CConstaterende datHaarlem
Koppel je AI →
Document · PDF

08 Bijlage 6 bij bijlage A Programma van Eisen Stationsomgeving

commissie Ontwikkeling 13 mei 2026, gemeente HaarlemBij agendapunt: 20:30 uur Vaststellen Masterplan Hart voor Oostpoort en openen grondexploitatie (FR)5.077 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Niet gevonden in dit document.

Programma Van Eisen station Spaarnwoude Masterplan Oostpoort 3 april 2026

PROGRAMMA VAN EISEN STATION SPAARNWOUDE

Contactpersoon REMCO VAN DER WAL Architect Designer

RIANNE VAN WIJNGAARDEN Architect

Arcadis Nederland B.V. Postbus 220 3800 AE Amersfoort Nederland

2

Onze referentie: A6ZERHHSC6AR-1523670973-105

PROGRAMMA VAN EISEN STATION SPAARNWOUDE

Inhoudsopgave 1

Inleiding

4

2

Huidige situatie (2025) Station Haarlem Spaarnwoude

5

2.1

Feitelijke situatie noordzijde

6

2.2

Feitelijke situatie zuidzijde

7

2.3

Parkeren, Taxi Kiss & Ride

8

2.4

Traverse en toegankelijkheid

8

2.5

Loopstromen en gebruikers

9

3

4

3

Toekomstige Situatie Station Spaarnwoude

11

3.1

Inputdocumenten gemeente Haarlem

11

3.2

Bouwplannen Masterplan Oostpoort

11

3.3

Wijzigingen verkeerssituatie

12

3.4

Noordplein

12

3.5

Zuidplein

13

3.6

Traverse en toegankelijkheid

14

3.7

Reizigerstromen van en naar het station

15

Programma van Eisen. Concrete randvoorwaarden en richtlijnen voor het verankeren van het station Haarlem Spaarnwoude in het masterplan Oostpoort.

16

4.1

Referenties/achtergronddocumentatie

16

4.2

Fietsparkeren

17

4.3

Autoparkeren

18

4.4

Kiss & Ride en taxi

18

4.5

Bus voorziening

18

4.6

Voorpleinen en voorzieningen

19

4.7

Klimaat en duurzaamheidseisen

19

4.8

Circulair

19

4.9

Klimaatadaptatie

19

4.10

Toekomstbestendig

20

4.11

Sociale veiligheid

20

Onze referentie: A6ZERHHSC6AR-1523670973-105

PROGRAMMA VAN EISEN STATION SPAARNWOUDE

1

Inleiding

‘Het gebied rond station Haarlem Spaarnwoude verandert de komende jaren in een levendige nieuwe stadswijk: Oostpoort. Er komt ruimte voor wonen, werken en ondernemen. Fiets- en wandelroutes brengen u gemakkelijk naar de stad, het strand en de natuur van Spaarnwoude en de Veerplas. En vanaf het station bent u snel in het centrum van Haarlem of in Amsterdam’ (Bron: Gemeente Haarlem, Ontwikkeling Oostpoort). In dit Programma van Eisen voor het inpassen van het station Haarlem Spaarnwoude binnen het Masterplan Oostpoort is gekeken naar het gebruik in de bestaande situatie en wordt een doorkijk gegeven naar het gebruik in de toekomstige situatie. Om het station en de bijbehorende OV-voorzieningen goed in te passen worden er voorwaarden, richtlijnen en wensen meegegeven die voortkomen uit de regels en voorschriften van Prorail, NS en Gemeente Haarlem.

Figuur 1 bird's-eye view van het projectgebied Oostpoort (bron: Cyclomedia 2025).

4

Onze referentie: A6ZERHHSC6AR-1523670973-105

PROGRAMMA VAN EISEN STATION SPAARNWOUDE

2

Huidige situatie (2025)

Station Haarlem Spaarnwoude

STATION HAARLEM SPAARNWOUDE

NOORDZIJDE

ZUIDZIJDE

Figuur 2 luchtfoto bestaande situatie (bron: Cyclomedia 2025)

Figuur 3 bird's-eye view van noord naar zuid (bron: Cyclomedia 2025)

5

Onze referentie: A6ZERHHSC6AR-1523670973-105

PROGRAMMA VAN EISEN STATION SPAARNWOUDE

2.1 • • • • • • • • • • • •

Feitelijke situatie noordzijde 160 parkeerplaatsen 2 Miva parkeerplaatsen 1 reguliere bushalteplaats op het voorplein 1 bushalteplaats langs doorgaande Amsterdamsevaart (inclusief abri), verbonden met perron 1. 2 opstelplaatsen voor trein vervangend vervoer of bufferplaats (individueel bereikbaar) 2 abri’s met zitgelegenheid Kiss & Ride zone individueel en onafhankelijk bereikbaar 208 fietsparkeerplaatsen enkellaags 13 fietskluizen 3x informele wachtzone met totaal bankjes 1x regiotaxiplaats (beschikbaar op P+R) 1x TB1

Figuur 4 Voorplein noordzijde (parkeren en bushaltes)

Figuur 5 Voorplein noordzijde fietsparkeren op twee locaties

6

Onze referentie: A6ZERHHSC6AR-1523670973-105

PROGRAMMA VAN EISEN STATION SPAARNWOUDE

2.2 • • • • • • • • • • • • •

Feitelijke situatie zuidzijde 63 parkeerplaatsen 3 reguliere bushalteplaatsen individueel bereikbaar (inclusief twee oplaadpunten) 1 bushalteplaats langs doorgaande Amsterdamsevaart (inclusief abri) 1 buschauffeursvoorziening (container vorm) 1 abri’s met zitgelegenheid 12 plekken ‘Kiss & Ride’ zone individueel en onafhankelijk bereikbaar 224 fietsparkeerplaatsen enkellaags 16 OV fietsen 216 fietsparkeerplaatsen 32 fietskluizen 16 scooterplaatsen 8 bomen op het voorplein 1x TB1 en 1x AED op het voorplein

Figuur 6 Voorplein zuidzijde (bushaltes en pleininrichting)

Figuur 7 Voorplein zuidzijde (fiets) parkeren

7

Onze referentie: A6ZERHHSC6AR-1523670973-105

PROGRAMMA VAN EISEN STATION SPAARNWOUDE

2.3

Parkeren, Taxi Kiss & Ride

Aan beide zijden van het station kan nu worden geparkeerd, is er mogelijkheid voor Kiss & Ride en aan de noordzijde is een regiotaxiplaats voorzien. Aan beide zijden is nu de mogelijkheid voor het halteren van 3 bussen, waarbij het individueel inrijden en wachten/bufferen eveneens tot de mogelijkheden behoort. Dit staat nog los van de bushalteplaatsen parallel aan de doorgaande route langs de Amsterdamsevaart. De Amsterdamsevaart , de twee watergangen en de sporen vormen een barrière voor de bereikbaarheid van het station. Een fietsverbinding bevindt zich langs de Camera Obscuraweg. Vanwege de barrièrewerking is een volledig tweezijdig station zoals nu een goede oplossing. Alle functies worden aan twee zijden aangeboden om de toestroom en het gebruik goed te kunnen faciliteren.

2.4

Traverse en toegankelijkheid

Figuur 8 De traverse (gebouwd eind jaren ‘90) is in 2020 voorzien van liften ten behoeve van de toegankelijkheid.

De traverse voorziet in een verbinding (over de Amsterdamsevaart, een watergang en 2 sporen) tussen de twee ‘voorpleinen’ van station Haarlem Spaarnwoude. Via de traverse zijn de perrons bereikbaar door middel van trappen en nieuw aangebrachte liften. Om de liften toeganklijk te maken zijn er tevens hellingbanen voorzien om de hoogteverschillen conform de richtlijnen te overbruggen. De nettomaat van de traverse is 2800mm (HE700A hart op hart 3300mm) en is daarmee geschikt voor minimale transfer bewegingen. Wordt de traverse in de toekomst ook gebruikt als interwijkverbinding moet de breedte worden getoetst aan de dan geldende eisen in relatie tot de toename van het gebruik.

8

Onze referentie: A6ZERHHSC6AR-1523670973-105

PROGRAMMA VAN EISEN STATION SPAARNWOUDE

2.5

Loopstromen en gebruikers

(Bron: Spoorbeeld.nl) De loop- en vervoersstromen moeten onder andere inzicht geven op de ligging van de stationsdomeinen. In een stationsgebied kennen we het reisdomein, het ontvangstdomein, het omgevingsdomein en soms ook het verblijfdomein. Binnen de domeinen worden velden gepositioneerd en de daarbij passende stationsoutillage, conform de standaardconfiguraties. Deze systematiek is in overeenstemming met de Visie op Stationsoutillage en wordt uitgebreid besproken in het betreffende ‘Handboek Stationsoutillage’. Het Handboek is ontwikkeld voor architecten en ontwerpers die bij de bouw of verbouwing van stations een inrichtingsplan maken en voor medewerkers die verantwoordelijk zijn voor het onderhoud en beheer van stations. In het Handboek Stationsoutillage staat alle informatie die nodig is om stations op min of meer dezelfde en daarmee herkenbare manier in te richten. De visie biedt bovendien voldoende keuzemogelijkheden zodat het mogelijk is in te spelen op plaatselijke omstandigheden. Reisdomein: Een van de stationsdomeinen uit het Stationsconcept. Het reisdomein staat in het teken van het gemakkelijk en efficient verplaatsen van en naar de triein. Het bedient zowel aankomende als vertrekkende reizigers. Ontvangstdomein: In het ontvangstdomein worden de reizigers in het station ontvangen en verwelkomd. Vertrekkende reizigers bereiden zich hier voor op de reis.

In het ontvangstdomein treffen zij op vanzelfsprekende wijze alle noodzakelijke informatie voor hun reis. Ook kopen zij hier hun vervoersbewijs. Reizigers ervaren het ontvangstdomein als opgeruimd, helder en overzichtelijk. Dit borgt een soepele overgang naar de reis. Het ontvangstdomein is de plek om af te spreken met reisgenoten en afscheid te nemen. Omgevingsdomein: Het omgevingsdomein zorgt dat vertrekkende treinreizigers het station veilig, soepel en gemakkelijke kunnen vinden. Tevens zorgt het omgevingsdomein dat arriverende treinreizigers hun fiets, auto en het aansluitende lokaal en regionaal openbaar vervoer veilig, soepel en gemakkelijk kunnen vinden.

9

Onze referentie: A6ZERHHSC6AR-1523670973-105

PROGRAMMA VAN EISEN STATION SPAARNWOUDE

Figuur 9 Loopstromen bestaande situatie

10

Onze referentie: A6ZERHHSC6AR-1523670973-105

PROGRAMMA VAN EISEN STATION SPAARNWOUDE

3

Toekomstige Situatie

3.1

Inputdocumenten gemeente Haarlem

Station Spaarnwoude

Voor het opstellen van dit Programma van Eisen zijn door de gemeente Haarlem meerdere documenten als input en referentie aangeleverd. Deze documenten bevatten belangrijke uitgangspunten, analyses, randvoorwaarden en ontwerpkeuzes die richtinggevend zijn voor de ontwikkeling van het stationsgebied Spaarnwoude en de directe omgeving. De volgende documenten zijn meegegeven: 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8.

3.2

Ontwikkelzone Oostpoort – Principekeuzes voor het ontwerp-Masterplan.pdf Bijlage 1 – Analyse en beoordeling ruimtelijke varianten.pdf 20250912 – Verslag ontwerpsessie Massa en Openbare Ruimte.docx 20250923 – Verslag werksessie 3+4 Brug en mobiliteit.pdf Presentatie 2025 09 30 – Terugkoppeling Ymere.pdf PSM.01_IPV_fietsbrug_v07B A1.pdf Hoofdstuk 4 – Randvoorwaarden eisen wensen 180082025.pdf 251105_Haarlem_Oostpoort_plan.3dm

Bouwplannen Masterplan Oostpoort

De zone Oostpoort (waaronder het deelgebied Hart voor Oostpoort) is één van de prioritaire ontwikkelzones in de gemeente Haarlem en ligt rondom het station Haarlem Spaarnwoude. De zone Oostpoort biedt kansen voor de ontwikkeling van een multimodaal OV-knooppunt én als aantrekkelijke entree voor de stad. Het vormt de “Poort” tussen Haarlem en de metropoolregio, tussen stedelijk gebied en landschap (Natuur Netwerk Nederland). Op stadsniveau biedt de zone Oostpoort grote kansen voor de ontwikkeling van woningbouw en intensivering van de Zuidstrook/Waarderpolder. Het gebied rondom station Haarlem Spaarnwoude wordt momenteel gekenmerkt door infrastructuur, zoals brede rijbanen, viaducten, het spoor, tijdelijke woningbouw en braakliggende terreinen. Om te komen tot een volwaardige entree van Haarlem, een goed OV-knooppunt en een aantrekkelijke, veilige en gezonde leefomgeving voor woon- en werkfuncties en voorzieningen, ondergaat dit gebied een ingrijpende transformatie. De zone Oostpoort, waaronder het deelgebied Hart voor Oostpoort, is aangewezen als een belangrijke ontwikkellocatie binnen de gemeente Haarlem. Deze zone ligt rondom station Spaarnwoude en speelt een centrale rol in de toekomstige stedelijke ontwikkeling.

Oostpoort fungeert als een cruciale schakel tussen Haarlem en de metropoolregio, en als overgangsgebied tussen het stedelijke landschap en het omliggende groen van het Natuur Netwerk Nederland.

Figuur 10 Woningen en Masterplan Oostpoort (recht: meest recente voorstel voor fietsbrug) 11

Onze referentie: A6ZERHHSC6AR-1523670973-105

PROGRAMMA VAN EISEN STATION SPAARNWOUDE

3.3

Wijzigingen verkeerssituatie

Ten behoeve van het Masterplan Oostpoort is een schetsontwerp opgesteld van de verkeersinfrastructuur zoals weergegeven in onderstaand figuur 12. Dit ontwerp is in samenhang met de gebiedsontwikkeling opgesteld zodat de infrastructuur aansluit op het gebied maar niet is overgedimensioneerd wat ten koste zou gaan van de ontwikkelmogelijkheden. De omliggende en toeleidende wegenstructuur naar het station worden daarmee anders.

Figuur 11 Definitief schetsontwerp Masterplan Oostpoort noordelijk deel (links) en zuidelijk deel (rechts)

3.4

Noordplein

De nieuwe situatie van het noordelijke plein bij het station kent een aantal wijzingen. Autoverkeer wordt zoveel mogelijk geweerd, enkel pakketdiensten, logistiek, verhuiswagens, nood- en hulpdiensten zijn welkom. Het autoverkeer is mogelijk aan de randen van het gebied. De fietsverbinding loopt via het voorplein over het maaiveld en wordt ingericht als fietsstraat. Langs het plein bevindt zich de fietsenstalling en het ontvangstdomein. De voorzieningen worden bij de trap geplaatst. De trap naar de traverse wordt (bij voorkeur) in het verlengde gebracht met de traverse. Dit zorgt voor een heldere aansluiting en een georganiseerd geheel. Heldere zichtlijnen en voldoende vrije ruimte op het plein zorgen voor overzicht en een sociaal veilig gevoel. De busverbinding ter hoogte van het stationsplein gaat over de fietsstraat. Het fietsparkeren wordt uitgebreid naar 320 fietsen met mogelijkheid tot uitbreiding richting het oosten. Op het voorplein ten zuiden van het fietspad dienen opstelplaatsen beschikbaar te zijn voor trein vervangend vervoer (shared space principe). De P&R locatie ligt op circa 150 lopen van het voorplein. Nabij de parkeergarage zal een Kiss & Ride voorziening worden opgenomen.

Figuur 12 Noordplein Masterplan (N1 t/m N13) Deze verbeelding is gemaakt om eisen, afmetingen, zichtlijnen en positionering van functies duidelijk te maken. De uiteindelijke afmeting en exacte vormgeving van de vlekken moet worden bepaald in de uitwerking van het ontwerp van het Masterplan. 12

Onze referentie: A6ZERHHSC6AR-1523670973-105

PROGRAMMA VAN EISEN STATION SPAARNWOUDE

Onderstaand N-nummers zijn locatie-aanduidingen op de bovenstaande kaart met bijbehorende toelichting. De verwerking is terug te vinden in hoofdstuk 4: • • • • • • • • • • • • •

3.5

N1 Vervangen (verlagen) loopbrug voor directe toegang tot perron voor reizigers vanuit het noorden. Ontwerpvoorschriften ProRail (o.a obstakelvrijde ruimte) dienen aangehouden te worden. N2 Fietsenstalling eenzijdig clusteren aan de oostzijde van de traverse (oranje blok) N3 Voorplein (overzicht en ontvangstdomein) 10 meter diepte en vrij van bebouwing N4 Stationsvoorzieningen clusteren op het voorplein (5x10 meter). O.a ruimtereservering toekomstige lift. N5 Traversetrap doortrekken voor interwijkverbinding. N6 Ruimte vrijhouden naast traverse voor onderhoud, bereikbaarheid en hulpdiensten N7 Vrije zichtlijn naar Kiss & Ride / Taxi en routing voor P&R N8 Reservering Hulpdiensten (optioneel toekomstig Trein Vervangend Vervoer) N9 Bushalte uitstap aan de zuidzijde van het fietspad N10 Kiss & Ride voorziening aanbrengen met zicht op het stationsplein N11 Regiotaxi mogelijk maken N12 P+R route zichtbaar en duidelijk in beeld brengen N13 Miva parkeerplaatsen inpassen (met bijbehorende drempelvrije route) in de nieuwe parkeehub.

Zuidplein

De situatie op het zuidplein ondergaat een volledige metamorfose. De bestaande traverse blijft gehandhaaft. De nieuwe fietsenstalling met 500 fietsen wordt aan één zijde van de traversetrap geplaatst. De andere zijde blijft open en vrij. De bushaltevoorziening langs de Amsterdamsevaart kan in het zicht worden geplaatst. De bushaltevoorziening is voorzien van een abri en heeft een brede toegankelijke drempelvrije uitstaphalte. Er is geen parkeervoorziening voorzien aan de zuidzijde. Een heldere verwijzing naar het gebied aan de noordzijde is noodzakelijk. Dit geldt ook voor treinvervangend vervoer. De Kiss & Ride bevindt zich op circa 60-70 meter van het ontvangstdomein.

Figuur 13 Zuidplein Masterplan (Z1 t/m Z7) Deze verbeelding is gemaakt om eisen, afmetingen, zichtlijnen en positionering van functies duidelijk te maken. De uiteindelijke afmeting en exacte vormgeving van de vlekken moet worden bepaald in de uitwerking van het ontwerp van het Masterplan.

Onderstaand Z-nummers zijn locatie-aanduidingen op de bovenstaande kaart met bijbehorende toelichting. De verwerking is terug te vinden in hoofdstuk 4: • • • • • • • 13

Z1 Verplaatsen bushalte i.v.m. toegankelijke uitstapbreedte, uitbuigen fietsroute en sociale veiligheid Z2 Zichtlijnen op de bushalte over het gehele plein Z3 Traversetrap zuidzijde behouden met bestaande op- en aantredes (OVS ProRail) in huidige toestand Z4 Minimaal 11m. 7,5m plus reservering van 3,5m voor hulpdiensten / onderhoud Z5 Stationsvoorzieningen clusteren op het voorplein (5mx10m) Z6 Fietsenstalling eenzijdig clusteren aan de westzijde (oranje blok 50m x 15m) Z7 Kiss & Ride zuidzijde tweezijdig bereikaar maken (er moet een keermogelijkheid zijn)

Onze referentie: A6ZERHHSC6AR-1523670973-105

PROGRAMMA VAN EISEN STATION SPAARNWOUDE

3.6

Traverse en toegankelijkheid

In september 2020 zijn drie nieuwe liften bij station Haarlem Spaarnwoude in gebruik genomen. Deze liften zorgen ervoor dat het station voor iedereen beter toegankelijk is. Er zijn ook hellingbanen gemaakt aan de kant van IKEA en naar de bushalte langs de N200. De traverse zal met de komst van de nieuwe woonwijken en grotere rol spelen als interwijkverbinding. Het aanbrengen van een nieuwe trap (gele pijl) direct naar het noordplein zal de loopstromen ten goede komen. De ‘oude’ loopbrug (blauwe pijl) kan een nieuwe fietsenstalling en het voorplein verbinden met het perron. De bestaande trap aan de zuidzijde (oranje pijl) kan blijven gehandhaafd en voldoet aan de richtlijnen van ProRail. De zuidelijke trap is tevens een integraal onderdeel van de tuiconstructie van de brug. Aanpassingen aan de trap hebben daarom grote consequenties en maken onderdeel uit van een integrale afweging. De functie van de traverse moeten daarin worden meegenomen.

Figuur 14 Traverse station Haarlem Spaarnwoude

14

Onze referentie: A6ZERHHSC6AR-1523670973-105

PROGRAMMA VAN EISEN STATION SPAARNWOUDE

3.7

Reizigerstromen van en naar het station

Figuur 15 Loopstromen nieuwe situatie

15

Onze referentie: A6ZERHHSC6AR-1523670973-105

PROGRAMMA VAN EISEN STATION SPAARNWOUDE

4

Programma van Eisen.

Concrete randvoorwaarden en richtlijnen voor het verankeren van het station Haarlem Spaarnwoude in het masterplan Oostpoort.

Dit Programma van Eisen (PvE) vormt het uitgangspunt voor de nadere uitwerking van het masterplan. Bij het opstellen van het PvE is bewust onderscheid gemaakt tussen eisen en wensen per thema. Eisen zijn de harde bepalingen waaraan het ontwerp en de uitwerking van het masterplan moeten voldoen. Deze eisen kunnen voortkomen uit beleidsstukken, gemeentelijke kaders of andere relevante handboeken en richtlijnen. Ook kunnen eisen gebaseerd zijn op praktijkervaring, waarbij uit eerdere projecten is gebleken dat bepaalde oplossingen of werkwijzen goed functioneren en daarom als eis worden meegegeven. Wensen zijn aanbevelingen die bijdragen aan de kwaliteit en wenselijkheid van het ontwerp, maar geen harde eisen zijn. De wensen zijn bedoeld om het ontwerp te sturen richting een optimale invulling van de ambities en doelstellingen, zonder de ontwerpvrijheid onnodig te beperken. Om het onderscheid tussen randvoorwaarden en richtlijnen in dit PvE aan te geven, is een nummering toegepast: • •

Eisen zijn aangeduid met de letter E gevolgd door het hoofdstuk-/paragraafnummer en een volgnummer (bijvoorbeeld: E4.2.2-1). Wensen zijn aangeduid met de letter W gevolgd door het hoofdstuk-/paragraafnummer en een volgnummer (bijvoorbeeld: W4.2.3-1).

Belangrijk uitgangspunt bij het opstellen van de eisen is dat de stationsomgeving na implementatie van het masterplan in geen geval mag verslechteren ten opzichte van de huidige situatie. Alle eisen zijn hierop afgestemd, zodat de kwaliteit en functionaliteit van de openbare ruimte minimaal behouden blijven en waar mogelijk worden verbeterd. Naast de eisen en wensen in dit PVE zijn er uiteraard ook wet- en regelgeving waaraan het ontwerp en de uitwerking van het masterplan moeten voldoen. Hierbij moet gedacht worden aan, Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl), NENnormen, ProRail ontwerpvoorschriften, CROW richtlijnen etc.

4.1

Referenties/achtergronddocumentatie

Stations hebben in de openbaar vervoerketen een belangrijke functie. Ze knopen verschillende vormen van (openbaar) vervoer aan elkaar en zijn primair bedoeld om in- en uit de trein, metro, tram en bus te kunnen stappen en om er te kunnen overstappen. Ook worden voor- en natransport van fiets, auto en taxi naar de trein er gefaciliteerd. Een station dient voldoende ruimte te bieden voor het aantal reizigers dat er (in de toekomst) van gebruik wenst te maken en dient zodanig te zijn ontworpen en ingericht dat het vervoersproces er optimaal kan plaatsvinden. Een station dient veilig te zijn, zowel in fysieke, als in sociale zin. Naast de primaire, zogenoemde, transferfunctie, hebben stations vaak ook commerciële functies. Bij het ontwikkelen van nieuwe treinstations en grootschalige verbouwplannen voor bestaande stations is het de taak van de rijksoverheid om zorg te dragen voor een qua transfer goed functionerend station. Het gaat dan om een antwoord op de vraag ‘welke voorzieningen hebben reizigers nodig om veilig en vlot van en naar de trein te komen?’. Het aanbieden van commerciële voorzieningen wordt gedaan door NS; dit draagt bij tot de levendigheid en de sociale veiligheid van het station. Randvoorwaarden zijn de harde eisen waaraan het ontwerp en de uitwerking van het masterplan moeten voldoen.

Deze randvoorwaarden komen voort uit wet- en regelgeving (zoals NEN-normen, ProRail ontwerpvoorschriften etc.), Waar nodig wordt bij specifieke randvoorwaarden verwezen naar aanvullende documenten voor meer gedetailleerde eisen en toelichting.

16

Onze referentie: A6ZERHHSC6AR-1523670973-105

PROGRAMMA VAN EISEN STATION SPAARNWOUDE

Stationdomeinen De stationsdomeinen structureren het stationsgebied door functies en voorzieningen logisch te ordenen op basis van de behoeften van reizigers tijdens hun route door het station. Elk domein richt zich op een specifieke behoefte van de reiziger, zoals aankomst, verblijf, overstap of vertrek. Voorzieningen met dezelfde functie worden binnen deze domeinen bij elkaar geplaatst in aparte zones, bijvoorbeeld voor wachtruimtes, servicepunten, reisinformatie of kaartverkoop. Deze indeling in stationsdomeinen vormt het uitgangspunt voor het ontwerp, de inrichting en het beheer van het station. Voor het opstellen van dit PVE zijn diverse beleidsstukken, handboeken, onderzoeksrapporten en richtlijnen geraadpleegd. De belangrijkste geraadpleegde documenten zijn: • • • • • • •

Hartelijk welkom (het openluchtstation) (Spoorbeeld, 2017) Ontwerponderzoek klimaatadaptieve stations (Spoorbeeld) Circulaire stations – Strategieën en praktijkvoorbeelden (Spoorbeeld) Het Stationsconcept (Spoorbeeld) Handboek Veilig Ontwerp en Beheer (Lopez et al., 2008) Fietsparkeren bij stations (Piersma, 2021) Basisstation A en B (RLN00286, Rail Infra Catalogus ProRail)

Naast deze stukken is ook onze eigen expertise en ervaring als stationsontwerpers benut. Op basis van onze jarenlange betrokkenheid bij de ontwikkeling en inrichting van vele stationsgebieden zijn praktische inzichten en best practices meegenomen.

4.2

Fietsparkeren

E4.2.1 E4.2.2

Aan elke zijde van het station wordt slechts één geclusterde fietsenstalling gerealiseerd. De stallingen zijn logisch en zichtbaar gepositioneerd, zodat ze ook zonder bewegwijzering eenvoudig te vinden zijn door reizigers. De ingang van de stalling is direct herkenbaar vanaf de hoofdtoegangsroute naar het station. De fietsenstallingen liggen zo dicht mogelijk bij de entree(s) van het station. Bij de keuze van de locatie wordt uitgegaan van de logische, kortste route die de reiziger van huis naar het station aflegt. Hierdoor kan de reiziger zijn fiets parkeren zonder omwegen en verloopt de reizigersflow efficiënt en comfortabel. Aan de noordzijde dienen minimaal 320 fietsparkeerplekken te worden gerealiseerd, waarvan minimaal 50 plekken voor buitenmodelfietsen, OV-fietsen en kluizen.

E4.2.3

E4.2.4

17

Onze referentie: A6ZERHHSC6AR-1523670973-105

PROGRAMMA VAN EISEN STATION SPAARNWOUDE

E4.2.5

E4.2.8 W4.2.1 W4.2.2

Aan de zuidzijde dienen minimaal 500 fietsparkeerplekken te worden gerealiseerd, waarvan minimaal 50 plekken voor buitenmodelfietsen en OV-fietsen en kluizen. Als benodigde bruto oppervlakte (inclusief gangpaden) dient een gemiddelde van 2 vierkante meter per fiets te worden aangehouden. Hierbij is uitgegaan van enkellaags rekken op het maaiveld. Als benodigde bruto oppervlakte (inclusief gangpaden) dient een gemiddelde van 4 vierkante meter per buitenmodelfiets en fietskluis te worden aangehouden. De fietsenrekken dienen haaks op het spoor te worden worden geplaatst in verband met doorzicht. Het aantal fietskluizen aan de noord- en zuidzijde blijft minimaal gelijk. De fietsenstallingen aan de noord- en zuidzijde bieden de mogelijkheid tot toekomstige uitbreidingen.

4.3

Autoparkeren

E4.3.1

Het P+R-terrein moet logisch en comfortabel verbonden zijn met de looproute naar het station en het ontvangstdomein. De (lang)parkeervoorziening voor personen met beperkte mobiliteit dient zich maximaal 100 meter van het hoofdontvangstdomein te bevinden. De verwijzing naar de P+R (noordzijde) moet worden aangeduid vanaf toeleidende wegen. De parkeervakken voor personen met beperkte mobiliteit dienen zich voor in de garage te bevinden op de kortst mogelijke afstand tot het ontvangstdomein. Bij voorkeur worden er aan beide zijden direct grenzend aan het voorplein 2 parkeervakken opgenomen voor personen met beperkte mobiliteit.

E4.2.6 E4.2.7

E4.3.2 E4.3.3 E4.3.4 W4.3.1

4.4

Kiss & Ride en taxi

E4.4.1

W4.4.1

Er dient bij ten minste één hoofdontvangstdomein een voorziening voor voorrijden, taxi, en kort parkeren te zijn gesitueerd. Hierbij moet rekening gehouden worden dat het gaat om reizigers voor wie veiligheid en comfort extra van belang zijn. Vanwege de tweezijdigheid van het station wordt aan beide zijden een Kiss & Ride voorziening aangeboden. Voorzieningen voor halen en brengen en taxi worden binnen een loopafstand van maximaal 75 meter van het hoofdontvangstdomein gerealiseerd. Voor het creëren van een kiss & Ride dient een ruimtebeslag van ca. 25 vierkante meter per parkeervak te worden gehanteerd. Dit omvat zowel het parkeervak zelf als de wegen en voorzieningen die naar de parkeerplaats leiden. Aan de noordzijde wordt een regio taxistandplaats voorzien nabij de Kiss & Ride voorziening. De Kiss & Ride aan de noordzijde heeft een directe zichtlijn op het ontvangstdomein. De Kiss & Ride aan de zuidzijde moet vanuit tweerichtingen toegankelijk zijn vanwege het doorgaande karakter van de weg. De Kiss & Ride aan de noord- en zuidzijde bieden bij voorkeur ruimte aan minimaal 4 auto’s.

4.5

Bus voorziening

E4.5.1 E4.5.2

Geldende richtlijnen voor toegankelijkheid (CROW) moeten worden toegepast. De bushaltes moeten geschikt zijn voor het gebruikt door 12 meter lange bussen. Incidenteel moet een 15 meter lange bus kunnen halteren. De trein vervangend vervoer (TVV) wordt afgewikkeld aan de zuidzijde en moet ruimte bieden aan 2x 15 meter bussen. De bushalte aan de zuidzijde moet zichtbaar zijn vanaf het gehele plein. Bushaltes worden voorzien van abri’s om het wachten comfortabel aan te bieden. De bussen aan de noordzijde halteren bij voorkeur aan de stationszijde van de straat, zodat men geen weg over hoeft te steken om bij de bus te komen. Er dient een oplaadmogelijk voor bussen te zijn opgenomen.

E4.4.2 E4.4.3 E4.4.4 E4.4.5 E4.4.6 E4.4.7

E4.5.3 E4.5.4 E4.5.5 E4.5.6 E4.5.7

18

Onze referentie: A6ZERHHSC6AR-1523670973-105

PROGRAMMA VAN EISEN STATION SPAARNWOUDE

W4.5.1

W4.5.3

Voor het trein vervangend vervoer dienen aan de noordzijde twee plekken direct grenzend aan het ontvangstdomein beschikbaar te zijn (shared space principe mogelijk). De bussen halteren bij voorkeur met de voorkant naar de richting waar de reizigersstroom vandaan komt, zodat gelijk duidelijk is welke bus er halteert. Bij voorkeur dient er een rustruimte te worden opgenomen voor buschauffeurs.

4.6

Voorpleinen en voorzieningen

E4.6.1

De overgang van openbare ruimte naar het ontvangstdomein is voor reizigers direct zichtbaar en duidelijk. Binnen het ontvangtdomein bevindt zich de relevante informatie voor treinreizen. Informatiemiddelen worden overzichtelijk en geclusterd geplaatst, zodat reizigers eenvoudig hun weg kunnen vinden. Traversetrap aan de zuidzijde in de basis niet wijzigen of verlengen. Traverse aan de noorzijde voorzien van een nieuwe trap direct naar het voorplein (in het verlengde). Ten behoeve van de interwijkverbinding. Behoud van bestaande loopbrug naar het perron aan de noordzijde. Stationsplein aan de noordzijde 10 meter diep aanhouden ten opzichte van fietspad en busbaan. Stationsvoorzieningen clusteren in het ontvangstdomein bij traversetrappen (noord en zuid) 5x10 meter, Rondom traversetrappen minimaal 7,5m vrijhouden voor onderhoud, beweegruimte en informatie. De gevelbebouwing bij de noordelijke traversetrap op minimaal 11 meter. 7,5 meter plus een reservering van 3,5m voor hulpdiensten / onderhoud / gevelfietsen. Het aantal kruisingen tussen voetgangersroutes en overige verkeersstromen (zoals fietsers, auto's en openbaar vervoer) dient tot een minimum te worden beperkt.

W4.5.2

E4.6.2 E4.6.3 E4.6.4 E4.6.5 E4.6.6 E4.6.7 E4.6.8 E4.6.9 E4.6.10 E4.6.11 E4.6.12

W4.6.1 W4.6.2 W4.6.3

In het ontvangstdomein en het omgevingsdomein staat de voetganger op 1. Daarom wordt voldoende ruimte opgenomen voor een comfortabel ontvangstdomein met ondersteunende voorzieningen.(NS) Alle inrichtingselementen (zoals borden, palen, meubilair, groen, enz.) dienen zodanig geplaatst en vormgegeven te worden dat ze duidelijk zichtbaar zijn en geen belemmering vormen voor voetgangers in de hoofdlooproutes tussen voorzieningen en station. Materialen, inrichtingselementen en meubilair worden afgestemd op het station en zorgen voor een uitnodigend en overzichtelijk ontvangstgebied. Bij voorkeur is er aan iedere zijde van het station maar één toegang (ontvangstdomein) Er wordt rekening gehouden met de inpassing van een eventuele toekomstige lift naar de traverse bij het ontvangstdomein aan de noordzijde.

4.7

Klimaat en duurzaamheidseisen

W 4.7.1

Bij de OV-knoop moet rekening gehouden worden met de duurzaamheid en toekomstvastheid van het station. Daarbij wordt verwezen naar de algemene duurzaamheidsambities van ProRail en de ambities in de beleidsdocumenten van SpoorBeeld.

4.8

Circulair

W4.8.1

Streef ernaar dat een minimaal percentage van het toegepaste materialen hernieuwbaar (bijv. FSChout) of gerecycled is (bijv. staal, kunststof, beton).

4.9

Klimaatadaptatie

E4.9.1

Waterberging, infiltratie en vertraagde afvoer zijn integraal onderdeel van het ontwerp.

19

Onze referentie: A6ZERHHSC6AR-1523670973-105

PROGRAMMA VAN EISEN STATION SPAARNWOUDE

W4.9.1

Waar mogelijk wordt verhard oppervlak vervangen door kwalitatief hoogwaardig groen of Waterdoorlatende halfverharding. Groenstructuren in en rond het stationsgebied sluiten aan op bestaande ecologische verbindingen en versterken deze.

W4.9.3

4.10

Toekomstbestendig

W4.10.1

Het ontwerp van de openbare ruimte waarborgt dat toekomstige aanpassingen aan veranderde functies of gebruiksbehoeften mogelijk blijven en niet worden belemmerd door onomkeerbare ruimtelijke keuzes.

4.11

Sociale veiligheid

Station Spaarnwoude ligt aan een brede bundel van infrastructuur, waar zowel een drukke weg als een waterpartij moeten worden overbrugd om de perrons te bereiken. De ontsluiting van de perrons verloopt via een traverse, waardoor de afstand tussen de perrons en de directe omgeving relatief groot is. Dit zorgt ervoor dat het zicht op de perrons vanuit de omliggende gebieden beperkt is. Na de realisatie van het masterplan zal het stationsgebied een relatief groot woonprogramma kennen, maar het informeel toezicht vanuit bewoners blijft beperkt. Verder zijn er weinig functies in het gebied die in de avonduren worden bezocht, zoals horeca, waardoor er ’s avonds weinig passanten zijn. Gezien deze situatie is het stellen van eisen aan sociale veiligheid van groot belang. Door de beperkte zichtbaarheid, het geringe informeel toezicht en het lage aantal bezoekers in de avonduren bestaat het risico dat gebruikers zich onveilig voelen of dat er daadwerkelijk onveilige situaties ontstaan. De in de volgende paragraaf genoemde eisen dragen bij aan een prettige en veilige omgeving voor reizigers, omwonenden en gebruikers van het gebied. Bij het opstellen van de eisen zijn de ZETA-richtlijnen uit het Handboek Veilig Ontwerp en Beheer (Lopez et al., 2008) gehanteerd. E4.11.1

Routes naar toegangen (fietsenstalling en ontvangstdomein) dienen goed verlicht te zijn, in het zicht van veel gebruikte ruimten.

E4.11.2

Routes naar toegangen (fietsenstalling en ontvangstdomein) zijn vrij van belemmeringen en visuele barrières die het overzicht beperken.

E4.11.3

Bushaltes dienen in het zicht te zijn van woningen of andere gebruiksfuncties.

E4.11.4

Transfertrappen (station) bieden vanaf het laatste tussenborden overzicht over omgeving (minimaal 40 meter).

E4.11.5

Stationsentree dient duidelijk zichtbaar en herkenbaar te zijn, ook van grote afstand.

E4.11.6

De route naar de P+R voorziening moet duidelijke, bewegwijzerd, en goed verlicht zijn.

E4.11.7

Nevenentrees naar het station zijn niet toegestaan.

E4.11.9

Hoogteverschillen overbruggen volgens de regels van het Handboek voor Toegankelijkheid, de NEN9120, en OVS00229 Toegankelijkheid van de transfer (ProRail).

W4.11.1

In geval van betaald parkeren, P+R voorziening alleen voor bevoegden te openen (bijvoorbeeld met pasje/kaartje)

W4.11.2

Plaatsing van inrichtingselementen in looproutes is alleen toegestaan indien deze functioneel bijdragen aan de routing en de veiligheid, en visueel goed herkenbaar zijn.

20

Onze referentie: A6ZERHHSC6AR-1523670973-105

PROGRAMMA VAN EISEN STATION SPAARNWOUDE

Figuur 16 Voorbeeld van een overzichtelijk ontvangstdomein

21

Onze referentie: A6ZERHHSC6AR-1523670973-105

PROGRAMMA VAN EISEN STATION SPAARNWOUDE

Colofon PROGRAMMA VAN EISEN STATION SPAARNWOUDE MASTERPLAN OOSTPOORT AUTEUR Remco van der Wal Rianne van Wijngaarden ONZE REFERENTIE A6ZERHHSC6AR-1523670973-105 DATUM 3 april 2026 STATUS Definitief

22

Onze referentie: A6ZERHHSC6AR-1523670973-105

PROGRAMMA VAN EISEN STATION SPAARNWOUDE

Over Arcadis Arcadis is dé wereldwijde partner die vooraan staat bij de meest impactvolle projecten van onze tijd. We helpen onze klanten duurzame keuzes te maken via de combinatie van digitale innovatie, expertise en toekomstgerichte vaardigheden in onder meer milieu, energie, water, gebouwen, transport en infrastructuur. Wij zetten die extra stap om onze klanten op maat gemaakte oplossingen te bieden voor ontwerp, engineering en advies. Door data-gedreven inzichten in te zetten geven we de natuurlijke en gebouwde omgeving samen vorm. Met meer dan 35.000 mensen bundelen we wereldwijde expertise en pakken we samen uitdagingen als klimaat, betaalbare energie en leefbare steden aan. We verbeteren de levenskwaliteit door onze aanwezigheid in meer dan 30 landen. In 2024 behaalden we een bruto-omzet van €5,0 miljard. www.arcadis.com

Arcadis Nederland B.V. Postbus 220 3800 AE Amersfoort Nederland T +31 (0)88 4261 261

Arcadis. Improving quality of life

Volg ons op

23

Arcadis

Onze referentie: A6ZERHHSC6AR-1523670973-105

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16864953/1