CConstaterende datHaarlem
Koppel je AI →
Document · PDF

03-04 transcript Commissie Samenleving docx

commissie Samenleving 4 maart 2021, gemeente Haarlem36.938 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 4

46

heb ik u volgens mij ook al bij de vorige behandeling gezegd. Maar daar waar het licht kan, en vooral in algemene voorzieningen licht kan, heeft dat onze voorkeur. En de PvdA, de heer Oomkes, vraagt, klopt het dat er een balans is tussen de professionals en de vrijwilligers. Het is niet zo dat we alles bij de vrijwilligers of alles bij de professionals leggen. Maar het is juist het dilemma of de juiste balans vinden in de uitvoering juist van een hele krachtige, sterke basis, om als professionals oog te hebben voor de vrijwilligers, en de vrijwilligers zich gesteund kunnen voelen door de professionals. We kennen heel veel organisaties die echt niet alleen maar op professionals kunnen draaien, maar vooral heel afhankelijk zijn van de vrijwilligers. Maar vaak wel een krachtige basis vinden in die professionals. Dus het klopt dat we die balans ook zeker in de samenwerkingsverbanden goed voor ogen zullen houden. En dat hebben we ook over de verschillende wijken zo verdeeld. Want niet alle wijken zullen een even zware zorg of een even zware basis nodig hebben. Dus we gaan ook zeker goed kijken hoe we dat per wijk in goede balans kunnen brengen. GroenLinks spreekt uit dat ook zij blij is met de wijkvoorzieningen dicht bij de inwoners. En de kanteling die daarbij plaatsvindt, vraagt wel aandacht voor de mogelijkheid die nieuwe partijen hebben in die samenwerkingsverbanden.

Dat je daar niet een stuk ervaring of een stuk kennis over de lokale infrastructuur verliest. Nou, die zorg dat begrijp ik. Maar in deze nieuwe kans en nieuwe ronde met aanbestedingen zetten we het ook open voor nieuwe partijen, maar vragen wij wel of zij kennis hebben van de lokale infrastructuur en zo een borging ook hebben. Zo stel ik me dat voor, dat we in die nieuwe samenwerkingsverbanden juist met nieuwe partijen en oude partijen een goede vermenging hebben. We hebben in het onderwijsveld al veel langer ervaring met samenwerkingsverbanden, ook van onderlinge partijen met krachtige nieuwe partijen daarin. Dus ik ben daar op zich wel vrij hoopvol over, maar ik deel uw zorg dat je niet zomaar willekeurig elke partij toe kunt laten, zonder je kennis van de lokale structuur en de lokale problemen overboord moet gooien. Dus daar zullen we zeker aandacht … De voorzitter: U heeft een interruptie van mevrouw Klazes, GroenLinks. U heeft nog 8 seconden. Ga uw gang. Mevrouw Klazes: Ja, ik vraag het omdat er tekenen zijn dat het inderdaad, dat er een grote aanbieder is die overal de aanbestedingen wint. Heel korte vraag, wordt het opgenomen in het programma van eisen? De eis dat er kennis van de lokale infrastructuur? Wethouder Meijs: Nou, ik weet niet uit mijn hoofd of die erbij staat.

Maar ik zal u toezeggen dat ik hem erbij zal stoppen, omdat me dat wel een hele reële, realistische randvoorwaarde lijkt. Maar wil je niet de deur helemaal sluiten voor nieuwe partijen, moet je natuurlijk wel een bepaald risico nemen. Maar ik kan je voorstellen dat we wel eens randvoorwaarden opnemen dat ze kennis moeten hebben van de lokale infrastructuur en het sociale netwerk. U vraagt vervolgens zich … U maakt zich zorgen over de ingangsdatum van deze hele nieuwe structuur. En zoals u kunt zien in de planning, zit dat inderdaad vlak na de verkiezingen dat dat momentum moet plaatsvinden van die definitieve rondes. Maar eigenlijk zitten we dan al heel dicht bij de finish. Het hele project, traject, gaat in fases, maar we zitten al rondom april-mei volgend jaar toch al in een vrij definitieve fase. Dus echt al de klap erop en de handtekening onder de contracten, dat vindt inderdaad plaats na de coalitievorming. Denk ik, als we zo even terugkijken naar 4 jaar, 3 jaar geleden. Maar het hele voorgaande proces met die dialoogvorming en die samenwerkingsverbanden is dan natuurlijk al geweest. Dus ik maak mij daar wat dat betreft niet zo’n zorgen om. En zullen we daar zeker, en u als raad, daar zeker nog tot ver in volgend jaar nog de vinger in de pap hebben.

Hart voor Haarlem maakt zich zorgen over, is dan nu sprake van vermindering van zorg? Er is naar mijn idee geen vermindering van zorg, maar wel een kanteling van zorg. Dus ik begrijp uw zorg, om het maar even zo te zeggen. Maar juist doordat we de goede ervaring al opgedaan hebben bij het kantelen van de dagbesteding naar algemene voorziening, hopen we dat we diezelfde kanteling nu bij de ambulante begeleiding ook naar algemene voorziening gaan doen, daar toch een

47

borging zullen hebben van geen verminderde zorg, maar juist een meer toegankelijk laagdrempelige zorg. Dus het is geen vermindering van zorg. En zoals ik al net bij de beantwoording voor de andere partij zei bij de SP, dat er ook nog een deel zal blijven bestaan over de heel specialistische zorg. Dus wat mijns inziens is er geen vermindering van zorg. Jouw Haarlem ook blij met het resultaat dat we dichter in de wijk, dichter bij de inwoners zitten. Ook het voorbeeld van huis in de wijk in Haarlem Noord van Horizon. Nou, wij zijn daar als college vorig jaar nog, misschien alweer langer geleden, nog op visite geweest. Dus ja, dat zijn juist één van die vormen waarbij je juist die combinatie van professionals en vrijwilligers heel nauw ziet samenwerken. Dus juist het samengaan, daarvan in dat soort combinaties zie ik zelf ook heel sterk als voorbeeld, als we het dan hebben over kantelingen en veel wijkgerichtere aanpak. En dank voor het compliment van de zelforganisaties en hun plek in deze constellatie. Dus ja, daar was nooit twijfel over de serieusheid en hun plek. Maar door ze juist nu gaan toe te voegen in die hele sociale basis, en niet meer zo’n status apartus, maar echt mee te nemen in de wijkaanpak en dicht bij de inwoners, denk ik dat ze een veel verankerde positie kunnen krijgen. De Actiepartij. Ik neem even een slokje, sorry.

De Actiepartij vraagt over, net zoals de vorige keer, over de monitoring en de evaluatie, hoe houden we als commissie en vooral u als raad vinger aan de pols. We hebben vorige keer al toegezegd dat we, zoals in het stuk beschrijven staat, dat we in ieder geval voldoende evalueren om mee te nemen daar waar we moeten bijstellen. Maar dat we ook jaarlijks iets van een event gaan organiseren om voor een deel u mee te nemen in de vorm hoe dat dan uitgewerkt wordt en hoe die samenwerkingsverbanden uitwerken en hoe die projecten hun vorm krijgen. Iets van jaarlijkse presentaties of jaarlijkse evaluaties, dat hebben we vorige keer al toegezegd. En ik ben samen met de ambtenaren aan het kijken hoe we dat in een goede vorm kunnen gieten, zodat u daarin wordt geïnformeerd en meegenomen, en ook nog kunt bijstellen. Want we gaan voor een langere tijd deze contracten aan. Maar er moeten wel ijkmomenten momenten zijn waarop we nog van koers kunnen wisselen of bij kunnen stellen en bij kunnen schaven. Ik raap even mijn pennetje op. De voorzitter: U heeft een interruptie van de heer Hulster van de Actiepartij. Wethouder Meijs: Ja. De heer Hulster: Ja, dank u wel. Ja, dat is natuurlijk prima dat we jaarlijks een terugkoppeling krijgen.

Maar hoe verhoudt zich dat nou met de aanbeveling die de RKC heeft gedaan om de activiteiten in dit domein beter meetbaar en, ja, dus wat kwantificeerbaarder te krijgen. Wethouder Meijs: Nou, ook daarover hebben we natuurlijk de indicatoren al met u besproken en ook vastgesteld. Dus dat zullen we ook zeker met de aanbestedingen bij de samenwerkingsverbanden en de individuele partners ook afstemmen. Dat hebben we volgens mij de vorige keer ook uitgelegd. Zij worden wel degelijk op hun prestaties afgerekend. Dus daar waar de prestaties onder de maat zijn, zullen wij ook weer hen ook weer aan kantoor vragen en hun verantwoording af laten leggen. Want ja, er gaat vele miljoenen in om, en we willen natuurlijk wel waar voor ons geld. Dus vooraf stellen we vast wat voor prestaties wij daarvoor willen zien, en we zullen ze daar ook op afrekenen. De ChristenUnie maakt zich nog zorgen over hetgeen we volgens mij de vorige keer hebben besproken over de sociale wijkteams en mogelijke verschuivingen van verzwaring van hun pakketten. Nou, aan de ene kant deel ik uw zorg wel. Daar was de vorige keer ook wel nog kritiek op de evaluatie bij het sociaal wijkteam, dat ze wat meer sturing nodig hadden vanuit de gemeente. En daar hebben we ons dat wel aangetrokken en zijn we met een verbeterplan bezig.

Maar aan de andere kant ontlasten we ze doordat we veel meer wijkgerichter gaan werken met allerlei algemene voorzieningen, waardoor zij ook sneller kunnen doorverwijzen. Dus we ontlasten ze doordat ze minder lang met bepaalde casuïstieken zelf aan de slag gaan, maar dan eerder gebruik kunnen maken van

48

algemene voorzieningen in de wijk. Dus die doorstroming moet hen toch op de één op andere manier lucht geven. En ik bespeur uw zorg hè. Van aan de ene kant heb je het over generalisten die daar werkzaam zijn, en je hebt vooral specialistische behoeftes soms bij inwoners. En hoe verhoudt zich dat nou als je aanklopt bij het sociaal wijkteam? En ik denk dat daar wel het verbeterplan ook met het sociale wijkteam op toegespitst zal worden. Om toch te kijken van, hoe kun je sneller doorstroming veroorzaken naar die algemene voorzieningen? En daar waar het heel specialistisch nodig is, dan daar ook je capaciteit en je kwaliteit op te hebben, maar daar niet te verzanden. En daarmee hoop ik natuurlijk toch wat lastenverlichting tot stand te brengen. Maar ik vind het een wezenlijk punt van zorg, dus daar zullen we zeker over een jaar, op het moment dat wij gaan evalueren, weer met u over in gesprek raken. We hebben goede, nou ja, goede ervaring met die kanteling van die algemene voorziening bij de dagbesteding. Dus ik verwacht dat als wij bij die ambulante begeleiding ook kunnen kantelen, dat daar toch wat lucht moet komen bij de sociale wijkteams. CDA vraagt ook hier weer extra aandacht voor eigenlijk de hele kanteling, betrek ook alle initiatieven die er al in de wijk zijn, en doe dat breed. En ga niet in een fuik met alleen maar professionals zoals de welzijnsorganisaties.

Maar kijk heel wijkgericht naar die diversiteit die elke wijk heeft, en kijk breder dan je neus lang is. En u noemt de voorbeelden die volgens mij ook in het uitgangsrapport staan als, betrek huisartsen, scholen, voorzieningen in de wijk waar je niet in eerste instantie als sociale basis aan denkt. En gebruik vooral de eigen kracht van de inwoners, dat is uw oproep ook. Nou, daar heeft de vorige keer volgens mij de heer Hulster ook al een goede aanzet toe gegeven door ons te verwijzen naar het werk van Judith Wolf. Dat staat ook volgens mij vernoemd nu in het stuk over dat eigen kracht en het krachtige werk wat inwoners zelf kunnen bewerkstelligen. Ontneem ze dat niet, maar neem juist dat spel mee waarbij je als vrager ook iets kunt bieden en daarmee dus je eigen kracht weer kunt vergroten. Niemand is gebaat bij het klein houden, iedereen is gebaat bij het weer in je eigen kracht zetten. Dan rest mij nog de OPH die zegt van, het juist de link leggen naar de administratieve lasten, verschuif je daarmee niet de lasten naar … Als je dus een kanteling maakt naar algemene voorzieningen, verleg je dan niet de administratieve lasten naar de professionals en naar de instellingen? Wij hopen natuurlijk hier juist een lastenverlichting te bewerkstelligen.

Maar goed, ik heb ook een deel van uw discussie bij de jeugdhulp van begin van deze avond gevolgd, en ook begrepen dat u daar ook met zijn alleen kritisch op bent geweest. En dat zullen wij natuurlijk ook meenemen in onze gesprekken met de partners en met de samenwerkingsverbanden, om dat nou juist te voorkomen. Want niemand is erbij gebaat dat er zo verschrikkelijk veel geld of last gaat naar een administratieve afhandeling, terwijl je eigenlijk alle handen gewoon in de wijk bij de bewoners zelf wilt hebben. Dat was het, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Ik had nog wel een interruptie van het CDA. Maar ik denk dat we maar gewoon een tweede termijn maar gelijk gaan doen. Want ik zie mevrouw Özogul ook al een … En mijnheer Smit zegt dat hij nog een antwoord wil hebben op een eerder gestelde vraag. Dus misschien dat u die ook nog kunt opzoeken. Degenen die nog tijd hebben kunnen nog een tweede termijn aanvragen. Dat is dus om te beginnen de SP. Mevrouw Özogul. Mevrouw Özogul-Özen: Dank u wel, voorzitter. Ik hoorde de wethouder net zeggen op mijn vraag met betrekking tot zorg, dat er professionele, of in ieder geval specifieke, zorg overeind blijft. Nou, wat ons betreft kan zorg in de wijk, waar we het nu over hebben, nooit en never in de plaats van echte zorg komen. Dit is een vorm van begeleiding, maar niet wanneer een kind zorg nodig heeft, of in plaats van.

Want ik hoor net dat vrijwilligers en professionals in evenredig hiermee aan de slag gaan. En wat ons betreft kunnen vrijwilligers nooit echte zorg verlenen. Ik heb wel een vraag aan de wethouder. Afgelopen jaren hebben wij Spel in huis van DOCK of Opstap, Overstap, en dat soort programma’s gehad, wat in de jaren natuurlijk wegbezuinigd zijn. Hoe kijkt u daar tegenaan? Want dat is juist de vorm waarvan ik denk van, dat kan dus wel laagdrempelig met ouders, met kinderen omgaan. Hoe kijkt u daar tegenaan?

49

De voorzitter: Dank u wel. De heer El Aichi, CDA. De heer El Aichi: Ja. Dank je wel, mijnheer de voorzitter. Bedankt, wethouder, voor uw antwoorden. Ik mis toch een antwoord over mijn vraag die ik gesteld heb. Ik zal hem toch even herhalen. Er is een jaarlijks budget van het samenwerkingsverband dat geoormerkt wordt voor zelforganisaties en bewonersinitiatieven. Ik zal hem nog concreter maken. Op dit moment krijgen de meeste zelforganisaties €3000. Dat is niet eens voldoende voor de huur. Mijn vraag is van, als het bij die €3000 blijft, dan haken toch de meeste organisaties af. Mijn vraag is van, wanneer kunnen wij precies weten wat het budget is? Kunt u ons hierin meenemen? Dank je wel. De voorzitter: Dank u wel. En wat ik net al zei, de heer Smit verwacht nog een antwoord op zijn vraag. Ik weet niet of u de vraag nog weet, mevrouw Meijs? Wethouder Meijs: Volgens mij gaat het over het betrekken van die zelforganisaties, maar ik kan het mis hebben. De voorzitter: Mijnheer Smit, herhaalt u hem maar even. De heer Smit: Ja, en dat gekoppeld aan de vraag van mijn voorganger. Wat is nou eigenlijk het woord geborgd, wat betekent dat? Kunt u dat inhoud geven? Want ze zijn de afgelopen jaren fors bedreigd geworden. En nu zegt u, ze zijn geborgd. Nou, daar wil ik dan graag een inhoud achter hebben, en ook het gevoel dat deze organisaties kunnen functioneren in het beeld dat u schetst.

Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Meijs, ga uw gang. Mevrouw Meijs: Ja, dank u wel. Als eerste op de SP over de specialistische jeugdhulpzorg, die blijft natuurlijk bestaan, dat is evident. Ik denk niet dat we de ambitie hebben om hier in de sociale basis of in gewoon in de wijk die specialistische zorg te ontnemen. Dat kan ook niet, dat is heel specifiek. Maar er zullen wel een aantal dingen verschuiven naar een meer algemene begeleiding en meer algemene voorzieningen. Maar ik ben het geheel met u eens dat bepaalde specifieke ondersteuning van specifieke jeugdhulpverlening absoluut niet overgenomen kan worden, en dat blijft ook gewoon bestaan. Ik weet dat ook wel uit mijn ervaring uit mijn vorige werkkring, dat dat echt niet in een buurtcentrum opgelost kan worden. De programma’s waar u over spreekt, over jeugdprogramma’s zoals Opstap en dergelijke, dat weet ik niet precies. Volgens mij is een deel van dat soort programma’s overgenomen door onderwijsinstellingen zelf en opvoedkundige bureaus. Dus volgens mij gaat of dat deel weer mee in de sociale basis, daar waar het niet overgenomen is. Of is het overgenomen door anderen. Maar als dat anders is, dan wil ik u daar zeker nog even schriftelijk over informeren voor de raadsbehandeling. En evenals de borging of de financiële budgetten waar u als CDA om vraagt, de heer El Aichi en de heer Smit.

We hebben daar nu een bepaald budget voor. Ik wil dat budget opnemen in de sociale basis, en dat dus ook daarmee borgen. Dus dat is de term van borgen en vasthouden. Welke criteria of dat dat budget nog uitgebreid zal worden, daar zal ik u ook over informeren. Want ik heb er zelf al ambtelijk daar wel over gesproken, maar ik heb nu niet paraat wat dat budgetverruiming dan in zou houden. Dus daar zal ik u ook nog even over informeren. Of daar waar we tijdens de aanbesteding tegenaan lopen, u dan informeren. Dus daar kom ik nog op terug. Dat was het. De voorzitter: Dank u wel. De heer El Aichi had een interruptie. De heer El Aichi: Wordt het geoormerkt of geborgd, wat is het nou het verschil eigenlijk?

50

Wethouder Meijs: Oeh. Kijk, zoals het nu georganiseerd is, is het helemaal buiten de sociale basis gehouden. En dat wil ik niet. Ik wil eigenlijk dat het helemaal geïntegreerd wordt in de sociale basis, omdat het werk wat zij doen als zelforganisaties net zo van evident belang is, net zo serieus is als alle voorzieningen binnen die sociale basis. Maar ik wil wel kijken hoe ik dat geld, zoals dat nu van zelforganisaties buiten die sociale basis onder de sociale basis terechtkomt. En dat moet op de één of andere manier geoormerkt blijven. Dus dat het niet verdwijnt op de grote hoop, en dat zelforganisaties daar nog steeds aanspraak op kunnen doen. Maar dat moeten we wel even goed kijken hoe je dat dan, als je het steeds hebt over zelforganisaties en samenwerkingsverbanden, hoe je dat dan technisch zal ik maar zeggen in hun contracten doet. Dus mijns inziens hebben we dan iets van semantiek als we het hebben over of dat borgen is of oormerken. Maar ik wil het veilig stellen, zodat we niet weer, net zoals we nu eigenlijk in de discussie van een paar weken geleden of een paar maanden geleden terechtkwamen, dat ze niet meegenomen zijn in de sociale basis. De voorzitter: Dank u wel. U heeft nog een vraag van de heer Hulster. De heer Hulster: Ja, allereerst dank dat het krachtmethodiek nu ook in het stuk is gezet, wethouder. Wethouder Meijs: Ja.

De heer Hulster: Andere vraag, blijft het budget voor de directe noden nog bestaan? Wethouder Meijs: Ja, ja. De heer Hulster: Dat is volgens mij ‘…’ wat wijkteams hebben. En wordt er ook gebruik gemaakt van de ervaringsdeskundigen in de nieuwe opzet? Wethouder Meijs: Volgens mij beide antwoorden positief. Dus die directe noden die blijven volgens mij bestaan bij de sociale wijkteams, en de ervaringsdeskundigheid ook. Mocht dat niet zo zijn, dan zal ik u dat nog laten weten. En dat krachtenwerk van Judith Wolf, dat was al bekend bij ons, maar was niet zo expliciet benoemd. En dan denk ik dat het wel zinnig is geweest om het nu toch echt expliciet ook op te nemen. Want voordat je het weet ben je het toch kwijt, zal ik maar zeggen. Maar als methodiek is het natuurlijk al wel wat ouder, of wat langer actief in het werk en dit welzijnswerk in de sociale basis. Maar het is heel goed en een prettige methodiek om juist de kracht van de inwoner te, ja, te hebben en ook te bezien, zal ik maar zeggen, en niet alleen maar als vraag en aanbodspel te bekijken. De voorzitter: Dank u wel. Ik weet niet of er nog een nieuwe vraag was van de heer El Aichi, want ik zie hem hier staan. De heer El Aichi, kunt u dat bevestigen? Ja, u heeft er nog even een interruptie? De heer El Aichi: Ja. De voorzitter: Ga uw gang. De heer El Aichi: Ja. Dank je wel, mijnheer de voorzitter.

Mijn laatste vraag, mevrouw Meijs. Het is al een beetje laat, dus ik zal hem even kort stellen. Vorige keer is het één en ander fout gegaan met informeren van de zelforganisaties. Bent u nu ook in gesprek met ze? Weten zij waar het over gaat? Wethouder Meijs: Ja. De heer El Aichi: Wilt u ze meenemen in het hele gebeuren? Of weten zij nog van niks?

51

Wethouder Meijs: Jawel, wij zijn zeker in gesprek met ze. En dat heb ik u de vorige keer ook al uitgelegd dat ik mijn excuus ook heb aangeboden. Maar ik vind het vervelend dat u zich daar nou zorgen om maakt dat ik dat niet gedaan zou hebben. Want volgens mij heb ik dat al uitgelegd dat dat wel gebeurd is. En ja, zij worden nu ook erin meegenomen in deze hele nieuwe aanbestedingsfase. Dus ik heb je altijd al omarmd en ik blijf ze omarmen. De heer El Aichi: Nou, dat is heel lief. Wethouder Meijs: Nou, het gaat niet om lief, het gaat ook om heel serieus nemen. De voorzitter: Dank je wel. Nou, u heeft het voorstel voldoende besproken. Ik heb twee toezeggingen genoteerd. Dat is dat de wethouder schriftelijk terugkoppelt, de vraag van het CDA over het jaarlijkse budget voor de zelforganisaties en bewonersinitiatieven. En u gaat ook het programma van eisen daar gaat u opnemen als eis of randvoorwaarde, dat er kennis moet zijn van de lokale infrastructuur. Ja? Wethouder Meijs: Ja. Zeker, ja. De voorzitter: Oké, dan hebben we dit punt voldoende besproken. Het is 23:15 uur. Er zijn nog een aantal partijen die hebben nog wel wat tijd. Het is een punt wat we nog moeten bespreken, dat is al een keer doorgeschoven, dus ik zou hem wel willen behandelen van mij betreft, met uw welnemen.

Maar als iemand daar echt bezwaar tegen heeft, laat het nu dan even weten, dan gaan we stoppen, want we zouden normaal om 23:00 uur stoppen. Maar ik wil nog wel eigenlijk dit laatste punt ook even behandelen. Want ik vind het een beetje lullig om dat nog een keer door te schuiven. Dus als u dat niet wilt, geef dat even snel aan dan. En anders gaan we door met dit punt. Ja? Oké, ik zie geen tegenreacties. Overige punten ter bespreking 12. 22.30 uur Eigen bijdrage maatschappelijke opvang (MTM) De voorzitter: Het laatste punt, dat is de eigen bijdrage maatschappelijke opvang. In de commissie samenleving van 7 januari is bijgevoegd de brief van de Actiepartij, met steun van de commissie en onder eenmalige coulance opgewaardeerd tot bespreekpunt, en in reactie op de ingezonden brief van de Actiepartij door het college een raadsinformatiebrief opgesteld. Die zit bij de agenda. En hierin bent u geïnformeerd over het huidige beleid met betrekking tot de eigen bijdrage in de maatschappelijke opvang. Het is geagendeerd door de Actiepartij, en daarmee wil ik als eerste het woord geven aan de heer Hulster van de Actiepartij. Ga uw gang. De heer Hulster: Ja. Dank u wel, voorzitter. Ja, de Actiepartij heeft geconstateerd dat er bij het krijgen van toegang voor mensen tot de maatschappelijke opvang een paarse krokodil bestaat. En die paarse krokodil heet, opgelopen schulden.

Dus als we mensen die al eerder in de opvang hebben gezeten, maar daaruit zijn gekomen, nog een openstaande rekening hadden staan en ze doen een nieuwe aanvraag, dan kunnen ze daar tegenaan lopen. En vaak wordt er dan een betalingsregeling getroffen, staat in de brief van de wethouder. Maar er is een groep mensen waar dat niet bij lukt. Dat zijn vaak ook administratieve redenen, mensen die op straat leven hebben niet altijd hun zaakjes goed op orde. Dat is helemaal te begrijpen denk ik. Dus ja, dat is eigenlijk heel bizar. Want als raad hebben we natuurlijk met zijn allen gezegd, we willen heel graag dat niemand op straat hoeft te slapen. Dus dat er nu een hindernis ontstaat door de procedure, waardoor een groep daklozen dus geen toegang tot de opvang kunnen krijgen omdat ze nog schuld hadden openstaan,

52

vinden wij een slechte gang van zaken. En we zouden graag met de commissie van gedachten willen wisselen hoe we deze hindernis nou zouden kunnen opheffen. De voorzitter: U heeft nog 25 seconden, mijnheer Hulster. Dus de gedachten wisselen gaat heel kort worden. Dus houdt het kort alstublieft. De heer Hulster: Ja, precies. Dus nou ja, mogelijke oplossingen zijn natuurlijk dat we de eigen bijdrage verlagen of dat we het meteen verrekenen met de eventuele uitkering. Dat zouden mogelijke … Maar misschien zijn er nog andere oplossingen denkbaar. De voorzitter: Dank u wel. Dat gaan we horen. Dan gaan we nu naar de heer Zohri van GroenLinks. Sorry, de heer Zohri heeft geen tijd meer. We gaan nu naar de heer Yerden van de PvdA. De heer Yerden: Ja. De heer Zohri: Doe eens lief. De heer Yerden: Dank je wel, voorzitter. Goedenavond allemaal. Ja, toegang tot maatschappelijke opvang, eigen bijdrage. Uit de informatiebrief van de gemeente komt naar voren dat de huidige regeling in theorie goed functioneert. Door de Actiepartij worden de problemen van de enkele daklozen opgesomd, waardoor deze daklozen buiten de boot vallen. De Actiepartij doet enkele suggesties om deze problemen op te lossen. De fractie van de Partij van de Arbeid vindt dat het systeem in het algemeen goed functioneert, en wil van het college weten hoe zij met de door Actiepartij gesignaleerde problemen denkt om te gaan.

Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we naar mevrouw Özogul, SP. Mevrouw Özogul-Özen: Dank u wel, voorzitter. PvdA noemde het net heel mooi. In theorie is het misschien wel mooi en goed, maar in de praktijk is het wel heel wat anders. Afgelopen jaar zijn zelfs twee daklozen die al in bewind waren, waarbij de rechter al een uitspraak had, toch uit de opvang gezet. Terwijl de bewindvoerder bezig was en met de BZT belde. Dat zijn schrijnende zaken die ook bij de rechter en bij onze eigen bezwaar- en beroepscommissie is gekomen. En waarbij dus de gemeente op de vingers is getikt en teruggefloten is. Zo zie je dus dat het niet enkele gevallen zijn, maar er zijn meer. Ik heb een vraag aan de wethouder, concreet. Op het moment dat je betalingsafspraken maakt, komt ons ter ore dat je niet bijvoorbeeld met €25 of €50 in de maand kan aflossen, maar dat het om hogere bedragen gaat. Klopt dat? Is het mogelijk om voor kleine bedragen een betalingsafspraak te regelen? En ten tweede, hoe kunnen we ervoor zorgen dat twee soortgelijke gevallen in het vervolg niet meer voorkomen in Haarlem? De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Özogul-Özen: En we zijn het met de Actiepartij eens De voorzitter: Uw tijd is ook om, mevrouw Özogul. De heer El Aichi, CDA. De heer El Aichi: Ja. Dank je wel, mijnheer de voorzitter.

Wij staan er als Haarlem bekend om dat met onze motie van toentertijd dat niemand op straat mag slapen. Ik verbaas me dat toch mensen zijn die toch op straat slapen. Mijn vraag aan de wethouder is, klopt het dat als een dakloze zich bij de BZT aanmeldt en dat hij de

53

eigen bijdrage niet kan betalen, dat hij de laan wordt uitgestuurd. Graag uw antwoord hierover, mevrouw de wethouder. Dank je wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan mevrouw Zoon, Hart voor Haarlem. Ik zie dat mevrouw Zoon heeft volgens mij de vergadering verlaten. Of niet? Ja. Dan wil ik nog even kijken. Ik vind het ook een beetje, nou ja, niet fijn voor de heer Zohri dat hij de hele avond heeft zitten wachten. Dat hebben we de vorige keer bij de heer Yerden ook al gedaan. Dus ik wil … De heer Yerden: Gaaf maar een kans aan hem. De voorzitter: Ik wil deze keer ook de heer Zohri nog even wat tijd geven. Maar ik … De heer Zohri: Ja, het is heel kort hoor, voorzitter. Dank je wel. Oh, het galmt aan alle kanten. Ja, zo ‘…’. Er is al naar gerefereerd door mijnheer El Aichi van het CDA over de motie niemand slaapt op straat. Kijk, op zich, de beantwoording van de wethouder wat betreft de bekostiging en de eigen bijdrage en over de inkomsten, zoals die geformuleerd zijn, ja, die zijn duidelijk. Maar wanneer een cliënt met een inkomen desondanks toch weigert om een eigen bijdrage te betalen. Hoe verhoudt zich dat dan met de motie niemand slaapt op straat? Want die worden dan wel geweigerd uiteindelijk. De voorzitter: Dank u wel. De heer Zohri: Dat was het, even kort. De voorzitter: Dan gaan we naar de wethouder. Wethouder Meijs. Wethouder Meijs: Ja, dank u wel.

Ik zal korte antwoorden gezien het tijdstip. In principe … Of, in principe, wij voeren de motie niemand slaapt op straat uit. En we hebben een enkeling, en op dit moment zijn het er echt minder dan een handvol, die niet mee willen werken aan een regeling. Want in principe, ook al heb je een schuld, word je de toegang tot de maatschappelijke opvang niet geweigerd. Er worden op elk moment dat iemand aanklopt en hij of zij een schuld heeft, wordt er geen hindernis opgeworpen om haar of hem toe te laten. Maar er wordt wel medewerking gevraagd om die schuld of die betaling voor de maatschappelijke opvang te regelen. En de meeste cliënten die zijn daartoe genegen. Dus in de praktijk weigeren wij niemand die een schuld heeft of die een betalingsachterstand heeft, maar leveren wij wat dat betreft wel maatwerk en zullen wij op die gronden niemand weigeren. Alleen op dit moment zijn er bij een aantal cliënten waarvan ik weet dat er problemen zijn, omdat zij niet mee willen werken aan een betalingsregeling. Wij zullen te allen tijde hen hulp aanbieden of hen verwijzing naar een bewindvoeringstraject, of op wat voor wijze dan ook hulp verlenen. En de SP vraagt mij heel duidelijk om de bedragen, of dat kleiner of groter is dan €25 of €50. Nou, dat antwoord moet ik u schuldig blijven, dat weet ik niet.

Maar ik weet wel dat wij met iedereen die aanklopt, met elke persoon die mogelijk niet in staat is de eigen bijdrage op dat moment te betalen vanwege een schuld, dat we daar een regeling voor treffen. Maar het enige criterium waarop wij kunnen weigeren, is als men niet mee wil werken. En dan gaat er wel iets anders werken. Want het moment dat je als cliënt wel onderdak wil, maar je wilt niet meewerken om die betalingsregeling tot stand te brengen, ja, dan hebben we een andere situatie. Want dan kweek je onevenwichtigheid tussen de cliënten die wel mee willen werken aan een betalingsregeling. Dus dat is het antwoord op het CDA en de SP en GroenLinks over, weigeren wij mensen? Nee, wij weigeren geen mensen, maar ze moeten wel bereid zijn om mee te werken aan een betalingsregeling.

54

De voorzitter: Dank u wel. Nou, ik denk dat het zo goed besproken is voor de rest. Tenzij iemand nog een tweede termijn wil hebben, die nog tijd heeft natuurlijk. Die moet dat nu even aangeven. Nee? Dan wil ik iedereen bedanken voor de bijdrage, en dan ga ik bij dezen de vergadering sluiten. Prettige avond. Mevrouw Özogul-Özen: Oh. De voorzitter: Ja? Mevrouw Özogul-Özen: Voorzitter, voorzitter? Ik heb geen antwoord gehad op mijn vraag over die twee bezwaren en een rechtszaak, waarbij dus die bewindvoerder. Want dat is dus juist het punt, het gebeurt dus wel. En de wethouder was vorig jaar daar ook al van op de hoogte, ik had daar al over gebeld. De voorzitter: De vraag is duidelijk. Wethouder kunt u daar nog op reageren op die vraag? Mevrouw Özogul-Özen: Heb ik geen antwoord op. Wethouder Meijs: Nou, ik weet van een aantal cliënten, heb ik net gezegd, dat zij weigeren mee te werken. En op dat moment gaat er een ander … Ja, dan ligt het anders. Maar op het moment dat zij wel mee willen werken, en dat de bewindvoering aangevraagd kan worden en dat zij hulp accepteren om een betalingsregeling te doen, dan weigeren wij geen mensen. Mevrouw Özogul-Özen: Voorzitter, ik wil hier even iets korts met uw permissie zeggen. Bewind was uitgesproken door de rechter, bewindvoerder was bezig, en dat wist de gemeente en toch zijn ze willens en wetens eruit gezet.

En daar wil ik antwoord op, hoe dat kan. En de rechter heeft ze ook in het gelijk gesteld. De voorzitter: Oké. De wethouder heeft geantwoord op de vraag. Ik wil nu even naar de heer Van den Raadt. Die kwam ook nog even als laatste binnen. Trots Haarlem, ga uw gang. De heer Van den Raadt: Ja, want de motie is natuurlijk, niemand slaapt op straat. Maar ik begrijp dus nu uit uw woorden, je slaapt wel op straat, want u weigert niemand die meewerkt, maar er worden dus wel mensen geweigerd die niet meewerken. Dat is dus wel nu even het feit toch? Dat is wat u zegt. De voorzitter: Dat heeft de wethouder inderdaad zo gezegd. Wethouder Meijs: Ja, dat kan ik alleen maar vragen aan … Wij vragen … Oh, sorry. Wij vragen medewerking voor het maken van een betalingsregeling. Dus wij weigeren niemand in principe. Dus dat heb ik ook al gezegd. U kijkt daar heel argwanend bij. Maar wij laten iedereen toe, ook al heeft hij een schuld. Wij willen wel medewerking van de cliënten om een betalingsregeling tot stand te brengen. Op het moment dat zij dat weigeren, ja, dan houdt het op. Dat is zoals ik het zeg. Mevrouw Özogul-Özen: Voorzitter, van de orde. U zei net dat ik mijn antwoord heb gehad. Maar ik heb een specifieke vraag gesteld. De gemeente is er ook nog eens op teruggefloten, bewind was bezig, en daar heb ik geen antwoord op gehad. Ik krijg een heel ander antwoord van de wethouder.

Twee mensen waarvan het bewind al uitgesproken was door de rechter, dus die werkten mee. Plus ze waren bezig, er is gebeld met WZE, en toch zijn ze eruit gezet. En de gemeente bezwaar- en beroepscommissie en de rechter heeft gezegd, foei, gemeente, dit had je niet mogen doen. En daar wil ik antwoord op graag. De voorzitter: Nou, als laatst, mevrouw de wethouder.

55

Wethouder Meijs: Ja, ik weet niet precies waar mevrouw Özogul op duidt. Maar ik weet dat er een enkele beroep en bezwaar, dat wij daarop teruggefloten zijn. Dus dat klopt. Ik weet niet of dat dit specifieke onderwerp is. Maar wij hebben ruim 160 bewoners die wij onderdak bieden per jaar. En bij 160 bewoners gaat het zoals ik net gezegd heb. Wij handelen naar beleid. We handelen naar de uitvoering van de motie, dat in principe niemand op straat slaapt, tenzij hij medewerking weigert. De voorzitter: Oké. Nou, dank u wel, wethouder. Het stuk is voldoende besproken, het is al 23:30 uur. De wethouder gaat ook bijna slapen voor de camera, maar niet op straat. 13. 22.50 uur Sluiting De voorzitter: Ik wil u allen hartelijk danken voor uw bijdrages, en ik wens u een fijne avond. Welterusten en tot de volgende keer.

56

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12291117/1