06-16 transcript vragenuur 16 juni
Tekst van het document
TRANSCRIPT VAN HET VRAGENUUR VAN GEMEENTE HAARLEM d.d. 16 juni 2022
Opening De voorzitter: Goedemiddag allemaal. Het is 16:30 uur. Het weer buiten neigt meer naar een biertje op de Grote Markt, maar gelukkig zijn er een aantal raadsleden hier. En een aantal wethouders om vragen te beantwoorden voor het vragenuur. Vragen voor het vragenuur De voorzitter: Ik zou willen beginnen met de eerste vraag van de ChristenUnie, de heer Visser. U heeft een vraag gesteld over prostitutie. Gaat uw gang. De heer Visser: Ja, dank u wel, voorzitter. De Raad van State heeft recent uitspraak gedaan over de sluiting van een massagesalon in de Cronjé. Kortweg had de burgemeester volgens de Raad van State de salon niet direct mogen sluiten toen een mystery guest seks tegen betaling kon krijgen. Omdat in het Haarlemse prostitutie-sanctiebeleid niet staat dat in zo’n geval zo’n tent meteen geheel gesloten mag worden. En de ChristenUnie vraagt het college daarom het sanctiebeleid aan te passen. En is het college daartoe bereid? En kan dat nog voor de zomer, zodat op korte termijn mystery guests weer effectief kunnen worden ingezet tegen illegale prostitutie? Dank u wel. De voorzitter: Helder! Dank u wel, mijnheer Visser. Ik hoor naast mij enige verwarring. Omdat dit een vraag is die niet is voorbereid door de zittende wethouders die hier nu naast mij zitten. Dus ik zou willen voorstellen dat we hem eventjes aanhouden.
Totdat de burgemeester er is om deze vraag te beantwoorden. En dan zou ik willen doorgaan met de vraag van Trots Haarlem, over de antiekmarkten. Mijnheer Van den Raadt De heer Van den Raadt: Ik ga het even openen, voorzitter. Ik had verwacht dat er een antwoord kwam. Dus ik denk: ik heb nog even de tijd. Maar … Ja. Het gaat inderdaad over het depot bij waar normaal de antiekmarkt staat op de Dreef. Waarom is dit bouwdepot op de Dreef geplaatst zonder overleg met de organisatie van de antiekmarkten? Kan het bouwdepot verplaatst worden, of tijdelijk verdwijnen tijdens het antiekmarktseizoen, van april tot begin oktober? En klopt het dat dit depot eigenlijk heel weinig gebruikt wordt? Want als je kijkt, zie je dat er gewoon heel weinig achter die schermen ligt. De voorzitter: Ja, wethouder Berkhout. Wethouder Berkhout: Ja, ten eerste, voor het project Houtplein is er ruimte nodig om alle spullen op te slaan. Het klopt dat het depot nu nog redelijk leeg is. Maar de komende weken gaat dat echt wel veranderen, als de werkzaamheden gaan starten op het Houtplein. Er is geen uitgebreid overleg geweest met de organisatie. Maar de komst van het depot stond wel vermeld in de vergunning die de markt voor dit jaar heeft aangevraagd. En was dus wel bekend bij de organisatie. Maar inmiddels is er contact opgenomen met de organisatie van de antiekmarkt.
En zal nogmaals bekeken worden of de genoemde alternatieven voor het bouwdepot mogelijk zijn. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Van den Raadt, wilt u hier nog op reageren? De heer Van den Raadt: Nou ja, wanneer we dan het antwoord horen.
1
De voorzitter: Mijnheer Berkhout. Wethouder Berkhout: Ja, stelt u mij deze vraag over twee weken nogmaals. We gaan in gesprek met de organisatie hierover. De voorzitter: Dank u wel. Inmiddels is de burgemeester ook aangeschoven. En wij waren net al begonnen. En de heer Visser van de ChristenUnie had een vraag gesteld over het sanctiebeleid prostitutie. Ik neem aan dat u de vraag kent. En ik hoop dat u ook een antwoord kunt geven. Dank u wel. De burgemeester: Kijk eens aan. Nou. En een andere Thessa. Ik zal reageren. Ja, die Raad van State die heeft inderdaad uitspraak gedaan. Nadat eerst de rechter ons in het gelijk had gesteld. Past een beetje in een tendens, dat men steeds zwaardere eisen gaat stellen aan sanctiemaatregelen. Wij zijn dat aan het bestuderen. De bedoeling is in ieder geval dat wij met een nieuwe maatregel komen. Dat was ook de opdracht; de consequentie van de uitspraak van de Raad van State. Ik heb níet de indruk dat het ligt aan ons eigen sanctiebeleid. Daar zie ik ook geen aanleiding voor om de uitspraak van de Raad van State in die zin te interpreteren. Het heeft echter te maken met het feit dat ze zelf in deze situatie iets anders aankijken tegen de zwaarte van de sanctie. Los even van wat wij daar precies als beleid hebben geformuleerd. Maar we nemen het zeker mee, want we kijken naar de totale uitspraak.
Overigens kunnen wij ook nog steeds de mystery guest inzetten als daar reden voor is. Dat is een door de rechtspraak nog steeds goedgekeurde methode. Dus daar zit ook niet het probleem. De heer Visser: Ja, dank u wel, voorzitter. Het Haarlems Dagblad leek te suggereren dat het wel degelijk aan ons beleid lag. Maar ik denk dat het goed is dat de burgemeester inderdaad het bestudeert. En kan de burgemeester toezeggen dat we dan de uitkomst ervan op schrift krijgen, zodat we het zo nodig kunnen bespreken in de commissie Bestuur? De voorzitter: Dank u wel. Burgemeester? De burgemeester: Ja. Wat dan de volgende stap is, dat is dat er gewoon een … Kijk, nou ben ik Louise van Zetten. Kijk, Louise, ik spreek ook namens jou nu. Maar goed, kijk: de normale volgende stap is dat er een nieuwe sanctie komt. En daar kan ik u van op de hoogte brengen. De voorzitter: Dank u wel. Dan is er een vraag van D66, de heer Krouwels. De heer Krouwels: Ja, dank u wel, voorzitter. In Haarlem kennen we twee partijen Submission en NoMorePlastic met een missie voor plasticvrije rivieren. Zij onderzoeken een initiatief voor een Bubble Barrier. Dat is een buis met gaten, op de bodem van een rivier. En door er lucht door te pompen een luchtbellengordijn dat 84 procent van het plastic opvangt en afvoert. Ze hebben al een Bubble Barrier in Amsterdam. Westerdok om precies te zijn.
Over drie weken openen ze er een in Katwijk. Daarna is Harlingen aan de beurt. Er is al een quick scan gedaan. Het Spaarne heeft de goeie diepte, de goeie breedte en het water stroomt ook nog op een goed tempo. Bovendien is het Spaarne de laatste stop waar plastic komt voordat het aan de zee is overgeleverd. De vragen van D66 Haarlem aan het college: is het college net zo enthousiast als D66 Haarlem over een Bubble Barrier in het Spaarne? Vier maanden terug, op 15 maart, lezen we dat er gesprekken zijn geweest met de initiatiefnemers. Volgens mij zijn er in de tussentijd nog meer geweest. Wat is precies de status daarvan, college? In hoeverre is het college bereid medewerking te verlenen voor de voorbereiding van een Spaarne Bubble Barrier? En nog een laatste, als het kan: kan het college richting geven aan duurzame raadsleden, zoals van D66, om dit een stroomversnelling te geven? De voorzitter: Dank u wel voor de vragen. Wethouder Berkhout.
2
Wethouder Berkhout: Ja, dank u wel. Ja, het college is -ik weet niet of we net zo enthousiast …- nee, we zijn heel enthousiast over dit initiatief, de Bubble Barrier. Het is mooi ook qua bewustwording voor het plastic dat naar zee verdwijnt. En tegelijkertijd zijn er wel wat zorgen over haalbaarheid, financiering van met name de exploitatie, vismigratie en de potentiële opbrengst of vangst van plastic. Dan, uw tweede vraag is: in hoeverre is het college bereid medewerking te verlenen? Dat doen we al. Dus het initiatief wordt ondersteund vanuit de gemeente. Er is een constructief overleg opgestart, waarbij alle betrokken partijen deelnemen. En dan moet u ook denken aan de provincie Noord-Holland, het waterschap Rijnland, de gemeente Haarlem en Submission. Dus die zijn daarin vertegenwoordigd. En u gaf aan: wat is nou de status van deze gesprekken? Er wordt gezocht naar de mogelijkheden om een vooronderzoek uit te laten voeren. Dat kost gewoon 20.000 euro. Dus na de quickscan, dus waar u over spreekt, is er echt vooronderzoek nog nodig om ook die aandachtspunten die ik ook eerder aangaf hier -de vismigratie; Rijnland heeft zorgen over de glasaal en effecten. Het is wat het is.- Maar ook uiteindelijk de structurele kosten hiervan, om dat goed in kaart te brengen. Nou, dat vraagt een vooronderzoek van zo’n 20.000 euro. De gemeente is bereid daar de helft voor te dragen.
De andere helft zou van Rijnland moeten komen. Tegelijkertijd -u zegt het zelf ook- Rijnland is de partij die al in Katwijk en ook in Harlingen een Bubble Barrier zo goed als heeft gestart, dan wel heeft gestart. Wij zeggen wel van: wij willen ook even kijken naar ’wat levert het op?’. Want zij hebben inmiddels dan bijna die ervaring binnen. En wij vinden wel: Rijnland gaat over het openbare water. Dus wij vinden dat we dit samen met deze partijen móeten doen. Dus wij willen dat dan dus ook niet volledig zelf dragen, maar echt in samenwerking. En wij verwachten dan wel ook zo richting september hier met elkaar echt een stap te kunnen zetten richting het vooronderzoek. Dus tot zover. De voorzitter: Dank u wel. Heeft u hier nog aanvullend vragen over, of is het helder zo? De heer Krouwels: Daar worden wij als raadsleden actief over geïnformeerd door het college? Wethouder Berkhout: Jazeker. Tegen de tijd dat we een volgende stap zetten, kom ik even bij u terug. Ja. De voorzitter: Fijn, dank u wel. Dan is er nog een vraag van de Partij van de Arbeid, mevrouw Roodhuizen. Zeg ik het goed? Ja, u bent er. Mevrouw Roodhuizen: Ja, dank je wel, voorzitter. Er dreigt een verschraling van het openbaar vervoer. Wat gemiddeld zal leiden tot het verdwijnen van een derde van de dienstregelingen.
Als gevolg van een ernstig personeelstekort en het stopzetten van de coronasubsidie vanuit Den Haag. Dit besluit heeft onwenselijke gevolgen. Zo is te verwachten dat mensen méér de auto pakken, of mensen zónder auto worden beperkt in hun bewegingsmogelijkheden. Wat zal er met de dienstregelingen van en naar Haarlem gebeuren, als het Rijk besluit de beschikbaarheidsvergoeding voor het OV definitief te stoppen? Mijn tweede vraag: is het college bereid de ernst van de situatie in en rondom Haarlem middels een brandbrief kenbaar te maken aan het kabinet? Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Wethouder Berkhout. Wethouder Berkhout: Ja, dank u wel. Ja, het college erkent dat dit wel serieuze consequenties heeft. Als deze beschikbaarheidsvergoeding niet ook voor 2023 door het Rijk wordt overgemaakt, dan voorzien de OV-bedrijven echt wel -misschien wel tot 20-30 procent- verschraling van het aanbod. Nou, dat is ook onacceptabel. Ook wat de gemeente Haarlem betreft. Dus u ziet denk ik ook al her en der in de media, sociale media, ook de berichten verschijnen van de signalen richting het kabinet. Om hier toch met geld over de brug te komen, als steunpakket. Nou, uw tweede vraag is: is de wethouder, of is Haarlem bereid een brandbrief naar het kabinet te sturen? Nou, weet wel dat de brandbrief vorige week verstuurd is namens een hele set aan gedeputeerden namens de regio.
3
Dus wij denken op dit moment dat het niet helpt om als Haarlem nog even solo, los een aparte brief te sturen. Maar het lijkt ons wel goed om even die brandbrief die is verstuurd ook even in de Raadsaam te plaatsen, zodat u daar kennis van neemt. Maar weet dat we er ook vanuit de MRA, de metropoolregio, bovenop zitten. En ook dit actief ondersteunen. De voorzitter: Dank u wel voor het antwoord. Heeft u …? Mevrouw Roodhuizen: Nee. Ja, ik ben heel blij met de gedeelde ernst. En ik zie hem graag tegemoet. De voorzitter: Fijn, dank u wel. Ik wilde eigenlijk de heer Aynan van Jouw Haarlem het woord geven. Maar voordat ik dat doe, zou ik graag de heer Van den Raadt van Trots erop willen wijzen dat als hij zo meteen bij zijn volgende vraag zichtbaar in beeld wil komen, dat hij even het luik achter zich moet sluiten. Want net was u een onzichtbare vlek. De heer Aynan, u had een vraag gesteld over de omgevingsvergunning van de fietsenstalling. De heer Aynan: Ja, dank u wel, voorzitter. De heer Aynan. Recent is een omgevingsvergunning voor een tijdelijke fietsenstalling op het voorplein van de Koepel afgegeven, voor de duur van tien jaar. En daarover heeft Jouw Haarlem een aantal vragen. Waarom is deze vergunning voor tien jaar verleend? Terwijl binnen enkele jaren, dat is in ieder geval de verwachting, de permanente fietsenstalling gereed zou moeten zijn.
Had deze bijvoorbeeld niet voor vijf jaar verleend kunnen worden? En wat betekent het verlenen van deze vergunning van tien jaar voor de uitvoering van de motie die twee jaar geleden aangenomen is, voor het voorterrein van de Koepel, om die te vergroenen? En de laatste vraag: voert het collegegesprekken met Panopticon over de permanente fietsenstalling? En zo ja, wat is het resultaat van die gesprekken? Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Aynan. Mijnheer Roduner. Wethouder Roduner: Ja, dank u wel. Nou, het betekent natuurlijk niets voor de bestaande afspraken die we in de anterieure overeenkomst en het bestemmingsplan hebben vastgesteld. Als je kijkt naar de afspraken in het bestemmingsplan, dan zeggen we dat vijf jaar na ingebruikname van het hotel -en dat is nog niet in gebruik- het terrein definitief moet worden ingericht. Nou, het duurt ook nog even voordat alle bebouwing op het terrein is gerealiseerd. Dus vandaar dat we hebben gezegd: nou ja, minimaal vijf jaar. En dan is het gewoon praktisch om daar ook nog een buffer op neer te leggen van vijf jaar. Om ook rekening te houden met eventuele afwijking in het bouwtempo. Maar goed, dat betekent inderdaad nog steeds dat die afspraken die we met elkaar hebben afgesproken nog steeds blijven staan. En dus ook waarschijnlijk korter zal zijn dan die tien jaar.
En daarnaast inderdaad wordt er ook gekeken naar nog een - die fietsenstalling, op zich zijn er voldoende fietsenplekken, maar we zien wel dat de behoefte van de fietsenstalling in de hele wijk eigenlijk groter is- dus er wordt inderdaad ook nagedacht over nog een meer openbare fietsenstalling. Die ook wat breder is voor andere gebruikers. En op 23 juni heb ik daar bestuurlijk overleg over. Om te kijken van: nou, wat gaan we nou doen en kunnen we daar een onderzoek op starten? Er wordt dan een beetje naar gekeken om te kijken van: is dat een kansrijke kaart? En welke locatie zou daarvoor het meest geschikt ook zijn? De voorzitter: Dank u wel, wethouder Roduner. De heer Aynan. De heer Aynan: Ja, dank u wel. U zegt van: na vijf jaar wordt het plein definitief ingericht. Maar we hebben voor de zekerheid maar een buffer van vijf jaar ingebouwd. Dus dat zou in de praktijk kunnen zijn dat er dus wel degelijk sprake is van die fietsenstalling van tien jaar? Dat zou dus kunnen? Dat is wat u zegt.
4
Wethouder Roduner: Nou, als het allemaal heel lang duurt. Dus de vraag is even: hoelang duurt het voordat de bebouwing is gerealiseerd, met de bijbehorende fietsenruimte die daar ook in het bestemmingsplan is afgesproken? Maar dan zou het allemaal wel lang kunnen duren. Maar volgens mij vordert de bouw in ieder geval gestaag. Ook de ontwikkeling van het hotel vordert gestaag. Vergunningen zijn aangevraagd. Volgens mij ook wel deels al verleend. Dus ik heb er goede hoop op dat dat inderdaad geen tien jaar gaat duren. De heer Aynan: Nog heel eventjes: waarom heeft u er dan niet voor gekozen om de vergunning voor vijf jaar te verlenen, om de druk op de ketel te houden? Dat is ook een positief signaal naar de omwonenden toe. Die hier ook om vragen, al een hele tijd. Wethouder Roduner: Kijk, de druk op de ketel zit niet in het verlenen van deze vergunning. De druk op de ketel zit in de afspraken die al eerder zijn gemaakt. Namelijk in de anterieure overeenkomst zijn afspraken gemaakt. En er staat gewoon hard in het bestemmingsplan dat vijf jaar na ingebruikname van het hotel het terrein opnieuw moet worden ingericht. Dat zijn eigenlijk de hardste drukmiddelen. En dan moet je niet vergunningen gaan verlenen voor vijf jaar -of misschien korter- en dat je dan zegt: nou, wacht, toch nog even een paar jaar erbij. Zo zoek je gewoon naar een beetje een praktische oplossing.
De voorzitter: Dank u wel. Dan over naar Trots Haarlem, de heer Van den Raadt. De heer Van den Raadt: Ja, dank u. Bij de Schipholweg is afgelopen dinsdag wéér iemand aangereden. Het vorige dódelijke slachtoffer was nota bene de voorzitter van de wijkraad die waarschuwde dat het daar zo gevaarlijk was. En toen was sprake van dat er eventueel knipperlichten zouden komen. Die mini-drempeltjes die er nu liggen, die doen volgens de omwonenden niks. Die moeten nog steeds opzij springen voor hardrijders die het stoplicht te laat zien. En we bouwen het daar steeds voller. Maar zorg dan voor een veilige infrastructuur. En het is nota bene pal voor een school. Dan krijgen we ook nog de mobiliteitshub, daar aan het einde van de weg. Dus het wordt daar nóg drukker. Hoe gaat het college zorgen dat het hier veilig wordt? De voorzitter: Dank u wel. Wethouder Berkhout. Wethouder Berkhout: Ja, in algemene zin: het college betreurt elke aanrijding. En om de verkeersveiligheid in Haarlem te verbeteren, hebben we ook het Verkeersveiligheidsbeleid gemaakt. En heeft het college deze maand de Uitvoeringsagenda Verkeersveiligheid vastgesteld. Waarin meerdere maatregelen staan die de verkeersveiligheid verbeteren. En daarover wordt uitgebreid gesproken, neem ik aan, in de commissievergadering over een uur. Dus ik neem ook aan dat u die vragen ook daarnaartoe mee kan nemen.
En dan ingaande op deze situatie: weet dat hier overigens níet structureel te hard wordt gereden. Dus onder de maatgevende snelheid wordt hier gereden. En we zien met name dat het grote aantal overtredingen door het door rood rijden gebeurt juist door de fietsers, 1100 keer per dag. Dus een oplossing die daarvoor kan gelden, is een bordencampagne vergelijkbaar met Breda. Juist om dus bewustwording te creëren onder de fietsers, scooters, die daar oversteken. De voorzitter: Dank u wel voor uw antwoord. De heer Van den Raadt, had u hier nog een vervolgvraag over? De heer Van den Raadt: Ja. Nou, u had een keertje beloofd dat er nog van die knipperlichten zouden komen. Dat betekent dus dat het níet is. En als u dan beweert ’het komt door de fietsers’, dan hoor ik graag even schriftelijk van u dat dan de afgelopen aanrijding kwam door een fietser die door rood licht ging, en niet andersom. Dank u. De voorzitter: Wilt u daarop reageren? Dan de heer Aynan, u had nog een vraag gesteld van Jouw Haarlem. U had nog een vraag gesteld over het Boerhaavebad.
5
De heer Aynan: Correct, voorzitter, dank u wel. Het Boerhaavebad heeft een spétterende waterval, twee hot whirlpools, een stroomversnelling, een buitenbad en een sensationele glijbaan van wel 50 meter. Tot zover het spotje. Voorzitter, daarmee is het Boerhaavebad uitermate geschikt voor vrij zwemmen. En ook omdat het enige bad is met deze faciliteiten in Haarlem, zou je verwachten dat vrij zwemmen toch echt vaker wordt aangeboden dan de karige twee dagen -en dan slechts voor twee uur per dag- dan nu het geval is. Terwijl we net over de stadsgrenzen heen, bijvoorbeeld in Groenendaal, in Heemstede, vier dagen vrij zwemmen wordt aangeboden. En bij Heerenduinen in IJmuiden zelfs iedere dag de gehele dag. Nou, het kan allemaal niet op. Maar daarom heeft Jouw Haarlem een tweetal vragen aan het college. Waarom is ons Boerhaavebad slechts twee dagen open voor recreatief zwemmen? En is het college bereid om de beheerder of beheerders van Groenendaal, om daarmee in gesprek te gaan, om vaker en langer recreatief zwemmen aan te bieden? En zeker in de zomervakantie. De voorzitter: Dank u wel, duidelijke vraag. Wethouder Berkhout. Wethouder Berkhout: Ja, ik beantwoord deze vraag voor wethouder De Raadt. In algemene zin: er is een behoorlijke druk op het beschikbare zwemwater in Haarlem. Dat leidt ertoe dat meerdere doelgroepen bediend moeten worden.
Verenigingslessen, schoolzwemmen, leszwemmen, andere vormen van recreatief zwemmen zoals aquafit en banenzwemmen. Er blijkt dan ook uit onderzoek dat de huidige capaciteit niet voldoet aan de behoefte. En zoals u weet, is er ook een haalbaarheidsonderzoek gaande naar in ieder geval de vervanging van de huidige binnenzwembaden. En op uw tweede vraag: SRO die dit voor ons uitvoert, probeert zo goed mogelijk de verschillende belangen te verenigen. En houdt hierbij ook rekening met de andere zwembaden in Haarlem. Doordat de vraag en behoefte aan zwemwater hoger is dan de beschikbare capaciteit, kunnen niet alle wensen ingevuld worden. Dus op het moment dat we zouden kiezen voor, zoals u verzoekt, meer uren passieve recreatie noemen we dat dan- gaat dit ten koste van de andere activiteiten zoals eerder genoemd. Het schoolzwemmen, het leszwemmen, verenigingslessen, en zo verder. De voorzitter: Dank u wel. De heer Aynan. De heer Aynan: Voorzitter, dat zijn toch twee baden die mekaar helemaal niet kruisen? Het schoolzwemmen gebeurt niet in het buitenbad. En die gebruiken de glijbaan bijvoorbeeld niet. En we zien ook -ik geef u net het voorbeeld van Groenendaal; dat is best wel vergelijkbaar met Boerhaave- dat dat náást mekaar kan plaatsvinden. Dus ik verzoek u nogmaals om met SRO te bekijken of er wat langer en vaker vrij zwemmen aangeboden kan worden. De voorzitter: Dank u wel.
De heer Berkhout. Wethouder Berkhout: Ja, laat duidelijk zijn, we zijn altijd bereid natuurlijk om hierover met SRO in gesprek te gaan. Maar op dit moment … Ik zeg u ook: het is een capaciteitskwestie. Als je toezicht houdt op de zwemlessen, dan kan je niet ook het recreatief zwemmen open laten gaan. Dus daar zit de afweging. Maar we kunnen het in een gesprek met SRO bespreken. De voorzitter: Hartelijk dank. Dan blijf ik bij u, mijnheer Aynan. Want u had ook nog een vraag gesteld over de webcam op de Grote Markt. De heer Aynan: Ja, dank u wel, voorzitter. En graag, mijnheer Berkhout, hou ons alstublieft actief op de hoogte van de uitkomst van de gesprekken met SRO. Voorzitter, over de hele wereld konden mensen jarenlang van de beelden van de Grote Markt genieten, die via de webcam uitgezonden werden. En dit werd heel erg gewaardeerd. En het bleek ook uit de vele reacties die we hebben gekregen toen de webcam uitgeschakeld werd. En bij de behandeling
6
van de Kadernota vorig jaar hebben we onze motie ingetrokken, nadat de burgemeester toezegde om in gesprek te gaan met Haarlem Marketing -want daar was blijkbaar de webcam van- over het plaatsen van een nieuwe webcam. Zodat ook de rest van de wereld weer van onze prachtige Grote Markt kan genieten. Maar we zijn inmiddels een jaar verder. En de webcam staat nog steeds uit. Dus daarom de vraag van Jouw Haarlem: waarom is de webcam nog steeds niet geplaatst? En wil het college haar toezegging van vorig jaar nog steeds gestand doen? Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Duidelijke vraag. Burgemeester, kunt u hierop antwoorden? Burgemeester Wienen: Ja. Klopt dat de webcam niet van de gemeente is, maar van Haarlem Marketing. Wij hebben Haarlem Marketing gezegd: wij willen wel meekijken naar de mogelijkheden. Maar er zijn een aantal knelpunten. Het moet passen binnen de kaders van de Algemene Verordening Gegevensbescherming, AVGregeling. De eisen die de Autoriteit Persoonsgegevens stelt. Want als je een camera richt op de publieke ruimte en mensen zijn herkenbaar in beeld, dan mag dat niet. Nou, daar kan je van alles van vinden, maar dat levert in ieder geval een aantal beperkingen op. Daarnaast moet de camera passen binnen de monumentale status van het gebouw van de gemeente. De plek waar een camera was, dat gaat niet meer. Dus dat moet dan op een andere manier bekeken worden.
Dat bleek toch wat ingewikkelder te zijn. Dat is op dát moment door Haarlem Marketing meegenomen. En ik zal vragen hoe het ermee staat. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Aynan. De heer Aynan: Dank u wel, voorzitter. We kennen de burgemeester als iemand die niet terugdeinst voor dingen die niet onmogelijk zijn. Dus graag uw inzet. En wat AVG betreft, we hebben zelf vorig jaar contact opgenomen met Autoriteit Persoonsgegevens. En dat staat echt niet in de weg om die webcam gewoon terug te plaatsen. En we zien dat steden als Groningen, Rotterdam en andere, dat dat gewoon mogelijk is. De voorzitter: Dank u wel. Burgemeester. Burgemeester Wienen: Zeker! Maar dan moet het dus een bepaalde afstand hebben en een bepaalde gerichtheid. En daar moet het aan voldoen. Die eisen zijn bekend, dus het is niet onmogelijk. Want dan zou het antwoord gewoon zijn: het is onmogelijk. Maar het moet wel aan bepaalde eisen voldoen. Daar wordt naar gekeken. Wat in ons geval iets lastiger is, in verband met de monumentale status van het gebouw. En daarmee ging Haarlem Marketing aan de slag. En ik ga vragen hoe het ermee staat. De voorzitter: Dank u wel. Ik zie dat u nog een vraag heeft van de heer Aynan. De heer Aynan: Nou, dank alvast voor inzet. En ook aan u het vriendelijke verzoek om ons op de hoogte te houden van de uitslag van het gesprek. Dank u. De voorzitter: Helder, dank u wel.
Mijnheer Van den Raadt. De heer Van den Raadt: Ja, voorzitter. De voorzitter: U had ook nog een vraag gesteld over de groenbakken. De heer Van den Raadt: Ja, dank u wel. Bij de accountant die op de hoek van de Jan Steenstraat-Van Ostadestraat zat, die is weg. Daar is een ijscowinkeltje gekomen. Toen zijn ook twee groenbakken daar maandenlang uit de straat verwijderd. De omwonenden klaagden erover. Kregen van Spaarnelanden te horen dat het door het
7
andersoortig afval in de bakken, dat daar terechtkwam, ze niet precies wisten hoe ze dat moesten gaan scheiden. En nu, tot onze grote verbazing, zijn er weer bakken verwijderd. Soms nu definitief. En het is toch een beetje in tegen strijd met wat de gemeente wil dat we allemaal als Haarlemmer netjes ons afval scheiden. Dan de vragen: waarom zouden er honderden mensen in deze wijk hun groen niet meer op de door de gemeente aangegeven en voor de bewoners gecreëerde plaatsen kunnen aanleveren, zodra er één winkeltje naast de groenbakken bestaat? Hoe kan het dat een jaar later de afvalverwerker van de gemeente nog steeds een probleem van het afval verwerken niet heeft opgelost? Gemeentegelden worden geïnd om onder voorziene kosten vanuit de gemeenschap financieel gedekt te krijgen. Voorziene kosten waar in werkelijkheid niet wordt geleverd. Deze mensen betalen voor het scheiden van hun afval, maar die kunnen het helemaal niet. Met de hoge woonkosten in Haarlem is het misschien netjes om mensen daar een soortement reductie op te geven.
Vindt u dat ook niet? En wanneer worden alle groenbakken teruggeplaatst? En hoe kunnen bewoners de garantie krijgen dat de gemeente -waar ze wonen en waar ze ook voor betalen- het aangeleverde afval verwerkt conform de verwachtingen en beoogde mondiale doelen voor de toekomst van het afval, groen en leefklimaat? De voorzitter: Dank u wel voor uw vraag. Wethouder Berkhout. Wethouder Berkhout: Ja, ik beantwoord al uw vragen in een keer. Deze twee containers zijn verplaatst naar het midden van de straat voor de bovenwoningen. Daar staan nu vier containers in totaal. Bewoners zijn hierover huis aan huis geïnformeerd. En er is geconstateerd dat deze specifieke locatie door veel mensen als openbare afvalbak werd gebruikt. Dus voor alles en niet voor gft. Dit gft was daardoor dus dermate vervuild, dat het niet kan worden gecomposteerd en vervuild moest worden afgevoerd. Dit leidt tot hogere verwerkingskosten en logistieke kosten. Bovendien stonden deze containers op deze locatie in de volle zon, wat in de zomer tot veel geuroverlast leidt. En tot slot, met betrekking tot de laatste vragen. De opbrengsten van uit de afvalstoffenheffing worden overeenkomstig het VNG-model ingezet voor afvalinzameling en -verwerking. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Van den Raadt, heeft u daar nog vervolgvragen op? De heer Van den Raadt: Ja.
Dus kunnen die groenbakken nu wel gebruikt worden waarvoor ze bedoeld zijn, door de buurt? Of niet? De voorzitter: Wethouder Berkhout. Wethouder Berkhout: Ja. Kijk, ze worden dus door de buurt niet gebruikt waarvoor ze bedoeld zijn. Ze worden als openbare afvalbak gebruikt, waardoor wij er niks mee kunnen. Want meer dan twee procent vervuiling, dan kunnen we het niet als compost gaan gebruiken. Dus dat werkt niet. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Van den Raadt, u had nog drie vragen gesteld. En we komen een beetje aan het eind van de tijd. Dus ik wil graag… De heer Van den Raadt: Ja, als iedereen elke keer een extra vraag stelt, dan duurt het heel lang. Stikstofbeleid, CO 2. Hoe gaat het college van B en W invulling geven aan de reductie stikstof en CO 2 wat recent gepresenteerd is door het kabinet? Wat voor extra maatregelen volgen voor de verschillende sectoren? En hebben de nieuwe kabinetsplannen nog consequenties voor het totale gemeentelijk vastgoed? De voorzitter: Dank u wel. Wethouder Roduner.
8
Wethouder Roduner: Nou, ik denk … Het antwoord daarop kan ik u nog niet geven. De kabinetsplannen zijn ontzettend nieuw. We weten nog niet wat het betekent voor de gemeente. En in mijn beleving is het ook iets wat in eerste instantie ook ligt bij de provincie. Om te kijken hoe de kabinetsplannen zich verder doorwerken naar de landelijke gebieden. En wat het betekent voor de gemeente Haarlem. Volgens mij hebben we daar laatst ook uitgebreid op geantwoord. Op artikel 38-vragen van mevrouw Van de Windt, die hier ook naast zit. Dus die kunt u er nog even bij pakken. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Van den Raadt, u mag kiezen of u een vervolgvraag wilt stellen, of dat u uw vraag over de psychische nood en wijkagenten wilt stellen. De heer Van den Raadt: Ja, dank u wel, voorzitter. Ja, ik spreek een paar wijkagenten en die hebben het over de enorme leegloop onder het korps. De eerste vraag is: klopt dat? Ik neem aan van wel, als die mensen het zelf zeggen. En dat als ze dan ook nog van die psychische problemen hebben, dat ze daar iemand naar die psychiater en dat soort zaken moeten brengen, dat dan eigenlijk de hele capaciteit van die avond of nacht opgeslorpt is. En ze eigenlijk geen andere zaken daarnaast kunnen doen. Klopt dit? En wat gaat het college hieraan doen? De voorzitter: Dank u wel. Ik kijk naar de burgemeester. Want ik neem aan dat u die vraag kan beantwoorden.
Burgemeester Wienen: Ja. Het is zeker waar dat er veel mensen vertrekken bij het basisteam. Niet het korps -dat is landelijk- maar het basisteam heeft te maken met vergrijzing bij de politie. Daardoor zijn er veel interne vacatures. En bijvoorbeeld bij recherche. En dat betekent ook dat er veel mensen vanuit het basisteam reageren op vacatures voor hun interessante functies. En dat het basisteam zelf daardoor te maken heeft met een flink aantal vacatures. Dat is op dit moment ook een dieptepunt. En dat heb ik u geloof ik twee jaar geleden al aangekondigd, dat dat ook verwacht werd. Dat we echt met een probleem zaten, door de vergrijzing bij de politie. En een trage instroom vanuit de opleiding. Vanaf half juni stromen er weer dertien nieuwe medewerkers in. Dus dat is op zichzelf mooi. En vanaf volgend jaar verwachten wij dat de instroom vanuit de politieacademie substantieel stijgt. En ten aanzien van de tijd die politiemensen kwijt zijn met mensen in psychische nood en verward gedrag, dat klopt. Dat is een regulier onderdeel van het werk. Dat is iets wat tijd vergt. Dat was in het verleden zo en dat is nog steeds zo. Dat is ook niet echt wezenlijk veranderd. Er zijn een aantal maatregelen genomen waardoor de belasting voor de politie iets minder is geworden dan in het verleden. Maar het blijft een substantieel aandachtspunt.
En daar kunnen wij ook niet snel iets aan veranderen. De politie is echt wel de instantie die op dat moment ook echt assistentie móet verlenen. En dat kunnen we niet op een andere manier oplossen. Er is overigens geen verband tussen de twee punten van uw vraag. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Van den Raadt, heeft u hier nog een vraag op? De heer Van den Raadt: Dank dat u toegeeft dat we echt wel op een dieptepunt bij het basisteam aanbeland zijn. Maar we hebben ook een keertje het gehad over psycholance. Werk dat zoals het had moeten behoren? Want ik weet gewoon uit de praktijk inderdaad, agenten staan gewoon drie uur te wachten op een psychiater. En ondertussen zitten ze met die persoon. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Wienen. Burgemeester Wienen: Ja, dat klopt. Daar wordt aan gewerkt. Voor een deel werkt dat al. Voor een ander deel hopen we dat dat nog beter gaat werken. Want het is heel vervelend. Dat is eerder ook besproken. Als politiemedewerkers langer moeten wachten dan nodig is. Dus hoe eerder de psychische hulp aanwezig is, hoe beter het is. Overigens, u zegt: wachten op de psychiater. Dat is nog weer een andere problematiek als het
9
opgehaald worden van mensen. Maar goed, aan beiden wordt gewerkt. Om dat zo soepel mogelijk te laten lopen. En de belasting voor de politie zo laag mogelijk te houden. Overigens is dat wel een keuze die de politie zelf gemaakt heeft. Want vroeger zorgde de politie zelf voor het vervoer. Dus dan was je er ook tijd aan kwijt. En een van de zorgen die we hadden, dat was van: ja, je kunt wel zeggen ‘de politie doet het niet meer’. Maar de politie is er dan niet vanaf. Want die moet wachten tot anderen de patiënt komen halen. En dat is wat we nu zien. En dat proberen we verder te stroomlijnen, zodat het sneller gaat. Sluiting De voorzitter: Dank u wel. Ja, dan zijn we eigenlijk aan het einde van dit vragenuur gekomen. En dan is nog een vraag open. En ik ga ervan uit dat we dat schriftelijk kunnen afdoen. Dus dat is schriftelijk, mijnheer … De heer Amand: Mag ik de vraag stellen? Kan ik de vraag stellen, of niet? De voorzitter: Nee, daar hebben we geen tijd meer voor. Excuus, nee. De heer Amand: Nee? Belachelijk, voorzitter. Het spijt me. De voorzitter: Dank u wel.
10