05-25 Transcript Commissie Samenleving
Tekst van het document
De voorzitter: Ja inderdaad, die had ik ook, dus dan rest punt 3. Dan gaan we het zo doen dat ik u ga vragen wie voor het opnemen van punt 3 in de zienswijze is. Dus dat zullen in ieder geval niet de Partij van de Arbeid, de Partij voor de Dieren en D66 zijn – of sorry, en Partij voor de Dieren zijn. Dus wie is er voor het opnemen van punt 3? Het is een beetje twijfelachtig zo, even kijken, dan moet ik gaan tellen. Nee, dan komen we er niet aan, dus dan nemen we punt 3 nu niet mee en mochten er dan uiteindelijk alsnog een amendement komen, dan zien we dat. Dus dan nemen we de hele bijlage exclusief punt 3 mee naar de raad. Er komt dan in ieder
17
geval een amendement van mevrouw Oosterbroek, dus wat mij betreft wordt het dan een bespreekpunt omwille van het amendement. Mevrouw Oosterbroek: ‘…’ (buiten microfoon). De voorzitter: Wat we net hebben gedaan is op het moment dat er een amendement wordt ingediend, dat we het dan bespreekpunt maken en anders gewoon als hamerstuk. Of wilt u er nog een stemverklaring op geven? Dat kan. Ja, mijnheer Trompetter. De heer Trompetter: Dat kan technisch eigenlijk niet. Dus je kan niet iets opwaarderen van hamerstuk tot bespreekpunt, je moet die tussenstap maken. De voorzitter: Behalve als we zeggen dat die doorgaat naar de raad op het moment dat … Nou goed, maken we er een hamerstuk met stemverklaring van, dan hebben we gewoon het helemaal afgedekt. Yes? De heer Van den Raadt, u heeft nog een nabrander? De heer Van den Raadt: Jazeker. Ik vond dat de D66 interessante inbreng had, want die zei … De voorzitter: Maar wacht even, mijnheer Van den Raadt. De heer Van den Raadt: Dus mijn verzoek is een tweede termijn. De voorzitter: Nee nee nee, ik ben heel erg … Nee, die is al geweest. De heer Van den Raadt: Nou, dan een derde termijn. De voorzitter: Nee. De heer Van den Raadt: Dat staat in de reglementen. De voorzitter: Ja, dat gaan we niet doen, want we hebben het punt al doorgestuurd nu naar de raad, dus we gaan gewoon door naar punt 9. 9.
Opvolging RKC aanbevelingen onderzoek welzijnssubsidies ontwerp subsidie traject, verantwoordingsinformatie en voorbereiding subsidieronde De voorzitter: Punt 9 is de Opvolging van de RKC aanbevelingen het onderzoek welzijnssubsidie ontwerp subsidietraject en de verantwoordingsinformatie en de voorbereiding van de subsidieronde. Naast mij zit de wethouder, maar in principe is dit iets wat van de raad zelf is, aangezien het de RKC is. Dus in principe is het niet de bedoeling dat u vragen aan de wethouder stelt en is het een praktisch iets om dit door te sturen naar de raad. Maar u heeft wel de mogelijkheid om hier uw termijn gewoon op te houden. Wie wil in de eerste termijn het woord voeren? De heer El Aichi, gaat uw gang. De heer El Aichi: Dankjewel, voorzitter. De relatie tussen de gemeente en de uitvoerende organisaties is zodanig gewijzigd. Er is een andere informatie omdat de monitoring en verantwoording Gewoon in de Wijk in plaats van gekomen. Dus ook het CDA is het ook met de RKC eens. Dankjewel. De voorzitter: Het CDA is het met de RKC eens, uitstekend. Mevrouw Klazinga namens de VVD.
18
Mevrouw Klazinga: Dank u wel. Ook wij zijn het ermee eens dat de aanbevelingen als afgedaan worden beschouwd. Ik heb daar wel een opmerking bij, dat ik las dat deze aanbevelingen dateren uit 2018 en dat we ze nu als afgedaan beschouwen omdat ze achterhaald zijn geworden, omdat we inmiddels een nieuwe aanbesteding hebben gehad en het dus helemaal niet meer relevant is. Dat vind ik wel een beetje jammer. Er is heel veel tijd overheen gegaan waarin van alles en nog wat had kunnen gebeuren om deze aanbevelingen daadwerkelijk op te volgen, in plaats van ze achterhaald te laten zijn. Dus ik hoop dat er voortaan met andere aanbevelingen van de RKC iets voortvarender te werk gegaan wordt. De voorzitter: Dank u wel. De heer Trompetter namens de Actiepartij. De heer Trompetter: Dank u wel, voorzitter. ‘…’ dat de aanbevelingen afgedaan zijn en ook wat VVD zegt, dat vinden wij ook een beetje treurig dat het nu afgedaan wordt omdat het niet meer geldig zou zijn. Wat ik eigenlijk zou willen meegeven om te bezien of in de huidige situatie de mogelijkheid is om onderzoek te doen naar hoe het nieuwe systeem gaat werken – ik kom er zo meteen op terug bij het volgende punt – met dezelfde criteria en dezelfde duur, dezelfde lengte.
Bij het punt Monitoring en verantwoording bij Gewoon in de Wijk zal ik daar nog verder op doorgaan, maar dat zou ik de RKC graag willen meegeven, zeker vanwege dat het nu zo wordt afgedaan, omdat het niet meer actueel is. Dank u wel. De voorzitter: Alles wat de RKC meegeven zullen we aan de RKC doorzetten. Mevrouw Zwemmer namens D66. Mevrouw Zwemmer: Dank u wel, voorzitter. Eigenlijk in lijn met de voorgaande fracties, prima om het op dit moment als afgedaan te beschouwen. Wel goed om het zeker in het volgende punt wat uitgebreider te bespreken, omdat niet meer relevant wat ons betreft niet voldoende is. Maar in dit geval de aanbevelingen zijn voor ons ook als afgedaan. De voorzitter: Uitstekend, dank u wel. Anders commissieleden die nog het woord willen voeren, of is iedereen verder voor het afdoen hiervan? Ja? Er zijn niet echt vragen gesteld aan de wethouders, dus dan stel ik voor dat dit door kan naar de raad. Zullen we dat als hamerstuk doen? Ja? Mooi zo, doen we dat. Overige punten ter bespreking 10. Monitoring en verantwoording Gewoon in de Wijk (DvL) De voorzitter: Dan ga ik met u door naar punt 10, Monitoring en verantwoording van Gewoon in de Wijk. Het stuk is geagendeerd op verzoek van de fractie van Jouw Haarlem. Met instemming van deze commissie gaan we het nu bespreken. Als eerste het woord aan mevrouw Scholten namens Jouw Haarlem.
Mevrouw Scholten: Dank u wel, voorzitter. Ik zie dat ik niet mega veel tijd meer heb, dus ik ga een beetje tempo maken. We hebben het geagendeerd omdat we best wel veel zorgen horen in het onderwijsgesprek bijvoorbeeld, maar ook in brieven van de NVA, de Nederlandse Vereniging voor Autisme, en de Participatieraad, en een ingezonden brief en inspreker over bijvoorbeeld Ferm Rozemarijn dat er zorgen zijn over de continuïteit van zorg in de wijk: wisseling van begeleiders, wegvloeien van professionals, beschikbaarheid van professionals in het herschikte zorglandschap. Dat zijn ook allemaal zorgen die we gehoord hebben in de technische sessie die we van de week gehad hebben. Ik heb daar nog een aantal vragen bij. Als we dan kijken naar wat er gebeurd is en dat die kanteling nog best wel moeilijk gaat – kanteling vind ik overigens een heel vreemd woord – maar moet er dan niet simpelweg wat meer tijd uitgetrokken worden om te zorgen dat bijvoorbeeld bestaande hulpverleners met de nieuwe hulpverleners een tijdje mee kunnen
19
lopen met een client, zodat die overdracht wat geleidelijker gaat. We hebben het nu over de overdracht is een driehoek, maar dat kan ook maar één gesprek zijn. Of zelfs soms helemaal niet gebeuren, begrepen we in de technische sessie, omdat de professional die de oorspronkelijke zorg leverde al is weggelopen. Wat gaan we doen met voortschrijdend inzicht daarin, kunnen we nog dingen aanpassen? Hoe gaan we zorgen dat Gewoon in de Wijk ook echt in de wijk kan landen? We horen heel veel van bestuurders over hoe we dit allemaal vormgeven, maar we horen eigenlijk vind ik best weinig van zorgverleners en van cliënten zelf. Er is een tijdelijke ondernemingsraad, hoe de cliëntenraad belegd gaat worden is nog niet duidelijk, hebben we gehoord. Dus daar hebben we eigenlijk allemaal nog best heel veel vraagtekens en vooral heel veel zorgen bij. De voorzitter: Dank u wel. De heer Trompetter namens de Actiepartij. De heer Trompetter: Dank u wel. Ik kan geheel aansluiten bij het pleidooi van Jouw Haarlem. In het verlengde daar, maar niet beperkt tot het agenderingsverzoek wat erin staat, ik krijg ook signalen van een organisatie die de Wmo-zorg niet meer vergund heeft gekregen, waar teams uit elkaar vallen. Daar wordt gezegd dat cliënten dan naar een andere organisatie moeten, maar die op hun beurt zeggen: we zitten vol, we hebben geen plek.
Het verhaal is dat de potentiële teams uit elkaar vallen, weglopen en dat de zorg vanuit die teams is dat de mensen met een grote mond dat misschien wel voor elkaar krijgen, maar andere mensen misschien niet. Dat gaat dan met name om ambulante zorg. Dus ik heb wel een vraag, over zorgvragers gaat het dan, die door Buurts worden geholpen die ‘…’ gaan, en worden die dan allemaal bereikt? En is er een indicator waar we het uit kunnen zien in de verantwoording? Is er nu zicht op de ontwikkeling van wachtlijsten die mogelijk gaan ontstaan nu een tekort aan hulp dreigt, nu die instellingen sommige aangeven dat ze geen plek hebben? Dan heb ik ook nog gelezen stuk dat de consortia die bijvoorbeeld jeugdhulp verlenen nog bezig zijn met zichzelf aan het organiseren. Dan ook nog stukje misschien ook deels over Veilig Thuis, hoe gaan we dat dan precies doen? Dan komen we achter de voordeur. En wordt er ook gebruik gemaakt van interventieprofessionals? Dat is mensen die iets tussen de regels door een beetje los kijken: hoe kunnen het beste hulp en zorg verlenen die gewoon heel snel en heel effect effectief bij mensen bijvoorbeeld thuis iets kunnen gaan doen. Graag antwoorden, voor de eerste termijn. De voorzitter: Dank u wel. Dit is gewoon een mededeling voor de hele commissie.
We hebben per ongeluk een foutje gemaakt met de spreektijden, daarom heeft iedereen veel te veel spreektijd gekregen voor de vergaderduur die we hebben. Dus let u daar een klein beetje op, omdat we echt om tien uur willen beginnen aan de presentatie. Dus dat is even een vraag vanuit mij om zorgvuldig om te gaan met de spreektijd die u heeft gekregen. Wie kan ik dan het woord geven? De heer Buschman, gaat uw gang. De heer Buschman: Dank u wel. Monitoren is op zich prima zaak. Als we dan kijken naar de technische sessie die we van de week hebben gehad en alle problemen die daar op tafel zijn gekomen, dan is er reden te meer om goed te monitoren. Anderzijds, door de monitor zoals die wordt voorgesteld, dat kost ook heel veel tijd voor zo’n organisatie zelf. Dus onze vraag aan de wethouder is: hoe staat de organisatie zelf tegenover? De voorzitter: Kijk, dat is een lekker korte bijdrage, daar houden we van. De heer El Aichi, gaat uw gang. De heer El Aichi: Dankjewel, voorzitter. Gewoon in de Wijk, ga maar eraan staan om in dit geval van zes organisaties één organisatie te maken. Zo’n reorganisatie kost veel energie en tijd om alles draaiende te blijven houden. Wij hebben te maken met zes of meer verschillende organisatieculturen, het is de kunst om van deze verschillende organisatieculturen een goede, draaiende organisatie van te maken.
In 2007 ging Kontext in DOCK, dus ook binnen de organisatie van DOCK zitten verschillende organisatieculturen. En voordat deze culturen aan elkaar begonnen te wennen krijgen de medewerkers met nog meer organisatieculturen
20
waar zij aan moeten wennen. Al met al, ik kan me heel goed voorstellen dat deze reorganisatie niet zonder slag of stoot zal verlopen en dat dit het tijd kost om van Buurts een goede functioneerde organisatie te maken. In de technische sessie van afgelopen maandag heb ik mijn zorgen geuit over de overbelasting van de medewerkers van Sociale Wijkteams. Ik maak me nog steeds zorgen om deze medewerkers, omdat ik van dichtbij constateer dat de werkdruk heel hoog is. Veel personeel gaat op zoek naar een andere baan. Deze mensen gaan niet zomaar weg. Het moet geen toeval zijn dat er vanaf januari tot op heden veel personeel met ervaring weggaat. Daarom vind ik het heel belangrijk om veel aandacht te schenken aan deze uitvoerende medewerkers. De Haarlemse burger heeft recht op goede hulpverlening en medewerkers kunnen goed hulpverlenen wanneer zij goed gefaciliteerd worden. Op dit moment maken veel medewerkers van binnen Buurts zich zorgen, het is aan de directie van Buurts om deze zorgen weg te nemen. Gezien de zorgelijke ontwikkelingen wil ik graag voor het einde van dit jaar een update inzake de uitvoering van Gewoon in de Wijk. Ik wil graag voor het einde van dit jaar weten waar Buurts staat en of goede voortgang geboekt is. Daarom wil ik hierbij de wethouder vragen of zij kan komen met een informatienota omtrent de ontwikkeling binnen Buurts voor het einde van dit jaar.
Dankjewel. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Hamzad namens GroenLinks, gaat uw gang. Mevrouw Hamzad: Dank u wel, voorzitter. GroenLinks heeft na de technische sessie nog veel vragen over de kwaliteit van de uitvoering van het welzijnswerk, zeker nu wij midden in de transitie van specialistische hulp naar laagdrempelige ondersteuning zitten. We hebben zorgen of Buurts organisatorisch voldoende op sterkte is om het werk naar behoren uit te voeren en dat het lijkt of de vermoging veel tijd neemt en ten koste gaat van het primaire proces. Dit baart zorgen, vooral voor kwetsbare Haarlemmers die afhankelijk zijn van steun en hulp, en daarnaast speelt schaarste personeel een grote rol. Velen van de Sociale Wijkteams vinden dat communicatie hierover niet helemaal duidelijk is geweest en grote aantallen heeft geen verdere motivatie op deze manier door te gaan met hun werkzaamheden. Hoe wordt er momenteel gekeken naar de kwaliteit van de zorg, zorgwekkende personeelstekort in Haarlem? Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Özogul, gaat uw gang. Mevrouw Özogul-Özen: Ik wil als eerste beginnen met een voorbeeld. Ik heb een moeder gesproken met een kind met autisme, een volwassen kind. RIBW verlenen de zorg. Er is een gesprek geweest en daar heeft betreffende moeder te horen gekregen dat de hulp stopt. Maar voor autisme is een wachtlijst van vijf maanden.
Ze mag haar kind zelf inschrijven op de wachtlijst. Volgende week stopt de zorg, zowel cliënt als moeder weten niet waar ze aan toe zijn, wat er in de tussentijd gebeurt en wie ze kan helpen. Is maar een voorbeeld. Zo zijn er ook mensen die van de een op de andere dag horen: volgende week komen wij niet meer. Zonder dat dat gesprek geweest is en zonder dat het duidelijk is wie de hulp dan oppakt. Nu kunnen we dat Buurts kwalijk nemen, maar dat lijkt mij niet de juiste keuze. Maar het feit is wel dat dit op dit moment in Haarlem gebeurt en wij zijn als gemeente toch verantwoordelijk dat de zorg wordt gecontinueerd en dat er ook goede zorg is. Terugkomend naar de technische sessie, daar hebben we gehoord dat ik meen te herinneren acht of negen wijkteams een probleem hebben. Dat is wat daar werd gezegd door de bestuurders. Inmiddels heb ik ook van een mede-raadslid gehoord dat ook managers vertrokken zijn of gaan vertrekken. Dat is zorgwekkend. Dat er een soort van een leegloop is in de wijkteams, dat kennis verloren gaat, maar dat er steeds meer werk over de schutting heen wordt gegooid. In dit geval dus volwassenen met autisme, GGZpatiënten en dergelijke, waar op dit moment nog de deskundigheid niet is en de Wijkteam-medewerkers zitten met grote zorgen, omdat ze niet weten hoe verder.
Personeelstekort, drukte, en eigenlijk zouden we heel zuinig op de medewerkers moeten zijn, want die doen echt hun best. Wij maken ons echt zorgen daarom.
21
Gelukkig hebben we gezien dat ook de bestuurders zorgen maken, maar het heeft ons nog niet kunnen overtuigen dat op kort termijn de problemen opgelost zijn. Dus ik zou van de wethouder willen weten hoe u dat ziet op korte termijn. En hoe kan het, want ik heb meerdere keren de vraag gesteld, privé of in hier, zorgcontinuïteit en er is altijd gezegd: de oude zorgaanbieder kan tot eind december door. Maar hoe komt het dan dat ze nu stoppen? En ook nog op korte termijn stoppen en niet wachten totdat er juiste hulp voor de client is geregeld. Daarnaast, deskundigheid, het zal een tijd duren voordat het een en ander in orde is. Hoe kunnen wij als gemeente, hoe kan de wethouder helpen dat in de tussentijd de deskundigheid nog is? Dan wel door de oude zorgaanbieder, dan wel op wat voor manier dan ook. Dus ik zou van de wethouder willen weten hoe dat geregeld kan worden. Voor zover nu de eerste termijn. De voorzitter: Dank u wel. De heer Visser namens de Partij van de Arbeid. De heer S. Visser: Dank u wel, voorzitter. In de vorige raadsperiode is er gekozen voor een stelselwijziging en op afstand plaatsen door Gewoon in de Wijk op te zetten. Dit betekent, zoals bij alles dat nieuw is, dat er obstakels te overwinnen zijn.
De PvdA verwacht echter wel dat tijdens de overgangsfase er continuatie is van lopende zorg vanuit de Sociale Wijkteams en dat er sprake is van een overgang tussen aanbieders, dat dit proces verloopt zonder dat cliënten daar een al te grote hinder van hebben. Zoals het er nu uitziet zijn de instanties te optimistisch geweest toen ze het tijdspad schetsten waarin alles in de startpositie zou zijn. Daar ligt een hele grote verantwoordelijkheid bij Buurts. Dit geldt ook voor de werkdruk, die mijnheer El Aichi terecht noemde en ook mevrouw Özogul, bij het personeel. Dit alles mag niet ten koste gaan van cliënten, ouders, ondersteuners, of andere mensen die direct betrokken zijn bij de zorg van een client. Daarom stelde de Partij van de Arbeid in een eerder stadium ook vragen over een specifieke zaak rond een kind met autisme en de brief die wij van de Nederlandse Vereniging voor Autisme ontvingen. Daarom hebben we een aantal vragen voor de wethouder.
Kan de wethouder aangeven hoe bijvoorbeeld op dit moment de Participatieraad betrokken is bij dit alles? Is er inmiddels iets gebeurd met de signalen die wij bijvoorbeeld hebben gehad van de NVA en andere belangenorganisaties? En tot slot de vraag of totdat die overgang daadwerkelijk geslaagd is de bestaande cliënten wel de zorg kunnen blijven ontvangen die zij voor de overgang hadden? Dus dan gaat het over wat mevrouw Özogul ook zei, die continuering van zorg van cliënten, dat die niet tussentijd stopt. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Zwemmer namens D66. Mevrouw Zwemmer: Dank u wel, voorzitter. In 2019 is er een motie ingediend door D66 met VVD, Hart voor Haarlem, Actiepartij, Trots en het CDA en hierin werd om concrete doelen gevraagd en een heldere aanpak voor monitoren van welzijnssubsidies. Deze motie is toen aangenomen en daarmee zijn we blij dat er nu een stuk ligt waar in ieder geval veel aandacht is besteed aan monitoring en verantwoording van de opdracht die nu voorligt. Het is goed om te zien dat er in ieder geval veel is nagedacht over de rol van de gemeente en daarin ook de uitwisseling tussen VanHier ofwel binnenkort Buurts.
Wat ons opviel is dat er in het monitoring en verantwoordingstuk echter weinig aandacht is voor monitoring richting de organisatie zelf, dus echt richting het eigen personeel, richting de druk op het personeel en eventuele tekorten die daarin spelen. Daarnaast zouden wij graag aan de wethouder willen vragen, denk ik wel in lijn met vragen die net ook door de SP werden gesteld, of er signalen zijn ontvangen in hoe de overgangsperiode nu wordt ervaren door inwoners van Haarlem. Daarnaast wordt er nog vermeld dat er op dit moment drie belangrijke strategische opgaven worden geformuleerd: een dementievriendelijke stad, mentaal gezonde jongeren en armoede. Daarbij wordt gesteld dat in ieder geval nog een probleemanalyse wordt opgesteld om helder in kaart te brengen waar de problemen nu liggen. Onze vraag is of deze probleemanalyse ook terugkomt naar de raad, of
22
dat er eventueel nog mogelijkheden zijn om mee te denken over deze belangrijke onderwerpen voor Haarlemmers. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Anders commissieleden in de eerste termijn? Mevrouw Jacobsz, u wil nog een toevoeging doen aan alles wat gezegd is? Mevrouw Jacobsz: Dank u, voorzitter. OPHaarlem heeft in ieder geval één vraag, want we hebben grote zorgen, zowel voor de organisaties en de werknemers en de mensen die hulp nodig hebben. Op welke manier de gemeente, dus de gemeentelijke organisatie, te hulp gaat schieten, wat ze gaan doen? De voorzitter: Dank u wel. Anders commissieleden die nog het woord willen voelen? Mevrouw Moedt namens de Partij voor de Dieren. Mevrouw Moedt: Dank u wel, voorzitter. Ik denk dat ik me aan kan sluiten bij de vorige sprekers en de vragen die daarbij horen. Mijn eigen vakgebied is het ook zo dat er veel te weinig mensen zijn om het werk aan te kunnen, dus mensen die vallen uit met door overwerkt te raken, of gaan iets anders doen om te voorkomen dat ze overwerkt raken. Dan moeten de overgebleven collega's nog weer harder werken. Dus ik weet ook niet hoe je het op moet lossen, maar misschien dat de wethouder dat wel weet, dat hoop ik. De voorzitter: Dat zou heel bijzonder zijn als de wethouder een oplossing voor het arbeidsmarktprobleem. Nou ja, we gaan het horen.
Anders commissieleden in de eerste termijn? Nee? Dan gaan we naar de wethouder en die ga ik vragen om kort en bondig, doch zorgvuldig antwoord te geven. Wethouder Van Loenen: Dank. Is ook echt een heel belangrijk onderwerp. Het wordt natuurlijk veel vaker in deze commissie gezegd, maar het is ook echt heel belangrijk. Ik ben daarom ook blij dat jullie met groten getale bij de technische sessie waren van de week, waarbij jullie in gesprek konden met het bestuur van Buurts zelf. Daar zijn ook al veel onderwerpen voorbij gekomen en ons voorstel is omdat ook te continueren, dat we vaker aan jullie de mogelijkheid geven, twee keer per jaar, om ook echt direct in gesprek te gaan met Buurts, omdat je dan toch veel meer ook zelf hoort over hoe zij dat zien. Want onze rol is natuurlijk wel veranderd als gemeente. We hebben natuurlijk wel met zijn allen gezegd: dit gaan we op deze manier organiseren. En als gemeente – en dat heb ik dus ook als wethouder – is voor mij het allerbelangrijkste dat onze inwoners de juiste zorg krijgen. Maar, en dan ga ik het even een beetje plat zeggen, hoe Buurts dat precies doet organisatorisch, linksom of rechtsom moeten ze daar gewoon voor zorgen.
Ik snap best dat iedereen heel erg wil inspringen en zeggen: kunnen we helpen et cetera? En we hebben ook echt een samenwerking en volgens mij gaat dat ook heel goed, die samenwerking, maar we moeten ook wat ruimte geven aan Buurts om ook dingen op te lossen. Dat werd ook van de week al even gezegd, . Het waren overigens, want de grootste zorg zit bij de Wijkteams denk ik, de meest acute zorg zit bij de Wijkteams. Er zijn negen wijkteams, ik ben toevallig een rondje aan het doen ook langs allemaal en vier of vijf, werd eigenlijk maandag gezegd, daar is echt wel te weinig capaciteit. Dat was overigens voor 1 januari ook al zo, moeten we eerlijk zeggen. Daar zijn ook al eens eerder vragen over gesteld, volgens mij niet door het CDA. Er is toen ook, toen was nog het idee: er wordt geworven, het gaat de goede kant op. Maar je wordt inderdaad wel weer een beetje teruggeworpen eigenlijk in het werven, ook omdat als je kijkt naar de personeelskwestie rond Buurts, dat er ook was gedacht dat er meer mensen van de latende partijen over zouden gaan. Die hebben vaak gewoon toch andere functies binnen de organisaties waar zij al werkzaam waren aangenomen, algehele krapte, dus dat is best ingewikkeld. Buurts heeft daarbij aangegeven maandag: het is een acuut probleem, dat onderkennen we, want het is inderdaad ontzettend belangrijk dat de Wijkteams goed bemenst zijn.
Er wordt ook veel gedaan aan de training, de deskundigheid, om dat echt verder op te waarderen, ook bij de
23
Wijkteams. Maar ook is er een optie, of dat wordt eigenlijk nu al gedaan, dat er extra fte vanuit de andere organisaties worden ingevlogen, dus of dat er organisaties worden gevraagd om langer nog de cliënten te houden. Dat is echt, dat is eigenlijk niet zoals voorzien, maar dat is wel eigenlijk allemaal bedoeld om die continuïteit van de zorg te waarborgen. Is het een grote transitie? Ja. Ik moet eerlijk zeggen, toen ik bijna een jaar geleden begon dacht ik ook: nou, dat is best wel een stap die hier is genomen. Andere gemeenten in den lande kijken ook met heel erg veel belangstelling naar ons hoe wij dat hebben gedaan. Ik denk ook echt dat het over die hele acht jaar nog steeds een hele goede ontwikkeling is, maar je moet natuurlijk dan wel zien als het eenmaal begint hoe dat uiteindelijk uitpakt. Dat gaat over dat voortschrijdend inzicht, waar ook net al even naar gevraagd was door Jouw Haarlem, hoe ga je daarmee om? Het is inderdaad nu ook al zo dat dus niet alleen sprake is van één zo’n driehoeksgesprek en dan word je losgelaten, om het even zo te zeggen. Er wordt langer samen opgelopen, dus er wordt echt zeker wel gekeken naar dat voortschrijdend inzicht. En ook die signalen, daar schrok ik eigenlijk ook wel van. Want wij kregen signalen – er werd nog even naar de Participatieraad gevraagd, daar zal ik zo nog even iets over zeggen – wij krijgen natuurlijk ook signalen.
U krijgt signalen, wij krijgen signalen – lijkt me ook terecht, want wat doen we hier anders als bestuur en volksvertegenwoordigers – maar hoe ga je daarmee om? Dus daar hebben we best wel veel gesprekken over gevoerd in het begin, ook zeker met Buurts. Maar wat ik ook wel zie is dat er sowieso gehandeld is met een soort, dat werd maandag de rode knop genoemd, dus echt een systeem waarbij het vooral om gaat: hoe voorkomen we dat individuele gevallen tussen wal en schip vallen? Dus hoe mensen uiteindelijk niet tussen wal en schip vallen, maar gewoon uiteindelijk geholpen worden, daar is dus eigenlijk echt een soort systeempje voor in het leven geroepen. Dat is belangrijk. Er is, als we het hebben over autisme, want dat werd een paar keer genoemd, er zijn meerdere gesprekken gevoerd en ook worden de Wijkteams getraind specifiek op het autisme – hoe zeg je dat – problematiek rond autisme die voorkomt in de Wijkteams. Dus er wordt naar mijns inziens best wel goed gehandeld, of ja, goed gehandeld op die signalen. Ik krijg ze ook minder nu. Ik heb vorige week gesproken met de Participatieraad, want ik wil ook weten: hoeveel signalen krijgen zij? Ik ben ook blij altijd dat zij meekijken en dat is ook hun beeld. Als dat nou bij jullie anders is, wij horen natuurlijk graag.
Maar het is zeker van belang dus dat we op die signalen afgaan, maar mijn beeld is ook wel dat het iets rustiger is, ook omdat we natuurlijk een beetje wat rustiger aan is het gegaan met de kanteling – overigens ook een verschrikkelijk woord, eens. Het lijkt net een soort veranderkunde of iets dergelijks, maar goed. Het heet de kanteling, dus we houden het maar even vast. Even kijken. Dus ja, de zorg, zeker over de Wijkteams is er. Ik heb wel het gevoel dat ernaar gehandeld wordt, maar het is wel complex en ik ben ook heel erg blij dat Buurts daar heel transparant over was afgelopen maandag. Wij zullen ook als bestuur en als gemeente daar bovenop blijven zitten. Maar om nou altijd in dat gat te duiken, wij hebben ook die mensen overigens niet, ? Er werd ook nog gevraagd naar de teamleiders. Er zijn inderdaad drie teamleiders recent opstapt, die zijn vervangen ook inmiddels. Ik heb er vorige week dus ook eentje gezien al meteen en er komen er nog een aantal bij. Dus er wordt echt wel met man en macht elke week gewerkt om die vacatures in te vullen. En ook die facilitaire zaken waar GroenLinks ook net over had, heb ik ook terug gehoord bij de Sociale Wijkteams. Ik snap ook de ergernis daarover, maar het is ook wel een beetje denk ik, zoals mijnheer El Aichi zegt, het is wel een behoorlijke operatie. Gelukkig voor een hele lange tijd, gelukkig ook echt voor acht jaar.
Maar ja, het gaat niet altijd meteen vlekkeloos en daar moeten we ook eerlijk over zijn. Voor ons is dus het allerbelangrijkste dat de mensen de juiste zorg krijgen. Ik heb ook nog een aantal vragen. Even kijken, hoor. Het onderwijsgesprek, dat heb ik nog even laten uitzoeken, maar dat gaat niet over de opdracht van Buurts. Dat gaat over jeugdhulp, ja, en de bemoeizorg. Daar kunnen we op een ander moment, daar wordt ook al aan gewerkt, dat heb ik ook nog even nagevraagd, maar zit dus niet hierin. Even kijken. Autisme hebben we het gehad, Participatieraad, kanteling, voortschrijdend inzicht. Even kijken. Dan het monitoren en de concrete doelen. Aantal mensen zeiden: weinig over misschien de organisatie zelf. Ja, dat is natuurlijk wel iets wat Buurts zelf in de gaten houdt, maar volgens mij is jullie vraag eigenlijk, ook van D66: zou je niet meer indicatoren moeten hebben
24
waarbij je ook als gemeente zicht houden op die organisatieontwikkeling? Ja, daar zou ik ook even over na moeten denken, eerlijk gezegd. Want ja, dat dat zeg ik, het is ook een beetje: welke rol hebben we en hoever duiken we in zo'n organisatie? Het is ook een beetje een afweging, eerlijk gezegd. Even kijken. Update eind van het jaar werd ook gevraagd door het CDA. We hebben sowieso al gezegd: we gaan twee keer per jaar een soort gesprek doen. Het kan ook een werkbezoek zijn, het is ook een beetje wat jullie willen. We hebben ook dus ook gewoon echt een monitoringssysteem, dus het lijkt mij heel reëel om aan het eind van het jaar zeker terug te komen ook over die ontwikkeling, volgens mij vroeg u daar ook specifiek om, de ontwikkeling van Buurts en hoe dat dan verder gaat. De voorzitter: Dank u wel. Wat we in ieder geval gaat doen is dat bezoek aan Buurts, ofwel dat we ze weer hier uitnodigen. Mij persoonlijk lijkt dat beter dan de informatienota, maar dat komt omdat we dan meer interactief kunnen zijn. Maar dat laat ik bij u. Mevrouw Özogul, gaat uw gang. U heeft een interruptie. Mevrouw Özogul-Özen: Nou, interruptie niet, maar ik wil kort een tweede termijn. De wethouder zegt: eigenlijk ga ik er niet meer over. Maar de wethouder gaat wel over goede zorg en over de continuering van de zorg. Dus ik vind wel dat de wethouder hier wel heel makkelijk mee omgaat.
Ten tweede heb ik het gevraagd over de zachte landing. U zei dat ze tot december de tijd hadden. Hoe kan het dan dat ze toch eerder stoppen en mensen aan hun lot overlaten? Het verhaal hier klinkt heel mooi, maar de harde werkelijkheid is dat die moeder waar ik het over heb volgende week voor haar kind geen zorg meer heeft. Ik heb eerder ook tijdens die sessie over migranten gehad die de taal niet spreken, van de een op de andere dag de zorg stopt en deze mensen weten niet waar ze naartoe moeten. U heeft het over een vangnet, deze mensen weten dat niet en die raken dus het hele verhaal kwijt. Daar wil ik duidelijkheid over, want wij maken ons zorgen en daarnaast heeft de SP hier inderdaad niet voor gekozen. De voorzitter: Dank u wel voor uw bijdrage in de tweede termijn. Mijnheer Trompetter namens Actiepartij. De heer Trompetter: Dank u wel, voorzitter. Ik heb één korte vraag. Wie mag op de rode knop drukken, is dat een manager? U heeft het over een rode knop gehad als het echt misgaat. Is dat een manager, een medewerker, wie zijn dat, wie komt bij die knop? De voorzitter: Oké. Anders commissieleden in de tweede termijn? Ja, toch de heer El Aichi? Gaat uw gang. De heer El Aichi: Bedankt voor de beantwoording, wethouder.
Ik had voor de volgende keer meer inhoudelijk, als ik naar deze nota kijk, daar zit eigenlijk … Het is misschien nog maar vijf maanden vanaf januari tot op heden, maar ik zou voor de volgende keer meer inhoudelijk ingaan op wat er tot nu toe gedaan is, in plaats van een paar cijfertjes van wat ze een beetje gedaan hebben. Ik wil gewoon een inhoudelijk stuk zien, of dat nou op bezoek gaan naar Buurts of op papier, ik wil meer inhoud zien in plaats van, ja, … De voorzitter: Ik denk dat de oproep helder is. De heer Buschman namens de VVD. De heer Buschman: Dank u wel. Ik zat nog even na te denken wat de wethouder zegt. De rol van de gemeente is veranderd, dat snappen we. U zegt ook: geeft Buurts de ruimte om het te ontwikkelen, om het verder op te pakken. Maar waar ligt die grens voor u, waar zegt u: dat is voor mij op dit moment voldoende. En waar kunt u ook ons mee geruststellen: heb vertrouwen erop dat het goed komt. Ik vind hem nog een beetje vaag. De voorzitter: Dank u wel. Anders commissieleden in de tweede termijn? Anders gaan we naar de wethouder toe. Wethouder, gaat uw gang.
25
Wethouder Van Loenen: Ten eerste over de bijdrage van de SP. Ik denk niet lichtzinnig over de zorgvraag, maar wat ik zei is: waar ik niet over ga is hoe Buurts het organiseert. Dat ze het moeten organiseren, dat ben ik helemaal met u eens. Wij zijn ervoor om onze inwoners de juiste zorg te verlenen. We hebben deze opdracht, of dit systeem, stelsel bedacht met elkaar om dat vorm te geven. Maar natuurlijk voel ik me ook nog steeds verantwoordelijk voor uiteindelijk de inwoner. Maar hoe het dus wordt georganiseerd, daarvan zeg ik: kijk uit dat je daar niet te veel instapt. Wij moeten ook aan Buurts meegeven: zorg ervoor dat dat lukt. Daar ben ik eigenlijk continu over in gesprek, heb ik het idee: lukt dat, ja of nee? En mijnheer El Aichi zei meer cijfers. Dat klopt, want dit is eigenlijk alleen maar de aankondiging: zo gaan we monitoren. Dus ja, dit is nog niet de monitor zelf, dus hier staan nog niet de cijfers in. Daar was dit ook nog wel, het is wel ook weer een tijdje geleden, het duurt altijd even voordat we het natuurlijk hierover kunnen hebben. Maar dit is eigenlijk om jullie mee te nemen: op deze manier dit registreren we en monitoren we allemaal. In het najaar kunnen we ook veel meer over de inhoud zeggen, dat helemaal eens, of aan het eind van het jaar. Dus dat gaan we ook zeker doen. Die rode knop, zover ik weet kunnen daar inderdaad de mensen bij Buurts op drukken.
Maar dat gaat ook wel op basis van signalen, dus als er ook andere signalen zijn – en ik snap ook hoe ongemakkelijk dat is, want misschien kent iemand die een signaal wil geven kent misschien iemand hier in deze gemeenteraad en die weet de weg bijvoorbeeld. Dus het is ook heel ongemakkelijk om te denken: maar wat nou als iemand tussen wal en schip dreigt te vallen die niet toegang heeft tot iemand die daarbij helpt? Dat is dus ook zo belangrijk, dat we niet mensen kwijtraken – daar hebben we ook wel eens eerder gesproken, volgens mij – niet mensen kwijtraken in dat systeem en die overgang. Dat is daarom ook een continue zorg om te kijken: hou je alle individuele gevallen ook echt in het oog? De voorzitter: Wethouder, u heeft een interruptie van de heer Linder namens de ChristenUnie. De heer Linder: De vraag is niet ook: is het niet mogelijk dat gewoon de gewone burger in die zin op die rode knop kan drukken? Dat die mevrouw met haar autistische kind op die rode knop kan drukken en zeggen: hallo, nu help, het gaat niet meer, er gaat iets mis. Wethouder Van Loenen: Ja, maar het is wel lastig als er wachtlijsten zijn, dan zal iedereen op die knop drukken. Die zijn dus niet voor niks. Dat maakt het wel ingewikkeld. Dus dit gaat echt over mensen die omdat ze overgaan van een systeem, van de ene organisatie naar de andere, dat die niet tussen wal en schip vallen.
De heer Linder: Maar als het et alleen maar de organisatie zelf gaat doen, de managers daarvan, die zouden nog eerder de neiging hebben: we gaan niet met de vieze was naar de gemeente toe, laten we dat maar niet doen. Dus ik denk toch dat er ergens iets moet zijn waar burgers iets makkelijker toegang hebben, behalve dat ze gewoon het maar moeten hopen dat de organisatie zelf op die knop gaat drukken. Wethouder Van Loenen: Het gaat wel verder dan dat natuurlijk. Hopen is niet, er zitten gewoon allerlei mensen bij Buurts waar iedereen kan aankloppen. Alleen, dat werd ook maandag wel gezegd, het gaat ook niet in alle gevallen nog goed. Er zijn ook enkele gevallen waar het nog niet vlekkeloos verloopt en daar moeten we naar kijken. Dus ik stel ook voor dat we straks nog even kijken naar, de bestuurder van Buurts is hier ook, laten we toch eens even kijken wat daar dan aan de hand is. Maar het is ook niet, zo lijkt het wel een beetje zoals u het zegt, mijnheer Linder, alsof er niks meer is. Maar er zijn allemaal mensen, er zijn Wijkteams, die zijn gewoon bemenst. Er zijn allerlei momenten, plekken, mensen bij wie je kunt aankloppen, dus het is ook niet dat er niemand is. De voorzitter: Dan heeft u nog een interruptie van mevrouw Özogul namens de SP.
26
Mevrouw Özogul-Özen: Ik had gevraagd: waarom wordt die zorg dan, zoals met die autistische moeder? Oké, ik snap dat er wachtlijsten zijn en ik weet dat Buurts daar ook niks aan kan doen. Alleen, waarom gaat die zorg dan niet door, waarom wordt die gestopt? U zei dat het tot december door zou gaan. Wethouder Van Loenen: Wat ik wel heb begrepen, maar ik ken dus niet dit individuele geval, dus het lijkt me wel goed om daar nog even in te duiken hierna. Maar wat wel zo is, dat werd maandag ook al even gezegd, is dat er afspraken zijn gemaakt met de latende partijen om zorg te continueren. Er zijn latende partijen die dat niet kunnen – of willen, maar ik denk vooral kunnen – volbrengen en dat is natuurlijk, dan wordt het heel ingewikkeld, want dan kan iemand inderdaad de dupe zijn daarvan. Maar in principe is de afspraak dat ze tot de zorg is overgedragen, dat zij die zorg continueren. Dat is het hele concept van zorgcontinuïteit wat het allerbelangrijkste is. Maar wat maandag ook werd gezegd, in enkele gevallen is er door personeelsgebrek, of dat ook aan de latende kant er niet een 100 procent aansluiting is. Dat is natuurlijk heel pijnlijk. Dus ik denk dat we daar, zover ik weet zijn dat wel echt individuele gevallen.
Dat maakt het niet minder erg, maar ik denk wel dat we daar dan ook even naar moeten kijken: wat gebeurt er nou, en is daar een patroon in te ontdekken, ja of nee? Dan is het natuurlijk ook echt wel de moeite waard om te kijken: zit er iets verkeerd of niet? Maar voor nu denk ik dat het toch vooral gaat om individuele gevallen. De voorzitter: Goed. U heeft nog één vraag voor de wethouder en dan moeten we echt gaan afsluiten, want het is tien uur. Dus heel kort. Mevrouw Özogul-Özen: Over die rode knop. Ik had het net over migranten die de taal niet spreken, die de weg niet kennen. Toevallig is die persoon bij mij, maar zo zijn de meerderen die dus het bos in gestuurd worden. Welk vangnet hebben we? Wethouder Van Loenen: Volgens mij is het een beetje herhaling van maandag, maar wij hebben het eerder over gehad, want u bent ook wel eens eerder naar mij toegekomen: bij de Wijkteams, zitten daar mensen die verschillende talen spreken? Toen hebben we dat uit laten zoeken en dat bleek zo te zijn, maar u gaf maandag aan volgens mij: ik ken in ieder geval een Wijkteam waar niet iemand zit. Volgens mij werd dat ook uitgezocht, dat moeten we denk ik nog even uitzoeken wat daar de situatie is. Maar in principe wordt daar wel naar gekeken.
Maar het is niet … Ik vind het wel lastig, ik weet ook niet of je 100 procent ervan uit moet gaan dat je altijd in een andere taal dan het Nederlands dan ergens … Mevrouw Özogul-Özen: Dat is mijn vraag niet. Mijn vraag is: deze persoon wordt van de ene op de andere dag bijvoorbeeld losgelaten door de verlatende partij, weet de weg niet, moet naar het Wijkteam, maar weet niet dat het Wijkteam bestaat. Toevallig kwam ze bij mij en heb ik, maar zo zijn er mensen die dus niet iemand hebben die ze de weg kan wijzen. Welk vangnet hebben we voor deze mensen? Wethouder Van Loenen: Maar kijk, het vangnet is eigenlijk dat, het kan niet zo zijn dat de latende partij deze persoon zomaar loslaat. Dus dat kan natuurlijk eigenlijk echt niet en iemand heeft natuurlijk dan ook al bepaalde rechten op zorg. Dus dan moeten we toch eens over hebben welke organisatie dat is die iemand dan zo laat vallen, want dat is niet de afspraak. De voorzitter: Dat lijkt me een hele goede om dat even een-op-een op te nemen, zodat we de wethouder daarvoor kunnen informeren. Mijnheer Van den Raadt, u had ook uw hand opgestoken. Ik wil eigenlijk gaan afronden.
27
De heer Van den Raadt: Dat was aansluitend op wat er nu gesteld wordt. Want er wordt net gezegd: als je gelukkig iemand kent in de gemeenteraad, dan heb je een voordeel. Maar kent de wethouder dan al die individuele gevallen? Want dan wordt er gezegd tegen mevrouw Özogul: we gaan straks even praten over die situatie. Maar al die andere mensen die niet bekend zijn van mevrouw Özogul, of iemand van de gemeenteraad, die zitten thuis in dezelfde situatie. Dus inderdaad, het is moeilijk, maar ik hoop wel dat daar ook een oplossing voor komt. De voorzitter: Ik denk niet dat de wethouder alle individuele gevallen kent, maar misschien dat zij toch nog een laatste opmerking wil maken. Wethouder Van Loenen: Er zijn Wijkteams, iedereen kan daarheen. Ik snap wat mevrouw Özogul zegt is: niet iedereen weet dat er een Wijkteam is. Dat is jammer, maar ik denk ook heel veel wel, er wordt ook heel veel doorverwezen naar Wijkteams. Die zijn inmiddels echt wel bekend, want die hebben al heel erg lang. Daar kun je nog steeds heen voor je zorgvraag. De voorzitter: Goed. Vooruit, gaat uw gang. De heer Linder: Ik vind het een mooi bewijs namelijk dat die rode knop dus niet gedrukt wordt. Want het feit dat u dit niet weet, betekent dat de organisatie dus blijkbaar die rode knop niet gedrukt heeft.
Dus ik wil even meegeven … De voorzitter: Dat is niet echt een vraag, maar ik denk dat de wethouder die in ieder geval mee kan nemen. Wethouder Van Loenen: Wacht even. De rode knop zit bij Buurts, ? Ze hebben zelf, want het zijn heel veel organisaties bij elkaar, het is een coöperatie, met onderaannemers ook nog. Dus de rode knop is iets wat Buurts zelf heeft om ervoor te zorgen dat ze mensen die dus tussen wal en schip blijven vallen, dat daar iets voor wordt georganiseerd. Dus dat is niet een rode knop van de gemeente. De voorzitter: Goed, dan hebben we denk ik zo dit punt goed besproken. Dit krijgt nog opvolging sowieso. Dit krijgt acht, negen jaar lang opvolging, minstens twee keer per jaar. Dus dat gaan we in ieder geval doen en dat hebben we bij deze afgesproken. Officieel gezien hebben we nog punt 11 op de agenda, maar ik had gezegd tien uur stoppen we wegens een presentatie van de managers uit het Sociaal Domein. En ik heb met mevrouw Van der Windt al even besproken of zij het een heel groot probleem vindt op het moment dat we dit doorschuiven en vond het oké. Helaas, maar oké. Dus dat gaan we doen. Dus we gaan bij deze de vergadering dan ook sluiten. Nee, we gaan bij deze de vergadering sluiten. Ik wil u danken voor uw aanwezigheid en we gaan nu luisteren naar de presentatie van de managers Sociaal Domein.
28