Bijlage 2 Nota van Antwoord inspraakreacties
Tekst van het document
Nota van Antwoord inspraakreacties concept-Actieprogramma Wonen en Zorg 2025-2030 ‘Gewoon samen thuis’ Het concept-Actieprogramma Wonen en Zorg lag van 19 december 2024 tot en met 12 februari 2025 ter inzage. Via de gemeentelijke website hebben vier inwoners gereageerd. Daarnaast is er een advies ontvangen van de Participatieraad, en is een rapport ontvangen van de Vereniging Eigen Huis waarin de resultaten van hun ledenpeiling onder Haarlemse leden van 55 jaar en ouder zijn opgenomen. De conclusies van de ledenpeiling zijn opgenomen in onderstaand overzicht. Tevens is een reactie ontvangen van woningcorporatie Pré Wonen. Tot slot heeft gedurende de inspraakperiode een gesprek plaatsgevonden met het Platform Toegankelijkheid Haarlem. Alle reacties en zienswijzen zijn hieronder verzameld en van een reactie van het college van B&W voorzien. De reacties van de inwoners zijn geanonimiseerd.
Inwoner 1 Inspraakreactie Het zou fijn zijn als de gemeente rekening houdt met de leeftijd (70+) van de bewoners in de binnenstad. Mijn ervaring is, dat dat heel vaak niet het geval is.
Inwoner 2 Inspraakreactie We wonen prachtig in het Ramplaankwartier. Ondergetekende al sinds 1944. Toch wordt het niet prettiger. Er wordt veel verbouwd, veel gewerkt aan (voor ons onbereikbare) milieuvoorzieningen. Wij zouden graag meer aandacht voor de woonomgeving en woon mogelijkheden van leeftijdgenoten in onze buurt. Er lijkt ons bijv. voldoende plaats voor (woon)voorzieningen zelfs dichtbij, zeker als er grotere woningen vrijkomen. Inwoner 3 Inspraakreactie Ik heb de stukken even gescand en stuitte op het voor ons belangrijke punt aangaande het plaatsen van een pre-mantelzorgwoning in onze tuin. Gezien de beperkte vraag en ruimte is besloten om hier geen spelregels voor op te stellen. Wij merken hier graag op dat het creëren van deze mogelijkheid wellicht leidt tot meer aanvragen. Er zijn meer dan voldoende grote tuinen in de gemeente Haarlem waarbij een "woning" tussen de 75 en 100 m2 makkelijk geplaatst kan worden ten behoeve van pre-mantelzorgwoning. Deze huizenbezitters zijn vaak ook financieel in staat om een kleine woning te plaatsten voor hun ouder(s).
Antwoord Wij herkennen dat de mogelijkheden om langer zelfstandig thuis te blijven wonen in de binnenstad beperkt zijn. Wij zullen hier bij de uitvoering van het actieprogramma rekening mee houden, door hierover in gesprek te gaan met Buurts, zorgaanbieders en corporaties en waar mogelijk inzet voor de binnenstad te prioriteren. Antwoord Het is ons niet duidelijk wat u bedoelt met ‘(woon)voorzieningen dichtbij’ in relatie tot grotere woningen die vrijkomen. In de ogen van het college zijn de voorzieningen voor ouderen in het Ramplaankwartier goed, met onder andere De Blinkert, een huisarts, een fysiotherapeut, een supermarkt en een bakker.
Antwoord De Minister heeft aangegeven dat zij meer ruimte wil bieden aan vergunningsvrij bouwen op eigen erf. Het voorstel van de Minister is om – binnen uit te werken voorwaarden – toe te staan dat een (pre) mantelzorg- en/of familiewoning (voor familieleden in de eerste graad) vergunningsvrij kan worden gerealiseerd. Wanneer de conceptwetgeving in werking gaat zal het college in lijn met de wetgeving de lokale regelgeving aanpassen.
Tot onze groot verdriet wordt er over het plaatsen van een aanleunwoning op het eigen terrein al helemaal niet gesproken. "Gewoon samen thuis" als naam voor het actieprogramma is eigenlijk in ons geval een wat minder gelukkig gekozen titel. Graag de mogelijkheid meenemen om voor familie een woning neer te zetten in de achtertuin, zoals de minister meldt in haar betogen. Dat is bedoeld om de woningnood op te lossen. Ik ben vanmiddag op de informatiebijeenkomst geweest in Schalkwijk. Ik heb daar met een betrokken ambtenaar gesproken over de mogelijkheid van pre-mantelzorgwoningen. Op pagina 14 van de beleidsnota wordt e.e.a. opgemerkt over (pre)mantelzorg-woningen. Hier wordt eigenlijk met een pennenstreek over heen gelopen. Geen vraag en dus geen beleid. Gezien de titel van de nota "Gewoon samen thuis" lijkt het mij wel belangrijk om hier wel een visie en beleid over te ontwikkelen. In deze situaties is er vaak sprake van een familierelatie waardoor ouderen dus langer thuis kunnen blijven wonen eventueel met mantelzorg door de (klein)kinderen. Wellicht zijn de mogelijkheden beperkt in Haarlem en het al zeker niet over honderden pre-mantelzorgwoningen gaan maar een vooruitstrevende gemeente als Haarlem moet hun inwoners deze mogelijkheid wel bieden.
Via de gemeentelijke basis administratie is vrij makkelijk te controleren wanneer iemand een pre-mantelzorgwoning bewoont of verlaat. Tevens wordt vanuit de landelijke politiek aangegeven dat hiermee ook een (klein) deel van het woningtekort kan worden opgelost. Daarbij heb ik ook duidelijk aangegeven dat de ambtenaren e.e.a. wel op de agenda moeten zetten en bespreekbaar moeten maken. Naar mijn idee zullen de Haarlemse politici dit onderwerp niet zelf op de agenda zetten. Inwoner 4
Zie het antwoord hierboven.
Zie het antwoord hierboven.
Inspraakreactie 1.Duidelijk en goed geschreven actieprogramma Echter het programma lijkt gebaseerd te zijn op wensdenken t.a.v. te verwachten onderlinge hulp. Er zijn geen literatuur verwijzingen naar vergelijkbare ervaringen elders in het document te vinden.
Antwoord 1.In het actieprogramma wordt voortgeborduurd op het rijksbeleid, waarbij gebruik gemaakt wordt van wetenschappelijke inzichten, cq adviezen van (expert) commissies en instanties. In dit kader kan genoemd worden het advies van de commissie Toekomst Zorg Thuiswonende Ouderen (Wouter Bos) en de commissie Toekomst Beschermd Wonen (Dannenberg).
2. Ik heb zelf slechte ervaringen met het wensdenken van Le Corbusier, zoals gerealiseerd in de eerste fasen van nieuwbouw in de Bijlmermeer waarin ik heb gewoond en ook gewerkt als waarnemend huisarts: grote verhuisbewegingen; overlast door drugsgebruik; vandalisme; geluidsoverlast door de verschillende leefritmes van bewoners en het bespelen van slagwerk en andere muziekinstrumenten.
2. De gewenste ontwikkelingen die in het actieprogramma zijn opgenomen vinden plaats in de bestaande stad waarin we voort kunnen borduren op de bestaande organisaties, gemeenschappen en infrastructuur, waarbij we gebruik kunnen en zullen maken van de reeds opgedane ervaringen (bijvoorbeeld in het functioneren van de Haarlemse hofjes) en de ervaringen die we nog op zullen doen.
3. Ik mis aandacht voor het gebruik kunnen maken van zorgrobots en de eventueel daartoe benodigde infrastructuur om daarmee de toenemende discrepantie tussen zorgvraag en zorgaanbod te verminderen. Zie bijv https://www.zorgvannu.nl/blogs/robotica-in-de-zorg en https://www.hulpmiddelenwijzer.nl/hulpmiddelen/zorgrobot
3.De ontwikkeling van zorgrobots en andere innovaties zijn inderdaad van belang. We gaan er vanuit dat wanneer dit leidt tot gewenste aanpassing van de infrastructuur dit door zorgpartijen naar voren zal worden gebracht, bijvoorbeeld via het programma van eisen dat Kennemerhart ontwikkelt en up tot date houdt onder de noemer www.bouwgeenzorgwoningen.nl.
4.Naast het woord hospita kan ook het woord hospes als de mannelijke variant worden gebruikt.
4. De suggestie is terecht, in het definitieve actieprogramma wordt een aantal keer hospes gebruikt.
5. Het vermelde Integraal Zorg Akkoord heeft niet meer de steun van medisch specialisten wegens aangekondigde bezuinigingen op hun inkomens uit zorgverlening.
5. De medisch specialisten hebben zich inderdaad eind vorig jaar teruggetrokken uit het overleg, maar inmiddels zitten zij weer aan tafel.
6. Gebaseerd op mijn woon- en werkervaring in de Bijlmermeer in de
beginjaren zeventig van de vorige eeuw: Gelet op de beoogde mix van bewoners met verschillende achtergronden en leefritmes, lijkt een goede geluidsisolatie in en van woningen en activiteiten-ruimtes noodzakelijk, evenals het hufterproof maken van de algemene ruimtes in en rond de woningen. Er zou meer aandacht kunnen zijn voor de groene omgeving van de wooneenheden, met het oog op klimaatverandering en de verwachte buitentemperatuurverhoging. Het creëren van moestuin locaties kan daaraan bijdragen, evenals z.g. groene daken Dus, toekomstige bewoners betrekken bij het ontwerpen, inrichten en handhaven van de woonomgeving.
6. Corporaties en zorgorganisaties hanteren op basis van ervaringen van bewoners en gebruikers een programma van eisen bij de ontwikkeling van woningen met als doel om zo lang en plezierig mogelijk thuis te blijven wonen. Het klimaatadaptief maken van de woonomgeving en het betrekken van bewoners daarbij is volop in uitvoering, zie hiervoor bijvoorbeeld de herinrichting van de openbare ruimte in Meerwijk en de ambities in de omgevingsvisie: Omgevingsvisie Haarlem 2045.pdf.
7.Iedereen wordt door de Regering aangeraden om een noodpakket in huis te hebben. De opgesomde onderdelen betreffen echter niet alleen een mogelijke stroomuitval. Daar zijn geen kniptang, hamer en zaag voor nodig. De Regering denkt kennelijk ook aan andersoortige crisissituaties. Nieuwbouw zou dus daar rekening mee moeten houden en schuilgelegenheid en brandwerende materialen en faciliteiten moeten gebruiken, respectievelijk bieden.
7. Vooralsnog gaat het college uit van de landelijke vereisten in de bouwregelgeving, waarbij er overigens voor zorggeschikte woningen extra eisen ten aanzien van brandveiligheid zullen worden gesteld.
8. Waarom moeten er speciale ontmoetingsruimten worden gecreëerd voor de doelgroepen en kunnen bestaande voorzieningen als scholen/gymzalen en horecavoorzieningen niet worden gebruikt op overeen te komen tijdstippen.?
8. Uit diverse ervaringen uit het land (inclusief Haarlem, bijvoorbeeld bij de hofjes, bij woongroepen) komt naar voren dat voor het creeëren van een gemeenschap in een complex een gezamenlijke ontmoetingsruimte vooralsnog de beste randvoorwaarden. Dit laat onverlet dat bestaande voorzieningen een belangrijke functie (kunnen) vervullen. We zullen hier in de uitwerking ook naar kijken.
9. Waarom "mogen scootmobielen niet meer in gangen en andere niet afgesloten ruimtes gestald worden."? In de Haarlem zijn op sommige
9. Vanuit landelijke regelgeving mogen scootmobiels op veel plekken niet meer staan in verband met de veiligheid. Corporaties en gemeente
locaties kleine metalen hokjes geplaatst waarin scootmobielen veilig gestald kunnen worden en hoeven mensen kennelijk niet te verhuizen. Participatieraad Inspraakreactie De Participatieraad is zich ervan bewust dat de context waarin het programma Wonen en Zorg gerealiseerd moet worden complex is, veel raakvelden heeft met andere beleidsvelden en veel financieringsstromen kent. Daarnaast is ook de regionale samenwerking van belang. Het valt op dat aan het Actieprogramma een gedegen analyse op basis van cijfers en ramingen ten grondslag ligt. Het presenteert een duidelijke visie en beleidslijnen. Concrete acties zijn nog niet geformuleerd, maar dat is wellicht in dit stadium nog niet mogelijk. De Participatieraad blijft graag betrokken bij de ontwikkelingen op dit gebied en is benieuwd naar verdere concretisering van de beleidsplannen. Wij begrijpen en waarderen dat het advies dat de Participatieraad in maart 2024 heeft uitgebracht over de startnotitie is meegenomen in de uitwerking van het Actieprogramma. Toch willen we nogmaals een aantal aandachtspunten die we daarin naar voren brachten benadrukken. Wij vinden het positief dat voor de samenstelling van het programma met veel verschillende betrokken partijen en organisaties is gesproken.
Wij missen echter een indicatie dat het programma ook rekening houdt met visies en wensen met betrekking tot wonen en woon-zorg combinaties, die voortkomen uit verschillende sociaal-culturele achtergronden van de inwoners van Haarlem. De Participatieraad adviseert om de verschillende visies en wensen met betrekking tot wonen en zorg en woon-zorg combinaties, zoals bijvoorbeeld tradities als samenleven in grootfamilies of gedeelde zorg
zoeken naar mogelijkheden om op locaties waar dit tot problemen leidt naar optimale oplossingen te kijken. Antwoord Het college dankt de Participatieraad voor haar positieve woorden.
Het college neemt dit advies over en zal hier bij de uitwerking van huisvestingsplannen voor verschillende doelgroepen én de versterking van zorgzame wijken rekening mee houden. Overigens bestaat er al langere tijd een woongroep voor Indische ouderen en een voor Turkse ouderen, en heeft Sint Jacob onlangs in verpleeghuis Meerhoeve een afdeling geopend gericht op ouderen met een Turkse of Marokkaanse achtergrond.
voor ouderen en kleine kinderen, in de uitwerking van het programma mee te nemen. De ambities van het Actieprogramma zijn groot. De Participatieraad vraagt zich af hoe haalbaar deze zijn. In het bijzonder maken wij ons zorgen over de inspanningen die de uitvoering van het programma vragen van de zorgpartners, zoals Buurts en Zorgbalans. Wij ontvangen signalen dat de werkdruk bij deze organisaties sterk is toegenomen mede doordat vacatures niet kunnen worden vervuld en de vraag toeneemt. In hoeverre kunnen de zorgpartners deze ambities en de vragen die daaruit voortvloeien aan? Wij hebben in de analyses daarop geen antwoord kunnen vinden en vragen ons af of hierover met de zorgpartners contact is geweest. De Participatieraad adviseert om in samenspraak met de zorgpartners verder te concretiseren wat de invloed is van het programma op de zorgvraag. De Participatieraad mist in het programma aandacht voor de belasting van mantelzorgers. Deze groep is naar ons oordeel een cruciale partij om een woonzorgprogramma uitgevoerd te krijgen en naar het zich laat aanzien zal de belasting van mantelzorgers alleen nog maar toenemen. De Participatieraad adviseert bij de concretisering van het Actieprogramma aandacht te schenken aan de belasting van en de zorg voor mantelzorgers.
In ons advies over de startnotitie uitten wij reeds onze zorg over het woningaanbod voor ouderen met een middeninkomen. Zoals aangegeven stagneert de doorstroom van ouderen uit eengezinswoningen door het gebrek aan betaalbare appartementen. In het voorliggende actieprogramma missen wij dit onderwerp. De Participatieraad adviseert te sturen op een gevarieerd aanbod aan woningen dat doorstroom van ouderen van verschillende inkomensgroepen naar kleinere geschikte woningen zal stimuleren.
Voor de opstelling van het woonprogramma is intensief contact geweest met Buurts en de drie grote ouderenzorgorganisaties St. Jacob, Zorgbalans en Kennemerhart. Er is bij de zorgorganisaties inderdaad zorg over het behoud van voldoende personeel. De gewenste clustering van woningen, waarbij zorg kan worden verleend is mede ingegeven vanuit de wens om de inzet van personeel zo efficiënt mogelijk in te kunnen zetten. Voor de langere termijn moet het versterken van zorgzame wijken eveneens bijdragen aan de houdbaarheid van de zorg.
Het college neemt dit advies over en zal hier Buurts en de Klankbordgroep Mantelzorg bij betrekken. Overigens is logeerzorg (om mantelzorgers te ontlasten) de afgelopen jaren al meer laagdrempelig toegankelijk geworden en wordt (de huisvesting van) dit aanbod de komende jaren aangepast om beter aan te sluiten bij de behoefte van de doelgroep. Het Haarlemse nieuwbouwprogramma zet in op 40% in de middeldure huur en koop. In het volkshuisvestingsprogramma dat in 2025 wordt opgesteld zal nader ingegaan worden op de invulling en het behoud van deze middeldure woningen, mede gelet op de wens om aanbod voor ouderen tot stand te brengen.
Tot slot nog een opmerking bij pagina 17. In de raming voor het jaar 2040 is een verschil aangegeven tussen de groei van de behoefte en het aanbod van 35 plaatsen voor verstandelijk gehandicapten en 5 plaatsen voor lichamelijk gehandicapten. Het is voor ons niet duidelijk geworden waarom er geen gevolg of acties zijn aangegeven bij de constatering. Ledenpeiling Vereniging Eigen Huis Inkomen stuk De Vereniging Eigen Huis heeft in december aan de gemeenteraad van Haarlem de resultaten van een ledenpeiling onder haar leden van 55 jaar en ouder gestuurd over het wonen voor ouderen in Haarlem (zie bijlage). Deze ledenpeiling staat los van het concept-actieprogramma maar geeft wel een indruk hoe Haarlemse ouderen die in een koopwoning wonen het wonen voor ouderen in de stad ervaren. Er zijn ruim 300 enquêtes teruggestuurd, er zijn vragen op 7 thema’s gesteld. In het algemeen is er tevredenheid over het wonen in Haarlem (7,5), de voorzieningen (7,9), het actief stimuleren van het gevoel van sociale verbondenheid (6,2) mobiliteit (6,4), men is wat minder tevreden over de kwaliteit van zorg en ondersteuning aan huis (5,7), ontevreden over de mate waarin men betrokken wordt bij de veranderingen in de woonomgeving (5,4) en over de beschikbaarheid van woningen voor ouderen (4,3).
Platform Toegankelijkheid Haarlem Inspraakreactie
Uit overleg met zorgaanbieders is gebleken dat er feitelijk geen tekort is, aangezien naar verhouding meer inwoners uit onze regio buiten onze regio zorg met verblijf krijgen. Het actieprogramma is hierop aangepast.
Antwoord Op basis van deze cijfers concludeert het college dat in de uitwerking richting de zorgzame wijk, het toevoegen van aanvullend woonaanbod met zorg en de informatievoorziening over woningaanbod bij zal dragen aan de aandachtspunten die uit de ledenpeiling naar voren komen. Daarnaast zal het college in de uitwerking ook nadrukkelijk met bewoners in gesprek gaan.
Antwoord
•
•
•
•
•
Canadees parkeren, prullenbakken, spullen op de stoep. Daar gebeurt volgens de ambassadeurs niets mee, het vormt wel een enorme belemmering. Net als ander straat meubilair, zoals geveltuintjes, boomspiegels, bloembakken, bakfietsen, extra fietsen. Hier maken mensen zich zorgen over, hoe moeten mensen met een fysieke beperking hier mee om gaan? Het vormt een belemmering. Handhaving wordt hier belangrijk gevonden. Techniek kan helpend zijn om dit te versterken. Er wordt opgeroepen om inhoudsdeskundigheid mee te nemen in de openbare ruimte ontwikkeling, in combinatie met ervaringsdeskundigen. Dit is de zogenaamde ‘gouden driehoek’. Als voorbeeld wordt een ontwikkeling op Schiphol genoemd, daar speelt een dilemma tussen antiterrorisme palen en het aanleggen van brede blinde geleide lijnen. Kennis tussen inhoud en ervaring moet samen komen om zo’n dilemma goed aan te kunnen pakken met de juiste afweging. Er wordt opgeroepen om meer te doen aan bewustwording op het gebied van fysieke toegankelijkheid. Er gebeurd op dat punt te weinig. Er wordt ook opgeroepen meer aandacht te hebben voor de verbindingen in het Openbaar Vervoer. Dit is erg belangrijk voor mensen met een fysieke beperking, met name ook omdat er wordt aangegeven dat het WMO vervoer erg duur is geworden.
Niet iedereen kan daar zomaar gebruik van maken, juist om dat vooral mensen met een beperking in het sociaal minimum leven. Inwoners zijn op dit moment niet gewend om anderen te helpen. Het is een erg individualistische samenleving, dat is lastig om aan te pakken. Advies is vooral ook op de oudere doelgroep te richten; de jonge gezinnen hebben het gewoon
Toegankelijkheid is een specifiek punt van aandacht in het onderdeel Zorgzame Wijken van het Actieprogramma. De zorgzame wijk moeten uitnodigen tot ontmoeten, bewegen, en meer naar elkaar omkijken. Toegankelijkheid in de openbare ruimte en gebouwen is daar een essentieel onderdeel van en wordt stadsbreed aangepakt. Hierbij worden richtlijnen toegepast voor de inrichting van de openbare ruimte om toegankelijkheid, bewegen en ontmoeten te bevorderen. In de komende periode wordt gekeken of deze richtlijnen moeten worden aangepast. Om een toegankelijke stad te bereiken werken we als gemeente samen met ervaringsdeskundigen/adviseurs van Toegankelijk Haarlem en Stichting Drempelloos. Hierbij gaan we uit van het VN-principe “niets over ons, zonder ons”. Elke maand vindt er een overleg tussen de gemeente Haarlem en de ambassadeurs van Toegankelijk Haarlem plaats. Daarnaast zijn de ambassadeurs van Toegankelijk Haarlem en Stichting Drempelloos als stakeholder betrokken bij verschillende herinrichtingsprojecten of ontwikkelzones. Vanuit het beleidsveld diversiteit en inclusie wordt gewerkt aan voorlichting en bewustwording om discriminatie aan te pakken en te voorkomen. Toegankelijkheid is hierin een speerpunt. De komende periode zijn er financiële middelen beschikbaar om specifiek op het gebied van toegankelijkheid bewustwording en voorlichting te versterken.
Waar het gaat om het sociale component van de zorgzame wijk onderschrijft de gemeente wat door de toegankelijkheidsambassadeurs wordt gezegd. In dit kader gaat gestart worden met een pilot ‘zorgzame
•
•
•
veel te druk om voor ouderen te zorgen, of zoeken het niet op. Hoewel ook wordt aangegeven dat het om kleine dingen gaat waar jongeren wel aan mee doen; ik ga op vakantie, kun je op het huis passen? Soms ontstaan spontaan gemeenschappelijke initiatieven, gemeente moet dit vooral ondersteunen. Hierin wordt aangegeven meer aandacht te geven aan Burendag, of NL Doet. Ontmoetingsplekken regelen is heel belangrijk, al moet er wel iemand zijn die het aanjaagt. Mensen hebben geen idee van de sociaal makelaars bij Buurts, wat ze doen of wat er vanuit hun georganiseerd wordt. Gemengd wonen is heel positief. Waarom wordt dit niet in het regulier segment ook toegepast, intergenerationeel wonen.
Pré Wonen Reactie op concept-rapport Onder paragraaf 2.2. wordt een opmerking gemaakt over mogelijke concurrentiepositie tussen aandachtsgroepen. Pré Wonen vraagt aandacht voor de sturing op de evenwichtige verdeling tussen aandachtsgroepen, zorgorganisaties en tussen corporaties. Onder paragraaf 4.5 (vastgoedstrategie) is opgenomen dat woningcorporaties aanspreekbaar zijn voor alle woonvormen in de sociale huur waarbij sprake is van scheiding van wonen en zorg. Pré
wijken’ in de Boerhaavewijk, om de sociale gemeenschappelijkheid in de wijk te versterken.
Gemengd wonen zoals opgenomen in het actieprogramma richt zich op kwetsbare groepen die op de sociale huur zijn gericht. Intergenerationeel wonen is een woonvorm waarbij de gemeenschapsvorming een belangrijke plek inneemt, het college staat hier positief tegenover, maar het initiatief hiervoor ligt met name bij ontwikkelende partijen.
Antwoord In paragraaf 4.6. wordt ingegaan op het proces van ‘’matching’’ waarin wordt beschreven welke stappen hierin (met corporaties en zorgorganisaties) gezet kunnen worden. Het college verwacht dat hierbinnen er transparante en evenwichtige afweging voorbereid kunnen worden. In het actieprogramma is de opgave voor de woonvormen voor mensen met een zorgbehoefte opgenomen, waarvan een deel een groot deel geen extra investeringen of de investeringen zullen door subsidies
Wonen geeft aan dat er sprake is van schaarste in alle doelgroepen en dat zij niet de volledige opgave kunnen realiseren.
kunnen worden gedekt. Er zijn hiertoe ook landelijke prestatieafspraken gemaakt. In 2026 zullen er (op basis van het volkshuisvestingsprogramma) nieuwe lokale prestatieafspraken worden gemaakt waarin de Haarlemse opgave in relatie tot andere doelgroepen, investeringen en inzet van andere corporaties plaats zal vinden. Tot die tijd zal op basis van de huidige prestatieafspraken en samenwerking via de stadsdeal ouderenhuisvesting met Pré zoveel mogelijk aan de opgave worden gewerkt.