CConstaterende datHaarlem
Koppel je AI →
Document · PDF

03-18 Transcript Commissie Bestuur

commissie Bestuur 18 maart 2021, gemeente Haarlem12.640 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

TRANSCRIPT VAN DE RAADSCIE BESTUUR VAN GEMEENTE HAARLEM d.d. 18 maart 2021

1.

Opening en mededelingen voorzitter De voorzitter: Goedenavond, leden van deze commissie. Ik heb een echo, ik vraag even of mijn griffie … Ja. Goedenavond, leden van deze commissie Bestuur. Het is vandaag 18 maart en we gaan weer vergaderen. Ook de mensen die thuis zitten te kijken: van harte welkom bij deze vergadering. Dit vindt digitaal plaats en de redenen daarvoor zijn duidelijk. We hebben afgesproken dat we pas weer fysiek gaan vergaderen op het moment dat de avondklok wordt opgeheven. U heeft uit efficiency-oogpunt het verzoek gekregen per agendapunt de woordvoerders aan te geven. We hebben hier lijsten van samengesteld, we zullen één voor één u het woord geven. Wilt u tussendoor nog het één en ander zeggen, dan kan dat uiteraard, maar dan moet u wel even de chatknop gebruiken en dan kunt het woord vragen voor een interruptie of een punt van de orde. Gebruikt u alstublieft alleen de chatfunctie voor die reden. U kunt de spreektijdenklok vastpinnen, inmiddels is bekend hoe dat werkt, dus dat ga ik niet helemaal uitleggen. Nog even een mededeling. Tijdens de afgelopen vergaderingen heeft Thessa van der Windt van D66 de volgende suggestie gedaan: “Voortaan zal er wanneer de raad wordt gevraagd om een zienswijze een nieuwe stijl worden gehanteerd als het gaat om het ophalen van een zienswijze van de commissie/raad op MRAstukken.

Zodra de stukken beschikbaar zijn worden fracties tegelijk met B&W in staat gesteld om desgewenst hun wensen en bedenkingen al voor de behandeling in de commissie kenbaar te maken. Deze worden gebundeld in een conceptzienswijze van de raad en samen met het collegevoorstel besproken in de commissie. De input van de fracties als ook het voorstel van het college wordt dan opgenomen in de definitieve zienswijze als er sprake is van een gedragen meerderheid. Uiteindelijk stelt de raad de zienswijze vast.” De vraag aan deze commissie is of dit een werkwijze is waar deze commissie mee instemt. Of willen zij de huidige werkwijze volgen, waarbij de door het college voorbereide conceptzienswijze wordt afgewacht en dan reacties van de fracties daarop kunnen worden gegeven? Mevrouw Van der Windt wil deze werkwijze breder trekken en ook voor stukken van gemeenschappelijke regelingen waar de raad wordt gevraagd wensen en bedenkingen te uiten, zoals bijvoorbeeld de begrotingen. De vraag dus: is dit wat de commissie ook wil? Dat toets ik nu even bij u, want als dat zo is dan moet het presidium dit gaan uitzoeken en zich daarover buigen. Dus ik wil nu even aan deze commissie vragen: wat vindt u van de werkwijze zoals voorgesteld? De nieuwe werkwijze wat betreft de zienswijze. Wie mag ik het woord geven? Allemaal eens in de chat? Prima, dan ga ik. Mevrouw …: Niet allemaal, maar wel veel.

De voorzitter: Hebben wij een meerderheid? Mevrouw …: Ja, dat denk ik wel, ja. De voorzitter: Ja, er is een meerderheid om dit te gaan onderzoeken. Dat gaan we dan ook doen in het presidium en dan wordt u daarover op een later tijdstip geïnformeerd. Zijn er nog mededelingen van commissieleden? Nee? We hebben ook geen mededelingen van wethouders. Mevrouw …: ‘…’ (buiten microfoon). De voorzitter: Van wie? Mevrouw …: ‘…’ (buiten microfoon). De voorzitter: O ja, wethouder Rog heeft een mededeling over Cocensus. Wethouder Rog, gaat uw gang.

Wethouder Rog: Voorzitter, dank u wel. Vrijdag 12 maart heeft er toch weer een bestuur van Cocensus vergaderd, 2 belangrijke onderwerpen waren de vaststelling van de jaarrekening 2020 en de begroting voor 2022. De jaarrekening sluit met een batensaldo van 227.000 euro. Dat voordeel zal worden gerestitueerd aan de gemeente, dus naar rato krijgen wij daar ons deel van. Voor wat betreft de bijdrage van Haarlem voor 2022, die zal dalen op grond van de begroting met 1,5 procent. Dat betekent dat wij weer 50.000 euro minder gaan uitgeven. Tot zover. De voorzitter: Dank u wel, wethouder. 2.

Mededelingen commissieleden en wethouder(s) De voorzitter: Dan gaan wij door met het vaststellen van de agenda. Voorafgaand aan deze vergadering heeft de coalitie, gesteund door de VVD en de SP, aangegeven dat zij agendapunten 4 en 5 willen doorschuiven naar een volgende vergadering. Voor agendapunt 4, denk ik, had zich een inspreker gemeld die hierover door de griffie is geïnformeerd. Dat klopt, toch? Ja. Dus als u akkoord gaat met deze agendawijziging en punt 4 en 5 worden op een later tijdstip behandeld. Dan gaan wij door met agendapunt 6 tot en met 8. Er hebben op deze agendapunten meerdere mensen aangegeven dat zij het woord hierop willen voeren. Gaat u akkoord met deze agendawijziging? Graag even een ‘ja’ of een ‘absoluut niet’ in de chat. Mevrouw …: ‘…’ (buiten microfoon). De voorzitter: Allemaal ja, prima.

3.

Vaststellen van de agenda De voorzitter: Dan ga ik even – en zo snel mogelijk doe ik dat, want het is een lange lijst – maar dan ga ik even snel de agenda van 8 april met u doornemen. Dan gaan we die 2 uitgestelde punten, punt 4 en 5 van vandaag, die gaan dan naar de volgende keer: ‘iZoof Carsharing’ en ‘Inventarisatie van de adviescommissies en vergoedingen’. Dan krijgen wij ‘Transitiestrategie MRA’. Dat is wel onder voorbehoud dat de collegereactie dan beschikbaar is. Fracties kunnen nu dus al hun zienswijze aan elkaar kenbaar maken. Dan krijgen we ‘Management letter Deloitte’, ‘Plan van aanpak diversiteit en inclusie’, ‘Onderzoek naar Joods vastgoed in Haarlem’, ‘Discussienota referendumverordening’. Dan krijgen we het initiatiefvoorstel ‘Burgerberaad’. Nu is het zo dat daar nog een stuk voor afgewacht moest worden, een onderzoek. Daar wacht de commissie op. Die zou op 17 maart, dat was gisteren, zou die beschikbaar zijn. Dus even een vraag aan de indieners, mevrouw Van der Windt, mijnheer Trompetter en mijnheer Van den Doel of wij inderdaad dus bij de volgende vergadering op 8 april dit stuk gaan behandelen? Is het onderzoek gereed en heeft u tijd genoeg om dat mee te nemen? Mevrouw Van der Windt: Ik voel me even aangesproken om te reageren. Ik heb het nog niet gezien. Het was inderdaad wel toegezegd dat het voor de 17e zou verschijnen, begin deze week was het er niet.

Maar ik heb de afgelopen dagen geen tijd gehad om daarnaar te kijken, dus ik zal dat zo meteen even doen en dan laat ik het u weten. De voorzitter: Een suggestie van de griffier is om het toch dan voor de zekerheid door te schuiven naar mei. Kunt u daarmee instemmen? Want er moet ook nog een reactie van de … Mevrouw …: ‘…’ (buiten microfoon). De voorzitter: Nee, ik hoor het graag van u, van de indieners. Nogmaals, mevrouw Van der Windt, mijnheer Trompetter en mijnheer Van den Doel. Akkoord? Dan zetten wij het voor mei op de agenda. Dat is

misschien maar beter ook, want dat moet wel behandeld te worden en onze agenda zit hutjemutje vol voor 8 april. Want ik was er nog niet, we gaan ook nog coronagerelateerde zaken doornemen. De actuele status van geheime raadstukken, dat is wel een beetje onder voorbehoud van aanlevering, de nota ‘Herziening verbonden partijen’. Ook dat is onder voorbehoud van aanlevering. En ‘Strategisch inkoopbeleid’ ook, dat is onder voorbehoud van aanlevering. Dus die hangen er nog een beetje onder. Mijnheer Rutten heeft een punt van de orde. Gaat uw gang. De heer Rutten: Voorzitter, dank u wel. We schuiven nu – ook met mijn steun – punt 4 en 5 door, maar voor de mensen die dit volgen is er geen enkele motivatie gegeven. Dus het lijkt me goed als daar even een motivatie bij vermeld wordt, waarom wij nu afzien van het behandelen van 4 en 5. De voorzitter: Prima. Wie voelt zich geroepen om hier een motivatie voor te geven? De heer Van den Doel: Met betrekking tot de iZoof wil ik wel dat doen. Het dossier wat is aangeleverd vertoont veel onduidelijkheden, het laat heel veel vragen nog open en de drie activiteiten worden tegelijkertijd behandeld en we zouden graag die uit elkaar trekken om op zichzelf te beoordelen, omdat we denken dat het van belang is om dat zo te doen.

Daar kunnen we ook nog alle vragen die er leven en alle informatie die we nog nodig hebben kunnen we daar nog opvragen en de wethouder – neem me niet kwalijk dat ik dat zeg nu al – heeft een technische sessie aangeboden om daar verduidelijking in te brengen. Dus daar wachten we graag op af. Dan kunnen we, denk ik, een veel beter oordeel geven over de zaak dan op dit moment. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Van den Doel. Ik neem aan dat dat agendapunt 4 betreft, iZoof Carsharing. De heer Van den Doel: Dat klopt. De voorzitter: En agendapunt 5, wie wil daar een motivatie voor geven? Mevrouw De Raadt: Dat wil ik wel doen, voorzitter, als het mag. De voorzitter: Graag, mevrouw De Raadt. Mevrouw De Raadt: Een beetje vergelijkbaar met waarom we het vorige agendapunt doorschuiven ook. Dit stuk bevat toch wel een heel aantal onduidelijkheden en een aantal fouten, zogezegd. Maar misschien eigenlijk nog wel belangrijker: dat wij het graag zien worden aangevuld met een voorstel voor wat betreft de commissieleden van de raadscommissies. Dat wordt nu in zijn geheel niet genoemd en de gemeentegriffier heeft ook al aangegeven hiermee aan de slag te willen. In het kader van de efficiëntie kunnen we het dan vervolgens in één keer bespreken. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw De Raadt en dank u wel, mijnheer Rutten, dat u ons erop wijst om even die argumentatie te verzorgen.

Ik neem aan dat wij nu verder kunnen met agendapunt 6? Overige punten ter bespreking 6.

21.40 uur Opsporing mensenhandel met gebruik van software (JW) De voorzitter: Dat is het onderwerp: Opsporing mensenhandel met het gebruik van software. Voor alle duidelijkheid: ik snap dat het op de loer ligt dat wij het inhoudelijk gaan hebben over mensenhandel. Dat is dus nadrukkelijk niet de bedoeling, we gaan het hebben hier over de software die de opsporing van mensenhandel mogelijk moet maken. Als eerste op mijn lijstje staat mijnheer Trompetter. Gaat uw gang.

De heer Trompetter: Dank u wel, voorzitter. Ik ben goed te verstaan, mag ik aannemen. Ik heb de vraag ook gesteld. Het CDA heeft ooit een raadsmarkt georganiseerd waarin software werd getoond, waarbij het mogelijk was om met algoritmes mensenhandel en risico’s daarop snel boven water te krijgen. Gezien wij beperkte handhavingscapaciteit hebben en we er nu niks meer van gehoord hebben lijkt het onze fractie zinnig om daar nog eens naar te kijken, hoe we het efficiënter kunnen inzetten om dit soort grote problemen als mensenhandel en illegale prostitutie op te lossen. Dank u. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Trompetter. Mevrouw Wisse. Mevrouw Wisse: Het spijt me, ik had geen woordvoering hier. Dank u. De voorzitter: Excuses daarvoor. Mijnheer Gün. De heer Gün: Dank u wel, voorzitter. Ik zal kort zijn: we sluiten ons aan bij de Actiepartij, net als we hebben gedaan bij de motie. Goed verwoord, mijnheer Trompetter. De voorzitter: U ook, mijnheer Gün, en lekker kort ook. Mijnheer Aynan, bent u aanwezig? Mijnheer IJsbrandij. De heer IJsbrandij: Ik heb hier niks aan toe te voegen. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer IJsbrandij. Mijnheer Smit. Mijnheer Smit, is u daar? Mevrouw Eckhard. Mevrouw Eckhard: Dank u, voorzitter. Ik ben het eens met mijnheer Trompetter, hij heeft het goed verwoord, daar staan wij achter. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Eckhard. Mevrouw Van der Windt.

Mevrouw Van der Windt: We zijn vrij unaniem. Ik wacht ook even het antwoord van de burgemeester af op de vraag van de heer Trompetter. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Van der Windt. Dan gaan wij nu door naar de burgemeester. Gaat uw gang. Burgemeester Wienen: Dank u wel. Eerder is al een keertje hierover gesproken en op zichzelf is de inzet van dit soort middelen om te zorgen voor een efficiëntere controle en opsporing van illegale activiteiten, met name rond mensenhandel, is zeer wenselijk. Ik heb al verteld dat wij daar ook regionaal mee bezig zijn, dus er is regionaal een soortgelijk instrument ontwikkeld en daar is aan het ministerie gevraagd om daar ook mee te financieren. Het ministerie heeft daar tot nog toe negatief op gereageerd, vooral omdat zij twijfels heeft over de mate waarin privacygevoelige zaken in dit soort instrumenten buiten beeld kunnen blijven. Dus ze zeggen: je loopt het risico dat we daardoor te veel dingen met de computer gaan onderzoeken en daardoor privacyschending zou kunnen plaatsvinden. Dat is een onderwerp wat ook in deze commissie al eerder besproken is rond andere software.

Dat is de reden waarom het in ieder geval tot nog toe nog niet functioneel is, maar we zijn erover aan het werk en we zijn in discussie met het ministerie om te kijken of het mogelijk is om te komen tot een toepassing waar geen twijfels zijn over de eventuele privacyschending. Maar de inzet van de regio is gelijk aan wat door de commissie wordt bepleit, namelijk: gebruik de middelen om zo efficiënt mogelijk op te sporen waar sprake is van mensenhandel en daar dan ook gericht op te handhaven en op te sporen. De voorzitter: Dank u wel, burgemeester. U heeft een interruptie van de heer Trompetter. Gaat uw gang, mijnheer Trompetter.

De heer Trompetter: Dank u wel, voorzitter. Ik vraag me toch af, ik kan me voorstellen dat bij sommige software er wel sprake kan zijn van privacyschending, maar in het voorbeeld wat toen is getoond gaat het niet om privacyschending, maar om een programma dat met een algoritme bekende en minder bekende sites afzoekt op het darkweb en het internet. Het lijkt me dat de belangen van de slachtoffers toch boven de privacy gaan. Ik zie dit verband in dit geval niet met deze. De voorzitter: Burgemeester. Burgemeester Wienen: Wij ook niet. Maar het ministerie nog wel. Dus die discussie die wordt nog gevoerd, maar ik ben het er helemaal mee eens. Ik denk, wat we aan het doen zijn is toch wel hele kwalijke praktijken opsporen met sophisticated apparatuur. Aan de andere kant: ik kan mij ook heel goed voorstellen dat als je niet uitkijkt dat je allerlei andere dingen ook mee haalt als je dat op het web opspoort. Daar wordt heel zorgvuldig naar gekeken en op zichzelf denk ik dat het goed is dat dat gebeurt. Ik weet trouwens dat dat web-IQ, waar indertijd een presentatie van geweest is, dat dat op een aantal gebieden al wordt toegepast.

De kosten daarvan zijn overigens ook niet gering, dat zou voor de gemeente Haarlem 20.000 euro betekenen en dat wat wij nu proberen te doen, dus het meegaan met een soortgelijk instrument wat aanzienlijk goedkoper is en waar ook externe financiering voor gevraagd is, dat zou efficiënter zijn omdat het voor de hele regio wordt ingezet, omdat het in samenwerking met de politie gebeurt en omdat het dan de toets van dat onderzoek doorstaan heeft. Maar volgens mij zijn we het wel echt helemaal eens. Ik wil hier ook voorkomen dat we de indruk zouden krijgen dat de raad zegt ‘doe dat nou’ en dat wij het niet willen. Wij willen het ook en het enige is dat wij nog bezig zijn met die discussie, maar de aanvraag is gedaan en ik hoop dat we daar toch een positieve reactie op krijgen. De voorzitter: Dank u wel. U heeft twee korte vervolgvragen. De eerste is van de heer Trompetter en daarna is de heer Gün aan de beurt. Gaat uw gang, mijnheer Trompetter. De heer Trompetter: Dank u wel, voorzitter. Ik denk dat 20.000 euro geen belemmering zou moeten zijn voor dit, zeker als je ziet hoe je daar efficiënter kan handhaven. Ik ben ook wel heel nieuwsgierig naar het voorstel wat nu beoordeeld wordt en of de commissie het voorstel kan krijgen wat nu beoordeeld wordt en hoe ver dat strekt.

En of de burgemeester zo snel als het ministerie reageert op het verzoek, of de commissie het ook kan toegestuurd krijgen. Dank u. De voorzitter: Mijnheer Gün. De heer Gün: Dank u wel, voorzitter. Burgemeester, dank voor uw antwoord. Ik ben in ieder geval blij dat u ook oog heeft voor de privacy in algemene zin, omdat je altijd wat meer ophaalt dan. Goed dat u ook het efficiëntievoordeel benoemt, zeker ook in regionaal verband optrekken, dat maakt dat we die kosten dan ook kunnen verdelen. De heer Trompetter heeft het zojuist al even aangestipt, maar kunt u ons in het vervolg nog even meenemen wanneer daar meer bekend is over wanneer het gebruikt gaat worden en hoe het dan wordt ingezet en welke waarborgen we dan hebben om te voorkomen dat we als een soort sleepnet allerlei informatie ophalen waar we, waar geen doelbinding mee … Nou ja, als er geen doelbinding in is dan moeten we het ook niet doen. De voorzitter: Burgemeester. Burgemeester Wienen: Ja, in de eerste plaats, ik zal aan de regionale commissie vragen om informatie om aan u te geven over het instrument wat zij aangevraagd hebben. Dat is 1. En 2, ik zal zeker, als wij nieuwe informatie van het ministerie krijgen u daarvan op de hoogte brengen. 3.

Wij willen inderdaad graag, want ik ben het op zich met de heer Trompetter eens: als je zo’n instrument, als dat heel veel meerwaarde biedt en het kost 20.000 euro, dan zij dat zo. Maar wij hebben in een motie van de raad, door u zelf ook mede

volgens mij ingebracht, is er juist aangedrongen: doe dit nou gezamenlijk in regionaal verband. Dat is precies wat er nu gebeurt en dat is uiteindelijk efficiënter dan wanneer we het alleen zouden doen. De voorzitter: Goed, ik hoor geen opmerkingen meer. Via de chat komt er ook niks binnen. Dan neem ik aan dat dit onderwerp voldoende is besproken. 7. 22.00 uur Vaststellen plan van aanpak ontwikkelgerichte organisatie (inclusief werkplan en capaciteitsplan (MR) De voorzitter: Gaan wij door naar het volgende onderwerp en dat betreft onderwerp 7, het vaststellen van het plan van aanpak ontwikkelgerichte organisatie. Dat is inclusief het werkplan en het capaciteitsplan. Even in het kort: ter uitvoering van de groeistrategie heeft het college besloten de formatie per direct uit te breiden met ruim 16 fte, de kosten van de formatieuitbreiding zijn ruim 2 miljoen euro in 2021 en 2022. Die worden dan gedekt uit de stelpost groei, uit de stelpost overhead en extra declarabelen. En verhaalbaar … De heer ...: ‘…’. De voorzitter: Gaat het? Wil iemand wat zeggen? Iemand verslikt zich, geloof ik. Nou, ik vergeef het u. Declarabele, verhaalbare geldstromen van ruim een miljoen en extra leges kapvergunning. Deze budgettair neutrale begrotingswijziging wordt verwerkt in de voortgangsrapportage van 2021. Ik mag mevrouw Wisse als eerste het woord geven. Gaat uw gang, mevrouw Wisse.

Mevrouw Wisse: Dank u wel, voorzitter. De PvdA juicht extra capaciteit om de groeiambities van deze bestuursperiode te verwezenlijken of zelfs te versnellen uiteraard van harte toe. We hopen dat het de gemeente zal lukken om de juiste mensen te vinden nu er meer gemeenten in dezelfde vijver vissen voor de beste projectmanagers, enzovoort. We hopen uiteraard dat de subsidieaanvraag bij de MRA, voor nog meer fte om de woningbouw te versnellen, zal slagen. Ik heb één vraag en die gaat over die subsidieaanvraag aan de wethouder. Is de aanvraag waar het college op 9 maart heeft besloten ook daadwerkelijk er al uitgestuurd? Wanneer verwacht de wethouder te horen of de subsidie aan HM kan worden toegekend? Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Wisse. Mijnheer Van den Doel. De heer Van den Doel: Dank u wel, voorzitter. Ook wij zijn op zich het er mee eens dat er meer mensen aangenomen moeten worden, maar we hebben wel een aantal vragen over dat stuk. Kunnen we ervan uitgaan dat de incidentele 3,9 fte’s ook echt tijdelijk zijn en dat die niet 4 jaar later nog op de rol staan? De moeilijkheid van expertise in te huren betekende dat de genoemde bedragen hoger uit kunnen vallen, omdat de mensen meer vraag hebben en wij daaraan moeten voldoen.

Hoe groot is dat risico? Waarom wordt 89.000 uit de WABO-leges kapvergunning gehaald? Ik zou veel liever zien dat het geld uit de kapvergunning naar bomen planten zou gaan, in plaats van dit. Hoe staat het in verhouding? Dat heb ik gezegd. Kunt u aangeven waarom deze vraag van extra fte’s nu opeens opkomt? Het lijkt me dat we dit al veel langer hadden kunnen weten. Wij vroegen ons af waarom het nu opeens op ons pad komt. We zullen ook dekking moeten vinden voor een deel uit algemene middelen en vanuit de groei. De groei is ook bedoeld voor voorzieningen, dus botst dat niet met elkaar? Als het uit algemene middelen moet komen, ten koste van wat gaat het? Want het sociale domein legt ook enorm veel claims op algemene middelen en ik zou het toch wel vervelend vinden als de sociale kant moet lijden omdat wij extra middelen voor groei van de stad in de zin van woningen zouden zien. Dat vind ik een moeilijke afweging en niet vanzelfsprekend. Kunt u mij daar iets meer over vertellen? Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Van den Doel. Mijnheer IJsbrandij.

De heer IJsbrandij: Dank u wel, voorzitter. Ik moet toch helaas het feestje een beetje verstoren. Het is zo dat we in Haarlem natuurlijk een planning & control-cyclus hebben, die via een aantal procedures tot stand komt. Uiteindelijk hebben we dan een begroting en wat we nu voor onze neus krijgen is een voorstel wat eigenlijk aantoont dat de begroting het papier nog niet waard is waarop het gedrukt is. Dat wil zeggen: volledig out of the blue komt er opeens een voorstel van het college om 17 fte’s uit te breiden, met een aankondiging dat er nog 17 bij moeten. Dus nog een subsidieaanvraag waardoor er misschien nog meer bijkomen. Er is eigenlijk één regel die ik begrijp in het hele stuk en dat is dat de ambities van dit college op gespannen voet staan met de ambtelijke capaciteit en kwaliteit. Dat is inderdaad een feit en dat is iets waar je dus ook rekening mee moet houden als je plannen maakt. Het idee dat je dan maar op elk moment van het jaar gewoon even kan zeggen: huppetee, laten we dan maar weer eens even 17 man bijzetten op een arbeidsmarkt die kennelijk ook nog moeizaam is, zodat je die mensen allemaal tegen flinke tarieven moet in gaan huren. Dat vinden we totaal onverantwoord beleid.

We willen dan ook eigenlijk vooral weten: wanneer is dit plan ontstaan? Is dit met de coalitie besproken? Is de coalitie hier ook volledig deelgenoot in geweest toen het tot stand kwam? Hoe kijkt ook de coalitie daartegenaan? We hebben al twee partijen gehoord, van de PvdA en GroenLinks, en die vonden het kennelijk allemaal prachtig. Maar goed, er zijn nog twee andere partijen die er ook iets van moet vinden. Waarom moet dit nu op stel en sprong besloten worden? We zitten over twee maanden over de kadernota te praten, dan kunnen we dat netjes integraal bespreken in een kadernota die natuurlijk nog wel wat andere uitdagingen ook bevat, zoals het sociaal domein waar de kosten ons over de schoenen lopen, we moeten nog een coronacrisis afwikkelen, we moeten nog zien dat we de cultuur en het lokale bedrijfsleven zien te herstarten in deze stad. Er zijn ook ambities rondom warmtenet Meerwijk en ga zo maar door. Er is werkelijk geen eind aan de noodzaken, maar ook aan de ambities van dit college. Maar het idee dat we een soort geldboom hebben – trouwens, die bomen gaan we omkappen, we moeten kennelijk meer bomen kappen, hoe meer geld we hebben om ambtenaren aan te nemen – dat is toch wel een hele interessante constructie die hier bedacht wordt. Dus we zijn hier bepaald niet gelukkig mee en verbazen ons zeer over dit voorstel. Dank u wel.

De voorzitter: Dank u wel, mijnheer IJsbrandij. Mijnheer Smit, bent u daar? Nee. Mevrouw Van der Windt, gaat uw gang. Mevrouw Van der Windt: Dank u wel, voorzitter. Ik heb die stukken eigenlijk een paar keer gelezen en ik moet heel eerlijk zeggen dat mij nog steeds niet helemaal duidelijk is wat er concreet staat. Het is wel duidelijk dat er behoefte is aan meer ambtenaren om bepaalde zaken aan te pakken die in het coalitieprogramma staan. Maar wat dat nou precies is en waarom dat nu zou moeten is wat onduidelijk. Het is ook niet helemaal duidelijk wat die ambtenaren nu concreet gaan doen. Er is toen gerept over mogelijke toekenning van gelden voor realisatie van Oostpoort en Zuid-West in februari 2021, maar ik mag toch aannemen dat het college inmiddels wel weet hoe die bal is gerold. Wij maken ons ook wat zorgen over het feit dat er afgelopen jaren zijn er al best wel veel ambtenaren aangenomen. In 2019 was dat volgens de jaarstukken 90 fte extra. Wat de cijfers in 2020 zijn, die heb ik even niet paraat, maar wij maken ons wel wat zorgen over de executiekracht. Haarlem is heel uitstekend in het maken van plannen, maar heeft uiteindelijk vaak niet voldoende geld om die plannen uit te voeren en dat maakt ons toch wat bezorgd om heel veel meer ambtenaren aan te nemen.

In de begroting 2021 is al voorzien in een uitbreiding en ik ben ook wel benieuwd om te weten: wat is er nou de afgelopen maanden gebeurd dat er nu ineens, boven op die uitbreiding van 2021, een onvoorziene extra uitbreiding nodig is? Verder constateer ik dat het geld wel uit alle hoeken en gaten bij elkaar wordt geschraapt. Ik ben ook wel benieuwd naar de reactie hoe de gemeente, of de gemeente dan nog hoeken en gaten heeft om andere tegenvallers of Covid-tegenvallers op te vangen. Hoe voorkomen we dat we nu in het begin van het jaar heel veel ruimte maken en heel veel ambtenaren benoemen voor het fysieke domein, waardoor we misschien later in het jaar in de problemen komen in het sociaal domein? Verder ben ik benieuwd: wat gaat er gebeuren als de benoemde schaarste – het wordt al gezegd, het wordt heel moeilijk om deze

mensen te vinden en ze zullen misschien ook wel duurder zijn – wat gaat er nou gebeuren als dat inderdaad zo is en hoe zeker is het dat deze ambtenaren hun eigen kosten kunnen terugverdienen? Want dat is wel begroot. Verder ben ik benieuwd hoe deze plannen passen in de organisatieontwikkeling van de gemeente Haarlem. D66 vraagt zich ook af wat deze uitbreiding voor gevolgen heeft voor de samenwerking met Zandvoort en het doorbelasten van een deel van de kosten. Uit de stukken lijkt het beeld te rijzen dat deze ambtenaren geoormerkt voor Haarlem gaan werken, maar het is inmiddels wel heel duidelijk dat er geen geoormerkte ambtenaren meer bestaan: het is één gezamenlijk ambtelijk apparaat. Hoe heeft het college gesproken met Zandvoort, hoe staat Zandvoort tegenover deze uitbreiding en de kosten die daarmee samenhangen? Tot slot ben ik wel benieuwd hoe het college aankijkt tegen deze plannen met het oog op de Roemernorm en het college-coalitieprogramma waarin staat dat die flexibele inzet zoveel mogelijk moet worden omgezet naar vaste inzet? Dat waren mijn vragen, dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Van der Windt. Mijnheer Trompetter, gaat uw gang. De heer Trompetter: Dank u wel, voorzitter. Er zijn al heel veel dingen gezegd, ik kan mij aansluiten bij de vorige spreekster van D66, ik heb die vragen ook allemaal.

Evenals bij GroenLinks, inderdaad: hoe kan het dat dat nu ineens moet? Ook bij Hart voor Haarlem als het gaat om de P&C-cyclus. We hebben al de beleidsrijke P&C-stukken, zoals de bestuursrapportages die we krijgen en nu krijgen we dit weer. Dan die bomenkap, er werd ook al gevraagd naar de gevolgen voor het sociale gebeuren. De vraag is heel relevant of dit ook minder externe inhuur betekent en hoe dit neerslaat op de andere onderdelen van gemeente Haarlem, die ook allemaal aandacht vragen. Dus ik ben heel nieuwsgierig naar de antwoorden. Dank u. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Trompetter. Mevrouw De Raadt. Mevrouw De Raadt: Dank u wel, voorzitter. Ook een aantal vragen van het CDA, want er lijken wat dingen door elkaar te lopen. Dus ik zou het graag even helder willen krijgen, in ieder geval voor mijzelf. Want bij de begroting hebben we inderdaad afspraken gemaakt over 15 fte extra, maar hetgeen wat we nu bespreken dat gaat over – als ik het goed heb begrepen – over 4,5 formatieplaats vanuit die 15 fte, vanuit de begroting. Maar dan wel opgeplust met nog eens 12 fte. Ik denk dat dat ook de verwarring verklaart, in ieder geval als ik daar gelijk in heb, dat zou die bij mij verklaren. Dus dat meteen als eerste vraag: klopt dit? Klopt het dan dus ook dat we op een later moment nog een besluit c.q.

voorstel gaan krijgen over die overige 11 fte, wat we dus bij de begroting hebben afgesproken, waarin onder andere die 3 fte voor het sociaal domein staan, et cetera? Goed, dan even terug naar die 16,5 waar we vandaag over spreken. Hiervan gaat het overgrote gedeelte naar woningbouw, naar de Omgevingswet, dat is allemaal structureel. Er gaat nog een heel aantal fte naar parkeerregulering, naar een nieuw parkeersysteem. Dan als klap op de vuurpijl een hele halve fte naar Economie. Voorzitter, betekent dit niet dat onze toch al dramatische woonwerkbalans – anders kan ik hem niet omschrijven – verder zal verslechteren? Want we gaan dus wel 10.000 extra huizen toevoegen, we gaan dus wel 25.000 extra mensen toevoegen, maar we gaan geen geld uittrekken voor het creëren van arbeidsplekken. Want het mag toch duidelijk zijn: daar moeten we echt actief op sturen. Vooral omdat we weten – en daar heb ik ook bij de begroting en de kadernota meermaals aandacht voor gevraagd – vooral omdat we weten dat de huidige bezetting van onze afdeling Economie al ver onder het minimum zit. Dus niet onder het gemiddelde, nee, onder het minimum. Het minimum wat we eigenlijk nodig hebben om onze woon-werkbalans in stand te houden. Structureel komen we al 2 fte tekort. Dat is natuurlijk allemaal een keuze en het zijn allemaal politieke keuzes. Ik begrijp ook: wij hebben niet meer bereikt.

Maar dan verwacht ik ook niet van het college dat ze vervolgens wel opschrijven dat het doel is om de woon-werkratio te verbeteren. Terwijl we allemaal weten dat dat met een halve fte niet gaat gebeuren. Met die halve fte kunnen we niet eens de status quo in stand houden. Dus om dan maar even de vraag van Hart voor Haarlem te beantwoorden: nee, het CDA is niet zo tevreden als de PvdA en GroenLinks. Tot zover, voorzitter.

De voorzitter: Dank u wel, mevrouw De Raadt. Mijnheer Slik, gaat uw gang. De heer Slik: Dank u, voorzitter. Gebruikelijk zit ik in de commissie Ontwikkeling en daar vragen we altijd: is er voldoende formatie voor al onze plannen die gewoon nodig zijn voor de stad? Dan zou ik als ChristenUnie wel gek zijn om nu te zeggen: dit vinden wij geen goed idee. Kijk, het is een budgettair neutrale begrotingswijziging. Dat is natuurlijk een beetje flauw, want je moet wel verschuivingen maken. We zijn het ermee eens dat die kapvergunningen van 89.000 euro een beetje een kromme aanvulling zijn van: het kan blijkbaar nog niet helemaal neutraal uit. Maar het college is te prijzen om de moed om dat gewoon nu mogelijk te maken voor de ontwikkeling van de woningbouw in Haarlem. Als daar een subsidieaanvraag voor is om een groot deel van de kosten te dekken dan zeggen we: doen. Graag zouden we wel van het college willen weten: hoe groot is de slagingskans van deze subsidieaanvraag? Maar we zeggen voornamelijk: doen. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Slik. Mijnheer Rutten, gaat uw gang. De heer Rutten: Voorzitter, dank u wel. Eigenlijk is het meeste wat ik erover kwijt wilde wel gezegd. Mijnheer IJsbrandij heeft het goed verwoord, mevrouw De Raadt ook van het CDA. Wij delen ook die kritische noten daarbij en eigenlijk begrijpen we er geen bal van waarom dit nu ineens komt.

Als ik het oneerbiedig zeg komt het op als poepen en ligt daar ineens 17 fte. Wat mij echt van het hart moet – en mevrouw Van der Windt die geeft ook aan dat ze het meerdere keren heeft moeten lezen – college, 3 portefeuillehouders zijn hierbij betrokken. Hoe durft u zo’n ongelooflijk moeilijk leesbaar ingewikkeld stuk naar de commissie te sturen? Het is voor de burgers niet te volgen, het is voor raadsleden al niet te volgen, de teksten die daar gebezigd worden over dat aanpappen et cetera, u had dit niet zo mogen sturen. Ik bedank er verder voor als u dit soort dingen nog een keertje heeft, dan ga ik daar op een andere manier mee om, maar dan ga ik het bij de griffie aangeven, dat we een leesbare versie willen. Het is gewoon niet te begrijpen. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Rutten. Mevrouw Eckhard, gaat uw gang. Mevrouw Eckhard: Dank u, voorzitter. Wat een bijzonder plan van aanpak, het is onbegrijpelijk. U vraagt geld voor 16,5 fte die nodig is om plannen uit 2018 uit te voeren. Op zich steun ik uw plannen wel, maar waarom heeft u daar in 2018 dit geld niet begroot? Dan had u in de afgelopen 3 jaar al aan de slag gekund met deze ambities. Gaat het nu met deze 16,5 fte wel lukken om meer huizen enzovoort, enzovoort, enzovoort te krijgen? Daarnaast maak ik toch wel bezwaar over de kleine ton die u haalt uit de opbrengsten van de leges kapvergunningen.

Die opbrengst zou ik liever besteden aan meer groen in de stad en dan gewoon de leges verdriedubbelen, dan wordt er ook minder gekapt. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Eckhard. Mijnheer Van den Raadt, gaat uw gang. De heer Van den Raadt: Voorzitter, dank u wel. Met dit stuk lijkt het voor Trots Haarlem dat we meer een inzicht krijgen in wanbeleid, het is inderdaad niet leesbaar. Wij vragen ons af: waarom gaan we dit niet in de kadernota bespreken, zoals de heer IJsbrandij ook al heeft gezegd? Dat lijkt me inderdaad heel verstandig. Opmerkelijk dat er dan plotseling weer geld nodig is voor uitbreiding, fte. Ten eerste kun je je afvragen: moet je wel zo willen groeien dat je dat allemaal nodig hebt? En waar Trots Haarlem het al 80 jaar over heeft gehad is: als we dan groeien, groeit dan de handhaving en de wijkagent ook mee? Krijgen we daar dan over 2 maanden ook nog een aanvraag voor, voor 17 fte? Of hoe gaat dat, blijft dit gewoon zo gaan of gaan we het gewoon volgens de regels doen en gewoon vaste momenten en niet zo’n beetje tussendoor? Dank u wel. O nee, nog een slotvraag, voorzitter. Er wordt dan hier gekozen voor 89.000 euro uit de kapvergunningen, waarom is er niet voor gekozen om die parkeertarieven gewoon naar 10 euro te verhogen, zodat je helemaal je ‘…’ pakt? Dank u wel.

De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Van den Raadt. Dan is nu het woord aan de wethouder. Gaat uw gang. De heer Rog: Voorzitter, dank u wel. Ik zal een eerste beantwoording geven, de collega Roduner zal straks ingaan op een aantal van de ontwikkelgebieden en de woon-werkbalans en wat andere punten. Waar het om gaat, de vraag die we hier vanavond bespreken – het besluit wat het college heeft genomen – is een besluit wat kostenneutraal is. Dus binnen de begroting die we hebben schuiven we inderdaad met een aantal budgetten. Een aantal van uw leden geeft aan: welke risico’s lopen we dan bij het sociaal domein? Maar wij doen dit nu binnen het fysiek domein, dus hier maken we de keuze om geld op een andere manier in te zetten. Eigenlijk deels ook meer geld te maken, de koek dus te vergroten om uiteindelijk meer te kunnen doen, de ambities die wij in Duurzaam Doen hebben vastgelegd ook daadwerkelijk te realiseren. Wat wij willen is die organisatie meer ontwikkelgericht maken, professionaliseren, betere prioriteiten te kunnen stellen, samen te kunnen werken en uiteindelijk dus ook ontwikkelaars mee te laten betalen voor de bijdrage aan de voorzieningen die we dus in die ontwikkelgebieden realiseren. Een groot deel is daarvan declarabel, dus dat betekent dat de nieuwe mensen die we aannemen dus inderdaad zichzelf terugverdienen of we verhalen het op de ontwikkelaars.

Daarnaast zijn er dus een aantal stelposten, de stelpost groei, een deel gaat dus niet naar de reservegroei, maar wordt hiervoor ingezet. Stelpost overhead en zoals inderdaad een aantal van u noemden de leges. We maken de kapvergunning dus inderdaad volledig, die gaan we dus maximaal kostendekkend maken en dat geld hier dus ook inzetten. We doen dit voor de ambities die wij dus hebben vastgelegd en dit is niet iets wat we kunnen uit ruilen tussen fysiek en sociaal domein. Daar zijn toch een aantal collega’s die daar – een aantal van uw leden – die die link leggen, maar die is er dus niet. Wat er verder is gezegd, Hart voor Haarlem heeft het dus inderdaad over de planning & control-cyclus en de begroting, maar ik geef dus aan: wij blijven dus binnen de begroting. We schuiven alleen in die begroting en uiteindelijk vergt ook dit natuurlijk in die voortgangsrapportage besluitvorming van de raad. Dus in die zin blijven we binnen de kaders van de cyclus en van de begroting. Ik kijk even … De voorzitter: U heeft een interruptie van … De heer Rog: U bent van de orde, maar ik zag het inderdaad, ja. De voorzitter: Dank u wel voor het mede op letten, mijnheer Rog. We zoeken het even uit. Wie heeft er een interruptie? Mijnheer IJsbrandij, gaat uw gang. De heer IJsbrandij: Dank u wel. U zegt: we blijven binnen de begroting, maar dat is natuurlijk een interessante.

Ik bedoel, in feite heb je met kosten en baten te maken en het enige wat je zeker weet is dat je de kosten gaat maken en of je de baten gaat realiseren die uiteindelijk dan weer voor het evenwicht moeten zorgen, dat is natuurlijk altijd van de markt afhankelijk. Ik heb in mijn lange carrière wel geleerd dat je natuurlijk dat niet op één hoop mag gooien en zeggen: het is allemaal kostenneutraal, want die omzet komt vanzelf en dat gaat zichzelf terugverdienen. Dat is natuurlijk echt een soort windhandel die daar dan plaatsvindt. U weet dat ontwikkelaars, die kunnen bouwen waar ze willen op dit moment in Nederland en elke gemeente die dus een extra belemmering of extra kosten gaat opvoeren om het ze moeilijker te maken, dan zullen ze zeggen: dan gaan we wel een gemeente verderop onze plannen realiseren. Dus zo vanzelfsprekend, dat al die bouwers en ontwikkelaars in de rij staan om die plannen in Haarlem te realiseren en daar de kosten voor te betalen die wij dan kennelijk nodig hebben om onze kosten te dekken, zo zeker is dat allemaal niet. Ook qua tempo, wanneer komen die kosten dan binnen en wanneer moeten we die uitgaven al maken? Die uitgaven moeten we vanaf morgen maken, want u neemt vanaf morgen nieuwe ambtenaren aan. Wanneer we die rekeningen en die facturen kunnen sturen aan de ontwikkelaars, dat is nog echt ruim in de toekomst.

Dus ook, laat ik zeggen in de timing van wanneer wat gebeurt kunt u natuurlijk niet met droge ogen beweren dat dit een neutrale operatie is op een lopende begroting. Dank u wel.

De voorzitter: Dank u wel. Wethouder, gaat uw gang. De heer Rog: Waar het hier om gaat is natuurlijk dat we meer werk realiseren door dus inderdaad, want we kunnen ook zeggen: we gaan de kosten beheersen, we gaan minder projecten doen. Maar wij willen dus juist meer projecten doen. Ik denk dat dit misschien een punt is dat de heer Roduner, mijn collegawethouder Roduner, iets kan zeggen over die ontwikkelingszones. Misschien, voorzitter, wil hij die gelegenheid te baat nemen. De voorzitter: Ja. Mijnheer Van den Raadt? U heeft een hele korte interruptie. Dat is inderdaad … De heer Van den Raadt: Nee, voorzitter … De voorzitter: O, daar bent u. De heer Van den Raadt: Voorzitter, dat sloeg op die vorige interruptie. Ik heb zelf geen interruptie, pardon voor de verwarring. De voorzitter: Heel verwarrend. Mevrouw Van der Windt, gaat uw gang. Mevrouw Van der Windt: Ik heb wel een echte interruptie. Ik vind het heel mooi, mijnheer Rog, dat u zegt: de heer Roduner kan op de inhoud ingaan. Maar de heer IJsbrandij stelt u een uitstekende vraag over de financiële afwikkeling en het doorschuiven van kosten. Daar zou ik eigenlijk graag uw antwoord op willen hebben. Kunt u de vragen van de heer IJsbrandij wel beantwoorden? De voorzitter: Dank u wel. Wethouder, u heeft ook nog een interruptie van mevrouw De Raadt. En nog een interruptie? Nee, van mevrouw De Raadt. Gaat uw gang.

Mevrouw De Raadt: Dank u wel, voorzitter. Ik had nog 2 vragen, specifiek voor de heer Rog. Want klopt het dus dat we nog een apart voorstel gaan krijgen voor 11 fte? Dat is mijn eerste vraag. Mijn tweede vraag was, die nog was blijven liggen, dat is ook een beetje in lijn van de anderen: waar komt deze 12 extra fte nou precies vandaan en waarom is de raad daar niet vooraf over geconsulteerd? Die 2 vragen nog. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw De Raadt. Wethouder. O, u heeft nog een interruptie van de heer Trompetter. Als u meeschrijft dan sta ik het nog even toe. Mijnheer Trompetter, gaat uw gang. De heer Trompetter: Dank u wel, voorzitter. Ook in lijn van die eerder gestelde vragen: volgens mij is bij de begroting gezegd dat er niet extra fte meer bij zouden komen. Het antwoord op de vraag of het nou minder externe inhuur betekent is ook nog niet gegeven, dus ik ben wel heel erg nieuwsgierig naar, nogmaals, wat het maakt dat het nu allemaal zo in één keer moet. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Trompetter. Wethouder Rog. Wethouder Rog: Wat in de beantwoording van de technische vragen van OPHaarlem hebben we inderdaad al aangegeven welke vacatures we openstellen en dat die dus inderdaad ook declarabel zijn of bijdragen aan het kostenverhaal, er is een heel staatje van de planeconoom, de planner, de procesmanager, et cetera.

Dus op die manier weten we: ja, natuurlijk, de kosten gaan voor de baten uit, dat is waar. We zullen deze mensen moeten aannemen om vervolgens dus in deze projecten aan het werk te zetten en zich terug te laten verdienen. Dat is wel de enige manier waarop wij ook feitelijk nu de groeiambities die wij hebben kunnen realiseren. Dus dit is gewoon het antwoord op die vraag. Het CDA vraagt dan: zijn we er dan of komen er nog ‘…’ bij? Nee, wat we in dat stuk hebben aangegeven is dat er dus in de kadernota, dit is nu binnen de begroting schuiven we inderdaad, maken we andere keuzes om uiteindelijk die groei te kunnen

realiseren. Die kadernota zal er betrokken worden in het geheel van afwegingen een voorstel die verband houdt – waar mijn collega Roduner het straks over zal hebben – rond de groei, rond de ontwikkelzones. Dan vraagt de Actiepartij, daar heb ik alleen even niet genoteerd wat de laatste vraag was. De voorzitter: Dan is er nog een vervolgvraag van de heer Trompetter. Mijnheer Trompetter, gaat uw gang De heer Trompetter: Dank u wel, voorzitter. Er is ook nog een vraag van mij niet beantwoord: wat betekent dit voor de externe inhuur? De vraag is volgens mij nog niet zo heel goed beantwoord, wat nou maakt dat bij de begroting werd gezegd: er komen geen extra mensen bij. Want die komen er nu wel bij. Dan meteen maar de vraag, misschien is het wel iets voor de tweede termijn: lopen we niet uit de pas als gemeente Haarlem qua aantal ambtenaren op basis van inwoneraantal. Dank u. Wethouder Rog: De heer Trompetter vraagt voor de begrotingsbehandeling een kennelijke toezegging dat er geen fte’s bijkomen. Ik kan daar nu niet op in, dat weet ik niet. Wat wij nu zeggen is dat we, willen we de ambities waarmaken, die uitbreiding dus wel nodig hebben. Ik weet dat er in ieder geval een amendement is geweest wat het niet heeft gehaald om juist te bezuinigen op de ambtenarencapaciteit. De voorzitter: Dank u wel.

Is er nog behoefte aan een tweede termijn? Wethouder Roduner: Voorzitter? Wethouder Rog: O ja, de heer Roduner heeft een aantal ‘…’. De voorzitter: Ho, nu ben ik in verwarring. Mijnheer Roduner, u wilde nog wat zeggen? Wethouder Roduner: Ja, dank u wel, voorzitter. Want het is een voorstel vanuit meerdere portefeuillehouders vanuit het fysiek domein. Het kan denk ik ook toch niet echt een verrassing zijn voor de commissie dat we dat gesprek met elkaar hebben. Bij één van mijn eerste commissievergaderingen bij de commissie Ontwikkeling heeft D66 aandacht gevraagd voor wat mevrouw Van der Windt nu de executiekracht noemt van de organisatie. Heeft de gemeente Haarlem wel voldoende ambtenaren, voldoende medewerkers in dienst om die ambities, die opgaven die we met elkaar hebben binnen het fysieke domein, of het nou gaat over klimaatadaptatie of het bouwen van 4000 woningen, te realiseren? Bij de kadernota 2019 hebben we volgens mij een uitvoerig gesprek gehad met elkaar over de enorme capaciteitsclaim die daar ook lag. Een grote capaciteitsclaim vanuit het college waar we zeiden: als we die ambities allemaal willen waarmaken dan moet er echt substantieel geld bij de organisatie. Daar hebben wij uiteindelijk ook een bedrag voor gereserveerd, voor 2 miljoen. Maar dat was nog niet het totale bedrag wat we eerder met elkaar besproken hebben.

Dat bedrag hebben we uiteindelijk gereserveerd en overeind gehouden, ondanks het feit dat er een aantal bezuinigingen gerealiseerd moesten worden binnen onze begroting. Hebben we overeind weten te houden omdat we dat heel belangrijk vonden met elkaar, om te investeren in de organisatie, om te zorgen dat we de groei die we gaan doormaken op een kwalitatief hoogwaardige en goede manier doen. Dat bedrag is uitgegeven, die 2 miljoen. Maar nogmaals: daarmee was het probleem nog niet opgelost. Het goede nieuws is dat sinds de begroting we ook weer verder zijn in het fysiek domein, zowel qua analyse over de werkwijze van binnen het fysiek domein: hoe kunnen we het beste en het meest doelmatig organiseren? Maar we zijn ook de toekenning van de impulsaanvraag verder. Een impulsaanvraag die ons zekerheid geeft dat die baten die we hier ramen, dus de baten van het kostenverhaal, dat die binnenkomen. Waarom? Omdat we het geld gewoon op onze bankrekening hebben staan en dat maakt die zekerheid, in ieder geval voor dit project, de komende jaren heel sterk en dat geeft ook vertrouwen om te kunnen investeren in de organisatie, omdat je zeker weet dat er een heel groot deel van die kosten binnen kan halen middels het kostenverhaal. Je kunt ook de leges verhogen, zodat je uiteindelijk de kapvergunningen kostendekkender maken.

Maar dat kostenverhaal, volgens mij heeft de wethouder Rog het wel gezegd: je kunt dat niet zomaar op andere dingen inzetten. Ik ben ook wethouder

in het sociaal domein, ik zou ook graag zien dat daar nog wat geïnvesteerd wordt in de organisatie, maar ik weet ook dat de WABO-leges, het kostenverhaal in het fysiek domein, dat ik die niet kan inzetten om medewerkers Werk en Inkomen aan te nemen. Dus dat is wel de beperking waar we in zitten. Ik denk dat het goed is dat we breed hebben gekeken en zo creatief mogelijk hebben gezocht: wat kunnen we allemaal maximaal hier nog bij doen? Dus ik denk dat dat goed is, want daardoor hebben we misschien – mevrouw De Raadt heeft dat eerder al aangegeven – te weinig. Maar we hebben daardoor wel iets extra’s kunnen doen op het gebied van economie en anders hadden we dat helemaal niet kunnen doen. We kunnen nu scherper inzetten op een nog beter kostenverhaal, meer planeconomen. Ik denk dat uiteindelijk die waarde zich ook gewoon gaat realiseren en dat we dat gewoon gaan terugzien. Het meest direct zie je dat dus al terug in het binnenhalen van die impulsaanvraag, die ook ons soms dwingt om nu extra te investeren in de organisatie, omdat we moeten versnellen, omdat we moeten leveren.

Maar ook dat je dus ziet dat zo’n subsidieaanvraag – en wij hebben hem formeel nog niet toegekend gekregen, maar informeel hebben we al gehoord dat we hem wel gaan krijgen – dat dat uiteindelijk ook onmiddellijke resultaten oplevert en ook weer een extra bijdrage levert aan de kosten die wij maken binnen de organisatie, waardoor er ook verlichting komt en waardoor we uiteindelijk ook allemaal goed kunnen werken aan een goede en hoogwaardige ontwikkeling van onze stad. De voorzitter: Dank u wel. Wethouder Roduner: Dat was volgens mij nog even wat er lag, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel, wethouder Roduner. U heeft een, ik denk dat u een interruptie heeft van de heer Van den Raadt. Mijnheer Van den Raadt, gaat uw gang. De heer Van den Raadt: Dank u wel, voorzitter. Op de heer Roduner. U zegt namelijk daarnet: we hebben ook die impulsaanvraag-subsidie binnengekregen, dus daarom moeten we nu wel gaan investeren. Maar was u niet zo slim om dan, als u die impuls-aanvraagsubsidie deed, om er rekening mee te houden dat dat dan ook meer capaciteit van de ambtenaren vraagt en dat dan al verwerken in die subsidie? Of komt dat dan later als verrassing? Wethouder Roduner: Nee, dat … Sorry voorzitter, ik beantwoordde hem gelijk. De voorzitter: Mijnheer Roduner, gaat uw gang. Wethouder Roduner: Dat zit in de subsidie.

Dus het kostenverhaal, het aanzetten van ambtenaren zit verwerkt in de totale businesscase van de 2 impulsaanvragen. We hebben er nu 6. De onrendabele toppen daarvan die kunnen we voor 50 procent verhalen bij het Rijk. Dus van de onrendabele top hebben we nu vanuit het Rijk een miljoen of 16 binnen, dus dat was 32 totaal. In dat hele bedrag – en daar ligt dus nog een hele businesscase onder – maar in dat hele bedrag ligt dus ook het verhalen van kosten. Nu we weten dat we die subsidie binnen hebben weet je dat je de businesscase kunt maken, weet je dat je kosten kan gaan maken uit de businesscase en weet je dus dat je die mensen aan kan nemen. Hadden wij die 2 subsidies niet binnengehaald, hadden we een ander gesprek met elkaar gehad. Hadden we andere ambities in Haarlem moeten neerleggen over de groei, hadden we denk ik ook kritischer moeten kijken: moeten we dan mensen aannemen als die groei niet gaat komen? Maar nu je ziet dat dat loopt, dat dat vliegwiel is gaan draaien biedt dat een hele positieve kans om te investeren in de organisatie. De voorzitter: Dank u wel. U heeft nog een interruptie van de heer IJsbrandij. Mijnheer IJsbrandij, gaat uw gang. De heer IJsbrandij: Dank u wel, voorzitter. Mijnheer Roduner, ik zit niet in de commissie Ontwikkeling, dus misschien heb ik iets gemist wat daar wel behandeld is. U noemt een aantal keren businesscases die aan

de ontwikkelvisies ten grondslag liggen. Ik kan me wel herinneren dat ik een tijd geleden al om businesscases gevraagd heb in het kader van de groeiambities van de stad. Toen bleek het allemaal heel moeilijk en lastig en ingewikkeld om dat te maken. Nu begrijp ik dat dat toch businesscases zijn over die diverse ontwikkelambities. Ik zou wel geïnteresseerd zijn om die te zien, zijn die beschikbaar of zijn die al in de commissie Ontwikkeling besproken of hoe zit dat? Wethouder Roduner: Die … Excuus voorzitter, ik ga af en toe een beetje voor mijn beurt. Dus om het woord te krijgen. Maar de raad heeft ze met de cofinanciering vastgesteld op basis van die businesscase en afgelopen college. Dus dat gaat voor de gebiedsontwikkelingen in de Europaweg-zone en de gebiedsontwikkeling nu in Zuid-West. Afgelopen dinsdag hebben wij in het college ook onder geheimhouding de goedgekeurde aanvraag vastgesteld, waarin we dat bedrag krijgen toegewezen en ook waarin onder andere wordt gezegd welke onrendabele toppen het Rijk verwacht dat wij daarmee dekken. De heer IJsbrandij: Maar het is dus geen informatie die de raad heeft? De voorzitter: Mijnheer IJsbrandij, u heeft nog een interruptie? De heer IJsbrandij: Ja pardon, ik sprak voor mijn beurt. De voorzitter: Ja, u sprak voor uw beurt en daarbij heb ik nog meer slecht nieuws voor u, want uw spreektijd is namelijk op.

Dus ik sta u toe nog deze vraag af te maken en daarna geef ik het woord aan de heer Trompetter, die dan ook nog een interruptie heeft op de heer Roduner. Dus gaat uw gang, mijnheer IJsbrandij. De heer IJsbrandij: Nee, ik bedoel, ik vroeg of die businesscases dus kennelijk geheim zijn en niet voor de raad beschikbaar. De voorzitter: Uw vraag is duidelijk. Mijnheer Trompetter. De heer Trompetter: Dank u wel, voorzitter. Ik heb nog een vraag gesteld die nog niet beantwoord is. Betekent dit iets voor het verminderen van de externe inhuur als we, zeg maar, mensen vast aannemen. Dat zou nog een argument kunnen zijn wat enigszins voor zou kunnen pleiten. De voorzitter: Wethouder Roduner. Wethouder Roduner: Ja, goed punt, dat waren we inderdaad vergeten. Maar dat klopt, het feit dat we nu weten dat we voor de komende jaren werk hebben, om het even heel concreet te maken. Wij weten dat we de komende jaren moeten werken aan die woningbouwproductie, verhaalbare kosten maken. Dat heeft er ook toe geleid dat we hebben besloten dat een groter deel van de formatie van flexibel naar vast wordt omgezet. Dus je weet dat je werk hebt, dus dan kun je ook wat veiliger mensen aannemen. De ontwikkeling is erg conjunctuurgevoelig, ik denk dat dat wel iets is om wel met elkaar te realiseren. Er zijn periodes geweest in Haarlem dat we één project hadden en nu hebben we er bijna honderd.

Dus zo snel kan het gaan in een tijdsbestek van een jaar of vijf. Maar goed, we hebben nu in ieder geval voor de komende jaren werk, dus wij hebben die omzetting ook gemaakt en dat draagt bij aan het terugdringen van de flexibele schil. Die businesscase, de eindresultaten zitten gewoon in de begroting. De raad is volgens mij best uitvoerig meegenomen in die businesscases middels technische sessies. Er zijn namelijk ook een aantal optimalisaties in die zones gemaakt. Alles is in ieder geval geheim, maar goed, voor de raad is natuurlijk onder geheimhouding heel veel in te zien. Maar de raad is volgens mij – dat is dan via commissie Ontwikkeling gegaan – vrij uitgebreid meegenomen in het rekenmodel dat ten grondslag lag aan het indienen van die impulsaanvragen. Voor Oostpoort hebben we er nog eentje liggen, daar is de onrendabele top geloof ik een miljoen of zeven en die hopen we dan ook nog binnen te halen binnenkort.

De voorzitter: Dank u wel. Zijn er verder geen opmerkingen meer, geen vragen? Nee? Dan gaan wij door naar het laatste onderwerp van … Mevrouw …: ‘…’ (buiten microfoon). De voorzitter: O, mevrouw De Raadt, u heeft nog een interruptie? Mevrouw De Raadt: Ja, volgens mij was mevrouw Van der Windt eerst, die had nog een aantal onbeantwoorde vragen. De voorzitter: Dan gaan wij naar de tweede termijn. Mevrouw De Raadt, u mag zo starten. Daarna is de heer Van den Raadt aan de beurt. Zijn er verder nog mensen die een tweede termijn wensen? Mijnheer Rutten, u krijgt het woord, dus in die volgorde. Mevrouw De Raadt, mijnheer Van den Raadt en mijnheer Rutten. Gaat uw gang. Mevrouw De Raadt: Oké, ik als eerste. Ja, dank u wel, voorzitter. In de inleiding van dit stuk staat dus dat het college de ambitie heeft om de woon-werkbalans te verbeteren. Alleen ze weten ook, zoals ik ook al aangegeven heb in mijn eerste termijn, dat we nu al onder het minimum zitten om de status quo eigenlijk te behouden. Dus hoe ziet het college dit precies voor zich? Om dan met een halve fte toch die woonwerkbalans te gaan verbeteren? Kan de heer Roduner daar nog even op ingaan? De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Van den Raadt.

De heer Van den Raadt: Voorzitter, ik had in de eerste termijn gevraagd of als we dan nu gaan groeien, of er dan ook nog de verwachting is dat we dan stukken krijgen voor bijvoorbeeld de uitbreiding van handhaving en andere zaken, wijkagenten, die samenhangen met de uitbreiding van de stad. Mijn tweede vraag is of iemand besluitpunt 1 kan uitleggen, wat daar precies staat. Inderdaad, wat mijnheer Rutten al zei: het is inderdaad vrij onbegrijpelijk geschreven. Er staat: “Het bestuurlijke ambitieniveau wordt nader geprioriteerd.” Dat krijgen we dus nog te horen, of is dat nu wat we in het stuk lezen? Want dat is namelijk een beetje onduidelijk voor mij. Er staat dat er inderdaad die 16,57 fte nu wordt ingevoerd en naderhand nog 16,58 fte. Wanneer krijgen we dat te horen? Als u nu zegt: we gaan dit nu invoeren en dat verdient zich vanzelf wel weer terug. Dat is dan de verwachting. Wanneer wordt de peildatum, of dat ook werkelijk gebeurt? Kunt u ons over een jaar of twee jaar vertellen of al die mooie plannen zijn uitgekomen en kunt u dan aangeven wat u dan gaat doen? Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan is nu het woord aan mijnheer Rutten. Gaat uw gang. De heer Rutten: Voorzitter, dank u wel. Ik vond het een zinvolle bespreking, ik ben ook nog benieuwd naar de tweede termijn van mevrouw Van der Windt.

Maar het is natuurlijk een collegebesluit, het college neemt hier de volle verantwoording voor, drie wethouders sterk. Ik hoor graag nog een reactie op de opmerkingen die we gemaakt hebben over de leesbaarheid van het stuk. Ik blijf het een mistig verhaal vinden, de bespreking heeft wat dat betreft niet heel veel helderder gemaakt daaraan. Ik hoop – omdat het een collegebesluit is en het college ervan uitgaat dat het allemaal binnen de begroting neutraal verwerkt kan worden – dat als we straks bij de jaarrekening komen of bij de tussenstand van de begroting dat het ook allemaal de waarheid is. Want ik vind het een ongelooflijk mistig, nagenoeg op drijfzand gebaseerd verhaal. Ik wens u er veel succes mee, college. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Rutten. Dan is als laatste aan het woord mevrouw Van der Windt. Mevrouw Van der Windt: Dank u wel, voorzitter. Ik heb nog een heel aantal openstaande vragen, allereerst een beetje voortbordurend op hetgeen de heer Rutten net zei. Het stuk is zo onleesbaar dat mijn vraag wie

nu wat concreet gaan doen op wat voor grond, daar zou ik echt heel graag een antwoord willen hebben, dat weet ik nog steeds niet. Ik merkte op dat er 90 fte in 2019 is aangenomen, 2020 weet ik niet, maar we hebben natuurlijk best een grote groei. Ik vroeg me af hoe u daartegen aankijkt. De mensen die de afgelopen jaren zijn aangenomen die hebben natuurlijk ook heel veel dingen gedaan. Verder staat de vraag nog open wat er de afgelopen maanden is gebeurd dat deze wijziging nu ineens nodig is. Verder staat de vraag nog open wat er gaat gebeuren als de benoemde schaarste onder deze kenniswerkers gevolgen heeft voor de kosten en hoe zeker het is, die vragen zijn ook door meer mensen al gesteld, dat deze ambtenaren hun eigen kosten terugverdienen zoals nu is begroot? Daarbij is ook wel de vraag van temporisering – ik dacht net dat de heer IJsbrandij die ook stelde – die is ook nog niet beantwoord. Hoe zeker is het dat die terugverdiening ook daadwerkelijk al dit jaar plaatsvindt? Want meestal is natuurlijk een risico dat je nu kosten maakt en het verhaal pas over twee of drie jaar hebt. Dan staat mijn vraag over Zandvoort nog open en mijn vraag over hoe dit zich verhoudt tot de Roemernorm en ook dat het coalitieprogramma waarin staat dat flexibele inzet zoveel mogelijk moet worden omgezet naar vast.

Dan als mijn vervolgvraag, de heer Roduner zei: D66 heeft al eerder gewezen op de executiekracht. Ja, dat zit deels in ambtenaren die plannen tot uitvoering brengen, maar heeft ook gewoon te maken met geld om plannen tot uitvoering te laten brengen. Hoe meer ambtenaren binnen Haarlem aan het werk zijn, hoe minder geld er is om plannen daadwerkelijk te verwezenlijken. Verder vroeg ik me af, die vraag heeft mevrouw De Raadt een paar keer gesteld en dat is mij ook nog steeds niet helemaal duidelijk: begrijp ik nu goed dat wij 15 fte ongeveer in de begroting extra hebben aangenomen, dat er nu 16 fte binnenkomt met deze verschuiving en dat er dan bij de kadernota nog wordt gesproken over het aannemen van additioneel ongeveer 16 fte? Dat waren mijn vragen, dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Van der Windt. Dan geef ik het woord aan de heer Rog. Wethouder Rog: Ja, ik zal een begin maken en dan zal op een aantal specifieke vragen de heer Roduner nog ingaan. Trots begint over andere beleidsdomeinen zoals handhaving. Daar hebben we het gewoon nu niet over. Hij stelt ook vragen over het ambitieniveau en de prioriteiten. Die staan in de bijlage 1 die we hebben meegestuurd, dus daar verwijs ik kortheidshalve naar. Dan de 16 extra fte, meerdere fracties vragen daarnaar. ‘…’ inderdaad, nu 16 fte die we dus budgetneutraal binnen de begroting toevoegen.

Waarvan inmiddels, denk ik, toch uitvoerig gesproken is over op welke wijze die zichzelf deels terugverdienen, deels via leges en een aantal stelposten worden gefinancierd. Inderdaad, het klopt dat daarna in de kadernota mogelijk – en dat heb ik ook denk ik in de eerste termijn al gezegd – er een nieuwe vraag betrokken wordt bij die bespreking als we dan, waar de heer Roduner het over heeft gehad, weer met nieuwe impulsen ook te maken hebben. De VVD heeft een punt over de leesbaarheid. Ik vond eerlijk gezegd de technische vraag die ook gesteld werd door zijn fractie een terechte: leg het uit aan een slim kind van 12. We hebben dat antwoord ook gegeven en ik zie het als een aansporing dat we inderdaad die leesbaarheid op orde brengen. De groei inderdaad van het aantal fte’s, daar heb ik net wat over gezegd, D66. Ja, dat klopt dus. Zandvoort, dit is het verhaal voor Haarlem. Er wordt verder met Zandvoort wel overlegd over dat geheel. De Roemernorm die hebben wij in de afgelopen tijd weten te verlagen, de Roemernorm gaat over de inhuur inderdaad. Er is al fors verlaagd, maar nog niet, zeg ik er wel bij, op het uiterst ambitieuze niveau wat de raad voorstaat. Ergens een percentage lees ik nu van rond de 13 tot 15 procent. Mijn collega Roduner heeft nog een aantal concrete aanvullingen, ik meen in ieder geval over de woon-werkbalans en de impuls.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12291071/1