Getekend raadsstuk Besluit inzake inleidend verzoek tot het houden van een referendum over de Nota Uitwerking
Tekst van het document
Gemeente Haarlem
Raadsstuk
Onderwerp Besluit inzake inleidend verzoek tot het houden van een referendum over de Nota Uitwerking
Parkeerregulering Haarlem (gewijzigd besluit) Nummer
2023/407238
Portefeuillehouder
Wienen, J.
Programma/beleidsveld
6.2 Gemeentelijk bestuur
Afdeling
GRIFFIE
Auteur
Hageman, C.
Telefoonnummer
023-5115613
chageman@haarlem.nl
Kernboodschap
Op 22 maart 2023 ontving de voorzitter van de raad een inleidend verzoek tot het houden van een referendum over de Nota uitwerking parkeerregulering:
uitbreiding betaald parkeren in Haarlem. De Referendumverordening gemeente Haarlem 2022 schrijft voor dat de
raadsvoorzitter een dergelijk verzoek moet toetsen aan artikel 5, eerste, tweede en derde lid.
De raadsvoorzitter heeft dit gedaan en heeft hierbij het advies van de Referendumcommissie betrokken.
Besluit Raad
De raad der gemeente Haarlem,
dd3-0-M23
(wordt ingevuld door de griffie)
Besluit: 1. "Na kennisneming van de bevindingen van de voorzitter van de raad en het advies van de referendumcommissie, besluit de raad de indieners van het inleidend verzoek niet in de gelegenheid te stellen tot het houden van een referendum."
de voorzitter.
je.gr/ffier,
X
Kenmerk: 2023/407238
1/6
1. Inleiding
Op 22 maart 2023 ontving de raadsvoorzitter een inleidend verzoek tot het houden van een referendum over de nota uitwerking parkeerregulering: uitbreiding betaald parkeren in Haarlem.
De Referendumverordening gemeente Haarlem 2022 schrijft voor dat de raadsvoorzitter een dergelijk verzoek moet toetsen aan artikel 5, eerste, tweede en derde lid.
De raadsvoorzitter heeft dit gedaan en heeft hierbij het advies van de Referendumcommissie betrokken.
2. Voorstel aan de raad De voorzitter van de raad stelt de raad voor: Gelezen de bevindingen van de raadsvoorzitter zoals beschreven in de brief Toetsing van de het inleidend verzoek en de steunbetuigingen, d.d. 23 maart 2023; Gelezen
het advies van de Referendumcommissie d.d. 22 maart 2023; Gelet op Artikel 5, lid 6 van de Referendumverordening, gemeente Haarlem 2022;
Te besluiten op basis van de eigen bevindingen, de indieners van het inleidend verzoek, de gelegenheid te bieden een definitief verzoek tot het houden van een referendum in te dienen bij de voorzitter van de Raad.
3. Beoogd resultaat De verzoekers die het inleidend verzoek ingediend hebben, de gelegenheid te bieden een definitief verzoek tot het houden van een referendum in te dienen bij de raad.
4. Argumenten Argumenten In artikel 2 lid 2 van de vastgestelde Referendumverordening gemeente Haarlem (hierna: Referendumverordening) staat beschreven welke ontwerp-raadsbesluiten onderwerp van een referendum kunnen zijn. Dat zijn ontwerp-raadsbesluiten met uitzondering van besluiten:
a. over individuele kwesties, zoals benoemingen, ontslagen, schorsingen, kwijtscheldingen en schenkingen; b. over de hoogte van geldelijke voorzieningen voor ambtsdragers, gewezen ambtsdragers en hun nabestaanden; c. over de vaststelling, wijziging of intrekking van de arbeidsvoorwaardenregeling en daaruit voortvloeiende besluiten met betrekking tot de griffier en de medewerkers van de griffie; d. over het voor kennisgeving aannemen van notities en rapporten;
e. in het kader van deze verordening; f. over de vaststelling van de gemeentelijke begroting en de rekening; g. over de vaststelling van gemeentelijke tarieven en belastingen; h. ter uitvoering van een besluit van een hoger bestuursorgaan of de wetgever waaromtrent de raad geen beleidsvrijheid heeft;
Kenmerk: 2023/407238
2/6
die naar het oordeel van de raad hun grondslag vinden in een eerder genomen besluit waarover een referendum is gehouden of kon worden gehouden; j. waarvan de raad van mening is dat dringende redenen aanleiding zijn om geen referendum te houden.
i.
Ontwerp-raadsbesluit omvat een set aan maatregelen waaronder de vaststelling van gemeentelijke tarieven en belastingen.
Het ontwerp-raadsbesluit bevat een set aan maatregelen, waar het uitbreiden van gereguleerd parkeren in buurten met een hoge parkeerdruk (vaste norm van >85% parkeerdruk) een onderdeel van is en daarmee dus niet geldt voor de hele stad Haarlem. Het ontwerp-raadsbesluit gaat naast het uitbreiden van het gebied waarin gereguleerd parkeren de norm zal zijn, het instellen van een vergunningenplafond (een aanscherping op gereguleerd parkeren), de tariefstructuur in buurten waar al gereguleerd parkeren is ingevoerd, het digitaliseren van de gehandicaptenkaart en het instellen van een reeks aan investeringen in onder andere deelmobiliteit, aanvullende parkeervoorzieningen en vergroening van de openbare ruimte.
De raad stelt vast dat met de Nota uitwerking parkeerregulering de tarieven in de (bestaande en met dit ontwerp-raadsbesluit uitgebreide) zones C en D worden gewijzigd. Anders dan de referendumcommissie, die de afweging versmalt tot de vraag of dit het kernpunt van het ontwerpraadsbesluit is, is de raad van oordeel dat die versmalling niet een eis is die volgt uit de Referendumverordening. Het enkele feit dat het ontwerp-raadsbesluit betrekking heeft op het wijzigen en vaststellen van gemeentelijke tarieven ertoe leidt dat het ontwerp-raadsbesluit geen onderwerp van een referendum kan zijn. Volledigheidshalve wijst de raad erop dat een aanzienlijk deel van de inspraakreacties betrekking had op de hoogte van het tarief (te hoog en/of melkkoe voor de gemeente en/of een ongepaste lastenverzwaring). Ook bij de bespreking in de raad heeft een significant onderdeel van de discussie omtrent het ontwerp-raadsbesluit betrekking gehad op de hoogte van de tarieven. De raad is van oordeel dat wanneer artikel 2 lid 2 sub g Referendumverordening zou moeten worden uitgelegd dat het tarief een kernpunt van het ontwerp-raadsbesluit is, daaraan ook is voldaan. Het ontwerp-raadsbesluit vindt zijn grondslag in eerder genomen besluiten waarover een referendum is gehouden of kon worden gehouden
Conform art. 2 lid 2 sub i. Referendumverordening zijn besluiten uitgesloten die hun grondslag kennen in een eerder genomen besluit waarover een referendum is gehouden of kon worden gehouden. De referendumcommissie noemt in haar advies eerder vastgesteld beleid niet in haar afweging. Naar oordeel van de raad is het wel degelijk een besluit dat een grondslag kent in eerdere besluiten. Dit is om verscheidene redenen het geval: • Op 23 september 2021 stelde de raad het nieuwe Mobiliteitsbeleid vast. In het Mobiliteitsbeleid is gekozen voor gereguleerd parkeren, een vergunningenplafond op plekken met een hoge parkeerdruk en in gebieden waar veel woningen worden gebouwd. De voorliggende nota is een nadere uitwerking van reeds vastgestelde kaders danwel uitgangspunten voor beleid door o.a. hoge parkeerdruk in wijken nu te operationaliseren met een vaste - en voorspelbare - norm van >85%. •
De referendumcommissie geeft in haar advies over art. 2 lid 2 sub i. Referendumverordening aan dat er drie belangrijke beleidswijzigingen in de nota nieuw beleid zijn. Op basis van deze wijzigingen komt de referendumcommissie tot de conclusie dat uitzonderingsgrond in art. 2 lid 2
Kenmerk: 2023/407238
3/6
sub i Referendumverordening geen belemmering vormt. Deze drie beleidswijzigingen zijn echter reeds in het Mobiliteitsbeleid in 2021 vastgesteld en worden in het voorliggende stuk concreet aangepast. Daarmee vormt art. lid 2 sub i. Referendumverordening naar het oordeel van de raad wel degelijk een duidelijke uitzonderingsgrond. • In de Nota Uitwerking parkeerregulering zijn de beleidskeuzes uit het Mobiliteitsbeleid uitgewerkt. Het beleid zet ook voort op de beleidskeuzen die zijn gemaakt bij het raadsbesluit Modernisering parkeren (2016/502227), waarover in 2017 reeds een referendum heeft plaatsgevonden met een opkomstpercentage van 18% en dat circa €822.000 heeft gekost, (zie onder andere maatregel 14 'Maatregelen Moderniseren Parkeren'). • Vervolgens stelde de raad op 27 januari 2022 de Omgevingsvisie Haarlem 2045 vast. Hiermee heeft de raad duidelijk richting gegeven aan de ontwikkeling van de stad tot 2045. Er is afgesproken voorrang te geven aan de noodzakelijke vergroening, aanpassingen aan het veranderende klimaat en verbetering van de leefomgeving. In lijn hiermee is aanpakken van het groeiende parkeerprobleem noodzakelijk. Met het uitbreiden van parkeerregulering wordt de balans tussen parkeerruimte en andere noodzakelijk functies in de openbare ruimte hersteld.
Ontwerp-raadsbesluit dient ter uitvoering van een hogere wetgever De raad stelt vast dat met de Nota uitwerking parkeerregulering uitvoering wordt gegeven aan het VN-verdrag Handicap. Hierin is vastgelegd dat de openbare ruimte toegankelijk dient te zijn voor mensen met een handicap. Dit is in Haarlem vooralsnog onvoldoende het geval. In een aantal van de nu te reguleren wijken is de parkeerdruk zo hoog dat auto's aan beide zijden van de weg deels op de stoep parkeren. Op deze wijze belemmeren geparkeerde auto's de doorgang voor mensen met een rollator, rolstoel, scootmobiel en kinderwagens, zoals ook blijkt uit de recente brief van de Haarlemse Participatieraad dd. 8 december 2022.
Er zijn dringende redenen om geen referendum te houden Conform art. 2 lid 2 sub j. Referendumverordening kan de raad een referendum afwijzen wanneer hier dringende redenen voor zijn. Dit is naar het oordeel van de raad het geval. De raad wijst erop dat op plaatsen in de stad waar de parkeerdruk hoger is dan 85% de leefbaarheid van de buurt en de toegankelijkheid van de openbare ruimte - bij voorbeeld voor kwetsbare (soms niet stemgerechtigde) minderheden, zoals kinderen en mensen met een handicap - ernstig in het geding komen. Deze groepen kunnen de wensen en behoeftes (toegankelijke ruimte op straat, speelplaatsen en voldoende groen) vaak niet of moeilijk tot uitdrukking brengen. De raad dient ook het belang van deze groepen in de samenleving.
De gemeente ontvangt daarnaast met grote regelmaat klachten van overlast en de leefbaarheid in buurten staat zonder ingrijpen onder grote druk. Dit zijn klachten en meldingen over parkeeroverlast, foutparkeren en dergelijke. Uit de inwonerspeiling 2022 blijkt dat ruim een derde van de Haarlemmers (zeer) veel overlast van parkeren ervaart in de eigen buurt.
Tot slot overweegt de raad het volgende. Hoewel geen formeel onderdeel van de referendumverordening dient in overweging genomen te worden dat bij de toelichting op de referendumverordening de raad als toelichting gaf het referendum nadrukkelijk te zien als een middel van de bevolking en niet als middel van politieke partijen. Hierbij dient vermeld te worden dat de initiatiefnemers van het referendum bestaan uit SP, OPH en Hart voor Haarlem (zie ook beantwoording technische vragen Groenlinks van 20 maart 2023). Dit sluit echter niet aan bij de toelichting van de raad op de vastgestelde Referendumverordening.
Kenmerk: 2023/407238
4/6
*z* Alles overziend concludeert de raad dat het voorgaande voldoende dringende redenen oplevert om geen referendum te houden. Conclusie De raad stelt vast dat het ontwerp-raadsbesluit Nota uitwerking parkeerregulering geen ontwerpraadsbesluit is in de zin van artikel 2 lid 2 sub a, b, c, d, e, en f Referendumverordening.
De raad is - anders dan de Referendumcommissie in haar advies van 22 maart 2023 - van oordeel dat wel sprake is van een ontwerp-raadsbesluit in de zin van artikel 2 lid 2 sub g, en/of h en/of i Referendumverordening. Voorts is de raad van oordeel dat ook dringende redenen, zoals beschreven in artikel 2 lid 2 sub j Referendumverordening, aanleiding zijn om geen referendum te houden. De raad besluit zodoende het inleidende referendumverzoek af te wijzen. De raad motiveert het besluit op grond van al hetgeen hiervoor gezamenlijk en elk voor zich is aangevoerd.
5. Uitvoering
De volgende stap in het proces is het definitieve verzoek.
Nadat de raad heeft besloten over het inleidende verzoek en in het geval de raad besluit het verzoek in te willigen, wordt de indieners van het inleidende verzoek de gelegenheid geboden een definitief
verzoek tot het houden van een referendum in te dienen bij de raad. Dit definitieve verzoek is voorzien van de vraagstelling die bij het referendum gehanteerd wordt. De raad stelt deze vraagstelling vast gehoord hebbende de Referendumcommissie. Binnen zes weken na bekendmaking van het besluit van de raad het inleidende referendum-verzoek
in te willigen, kunnen de verzoekers een definitief verzoek tot het houden van een referendum indienen bij de voorzitter van de raad. Artikel 6 van de Referendumverordening gemeente Haarlem 2022 beschrijft de vereisten waaraan dit definitieve verzoek moet voldoen.
In de eerstvolgende vergadering van de raad na afloop van bovengenoemde termijn van zes weken
neemt de raad een besluit over het houden van een referendum.
6. Bijlagen 1. Het advies van de referendumcommissie dd. 22 maart 2023 met als onderwerp 'Advies inleidend referendumverzoek over de Nota uitwerking parkeerregulering'.
2. De brief van de raadsvoorzitter dd. 23 maart 2023 met als onderwerp 'Toetsing van de het
inleidend verzoek en de steunbetuigingen.
Kenmerk: 2023/407238
5/6
7. raadsbesluit
De raad der gemeente Haarlem, Besluit: 1. "Na kennisneming van de bevindingen van de voorzitter van de raad en het advies van de referendumcommissie, besluit de raad de indieners van het inleidend verzoek niet in de gelegenheid te stellen tot het houden van een referendum."
De griffier
de voorzitter
Kenmerk: 2023/407238
6/6