CConstaterende datHaarlem
Koppel je AI →
Document · PDF

2 Bijlage 1 IVO-Rapportage, Nieuwe bewoners in het Anton Pieckhofje

commissie Samenleving 18 januari 2024, gemeente HaarlemBij agendapunt: 21.05 uur Nulmeting en voorwaarde doorstroomvoorziening Anton Pieckhofje14.732 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Niet gevonden in dit document.

Nieuwe bewoners in het Anton Pieckhofje Nulmeting bij de voorgenomen uitbreiding doorstroomvoorziening

Cas Barendregt Margot Leegwater

1

Colofon Auteurs: Cas Barendregt en Margot Leegwater (Onderzoeksinstituut IVO) Den Haag, november 2023 Dit project wordt mogelijk gemaakt door: Gemeente Haarlem

IVO Instituut voor Onderzoek naar Leefwijzen en Verslaving

Koningin Julianaplein 10 2595 AA Den Haag T +31 (0)70 302 84 56 E secretariaat@ivo.nl www.ivo.nl

2

Inhoudsopgave 1. Inleiding ................................................................................................................. 4 2. Opzet van het onderzoek...................................................................................... 5 3. Korte geschiedenis: wat ging er vooraf? ............................................................ 8 4. Bevindingen .......................................................................................................... 9 4.1 Perspectief bewoners van de bovenring en huurdersvereniging De Waakvlam ................................................................................................. 9 Leefklimaat ............................................................................................... 9 Overlast .................................................................................................... 9 Klachten melden ....................................................................................... 9 Toekomst ................................................................................................ 10 Context ................................................................................................... 10 4.2 Perspectief omwonenden ..........................................................................

11 Leefklimaat ............................................................................................. 11 Klachten melden ..................................................................................... 12 Toekomst ................................................................................................ 12 Context ................................................................................................... 13 4.3 Perspectief Ymere ..................................................................................... 13 4.4 Perspectief RIBW K/AM ............................................................................. 14 4.5 Perspectief Leger des Heils ....................................................................... 15 Leefklimaat ............................................................................................. 15 Huisregels ............................................................................................... 15 Optie rookruimte ..................................................................................... 16 Handhavingsverzoek .............................................................................. 17 Toekomst ................................................................................................ 17 4.6 Perspectief benedenbewoners...................................................................

17 Blowen .................................................................................................... 18 Toekomst ................................................................................................ 19 4.7 Perspectief Gemeente Haarlem MO .......................................................... 19 Valse start ............................................................................................... 19 Buitenruimte ............................................................................................ 19 Extra maatregelen?................................................................................. 20 Samen leven ........................................................................................... 21 De perfecte situatie ................................................................................. 22 5. Synthese .............................................................................................................. 23 Beantwoording onderzoeksvragen................................................................... 23 6. Advies .................................................................................................................. 27 Noodzakelijk:....................................................................................................

27 Aanbevolen: ..................................................................................................... 28 Optioneel: ........................................................................................................ 29 Bijlage 1 Beknopt historisch overzicht ................................................................. 30 Bijlage 2 Draagvlak voorwaarden bij advies......................................................... 32 Bijlage 3 Zienswijze omwonende .......................................................................... 36

3

1. Inleiding In juli 2021 besluit de gemeente Haarlem om 181 voormalig dakloze mensen te plaatsen in een nieuwe doorstroomvoorziening van het Leger des Heils, het Anton Pieckhofje. Het idee is om na deze plaatsing een verbouwing uit te voeren om het pand geschikt te maken voor 34 bewoners. Naast de reguliere begeleiding komt er voor de nachten ook een slaapwacht. Met deze beslissing geeft de gemeente uitvoering aan het programma Brede aanpak van dak- en thuisloosheid 2020 en 2021, waarin de ambitie is opgenomen om meer doorstroomvoorzieningen in de regio te realiseren vanwege het tekort aan capaciteit in de bestaande doorstroomvoorzieningen. Vanwege dit tekort verblijven mensen die dakloos zijn geraakt onnodig lang in de nachtopvang, hetgeen hun maatschappelijke (re)integratie kan belemmeren. De gemeente ziet het Anton Pieckhofje als een geschikte locatie om de capaciteit van doorstroomvoorzieningen te vergroten. Het Anton Pieckhofje was lange tijd een voorziening voor ouderen met dementie. Het bestaat uit zes geschakelde woningen rond een gezamenlijke binnentuin en biedt een beschutte woonomgeving. Vijf woningen tellen zes slaapkamers, en één vier, waardoor de locatie als doorstroomvoorziening na de verbouwing in totaal 34 plaatsen kan aanbieden.

In een collegebesluit ‘Aanscherping randvoorwaarden doorstroomvoorziening Anton Pieckhofje’ wordt de uitbreiding van het aantal bewoners naar 34 afhankelijk gemaakt van de verbouwing en van de uitkomsten van een evaluatieonderzoek. Dit collegebesluit spreekt ook van een getrapte uitbreiding: eerst naar 24 en die situatie evalueren, en als dat goed gaat uitbreiden naar 34 en ook die situatie evalueren. Deze rapportage is het eerste deel van dit evaluatieonderzoek.

1

Dit worden er later 16 vanwege de verplaatsing van de ingang.

4

2. Opzet van het onderzoek De gemeente Haarlem heeft aangegeven dat zij op een zorgvuldige manier wil kijken of en hoe zij, in samenspraak met betrokkenen, een prettige woonomgeving in en rond het Anton Piekhofje kan garanderen. De gemeente heeft onderzoeksinstituut IVO gevraagd om een evaluatieonderzoek in drie rondes uit te voeren naar de ervaringen van betrokkenen met de 16 bewoners van de doorstroomvoorziening van het Leger des Heils. Een begeleidingscommissie, die bestaat uit vertegenwoordigers van de verschillende betrokken partijen (omwonenden, bewoners bovenring, bewoners doorstroomvoorziening, Ymere, huurdersvereniging De Waakvlam, de gemeente), begeleidt de IVO-onderzoekers bij de evaluatierondes. De begeleidingscommissie kwam voor deze eerste ronde (nulmeting) drie keer bij elkaar. De deelnemers hebben voor dit rapport meegedacht en geadviseerd over de onderzoeksvragen, de interviewvragen en de te interviewen betrokkenen. Nadat de onderzoekers, op basis van de interviews, de perspectieven van de verschillende betrokkenen beschreven hadden, hebben de leden van de begeleidingscommissie deze teksten ter verificatie teruggelegd bij de geïnterviewden Ook gaf de begeleidingscommissie commentaar op het conceptrapport. Verder hebben de leden input gegeven op de overlastcriteria en mogelijke scenario's bij de ophoging van het aantal bewoners, en een eventuele afschaling. • •

•

De vertegenwoordiger van de bewoners van doorstroomvoorziening nam niet deel aan de bijeenkomsten, maar gaf wel commentaar op de voorwaarden voor ophoging (bijlage 2). De bovenbewoners, in de begeleidingscommissie vertegenwoordigd door huurdervereniging de Waakvlam, distantiëren zich van de rapportage, met uitzondering van bijlage 2. Als reden hiervoor geeft de Waakvlam aan dat zij niet hebben kunnen controleren op welke wijze hun tekstvoorstellen in het rapport zijn verwerkt door de onderzoekers. Een van de geïnterviewde omwonenden, was ontevreden met de manier waarop de onderzoekers haar beschrijving van de situatie in het perspectief hebben verwerkt. In plaats van gedetailleerd commentaar te geven op de tekst, verzocht deze bewoner haar zienswijze in de rapportage op te nemen. De zienswijze is te lezen in bijlage 3.

De input van de begeleidingscommissie heeft vooral beslag gekregen in hoofdstuk 5 (Synthese) en hoofdstuk 6 (Advies) en bijlage 2 (Draagvlak voorwaarden).

Doelstelling Doel van dit evaluatieonderzoek is tweeledig. Ten eerste is het bedoeld om de beleving van de situatie rond het Anton Pieckhofje vanuit het perspectief van de verschillende betrokkenen (onder andere bewoners bovenring, omwonenden, gemeente en Leger des Heils) inzichtelijk te maken. Ten tweede is het de bedoeling om te komen tot een gedragen advies aan de gemeente waarin voorwaarden met betrekking tot de doorstroomvoorziening worden genoemd die een prettige leefomgeving voor de beneden- en bovenbewoners en omwonenden mogelijk maken. Deze voorwaarden zijn de basis voor afspraken die betrokkenen (kunnen) maken om een prettige leefomgeving te garanderen, indien het aantal bewoners wordt uitgebreid tot 24 en mogelijk tot 34. Onderdeel van de voorwaarden is het gezamenlijk bepalen van criteria en scenario’s die naar aanleiding van evaluatierondes twee en drie (kunnen) worden gehanteerd. De gemeente en het Leger des Heils blijven in dit evaluatieonderzoek de verantwoordelijke partijen. Zij maken op grond van hun eigen afwegingen hun uiteindelijke

5

keuzes. De gemeente beslist over de uitbreiding, het Leger des Heils over de woonbegeleiding. Door deel te nemen aan dit evaluatietraject geven zij blijk van sensibiliteit voor de belangen van omwonenden en zijn zij bereid de omvang van de voorziening te verkleinen als de uitkomst van deze evaluatie daartoe aanleiding geeft. Onderzoeksvragen Dit onderzoek geeft in deze eerste evaluatie antwoord op de volgende vragen: 0. Stellen we de juiste evaluatievragen volgens betrokkenen? 1. Hoe ervaren betrokkenen de situatie rond het Anton Pieckhofje, op het gebied van: a) Veiligheid b) Criminele (drugs) overlast (straathandel) c) Openbare orde (overtredingen APV) d) Audiovisuele overlast (irritant, hinderlijk, onaangepast gedrag) 2. Welke maatregelen zijn volgens betrokkenen nodig om eventuele overlast en kans op incidenten duurzaam te beperken? a) Welke feitelijke beheersmaatregelen om overlast en incidenten te voorkomen, kunnen worden genomen? b) Welke beheerscyclus kunnen we inrichten voor het melden, afhandelen én voorkomen van klachten? 3.

Welke afspraken kunnen worden gemaakt met betrekking tot evaluatie van de situatie na uitbreiding? a) Op grond van welke criteria kunnen we de situatie in ronde 2 en 3 beoordelen? b) Over welke criteria bestaat wel en geen overeenstemming tussen betrokkenen? c) Welke (overlast)situatie leidt tot welk mogelijk scenario na meting (2e en 3e ronde)? Vraag 0 is voorgelegd aan de klankbordgroep van het Anton Pieckhofje, waaruit de leden van de begeleidingscommissie zijn geworven.2 Naar aanleiding van het gesprek in de klankbordgroep zijn de onderzoeksvragen niet veranderd. Opzet De evaluatie vindt plaats in drie ronden: in de eerste ronde kijken we naar de huidige situatie (nulmeting) en inventariseren we maatregelen en voorwaarden die uitbreiding mogelijk maken. Onderdeel daarvan is het opstellen van indicatoren en criteria met eventueel een gewenst (en haalbaar) tijdpad voor implementatie én consequenties van de (overlast)situatie in ronde 2 en 3. Dit zijn consequenties die het (gedeeltelijk) terugdraaien van de uitbreiding kunnen betekenen. De gedachte is dat op basis van de bevindingen tijdens de nulmeting, indien nodig, aanvullende maatregelen worden genomen om overlast te voorkomen (inclusief een procedure van melden en afhandelen van klachten). De betrokkenen kunnen dan met vertrouwen uitbreiden naar 24 bewoners.

De situatie bij uitbreiding naar 24 bewoners wordt geëvalueerd in ronde 2. Indien deze situatie niet leidt tot onacceptabele overlast, wordt de bewoning van de voorziening uitgebreid tot 34, waarna opnieuw wordt geëvalueerd. Na de eerste of de tweede ophoging bestaat de mogelijkheid dat we tot de conclusie komen dat het aantal bewoners van de doorstroomvoorziening moet worden afgeschaald. De onderzoekers hebben het evaluatieverzoek geaccepteerd onder de (mondelinge) toezegging dat de gemeente inderdaad bereid is af te schalen indien de situatie daartoe aanleiding geeft. Op het moment van schrijven heeft de gemeente nog geen uitgewerkt plan

2

Vraag 0 wilden we aanvankelijk beantwoorden tijdens de eerste bijeenkomst van de begeleidingscommissie, maar doordat de oprichting van de begeleidingscommissie in etappes verliep, zijn de onderzoeksvragen voorgelegd aan de klankbordgroep.

6

hoe het tot ophoging en afschaling kan komen, terwijl omwonenden en De Waakvlam hebben aangegeven dit als een voorwaarde te zien voor de eerste ophoging. Werkwijze De onderzoekers hebben relevante documentatie over het Anton Pieckhofje en de politieke besluitvorming rond de doorstroomvoorziening bestudeerd. Vervolgens hebben zij semigestructureerde interviews gehouden en hiervan verslagen gemaakt. Zij spraken met: -

3 bewoners van de doorstroomvoorziening 5 bewoners van de bovenring (2 duo-interviews en een individueel interview) 5 omwonenden (waarvan 1 duo-interview met een echtpaar) 2 medewerkers van het Leger des Heils Een vertegenwoordiger van huurdersvereniging De Waakvlam Een vertegenwoordiger van woningcorporatie Ymere Twee medewerkers van de gemeente Een medewerker van de afdeling handhaving en de coördinator sociale veiligheid Schalkwijk

Op basis van de gespreksverslagen zijn de perspectieven per groep betrokkenen geschreven. De interviews zijn ook de basis van de synthese (hoofdstuk 5), terwijl de verschillende bijeenkomsten met de begeleidingscommissie en schriftelijke en mondelinge gesprekken met individuele leden van de begeleidingscommissie ook input zijn geweest voor het advies en de geformuleerde voorwaarden in hoofdstuk 6 (en bijlage 2). De leden van de begeleidingscommissie hebben conceptversies van dit rapport becommentarieerd en de teksten van de verschillende perspectieven ter commentaar voorgelegd aan de geïnterviewden. Het commentaar is vervolgens verwerkt om tot deze eindversie te komen. Over onafhankelijkheid en objectiviteit De onderzoekers hebben dit onderzoek onafhankelijk kunnen uitvoeren. We zijn ons niet bewust van beïnvloeding door de gemeente op de bevindingen en/of het verloop van het onderzoeksproces. Eenmaal hebben zij ons gevraagd een bijeenkomst van de begeleidingscommissie te vervroegen in verband met de tijd die de besluitvorming rondom al dan niet ophogen naar 24 bewoners vergt. We hebben dat verzoek gehonoreerd. Het gebruik van de term ‘objectief’ in dit type onderzoek is lastig. Immers, de data die we hebben verzameld zijn geen vaststaande feiten, maar interpretaties van de werkelijkheid.

In de gesprekken met de verschillende betrokkenen gingen we in op hun beleving van de (overlast)situatie. Deze beleving is onlosmakelijk verbonden met de gevoelens, belangen en achtergrond van de geïnterviewden en dit heeft effect op hun interpretatie van de situatie en de manier waarop zij hieraan betekenis geven. Het betekent niet dat feiten worden ontkend, maar dat de ernst en betekenis ervan niet voor iedereen hetzelfde is. De perceptie van mensen op een situatie is bepalend voor hoe mensen op die situatie reageren.3 Bij het verwerken van de interviews hebben we hiermee rekening gehouden, onder andere door de verschillende perspectieven (hoofdstuk 4) aan de leden van de begeleidingscommissie voor te leggen ter verificatie.

3

Zie Het theorema van Thomas, uitgave van het Sociaal en Cultureel Planbureau (2003): https://repository.scp.nl/bitstream/handle/publications/1088/Het_theorema_van_Thomas.pdf?sequence =1 (bezocht 3 november 2023).

7

3. Korte geschiedenis: wat ging er vooraf? De Kruidenbuurt (onderdeel van de Europawijk), waarin het Anton Pieckhofje ligt, werd eind jaren 80 opgeleverd als een buurt voor ‘mens- en milieuvriendelijk wonen en werken’. Een duidelijk voorbeeld hiervan is de woongroep aan de Lavendelstraat die volgens deze principes is gebouwd en nog steeds zo functioneert. Met die blik zouden we ook kunnen kijken naar het Anton Pieckhofje, dat werd gebouwd als woonzorgvoorziening voor dementerende bejaarden, midden in de samenleving. Het was één van de eerste in zijn soort.4 Het hofje heeft zes groepswoningen, elk georganiseerd rondom een gemeenschappelijke woonkamer. De bewoners huurden hun woning van woningcorporatie Ymere, en zorgorganisatie Kennemerhart leverde de zorg. Ook de Dillestraat oogt kleinschalig, met veel groen en ruimte voor kinderen om te spelen. Een aantal omwonenden en bovenbewoners geeft aan dat er ten tijde van de woonvoorziening voor ouderen met dementie een al dan niet ‘natuurlijke’ selectie van bewoners van de bovenring plaatsvond. Het verhaal gaat dat er voor de bovenring passende bewoners werden geselecteerd. Woningcorporatie Ymere ontkent dit. Wat precies passend is blijft de onderzoekers onduidelijk. De omschrijving beweegt zich ergens tussen ‘rustig’ en ’kwetsbaar’.

In de loop van 2020 besluit de exploitant te stoppen met het leveren van woonzorg vanuit het Anton Pieckhofje, vooral vanwege “het verouderde gebouw”.5 Het proces voor het vinden van een nieuwe bestemming van het pand komt op gang. Er ontstaat al snel onvrede bij de bovenbewoners en buurtbewoners over (het gebrek aan) communicatie en inspraak bij de keuze van de gemeente en woningcorporatie Ymere voor een bestemming van het pand. Na een bewonersoverleg in december 2020 wordt op verzoek van een aantal bovenbewoners een klankbordgroep met alle betrokken partijen ingesteld, die vanaf februari 2021 regelmatig bij elkaar komt voor overleg over de situatie rond het Anton Pieckhofje. Tijdens een eerste overleg in februari 2021 geeft de gemeente Haarlem aan te denken aan een tussenvoorziening van 6 tot 12 maanden voor voormalig daklozen zonder verslavingsproblematiek die begeleid worden naar zelfstandig wonen. Dit eerste overleg is voor de bewoners van de bovenring aanleiding om zich sterker te verenigen en een bewonerscommissie op te richten. De bewoners boven en rondom het Anton Pieckhofje stellen een notitie op met kwaliteitseisen die zij aan de gemeente en Ymere stellen, die een bewoner van de Anijsstraat begin juni 2021 aan Ymere en de gemeente stuurt.

Later in juni informeert Ymere de bewonerscommissie schriftelijk dat de keuze inderdaad is gevallen op daklozen die begeleid gaan worden naar zelfstandig wonen. Ymere geeft hierbij ook aan dat bewoners van de bovenring die overwegen om te verhuizen daarin niet door Ymere met vervangende woonruimte gefaciliteerd zullen worden. Ymere en de gemeente organiseren vervolgens een digitale informatieavond en in de communicatie rond deze avond geven zij aan dat de eerste bewoners in augustus 2021 zullen intrekken. Buurt- en bovenbewoners geven bij beide partijen aan dat zij vinden dat er aan veel van de geformuleerde kwaliteitseisen voorbij wordt gegaan. Dit, alsmede de actie van de toenmalige wethouder om al voor augustus 2021 onaangekondigd de eerste 18 voormalig daklozen te plaatsen, zet veel kwaad bloed. Vanaf de komst van de eerste voormalig daklozen tot op heden blijft het Anton Pieckhofje onderwerp van gesprek binnen de politiek, met name de commissie Samenleving, in de berichtgeving in het Haarlems Dagblad en in overleg tussen de betrokken partijen in o.a. de 4

https://www.kennemerhart.nl/nieuws/befaamde-woonzorglocatie-anton-pieckhofje-bestaat-30-jaar/ (bezocht: 5 oktober 2023) 5 https://www.kennemerhart.nl/nieuws/kennemerhart-stopt-met-leveren-van-zorg-op-het-antonpieckhofje/ (bezocht: 5 oktober 2023)

8

klankbordgroep. Het college besluit in november 2022 om de huisregels van het Anton Pieckhofje aan te scherpen met een verbod op alcohol en (soft)drugs in het pand. Meer informatie over de tijdlijn tot de start van de verbouwing staat in een beknopt historisch overzicht in bijlage 1.

4. Bevindingen 4.1 Perspectief bewoners van de bovenring en huurdersvereniging De Waakvlam Voor deze evaluatie spraken we met vijf bewoners van de bovenring, waarvan er enkelen al meer dan 20 jaar in het Anton Pieckhofje wonen en een ander pas een jaar. Ook spraken we met de voorzitter van huurdersvereniging De Waakvlam, belangenvereniging door en voor huurders van woningcorporatie Ymere in Haarlem. Niet zozeer in dit interview, maar wel in andere gesprekken met een vertegenwoordiger van De Waakvlam geeft de huurdersvereniging nadrukkelijk aan dat meerdere bovenbewoners ook kwetsbaar zijn en gevoelig voor prikkels en dat zij rust en structuur nodig hebben. Leefklimaat De bewoners die we spraken gaven allemaal aan dat hun woongenot is verminderd sinds de doorstroomvoorziening opende. Dit wordt ook door De Waakvlam bevestigd. Alle vijf bewoners benoemen dat zij zich vaker onveilig voelen, in het algemeen en in het melden van overlast. Een gevoel van onveiligheid ontstaat bijvoorbeeld bij een bewoner die bij het weggooien van een vuilniszak het gevoel heeft dat ze bekeken wordt en die een keer met ‘trut’ werd aangesproken door iemand waarvan ze wist dat hij in de doorstroomvoorziening woonde. Overlast Sinds de verbouwing en de sluiting van de binnentuin (oktober 2022) is de geluidsoverlast enorm teruggelopen.

De eigen entrée voor de bewoners van de doorstroomvoorziening vinden de bovenbewoners ook een verbetering. De voornaamste bron van overlast is momenteel stank door wietgebruik. Geïnterviewde bovenbewoners geven aan in principe niet tegen blowen te zijn, maar er zelf geen hinder van te willen ondervinden. Niet alle bewoners hebben last van de wietlucht, het gaat om een aantal bewoners die boven een blowende bewoner van de doorstroomvoorziening woont. Sommige bewoners geven aan dat zij tot 4 keer per week last hebben van wietlucht, die bij een bewoner soms ook 's avonds de slaapkamer binnendringt. Naast wietlucht werden andere zaken genoemd die (zeer) incidenteel plaatsvinden of –vonden: (vermoedelijk) dealen vanuit een geparkeerde auto op het plein voor de (toen nog gezamenlijke) ingang, gevonden harddrugsverpakking, messen in de (gezamenlijke) entrée, ingeslagen ruit, meerdere keren een kapotte deurklink en geluidsoverlast. Wat volgens de vertegenwoordiger van De Waakvlam niet heeft geholpen bij het tegengaan van de overlast en in de relatie tussen de boven en benedenbewoners is de wisselingen bij de Leger des Heils medewerkers. Daarnaast vindt hij dat het Leger des Heils de overlast bagatelliseerde toen een medewerker in een klankbordgroepoverleg beweerde dat de bewoners van de doorstroomvoorziening ‘gedemoniseerd’ werden.

Klachten melden Bewoners geven aan eigenlijk geen klachten te willen melden en vinden het ook niet hun taak. Het (moeten) melden stoort ze in hun avondrust, het kost tijd, moeite en aandacht. Bovendien helpt het melden niet (terugkerende wietlucht, blijkbaar stopt het blowen niet) en wordt er niet of onvoldoende teruggekoppeld wat er met de melding is gedaan. Ondanks dat mensen moe zijn om hun klachten te melden, blijven ze het wel doen zodat de klachten

9

tenminste geregistreerd worden. Anderen zeggen niet alle klachten te melden omdat ze het vervelend en gedoe vinden en er niets verandert. Wanneer ze overlast melden bij het Leger des Heils geeft dit bewoners een onveilig gevoel. Het idee leeft dat de benedenbewoner die de overlast veroorzaakt dan weet wie er klaagt en dat geeft ze een vervelend en kwetsbaar gevoel. Men is bang dat het melden van overlast tot repercussies leidt en het voelt ook als klikken en verraden. Zo zegt een bewoner: “Het idee dat iemand weet wie je bent, terwijl ik diegene [die blowt] niet herken, voelt onveilig.” Enkele geïnterviewde bewoners van de bovenring denken dat niet alle bewoners hun klacht melden en geven aan daar begrip voor te hebben. Toekomst De bewoners van de bovenring zijn eensgezind in hun mening dat er met de huidige situatie van wietoverlast geen ophoging tot 24 personen kan plaatsvinden. Een bewoner: “Als ik moet leven zoals het afgelopen half jaar, dat is onacceptabel. Laat eerst maar eens zien dat het een aantal maanden goed kan gaan voordat je ophoogt. Handhaaf!.” Het vooruitzicht nog meer bewoners in de doorstroomvoorziening te moeten aanvaarden is op zijn zachtst gezegd onprettig voor de bovenbewoners. Vooral de verwachte toename van stankoverlast door blowen is geen goed vooruitzicht voor hen. Deze mening wordt gedeeld door de voorzitter van De Waakvlam.

Hij zegt hierover: “Weet je, als je in deze situatie zoiets al niet op kan lossen, geeft me dat geen vertrouwen voor de toekomst. En dan kan je daarop focussen, een tijdje, onder dwang. Want kennelijk moet men gedwongen worden om dat te doen. […] Maar ik denk dat daar altijd op gespannen voet geleefd gaat worden met elkaar.” Context Er speelt een aantal zaken op de achtergrond waarvan wij denken dat dit de beleving van het woongenot en van de overlast beïnvloedt. Zo hebben de bewoners het gevoel dat er een politiek spel met ze gespeeld is en dat de huidige bestemming van de benedenring hen in de maag gesplitst is. Zij geven aan dat er een andere doelgroep, namelijk economisch daklozen is voorgespiegeld, terwijl de huidige groep volgens hen ‘zwaarder’ is. Overigens hebben wij de indruk dat niet alle de bewoners van de bovenring even goed weten welke achtergrond de benedenbewoners hebben. Pas na aandringen vanuit de bewoners van de bovenring is er een geluidstest gedaan, waarna de conclusie werd getrokken dat er in verband met de geluidsnorm maar 4 mensen tegelijk in de tuin konden zijn. Toen dit niet te handhaven bleek, moest de binnentuin dicht. De bovenbewoners hebben het gevoel dat de bewoners van de doorstroomvoorziening en het Leger des Heils hen als de schuldigen van de sluiting zien. Een gevoel van verloedering speelt ook mee, dit werd ook genoemd door de omwonenden.

De binnentuin ziet er onverzorgd uit en is velen een doorn in het oog. Ook de buitenkant van het complex maakt een verloederde indruk, met verbleekte rolgordijnen die bijna allemaal naar beneden zijn en onkruid en sigarettenpeuken op het pleintje. De vertegenwoordiger van De Waakvlam is van mening dat er in de aanloop naar de beslissing voor de doorstroomvoorziening al veel misging. Wetgeving bepaalt namelijk dat een woningcorporatie verplicht is om bij het (opnieuw) verhuren van een bedrijfsonroerend goed (BOG) ruimte toestemming te vragen aan de huidige bewoners. Dit is volgens hem

10

niet gebeurd en hij geeft aan dat de argumentatie van Ymere is dat zij zijn overrompeld door de gemeente. Hij concludeert: “Daar waar Ymere juist het woongenot van de bewoners moet kunnen garanderen willen ze nu nauwelijks toegeven dat dat wel ernstig in het gedrang is gekomen.” Aan het voorstel van De Waakvlam om de bovenbewoners met voorrang te laten verhuizen (met onder andere een verhuiskostenvergoeding en dezelfde huur) en de vrijkomende woningen beschikbaar te maken voor een vergelijkbare doelgroep als in de doorstroomvoorziening, is geen gevolg gegeven. 4.2 Perspectief omwonenden We spraken met vijf omwonenden, waarvan drie uit de Anijsstraat en een echtpaar uit de Venkelstraat. Allen zijn kortere of langere tijd betrokken geweest bij het bewonersinitiatief, maar hebben tijdens het interview geen actieve rol meer. Leefklimaat Een omwonende die vanaf het begin in de wijk woont en toen al betrokken was, vertelt dat er ook sprake was van overlast in de laatste jaren van bewoning van het Anton Pieckhofje door ouderen met dementie. Het ging toen om verkeersoverlast, vanwege een komen en gaan van artsen, toeleveringsbedrijven, dagopvang vervoer etc. In die zin is het wel rustiger rond het hofje, zeker nu de ingang van de doorstroomvoorziening is verplaatst van de Dillestraat naar de Venkelstraat.

Het geïnterviewde echtpaar met jonge kinderen zegt er nog steeds fijn te wonen, ook al is in hun ogen de verslavingsproblematiek in de buurt toegenomen. Een andere omwonende zegt onomwonden dat haar woongenot is verminderd. Volgens haar blijkt uit beleid dat de vereniging Nederlandse Gemeenten heeft opgesteld dat een voorziening als het Anton Pieckhofje, met deze bewoners, niet in een eenzijdig samengestelde wijk als de Haarlemse Kruidenbuurt moet plaatsen, maar juist in een gemengdere wijk. Anders dan de omwonenden hadden geadviseerd, wonen er, volgens deze bewoner, nu mensen met ‘multiproblematiek’. Zolang de gemeente mensen met ‘multiproblematiek’, waaronder middelengebruik, blijft doorverwijzen naar het Anton Pieckhofje blijft het volgens deze persoon “dweilen met de kraan open”. Drie van de vijf omwonenden benoemen dat de komst van de doorstroomvoorziening hun gevoel van veiligheid heeft aangetast, hoewel dat bij de ene bewoner meer speelt dan bij anderen. Eén omwonende heeft naar aanleiding van de komst van de doorstroomvoorziening rolluiken laten plaatsen en de raambekleding veranderd. Een andere vertelt dat haar tienerdochter niet graag meer buiten speelt sinds een bewoner van de doorstroomvoorziening een tijdlang kinderen aansprak en dat haar dochter de gordijnen van haar kamer, die tegenover de voorziening ligt, vaak dichtdoet.

Het echtpaar geeft aan dat hun kinderen nog altijd buiten spelen en dat er nog geen ‘rare dingen’ tegen ze zijn gezegd, maar dat ze als ouders nu toch meer op hun hoede zijn. Dat geldt ook voor een andere omwonende die als oma aangeeft dat ze extra alert is geworden als haar kleinkinderen buiten spelen. Dergelijke gevoelens ervaar je alleen als bewoner en niet als je als wijkagent of hulpverlener door de straat gaat. Volgens een aantal geïnterviewden drukt het Anton Pieckhofje een stempel op de sfeer in de wijk. Het Figuur 1 Zijde Anijsstraat 2020 pand oogt onverzorgd, armoedig en er gaat een zekere onvoorspelbaarheid vanuit. Een bewoner geeft aan dat ze vindt dat de buurt verloedert. Een ander ziet wel dat de zonwering van het Anton Pieckhofje altijd naar

11

beneden is, maar koppelt daar desgevraagd geen verloedering aan. Sommige omwonenden kennen wel een paar gezichten uit het Anton Pieckhofje en kennen sommigen ook bij naam. Ze zien bij sommigen wanneer het goed met ze gaat en wanneer niet. “Er zullen ongetwijfeld een paar zijn die er niks aan kunnen doen, maar de meeste zijn mensen met problemen. Dat zie ik ook als ik voorbij rij. Ik zie ze buiten staan en je pikt ze er gelijk tussenuit, zonder dat ik weet dat het daklozen zijn. Je weet het gewoon.” (omwonende Anijsstraat) Deze bewoner uit de Anijsstraat ergert zich er niet aan en voelt zich er niet onveiliger door, maar geeft aan wel bezorgd te zijn over de toekomst, wanneer er meer bewoners in de doorstroomvoorziening komen wonen. Sommige omwonenden zeggen ook dat er een zekere spanning van het pand uit gaat. Het is bekend dat benedenbewoners en bovenbewoners niet met elkaar omgaan en dat voelt niet prettig aan. “Van het Anton Pieckhofje zien we mensen door de buurt lopen, maar er is weinig contact. We zien ze bijvoorbeeld in het parkje met een sigaret of een joint, maar dat veroorzaakt geen overlast. Het voelt wel als een snelkookpan, want er speelt veel tussen de boven- en benedenbewoners van het Anton Pieckhofje” (omwonende Venkelstraat) De geïnterviewde omwonenden ervaren de laatste tijd minder overlast dan in het begin.

Toen waren er klachten over dealen, kinderen aanspreken, bedelen. Eén van de bewoners van het Anton Pieckhofje groette een omwonende regelmatig, maar deze begon daarna om geld te vragen. Toen hij weer eens voor de deur stond heeft ze hem duidelijk gemaakt dat ze daar niet van gediend is. Sindsdien is het ook afgelopen. Ze groeten elkaar nog, want hij is best aardig, maar afstandelijker. Er is de laatste tijd weliswaar geen sprake van concrete, meetbare overlast, maar er is wel de ervaring van toegenomen onveiligheid. Regelmatig staan er groepjes mannen bij elkaar, die soms middelbare scholieren van het naburige Rudolf Steinercollege aanspreken. Ook zien sommige omwonenden soms dat mensen buiten blowen of alcohol drinken. Klachten melden Het echtpaar stelt dat bij de bekende gezichten van het Anton Pieckhofje de overlast binnen de perken blijft en dat er geen sprake is van agressie. Als er een incident is doet een aantal bewoners eerst een melding in de buurtapp, ook soms met de oproep om op te letten bij onbekende gezichten. Als het daarmee niet is afgedaan of opgehelderd, wordt soms ‘handhaving’ 'van de gemeente gebeld. Het is voor de geïnterviewden niet altijd duidelijk of er een relatie is tussen de melding en het Anton Pieckhofje. Eén omwonende zegt dat ze niet meer meldt omdat dat niet helpt.

Toekomst Op dit moment lijkt er sprake van een evenwicht tussen draagkracht van de buurt en de last die ze draagt. Het Anton Pieckhofje geeft geen ernstige overlast. De incidenten en observaties die de geïnterviewden vertellen zijn moeilijk als overlast te typeren, maar dragen wel bij aan een verstoring van de sociale veiligheid. Omwonenden zijn op hun hoede: ze letten beter op vreemde gezichten en zijn enigszins argwanend over de bedoelingen van mensen die ze niet kennen. Het aanspreken van spelende kinderen ''op een rare manier”, is voor een bewoner een rode vlag. Een verhoging van het aantal bewoners van het Anton Pieckhofje leidt naar alle waarschijnlijkheid tot meer beweging de buurt, misschien ook meer blowen en drinken op straat, en dat vinden de omwonenden, in wisselende ernst, een verontrustend vooruitzicht. Daarbij, merkt een omwonende ter, met telkens nieuwe gezichten, bij aan de onrust in de buurt. Wisselende gezichten versterken de publieke

12

anonimiteit, leidt tot minder publieke vertrouwdheid en kan de veiligheidsbeleving aantasten (Blokland, 2009).6 Er wordt gesuggereerd dat het Leger des Heils sterk(er) mag inzetten op dagbesteding, om te voorkomen dat bewoners verveeld op straat gaan hangen. Ook wordt gevreesd dat hard handhaven op alcohol en drugs in de woningen zal leiden tot meer buitengebruik. Context Een aantal bewoners geeft aan dat er in principe draagvlak was voor de komst van de doelgroep voormalig daklozen. De aanloop naar en de besluitvorming rondom de nieuwe bestemming van het Anton Pieckhofje heeft de toon van de muziek gezet. Sommigen waren al snel op de hoogte, anderen lazen het in de krant. Er is een breed gedeeld gevoel dat het een lelijk proces is geweest, en dat er een misleidende voorstelling van zaken is gegeven. Omwonenden hebben tal van suggesties gedaan voor alternatieve bestemmingen dan een doorstroomvoorziening voor voormalig daklozen, maar daar is geen gehoor aan gegeven. De suggestie (met gedetailleerd bouwkundig advies) om de ingang naar de Venkelstraat te verplaatsen kwam van omwonenden en daar zijn ze wel heel blij mee.

De rommelige geschiedenis, de communicatie, de onduidelijkheid over de doelgroep, het niet kunnen handhaven van het collegebesluit (aanscherping randvoorwaarden met een verbod op alcohol en (soft)drugs), het vooruitzicht van een verdubbeling van het huidige aantal bewoners, dat alles maakt omwonenden wantrouwig naar de gemeente. Er is weinig fiducie dat, indien de uitkomsten van deze evaluatie leiden tot een negatief advies, uitbreiding daadwerkelijk niet doorgaat, of dat er wordt afgeschaald als dát advies valt. Eerst zien, dan geloven.

4.3 Perspectief Ymere De benedenring van het Anton Pieckhofje is bedrijfsonroerendgoed (BOG) dat wordt gebruikt voor de zakelijke markt. De bovenring is sociale huur. Toen de benedenring vrijkwam, heeft Ymere verschillende zorgpartijen benaderd om interesse te peilen, maar daaruit kwam geen kandidaat huurder naar voren. De gemeente toonde wel interesse. “Dus dit was ook niet de doelgroep waar wij in eerste instantie aan dachten, maar aan de andere kant, ja, het is een BOG-ruimte die je wilt verhuren, dus je zoekt gewoon een verhuurder die het liefst een beetje past bij de omgeving” (beleidsadviseur Ymere) De primaire verantwoordelijkheid van Ymere is het pand te laten renderen en de huurpenning te besteden aan de maatschappelijke opdracht die een woningcorporatie heeft: het realiseren van sociale verhuur. Ten aanzien van de huurders van deze sociale verhuur heeft Ymere de verantwoordelijkheid ongestoord woongenot te bieden. Hier lijken twee verantwoordelijkheden van Ymere te conflicteren. Renderend vastgoed enerzijds, en anderzijds: “… dus het belang van die boven bewoners, hè? Dat is ons grootste belang en eigenlijk hun woon- en in leefklimaat.

Zolang dat niet in het gedrang komt, dan is het voor ons prima, laat ik het maar zo zeggen.” (beleidsadviseur Ymere) Voor individuele klachten tussen huurders wordt soms buurtbemiddeling ingezet, soms wordt een wijkbeheerder (in dienst van Ymere) eropaf gestuurd om poolshoogte te nemen. Ymere ziet het in het geval van het Anton Pieckhofje als haar taak contact te onderhouden met de exploitant (Leger des Heils) en heeft bij aanvang van het proces aangegeven dat kennismaking tussen bestaande huurders en nieuwe bewoners belangrijk is. Dat is nooit van de grond gekomen, omdat de bestaande huurders dat niet wilden. Ymere vindt het ook

6

Blokland, T. (2009) Oog voor elkaar. Veiligheidsbeleving en sociale controle in de grote stad. Amsterdam University Press.

13

belangrijk dat de bovenbewoners worden aangespoord eventuele klachten te melden, waarbij wordt aangetekend dat overlast vaak subjectief is, al is er wel begrip voor de klachten van de bovenbewoners. “Want als mensen overlast ervaren, wil je daar toch iets mee doen.” (beleidsadviseur Ymere) Samenvattend lijkt Ymere een betrokken verhuurder met twee zielen in de borst: rendement voor de organisatie en woongenot voor de bewoners. Voor het laatste lijkt ze bij het Anton Pieckhofje weinig instrumenten in handen te hebben, anders dan de exploitant te wijzen op haar verantwoordelijkheid en bestaande bewoners aanmoedigen klachten te melden. 4.4 Perspectief RIBW K/AM De mensen die in het Anton Pieckhofje komen wonen worden door twee organisaties begeleid. Het Leger des Heils is verantwoordelijk voor de dagelijkse woonbegeleiding en RIBW K/AM doet de trajectbegeleiding. Trajectbegeleiders richten zich op het zoeken en vinden van een geschikte woning en het verwezenlijken van de voorwaarden om vanuit het Anton Pieckhofje te kunnen doorstromen. Een belangrijk onderdeel van de trajectbegeleiding is het aanvragen van urgentiepunten voor de sociale woningmarkt. Daarnaast wordt er met bewoners gekeken naar werk, inkomen en eventuele (psychische) belemmeringen. Voor alle bewoners wordt nagegaan of ze in aanmerking komen voor een woning in het kader van Pact voor Doorstroming.

Als dat zo is, en er wordt een woning gevonden, krijgen de bewoners nog twee jaar ambulante woonbegeleiding. De begeleiders van RIBW K/AM werken nauw samen met de woonbegeleiders van het Leger des Heils. De begeleiders van RIBW K/AM hebben geen directe ervaring met overlast en zijn ook niet verantwoordelijk voor het leefklimaat in het Anton Pieckhofje, maar zij kunnen ons wel iets leren over de problematiek van bewoners en hun kansen op de woningmarkt. Van de vele mensen die trajectbegeleiders in hun bestand hebben, behoren de bewoners van het Anton Pieckhofje tot de minst zware cliënten. “Nou ja, als ik kijk naar onze cliënten in het algemeen, dan zitten de minst zware gevallen in het Anton Pieckhofje en daar worden ze ook op geselecteerd. Dus niet de mensen die echt drugsverslaafd zijn, of zware psychische problematiek hebben. (…) Dus in die zin valt het voor ons wel mee.” (trajectbegeleider) De psychische problematiek waar een aantal bewoners mee kampt wordt door de trajectbegeleider ingeschat als niet ernstig. Sommigen vermijden contact met de zorg, en daardoor zijn niet alle mensen psychologisch onderzocht. Psychotische klachten komen over het algemeen niet voor. De psychische problemen kenmerken zich door zich terugtrekken in een sociaal isolement. “Nou ja, eenzaamheid en uitzichtloosheid is natuurlijk ook groot.

Mensen die geen contact meer willen met familie of hun netwerk omdat ze zich schamen voor hun situatie.” (trajectbegeleider) Volgens de trajectbegeleider is bij een aantal bewoners het verlies van werk, woning en soms ook partner of gezin traumatisch. Er is sprake van rouw die verwerkt moet worden, en niet iedereen gaat dat aan of kan dat. De context van een doorstroomvoorziening als het Anton Pieckhofje is daarvoor ook niet ideaal. Alle trajecten zijn individueel, de financiering is niet gericht op groepsactiviteiten of ‘samenleven’, nog los van de vraag of bewoners hiervoor open zouden staan. Doorstromen is het devies, maar wachten vaak de praktijk. “En ja, wij raden mensen ook aan ‘Doe je eigen ding. Bemoei je niet te veel met anderen. Doe gewoon je eigen ding, je zit hier voor jezelf.’” (trajectbegeleider)

14

Het is volgens de trajectbegeleider een minderheid van de cliënten die blowt. Blowen is in het begeleidingscontact wel een onderwerp van gesprek. Als er wordt geblowd, is dat vaak ’s avonds. De bewoners hebben geen tijd (werk) en/of geld om de hele dag te blowen. In het gesprek over blowen probeert de begeleider na te gaan in hoeverre het iemand belemmert in het dagelijks functioneren. Daar hoort ook bij het blowen in het bijzijn van anderen met wie je het huisje deelt en of de bovenburen daar last van hebben. Het is niet de rol van de trajectbegeleider om het blowen te verbieden. Van alle drugs (inclusief alcohol) wordt blowen door de trajectbegeleider gezien als het minste kwaad.

4.5 Perspectief Leger des Heils Voor deze interviews spraken we alleen met uitvoerende medewerkers, de woonbegeleiders. Het verantwoordelijke middenkader van het Leger des Heils neemt deel aan de begeleidingscommissie. De dagelijkse regelzaken zijn niet bij het management belegd, maar verdeeld onder de woonbegeleiders. Eén van de woonbegeleiders die wij spraken is bijvoorbeeld ook verantwoordelijk voor het innen van de huurpenningen en verantwoordelijk voor facilitaire zaken van het pand. Woonbegeleiding houdt in dat bewoners terecht kunnen met vragen en zorgen, bijvoorbeeld rondom financiën, en dat de woonbegeleiders de bewoners aanspreken op zaken als woonvaardigheden. Woonvaardigheden hebben betrekking op het samenleven in een huis, maar ook over persoonlijke hygiëne en onderhoud van de gezamenlijke huiskamer. Bij een aantal bewoners vragen deze aspecten nog aandacht. Leefklimaat De bewoners verblijven tijdelijk in het Anton Pieckhofje en stromen uit naar zelfstandig wonen. Om die reden grijpen de medewerkers zo weinig mogelijk in. Als er onderlinge conflicten zijn is het niet de bedoeling dat de begeleiding die conflicten oplost. Bewoners wordt gevraagd dit zoveel mogelijk zelf te doen. Botsingen komen voor, maar het is volgens de woonbegeleiders zelden ernstig.

De woonbegeleiders beschouwend het Anton Pieckhofje als de rustigste locatie van het Leger des Heils waar ze kunnen werken. Wat de medewerkers jammer vinden is dat er geen contact is met bovenbewoners, of preciezer: het idee dat de bovenbewoners geen contact met het Leger des Heils willen. Liever zagen ze een goed onderling contact, en een veel directere manier van melden van klachten, liefst persoonlijk met een kop koffie erbij. Maar de medewerkers weten dat ze niet welkom zijn in de buurt. In de pers wordt er negatief over het Anton Pieckhofje gesproken, en ook als het in de collegevergadering wordt besproken is het negatief, weet één van de woonbegeleiders. Dat de tuin niet meer wordt gebruikt is een verslechtering van het woonklimaat voor de (beneden)bewoners. De tuin wordt nu niet onderhouden en dat doet afbreuk aan de zichtkwaliteit van de tuin. Dat de ramen van de binnenring niet meer open mogen zorgt volgens één van de begeleiders voor slechte ventilatie waardoor er zwarte schimmel op de binnenring ontstaat. Huisregels Nieuwe bewoners tekenen een document waarin ze aangeven de huisregels te zullen respecteren.

Eén van de huisregels gaat over ‘Drinken en genotsmiddelen’ Drinken en genotsmiddelen: • Het gebruik van alcohol, soft- en harddrugs zijn in- en om de woning en in de binnentuin niet toegestaan • Roken is niet toegestaan in de woning* Uit: Huisreglement Anton Pieckhofje Haarlem *Het Leger des Heils licht toe dat “Roken enkel is toegestaan in de slaapkamer van de bewoner.”, en niet in de gemeenschappelijke woonkamer van ‘de huisjes’.

15

Het handhaven van de huisregels wordt zoveel mogelijk gedaan op overtuigingskracht met een beroep op redelijkheid en motivatie van de bewoners. De sanctiemogelijkheden zijn beperkt. Iemand (langdurig) schorsen kan alleen bij gebruik van geweld. De geïnterviewde woonbegeleider verwijst hierbij naar het Handboek MO dat de grenzen aangeeft van wat mogelijk is op het gebied van sancties. Op de website van de gemeente Haarlem staat dat per 1-1-2023 het handboek Maatschappelijke Opvang niet meer wordt gebruikt (https://haarlem.nl/opvang-dak-enthuislozen). De website verwijst naar de uitvoeringsregels 2023, waarin in hoofdstuk 7 gedragingen staan opgesomd waarvoor iemand kan worden geschorst. Schorsen wordt genoemd als “uiterste sanctie”. Een van de opgesomde gedragingen is “handel in drugs”. Het gebruik van drugs wordt niet genoemd. Een tweede mogelijkheid is “eenzijdige beëindiging door aanbieder”, dat alleen in een uitzonderlijke situatie kan worden toegepast, nadat de aanbieder een maximale inspanningsverplichting heeft geleverd. De enige regel die (theoretisch) opening biedt is: “het niet nakomen van essentiële verplichtingen of regels, ook niet na herhaaldelijk (schriftelijk) aandringen of waarschuwen door de aanbieder;” Eenzijdige beëindiging kan alleen na een zorgvuldige procedure van waarschuwen en alternatieven bieden.

Het lijkt een disproportioneel zwaar middel om het gebruik van cannabis (blowen) van een cliënt in het Anton Pieckhofje te beëindigen. Overigens maakt de opsteller van de uitvoeringsregels (college van B&W) een voorbehoud: niet de regel is leidend, maar doelen van de regel en het doel van de maatwerkoplossing die iemand nodig heeft (omgekeerde toets). https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR689840/1#d133998860e842 Uit: Uitvoeringsregels 2023 De andere woonbegeleider die we interviewden zegt dat het mogelijk is om, na herhaalde waarschuwing, iemand tijdelijk over te plaatsen. Maar iemand betrappen gebeurt zelden, omdat er te veel tijd zit tussen de melding en het in kennisstellen van de medewerker van dienst. Deze beperking beperkt vervolgens ook hun waarneming. En als ze dan naar het vermoedelijke huisje gaan, betreden ze alleen de slaapkamer als er op dat moment een wietlucht wordt waargenomen. Er is bij de woonbegeleiders wel begrip voor de ergernis van de stankoverlast door wietgebruik. Het wordt gezien als een reële klacht, die aanwijsbaar zijn oorsprong heeft in de doorstroomvoorziening. Stankoverlast wordt als een reëler klacht gezien die is te koppelen aan het Anton Pieckhofje dan, bijvoorbeeld, “dealen op straat” of andere zaken die als onveilig in de buitenruimte worden ervaren.

Optie rookruimte Tussen de tuin en de benedenring zijn twee ruimtes die eventueel als rookruimte kunnen worden ingericht. Eén van de ruimtes wordt beheerd door het Leger des Heils, de ander door RIBW K/AM. Op dit moment zijn de ruimtes alleen toegankelijk via de tuin. Vanuit het middenkader van het Leger des Heils (deelnemer begeleidingscommissie) wordt duidelijk gemaakt dat één of twee rookruimtes creëren op de benedenverdieping niet mogelijk is. Er worden verschillende argumenten genoemd. Juridische: Het preventieakkoord verbiedt rookruimtes in zorginstellingen per 1 juli 2021 en maakt ook een einde maakt aan de gedoogsituatie in opvangvoorzieningen. De enige plek waar de staatsecretaris destijds de NVWA heeft gevraagd “niet handhavend” op te treden zijn

16

gebruikersruimten, bedoeld voor mensen die verslaafd zijn aan harddrugs of alcohol.7 Tijdens de vergadering van de begeleidingscommissie (12-10-2023) wees huurdersvereniging De Waakvlam er echter op dat het Anton Pieckhofje de bestemming ‘wonen’ heeft, en dat de regels voor zorginstellingen of opvangvoorzieningen met betrekking tot roken daarmee niet van toepassing zijn (zie subkopje ‘bezwaarschrift’). Als dat zo is, is het Leger des Heils bereid te onderzoeken of de bezwaren tegen de inrichting van een rookruimte nog van toepassing zijn. In een vervolgreactie wijst het Leger des Heils op praktische bezwaren: beide ruimtes hebben reeds een andere bestemming (spreekkamer en opslag). In bijlage 2 worden nog meer bezwaren aangevoerd (strijdig met het blowverbod in huis en strijdig met het rookontmoedigingsbeleid van de organisatie). Handhavingsverzoek De bewonerscommissie (waarin de bovenbewoners zich verenigd hebben) heeft in november 2022 een formeel bezwaarschrift ingediend bij de gemeente tegen de huidige bestemming van het pand, dat ‘woondoeleinden’ betreft. Dit bezwaar werd afgewezen. De Adviescommissie bezwaarschriften (21-03-2023) vindt de huidige bestemming van het pand in ‘woondoeleinden’ terecht, ondanks dat er sprake is van begeleiding.

En omdat het Anton Pieckhofje een woonbestemming heeft is een beroep op de tabaks- en rookwarenwet (geldend voor een gebouw met een bestemming maatschappelijke opvang of zorg) niet van toepassing. Dit neemt het juridische bezwaar weg tegen de inrichting van een rookruimte. Toekomst Het toewijzen van nieuwe bewoners gebeurt via de Brede Centrale Toegang (BCT) van de gemeente. Sinds kort kan het Leger des Heils het trajectplan van de beoogde bewoner vooraf inzien. Als er geen bezwaren vooraf zijn, komt er een gesprek met de afdelingsmanager, die kijkt of er een match is tussen de persoon en de criteria van het Anton Pieckhofje. Als die match er niet blijkt te zijn kan de verhuizing naar het Anton Pieckhofje alsnog afketsen. Er is nog geen plan waarin staat hoe de uitbreiding naar 24 bewoners wordt aangepakt. Er is ook nog geen uitgewerkt plan hoe om te gaan met een advies om het aantal bewoners af te schalen. Een woonbegeleider vindt dat je individueel moet kijken en de mensen die zich niet aan de huisregels houden zou moeten overplaatsen. Het is een doorstroomvoorziening en de bewoners moeten daarvan het belang inzien, dus zich aan de regels houden, zo niet “dan heb je een probleem.” (zie ook bijlage 2). 4.6 Perspectief benedenbewoners We spraken met drie bewoners van de doorstroomvoorziening. Allen wonen er een jaar of langer.

Een van de geïnterviewden (bewoner 3) is iemand die frequent blowt. Alle drie de geïnterviewde bewoners zien zichzelf als economisch dakloos8. Dat wil zeggen ze hebben geen erkende diagnose of label waardoor ze in aanmerking komen voor urgentiepunten of voorrang bij het zoeken naar een woning. Ze verblijven inmiddels meer dan een jaar in het Anton Pieckhofje. Twee van hen (bewoner 1 en 2) lijken zich met deze situatie verzoend te hebben. Ze hebben hun (vrijwilligers)activiteiten, zijn makkelijk in de omgang, hebben aanspraak en lijken geen haast te hebben om zelfstandig te gaan wonen. Bewoner 3 ervaart zijn situatie als uitzichtloos en voelt zich weinig geholpen door de begeleiding. 7

https://www.valente.nl/nieuws/gedooglijst-rookverbod-opgeheven/ https://www.valente.nl/nieuws/geen-rookruimtes-in-opvang-en-beschermdwonen/#:~:text=Consequenties,te%20zonderen%20van%20het%20rookverbod. 8 Het Anton Pieckhofje is niet bedoeld voor economisch daklozen. De term verwijst naar de situatie dat iemand niet voor het regionale Pact voor Doorstroming in aanmerking komt. Mensen van 55 jaar en ouder, mensen met een lange inschrijfduur als woningzoekende en mensen zonder regiobinding vallen ook buiten het Pact voor Doorstroming, zonder dat ze per se economisch dakloos zijn. Verder is de term economisch dakloos minder stigmatiserend dan ‘gewoon dakloos’, en wordt daarom soms gebruikt.

17

“… want goed, hier kan je niets opbouwen. Je kan hier niks opbouwen en je kan niet geestelijk genezen, want je hebt zoveel meegemaakt. Ik ben op straat beland, ik ben sinds ik hier ben mijn werk verloren, je vrienden…. Dus mentaal, daar moet je weer van opknappen, maar hier wordt het niet beter.” (bewoner 3) Deze persoon kan het maar moeilijk begrijpen (aanvaarden) dat juist het relatief gunstige label ‘economisch dakloos’ er juist voor zorgt dat hij geen voorkeursbehandeling krijgt, en hem extra lang in het Anton Pieckhofje houdt. Blowen Met alle drie spreken we over de huisregels en vooral over het blowen en hoe daarmee wordt omgegaan. Ze hebben alle drie een andere mening/houding. Eén van hen wil niet spreken over andere bewoners, hij praat alleen voor zichzelf. Meer algemeen zegt hij: “Iedereen moet doen wat ‘ie zelf wil. Maar je moet wel rekening houden met een ander.” (bewoner 1) Hij begrijpt goed dat de bovenbewoners en omwonenden niet om deze situatie hebben gevraagd. Daar heeft hij begrip voor. Wat hem wel stoort is dat de klachten over wietlucht via de gemeente wordt gemeld, en dat de mensen niet direct zelf contact opnemen met het de dienstdoende medewerkers van het Leger des Heils. ''Alleen, ga in overleg, blijf in overleg en er zullen altijd mensen zijn die de regels omzeilen, maar die moet je dan aanpakken.

Maar blijf altijd in overleg, en niet achter onze rug om, want dan krijg je wrijving. En daar hou ik niet van. Altijd recht in je gezicht zeggen.” (bewoner 1) Deze bewoner heeft zelf geen last van wietlucht en gaat zijn eigen gang. Hij concentreert zich op zijn eigen bezigheden buiten het Anton Pieckhofje en wil het intern vooral gezellig houden. Eén van de geïnterviewde bewoners blowt regelmatig, ook op zijn kamer. Als hij dat doet steekt hij altijd een geurkaars aan tegen de stank. Hij oppert dat één van de opslagruimten op de binnenring zou kunnen worden veranderd in een rookruimte. Blowen doet hij tegen de pijn en hij zou het erg vinden als hij gedwongen wordt buiten te blowen, want hij komt uit de buurt en wil niet door bekenden als blower worden herkend. Hij vraagt zich retorisch af: “Als je huisarts het voorschrijft, je hebt een medische indicatie… wat dan? Je buren gaan toch niet over jouw gezondheid?” (bewoner 3) Deze bewoner voelt zich slecht begrepen door het Leger des Heils, RIBW K/AM, de bovenbewoners, eigenlijk de hele samenleving. Zijn negatieve ervaringen lijken een reactie op zijn onmacht om grip op zijn leven te krijgen.

Een andere bewoner vindt dat blowen ook overlast geeft voor de bewoners van de doorstroomvoorziening: “voor mensen die astma hebben ofzo.” Hij heeft er begrip voor dat de sancties proportioneel moeten zijn, en dat iemand schorsen voor blowen wel een hele zware sanctie is. Maar wat hij niet begrijpt is dat het personeel niet consequent met de overtreders van het blowverbod in gesprek gaat. “Maar je moet er wel iemand op aanspreken, want als je dat niet doet, dan ben je weg. En dan, hoe ik het zie, en ik ben ervan overtuigd het ook zo gebeurd is. Op een gegeven moment is het erin geslopen. Het is normaal geworden. Je had vanaf dag 1 moeten handhaven.” (bewoner 2)

18

Verder is het belangrijk om in kamers die leegkomen niet weer iemand te plaatsen die op zijn kamer gaat blowen: “dat is dweilen met de kraan open”. Deze bewoner is voor een dialoog met bovenbewoners en omwonenden en vindt zichzelf een geschikt persoon om daaraan deel te nemen. Hij wil vooral luisteren. Hij nam ook het initiatief om de wethouder uit te nodigen voor een bezoek aan het Anton Pieckhofje.

Toekomst Twee van de geïnterviewde bewoners kijken vooral naar hun eigen (gewenste) toekomst. Deze ligt niet in het Anton Pieckhofje, maar elders in een appartementje waar ze komen te wonen. Twee van hen hebben geen haast om te vertrekken, nummer drie wil graag weg uit deze situatie. De geïnterviewde bewoners realiseren zich dat de leefbaarheid in de voorziening en de relatie met de omgeving mede wordt bepaald door de nieuwe bewoners die zullen instromen. “En je moet ervoor zorgen dat er geen blowers meer bij komen. Gewoon geen blowers, dat ze van tevoren weten dat er niet mag worden geblowd. Pasgeleden is er weer een kamer leeggekomen, en ja hoor, weer een blower binnengehaald.” (bewoner 2)

4.7 Perspectief Gemeente Haarlem MO De gemeente heeft een dubbelrol bij het Anton Pieckhofje. De gemeente streeft naar een leefbare stad voor alle bewoners en heeft ook een verplichting vanuit de Wet Maatschappelijke Ondersteuning (WMO) om kwetsbare inwoners te ondersteunen. Ze heeft vanuit die rol en verantwoordelijkheid flink geïnvesteerd in overlastbeperkende maatregelen in het Anton Pieckhofje. Ze deed dat zowel door bouwkundige aanpassingen te maken in het pand, als door slaapdiensten mogelijk te maken voor de nacht, als aanvulling op de begeleiding overdag. Valse start Toen het Anton Pieckhofje vrijkwam en de gemeente nadacht over de herbestemming ervan als doorstroomvoorziening, heerste er corona en was het soms onmogelijk en ingewikkeld om met de betrokken bewoners in gesprek te gaan. Die omstandigheid zorgde voor een valse start, onduidelijkheid, vertraging, onzekerheid en uiteindelijk ook wantrouwen bij de betrokken bewoners. De assertieve houding van de bewoners zorgde ervoor dat de situatie rondom het Anton Pieckhofje lokaal nieuws werd, en dat het een politieke lading kreeg. Deze ontwikkelingen hebben er mede voor gezorgd dat de gemeente extra investeringen heeft gedaan in het pand (o.a. verplaatsing van de ingang) en maatregelen heeft genomen om tegemoet te komen aan de bezwaren van de bewoners (omwonenden en bovenbewoners).

Buitenruimte De investeringen en maatregelen hebben ertoe geleid dat, volgens de gemeente, de gevreesde overlast in de buurt niet is ontstaan of is afgenomen. Uit het wekelijks veiligheidsoverleg zorg, waar alle incidenten, meldingen vanuit politie, handhaving, alpha 9en zorgaanbieders worden besproken met de gehele keten maatschappelijke opvang blijkt dat aantal meldingen van klachten in de buitenruimte rondom het Anton Pieckhofje nihil is. Dit beeld wordt bevestigd door de coördinator sociale veiligheid van Schalkwijk, het stadsdeel waar het Anton Pieckhofje deel van uitmaakt. Wietlucht De gemeente erkent dat de situatie rondom stankoverlast door blowen nog aandacht behoeft, maar vraagt zich af of aanvullende praktische maatregelen de bezwaren tegen 9

Aplphazorg is het verlenen van huishoudelijke hulp aan langdurig zieken en ouderen.

19

uitbreiding zullen wegnemen. Het gaat om slechts enkele personen die ook op hun kamer blowen. Andere mensen die blowen doen dit niet in het Anton Pieckhofje. Tegen de achtergrond van de bouwkundige investeringen en andere maatregelen die al zijn genomen om een leefbare situatie te creëren, zijn er twijfels bij de gemeente of nog meer maatregelen zullen helpen. Extra maatregelen? Tijdens de interviews en in de verschillende overleggen met de begeleidingscommissie en individueel met verschillende partijen is een aantal extra mogelijke maatregelen genoemd, die hieronder worden beschreven. Rookruimte(n) De mogelijkheid van de installatie van, door meerdere betrokkenen geopperde, rookruimte(s) is ook bekend bij de gemeente. In het collegebesluit van 16 november 2021 (het verbouwingsbesluit) wordt het realiseren van een rookruimte (en een fietsenstalling) als één van de belangrijkste elementen van de verbouwing genoemd (p.4). Deze rookruimte is echter niet gerealiseerd. Los van de juridische bezwaren die er aan kleven, bestaat er twijfel of dit echt gaat werken. Het is ook geen garantie dat bewoners die blowen dat niet meer in hun kamer zullen doen. Bovendien, het openen van een rookruimte geeft een tegenstrijdig signaal af dat blowen wel is toegestaan in het Anton Pieckhofje, terwijl juist niet-blowen de gewenste situatie is.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13679469/1