CConstaterende datHaarlem
Koppel je AI →
Document · PDF

7 Bijlage C2 Veiligheidsplan

commissie Bestuur 4 december 2025, gemeente HaarlemBij agendapunt: Goedkeuren bestuursovereenkomst COA en gemeente Haarlem Meesterlottelaan 301 (JW)7.291 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Niet gevonden in dit document.

2025

Veiligheidsplan Opvang Asielzoekers OPVANGLOCATIE MEESTERLOTTELAAN 301 EN DREEF 48

Inhoudsopgave 1.

Algemeen ....................................................................................................................................2 1.1 Aanleiding ..................................................................................................................................2 1.2 Uitgangspunten ..........................................................................................................................3 1.3 Doelstellingen ............................................................................................................................3

2.

Organisatie en veiligheid ...............................................................................................................5 2.1 Organisatie ................................................................................................................................5 2.2 Geografie en verkeersbewegingen ...............................................................................................6 2.3 Het terrein van de opvang in Haarlem ..........................................................................................6 2.4 Calamiteiten ..............................................................................................................................7 2.5 Beveiligingsinzet .........................................................................................................................8 2.6 Algemene veiligheid bewoners ....................................................................................................9

3 Aanpak van veiligheid ...................................................................................................................... 10 3.1 Lijn naar bevoegd gezag ............................................................................................................ 10 3.2 Dagelijkse aansturing en bewaking veiligheidsaspecten .............................................................. 10 3.4 Betrokkenheid met omgeving .................................................................................................... 11 3.5 Werkopdracht bij ingebruikname opvanglocatie ......................................................................... 11 3.6 Reguliere overlegstructuur ........................................................................................................ 11 3.7 Samenwerkingsafspraken ......................................................................................................... 11 4.

Uitwerking scenario’s opvang Haarlem ........................................................................................ 12 4.1 Scenario’s ................................................................................................................................ 12 4.2 Sociale veiligheid ...................................................................................................................... 13 4.3 Fysiek ...................................................................................................................................... 18

5. Verantwoordelijkheid ..................................................................................................................... 22

Pagina 1 van 22

1. Algemeen Voor u ligt het veiligheidsplan voor de opvanglocatie aan de Meesterlottelaan 301 en Dreef 48 in Haarlem. In dit plan is de waarborging van de veiligheidsaspecten beschreven in en rond deze locatie voor het opvangen van asielzoekers te Haarlem. Dit is een initiatief vanuit de Gemeente Haarlem in samenwerking met het Centraal Opvang Asielzoekers [COA] en de Politie. Het COA is verantwoordelijk voor de interne veiligheid in de opvanglocatie; de interne veiligheid wordt niet behandeld binnen dit veiligheidsplan. Buiten de kadastrale grenzen van het perceel heeft de Gemeente Haarlem een handhavende rol in gezamenlijkheid met de politie. Dit veiligheidsplan is een middel om de externe veiligheid en daarbij horende protocollen vast te stellen.

1.1 aanleiding Vanwege het nijpende tekort aan geschikte opvanglocaties in Nederland, is het noodzakelijk om met urgentie extra opvangcapaciteit te realiseren. Het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COA) speelt hierin een centrale rol door landelijk tijdelijke opvanglocaties te identificeren en operationeel te maken. In de plannen van de gemeenten in Kennemerland, wordt er uitgegaan van 3.347 opvangplekken. Het aandeel van de gemeente Haarlem, conform de Spreidingswet bedraagt 963 plekken. In dit kader heeft de Gemeente Haarlem, in samenwerking met het COA, de panden aan de Meesterlottelaan 301 en Dreef 48 geselecteerd als geschikte locatie voor de opvang van maximaal 310 asielzoekers. Na een politieke afweging en keuze is in april 2023 door de gemeenteraad groen licht gegeven voor het verder uitwerken van plannen tot realisatie van een opvanglocatie door het COA. In het afwegingskader is de locatie Meesterlottelaan 301 en Dreef 48 als één van de meest succesvolle locaties naar voren gekomen voor het realiseren van een AZC. In deze afweging worden facetten meegenomen als sport, onderwijs, zorg en de spreiding over de stad en opvang in sterke wijken. Van de van oorsprong twee kantoorgebouwen wordt de Meesterlottelaan 301 al geruime tijd gebruikt als opvanglocatie voor ontheemden uit Oekraïne.

Het gebouw aan de Dreef 48 werd gebruikt voor meerdere kleine bedrijfsactiviteiten en kantoren. Door middel van een omgevingsvergunning per gebouw worden de gebouwen herbestemd naar opvangplek voor asielzoekers. Het COA is eigenaar van de panden en draagt zorg voor het aanvragen van de omgevingsvergunning. Als eigenaar beheert en zorgt het COA voor de opvang en begeleiding van asielzoekers op locatie. In totaal gaat het om maximaal 310 asielzoekers die op deze locatie huisvesting gaan krijgen. Naast woonruimte is er een parkeergarage met 65 parkeerplaatsen waar met name de begeleiding, beveiliging en het COA kunnen parkeren. Gezien de omvang van het project, is het gepast om een uitgebreid veiligheidsplan op te stellen. Dit plan richt zich niet alleen op de veiligheid en het welzijn van de bewoners en het personeel van de tijdelijke opvang, maar ook op het bieden van vertrouwen aan de omwonenden. Het doel van het veiligheidsplan is om ervoor te zorgen dat iedereen – zowel binnen als buiten de opvang – zich voldoende veilig voelt.

Pagina 2 van 22

1.2 uitgangspunten De onderstaande uitgangspunten zijn vastgesteld om de opvang van asielzoekers op deze locatie in goede banen te leiden en de veiligheid van bewoners en omwonenden te waarborgen: 1. Capaciteit en doelgroepen: De opvanglocatie biedt plaats aan maximaal 310 asielzoekers verdeeld over de Meesterlottelaan 301 en Dreef 48. Het opvangen van alleenstaande minderjarige vluchtelingen (AMV) op deze locatie is uitgesloten. 2. Beveiliging en beheer: Het COA zorgt voor permanente beveiliging op het terrein, voldoende begeleiding voor de bewoners, en de aanwezigheid van een locatiemanager of diens vervanger. Buiten kantooruren is de locatiemanager of diens vervanger telefonisch bereikbaar voor eventuele calamiteiten. 3. Toegankelijkheid De opvanglocatie is niet vrij toegankelijk voor publiek. Bezoekers dienen zich te melden bij de receptie in het pand waarbij het bezoekersreglement van kracht is. Bewoners van de locatie hebben wel vrije toegang, bij de beveiliging is bekend welke personen dit betreft. 4. Menswaardige opvang: De opvangcapaciteit en faciliteiten voldoen aan de vereisten voor humane opvang. Dit omvat passende huisvesting en ondersteuning gericht op integratie, zoals taallessen en begeleiding bij scholing en werk. 5. Houding en gedrag Het COA zorgt dat er in de opvangperiode van de asielzoekers aandacht wordt besteed aan houding en gedrag.

Mochten er toch klachten voorkomen over bewoners van de opvanglocatie wordt dit per situatie onderzocht en opgenomen met de overlastgevers. 6. Huisregels De locatie heeft specifieke, door het COA opgestelde, huisregels waar iedere bewoner zich aan dient te houden. Deze huisregels moeten worden nageleefd. Het COA ziet hier op toe. Mochten deze huisregels overtreden worden kan het COA de persoon in kwestie sancties opleggen. 7. Afstemming met lokale partners: Het veiligheidsplan is opgesteld in nauwe samenwerking tussen het COA, de gemeente Haarlem en de Politie. Dit bevordert een heldere taakverdeling en zorgt ervoor dat alle betrokkenen weten wat zij van elkaar kunnen verwachten. 8. Effecten op de omgeving: De opvanglocatie is zo ingericht dat eventuele effecten op de fysieke leefomgeving, zoals verkeersbewegingen en geluid worden geminimaliseerd. Regelmatige monitoring maakt het mogelijk om indien nodig (kleine) aanpassingen te doen.

1.3 Doelstellingen Het veiligheidsplan voor de opvanglocaties aan de Meesterlottelaan 301 en Dreef 48 in Haarlem heeft als doel de veiligheid van zowel de bewoners als omwonenden te waarborgen. Hierbij wordt ingezet op een gecoördineerde en efficiënte aanpak in geval van incidenten en calamiteiten, in nauwe samenwerking met hulpdiensten en andere betrokken partijen. Om dit doel te bereiken, zijn de volgende speerpunten vastgesteld: • •

Het inspelen op incidenten binnen en buiten het perceel van de opvanglocatie; Het door het COA en Gemeente Haarlem monitoren van de effecten van de opvanglocaties op de directe omgeving en het nemen van passende maatregelen waar nodig; Pagina 3 van 22

• •

Het uitwerken van multidisciplinaire scenario’s om voorbereid te zijn op uiteenlopende scenario’s door het COA, Politie en Gemeente Haarlem; Het benoemen van verantwoordelijkheden en werkwijzen van het COA en haar beveiligingspartner, afgestemd met hulpdiensten en andere lokale partijen;

Een veiligheidsplan is op zichzelf geen garantie voor volledige veiligheid; deze kan nergens in de gemeente 100% worden gegarandeerd. Wat minstens zo belangrijk is, is dat in de praktijk de juiste maatregelen worden genomen wanneer een situatie daarom vraagt. Dit veiligheidsplan dient dan ook als uitgangspunt om een gestructureerde aanpak mogelijk te maken en praktische acties te ondersteunen. Het plan geeft helder inzicht in de verantwoordelijkheden van het COA, Gemeente Haarlem en Politie. Dit maakt het mogelijk dat hulpdiensten hierop kunnen anticiperen en aangeven wat er van hen wordt verwacht. Tegelijkertijd helpt het plan om eventuele knelpunten of lacunes vroegtijdig te identificeren en aan te pakken.

Pagina 4 van 22

2. Organisatie en veiligheid Dit hoofdstuk beschrijft de organisatie rondom de opvanglocaties in Haarlem en de maatregelen die worden getroffen om de veiligheid van bewoners, medewerkers en omwonenden te waarborgen. Daarbij wordt ingegaan op verantwoordelijkheden, protocollen en samenwerking met partners.

2.1 Organisatie Objectgegevens Objectgegevens Adres

Meesterlottelaan 301 en Dreef 48

Postadres bewoners

Meesterlottelaan 301, 2012JJ, Haarlem

Capaciteit opvang

310 asielzoekers

Betrokkenen Partners/ bestuurlijk betrokkenen

Aanspreekpunt

Eigenaar

COA

PM

Gemeente

Gemeente Haarlem

PM

COA

COA

PM

Onderhoud

PM

PM

Politie

Politie

0900-8844

Brandweer

Brandweer

0900-0904

Ambulance

Ambulance

112

Nood

Politie

112

Beveiliging

Trigion

PM

Huismeester

PM

PM

Handhaving

Meldcentrale

n.v.t.

Pagina 5 van 22

2.2 Geografie en verkeersbewegingen De opvanglocatie bevindt zich in het zuidwesten van Haarlem, in het Haarlemmerhoutkwartier. Deze wijk biedt toegang tot diverse voorzieningen zoals sportgelegenheden, een park, onderwijs en zorg. Op slechts 750 meter afstand begint het centrumgebied, met winkels, supermarkten en culturele instellingen. De locatie is goed bereikbaar via de Dreef en Meesterlottelaan, en ligt op loopafstand van meerdere bushaltes met verbindingen naar onder andere Haarlem Station, Leiden Centraal en Amsterdam. Het perceel heeft een oppervlakte van 6.070 m² het gebouw aan de Meesterlottelaan 301 en Dreef 48. Dankzij de nabijgelegen fietspaden is de locatie ook uitstekend verbonden met andere delen van de stad.

Opvang Locatie

Ligging van de opvanglocatie

2.3 Het terrein van de opvang in Haarlem De inrichting en begrenzing van het terrein zoals in onderstaande afbeelding wordt verzorgd en uitgevoerd door het COA. Het zal bestaan uit een (afgesloten) terrein met een duidelijk entree en uitgang waar bezoekers zich aan- en af moeten melden. De entree van het pand aan de Meesterlottelaan 301 bevindt zich aan de voorzijde van het pand. Op het buitenterrein worden recreatiemogelijkheden voorzien zodat de bewoners zo veel mogelijk op eigen terrein blijven. De omheining is de grens tussen het openbaar gebied en eigen terrein. Op eigen terrein is het COA en beveiliging verantwoordelijk voor de veiligheid en beheer. Op het terrein van de opvang komt voldoende licht voor in de avonden waarbij verlichting op strategische plekken wordt geplaatst.

Pagina 6 van 22

Terrein van de opvanglocatie

2.4 Calamiteiten Bij technische calamiteiten is het COA als eigenaar verantwoordelijk voor het spoedige herstel van de klacht. De overige calamiteiten bestaan uit BHV, ontruimingsplannen en ontruimingsoefeningen. Bij levensbedreigende situaties dient er altijd 112 gebeld te worden. Bij niet levensbedreigende situaties dient de bewoner zich te melden bij de COA of beveiliging. BHV Het COA draagt 24/7 zorg voor de BHV organisatie in de opvanglocatie. Deze bestaat uit een ploegleider BHV, BHV getrainde medewerkers en BHV getrainde beveiligers. Zij treden op bij calamiteiten.

Ontruimingsplannen BHV beleid schrijft 2 ontruimingsoefeningen voor per jaar (plus 2 andersoortige oefeningen: communicatieoefening of levensreddend handelen). Verzamelplaats borden op opvanglocaties bestaan uit een bord met pictogram ‘Verzamelplaats’. Ontruimingsoefeningen Eens in het halfjaar wordt in samenwerking met het COA, de brandweer en locatiemanager een ontruimingsoefening georganiseerd. Hiervan wordt verslag gemaakt en gedeeld tussen partijen. Waar nodig wordt met de nabij liggende VVE gecommuniceerd. De verzamelplaats voor bewoners is voorzien van een 2-talig bord. Alarm Bewoners van de opvanglocaties in Haarlem dienen goed geïnformeerd te zijn over hoe te handelen bij een overheidsalarm (zoals een sirene of Burgernet Alert) en bij een ontruimingsalarm binnen de gebouwen. Duidelijke instructies en procedures zijn essentieel om de veiligheid van bewoners, medewerkers en bezoekers te waarborgen.

Pagina 7 van 22

Bij een ontruimingsalarm, zoals een brandalarm, wordt de locatie onmiddellijk geëvacueerd. Alle aanwezigen moeten het gebouw via de dichtstbijzijnde veilige route verlaten en zich verzamelen op de aangewezen verzamelplaats. Bedrijfshulpverleners zorgen ervoor dat de locatie volledig ontruimd is en voorkomen dat mensen terug naar binnen gaan totdat de situatie veilig is verklaard. Zodra de brandweer of een leidinggevende aangeeft dat het gebouw veilig is, begeleiden de bedrijfshulpverleners bewoners en medewerkers terug naar hun woon- of werkplek. Evacueren van aanwezigen uit het pand is een hoofdtaak van de BHV in noodsituaties. Daar ligt uiteraard de nadruk. Andere taak is het doen van een bluspoging als dat naar het oordeel van de aanwezige bedrijfshulpverleners nog mogelijk en verantwoord is bij een kleine, beginnende brand. Als een bluspoging niet slaagt na verbruik van 1 blusser, start ontruiming (mocht die nog niet zijn ingezet door andere bedrijfshulpverleners). De gemiddelde aanrijdtijd voor hulpdiensten en politie betreft circa 10 minuten. In het geval van een overheidsalarm, zoals een waarschuwingssysteem voor externe bedreigingen moeten bewoners, medewerkers en bezoeker binnenblijven en ramen en deuren sluiten.

De ploegleider van de bedrijfshulpverlening volgt de situatie via regionale informatiekanalen en deelt updates via portofoons met de hulpverleners ter plaatse. Wanneer het signaal wordt gegeven dat de situatie veilig is, wordt dit aan iedereen in de opvanglocatie gecommuniceerd en mogen de bewoners en bezoekers weer naar buiten. Deze procedures zijn erop gericht om efficiënt en veilig te handelen in noodsituaties en de impact van calamiteiten zoveel mogelijk te beperken.

2.5 beveiligingsinzet Beveiliging wordt geboden vanuit de beveiligingspartij Trigion. Beveiliging Trigion is 24 uur per dag verantwoordelijk voor de toegangscontrole. Na het vertrek van het COA personeel, zijn zij eerste aanspreekpunt voor de bewoners en omwonenden. Zij houden oog op de in-en uitgang, grijpen in bij (potentieel) gevaarlijke situaties en schakelen met het COA bij onduidelijkheden of andere kwesties. Doordeweeks van 8:00 uur in de ochtend tot 22:00 uur in de avond is het COA aanwezig op de locatie. Alle gemeenschappelijke ruimten worden voor het einde van de dienst (22 uur) door het COA nagelopen en gecontroleerd, incl. vluchtdeuren/ trappenhuis. Het COA controleert het uitschakelen van de verlichting van de gemeenschappelijke ruimtes. Tevens is het COA verantwoordelijk voor het vertrek van al het mogelijk bezoek voor het einde van hun dienst. Gedurende 24 uur per dag verzorgt Trigion de bezetting bij de receptie. In de nacht zijn er – in beginsel – drie medewerkers aanwezig van Trigion waarvan één beveiliger op zijn of haar post blijft en de andere twee medewerkers rondes kunnen lopen op locatie. De werkzaamheden en instructies ten behoeve van de inzet van beveiligers op de opvanglocatie tussen 17:00 uur en 9:00 uur de volgende morgen betreffen het volgende: • • • • •

•

• •

Controle op naleving huisregels; Controle op ongewenste activiteiten; Aandacht voor brandveiligheid en BHV zaken; Praatje maken met aanwezige personen in het kader van sociale controle; Toegangscontrole en receptiediensten - 24 uur per dag. De beveiliger combineert een vriendelijke ontvangst met een strikt toezicht op de veiligheid en controle op de bewonersregistratie. Dit met behulp van een smoelenboek/ ID controle; Meermaals per nacht een controleronde om onveilige situaties snel te signaleren, deze worden opgenomen in de dienstrapportage: ➢ Tussen 17:00 uur en 2:00 uur ieder uur; ➢ Daarna om het uur. Overige werkzaamheden tussen 9:00 uur en 17:00 uur Uitlezen van de brandmelder controle en eventueel hierop handelen/ COA informeren. Zicht op de beelden van de camera’s en het COA bij bijzonderheden hierover informeren. Pagina 8 van 22

De beveiliging registreert iedere dienst bijzondere situaties en draagt dit over aan het COA. Voor en na iedere dienst is er een kleine overdracht met het COA. Ook mogelijke incidenten worden door de beveiliging doorgegeven aan het COA, welke verantwoordelijk is voor de afhandeling hiervan. Acute zaken pakt de beveiliging uiteraard zelf op. Om identificatie van bewoners te vergemakkelijken is het COA verantwoordelijk voor een ‘smoelenboek’. De beveiliging kan hiermee bewoners makkelijker identificeren. Trigion treedt op als vaste beveiligingspartij in opdracht van de het COA. Iedere maand is er een contractgesprek waar de kwaliteit en de omvang van de geleverde dienstverlening worden besproken. De beveiliging is 24/7 op de locatie aanwezig.

2.6 Algemene veiligheid bewoners

• •

• •

Alle bewoners van de opvanglocaties in Haarlem ontvangen tijdens de intake een informatief pakket dat uitgebreid wordt toegelicht. Dit pakket bevat belangrijke informatie om hun verblijf soepel en veilig te laten verlopen: Algemene huisregels: Richtlijnen van het COA over bijvoorbeeld rookverboden in de kamers, schoonmaakverplichtingen, veiligheid, hygiëne, en omgangsvormen binnen de opvanglocatie en omgeving. Praktische informatie: Details over het info-spreekuur, toegang tot medische zorg, belangrijke telefoonnummers, en de rol van woon- en programmabegeleiders en huismeesters. Een COAinformatiebalie is ingericht voor dagelijkse ondersteuning. Afvalverzameling: op het terrein komen extra afvalbakken waardoor zwerfafval voorkomen kan worden. Plattegrond en routes: Een overzicht van het terrein en de omliggende omgeving, met looproutes naar openbaar vervoer en veilige oversteekplaatsen. De implementatie van deze maatregelen wordt voortdurend gemonitord onder supervisie van de locatiemanagers en periodiek besproken met betrokkenen, waaronder politie en gemeentelijke partners. Op basis van de situatie kan worden bijgestuurd en, indien nodig, op- of afgeschaald om de veiligheid en leefbaarheid te waarborgen.

Pagina 9 van 22

3 Aanpak van veiligheid In dit hoofdstuk wordt de aanpak voor het waarborgen van veiligheid op en rondom de opvanglocatie beschreven. Het behandelt de preventieve maatregelen, crisisprocedures en samenwerkingsafspraken met betrokken partijen. Doel is een veilige en leefbare omgeving te creëren voor zowel bewoners als omwonenden.

3.1 Lijn naar bevoegd gezag Afhankelijk van de aard van een veiligheidsincident en de impact op de openbare orde of veiligheid kan het noodzakelijk zijn om het bevoegde gezag te informeren of de burgemeester van Haarlem te adviseren over mogelijke besluiten. De communicatie loopt via de volgende lijnen: •

•

• •

•

Medische situaties: Bij kwesties die de gezondheid van bewoners en de continuïteit van de opvang of medische zorg beïnvloeden, wordt dit afgestemd met de verantwoordelijke gezondheidsautoriteiten; Openbare orde en veiligheid: Voor incidenten die de openbare orde of veiligheid buiten de opvanglocaties aan de Meesterlottelaan en Dreef raken, wordt eerst contact opgenomen met de operationeel coördinator van het basisteam Haarlem. Deze schaalt verder op naar de betreffende HOvD-politie (Hoofdofficier van dienst) mocht dit noodzakelijk zijn. De wijkagent ziet toe op de veiligheid in de wijk en ook in de directe omgeving en fungeert als spreekbuis naar omwonenden toe. Crisisbeheersing: Regionaal Operationeel Leider (ROL) bij situaties die escalatie binnen de GRIPstructuur (Gecoördineerde Regionale Incidentbestrijdingsprocedure) vereisen, wordt gehandeld volgens de bestaande lijnen van het Regionaal Crisisplan; Ernstige incidenten: In geval van zware incidenten op of rondom de opvanglocaties wordt de burgemeester altijd geïnformeerd via de piketfunctionaris Openbare Orde en Veiligheid (OOV).

Daarnaast is een duidelijke overlegstructuur ingericht om veiligheidskwesties te monitoren en af te stemmen, waarbij betrokken partijen zoals de gemeente, politie, en beveiligingsdiensten samenwerken.

3.2 Dagelijkse aansturing en bewaking veiligheidsaspecten Op de opvanglocaties aan de Meesterlottelaan 301 en Dreef 48 in Haarlem spelen de toegewezen locatiemanagers een cruciale rol in het waarborgen van de veiligheid. Een van de belangrijkste taken van de bedrijfshulpverlening (BHV) op locatie is het coördineren van ontruimingen bij brand of andere calamiteiten. De verantwoordelijkheid voor bewoner gerelateerde activiteiten ligt bij een van de locatiemanagers van het COA, terwijl zaken met betrekking tot het terrein of de technische voorzieningen onder de verantwoordelijkheid van het COA of de eigenaar van het terrein vallen. De COA-locatiemanager, of een vervanger, heeft de volgende verantwoordelijkheden: • • • •

Altijd aanwezig of bereikbaar: Bij afwezigheid wordt vervanging in de avond, nacht en het weekend geregeld via een telefonische bereikbaarheidsdienst volgens een vastgesteld rooster. Veiligheidsverantwoordelijkheid: Toezicht houden op en waarborgen van de veiligheid op de opvanglocaties. Maatregelen nemen bij incidenten: Direct handelen bij onveilige situaties, het coördineren van acties en het aansturen van personeel en beveiligingsmedewerkers. Aanspreekpunt voor hulpdiensten: Optreden als eerste aanspreekpunt voor leidinggevenden samen met BHV ploegleider en commandanten van hulpdiensten tijdens incidenten.

De locatiemanagers onderhouden direct contact met landelijke opschalingslijnen binnen het COA, de afdeling Vastgoed & Facilitair, en samenwerkingspartners zoals Beveiliging en andere relevante partijen. Hierdoor wordt een snelle en effectieve aanpak van incidenten gegarandeerd.

Pagina 10 van 22

3.3 Regionale crisisorganisatie Veiligheidsregio Kennemerland Bij ernstige incidenten op de opvanglocaties in Haarlem kan het nodig zijn om de GRIP-structuur in te schakelen, waarbij de standaardprocedures uit het Regionaal Crisisplan worden gevolgd. Er zijn geen vooraf bepaalde scenario’s voor opschaling; dit wordt per situatie op maat bepaald. Wanneer een veiligheidsprobleem complex of urgent is en niet direct kan worden opgelost, kan de regionale crisisorganisatie worden ingeschakeld. Het crisisteam wordt dan uitgebreid met relevante deskundigen om de situatie adequaat te beheren.

3.4 betrokkenheid met omgeving Omwonenden van de opvanglocaties in Haarlem kunnen bij vragen in eerste instantie telefonisch contact opnemen met de locatie. Indien nodig kan de locatiemanager besluiten een informatiebijeenkomst te organiseren om specifieke kwesties of ontwikkelingen toe te lichten. Daarnaast kunnen algemene vragen ook worden gesteld via de landelijke COA-informatielijn. Daarnaast kunnen omwonenden ook binnenlopen bij de receptie voor vragen. Voor omwonenden die geïnteresseerd zijn, is er de mogelijkheid om vrijwilligerswerk te doen binnen de opvang. Dit gebeurt onder de verantwoordelijkheid van het COA of Vluchtelingenwerk Nederland. Vrijwilligerswerk via het COA kan bijvoorbeeld bestaan uit het geven van Nederlandse taallessen of het organiseren en begeleiden van (recreatieve) activiteiten. Bij Vluchtelingenwerk Nederland kan dit bijvoorbeeld bestaan uit het bieden van advies en ondersteuning aan bewoners, bijvoorbeeld in hun asielprocedure.

3.5 Werkopdracht bij ingebruikname opvanglocatie Om een goede start van ingebruikname van de opvanglocatie te bevorderen wijst de gemeente het gebied rondom de opvang bij ingebruikname aan als werkopdracht. Gedurende een periode van 2 weken – die zo gewenst kan worden verlengd – is er sprake van verhoogde aanwezigheid van handhavers, die informatie ophalen over mogelijke aandachtspunten. Zo kunnen eventuele knelpunten direct worden herkend. Op basis van de bevindingen kan worden gekozen voor het aanwijzen van het gebied rond de opvang als hotspot. Dat wil zeggen dat er gedurende 3 maanden handhaving komt rondom de opvanglocatie en ook samenwerkingspartners kunnen worden betrokken.

3.6 reguliere overlegstructuur Veiligheid in en rondom de opvanglocaties aan de Meesterlottelaan 301 en Dreef 48 in Haarlem is een standaard agendapunt tijdens de regelmatig geplande operationele overleggen op locatie. Aan deze overleggen nemen vaste partijen deel, waaronder het COA, de gemeente Haarlem, Politie, een vertegenwoordiger van de Handhavers, Beveiliging en, indien nodig, de brandweer of andere relevante organisaties.

3.7 Samenwerkingsafspraken Bij situaties in Haarlem waarbij opschaling binnen de GRIP-structuur noodzakelijk is, worden de standaardprocedures uit het Regionaal Crisisplan gevolgd, inclusief crisiscommunicatie. Vanaf het niveau 'middel incident' neemt de woordvoerder van de Veiligheidsregio de leiding over de crisiscommunicatie. De communicatielijn van de Veiligheidsregio richt zich op feitelijke informatie over het incident, de behoeften van de samenleving, en de inzet van hulpdiensten. Het COA is verantwoordelijk voor communicatie over eigen processen en verantwoordelijkheden en doet dit, indien nodig, in samenwerking met de gemeente Haarlem. Om de communicatie effectief te laten Pagina 11 van 22

verlopen, worden tijdens een incident samenwerkingsafspraken gemaakt tussen alle betrokken partijen. De woordvoerder van de Veiligheidsregio neemt in dat geval contact op met de woordvoerder van het COA om afstemming te waarborgen.

4. Uitwerking scenario’s opvang Haarlem Dit hoofdstuk gaat in op de identificatie en uitwerking van scenario’s rondom de opvanglocatie in Haarlem met bijbehorende maatregelen om deze te beheersen. Hiermee wordt een solide basis gelegd voor een veilige en beheersbare situatie voor alle betrokkenen.

4.1 Scenario’s Er is een aantal scenario’s uitgewerkt. Sociale veiligheid: • • • • • • •

Overlast in de omgeving: Geluidsoverlast, zwerfvuil of ongewenst gedrag van bewoners dat leidt tot klachten van omwonenden; Agressie en geweld: Spanningen tussen bewoners van de opvanglocatie of tussen bewoners en omwonenden; Vermenging van kwetsbare groepen: Conflicten of spanningen door de aanwezigheid van verschillende doelgroepen, zoals alleenstaanden en gezinnen; Spanningen tussen bewoners en buurtbewoners: Wrijving door culturele verschillen of overlastsituaties; Ongewenste bezoekers: Personen die geen binding hebben met de opvanglocatie en zich ongewenst ophouden in de omgeving; Criminaliteit in de omgeving: Diefstal, vandalisme of illegale activiteiten rondom de opvanglocatie; Maatschappelijke onrust: Protesten of weerstand vanuit de buurt tegen de opvanglocatie.

Fysieke veiligheid: • • • • •

Verkeersveiligheid: Een toename van voetgangers- en fietsverkeer in een drukke wijk; Calamiteiten zoals brand: Snelle evacuatieprocedures vanwege de omvang van de opvanglocatie; Uitbraak van besmettelijke ziekten: Door de bezettingsgraad en gedeelde voorzieningen; Gebrek aan vitale infrastructuur: Uitval van essentiële diensten zoals stroom, water of verwarming; Onvoldoende veiligheidsmaatregelen bij incidenten: Bijvoorbeeld een tekort aan beveiliging of personeel om escalaties te beheersen.

De scenario’s zijn individueel uitgewerkt en onderstaand weergegeven. De opbouw is als volgt: • • •

Beschrijving: een korte beschrijving van het scenario; Analyse: uitleg en onderbouwing van de te treffen maatregelen; Maatregelen: de voor het benoemde scenario te treffen maatregelen om te voorkomen dat het scenario realiteit wordt.

Communicatie Voor de locatie in Haarlem zijn twee locatiemanagers toegewezen, die gezamenlijk verantwoordelijk zijn voor het beheer en de veiligheid van de opvanglocaties aan de Meesterlottelaan 301 en Dreef 48. Het COA zorgt ervoor dat er 24/7 een locatiemanager of diens vervanger beschikbaar is. Deze persoon is zowel telefonisch als persoonlijk benaderbaar en kan in noodgevallen ter plaatse zijn of komen, afhankelijk van de situatie. Daarnaast beschikt het COA over een regio-mediawoordvoerder die 24/7 beschikbaar is om de media te woord te staan en informatie te verstrekken over eventuele incidenten.

Pagina 12 van 22

4.2 sociale veiligheid Scenario 1: Overlast in de omgeving Beschrijving

Overlast door bijvoorbeeld geluid, zwerfvuil of ongewenst gedrag. Dit kan leiden tot klachten van buurtbewoners en spanningen met de omgeving.

Analyse

Zonder maatregelen kan overlast zoals geluidsoverlast, zwerfvuil of ongewenst gedrag, direct invloed hebben op het woongenot en de leefomgeving van buurtbewoners. Dit kan negatieve emoties oproepen, zoals frustratie, irritatie en wantrouwen richting de opvanglocatie. Langdurige overlast kan leiden tot escalatie, zoals een verslechterde relatie tussen bewoners van de opvang en omwonenden, en zelfs maatschappelijke onrust. -

Maatregelen

-

-

-

-

-

Klachten: Toename van meldingen bij de gemeente, politie of beheerorganisatie over overlast. Verminderde sociale cohesie: Spanningen en negatieve interacties tussen buurtbewoners en opvangbewoners. Afname draagvlak: Verminderd vertrouwen en weerstand vanuit de buurt tegen de opvanglocatie. Maatschappelijke escalatie: Kans op protesten, actiegroepen of mediaberichtgeving met negatieve impact op het imago van de locatie en betrokken organisaties. Operationeel overleg met veiligheidspartners: Regelmatige afstemming tussen COA, Beveiliging, gemeente, en politie om actuele overlastsituaties te bespreken en integrale maatregelen te nemen. Actieve rol van Beveiliging: Beveiliging zorgt voor de beveiliging van het pand en voert regelmatige controles en beveiligingsrondes uit om overlast te signaleren, ongewenste bezoekers te weren en direct in te grijpen bij incidenten. Hierbij zorgt de beveiliging voor beveiligingsrondes in- om rond het pand. In eerste instantie zal het aan het COA zijn (COA-team Wonen) om interventies te plegen als bewoners overlast veroorzaken. Actieve samenwerking met ophaaldiensten afval: Door een actieve samenwerking met de ophaaldiensten kan er voorkomen worden dat er veel afval gaat zwerven op straat. Hiernaast worden er extra afvalbakken op het terrein gezet.

Communicatie vanuit omwonenden loopt via één centraal telefoonnummer waar klachten gemeld kunnen worden. Politie bij strafbare feiten: Bij ernstige overlast of strafbare feiten treedt politie op bij escalaties buiten het terrein. Op het terrein zelf treedt de beveiliging op en belt als dit nodig is politie. In de eerste 2 weken na het intrekken van de bewoners wordt een werkopdracht gemaakt rond de locatie voor handhaving. Dit kan op later moment op- en afgeschaald worden.

Scenario 2: Agressie en geweld Beschrijving

Spanningen tussen bewoners van de opvanglocatie of tussen bewoners en omwonenden.

Pagina 13 van 22

Analyse

Zonder maatregelen kunnen agressie en geweld ontstaan door spanningen tussen bewoners van de opvanglocatie, bijvoorbeeld als gevolg van verschillen in cultuur, persoonlijke achtergronden of stressvolle omstandigheden. Dit geldt ook voor spanningen met omwonenden door onbegrip of negatieve interacties. Dergelijke situaties kunnen leiden tot fysieke en verbale confrontaties, wat niet alleen de veiligheid in gevaar brengt maar ook het veiligheidsgevoel van bewoners en omwonenden aantast. -

-

Maatregelen

-

-

-

Fysieke en emotionele schade. Verstoringen in de opvanglocatie: Onrust kan de sfeer onder bewoners negatief beïnvloeden en de dagelijkse gang van zaken verstoren. Impact op buurtrelaties: Negatieve percepties van buurtbewoners over de opvanglocatie, wat kan leiden tot verminderde acceptatie en weerstand. Extra belasting voor hulpdiensten: Toename van meldingen en inzet van politie, beveiliging en medische zorg. Beveiliging: Zorgt voor directe aanwezigheid op de locatie om snel in te grijpen bij escalaties en spanningen vroegtijdig te signaleren samen met de COA- medewerkers. Training personeel: Medewerkers van COA en Beveiliging worden getraind in de-escalerende technieken en conflictbeheersing. Gescheiden huisvesting: Waar mogelijk doelgroepen (zoals alleenstaande mannen en gezinnen) gescheiden huisvesten om spanningen te minimaliseren. Conflictpreventie: Organiseren van groepsactiviteiten en workshops om begrip en respect tussen bewoners te bevorderen. Samenwerking met politie: Regelmatige communicatie en afstemming met lokale politie voor snelle interventie bij ernstige incidenten.

Scenario 3: Vermenging van kwetsbare groepen Beschrijving

Conflicten of spanningen door de aanwezigheid van verschillende doelgroepen, zoals alleenstaanden en gezinnen.

Analyse

Zonder maatregelen kan de vermenging van kwetsbare groepen, zoals alleenstaande mannen, gezinnen en kinderen, leiden tot spanningen en conflicten door uiteenlopende behoeften, culturele verschillen en sociale dynamiek. Een gebrek aan duidelijke afspraken en scheiding kan situaties verergeren en zowel de veiligheid als het welzijn van bewoners aantasten. -

Verbaal of fysiek geweld tussen verschillende groepen binnen de opvanglocatie. Onveiligheidsgevoel: Bewoners, met name kwetsbare groepen zoals gezinnen en kinderen, kunnen zich onveilig voelen. Impact op dagelijkse gang van zaken: Door spanningen kan de sfeer in de opvanglocatie verstoord raken, wat de effectiviteit van begeleiding en activiteiten beïnvloedt.

Pagina 14 van 22

Maatregelen

-

-

-

-

Gescheiden huisvesting: Alleenstaande mannen, gezinnen en andere kwetsbare groepen worden waar mogelijk apart gehuisvest om spanningen te minimaliseren. Beveiliging: Beveiligingspersoneel monitort continu de situatie op locatie om signalen van spanningen tijdig op te merken en preventief in te grijpen samen met het COA-personeel die hier in leidend is. Interventie door politie bij (aanhoudende) conflicten, risico’s op geweld, gevaarzetting en kans op verdere escalatie. Voorlichting en begeleiding: Organiseren van workshops en voorlichtingssessies voor bewoners om wederzijds begrip en respect te bevorderen. Operationeel overleg: Regelmatige afstemming tussen COA, Beveiliging, Handhavers en politie om risico's van spanningen door vermenging van doelgroepen te evalueren en beheersen.

Scenario 4: Spanningen tussen bewoners en buurtbewoners Beschrijving

Wrijving door culturele verschillen of overlastsituaties.

Analyse

Zonder maatregelen kunnen culturele verschillen en misverstanden leiden tot wrijving tussen bewoners van de opvanglocatie en omwonenden. Bijvoorbeeld door verschillende normen en waarden, taalbarrières of overlastsituaties zoals geluid of gedrag dat als storend wordt ervaren. Deze spanningen kunnen escaleren en leiden tot klachten, confrontaties en een verminderde sociale cohesie in de buurt. -

-

Maatregelen

-

-

-

-

Klachten van omwonenden: Een toename van meldingen over overlast of onaangepast gedrag, wat de relatie tussen de buurt en de opvanglocatie kan verslechteren. Maatschappelijke onrust: Verzet vanuit de buurt, mogelijk resulterend in protesten of negatieve berichtgeving. Verminderd welzijn van bewoners: Spanningen met de omgeving kunnen stress en gevoelens van uitsluiting veroorzaken bij bewoners. Buurtcontact via locatiemanager: De locatiemanager onderhoudt actief contact met buurtbewoners via bijeenkomsten en een meldpunt, zodat klachten snel worden opgepakt en opgelost. Beveiliging: Beveiligingspersoneel zorgt voor toezicht en reageert op signalen van overlast om situaties te de-escaleren. Inzet van Handhavers en politie; Bij ernstige wrijving en (risico’s op) confrontaties in de buurt treedt de politie op. In de voorfase kan het toezicht vanuit handhaving tijdelijk worden geïntensifieerd in de openbare ruimte. Culturele voorlichting: Organiseren van voorlichtingssessies en workshops voor bewoners en buurtbewoners om wederzijds begrip en respect te bevorderen. Community-building activiteiten: Initiëren van gezamenlijke activiteiten tussen bewoners van de opvanglocatie en buurtbewoners om een positief contact en betere verstandhouding te stimuleren.

Pagina 15 van 22

Scenario 5: Ongewenste bezoekers Beschrijving

Personen die geen binding hebben met de opvanglocatie en zich ongewenst ophouden in de omgeving.

Analyse

Zonder maatregelen kunnen ongewenste bezoekers, zoals individuen zonder binding met de opvanglocatie, zich ophouden in de directe omgeving of zelfs binnen het terrein. Dit kan leiden tot overlast, criminele activiteiten (zoals handel in verboden middelen) of gevoelens van onveiligheid bij bewoners en omwonenden. Een gebrek aan controle kan de situatie verergeren.

Maatregelen

-

-

-

Strikte toegangscontrole door Beveiliging: Beveiligingspersoneel controleert toegang tot de locatie en voert regelmatige rondes uit om ongewenste bezoekers te weren. Inzet van Handhavers en politie: Bij signalen van overlast gevende aanwezigen in de buurt van de opvanglocatie wordt de concrete informatie gedeeld met handhaving en politie. Bij overlast feiten waarvoor handhaving is bevoegd, kan het toezicht vanuit handhaving tijdelijk worden geïntensiveerd in de openbare ruimte om hierop toe te zien en waar nodig handhavend optreden. Bij overige overlast/ misdrijven vindt afstemming met politie plaats over de inzet vanuit politie hierop. Cameratoezicht: Installeren van bewakingscamera’s gericht op het eigen terrein van de Meesterlottelaan 301 en Dreef 48 Communicatie vanuit omwonenden loopt via één centraal telefoonnummer waar klachten gemeld kunnen worden. Preventieve samenwerking: Regelmatig overleg tussen COA, Beveiliging, Handhavers en politie om de situatie te monitoren en preventieve maatregelen op te stellen.

Scenario 6: Criminaliteit in de omgeving. Beschrijving

Diefstal, vandalisme of illegale activiteiten rondom de opvanglocatie.

Analyse

Zonder maatregelen kan overlast ontstaan: -

-

Maatregelen

-

-

Schade aan eigendommen: Vandalisme of diefstal in de buurt, wat zorgt voor financiële schade en frustratie bij bewoners en ondernemers. Veiligheidsgevoel: Buurtbewoners kunnen zich minder veilig voelen, wat kan leiden tot negatieve percepties over de opvanglocatie. Maatschappelijke spanningen: Criminaliteit kan weerstand en protesten uit de omgeving veroorzaken, wat het draagvlak voor de opvanglocatie ondermijnt. Actieve aanwezigheid van Beveiliging: Beveiligingspersoneel voert regelmatige controles uit in en rondom de locatie om verdachte activiteiten vroegtijdig te signaleren en in te grijpen. Samenwerking met Handhavers en politie: Bij signalen van criminaliteit zowel binnen de opvanglocatie als buiten wordt de concrete informatie zo snel mogelijk gedeeld met handhaving en politie. Als er sprake is van criminaliteit is primair de politie bevoegd. In overleg wordt het feitelijke toezicht en acties op de voorkomende criminaliteitsvorm afgestemd en vindt inzet plaats van politie.

Pagina 16 van 22

-

-

Informatiedeling met de buurt: Regelmatig contact met buurtbewoners via een in te richten omwonendenoverleg en een meldpunt bij het COA om zorgen over criminaliteit te bespreken en samen te werken aan oplossingen. Preventieve voorlichting: Organiseren van informatiesessies voor bewoners van de opvanglocatie over het vermijden van criminele activiteiten en de gevolgen daarvan.

Scenario 7: Maatschappelijke onrust Beschrijving

Protesten of weerstand vanuit de buurt tegen de opvanglocatie.

Analyse

Maatschappelijke onrust kan het draagvlak voor de opvanglocatie ondermijnen en spanningen in de omgeving vergroten. Zonder een goede aanpak kunnen protesten escaleren naar confrontaties of sabotage, wat de veiligheid van bewoners, medewerkers en omwonenden in gevaar brengt. -

Maatregelen

-

-

-

-

Escalatie van spanningen: Demonstraties of confrontaties kunnen leiden tot verstoringen en zelfs fysiek geweld. Afname draagvlak: Negatieve beeldvorming over de opvanglocatie kan het draagvlak bij omwonenden verder verminderen. Impact op bewoners: Bewoners kunnen zich onwelkom voelen, wat hun welzijn en integratie belemmert. Extra inzet hulpdiensten: Meer inzet van politie en beveiliging om de openbare orde te handhaven.

Transparante communicatie: Regelmatige informatiebijeenkomsten en nieuwsbrieven naar buurtbewoners om zorgen te adresseren en begrip te creëren. Proactieve samenwerking met politie en Handhavers: Bij signalen van (mogelijke) protesten zowel binnen de opvanglocatie als buiten wordt de concrete informatie zo snel mogelijk gedeeld met handhaving en politie. Bij dit scenario stemmen de opvanglocatie, gemeente en politie direct af. Hierop wordt het feitelijke toezicht en acties door politie en/of handhaving nader bepaald en uitgevoerd. Beveiliging door Beveiliging: Versterkte beveiliging tijdens protesten en patrouilles om sabotage of geweld te voorkomen. Community engagement: Organiseren van activiteiten waarbij buurtbewoners en opvangbewoners elkaar kunnen ontmoeten om wederzijds begrip te bevorderen. Incidentenmonitoring: Regelmatig overleg met veiligheidspartners om signalen van maatschappelijke onrust vroegtijdig te herkennen en preventieve maatregelen te nemen.

Pagina 17 van 22

4.3 fysiek Scenario 1: Verkeersveiligheid Beschrijving

De komst van een opvanglocatie leidt vaak tot een toename van voetgangers- en fietsverkeer in de directe omgeving. Vooral in een drukke woonwijk met smalle straten, scholen en veel verkeer kan dat gevolgen hebben voor de verkeersveiligheid, zoals onoverzichtelijke kruispunten, verkeersopstoppingen, of een verhoogde kans op ongelukken.

Analyse

Een toename van verkeersbewegingen kan de verkeersdruk verhogen en zonder maatregelen leiden tot onveilige situaties, vooral op piekmomenten zoals schooltijden. Onvoldoende infrastructuur of gebrek aan verkeersregels kunnen de situatie verergeren. Dit heeft niet alleen gevolgen voor de veiligheid, maar kan ook leiden tot frustratie bij buurtbewoners. De asielzoekers nemen zelf geen auto’s mee, daarom is parkeeroverlast uitgesloten in dit plan. Mocht het nodig zijn dan kan er geparkeerd worden in de parkeergarage.

Maatregelen

-

-

-

Monitoring: Regelmatige evaluatie van verkeersstromen rondom de opvanglocatie om problemen tijdig te signaleren en aan te pakken. Samenwerking met gemeente en Handhavers: Bij signalen op het gebied van verkeersveiligheid wordt de concrete informatie zo snel mogelijk gedeeld met handhaving en politie. Bij sprake van verkeersveiligheid is primair de gemeente aan zet. Afhankelijk van het voorkomende verkeersveiligheid probleem wordt in overleg besloten wie het feitelijk toezicht en acties hierop onderneemt. In geval van toezicht en handhaving op doorstroming zullen politie en handhaving de inzet hierop afstemmen. Dit is namelijk afhankelijk van de toegekende verschillende bevoegdheden op het gebied van verkeer bij politie en handhaving. Bewustwordingscampagnes: Voorlichting aan bewoners van de opvanglocatie over verkeersregels en veiligheid, zoals het gebruik van oversteekplaatsen en fietsverlichting. Aanpassing infrastructuur: waar mogelijk en nodig plaatsen van duidelijke verkeersborden en aanduidingen op het wegdek nabij de opvanglocatie om snelheid te verminderen en attentie verkeersdeelnemers te vergroten.

Scenario 2: Calamiteiten zoals brand Beschrijving

Door de omvang van de opvanglocatie en het aantal bewoners is een brand niet alleen een risico voor het pand, maar ook een gevaar voor de bewoners en de directe omgeving. Een gebrek aan snelle en effectieve evacuatieprocedures kan leiden tot letsel, verlies van levens en materiële schade.

Analyse

Zonder maatregelen kan een brand in een locatie met veel bewoners snel escaleren door dicht op elkaar geplaatste kamers en beperkte vluchtmogelijkheden. Bewoners zijn mogelijk onvoldoende bekend met noodprocedures, en het risico wordt vergroot als brandveiligheidsmaatregelen niet goed zijn geïmplementeerd.

Pagina 18 van 22

Maatregelen

-

-

-

-

-

-

Letsel of verlies van levens: Risico op rookvergiftiging, brandwonden en andere ernstige verwondingen. Materiële schade: Schade aan het pand en omliggende gebouwen. Verlies van vertrouwen: Zowel bewoners als omwonenden kunnen zich onveilig voelen en het vertrouwen in de organisatie verliezen. Impact op noodvoorzieningen: Extra belasting voor hulpdiensten zoals brandweer, politie en medische zorg. Evacuatieplan: Ontwikkelen en regelmatig oefenen van een gedetailleerd evacuatieplan voor bewoners en medewerkers, met aandacht voor speciale behoeften van kwetsbare groepen zoals kinderen of mensen met een beperking. Brandveiligheidsinspecties: Regelmatige inspecties van rookmelders, blusmiddelen, nooduitgangen en vluchtwegen, uitgevoerd door gecertificeerde brandveiligheidsexperts. Beveiliging door Beveiliging: Permanente aanwezigheid van beveiliging om snel te reageren bij het signaleren van brand of gevaarlijke situaties en bewoners te begeleiden tijdens evacuaties. Samenwerking met hulpdiensten: Nauw overleg met de brandweer en andere hulpdiensten om protocollen af te stemmen en efficiënte interventies te garanderen. Bewonersvoorlichting: Periodieke trainingen en voorlichtingssessies voor bewoners over brandveiligheid, zoals het gebruik van blusmiddelen en het volgen van nooduitgangen.

Calamiteitenoefeningen: Regelmatige brandoefeningen om zowel bewoners als medewerkers voor te bereiden op een snelle en ordelijke evacuatie in geval van nood.

Scenario 3: Uitbraak van besmettelijke ziekten Beschrijving

Door de bezettingsgraad en het gebruik van gedeelde voorzieningen zoals keukens, badkamers en recreatieruimtes, is er een verhoogd risico op de verspreiding van besmettelijke ziekten. Onvoldoende hygiëne en beperkte toegang tot medische zorg zouden dit risico verder vergroten.

Analyse

Besmettelijke ziekten zoals griep, COVID-19 of infecties kunnen zich snel verspreiden in een opvanglocatie door nauw contact en gedeelde ruimtes. Zonder maatregelen kan dit leiden tot grootschalige infecties, gezondheidsrisico’s voor bewoners en medewerkers, en extra druk op de lokale gezondheidszorg. -

-

Gezondheidsproblemen: Ziektegevallen onder bewoners en personeel, mogelijk met ernstige complicaties voor kwetsbare groepen zoals kinderen, ouderen en zwangere vrouwen. Overbelasting van zorgvoorzieningen: Extra druk op lokale huisartsen en ziekenhuizen. Verstoorde dagelijkse gang van zaken: Beperkingen op activiteiten, quarantainemaatregelen en verhoogde stress bij bewoners. Negatieve impact op de omgeving: Angst en wantrouwen bij buurtbewoners door de aanwezigheid van een uitbraak.

Pagina 19 van 22

Maatregelen

-

-

-

-

Preventieve gezondheidszorg: Toegang tot regelmatige gezondheidscontroles, vaccinatieprogramma’s en medische ondersteuning voor bewoners. Hygiëneprotocollen: Implementeren van strikte schoonmaakprotocollen en het regelmatig desinfecteren van gedeelde ruimtes. Voorlichting: Bewoners en medewerkers informeren over hygiëne, zoals handen wassen, gebruik van persoonlijke beschermingsmiddelen en herkennen van symptomen. Quarantainefaciliteiten: Aanwijzen van een multifunctionele ruimte binnen de opvanglocatie, die dienst kan doen als noodkamer om geïnfecteerde bewoners te isoleren en verdere verspreiding te voorkomen. Samenwerking met GGD: Nauw contact met de GGD om uitbraken te monitoren, snel in te grijpen en richtlijnen te implementeren. Monitoring en rapportage: Regelmatige gezondheidsmonitoring om symptomen vroegtijdig te signaleren en op te treden.

Scenario 4: Gebrek aan nutsvoorzieningen Beschrijving

Uitval van essentiële nutsvoorzieningen zoals elektriciteit, water, verwarming of riolering kan ernstige gevolgen hebben voor de opvanglocatie. Een dergelijke storing kan leiden tot chaos, gezondheidsrisico’s en escalaties door frustraties bij bewoners.

Analyse

Nutsvoorzieningen zijn essentieel voor het dagelijks functioneren van een opvanglocatie. Uitval kan zorgen voor onleefbare omstandigheden, zoals kou, gebrek aan schoon water, en onhygiënische situaties. Dit vergroot niet alleen de kans op gezondheidsproblemen, maar kan ook spanningen en onrust onder bewoners veroorzaken. -

Maatregelen

-

Gezondheidsrisico’s: Onhygiënische omstandigheden en kou kunnen leiden tot ziekte of infecties. Escalaties: Frustratie onder bewoners kan uitmonden in conflicten of protesten. Overbelasting hulpdiensten: Extra inzet van nutsbedrijven en hulpdiensten om problemen te verhelpen. Negatieve beeldvorming: Schade aan het imago van de locatie en het vertrouwen van bewoners en omwonenden. Back-upsystemen: Installeren van generatoren, watervoorzieningen en noodverwarming om tijdelijke uitval te compenseren. Preventief onderhoud: Regelmatige controle en onderhoud van nutsvoorzieningen om storingen te voorkomen. Crisisprotocol: Een noodplan opstellen voor bewoners en personeel, met duidelijke instructies voor acties bij uitval. Samenwerking met nutsbedrijven: Afstemming met elektriciteits- en waterbedrijven om snelle herstellingen mogelijk te maken. Bewonersvoorlichting: Bewoners informeren over wat te doen bij uitval en waar hulp te vinden is. Monitoring: Continu toezicht houden op nutsvoorzieningen met waarschuwingssystemen om storingen vroegtijdig te detecteren.

Pagina 20 van 22

Scenario 5: Onvoldoende veiligheidsmaatregelen bij incidenten Beschrijving

Bij incidenten, zoals conflicten of calamiteiten, kan een tekort aan beveiliging en personeel leiden tot een ineffectieve reactie. Dit vergroot de kans op escalaties, chaotische situaties en mogelijke schade of letsel.

Analyse

Bij incidenten, zoals conflicten of calamiteiten, kan een tekort aan beveiliging of personeel leiden tot een ineffectieve reactie. Dit vergroot de kans op escalaties, chaotische situaties en mogelijke schade of letsel. -

Maatregelen

-

-

-

-

Escalaties van incidenten: Onbeheersbare situaties door onvoldoende middelen om snel op te treden. Onveiligheidsgevoelens: Zowel bij bewoners als omwonenden, wat het welzijn en de acceptatie van de opvanglocatie beïnvloedt. Fysiek letsel en materiële schade: Incidenten kunnen ernstigere gevolgen hebben zonder tijdige interventie. Verlies van vertrouwen: Negatieve beeldvorming en weerstand vanuit de buurt. Voldoende beveiliging: Inzet van voldoende beveiligingspersoneel op locatie om continu toezicht te houden en snel in te grijpen bij incidenten. Training van personeel: COA-medewerkers en beveiligers trainen in conflictbeheersing, de-escalatietechnieken en noodprocedures. Samenwerking met Handhavers en politie: Bij acute conflicten en calamiteiten op het gebied van veiligheid, kan afhankelijk van de specifieke omstandigheden, de politie en/of handhaving tijdelijk optreden met als doel de situatie te normaliseren. Waarbij zo spoedig mogelijk deze wordt overgenomen door inzet van voldoende (beveiliging) personeel. Regelmatige crisisoefeningen: Oefenen van protocollen voor noodsituaties, inclusief samenwerking met hulpdiensten, om voorbereid te zijn op incidenten. Operationeel overleg: Regelmatig overleg met veiligheidspartners om risico’s en benodigde middelen te evalueren en aan te passen.

Incidentmonitoring: Een systeem opzetten om incidenten te registreren, te analyseren en verbeteringen door te voeren in de veiligheidsaanpak.

Pagina 21 van 22

5. Verantwoordelijkheid Het COA is verantwoordelijk voor het organiseren van opvang en begeleiding van bewoners op de opvanglocatie in Haarlem, gelegen aan de Meesterlottelaan 301 en Dreef 48. Het doel is om een veilige, ordelijke en leefbare omgeving te creëren waarin bewoners professioneel worden ondersteund. Een belangrijk onderdeel hiervan is het voorkomen en beheersen van incidenten, calamiteiten en crises, wat in samenwerking gebeurt met de beveiliging. Voor een effectieve uitvoering van deze taken werkt het COA nauw samen met partijen als de gemeente Haarlem, de GGD, de brandweer, de politie en de Veiligheidsregio Kennemerland. De gemeente draagt primair verantwoordelijkheid voor de openbare ruimte buiten de opvanglocaties, terwijl binnen de locaties het COA en beveiliging alle operationele verantwoordelijkheid dragen. Om zaken te bespreken die omwonenden en ondernemers in directe nabijheid van de locatie aangaan wordt een periodiek overleg ingericht. De gemeente stelt een werkopdracht in op de locatie Meesterlottelaan 301 na opening van het complex. Deze werkopdracht geldt voor ten minste 2 weken waarin gekeken wordt naar het aantal incidenten waarbij er besloten kan worden of er op- of afgeschaald gaat worden. Zo nodig kan de omgeving worden aangewezen als hotspot waardoor partners gezamenlijk gedurende drie maanden extra inzet plegen.

Mochten er klachten zijn vanuit omwonenden kunnen deze zich melden bij het COA. Bij incidenten die de mogelijkheden van het COA overstijgen, wordt ondersteuning ingeroepen van reguliere hulpdiensten, zoals politie en brandweer. Hulpdiensten zijn via 112 snel beschikbaar en kunnen naar behoefte de locaties bezoeken voor overleg of controle. Er wordt periodiek overleg georganiseerd tussen de locatiemanagers van het COA, beveiliging, politie, gemeente en andere betrokkenen om protocollen en preventieve maatregelen af te stemmen. Bij calamiteiten ligt de verantwoordelijkheid voor evacuaties bij het COA en het beveiligingspersoneel, die volgens vastgestelde procedures handelen. Door deze samenwerking en afstemming wordt gestreefd naar een veilige leefomgeving, zowel binnen de opvanglocatie als in de directe omgeving.

Pagina 22 van 22

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16266461/1