CConstaterende datHaarlem
Koppel je AI →
Document · PDF

2 Bijlage 1 Het Haarlems Handvat

commissie Beheer 26 juni 2025, gemeente HaarlemBij agendapunt: Stadsadviseur mobiliteitstransitie programma 2025-202610.615 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Niet gevonden in dit document.

HET HAARLEMS HANDVAT A D V I E S S TA D S A D V I S E U R M O B I L I T E I T S T R A N S I T I T I E

01

02

FASE 1

FASE 2

03

04

BIJLAGE FASE 1

BIJLAGE FASE 2

01 OVER TOT ACTIE!

INLEIDING ‘Actie! Aan de slag voor een sociale, groene en leefbare stad.’ De titel van het coalitie akkoord van de Gemeente Haarlem laat er geen misverstand over bestaan. Nadat in de afgelopen jaren op verschillende thema’s stevige visies en ambities zijn geformuleerd, wordt het nu tijd om dit om te zetten in concrete projecten. De focus moet liggen op uitvoering. Meters maken. Veel van de uitdagingen waar de gemeente Haarlem voor staat, hebben een directe relatie met hoe we met de openbare ruimte omgaan. Het coalitie akkoord benoemt expliciet wonen, energie, klimaat, maar ook kansenongelijkheid. En die thema’s vragen allemaal om ruimte in onze straten. Net als in heel veel andere steden en dorpen is er behoefte om heel anders naar die straten te gaan kijken. Waar straten in de afgelopen decennia vooral plekken zijn geworden waar de doorstroming van verkeer en het parkeren van privéauto’s werden gediend, moeten ze nu weer als publieke ruimte gaan dienen voor een veel breder scala aan doelen. Maar dat klinkt gemakkelijker dan het is. We kijken naar-, denken over- en doen op de straat al tientallen jaren op dezelfde manier. Vastgelegd in ontwerprichtlijnen, normen, verkeersmodellen, regels, wetten,institutiesbeleidsinstrumenten en gedrag. En letterlijk gestold in asfalt, staal en beton.

Hoe komen we daaruit? Als het ons al lukt om anders naarde straat te kijken of er anders over te denken, dan loopt iedere gewenste verandering tegen weerstand vanuit deze status quo aan. Om de gewenste transitie vorm te geven, moeten we actief op zoek naar nieuwe manieren van kijken, moeten we leren om te stoppen met bestaandepraktijken en moeten we oefenen met hoe het anders kan. Om hiermeeaan de slag te gaan, heeft het college mij gevraagd om als Stadsadviseur Mobiliteitstransitie hierin gevraagd en ongevraagd advies te geven. Dat is op zichzelf een dappere zet. Uitdagingen formuleren en tegelijkertijd durven aangeven dat de weg daar naartoemoeilijk gaat zijn. In plaats van stilstand door angst voor verandering, wil Haarlem voorwaarts met moed en nieuwsgierigheid.

4

01 TERUGBLIK FASE 1: MEI TOT DECEMBER 2024

In de eerste fase heb ik, samen met mijn team kennis gemaakt met Haarlem en de basis gelegd om klaar te zijn voor de volgende stap: •

Op basis van beleidsstukken hebben we in kaart gebracht welkevragen er allemaal aan de straten van Haarlem worden gesteld vanuit verschillende dimensies.

•

Door middel van interviews met de relevante ambtenaren en input vanuit de stad, hebben we het krachtenveld in beeld gebracht voor alle dimensies. Dit is een levend document.

•

Samen met belangenverenigingen in twee sessies de eerste ideeën voor straatexperimenten en transitiepaden ontwikkeld en samenhang tussen verschillende dimensies in kaart gebracht.

•

We hebben methodiek ontwikkeld om dit samen met de stad verder uit te rollen.

•

Door te kijken naar alle geplande evenementen, straatprojecten en bestaande Haarlemse initiatieven (zoals Groene Proefwijken) in de komende jaren hebben we koppelkansen voor experimenten gedefinieerd. Dit is een levend document.

5

Daarnaast heb ik: •

Gesproken met de commissie van de Raad.

•

De wethouders geadviseerd over de keuzes rondom het stationsplein en de busroutes.

•

Gesproken vanuit Haarlem op Collegetour Mobiliteit van de provincie Noord-Holland op 25 september.

•

Podcast gesprek bij de Pletterij in hat kader van ‘Een Goed Gesprek met…’ in oktober.

•

Bij totstandkoming geholpen van straatinterviews over de vraag ‘Van Wie Is De Straat?’ op Radio Haarlem 105.

•

80 studenten begeleid in hun advies over een serie aan Haarlemse projecten met een ruimtelijke en/of mobiliteitsdimensie resulterendin een algemeen advies.

6

02 AAN DE SLAG!

02 ADVIES STADSADVISEUR FASE 2: AAN DE SLAG 1. De komende twee jaar gaat de Stadsadviseur Mobiliteitstransitie actief aan de slag met het organiseren van drie transitiepaden. a) De energie van de stad vangen om op concrete locaties samen met relevante partijen verder te werken aan een detaillering van opeenvolgende straatexperimenten. Deze experimenten hebben haalbaarheid als belangrijkste randvoorwaarde, waar bewustzijn en gedrag de startpunten zijn. b) We maken onderscheid in een Labteam (het huidige netwerk) en een Bouw-team (belanghebbenden die op locatie aan de slag gaan). c) Uit het (inter)nationale netwerk van de Lab of Thought en uit de (inter)nationale onderzoeksprojecten worden partijen betrok ken die experimenten kunnen organiseren Mogelijkheden voor doelen van transitiepaden: 1. Kinderen vanaf 8 jaar kunnen zelfstandig naar school. 2. De straat is volledig toegankelijk voor mensen in een rolstoel. 3. De straat is klaar voor hevige regenval en hittestress. 4. Kinderen kunnen veilig op straat spelen. 5. De straat is een ‘openlucht woonkamer’ waar mensen kunnenrelaxen, borrelen, boeken kunnen ruilen, of cultuur ervaren. 6. De straat is groen, zodat iedere bewoner in de nabijheid van groen leeft en zich ermee verbonden voelt. Zowel voor mens als dier. 7. Straten nodigen uit tot bewegen, er kan worden gesport. 8. Bewoners worden uitgenodigd zich te voet te verplaatsen.

8

Voor de gemeente Haarlem betekent dit: waar mogelijk

middelen beschikbaar stellen, zorgdragen voor een veilige omgeving waarin de experimenten plaatsvinden en een open houding aannemen naar bestaande processen en naar ideeën vanuit de stad, prioriteit geven aan doelen binnen de mogelijkheden. Er worden per transitiepad vooraf afspraken gemaakt over de verplichtingen. 2. We verzorgen een interne opleiding voor ambtenaren van de Gemeente Haarlem. Door de relevante ambtenaren op te leiden in de theorie van transitiekunde en in de praktijk van straatexperimenten worden zij klaargestoomd om zelf aan de slag te gaan met de mobiliteitstransitie. a) Hierbij wordt interactief gebruik gemaakt van de online leermodules van de Lab of Thought. b) Er worden lezingen georganiseerd van wetenschappers die met straatexperimenten werken. c) We leren van praktijkvoorbeelden van elders. d) We organiseren het jaarlijkse congres van Lab of Thought in Haarlem Voor de gemeente Haarlem betekent dit: het actief koppelen van alle relevante ambtenaren (en mogelijk ook externe partijen) aan dit ontwikkeltraject. Hiermee moet vrijblijvendheid worden vermeden. Voor het congres stelt de gemeente Haarlem een locatie ter beschikking.

9

3. We geven de komende twee jaar gevraagd en ongevraagd advies op lopende praktijken van gemeente en andere partijen. 4. Overige initiatieven en betrokkenheid van The Lab of Thought in Haarlem. a) We delen, in overleg met de gemeente, de voortgang en learnings met onze wereldwijde community van 1M volgers en mede-veranderaars. We zullen actief de “Haarlemse Handvaten”, beter bekend als “The Haarlem Handles”, promoten en die gebruiken in documentatie envoorbeelden voor transitie. Niet alleen in woord maar ook in daad. b) We nodigen actief het netwerk van de Lab uit in de gemeente Haarlem voor het uitwisselen van kennis en informatie en bij het ondersteunen van de transitie-experimenten. c) We organiseren het jaarlijkse Lab Gridlock festival in Haarlem in 2025. Ditevenement trekt high profile bezoekers uit het domein dat productieveinteracties tussen Haarlem en professionals uit het veld en links met andere steden en projecten bevordert. Haarlem stelt hiervoor een inspirerende locatie ter beschikking. d) The Lab publiceert en organiseert op onregelmatige tijden updates en uitwisselingen over learnings en inzichten voor de gemeente, provincies en zijn bewoners.

10

03 BIJLAGE 1 ACHTERGRONDINFORMATIE

FASE 1

3.1 DE DIMENSIES VAN DE STRAAT

3.1 DE DIMENSIES VAN DE STRAAT

De ambities in Haarlem zijn torenhoog. De gemeente Haarlem heeft in haar beleid, visies en diverse nota’s haar visie op de ambities en doelen op verschillende onderwerpen uiteengezet. Wij hebben deze documenten geanalyseerd en aanvullende interviews gehouden met ambtenaren. Deze inzichten hebben wij vertaald naar tien dimensies die relevant zijn om straten voor iedereen te maken. De gekozen dimensies zijn gebaseerd op de Ontwerpleidraad Leefkwaliteit Open-

bare Ruimte van de gemeente Groningen en bieden een breed kader voor het benaderen van de straat en openbare ruimte in Haarlem.De tien dimensies die in deze analyse centraal staan, zijn: Toegankelijk-

heid, Veiligheid, Beleving, Gezondheid, Sociaal, Mobiliteit, Ecologie, Klimaatadaptatie, Economie en Identiteit. Deze dimensies bieden een compleet beeld op de complexe interacties die van invloed zijn op de kwaliteit van de openbare ruimte en helpen om de doelen van de gemeente vanuit verschillende invalshoeken te beoordelen.

13

Voor elke dimensie presenteren we hier een aantal analyses, waarbij de volgende elementen aan bod komen:

•

Een samenvatting van de geformuleerde en vastgestelde doelen en visies;

•

Relevante citaten die gebruikt zijn om de doelen en visies voor de betreffende dimensie samen te vatten;

•

Een beschrijving van het Haarlems lokale speelveld: Via verschillende strategische analyses – bijvoorbeeld een SWOT analyse – is de informatie vanuit beleid en visies en interviews met ambtenaren binnen de gemeente, samengebracht tot een overzicht die het lokale speelveld toont. In dit speelveld zijn kansen en uitdagingen terug te vinden en is er actief gekeken naar de (lokale) samenhang tussen de verschillende dimensies. Dit totaaloverzicht zorgt voor een duidelijke en objectieve re-

presentatie van doelen die Haarlem zichzelf heeft gesteld voor de toekomst en laat de kansen en barrières zien vanuit deze doelen. Zo krijgen we een beeld van de complexiteit en samenhang van de dimensies, de uitdagingen en het speelveld van

14

de straat.

3.1.1

TOEGANKELIJKHEID

Haarlem vindt het belangrijk dat het een stad blijft die (ook) in de toekomst voor iedereen is. Er moet ruimtelijke kwaliteit geboden worden zodat Haarlemmers elkaar kunnen ontmoeten en kunnen uitrusten op straat. En waar kinderen een veilige plek hebben om te spelen, te bewegen en op te groeien. Ook moet de straat toegankelijk zijn voor mindervaliden en moet de meest kwetsbare verkeersdeelnemer prioriteit krijgen.

15

Heel belangrijk is dat Haarlem een stad blijft die ook in de toekomst voor iedereen is. Voor mensen met verschillende achtergronden en opleiding, een stad voor jong en oud. OMGEVINGSVISIE

We geven prioriteit aan voetgangers, fietsers en reizigers met het openbaar vervoer. MOBILITEITSBELEID

Ruimtelijke kwaliteit maakt het mogelijk dat Haarlemmers kunnen ontmoeten, deelnemen aan het economische en maatschappelijke verkeer en biedt een veilige plek voor kinderen om te spelen en op te groeien. MOBILITEITSBELEID

16

De openbare ruimte moet ook toegankelijk zijn voor mindervaliden. We treffen maatregelen om dit te realiseren. COALITIEAKKOORD

Mensen worden steeds ouder en blijven langer zelfstandig thuis wonen. Dit betekent dat er andere eisen komen voor het inrichten van de openbare ruimte, zodat ouderen en mindervaliden er ook gebruik van kunnen blijven maken. Bijvoorbeeld door het creëren van brede trottoirs, toegankelijke bushaltes, veilige routes naar voorzieningen en verlaagde trottoirbanden. Daarnaast moeten er meer plekken komen voor ontmoeting en uitrusten. SOR

Een stad die de meest kwetsbare verkeersdeelnemers prioriteit geeft. Een stad waar mensen zich vooral lopend en fietsend SOR verplaatsen.

17

WAT IS HET GEMEENTELIJKE SPEELVELD RONDOM DIT DOMEIN?

Haarlem is actief bezig met toegankelijkheid. Zo is er bijvoorbeeld een ‘coördinator toegankelijkheid’ en wordt er ontworpen op basis van toegankelijkheids-normeringen. Momenteel wordt er vooral al de link gelegd met mobiliteit en gezondheid. Er zijn nog veel mogelijke (benoemde) kansen die benut kunnen worden: informele speelruimte mee ontwerpen, looproutes aantrekkelijk maken voor alle doelgroepen, speciale aandacht voor ouderen, kinderen en min-

dervaliden. Ook het tegengaan van vervoersarmoede en vaardighedenachterstand - gericht op de fiets - is een belangrijke kans. De kansen grijpen vooral veel in op het Sociaal Domein en de openbare ruimte, daar moet samengewerkt worden. Hier liggen veel kansen.

Bronnen: • Fietsbeleid 2023 - De fiets als vanzelfsprekende keuze • Handboek Inrichting Openbare ruimte - Deel 2 Richtlijnen • Omgevingsvisie Haarlem 2045 • Mobiliteitsbeleid 2040 Haarlem • Actieplan Fiets 2023-2027 • Motie - Meer actie voor toegankelijkheid • Coalitieakkoord 2022 - 2026: Actie! Aan de slag voor een sociale, groene en leefbare stad. • Toegankelijke stad 2030 • Motie - Kinderburgemeester • Structuurvisie Openbare Ruimte - Haarlem 2040: Groen & Bereikbaar • Klimaatadaptatieagenda • Samen gezond in Haarlem - Uitvoeringsplan gezondheidsbeleid 2021-2023

18

3.1.2

VEILIGHEID

Straten moeten de fietser en voetganger meer ruimte geven om verkeersveiligheid te verbeteren. Kinderen moeten veilig en zelfstandig over straat kunnen. 30 km/u wordt de nieuwe standaard voor gemotoriseerd verkeer. Door aanleg van brede trottoirs en het maken van aantrekkelijke routes wordt er extra gelet op de sociale veiligheid van straten in de avonduren.

19

Doel is om de voetganger en fiets meer ruimte te geven om zo de verkeersveiligheid en toegankelijkheid te verbeteren. MOBILITEITSBELEID

Een stad waar kinderen kunnen spelen en veilig over straat kunnen gaan. Een stad die de meest kwetsbare verkeersdeelnemers prioriteit geeft. Een stad waar mensen zich vooral lopend en fietsend verplaatsen. SOR

Deze verplaatsingen vinden plaats op veilige wegen, waar de snelheid in de meeste gevallen terug is gebracht naar 30km/ uur. MOBILITEITSBELEID

20

Naast het stimuleren van fietsen voeren we gerichte acties uit om fietsers veilig door het verkeer te leiden. FIETSBELEID 2023

Het verbeteren van de kwaliteit van deze verbindingen wordt gerealiseerd door aanleg van brede trottoirs en verbetering van de aantrekkelijkheid van de routes, waarbij specifiek aandacht is voor sociale veiligheid van de routes (met name in de avonduren). MOBILITEITSBELEID

Door loop- en fietsroutes naar scholen veiliger en aantrekkelijker te maken, worden deze een beter alternatief voor de auto. BIJLAGE ECOLOGISCH BELEID

21

WAT IS HET GEMEENTELIJKE SPEELVELD RONDOM DIT DOMEIN?

Op het gebied van fietsveiligheid gebeurt er al veel in Haarlem. Vanuit de gemeente, maar vooral vanuit bewoners. Dit duidt dat er wel degelijk een probleem is op het gebied van veiligheid op straat. Het gemotoriseerd verkeer terugbrengen naar 30 km/u is een belangrijke stap. Een belangrijke kans is om de routes naar scholen veiliger - en daarmee - aantrekkelijker te maken voor fietsers en voetgangers. Momenteel zijn er veel zorgen over de verkeersveiligheid van kinderen en jongeren die zelfstandig naar school fietsen. Door aantrekkelijkheid van deze routes zou ook de sociale veiligheid verbeterd worden.

Bronnen: • Mobiliteitsbeleid 2040 Haarlem • Structuurvisie Openbare Ruimte - Haarlem 2040: Groen & Bereikbaar • Coalitieakkoord 2022 - 2026: Actie! Aan de slag voor een sociale, groene en leefbare stad. • Fietsbeleid 2023 - De fiets als vanzelfsprekende keuze • Bijlage Ecologisch beleid 2013-2030 - Actualisatie 2019

22

3.1.3

BELEVING

Onder andere door hybride werken is een aantrekkelijke en aangename (en gezonde) leefomgeving belangrijker dan ooit. De waardering voor de openbare ruimte groeit. Haarlem wil daarom zorgen voor meer ruimte voor bomen, spelen, voetgangers, water en fietsers. Er wordt niet beknibbeld op kwaliteit in het straatbeeld. Trottoirs moeten aangename plekken zijn om te verpozen en te spelen. Kunst en cultuur speelt zich meer in de wijken af: levendig, herkenbaar, laagdrempelig en minder anoniem. Creativiteit. In de hele stad. Overal.

23

Als je voor je werk niet afhankelijk bent van een (kantoor)gebouw, kies je waarschijnlijk voor een aangename omgeving. Een aantrekkelijke en gezonde leefomgeving zal daarom ook na de pandemie belangrijker zijn dan ooit. OMGEVINGSVISIE

In de gebiedsontwikkeling wordt het belang van een aantrekkelijke woonomgeving steeds meer erkend en juist kunst en cultuur kunnen hieraan bijdragen. CULTUURPLAN

De pandemie en de maatregelen hebben verder gezorgd voor een herwaardering van de openbare ruimte. Ook dit zal in de toekomst extra belangrijk blijven. OMGEVINGSVISIE

Verblijfskwaliteit gedijt bij aandacht voor en betrokkenheid bij de openbare ruimte. Dat betekent dat bij inrichting en onderhoud niet wordt beknibbeld op de kwaliteit. SOR

Trottoirs zijn aangename plekken om te verpozen en te spelen. SOR

24

Met de Structuurvisie openbare ruimte slaat Haarlem een duidelijke richting in, waarbij functies die nu nog regelmatig in het gedrang komen, zoals bomen, spelen, voetgangers, water en fietsers, meer ruimte zullen krijgen. SOR

En een stad die al een enorme culturele rijkdom kent, maar waar al die losse initiatieven meer verbonden kunnen worden, instellingen meer gezamenlijk initiatief willen ontwikkelen en waar kunst en cultuur meer in de wijken zelf plaatsvindt. CULTUURPLAN

Door het creëren van culturele activiteiten, kunstprojecten en een bijhorende culturele infrastructuur in de wijk kunnen bewoners zich ontwikkelen en elkaar ook ontmoeten. Dat maakt een wijk levendig, herkenbaar, veiliger en minder anoniem. CULTUURPLAN

Cultuur in de eigen vertrouwde wijk maakt het laagdrempelig en toegankelijker, zodat kunst voor iedereen altijd dichtbij is. CULTUURPLAN

25

WAT IS HET GEMEENTELIJKE SPEELVELD RONDOM DIT DOMEIN?

Door de coronapandemie is er een besef gekomen dat beleving van de directe leefomgeving steeds belangrijker wordt. Dat moeten we gebruiken! Binnen beleid worden er duidelijke keuzes gemaakt om de beleving in straten te verhogen: meer afwisseling (groen, ont-

moeting, speelruimte etc.) dan nu. Verblijfskwaliteit staat hoog in het vaandel. Deze kans moet gegrepen worden. De gemeente wil. Experi-

menten moeten ervoor zorgen dat de inwoners van Haarlem ook willen. Maak het alternatief en de meerwaarde zichtbaar, in plaats van het gesprek vooral te voeren over wat er weg gaat! De cultuursec-

tor kan hier helpen, zij zijn in Haarlem gewend om te experimenteren, te vernieuwen en te verbinden. Een belangrijk aandachtspunt is dat deze initiatieven op een goede manier met elkaar verbonden worden.

Bronnen: • Omgevingsvisie Haarlem 2045 • Structuurvisie Openbare Ruimte - Haarlem 2040: Groen & Bereikbaar • Mobiliteitsbeleid 2040 Haarlem • Cultuur Maakt Haarlem - Cultuurplan 2022-2028 • Nota Ruimtelijke Kwaliteit - Visie op Ruimtelijke Kwaliteit

26

3.1.4

GEZONDHEID

Haarlem moet een stad worden met een gezonde en actieve levensstijl. Hierbij is het belangrijk om straten te ontwikkelen die uitnodigen tot bewegen, waar een focus op voetgangers en fietsers een grote rol speelt Ook een groene omgeving is belangrijk voor de gezondheid van de stad. Haarlem wordt een stad waar de fysieke en sociale leefomgeving (mentale) gezondheid bevordert.

27

Meer bewegen draagt bij aan een gezonde stad. Door de verschuiving naar meer fietsen en lopen binnen Haarlem, zorgen we ook voor een actieve en gezonde levensstijl. MOBILITEITSBELEID

Hierbij is het belangrijk om in te zetten op een omgeving die uitnodigt om meer te bewegen. MOBILITEITSBELEID

Spreken we over de gezonde stad dan gaat het om veiligheid, maar ook dat mensen langer thuis blijven wonen, dat je je in de stad makkelijker kunt bewegen en dat er oplossingen worden gezocht voor klimaathinder en milieubelasting door verkeer. SOR

Haarlem wil graag een openbare ruimte die uitnodigt tot bewegen. SOR

28

Een groene omgeving is belangrijk voor de gezondheid van mensen. SOR

De inrichting van de openbare ruimte is ook van invloed op het psychisch welbevinden van mensen. Een groene omgeving is belangrijk voor de gezondheid van mensen. Waar mogelijk komen er ontmoetingsplekken en speelplekken in het groen. SOR

Het combineren van sport, spelen en ontmoeten voor alle leeftijden versterkt het welzijn van de inwoners. COALITIEAKKOORD

Onderzoek heeft ook duidelijk gemaakt dat mensen gezonder zijn als de woonomgeving meer groen bevat. De aanwezigheid van groen vermindert o.a. stress. GROENBELEID

29

WAT IS HET GEMEENTELIJKE SPEELVELD RONDOM DIT DOMEIN?

Binnen Haarlem lijkt het besef van het belang van een gezonde stad al goed aanwezig te zijn. In het coalitieakkoord wordt veelvuldig gesproken over het combineren van sport, spelen en ontmoe-

ten in de openbare ruimte. Zowel fysieke- als mentale gezondheid ligt in het vizier. De duidelijke shift in mobiliteit van auto naar fietser en voetganger, geeft een mooie kans om gezondheid meer te benadrukken in het gesprek. Ook voor vergroening biedt het koppelkansen: een groene omgeving daagt uit tot bewegen, maar er is ook duidelijk bewijs dat groen in de directe leefomgeving bijdraagt aan psychisch welbevinden. Ook klimaatadaptatie is essentieel om op een gezonde manier in Haarlem te kunnen blijven wonen, voornamelijk voor kwetsbare doelgroepen. Ook hier is het een belangrijk aandachtspunt dat deze initiatieven op een goede manier met elkaar verbonden worden.

Bronnen: • Mobiliteitsbeleid 2040 Haarlem • Structuurvisie Openbare Ruimte - Haarlem 2040: Groen & Bereikbaar • Coalitieakkoord 2022 - 2026: Actie! Aan de slag voor een sociale, groene en leefbare stad. • Haarlem gaat op groen! - Groenbeleidsplan • Samen gezond in Haarlem - Uitvoeringsplan gezondheidsbeleid 2021-2023 • REGIONALE NOTA GEZONDHEIDSBELEID 2021-2028 - SAMEN GEZOND IN KENNEMERLAND

30

3.1.5

SOCIAAL

In een sociale stad is volop ruimte voor ontmoeting. In parken en op pleinen, maar vooral ook in de straat. Om vitale wijken te creëren, wil Haarlem bewoners de kans bieden om initiatieven op het gebied van leefbaarheid, ontmoeting, vergroening, verduurzaming of sport samen uit te voeren. Het sociaal domein versterkt de fysieke ruimte door bewoners een actieve rol te geven in de inrichting van de openbare ruimte.

31

Een stadsstraat kenmerkt zich door multifunctioneel gebruik, drukte, ontmoeting en de verbindende functie. OMGEVINGSVISIE

Ontmoeten gaat gemakkelijker op de fiets en te voet en op plekken waar mensen van nature samenkomen. OMGEVINGSVISIE

Daarnaast zetten we in op vitale wijken. Inwoners bruisen van de energie om de leefbaarheid in Haarlemse wijken te vergroten. Dat kan zijn op het gebied van elkaar ontmoeten, vergroenen, verduurzamen of sporten en bewegen. COALITIEAKKOORD

32

Groene plekken zorgen ook voor sociale binding en bieden een aantrekkelijke ruimte voor sport en spelen. Door groene ontmoetingsplekken in een buurt hebben bewoners vaak meer contact met elkaar. Het sociale weefsel in een buurt kan verder versterkt worden door participatief buurtgroen. GROENBELEID

Het sociaal domein kan het fysieke domein helpen, door inwoners een actieve rol te geven in het proces. REGIONALE NOTA GEZONDH

Met name de groep jongeren die zich eenzaam voelt groeit. Sociaal isolement leidt regelmatig tot bijkomende (fysieke) klachten bovenop de psychische klachten. Hoewel eenzaamheid niet door de overheid is op te lossen, kunnen we wel bijdragen door bewoners initiatieven die gericht zijn op ontmoeting, te ondersteunen. COALITIEAKKOORD

33

WAT IS HET GEMEENTELIJKE SPEELVELD RONDOM DIT DOMEIN?

Haarlem hecht veel waarde aan het initiatief van de bewo-

ner. De gemeente wil hier graag aan bijdragen, inhoudelijk, als aanjager, faciliterend of financieel. Volgens Haarlem kan het sociaal domein het fysieke domein helpen, door inwoners een actieve rol te geven in het proces. Binnen de verschillende transities is het erg belangrijk om aandacht te hebben voor sociale beïnvloeding. Ook ontmoeting is belangrijk voor de sociale structuur. In mobiliteitsbeleid wordt aangeven dat ontmoeting makkelijker gaat op de fiets of te voet en door groene ontmoetingsplekken in een buurt hebben bewoners vaak meer contact met elkaar. Om aantrekkelijke ontmoetingsplekken te behouden, is het belangrijk dat de stad klimaatadaptiever wordt. Participatief buurtgroen versterkt het sociaal weefsel in een buurt, welke identiteit wél herkenbaar en vertrouwd moet blijven. Het is belangrijk om de groeiende groep eenzame jongeren op een goede manier sociaal te faciliteren.

Bronnen: • Mobiliteitsbeleid 2040 Haarlem • Omgevingsvisie Haarlem 2045 • Coalitieakkoord 2022 - 2026: Actie! Aan de slag voor een sociale, groene en leefbare stad. • Nota Ruimtelijke Kwaliteit - Visie op Ruimtelijke Kwaliteit • Haarlem gaat op groen! - Groenbeleidsplan • Samen gezond in Haarlem - Uitvoeringsplan gezondheidsbeleid 2021-2023 • REGIONALE NOTA GEZONDHEIDSBELEID 2021-2028 - SAMEN GEZOND IN KENNEMERLAND

34

3.1.6

MOBILITEIT

Minder auto's op straat. Prioriteit aan voetgangers, fietsers en reizigers met het openbaar vervoer. Dat wordt de nieuwe mobiliteit in Haarlem. Omgekeerd ontwerpen: eerst ruimte voor de voetganger en fietser, wat overblijft is voor de auto. Een grote verandering, samen met de hele stad, waar Haarlem aanjaagt, faciliteert en sóms dwingt tot ander gedrag. Het alternatief als droombeeld.

35

We geven prioriteit aan voetgangers, fietsers en reizigers met het openbaar vervoer. MOBILITEITSBELEID

In 2030 is onze openbare ruimte groener en leefbaarder, met minder auto’s op straat. MOBILITEITSBELEID

In de voorbereiding van projecten en herinrichtingen wordt het principe van omgekeerd ontwerpen toegepast. MOBILITEITSBELEID

36

De fiets heeft daarbij een cruciale rol. Ze is herontdekt als vervoermiddel (want: gezond, duurzaam, relatief gezien goedkope investering en draagt bij aan een leefbare stad). FIETSBELEID 2023

Het mobiliteitsbeleid is een transitiebeleid, waarbij de overheid de verandering aanjaagt, faciliteert en soms ook verkeersdeelnemers dwingt tot ander gedrag en oplossingen. MOBILITEITSBELEID

37

WAT IS HET GEMEENTELIJKE SPEELVELD RONDOM DIT DOMEIN?

Haarlem maakt in haar beleid een duidelijke keuze: minder auto's, meer groen, en prioriteit voor de fietser en voetganger. Ook wordt er ingezet op veilig fietsen voor kinderen. Mobiliteit moet hét domein zijn vanuit waar ruimte wordt geschapen. Ook het OV wordt gezien als kans om het aantal auto's en autoverplaatsingen te verminderen. Haarlemmers en bezoekers worden gestimuleerd om daadwerkelijk minder, anders, ge-

zonder en schoner te reizen. Het alternatief wordt aantrekkelijk gemaakt en dit wordt ook op deze manier benadrukt in de communicatie. Bij het implementeren van parkeerregulering wordt er gekeken naar de hoeveelheid groen in de wijk en de parkeerdruk. De padafhankelijkheid (keuzes die gemaakt zijn in het verleden, die keuzes in het heden mede bepalen) van autogebruik zorgt ervoor dat grote verandering momenteel nog erg moeilijk zijn. Dit vraagt om een ander gesprek met de stad.

Bronnen: • Mobiliteitsbeleid 2040 Haarlem • Structuurvisie Openbare Ruimte - Haarlem 2040: Groen & Bereikbaar • Omgevingsvisie Haarlem 2045 • Coalitieakkoord 2022 - 2026: Actie! Aan de slag voor een sociale, groene en leefbare stad. • Fietsbeleid 2023 - De fiets als vanzelfsprekende keuze

38

3.1.7

ECOLOGIE

Groener. Haarlem bekent kleur. Met een fors budget wordt het buurtgroen, samen met de wijk, in de stad versterkt en komt er een sterkere basis voor een goede stedelijke biodiversiteit. Als Haarlemmers uit hun woning stappen, komen ze zoveel als mogelijk terecht in een groene straat, waar het groen primair gericht is op het welzijn van de gebruiker. Zowel mens als dier.

39

We stellen fors budget beschikbaar voor extra vergroening. Hiermee kunnen we de versteende stad vergroenen, bijvoorbeeld door het vergroenen van daken, icoonprojecten en groene projecten in de wijken. COALITIEAKKOORD

Elke ontwikkeling moet aangegrepen worden om bij te dragen aan een aantrekkelijker groene en natuurlijke omgeving, waar mensen graag wonen en werken. GROENBELEID

Haarlem is betrokken bij het ontwikkelen van een waarderingsmethodiek om de maatschappelijke waarde van groen zichtbaar te maken en een volwaardige plek in de besluitvorming te geven. SOR

Waardevolle ecologische locaties dienen dan ook zo veel mogelijk met elkaar te zijn BIJLAGE ECOLOGISCH BELEID verbonden.

40

Door het verbinden van groene gebieden blijft de stad Haarlem leefbaar en weerbaar tegen klimaatinvloeden en ontstaan er meer mogelijkheden voor dieren en planten om te leven en voor mensen om daarvan te genieten. OMGEVINGSVISIE

Buurtgroen is wezenlijk voor leefbare buurten en wijken. Buurtgroen bestaat uit groen in de directe woonomgeving. Dit is het groen dat bewoners zien door hun raam of als ze uit hun woning stappen. OMGEVINGSVISIE

Het groen is primair gericht op het welzijn van de gebruiker. Het welzijn van de gebruiker is door het veranderende klimaat ook afhankelijk van klimaatadaptief buurtgroen. Bewoners hebben vaak direct belang bij de inrichting van buurtgroen. OMGEVINGSVISIE

41

WAT IS HET GEMEENTELIJKE SPEELVELD RONDOM DIT DOMEIN?

Haarlem wil inzetten op een sterke structuur van buurtgroen in de huidige sterk versteende stad. Educatie en bewustwording zijn hierin belangrijke schakels. Er komt fors budget beschikbaar om de stad daadwerkelijk groener te maken. Veel van dit geld is beschikbaar voor burgerinitiatieven. Groen in en om de stad draagt ook bij aan de oplossing van verschillende maatschappelijke vraagbronnen, zoals klimaatadaptatie en gezondheid. Daarom is het belangrijk om in elkaar rakende beleidsdomeinen de functie van groen te integreren. Buiten burgers moet groen ook kwaliteit bieden voor de biodiver-

siteit in de stad. Plekken moet zoveel mogelijk verbonden worden zodat er niet enkel 'groene eilandjes' ontstaan. Hoewel de ambities groot zijn, is het lastig om overal in de meest versteende stad van Nederland groen aan te leggen. Vaak is er simpelweg (nog) geen ruimte.

Bronnen: • Mobiliteitsbeleid 2040 Haarlem • Structuurvisie Openbare Ruimte - Haarlem 2040: Groen & Bereikbaar • Coalitieakkoord 2022 - 2026: Actie! Aan de slag voor een sociale, groene en leefbare stad. • Klimaatadaptatieagenda • Bijlage Ecologisch beleid 2013-2030 - Actualisatie 2019 • Omgevingsvisie Haarlem 2045 • Haarlem gaat op groen! - Groenbeleidsplan

42

3.1.8

KLIMAATADAPTATIE

Ruimte voor klimaatadaptatie in plaats van voor de auto. Minder blik en steen. Vergroenen en vernatten. En dat als harde ontwerp-eis. Vanuit klimaatadaptatie wordt er gezocht naar meervoudig ruimtegebruik in de straat. Doormiddel van communicatie- en stimuleringsacties wordt de bal bij de stad gelegd, samen met de gemeente maken zij de openbare ruimte meer klimaatadaptief.

43

In deze visie wordt de keuze gemaakt om minder ruimte te geven aan de auto. Doordat de (stilstaande) auto erg veel openbare ruimte opeist en bijna overal in de stad aanwezig is, is het onmogelijk om de stad klimaatadaptief te maken zonder openbare ruimte op de auto terug te winnen. De auto blijft in de stad aanwezig maar krijgt een kleinere rol. OMGEVINGSVISIE

Vergroenen & vernatten door: ruimte te creëren voor klimaatadaptatie ten koste van ruimte voor de auto. OMGEVINGSVISIE

Het ‘Strategisch plan klimaatadaptatie’ spreekt de voorkeur uit voor groene maatregelen om Haarlem klimaatbestendiger te maken. GROENBELEID

Bij stedenbouwkundige programma’s van eisen, gebiedsvisies en ontwerp- en inrichtingsplannen wordt klimaatadaptatie een harde (ontwerp- en inrichtings)eis. KLIMAATADAPTATIEAGENDA

44

Vanuit klimaatadaptatie wordt gezocht naar meervoudig ruimtegebruik om al deze functies te combineren in de beperkte openbare ruimte. MOBILITEITSBELEID

Klimaatadaptatie vraagt niet alleen om maatregelen in het fysieke domein (ruimtelijke adaptatie) maar ook om maatregelen in het sociale domein (sociale adaptatie). KLIMAATADAPTATIEAGENDA

Met communicatie- en stimuleringsacties krijgen Haarlemmers informatie en worden gestimuleerd om zelf maatregelen te nemen. Dit kan zijn door bijvoorbeeld vergroeningsacties, campagnes over hittestress of uitleg op basisscholen. KLIMAATADAPTATIE

De gemeente is verantwoordelijk voor de klimaatadaptieve inrichting van de openbare ruimte. De gemeente zoekt hierin de samenwerking met bewoners, bedrijven en andere gebruikers en belanghebbenden van de openbare ruimte. KLIMAATADAPTATIEAGENDA

45

WAT IS HET GEMEENTELIJKE SPEELVELD RONDOM DIT DOMEIN?

De bebouwde omgeving moet beter bestand worden tegen hevige regenval, langdurige hitte en een veranderend grondwaterpeil. Vanuit klimaatadaptatie wordt gezocht naar meervoudig ruimtegebruik om al deze functies te combineren in de beperkte openbare ruimte. Recreatie-

ve routes worden gecombineerd met de groen- blauwstructuur. Ontwikkelingen worden zoveel mogelijk gekoppeld aan vervangingen vanuit het verbreed gemeentelijk Rioleringsplan. Met communicatie- en

stimuleringsacties krijgen Haarlemmers informatie en worden gestimuleerd om zelf maatregelen te nemen. Klimaatadaptatie vraagt niet alleen om maatregelen in het fysieke domein (ruimtelijke adaptatie) maar ook om maatregelen in het sociale domein (sociale adaptatie). De gemeente zoekt de samenwerking met partners in het sociale domein op het vlak van bewustwording, klimaatacceptatie. De gemeente zoekt samenwerking met bewoners, bedrijven en belanghebbenden van de openbare ruimte. Het is niet makkelijk om in een dichtbevolkte stad als Haarlem extra groen en water toe te voegen. Het is onmogelijk om de stad klimaatadaptief te maken zonder openbare ruimte op de auto terug te winnen.

Bronnen: • Omgevingsvisie Haarlem 2045 • Structuurvisie Openbare Ruimte - Haarlem 2040: Groen & Bereikbaar • Haarlem gaat op groen! - Groenbeleidsplan • Strategisch plan klimaatadaptatie • Mobiliteitsbeleid 2040 Haarlem • Coalitieakkoord 2022 - 2026: Actie! Aan de slag voor een sociale, groene en leefbare stad. • Handboek Inrichting Openbare ruimte - Deel 2 Richtlijnen • Klimaatadaptatieagenda

46

3.1.9

ECONOMIE

Een groene straat met water verhoogt de waarde van het aanliggende vastgoed. In het centrum - het economisch hart van Haarlem moet levendigheid, ontmoeten, winkelen en verblijven centraal staan om te floreren. Ook is ruimtelijke kwaliteit een belangrijke troef om bewoners, investeerders en bezoekers aan de stad te binden.

47

Stadsgroen en water verhogen daarnaast de economische waarde van vastgoed. GROENBELEID

Met name het centrum is het hart van de stad waar levendigheid, ontmoeten, winkelen en verblijven centraal staat. MOBILITEITSBELEID

48

Een groene omgeving bevordert het vestigingsklimaat. Vooral voor kennisintensieve en internationale bedrijven. GROENBELEID

Voor Haarlem is ruimtelijke kwaliteit een belangrijke troef om bewoners, investeerders en bezoekers aan zich te binden. NOTA RUIMTELIJKE KWALITEIT

49

WAT IS HET GEMEENTELIJKE SPEELVELD RONDOM DIT DOMEIN?

Door het centrum voetgangersgebied te maken speelt Haarlem in op trends die spelen op het gebied van economie en detailhandel. Er is dus een besef dat deze transitie een economisch effect zal hebben. Verder verhoogt ook stadsgroen en water de economische waarde van het vastgoed in de stad. Ook bevordert een groene om-

geving het vestigingsklimaat. Vooral voor kennisintensieve en internationale bedrijven. Voor Haarlem is ruimtelijke kwaliteit een belangrijke troef om bewoners, investeerders en bezoekers aan zich te binden.

Bronnen: • Mobiliteitsbeleid 2040 Haarlem • Dit is Haarlem • Coalitieakkoord 2022 - 2026: Actie! Aan de slag voor een sociale, groene en leefbare stad. • Haarlem gaat op groen! - Groenbeleidsplan • Strategisch plan klimaatadaptatie • Nota Ruimtelijke Kwaliteit - Visie op Ruimtelijke Kwaliteit

50

3.1.10

IDENTITEIT

Historische punten en structuren als belangrijk onderdeel van de belevingswaarde. Cultuurhistorie levert een positieve bijdrage aan de kwaliteit van de leefomgeving en draagt bij aan een gedeeld verhaal waar Haarlemmers zich in herkennen. De identiteit van de stad is bepalend voor de leefomgeving. Haarlem wil dé creatieve stad van toegepaste innovatie zijn. Een proeftuin van vernieuwing. Ook in de straat. Een herkenbaar Haarlem.

51

Aandachtspunten Structuurvisie: Belevingswaarde historische structuren en oriëntatiepunten versterken. SOR

Cultuurhistorie levert een positieve bijdrage aan de kwaliteit van de leefomgeving en draagt bij aan een gedeeld verhaal waar Haarlemmers zich in herkennen. DIT IS HAARLEM

Ook in 2021 is het de kunst en cultuur die een belangrijk onderdeel uitmaakt van de identiteit van de stad. CULTUURPLAN

52

Haarlem wil dé creatieve stad van toegepaste innovatie zijn. Een proeftuin van vernieuwing. CULTUURPLAN

Het is belangrijk dat we ervoor zorgen dat huidige en toekomstige veranderingen in de stad en het buitengebied bijdragen aan het herkenbaar houden van de geschiedenis en de karakteristieken van Haarlem. DIT IS HAARLEM

53

WAT IS HET GEMEENTELIJKE SPEELVELD RONDOM DIT DOMEIN?

Kunst en cultuur maakt een belangrijk onderdeel uit van de Haarlemse identiteit. De stad is gezegend met een rijkdom aan cultuurhistorische waarde, die niet alleen de vorm, maar ook het karakter van de stad bepalen. Zij vertellen het verhaal van Haarlem. Cultuurhistorie levert een positieve bijdrage aan de kwaliteit van de leefomgeving en draagt bij aan een gedeeld verhaal waar Haarlemmers zich in herkennen. Die identiteit van de stad is bepalend voor onze leefomgeving en kan als inspiratie dienen bij toekomstige ruimtelijke en maatschappe-

lijke opgaven. Haarlem wil dé creatieve stad van toegepaste innovatie zijn. Een proeftuin van vernieuwing. Het is belangrijk dat de huidige en toekomstige veranderingen in de stad bijdragen aan het herken-

baar houden van de geschiedenis en de karakteristieken van Haarlem.

Bronnen: • Mobiliteitsbeleid 2040 Haarlem • Structuurvisie Openbare Ruimte - Haarlem 2040: Groen & Bereikbaar • Dit is Haarlem • Cultuur Maakt Haarlem - Cultuurplan 2022

54

55

56

57

58

3.2 KOPPELKANSEN

3.2 KOPPELKANSEN

Er gebeurt erg veel in Haarlem, de stad is in ontwikkeling. En ook qua evenementen is Haarlem een bruisende stad. Om optimaal gebruik te kunnen maken van alle lijntje die al lopen hebben we alle mogelijke aanleidingen die kunnen helpen binnen de mobiliteitstransitie in kaart gebracht. Dit zorgt voor een helder overzicht van projecten (met een duidelijke verbinding met de straat) en evenementen. De projectplanningen zijn afkomstig uit verschillende jaarplannen en gebiedsprogramma’s, waardoor het voor kan komen dat deze niet gelijk lopen met de daadwerkelijke uitvoering. Deze planningen worden binnenkort herijkt, waardoor we een volledig recente afspiegeling van de werkelijkheid hebben. Dit overzicht van koppelkansen is een levend do-

cument, welke constant vernieuwd, herijkt en aangevuld zal worden.

60

61

62

63

64

3.3 TRANSITIES

3.3 TRANSITIES

Met alle bovenstaande doelen en de veranderingen die hiervoor nodig zijn op straat, is het terecht dat er wordt gesproken over de noodzaak voor een transitie. Maar waar hebben we het dan over? Een transitie is een lange termijn proces waarin fundamentele veran-

deringen plaatsvinden in de cultuur, structuur en praktijk van een samenleving. Een mobiliteitstransitie of transitie van onze straten is dus niet enkel een verschuiving van auto’s naar fietsen (S.T.O.M.P.) of het optimaliseren van het OV netwerk. Als we alle verschillende dimensies een plek willen geven in onze beperkte openbare ruimte, dan gaat het echt over een radicaal andere manier van werken. En dan gaat het niet alleen over het verkennen van vernieuwingen, maar ook het afscheid nemen van bestaande processen en manieren van werken. Een centrale waarde in een transitie is nederigheid. We weten dat de huidige praktijken niet werken en dat er veranderingen nodig zijn om de uitdagingen aan te kunnen gaan. Maar we weten nog niet precies hoe dat

66

moet. Een situatie waarin we ons niet kunnen laten tegenhouden door

een gezonde angst voor verandering, maar voorwaarts moeten met moed en nieuwsgierigheid. Die nederigheid maakt dat gezamenlijk leren centraal komt te staan. In plaats van oude hiërarchieën en ingesleten technocratische processen moeten we samen met elkaar op zoek. In die zoektocht moeten we ook leren omgaan met de typische maatschappelijke dynamiek van weerstand en draagvlak. Zonder die weerstand te bagatelliseren, we kunnen er immers veel van leren, weten we ook dat het heel vaak groter lijkt dan het daadwerkelijk is. En het omgekeerde geldt voor draagvlak. Deze ‘meervoudige onwetendheid’ (pluralistic ignorance) is hier weergegeven in de in wetenschap gebruikte ‘Heuvel van Hysterie’. Hoe organiseren we dan moed en nieuwsgierigheid?

04 De "Heuvel van Hysterie"

67

Een succesvol straatexperiment bevat de kenmerken haalbaar, radicaal, strategisch en communicatief. Deze kenmerken worden hieronder verder toegelicht.

Haalbaar: Hoe kun het experiment veranderen zodat het op korte termijn en met beschikbare middelen te organiseren is? Een goed voorbeeld hiervan zijn de stokrozen van Lund. In deze Zweedse stad liep de vergroeningsopgave aan tegen ruimtelijke beperkingen van straten in het centrum. En was er geen onverdeeld draagvlak om parkeerruimte hiervoor om te vormen. In plaats daarvan kregen alle inwoners van een straat een stokroos, een klimstructuur en het aanbod om een gat in de straat te maken van de gemeente. Met de enige eis om er goed voor te zorgen. Niet alleen wilden mensen dit massaal, er ontstond zelfs interne competitie om de mooiste en hoogste stokroos van de straat te hebben. In Parijs werd de weerstand tegen autovrije schoolstraten overwonnen, door alle basisscholen eerst een experiment te laten doen. Met goedkope en tijdelijke maatregelen kon er bij iedere school gekeken worden wat de gevolgen waren van deze afsluiting. Ging het goed, dan werd de straat meer definitief veranderd. Zo niet, dan niet. Van de 200 experimenten, lieten 199 zien dat het autoverkeer verdampte.

•

05 De stokrozen van Lund

68

Hulpvragen voor haalbare experimenten:

•

Welke kleine stappen kunnen nú al worden uitgeprobeerd?

•

Wie zijn de belangrijkste belanghebbenden en hoe kunnen zij bijdragen aan de realisatie van het idee?

•

Welke aanpassingen aan het idee kunnen de kosten verlagen zonder afbreuk te doen aan de kern?

•

Hoe kun je het idee testen op een kleinere schaal voordat het je het volledig uitvoert in de openbare ruimte?

Radicaal: Hoe kun je nieuwe praktijken die naar voren komen nóg meer fundamenteel anders maken dan huidige praktijken? Bij experimenten staat leren centraal, dus moet je dingen uitproberen die echt anders zijn. Dat principe zie je goed in de leefstraten. Beroemd uit Gent, maar ook al uitgevoerd in Haarlem. De straat is echt een tijdje een andere soort ruimte, met alle voor- en nadelen van dien. Belangrijk hierbij is dat het ook een aanzienlijke periode wordt uitgeprobeerd. Zo leer je welke gewoontes er wel/niet kunnen veranderen.

06 De schoolstraten van Parijs

69

07 De leefpleinen van Gent

08 De leefstraten van Haarlem

70

Hulpvragen voor radicale experimenten:

•

Hoe kan het experiment dagelijkse routines veranderen of het normale gebruik van de straat omvormen?

•

Hoe zouden humor, absurditeit of verwondering kunnen worden gebruikt voor het experiment?

•

Hoe zou je de straat inrichten als er geen beperkingen waren op het gebied van technologie, materialen of budget?

•

Wat als de straat ontworpen moest worden voor behoeften van mensen over 50 jaar, in plaats van vandaag?

Strategisch: Hoe vergroot je de kans dat inzichten uit het experiment het bredere publiek bereiken en mobiliseren? De inmiddels international Fietsbus Beweging kent één centrale held. Sam Balto is een gymleraar die in Portland begon om op vaste dagen en via een vaste route naar school te fietsen met kinderen. Hij zorgde ervoor dat het vanuit zijn eigen gezichtspunt werd gefilmd en dat je ook de gezichten van hemzelf en de kinderen ziet. Hij geeft aan dat het belangrijk is dat mensen op deze manier leren en ervaren waarom de fietsbus zo waardevol is.

09 De bike bus van Sam Balto

71

Hulpvragen voor strategische experimenten:

•

Wat voor inzichten of data moeten er worden verzameld?

•

Hoé kunnen mensen leren van het experiment?

•

Wat is de ‘call to action’?

•

Wát moeten mensen leren van het experiment?

Communicatief: Hoe zorg je dat lessen tijdens het experiment een groot bereik krijgen? Hoe bereik je meer relevante partij-

en? In Leeuwarden wandelde een bos van 1200 bomen door de stad. Op 11 plekken werden straten zo een tijd lang omgevormd tot een bos. Dit culturele project werd communicatief gemaakt, doordat bijvoorbeeld de gemeenteraad hun vergaderingen ook in dit bos hielden.

10 Het wandelende bos van Leeuwarden

72

Hulpvragen voor communicatieve experimenten:

•

Hoe kan je het experiment promoten?

•

Welke andere partijen kan je betrekken bij het experiment?

•

Hoe worden mensen uitgenodigd om deel te nemen aan het experiment?

•

Hoe zorg je ervoor dat verschillende doelgroepen worden aangesproken?

73

3.4 STRAATEXPERIMENTEN EN TRANSITIEPADEN

3.4 STRAAT EXPERIMENTEN EN TRANSITIEPADEN

Tijdens de tweede inspiratiesessie van ‘de Straat is van Iedereen’ is er een start gemaakt binnen het proces om straatexperimenten en transitiepaden te ontwerpen met partijen (en individuen) uit de stad. In deze sessie hebben de deelnemers kennis gemaakt met deze manier van denken én werken. Voor het proces van het Haarlems Handvat heeft deze sessie gewerkt als belangrijke leerschool en heeft het veel inzichten gegeven in het proces. Deze inzichten bieden een goede basis om het proces de komende jaren verder uit te zetten binnen Haarlem, zowel voor de gemeente als bewoners. Er wordt begonnen vanuit een bepaalde uitdaging (deze kunnen per sessie, doelgroep en groepsgrootte verschillen) die voortkomt uit de doelen van de gemeente. Deze doelen worden in sommige gevallen extra ingekleurd om het denkproces vloeiender te laten verlopen.

75

In dit geval waren dat: 1.

Kinderen vanaf 8 jaar kunnen zelfstandig naar school.

2.

De straat is volledig toegankelijk voor mensen in een rolstoel.

3.

De straat is klaar voor hevige regenval en hittestress.

4.

Kinderen kunnen veilig op straat spelen.

5.

De straat is een ‘openlucht woonkamer’ waar mensen kunnen relaxen, borrelen, boeken kunnen ruilen, of cultuur ervaren.

6.

De straat is groen, zodat iedere bewoner in de nabijheid van groen leeft en zich ermee verbonden voelt. Zowel voor mens als dier.

7.

Straten nodigen uit tot bewegen, er kan worden gesport.

8.

Bewoners worden uitgenodigd zich te voet te verplaatsen. Vanuit een van deze uitdagingen/doelen wordt door de deel-

nemers individueel een ‘basis-straatexperiment’ bedacht als startpunt. Hierna worden de vier andere basisprincipes in het experiment gebracht. Per ronde schuiven de deelnemers het invulformulier door, waarna een andere deelnemer een van de vier basisprincipes in het experiment brengt. Dit gaat door tot alle basisprincipes behandeld zijn. Hierna wordt het experiment – door de originele bedenker – herontworpen in één super haalbare variant en één radicale variant. Deze twee versies kunnen gebruikt worden voor het transitiepad.

76

11 De Straat is Van Iederen - De tweede inspiratiesessie

12 De Straat is Van Iederen - De tweede inspiratiesessie

77

Samen met de partijen uit de stad zijn er tijdens de sessie

zo’n

vijfentwintig

experimenten

verzonnen, welke

als

in-

put en inspiratie kunnen dienen voor het ontwerp van daadwerkelijk uit te voeren experimenten binnen de Straategie. Hier volgen – ter illustratie - enkele voorbeelden van de verzonnen experimenten:

13 De Straat is Van Iederen - De tweede inspiratiesessie

14 De Straat is Van Iederen - De tweede inspiratiesessie

78

15 De Straat is Van Iederen - De tweede inspiratiesessie

16 De Straat is Van Iederen - De tweede inspiratiesessie

79

17 De Straat is Van Iederen - De tweede inspiratiesessie

18 De Straat is Van Iederen - De tweede inspiratiesessie

80

19 De Straat is Van Iederen - De tweede inspiratiesessie

20 De Straat is Van Iederen - De tweede inspiratiesessie

81

TRANSITIEPADEN

21 Voorbeeld van een transitiepad naar veilige fietsroutes voor kinderen, geschetst door Sam Belto (de initiatiefnemer van de Portland Bikebus)

De tweede inspiratiesessie is vooral gebruikt als oefening met de stad hoe het verzinnen van experimenten en transitiepaden werkt. Er zijn goede voorbeelden (of aanzetten tot) van experimenten en transitiepaden uit de sessie gekomen, maar als onderdeel van het leerproces is ook opgemerkt dat er nog stappen gezet moeten worden. langere tijd om de experimenten en transitiepaden vorm te geven en een meer diverse doelgroep zijn binnen het vervolg belangrijke voorwaarden. De samenstelling van belangenbehartigers, ambassadeurs, platforms en burgergroepen werkt goed als klankbord, maar er is meer nodig om een experiment succesvol uit te voeren. Het lijkt ons daarom belangrijk om de transitiepaden vorm te geven met de gemeente en met het Stratenmaker-bouwteam (de groep die écht dingen op kan pakken en beweging kan brengen in de Haar-

82

lemse dynamiek). De deelnemers van de twee ‘De Straat is van Iedereen’ sessies zullen in het vervolgproces van de Straategie grotendeels gebruikt worden als klankbordgroep, waarin specifieke belangen en perspectieven ondergebracht worden. Het Stratenmaker-bouwteam moet de komende tijd worden gevormd. Hier volgen – ter illustratie twee voorbeelden van verzonnen transitiepaden tijdens de sessie:

22 De Straat is Van Iederen - Transitiepaden

23 De Straat is Van Iederen - Transitiepaden

83

Om daadwerkelijk samen met de stad én de gemeente tot een passende Straategie te komen, moeten er de komende tijd verschillende experimenten en transitiepaden ontworpen worden. Dit doen we samen met de gemeente en met het op te richten bouwteam. Om deze experimenten en transitiepaden te laten werken, wordt er gewerkt vanuit een sterke basis van haalbaarheid. Als zaken niet (nog) niet mogelijk zijn, kijken we via welke haalbare stappen we toch bij het beoogde resultaat kunnen komen, waardoor we toch radicaal kunnen veranderen. Een belangrijke voorwaarde voor succesvolle experimenten is dat deze verbonden worden aan de juiste partijen en de juiste koppelkansen. Dit concept kan vervolgens worden gebruikt als communicatie- en wervingsmiddel. Op de volgende pagina is een voorbeeld te vinden van hoe een transitiepad (in dit geval is er gekozen voor de tijdsspanne van één jaar, het transitiepad loopt hierna echter nog verder door) er uit zou kunnen zien. Binnen dit overzicht is onder andere het belang en de inzet van de gemeente en doelgroepen te zien, is er te zien welke dimensies van de straat samenhang hebben met het desbetreffende transitiepad en zijn de losse experimenten te zien op een tijdlijn. Bij de experimenten wordt aangegeven wat het experiment is, wat de koppelkans is en wie de kartrekker van het experiment is.

Op een losse pagina worden de experimenten uitgelegd en is er een stappenplan te vinden van hoe deze georganiseerd kunnen worden. Het is belangrijk dat na elk experiment de geleerde lessen in kaart worden gebracht (en gedeeld worden) en te evalueren of het experiment als succesvol beschouwd kan worden. Is dat niet het geval en zijn de geleerde lessen duidelijk? Dan kan het experiment eventueel opnieuw vanuit deze kennis worden uitgevoerd. Om wat beeld te geven volgt hier een korte uitleg van enkele experimenten uit het overzicht: VZW: Vrijdag Zelf Wandelen naar school dag. – Dit experiment is opgebracht binnen de tweede inspiratiesessie. Het idee is dat er op een vrijdag zelf door leerlingen naar school wordt gelopen. Dit kan in groepjes

84

– een idee wat eerder in het transitiepad al op kleine schaal is getest -. Dit experiment is goed te koppelen aan de Grand Prix in Zandvoort, aangezien er geen auto’s en motoren in delen van Haarlem mogen komen rondom dit evenement. In dit geval is er dan ook gekozen voor een basisschool in Ramplaankwartier, waar deze regels van kracht zijn. Hierdoor zullen de leerlingen door een omgeving lopen waar minder verkeersdrukte is dan op een reguliere dag, waardoor zij ook kunnen ervaren hoe dit is. De organisatie ligt in dit geval bij de Aloysiusschool (met name in de vorm van communicatie richting ouders en het verbinden van groepjes kinderen, bijvoorbeeld door het opzetten van een aantal logische routes waar op aangesloten kan worden. Ook kan de school kiezen om de starttijd een kwartier te verlaten, zodat er wat extra tijd is voor het lopen) en ouders (met name in het aansporen van hun kinderen het eventueel escorteren naar de aangewezen routes. Ook kunnen enkele ouders een oogje in het zeil houden als de kinderen in groepjes naar school lopen). De eerste editie van de Fietsbus – na dat er een aantal experimenten hebben plaats gevonden waarin kinderen zelfstandig naar school zijn gaan lopen, is er veel enthousiasme ontstaan rondom dit onderwerp. Nu is het tijd voor de volgende stap: de eerste editie van de fietsbus. Dit kan in samenwerking gedaan worden met de Avondvierdaagse.

In dit geval wordt er gekozen voor een school die langs een route van de Avondvierdaagse ligt (op de desbetreffende dag). In samenwerking met de gemeente wordt (een deel van) deze route al vanaf ‘s ochtends afgesloten in plaats van vanaf het begin van de wandeling in de avond. Op deze manier kan de kinderen een veilige en lege weg geboden worden om de fietsbus als eerste keer te testen.

85

04 BIJLAGE 2 ACHTERGRONDINFORMATIE

FASE 2

04 AANBEVELINGEN EN VERVOLGTRAJECT Actie! Dat was en is het startpunt van de Stadsadviseur Mobiliteitstransitie. Maar de vraag daarbij is natuurlijk: aan welke soort actie heeft gemeente Haarlem nu echt behoefte? Vooropgesteld: er wordt op allerlei terreinen uiteraard voortdurend actie ondernomen. Zowel door de gemeente zelf als door allerlei partijen in de stad. Na de afronding van een uitgebreide kennismaking met Haarlem, is de basis gelegd voor de volgende stappen. Het beleid, het krachtenveld en de koppelkansen zijn geanalyseerd en in samenwerking met bewoners vertaald naar mogelijke transitiepaden. Deze transitiepaden bieden perspectief op de noodzakelijke experimenten die Haarlem ondersteunen bij de transitie van de straat. De komende twee jaar gaat de Stadsadviseur Mobiliteitstransitie actief aan de slag met het organiseren van een aantal transitiepaden. Hierbij wordt op concrete locaties samen met relevante partijen verder gewerkt aan een detaillering van opeenvolgende straat-experimenten. We maken onderscheid in een Lab team (het huidige netwerk) en een Bouw-team (belanghebbenden die op locatie aan de slag gaan). Naast het werken aan transitiepaden gaat onder leiding van de stadadviseur een educatie-programma van start, adviseert de stadsadviseur op een beperkt aantal projecten en vinden er netwerkbijeenkomsten plaats.

88

1.

TRANSITIEPADEN - DE VOLGENDE STAP.

Zodra er een definitieve keuze gemaakt is op de focus van de transitiepaden (vooralsnog wordt de focus kinderen en vergroening) gaan we gericht in gesprek met verschillende mensen binnen de organisatie om de concrete, thema-inhoudelijke aanleidingen voor energie in de stad te vangen: op het gebied van initiatieven en netwerk, zullen we hiervoor vooral de gebieds-verbinders gebruiken, om concrete aanleidingen in kaart te brengen binnen gemeentelijke projecten gaan we in gesprek met medewerkers van de afdelingen van BBOR, PCM en OMB. Parallel aan dit proces gaan we in gesprek met partijen die een belangrijke rol kunnen spelen binnen het bedenken, organiseren en uitvoeren van de experimenten (op deze manier maken we een krachtige koppeling tussen de lijntjes binnen de gemeente en de lijntjes in de stad). (Basis)scholen zullen hier voor het beoogde eerste transitie pad bijvoorbeeld een belangrijke rol in spelen. Vanuit een helder doel brengen wij hen vervolgens in contact met enthousiaste bewoners (doeners!) om samen - in een sessie waar we gebruik maken van de ontwikkelde thematiek - een duidelijk transitie pad op te stellen met opvolgende experimenten in haalbare stappen, waarin de rolverdeling en aanleidingen (koppelkansen) duidelijk zijn.

Vanuit hier gaan we vrij snel richting de uitvoering: we zijn er tenslotte om te experimenteren! We werken vanuit haalbaarheid als randvoorwaarde. Dit geldt bijvoorbeeld ook voor de capaciteit (zowel binnen financiën als mankracht) vanuit de gemeente. Wat gaat de stadsadviseur in de volgende fase doen binnen de transitiepaden? De komende twee jaar gaat de Stadsadviseur Mobiliteitstransitie actief aan de slag met het organiseren van één of meer transitiepaden (afhankelijk van scope en schaal van uitwerkingsniveau). a) De energie van de stad vangen om op concrete locaties samen met relevante partijen verder te werken aan een detaillering van opeenvolgende straatexperimenten. Deze experimenten hebben haalbaarheid

89

als belangrijkste randvoorwaarde, waar bewustzijn en gedrag de startpunten zijn. b) We maken onderscheid in een Lab-team (het huidige netwerk, die vooral gebruikt worden als expert, spiegel, verbindende factor en vraagbaken) en een Bouw-team (belanghebbenden - zowel partijen als individuen - die op locatie samen aan de slag gaan). c) Uit het (inter)nationale netwerk van de Lab of Thought en uit de (inter)nationale onderzoeksprojecten worden partijen betrokken die experimenten kunnen organiseren. Voorstel voor de verdeling van de transitiepaden en samenwerking binnen andere lijnen in jaar 1 (2025/2026): Activiteiten voor de transitiepaden

• De activiteiten van de stadsadviseur en het team • Opzet en definitie randvoorwaarden, tijdslijn en experimenten; • Informeren, aansluiten en activeren partners en gemeente voor uitvoer;

• Uitvoer van gefaseerde experimenten; • Tussenrapportage en optimalisatie van vervolgstappen. Gedurende de experimenten zal er, in samenspraak met de Gemeente Haarlem, op regelmatige basis gecommuniceerd worden over de experimenten binnen én buiten de verbonden stakeholdersgroepen. 2.

EDUCATIEPROGRAMMA

Om het denkkader en de taak van de stadsadviseur en het proces van transitiepaden te verankeren in de organisatie is educatie (met een duidelijke link met de praktijk) de sleutel.

90

De gemeente stelt een gemengd team uit de gemeente Haarlem en de provincie van ongeveer 25 mensen samen, die een narratief gedreven innovatie en educatie programma doorlopen. Met als doel om het team te trainen en de kennis te geven voor de bestendiging van toekomstige stadsveranderaars. In plaats van een gemengd team, kan er ook gekozen worden de educatie te verbinden aan specifieke projecten (die nog aan de voorkant van het proces zitten) binnen de gemeente. Waarin het gedachtegoed en nieuwe manier van werken meteen toegepast kan worden en zich als een olievlek door de organisatie kan verspreiden. De voorkeur gaat uit om educatie te verbinden aan de specifieke projecten. De definitieve manier van aanvliegen wordt de komende tijd samen met de gemeente bepaald. Naast dit educatie traject van learning by doing organiseert de stadsadviseur nog een aantal andere activiteiten. bestaande uit de volgende onderdelen:

• Een kennismaking werksessie/lecture onder leiding van de stadsadviseur;

• Een digital open course met opdrachten (project georiënteerd studiedruk 4 weken 1 uur per dag);

• Review en beoordeling van opdrachten en initiatief projecten (projectgeoriënteerd);

• Terugkom werksessie, afronding en certificering (project georiënteerd).

• Lezingen van wetenschappers/planners die betrokken zijn bij andere soortgelijke transitietrajecten (algemeen) 3.

ACTIVITEITEN VOOR GEVRAAGD ADVIES

Er speelt veel in de stad. Ook in andere domeinen en gebieden van transitie. Om de stad op de meest effectieve manier te helpen in de verschillende transities, zal er tijd zijn om wethouders en projecten te adviseren. Om het werk van de stadsadviseur zo doelgericht mogelijk te maken en om de ineffectieve verdunning van de inzet te voorkomen, is het noodzakelijk dat de vragen zich richten op onderwerpen of gingen waar de gemeente niet op een andere manier uit kan komen. Als

91

uitdagingen waar de gemeente niet op een andere manier uit kan komen. Als blijkt dat de betrokkenheid van de stadsadviseurs buiten de scope valt dan zal er in goed overleg met de gemeente een oplossing gezocht worden, Lab of Thought kan ondersteunen in het vinden van deze oplossing. 4.

OVERIGE INITIATIEVEN EN BETROKKENHEID VAN THE LAB OF THOUGHT IN HAARLEM

The Lab is trots op haar werk in Haarlem en de nieuwsgierige en moedige houding van Haarlem is een voorbeeld voor velen. Om dat met nog meer impact te doen zal Het Lab zijn wereldwijde netwerk informeren en uitnodigen om de voortgangonline en live te volgen.

• We delen, in overleg met de gemeente, de voortgang en learnings met onze wereldwijde community van 1M volgers en mede-veranderaars.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15679280/1