CConstaterende datHaarlem
Koppel je AI →
Document · PDF

03-18 transcript Commissie Samenleving

commissie Samenleving 18 maart 2021, gemeente Haarlem8.959 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

TRANSCRIPT VAN DE RAADSCIE SAMENLEVING VAN GEMEENTE HAARLEM d.d. 18 maart 2021

1.

18.15 Opening De voorzitter: Goed, welkom allemaal weer bij deze extra commissievergadering van de commissie Samenleving op 18 maart 2021, die ook weer digitaal plaatsvindt vanwege de avondklok die nog steeds van kracht is. Deze commissie is een vervolg op de reguliere vergadering van donderdag 4 maart, dus u ziet geen agenderingsstukken of insprekers en dat soort zaken. We gaan enkel inhoudelijke stukken bespreken. U heeft weer het verzoek gekregen per agendapunt de woordvoerders aan te geven en u zult aan de hand van deze lijsten en die volgorde ook de volgorde krijgen. Indien u alsnog het woord wilt, geeft u dat even aan via de chat. Ja? Of als u wil inbrengen, inbreken of een interruptie wil plegen, even de chat gebruiken om aandacht aan mij te vragen. Ik wil even nog meedelen dat wethouder Meijs, die moet om vijf voor zeven weg, dus gaarne hou het kort maar krachtig. De vergadering zal ook eindigen om vijf voor half acht en we gaan ook echt om vijf voor half acht eindigen, want we hebben er hierna ook nog een vergadering en ik moet ook nog naar huis en andere mensen moeten ook nog even klaarmaken voor de andere vergadering, dus we gaan echt stoppen. Dus hou het kort en krachtig en zeg ook als iemand anders al iets gemeld heeft dat u het er misschien mee eens bent, dan hoeft dat niet herhaald te worden.

Dat scheelt een hoop tijd en dan kunnen we inhoudelijk een veel strakkere agenda hanteren. Ik wil ook natuurlijk even vanaf mijn plek de VVD en D66 feliciteren met hun behaalde verkiezingsoverwinningen. En nou, de andere partijen landelijk die meegedaan hebben en het nog niet zo goed gedaan hebben, ik zeg: jongens, schouder aan schouder en gaan we doorpakken en we komen weer terug voor de volgende verkiezingen in maart 2022 voor de gemeente. Maar goed, hartelijk gefeliciteerd, VVD en D66. We gaan door naar het eerste punt. De vraag aan u, is er nog een bericht van verhindering? Ik heb geen bericht van verhindering ontvangen, maar ik mis wel een paar personen in de vergadering. Ik weet niet of iemand daar nog wat over te zeggen heeft? Nee, hè? Vaststellen van de agenda, kunnen we deze zo vaststellen? Ik neem aan van wel, hè? We hebben maar twee puntjes. Ja?

2.

18.20 uur Voortgang pilot trajectbegeleiding economisch daklozen (MTM) De voorzitter: Dan gaan we nu gelijk door naar het eerste bespreekpunt, dat is de ‘Voortgang pilot trajectbegeleiding economische daklozen’. Dit als ter kennisname geagendeerde stuk 1.1 bij de commissie van 4 februari is door de SP opgewaardeerd tot bespreekpunt. U heeft het agenderingsformulier met de motivering voor agendering van de SP bij de agenda aangetroffen. Kort samengevat is door de SP aangegeven dat er een pilot trajectbegeleiding economisch daklozen is geweest en zij met de commissie wil bespreken of dit voldoende is geweest wat er tot op heden gedaan is en of de plannen voor de toekomst voldoende zijn. Deze nota is dus ter bespreking geagendeerd door de SP en daarmee wil ik mevrouw Özogul van de SP als eerste het woord geven. Gaat uw gang. Mevrouw Özogul-Özen: Dank u wel, voorzitter. Wij hebben dit geagendeerd omdat wij natuurlijk afgelopen jaren problemen hebben gezien in de daklozenopvang en ook met name bij de trajectbegeleiding, en vooral ook van economisch daklozen. Keer op keer hebben wij aangekaart dat dat niet voldoende was en door de wethouder is ons steeds verteld dat er een pilot was en dat de daklozen een traject kregen.

Nou, bij de nota hebben wij gezien, nou ja, dat het niet helemaal klopt zoals het voorgeschetst is, omdat voornamelijk gezinnen in de daklozenopvang in de eerste instantie gebruik van die pilot hebben kunnen en mogen maken. Ons is ook daardoor duidelijk nu waardoor dus de misverstand en de onduidelijkheden ontstaan zijn, waarbij daklozen

1

zeiden: wij hebben geen traject, we krijgen geen traject, we hebben geen hulp. Desondanks zijn we natuurlijk wel hartstikke blij dat het traject wordt voortgezet voor de jaren daarop en dat het geld, 5,6 miljoen, wat wij van het Rijk gekregen hebben ook hiervoor gebruikt wordt. Alleen, wij zijn wel verbaasd dat wij dat bedrag voor 25 trajecten gaan gebruiken zoals dat heet, terwijl wij eerder voor bijna soortgelijke trajecten twee ton hebben gebruikt. Wij zijn dan ook benieuwd wat dit nu anders maakt waardoor dat bedrag nu hoger is. De volgende vraag is ook: is dit voldoende voor in de toekomst, doen wij dan voldoende om de daklozen daarbij te helpen? Dan wil ik het probleem schetsen dat in het verleden heel veel onduidelijk was als een CJG bij betrokken was of een Wijkteam, iedereen wees naar HVO en HVO wees weer terug en daar was heel veel problemen rondom. De vraag is ook: hoe kunnen we dat in het vervolg voorkomen? Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan geef ik nu het woord aan de heer Hulster, Actiepartij. De heer Hulster: Dank u wel, voorzitter. Ja, wij zijn op zich positief gestemd over de pilot. Wel lezen we dat de trajectbegeleiding eigenlijk weinig effect heeft, omdat er gewoon een tekort aan woningen is. Dus dat lijkt ons nog steeds onverminderd de opgave om voldoende woningen te bouwen.

Ik heb mevrouw Kaag gisteren horen zeggen dat ze dat ook heel belangrijk vindt, dus we verwachten daar heel veel van. Verder lezen we dat er dus onduidelijkheid was tussen of de Sociale Wijkteams, of HVO-Querido de begeleiding gaf en dat mensen die de begeleiding ontvingen de verschillen mochten zoeken. Het lijkt ons belangrijk dat hier dan wel stroomlijning in komt, want dat is natuurlijk een beetje zonde van de inspanning. Dankjewel. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we naar de heer Yerden van de PvdA. Uw microfoon nog even. Ja. De heer Yerden: Oké, dank u wel, voorzitter. Voortgang pilot trajectbegeleiding economische daklozen. De uitkomst van het pilotproject is op dit moment de intensieve trajectbegeleiding geen daadwerkelijke resultaten heeft opgeleverd. Er is nauwelijks verschil met de periode voor het pilotproject. Het voorstel voor 500.000 euro rijksgeld te verlengen doet dan ook merkwaardig aan. Ook de tussentijdse evaluatie blijkt dat het beschikbare woningaanbod het grootste probleem vormt. De PvdA-fractie vraagt zich af wat de stand van zaken is met betrekking tot eerdere moties van de PvdA over de economisch dakloze Haarlemmers onder de pannen in tijdelijk leegstaande woningen te huisvesten. Verder valt op dat de Sociale Wijkteams weer een oplossing moeten leveren voor een deel van de problemen.

De PvdA-fractie vraagt zich af of het college geen betere plannen kan maken om de problemen van economische dak- en thuislozen op te lossen. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we naar de heer Van Kessel, VVD. De heer Van Kessel: Dank u wel, voorzitter. Fijn om hier weer te zijn. Eigenlijk wil ik de wethouder bedanken voor het sturen van de pilot over het begeleiden van economisch daklozen. De tussenrapportage heeft wel logische conclusies eigenlijk. Op het moment dat je mensen, economisch daklozen extra begeleiding geeft, dan zie je sneller dat er problemen spelen, je activeert de cliënten om een huis te zoeken. Het is ook niet gek dan dat er dus inderdaad een grote vraag naar begeleiding is. Maar goed, de wethouder geeft ook aan dat de resultaten precair zijn. Maar goed, er zijn iets meer mensen uitgestroomd en minder mensen zitten langer dan een half jaar in de opvang, dus dat ziet er eigenlijk allemaal heel goed uit. Dat is ook wat je zou verwachten, dus wat ons betreft goed dat u doorgaat met de begeleiding van economisch daklozen. Aan het einde van het traject zien we de voorstellen tegemoet, maar ik kan me zo voorstellen dat we dit groter en breder doen, of dat we dit voor alle economisch daklozen doen om die goede begeleiding te geven. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we naar de heer Zohri, GroenLinks.

2

De heer Zohri: Dankjewel, voorzitter. We bespreken hier de voortgangspilot project dat aangeboden wordt aan economische daklozen. Uit het stuk blijkt dat het helaas te vroeg is om te bepalen of deze trajecten voldoende zijn. Daarom is er ook besloten bij de bespreking Dak- en Thuisloosheid deze te verlengen met een jaar. GroenLinks is blij dat bij de uitbreiding van het pilot trajectbegeleiding er geen onderscheid meer wordt gemaakt tussen de verschillende economische daklozen. Wel heb ik even een vraag aan de wethouder en daar refereerde mijnheer Van Hulster naar. In het stuk geeft u aan dat het niet altijd duidelijk was wie er verantwoordelijk was voor de ondersteuning, het Sociale Wijkteam of het HVO. In het stuk gaat u daar niet echt op in. Kunt u aangeven hoe u dit nu heeft opgepakt? Dankjewel, voorzitter, dat was het voor nu. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we naar mevrouw Stroo, Jouw Haarlem. Mevrouw Stroo: Dank u, voorzitter. Uit GroenLinks en ook uit de SP kan je al horen uit de bijdrages van hun dat duidelijke communicatie belangrijk is om zo de juiste verwachtingen te scheppen. Goed dat deze pilot is gedaan en dat mensen begeleiding en hulp hebben gekregen om uit hun situatie van dak- en thuisloosheid te komen. Tot nu toe kwamen vooral gezinnen in aanmerking.

Het is duidelijk dat het niet meer kunnen betalen van woonruimte vaak de slotsom is van een neerwaartse spiraal waar men in terecht is gekomen. Goed dat mensen een traject aangeboden krijgen om met de problematiek aan de slag te gaan die geleid heeft tot hun dakloosheid, zoals verlies van werk, ziekte, scheidingen, trauma enzovoorts. Daardoor is er ook minder kans op herhaling. Dat alleenstaanden nu ook gebruik kunnen maken van deze begeleiding vinden we vanzelfsprekend. We staan erachter dat de pilot met een jaar verlengd wordt en kunnen eigenlijk nu al constateren dat ook daarna deze hulp van hulp en begeleiding nodig blijft om de mensen weer op de rit te helpen. Dank u. De voorzitter: Dank u wel. Even kijken, ik ben door mijn lijstje heen. Zijn er nog anderen die nog het woord willen? Want anders gaan we naar de wethouder. Nee? Dan gaan we naar wethouder Meijs, gaat uw gang. Wethouder Meijs: Dank u wel, voorzitter. Dank u wel voor de vragen, ik zal ze in volgorde behandelen. De SP refereert aan de financiën. In het stuk wordt geschreven over twee ton versus vijf ton. Die twee ton, dat is het projectgeld wat hangt aan deze pilot en ook aan het vervolg van deze pilot. Die vijf ton, dat is over twee jaar verdeeld, ook over andere pilots, dus dat is niet alleen maar deze pilot.

Dus daar zit waarschijnlijk de verwarring van uw vraag in: hoe kan het dat het duurder is? Maar de bedragen van de trajecten, die zijn hetzelfde als in het eerste deel van de pilot, daar is niets in veranderd. En u vraagt over het inzicht wat erachter zit, omdat u in het verleden heeft gevraagd: komen alle mensen nu in aanmerking voor een traject? Nou, toen wij de pilot startten, dachten wij dat economische daklozen geen complexere achterliggende problematieken hadden, maar dat dat veel enkelvoudiger was. Eigenlijk al werkenderwijs kwamen we er wel achter dat er zeer zeker ook bij economische daklozen vaak toch wel iets complexere materie aan de hand is en het ook belangrijk is dat mensen dus toch goed geholpen worden in trajectbegeleidingen. Daardoor is ook het Sociaal Wijkteam veel meer naar de achtergrond gekomen en zijn de ketenpartners ook allemaal in charge nu voor de trajectbegeleiding. Dus dat is voortschrijdend inzicht geweest in de pilot, dat is natuurlijk ook onderdeel van een pilot waarom je een pilot doet. En inmiddels hebben we de pilot verlengd vanaf 1 januari 2021, dus we zijn al in maand drie, zal ik maar zeggen, van het vervolg en hebben we het ook uitgebreid van niet alleen voor gezinnen, maar ook voor alleenstaanden.

Dus het is breder dan alleen maar de pilot waarmee we begonnen met een beperkt aantal trajecten, maar inmiddels bieden we het voor iedereen aan. Dat is tevens ook het antwoord op de vraag voor de Actiepartij: wie doet de begeleiding? Dat zijn de partners waar de economisch daklozen op dit moment verblijven. Dus dat kan bij perMens zijn, dat kan bij HVO zijn, dus dat kunnen verschillende aanbieders zijn. Het Sociaal Wijkteam kan wel ingezet worden als er in de wijk

3

uiteindelijk iets verder gekeken moet worden naar vervolgtrajecten als ze daar inmiddels zijn uitgestroomd. Maar in principe is de zorgaanbieder, dus degene die de trajectbegeleiding doet op het moment dat ze bij ons in de maatschappelijke opvang zitten, is de hoofdtrajectbegeleider. De PvdA vraagt naar de motie over de tijdelijke huisvesting. Nou, die motie zijn we nog mee bezig, dus daar ontvangt u op een gegeven moment ook de resultaten van. Ik kan u in ieder geval wel zeggen dat wij ook met het traject van Onder de Pannen nog steeds voortdurend onder de aandacht brengen, ook bij de woningcorporaties onder de aandacht hebben. Het moment dat we daar iets van kunnen melden, komen we daar natuurlijk ook weer over terug. Even kijken. De VVD merkt op, nou, is blij dat we de pilot verlengen. Ja, het is natuurlijk ook een effect geweest van, ja, de … De heer Yerden: Mag iets vragen, voorzitter? De voorzitter: Gaat u door, wethouder. De heer Yerden: Mag ik iets vragen, voorzitter? De voorzitter: Mijnheer Yerden, ik heb gezegd: als u wilt interrumperen, geef het even in de chat aan. Want dit is te lastig. De heer Yerden: Oké, ja. De voorzitter: Maar u heeft nu toch al het woord, dus gaat uw gang. Maar voor het even moet u het aangeven. De heer Yerden: Dank u wel. Dus u bent bezig met de woningcorporaties.

Heeft u wel met de woningcorporaties hierover gesproken? Wethouder Meijs: Jazeker, maar dat had ik u al … De heer Yerden: En wat is het resultaat, kunt u daarover iets vertellen? Wethouder Meijs: Dat het voortdurend een aandachtspunt is, dus het moment dat wij over de tijdelijke opvang in die leegstaande panden, we zijn bezig ook met de woningcorporaties om dat in kaart te brengen. Dus het moment dat ik daar daadwerkelijk iets over te melden heb, zal ik u dat ook zeker teruggeven. Maar in eerste instantie hebben de woningcorporaties aangegeven dat het heel lastig is om mensen in tijdelijke huizen, of hoe noem je dat, in leegstaande panden onder te brengen. Maar daar hebben we de discussie volgens mij al eerder over gevoerd, dus het moment dat ik wat terug kan geven over die motie, wij zijn bezig met die uitwerking, zal ik u dat melden. De VVD bedankte voor het verlengen van de pilot. Nou, vorig jaar was natuurlijk ook een bijzonder jaar, dus ik denk dat we doordat we het breder trekken naar niet alleen de dakloze gezinnen, maar ook naar de alleenstaanden, dat we daar aan het eind van dit jaar ook wat meer terug kunnen geven aan u. En ik beloof hierbij dat ik dat ook zeker weer aan u voor zal leggen met een informatienota over de evaluatie van de verlenging van dit traject. Ik ben even de vraag van GroenLinks kwijt.

Volgens mij ging die ook over wie nou uiteindelijk de eindverantwoordelijke is. Nou, de trajecthouder van de zorgaanbieding – dus dat kan perMens zijn, dat kan HVO-Querido zijn, of het RIBW – zij zijn de hoofdaannemers voor de trajecten en zij zijn ook degenen die de daklozen blijven begeleiden. De voorzitter: U heeft een interruptie, mevrouw Meijs, van de heer Zohri, GroenLinks. De heer Zohri: Dankjewel, voorzitter. Dat klopt wat u aangeeft, mevrouw de wethouder, maar in het stuk op pagina 5, punt 5, is dat het steeds onduidelijk was wie nou verantwoordelijk was voor de ondersteuning. Mijn

4

vraag was: hoe heeft u dat aangepakt en wat heeft u eraan gedaan om die onduidelijkheid weg te nemen, zodat de economische daklozen het weten bij wie ze terecht moeten zijn? Want dat mis ik even een beetje in het stuk en dat was ook mijn vraag, maar volgens mij was dat ook de vraag van mijnheer Hulster ook. Wethouder Meijs: Ja, en dat was ook de opmerking die uw collega mevrouw Özogul vorig jaar had gesteld, dat er onduidelijkheid was tussen: verwijzen we nou door naar het Sociaal Wijkteam, worden zij daarmee dan de verantwoordelijke voor de begeleiding? Dat is bij ons – dat is een compliment voor de vragen die toen gesteld werden – ook voortschrijdend inzicht geweest dat er te specialistische en vaak toch onderliggende problematiek naar voren komt. Dus dan heb je ook te maken met de zorgpartner waar de dak- en thuisloze op dat moment woont en de trajectbegeleiding aanbiedt, dat die ook de hoofdverantwoordelijke blijft. In het verleden is er wel doorverwezen naar het Sociaal Wijkteam, maar dat is nu, zoals we dat nu hebben georganiseerd, allemaal bij de trajectbegeleiding van de zorgketenpartner belegd. Het kan natuurlijk wel zijn dat zij samenwerken, hè, want vaak hebben Sociale Wijkteams als ze uitstromen wel zicht op de faciliteiten en de voorzieningen in de wijk, dus dan wordt er wel een warme overdracht gedaan.

Maar dan is de ketenpartner tot aan het eind wel de eindverantwoordelijke. Volgens mij heb ik daarmee uw vraag beantwoord. En volgens mij zijn daarmee ook alle vragen beantwoord, want de vraag van Jouw Haarlem was dezelfde als van SP en Actiepartij. Dat was het. De voorzitter: Dank u wel. En de SP wilde nog graag een korte termijn, dus wie ook nog een korte termijn wil hebben, geef het even aan in de chat. Dan geef ik als eerste het woord weer aan mevrouw Özogul, SP. Mevrouw Özogul-Özen: Dank, wethouder. Deze begeleiding was in 2019 al nodig toen wij ons zwartboek aanboden. Goed dat dat nu dus ook voor iedereen mogelijk is. Maar ik heb bij de nota van vorig jaar aan u gevraagd: kunnen daklozen nu ook zelf kiezen voor een traject? Kan dat betekenen dat als ik bijvoorbeeld problemen heb, vertrouwensbreuk heb bij HVO of Leger des Heils, kan ik dan een ander kiezen? Dat kon. Is dat nog steeds mogelijk? Want dat stond in het stuk en u heeft het toen ook toegezegd. Wethouder Meijs: Volgens mij is mijn antwoord toen geweest, en dat zal ik herhalen, dat … Kijk, trajectbegeleiding is op basis van vertrouwen en merkbaar goede relatie hebben. Als dat niet werkt, dan zal de trajectbegeleider of degenen die begeleid worden dat natuurlijk aangeven. In eerste instantie denk ik dat zij er samen uit moeten komen, maar dat er dan wellicht gekeken wordt naar een andere trajectbegeleider.

Maar in principe is dat gebouwd op relatie, dus het antwoord wat ik toen heb gegeven, dat is nog steeds geldig. Als blijvend die verhouding niet goed is, als dat verstoord is, ja, dan zal er een oplossing gezocht moeten worden. Maar grosso modo is dat wel iets wat twee partijen met elkaar moeten afstemmen. Dus het kan niet zo zijn dat dat eenzijdig alleen maar opgeheven kan worden, daar moet je echt wel iets aan bouwen, het is een relatie. De voorzitter: Ja, dank u wel. Mevrouw Özogul-Özen: Voorzitter? De voorzitter: Ja, mevrouw Özogul. Mevrouw Özogul-Özen: Het duurt even te lang om het op te schrijven. De wethouder heeft toen gezegd dat dat mogelijk was. Ik wil dat er ook nog wel even bij zoeken en de wethouder dat opsturen, maar als het echt niet werkt vanuit één kant, dan lijkt het me heel lastig om dat met zijn tweeën af te spreken dat het lukt. Dus graag aan de wethouder om daar coulant mee om te gaan.

5

De voorzitter: Oké, waarvan akte. Dank u wel. Ik heb volgens mij één toezegging gehoord dat u in ieder geval aan het eind van het jaar met een evaluatie gaat komen van deze verlenging van deze pilot. Dus dat is dan één toezegging die we gaan vastleggen. Het stuk hebben we voldoende besproken. We gaan door naar … Dank u wel, wethouder Meijs. Wethouder Meijs: Dan ga ik u verlaten. De voorzitter: We gaan door naar het volgende stuk. Ik heb volgens mij eerst een mededeling van wethouder Roduner, die is volgens mij al aanwezig. Ja, ik zie hem zitten. U heeft een mededeling geloof ik, hè? Wethouder Roduner: Ja, een korte mededeling, voorzitter. Want we hebben hier vaak wel wat vaker over de kinderopvangtoeslagaffaire gesproken en de rol van Haarlem. In april zullen we u ook wat uitgebreider informeren over wat we in Haarlem doen via een raadsinformatiebrief, maar nu wel goed in ieder geval om de tussenstand te geven. Er zijn inmiddels 231 gedupeerde ouders bekend in Haarlem. Daarvan hebben we er ongeveer een kwart nu gesproken. Nou, u kunt zich voorstellen dat dat op zich lange en ook indringende gesprekken zijn met de ouders, waarbij denk ik het goede nieuws is dat de meeste ouders ook wel hun leven gewoon weer op de rit hebben, dus die zitten in een fase van het leven dat ze dat hebben overwonnen en ook wel weer hun leven verder op de rit hebben.

Waar wel hulpvragen zijn – en dat is ongeveer één in de tien, één in de vijf gevallen – helpen we natuurlijk, zorgen we dat de personen worden doorgeleid naar de juiste instanties. En ook als er geen hulpvraag is, dan bellen we ook een paar weken later na. Maar ik dacht, het is goed om u in ieder geval even te informeren dat we gestart zijn met de aanpak en in april nog daarop terugkomen bij u. 3.

18.45 uur Opinienota ‘hoe gaat Haarlem om met het vrijlaten van giften binnen de Participatiewet’ (FR) De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we naar het volgende agendapunt, dan is dan ook het laatste agendapunt van vandaag. Dat is de opinienota ‘Hoe gaat Haarlem om met het vrijlaten van giften binnen de Participatiewet’. Met deze opinienota wordt de commissie gevraagd haar visie te geven over de gemeentelijke omgang met giften en bijstand. Wil de commissie de huidige praktijk handhaven, het individueel beoordelen van giften op basis van de Participatiewet en de omgekeerde toets? Of wil de commissie vooruitlopend op de mogelijke landelijke wijzigingen voor alle bijstandsgerechtigden een jaarlijkse standaard vrijlating toepassen tot een grensbedrag en hiervoor een richtlijn laten opstellen? En zo ja, met welk vrij te laten bedrag – 300, 500, 1200 op jaarbasis? De derde optie betreft een richtlijn op basis van de huidige wetgeving waarin het college de kaders weergeeft voor de interpretatie van deze wet, zonder het benoemen van een grensbedrag. Bij dit ter kennisnamestuk is tevens de beantwoording van de artikel 38-vragen van de SP over dit onderwerp toegevoegd. Afhankelijk van de keuze van de commissie zal het college een collegebesluit opstellen voor het vaststellen van de richtlijnen. Bij de agenda is onder 3.1 ook nog het advies van de Participatieraad opgenomen.

Dit stuk staat ter bespreking op de agenda met een gerichte vraag van het college naar uw visie. Graag vernemen wij in uw bijdrage dan ook voor welke optie u kiest: één, de huidige praktijk handhaven; twee, een jaarlijkse standaard vrijlating toepassen tot een grensbedrag; en drie, een richtlijn op basis van de huidige wetgeving waarin het college de kaders weergeeft voor de interpretatie van deze wet, zonder het benoemen van een grensbedrag. Volgens mijn lijstje krijgt nu mevrouw Stroo van Jouw Haarlem als eerste het woord. Gaat uw gang. Mevrouw Stroo: Dank u, voorzitter. Het college wil graag van ons weten hoe de gemeente Haarlem om moet gaan met het vrijlaten van giften binnen de Participatiewet. Wij danken het college voor de gelegenheid om hierover mee te kunnen denken en te beslissen. We vinden het schrijnend om verhalen te horen van mensen,

6

afhankelijk van een bijstandsuitkering, die vaak door onwetendheid in de problemen zijn gekomen door terugvordering van bijvoorbeeld extra boodschappengeld. Wij kiezen van de drie mogelijkheden optie twee, de jaarlijkse standaard vrijlating tot een bedrag van 1200 euro per jaar. Voor ons is duidelijkheid hierbij heel belangrijk. Men weet waar men aan toe is. Zowel de gever weet dat hij de bijstandsgerechtigde niet in de problemen brengt door hem financieel wat toe te stoppen en de ontvanger kan het bedrag zonder stress aanvaarden. Een groot voordeel is dat de ontvanger geen bonnetjes en dergelijke hoeft te overleggen, geen toetsing, waardoor het ook meer voelt als een cadeautje. De bijstandsgerechtigde heeft meestal wel genoeg formulieren in te vullen om de uitkering veilig te stellen. In de Tweede Kamer is op 25 februari 2021 een motie van het lid Jasper van Dijk aangenomen met als titel ‘Preventie en bestrijding van stille armoede en sociale uitsluiting’, die de regering verzoekt voor mensen in de bijstand een landelijke vrijstelling van giften te realiseren van 1200 euro per jaar. Nu de Tweede Kamer deze motie heeft aangenomen, denk ik dat wij dit als Haarlem moeten volgen. Dank u. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we naar de heer Van Kessel, VVD. Gaat uw gang. De heer Van Kessel: Dank u wel, voorzitter.

Ook nog dank aan de wethouder voor de toelichting over hoe Haarlem omgaat met de kinderopvangtoeslag. En nou, complimenten voor de manier waarop Haarlem een menselijk gezicht laat zien en zich opstelt als een sterke overheid, daar is de VVD in ieder geval erg blij mee. Maar dan nu het onderwerp wat voorligt. Kijk, iedereen was in Nederland natuurlijk geschokt door dat voorval in de gemeente Wijdemeren, waar een vrouw jarenlang boodschappen kreeg van haar moeder, dat niet opgaf aan de gemeente en dat dan vervolgens met terugwerkende kracht ineens moest terugbetalen. Kijk, deze vrouw had natuurlijk haar inkomsten gewoon moeten melden, maar als de gemeente een rekening van 7000 euro met terugwerkende kracht stuurt, dan is dat natuurlijk ook bizar. Nou, dit leidt in ieder geval tot een voorgenomen aanpassing van de wet en het roept ook de vraag op onder welke voorwaarden je eigenlijk giften zou moeten toestaan binnen de bijstand. Dan bevalt eigenlijk de huidige Haarlemse praktijk de VVD wel. Er wordt gewoon in redelijkheid gekeken of een gift verantwoord is. Het moet niet te hoog zijn en het moet ook niet structureel zijn. Dus een verjaardagscadeautje, dat kan natuurlijk wel. Maar een wekelijkse toelage, ja, dat moet je gewoon zien als inkomen en daarvoor is de bijstand dan niet meer nodig.

Kijk, en met het vastleggen van een drempel, dat gaat ertoe leiden dat niet meer individueel gewogen wordt of een gift uit het oogpunt van die bijstandsverlening, of dat wel verantwoord is. Ook tegen mevrouw Stroo geef ik aan dat het ook leidt tot verschillen tussen gemeenten, dus het wordt er eigenlijk helemaal niet zoveel duidelijker op. Goed, zoals ik al aangaf, de staatssecretaris wil de wet gaan aanpassen en dan vind ik het eigenlijk een beetje slecht getimed dat deze wethouder de praktijk wil gaan aanpassen in Haarlem om over een tijdje, als de nieuwe wet er is, weer de praktijk aan te passen. Als je duidelijk wil zijn, dan wacht je gewoon even op de landelijke wetgeving. En de Participatieraad stuurde een uitstekende brief en die geeft ook heel terecht aan dat de huidige praktijk eigenlijk het beste kan inspelen op die nieuwe wet. Dus wat ons betreft is die optie één toch wel te verkiezen. Als laatste, de Participatieraad geeft ook tussen de regels aan de wethouder mee dat de gemeente geen inkomenspolitiek moet gaan bedrijven. Dan had deze wethouder zich namelijk beter kunnen melden in de Tweede Kamer. Nou, daarmee sluit ik graag af. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we naar de heer Zohri, GroenLinks. De heer Zohri: Dankjewel, voorzitter. Het college vraagt de commissie haar visie te geven over het omgaan met giften in de bijstand.

Maatwerk, zoals deze nu aangeboden wordt, is op zich prima, maar helaas laat deze toch nog toe dat er ambtelijk een andere invulling aan gegeven kan worden. Het toevoegen van een richtlijn geeft hierin alleen maar meer duidelijkheid. Naast het feit dat er in een aantal andere gemeentes al met

7

richtlijnen gewerkt wordt, is er onlangs ook een landelijke motie aangenomen – daar verwees mevrouw Stroo al naar – ‘Preventie en bestrijding van stille armoede en sociale uitsluiting’. De motie roept op voor een landelijke richtlijn van een vrijstelling van 1200 euro. Aangezien deze motie nu ook aangenomen is en deze ook gewoon voor de rest uitgevoerd wordt, stelt GroenLinks voor om een jaarlijkse standaard vrijlating toe te passen tot een grens van 1200 euro en vraagt het college om hiervoor een richtlijn op te stellen. Dankjewel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we naar de heer Hulster, Actiepartij. De heer Hulster: Dank u wel, voorzitter. Om te beginnen is bekend dat de uitkering uit de Participatiewet geen vetpot is en dat veel mensen die daarvan moeten leven echt de touwtjes aan elkaar moeten knopen. Dus dat we nu gaan proberen daar wat aan te repareren door te kijken of er toch ook wat giften mogelijk zijn, is helemaal niet zo’n gek idee. Want ja, het is eigenlijk voor veel mensen de enige manier waarop ze soms nog eens wat extra’s kunnen doen of een keer een apparaat kunnen vervangen wat dan niet door de gemeente vergoed kan worden. Nou, de huidige praktijk, daarvan zegt de gemeente: goh, we hebben 7000 euro aan giften verrekend voor 20 mensen, dus dat is gemiddeld 350 euro. Ja, dat is heel laag.

Blijkbaar is de administratieve rompslomp een reden voor mensen om daar geen gebruik van te maken. Het is gewoon te veel gedoe. Daarom denken wij dus dat het goed is om mee te gaan met de motie die zojuist al door GroenLinks werd besproken en naar een vast bedrag van 1200 euro te gaan, waardoor je mensen dus geen na… Ja, dus waarschijnlijk wel melding moeten maken, maar niet heel uitgebreid. Overigens is het heel belangrijk, en dat maakt eigenlijk niet zoveel uit welke keuze er wordt gemaakt, wat de hoogte is en wat er moet gebeuren, wat er moet worden aangeleverd door de ontvanger van de uitkering en wat de vrijheden zijn die de ambtenaar heeft om te kunnen beslissen of de uitkering voldoet of niet. Dus dat is vooral het allerbelangrijkste, dat er heel erg veel duidelijkheid over komt en dat die ook gecommuniceerd wordt met degene die ontvanger is. Kortom, wij zijn dus voor 1200 euro vrij en heel heldere communicatie naar de mensen die een uitkering ontvangen. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we naar mevrouw Verhagen, Trots Haarlem. Mevrouw Verhagen: Oké. Dank u wel, voorzitter. Ook Trots kan zich vinden in een richtlijn voor vrijlating zonder meldplicht van giften met een maximum van 1200 euro per jaar, en eigenlijk liever nog hoger. Ik zal straks uitleggen waarom.

We weten immers allemaal dat de bijstandsuitkering feitelijk te laag is om redelijkerwijs in het levensonderhoud te kunnen voorzien – de echte oorzaken van al dit gewinkel met neveninkomsten. Daarnaast vinden we dat we beter kunnen uitgaan van vertrouwen, omdat het grootste deel van de mensheid deugt. Op voorhand wantrouwen zorgt er juist voor dat de deugers niet-deugers worden, met het leren van handigheidjes om de controle te ontwijken. Daardoor neemt het wantrouwen bij de controleurs ook toe en gaat er steeds meer energie en waarschijnlijk ook steeds meer geld verloren in deze afknijpspiraal. Dat standaard vrijlating voor giften het gelijkheidsprincipe zou aantasten is volgens ons een beetje een oneigenlijk argument, want het hebben van een netwerk is toch immers ook deels afhankelijk van de eigen sociale vaardigheden waarmee de ontvanger dus als het ware aardigheid teruggeeft, er dus ook iets voor doet. Daarnaast zijn de kansen op inkomsten uit werk ook niet gelijk voor iedere uitkeringsgerechtigde, evenmin als het talent voor creatieve ontduiking. Trots zou daarom nog liever de standaard vrijlating voor giften en werk gelijkstellen aan de onkostenvergoeding voor vrijwilligerswerk, te weten 1800 euro. Dat betekent een vrijlating van zo’n 150 euro per maand voor iedere uitkeringsgerechtigde.

Een bedrag dat precies het verschil uitmaakt tussen het lukt wel om rond te komen, of het lukt niet. Dat zou heel veel administratieve rompslomp en ook psychologische stress voorkomen, voor zowel de cliënt, diens weldoener, als de uitvoerder.

8

Een terugvordering van 7000 euro van nog niet eens 1 procent van alle uitkeringsgerechtigden weegt daar volgens ons absoluut niet tegenop. Ook vragen wij ons af hoe een en ander zich verhoudt tot inkomsten uit het project Onder de Pannen. Daarbij mogen uitkeringsgerechtigden een kamer verhuren zonder op hun uitkering te worden gekort. Daarvan zijn de inkomsten vermoedelijk nog hoger dan de vrijlating voor inkomsten uit werk en giften. Als we daarop het gelijkheidsprincipe zouden toepassen, kan niet iedere uitkeringsgerechtigde gelijkelijk van dit voordeel genieten, alleen al omdat niet iedereen een kamer over heeft, dus eigenlijk in een te groot huis woont. Zou het in dat opzicht niet eerlijk zijn om aan die huurinkomsten ook een vrijlatingsrichtlijn, overeenkomstig die voor werk en giften te koppelen? Bij een ontvangen huur van, stel, 250 euro per maand, zou er dan 100 euro op de uitkering ingehouden worden. Volgens Trots … De voorzitter: U heeft nog vijf seconden. Mevrouw Verhagen: O. Volgens Trots zou het niet uit moeten maken of een uitkeringsgerechtigde dat beetje extra inkomen nu door giften, werk, vrijwilligerswerk of Onder de Pannen verwerft. Als we volgens dit gelijkheidsprincipe voor iedereen hetzelfde bedrag buiten de inkomenstoets houden, blijft er nog genoeg individueel maatwerk over. Daar wil ik het dan bij laten. Dank u wel, voorzitter.

De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we naar mevrouw Özogul van de SP. Mevrouw Özogul-Özen: Dank u wel, voorzitter. Met verontwaardiging hebben wij gelezen over drie incidenten. Over een moeder die haar dochter helpt omdat ze anders geen eten heeft en gekort wordt, over een vrouw die haar moeder helpt met mantelzorg en gekort wordt omdat ze geen koffie thuis bij haar moeder drinkt en omdat ze naar de wc bij haar moeder gaat. Maar ook over een incident in ons Haarlem met kosten van een deurwaarder. Daar hebben wij vragen over gesteld. Dus wij zien eigenlijk dat er heel veel misgaat en ook ons meldpunt stroomt vol nu op dit moment met incidenten vanuit Nederland. Wat ons betreft omdat er een motie van ons lid Jasper van Dijk is aangenomen in de Tweede Kamer is het niet meer dan logisch dat wij voor die optie kiezen, vooruitlopend op het landelijk beleid. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we naar de heer El Aichi, CDA. De heer El Aichi: Dank u wel, voorzitter. Ik wil even ingaan op de vraag of giften moeten gekort worden op de uitkering, ja of nee. Ik vind dat vanuit vertrouwen gehandeld moet worden en niet vanuit wantrouwen. Mensen in de bijstand hebben het moeilijk genoeg, daarom vind ik dat wij solidair met de bijstandsgerechtigden moeten zijn. Zij hebben immers niet ervoor gekozen om in de bijstand terecht te komen.

Er is enorm fel argwaan rondom de bijstandsuitkering. Ik geloof dat het anders kan. Ik vind niet dat giften gekort moeten worden op een uitkering. Nogmaals, men heeft er niet voor gekozen om in de bijstand te belanden, met name in deze coronacrisis moeten wij toch omkijken naar deze doelgroep. Zolang het bedrag onder de vrijwilligersvergoeding van 1800 euro per jaar is, heb ik er geen moeite mee om, zoals in Amsterdam, af te zien van de inlichtingenplicht tot het bedrag van 1200 euro per jaar. Tot zover, voorzitter, dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we naar mevrouw Çimen, D66. Mevrouw Çimen: Voorzitter, dank u wel. En dank aan de wethouder voor het toesturen van dit stuk. Nou ja, er is al een paar keer aan gerefereerd, er is een motie ingediend op 25 februari van dit jaar door het lid van de SP die volgens mij kamerbreed is gesteund, op één fractie na. Ja, op één fractie na, mijnheer Van Kessel, ja. Nee, maar goed, ik denk dat de lijn vanuit landelijk gewoon heel erg duidelijk is en ik snap op zichzelf de zorgen van

9

de Participatieraad wel: joh, moet je nou vooruitlopen op wetgeving, want misschien moet het anders uitgewerkt gaan worden et cetera. Tegelijkertijd denk ik dat de wens van de Kamer, van het hele politieke spectrum wel heel duidelijk was en kunnen we in dit geval ook wel het risico lopen om vooruit te lopen op deze wijziging. En nou ja, dat komt natuurlijk ook voort uit het terugvinden van die menselijke maat binnen onze wetgeving. Want wat is inderdaad dan toegestaan? Is dat één keer in de week boodschappen doen voor iemand, of is dat eens een keertje een winterjas kopen voor iemands kinderen? Want ja, ik kan iemand in de bijstand wel kennen en ik kan wel iemand een keertje fêteren op een etentje of een winterjas, maar ik kan niet iemands lasten volledig overnemen. Dus ik denk dat we ook een beetje af moeten van het onder curatele stellen van bijstandsgerechtigden, maar tegelijkertijd denk ik wel dat we daar een grensbedrag aan moeten stellen, aan die giften in die bijstand, omdat we natuurlijk mensen wel zoveel als mogelijk uit die bijstand moeten willen halen en dat het dus niet zo kan zijn dat het dan maar ongelimiteerd bovenop de bijstandsuitkering kan worden gegeven aan mensen. Dus D66 heeft de voorkeur voor optie twee en dan de 1200 euro, zoals dat ook in de motie is aangegeven landelijk.

En ik ben eigenlijk wel benieuwd ook naar de analyse en de voorkeursoptie van het college zelf, want het wordt nu heel duidelijk bij ons neergelegd – waarvoor dank overigens – maar gaat er ook nog een eigen afweging binnen het college worden gemaakt, of bent u gewoon heel even aan het peilen in de commissie, of neemt u gewoon de wens over? Graag een reactie, dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we naar mevrouw Booms, ChristenUnie. De microfoon staat weer uit, mevrouw Booms. Mevrouw Booms-Van der Meer: Ja, hij blijft aan. Hij ging steeds weer uit. Dank u, voorzitter. Het individueel beoordelen van giften heeft voor- en nadelen. Aan de ene kant is het mooi dat er maatwerk geleverd kan worden. Ik kan me echter ook voorstellen dat als burgers verschillend behandeld worden en mensen dat misschien horen van elkaar, dat ze zich, ja, misschien zelfs gediscrimineerd kunnen voelen. En ja, dat lijkt me gewoon niet handig, dus ik denk dat het belangrijk is dat er vaste kaders komen. Als ik dan op de site kijk van de Belastingdienst, dan zie ik dat in 2021 iedereen u belastingvrij mag schenken ter waarde van 3244 euro per jaar. Dit kunnen verschillende personen zijn die dat aan jou geven en krijg je een schenking van je ouders of pleegouders, dan mag je zelfs belastingvrij 6604 euro ontvangen.

Dus eigenlijk vraag ik mij af: waarom moeten mensen die in de bijstand zitten anders behandeld worden? Waarom mag een Nederlander, een burger, mag gewoon een gift ontvangen, en best wel een behoorlijk bedrag, en waarom mogen deze mensen dat dan niet? Dus ja, deze vraag wil ik eigenlijk bij de wethouder neerleggen. En ik moet eerlijk zeggen dat ik het ook best een hoog bedrag vind, 3244 euro dat mensen zouden mogen ontvangen, dat is echt wel een heel bedrag. Dus ik ben, ja, wat voorgesteld wordt, het bedrag van 1200 euro, nou, dat vind ik echt het minimum. Maar ja, ik vraag me wel af: waarom worden mensen in de bijstand anders behandeld dan de mensen die niet in de bijstand zitten? Dat hoor ik graag van u, wethouder. Dank u. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we tenslotte naar de heer Sepers, PvdA. De heer Sepers: Dank u wel, voorzitter. Nou, een interessante vraag van mevrouw Booms, daar ben ik ook benieuwd naar het antwoord. Wij benaderen deze zaak vooral uit de positie van de bijstandsgerechtigde. Je zal maar bijstandsgerechtigde zijn en dan is het gewoon sappelen, zeker ook als er kinderen zijn. Als er dan eens iemand is die jou iets geeft of toestopt, of boodschappen voor je doet et cetera, dan moet je dat melden en dan kan dat weer gekort worden op je uitkering. Nou, mijnheer de voorzitter, wij vinden dat een uiting van een hardvochtige overheid.

Een overheid die wij eigenlijk niet willen en dat heeft – ja, het is niet mijn partijgenoot – Pieter Omtzigt van het CDA heeft dat natuurlijk genadeloos aan de kaak gesteld dat dit

10

voorbeelden zijn waarbij de overheid niet naast of achter de burger staat, maar tegenover de burger. Wij vinden het van groot belang dat er voorspelbaarheid is ook voor de individuele bijstandsgerechtigden. En bovendien, als je zo’n standaard vrijstelling geeft, geeft dat ook een enorme verlichting van allerlei administratieve verplichtingen en ambtenaren die weer moeten kijken of die bonnetjes wel kloppen en dat soort dingen, die hele rimram zijn we dan ook kwijt. Dus het zal u duidelijk zijn dat wij in lijn met ook de motie die in Den Haag landelijk is aangenomen, pleiten voor een standaard vrijstelling van 1200 euro zo snel mogelijk in te voeren. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we naar de wethouder. Wethouder Roduner, gaat uw gang. Wethouder Roduner: Dank u wel, voorzitter. Nou, ik hoor in ieder geval in de commissie een ruime meerderheid voor de optie twee met de vrijstelling van, ik hoor zelfs minimaal 1200 euro, maar laten we even uitgaan van 1200 euro. Dat gaat het college dan ook gewoon invoeren. Misschien nog even ter achtergrond, de bijstand is een strenge wet, dus de Participatiewet is een strenge wet. Daar proberen we in Haarlem volgens mij zo goed mogelijk richting in te geven en ook wel zo sociaal mogelijk richting in te geven. Dat doen we door een actieve aanpak om mensen naar werk te begeleiden, ik denk dat dat heel belangrijk is.

Maar ook binnen de bijstand hebben we een aantal experimenten lopen om hem wat regelluwer te maken en nou ja, ook wat meer ondersteuning te bieden aan onze Haarlemmers, binnen de grenzen van de wet natuurlijk. De aanpak die we hadden, die vind ik ook niet slecht, hè? Het is niet dat optie één dat ik dat een slechte optie vind. Ik denk dat dat ook een optie is waarin we proberen de menselijke maat te hebben en ook gewoon zorgvuldig naar te kijken wat er gebeurt. Maar naar aanleiding van onder andere de Wijdemeren-casus over de bijstand is dit wel een maatschappelijke discussie geworden: hoe zou je hiermee om moeten gaan? Dat is een discussie geweest waarin een aantal raadsleden ook gevraagd hebben aan mij om met een opinienota te komen, om hierover te praten. Of in ieder geval, ze hebben daar vragen over gesteld, ik heb gezegd: laten we dat dan middels een opinienota met elkaar bespreken. Die ligt voor. Het college heeft daar niet een uitgesproken voorkeur in. Ik denk, zoals ik heb gezegd, de aanpak die we hadden is goed. De aanpak die u kiest kan ik me ook heel goed voorstellen, in Amsterdam doen ze dat ook.

Dat is denk ik echt een politieke afweging: hoe kijk je aan tegen het instrument bijstand, hoe kijk je aan tegen rechtvaardigheid daarvan, hoe kijk je aan tegen bijverdienen? Ik denk dat dat echt, daar zie je een politieke discussie ontstaan, die zie je hier dan eigenlijk in Haarlem ook terug naar aanleiding van een partij, de VVD, die dan in Den Haag tegenstemt en hier natuurlijk ook een gelijkluidend standpunt heeft. Dus dat is volgens mij helemaal prima, dat is denk ik ook de discussie die we dan hier zo in de commissie zouden moeten voeren. Misschien nog even, volgens mij de vraag over de Belastingdienst. Kijk, bijstand is een vangnet, dus een laatste uitkering voor mensen die geen inkomsten hebben en te weinig vermogen hebben, dus ook in principe geen belasting betalen, hè? Dus de bijstand kan je denk ik ook helemaal niet vergelijken met het systeem wat we hebben voor mensen die werk hebben en vanuit die werkgelegenheid ook inkomstenbelasting betalen en dan dus ook een vrijstelling hebben. 1200 euro … De voorzitter: Wethouder? U heeft een interruptie. Ik dacht, ik wacht even op een puntje, maar we gaan even naar de heer Hulster, Actiepartij. De heer Hulster: Dank u wel, voorzitter. Ja, in het stuk staat dat het college ruime kaders heeft om te beoordelen welke giften op grond van deze wet verantwoordelijk zijn.

Dus daar staat in feite dat wij een experiment kunnen doen met het basisinkomen. U zegt: deze uitkering is bedoeld om mensen eigenlijk weer te prikkelen om weer aan het werk te gaan. Volgens mij hoeven we daar geen financiële prikkels voor te

11

geven, want de meeste mensen willen heel graag werken. Wij geloven heel erg in een basisinkomen, is dit eigenlijk niet een kans om met een basisinkomen te experimenteren? Wethouder Roduner: Nou, dit is een discussie die we in het begin van de coalitieperiode met elkaar hebben gehad. In het coalitieakkoord is opgenomen dat we gaan experimenteren met of een basisinkomen, of regelluwe bijstand. De optie van een basisinkomen, dat is voorbehouden aan een aantal gemeenten die daar ook vanuit het ministerie een vrijstelling voor hebben gekregen. Wij hebben die ruimte niet, we volgen dat experiment wel en hebben een aantal dingen hier toegevoegd: het regelluw maken van de verdere bijstand, dus de mogelijkheid om parttime te ondernemen met behoud van uitkering, een uitkeringspauze van drie maanden bij werkervaring, een verkorte intake, deelname sociale corporaties zoals Turquoise. Dus we doen binnen die bijstand al heel veel volgens mij om de bijstand in ieder geval ook in de uitvoering prettig en toegankelijk te houden. Maar wat u wilt, een basisinkomen, dat kan gewoon wettelijk niet. Dat kunnen we in Haarlem gewoon, dat mogen we niet doen. Dus dat is … De voorzitter: U heeft ook nog even een interruptie van mevrouw Booms, ChristenUnie.

Mevrouw Booms-Van der Meer: Het stukje wat ik voorlas van de Belastingdienst, dat ging niet over de belastingvrije voet die iedere burger heeft, die aan het werk is en gewoon belasting betaalt, maar dan een belastingvrije voet heeft. Dit gaat over het belastingvrij schenken en dat iedere burger belastingvrij giften mag ontvangen tot 3244 euro, en als het van je ouders of pleegouders is zelfs 6604 euro. Dus dit heeft niks te maken met inkomstenbelasting. Wethouder Roduner: Daar heeft u gelijk in en dat misverstand wil ik ook dan wegnemen dat ik dacht dat het anders was. Het gaat erom dat de insteek van de bijstand is dat het een laatste redmiddel, een laatste vangnet vanuit de overheid is. Dus een bedrag waarin de overheid zegt: nou, dit zou voldoende moeten zijn om van te leven, uw leven van te leiden, maar meer ook niet, hè, want we willen u ook om moverende redenen, bijvoorbeeld om u maximaal te prikkelen om te werken. Het hele idee achter de Participatiewet is dus dat als je extra inkomsten geniet, bijvoorbeeld uit werk of een schenking van vermogen, dat je dat ook moet terugbetalen aan het Rijk. Dus het Rijk ondersteunt de burgers als zij helemaal geen enkel inkomsten hebben, maar als er sprake is van wel inkomsten, dan zegt het Rijk als eerste: ja, dat gaan we verrekenen. U moet het melden en we gaan het verrekenen. Dat zit gewoon vrij hard in de Participatiewet.

Nou, je kunt daar wat grenzen opzoeken, 1200 euro loopt al in Amsterdam. Ik denk, nu het landelijk ook in een motie is verwoord, dat dat ook gewoon een veilige keuze is, daar kunnen we ook veilig mee verdergaan. Als de wetgeving anders wordt, dan passen we ons daarop natuurlijk aan, maar ik denk dat we dat gewoon goed kunnen invoeren. Maar ik denk niet dat wij de ruimte hebben om nu in Haarlem te zeggen: we gaan naar 3000 euro. Dat is echt, ik denk dat we dan echt wel … Nou, landelijk zegt natuurlijk ook 1200 euro, gaat ook niet hoger, dus ik denk niet dat we dat juridisch ook kunnen rechtvaardigen. Dus daar zit echt wel een verschil tussen. Ja, dat was volgens mij ook het laatste punt wat ik nog even goed moest beantwoorden. De voorzitter: U heeft nog een interruptie. Dank u wel, wethouder. Een interruptie van de heer Van Kessel, VVD. De heer Van Kessel: Dank u wel, voorzitter. Dat bespaart mij een tweede termijn. De voorzitter: U heeft nog tien seconden, mijnheer Van Kessel.

12

De heer Van Kessel: Ja, in de vorige vergadering heb ik mij ingehouden. Ik zal mijn vragen stellen. Die 1200 euro aan giften, daar lijkt het nu dan toch op in deze commissie dat daar een meerderheid voor te zien is dat die toegestaan wordt. Mijn vraag dan eigenlijk aan de wethouder is: ik ben bang dat er een prikkel ontstaat die eigenlijk mensen van het werk afhoudt, en mijn vraag is of hij bereid is om te onderzoeken ook bij dit beleid wat de invloed is op, ik zal maar zeggen, de werkgelegenheid en dus de kansen voor mensen om werk te vinden, of dat daar nog van invloed is, dus of dat nog negatieve gevolgen zou kunnen hebben. Het is mijn gevoel dat dat gaat gebeuren en mijn vraag is of hij bereid is om dat te onderzoeken. De voorzitter: Uw tijd is echt hiermee op en opgespaarde tijd van vorige vergaderingen tellen natuurlijk niet mee, die mogen niet meegenomen worden bij deze. Wethouder Roduner. Wethouder Roduner: Ik zag nog een vraag aan Van Kessel terugkomen, dus ik weet niet of dat nog eerst moet, voorzitter. Voor het debat, of … De voorzitter: Nou, normaal is het niet gewoonlijk om natuurlijk interrupties op interrupties te plegen. Wethouder Roduner: Nou ja, daar heeft u helemaal gelijk in, voorzitter. Nee, ik denk niet dat we dat met elkaar moeten gaan onderzoeken. Kijk, het gaat over 100 euro per maand, dus dat is niet veel.

Ik denk, als mensen gaan werken – en laten we hopen dat het minimumloon verhoogd wordt door het volgende kabinet – dan is de sprong in inkomen natuurlijk aanzienlijk meer. Dus dat is ook de maximale prikkel die we willen hebben. Ik denk ook dat we daar ook geen effect van gaan zien dat dat gaat inzakken, volgens mij is dat ook niet het beeld wat in Amsterdam leeft. Het gaat over 100 euro. Ik denk, niet iedereen zal hem krijgen, want niet iedereen heeft in zijn omgeving mensen die zomaar 1200 euro aan iemand kunnen geven, let wel. Dus het zal echt maar marginaal zijn, dat zie je natuurlijk ook nu al in de hoeveelheid mensen die eigenlijk iets van een bijdrage krijgen. Dus daar reken ik ook niet op en ik denk dat het een beetje overdreven is om dat allemaal te gaan onderzoeken in detail. De voorzitter: Dank u wel. Ik weet niet of er nog een iemand die nog tijd heeft kort voor een tweede termijn iets wil zeggen, anders gaan we dit punt afronden. Ik denk dat het wel duidelijk is wat de richting gaat worden en wat wij daar gaan doen. Dus als u dat wil, geef het even in de chat aan, alstublieft. Mevrouw Özogul-Özen: Ja, heel kort, voorzitter. O. De voorzitter: Ja, mevrouw Özogul, SP. Mevrouw Özogul-Özen: Ja, dank, voorzitter. Blij dat de wethouder inderdaad die 1200 gaat regelen.

Wij hopen dat zeer spoedig te zien wat ook daar de voorwaarden zijn en hopen dat het in ieder geval iets meer ruimte is voor bijstandsgerechtigden. Zoals Trots al zei, ja, het is al moeilijk en lastig. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Nou, dan zijn we aan het eind gekomen van dit punt en ook aan de vergadering. Trots heeft nog wel even gemeld dat ze twee amendementen willen aankondigen. Nou, dat zal ik dan maar gelijk nu even vertellen, anders hoort u het later pas. Maar dan weet u het alvast, er komen twee amendementen aan. Het voorstel gaat niet door naar de raad. De wethouder neemt de meerderheid van de commissie over, optie twee, 1200 euro. Daarmee zijn we aan het eind gekomen van deze vergadering. Ik dank u hartelijk en tot de volgende keer. En hou deze lijn zo vast, zou ik zeggen. Tot ziens. De heer Van Kessel: Ik had nog een punt van orde, voorzitter.

13

De voorzitter: O, ik zie nog … Wacht even, hoor. Peter van Kessel, de heer Van Kessel heeft nog een punt van orde. De heer Van Kessel: Ja, wel jammer dat ik een punt van orde aanvraag en het woord daar niet over krijg. Dat is een herhaling van zetten van de raadsvergadering waardoor we op een gegeven moment hebben gezegd: we willen niet doorvergaderen. Ik wilde eigenlijk een punt van orde maken, want mevrouw Verhagen kondigt twee amendementen aan en ik vraag me af in hoeverre je op een opinienota amendementen kunt indienen. Dus mijn vraag is dan eigenlijk: waar kunnen we die amendementen op verwachten? De voorzitter: Ja, dat is ook een beetje, daar ging ik even te snel overheen. Het is natuurlijk geen stuk wat naar de raad gaat, dus u kunt geen amendement indienen. U kunt natuurlijk wel moties vreemd indienen en dat zullen ze ook gaan doen waarschijnlijk. Ja, ik zie ook dat de heer Van den Raadt nu aangeeft dat het moties vreemd worden. Dus inderdaad, het worden moties vreemd. Goed punt, de heer Van Kessel. 4.

19.25 uur Sluiting De voorzitter: Nou, dank u wel, en tot de volgende keer. We gaan sluiten.

14

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12291019/1