02-16 Transcript Vragenuur 16 februari
Tekst van het document
TRANSCRIPT VAN DE VRAGENUUR VAN GEMEENTE HAARLEM d.d. 16 februari 2023 Opening De voorzitter: Goedemiddag dames en heren, ik wil graag beginnen. Het is halfvijf en ik heet u welkom bij het vragenuur van vandaag, 16 februari. Welkom college, welkom mensen op de tribune en ook thuis. De vragen zijn gepubliceerd en u heeft kunnen zien dat er heel veel vragen zijn. Mag ik u vragen? De vragen zijn gepubliceerd en u heeft gezien dat er in totaal dertig vragen zijn vandaag en we hebben ook dertig minuten, dus ik wil de vragenstellers voorstellen dat zij hun inleiding zo kort mogelijk houden en als er meerdere vragen zijn om de belangrijkste vraag te stellen, dus niet alle vier. En mochten er herhalingen zijn op hetzelfde onderwerp, om dan ook niet meer die vraag te stellen. 1.
Vragen voor het vragenuur De voorzitter: Dan geef ik als eerste het woord aan D66. Mevrouw Van der Windt: Ja dank u wel, mevrouw de voorzitter. D66 heeft en haar een vraag over de ZOED Boerhaavewijk die binnenkort zonder huisvesting lijkt te komen te zitten. Wij vroegen ons af wat de stand van de van zaken is en wat de boodschap van het college is, of er misschien een alternatief kan worden gevonden in het Haarlem College dat wat ruimte over lijkt te hebben. Of dat er andere alternatieven zijn. Dus we zijn erg benieuwd naar de reactie van het college. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan geef ik het woord aan wethouder Roduner. Wethouder Roduner: Misschien, er is veel over geschreven, ook in de krant de afgelopen dagen, misschien. Kijk, de gemeente heeft geen rol of verantwoordelijkheid in het huisvesten van huisartsen. Ik heb heel veel mensen en geld, we hebben geld en we hebben mensen, maar ik heb niet toegewezen gekregen om huisartsen te huisvesten, is natuurlijk ook een wat vrijere markt met vrije vestiging ook van de huisartsen en de gemeente is niet een soort makelaarskantoor waarin we kunnen bemiddelen. Het lukt ook heel veel huisartsen volgens mij om een goede plek te vinden in Haarlem.
In Haarlem Noord is er laatst weer een gevestigd, in mijn eigen wijk in Zuidwest hebben ook de afgelopen jaren twee huisartsenposten zich gevestigd of hervestigd binnen dat gebied. Dus dat gaat ook best wel vaak goed. Dat neemt overigens niet weg dat wij niks doen. Dus met name in deze, dus in de ontwikkelzones hebben we met elkaar gezegd, wij vinden dat er voldoende ruimte moet zijn voor maatschappelijke voorzieningen, met name ook ZOED’s, dus die zijn ook ingetekend in de ontwikkelzones. Onder andere in Schalkwijk gaat het dan om Schalkwijk-Midden, maar ook in het ontwikkelgebied van Sint Jacob, we hebben gezegd wij willen dat daar voldoende ruimte komt voor maatschappelijke voorzieningen, en dan met name specifiek ZOED’s en we gaan kijken hoe we die ook echt, kunnen zorgen dat die door een huisarts wordt ingevuld. We kunnen dan geen huisartsen voortrekken, want ook daarin is ook open concurrentie, dus we moeten opletten dat we niet één huisarts bevoordelen ten opzichte van de andere huisartsen. Want er zijn nog veel huisartsen die zich ook in Haarlem willen vestigen en ook op zoek zijn naar ruimte. Dus ik moet daar een beetje netjes en eerlijk in zijn. Wat we wel in dit specifieke geval doen is dat we al een tijdje, omdat deze huisarts zich al gevestigd heeft en ook in een gebied ligt wat herontwikkeld gaat worden, hebben we wel inderdaad veel contact met diegene gehad.
Hij gaat in ieder geval zich, begrijp ik, vestigen in Sint Jacob maar ik begrijp ook dat hij een tweede vestiging, dat hij in gesprek is met de ontwikkelaar van Schalkwijk-Midden om daar uiteindelijk ook een tweede praktijk of ZOED te exploiteren. Dus volgens mij gaat dat op lange termijn hartstikke goed voor deze huisarts en op kort termijn, omdat
1
natuurlijk tijdelijke locaties ook nodig waren hebben we ook actief meegedacht, we hebben gemeentelijke locaties ook aangeboden om tijdelijke huisvesting te doen. Die heeft de huisarts afgewezen maar ik begrijp dat er inmiddels ook wel een oplossing is gevonden. Het Zilveren Kruis, de zorgverzekeraar, heeft daar ook een belangrijk rol gespeeld, want die heeft wel echt die verantwoordelijkheid en ik begrijp dat in ieder geval wordt gewerkt aan tijdelijke huisvesting in Schalkweide, dus dat is het verzorgingstehuis van Sint Jacob daar aan de Floris van Adrichemlaan. Dus dat eigenlijk denk ik het korte antwoord, dus ik hoop dat het goedkomt. De voorzitter: Dank u wel. Dus eventjes concreet, u zegt er is een oplossing gevonden waar deze huisarts terecht kan? Wethouder Roduner: Ja, we hadden eerder al een oplossing gevonden maar die heeft de huisarts afgewezen, dus daarin is denk ik ook een klein beetje zoekend van ja, wij doen ons best maar de huisarts moet zelf ook aan de bak, om even zo te zeggen. En ik denk dat deze huisarts laat zien ook in ieder geval voor de lange termijn, daar ook goede afspraken over te kunnen maken. Maar ik begrijp dat dit in ieder geval voor de middellange termijn dan een goede oplossing zou zijn. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we door naar de ChristenUnie. En als ik even kijk naar uw eerste vraag, dan denk ik dat die hierbij al beantwoord is.
En uw tweede misschien ook. Of heeft u nu nog een korte vraag aan de wethouder? Mevrouw Linder. Mevrouw Linder: Hij is eigenlijk wel, we hebben een antwoord. Dus dank u wel daarvoor. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we door, kijk dan gaan we toch nog vlot door de vragen heen. Dan komen we bij het CDA. Het woord aan de heer Dreijer. De heer Dreijer: Ja, dank u wel voorzitter. Het gaat over de registratie bij de BKR. Als je succesvol een schuldhulptraject hebt afgerond en je bent eventueel geregistreerd bij de BKR, dan blijft die registratie nog vijf jaar staan. En met mensen die lange tijd veel moeite hebben gedaan om juist uit de schuld te komen kan deze registratie enorm in de weg zitten. Bijvoorbeeld wanneer ze een woning willen kopen of huren of een telefoonabonnement wil afsluiten. De vier grote gemeenten Amsterdam, Rotterdam, Utrecht en Den Haag hebben vorig jaar besloten tot de kortere BKR-registratie. Door de BKR-registratie in te korten staan ze daar in plaats van vijf jaar nog maar zes maanden geregistreerd. Kan de gemeente Haarlem in navolging van bovengenoemde gemeentes ook voor haar inwoners de BKR-registratie aanpassen van vijf jaar naar zes maanden? Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Wethouder Van Loenen. Wethouder Van Loenen: Ja dit, ja dat is het korte antwoord. Jazeker, zijn we van plan. Ambtelijk wordt hier al aan gewerkt.
Ik dacht al wie zou die vraag gaan stellen, maar het CDA dus, heel goed, Maar ja, er wordt aan gewerkt en we verwachten in het voorjaar echt tot uitvoering over te kunnen gaan. Maar we gaan ook, qua besluitvorming gaan we het samen nemen met een besluit wat we moeten nemen over aangepaste beleidsregels voor heel schulddienstverlening. Dus daar wordt op voorbereid. Ja. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we naar de volgende. Dat is een vraag van de Actiepartij, de heer Van Leeuwen. Korte inleiding.
2
De heer Van Leeuwen: Ja, dank u wel. Een korte inleiding, het pand van de Kruisstraat nummer 30-32 staat leeg, komt leeg, Jan Sikkes zit daar, de oude Bijenkorf en wij zien in dat pand mogelijkheden met de grote begane grond om daar wellicht een fietsparkeerplaats voor te maken voor de binnenstad. We zien mogelijkheden op de grote verdiepingen om bijvoorbeeld te kijken voor de herhuisvesting van de Pletterij en als we actueel willen zijn kunnen we ook nog bedenken dat daar misschien wel ruimte voor een HOED of een ZOED of een huisartsenpraktijk zou zijn. Hoe kijkt het college daartegenaan? De voorzitter: Dank u wel. Het woord is aan de wethouder De Raadt. Wethouder De Raadt: Ja, dank u wel voorzitter. Ja, het college erkent de mogelijkheden die dit pand zou kunnen hebben. Afdeling Vastgoed heeft dan ook contact gezocht met de makelaar die dit pand beheert voor de eigenaar, maar op dit moment is nog niet bekend welke invulling hij aan dit pand wil geven. En wanneer er een update is dan zal ik u nader informeren. De voorzitter: Dank wel. Dan gaan we naar de vraag van de PvdA, dat is mevrouw Roodhuizen. Mevrouw Roodhuizen: Ja dank u wel, voorzitter. Haarlem is jaren verrijkt met een hertenkamp in de Haarlemmerhout en door landelijk beleid hebben we hier naar alle waarschijnlijkheid helaas afscheid van te nemen.
Uit de beantwoording van technische vragen van de Partij voor de Dieren geeft u aan dat de herten niet zullen worden verkocht en ook geeft de organisatie aan nog niet te weten wat te doen met de ruimte. Aangaande deze informatie hebben wij een paar vragen. Op welke termijn zou er besloten moeten worden wat er gaat gebeuren met de herten en de ruimte waar nu het hertenkamp staat? En daaropvolgend vinden wij het als Partij van de Arbeid belangrijk dat deze locatie een groene plek blijft waar jong en oud kunnen samenkomen en samen van de natuur kunnen genieten middels spelen. Wij hebben veel mooie voorbeelden gezien van natuurspeeltuinen in Amsterdam, maar ook in ons eigen Haarlem. En is de wethouder bereid om over zo'n natuurspeeltuin op de plek van het hertenkamp na te denken? De voorzitter: Dank u wel. Het woord aan de heer Berkhout. Wethouder Berkhout: Ja, het klopt dat inderdaad per 2024 het verbod op het fokken van damherten landelijk ingaat, maar het is niet zo dat dan de herten die in het hertenkamp zijn per direct weg moeten. Dus de herten kunnen gewoon blijven. Het is alleen wel zodat er geen nieuwe jonge herten kunnen worden gefokt, dus de groep wordt niet groter. Er is dus genoeg tijd, ik krijg mee herten kunnen wel achttien jaar worden, om eigenlijk die keuze te maken.
Mocht een andere invulling opportuun worden, dan zullen we dus gaan kijken naar alternatieven en daar zou dus een natuurspeeltuin tot de mogelijkheden behoren. Maar op dit moment is dus geen acute haast om daar een keuze over te maken. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we naar Hart voor Haarlem. Mevrouw Van Zetten. Mevrouw Van Zetten: Ja, in de Volkskrant van 10 februari lazen we dat onder de nieuwe cao sommige gemeenten, waaronder Haarlem stad van de Bevrijdingspop, bewust kiezen om 5 mei niet meer aan te wijzen als vaste verlofdag voor hun ambtenaren. Volgens Haarlem sluit deze vrije keus aan bij het interne beleid rond diversiteit en inclusie en juist passend bij de tijdgeest. Hart voor Haarlem heeft de volgende vragen, waar staan ze, wacht even hoor. Is het college bekend met dit standpunt van de eigen organisatie? Vindt het college het niet beschamend dat de viering van het einde van de Tweede Wereldoorlog wordt verbonden met intern modieus beleid rond diversiteit en inclusie? Is het college het niet eens met Hart voor Haarlem dat
3
Bevrijdingsdag 5 mei juist een dag is met gedeelde waarden, een seculier feest dat bij uitstek gezamenlijk moet worden gevierd. En is het college bereid om in gesprek te gaan met de ambtelijke organisatie? De voorzitter: Dank u wel. Dan geef ik het woord een wethouder De Raadt. Wethouder De Raadt: Dank u wel, voorzitter. Als antwoord op uw eerste vraag, ja het college is bekend met de keuze om niet actief lokale vrije dagen aan te wijzen en deze vergroting van de keuzevrijheid van verlofdagen die volgt uit de cao 2021-2022 die is afgesloten tussen de bonden en de VNG. Antwoord op uw tweede vraag, laat ik het eerst heel helder stellen, Haarlem hecht nog steeds evenveel waarde aan Bevrijdingsdag als voorheen. En in de Volkskrant wordt in één adem gesproken over 5 mei en diversiteit en inclusiviteit. Ik vermoed dat dit enigszins ongelukkig is verwoord waardoor er dus nu sprake is van een misverstand. Dat wil ik dan hier ook even rechtzetten. De gemeente Haarlem biedt in lijn met de landelijke cao maximale keuzevrijheid aan werknemers voor de inzet van bovenwettelijke verlof. En dat betekent dat 5 mei, maar ook Goede Vrijdag, niet meer standaard gelden als lokale vrije dagen. Onze medewerkers kunnen nu zelf bepalen of en wanneer zij een verlofdag opnemen.
Voor het merendeel van de organisaties in Nederland geldt dat 5 mei al een reguliere werkdag is en dat is nu dus ook zo in Haarlem, conform de cao Gemeente. En dan antwoord op uw derde vraag, het college is van mening dat het belang van het vieren van Bevrijdingsdag op 5 mei geenszins ter discussie staat. Dat blijkt ook uit de bijdrage die we leveren aan het Bevrijdingsfestival. Maar het één sluit het ander dus ook niet uit en het belang van 5 mei staat ons inziens dan ook los van de vraag of je als werkgever wil bepalen wanneer je medewerkers hun verlofuren inzetten. Tot zover, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Dan, ja één aanvullende vraag, maar kort. Mevrouw Van Zetten: Ik constateer dus dat het uiteindelijk de woordvoerder is geweest van de gemeente die met de Volkskrant heeft gesproken, dat die zich ongelukkig heeft uitgedrukt en dat dus dit niet zo had gemoeten. De voorzitter: Wethouder De Raadt. Wethouder De Raadt: Nee, dat klopt niet. Er zijn geen persvragen van de Volkskrant bij ons binnengekomen. Mijn vermoeden is dat de Volkskrant zich baseert op het onderzoek waar ze ook naar verwijzen en dat daaruit volgt dat enigszins ongelukkig is gecommuniceerd.
Wij vermoeden, als u me dan vraagt waar dat misverstand uit bestaat, zou zijn dat dus het afschaffen van de verplichte verlofdag voor Goede Vrijdag, dat dat een koppeling heeft met het diversiteit- en inclusiviteitbeleid, immers niet iedereen is christelijk, zelfs niet iedereen is religieus, dus dat heeft een koppeling met diversiteit en inclusie en voor 5 mei is het argument van de organisatie dat we maximale keuzevrijheid willen hebben voor onze medewerkers. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we nu naar mevrouw Moedt, Partij voor de Dieren. Mevrouw Moedt: Ja, dank u wel voorzitter. Op 6 en 7 februari jongstleden gaf het RIVM een stookalarm af voor diverse provincies, waaronder Noord-Holland, omdat de weersomstandigheden dusdanig waren dat rook bleef hangen en met name voor mensen met luchtwegaandoeningen is dat naar, want ze kunnen daardoor een verergering van een klachten krijgen. En ons viel op dat de gemeentelijke website en de gemeentelijke social media weinig tot geen aandacht aan dit probleem van de schadelijke gevolgen van houtstook besteedden. Gemeente Amersfoort doet dat bijvoorbeeld wel en onze vragen zijn, klopt het dat de gemeente Haarlem zich middels het Schone luchtakkoord heeft gecommitteerd aan het geven van voorlichting over de schadelijke gevolgen van houtstook? Ziet het college mogelijkheden om de communicatie over de schadelijke
4
gevolgen van houtstook te verbeteren? Ziet het college mogelijkheden om, zodra landelijke wetgeving dit mogelijk maakt, strenge eisen te gaan stellen aan het stoken van hout in Haarlem? En als laatste, ziet het college mogelijkheden om het goede voorbeeld te geven en het stadhuis op een andere manier dan met houtpellets te gaan verwarmen? Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan geef ik het woord aan wethouder Berkhout. Wethouder Berkhout: Ja dank u wel. Om uw vragen af te gaan, de eerste vraag, klopt het dat de gemeente Haarlem zich middels het Schone luchtakkoord heeft gecommitteerd aan het geven van voorlichting? Ja. De tweede vraag over de communicatie, momenteel leunt Haarlem voor algemene voorlichting over houtstookeffecten en zorgvuldiger stookgedrag vooral op de site van de GGD. En dan heeft u de vraag over als er nou landelijke wetgeving is die hier ons wat meer instrumenten geeft, willen we dat ook gaan toepassen? Effectieve mogelijkheden om op te treden tegen de overlast van houtstook zijn zeer welkom, zoals u weet zijn die nog beperkt voorradig, dus als we dat hebben zullen we dat ook in Haarlem willen gaan benutten. De bijdrage van houtrook aan schadelijke luchtverontreiniging wordt immers steeds belangrijker. Maar let wel op, als we effectieve mogelijkheden hebben met landelijke wetgeving, betekent dat ook dat er handhavingscapaciteit beschikbaar moet zijn.
Dus dat is dan een vervolgend aandachtspunt. En uw laatste vraag over de houtpelletkachel, de geïnstalleerde pelletkachel wordt periodiek gekeurd en goed onderhouden om vooral ook te waarborgen dat de uitstoot aan de geldende normen voldoet. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we verder, vraag van Trots Haarlem, de heer Van den Raadt. De heer Van den Raadt: Het college vindt onderwijs en creëren van kansen en het voorkomen van achterstanden en tweedeling heel belangrijk, lees ik altijd. Maar als peuter kan je met achterstand een VVEverklaring krijgen en de afspraak was vroeger dat je dan met twee jaar naar school ging en nu is het met tweeënhalf jaar opgeplust. Maar wat blijkt nu, wij horen dat dat nog helemaal niet goed werkt want met tweeënhalf en een Vve-verklaring word je nog niet geplaatst op je voorkeurslocatie en krijg je zelfs ook nog geen alternatieve locatie aangeboden. Dus die kinderen zitten gewoon nog langer thuis dan wenselijk is. Is het college bereid actie te ondernemen? Is het college bereid eens in gesprek te gaan over die problemen, die natuurlijk ook deels veroorzaakt worden doordat het college alles volbouwt maar voor de rest niet naar alternatieve ruimtes kijkt. Dank u. De voorzitter: Dank u wel. Dan geef ik het woord een wethouder Van Loenen en u vervangt wethouder Van Leeuwen, begrijp ik.
Wethouder Van Loenen: Ja, maar ik heb ook in die zin niet beter nieuws dan dat hij zou kunnen hebben. We hebben niet tijdig genoeg de informatie die u vraagt, vooral over de achterstanden, hebben we boven tafel kunnen krijgen. Dus ons voorstel is om daar schriftelijk op terug te komen. De voorzitter: De heer Van den Raadt. De heer Van den Raadt: Ja, dan een vraag om daar wel op terug te komen voordat we straks besluiten dat hier natuurlijk extra mensen, opvang en vluchtelingen komen, want die gaan ook allemaal VVE-verklaringen krijgen. Dus het is echt een dringend probleem. De voorzitter: Dan gaan wij verder naar, u heeft geen? Nee, oké. Vraag van de PvdA, de heer Heinis.
5
De heer Heinis: Dank u wel, voorzitter. We hebben een vraag over de voortgang van het oplossen van de huurmisstanden aan de Zijlweg 245. We kregen in december een brief, een raadsinformatiebrief, en daarin werd uitleg gegeven over de acties die na de commissievergadering waren genomen en dat vonden wij heel erg hoopvol, er zat veel actie en er stond in de brief ook, in december volgt een gezamenlijke schouw. In het Haarlems Dagblad lazen we vorige week dat die tot twee keer aan toe is uitgesteld, wat natuurlijk heel erg jammer is. En tegelijkertijd zagen we ook in de uitzending van BOOS, er werd verteld we hebben nog weinig tot niks zien veranderen en we ontvingen ook weer een mail van de Woonoproer waarin eigenlijk dezelfde boodschap was. Dus we zijn benieuwd wat is nou de indruk van het college, dat er wel iets gebeurt, of dat er weinig gebeurt. Wanneer staat de schouw nu gepland? En is het ook misschien mogelijk dat we als raadsleden bijwonen of dat er een aparte bijeenkomst wordt gepland? En natuurlijk of we zo snel mogelijk de uitkomsten te horen kunnen krijgen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan geef ik het woord aan wethouder Roduner. Wethouder Roduner: Ja, dank u wel. Er zijn de afgelopen periode wel werkzaamheden uitgevoerd in complex om een aantal problemen aan te pakken, al vrij snel na die meeting, in ieder geval voor brandveiligheid.
Maar het klopt, wij hadden ook in dat gesprek een schouw afgesproken en inderdaad, helaas is die een paar keer al verplaatst. Hij staat nu in maart gepland. Het blijft lastig blijkbaar om die schouw te plannen vanwege alle betrokken partijen en de medewerking ook van de eigenaar en deskundigen die daarbij wenselijk zijn. We zijn toch ook een afhankelijk van de medewerking van de eigenaar en betrokken partijen om dat te doen, dus we hebben niks om dat af te dwingen. Maar als die, ik ga daar wel even achteraan, als het in maart niet gebeurd is dat we escaleren in ieder geval op bestuurlijk niveau om te kijken of we dat vlot kunnen trekken. Want dat is wel een afspraak die we met elkaar gemaakt hebben en ik ga ervan uit dat we dat ook na, dat de eigenaar dat ook na gaat komen. We zullen u informeren als die schouw is geweest, of als hij niet is geweest, dan zorg ik dat u die informatie daarover krijgt. Ik denk niet dat het handig is om dan die schouw met een delegatie van raadsleden te doen. Het is een afspraak tussen het college en de eigenaar, hebben we in ieder geval gemaakt met ook de beheerder en de veerhuurder van het complex. Vrij technisch denk om te kijken welke problemen zijn er en welke worden aangepakt. We kunnen nog even vragen of er nog ruimte is, aan de eigenaar, verhuurder, beheerder om te kijken of de raadsleden ook welkom zijn. Dat kunnen we even navragen.
Maar ik zou niet de voorkeur hebben voor een gezamenlijke bijeenkomst. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we door naar een vraag van Hart voor Haarlem, mevrouw Van Zetten. Mevrouw Van Zetten: Ja, aan de Botermarkt zit een ambachtelijke biologische bakker, die is niet heel erg zichtbaar en hij is ook niet elke dag open, maar als ze open zijn dan staat er een bak, een bord op de stoep waarin het brood natuurlijk wordt aangeprezen. Onlangs kwam handhaving daar langs en kreeg de bakker te horen dat dit bord niet was toegestaan, want de doorgang op de stoep werd gehinderd. En Hart voor Haarlem heeft de volgende vragen. Hoe verhoudt dit geval van handhaving zich met het gedogen van al die uitstallingen en doortochtverhinderende obstakels in de binnenstad? Is het college het niet eens met Hart voor Haarlem dat er sprake is van willekeur? Moeten wij niet juist op de bres staan voor die weinige, ambachtelijke bakkers die hun bijdrage leveren aan onze gezonde levensstijl en die het al moeilijk genoeg hebben met het stijgende energie- en graanprijzen? De voorzitter: Dank u wel. Dan geef ik het woord aan burgemeester Wienen. Burgemeester Wienen: Dank u wel, voorzitter. Handhaving is na de coronaperiode systematisch bezig om te kijken naar de obstakels en daar ook degenen die obstakels aanbrengen die niet zijn toegestaan, om die
6
daarop aan te spreken en als dat niet helpt eventueel ook te sanctioneren. En ik denk dat dat een hele goede zaak is want terecht zegt u, je ziet inderdaad in de binnenstad op meer plekken problemen en daar wordt dus werk van gemaakt. Dat is één. Twee, is er sprake van willekeur? Nee, zeker niet. Ook anderen worden daarop aangesproken, dus het is zeker niet zo dat dat zich op deze winkel specifiek richt. Wij hebben ook een toegankelijkheidsbeleid, ik bedoel de winkel is één ding, die wil graag zijn reclame-uiting laten zien. Maar we hebben ook gezegd van het mag niet meer dan een meter uit de gevel en het moet anderhalve meter vrije doorgang blijven. Dat betekent dat niet alles toegestaan is en dat is juist geen willekeur. En dat is ook meteen het antwoord op de derde vraag, natuurlijk vind ik het fantastisch, een bakker die mooi ambachtelijk brood bakt, hartstikke goed. Ik kan me nog herinneren toen ik hier kwam de eerste de beste vergadering dat ik zei, wat mij betreft zou ik wel wat meer bakkers in Haarlem willen zien. Dus dat staan we helemaal aan uw kant, maar niet door te zeggen dan het gelden de regels niet, want dat zou willekeur zijn. De voorzitter: Dank u wel. Korte vraag nog, mevrouw Van Zetten.
Mevrouw Van Zetten: Ik heb natuurlijk naar aanleiding van deze gedachte daar even rondgekeken en foto's gemaakt en dan zou ik wel, met inderdaad een erbarmelijk veel rotzooi op de stoep, dus wat mij betreft is er wel sprake van willekeur en dan zou ik wel een lijst willen ontvangen van andere etablissementen en winkels die dan ook handhavers op de stoep hebben gehad. Want ik denk dat er wel met twee maten wordt gemeten. Gaat u maar eens even rond, we kunnen samen weleens een rondje maken hoe erg het is. De voorzitter: Dank u wel. De heer Wienen. Burgemeester Wienen: Ik heb aangegeven dat het inderdaad zo is, dat na de coronaperiode er, in de coronaperiode is er minder stringent op dit soort zaken gehandhaafd en vervolgens pak je het weer op. En daarbij wordt er systematisch langsgegaan, worden dingen aangesproken. Wil niet zeggen dat je drie dagen later niet op een andere plek iets tegen zou kunnen komen. Maar wij blijven daarmee bezig. Zo'n lijst ga ik niet maken, want dan blijf je bezig. Dat dat heeft geen enkele zin, zeker niet als het gaat in de vorm van gesprekken. Dat is de manier waarop het meestal gaat, van joh dit mag niet, moet je anders neerzetten.
Volgens mij hartstikke goed, daar hebben we handhavers voor en dat het op plekken niet goed gaat, ik loop ook heel veel in de binnenstad, ik registreer het ook zo nu en dan en soms dan vraag ik aan handhaving, waarom gebeurt hier niks? De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Van Zetten: En wat is dan het antwoord? De voorzitter: Mevrouw Van Zetten, ik wil interruptie, nee het gaat altijd via de voorzitter ook, maar ik denk dat er voldoende antwoord is gegeven. Dus we gaan nu verder naar de laatste vraag van Trots Haarlem en de heer Van den Raadt. De heer Van den Raadt: Dit is naar aanleiding van een uitzending van Radar van 13 februari. En dat gaat over, trouwens hebben ze het in 2018 ook over dus kennelijk hardnekkig probleem. Maar het gaat over de energielabels bij woningcorporaties, die schijnen niet te kloppen. Kan het college daar in Haarlem iets aan doen? En kunnen dan wooncorporaties misschien subsidie krijgen om het wel in orde te krijgen? Want de huurder is nu de dupe. De voorzitter: Dank u wel. Dan geef ik het woord aan wethouder Roduner.
7
Wethouder Roduner: Dank u wel. Ja het klopt dat niet alle sociale huurwoningen een juist energielabel hebben. Dat is niet zo raar en dat is ook logisch te verklaren. Een paar oorzaken liggen daaraan ten grondslag. Het kunnen bijvoorbeeld woningen zijn waar net wat verbeterd is in de energiehuishouding maar waar nog geen nieuw label voor is aangevraagd. Dus dat zijn de positieve gevallen. Er is sinds twee jaar ook een nieuwe rekenmethodiek voor energielabels, dus niet alle labels zijn omgerekend en de nieuwe methode kan ook effect hebben op het label. En hele oude labels die verlopen langzamerhand, die moeten dan, die worden dan zonder label weergegeven terwijl ze wel een oud label hadden. Zo zit er ook nog een hele technische wereld achter. Woningcorporaties proberen het proces ook een beetje vooral efficiënt doen. Dus per blok bijvoorbeeld, niet per woning maar per blok gewoon kijken of je die van een energielabel kan voorzien. En ik denk, dat is heel belangrijk voor de huurder, bij mutatie, dus als er een nieuwe huurder in een woning intrekt dan is het ook echt verplicht om dan een actueel geldig label te hebben voor die woning. Voor zittende huurders maakt een label natuurlijk niet zoveel uit want hun huis blijft hetzelfde. Maar voor nieuwe huurders is heel belangrijk om te weten wat voor type woning zij instappen.
En ik denk dat het vooral belangrijk is dat we met z’n allen inzetten om het zo snel mogelijk aan de slag te gaan met het verduurzamen van de woningen. Want daar heeft de huurder dan ook echt het meeste profijt van. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Van den Raadt. De heer Van den Raadt: Daarom vroeg ik, kunnen ze dan subsidie krijgen. Maar misschien is het leuk om rondje te doen langs al die B-labels waar mensen met drie dekens binnen zitten. Sluiting De voorzitter: Goed. Dan constateer ik dat we alle vragen behandeld hebben en dank ik u voor meewerken aan korte vraagstelling en beantwoording. Ik sluit hiermee het vragenuur en om tien over vijf gaan we verder met commissie Bestuur.
8