Bijlage 1 Samenvatting Warmteprogramma 2026-2030
Tekst van het document
Warmteprogramma 2026-2030 Samenvatting
17 november 2025
Inleiding Haarlem wil een duurzame, sociale en toekomstbestendige stad zijn. We werken daarom samen met bedrijven, bewoners en partners aan de beste oplossingen om in 2040 onze huizen en gebouwen zonder aardgas te verwarmen. De transitie naar een aardgasvrij Haarlem biedt een gezonder en betaalbaarder woonmilieu en draagt bij aan een beter klimaat. Een aardgasvrij Haarlem is ook een bouwsteen voor een weerbaarder en onafhankelijker Nederland. Haarlem ligt tot nu toe op koers om de doelen voor CO2-reductie te halen. Om het tempo vast te houden is de komende jaren veel nodig. In onze stad zelf, maar ook stabiel rijksbeleid, nieuwe wetgeving, toegang tot financiering en technische mogelijkheden. Het Warmteprogramma geeft duidelijkheid voor de komende vijf jaar. Het beschrijft in welke buurten de eerste stappen worden gezet, welke mogelijkheden er zijn voor duurzame warmte en hoe bewoners hierbij worden ondersteund. Haarlem doet dit samen met woningcorporaties, warmtebedrijven, buurtinitiatieven en partners zoals Liander. Dit programma is een eerste stap. De komende 5 jaar gaan we Wijkwarmteplannen met bewoners en ondernemers uitwerken voor een aantal buurten. Op haarlem.nl/warmteprogramma staat steeds de meest actuele informatie.
Wat betekent dit voor Haarlemmers? De overstap naar duurzame warmte gebeurt buurt voor buurt. Zo blijft de aanpak haalbaar en overzichtelijk. Er zijn verschillende technieken mogelijk: •
Warmtenet – een netwerk van leidingen onder de grond dat warm water van een centrale bron naar woningen brengt. In de woning komt een afleverset in b.v. de meterkast.
•
Individuele en kleinschalige collectieve warmtevoorzieningen – een woning die volledig elektrisch wordt verwarmd met een warmtepomp, eventueel in combinatie met warmte uit de bodem. Dat kan individueel of met nabijgelegen gebouwen samen.
In Haarlem wordt één warmtebedrijf verantwoordelijk voor aanleg en beheer van warmtenetten: Warmtebedrijf Haarlem. Dit bedrijf is voor de helft eigendom van de gemeente en voor de helft van Firan (onderdeel van Alliander). Omdat de gemeente mede-eigenaar is, kan zij sturen op betaalbaarheid, samenwerking met de stad en zorgvuldige uitvoering. Daarnaast werkt in de Waarderpolder het warmtebedrijf Polderwarmte samen met de bedrijven in het gebied aan de aanleg van een eigen warmtenet. Iedereen in Haarlem krijgt ruim van tevoren te horen welke oplossing in de eigen buurt het meest kansrijk is, wanneer de overstap wordt voorbereid en wat de keuzenmogelijkheden zijn. Voor iedere woning en onderneming is een oplossing en een route. De gemeente zet zich in voor betaalbaarheid van de overstap, advies en samenwerking in de buurt.
De route naar een aardgasvrije woning De overstap naar duurzame warmte gaat stap voor stap. Als een buurt aan de beurt is, krijgen bewoners ruim de tijd om zich voor te bereiden. 1. Energie besparen iedereen kan nu al starten met kleine maatregelen in huis, zoals tochtstrips of zuinige verlichting, en grotere stappen zoals isolatie van dak, vloer of gevel. Dit maakt de woning comfortabeler en verlaagt de energierekening. De gemeente en buurtinitiatieven kunnen helpen met advies en gezamenlijke inkoop. 2. Wijkwarmteplan maken De gemeente maakt samen met bewoners, woningcorporaties en bedrijven een Wijkwarmteplan (zie onderstaande illustratie over het proces van totstandkoming van zo’n uitvoeringsplan). Hierin staat welke techniek het meest geschikt is voor de buurt (een warmtenet of een volledig elektrische voorziening), welke keuzemogelijkheden er zijn, hoe de planning eruitziet en welke ondersteuning bewoners krijgen. Voor het maken van een Wijkwarmteplan neemt de gemeente circa 2 jaar de tijd. De tijd die nodig is voor de overstap is maatwerk en onderdeel van het Wijkwarmteplan. 3. Voorbereiden op de overstap Na het Wijkwarmteplan volgt een periode waarin bewoners stap voor stap hun woning klaarmaken. Denk aan extra isolatie of het aanpassen van de verwarmingsinstallatie.
Bewoners en ondernemers in warmtenetgebieden krijgen in deze periode een concrete aanbieding van het Warmtebedrijf Haarlem en kiezen of ze een warmtenetaansluiting willen. Mogelijkheden voor tijdelijke en tweedehands CV-ketels worden onderzocht. Het blijft ook mogelijk om te kiezen voor een eigen warmtevoorziening, zoals een warmtepomp. 4. Aansluiting op duurzame warmte Daarna wordt de woning aangesloten op een warmtenet of installeren bewoners een warmtepomp. Dat gaat zorgvuldig en in overleg, zodat bewoners voldoende tijd hebben om mee te doen en er duidelijkheid is over de kosten en de ondersteuning.
Samen werken aan de overstap De overstap naar duurzame warmte vraagt samenwerking van veel partijen. Iedereen heeft daarin een eigen rol. •
Gemeente maakt plannen, geeft informatie en biedt (financiële) ondersteuning.
•
Bewoners nemen maatregelen in hun woning en denken mee in de buurt.
•
Bedrijven nemen maatregelen in hun pand.
•
Woningcorporaties en particuliere verhuurders verduurzamen huurwoningen.
•
Warmtebedrijf Haarlem legt waar mogelijk warmtenetten aan en beheert deze. Polderwarmte legt een warmtenet in de Waarderpolder aan.
•
Firan (onderdeel van Alliander) is mede-eigenaar van het Warmtebedrijf en brengt kennis en ervaring in.
•
Netbeheerder Liander (onderdeel van Alliander) en Tennet zorgen dat het elektriciteitsnet sterk genoeg is om de overstap mogelijk te maken.
•
Buurtinitiatieven helpen bewoners bij het verduurzamen van hun woning. Ze organiseren informatiebijeenkomsten, geven onafhankelijk advies en brengen buren bij elkaar om samen stappen te zetten. Zo zorgen ze voor draagvlak en praktische hulp in de buurt.
Welke oplossing in welke buurt? Niet elke buurt krijgt dezelfde oplossing. De keuze hangt af van woningtypes, ligging, beschikbare warmtebronnen en de capaciteit van het elektriciteitsnet. •
Warmtenetten zijn bijzonder geschikt voor buurten waar woningen dicht bij elkaar staan of nabij warmtebronnen liggen. Ze bieden een duurzame oplossing in wijken met compacte woningen of kleine tuinen, waar isolatie uitdagend is en waar betaalbare warmtevoorziening belangrijk is voor bewoners.
•
Individuele en kleinschalige collectieve warmtevoorzieningen, zoals warmtepompen passen in buurten waar woningen goed te isoleren zijn en waar het elektriciteitsnet dit aankan.
•
Zeer-lage-temperatuur warmtenetten zijn vooral interessant voor nieuwbouwzones en kunnen, naast warmte, ook koeling leveren.
*Deze keuzes zijn gebaseerd op onderzoek. Ze geven richting, maar kunnen in de toekomst worden aangepast als er nieuwe technieken beschikbaar komen of omstandigheden veranderen.
Toelichting bij de kaart Individuele of kleinschalige voorzieningen In deze buurten kiezen gebouweigenaren voor een individuele voorziening, zoals een luchtwarmtepomp of bodemwarmtepomp. Soms doen zij dit samen in een klein collectief, bijvoorbeeld een groep buren of een appartementencomplex dat één gezamenlijke installatie gebruikt. Dit kan ook een kleinschalig warmtenet zijn. •
Het elektriciteitsnet wordt hier extra versterkt.
•
Woningen moeten voldoende geïsoleerd worden om met een warmtepomp te verwarmen. Hiervoor kunnen bewoners gebruikmaken van advies en beschikbare subsidies.
•
Een publiek warmtenet komt hier niet, omdat individuele en kleinschalige technieken mogelijk zijn en passen en/of voordeliger zijn.
Midden-temperatuur-warmtenet In deze buurten zet de gemeente in op een midden-temperatuur warmtenet (circa 70°C). Dit is geschikt voor buurten met veel woningen dicht op elkaar, veel huurwoningen van woningcorporaties, en veel gebouwen die minder goed te isoleren zijn (zoals monumenten). •
Warmte komt uit bronnen als aquathermie, restwarmte, geothermie en grote warmtepompen.
Warmte uit aquathermie – warmte uit oppervlaktewater, zoals grachten, meren of het Spaarne. Het water bevat energie die met warmtewisselaars wordt opgehaald en via warmtepompen wordt opgewaardeerd tot bruikbare warmte voor woningen.
•
Woningen krijgen een afleverset in huis, een klein kastje dat warmte van het net omzet naar verwarming en warm water.
Restwarmte – warmte die vrijkomt bij bedrijven, bijvoorbeeld datacenters in de Waarderpolder of Polanenpark. Deze warmte kan hergebruikt worden in een warmtenet in plaats van verloren te gaan.
•
Aansluiten is niet verplicht. Gebouweigenaren mogen ook kiezen voor een eigen fossielvrije voorziening, zoals een warmtepomp.
Geothermie (aardwarmte) – warmte uit diepe lagen in de ondergrond. Dit kan veel warmte leveren, maar er loopt nog onderzoek naar de haalbaarheid. Voor Haarlem is dit vooral een optie voor de langere termijn. Grote warmtepompen – installaties die warmte uit lucht, water of de bodem op grote schaal omzetten naar warmte voor een warmtenet.
Ontwikkelzones (zeer-lage-temperatuur warmtenetten) Dit zijn gebieden waar herontwikkeling of nieuwbouw plaatsvindt. Hier kan de gemeente integraal plannen maken voor een nieuw warmtesysteem. •
Collectieve zeer-lage-temperatuur (ZLT) warmtenetten worden toegepast.
•
Dit zorgt voor minder belasting van het elektriciteitsnet en een goede verdeling van de beschikbare warmte in de bodem.
•
Voor bestaande woningen kan het interessant zijn om mee te doen.
Gebied in onderzoek (Oude Stad) Voor het complexe centrumgebied onderzoekt de gemeente nog welke warmtetechnieken het beste passen. •
Hierbij wordt gekeken naar de kenmerken van gebouwen, beschikbare ruimte boven en onder de grond en de mogelijkheden in woningen zelf.
•
Groen gas valt hier af als optie, omdat dit de komende jaren te beperkt beschikbaar is en te duur wordt voor huishoudens.
•
In het volgende warmteprogramma (na 2030) volgt een voorgenomen keuze voor de warmtevoorziening in dit gebied. Isoleren is nu al een logische stap voor bewoners en ondernemers.
Buurten die starten met het maken van een Wijkwarmteplan in 2026–2030 Deze buurten zijn gekozen omdat de overstap hier het meest kansrijk is, bijvoorbeeld door geplande renovaties, geplande werkzaamheden aan de openbare ruimte, beschikbare warmtebronnen of omdat bewoners al aan de slag zijn. In de donker gele en donker blauwe buurten op de volgende kaart gaat de gemeente de komende 5 jaar met de buurt en samenwerkingspartners een Wijkwarmteplan maken. Daarna is nog jaren de tijd om stap-voorstap-de overstap te maken.
*Deze programmering is gebaseerd op planningen van grote projecten van de gemeente in de openbare ruimte(zoals rioolvervangingen) en het tempo van Liander.
Buurt (wijk)
Techniek (voornemen)
Archimedesbuurt & Erasmusbuurt (Meerwijk)
Warmtenet
Wanneer starten met Wijkwarmteplan maken? Over: 0–3 jaar
Geleerdenbuurt, Geneesherenbuurt, Professorenbuurt (Boerhaavewijk)
Warmtenet
0–3 jaar
Rozenprieel Noord & Zuid (Haarlemmerhoutkwartier)
Warmtenet
0–3 jaar
Ramplaankwartier (Duinwijk)
Individuele of kleinschalige warmtevoorzieningen Warmtenet
0–3 jaar
Warmtenet
0–3 jaar
Ellertsveld, Hondsbos-Dever, De Burgen, Saeftinge-Nemelaar, Waddenbuurt (Molenwijk)
Warmtenet (m.u.v. delen na 1995)
0–3 jaar
De Krim (Te Zaanenkwartier)
Individuele of kleinschalige warmtevoorzieningen Individuele of kleinschalige warmtevoorzieningen Individuele of kleinschalige warmtevoorzieningen Individuele of kleinschalige warmtevoorzieningen Individuele of kleinschalige warmtevoorzieningen Warmtenet
0–3 jaar
Warmtenet (m.u.v. delen na 1995) Warmtenet
3–5 jaar
Waarderpolder (Waarder- en Veerpolder) Zuiderpolder Noord & Zuid (Parkwijk)
Schoterveenpolder (Ter Kleefkwartier) Kweektuinbuurt (Ter Kleefkwartier) Bloemenbuurt (Duinwijk) Veldzigt (Duinwijk) Nelson Mandelabuurt & De Goede Hoop (Transvaalwijk) Nieuw-Guineabuurt (Indische wijk) Koninginnebuurt (Haarlemmerhoutkwartier)
0–3 jaar
0–3 jaar 0–3 jaar 0–3 jaar 0–3 jaar 3–5 jaar
3–5 jaar
Zeeheldenbuurt (Houtvaartkwartier) Natuurkundigenbuurt-West (Houtvaartkwartier) Oosterduin (Duinwijk) Burgemeesterskwartier (Te Zaanenkwartier)
Individuele of kleinschalige warmtevoorzieningen Individuele of kleinschalige warmtevoorzieningen Individuele of kleinschalige warmtevoorzieningen Individuele of kleinschalige warmtevoorzieningen
3–5 jaar 3–5 jaar 3–5 jaar 3–5 jaar
Doorkijk naar het volgende warmteprogramma Dit Warmteprogramma loopt tot en met 2030. Daarna volgt een nieuw programma waarin de voortgang wordt gedeeld en nieuwe keuzes worden gemaakt. Op dit moment is het de verwachting dat de volgende buurten in het volgende Warmteprogramma (2030-2035) aan de beurt zijn voor het maken van een Wijkwarmteplan: •
Europawijk: Stedenbuurt-Oost & West, Kruidenbuurt, Landenbuurt
•
Oost: Potgieterbuurt, Cremerbuurt, Van Zeggelenbuurt, Kruistochtbuurt
•
Zijlwegkwartier: Leidsebuurt-Oost & West, Hasselaersbuurt
•
Meerwijk: Nobelprijsbuurt
•
Overige buurten: Geschiedschrijversbuurt, Van Schendelbuurt, Schoolenaer, Van Galenbuurt, Soendabuurt, Architectenbuurt, Kunstschildersbuurt, Oud Spaarndam, Schotervlieland, Sinnevelt, Sterrenbuurt, Bomenbuurt-Oost, Bomenbuurt-West, Kleverpark-Zuid, Kleverpark-Noord, Ripperdabuurt, Frans Halsbuurt, Patrimoniumbuurt, Van der Aart sportpark
Is jouw buurt voorlopig nog niet aan de beurt? Op www.haarlem.nl/duurzaam lees je wat je nu al in huis kunt doen, zoals isoleren en energie besparen.