CConstaterende datHaarlem
Koppel je AI →
Document · PDF

Transcript commissie Ontwikkeling van 23 januari 2025

commissie Ontwikkeling 6 maart 2025, gemeente HaarlemBij agendapunt: Transcript commissie d.d. 23 januari en 6 februari (openbaar en besloten deel) 202525.077 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

5 alinea's met “mededelingen”: 2 3 7 9 10

Voor uitbreiding doet die motie er niet meer toe? Hoe serieus neemt u zichzelf? Mevrouw Klazes: Ik heb u net gehoord, mijnheer Kuin. U zegt: het dictum. Ik heb hem even niet op mijn netverlies, maar gelukkig heeft u hem net een beetje voorgelezen. De verplichting bestond eruit naar het college toe: ga op zoek naar locaties en onderzoek die locaties die voorliggen. En volgens mij is dat gebeurd. Dus ik begrijp niet zo goed wat u vindt dat niet is uitgevoerd. E is onderzoek gedaan naar de locaties die destijds voorlagen. De uitkomst van dat onderzoek liggen hier nu voor. Dus ik begrijp niet waar het schuurt bij u. De voorzitter: Mijnheer Kuin. De heer Kuin: Er staat niet van ga uw best doen en als het niet lukt dan heeft iedereen pech. Er staat: we hebben een verplichting. We moeten het gaan doen. Dat is wat er staat en dat is wat u ook heeft uitgesproken. Mevrouw Klazes: Volgens mij, u heeft het dictum daar voor u, ik niet. De voorzitter: Mevrouw Klazes, u wilt reageren op de heer Kuin, via de voorzitter? Mevrouw Klazes: Mijnheer de voorzitter, graag. De voorzitter: Voordat het een een-tweetje wordt. Mevrouw Klazes: Ik raak een beetje zo in paniek van mijn spreektijd. Dus ik denk: als ik nou snel reageer, heeft de voorzitter het misschien niet door. In het dictum staat: er wordt naar gestreefd. Dat heb ik u volgens mij net horen zeggen.

Er wordt naar gestreefd om daar een oplossing voor te vinden. Klopt dat of niet? De voorzitter: De heer Kuin. De heer Kuin: Er staat: overweegt. In overleg met de organisatie van woonwagenbewoners te onderzoeken of de lijst van potentiële locaties kan worden aangevuld. Dat is onvoldoende gebeurd. Er staat: uit een behoeftenonderzoek van de gemeente Haarlem in juli 2019 is gebleken dat 71 personen een woonwagenplaats willen, waarvan 45 in 2019 urgent waren. Dat staat er niet voor Jan joker.

32

Mevrouw Klazes: Ik wil graag het dictum horen, mijnheer Kuin. De voorzitter: Excuses, de microfoon. Dit gaan we niet doen, mevrouw Klazes. We gaan elkaar niet op de hak nemen met wat er exact staat en wat er niet staat, wel staat. Daar komt u later maar gezamenlijk uit op de gang of waar dan ook en dat helpt de discussie ook niet verder. Het is ook geen besluit wat we nu nemen. U geeft alleen een richting mee en kunt uw richtingsvoorkeur aangeven hier en daar gaat de wethouder dan verder mee aan de slag en komt er ook bij u op terug. Zijn er nog andere zaken? Was u klaar met uw betoog, mevrouw Klazes? Ja. Zijn er nog anderen die een betoog wensen? Nee. Dan gaan we nu naar de heer Roduner. Aan u om alles amen te vatten. Wethouder Roduner: Dank u wel. Volgens mij is heel veel goed benoemd hoor, vandaag. Ik denk ook inderdaad, in het laatste betoog kwam het ook weer terug. Haarlem is een hele compacte stad, waarin eigenlijk alles al een plekje heeft. Een van de meest verdichte steden van Nederland. Dat maakt het gewoon ontzettend lastig om een nieuwe ruimtelijke vraag of het nu woningen zijn van steen of dat het woonwagens zijn, in te passen. Dat vraagt ook ingewikkelde keuzes. En wat mij betreft mogen we dat gesprek nog wel wat scherper voeren dan nu net in de commissie gebeurd is. Dat was in ieder geval wel wat beoogd was met deze opinienota.

Ik zal hem voor de helderheid nog even één keer uitleggen, want ik begrijp ook dat er wel wat misverstanden zijn over hoe de scenario's precies gelezen moeten worden. Scenario een gaat er eigenlijk vanuit dat wij binnen de kaders die u aan het college heeft meegegeven de opdracht realiseren. Dat betekent eigenlijk dat we verder gaan met de Schwannstraat en dat we binnen de bestaande bestemmingsplannen is er nog ruimte om op locaties woonwagens toe te voegen. Dus er zit ruimte in de bestaande bestemmingsplannen om op sommige plekken woonwagens toe te voegen. Dan kom je ongeveer uit op 10 plekken. Scenario twee gaat ervan uit dat u het college meer ruimte geeft en dat we met elkaar ook de conclusie trekken. Dan gaan we dus op de bestaande kampen gaan we op zoek naar een verdichting. Dat betekent dat we gaan schuiven, gaan zoeken creatief en dat betekent dat er af en toe een boom zal sneuvelen, wat groen of een parkeerplaats. Even plat gezegd, dat is denk ik de conclusie. En als we dat met elkaar doen, dan vinden we nog zo'n 10 plekken. Is even de inschatting en er is echt wel goed gekeken: waar zit inderdaad de potentie op de verschillende bestaande kampen om extra ruimte te vinden? Scenario drie is eigenlijk het resultaat van het onderzoek wat we hebben gedaan naar de locaties. Ik denk dat de Amsterdamse Vaart de meest logische is.

Als u ziet wat het resultaat is van het onderzoek wat we daar hebben gedaan. We zijn met twee locaties begonnen waarvan wij dachten: dit zijn de meest kansrijke locaties om woonwagens toe te voegen. Dat was de Schwannstraat en de Amsterdamse Vaart. Schwannstraat hartstikke fijn. Dat is dan enigszins een acceptabele locatie, maar die Amsterdamse Vaart betekent dat de gemeente 200.000 euro per woonwagen zal moeten betalen om daar een kamp te organiseren. Een extra kamp. Dus er ligt een ongedekte rekening van 1,4 miljoen. En ik hoor niemand van u zeggen: die rekening die pakken wij op. Voor de helft. Mevrouw Verhoeff geeft in ieder geval daarin wat ruimte. Dus even scenario drie, is dus het realiseren van extra kampen, gaat niet lukken zonder dat we met elkaar een fundamenteel gesprek hebben over de kaders die we met elkaar gesteld hebben. Het debat wat een beetje heen en weer ging over wel of niet bouwen in het groen, wat in Haarlem in principe niet is toegestaan voor woningen. Ik hoor een aantal partijen zeggen: dat zouden we wel vinden. Andere partijen zeggen volgens mij ook: nee, we houden vast aan dat deel. Dus dat is even het scherpe. Ik hoor ook nog een paar mensen optimistisch zeggen: we nemen het mee even mee in de ontwikkelzones.

Om even heel realistisch daarin ook te zijn, dat betekent dat we bijvoorbeeld in het winkelcentrum Schalkwijk een paar woonblokken niet bouwen om daar een kamp te organiseren. Want dat is hoe wij op dit moment de ontwikkelzones hebben georganiseerd. Dat betekent, dat staat ook in het stuk, dat we het echt het over aanzienlijke financiële consequenties hebben. Dat gaat niet over die tonnen. Dat gaat over miljoenen inmiddels. Want alles wat je binnen de bestaande stad zou willen

33

organiseren, grote woonwagenlocaties gaan ten koste van de functie die er al is. Dat betekent dat je bestaande woningen of kantoren of maatschappelijke voorzieningen zult moeten slopen om daar ruimte te creëren. U kunt zich voorstellen, op het moment dat wij een kantoor gaan slopen, aankopen om te slopen om woonwagenlocaties uit te geven, dat is hartstikke duur. De opbrengst potentieel van een woonwagenlocatie is hetzelfde als voor een sociale huurwoning. Ongeveer 20.000 euro. Dus dat is even de financiële rekensom die daaronder ligt. Dus daar wil ik wel echt de verwachtingen temperen, dat er niet op een magische wijze in ontwikkelzones plek is. Dus als we echt zeggen: we zijn echt verder op zoek naar aanvullende woonwagenlocaties, dan moeten we met elkaar echt wel verder de grens opzoeken dan we tot nog toe gedaan hebben. Ik constateer in ieder geval dat er tot en met scenario twee steun is. Dus dat is denk ik fijn. Dus dat geeft in ieder geval ook ruimte aan het college om iets meer bij de bestaande kampen ruimte te zoeken, het bestemmingsplan aan te passen om daar extra plekken te creëren. En dat mag dan af toe ten koste gaan van groen of een parkeerplek of wat er eventueel dan nog nodig is. Dus dat is fijn, denk ik. Daarmee kunnen we in ieder geval een stap verder.

Maar dat derde scenario hebben we volgens mij nog niet voldoende met elkaar besproken om daar nu een hele spijkerharde conclusie op te trekken. Ik zit een beetje te zoeken hoe we dat met elkaar gaan doen. Een interruptie, voorzitter. De voorzitter: De heer Kuin heeft een interruptie op u. Ga uw gang. De heer Kuin: Ik weet niet of we bij hetzelfde debat zitten, maar er wordt hier gewoon een vrije interpretatie gegeven dat er een meerderheid zou zijn voor twee en voor drie is het nog onduidelijk. Ik heb heel veel partijen over drie gehoord. Dat ten eerste. Ten tweede ligt er een motie, waar u nog niets over gezegd heeft en die tot nu toe genegeerd heeft. Ook met het hele stuk. Dus graag een reactie. De voorzitter: Mijnheer Roduner. Wethouder Roduner: Ik heb u aangegeven dat de scenario's gestapeld zijn. Dus het is een opvolgend scenario. We beginnen met een. Dat is volgens mij gewoon de basis. Hebben we eigenlijk al een beetje met elkaar afgesproken. Bevestigen weer met elkaar, dus dat doen we erbij. Volgens mij hebben heel veel partijen bijna iedereen gezegd: het mag wel een stapje meer. Dan kom je tenminste uit bij scenario twee. Dat is het stapje meer. Ik heb niet alle partijen horen zeggen: we gaan tot met scenario drie. Dus even voor de duidelijkheid. Zo is het gestapeld met elkaar opgebouwd.

En ik heb een aantal partijen horen zeggen: u mag doorgaan tot en met scenario drie. Ik bied u ruimte om bijvoorbeeld in het groen te bouwen, maar een aantal partijen hebben ook gezegd: nee, die ruimte krijgt het college niet. Wij houden vast aan de bestaande afspraken over het groen. De voorzitter: Dan zag ik nog een interruptie van de heer Bruch. Ga uw gang. De heer Bruch: Even of ik het goed begrepen heb, want u had het over stapelen scenario een, 10 plaatsen, scenario twee 10 plaatsen. Praten we dan inmiddels over 20 plaatsen? De voorzitter: De heer Roduner. Wethouder Roduner: Ja, dat is wel de inschatting dat dat te realiseren zou moeten zijn. Mijnheer Kuin heeft het veel over een motie, maar kijk, een motie is een verzoek aan het college. Nou, we hebben onderzoek gedaan. Ik kom terug met alle resultaten van de onderzoeken. Daar kunt u uit kiezen. Maar zolang er bij die motie niet een enorme zak geld zit of een wijziging van bestemmingsplan. Het is natuurlijk geen besluit van de

34

raad om te zeggen: daarmee heeft het college ook dat mandaat om binnen aangepaste kaders aan de slag te gaan. De voorzitter: Voordat dit heel vaak heen en weer gaat, als ik de heer Kuin goed begrijp, dan zegt de heer Kuin: er heeft al een motie gelegen, er is al een besluit van de gemeenteraad genomen om dit uit gaan zoeken, om hiermee terug te komen. En dat is wat u nu aan het doen bent. Dus dan om het plat te slaan, kunt u nu niet zeggen: er ligt niets, er ligt geen besluit, we zijn dit nu gewoon uit onszelf aan het doen. Wethouder Roduner: Nee, maar ik denk, ik ben het eens met uw interpretatie, namelijk dat dit eigenlijk de facto de uitvoering van de motie is. Alleen mijnheer Kuin zegt: er is nog niets gebeurd met die motie. Dan hebben we volgens mij een verschillend begrip over wat uw motie inhoudt en wat de waarden en de besluitvormende waarden van de motie is. De voorzitter: Eens, als dit de uitvoering van de motie is, dan is die nog niet volledig, mijnheer Kuin. Eens, dat heeft u nu ook meegegeven aan de wethouder, om het verder uit te werken en daar heeft u uw punten bijgevoegd, maar u heeft daar nog iets op toe te voegen. De heer Kuin: Misschien vindt u het gezeik, maar volgens mij is het normaal als er een motie is aangenomen. De voorzitter: Mijnheer Kuin, dat soort woorden accepteer ik niet. Helemaal niet als u mij beticht dat ik het gezeik zou noemen.

Dat soort woorden gaan we hier niet bezigen, mijnheer Kuin. De heer Kuin: Dat is mijn taalgebruik. De voorzitter: Dat soort woorden gaan we hier niet bezigen en helemaal niet over hoe we hier een discussie met elkaar voeren. Dat zijn uw woorden en daar ben ik heel fel op, dat gaan we niet doen. U kunt nu normaal zeggen wat u wilt en anders stopt u. De heer Kuin: Het was zeker niet naar u toe bedoeld, meer in het algemeen. Ik zal het woord terugnemen. U kunt het allemaal gezeur vinden, maar volgens mij is het normaal als je een motie aanneemt en er is een hele grote meerderheid voor geweest, er hebben maar twee partijen niet voor gestemd. Als je het debat wilt voeren, dan begin je met te rapporteren, volgens mij. Dit was de motie, dit was het besluit, dit hebben we gedaan en het is ons niet gelukt en we willen nu een ander besluit. Het komt er helemaal niet in voor en nu achteraf zeggen: we zijn toch bezig geweest, dus we hebben het ongeveer gedaan. Dat deugt niet. De voorzitter: Mijnheer Roduner. Wethouder Roduner: Dan moet u volgens mij de opinienota echt nog een keer goed lezen, want volgens mij rapporteren we nu alles terug wat we met elkaar hebben afgesproken. We hebben gekeken naar wat is er binnen bestaande bestemmingsplannen mogelijk? Een plek of zeven of zes.

Wat is er mogelijk binnen het eerste … Wat is het resultaat van het eerste onderzoek wat we met elkaar hebben gedaan? Er is een locatie goed mogelijk binnen de bestaande kaders. We hebben gekeken naar wat voor potentieel zit er nog in de bestaande kampen? Dat is scenario twee. En ik heb het dilemma teruggelegd en daar moet u zich dan nog rekenschap van geven, dat we ook onderzoek hebben gedaan naar andere locaties en dat het wel heel ingewikkeld gaat worden. Ik denk dat we dat we met elkaar even scherp moeten hebben op het moment. Het is namelijk ingewikkeld om te zeggen: er komen 100 plekken bij, maar ik weet nog niet of u dan weet waar we die gaan vinden. En ik kan u nu al vertellen, op basis van de eerste onderzoeken, die gaan we dus niet zomaar

35

vinden door binnen de bestaande kaders te blijven. En dat is misschien vervelend, maar dat is wel even de werkelijkheid waar we elkaar ook scherp moeten houden. Want u gaat over de kaders en de opdracht die u meegeeft, maar u kunt niet verwachten dat het college een onmogelijke opdracht gaat uitvoeren en dat niet bij u teruglegt. Dus volgens mij, dat is waar we staan. Ik denk dat het in ieder geval fijn is dat er draagvlak is om verder te gaan met de Schwannstraat. Dat we kunnen kijken naar wat er mogelijk is binnen bestaande locaties. Dat gaat ons in ieder geval verder helpen. Een aantal vragen nog. Er is kort gerapporteerd volgens mij over de bestaande verbeteracties. Dat is heel kort. Daar heeft u nog vragen en opmerkingen over, maar dat loopt in elk geval. De ChristenUnie heeft nog een vraag gesteld over die kleinere plekken. Wij zijn een tijdje geleden op ons initiatief, zijn we begonnen met, we hebben het voorstel gedaan voor het plan, dat noemden we even: de woonwagen van de toekomst. Dat ging over ontwerpend onderzoek, om te kijken of je inderdaad naar kleinere woonwagenlocaties zou kunnen gaan en wat dat betekent. Daar heeft het college de gemeente een voorstel voor gedaan.

Er was in het begin wel enige positiviteit bij de Woonwagenbelangengroep, maar uiteindelijk bleek er onvoldoende draagvlak te zijn om met dat project verder te gaan en dat ook proberen te verwoorden. Er is toch wel echt een sterke wens om vast te houden aan de huidige grootte van de plekken. Dus dat is even de reactie. Daarom is dat denk ik ook gewoon spaak gelopen. Wij zagen dat wel als een reële optie. U heeft ook nog een vraag gesteld over de Amelandstraat. Daar is het bij de insprekers ook veel over gegaan. Ik denk dat de Amelandstraat ook wel goed laat zien wat er gebeurt in Haarlem. De Amelandstraat is uiteindelijk het slopen van 250 sociale huurwoningen van Pré Wonen in een aantal blokken. Dus in de Waddenbuurt, 250 sociale huurwoningen. Overigens, wat ik altijd heb meegekregen, royale sociale huurwoningen, soms drie-, vierkamerappartementen. Daar wordt ontzettend verdicht. Dat wordt verdubbeld. Dus die sociale huurwoningen die gaan van 250 naar bijna 500 woningen. Het Terschellingpad wordt daar inderdaad bij betrokken. Dus daar vindt een enorme verdichting plaats, waarin andere woningen worden gebouwd. Waarin hoger wordt gebouwd. Waarin ook kleinere woningen terugkomen. Dat is wel een beetje de opgave waar we als stad voor staan en hoe we in ieder geval tot nog toe steeds met die verschillende woningvragen zijn omgegaan.

Dus ik denk dat het wel even richting de ChristenUnie uw antwoord is op die vraag en wat daar speelt. We hebben inderdaad heel snel in het project geconstateerd van het gaat over de 10 bouwblokken van Pré Wonen die daar zitten. Dat zijn sociale huurwoningen van Pré Wonen. We voelen ons verplicht om die sociale huurwoningen daar ook terug te bouwen. Dat is onze eerste verantwoordelijkheid, om te zorgen dat we daar die sociale huurwoningen bouwen en met dat gebied zijn we aan de slag gegaan en hebben gezorgd dat er een verdichtingsslag is geweest. We hebben dat gebied niet breder betrokken. Dat was denk ik de reactie op de vragen, voorzitter. De voorzitter: Helder. U heeft genoeg stof meegekregen, zowel van de insprekers als van alle commissieleden, om daarmee verder te gaan. U heeft ook denk ik een duidelijke richting in die zin: breidt uit en kijk ook waar verdichting zou kunnen. Heeft u een duidelijke opdracht en ik wil nog even bij de commissie checken of daar iets op aangevuld moet worden op dit moment? Mijnheer Bruch, VVD. De heer Bruch: Heel kort. Volgens mij liggen er 20 standplaatsen op tafel. Dus ga daarmee aan de slag. De voorzitter: Helder. Anderen nog? De heer Visser: Voorzitter, we gaan even met andere partijen overleggen, maar wij denken dat we met een motie komen. Onder andere over de Amelandstraat, maar ook over de Zuid Schalkwijkerweg.

De voorzitter: Mevrouw Klazes.

36

Mevrouw Klazes: Ik hoop, even voor de duidelijkheid, niet dat dat wij de indruk hebben gewekt dat het wat ons betreft oké is om ook in het groen woonwagens neer te zetten. Dus ik hoor u net een opsomming maken van de meerderheid en daar horen wij zeker niet bij. De voorzitter: Goed. We gaan geen rondje voorbehouden doen: als ik maar niet heb gezegd dat, want dan kunnen we helemaal opnieuw beginnen. Mijnheer Aynan, u heeft ook nog ... De heer Aynan: Voorzitter, qua verwachtingsmanagement, hoe nu verder en wanneer kunnen we iets verwachten? De voorzitter: Helder, laten we dat aan de heer Roduner vragen. Ga uw gang. Wethouder Roduner: Toch nog wel even, want de opdracht van het college is ook nog … Kijk, mijn afdronk en dan misschien helpt dat ook denk ik uiteindelijk om die motie te schrijven van de ChristenUnie, is toch dat er geen meerderheid is om woonwagenlocaties in het groen te bouwen. Dat is even mijn … Als ik de koppen en de coalities een beetje tel, dan is dat volgens mij wel waar de meerderheid ligt. Dus dat betekent dat ik niet zomaar ruimte heb in scenario drie. Als het gaat over de financiën heb ik daar eigenlijk niets over gehoord. Behalve de PvdA die zei: voor de helft vinden wij dat wel een acceptabele prijs bij de Amsterdamse Vaart.

Dus dat geeft wel iets van richting over de onrendabele top per woonwagenplek waarbij ik met u terug mag komen, maar dat is maar één partij die dat gezegd heeft. Dus toch even, verwacht dan niet te veel van extra, dat we opeens op een magische manier extra woonwagenlocaties gaan vinden. Dus dat is even heel scherp. Dat helpt denk ik ook in het schrijven van de motie. Misschien nog één opmerking over de Zuid Schalkwijkerweg. De Zuid Schalkwijkerweg staat op het lijstje van locaties die we nog gaan onderzoeken. Dat is een locatie die we nooit mochten ontwikkelen vanwege het provinciaal beleid. Dat provinciaal beleid is aan het veranderen. Dat beleid waaraan gerefereerd wordt. Dus er komt meer ruimte voor het provinciaal beleid om daar ruimte te bieden. Dus hij is bij ons nog niet afgevallen, maar er is nog wel beweging nodig, ook bij de provincie, om te zorgen dat dat tot een locatie komt. Ik weet niet hoeveel plekken daar dan precies georganiseerd zouden kunnen worden, maar dat is ook een stuk of, ik geloof vier, als ik het goed heb. Ik snap uw punt over die aanrijtijd. Ik denk dat dat ook, wat mij betreft, daar zouden we nog een keer goed het debat moeten hebben of dat nou doorslaggevend is. De heer Visser: Voorzitter, om een motie te sparen. Wanneer is er wel helderheid over de Zuid Schalkwijkerweg? Wethouder Roduner: We pellen het een beetje af.

Dus we hebben gezegd, we zijn we zijn begonnen met 43 locaties. Toen hebben we gezegd: er zijn er vijf. Die heeft u aangewezen. We hebben gezegd: er zijn twee kansrijke, die hebben we naar voren getrokken. De Zuid Schalkwijkerweg is eigenlijk de derde. We proberen het een beetje af te pellen, maar we moeten eerst aan de slag met die Schwannstraat. Volgende maand hebben we een bewonersbijeenkomst om dat met de buurt ook te bespreken. Dus dit is niet zomaar gedaan. We proberen het gewoon stapje voor stapje dan te doen. En stapje voor stapje tot uitbreiding te komen. Dus ik kan u ook niet zeggen: dat gaan we binnenkort hebben. Ik denk niet dat we daar verwachting van moeten hebben dat dat op hele snelle termijn zomaar geregeld is. Het is nog een behoorlijk lastige locatie. De voorzitter: Helder. Heeft u de laatste punten gehad? Ook die vraag van mijnheer Aynan hebben we nu beantwoord. Ja, toch? Een soort van. De opdracht, de wethouder heeft genoeg stof om over na te denken en om mee te nemen. Mijnheer Van den Raadt wil nog iets toevoegen?

37

De heer Van den Raadt: Ja. Ik had een vraag gesteld over dat rapport van die windvang Amelandstraat. Moet ik daar dan een motie voor indienen? Want u heeft hem niet beantwoord. De voorzitter: Een technische vraag stellen, hoor ik hier, want dan kunt u daarmee dat rapport krijgen, zoals ieder rapport zoals u weet. Dan wil ik daarmee dit agendapunt afsluiten. De wethouder neemt alles mee en komt bij ons terug met diverse andere mogelijkheden. Het is inmiddels 22:45 uur. We hebben nog twee agendapunten op de rol staan, waarvan wel twee kleine, relatief kleine. Wel een hele belangrijke natuurlijk, want een zware groot verkoop. Dat is agendapunt 9. Ik laat eerst even de gasten rustig naar buiten gaan en dan gaan we verder. 9.

Verkoop kavel hoek Ted Vermeulenweg en Jacques Meuwissenweg De voorzitter: Goed, dames en heren, we gaan verder met agenda 9, de verkoop van de hoek Ted Vermeulenweg en Jacques Meuwissenweg. Een stuk grond dat mogelijk verkocht wordt als u instemt bij de raadsvergadering. Wie mag ik hierover het woord geven? Mevrouw Oppenhuis, CDA. Mevrouw Oppenhuis: Omdat ik zoveel tijd heb. Laten we daarom ook meteen beginnen over wat mij opviel en dat was dat het plaatsen van bijenkasten vijf punten zou opleveren. Dat is apart. Want er is voldoende onderzoek beschikbaar dat honingbijen concurreren met wilde bijen. Ik had graag iedereen een minicursus willen geven over wilde bijen en honingbijen, maar ik heb niet zoveel tijd. Dus dat doe ik niet. De PvdD heeft daar gelukkig wel een vraag over gesteld en dat antwoord daar was ik heel blij om, want het gaat over niet meer dan één bijenkast. Dus dan zegt het CDA: dat komt goed uit, want wij hebben op deze plek liever meer inheemse planten, spontane groei, verschillende zandtypen met open plekken, zodat de wilde bijen vanzelf komen. Verder zeggen wij vooral akkoord. De voorzitter: Dank u wel. Anderen? Niemand? Mijnheer Bruch. De heer Bruch: Het leek een heel groot stuk voor een rijschool, maar we zien dat er een heleboel bij zit. Vrachtwagens, bussen, vorkheftrucks. Dus dat lijkt me prima.

Een goede verdere ontwikkeling voor dit stuk van de Waarderpolder. De voorzitter: Dank u wel. Anderen? Niemand? Dan gaat dit als hamerstuk door naar de gemeenteraad. Ook aan de mensen op de publieke tribune, dat betekent dat er niet meer over gestemd gaat worden en dat er eigenlijk dus alleen nog een stemverklaring over gegeven kan worden op 30 januari, dus volgende week donderdag in de gemeenteraad. Daarmee sluiten we dit agendapunt. Excuus dat u daar … Hoe laat was u hier, 20:00 uur? Ook fijn om te weten dat het rond is dan. Gelukkig, hartstikke goed. Dank u wel, fijne avond. De mensen die thuis meekijken, die hoorden de helft denk ik, maar ook zo snel kunnen agendapunten gaan. Ook zo kan een reactie gaan, inderdaad dat mensen blij zijn met het besluit van de gemeenteraad, dat zij nu voort kunnen gaan met hun bedrijfsvoering en naar een mooie, nieuwe locatie kunnen gaan. Dat was agendapunt 9.

10. Vaststellen Raadsjaaragenda 2025 De voorzitter: Agendapunt 10, vaststellen Raadsjaaragenda. Wil iemand überhaupt het woord hierover voeren? Mijnheer Bruch, VVD. De heer Bruch: Dank u wel, voorzitter. Ik heb één puntje. Er loopt tot 15 april een pilot over het uitstallingsverbod en ik zie de evaluatie staan voor september. Kan dat niet een beetje sneller? Of een

38

gedoogperiode, want nu zou dus de hele zomer weer het uitstallingsverbod gaan gelden en dat lijkt me niet handig. De voorzitter: Een helder verzoek. Of het uitzonderingsbeleid uitgesteld kan worden. Anderen nog op dit agendapunt? Mevrouw Klazes, GroenLinks. Mevrouw Klazes: Een klein puntje. Ik heb even een steekproefje gedaan met een onderwerp, de verkoop van de Spekstraat, die staat twee keer op de Raadsjaaragenda, één keer in maart en één keer in juni en bij de ene staat het ter bespreking en bij die ander staat ter advisering. Ter advisering is in maart en ter bespreking is in juni. Dus ik ben dan een beetje in verwarring en ik zou graag willen dat het klopt wat er staat. De voorzitter: Dat wordt uitgezocht, wordt opgeschreven en wordt meegenomen. Dank u wel. U gaat niet reageren op het uitzonderingsbeleid, vrees ik. Nee, wat adviseert u? Want u spreekt als college met één mond. Moet de heer Bruch met een motie komen? Wethouder Roduner: Nee, laten we het nog even uitzoeken. Ik weet ook niet precies welk stuk. U refereert aan nieuw beleid. Volgens mij hebben we voor de huidige situatie ... De voorzitter: Om u even te helpen, wethouder. Er is nu een pilot in de Gierstraat dat er uitstallingen mogen zijn, maar die loopt in juni af, 15 april al, maar het vervolg, de evaluatie staat pas in september gepland en dan zou er dus van april tot september geen uitstalling mogen komen.

Dus de vraag is: kunnen we die periode van uitstallingen niet verlengen? Wethouder Roduner: Die vraag neem ik met een positief advies mee naar het college. Dus of eerder evaluatie of het verlengen van de pilot. Ik snap uw punt heel goed. De voorzitter: Helder. Laten we dan wel even afspreken dat u dat voor volgende week laat weten, anders moet de heer Bruch een motie indienen. Laten we afspreken dat de heer Bruch ook de wethouder economie hier even over mailt, dat hij op de hoogte is. Of de heer Bruch pro-forma een motie in moet dienen, dat kunt u aan de wethouder economie vragen. Helder. Excuus, ja, dan wordt het inderdaad een hamerstuk met stemverklaring. Zo gaat hij dan door naar de gemeenteraad, want dan kan die nog geüpgraded worden naar een bespreekpunt. Helder. Niemand meer? Sluiting De voorzitter: Dan wil ik deze vergadering afsluiten. Dank u allen voor uw bijdragen en graag tot volgende week bij de gemeenteraad.

39

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15162056/1