CConstaterende datHaarlem
Koppel je AI →
Document · PDF

07-14 Transcript Raad 14 juli 2022

gemeenteraad 14 juli 2022, gemeente Haarlem30.213 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

TRANSCRIPT VAN DE RAADSVERGADERING VAN GEMEENTE HAARLEM d.d. 14 juli 2022

4. Heropening vergadering De voorzitter: Leden van de raad en alle andere aanwezigen, hartelijk welkom. Het zou prettig zijn als u de gesprekken staakt, zodat ik degene die zo meteen het woord krijgt ook kan verstaan. Ik heropen de vergadering Ik heb een paar mededelingen. In de eerste plaats dat, dat is misschien toch leuk om te weten, dat wethouder Berkhout jarig is vandaag. Ja, denk na waar u hem het meest blij mee kunt maken vandaag. Dan meld ik dat mevrouw Klazes nog steeds ziek is en dus afwezig. Ook mijnheer Van den Berg, want zo heet die echt, is nog steeds ziek en dus niet aanwezig en kan niet geïnstalleerd worden. Ik heb begrepen dat mevrouw Schneiders die komt nog. En eens even kijken, mevrouw Oosterbroek komt niet. Eens even kijken, dan zijn er nog meer afwezigen. Ja, inderdaad. De hele SP is nog afwezig, maar ik verwacht dat mijnheer Kuin nog wel komt. Nou, laat ik maar niet gaan speculeren, ik weet het gewoon niet zeker. Maar er zijn nog een aantal lege stoelen. We wachten dat af. U heeft een overzicht ontvangen van de ingediende moties en amendementen, inclusief advies van het college. En een overzicht van de restante spreektijd, dus houdt u daar rekening mee. Wij hadden het idee dat het dan mogelijk zou moeten zijn, in het presidium hadden we dat idee, om rond 10 uur af te ronden. Dat zou mooi zijn als dat lukt, maar dat is geheel in uw handen.

Na afloop van de tweede termijn van zowel raad als college denk ik dat het goed is om kort te schorsen, omdat wellicht nog enig beraad in eigen kring over de laatste stand van zaken van moties en amendementen gewenst is. Maar ik neem aan dat u het eigenlijk in grote lijnen ondertussen wel weet. Maar goed, dan schorsen we in ieder geval even Tweede termijn raad algemene beschouwingen De voorzitter: Goed, dan gaan we nu naar de tweede termijn van de algemene beschouwingen van de raad. En als eerste zou ik het woord willen geven aan mijnheer Van Kessel, VVD. De heer Van Kessel: Ja, dank u wel, voorzitter. En goedenavond allemaal. En felicitaties aan wethouder Berkhout. Vanavond komen we tot de afronding van de kadernota. En ik stel graag de vraag of Haarlem hiervan beter wordt. En vooral of dit wat wij hier doen niet anders kan. Drie avonden zijn wij in ceremonie bijeen gekomen. Drie lange avonden hebben wij met elkaar ritueel gedanst. Het begon vorige week met de avond over het coalitieakkoord en de installatie van het nieuwe college. Plichtmatig probeerden we het kort te houden, maar 15-maal kort is toch best lang. En van debat was er ook geen sprake. Het Haarlems Dagblad was vernietigend over ons optreden. Een ceremonie die hoge eisen stelt aan het uithoudingsvermogen.

Wij gaven zelf als raad antwoord op de vraag waarom er zo weinig Haarlemmers dit voorjaar naar de stembus kwamen. En dan afgelopen maandag en vanavond de kadernota. De uitkomst van deze avond stond vorige maand al vast. De coalitie verwerkt met de kleinst mogelijke meerderheid het coalitieakkoord in de kadernota. En er volgt een rituele regen aan amendementen en moties vanuit de oppositie. Ze herkennen zich niet in het coalitieakkoord of maken graag van de gelegenheid gebruik om de eigen achterban te bedienen. Voorzitter, het moet me van het hart, maar het is doodzonde. Zonde van de energie van de schrijvers van de voorstellen, zonde van de aandacht van het college en de ambtelijke organisatie voor de adviezen en zonde van de tijd van al die raadsleden van het beoordelen van al die voorstellen. En belangrijker nog, Haarlem heeft hier niets aan. Hoe verder? Hoe veranderen wij als gemeenteraad een ritueel of een cultuur die over de loop van jaren is ontstaan en vastgelegd is in regels en in procedures? In ieder geval door er de tijd voor te nemen. Door de

1

komende zomer na te denken over hoe wij als gemeenteraad de politiek dichter bij Haarlemmers kunnen krijgen. En ik zal in september bij alle fractievoorzitters op de lijn komen en vragen wat het beste idee is dat zij deze zomer hebben kunnen bedenken om de mensen dicht bij die gemeenteraad te krijgen. Wat zou het kunnen zijn? Ik heb al in het debat een goed voorstel gehoord van bijvoorbeeld mijnheer Aynan. Die zei op het moment dat we nou nog eens een meevaller van 12 miljoen gaan krijgen, zouden wij dan niet met zijn allen kunnen meedenken met die begroting? Maar ook de oppositie kan hier natuurlijk wat aan doen. Misschien wat minder moties voor de bühne. En daar doen wij natuurlijk als VVD ook aan mee. Voor dit debat is er dan eigenlijk maar een motie waarop ik wil reageren en dat is die over de hondenbelasting. Nee, niet die over de hondenbelasting. Het is uiteraard het amendement dat de coalitie heeft ingediend, waarmee zij het coalitieakkoord in de kadernota willen verankeren. De VVD ziet plussen en minnen in dat coalitieakkoord, we hebben het er in de ceremonie over gehad. Het is niet ons akkoord en wij zullen ook niet met het amendement instemmen. Alhoewel we wel zien dat de investeringen in veiligheid, in het vergroenen van de stad en de zorg, daar zijn wij blij mee. Maar aan de andere kant hebben wij het ook een mokerslag voor de middenklasse genoemd.

En in the end, wij hadden graag meer betrokken geweest bij dat akkoord en daarom is het niet ons amendement. De VVD zal vanavond wel instemmen met de kadernota, ondanks dat amendement. Dat heeft ermee te maken dat de kaders die hier vastliggen veel breder gaan dan dit coalitieakkoord. Het bevat kaders over hoe wij omgaan met onze woningen, hoe we omgaan met de economie, met de cultuur, met de sport. Het gaat over onze mobiliteit, het gaat over het vergroenen, het gaat over de zorg, het gaat over heel veel dingen waar Haarlem beter van wordt. Daarom zullen wij instemmen me de kadernota en dank ik u, voorzitter, voor het woord. De voorzitter: Dank u wel. Dan is het woord aan mijnheer Wiedemeijer van de Partij van de Arbeid. De her Wiedemeijer: Ja, dank u wel, voorzitter. Ik wilde graag op een aantal reacties van het college ingaan. Ten eerste het plan van aanpak ten aanzien energiearmoede en energietoeslag. Nou, de PvdA hoopt op een brede doelgroep en wacht het plan in september af. We zijn blij dat er snel aan de slag wordt gegaan. ik vraag in het bijzonder nog aandacht voor de positie van uitwonende studenten. En we zijn erg benieuwd naar het plan. We zijn ook blij met de toezegging om bepaalde beroepsgroepen mee te nemen in het betaald parkeren. Ik had ook nog een reflectie voorbereid, maar die van mijnheer Van Kessel lijkt me wel afdoende.

Ik zou daar alleen nog aan willen toevoegen dat, ja, op het moment dat je zoveel moties indient dan kun je jezelf afvragen of dat bijdraagt aan goede besluitvorming en of dat bijdraagt aan het verhogen van de realisatiegraad en de uitvoering. En die zorg heb ik met name in het fysiek domein, dus het ging om veelal de beheermoties. Dus het gaat niet alleen om: heb je financiële dekking voor je motie? Maar wat vraagt dit van de organisatie? Ik bedoel, je kan wel onderzoek X, Y, Z en weet ik wat allemaal, dat betekent dus dat ambtenaren iets anders niet kunnen doen. Dus daar heb ik wel zorgen over. Want we hebben elke keer bij de jaarrekening zeggen we: waarom is de realisatiegraad in beheer zo laag? Ja, dan denk ik: dan moeten we ook met zijn allen in de spiegel kijken: willen we alles continu gaan onderzoeken of gaan we een keer echt dingen doen? Dus dan zou ik daar wel enige reflectie op vragen aan mijn collega’s. De voorzitter: Ja, mijnheer Van Kessel. De heer Van Kessel: Ja, dank u wel, voorzitter. Ja, ik ben het helemaal met u eens. Ik noemde het ook, dat het indienen van al die moties, ook moties die voor de bühne zijn, dat we daar misschien ook maar mee moeten stoppen. Maar ze hebben natuurlijk wel een verklaring, al die moties.

Die zijn natuurlijk wel omdat heel veel van de partijen zich gewoon niet herkennen in zo’n akkoord, dat mensen zich niet herkennen en niet betrokken voelen bij de totstandkoming ervan. En laat dat bij het coalitieakkoord nu gebeurd zijn, net zo’n

2

valse start geweest. Maar laten we nou zorgen dat voor het vervolg, bij de begroting die eraan komt en bij de volgende kadernota die eraan komt, laten we daar deze zomer dan over nadenken om te kijken: hoe kan dat anders? En dan gaat de oppositie dat ook doen, die gaat ook nadenken: hoe kan dat anders? Want nog acht keer zullen we maar zeggen deze ceremoniële dans, ja, ik pas er graag voor. En als ik een beetje zo iedereen gehoord heb denk ik wel dat er meer zijn die er zo in zitten. Dus ik denk dat we het met elkaar eens zijn, maar er moet nog wel wat werk gebeuren. Bent u dat met mij eens? De heer Wiedemeijer: Jazeker, we moeten daar gewoon allemaal op reflecteren. Het ging mij denk ik niet zo zeer om de schuldvraag, want daar moeten we denk ik met zijn allen van de zomer over nadenken. Ik denk ook dat heel veel partijen hebben heel veel interessante ideeën naar voren gebracht. Dus wij werken daar ook graag in samen. Ik denk alleen als je heel veel interessante ideeën bundelt, dan is het op een gegeven moment ook wel een beetje van: wat gaan we dan precies wel doen? Waar ligt de focus op? En ja, dat is natuurlijk de uitdaging die we met zijn allen de komende vier jaar hebben. We zijn met 15 partijen. En laat ik positief eindigen, die hebben vast allemaal geweldige ideeën. Maar wat betekent dat wat je dan gezamenlijk gaat doen, dus daar ben ik wel erg benieuwd naar.

Dat was mijn bijdrage, tenzij anderen daar nog vragen over hebben. Dan geef ik nog het woord aan collega Sydney Visser over de huiskamer van Oost. De voorzitter: Ja, het woord geven doet alleen de voorzitter. De heer Wiedemeijer: Nou, bij deze dan het verzoek, voorzitter. De voorzitter: Ja, die willig ik ook graag in. Mijnheer Visser. De heer Visser: Dank u wel, voorzitter. Ja, wij dienden een motie in samen met Hart voor Haarlem, Trots Haarlem en de Actiepartij over de huiskamer van Oost. Gezien de reactie van het college, wethouder Van Loenen, die op zoek gaat naar een oplossing en op zoek gaat naar, nou ja, iets structureels en daarmee wil terugkomen richting september met hoever ze daarbij is. En ook alle andere zelforganisaties daarbij wil betrekken houden we de motie aan, dus die zullen we vanavond niet indienen. De voorzitter: Dank u wel. Nou, dat is meteen boter bij de vis, mijnheer Van Kessel. Een motie minder. Goed, de Partij voor de Dieren. Mevrouw Van den Broek. Mevrouw Van den Broek: Dank u wel voor de correctie. Voorzitter, tijdens de eerste termijn van het college hoorden wij de wethouder financiën een paar dingen zeggen waar de Partij voor de Dieren van opkeek. Namelijk in Haarlem kunnen we niet alle problemen oplossen. En als wethouder financiën moet ik bij deze plannen toch op de rem trappen.

Dat we in Haarlem niet bij machte zijn om alle crisissen in de wereld op te lossen dat klopt. Maar we wonen wel in een van de rijkste landen ter wereld met een ver bovengemiddelde voetafdruk. Dus als wij het niet doen, wie doet het dan wel? Om de consumptie van de gemiddelde Nederlander vol te houden zijn bijna drie aardbollen nodig. Juist de Westerse mens, ook de gemiddelde Haarlemmer, heeft een consumptiepatroon dus dat de draagkracht van de aarde ver overschrijdt. We kunnen niet anders dan de schouders er vol onder zetten met een uiterst hoog gevoel van urgentie. Dat is precies wat wij verwachten van dit college, maar wat we in hun beantwoording op onze motie nog niet helemaal teruglazen. Voorzitter, de Partij voor de Dieren heeft in een aantal moties praktische, kosteneffectieve voorstellen gedaan waarmee het college voortvarend aan de slag kan om de stad te gaan vergroenen en klimaatadaptief te maken. Dus wij zijn inderdaad ook voor actie en niet alleen maar onderzoeken. Het gaat dan onder andere om de moties drijvende tuin en klimplanten tegen gemeentelijke gebouwen. De wethouder verwijst hierbij naar de diverse groenplannen die in het najaar in behandeling worden genomen en wil eerst

3

dat afwachten. Als de crisis niet zo urgent was had ik daar misschien nog in kunnen komen. Maar het feit dat beleidsplannen nog behandeld moeten worden betekent niet dat het college op haar handen moet gaan zitten. Sterker nog, een college dat een akkoord uit gaat voeren genaamd actie en een raad die de biodiversiteitnoodtoestand heeft uitgeroepen zou elke mogelijkheid moeten aangrijpen om Haarlem te vergroenen. En al helemaal als dat goedkoop en snel kan. En ja, we realiseren ons dat niet alleen geld, maar ook personeelsgebrek vaak een reden is waarom we minder vaart kunnen maken met de uitvoering van diverse projecten. Des te meer reden om slimme oplossingen te bedenken. Er zijn veel inwoners die er graag mee willen helpen. En een stichting, bijvoorbeeld als React, maakt samen met mensen die re-integreren prachtige dingen. Zoals faunatrappetjes, vogelhuisjes en wellicht ook drijvende tuinen. Hoe mooi zou dat zijn? Kortom voorzitter, een beetje pragmatisme en een vleugje yes we can zou dit college sieren. Voorzitter, dan nog onze moties om het energieverbruik bij de detailhandel en horeca terug te dringen. Ten aanzien van onze motie te gaan monitoren in hoeverre nog gehoor wordt gegeven aan de oproep: natuurlijk zijn wij open, de deur is alleen dicht om energie te besparen.

Refereert het college aan het najaar als zijnde de start van het stookseizoen, om dan maar weer eens te gaan praten met ondernemers. Wellicht is het de wethouder ontgaan dat het volgende week 36 graden wordt en de airco’s dus volop zullen staan blazen in de winkels. Het laatste wat je dan wil zien zijn winkels die bij deze temperaturen ook nog eens hun deuren open houden. Kortom, energiebesparing is niet alleen iets van de winter, maar ook van de zomer. Waar is het gevoel van urgentie, vraag ik de wethouder. En wat weerhoudt hem ervan om dit onderzoek niet nu op te starten? Voorzitter, dan onze motie ten aanzien van de terrasverwarmers. Deze hebben wij gewijzigd, omdat een verbod juridisch nog niet mogelijk is. De motie roept nu op tot een lobby richting het Rijk om tot een landelijk verbod te komen op terrasverwarmers en ondernemers te ondersteunen hun terras verder te verduurzamen. Ik ben erg benieuwd hoe de wethouder hier tegenaan kijkt en ik hoor ook graag hoe de wethouder überhaupt tegen terrasverwarmers aankijkt en of hij het met ons eens is dat je eigenlijk ze überhaupt niet zou moeten willen hebben. De voorzitter: Mijnheer Krouwels. De heer Krouwels: Dank u wel, voorzitter. Mevrouw Van den Broek, met hoeveel horecaondernemers heeft u gesproken over uw voorstel? Mevrouw Van den Broek: Nog geen, maar dat lijkt me een prima voorstel dat het college kan gaan doen.

Tot slot, voorzitter. De reactie van het college op onze motie over de afschaffing van de hondenbelasting. Door simpelweg te stellen dat bij de afschaffing van de hondenbelasting automatisch de OZB moet worden verhoogd om het gat te dichten bevreemdt ons. Sinds wanneer zijn deze twee belastingen communicerende vaten? Dat kan een keuze zijn, maar dat is geen vanzelfsprekendheid lijkt me. Ik hoor graag van de wethouder hoe rechtvaardig hij deze belasting nu werkelijk vindt, daar de opbrengsten naar de algemene middelen gaan. En waarom is hij niet bereid tot een voorstel van afschaffing, desnoods gefaseerd? De voorzitter: Interruptie van mevrouw Çimen. Mevrouw Çimen: Ja, dank u wel, voorzitter. Op zich, mevrouw heeft gelijk dat het niet direct communicerende vaten zijn. Maar het gaat toch om grote bedragen. Heeft u misschien dan een alternatief waar we het wel vandaan kunnen halen? Mevrouw Van den Broek: Nee, mijn voorstel zou zijn dat de wethouder met een aantal varianten komt waar we als raad over kunnen discussiëren waar we het meeste overeenstemming over kunnen vinden. In ieder

4

geval een iets meer oplossingsgerichte houding dan deze reactie die we tot nu toe lazen. Want als de hond als sluitstuk van een begroting gebruiken … De voorzitter: Interruptie van mijnheer Drost. De heer Drost: Ik ben oprecht een beetje in verwarring, want volgens mij heeft u in eerste instantie moties rondgestuurd. De hondenbelasting, waarin u volgens mij zelf aangaf van: nou ja, de OZB hoeft maar een stukje verhoogd te worden. En volgens mij daar zijn wij dus bij die beoordeling ook van uit gegaan en volgens mij komt daar ook de reactie van het college vandaan. Mevrouw Van den Broek: Ja, dat hebben wij toen later aangepast. En ik denk dat we dat gewoon breder moeten bekijken. Dus de OZB kan, maar dat is niet de enige optie denk ik die moet worden bekeken. Voorzitter, als afsluiter willen we als nieuwe partij graag nog kwijt dat we de samenwerking met andere partijen en de griffie tijdens deze kadernota-week als zeer positief hebben ervaren. Wij zijn natuurlijk nog beginnelingen en het feit dat veel leden hun tips en ervaringen delen en diverse moties mede hebben ingediend maakt dat wij nog meer zin krijgen in deze nieuwe collegeperiode. Hartelijk dank daar voor een ieder. De voorzitter: Dank u wel. En dan geef ik het woord aan mijnheer Drost, GroenLinks. De heer Drost: Ja, dank u wel, voorzitter. Ik wilde nog terugkomen op motie 17, huiswerkbegeleiding bekend.

We hebben natuurlijk een reactie van de wethouder gehad afgelopen maandag. We hebben ook op papier een reactie van het college gehad, waarvoor dank. Ja, we hebben die motie met de Actiepartij, SP, Jouw Haarlem en ChristenUnie om een aantal redenen ingediend. Dus u reageert onder andere dat er al op verschillende manieren deze regelingen bekend worden gemaakt. Dat was ook zeker niet onze indruk dat dat niet gebeurt. We zien alleen dat er een nijpend, dat het zeker nu belangrijk is. Gelet op corona, op de achterstanden. Dus het gaat vooral ons om het stapje extra. Ziet u nog mogelijkheden, wij zijn een aantal mogelijkheden waarop het nog beter bekend gemaakt kan worden. Daar hebben we een aantal voorzetten voor gedaan. Er zijn een aantal momenten waarin er gesprekken worden gevoerd. Met een adviesgesprek, een inschrijfmoment op een nieuwe school. Dus de oproep is niks meer en niets minder: kijk of er nog een extra stapje gezet kan worden. En daar hoor ik dan nog graag een reactie op vanuit de wethouder. De voorzitter: Dank u wel. Dat was het? Dan gaan wij naar de fractie van OPHaarlem. Mijnheer Smit. De heer Smit: Dank u wel, mijnheer de voorzitter. Even een korte reactie op het college in de eerste termijn. Pagina 15 van de kadernota, het is voor ons duidelijk dat gezien de omvang en het belang van de SOR in feite de participatie de das wordt omgedaan.

Dus die constatering houden wij. Dan ten aanzien van de moties en de reactie van het college. Bij motie 1 gaat het ons niet om de tijdelijke werkzaamheden op de Schoterweg, maar als voorbeeld namen wij de permanente situatie. En die is op een aantal … De voorzitter: Ik hoor mensen zeggen: als u iets dichter bij de microfoon gaat zitten, dan is het beter te volgen. De heer Smit: Ja. En uiteraard gefeliciteerd met de wethouder. Motie 1, dat gaat dus om de bestaande situatie, niet om de tijdelijke situatie met de wegwerkzaamheden. Motie 2, de strekking wordt misschien op een paar plekken gedaan, maar wij denken dat de motie toch een stukje steun aan het college geeft om hier sneller en harder mee aan de gang te gaan. Motie 3 handhaven wij ook. Motie 4, die houden wij aan en daar gaan we nog even naar kijken hoe wij de situatie op dit moment vinden. Blijkbaar waren wij niet voldoende

5

geïnformeerd. Motie 5 vinden wij typisch, want er is wel degelijk in een aantal straten 15 kilometer te handhaven. En nu zijn de snelheidsverschillen tussen wandelaar en fietser zo verschrikkelijk groot dat het echt tot zware ongelukken kan gaan leiden. Motie 6, met dank voor de informatie. Motie 7, daar wordt wat vanuit denk ik te heftige verdediging gereageerd. Want we hebben het niet over het slopen van de PNAL, wij hebben het over het integreren van de PNAL met daarbij een betere maatvoering. Dus er moet aan de ene kant een stuk bij. En wellicht kun je denken aan een L-vormige gecombineerde twee-in-een sportcombinatie. Maar zeker geen sloop en zeker geen kapitaalvernietiging. Ook staat de boekwaarde op nul, maar je zou toch kapitaal vernietigen. Dus wij hopen dat de raad het toch de moeite waard vindt om te kijken: jongens, zijn er andere oplossingen dan de sporthal ertegenaan geplakt? Niet door SRO beheerd en ook met enorme kosten eromheen door leegstand in de PNAL en door extra kosten voor de honkbalweek. Graag de steun van de raad. Motie 8, ja, dat is een leuke. Misschien gaan we nog een keertje de accountant erover bevragen. Wij vinden dat niet alles incidenteel verwerkt kan en mag worden.

Motie 14, 15 en 16, gegeven de constatering bij motie 15 dat er een voorstel komt van het college waarbij u in ieder geval de argumentatie van onze motie ook meeweegt, houden wij motie 15 aan nu. En motie 16, het antwoord is een beetje ridicuul. Wij hebben erg veel, een aantal jonge mensen gehoord van de jongerenraad in het voorjaar die echt foto’s lieten zien van plekken waar het, natuurlijk in de winter gebeurt het meest, er heel onveilig eruit ziet en aanvoelt. En daar moet wat aan gedaan worden. En niet over prioriteiten, want blijkbaar kunnen we het incidentele geld niet kwijt. Nou, een paar kwartjes hiervoor lijkt een nuttige steun voor deze motie. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. En ik begrijp dat u zegt: 4 en 5 die worden ingetrokken. Die worden aangehouden, ingetrokken, maar niet vanavond. Ja, oké, helder. Dan gaan wij naar mevrouw Çimen, D66. Mevrouw Çimen: Ja, dank u wel, voorzitter. Dank ook aan het college voor de beantwoording in de eerste termijn en de reactie op de moties en de amendementen. Ik heb in mijn eerste termijn aangegeven dat wij nog wat vragen hadden over het in een keer vrijmaken van de voorbereidingskredieten voor 2022 en om daar voortaan de vaste werkwijze van te maken. Wij hebben wethouder Berkhout gevraagd om de rol en de positie van de raad in dit proces in acht te nemen en het goede overleg met de raad en de commissie beheer te borgen.

Nou, daar hebben wij een duidelijke toezegging op gehad van wethouder Berkhout, dus dank daarvoor. En wat betreft het samenbrengen van die onderhoudstrajecten en de beleidsambities in plaats van een harde knip, zoals in andere gemeenten is toegezegd. Of is toegezegd dat dit debat nog wordt gevoerd in de raad, in de commissie beheer om concreet te zijn. En D66 wil heel graag het realisatietempo opvoeren en wij hebben hier ook de nodige vragen dan wel zorgen bij. Maar ook debat wachten wij dan nog heel even af. Voorzitter, D66 had een amendement ingediend over de correctie van de OZB. En wij hebben de toelichting van het college gelezen, onder andere over de drietrapsraket die we hebben afgesproken in het coalitieakkoord. En wij trekken daarom voor nu ons amendement in. De voorzitter: Nummer 10. Mevrouw Çimen: En dat is nummer 10 van de lijst inderdaad. En dan onze motie prioriteren om tot actie over te kunnen. Ja, de reactie van het college is dat er geen direct verband is tussen personeelsschaarste, de krapte op de arbeidsmarkt en het realiseren en opleveren van beleidsdoelen en ambitie. Ja, en dat bevreemdde ons een beetje. Want ik heb afgelopen maanden zo’n beetje alle wethouders opmerkingen horen maken over personeelstekorten. En het antwoord van de wethouder De Raadt hoorde als de vacatures niet konden worden ingevuld een prioriteringsexercitie mogelijk nodig zal zijn.

De wethouder zet alleen terecht alles op alles om nu eerst de nodige mensen te werven in de komende periode. Maar ik begrijp de schriftelijke reactie van het college op deze motie om te komen tot een goede planning en die processen te stroomlijnen toch nog

6

niet helemaal en hoor graag een nadere toelichting van het college op dit punt. Voorzitter, tot slot. Ik ga nu niet in op alle moties en amendementen, dat zult u straks zien bij de stemmingen en de stemverklaringen die wij daar zullen geven. Maar ik wil er hier toch eentje uitlichten, want ik zie dat de collega’s van Forum inmiddels de eerste motie hebben ingediend. Geen altruïsme zolang bestaande Haarlemmers niet kunnen wonen. En vooral de overweging ‘altruïsme kan leiden tot maatschappelijke onrust, afgunst en sociale instabiliteit waar ook nieuwe Haarlemmers last van zullen ondervinden’ vonden wij toch ook wel bijzonder. Een pareltje van een motie waar de samenhorigheid en de medemenselijkheid ervan af spat en de hele complexiteit van de wooncrisis reduceert tot een, ja ik sla het plat voorzitter. De statushouders zorgen voor een lange wachtrij voor Haarlemmers en slokken teveel woningen op. Vandaar dat ze met 14 duizend mensen tegelijk onder barre omstandigheden al jaren in AZC’s zitten te wachten op een woning. Voorzitter, om de wooncrisis en de wachtlijsten voor de sociale huur zonder debat in deze raad gemakshalve even gegoten in een motie volledig op de schouders van statushouders te leggen gaat mij echt te ver.

Mensen die gevlucht zijn voor oorlog en geweld, op grond van Nederlandse wetgeving en procedures een verblijfsvergunning hebben gekregen en statushouder zijn geworden, veelal tussen de vijf en acht jaar in een asielzoekerscentrum wonen, regelmatig van AZC naar AZC worden verkast en inmiddels ook jaren in de wachtrij staan voor een fatsoenlijke woning. En ik zou hier vanavond ook willen pleiten om het menselijke leed niet tegen elkaar af te zetten, of ze nou van origine Haarlemmers zijn of niet, en de verantwoordelijkheid te pakken als volksvertegenwoordiger om niet eigenhandig het vuurtje te stoken onder die potentiële maatschappelijke onrust waar de collega’s het over hebben. En D66 stemt in ieder geval tegen deze moties. En tot zover. De voorzitter: U heeft een interruptie van mevrouw Hartman. Mevrouw Hartman: Voorzitter, ik wil eigenlijk geen leed met leed vergelijken. Maar laat ik u er wel even aan herinneren dat we hier voor de Haarlemmer zitten. We hebben het ook over jonge mensen die gewoon niet volwaardig met hun leven kunnen beginnen omdat ze noodgedwongen nog thuis moeten gaan wonen. Op deze manier kun je wel allerlei vergelijkingen gaan maken met elders in de wereld, er zullen altijd conflicten zijn in de wereld en er zal altijd armoede zijn. We kunnen niet iedereen boven de Haarlemmer zetten, omdat zij het ergens anders in de wereld erger hebben.

We zitten hier voor de Haarlemmer. De voorzitter: Als u wil kunt u reageren. Mevrouw Çimen. Mevrouw Çimen: Nou, ik zou hier toch wel graag op willen reageren. Kijk, het gaat erom, het gaat over ongeveer honderd mensen per jaar, statushouders, die wij huisvesten. En het gaat om duizenden mensen die in de wachtrij staan voor de sociale huurwoningen. Dus om nu een op een te zeggen van: ja, we lossen de problemen op als statushouders voortaan geen voorrang meer krijgen, wat u wel hier insinueert. En nou ja, ook die bewuste overweging over maatschappelijke onrust et cetera, et cetera. Ik word hier toch een beetje ongemakkelijk van, dat is mijn opvatting. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Hartman. Mevrouw Hartman: Voorzitter, we insinueren helemaal niet dat we hiermee de wooncrisis oplossen. Het is een aanvulling opbouwen. Wij willen gewoon dat zo veel mogelijk Haarlemmers in die woningen kunnen gaan plaatsnemen. En ik kan me vinden dat u het daar mogelijk niet mee eens bent, dat staat u vrij. De voorzitter: Dat is helder. We zien straks wat de stemming oplevert. Mijnheer Van Kessel.

7

De heer Van Kessel: Ja, dank u wel, voorzitter. Ik hoor mevrouw Çimen zeggen dat zij vindt dat leed met leed niet vergeleken moet worden. Maar in haar eigen betoog lijk ik toch te horen dat het leed van een statushouder hoger is dan het leed van een andere woningzoekende. Nu hoor ik mevrouw Hartman in haar motie vooral een pleidooi geven over het belang zal ik maar zeggen van Haarlemmers die op zoek zijn naar een woning. Dat belang had misschien uitgebreid kunnen worden naar het belang van de asielzoekers. Dus dat was enigszins eenzijdig, dat ben ik met u eens. Maar aan de andere kant, uw betoog was van eenzelfde eenzijdigheid, maar dan vanuit de andere kant. Dus nogmaals, u zegt dat je leed en leed niet kunt vergelijken, kunt u mij dan eens uitleggen hoe u dat dan ziet? De voorzitter: Mevrouw Çimen. Mevrouw Çimen: Het gaat er mij om dat je een wooncrisis zo complex, of dat je een crisis zo complex als de wooncrisis nu eigenlijk reduceert tot statushouders overigens, niet asielzoekers, mensen die al jaren in de procedure zitten. En onder echt erbarmelijke omstandigheden ook in AZC’s zitten. En net als die mensen die ook op de wachtlijst staan voor fatsoenlijke woningen hier in de stad daar elders op een wachtlijst staan. En bovendien, wat ik ook zeg, het gaat hier om honderd mensen per jaar ongeveer.

Dus het is niet alsof we hier enorme rijen aan statushouders deze stad overspoelen om dan de plekken van Haarlemmers in te nemen. De voorzitter: Mijnheer Van Kessel. De heer Van Kessel: Ja, ik geloof dat wij ook misschien niet eens zo ver uit elkaar liggen. Maar aan de andere kant hoorde ik wederom in uw betoog niet zal ik maar zeggen het verhaal van de Haarlemmers die hierin zo lang op een wachtlijst staan. En is het nou niet netjes dat als je het leed van de asielzoeker of de statushouder, pardon, van de statushouder die lang aan het wachten is op een woning wat vervelend is, dat je ook het leed van die Haarlemmer noemt die net zo lang staat te wachten op woningen. Het is toch allebei vervelend en je kunt dan toch leed en leed niet met elkaar vergelijken? De voorzitter: Mevrouw Çimen. Mevrouw Çimen: Het is allebei zeker vervelend. En daarom bouwen wij hier ook duizenden woningen bij en hebben we weer een akkoord met elkaar op poten gezet waarbij we duizenden woningen er nog meer bij willen gaan bouwen. Want dat is echt de enige maatregel waarop je dit gaat op kunnen lossen. De voorzitter: Goed, dit roept veel op kennelijk. Mijnheer Visser, ChristenUnie. De heer Visser: Dank u wel, voorzitter. De woorden van D66 zijn me uit het hart gegrepen, statushouders zijn ook Haarlemmers. Maar dan heb ik wel een wedervraag aan D66, want u zegt dat u een hoge bouwambitie hebt.

Ik vind het tegenvallen, want aan het eind van deze coalitieperiode zijn de wachtlijsten nog net zo lang ongeveer als u deze ambitie doorzet. Er is meer nodig. Is het mogelijk dat we met u een afspraak kunnen maken over de lengte van de wachtlijsten? Dus dat we zeggen aan het eind van deze coalitieperiode, nu is het ongeveer acht jaar, aan het eind van deze coalitieperiode zijn de wachtlijsten gedaald naar vijf jaar. En dat betekent dus dat we meer woningen moeten bouwen, dan gaat D66 voor meer woningen, dan zijn ze bijvoorbeeld ook bereid om te praten over woningen in de Waarderpolder. Bent u bereid een doelstelling te zetten: wij gaan die wachtlijsten omlaag brengen met minstens drie jaar. Bent u daartoe bereid? De voorzitter: Mevrouw Çimen.

8

Mevrouw Çimen: Ik denk dat wij hier in ieder geval in de komende vier jaar, als wij drie of vier van die ontwikkelzones nu echt tot volledige wasdom kunnen gaan brengen en die duizenden woningen erbij kunnen gaan bouwen, dan denk ik dat we het al echt heel goed hebben gedaan. En daar gaan we nu echt vol voor. Tot 2030 willen we die tienduizend woningen erbij hebben gebouwd. En mocht het daarna dan nog nodig blijken uit de nood dat er ook in de Waarderpolder gebouwd moet worden, dan kan je altijd op dat moment nog dat gesprek hebben. Maar het simpelweg plempen van woningen in de Waarderpolder zoals de ChristenUnie voorstelt is ook een illusie. Want er zitten geen voorzieningen bij, er zit geen ov bij, er zit helemaal geen hulpstructuur bij. Dus daar kunnen we het dan ook met elkaar over hebben, want wij zijn ook van voorzieningen bij woningen. De voorzitter: Dank u wel. Ik zie nu allerlei handen. Een ding, ik vind interrupties die leiden tot levendig debat, dus dat lijkt me uitstekend, maar ik beperk wel het aantal interrupties per raadslid per onderwerp en per spreker om te voorkomen dat we eindeloos dingen gaan herhalen. Mijnheer Visser, u krijgt nog een keer een repliek. De heer Visser: Voorzitter, wij plempen geen woningen. Maar u moet nu wel het denken starten als we over een paar jaar die woningen willen gaan bouwen.

En daarom zeggen we: doe nou een wedstrijd, vraag dit aan de stedenbouwkundige deskundige. Dat ten eerste. Maar ten tweede, prima dat u woningen bouwt. Maar dat doet u met een doel, dat doel is die wachtlijsten omlaag. En als uiteindelijk het resultaat de wachtlijsten net zo lang blijven, dan is het mooi dat u die woningen bouwt maar dan is het dus te weinig. En het enige wat ik u vraag is, ik wil u afrekenen op resultaten. En bent u bereid een resultaat, een doel, vast te leggen voor het omlaag krijgen van die wachtlijsten? Want anders bent u geen knip voor de neus waard eigenlijk, want dan blijft alles hetzelfde. Dan hebben we een paar woningen gebouwd, maar dan zijn de wachtlijsten net zo lang. Dat wil u toch ook niet. De voorzitter: Mevrouw Çimen. Mevrouw Çimen: Dank u wel, voorzitter. Ik zit hier samen met een coalitie. We hebben net een akkoord, daar is de inkt nu net van droog. Daar hebben we een x aantal woningen bij elkaar afgesproken. Ik ben altijd bereid tot denken en voortschrijdend inzicht, dus daar kunnen we met elkaar een levendige discussie over gaan hebben. Maar op dit moment blijf ik nu even bij de afspraken staan zoals die in het akkoord staan. De voorzitter: Dank u wel. Dan ga ik naar mijnheer Van den Raadt. De heer Van den Raadt: Ja, ik vind het wonderlijk dat u met die getallen van honderd komt.

En dan zou eigenlijk mijnheer Visser moeten uitmaken voor leugenaar, want die zegt gewoon: als u duizend huizen per jaar erbij gaat bouwen, dan blijft de wachtlijst op het laatst hetzelfde. Dus dan klopt dat niet, als er duizend bijkomen en dat er maar honderd mensen bijkomen. Maar even over de motie van Trots Haarlem een bruggetje te maken. Vindt u het dan wel terecht als mensen 18 jaar op de wachtlijst staan, dat die dan wel voorrang krijgen in Haarlem? Als je 18 jaar op de wachtlijst staat. Mevrouw Çimen: Volgens mij komen er nu mensen geen 18 jaar op de wachtlijst voor. Maar daar zou ik nog even moeten gaan uitzoeken, dat weet ik eigenlijk niet. Maar even ter aanvulling eigenlijk op wat u net zei, mijnheer Van den Raadt. Want kijk, het gaat over de sociale huurwoningen en de wachtrij voor de sociale huurwoningen. En dat gaat breder dan natuurlijk de statushouders. De voorzitter: Ja, mijnheer Van den Raadt nog een keer.

9

De heer Van den Raadt: Van den Raadt. Ja, dank u wel, u zei het goed. Kijk, u doet net alsof het er dan maar honderd zijn, maar dan moet u wel ook er eerlijk bijzeggen hoeveel echte huizen levert het nou op hier per jaar? Want u doet net alsof we er duizend per jaar echt bij bouwen, dat is natuurlijk ook niet zo. De afgelopen zes jaar waren er 1632, dus dat is niet duizend per jaar. Dus als je er dan honderd per jaar hebt, dan is dat toch een behoorlijk percentage natuurlijk. Zo moet u het zien. De voorzitter: Goed. Ik zag net mevrouw Van Zetten nog. Is dat over? Ja. En mevrouw Hartman, u hebt op dit punt al drie keer de interruptie gehad. Dus ik ga hier nu niet … Mevrouw Hartman: Ik vergat een vraag te beantwoorden, kan ik dat niet nog doen? De voorzitter: Nee, want u heeft zo uw eigen termijn. Dus gebruikt u uw eigen termijn ook daarvoor. Mevrouw Çimen. Oké, dan gaan wij verder met mijnheer Kuin, SP. De heer Kuin: Ja, komt die. Nou, ik wou nog even zeggen dat het denk ik van belang is dat we groepen in nood niet tegenover elkaar zetten en tegen elkaar uitspelen. De oproep van mijnheer Van Kessel steun ik van harte. Ook ik vond het frustrerend, niet voor de eerste keer trouwens, om vier uur bij elkaar te zitten, naar elkaar te luisteren en nauwelijks tot debat te kunnen komen op hoofdpunten.

Dus het lijkt me goed om zonder een schuldige te kijken of we oplossingen kunnen bedenken om wel tot debat op hoofdlijnen te kunnen komen. Iets over de moties. We hebben vijf moties ingediend samen met Jouw Haarlem. Ik zal de twee zorgmoties toedienen en Jouw Haarlem de andere drie toelichten. We hebben een motie ingediend die zegt: geld voor zorg moet naar zorg. Het moet niet kunnen dat er winsten worden gemaakt met publiek geld. Het is goed om te lezen dat het college dat onderschrijft, dat geld van zorg naar zorg moet. Het is goed om te lezen dat het college al gewoon in de wijk een maximaal percentage heeft opgenomen. We hebben begrepen de afgelopen dagen dat dat ook gaat gebeuren ten aanzien van de jeugdhulp. Ik hoor het graag straks van de wethouder. En dan kunnen we kijken of we de motie handhaven of intrekken. Onze motie ten aanzien van de budgetplafonds. Het college zegt in het préadvies dat die budgetplafonds niet de reden zijn voor de vijf mensen die op de wachtlijst staan als gevolg van rechterlijke uitspraken. Wij hebben het niet alleen over die vijf. We hebben gekeken naar de aanbieders en de wachttijden. Van de aanbieders is meer dan een derde heeft een wachttijd van 24 weken of langer of een aannamestop, innamestop. Dus er is wat ons betreft meer aan de hand. Natuurlijk speelt ook een rol dat is het moeilijk is om personeel te krijgen.

Maar ook dat heeft te maken met het budgetplafond. Dus wat ons betreft wordt er nog wel naar gekeken. En wij zeggen niet bijvoorbeeld dat de budgetplafonds weer eraf moeten. Wij vinden het in ieder geval van belang om met elkaar in kaart te brengen, voordat we de begroting maken, wat de gevolgen zouden zijn als we ze afschaffen, als we ze geheel afschaffen, gedeeltelijk afschaffen of het plafond verplaatsen. Dat inzicht zouden we graag willen hebben in november, dus in die zin handhaven we de motie. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we naar het CDA, mijnheer Dreijer. De heer Dreijer: Dank u wel, voorzitter. Nou, ik ben ook benieuwd naar datgeen wat de VVD wil bespreken na het reces. Ik ben het wel met u eens hoor dat we heel veel tijd wel hiermee bezig zijn, met deze behandeling van de kadernota. Dus ook ik wil graag met u meedenken om te kijken of we efficiënter kunnen doen. Ik hou van efficiëntie, dat weet u. Ik ga eventjes heel kort over de moties. De groene moties die zullen wij over het algemeen niet steunen. Niet omdat ze zo slecht zijn, er zitten hele interessante voorstellen bij. Maar we gaan echt vlak na het reces al de nota’s bespreken die hierover gaan. Dus laten we daar goed gaan bespreken en dan vaststellen.

En die twee maanden kunnen we echt nog wel wachten met uitvoeren, want er lopen nog uitvoeringen ook met het plan van allerlei planmateriaal en groenslingers et cetera. Dus het is een goede

10

motie dus, maar we gaan hem niet steunen. Wij hebben ook ons logo gezet op met de deur open van de Partij voor de Dieren en de motie 23, de terrasverwarmers. Gassen met de deuren open, ja, het is inderdaad zo. De airco’s staan te loeien op dit moment en ’s winters staan de kachels te loeien en allemaal met de deuren open. En dat lijkt ons in deze tijd echt niet meer kunnen. En hetzelfde met de terrasverwarmers. Nu staan de open gasverwarmers of sfeerverwarmers, hoe je het noemen wil, die staan nu ook te loeien. Het is bloedheet buiten. En ook nu weer zie je op diverse terrassen dit soort zaken staan. En ja, ik kan er met mijn pet niet bij dat dit nog steeds gebeurt. Dus ook daar hebben wij onze steun, kijk, dat het aantal terrassen vooral eens misschien moeten gaan tellen. Maar we moeten het wel even monitoren wat er gebeurt. En natuurlijk gaan zoeken naar oplossingen om in ieder geval de desbetreffende bedrijven te enthousiasmeren en te verleiden om toch daar eens een keer mee te gaan stoppen. Wij zitten nog even te kijken naar de motie van D66, motie 9. Ik hoop dat er nog een toelichting komt vanuit het college. We zijn nu wel, nou, we neigen naar steun. Ook daar denken we dat er toch wel een soort efficiency slag gehaald zou moeten kunnen worden. En ik sluit me ook voor de rest wel aan bij ook de woorden van D66 over de motie van FvD en BVNL en Trots over de statushouders.

Wij vinden ook wel, wij zijn natuurlijk de partij ook wel die echt voor de mens wil gaan. En als mensen het slecht hebben en moeilijk hebben, dan moet je ze ook een kans bieden en ruimte bieden om ook een normaal bestaan op te kunnen bouwen. En ik snap wel dat er enige druk op de woningvoorraad gaat leggen, maar 30 jaar geleden zaten we ook op de zeven jaar. Dus ik ben heel benieuwd wanneer mijnheer Visser heeft gezien dat we een vijfjarige wachttijd hadden. Maar dat staat helemaal los van deze motie van de FvD, die steunen we dus niet. Tot zover, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we naar Jouw Haarlem, mijnheer Aynan. De heer Aynan: Ik had verwacht dat u ging schorsen, voorzitter. Voorzitter, we hebben ons, laten we zeggen deze nieuwe periode hebben we ons constructief opgesteld. Zowel richting de onderhandelaars als deze nieuwe coalitie. En zo hebben we ook het coalitieakkoord en de kadernota gelezen. Welwillend en constructief. En we hebben ook uitgestoken hand gedaan. En dan is het jammer om te lezen bij al onze moties dat die ontraden worden. Vooral als je leest dat het college eigenlijk het met ons eens is, met de inhoud. Ja, dat is jammer. Want u had ook kunnen zeggen van: joh, met de inhoud zijn we het eens. En ja, we zijn positief. Maar dat doet u niet, u ontraadt al onze moties.

130 procent voor de energiecompensatie, ja, dat willen we echt gewoon dit jaar regelen. En wat voor kwaad kan het om hier raadsbreed dat ook aan te geven. Dan kunt u nog harder aan de slag, dan weet u in ieder geval wat de raad van u wil. Hetzelfde geldt voor ecologisch beheer. Het levert zelfs geld op. En dan verbaast het ons dat u dat ontraadt. En die flexwoningen, want het college komt met het antwoord van: ja, containerwoningen is een van de mogelijkheden. Maar we hebben het niet over containerwoningen. Laten we dat alstublieft uit de wereld hebben, het gaat niet over containerwoningen. Ik ben vandaag nog speciaal daarvoor naar Zandvoort gegaan. ik heb gezien wat voor tijdelijke woningen daar geplaatst worden. En het zijn inderdaad containerwoningen. Dat moeten we niet willen. Dat is eigenlijk een achterhaalde manier. We hebben het hier over modulebouw. En dat kan snel en dat kan goed. En het zijn woningen die je echt tientallen jaren kunt gebruiken, ook voor andere doelgroepen. En daar wil ik eigenlijk ook wel een reactie van het college op. Voorzitter, ja, ik hoorde verschillende fracties over de motie van Forum, statushouders. Ik vind het eerlijk gezegd een immorele motie. Het is victim blaming wat Forum, BVNL en Trots doen. Dit zijn mensen die slachtoffer zijn en die gelukkig hier in Haarlem een kans krijgen. En die ook een kans verdienen.

Dus die motie gaan we absoluut niet steunen en eigenlijk moeten de indieners zich schamen. En ik hoop, ik hoop, dat deze drie indieners nooit maar dan ook nooit in de positie zelf van vluchteling komen te staan. Want dan weten ze wat dat echt betekent. U moet zich eigenlijk schamen. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan wij naar de Actiepartij. Mijnheer Van Leeuwen.

11

De heer Van Leeuwen: Dank u wel. Ik pak een paar moties eruit waar we wat langer bij stil willen staan. Allereerst de motie 7, over de sporthal. Ik zou graag zo direct goed van de wethouder begrijpen hoe zij van de status quo waar we nu in zitten, het bezoek wat we als raad hebben afgelegd een maand geleden, met eigen ogen gezien dat er een situatie is die niet optimaal is. Hoe zij ziet dat ze door de zomer heen met die geconstateerde omissies denkt dat ze een planverbetering kan doorvoeren. Omdat wij als Actiepartij erg zijn voor een goede ruimtelijke invulling van een sportboulevard, dat moet kwalitatief goede ruimte betekenen. Voor de bezoekers, voor de gebruikers, voor de passanten. Er liggen wel wat meer vraagstukken daar in dat gebied, dus daar zou ik graag wat van u horen. Omdat wij eigenlijk de vraag die OPHaarlem stelt niet onredelijk vinden, gelet op het verzoek wat we hebben afgelegd. Dus dat is een. IK heb mij verbaasd over de antwoorden over het gratis openbaar vervoer, dat ik denk: ja, zijn we hier realistisch? We weten dat het ov op sterven na dood is als het gaat om de corona die we achter de kiezen hebben. Dat moet allemaal hersteld worden. En dan gaan we hier in de raad twee moties voorleggen om te kijken of we openbaar vervoer gratis kunnen stellen. Wij zijn enorm voorstander van gratis openbaar vervoer, hoe meer mensen daar gebruik van maken des te beter.

Maar ik wil wel graag dat we realistische voorstellen doen, hoop ik, en ook met een verwachtingskader dat daar ook iets uit gaat komen. En die verwachting hebben wij niet, dus daar zijn wij ook erg benieuwd naar met waar er zo direct misschien in tweede termijn op wordt teruggekomen. De voorzitter: Ja, een interruptie van mijnheer Aynan. De heer Aynan: Ja, er zijn twee moties die gaan over gratis ov inderdaad. Maar eentje staat het college juist welwillend tegenover. Een van de weinige. De heer Van Leeuwen: Ja, dat verbaast mij dus ook. Want ik ben dan erg benieuwd hoe we dat gaan bewerkstelligen. De heer Aynan: Ja, ik was vergeten dat u niet in het college zat. De heer Van Leeuwen: Ja, dat klopt. Maar daarom spreek ik mijn verbazing uit over wat ik gelezen heb. Tot slot, ik wens iedereen die wil gaan reflecteren deze zomer alle succes en wijsheid. Ik ga hopelijk op vakantie. Reflecteren doe ik een jaar lang. En als ik de interrupties van zojuist hoor en van de afgelopen keren, dan denk ik dat het best verstandig is om te gaan reflecteren. Ik heb net wat dingen gehoord die raken voor mij aan, ja, ik vind dat onbegrijpelijk. Zeker als je een partij vertegenwoordigt die landelijk gezien tien jaar lang het asielbeleid naar de knoppen heeft geholpen.

En dan hier een debat gaat voeren met iemand die opkomt voor iets waar een heel groot principe achter schuilgaat, namelijk opkomen voor mensen in nood. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Van Kessel, interruptie. De heer Van Kessel: Ja, dank u wel. Ja, ik begreep dat ik werd aangesproken. De eerste zinnen die u zei, die heb ik helaas niet gehoord. Excuses, ik was even afgeleid. Maar ik begreep dat u in ieder geval de VVD Haarlem aansprak op het asielbeleid van de afgelopen jaren. Terwijl in de bijdrage waar ik een vraag over stelde aan mevrouw Çimen was eigenlijk van: kun je leed of leed met elkaar vergelijken? Dus los van de woningnood van een asielzoeker of van een statushouder heeft een Haarlemmer net zoveel last daarvan. Dus in principe, wat maakt het uit en waarom zou je dan dus niet mogen kijken gewoon naar de lengte dat iemand op een woning zit te wachten? Ik begrijp niet, en volgens mij is die motie ook best wel netjes geformuleerd wat dat betreft. Dus ik snap wel de angsten die erachter zitten en waar u nu aan appelleert, maar het is misschien ook wel goed dat we elkaar willen begrijpen.

12

De voorzitter: Mijnheer Van Leeuwen. De heer Van Leeuwen: Ik zou willen gaan voor oplossingen. En die kunt u met uw voet in Den Haag makkelijker bereiken dan ik als lokale partij. Ik constateer dat u dit punt aangrijpt om een debat te voeren. Waar iemand een punt maakt om te zeggen van: laten we hier proberen geen mensen uit elkaar te spelen. Dat is mijn constatering. En ik wens u nogmaals veel succes in uw reflectieperiode de komende weken, want die schijnt u nodig te hebben. Ik niet. De voorzitter: Mijnheer Van Leeuwen. Sorry, mijnheer Van Kessel nu natuurlijk. De heer Van Kessel: Ja, dank u wel, voorzitter. Nou, dan zou ik van mijnheer Van Leeuwen toch graag ook de vraag willen stellen: hoe denkt hij dat deze gemeenteraad dichter bij de Haarlemmers kan komen te staan? En wat zijn dan de zaken die daar zouden moeten gebeuren? En kan hij dan ook reflecteren op het feit dat deze coalitie en alle moties die zijn ingediend ze allemaal ontraadt? Wat vindt hij daarvan? Dus maar goed, als hij niet hoeft te reflecteren maar direct actie, direct weet wat het antwoord is, dan horen we het graag. Verlicht ons allemaal alstublieft. De heer Van Leeuwen: Nou, kort gezegd. U zegt de coalitie, het is het college dat ontraadt. Ik geef net een aantal inzichten in een aantal moties die er liggen, die zijn niet door de coalitie ingediend.

Dus volgens mij moet u niet bij mij zijn als u het over wat het college aan antwoord geeft. En ik ga ervanuit dat wij elkaar op een inhoudelijke dialoog in heel veel situaties kunnen treffen en zullen treffen, met elkaar samenwerken. Die uitnodiging heb ik ook naar u gedaan. En dat is mijn korte antwoord. U ziet ik heb nog zes seconden en ik wil nog een paar stemverklaringen geven zo direct. De voorzitter: Goed, dan kunt u nog een zin zeggen, maar dat heeft niet zoveel zin want u krijgt geen reactie meer. Maar goed, mijnheer Van Kessel. De heer Van Kessel: Nou, dan kan ik in ieder geval mijnheer Van Leeuwen erop wijzen dat stemverklaringen gelukkig gratis zijn in deze gemeenteraad. Dat zijn de procedures die we hebben gehad, zodat we allemaal nog langer het woord kunnen voeren over al die geweldige inhoudelijke vooronderwerpen die zijn ingediend. De vraag is of Haarlem er beter van wordt. Ik zie u daar dus eigenlijk als antwoord geven: ja, wij zullen meer de inhoudelijke verdieping moeten opgaan, want daar zit Haarlem op te wachten. Ik heb de afgelopen weken urenlang inhoudelijke verdieping gehoord en ik denk dat Haarlem er geen snars beter van wordt. De voorzitter: Ja, als u dat wil dan heeft u nog een paar seconden. De heer Van Leeuwen: Ik zie geen voorstellen van de VVD aanhangen, dus ik weet niet waar ik met u over moet praten. Dat is het punt.

Ik zie 50 moties en geen enkele van de VVD erbij hangen. Dus ik kan oprecht niet weten waar ik op moet reageren om te zeggen: hier gaan we samen aan de slag. De voorzitter: Nu bent u echt door de tijd heen. En mijnheer Van Kessel, we hebben een aantal interrupties gehad. Dus ik stel voor dat we nu deze discussie dan stoppen. Mijnheer … Nee, mevrouw. Nee, want u heeft drie keer geïnterrumpeerd en antwoorden gehad. En daarmee sluiten we het af. De heer …: Dan wil ik nu graag een punt van orde aanvragen, voorzitter. De voorzitter: Een punt van orde.

13

De heer …: Ja, mijn punt van orde is op het moment dat iemand een persoonlijk feit heeft, dus er wordt in een opmerking een persoonlijk feit gemaakt. Waarom geeft u dan als voorzitter niet het woord aan iemand zodat die toch nog een antwoord kan geven? Dat vind ik wel belangrijk als iemand persoonlijk wordt aangesproken. De voorzitter: Volgens mij is het verstandig dat we gewoon het aantal interrupties beperken tot een aantal per geval. En dat was nu bereikt. En ja, als u dan zegt: ik werd aangesproken, dus ik moet kunnen antwoorden. Dat kan tot het oneindige doorgaan. Dus ik vind dat toch niet een argument om te zeggen van: dan gaan we door met interrumperen. Want dat verlengt in ieder geval de duur van de vergadering. En een van uw aandachtspunten was: laten we dat nou proberen te voorkomen. Dus ik zou het gevoel hebben: laten we dat nu ook doen. Dan is het woord aan Hart voor Haarlem, mevrouw Van Zetten. Mevrouw Van Zetten: Wat fijn, voorzitter, dank u wel. Hart voor Haarlem, voorzitter, las dat we de komende jaren extra geld van het Rijk ontvangen om een buffer te vormen voor een financieel ravijn in 2026. En ja, dat is een verkiezingsjaar, dus veilig na uw regeerperiode. Wij zijn benieuwd of de Partij van de Arbeid-wethouder Roduner het gaat lukken om de financiën in het geril te houden. En in dit licht is dat geschreeuw om actie omineus.

Maar Hart voor Haarlem steunt hem in zijn voornemen, u kunt op mij rekenen mijnheer Roduner. Ter herinnering, in 2010 moesten we 80 miljoen structureel bezuinigen om de ontspoorde financiën, ik zal niet zeggen na tientallen jaren Partij van de Arbeid-beleid, weer een beetje op de rails te krijgen. Maar afijn, tijden veranderen. Nu, jaren verder, zijn we wel … De voorzitter: U heeft een interruptie van mijnheer Wiedemeijer. De heer Wiedemeijer: Ja, voorzitter. Ik dacht: misschien is het toch fijn nu mensen weer op de Partij van de Arbeid hebben gestemd dat er in een keer weer geld is. Dat is dan toch wel goed nieuws. Mevrouw Van Zetten: Ik zal het maar niet over Sinterklaas hebben, dank u wel. De gemeente, nu jaren verder zijn we wel nieuwe grenzen aangelopen. De gemeente rekent maximale tarieven aan onze Haarlemmers, zeker aan huiseigenaren die ook nog opdraaien voor de ruimhartig verleende kwijtschelding op het vuilnisophaal van Spaarnelande. Onze grondposities nemen in snel tempo af en eerder gedane uitverkoop van gemeentelijke panden hebben de spaarpotten nauwelijks gevuld voor het onderhoud van ons vastgoed. Daarbij komt nog die zes miljoen structureel minder vanwege de uitval van de precario op kabels en leidingen. Elk jaar vraagt Hart voor Haarlem waarom de ene ontwikkelaar zoveel meer ruimte krijgt voor zijn plannen dan de ander.

Het antwoord zullen we nu ook weer niet krijgen, denk ik. Voorbeeld nog steeds het project aan de Dreefmeester Lottelaan. Maar dat is nu wel weer goed voor de opvang Oekraïners, dus dat is ook belangrijk. Er is een gebrek aan ambtenaren, inderdaad. En dankzij het Haarlems Dagblad begrijp ik nu waarom de watermeterfabriek aan de Belgiëlaan nog steeds staat te verkrotten. Dat is wel een gemeentemonument. Het Rijksmonument de Egelantier rot ook nog steeds verder weg. Waarom is de afnamen van dit pand een paar jaar uitgesteld van 22 naar 24? En wat zijn dan de consequenties? Daar wil ik graag een antwoord op van de wethouder vastgoed. En ik word toch een beetje zenuwachtig, omdat ik denk aan wat er gebeurd is jaren geleden met de Lichtfabriek en de nieuwe energie. De kavels die daar ook niet werden opgenomen, afgenomen, en de Lichtfabriek die eindeloos stond te verkrotten tot op vandaag. Nu gaat het goed hoor, dat bedoel ik niet te zeggen. Simpele kerntaken van de gemeente worden matig uitgevoerd en de gemeente zit met onbemande balies. Bureaucratische handelingen kunnen niet worden verricht. Ik denk dan bijvoorbeeld aan bouw- en woningtoezicht, vergunningen worden traag verstrekt. In ieder geval, dit alles kost wat ons betreft het vertrouwen in de overheid. Dat wordt hiermee gewoon geschaad.

En Hart voor Haarlem vindt het daarom ook een gotspe dat de burgemeester in de weer is met een public affairs manager en dure rapporten om de noodzaak hiervan te ondersteunen. Ik vind dat we echt moeten kijken naar onze

14

kerntaken, wat moeten we nu gaan doen om de zaak goed op de rails te houden de komende jaren? En wat betreft de noodtoestand, en ik weet niet welke crisis nog meer, Hart voor Haarlem vindt duurzaamheid en daadwerkelijk groen, dus geen kunstgras vanwege de kleur, als schaamlap een topprioriteit in onze gemeente. En natuurlijk in het land. En dan vinden wij dat Kamperfoelie en Tegelslicht allemaal prachtig, maar ondertussen maakt de gemeente plannen voor een geasfalteerde weg dwars door de Verenigde Polders heen. Een van de schaarse veenweide gebieden hier in de omgeving. En dat willen wij als Hart voor Haarlem en mijn collega van Trots ook voorkomen door niet een weg daar aan te leggen waarvan je je maar moet afvragen wanneer die weer weggaat, maar een tijdelijke brug om de zaak zo af te voeren. Daarbij vinden wij ook het bouwen van een nieuwe sporthal om de iets verouderde en te kleine Noord-Hollands sporthal te verdringen, vlak daarvoor vinden wij elke verspilling van geld en middelen. En dat vinden wij dus gewoon niet duurzaam, niet groen. En hoeveel gaat dit aan CO2-uitstoot wel niet kosten? Die komen, dat kunnen we gewoon niet afkopen de komende jaren met sedemplanten en bomen.

Als wij kijken naar onze boeren en zo op die manier onze CO2-uitstoot willen tegen gaan, dan moeten wij als gemeente dat ook tussen de oren krijgen dat wij op een andere manier moeten gaan kijken hoe wij met ons beziet omgaan en hoe wij dat gaan oplossen de komende jaren. En ja, daarom hebben we nog een motie samen met Trots. En daarbij laat ik het. Dank u wel. De voorzitter: Dank u zeer. Dan gaan we naar uw buurman, mijnheer Van den Raadt. De heer Van den Raadt: Ja, dank u wel, voorzitter. We hebben nog een paar moties gemaakt. Ik ga ze maar opnoemen, want dat moet allemaal. Het kost wel ongelooflijk veel spreektijd, dat is altijd wel jammer. En als oppositiepartij heb je natuurlijk ook vaak moties omdat je niet bij de zittende club hoort. Oké, de motie is ‘maak de Veteranendag in Haarlem wat mooier’. Als je in Heemstede gaat kijken, daar hebben ze Keep Them Roaming, daar hebben ze allemaal activiteiten. In Haarlem vind ik het echt mondjesmaat. Als je een keertje echt wil zien hoe het moet dan moet je naar Heemstede. En de vraag is of het college kan vragen of de Keep Them Roaming voortaan ook naar de Veteranendag in Haarlem komt. Nog een amendement en die gaat over de inzet van handhaving. Er wordt meestal gezegd van: ja, er zijn geen … De voorzitter: U heeft een interruptie van mevrouw Hartman.

Mevrouw Hartman: Die motie over de Veteranendag, staat die erin? Want wij kunnen hem niet vinden. De heer Van den Raadt: Ja, die heb ik allemaal doorgestuurd. Dus als je refresh doet, dan komt het allemaal goed. Dan gaan we schorsen en eten. De voorzitter: Gaat u verder, mijnheer Van den Raadt. De heer Van den Raadt: Nou, dan herken je ze straks als ze online komen. Er is een motie over handhaving. Wij willen graag dat het sus-team weer terugkomt en dat daar overlast in de Lange Herenstraat, wat echt schandalig is wat daar allemaal gebeurt, als prioriteit wordt aangepakt. Dan hebben we een motie ‘crisis, crisis en nog eens crisis. Welke noodtoestand, Reces, niks aan de hand’. We roepen allerlei crisissen uit en een noodtoestand, maar daarna gaan we wel twee maanden op vakantie. Dat is natuurlijk een beetje raad. Of er is niks aan de hand of we moeten niet op vakantie gaan. Dus maak een keuze. We hebben de inwoners van Haarlem die 18 jaar woningzoekende staan. Dat is dus meestal als je na de geboorte in Haarlem of je bent in het ziekenhuis geboren en je gaat in Haarlem wonen, dan ben je 18 jaar en dan kom je bij ons wel als voorrang op de wachtlijst. Dus dan heb je tenminste ook een kans dat je op tijd het ouderlijk huis verlaat en niet op 29 jaar. We hebben de motie sociaal progressief. Ja, die vond ik eigenlijk wel heel goed deze hoor. Sociaal progressief en diversiteit.

Dus die moet u straks echt even goed lezen, gaan hand in hand met draagvlak. Wat

15

zien we? Dat bij dat auto parkeren wordt gezegd van: ja, we gaan het gewoon invoeren bij 85 procent. En wij zeggen: nee, kijk of daar gewoon draagvlak voor is. Want wisten jullie dat sociaal betekent betrekking hebbend op de maatschappij en het welzijn daarvan progressief betekent dat het vormen van de maatschappij beoogt door te streven naar meer democratie. Nou, dus als je sociaal en progressief bent, dan zou je dus eigenlijk heel erg van draagvlak moeten houden. En dat missen wij bij verschillende stukken. En wij willen graag dat dat weer terugkomt. Dan hebben we de motie over de tijdelijke brug bij het veenweide gebied. Niet die weg, maar de tijdelijke brug naar het Tjadeterrein. En het amendement ‘bevries de lokale lasten’. En dat is dus niet wat je in dat hele stuk ziet, we gaan daar leges verhogen naar honderd procent en we gaan 4,5 procent inflatie gebruiken. Dat moet je allemaal niet doen, want die belastingbetaler die hier allemaal aan het werk is en zorgt dat al die andere mensen een uitkering kunnen krijgen, die zien het gewoon niet meer zitten. Dus spaar die nou een jaar, kijk volgend jaar weer hoe het ervoor staat. Maar spaar ze dit jaar. Dank u wel. De voorzitter: Ja, u bent ook door uw spreektijd heen, op die twee seconden na. Ja, ik heb het ook geregistreerd. Ik constateer dat die moties die u nu allemaal besproken hebt geen van allen zijn ingediend.

Een, o, gelukkig. Maar ik denk dus dat u wat te doen staat als u nog wil dat er in ieder geval zo meteen over gestemd kan worden überhaupt. Dan gaan we naar mijnheer Visser, ChristenUnie. De heer Visser: Dank u wel, voorzitter. In antwoord op de vraag van het CDA. In 2012 was de zoekduur in Haarlem ongeveer vijf jaar. In 2021 was deze acht jaar en twee maanden. Wat ons betreft gaat de zoekduur dus echt de komende periode terug naar vijf jaar en die uitdaging leg ik neer bij de coalitie. We hebben het in de eerste termijn gehad over het schrappen van de taakstellingen. Daar wil ik ook een uitdaging neerleggen voor de wethouder. Kom bij de begroting gewoon met een lijst met potentiële bezuinigingen. Ook controversiële, gewoon een keuzemenu waar we naar kunnen kijken. Laten we niet de volgende crisis, als we het toch over crisissen hebben, afwachten. Maar laten we gewoon elke keer kijken: waar kan het misschien een beetje minder? Juist zodat we dan ruimte hebben voor meer. Voorzitter. De voorzitter: Interruptie van mijnheer Wiedemeijer. De heer Wiedemeijer: Ja, ik vind dit een beetje een vreemde vraag. Want volgens mij werd er geconstateerd in de meicirculaire dat er nog allemaal extra incidenteel geld aankomt. Ik hoor ook verzoeken van collega’s om vooral betrokken te worden om extra geld uit te geven.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12265739/1