1 Informatienota Beschermd erfgoed
Tekst van het document
Informatienota
Onderwerp Informatienota gebouwd erfgoed Nummer 2026/128711 Portefeuillehouder Roduner, F.J. Programma/beleidsveld 4.4 Ruimtegebruik Afdeling OMB Auteur Alefs, H. Telefoonnummer Email halefs@haarlem.nl Kernboodschap In de nota ‘Haarlems Erfgoed, Verbindende kracht in de stad’ (2024) is de basis gelegd voor het erfgoedbeleid met aandacht voor het behoud en de ontwikkeling van cultureel erfgoed. Een thema in de nota is het actueel houden van gebouwd erfgoed en de omgang hiermee. Hierin zijn de afgelopen jaren een aantal belangrijke stappen gezet. Voor 2026 en 2027 vragen enkele onderwerpen bijzondere aandacht: - gerichtere bescherming van complexmatig gerealiseerde eengezinswoningen, die zijn aangewezen als gemeentelijk monument; - stimuleren van behoud historisch waardevolle interieurs; - inventariseren, waarderen en beschermen van architectuur en stedenbouw uit de periode 1965-1990 (Post 65). Met de inzet op deze onderwerpen wordt de bescherming van gebouwd erfgoed actueel gehouden en wordt de doelmatigheid van de bescherming vergroot. Daar waar dat kan wordt ruimte gegeven en daar waar nodig een gerichte bescherming. Op deze manier kan meer duidelijkheid gegeven worden aan eigenaren en wordt voor de complexmatig gerealiseerde eengezinswoningen de advisering en handhaving vereenvoudigd. Behandelvoorstel voor 1.
Het college stuurt de informatienota ter kennisname naar de commissie commissie Ontwikkeling. Relevante eerdere Vaststellen erfgoednota, Haarlems Erfgoed, Verbindende kracht in de stad, besluiten (2024/52496) in raadsvergadering 25 april 2024 Informatienota verduurzaming van het gebouwde erfgoed (2025/456323) in collegevergadering 20 mei 2025 Besluit college 1. Het college van burgemeester en wethouders stelt de informatienota aan de d.d. 21 april 2026 commissie vast. de secretaris,
Kenmerk: 2026/128711
de burgemeester,
1/9
1. Aanleiding In de nota ‘Haarlems Erfgoed, Verbindende kracht in de stad’ (2024) is de basis gelegd voor het erfgoedbeleid van de stad met aandacht voor het behoud en de ontwikkeling van cultureel erfgoed. Onderdeel hiervan is het inventariseren en beschermen van waardevol gebouwd erfgoed (zie ook de uitvoeringsagenda van de Erfgoednota 4.4.1 Omzetten van bestaande regelingen en nieuwe eisen en 4.4.2 Beschermen waardevol erfgoed). Gerealiseerde onderdelen op dit vlak zijn: - een stadsbrede inventarisatie naar waardevol maar niet beschermd erfgoed, waarbij beeldbepalende panden zijn geïnventariseerd en voor deze panden een beschermende regeling is opgenomen in het (tijdelijke) omgevingsplan; - een inventarisatie van naoorlogse architectuur en stedenbouw (1940-1965), die heeft geleid tot de aanwijzing van een aantal monumenten en beeldbepalende panden uit deze periode; - het inventariseren en beschermen van bouwhistorische waarden in de binnenstad en in Spaarndam, voor Spaarndam wordt dit nog opgenomen in het omgevingsplan; - de omzetting van het tijdelijke omgevingsplan naar het omgevingsplan nieuwe stijl waarin de erfgoedverordening is opgenomen en waarmee gemeentelijke monumenten beschermd en aangewezen kunnen worden. Voor 2026 en 2027 zijn er drie onderwerpen die specifiek aandacht vragen met betrekking tot beschermd gebouwd erfgoed en de omgang hiermee.
Dit betreft: - gerichtere bescherming van complexmatig gerealiseerde eengezinswoningen; - stimuleren behoud historisch waardevolle interieurs; - inventariseren, waarderen en beschermen van architectuur en stedenbouw uit de periode 1965-1990 (Post 65). In deze informatienota wordt ingegaan op deze drie onderwerpen en wat hiervoor gedaan gaat worden. 2. Toelichting 2.1 Gerichtere bescherming voor eengezinswoningen die deel uitmaken van een complex Bijzondere complexen Haarlem kent een aantal zeer bijzondere woningbouwcomplexen die naar één ontwerp gelijktijdig gebouwd zijn. Deze complexen zijn stedenbouwkundig en architectuurhistorisch zeer waardevol en vertellen een bijzonder sociaalhistorisch verhaal. Voorbeelden zijn de voor arbeiders gebouwde woningen aan het Meidoornplein (1922-23), de als tuinwijk opgezette Patrimoniumbuurt (19211923) en de middenstandswoningen aan de Heussensstraat (1930). Haarlem telt 13 complexen met meer dan 20 eengezinswoningen die zijn aangewezen als gemeentelijk monument. In totaal betreft dit circa 1100 woningen waarvan circa 200 woningen in particulier bezit zijn. Hofjeswoningen zijn hierbij buiten beschouwing gelaten. Deze woningen zijn grotendeels gebouwd in het interbellum, zie bijlage 1.
Kenmerk: 2026/128711
2/9
Complexmatig ontwikkelde eengezinswoningen aan de Prins Mauritslaan uit 1938-1939 met status als gemeentelijk monument. Als gevolg van de lange bewonersgeschiedenis is het interieur en de achterzijde, zeker bij particulier eigendom, niet zelden geïndividualiseerd en zijn monumentwaarden verloren gegaan. Bij vergunningaanvragen wordt op dit moment per aanvraag en per woning gekeken of een aanpassing passend is in relatie tot de monumentwaarden. Bescherming als monument De complexen zijn aangewezen als gemeentelijk monument. Dit is voor een passende bescherming nodig. De woningen zijn hiermee beschermd tegen sloop / nieuwbouw en ook het originele materiaal en kleurgebruik is, voor zover nodig, beschermd. Voor de volledigheid wordt hierbij opgemerkt dat een status als beeldbepalend pand (orde 2) deze bescherming niet biedt. De aanwijzing van beeldbepalende panden is gericht op het behoud van de verschijningsvorm. Deze status beschermt tegen ongepaste wijzigingen in het beeld vanaf de straatzijde. Origineel materiaal en kleurgebruik maakt geen deel uit van de bescherming. Vanuit monumentenzorg waardevolle onderdelen kunnen daarmee verloren gaan bij beeldbepalende panden.
Monumentenpaspoorten voor complexen In 2026/2027 zullen bouwhistorische verkenningen gemaakt worden van de complexen die zijn aangewezen als gemeentelijk monument en die (gedeeltelijk) in particulier bezit zijn, waaronder de Patrimoniumbuurt. Dit betreft 6 complexen, zie bijlage 1 voor een overzicht van de complexen. Hierbij worden de monumentwaarden gedetailleerd in beeld gebracht en wordt de ruimte benoemd voor aanpassingen aan het interieur en de achterzijde en met betrekking tot
Kenmerk: 2026/128711
3/9
verduurzamingsmaatregelen. Door deze zogenaamde monumentenpaspoorten in samenhang uit te voeren kunnen bijzonderheden in relatie tot andere complexen goed in beeld gebracht worden. Verwacht wordt dat op deze manier, met behoud van samenhang en bijzondere monumentwaarden, op voorhand meer ruimte en meer duidelijkheid gegeven kan worden aan eigenaren over mogelijkheden voor vaak aangevraagde wijzigingen en verduurzamingsmaatregelen. Verwacht wordt dat eind 2027 de monumentenpaspoorten met transformatiemogelijkheden voor deze 6 complexen gereed zijn. Relatie clusteraanpak verduurzaming monument Met de clusteraanpak voor het verduurzamen van monumenten is inmiddels voor een aantal complexen goed in beeld welke mogelijkheden er zijn voor verduurzaming of wordt hier op dit moment aan gewerkt. Dit betreft ook complexen die zijn aangewezen als rijksmonumenten, zie ook de Informatienota verduurzaming van het gebouwde erfgoed. De mogelijke verduurzamingsmaatregelen zijn hierbij uitgewerkt tot op het niveau van een vergunningaanvraag. Nadat een vergunning eenmaal voor één woning verleend is kan voor dezelfde duurzaamheidsmaatregel bij andere woningen in hetzelfde complex sneller getoetst worden (zogenaamde sneltoets). Dergelijke duurzaamheidsmaatregelen zijn of worden, deels in samenwerking met de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, uitgewerkt voor o.a.
de Patrimoniumbuurt en de rijksmonumenten Huis ter Cleeff, Rosehaghe en Tuinwijk-Zuid. Bij de andere monumentale complexen biedt de gemeente vanuit het team Erfgoed ondersteuning om dit ook te ontwikkelen. De monumentenpaspoorten voor een gerichtere bescherming van complexen is een aanvulling hierop. De beschikbare kennis over de complexen wordt uiteraard benut en de resultaten worden zo veel mogelijk per complex in één paspoort / rapport gebundeld.
Kenmerk: 2026/128711
4/9
2.2 Historische interieurs: waarde, kwetsbaarheid en bescherming Haarlem beschikt over een uitzonderlijk rijke historische omgeving. Wat minder zichtbaar is, maar minstens zo waardevol, zijn de interieurs van Haarlemse woonhuizen: betimmeringen, stucplafonds, schouwen, tegelvloeren, keukenkasten en andere authentieke elementen maken de woon- en bouwgeschiedenis van de stad tastbaar.
Voorbeelden van glas-in-lood uit het verkennend onderzoek Verkennend onderzoek in vier Haarlemse straten Om een beter beeld te krijgen van de omvang en kwaliteit van de nog aanwezige interieurs heeft het college een beperkte inventarisatie laten uitvoeren in vier straten, zie bijlage 2. De bevindingen van dit onderzoek zijn tweeledig. Enerzijds blijkt dat er nog verrassend veel waardevolle interieurelementen aanwezig zijn en dat deze een grote erfgoedwaarde vertegenwoordigen. De verkenning laat zien dat Haarlem over een groot reservoir aan interieurerfgoed beschikt. Anderzijds wordt duidelijk dat interieurs erg kwetsbaar zijn. Dit geldt ook voor beschermde interieurs. Hoewel een deel van de waardevolle interieurs goed in beeld en beschermd is, denk aan de bekende topinterieurs en een deel van de rijks- en gemeentelijke monumenten, geldt dit niet voor alle beschermde interieurs. Ook beschermde interieurs zijn niet altijd goed in beeld en eigenaren zijn soms onvoldoende op de hoogte van de waarde en de beschermde status van interieurelementen. Daarnaast bevindt een groot deel van het waardevolle interieurerfgoed zich in panden die geen monumentale bescherming kennen. Deze interieurs zijn grotendeels buiten beeld en bijzonder kwetsbaar. De aanhoudend hoge druk op de Haarlemse woningmarkt vergroot de kwetsbaarheid:
Kenmerk: 2026/128711
5/9
verbouwingen en renovaties leiden er geruisloos toe dat onvervangbaar erfgoed verdwijnt. Complete interieurensembles worden steeds zeldzamer. Veel is al onomkeerbaar verloren gegaan, zonder dat dit is gedocumenteerd of opgemerkt. Stimuleren behoud waardevolle interieurs Voor het behoud van waardevolle, maar kwetsbare, interieurs gaan eigenaren extra ondersteunend worden. Dit wordt gedaan door het versterken van bewustwording en kennis van interieurs en met voorlichting over instandhouding en verduurzaming. Eigenaren gaan actief geïnformeerd worden over de cultuurhistorische achtergrond en waarde van hun interieur en over hoe behoud kan samengaan met verduurzaming. Deze benadering sluit aan op het principe van rentmeesterschap als basis voor behoud. Het Monumentenloket speelt als ingang voor bewoners hierbij een rol. Ook wordt ingezet op publieke kennisverspreiding via publicaties en kennismiddagen, zoals de folder die gemaakt is naar aanleiding van het verkennend onderzoek in vier straten (bijlage 2) en de kennisbijeenkomst voor bewoners van 6 maart jl. Tot slot zijn er enkele, zeer uitzonderlijke interieurs, die niet beschermd zijn. Voor deze panden zal gekeken worden of een aanwijzing als monument passend is en zal naar verwachting het proces voor aanwijzing gestart worden.
2.3 Jong erfgoed (Post 65), architectuur en stedenbouw uit de periode 1965-1990 Naast historische stadsdelen en gebouwen is voor Haarlem ook de meer eigentijdse architectuur en stedenbouw belangrijk en betekenisvol. In de periode 1965-1990 is veel gebouwd in verschillende stadsuitbreidingen zoals de afronding van de Europawijk en de Boerhaavewijk en in de nieuwe uitleggebieden Molenwijk, Meerwijk en Zuiderpolder. In de Waarderpolder werd veel bedrijfsbebouwing gerealiseerd. Ook binnenstedelijk werd gebouwd. De opvattingen over de bestaande stad en de rol van inwoners bij de vormgeving hiervan veranderde ingrijpend. Zoals zichtbaar is in de stadsvernieuwingsprojecten en de inrichting van de openbare ruimte, waarbij de plek van de auto, groen en kunst veranderde.
Kenmerk: 2026/128711
6/9
Woningbouw Rozenprieel, 1975-1976. Noord-Hollands Archief. Foto: Jos Fielmich Aandacht voor Post 65 Sinds een aantal jaar is er vanuit de erfgoedwereld veel aandacht voor deze periode. Belangrijk is het Programma Post 65 van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed waarbij een landelijke inventarisatie wordt gemaakt en rijksmonumenten worden aangewezen. Ook vanuit de samenleving en lokaal wordt veel gedaan, bijvoorbeeld door erfgoedvereniging Bond Heemschut (Werkgroep Post '65). Een groot aantal gemeenten, waaronder Leiden, Utrecht, Zoetermeer en Nijmegen heeft inventarisaties gemaakt en jonge (gemeentelijke) monumenten reeds aangewezen. In Haarlem is recent ook veel aandacht voor deze periode. De Historische Vereniging Haerlem heeft een eerste inventarisatie gedaan dat resulteerde in het boek Haarlem verandert, en het ABC Architectuurcentrum heeft in de expositie Post 65: MOOI GEWEEST? het onderwerp uitgelicht. Inventariseren, waarderen en beschermen Zoals opgenomen in de Erfgoednota Haarlem is het college afgelopen jaar gestart met een stadsbrede inventarisatie naar de architectuur en stedenbouw uit de periode 1965-1990. Qua periode sluit het onderzoek van de gemeente aan op het eerder uitgevoerde onderzoek naar de Naoorlogse architectuur en stedenbouw (1940-1965).
Kenmerk: 2026/128711
7/9
Met deze inventarisatie en de hieruit voortvloeiende waardering wordt een overzicht verkregen van waardevolle gebouwen, structuren en gebieden. De conclusies van de inventarisatie en waardering worden aan het college voorgelegd. Aan de hand van dit overzicht zal met de stad het gesprek gevoerd worden over de kernkwaliteiten van deze erfenis en over hoe deze gebruikt kan worden bij eigentijdse ruimtelijke opgaven, zoals circulariteit, herbestemming, verdichting en herinrichting van de openbare ruimte. Inspirerende voorbeelden laten al zien hoe gebouwen uit de Post 65-periode benut en doorontwikkeld kunnen worden, zoals basisschool De Molenwiek Dalton aan de Betuwelaan en het voormalige FIOD-kantoor (nu Rijkswaterstaat) aan de Surinameweg. Verwacht wordt dat een beperkt aantal bijzonder waardevolle gebouwen in aanmerking komt om aangewezen te worden als gemeentelijk monument. Hierbij zal gekeken worden hoe eigenaren van deze toekomstige monumenten extra ondersteund kunnen worden. Gedacht wordt aan onderzoek naar verduurzamingsmogelijkheden en transformatieruimte van deze gebouwen waarmee eigenaren geholpen worden om noodzakelijke aanpassingen, met behoud van erfgoedwaarden, te realiseren. Hoe de extra ondersteuning er precies uit kan zien en welke middelen hiervoor nodig zijn wordt uitgewerkt. Op dit moment is voor een extra ondersteuning geen dekking in de begroting.
Hiernaast wordt verwacht dat er aanleiding is om kernkwaliteiten van waardevolle panden, structuren en gebieden in het omgevingsplan te borgen, bijvoorbeeld met de aanwijzing van beeldbepalend panden en het vastleggen van gebiedskarakteristieken. De inventarisatie en waardering wordt in 2026 afgerond. In 2026 en 2027 zal een breed gesprek gevoerd worden met de stad over de vraag hoe de erfgoedwaarden uit deze periode geborgd worden en kunnen bijdragen aan de kwaliteit van de toekomstige stad. Gedacht wordt onder andere aan een aantal publieke bijeenkomsten over het onderwerp. De raad zal met een informatienota op de hoogte gebracht worden van de resultaten van de inventarisatie en waardering van de Post 65periode en van het gesprek met de stad. Het wijzigen van het omgevingsplan, waarmee cultuurhistorische waarden worden geborgd en monumenten uit deze periode worden aangewezen, start naar verwachting in 2027.
3. Resultaten en/of consequenties Met de aandacht voor de complexmatige gebouwde eengezinswoningen, de historische interieurs en de periode 1965-1990, wordt de bescherming van gebouwd erfgoed actueel gehouden en wordt de doelmatigheid van de bescherming vergroot. Daar waar dat kan wordt ruimte gegeven en daar waar nodig een gerichte bescherming. Op deze manier kan meer duidelijkheid gegeven worden aan eigenaren en wordt voor de complexmatig gerealiseerde eengezinswoningen de advisering en handhaving vereenvoudigd.
Kenmerk: 2026/128711
8/9
Complexmatige gebouwde eengezinswoningen Bij complexen met eengezinswoningen wordt, waar mogelijk, vooraf meer ruimte geven aan eigenaren, met name ten aanzien van verduurzamingsmaatregelen en bij aanpassingen aan het interieur en aan de achterzijde. Met behoud van samenhang van het complex en de bijzondere monumentwaarden kan meer duidelijkheid gegeven worden over wat wel en niet kan. Daarmee wordt het proces van advisering ten aanzien van monumentwaarden makkelijker. Historische interieurs Omdat historisch waardevolle interieurs kwetsbaar zijn wordt behoud en een zorgvuldige omgang extra ondersteund. Dit wordt gedaan door het versterken van bewustwording van de erfgoedwaarden en de kennis bij eigenaren en met voorlichting over onder andere instandhouding en verduurzaming. Verwacht wordt dat hiernaast, voor enkele zeer bijzondere interieurs, een procedure voor aanwijzing als gemeentelijk monument gestart gaat worden. Jong erfgoed, Post 65 Met de Post 65 inventarisatie krijgen we een goed overzicht van de cultuurhistorische waarden van de architectuur en stedenbouw uit deze periode. De kernkwaliteiten kunnen benut worden bij eigentijdse opgaven. In het omgevingsplan worden de cultuurhistorische waarden van dit jonge erfgoed geborgd met onder andere de aanwijzing van gemeentelijke monumenten, beeldbepalende panden en bescherming van gebiedskarakteristieken. 4.
Uitvoering en vervolg Genoemde werkzaamheden worden grotendeels uitgevoerd in 2026 en 2027. 5. Bijlagen Bijlage 1 Overzicht complexen met eengezinswoningen Bijlage 2 Verkennend onderzoek interieurs, Haarlemse Huizen vertellen verhalen Bijlage 3 Overzichtskaart met bebouwing uit de periode 1965-1990
Kenmerk: 2026/128711
9/9