor het nieuwe kindcentrum De Bukehof in Oudenbosch wordt een integrale afweging gemaakt voor de toekomstige inrichting van het bewegingsonderwijs. Daarbij worden zowel het behoud en de renovatie van de bestaande gymzaal als de realisatie van een nieuwe voorziening onderzocht. De bouwkosten voor een nieuwe gymzaal worden op basis van actuele normbedragen en marktontwikkelingen geraamd op circa € 2 miljoen. In het Integraal Huisvestingsplan (IHP) is rekening gehouden met de opname van een gymvoorziening, maar er is op dit moment nog geen keuze gemaakt tussen renovatie of nieuwbouw. In de verdere uitwerking wordt samen met de schoolbesturen bepaald hoe het bewegingsonderwijs binnen de geldende wettelijke kaders het meest doelmatig kan worden georganiseerd, met specifieke aandacht voor het voorkomen van overcapaciteit en het optimaal benutten van beschikbare voorzieningen. In dit overleg wordt bezien in hoeverre het bestaande gemeentelijke binnensportvastgoed kan bijdragen aan een efficiënte en toekomstbestendige oplossing.

Daarbij worden niet alleen nieuwe ontwikkelingen bekeken, maar ook mogelijkheden voor clustering en herstructurering van voorzieningen in Oudenbosch. Daarnaast wordt de optie van buitengymonderwijs als volwaardig alternatief betrokken in de totale afweging. 2.11 Markland Oudenbosch Het vernieuwbouwproject van het Markland Oudenbosch is in 2025 afgerond. De school voor voortgezet onderwijs is vernieuwd tot een toekomstbestendig geheel met twee leshuizen. Het voormalige Thomas More-gebouw is uitgebreid en gemoderniseerd. Deze vernieuwbouw, die wordt aangeduid als het BE- en TM-gebouw voorziet niet in de huisvesting van alle leerlingen. In de voormalige praktijkvleugel van het schoolgebouw zijn in 2023 theorielokalen gerealiseerd. Dit leshuis, dat worden aangeduid als het CB en CC gebouw blijft tot 1 oktober 2027 beschikbaar om de groei van het aantal leerlingen op te vangen. Om te voorzien in de huisvesting van alle leerlingen wil ons college het gebouw nog vijf jaar ter beschikking stellen. In het geactualiseerde IHP is vastgelegd dat Markland Oudenbosch in 2032 over voldoende lokalen beschikt om 1.530 leerlingen onderwijs te bieden. Het Markland heeft de benodigde kosten in kaart gebracht om het gebouw nog vijf jaar te kunnen gebruiken voor het verzorgen van onderwijs. De financiële consequenties voor de middellange en langere termijn zijn verwerkt in het geactualiseerde IHP.

8 / 14

Op 5 februari 2026 heeft uw raad budget beschikbaar gesteld voor de sloop van een vleugel van het schoolgebouw, bekend als het Carrégebouw. Met een gezamenlijke onderhandse akte is het gebruik van dit gebouw voor onderwijs beëindigd en is het juridisch eigendom overgedragen aan de gemeente. Financiën 3.1.1 Investeringen In het IHP zijn alleen de investeringsbedragen opgenomen die betrekking hebben op nieuwbouw of renovatie van de scholen, kinderopvanglocaties en buitenschoolse opvang. Diverse kosten zoals aankoop grond en eventuele aanpassingen aan de infrastructuur/openbare ruimte, sloop van huidige gebouwen e.d. zijn niet in de investeringsbedragen opgenomen. De exacte kosten per school en de daarmee samenhangende financiële gevolgen zijn pas duidelijk als ook deze kosten in beeld zijn gebracht. De financiële paragraaf geeft een beknopte weergave van de financiële gevolgen van het IHP en de andere relevante onderdelen binnen de begrotingsperiode. Een uitgebreide toelichting is toegevoegd als bijlage bij het raadsvoorstel. Voor de looptijd van het IHP is een financiële doorrekening opgesteld, inclusief de voorziene opgave tot 2037. Dit voorstel voorziet in de benodigde investeringen voor de uitvoering van het investeringsprogramma tot 2030.

Voorgesteld wordt de volgende bedragen op te nemen op het investeringsprogramma: KC De Regenboog: De Bukehof: Talente en De Linde (Futura): Markland Oudenbosch (CB- en CC gebouw)

€ 7.552.194 € 8.153.968 € 5.208.884 € 315.300

(IP 2027, planning gereed 2029) (IP 2027, planning gereed 2030) (IP 2027, planning gereed 2029) (IP 2026, planning gereed 2028)

De financiële consequenties voor inclusief onderwijs, zijn nog niet opgenomen in het investeringsprogramma voor de uitbreiding van basisschool TaLente en De Linde. De exacte behoefte aan ruimtelijke en functionele voorzieningen wordt bepaald op basis van een nadere uitwerking van het Programma van Eisen (PvE). Deze uitgewerkte raming wordt op een later moment ter besluitvorming voorgelegd. Conform de financiële verordening wordt voor nieuwbouw een afschrijftermijn van 40 jaar gehanteerd. De kapitaallasten bij deze investeringen zijn als volgt: Tabel 1: Kapitaallasten 2027

2028

2029

2030

KC de Regenboog

5.510

11.019

302.088

De Bukehof

1.952

6.932

11.913

3.750

7.500

208.355

2.775

12.612

12.494

TaLente en De Linde (Futura) Markland (CB- en CC-gebouw)

2.775

Vergoedingen kinderopvang Totaal

-69.543 € 2.775

€ 13.987

€ 38.063

€ 465.307

Dit scenario, waarin inclusief onderwijs voor kindcentrum De Regenboog en De Bukehof en 9 / 14

nieuwbouw opvang worden meegenomen, heeft de voorkeur. Het integreren van inclusief onderwijs met de nieuwbouw voor opvang creëert een stevige en toekomstbestendige voorziening, die aansluit bij de visie op kindcentra. Dit scenario levert aantoonbaar de grootste pedagogische, organisatorische, financiële en maatschappelijke meerwaarde op. Daarbij wordt voorgesteld om de kapitaallasten te dekken vanuit de beschikbare saldi in de meerjarenraming 3.1.2 Investeringen zonder inclusief onderwijs en nieuwbouw opvang Op basis van de verordening onderwijshuisvesting is de gemeente verantwoordelijk voor de huisvesting van het onderwijs. In het scenario zonder inclusief onderwijs en zonder nieuwbouw voor opvang gelden de volgende investeringen: KC De Regenboog: De Bukehof: Talente en De Linde (Futura): Markland Oudenbosch (CB- en CC-gebouw)

€ 5.505.260 € 6.719.988 € 5.208.884 € 315.300

(IP 2026, planning gereed 2028) (IP 2027, planning gereed 2030) (IP 2027, planning gereed 2029) (IP 2026, planning gereed 2028)

Conform de financiële verordening wordt voor nieuwbouw een afschrijftermijn van 40 jaar gehanteerd. De kapitaallasten bij deze investeringen zijn als volgt: Tabel 2: Kapitaallasten 2027

2028

2029

2030

KC de Regenboog

3.974

7.949

220.210

De Bukehof

1.952

5.857

9.762

TaLente en De Linde (Futura)

3.750

7.500

208.355

2.775

2.775

12.612

12.494

€ 2.775

€ 12.452

€ 33.917

€ 450.821

Markland (CB- en CC-gebouw) Totaal

3.2 Eerste inrichting Voor de eerste inrichting van het nieuwe schoolgebouw ligt de verantwoordelijkheid bij de gemeente. De gemeente zorgt voor een basisuitrusting waarmee het gebouw gebruiksklaar kan worden opgeleverd. Bij een uitbreiding van een schoolgebouw betekent dit dat de nieuwe klaslokalen moeten worden ingericht. De bijdrage voor de eerste inrichting van de onderwijshuisvesting wordt eenmalig beschikbaar gesteld. Voorgesteld wordt om hiervoor eenmalig € 80.000 beschikbaar te stellen. Op grond van artikel 61 BBV kan de bijdrage aan de investering van de onderwijstelling voor de eerste inrichting van de nieuwbouw worden geactiveerd. Voorgesteld wordt om een krediet van € 80.000 op te nemen op het investeringsprogramma en de kapitaallasten te dekken uit het begrotingssaldo 2026 en de saldi van de meerjarenraming. Conform de financiële verordening wordt voor de eerste inrichting van scholen een afschrijftermijn van 10 jaar gehanteerd. De kapitaallasten bedragen in 2027 € 9.200. 3.3 Factsheets Daarnaast dienen de factsheets elke twee jaar geactualiseerd te worden. De kosten hiervoor bedragen € 5.000. Voorgesteld wordt deze kosten te dekken uit het begrotingssaldo 2026 en de saldi van de meerjarenraming. 3.4 Dekking en gevolgen begroting Voorgesteld wordt om de kapitaallasten van de investeringen en de kosten voor de actualisatie 10 / 14

van de factsheets te dekken uit het begrotingssaldo 2026 en de saldi van de meerjarenraming Hierbij dient te worden opgemerkt dat in 2028 al sprake is van een negatief begrotingssaldo. Het negatieve saldo voor 2028 neemt als gevolg van dit voorstel toe. In de volgende tabel zijn de gevolgen voor de begroting in beeld gebracht: Tabel 3: Begrotingssaldo

Duurzaamheid Voorstellen hierover zijn in het IHP opvang- en onderwijshuisvesting opgenomen. Burger- & overheidsparticipatie Voor de totstandkoming van het Integraal Huisvestingsplan (IHP) opvang- en onderwijshuisvesting is in samenwerking met de schoolbesturen en kinderopvang een proces doorlopen. De doelstelling was een geactualiseerd IHP, gebaseerd op een door gemeente en schoolbesturen gedeelde visie op het onderwijsaanbod en onderlinge samenwerking, de visie op de kwaliteit van de onderwijshuisvesting. Communicatie Wij communiceren het besluit aan de betrokken partijen. Vervolg Na vaststelling van het Integraal Huisvestingsplan (IHP) opvang- en onderwijshuisvesting kunnen we aan de slag met de uitvoering van de genoemde maatregelen. De gemeente en de schoolbesturen spannen zich in om de in het IHP opgenomen maatregelen te realiseren. Pas na het doorlopen van de benodigde processtappen wordt bij uw raad een realisatiebesluit én een bijhorend uitvoeringskrediet gevraagd. De Verordening voorzieningen huisvesting onderwijs geeft daarvoor de kaders. De totale doorlooptijd van planvorming, ontwikkeling en realisatie van (vervangende) nieuwbouw of renovatie, vanaf de start tot de oplevering duurt voor reguliere bouwopgaven veelal minimaal vier jaar. Gezien de urgentie zijn wij reeds gestart met de planvoorbereiding en een investeringsanalyse.

Op 5 februari 2026 heeft uw raad een voorbereidingsbudget beschikbaar gesteld. Dit budget wordt ingezet voor het opstellen van het programma van eisen 11 / 14

en de stichtingskostenraming voor KC De Regenboog, KC De Bukehof in Oudenbosch en KC TaLente in Oud Gastel. Voor basisschool TaLente is tijdelijke huisvesting geregeld. De schoolbesturen is gevraagd om voor een periode van vijf en tien jaar inzicht te geven in de te verwachten huisvestingskosten en mogelijke scenario’s, zodat een integrale vergelijking kan worden gemaakt. Na vaststelling van het geactualiseerde IHP door uw raad wordt naar verwachting in 2027 een definitief besluit over de huisvesting van De Regenboog en De Bukehof aan u voorgelegd. Dit besluit zal worden gebaseerd op de uitkomsten van het locatieonderzoek, de planvoorbereiding, de voorlopige ontwerpen en de bijbehorende stichtingskosten Het schoolbestuur zal voor de nieuwbouw van de kindcentra De Regenboog en De Bukehof, evenals voor de uitbreiding van TaLente en De Linde, een onderbouwde aanvraag indienen waaruit blijkt dat er behoefte bestaat aan aanvullende vierkante meters ten behoeve van inclusiever en passend onderwijs. De benodigde investering wordt ter besluitvorming aan uw Raad voorgelegd. Na besluitvorming door de gemeenteraad geeft het college regelmatig terugkoppeling aan de gemeenteraad over de uitrol van de projecten uit het IHP. Daarnaast vindt verdere verantwoording plaats via de reguliere Planning & Control cyclus.

Zekerheid over de maatregelen, de planning en hoogte van de investeringsbedragen is er pas, na vaststelling van het uitvoeringsbesluit per school en beschikbaarstelling van bijhorend krediet door uw raad.

12 / 14

Voorstel Wij stellen u voor: 1. het geactualiseerde “IHP Opvang- en Onderwijshuisvesting 2026” vast te stellen; 2. het college opdracht te geven om de volgende projecten uit te voeren en de bijbehorende investeringen op te nemen in het investeringsprogramma: a. KC De Regenboog: € 7.552.194 b. De Bukehof: € 8.153.968 c. TaLente en De Linde (Futura): € 5.208.884 d. Markland Oudenbosch (CB- en CC-gebouw): € 315.300 3. voor de eerste inrichting van Kindcentrum Uniek, De Klinkert en TaLente een bijdrage van € 80.000 te doen en deze investering op te nemen op het investeringsprogramma; 4. het CB- en CC-gebouw met ingang van 1 oktober 2027 voor een periode van vijf jaar beschikbaar te stellen aan het Markland College Oudenbosch voor de huisvesting van leerlingen; 5. het college te verzoeken om de factsheets voor de periode 2026 - 2034 tweejaarlijks te actualiseren; 6. de kapitaallasten van de investeringen en de kosten voor de actualisatie van de factsheets te dekken uit het begrotingssaldo 2026 en de saldi van de meerjarenraming; 7. de 13e begrotingswijziging 2026 vast te stellen. Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Halderberge.

Bijlagen:

1. IHP opvang- en onderwijshuisvesting | Actualisatie 2026 2. Financiële doorrekening actualisatie IHP Halderberge 3. Begrotingswijziging

13 / 14

RAADSBESLUIT De raad van de gemeente Halderberge; gezien het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 2 juni 2026; BESLUIT: 1. het geactualiseerde “IHP Opvang- en Onderwijshuisvesting 2026” vast te stellen; 2. het college opdracht te geven om de volgende projecten uit te voeren en de bijbehorende investeringen op te nemen in het investeringsprogramma: a. KC De Regenboog: € 7.552.194 b. De Bukehof: € 8.153.968 c. TaLente en De Linde (Futura): € 5.208.884 d. Markland Oudenbosch (CB- en CC-gebouw): € 315.300 3. voor de eerste inrichting van Kindcentrum Uniek, De Klinkert en TaLente een bijdrage van € 80.000 te doen en deze investering op te nemen op het investeringsprogramma; 4. het CB- en CC-gebouw met ingang van 1 oktober 2027 voor een periode van vijf jaar beschikbaar te stellen aan het Markland College Oudenbosch voor de huisvesting van leerlingen; 5. het college te verzoeken om de factsheets voor de periode 2026 - 2034 tweejaarlijks te actualiseren; 6. de kapitaallasten van de investeringen en de kosten voor de actualisatie van de factsheets te dekken uit het begrotingssaldo 2026 en de saldi van de meerjarenraming; 7. de 13e begrotingswijziging 2026 vast te stellen. Aldus vastgesteld in de vergadering van de raad van de gemeente Halderberge d.d. 9 juli 2026, de griffier,

de voorzitter,

Ari Koenen

Anne Mulder

14 / 14

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://gemeenteraad.halderberge.nl/api/v1/meetings/5186/documents/75540