10-17 Transcript commissie Ontwikkeling
Tekst van het document
Begin nou gewoon met hulpverlenen aan initiatiefnemers die daadwerkelijk een plan hebben. Kijk waar geschaafd kan worden. Ik denk dat daar wel iets vruchtbaars uit zou kunnen komen. Sterker nog, D66 is van mening, die opdracht heeft het college ook gekregen. Op 11 juli dit jaar nam de gemeenteraad een D66 motie aan: maak meer woningvormen mogelijk, met als hoofddoel mogelijkheden bieden aan onder andere dit soort transformaties. Pak die kansen aan. Volgens mij zitten ze op de publieke tribune. Voorzitter: Dank u wel, mijnheer Krouwels. Mijnheer Heinis, Partij van de Arbeid. De heer Heinis: Dank u wel, voorzitter. We zien gewoon dat het initiatief nog steeds niet voldoet aan heel belangrijke normen. Het is 50 procent sociale huur aan de westkant van het Spaarne. Dat is er niet. De parkeernormen kloppen niet en ook de minimale oppervlakte, we hebben minimale oppervlakte voor onze woningen, die kloppen hier ook niet.
33
Voorzitter: Mijnheer Krouwels. Mijnheer Heinis, u heeft een interruptie. De heer Krouwels: Dan is het toch ongemakkelijk om volgende week bij gewoon toevallige kaders van een andere periode thumbs up te geven aankomende week? Dan kunnen we daar toch wel anders tegenaan kijken? Ook vanuit die woningnood? Voorzitter: Mijnheer Heinis. De heer Heinis: Dit zijn afspraken uit de tijd van 2014-2018, hebben we maatwerkafspraken voor gemaakt. Dat wilden we eigenlijk ook niet, maar dat hebben we moeten doen om toch die projecten door te laten gaan. En dit zijn grote projecten. De initiatiefnemers konden ons er niet van overtuigen dat corporaties niet geïnteresseerd zijn. Onder de juiste condities kan dat best. Maar dan moet je wel voor bijvoorbeeld de juiste prijs en de juiste woningen aanbieden. We hebben dus heel veel woningen. We hebben Schonenvaert, Schipholpoort, Blauwe Wetering, heel veel kleine woningen die erbij komen. Ik zie niet echt dat de gesprekken hebben geleid tot een aanpassing van het plan en ik vind het ook logisch dat de omgevingsvergunning niet verleend is. Dat is toch gewoon klip-en-klaar. Ik moet ook een beetje terugdenken aan een artikel dat ik laatst las op stadszaken.nl over Wenen. Er stond vandaag ook een mooi artikel in de Volkskrant over Wenen. En ik ga een klein stukje voorlezen.
‘Het geheim van het succesvolle Weense woonmodel is dat de stad met een consistent beleid op betaalbaarheid, verwachtingen op megawinsten op voorhand tempert en daarmee grip heeft op de stedelijke grondmarkt. Met een toegankelijke sociale woningmarkt als resultaat. De stad deinst er niet voor terug speculanten in de kou te laten staan door een bouwbestemming te weigeren en een kaveltje over te slaan. Vooralsnog heeft de stad nog keuze waar het wil bouwen.’ En dat hebben wij ook. We hebben 16.000 woningen in de plancapaciteit zitten. We hebben meer projecten dan we aankunnen als organisatie en we kunnen gewoon de projecten kiezen waar ontwikkelaars wel aan de voorwaarden kunnen voldoen. We hebben de laatste jaren heel hard gewerkt aan een helder, gelijk en voorspelbaar speelveld voor ontwikkelaars. En door dit soort projecten hier van de kaders af te wijken, dan verzwak je dat speelveld en dan verzwak je eigenlijk die afspraken. Dan zijn we echt de boel flink aan het verzwakken. Doodzonde zou dat zijn. Voorzitter: Dank u wel, mijnheer Heinis. Mijnheer Amand, Trots Haarlem. De heer Amand: Voorzitter, ik wilde toch even een interruptie plaatsen. Want mijnheer van de Partij van de Arbeid heeft het over de Blauwe Wetering. Maar wanneer gaat de heer Luigi Prins daar beginnen? Voorzitter: Mijnheer Amand, dat was uw termijn.
De heer Amand: Dat was een vraag aan de heer van de Partij van de Arbeid. Voorzitter: Dit is een hele bijzondere interruptie. Maar, mijnheer Heinis, misschien wilt u er antwoord op geven? De heer Heinis: We hebben er meerdere keren technische vragen over gesteld de afgelopen periode. Die kunt u teruglezen. Voorzitter: Mijnheer Amand, de heer Heinis heeft geen tijd meer. Dus dat gaat niet op. Gaan we door naar mevrouw Van den Broek, Partij voor de Dieren, in één seconde.
34
Mevrouw Van den Broek: Ik ben eigenlijk wel nieuwsgierig of de wethouder zich aansluit bij de Partij van de Arbeid dat de woningbouw hier eigenlijk gewoon wel kan blijven laten, dat we dat gewoon niet gaan doen, of dat hij daar toch nog wel muziek in ziet. Als niet dit plan, dan wellicht met een ander plan. Voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Jacobsz, OPHaarlem. Mevrouw Jacobsz: Dank u wel, voorzitter. Er werd net gezegd dat je het speelveld onder druk zet als je dit project gaat doen. Maar wij gaan – hoeveel? 10.000? – woningen bouwen en dit gaat over vijftig sociaal appartementen 100 procent sociale koop of 14 sociaal appartementen. Dus ik vraag me af hoe dat dan kan op 10.000 woningen. En als ik dit zie, schaam ik mij gewoon eigenlijk voor onze gemeente. Echt waar. Ik vind het echt fantastisch dat dit project bestaat. En ik ben echt verbaasd over de PvdA met deze opmerking. Want ik denk, wees blij met zulke initiatieven. OPHaarlem vindt gewoon dat we daar echt op een redelijkheid en billijkheid naar dit soort projecten moeten kijken. Voorzitter: Gaan we door. Mijnheer Bruch, VVD. De heer Bruch: Dank u wel, voorzitter. Ik ben toch van mening dat, gezien de enorme woningnood op dit moment, toch een hele belangrijke missie van deze gemeenteraad is om zoveel mogelijk betaalbare woningen beschikbaar te krijgen voor de Haarlemse woningmarkt.
En dan kan je wel vasthouden aan sociale huurwoningen waarvan niemand bereid is om ze te exploiteren, maar dan krijg je dus zaken als bij het Dantuma terrein, waar de bouwer geen sociale huurwoningen wilde bouwen. Het heeft 10 jaar braak gelegen en nu is het een parkeerplaats geworden. Natuurlijk vindt de VVD het fijn dat er in Haarlem toch iets meer ruimte komt voor het parkeren van auto's, maar er had allang een appartementencomplex kunnen staan met middeldure woningen. Dus als je vasthoudt aan die socialehuurnorm, uiteindelijk heb je dan minder woningen. We krijgen nu eigenlijk in onze schoot geworpen de kans om vijftig betaalbare woningen aan de markt toe te voegen. Hoe blij kan je zijn? Ik zeg knijpen in je handen en onmiddellijk aan de slag. Voorzitter: Dank u wel, mijnheer Bruch. Mevrouw Jacobsz, we hebben u al gehad. Mevrouw Oppenhuis, CDA. Mevrouw Oppenhuis: Het CDA vroeg niet voor niets hoe groot zijn de kleinste appartementen. Want we hebben inderdaad wel, zoals D66 zegt thumbs up gedaan, maar dat waren wel andere soorten woningen. Dat ging om jongerenwoningen. Toch denkt het CDA er wel aan, om dit wel onder de aandacht te brengen van de wethouder, want we hebben inderdaad een woningopgaaf. Ik hoop dat er gewoon nog eens een keer naar wordt gekeken en misschien kunnen de laatste dingen toch nog aangevinkt worden door creatieve oplossingen.
Voorzitter: Dank u wel, mevrouw Oppenhuis. Mijnheer Amand, Trots Haarlem, nog. De heer Amand: Dank u wel, voorzitter. Wij vragen toch aan de wethouder of hij nog even wil studeren of er nog een mouw aan te passen is. Dat zou Trots Haarlem graag willen. Want we hebben woningen nodig en vooral voor jongeren. Dus ik hoop dat hij een goed besluit neemt. Niet dat we dit zo allemaal weg moeten gooien. Voorzitter: Gaan we door naar de heer Drost, GroenLinks. Gaat uw gang. De heer Drost: Dank u wel, voorzitter. Ik heb het natuurlijk allemaal gelezen, alle artikel 32-vragen. Er stond natuurlijk ook een stuk in de krant. De reactie daarop en ik voel me in eerste instantie wel wat op het
35
verkeerde been gezet door de vraag van de ChristenUnie. Het ging onder andere over kleine overschrijdingen. Ik denk dat dat gewoon niet klopt. Het zijn gewoon heel veel punten waar in eerste instantie het plan gewoon niet aan voldeed. Ben ik het helemaal mee eens. Je zit niet bij dat soort gesprekken als Raad, zit helemaal eens dat je hoopt dat er gesprekken met de ambtenaren gevoerd worden van hoe zou het plan eventueel wel kunnen? Dat hoop ik wel. Maar ik vind ook wel dat sommige commissieleden hun eigen rol ook echt wel wat serieuzer mogen nemen. Want ik vind de boodschap gek die u hier naar buiten stuurt. Want we stellen allemaal kaders vast als Raad. Daar zeggen we tegen onze organisatie: ga daarmee aan de slag, zo willen we dat u werkt. En dan voldoet dat plan niet en dan hoor ik hier meerdere mensen zeggen: maar dit moeten gewoon kunnen; ga gewoon bouwen. Stuur dan niet die kaders mee, zou ik u mee willen geven. En als laatste: als we nou alleen niet aan de verhouding … Voorzitter: Mijnheer Drost, voordat u met uw laatste punt begint, u heeft een interruptie van de heer Krouwels, D66. De heer Krouwels: Ik heb helemaal niet gezegd, dat we dit moeten doen. Ik heb alleen gezegd dat ik schrik van de opstelling. Dat als er meegekeken wordt, dat er misschien wel wat uitkomt.
Bent u het dan niet met me eens, dat we dat kleine initiatiefnemers wel moeten kunnen geven? Voorzitter: Mijnheer Drost. De heer Drost: Ik denk niet dat ik u direct aansprak. U voelt zich aangesproken, maar ik sprak u niet aan. Het punt wat ik wilde maken is dat het in zijn algemeenheid hier soms, dat ik me wel verbaas, dat we een hele duidelijke richting onze ambtenaren opsturen, die voldoen daaraan en dan vervolgens dan zeggen: maar dat is toch raar dat dit gebeurt. Ja, dat zijn onze eigen kaders. Dus kijk ook vooral naar jezelf. Die twee punten die dan nog openstaan: ik denk dat ook daar de ChristenUnie wel iets te makkelijk over het parkeren doet, gelet op alle gesprekken die gevoerd worden op dit moment rond parkeren, zeker in Noord. En als laatste dan die verhouding van bouwen. Ik denk dat onze eigen kaders daar al ruimte in laten. We kunnen daarvan afwijken als we daarvoor willen kiezen als Raad. Dus ik zou zeggen, leg dat dan voor en dan maken we daar een afweging op. Voorzitter: Dank u wel, mijnheer Drost. Anderen nog? Mijnheer Van Exter, Forum. De heer Van Exter: Dank u wel, voorzitter. Toen ik dat plan las of de vragen, toen moest ik denken aan Gerard Reve, die de vraag kreeg: Is Nederland een leuk land? Dan zegt hij: ‘Ja, op zich wel, maar het is wel lastig als je als burger aan het loket komt.
Gaan ze niet kijken of het kan, maar ze gaan zoeken waarom het niet moet.’ Dat herken ik hier wel enigszins in. Nu moet ik daar meteen aan toevoegen, dat het originele plan ook rammelde en terecht, de redenering van de gemeente, daar kan ik wel in meegaan. Maar ik heb wel een vraag ten aanzien van er waren wel allerlei dingen mis met het aanvankelijke plan, maar er wordt ook gesproken over de ontwikkelzones. En wat ik begreep, is, woningbouw buiten de ontwikkelzones doen we liever niet. Er wordt gesproken over het verstoort de buurt, het verandert de verhoudingen. En daar willen we heel voorzichtig mee omgaan. Doen we niet. Dus de vraag aan de wethouder is in hoeverre, want het plan is nu verbeterd, is het mogelijk om buiten die ontwikkelingszones behoorlijke woningbouwprojecten te realiseren? Dat is de vraag. En tenslotte is het zo, inderdaad, er wordt met kaders gewerkt. Maar ik denk wel dat ertoe leidt dat het huisvesting en stedelijke ontwikkeling een heel gesloten circuit wordt. Als dit niet doorgaat, dan gaat een ander het ook niet meer doen. Dus je houdt het domein dan gesloten. En dat leidt natuurlijk niet tot een grote groei van de woningbouw.
36
Voorzitter: Dank u wel, mijnheer Van Exter. Anderen nog? Niemand. Dan gaan we naar de heer Roduner. Gaat uw gang. Wethouder Roduner: Dank u wel. Dit gaat, denk ik, over kaders, over capaciteit en ook over prioriteit. Over de kaders is het al veel gegaan, maar ik denk inderdaad het is belangrijk dat we wel met elkaar ook hechten aan de kaders die we hier vaststellen. Als u de beoordeling van de conceptvergunning ziet, dan ziet u eigenlijk dat het op zoveel vlakken afwijkt van wat wij acceptabel vinden, wat u ook zelf als Raad hebt gezegd. Het gaat over de economische functie, het gaat over parkeren, het gaat over de woningen, het gaat over geluid, het gaat over de grootte van de woningen. Het gaat echt over een hele hoop, dat we volgens mij niet met serieuze blikken kunnen zeggen, dit is prima, laat dit maar doorgaan op de inhoud. Dat is volgens mij waar we vandaan komen. En dat is overigens niet het eerste bouwplan, want de meeste bouwplannen voldoen niet aan onze kaders, zeg ik er dan altijd eerlijk bij. Maar dan gaat het dus over capaciteit. Dan gaat het over dat wij als gemeente aan de slag gaan met ontwikkelaars om tot betere bouwplannen te komen, die beter aansluiten op onze ambities en die tegelijkertijd recht doen aan de ambities en wensen van de initiatiefnemer.
Want we snappen uiteindelijk ook dat er uiteindelijk, als er iets ontwikkeld moet worden, toch ook iets verdiend moet worden. Dat is volgens mij het speelveld waar wij in zitten. Twee jaar geleden heb ik hier een mededeling gedaan in de commissie, heb ik gezegd, ik heb een hele hoop initiatiefnemers een brief gestuurd, dat hun initiatief niet in behandeling kan worden genomen. Was best een heftige brief. Een hele hoop initiatiefnemers hebben een brief gekregen, we hebben gewoon de capaciteit niet om alle initiatieven die er zijn – toen waren we in gesprek met stedenbouwer – er zijn 15 initiatieven in Noord die we op dit moment niet behandelen, dus realiseer dat. We hebben eerlijk gezegd, we gaan met elkaar de initiatieven die binnenkomen scoren op een onafhankelijke manier, op een goede manier, om te kijken, dan gaat het dus over prioriteit, wat heeft voor ons prioriteit en wat als er weer capaciteit is, wat is dan het eerste project wat we los willen trekken en waar wij als gemeente actief mee aan de slag te gaan om te zorgen dat het een goed project wordt, wat een waardevolle bijdrage aan Haarlem levert. Vorige commissiebehandelingen heeft u daar het eerste resultaat van gezien. Na twee jaar. Namelijk dat we aan de slag gaan met een aantal van de meest verpauperde stukjes Haarlem.
We hebben het over de Hélène Swarthstraat, waar inmiddels nog maar dertien mensen wonen, waar het merendeel is dichtgetimmerd, waar sprake is van een onprettige, onveilige woonsituatie. En nu pas kunnen we met elkaar aan de slag om daar wat aan te doen. En daar ben ik heel trots op, dat we dat gaan doen, dat we dat op een andere manier gaan doen. Maar dat is wel de harde keuze van de prioriteitstelling die we hebben gemaakt. Het gaat ook over de Amsterdamsevaart, het gaat over een plek in Schalkwijk. Er zijn heel veel meer plekken in Haarlem, waar ik eerder mee aan de slag wil dan met dit gebied. En dat heeft een voorgeschiedenis. Pré Wonen heeft het ooit verkocht. Hij heeft bij ons gepolst, mogen we het transformeren naar woningen? Toen hebben gezegd ook vanuit de economie, nee, we hebben ook behoefte aan kantoren. Het was een kantoorcomplexje, het was een functionerend kantoorcomplexje. Er is niks mis met dat gebied. Er is geen sprake van grote onveiligheidsvraagstukken, er is geen sprake van een ellendige situatie die we moeten oplossen op die plek. Dus we hebben gezegd, nee, laat het maar even een kantoorcomplexje. Vandaar dat het bij ons gewoon niet een hele hoge prioriteit heeft. Dat is netjes gecommuniceerd naar de initiatiefnemer. Dat is bekend. We hebben gewoon geen capaciteit om hier heel erg veel tijd in te stoppen. Dat is gewoon eerlijk.
Dan vind ik het lastig als we dan wel een gesprek hier hebben over dat mensen een vergunning indienen. Dat recht hebben ze overigens. Maar dan kan het niet zo zijn dat we de Raad gebruiken als een soort van extra route om toch uiteindelijk die capaciteit en die ingewikkelde vraagstukken maar te omzeilen. Dus daar hecht ik echt aan, want u doet uzelf tekort als we zeggen, dit moet voorrang krijgen. Want dan ben ik volgende week bij u terug en zeg, wat gaan we dan even van die projecten die we vorige week zo belangrijk vonden, niet doen? Dus dat even waar het zit. Volgens mij is er prima te praten over ook andere categorie van betaalbare woningen. We hebben daar volgens mij zelfs een raadsmarkt over georganiseerd.
37
Dat kunnen ook wel microwoningen zijn zoals dit dan, dat je echt wat kleinere koopwoningen doet. Dat is wat mij betreft prima ook om ook na te denken hoe we dat kunnen toevoegen aan de voorraad. Maar ik denk wel, we beginnen wel even met onze eigen kaders serieus te nemen en dit wijkt gewoon op te veel punten af. Gaat het dus over capaciteit, maar gaat het over prioriteit. Staat gewoon niet hoog op de prioriteitenlijst. Ik denk dat het goed is, dat we de initiatiefnemers weer allemaal een brief gaan sturen waar ze staan. Dat zou ook weer een beetje inzicht krijgen. Want ik snap dat het wel weer tot onrust in de stad leidt. Er zijn mijn nieuwe initiatieven. Als we de capaciteit zouden kunnen hebben, zouden we elk jaar 5000 woningen kunnen bouwen. Dat kan de stad overigens, denk ik, niet aan, maar dat is wel de behoefte. Dat is wel de hoeveelheid initiatieven uit de markt die er zijn, omdat ze Haarlem een hele aantrekkelijke woonstad vinden. En zeker als ze ook nog wat mogen afwijken van onze kaders. Misschien nog in dat kader. Leuk om te weten dat ik mijn eerste gesprek vanochtend was met Luigi Prins over de Blauwe Wetering. Want dat gaat dus ook over mijn capaciteit en inzet. Dat gaat over 429 woningen met een bestaande omgevingsvergunning goedgekeurd door de Raad. Betaalbare koopwoningen, ook klein.
Dus dat zijn er gelijk 400, wat gewoon lastig is in deze markt weg te zetten en waar we kijken of we Cobraspen kunnen helpen om uiteindelijk tot een ontwikkeling te komen die leidt tot het toevoegen van 400 betaalbare koopwoningen in Haarlem. Dat zijn de dingen waar we volgens mij aandacht voor moeten hebben en ook echt onze inzet op moeten plegen. Dus dat doe ik graag. Dat leidt tot een vraag, voorzitter. Ik weet niet of de heer Amand tijd heeft. Voorzitter: Mijnheer Amand, korte vraag daarover? De heer Amand: Kort, voorzitter. De vraag is natuurlijk, dan gaat het over de bouw Blauwe Wetering, daar gaat u over praten. Dat wilde ik horen van u. Voorzitter: Mijnheer Amand, dat zegt de wethouder net, dat hij een gesprek heeft gehad. Wethouder Roduner: We hebben een goed gesprek gehad en we denken dat we samen elkaar wel kunnen vinden en dat we misschien een klein beetje water bij de wijn moeten doen als gemeente, om toch te zorgen dat deze ontwikkeling op een goede manier doorgaat. Dat is diepe gesprekken wat wij dan hebben en we proberen ook echt mee te denken om de ontwikkelingen die er staan gewoon over de streep te brengen. En ook op deze manier. Dus dat is eigenlijk het korte verhaal volgens mij.
Ik heb niks tegen deze ontwikkeling, maar in de prioriteitstelling, ook omdat het gewoon een prima kantoorfunctie is, we daar ook behoefte aan hebben en er andere plekken gewoon echt schrijnender zijn, staat hij lager. Er zijn andere plekken waar we met dezelfde capaciteit meer woningen kunnen realiseren. Daar zetten we graag op in. We gaan het rijtje gestaag af, dus als er capaciteit vrijkomt, dan gaan we dat ook weer inzetten voor nieuwe projecten. Zo gaan we door. We hebben inmiddels een behoorlijke pijplijn aan projecten. Volgens mij zitten we op een productie, in ieder geval qua vergunningen en bestemmingsplannen, van 2000 per jaar. Dus dat is echt aanzienlijk meer dan we zouden moeten doen. Ik denk overigens inmiddels ook wel een beetje de max. Dus het gaat gestaag door. Maar er zijn nog een hele hoop plekken die we volgens mij ook echt, als we naar onszelf naar binnen kijken, belangrijker vinden dan deze ontwikkeling. Voorzitter: Dank u wel, mijnheer Roduner. Dat levert nog in ieder geval een vraag op van de heer Krouwels. Zijn er nog meer die een vraag hebben? Nog meerderen? Dan gaan we even een kleine inventarisatie doen. Mijnheer Krouwels, D66. De heer Krouwels: Heel kort. Natuurlijk, als er initiatiefnemers op de tribune zitten, lijkt het op cliëntisme, maar ik ben blij dat er wel op deze manier over nagedacht wordt.
Wethouder, zit er bij die kleine initiatieven die nu prioriteit hebben, zit er ook transformatie bij? En zouden we die lijst ook kunnen opvragen?
38
Voorzitter: En nog een vraag van de heer Bruch, VVD. De heer Bruch: Ik hoor dat bij de Blauwe Wetering dus een klein beetje water bij de wijn gedaan moet worden. We hebben hier een plan dat op een aantal punten is aangepast, dus dat is een nieuw plan. Is hier ook een klein beetje water bij de wijn te doen? Het gaat toch om vijftig woningen in een categorie die heel gewild is, want het kan voor mensen betekenen, dat ze goedkoper uit zijn dan een sociale huurwoning. Voorzitter: Mijnheer Visser, u heeft geen tijd meer en u bent er al ruimschoots doorheen. U zit in de toptwee van overschrijdingen, zie ik. Dus dat gaan we niet dan nog verder overschrijden. Mevrouw Jacobsz. OPHaarlem. Mevrouw Jacobsz: Ik wil nog even zeggen dat ik … Natuurlijk ben ik voor dat we binnen de kaders werken, maar ik pleit ook voor redelijkheid en billijkheid. Dus ik denk dat in deze fase het misschien toch een verstandige move zou zijn, om dit toch nog een keer onder de loep te nemen en te kijken of er niet wat te doen is. Voorzitter: Anderen nog? Nee. Mijnheer Roduner, gaat uw gang. Wethouder Roduner: Er zitten zeker transformatieprojecten ook gewoon wat er zijn. Hélène Swarth is natuurlijk sloop/nieuwbouw, Blauwe Wetering is een transformatie, dus dat zit al in de pijplijn.
Wat zit er nog meer in de pijplijn? Volgens mij een aantal ontwikkelzones nog, Planetenlaan 5 is ook zo’n project waar we eigenlijk als gemeente in het verleden al wel soort van toezeggingen hebben gedaan, dat we daarop medewerking aan zouden verlenen. Dat heeft te maken met een lange geschiedenis met ook een deal met Nova. Dus daar voel ik mij verantwoordelijker voor, voor Planetenlaan 5, dan voor deze, omdat we daar ook gewoon in het verleden een uitspraak hebben gedaan. Ook die staat in de wachtrij. Ik weet niet of we de lijst hebben, ik weet ook niet of het wenselijk is dat we die lijst gaan delen, maar we hebben wel de criteria. Dus ik denk dat het goed is dat ik in ieder geval nog even de criteria deel. Dat kan technisch, denk ik. Dat u kennis kunt nemen van de dingen waar wij ongeveer op scoren. Want dan kunt u een beetje een beeld vormen van wat zijn allemaal dingen waar we op scoren. Water bij de wijn: bij de Blauwe Wetering gaan we, denk ik, niet inhoudelijk water bij de wijn doen in de zin van dat ik weer langs wil bij u voor nieuwe kaders. Dat was in ieder geval iets dat ik echt probeerde te voorkomen. Maar het zit ook weer in het financieringsvraagstuk. Het is gewoon een joekel van een project. 400 woningen in één keer in de markt, koopwoningen. Dat is gewoon heel lastig voor de markt om te accepteren.
Zonder dan dat we hier weer ‘de hamvraag’ op gaan zetten, kan ik niet zeggen van hier gaan we dan een veer laten. Ik constateer dat het gewoon op te veel punten afwijkt. Dat is, denk ik, nu ook niet zinvol om dat helemaal uit te diepen. De heer Visser: Voorzitter, punt van orde. Ik kondig bij dezen een motie aan, want er is wel al tegemoetgekomen. De wethouder negeert dat wat mij betreft te veel. Dus volgens mij is er echt toenadering mogelijk en komen wij dus met een motie op dat punt. Voorzitter: U wilde het woord, mijnheer Visser? De heer Visser: Kom op, gaan we nou de laatste twee minuten van de vergadering zo moeilijk doen? Voorzitter: Wij hebben u allemaal gehoord. Maar punt van orde was dat en u kondigt nog motie aan. Helder. Noteren we en zien we de motie volgende week tegemoet bij de raadsvergadering als motie vreemd.
39
11. Sluiting Voorzitter: Dan sluiten we hiermee het agendapunt af en danken we u voor de aanwezigheid. Dank u voor de mensen op de publieke tribune voor de aanwezigheid. Dank u voor de mensen thuis voor de aanwezigheid. Volgende week is er raadsvergadering. Daarna een week herfstvakantie en dan zien we u graag weer op 14 november terug voor een nieuwe commissie Ontwikkeling. Dank u wel en tot dan. Dag.
40