06-26 Transcript Commissie Samenleving 26 juni 2025
Tekst van het document
16
daarbij, ondersteun ons daarbij. Wat kunnen we nog meer doen? Ook het hele jaar door, ook in voorlichting op scholen, fietstochten, wandeltochten organiseren zij. En zij willen hier liever niet de capaciteit aan besteden. Dan kan ik daar echt heel goed inkomen. Want dat is dezelfde worsteling die wij hebben meegemaakt met zijn allen, maar het is natuurlijk aan uw raad, aan uw commissie als u zegt: nee wethouder, de Haarlems organisaties willen niet, u moet ook met Amsterdamse of internationale organisaties in gesprek, om dit toch, nationale organisaties, te realiseren, dan is dat de opdracht die jullie mij meegeven. Maar dan hoor ik dat wel graag of daar het merendeel daar ook mee eens is of dat die zegt: nee, zet bijvoorbeeld die capaciteit in, want dat zullen we dan misschien moeten uitstellen voor het Actieplan en Preventieplan discriminatie en racisme. Het kan helaas niet van tweeën een, dat is wat ik u wil meegeven. Mevrouw De Valk: Dank voorzitter en dank wethouder, voor de toelichting. We snappen inderdaad van dat er beperkte capaciteit op is, maar het kan toch niet zo zijn dat we nu zelfs na meer dan 150 jaar na het einde van de slavernij nog steeds niet een monument of een symbolisch punt is gerealiseerd voor zo'n grote stad als dat Haarlem ook is.
Plus van wat ik heb begrepen en wat eigenlijk ook, want ik ben ook later natuurlijk ook ingestapt in de raad, we hebben ook met zijn allen hier de motie ook aangenomen over het slavernijmonument, met de jaarlijkse herdenking en viering. Die is inderdaad tweeledig. Het eerste gedeelte over de evenementen is natuurlijk wel uit gevoerd, maar dat tweede gedeelte gaat ook echt specifiek om in gesprek te gaan ook met maatschappelijke partners, maar niet expliciet staat erin om met alleen de maatschappelijke lokale partners in gesprek te gaan. Dus volgens mij is het gewoon de uitvoering van de motie die is aangenomen. De vraag is of dat de wethouder dit genoeg acht om ook het gesprek aan te gaan met de landelijke organisaties? Wethouder De Raadt: Voorzitter, wat dat betreft blijft mijn antwoord ben ik bang staan. Ik begrijp het belang wat u hieraan hecht. Maar als onze Haarlemse organisaties nu zeggen, laat ik u even meenemen. We hadden dus helemaal niets. Twee jaar geleden hebben we onze eerste Keti Koti-viering gehad en vorig jaar onze tweede. We hadden nog helemaal niets. Ik heb heel veel respect en heel veel bewondering voor de organisaties die de afgelopen twee jaar hun nek hebben uitgestoken en met een faciliterende rol van de gemeente een hele hoop op poten hebben gezet.
Mijn voorstel zou dan ook zijn: laten we dat vooral bestendigen, laten we ze daarbij blijven ondersteunen en laten wij ons bijvoorbeeld gaan inzetten op het discriminatie, antidiscriminatie plan, actieplan wat ik u heb toegezegd voor eind dit jaar, in plaats van nu onze kostbare capaciteit te besteden aan een slavernijverleden. Waar in ieder geval nog geen signaal is gekomen vanuit Haarlemmers dat dat ook iets is waar zij heel erg om staan te springen. Dus tot het moment dat dat er niet is, dan is dit ons voorstel voor afdoening en dat kan ik u toezeggen. Komt er op een later moment wel een organisatie, een Haarlemse organisatie, die zegt: wij willen dit toch nog gaan doen in samenwerking met de gemeente, dan zullen we daar zeker aan meewerken. Voorzitter, ik ga dan even door met de gendergelijkheid. Van de PvdA, die vroeg daarnaar. Inderdaad, motie aangenomen om ook gendergelijkheid als speerpunt toe te voegen aan het D&I-beleid. We hebben een aantal zaken daaruit kunnen verwezenlijken. We hebben twee projecten ondersteund voor internationale Vrouwendag en we hebben een subsidie gegeven aan Haarlem Breekt de stilte. Uw commissie vast bekend. En de andere projecten die we hebben gedraaid, daar kunt u denk ik wel heel erg goed uit zien dat dit onderwerp al best wel breed verankerd is in de organisatie. En we hebben tegelijkertijd ook gehad over een evaluatie.
Volgens mij was dat ook onderdeel van uw motie. Die staat gepland voor begin volgend jaar, staat de evaluatie gepland. En dan kunnen we daarop terugkomen en ook eventueel de opnieuw benodigde financiële bijdrage daarin bespreken. Maar volgens mij blijkt vooral uit deze voortgangsrapportage dat dit onderwerp eigenlijk al best wel heel breed belegd is binnen de organisatie. Maar zoals gezegd, daar komen we dus nog op terug begin volgend jaar. Dan Lavender. Laat ik beginnen om ook te zeggen: ik vind het ook echt jammer, verschrikkelijk dat het niet is gelukt. Want als ik vooral één ding echt heb
17
geleerd, dan is het dat een plek als deze onwijs werd gemist door de gemeenschap. En vooral, omdat we al zo lang niets meer hadden, met de sluiting van Wilsons natuurlijk alweer enkele jaren geleden. COC, nog veel langer geleden dat die zijn deuren sloot. Was er eigenlijk geen Gay-club, Queer-club, LHBTIQ+-club meer in Haarlem. En in de maanden dat ze open zijn geweest, maar ook al in de maanden daarvoor, dat ze al het werk hebben verricht met een hele hoop vrijwilligers. Daar bleek wel uit dat een plek als deze werd gemist en dat ze daar zo blij mee waren. En ik heb ook met eigen ogen kunnen zien hoe gewaardeerd het werd. En dan bedoel ik dus echt door iedereen. Door jong en oud , trans, gay, queer, non-binair, anders, noem maar op. Iedereen was hier welkom en iedereen droeg zijn steentje bij en dat was heel erg mooi om te zien. Als gemeente hebben we een bescheiden subsidie ter beschikking gesteld. Dat was onder andere voor het toegankelijk maken van de horeca. Er is een mindervalidentoilet geplaatst, er zijn meer meerdere hellingheuvels gekomen, et cetera. En deze investeringen zijn natuurlijk ook niet weg. Ik ga ervan uit dat die hier gewoon een nieuwe horecagelegenheid weer in zal komen. Iets anders lijkt me onlogisch. En dan is dit gewoon een van de meest toegankelijke horecafaciliteiten die Haarlem dan straks weer heeft. Helemaal in onze monumentale binnenstad.
Een nieuwe plek dan. Daar is ook naar gevraagd. Na het sluiten van Lavender hebben we eigenlijk direct de afstemming ook gezocht met Buurts en gecommuniceerd naar alle regenboogpartners en organisatoren van het Regenboogplan dat locaties van Buurts nu ook gebruikt kunnen worden. In Flinty’s kunnen in ieder geval de jongeren terecht en ook het COC heeft al voor enkele vergaderingen gebruikgemaakt van locaties van Buurts. Dan nog richting de heer Procee. De vragen die u stelt en die u graag beantwoord had zien willen worden in dit stuk, die zijn eigenlijk niet te kwantificeren. Daar naast het beleid van de gemeente liggen er zo ontzettend veel oorzaken aan ten gronde of homohaat bij wijze van spreken afneemt of toeneemt. Dat kan je niet met een onderzoek, helemaal niet met betrekking tot het beleid van de gemeente Haarlem, kwantificeren. Er zijn gewoon te veel zaken die dat beïnvloeden. En dat is dus ook direct mijn antwoord op bij BVNL. Ik heb het al eerder gezegd, maar ik ben niet van plan om zo'n onderzoek te gaan doen als wat u suggereert. De voorzitter: Maar u heeft wel een interruptie van BVNL, de heer Rademaker. De heer Rademaker: Ik hoor de wethouder zeggen dat het niet in een onderzoek is vast te leggen, maar er is net een onderzoek van het ministerie van OCW geweest waarin het heel duidelijk stond.
De voorzitter: Nee, dat kan niet, want we hebben een interruptie op de wethouder. Wethouder De Raadt: Ik had het over zaken wat niet te kwantificeren valt of dat het beleid van Haarlem ervoor zorgt dat bepaalde haat toeneemt of afneemt, omdat er te veel beïnvloedingsmogelijkheden van buitenaf nog zijn. Haarlem is niet een soort klein eilandje midden in de Atlantische Oceaan. Wij zijn gewoon een relatief … We zijn wel de twaalfde gemeente van Nederland. Laten we dat niet vergeten, maar er zijn er nog een paar honderd meer en dan heb ik het nog niet eens over geopolitieke situaties die ook invloed hebben op dit soort … De voorzitter: Alvorens mevrouw Scholten gaat helpen, wethouder, ga ik eerst nog naar een vervolginterruptie van de heer Rademaker. De heer Rademaker: Dan terugkomend op de afwijzing op mijn voorstel om te onderzoeken waar homogeweld vandaan komt. Waarom niet? Denkt de wethouder ook niet dat het makkelijker is om harder op te treden wanneer we weten waar het vandaan komt?
18
Wethouder De Raadt: Volgens mij heb ik al eerder … Ik ga het nu voor de derde keer zeggen. Ik ben niet van plan om zo’n onderzoek te gaan doen. Dus als u dat wil afdwingen, dan zult u een motie moeten indienen. De voorzitter: Mevrouw Scholten. Mevrouw Scholten: Is de wethouder bekend met het onderzoek van OCW? Ik kan het namelijk nergens vinden. Wethouder De Raadt: Ik begin wel steeds nieuwsgieriger te worden. De voorzitter: Misschien dat we de heer Rademaker kunnen vragen of hij het met ons wil delen. De heer Rademaker: Met alle liefde. De voorzitter: Kijk, heel goed. Stuurt u dat naar de griffie, dan sturen we dat rond. Wethouder, gaat u verder met uw beantwoording. Wethouder De Raadt: Even kijken, richting ChristenUnie. U heeft het over beste Haarlemmers, vergeten we dan niet de Spaarndammers. We zijn nu bezig met het genderneutraal communiceren, het beleid daaromtrent en beste inwoner zou wat mij betreft ook een goed alternatief kunnen zijn. Dan nog even over het budget van Bureau Discriminatiezaken. Daar zit ook een hele hoop geoormerkt geld bij. Dat krijgen we van het Rijk en dat is voor de wettelijke taken die Discriminatiezaken voor ons uitvoert. En dan als laatste nog een vraag over de … Voorzitter, er zijn veel vragen gesteld. Nee, ik dacht dat ik u even hoorde zuchten. De voorzitter: Nee, dat heeft u fout gehoord.
Wethouder De Raadt: Dan ga ik gewoon gestaag verder met de beantwoording. Gestaag of toch snel? Dan wordt dit de laatste beantwoording. De genderneutrale toiletten, daar zijn we ook nu mee bezig in het kader van het hybride werken van Haarlem, dus die worden toegevoegd in zowel de Raakspoort als de Zijlpoort. Tot zover, voorzitter. De voorzitter: Hybride wc's. Beste inwoners, is dat een toezegging, die u voortaan in de brieven noteert? Wethouder De Raadt: Het is geen toezegging, maar het is een alternatief waar ik wel eventueel naar wil kijken, omdat het inclusiever is voor de Spaarndammers. De voorzitter: Uitstekend. Dan gaan we dat eens horen in de tweede termijn. Er zijn een aantal mensen in de tweede termijn. Als eerste de heer Trompetter. De heer Trompetter: Dank, voorzitter. Ik had nog een vraag. Of het iets voor Haarlems beleid betekent dat er een Landelijk Meldpunt Discriminatie wordt opgetuigd of dit iets betekent voor het zicht wat wij hebben op discriminatiezaken? De voorzitter: De heer Van der Vliet. De heer Van der Vliet: Dank u, voorzitter. De VVD mist nog een reflectie op Pride Haarlem van de wethouder. Ons voorstel en wat ook andere partijen hebben voorgesteld, de brede communicatie van Pride Haarlem. Want wij vragen ons af: is dit nu de voortrekkersrol die de wethouder wil hebben op diversiteit?
19
De voorzitter: De heer Visser van de ChristenUnie. De heer Visser: Voorzitter, het was natuurlijk een kleine knipoog wat betreft de Spaarndammers, maar ik wilde ook gewoon aangeven dat je soms met inclusief beleid ook mensen juist het gevoel kan geven van dat het toch juist weer exclusief is. En dat is een beetje het punt. Wat je voor de ene groep doet, kan juist voor de andere groep weer juist meer afstand creëren. Dat is het punt wat ik wilde maken. Maar voor de rest zie ik wel wat de wethouder doet. De voorzitter: Mevrouw De Valk. Mevrouw De Valk: Dank, voorzitter. We missen eigenlijk nog een terugkoppeling op onze vraag over de transhaat en over de toename en normalisering van moslimhaat. Plus we vonden jammer, het antwoord van de wethouder op de reactie van ons pleidooi voor anti-Aziatisch racisme om die ook te erkennen, ook binnen deze voortgang van de Diversiteitsnota. Want het gaat niet alleen over regenboogbeleid, wat de wethouder had geantwoord, maar ook inderdaad over discriminatie en ook over bijvoorbeeld toegankelijkheid. Dus het zou mooi zijn, het zou juist ook bij deze voortgangsnota benoemd kunnen worden. De voorzitter: Bedankt. De heer Procee. De heer Procee: Dank, voorzitter. Ik heb alle begrip voor dat het onmogelijk is om precies alle details met cijfers te ondervangen en hoe precies het beleid nou uitwerkt.
Maar er valt toch vast wel iets meer te zeggen dan alleen een rijtje met activiteiten? De voorzitter: Nog iemand in de tweede termijn? Nee. Wethouder, u heeft nog 5 minuut 36. Dus ik zuchtte net niet, maar ik ga nu wel vragen om snel de beantwoording in de tweede termijn te doen. Wethouder De Raadt: Natuurlijk, voorzitter. Richting D66, ik heb zeker niet bedoeld te zeggen dat ik dat niet mee wil nemen. Wat ik heb bedoeld te zeggen, is dat we eerder nog geen beleid hadden op anti-Aziatisch geweld. Vandaar dat het ook niet in deze voortgangsrapportage is meegenomen. Maar we komen straks met een Actieplan discriminatie en racisme en daarin kunnen we het wel degelijk meenemen. En in die zin heb ik volgens mij ook goed gehoord en dat geldt wat mij betreft ook voor transhaat en ook voor moslimhaat. Dan over de Pride. Volgens mij voeren we hier wel vaker discussies over wat zijn gemeentelijke taken en wat niet? Hoever gaat de verantwoordelijkheid van de gemeente? We hebben natuurlijk een hele hoop evenementen in Haarlem. Ik noemde er net al een heel aantal op, maar het zijn er denk ik wel een stuk of 30 en de gemeente is geen organisator van evenementen. En de gemeente is dus ook geen organisator van de Pride. Net als dat we dat ook niet doen met Bevrijdingspop, het Houtfestival, de Sinterklaasintocht en noem ze maar op.
Wel is Pride en nogmaals, ik heb heel veel respect gehad voor de organisatoren, die vorig jaar eigenlijk in drie maanden tijd toch een hele mooie Pride hebben weten neer te zetten op het Nieuwe Kerksplein. Het was op een gegeven moment rammetje vol en volgens mij had iedereen het naar zijn zin. Dus daar kunnen denk ik de meeste mensen nog een puntje aan zuigen als je dat in drie maanden voor elkaar krijgt. En het is natuurlijk ook een beginnend evenement en de professionalisering van zo’n organisatie, dat heeft ook gewoon tijd nodig om zich te gaan ontwikkelen. Maar vooralsnog heb ik er vertrouwen in dat de organisatoren van de Pride dat heel goed kunnen. Dan voorzitter, ik heb het idee dat ik er nog eentje miste. De voorzitter: U heeft een interruptie. Dan kunt u even nadenken. De heer Trompetter. De heer Trompetter: Dat is dus mijn vraag. Ik heb hem de tweede keer gesteld.
20
Wethouder De Raadt: Dat was de vraag die ik was vergeten. Het landelijk meldpunt. Het lokale meldpunt blijft gewoon. Dus in die zin heeft het landelijke meldpunt ook geen invloed op ons hier lokaal. Ik denk dat het wel in zijn algemeenheid voor wat meer naamsbekendheid kan zorgen en ik denk dat dat altijd goed is, want meer naamsbekendheid, zorgt voor meer meldingsbereidheid en zorgt er dus ook voor dat wij beter inzicht krijgen op alle cijfers. En als laatste voorzitter, richting de heer Procee, behalve de rij met activiteiten die we hebben georganiseerd en nog gaan organiseren, is in de technische vragen, in de beantwoording in de bijlage zijn ook nog een hele hoop cijfers terug te vinden over waar we precies staan met betrekking tot discriminatie. De voorzitter: Dank. Dan hebben we dit zo voldoende beantwoord, behandeld, denk ik. Pauze De voorzitter: Gaan we pauze houden tot … 9.
Van Maatschappelijke opvang naar Wonen eerst De voorzitter: Dames en heren, ik heet u van harte welkom bij punt 9. Dames en heren, hallo. Dit is heel ernstig. Ik krijg zelfs van de wethouder te horen dat mijn eigen fractie niet gewoon zit op het moment dat … Maar goed, nee, ik heb ze niet in de hand. Dat blijkt maar weer. Niet hier, maar dat gaat er niet om. Van maatschappelijke opvang naar wonen eerst. Er zijn technische vragen gesteld door de fractie van D66 van mevrouw De Valk. Wie mag ik als eerste het woord geven op dit onderwerp? Mevrouw Bastiaans, ga uw gang. Mevrouw Bastiaans: Dank u wel, voorzitter. Dank aan het college voor het voorleggen van deze beleidsstukken, zodat we als Commissie Samenleving nog ideeën kunnen meegeven voor de uitwerking en implementatie van het Regionaal Actieplan Dakloosheid en het Haarlemse Actieplan Wonen eerst. De succesvolle proef met 10 dakloze personen en gezinnen laat zien dat Wonen eerst een groot succes is en de PvdA is dan ook heel positief over deze plannen. We zijn ook heel blij met de regionale aanpak en de versnelling om meer dakloze mensen een huis te bieden, zodat je voorkomt dat deze mensen in de maatschappelijke opvang terechtkomen. Het streefgetal voor Haarlem is nu 16 deelnemers, maar de PvdA zou graag zien dat we dit aantal verhogen naar 25.
Kan de wethouder toezeggen dat dit aantal voor Haarlem in het definitieve plan wordt meegenomen? Ook heel goed dat Haarlem nu toch mee gaat doen aan de ETHOSteling, waar de PvdA eerder al om gevraagd had. In het kader hiervan zouden wij graag zien dat alle mensen die dakloos zijn en onder de ETHOS-definitie vallen een urgentieverklaring krijgen. In Utrecht is hier een motie over aangenomen. Uiteraard met als voorwaarde dat er een binding met Haarlem en de regio is. In dit kader ook een verwijzing naar de ETHOS Light regeling. Veel dakloze mensen zitten in een minder zichtbare situatie van dakloosheid, onder hen relatief veel vrouwen, jongvolwassenen en minderjarigen en deze mensen dreigen nu ook uitgesloten te worden van urgentie. Een ander goed voorbeeld is Nijmegen, waar uit onderzoek blijkt dat dakloze jongeren graag een woning willen delen. Dit zorgt voor minder druk op de bestaande sociale woningvoorraad en het voldoet aan de woonwensen van jongeren. We vragen de wethouder dan ook woningdelen mee te nemen in de definitieve versie van de voorliggende plannen en de ETHOS Light definitie te gebruiken voor urgentie. Een aandachtspunt blijft de spreiding van het aanbieden van woningen aan dakloze mensen over de stad. Waarbij we vragen om te voorkomen dat toewijzing van woningen zich niet concentreert in enkele wijken, voor zover dat uiteraard mogelijk is.
En te zorgen voor voldoende capaciteit bij begeleiding waar die nodig is. Al met al goed dat dakloosheid niet langer een zorgprobleem is, maar een woonprobleem. En we zijn positief dat de focus zo veel mogelijk ligt op preventie in plaats van opvang van dakloze mensen. En deze bijdrage is ook uitgesproken namens de Actiepartij. Dank u wel, voorzitter.
21
De voorzitter: En u dank voor uw bijdrage. O, dat waren twee dezelfde handen, maar laten we eerst de 7 seconden van mevrouw Moedt doen. Mevrouw Moedt: Dank u wel, voorzitter. Fijn dat ik me kan aansluiten bij de PvdA. Met één toevoeging. Zouden mensen die een huisdier hebben en op straat dreigen te belanden en hun huisdier niet naar een asiel willen brengen of naar een opvang, ook urgentie kunnen krijgen bij de verdeling van deze Wonen eerst woningen? Dank u wel. De voorzitter: Dank. Mevrouw Van de Sanden. Mevrouw Van de Sanden: Dank u wel, voorzitter. De VVD is positief over Eerst wonen. Het preventieve oogmerk dat ondersteunt de VVD van harte. De VVD vindt het echter wel dat aan een aantal gestelde voorwaarden echt voldaan moet worden en dat hier niet op gemarchandeerd mag worden. Het gaat immers om een hele mooie kans en snel een huis toegewezen te krijgen met actieve begeleiding en alles wat daarbij hoort. Dus heel belangrijk, huur betalen, geen overlast veroorzaken, woning op orde houden, accepteren van woonbegeleiding, hulp vragen en het accepteren. Verder wil de VVD weten of er naast succesverhalen, die heel mooi waren, ook nog minder goede resultaten zijn geboekt. En wat hebben we daarvan geleerd? Bij een pilot leer je immers meer van de zaken die niet goed gingen. En dan kunnen we dat meenemen in de toekomst.
De VVD wil ook weten hoe de intensieve begeleiding door professionals wordt gewaarborgd. Want met de huidige personeelstekorten is het belangrijk om dat goed vooraf te regelen. Nu deden mensen het erbij, stond in de stukken. Genoemde zaken vindt de VVD essentieel om Eerst wonen ook echt succesvol te laten zijn voor de toekomst in Haarlem. Bedankt. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Scholten, ga uw gang. O, een interruptie. Ja, dat mag eerst natuurlijk. O nee, wacht even, want nee, is door de tijd heen, dus dan doen we geen interrupties meer. Dank voor de scherpte. Mevrouw Scholten. Mevrouw Scholten: Dank u wel. We juichen van ganser harte Wonen eerst toe, laten we dat vooropstellen en ook de mooie resultaten die ermee geboekt zijn. Maar er is nog steeds, ook wel de definitie van dakloosheid is te eng of te nauw om mensen te helpen die niet in de daklozenopvang zitten, maar toch thuisloos zijn. Dat treft vooral veel vrouwen en minderjarigen, landelijk ook. Waardoor zo'n 70 procent van alle dakloze mensen in een minder zichtbare situatie van dakloosheid zit. En dat staat eigenlijk haaks op Wonen eerst. Want door het grote gebrek aan betaalbare woningen ook in Haarlem, gekoppeld aan het feit dat zij geen urgentie kunnen krijgen, blijft een groot deel van de mensen zonder thuis in een hele stressvolle en ongezonde situatie zitten.
Een situatie ook die leidt tot een opeenstapeling van fysieke, mentale problemen en hoge maatschappelijke kosten De wooncrisis die we hebben met 401.000 woningen te kort in Nederland, niet in Haarlem, maar in Nederland, raakt hen dubbel hard zolang er niet voldoende sociale huurwoningen zijn. En dat is nu net wat we niet voldoende hebben in de gemeente Haarlem. En ook, het lijkt erop dat we dat voorlopig nog niet totaal gaan realiseren, dat wat wij willen die 40-40-20 bijvoorbeeld. Nu lijkt de nieuwe Woonwet door de Tweede Kamer heen te zijn. Ziet de wethouder nog extra kansen om ook in het kader van Housing First meer vierkante meters te maken? Dank u wel. De voorzitter: Mevrouw De Valk. Mevrouw De Valk: Dank, voorzitter. Wij sluiten ons aan bij het pleidooi van PvdA en het gedeelte van de VVD over de beschikbaarheid en qua tijd van de begeleiding. Daarbij willen we eigenlijk ook nog de aanvulling aankaarten van dat we zien in de evaluatie dat er extra expertise nodig is op het gebied van dakloosheid. En
22
dat daarom een maatschappelijke opvang aanbieder aan de aanpak wordt toegevoegd. We begrijpen echt dat de goede begeleiding essentieel is, maar we vragen ons daarom wel af: waarom ontbrak deze precies tot nu toe in deze huidige uitvoering en hoe gaan we ook echt dat werk toetsen of dat die toevoeging, die aanvulling, daadwerkelijk leidt tot betere resultaten? De voorzitter: Dank. Mevrouw El Bluny, ga uw gang. Mevrouw El Bluny: Bedankt, voorzitter. We sluiten graag aan bij de bijdrage van PvdA en D66, wederom. En daarnaast vragen we ons af, is er wellicht een mogelijkheid om in de maatschappelijke opvang kleine woonruimtes te maken waar mensen alvast kunnen oefenen met redelijk zelfstandig zijn? Omdat we een woningtekort hebben. Dus die mensen anders misschien niet snel genoeg kunnen doorstromen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Özogul, ga uw gang. Mevrouw Özogul: Dank u wel, voorzitter. Wij steunen volledig wat mevrouw Scholten net zei. Vooral met betrekking tot het tekort aan woningbouw, dakloosheid is daar een gevolg van, onder andere. Natuurlijk ook door de multiproblematiek die erbij komt. In Haarlem hebben wij meerdere daklozen opvangen. Allen zijn voor de OGGZ-doelgroep.
Wat we vergeten, is het deel economisch daklozen, die zolang zij heel lang op zoek zijn naar woningen van de ene slaapbank naar de andere slaapbank moeten verhuizen, uiteindelijk vanzelf helaas OGGZ-doelgroep kunnen worden. Dus daar moet ook extra aandacht voor. Daarnaast zijn wij heel blij. De voorzitter: Wacht even, u heeft een interruptie van mevrouw Bastiaans. Mevrouw Bastiaans: Dank u wel, voorzitter. Een vraag. Bent u bekend met de ETHOS Light telling en welke doelgroepen daaronder vallen? Daarom noemde ik dat net. De voorzitter: Is mevrouw Özogul daar bekend mee? Mevrouw Özogul: Nee, daar ben ik niet mee bekend, maar daar kunnen we het misschien nog over hebben. Ik ga verder. Wij zijn blij met Wonen eerst. Tijdens onze onderzoeken een aantal jaar geleden bij de daklozenopvang hebben wij heel veel mensen gesproken en daar blijkt dus echt dat een woning heel belangrijk is. De daklozenopvang zelf is voornamelijk voor kinderen heel ernstig en met betrekking tot psychische problemen en andere problemen die er dan bij komen. We zijn blij dat er in ieder geval 10 plekken gecreëerd zijn en dat de omliggende gemeentes ook mee willen doen met de pilot. Alleen waar wij onze zorgen hebben, is dit zijn natuurlijk ook weer mensen die bij de andere urgente groepen komen. En allen doen een beroep dan op de niet-beschikbare woningen in Haarlem.
En ik hoop niet dat ze elkaar daarin bemoeilijken met het vinden van woningen. En wat ik ook wil, is aandacht vragen voor de jongvolwassenen in het Spaarnezicht, waar ongeveer 20, 22 plekken op dit moment zijn. Kunnen we misschien in ieder geval iets creëren? Er wordt gesproken over deelwoningen voor jongeren, natuurlijk heel goed voor de jongeren die dat kunnen, maar er zijn natuurlijk ook jongeren die dat niet kunnen. Dus dat dat wel op maatwerk gedaan wordt en de hulpverlening eromheen is heel belangrijk. Daar vragen we ook aandacht voor. De voorzitter: Dank u wel. Wie nog? De heer El Aichi, ga uw gang. Iemand anders nog het woord? De heer Visser. De heer Visser: Dank u wel, voorzitter. Ik word enthousiast van de resultaten van Wonen eerst, waarbij inzet is om mensen vanaf aanmelding als dakloze zo spoedig mogelijk een huis te geven, als ze zelfstandig kunnen
23
leven. Wat betreft de ChristenUnie gaan we dit opschalen. Ook kan het proces van Wonen eerst volgens de ChristenUnie nog sneller. Prima dat je direct een urgentieverklaring krijgt, maar ook met een urgentieverklaring kan het nog maanden duren voordat er een woning is. En zouden we niet via het project Bijzonder bewoond, wat ook in het stuk wordt genoemd, waarbij tijdelijk leegstaande gebouwen worden gebruikt, niet vanaf dag een huisvesting kunnen regelen? Dat project is er nu nog niet in de regio, maar het wordt niet voor niets genoemd, lijkt ons. Dus is het college van plan dit project wel in Haarlem te realiseren? Dat staat op bladzijde 16 in de bijlage. Voor langdurig daklozen is er Housing First. En daar valt me op dat de staat van dat gaat eigenlijk minder goed. De werkwijze is niet meer standaard aanwezig. Dan denk je van is er een medewerker weg of zo? Dus kan de wethouder dat toelichten? Waarom is er met Housing First gestopt? Dus wat ons betreft heel goed waar de wethouder mee bezig is met Wonen eerst, maar wat ons betreft mag er nog een tandje bij, zoveel mogelijk mensen zo snel mogelijk onder eigen dak. De voorzitter: Dank u wel. De heer El Aichi nog een poging? Nog steeds even wachten. Wie nog in de eerste termijn? Nee, dan gaan we even wachten of zullen we de eerste termijn van de wethouder even doen? Dan gaan we dat doen. Wethouder, aan u.
Wethouder Van Loenen: Dank u, voorzitter. Fijn dat we het hier vandaag over hebben, want ik denk dat ik niet snel ergens echt trots op ben, maar dit is toch wel iets waar ik heel erg trots op ben. Toch uiteindelijk voortkomend uit het Coalitieakkoord, waarin eigenlijk staat dat we een plan van aanpak zouden maken voor Housing First. Nu dus Wonen eerst als naam, maar we hebben niet alleen een plan van aanpak, maar we hebben ook al 10 huishoudens gehuisvest en een plan met de regio. En daarin zijn we de tweede regio van Nederland die echt gaan werken met de Wonen eerst methodiek. Dus daar zit heel erg veel werk in, ook van de ambtelijke organisatie uiteraard en onze collega's in de regio, maar dat is echt iets waar we denk ik als stad heel trots op mogen zijn. Een aantal vragen. Want dan kom ik eigenlijk meteen op de vragen van de PvdA. Zij vragen eigenlijk een aantal dingen waarvan ik denk: dan overvraag je ons eigenlijk echt wel, want het is vrij vernieuwend wat we doen. Het gaat ook echt zeker heel erg veel tijd kosten om het te implementeren. Het is zeker ook voor de regiogemeenten iets volledig nieuws. Wij hebben met deze 10 kunnen beginnen en hebben daarvan kunnen leren, maar ik merk echt nog wel dat het in de regio echt wel spannend is. Dus het verhogen van het aantal, dat lijkt mij eerlijk gezegd echt niet opportuun. Ook, omdat we maken gebruik van bestaande aantallen.
Die vraag kwam ook even van hoe zit dat nu met de andere urgente? Maar dit zijn bestaande afspraken, 178 woningen, dat geldt voor uitstroom van onze regio Zuid-Kennemerland en IJmond. Een deel daarvan gaat uiteindelijk gewoon via Housing First. Dus dat zijn de mensen die inderdaad al in de opvang zitten. En een steeds groter deel, dat is die beweging die we gaan maken, gaat naar de Wonen eerst groep, dus de mensen die het liefst helemaal niet in de opvang terechtkomen. Dat is bij de eerste 10 gelukkig ook bij een flink aantal gelukt. Het wordt ook makkelijker als je weet dat je een huis in zicht hebt, dat je dan nog even bij iemand op de bank kan slapen. En ik denk dat dat echt een groot voordeel is, maar het verhogen van het aantal op dit moment lijkt me echt niet opportuun, omdat we alle energie nodig hebben om dit voor elkaar te krijgen. Dat geldt eigenlijk ook voor die urgentie voor de ETHOS-groepen. Misschien nog even, de ETHOSgroep, dat hebben we afgesproken dat we dat gaan doen die ETHOS Light telling. Daarmee tel je dus iedereen die dreigend dakloos is. Dus mensen die inderdaad al op een bank slapen of eigenlijk geen vaste plek hebben om te verblijven. Als je dus die hele groep ook urgentie geeft, dan gaat er echt wel een discussie plaatsvinden ten koste van wie dat dan gaat.
Ten koste van welke andere woningzoekenden gaat dat dan? En ik denk, het lijkt mij verstandig om dat niet hier zo tussen neus en lippen te besluiten, maar als je dat wilt, om die discussie te voeren met mijn collega van wonen. Als het echt gaat over de huisvestingsverordening en de urgentieverklaring ook in de regio hoe dat georganiseerd is. Dus ik zou die daar beleggen. Dat geldt overigens ook voor het woningdelen. Woningdelen komt terug in het volkshuisvestingsprogramma, maar komt dus ook
24
weer terug in onze gemeente. Dus dat soort instrumenten die hier wel instaan. Als je echt daarop verder wil gaan dan, zal dat toch echt bij wonen verder moeten worden bediscussieerd, denk ik, ook onderling in plaats van dat we dat heel makkelijk kunnen besluiten. Even kijken, dan eens met de VVD. Scherpe voorwaarden zijn noodzakelijk, die staan er ook in. Dus dat is ook echt, denk ik, goed geregeld. Dat hebben we ook goed geleerd van de afgelopen 10. Want u had het over, zijn er ook minder goede resultaten? Ja, we hebben één huishouden waarbij wel wat problemen opkwamen. Die werden ook wel weer redelijk snel opgelost, maar eigenlijk zijn er altijd allerlei lessen die we hebben geleerd, maar met name dus eigenlijk in die samenwerking in die keten. Het ging net ook even vanuit D66 over toevoegen van de maatschappelijke aanbieder. Dat nemen we nu ook continu mee eigenlijk in het lerende proces. Je moet beseffen dat er vrij veel partijen mee bezig zijn, die dit opnieuw hebben moeten inrichten. Dat gaat in de hele regio straks gebeuren. Dat vraagt echt wel wat. Dus die lessen hebben we eigenlijk continu meegenomen en nemen we nu ook zeker mee voor de regio in de nieuwe fase. Dat geldt ook voor die intensieve begeleiding.
Buurts en de collega’s van Buurts in de regio staan daarvoor aan de lat en daar zijn we ook continu over in gesprek, over of dat reëel is wat er wordt gevraagd van hen en of dat lukt. Maar ik moet zeggen dat ik daar wel hele positieve verhalen van heb gehoord, ook vanuit de wijkteams. Omdat het ook natuurlijk superveel energie geeft, eerlijk gezegd. Als jij een professional bent en je kunt perspectief bieden aan mensen, waar je eigenlijk voorheen hebt moeten zeggen: u moet naar de Wilhelminastraat en dan moet u gaan wachten tot er een woning is en u eigenlijk weer verder kunt gaan met uw leven. Biedt dit veel meer perspectief voor onze inwoners en is uiteindelijk voor onze hele Haarlemse maatschappij gunstig. Even kijken. GroenLinks vroeg naar het oefenen met wonen. We zetten ook eigenlijk in met die aanpak dakloosheid op allerlei soorten woningen. Dus ook bijvoorbeeld tijdelijk onderdak, waarbij we dus leegstaande huizen, die uiteindelijk gesloopt worden bijvoorbeeld, inzetten. Daar zijn wij mee begonnen in Haarlem. Maar ook de ChristenUnie vroeg daarover, Bijzonder bewoond. Dat zijn zeker dingen, zeker panden waar we naar gaan kijken. Dat gaat ook over leegstaande panden die we in de stad zien.
Dus ja, we zijn op allerlei mogelijke manieren aan het kijken hoe vergroot je dat aanbod van ook tijdelijke woningen? Want het is altijd nog steeds beter om in een tijdelijke woning te zitten dan in de maatschappelijke opvang. Maar we moeten wel in de Wonen eerst methodiek af van het hele idee dat mensen moeten leren om te wonen of te wennen aan wonen. Want ik denk dat dat eigenlijk juist centraal hierin staat. Als je begint met dat huis, dan heb je ook helemaal niet het verlies van al die woonvaardigheden, zoals dat in jargon wordt genoemd. Dan kun je eigenlijk ook gewoon prima in de buurt verblijven en wonen. Even kijken, de economische daklozen. Overigens daar … We hebben natuurlijk wel plek voor economisch daklozen. Dus de Haarlemse economisch daklozen in Velserpoort. Maar we hebben ook Onder de Pannen, tijdelijk onderdak. Dat is ook echt bedoeld voor die groep. En het ging ook even over Spaarnezicht, dus ook bijvoorbeeld de groep, dan heb ik het over de vraag van de SP over dakloze jongeren. Woningdelen is daar interessant voor, kamers met aandacht is denk ik interessant. We hebben ook de afgelopen jaren best wel geïnvesteerd in woningen samen met bedrijven en samenleving, waar allerlei kamers zijn voor juist die jongeren die bijvoorbeeld toch in Spaarnezicht terechtkomen. Dus daar zien we ook echt wel hele positieve ontwikkelingen.
Dus misschien is dat het, denk ik, voor nu. Misschien nog tot slot. Sorry, tot slot, Housing First. Het is meer, dat vroeg de ChristenUnie nog, het is niet zozeer dat we dat helemaal hebben afgeschaald of wat dan ook, maar we zagen wel, daarom stond het ook in het actieplan, het moet wel weer worden opgeschud, omdat echt wel weer wat we zien. Je hebt continu aandacht nodig bij de corporaties, bij de gemeente, om dit voor elkaar te krijgen. Je merkt gewoon dat het een groep is die heel makkelijk wordt vergeten, die ook door veel mensen wordt gezien als lastig. En dan zie je dus dat dat best nog ingewikkeld is om te voldoen aan die 178 woningen die we in het pact voor uitstroom hebben staan. De voorzitter: Goed. We gaan de tweede termijn doen en daar was mevrouw Scholten eerst. Dus die gaat die gaat voor, maar dan kunt u daarna. Mevrouw Scholten.
25
Mevrouw Scholten: U was sneller dan mijn schaduw. Ik was nog halverwege het typen, maar ik weet hem uit mijn hoofd. Als we het hebben over beschikbare lege panden inzetten, betekent dat dan dat we echt geen panden die we in eigendom hebben meer gaan verkopen, maar dat we die meer of exclusief gaan inzetten voor mensen die dreigend dakloos worden? En ik vroeg in eerste termijn er al eventjes naar, de nieuwe Woonwet. Ik heb me er nog niet goed in kunnen verdiepen, maar die is per vandaag geloof ik door de Tweede Kamer heen. Heeft onze wethouder al een beetje zicht op wat dat voor Wonen eerst zou kunnen gaan opleveren voor Haarlem en omringende gemeenten? En als laatste, we zien dat het echt op dit moment al heel moeilijk is om te voldoen aan de doelstelling voor voldoende sociale huurwoningen. We halen onze doelstellingen tot nu toe niet. Gaan we daar dan tempo mee kunnen maken of krijgt deze wethouder wat meer voorrang bij het uitdelen van de sociale huurwoningen? Is daar wat meer zicht op al? De voorzitter: Mijnheer Visser. De heer Visser: De wethouder zei iets opmerkelijks over het pact voor uitstroom, want allereerst, we hebben dus die woningen voor Wonen eerst voor elkaar gekregen uit het pact voor uitstroom, maar voor Housing First lukt het niet. Zegt u daarmee dat eigenlijk woningcorporaties zelf mogen kiezen van we hebben wel een afspraak voor pact voor uitstroom.
Maar wethouder, als u komt voor Wonen eerst doen we lekker mee, maar als u komt voor Housing First, doen we lekker niet mee. Dat lijkt me toch niet dat dat de bedoeling is. De voorzitter: De heer Amand. De heer Amand: Dank u wel, voorzitter. Ik verbaas me eigenlijk op sommige antwoorden van de wethouder. Ik zie in Haarlem-Oost vijf woningen van Elan gewoon leegstaan. Het is toch niet en die staan al een jaar leeg. Hoe is dat mogelijk? Daar hadden toch mensen tijdelijk in gekund? Al ga je renoveren. Waarom doen we dat niet? Dus dat wil ik wel van de wethouder horen, of die woningbouwverenging, Elan bijvoorbeeld, echt wel meewerkt? De voorzitter: Mevrouw Özogul. Mevrouw Özogul: Twee vragen. Een is, is tijdelijke woningen. Ik bedoel niet de woningen bijvoorbeeld containerwoningen, maar kunnen we niet tijdelijke woningen bouwen vergelijkbaar met containerwoningen, maar wel dat ze goed zijn en een poosje mee kunnen door Haarlem? Dat we een onderzoek doen van waar kan het? En het tweede punt is wat PvdD net zei. Tijdens ons onderzoek heb ik ook mensen gesproken die inderdaad een huisdier hadden en daardoor niet in de opvang gingen en maar liever buiten gingen slapen of in trapportieken bleven slapen. Kan daar echt niet iets aan gedaan worden? Voor mensen die in de opvang komen, die moeten nu hun huisdier afstaan. Dat er iets geregeld wordt. De voorzitter: Mevrouw Bastiaans.
Mevrouw Bastiaans: Ik bedank de wethouder voor de beantwoording. En het staat buiten kijf dat wat er nu gebeurt al meer is dan er misschien voorzien was aan het begin van deze periode. Maar het er is gevraagd om input voor de stukken. Dit is ambitieus. Het klinkt ook allemaal heel goed wat er nu al bereikt is. En daarom zeggen wij juist van pak dan door. En bijvoorbeeld alle problemen die hier genoemd worden, ook voor jongeren en dat er woningtekort is, dan is bijvoorbeeld dat woningdelen dat willen jongeren zelf ook. Dus dat is echt een mogelijkheid om nog meer te creëren en te voorkomen. Die preventie is in deze natuurlijk ook zo belangrijk. Preventie dat dat jongeren niet of dakloos worden en in de zorg terechtkomen of uiteindelijk de maatschappelijke opvang. Alles is gericht op preventie. Dus die maatregelen van 16 toch naar 25. Misschien is
26
het nog niet helemaal haalbaar, maar je wil wel gewoon de ambitie erin houden dat woningdelen, maar ook die urgentieverklaring, het kan allemaal helpen in het kader van die preventie. Want je wil die maatschappelijke opvang, die veel duurder is en die veel meer zorgvraag, die wil je leeg hebben op een gegeven moment. Dus vandaar de vraag toch om wel de suggesties mee te nemen en op te nemen als ambitieuze doelstellingen. En we begrijpen dat het niet altijd meteen te realiseren is, maar wel mee te nemen in de plannen. Dank u wel. De voorzitter: De heer El Aichi, ga uw gang. De heer El Aichi: Dank u wel. Er is heel veel gezegd. Deze aanpak is veelbelovend en vraagt om vasthoudendheid, samenwerking en monitoring. Wij kijken uit naar de verdere uitwerking en we ondersteunen de ingezette koers. Ik heb een vraag of eigenlijk twee vragen erbij. Hoe wordt gewaarborgd dat de wooncorporaties structureel voldoende woningen beschikbaar stellen voor deze doelgroep, ook in tijden van woningdruk? Tweede vraag. De aanpak vraagt om intensieve samenwerking tussen zorg wonen en veiligheid in de wijk. Op welke manier wordt de regie georganiseerd om te zorgen dat dit lokaal goed landt en draagvlak in de buurt behouden blijft? Dank u wel. De voorzitter: Dank u. Dan hebben we zo, geloof ik, iedereen gehad. Wethouder, voor uw beantwoording in de tweede termijn.
Wethouder Van Loenen: Ik ga het proberen. Het zijn er heel veel. Even kijken, hoor. Een aantal kan ik heel kort over zijn. Over de huisdieren in de maatschappelijke opvang. Volgens mij had ik dat al een keer eerder gezegd, maar we zijn aan het kijken of dat toch mogelijk kan worden. Dus dat is een punt wat de PvdD al vaker heeft gemaakt, maar we zijn dus aan het kijken of dat wel mogelijk is. De tijdelijke woningen, containerwoningen. Een containerwoning zie ik niet zo heel veel opties voor, maar wel andersoortige tijdelijke bewoning. En mijnheer Amand had het over leegstaande huizen in Oost. Ik weet niet welke het zijn, maar dat is wel iets waar we dus actief naar aan het kijken zijn met de corporaties. Je hoeft niet meteen nu te zeggen welke straat, maar het is misschien wel handig om na afloop even te checken, want dan kijken we even wat kan. Want we beginnen dus in de Waddenbuurt nu met tijdelijk onderdak en het is ook denk ik een kans om bijvoorbeeld onze huidige opvanglocaties en dan denk ik bijvoorbeeld aan de Velserpoort, kun je die niet ook op een gegeven moment gaan ombouwen tot huisvesting? Dat staat ook in het plan. Daar gaan we natuurlijk met de corporaties ook aan de gang en daarmee creëer je eigenlijk meer woningen. Want ik denk, uiteindelijk is dus niet het probleem dat je nu meer woningen zou moeten bouwen.
Dat zou natuurlijk fijn zijn, maar het is vooral eigenlijk het aantal wat we in het pact voor uitstroom hebben afgesproken. De corporaties hebben die afspraken met ons gemaakt. Dus zij zijn ook gecommitteerd aan die 178 en daarvan doe je eigenlijk bij de delen, dus Housing First en Wonen eerst. En mijnheer Visser vroeg: is dat dan een keuze aan de corporaties? Nee, het is niet een keuze. De corporaties zitten er middenin. Wij sluiten dit convenant of de aanpak dakloosheid is met de corporaties. Je zal wel moeten kijken: wie past bij welke wijk in welke gemeente? Maar dat is eigenlijk altijd al zo. Ook met Housing First. Dus dat is niet zozeer dat het een soort Cherry Picking is. Maar het is juist hoe we gezamenlijk, want dat vind ik ook het mooie, dat de corporaties ook deze intentieverklaring gaan tekenen, juist om die beweging te maken naar Wonen eerst. En dan gaat het ook over hoe landt dat dan in de wijk? De vraag van het CDA. Dat is natuurlijk een continu aandachtspunt. Ik moet wel zeggen, dat als we kijken naar de eerste 10 Wonen eerst huishoudens, dat zijn ook wel mensen die dusdanig vroeg eigenlijk al gewoon wonen, dat ik daar eigenlijk ook niet zozeer een probleem in zie en ik denk dat er ook heel erg weinig verschil is met andere huurders van corporatiewoningen in die buurten. En ik denk dat dat juist pleit om er vroegtijdig bij te zijn.
Om te voorkomen dat je dus lange tijd in de opvang zit en dan
27
vervolgens nog in de wijk geplaatst wordt en dat dat misschien dan leidt tot minder positieve resultaten. Dus juist het Wonen eerst maakt het eigenlijk beter voor de wijken, denk ik, om te behapstukken. We kijken ook, het ging ook over ons eigen vastgoed. Ja, we kijken ook naar ons eigen vastgoed. Overigens heb ik ook niet het idee dat we nu heel erg veel verkopen de laatste tijd. Ik denk dat we wel heel veel kopen panden. Ik kom net uit de Commissie Ontwikkeling, waar we ook een pand hebben gekocht. Het is niet zo dat we allerlei woningen hebben leegstaan waar we zomaar huizen in kunnen maken. Maar we kijken wel altijd, als ons eigen vastgoed leegstaat, is daar iets mogelijk? Ook bijvoorbeeld met Bedrijf en samenleving of iets anders. En volgens mij gaat dat ook inderdaad de goede kant op. De nieuwe wet. Ik denk dat dat de Regiewet is waar het over ging. Nee, volgens mij is daar wel een discussie ook geweest over de ETHOS-telling of je die moet opnemen als urgentiegroep, de ETHOS-groep, maar ik geloof dat het kabinet daar nog niet heel erg van gecharmeerd is. Dus een aantal woonelementen die we vandaag hebben besproken, zou ik ook gewoon weer verder brengen in de Huisvestingsverordening en het Volkshuisvestingsprogramma. Ik ga even kijken of ik nu alles heb gehad of niet, want was best veel. Volgens mij wel. De voorzitter: Wel, de heer El Aichi. De eerste vraag.
Wethouder Van Loenen: Over de voldoende woningen? De heer El Aichi: Over die waarborging. Wethouder Van Loenen: Van het aantal woningen, toch? De heer El Aichi: In tijden van krapte. Wethouder Van Loenen: Dus dat zei ik eigenlijk. We hebben een pact voor uitstroom, dus daarin staat vastgelegd met alle corporaties hoeveel woningen zij moeten leveren voor deze doelgroep. Het is niet dat daar volgens mij hele harde sancties op staan, maar dat zijn wel afspraken die we gezamenlijk hebben gemaakt. Dus we proberen daar wel zo veel mogelijk op te sturen. En dat valt inderdaad soms niet mee, omdat de mutatiegraad niet altijd even hoog is. Maar als we de pactafspraken nakomen met elkaar, dan komt het helemaal goed met Wonen eerst. De voorzitter: Goed zo, dan hebben we dit onderwerp zo voldoende behandeld. Dan ga ik nog heel even met u checken of de toezegging hiermee kan worden afgedaan, die we bij dit stuk behandelen om een tussenevaluatie te bespreken. Ik denk het wel . Ja, mooi zo. Dan is die bij deze afgedaan. Sluiting De voorzitter: Dit was de laatste commissievergadering van dit politieke seizoen. Ik wil u geen hele toespraak geven. Nee, met deze reactie bij deze toezegging van mijn kant dat u een kwartier van mij zult horen tijdens de laatste voor het kerstreces. Dat gaat helemaal goedkomen. Ik wens u een hele erge goede zomer. Geniet ervan en graag weer tot in september.
En daarover heb ik in al mijn beslissingsbevoegdheid hier zo samen met de griffier besloten dat we de eerste commissie laten vervallen. Dus u heeft een weekje extra vakantie. Goed zo.
28