Transcript commissie Samenleving 3 juni 2021
Tekst van het document
De commissie Samenleving wordt verzocht advies te geven aan de raad over het voorstel van het college in paragraaf twee en over de wijze van agendering in het raadsstuk in de raadsvergadering. Dan is nu het woord aan de commissie. Wie mag ik als eerste het woord hierover geven? Mevrouw Klazes, GroenLinks. Mevrouw Klazes: Dank u wel, voorzitter. Af en toe wordt onze fractie heel erg blij van een nota en van deze nota werden wij heel erg blij. We werden blij van de aandacht die er is voor de verbinding tussen geestelijk welzijn en fysiek welzijn. Die twee zijn in het verleden te veel los van elkaar gezien wat ons betreft. In de nota worden ze integraal aan elkaar gekoppeld en vervolgens aan andere beleidsvelden. Dat is niet alleen mooi, maar wat GroenLinks betreft ook hoogstnoodzakelijk. We werden ook blij van de bijzondere aandacht die Schalkwijk krijgt in de nota. Het kan tenslotte niet zo zijn dat er dergelijke grote verschillen zijn in gezondheid, welzijnsbeleving en levensverwachting binnen één stad. De cijfers waren al jarenlang bekend, maar nu zien wij ook de actie die deze cijfers uitlokken en die bedoeld zijn om de kloof tussen Oost en West te slechten. Wat ons betreft is die bijzondere aandacht blijvend, zonder daarbij uiteraard de stadsbrede noodzaak voor een integrale aanpak van de verbetering van mentale en fysieke gezondheid uit het oog te verliezen.
Ook werden we blij dat de gezondheid van de Haarlemmer deel uitmaakt van de Omgevingsvisie. We zien een bijna holistische visie, waarbij een terechte link wordt gelegd tussen de inrichting van de stad en de gezondheid en het welzijn van haar bewoners. Een van de bijlagen bevat het uitvoeringsplan van Haarlem voor de komende jaren. Daarin staat dat we de dingen die we al doen gaan voortzetten, en dat is prima. Is alles dan prima? Bijna wel, maar toch niet alles. Wat wij een beetje missen is een laagje erbovenop. In de coronaperiode is duidelijk geworden dat veel kinderen en jongvolwassenen kampen met een gevoel van eenzaamheid en geestelijke nood. Wat ons betreft is dat een belangrijk signaal. Wij willen graag dat op de basisscholen meer aandacht komt voor weerbaarheid, het omgaan met teleurstellingen, veerkracht en het belang van het opbouwen en onderhouden van een netwerk. Niet alleen de kwetsbare kinderen kampen namelijk als gevolg van corona met problemen, ook kinderen waarbij eerder geen grote problemen leken te bestaan, kampen nu met mentale gezondheidsproblemen als gevolg van de periode van sociale isolatie. En wij willen graag een suggestie doen. Deze nota gaat over de regio Kennemerland. Dat betekent dat er een groot aantal gemeenten, veertien in getal, betrokken is.
Wanneer wij alle gemeenten vragen om allemaal een vernieuwende pilot uit te zetten die tot doel heeft de weerbaarheid en veerkracht van kinderen op jonge leeftijd te vergroten en de bouw van een
18
netwerk mee te nemen als onderdeel van het curriculum op basisscholen – overigens heet een netwerk op basisscholen volgens mij gewoon nog vriendschap, maar ook dat verdient wat aandacht – dan hebben wij over een tijdje een resultaat van veertien pilots waar vast een bruikbaar idee tussen zit dat misschien wel in de hele regio gebruikt zou kunnen worden. Er komt als gevolg van de arbitrage van de gemeente veel geld vrij voor de jeugdzorg. Reserveer hier een bedrag voor, dat zou onze tip zijn. Stil eens, Frans. Een van de aanbevelingen van de Participatieraad was om meer gebruik te maken van kunst en cultuur. Wat ons betreft kunnen we de vraag om een vernieuwende pilot mede uitzetten in deze sector. We zitten tenslotte in een veranderende wereld met nieuwe uitdagingen en dat vraagt om een vernieuwende methode om de volwassenen van de toekomst hierop voor te bereiden. Een wereld in transformatie vraagt tenslotte om andere skills dan een wereld in rust. Dat was hem. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Zoon, Hart voor Haarlem. Mevrouw Zoon: Dank u wel, voorzitter. Ja, gezond willen we allemaal zijn, jong en oud, arm en rijk. Niemand zit te wachten op een ziekte, zodat je niet meer mee kunt doen. Het bevorderen en verbeteren van de volksgezondheid is een langdurig traject en vraagt een duidelijke koers. Die zien we in deze nota terug.
Echter, Hart voor Haarlem vindt wel dat de gezondheid ook andere beleidsterreinen raakt, zoals sport, inkomen en armoedebestrijding, economie, onderwijs, groen en mobiliteit, openbare ruimte en stedelijke ontwikkeling. We zouden dat ook graag in deze beleidsvelden ook terugzien, zodat het een integrale actie wordt. We willen dan ook dat het college inzet op het beperken van gezondheidsverschillen in de stad en we zien dat inderdaad in deze nota ook terug. Het creëren van een gezonde leefomgeving in de stad, dat vinden wij fijn om terug te zien. Dus ook wij worden wel blij van deze nota. Echter, er is nog wel één item uit te lichten en dat gaat over de inzet van het rookbeleid. In Haarlem rookt 23 procent van de volwassenen, dat is meer dan het landelijk gemiddelde. Uw ambitie is op 2040 gericht, is dat niet wat lang? Daar kan makkelijk tien jaar van af. Als we er een gezonde stad van maken, wil Hart voor Haarlem graag meewerken aan de rookvrije generatie. Rookvrije speelplaatsen, sportvelden, sportevenementen, alles moet rookvrij zijn. En wijs rookvrije zones aan rondom schoolterreinen, openbaar vervoer en op de terrassen. Eerst ontmoedigen en daarna verbieden en handhaven. Om zelf een goed voorbeeld te geven, ziet Hart voor Haarlem graag dat rondom alle gemeentelijke gebouwen en zones rondom de ingangen rookvrij worden gemaakt.
Om dat te stimuleren, kunt u kiezen voor ondersteuning voor medewerkers om te stoppen met roken. Kunt u die toezegging doen? De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Booms, ChristenUnie. Mevrouw Booms-van der Meer: Dank u, voorzitter. De regionale nota Samen gezond in Kennemerland ziet er heel goed uit. Dank u wel. Ik mis echter wel de aanpak van drugs en het gebruik van lachgas. Het verbaast me eigenlijk dat daar niets over staat, het is een groot probleem natuurlijk in het hele land. Zou dit mogelijk een aanvulling kunnen zijn, wethouder? Dank u. De voorzitter: Dank u wel. De heer Hulster, Actiepartij. De heer Hulster: Dank u wel, voorzitter. Actiepartij is ook heel blij met dit stuk. Het is heel positief en wat ons betreft – en dat zien we ook goed verwoord – gezondheidsvraagstukken zijn vooral ook vaak armoedevraagstukken en het zijn vaak ook ruimtelijke ordeningsvraagstukken. Dus de armoede is voor mensen met weinig geld kunnen gewoon geen gezonde voeding kopen en zijn ook vaak niet in staat om te bewegen, en dat komt vaak weer omdat ze op plekken wonen waar bijvoorbeeld fietsvoorzieningen, of die achter de hele drukke, brede wegen liggen, waardoor ze minder uitgenodigd worden om zich te verplaatsen. We zijn dus echt blij dat daar nu aandacht voor is, weliswaar natuurlijk omdat de Omgevingswet eraan komt,
19
maar goed, elke reden kan een goede reden zijn. Het verbaast ons dan wel weer een beetje – en dan is het toch weer een beetje onze argwaan – hoe dat dan in de praktijk gaat. Vorige week zijn er in de raad nog een aantal bestemmingsplannen vastgesteld waarbij het fietspaadje weer geschrapt was, want ja, er moesten gebouwen op het fietspad worden neergezet en dat was toch belangrijker. Dus dan zie je dat in de prioritering het toch heel moeilijk is om hier aandacht voor te krijgen. De voorzitter: U heeft een interruptie van mevrouw Zoon, Hart voor Haarlem. Mevrouw Zoon: Dank u wel, voorzitter. Mijnheer Hulster, bent u het er dan mee eens dat het dan integraal in alle programma’s moeten staan? De heer Hulster: Heel goed bruggetje naar mijn laatste opmerking. Wij zijn er dan voor dat er bij alle ontwikkelingen een welzijnsparagraaf komt, zodat we dit onderwerp echt serieus bij alle ontwikkelingen mee gaan nemen. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. De heer Van Kessel, VVD. De heer Van Kessel: Dank u wel, voorzitter. Welkom in het sociaaldemocratisch Haarlem, waar de overheid bepaalt dat je te veel eet, te veel drinkt, te weinig sport en ongezond leeft. En helemaal als je in Schalkwijk woont, dan moet je helemaal oppassen voor dit college, want dan ben je pas echt ongezond bezig.
Dat was mijn gedachte, of dat waren mijn gedachten toen ik de gezondheidsnota van Haarlem zou moeten bespreken. Want mijn idee is: het is nu eenmaal niet aan de overheid om te bepalen wat goed voor ons is. Voorzitter, u begrijpt dat deze liberaal enige moeite had om zijn bak chips weg te schuiven, Netflix uit te zetten, om van de bank te komen en de regionale nota Gezondheidsbeleid erbij te pakken, en als lekker toetje het uitvoeringsplan Gezondheidsbeleid 2021-2023 in Haarlem. De voorzitter: U heeft een interruptie van de heer Smit, OPHaarlem. De heer Smit: Begrijp ik goed dat mijn collega door deze nota in feite gered is en op het goede pad is gekomen? Dan is dat toch een geweldige start van deze nota, hè? De voorzitter: En een interruptie van mevrouw Klazes. Mevrouw Klazes: Ik heb een vraag. Ik denk dat mijnheer Van Kessel heel erg blij mag zijn dat hij niet, pak hem beet, 400, 500 jaar geleden leefde, want ook de bestrijding van de pest was natuurlijk een verantwoordelijkheid van de overheid. Dus hoe ziet u dat? De heer Van Kessel: Ja, kijk, het was inderdaad allemaal niet zo erg als ik verwachtte, hè? Ik zei: dit waren mijn beelden vooraf. Maar goed is het ook niet. De VVD steunt de inzet op een gezonde leefomgeving, sportvoorzieningen en parken die uitnodigen om te bewegen. Dus de VVD steunt de gezonde fysieke leefomgeving.
Als we het hebben over die fysieke veiligheid, mijn vraag aan de wethouder: hoe kijkt zij aan tegen de bezuinigingen die het college op handhaving in de stad heeft doorgevoerd? Daar las ik in het stuk dan weer niets over. De VVD steunt de plekken waar mensen elkaar kunnen ontmoeten en de VVD steunt een gevarieerd aanbod aan voorzieningen, scholen, winkels, cultuur, ov en sport. Allemaal heel erg goed. Maar wat gaat de wethouder nu echt anders doen dan de afgelopen acht jaar? Veel blijft de wethouder hetzelfde doen. Nou, er gaat 15.000 euro naar een stoppen met roken campagne voor mensen met een SES. De VVD ziet liever dat dit geld naar onderwijs gaat, zodat mensen niet meer als SESjes worden weggezet. En er gaat 80.000
20
naar een Preventieakkoord Schalkwijk. Het is uitgewerkt in ambities voor welbevinden, voorkomen van roken en starten met stoppen, en het voorkomen van overgewicht en een aanbod naar gezond gewicht. Alleen, hoe de wethouder dit gaat doen, daar zegt de nota niet zoveel over. Mijn vraag aan de wethouder is of ze de doelen en de acties eerst wil koppelen en die wil koppelen ook aan de middelen, en misschien dat eerst nog een keertje uit te werken en dan terug te sturen naar de commissie Samenleving, of anders op dit moment gewoon aangeven welke concrete acties er nu gaan volgen voor dat geld dat wij hiervoor beschikbaar moeten gaan stellen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. De heer Yerden, PvdA. Sorry? U mag al. De heer Yerden: Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Welkom, mijnheer Yerden. De heer Yerden: De PvdA-fractie is er zich van bewust dat deze nota een regionale en lokale vertaling zijn van het rijksbeleid. Voor de PvdA-fractie is daarom belangrijk dat er ook ruimte komt om preventieakkoorden als in Schalkwijk en verder ook daadwerkelijk kunnen worden uitgevoerd. Tevens is het voor de PvdA-fractie belangrijk om dit beleid goed te monitoren, zoals in de nota’s is gezegd.
Instemmen met de collegevoorstellen over het regionale en lokale beleidskader aan het goedkeuren van het lokale beleidskader willen wij voorwaarden verbinden dat het Preventieakkoord Schalkwijk kan worden uitgevoerd. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Çimen, D66. Mevrouw Çimen: Dank u wel, voorzitter. Ook D66 kan zich goed vinden in de uitgangspunten van het gezondheidsbeleid. D66 kan zich met name ook goed vinden in de notie in het stuk dat het bevorderen van de gezondheid van mensen meer omvat dan alleen het gezondheidsdomein. Het gaat ook om de buurt waar je in woont, of je groen om je heen hebt, de lucht die je inademt, of je schulden hebt, stress hebt van werk et cetera. Het gezondheidsbeleid raakt ons allemaal. Maar tijdens het lezen van het stuk bleef ik mezelf wel continu afvragen: wat gaan we nou concreet doen? Want ik zie in het uitvoeringsplan dingen als: “Het thema gezondheid wordt opgenomen in de Omgevingsvisie”, en “We gaan actief op zoek naar mogelijkheden waar we gezondheid kunnen koppelen aan niet-gezondheidsthema’s”. Wat betekent dat concreet, en wat gaan we nou extra doen in die periode 2021-2023? Nou, een paar dingen kwamen bij mijzelf al op die ik ook graag zou willen voorstellen aan de wethouder.
Gaan we in deze periode stevig inzetten op het 10.000 stappen wandelingenplan in ieder stadsdeel? Komt er een grote publiekscampagne in heel Haarlem om het te hebben over de gezondheid van Haarlemmers, en dan inzoomen op die drie grote thema’s alcohol, roken en overgewicht, en ook bijvoorbeeld de geestelijke gezondheid, met name tijdens COVID? De Jongerenraad gaf deze week ook al aan dat dit met name hard nodig is en heeft hiertoe ook voorstellen gedaan. Zouden we kunnen inzetten op campagnes waarbij we alle Haarlemmers goed informeren, zodat ze zelf weloverwogen keuzes kunnen maken en hulp kunnen vinden? Komt er op zeer korte termijn bijvoorbeeld een actie gericht op migrantengroepen in heel Haarlem om zich te laten vaccineren voor COVID-19? Want we zien dat deze groepen achterblijven in de cijfers in de G4. Weet de wethouder bijvoorbeeld … De voorzitter: Ik zie heel veel interrupties opeens, en ik weet niet waarom, maar … Mevrouw Çimen: Ja, oké. Nee, dat mag. Mag ik alleen dit punt nog heel even afmaken? Want we zien ook dat deze groepen achterblijven in de cijfers in de G4 en ik zou ook graag aan de wethouder willen vragen of ze weet hoe het ervoor staat in Haarlem. Want ik hoor zelf best veel geluiden uit de Turkse gemeenschap dat ze
21
zich niet willen laten inenten, of heel erg twijfelen en volgens mij geldt dat ook voor andere migrantengroepen. En in Rotterdam bijvoorbeeld zijn ze ook echt een gerichte campagne aan het voeren om dit te bevorderen, dus wellicht is dat ook een plan, een onderdeel van dit plan. Dank u wel. De voorzitter: Interrupties. De heer Hulster zag ik eerst, Actiepartij. De heer Hulster: Dank u wel. Mevrouw Çimen, het verbaast mij een beetje, ik hoor u heel vaak het woord campagne zeggen. We leven hier niet in Rusland in de jaren tachtig, denkt u echt dat mensen zo te programmeren zijn dat als we een campagne doen, dat ze dan het gedrag gaan vertonen wat wij willen? Mevrouw Çimen: Ik vind dit echt een beetje een rare conclusie die u nu trekt, want een publiekscampagne is ook gewoon het informeren van mensen, net zoals we dat ook met COVID hebben gedaan. Bent u dan van mening dat we daarmee het publiek programmeren? De heer Hulster: Ik heb niet het gevoel dat een campagne heel erg gaat helpen, nee. Ik denk echt dat als we het gedrag van mensen willen veranderen, dat we nog wel iets meer moeten doen, dus dat we ook echt in de ruimte ingrepen moeten gaan plegen om mensen te verleiden om ander gedrag te gaan vertonen en u wilt alleen maar een campagne. De voorzitter: Dat is voor een tweede termijn, mijnheer Hulster.
Mevrouw Çimen: Nou, dat ben ik ook wel met de heer Hulster eens en daarom heb ik ook gevraagd: joh, wat betekent dat dan concreet, “actief op zoek gaan naar zaken in de Omgevingsvisie en andere nietgezondheidsthema’s”? Dus dat ben ik absoluut eens. Alleen, ik heb dat niet ter plekke paraat. Ik weet dat de wethouder nu zegt in dit stuk: ik ga deze koppelingen maken. Ik ben dan wel benieuwd wat dat dan concreet is, want dat heb ik in deze stukken in ieder geval niet kunnen terugvinden. De voorzitter: Mevrouw Klazes ga ik even snel een interruptie geven. Mevrouw Klazes: Nou ja, ik wil mevrouw Çimen nog even laten uitspreken, maar … Want ik hoor u met allemaal ideeën komen en nu ben ik ook niet echt een enorm voorstander van campagnes, maar er zaten ook wel wat actievere ideeën tussen, volgens mij. Kunt u zich vinden in mijn idee om misschien per gemeente een pilot uit te kiezen voor een vernieuwende stap naar verdere gezondheid? Kunt u daar wat mee? Mevrouw Çimen: Nou ja, ik weet niet precies wat dat dan inhoudt, maar ja, zeker. Mevrouw Klazes: Eigenlijk wat ik net zei, hè? Er zijn een aantal zaken die met preventie, hè, dat kinderen wat weerbaarder worden, wat veerkrachtiger.
Ik kan me voorstellen dat je door middel van pilots kijkt: welke werkwijze werkt op scholen en in het onderwijs bijvoorbeeld om echt te gaan zitten op die preventie en daar vernieuwende pilots voor in te richten. Mevrouw Çimen: Ik weet niet of dat vernieuwende pilots zijn, maar het lijkt me prima om dat soort zaken echt actief te benaderen. Daar zitten ook wel weer onderdelen uit, wat ik net ook al zei, de Jongerenraad heeft zelf ook concrete voorstellen gedaan en dat zou ook prima in zo’n pilot passen, want je ziet dat het doorverwijzen vanuit scholen ook niet altijd goed gaat en dat is gewoon laaghangend fruit, wat mij betreft. Als we dat zouden kunnen verbeteren, zou dat al een hoop kunnen schelen. Mag ik nu verder met mijn eigen verhaal? De voorzitter: U mag verder met uw termijn.
22
Mevrouw Çimen: Ja, top. Voorzitter, ik lees ook dat het onze Haarlemse ambitie is dat zwangere vrouwen in 2040 niet meer roken. Ik vond dat eigenlijk rijkelijk laat, eerlijk gezegd. Waarom zetten we nu niet al vol in op cursussen, of hulpaanbod om zwangere vrouwen en hun partners te helpen stoppen met roken en de effecten van roken tijdens de zwangerschap ook duidelijk maken? Kan de wethouder iets meer toelichting op deze ambitie geven? De voorzitter: U heeft een interruptie van de heer Van Kessel, VVD. De heer Van Kessel: Even een vraag om te kijken wat voor soort liberaal mevrouw Çimen is, voorzitter. Dat is eigenlijk de vraag: denkt u dat stoppen met roken, dat dat het beste kan als het individu dat wil, of een zwangere vrouw dat wil, vanwege het kind, of omdat de overheid het wil? Mevrouw Çimen: Ik ontneem iemand ook niet de keuze, ik geef alleen informatie en ik stel iemand aanbod beschikbaar. Dat is in ieder geval mijn voorstel om dat te doen en daar vol op in te zetten. Goed om te weten is ook dat D66 sociaal-liberaal is, dus we zijn misschien iets minder liberaal dan de VVD’ers. Nou ja, en ten tweede wil ik hier ook wel gezegd hebben, kijk, we hebben natuurlijk ook vanuit de overheid een grondwettelijke verplichting om de volksgezondheid te bevorderen.
Als wij hier nu al stevige consequenties zien van roken, bijvoorbeeld tijdens de zwangerschap, of roken überhaupt, nou ja, dan is het ook onze plicht om mensen daarover te informeren. Maar ik zal het ze niet kwalijk nemen als mensen alsnog blijven roken, maar ik zou wel hopen dat we dat in ieder geval kunnen afremmen. De voorzitter: Gaat u verder met uw termijn. Mevrouw Çimen: Nog één punt, voorzitter. Het is ook onze ambitie dat in 2040 kinderen niet meer beginnen met roken en volgens mij moet je dan nu al echt met stevige acties gaan starten als je in 2040 een rookvrije generatie zou willen hebben. Ik heb toevallig iets gevonden, de rookvrije gemeente, dat is een stappenplan in samenwerking met KWF en de Hartstichting, waarin ook echt concrete maatregelen staan. Dus misschien dat de wethouder daar wat aan heeft, en of zij dit kan meenemen. Dank u wel. De voorzitter: De heer Van Kessel, een interruptie. De heer Van Kessel: Ja, nog een vraag, omdat die vorige me zo goed beviel. Op het moment dat de overheid aan kinderen vraagt – of zegt, gebiedt eigenlijk – dat ze niet moeten roken, denkt u dat dat werkt? Mevrouw Çimen: Nogmaals, ik verbied helemaal niks, maar ik wil wel ontmoedigen en dat vind ik eigenlijk wel een prima actie en een prima standpunt. De voorzitter: De heer Van Kessel.
De heer Van Kessel: Maar de vraag is of u denkt dat het werkt, op het moment dat de overheid tegen kinderen zegt: nou, jongens, niet roken, vooral niet roken, niet doen, niet roken. Denk je dat dat gaat werken? Mevrouw Çimen: Nou, het is mijn ervaring dat kinderen juist heel veel zelf komen met: wij willen een rookvrij schoolplein. Je ziet ook heel veel acties vanuit scholen ontstaan dat ze zeggen tegen hun ouders: wij willen niet dat je rookt. Dus volgens mij is het ook een kwestie van een beetje meegaan met je tijd. Zij zien het wel. Ja, en als wij die laatste paar der Mohikanen kunnen overtuigen om het niet meer te doen, nou ja, dan is het een mooie ambitie om te hebben, volgens mij.
23
De voorzitter: Klopt, helemaal eens. De heer El Aichi, CDA. De heer El Aichi: Dankjewel, mijnheer de voorzitter. De nota Gezondheidsbeleid beschrijft over het algemeen de regionale en lokale ambities. Het valt me op dat deze ambities heel ruim en niet specifiek zijn beschreven. De Participatieraad heeft dat al aangekaart in haar advies. De doelen zijn in grootse en vage termen geformuleerd, zoals het voorkomen van zoveel mogelijk dat jongeren gaan roken. Achteraf is het dan moeilijk om te bepalen of dit doel ook daadwerkelijk behaald is. Daarom is het belangrijk om de doelen SMART, of in ieder geval zo concreet mogelijk te formuleren. Ik mis de verandertheorie van input, aanpak, output, outcome. In de inleiding van … Sorry. De heer …: ‘…’ (buiten microfoon). De heer El Aichi: In de inleiding van het raadsstuk lees ik het volgende: “Deze gebiedsgerichte aanpak sluit goed aan bij de beweging die ook met Gewoon in de wijk wordt gemaakt.” Als het college een beweging maakt naar een wijkgerichte aanpak met Gewoon in de wijk, dan verwacht ik dat het college juist initiatieven en activiteiten van zelforganisaties in de wijken ook te benoemen. Neem nou het Preventieakkoord Schalkwijk.
Zelforganisaties zoals Stichting Samen, Stichting De Brug, de Somalische vereniging, Stichting Blocks, want al deze organisaties, die onder de Verbinders vallen, hebben in samenwerking met de Sociaal Wijkteams, DOCK, SportSupport tal van activiteiten georganiseerd, maar hun naam wordt hier niet bij genoemd. Voorzitter, ik hoor graag van de wethouder waarom deze organisaties miskend worden. Zij hebben heel veel activiteiten georganiseerd die passen in het gezondheidsbeleid, maar deze worden niet gezien of niet genoemd. Het is beschamend om te lezen dat er een organisatie wordt gesubsidieerd om vuil te prikken en zelforganisaties gebruikt om vrijwilligers te leveren, terwijl deze organisaties het vrijwillig doen, zonder er één cent voor te vragen. Voorzitter, ik dacht dat het college bewust is van de kracht van de Verbinders aan wat deze organisaties kunnen betekenen voor de wijk op het gebied van gezondheidsvoorlichting. Maar keer op keer valt mij helaas op dat deze organisaties een goede intentie hebben om met allerlei organisaties, zoals DOCK, Effect, Sociaal Wijkteams et cetera samen te werken en uiteindelijk worden al die grote organisaties in de stukken genoemd, en deze organisaties niet. In de nota mis ik de reflectie op de doelstellingen en speerpunten uit het gezondheidsbeleid en hoe daar invulling aan wordt gegeven.
Daarom vraag ik hierbij het college om binnen nieuwe raadsvoorstellen een kopje mee te nemen waar wordt gereflecteerd op doelstellingen en speerpunten uit het gezondheidsbeleid en hoe daar invulling aan wordt gegeven. Dankjewel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Stroo, Jouw Haarlem. Mevrouw Stroo: Dank u, voorzitter. We vinden dit een heel interessant en goed stuk en zijn ook blij met de vertaling van de theorie en het uitvoeringsplan, met bijbehorend budget om de psychische en lichamelijke gezondheid van de Haarlemmer te gaan verbeteren. We zijn blij met de specifieke aandacht voor het stadsdeel Schalkwijk en het stadsdeel Haarlem-Oost, waar de mensen qua gezondheid in een kwetsbare positie verkeren. We onderstrepen het belang en de invloed van de omgeving waarin je woont en opgroeit op je algehele gezondheid. Daarom vinden we het goed dat er gepleit wordt voor een integrale benadering van de stadsontwikkeling bij het toevoegen van woningen, zodat er ook ruimte gereserveerd wordt voor beweegtuinen en een groene, uitdagende omgeving. We lezen hierin een oproep om de buurten niet te gaan verdichten. Er moet ruimte zijn voor sport en spel, wandelen, fietsen en plekken waar men elkaar ongedwongen kan ontmoeten.
Voeg bij speeltuinen ook een speeltoestel toe waar ook volwassenen, of volwassenen samen met hun kinderen – vroeger de familieschommel – gebruik van kunnen maken, zodat ook zij worden uitgedaagd om tijdens het toezicht in actie te komen. Om ontmoetingen makkelijker te maken en
24
daarmee de eenzaamheid te verkleinen in de wijken, wil ik het volgende idee introduceren. Dit idee luidt: het Haarlemmer bankje, ter bevordering van stoepontmoetingen. Ik ben er een groot voorstander van om het mogelijk te maken om voor het eigen huis bij iedereen in de straat een bankje, die dat wil, voor het huis neer te zetten. Als het gewoon is om voor de deur op een bankje te gaan zitten en een praatje te maken of samen koffie te drinken, is het contact makkelijk gelegd met de buren en andere mensen in de wijk en ontstaat het ons-kent-onsgevoel. Ik zie hierin zoals gezegd een oplossing om de eenzaamheid te bestrijden, ook toegankelijk voor mensen die er niet meer zelfstandig op uit kunnen gaan en daardoor niet meer buiten komen. Eenmaal buiten worden de zintuigen geprikkeld: een frisse neus, men voelt de lente, de zomer, ziet de spelende kinderen, hoort de buitengeluiden. Voeg vervolgens op de stoepen wat speelse elementen toe waar de kinderen op en af kunnen springen, in ieder geval die actie vergen, en mijn plaatje van een ideale straat is compleet. Gemeente en woningbouwverenigingen kunnen dit faciliteren en promoten door bijvoorbeeld een groenstrook te maken op een meter of anderhalf van het huis, waardoor er een plek ontstaat om een bankje neer te kunnen zetten.
De gemeente kan helpen bij de aanschaf van het bankje uit het leefbaarheidsbudget en door de projectontwikkelaars en ontwerpers hierop te wijzen. Hierbij een voorbeeld, in de Merovingenstraat. Even zien. Kan je het een beetje zien? In de Merovingenstraat, zoals gezegd, heeft de woningbouwvereniging een smalle groenstrook in het trottoir aangelegd, waardoor veel mensen een bankje voor het huis hebben neergezet, wat de straat gezelligheid geeft. In de afgelopen coronatijd konden zo de mensen toch makkelijk met elkaar in contact blijven. Kortom, het Haarlemmer bankje als de Haarlemmerolie van onze stad. Ziet u het ook al een beetje voor u? Wethouder, denkt u dat u dit Haarlemmer bankje een plaats kan geven in het uitvoeringsplan? Als laatste punt wil ik aandacht … Of, een na laatste is het nu geworden, wil ik aandacht vragen voor het aanbod van ongezonde voeding en dranken in kantines in het voortgezet onderwijs. Net als roken op school nu ongewoon is, moet dit ook gelden voor ongezond eten en drinken op school en niet voorhanden zijn in de kantine. Bent u bereid om in overleg te gaan met de schoolbesturen om te zorgen dat deze snoep- en frisdrankautomaten uit de scholen worden verwijderd? Aansluitend op GroenLinks en D66 wil ik aangeven dat de jongeren tijdens de presentatie van de Jongerenraad afgelopen maandag voorstelden om te werken met een lespakket mentale gezondheid.
De voorzitter: U heeft een interruptie van mevrouw Zoon, Hart voor Haarlem. Mevrouw Zoon: Mevrouw Stroo, denkt u dan niet dat als je snoepautomaten verbiedt, dat dan ergens anders het snoep gekocht wordt en dat het meegenomen wordt? Mevrouw Stroo: Die vraag had ik wel verwacht, maar niet per se van u. Want het maakt het minder makkelijk, ik geloof niet dat jongeren die dat toch willen kopen, die zullen naar de supermarkt gaan of wat dan ook. Maar het is minder snel voorhanden en dan denk ik toch wel dat dat effect zal sorteren. De voorzitter: Dan heeft u nog een interruptie van de heer Van Kessel, VVD. De heer Van Kessel: Dank u wel. Omdat de vorige vraag zo goed beviel, even kijken wat voor liberaal mevrouw Stroo is. In plaats van het verbieden van roze koeken en allemaal lekkere dingen, is het niet handiger om gewoon bijvoorbeeld een appeltje aan te bieden, of een banaantje erbij te leggen, zodat die kinderen zelf kunnen bepalen wat zij willen eten en of ze gezond willen zijn of niet? Mevrouw Stroo: Ja, wat zal ik daarop zeggen? Ik denk wel dat het beter is om gezonde voeding aan te bieden op de scholen en als ze wat anders willen eten, dan kunnen ze naar de supermarkt.
25
De heer Van Kessel: Ja, maar dan moet u dus een ander voorstel doen of een andere motie indienen. Want ik hoorde u net wat anders zeggen, dat is gewoon het verbieden van lekkere roze koeken, gevulde koeken, dat soort dingen. Terwijl ik zeg: leg er dan wat gezonds naast, dat is een ander voorstel dan wat u doet. Mevrouw Stroo: Daar zijn we het dus niet mee eens. Wij zeggen: die snoep- en frisdrankautomaten, gooi die uit de school. De voorzitter: Duidelijk. De heer Hulster, Actiepartij. De heer Hulster: Mevrouw Stroo, is het niet verstandig om te beginnen met het verbieden van reclames voor ongezonde voeding? Want daar gaat namelijk miljarden in om en ja, de gezonde voeding, daar wordt eigenlijk weinig reclame voor gemaakt. De voorzitter: Een beetje buiten de orde, denk ik, van dit stuk. Mevrouw Stroo: Nou, dat vind ik een heel goed voorstel en laten we dat geld dan besteden aan het Haarlemmer bankje. De voorzitter: Was u klaar met uw termijn? Mevrouw Stroo: Nee, ik had nog … De voorzitter: O, gaat u door. Mevrouw Stroo: Even over dat lespakket mentale gezondheid. De wethouder was er ook bij aanwezig en die zegt: we kunnen de scholen niet verplichten. Dus daarom heb ik een vraag aan deze wethouder.
Als blijkt dat de scholen dit nou niet oppakken, dat lespakket over mentale gezondheid, dan kan de gemeente er zelf voor kiezen bijvoorbeeld om dat in wijkcentra aan te bieden voor jongeren. Wat vindt u daarvan? De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we nu even naar mevrouw Özogul, SP. Mevrouw Özogul-Özen: Dank u wel, voorzitter. Voor ons ligt de nota gezondheidsbeleid en de SP kan zich daarin goed vinden. Er zijn wel een aantal aandachtspunten wat wij willen benoemen. Een van de punten is, er is net door de VVD meerdere malen gevraagd of het verbieden zal helpen. Wij denken dat het verbieden juist averechts gaat werken en dat het juist aantrekkelijk gaat maken. Wij denken dat het eigenlijk meer is het aanbieden van alternatieven, maar ook informatie verstrekken, afspraken maken met scholen. Indien dat niet mogelijk is, laagdrempelig in de wijken, bij sportverenigingen en dergelijke, toch aanbieden en informatie verstrekken. Wij zijn ook blij dat Schalkwijk en Haarlem-Oost, dat daarop apart wordt ingezet. Het zou ook mooi zijn als er op bepaalde doelgroepen apart ook ingezet wordt. Zo is mij ooit verteld door een Somalische vereniging dat bijvoorbeeld bij hen suikerziekte veelvoudig voorkomt en dat daar dus informatievoorziening voor nodig was. De voorzitter: U heeft een interruptie, mevrouw Özogul, van mevrouw Stroo, Jouw Haarlem.
Mevrouw Stroo: Ik heb even een vraag over dat aanbod van ongezond voedsel op school, dan zegt u: biedt het gewoon aan. Wat vindt u van het aanbieden van sigaretten op de middelbare school?
26
Mevrouw Özogul-Özen: Wat ons betreft zou dat zo min mogelijk moeten zijn. Ik weet alleen niet of je dat kan verbieden. Wat ik wel weet is dat er hard ingezet is op rookvrije schoolpleinen en ik weet ook dat op de basisscholen gezonde scholen, dat er heel veel gezonde scholen in Haarlem zijn. Tegelijkertijd zie ik ook dat de scholen zeggen: wij eisen van ouders gezond voedsel, maar sommige ouders hebben dat niet en wij moeten geld inzamelen om dat zelf te kunnen aanbieden. Gezond eten kost ook veel duurder en ik denk dat het economisch en financiën bij een grote groep ook meespeelt. De voorzitter: Was u klaar … Mevrouw Özogul-Özen: Dan ga ik even verder. Dus ik denk dat we op de goede weg zijn. Alleen, wat wij wel jammer vinden, is dat er bijvoorbeeld ingezet wordt: over zoveel jaar moeten bijvoorbeeld zwangere vrouwen niet meer roken. Dus ja, 2040, of 2030, ik noem maar wat, dat zijn wat ons betreft echt lange termijnen. Waarom kan er niet gelijk ingezet worden en kijken wanneer je het haalt? Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Nog iemand? De heer Smit, OPHaarlem. De heer Smit: Dank u wel, mijnheer de voorzitter. Het is mooi als je wat achterin zit, dan hoor je goede dingen langskomen. Mijnheer Hulster heeft gelijk als hij zegt dat eigenlijk dit megaprobleem begint bij de inkomensproblematiek.
Als je geen geld hebt, dan is het heel moeilijk om goede ambities waar te maken en te kunnen realiseren. Bij dit hele verhaal, met een heleboel goede gedachten, besef ik dat deze ambitie nog moet landen. Laat ik dan een Engels gezegde gebruiken, mevrouw de wethouder: the proof of the pudding is in the eating. En meerderen, mijnheer Van Kessel is ermee begonnen, die heeft geconstateerd, mevrouw Çimen zei het ook: ik zie wel leuke suggesties langskomen in de nota, ik zie ook bedragen langskomen, maar hoe het nou effectief gaat landen, hoe nou effectief wij die pudding gaan eten, daar kom ik als OPHaarlem niet achter. En mevrouw de wethouder, ik zou graag toegezegd krijgen dat de 452.000 euro, de financiële paragraaf, ook inderdaad een toelichting krijgt hoe het bedrag besteed gaat worden. Is het een ambtenaar achter zijn of haar bureau, is het een informatiefoldertje, is het de boer op gaan, is het … U mag het bedenken, maar ik kom er zelf niet achter waar deze 452.000 euro aan uitgegeven gaat worden. En heel concreet, totdat ik dat niet kan zien, heeft het weinig zin om in te stemmen met dit verhaal en kan ik alleen zeggen: ik waardeer de richting. Maar dat vindt u misschien wat te weinig.
Ik hoop dat u hierop in kunt gaan en ook de commissie het gevoel kunt geven dat wij tastbare handelingen zien waardoor wij weten, waardoor wij inzicht krijgen in wat er gaat gebeuren met die 452.000 euro. Dank u wel, mevrouw de wethouder, dank u wel, mijnheer de voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. U heeft een interruptie van mevrouw Klazes. Mevrouw Klazes: Nee, het is een punt van de orde, want ik neem aan dat iedereen nu heeft gesproken? De voorzitter: Nou, nee. Mevrouw Klazes: O, dat … O, sorry, neem me niet kwalijk, dan zeg ik het straks even. Nou, dan zeg ik het nu alvast. Er is een inspreker die er niet in komt, die … De voorzitter: Daar wilde ik al een mededeling over doen, maar … Mevrouw Klazes: O, oké, prima. De voorzitter: De heer Van den Raadt, gaat u uw termijn. Als u wilt, tenminste.
27
De heer Van den Raadt: Nou ja, eerst de inspreker, zou ik zeggen dan. De voorzitter: Nee, kijk, die mededeling wil ik doen. De inspreker kan er niet in komen op een of andere manier. We hebben het meerdere keren gepoogd en de inspreker heeft gezegd een brief te gaan sturen naar de commissie en de wethouder, dus die komt eraan, die komt dan schriftelijk. Dat was de mededeling. De heer Van den Raadt: Nou, voorzitter, dan neemt Trots Haarlem het woord. Ja, het ziet er leuk uit natuurlijk. Er komt dan 80.000 euro van het Rijk. Nou, stel nou even dat dat dan allemaal naar Schalkwijk gaat, dan praat je over 2,35 euro per persoon. Dus ja, daar kan je nogal flink wat mee bereiken, denk ik. Stel nou dat die 372.000 euro plus die 80.000 euro allemaal naar Schalkwijk gaat, dan hebben we het over 13 euro per persoon. Dus wij verwachten wel behoorlijke impact van dit stuk op de volksgezondheid, want het zijn flinke bedragen. Als je dan die 452.000 ziet, dan staat er dus ergens nog: dat is exclusief de kosten van de GGD voor wettelijke taken zoals jeugdgezondheidszorg. Ik dacht altijd dat de jeugdgezondheidszorg hartstikke veel kostte, dus ik denk: ik zoek even in de brief of het stuk op jeugdgezondheidszorg om dan te kijken hoeveel ton daarmee gemoeid is en hoeveel eurootjes er nog overblijven eigenlijk.
Maar ik kon het niet vinden, dus kunt u even vertellen hoeveel er nou werkelijk eigenlijk overblijft voor de mensen om ze beter te maken? Het is mooi dat … Het is aan de ene kant mooi, maar aan de andere kant vind ik het toch wel heel kwalijk dat dan weer Schalkwijk apart genoemd wordt. Je kan best natuurlijk Schalkwijk helpen, maar noem het dan niet dat je je specifiek op Schalkwijk gaat richten. Benoem het dan zo dat je uiteindelijk het wel aan Schalkwijk besteedt door gewoon te zeggen: mensen van niet-Nederlandse afkomst die vaak geen werk hebben, of de taal niet machtig zijn. Geef er een draai aan, maar Schalkwijk heeft natuurlijk te maken met dat het nogal een stigma is. En wat gaan we dan doen? Daar gaan we het weer apart benoemen. Dat had ik iets tactischer aangepakt. Het is mooi om te zien dat er heel veel dingen zijn. Ik woon zelf in Schalkwijk, nou, ik ken er misschien van die hele opsomming daar twee. Dus hoe gaat u ervoor zorgen dat dat veel meer bekend wordt? Ik denk dat u die 80.000 euro alleen al nodig heeft om gewoon veel meer bekend te maken wat er allemaal is. Dan nog natuurlijk zorgwekkende trends die je ziet in dit stuk. Het aantal negentigplussers stijgt met 191 procent naar 340.000 mensen. Ik vind dat dat veel te weinig terugkomt. Het aantal sterfgevallen van dementie stijgt met 186 procent naar 40.000.
Ik vind dat er ook te weinig aan dementieomgang en voorlichting wordt gedaan. Ja, dan staat er ook in het stuk, op pagina zeven: een derde belemmering voor gedragsverandering, als je gezond wil zijn, is de fysieke en de sociale omgeving waar iemand zich bevindt. Nou ja, het mooie is dan bijvoorbeeld, een prachtige wijk als de Boerhaavewijk, daar hebben we vroeger altijd zo’n mooie taartpuntverdeling van gezien. Alle taartpunten rood, één taartpunt was groen en dat was inderdaad het groengebied. En wat zie je nu dat dit college doet? Elk stukje groen wat er is bouwen ze vol. Dus ik vind dat altijd een beetje tegenstrijdig. De ene kant zeggen ze: het is heel belangrijk dat er veel groen is en de andere kant bouwen we hier alles vol. Kijk, als je dan echt iets wil doen voor Schalkwijk, dan zou je bijvoorbeeld ook gewoon iets positiefs kunnen zeggen, zonder te zeggen dat die mensen het allemaal slecht doen. Maar je kan een beetje opbouwend zijn door er bijvoorbeeld een gemeenteloket te starten. Dat zou een fantastische stap zijn om die mensen gewoon serieus te nemen. Als we nou weten dat inderdaad het aantal negentigplussers met 191 procent stijgt, dan zien we ook op bladzijde tien een heel mooi overzicht van elf punten waar dan aan voldaan zou kunnen worden, zodat het allemaal beter wordt.
Dan staat er, wat zijn dan randvoorwaardes? Goede verlichting, schone omgeving, beweegtuinen, meer groen – nou, daar heb ik het al over gehad – meer fietspaden en openbare toiletten. Toen dacht ik: nou, dat is een geniaal idee. Als we nou willen dat oudere mensen allemaal thuis blijven wonen, elke overheidsinstantie zegt dat, en wat doen ze eraan? Eigenlijk niks. Ze doen er helemaal niks aan, want de buurtsupermarkt verdwijnt, dat wordt allemaal geconcentreerd in één winkelcentrum. Er is nooit een openbaar toilet in een wijk, dat wordt er nooit gebouwd. Je moet wel in die wijk geboren worden en uiteindelijk het liefst ook sterven, zo lang moet je er blijven wonen. Maar als je
28
eenmaal ongeveer zeventig bent en je krijgt dan blaasproblemen of buikproblemen, dan kan je dus eigenlijk nooit meer je huis uit, want er is niks in de buurt waar je dan onderweg een veilige tussenstop zou kunnen maken. Dus bent u van plan – met dat enorme bedrag van 80.000 euro dan denk ik, want van het andere bedrag is denk ik weinig beschikbaar – van die 80.000 euro zou u twee openbare toiletten kunnen kopen. Dus ja, ik vind het ook wonderlijk om in het stuk te lezen dat dat hele bedrag wat u dan heeft, die 372.000 plus die 80.000, dat dat ruim voldoende is om aan alles te voldoen. Nou, als je weet dat 90 miljard gewoon besteed wordt in Nederland aan ziekenhuiskosten en dat soort zaken en we krijgen dan van de overheid in Haarlem 80.000 euro extra voor preventie, dan zou Trots Haarlem het logisch vinden dat dat bedrag, nou, minimaal tien keer zo hoog is en waarschijnlijk niet gewoon honderd keer zo hoog is, want dan kan je aan die andere kant enorm veel kosten besparen en dan is het uiteindelijk voor iedereen een stuk beter, ook voor de belastingbetaler. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we naar de wethouder. Wethouder Meijs, gaat uw gang. Wethouder Meijs: Dank u wel, voorzitter. Dank voor de complimenten, fijn dat u dat benoemd heeft en ik heb ook een heleboel suggesties gehoord en een heleboel opmerkingen.
GroenLinks meldt wat te doen met een mooie pilot als het gaat over weerbaarheid of veerkracht. Volgens mij hebben alle scholen – en nou ben ik in een vorig leven directeur geweest – dus alle scholen, zowel basisonderwijs, middelbaar als het mbo in hun pakket de weerbaarheidstrainingen als verplichte opname in het gezondheidsbeleid. Dus volgens mij is dat al aan de orde. De voorzitter: Mevrouw Klazes denkt daar iets anders over. Mevrouw Klazes. Mevrouw Klazes: Nou, niet per se, hoor. Wethouder Meijs: Ik was nog niet helemaal klaar, maar … Mevrouw Klazes: Nou, ik ga niet de hele tijd onderbreken, dat beloof ik. Maar even een vraagje. Weerbaarheid is wat anders dan het verzet tegen gepest worden bijvoorbeeld, want dat begrijp ik. Die anti-pestlessen zijn er en die vallen ook onder weerbaarheidstraining. Wat ik eigenlijk bedoel is een soort van weerbaarheid, het omgaan met teleurstellingen, het jezelf veerkrachtig opstellen op het moment dat er iets misgaat. Dat zie ik zelf in ieder geval niet zo heel veel terug op scholen. De voorzitter: Gaat u verder, wethouder. Wethouder Meijs: Ik zal het niet herhalen waar ik eindigde. Waar ik naartoe wilde was dat ik het wilde onderzoeken om te kijken of het verbreed zou kunnen worden naar veerkracht, want dat was volgens mij een item wat u noemde, en het omgaan met teleurstellingen. Dan maakt u ook een link met hoe om te gaan met corona.
Ik kan me voorstellen dat alle lockdowneffecten die wij hier als volwassenen hebben ervaren, dat die voor kinderen ook een impact hebben gehad. Dus daar wil ik wel met u meegaan en kijken of dat op de een of andere manier vorm kan krijgen. Maar dat geeft natuurlijk wel weer meer … Dan hebben we ook weer geld nodig, dus dat is nog wel een zoektocht. Daarom was ik wel blij met uw opmerking, mevrouw Stroo, over de Haarlemse bankjes. Ik ben onlangs geïnformeerd door de provincie die in het kader van de COVID geld beschikbaar wil gaan stellen voor welzijn. Daar hebben ze een aantal wethouders voor gepolst: aan wat voor randvoorwaarden moeten dat soort verzoeken of pilots dan doen? Dus ik kan me zo voorstellen dat we de pilot die GroenLinks noemt en het idee van u van de bankjes daarin mee zouden nemen om daar nader met u met een voorstel te komen om dat uit te werken. Ik had zelf in dat gesprek met de provincie het niet over
29
bankjes gehad, maar over hanghekjes. Ik woon in een buurt waar je schapenhekken hebt, dat zijn hoge hekken en daar kun je lekker op hangen en dan met elkaar praten. Dus dat is een beetje hetzelfde wat u wilt met die ontmoetingen. Dus we nemen die twee suggesties mee. Verder vroeg Hart voor Haarlem: kan het roken niet ambitieuzer, die 2040 is wat ver weg, dat is pas over twintig jaar, moet dat niet naar voren getrokken worden? Dat zou ik wel willen, maar we zijn natuurlijk wel met elkaar denk ik … Je moet hier een lange adem hebben. Nou is dat raar om dat te zeggen als je het hebt over rookgedrag, maar je moet een lange adem hebben om dit soort effecten te hebben binnen gedragsveranderingen, want daar … De voorzitter: Mevrouw Zoon, Hart voor Haarlem. Mevrouw Zoon: Dan wil ik u toch wijzen op de buurtgemeenten, zoals de gemeente Amsterdam en Haarlemmermeer, die dat wel in 2030 als doelstelling hebben gezet. De voorzitter: Gaat u verder. Wethouder Meijs: Ik zal ernaar kijken en ik neem het mee. We hebben inmiddels ook van u de suggestie gehad: kan die rookvrije zones uitgebreid worden? Ga ik ook meenemen. Ook dat soort zaken, als we daar meer voorlichting over zouden willen geven, dat kost wel allemaal geld.
Dus ik vind uw suggesties heel erg goed om daar nog meer preventie en nog meer ruchtbaarheid aan te geven, maar ik verzoek u dan ook met een toezegging te komen aan uw zijde: waar moet ik dat geld vandaan halen? Dan kan ik meteen even het uitstapje doen aan de vraag die door Trots werd gesteld en OPH: kan de wethouder het geld verantwoorden? Ja, op pagina 9 van de bijlage is exact te zien hoe die 452.000 wordt besteed. Dat is volgens mij heel gespecificeerd daar. De voorzitter: De heer Smit, OPHaarlem. De heer Smit: Mevrouw de wethouder, jazeker, die 452 is gespecificeerd. Maar misschien vroeg mevrouw Zoon daar ook naar, als je dan je afvraagt wat er vervolgens per post gebeurt, dan heb je geen houvast. Het bestaat uit tien, twaalf posten, ik heb dat overzicht gezien. Maar als je je dan afvraagt: wat wordt daarvoor gedaan? Promotiemateriaal, een subsidie aan een wijkhuis dat zich inzet voor, of een club, een ambtenaar op een bureau die ergens de telefoon pakt? Wij zien niet wat nou de directe acties zijn die op die onderdelen gevoerd gaan worden. Dat bedoelde ik met the proof of the pudding is in the eating: daar zie ik helemaal niets van. De voorzitter: Wethouder, gaat u door. Wethouder Meijs: Ja, dit is een vrij technische uitvraag, dus ik zal dat navragen bij mijn ambtenaren of daar iets onder ligt.
Ik dacht dat we hier op hoofdlijnen gingen sturen in dit gezondheidsbe… De voorzitter: En we gaan … Ja, ja, ik wil graag ook de interrupties een beetje beperken, want we lopen nu al uit op de tijd en we moeten er nog een stuk of zeven doen. Dus graag heel beperkt en dan ga ik nu even het woord geven aan de heer Smit, OPHaarlem De heer Smit: Mijnheer de voorzitter, mijn neiging om te interrumperen is heel beperkt, maar mevrouw de wethouder gaf een kleine terechtwijzing en dat is in dit geval wellicht niet terecht. Het lijkt praktisch wat ik bedoel, maar als wij op geen enkele manier zien hoe dit gaat landen, terwijl het juist daar de kracht moet hebben in de uitvoering, dan is het niet dat wij ons met … Tenminste, OPHaarlem zich voelt met details te
30
bemoeien, maar juist wil weten wat er nou die landing gaat betekenen, wat er dan gaat gebeuren. Dank u wel, voorzitter. Wethouder Meijs: Nou, ik neem aan dat we, als we deze nota aannemen, dat we tussentijds u terug zullen koppelen wat de evaluaties zullen opbrengen, dus dat we dan iets terug zullen koppelen over wat er geëffectueerd is met het geld wat hier gereserveerd is. Er zijn heel veel partners betrokken, bij alle projecten. Het is echt niet alleen maar een gezondheidsambtenaar – die heb ik er trouwens maar één, volgens mij – die daarbij betrokken is, maar het zijn heel veel partners die hiermee van doen hebben: vanuit welzijn, vanuit GGD, vanuit sport, vanuit onderwijs, projecten als JOGG, projecten als consultatiebureaus, voorlichting aan … De voorzitter: De heer Smit, OPHaarlem. De heer Smit: Nou, u leek net even een handreiking te doen door een van uw ambtenaren te vragen om hier toch wat verder op in te gaan. Ik zou dat meer waarderen dan – evenzeer waarderen als een evaluatie over een tijdje – dat er … En dat moet zichtbaar zijn, want je hebt niet alleen maar een inhoudelijk verhaal, maar je hebt ook de ambitie om het uit te voeren, dat die uitvoeringsambities op bepaalde plekken zichtbaar gemaakt kunnen worden voor OPHaarlem, en als het aan mij ligt, voor de hele commissie. Dank u wel. De voorzitter: Gaat u verder.
Wethouder Meijs: Volgens mij was dat het begin van mijn opmerking net aan de heer Smit dat ik zei dat ik dat zou navragen en dat u toe zou komen en dat ik tegelijkertijd, niet een terechtwijzing, maar meer samen met u wilde kijken: hoe kunnen we het hier een beetje hoogover houden en het op visieniveau houden? Zeker als we het hebben over het gezondheidsbeleid en het uitvoeringsplan er als bijlage bij zit, heel specifiek op één wijk, en dat willen we ook nog bij meerdere wijken uitrollen, maar daar is geld mee gemoeid. Er is heel veel gezegd over gedragsveranderingen versus lokale verboden of verbiedingen of vergunningen of geboden. We zijn daarin ook heel erg afhankelijk van het Rijk. Een suikertaks werd ergens volgens mij genoemd, dat kunnen wij niet lokaal, dat is echt iets wat we van het Rijk aangeboden krijgen … Of, aangeboden, wat vanuit het Rijk opgelegd wordt bij wetgeving en dan kun je daar lokaal iets mee doen. Maar het zou me wat waard zijn als er zoiets zou komen, zodat je nog gezondere inwoners zou hebben. Ik ben het geheel eens … De voorzitter: De heer Hulster, Actiepartij. De heer Hulster: Ik was wel even benieuwd, maar misschien weet u dat ook niet, maar in Amsterdam wordt bijvoorbeeld nu CO2-reclame uit de openbare ruimte geweerd. Zou zoiets in Haarlem kunnen voor ongezonde voeding, of ongezonde bewegingsdingen? Wethouder Meijs: Ik neem het voorbeeld mee.
Ik ken het niet, ik neem het mee. Ik wilde beginnen bij u. U merkte iets op over de lage SES en de sterftecijfers daaromtrent. Dat was een van de eerste dingen toen ik met mijn portefeuille van gezondheidszorg begon, dat dat toch echt in bepaalde wijken van Haarlem echt aan de orde is. Als je daar opgroeit, heb je een sterfkans die zeven jaar lager ligt dan elders. Nou, dat is schrikbarend, vind ik. Dat heeft niets te maken met of je nou op de kaart daar woont, maar dat heeft alles te maken met hoe je geschoold bent, hoe je woonomgeving is. Dus ja, we kijken wat dat betreft breder dan alleen maar een gezondheidsbeleid. We kijken naar armoede, we kijken naar leefomgeving, welzijn, naar de fysieke inrichting, op alle zaken. Uw oproep om een welzijnsparagraaf toe te voegen aan alle ontwikkelplannen, ik kan u zeggen dat ik vanuit mijn domein wekelijks in het college altijd roep: hoe staat het met de leefbaarheid, hoe staat het met het welzijn? Dus dat wordt al echt opgenomen in alle trajecten.
31
Misschien nog niet voldoende, dus wat dat betreft schaar ik u maar aan mijn zijde, dus ik kan uw naam de volgende keer erbij roepen. VVD stelt de vraag: in hoeverre kun je je als overheid daarin bij bemoeien, het gedrag beïnvloeden, en word ik niet al te veel beperkt in mijn vrijheid? Sommige dingen denk ik dat we toch echt wel op moeten leggen en wil je een beetje gedragsverandering zien, zal je inderdaad wel geld moeten spenderen aan anti-rookreclames of gezondheidsprojecten. Een van de bijlages gaat daar heel uitgebreid op in en al die projecten doen we altijd in samenspraak met partijen en labelen we positief in plaats vanuit het verbod. Het gaat altijd om het alternatief, hoe kun je makkelijker gezondere alternatieven aanbieden dan vanuit het petje: dit is een verbod, dit is slecht voor u. Altijd vanuit de optie: wandelen is gezond, sporten is gezond, ontmoeten is gezond, welzijn is gezond. Dus vanuit die optiek, dus volgens mij kunnen we wat dat betreft elkaar wel vinden. De PvdA vroeg de vraag over het lokale preventieakkoord. Dat is ook echt onze uitvoeringsagenda. De nadere besteding hoe dat precies zal gaan wordt nog uitgewerkt. Daarmee ook meteen een antwoord voor de vraag van de heer Smit. Die komen zeker ook nog naar u toe. Het CDA zegt terecht: de zelforganisaties worden niet genoemd, terwijl ze wel een van onze partners zijn.
Ja, dat zijn ze zeker en we kunnen ze ook zeker uitnodigen om in het preventieakkoord opgenomen te worden, dat kunnen wij actief doen. Dat is echt geen bewuste actie om ze buiten te sluiten. We hebben in het grof volgens mij een aantal welzijns… Nee, we hebben de paraplu genoemd welzijn en een aantal organisaties wel genoemd, maar er zitten vele organisaties volgens mij onder: huisartsen, GGD, consulenten, welzijnsorganisaties, nou, de zelforganisaties, sportorganisaties, iedereen. De vraag van Jouw Haarlem over het bankje heb ik meegenomen, dat vind ik echt een goede suggestie, dus daar kom ik nog op terug als we het hebben over die provinciale gelden om te kijken wat we kunnen doen aan het welbevinden van de Haarlemmers in zijn algemeenheid. We hebben in dit … De voorzitter: Ja, u mag gewoon even afmaken. Wethouder Meijs: We hebben in dit kader van het preventieakkoord wat voor ons ligt wel drie speerpunten genomen, want ja, gezondheid gaat natuurlijk over heel veel dingen. Maar we hebben hier echt wel gesproken over rookvrij, gezond gewicht en welbevinden. Dus daar passen de bankjes vind ik wel heel erg goed in. De voorzitter: Nu ga ik wel even naar de interruptie, want een punt is gezet. De heer Van den Raadt, Trots Haarlem.
De heer Van den Raadt: Ja, met u eens erover dat er nog geld dan van de provincie komt, maar waarom staat er dan in het stuk dat die 452.000 euro – nou, eigenlijk die 372.000 – al meer dan voldoende is om te doen wat we moeten doen? Wethouder Meijs: Nou, u kunt in het stuk ook lezen wat wij allemaal daarvoor doen. Dus voor de acties die we hierin hebben opgenomen is dat geld voldoende. Natuurlijk kunnen we altijd meer geld gebruiken om nog meer acties te doen, maar op dit moment, zoals beschreven zijn op pagina negen van de bijlage, kunt u zien hoe die acties zijn vormgegeven. Daarnaast lopen er ook nog subsidieaanvragen, onder andere bij FNO, dat kunt u ook lezen in het stuk. Daar hebben we nog geen uitsluitsel over en natuurlijk is er op projectniveau altijd geld welkom, maar volgens mij hebben we dat ook allemaal uitgeschreven dit stuk. Voorzitter, volgens mij heb ik dan alle vragen … De voorzitter: U heeft nog een extra vraag van Trots Haarlem. De heer Van den Raadt: Nee, u heeft nog lang niet alle vragen beantwoord. Maar u verwijst dan naar die bijlage, maar dan is het toch wonderlijk dat er in die brief staat: het totale beschikbare budget voor de
32
gezondheid wordt dan 452 per jaar, en dit is exclusief kosten van de GGD voor wettelijke taken zoals jeugdgezondheidszorg. Nou, dan vraag ik: hoeveel zijn die kosten dan? Dan verwijst u naar die bijlage waar alleen die 452 verdeeld wordt, maar daar staat ook nergens bij wat er wordt uitgegeven aan de wettelijke taken van de GGD. Dus of die ene zin klopt niet dat die 452.000 euro exclusief die GGD-kosten zijn, of dat overzicht waar die 452.000 wordt verdeeld, die klopt niet. Een van de twee. De voorzitter: De wethouder. Wethouder Meijs: Ik kan u zeggen, die 452.000, dat is niet het geld van de GGD wat wij jaarlijks daaraan besteden, dat is niet het geld voor de jeugdgezondheidszorg. Dat is echt exclusief, dat is apart. Dit is een gezondheidsbeleid. Als partner zitten jeugdgezondheidsbeleid en de GGD echt wel aan tafel, maar dit is geld wat gealloceerd is voor het uitvoeren van dit gezondheidsakkoord en het preventiebeleid. Ik zal nog kijken naar de beschrijving zoals u dat opnoemt, maar volgens mij is dat wat erbij bedoeld is en zoals het bedoeld is in ieder geval op te schrijven. De voorzitter: De heer Yerden. De heer Yerden: Als ik het goed begrijp, in een bepaalde week is zes of zeven jaar verschil van streven.
In welke week, en als het zo is in Haarlem, wat gaat u doen? Neemt u een bepaalde actie in de week, of …? De voorzitter: Maar was u klaar met de beantwoording van alle vragen? Want volgens mij was er ook nog van de ChristenUnie nog vragen over die drugs en lachgas onder andere. Wethouder Meijs: Ja. Deze kan ik niet beantwoorden, dat is echt een … Welke week bedoelt u? Ik zou het echt niet uit mijn hoofd weten. Het spijt me zeer, daar kom ik op terug. Ik had nog een vraag van de ChristenUnie, dat klopt, over drugs en lachgas vroeg u. Ook daarvan, dat is volgens mij ook rijksverboden of wetten die daarover gaan. Ik weet dat we in de voorlichting naar de middelbare scholen daar wel over spreken, over de drugs en drank en lachgas, neem ik aan. Dat weet ik niet specifiek, maar ik neem aan dat dat wel meegenomen wordt, want dat is de laatste jaren natuurlijk wel growing. Daar zijn we afhankelijk van ook weer het rijksbeleid, wat ik net al zei. De voorzitter: Mevrouw Booms, ChristenUnie. Mevrouw Booms-van der Meer: Is dat niet een beetje gelijk aan alcohol? Want er staat wel een heel stuk over alcoholgebruik en ik denk dat drugsgebruik, zeker ook onder jongeren, en het blowen, ik geloof dat het iets van twintig procent van jongeren op middelbare scholen regelmatig blowen, wat echt hun ontwikkeling in de weg staat.
Alcohol staat er wel in, dus waarom dan niet iets over drugsgebruik? De voorzitter: Mevrouw Çimen had ook nog een interruptie. Mevrouw Çimen: Dank u wel, voorzitter. Ik had nog een paar vragen, want er worden acties genoemd in het uitvoeringsplan als gezondheid opnemen in de omgevingsvisie en actief op zoek gaan naar mogelijkheden waar gezondheid wordt gekoppeld aan niet-gezondheidsthema’s. Omdat het ook zo expliciet wordt genoemd als een actie, ben ik wel benieuwd wat daar dan achterwege komt en waar de wethouder dan ook aan denkt concreet, en of het dan realistisch is dat daar geen geld bij staat. Wat kunnen wij daarvan verwachten? En zou de wethouder ook kunnen ingaan op een heel concreet voorbeeld wat ik heb genoemd ten aanzien van migrantengroepen en het achterblijven van vaccinaties voor COVID? Dank u wel.
33
De voorzitter: Ja, gaat uw gang. Wethouder Meijs: Even nog op de ChristenUnie. Het klopt dat het inderdaad niet in het akkoord staat, dus daar zullen we nog even naar kijken of we dat nog kunnen toevoegen. U heeft wat dat betreft gelijk als dat gelijkgesteld zou worden met alcohol, als we daar wel op doelen. Op uw vraag van D66, toevallig was dat gisteren ook aan de orde in de voorbereiding … Nee, niet in de voorbereiding, dat ging over iets anders, maar toen kwam dat wel aan de orde, dat de campagne voor het achterblijven van de vaccinatiegraad bij bepaalde doelgroepen laag is, er zit een lage bereidheid. Er is al een campagne gaande bij de Wijkteams, via de huisartsen, maar ook via zelforganisaties. Daar sprak ik van de week iemand bij een andere bijeenkomst. Maar toen hadden we het daar wel over. Dus daar worden al campagnes voor gevoerd. Dat is ook landelijk bekend dat daar onder veel onbekend is of veel onzekerheid is en mensen echt overgehaald moeten worden om daar zich toe te laten verleiden. Dus daar wordt al actie op ondernomen. Volgens mij heb ik toch echt... De voorzitter: En het stappenplan KWF heb ik nog niet gehoord. Klopt dat? Dat was ook een suggestie van mevrouw Çimen. Mevrouw ...: Het stappenplan van de KWF. Nou dat weet ik niet uit mijn hoofd. Maar dat kan ik u ook doen toekomen. Mevrouw Çimen: Nee het was mijn suggestie om dat mee te nemen.
Want daar staan hele concrete stappen die u wellicht kan meenemen. Mevrouw ...: Ja ik weet niet alles uit mijn hoofd. De voorzitter: Nou misschien zijn nog niet alle vragen behandeld. Maar ik wil even een tweede termijn doen. Gewoon dan kunnen de nieuwe vragen en de oude vragen nog even herhaald worden. Eerst Van Kessel, VVD. De heer Van Kessel: Ja dank u wel voorzitter. De vraag over de bezuinigingen op de veiligheid daar heb ik nog geen reactie op gehad. Terwijl ook de veiligheid belangrijk is voor je welzijn lijkt me. Dus graag daar een reactie op. En misschien ten aanzien van het hele stuk kort samengevat de vormgeving ziet er geweldig uit. Dat was ik vergeten om te zeggen. De doelen die er in staan daar kan de VVD ook erg goed mee leven. Maar wat ik volgens mij proef in de commissie bij een aantal partijen is dat de acties en de middelen of nou ja vooral eigenlijk de acties en die doelen niet uitgewerkt zijn. Niet naar meetbare indicatoren zijn uitgewerkt. En de vraag is eigenlijk, als u dan toch een brief gaat sturen aan de commissie op verzoek van ‘…’ is eigenlijk of u bij die vijf bedragen waar die 452 in is uitgesplitst of u daarbij in ieder geval wat meetbare indicatoren kan opzetten. In ieder geval ten aanzien van de acties. Zodat we kunnen controleren waar dat geld heen gaat. En als het even kan ook op de voorziene effecten die u in gedachten had.
Dan kunnen we namelijk en dat is een beetje het probleem normaal natuurlijk ook bij de begroting is dat we aan de voorkant als we geen doelen stellen kunnen we achteraf niet kijken of het ook goed terechtgekomen is. En juist omdat we willen dat al deze mooie plannen ook daadwerkelijk effect gaan hebben is toch echt het verzoek om nog voor de raadsbehandeling hiervan in ieder geval die vijf bedragen in indicatoren om te zetten en dan als die er liggen dan kan de VVD in ieder geval ermee instemmen. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Stroo, Jouw Haarlem. Mevrouw Stroo: Dank wethouder voor uw enthousiaste reactie op het Haarlemmer bankje. Ik heb nog geen antwoord op de vraag gekregen of u bereid bent om met de schoolbesturen in gesprek te gaan over het