CConstaterende datGroningen
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 3 Bijna onontkoombare knelpunten.pdf

gemeenteraad 1 juli 2026, gemeente GroningenBij agendapunt: *: VOORJAARSBRIEF 2026 EN FINANCIEEL MEERJARENBEELD 2027-20303.331 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Bijlage 3 – Voorjaarsbrief 2026

Bijna onontkoombare knelpunten Bijna onontk oom ba re k nelpunten 1 Onderhoud openbare ruimte- kosten sociaal werkgeverschap 2 Kostendekkendheid bedrijfsafval 3 Areaaluitbreiding brugbediening 4 Noodzakelijk onderhoud sanitaire units bijzondere woonvormen 5 Beheer- en onderhoudskosten Dudok 6 Ontzorgen statushouders 7 Bijzondere Bijstand 8 Wet Kinderopvang 9 Individuele Inkomenstoeslag 10 Begeleiding statushouders Thuisin050 Begeleiding statushouders Thuisin050 11 Jeugdzorg 12 Zorgkosten WMO 13 Beschermd wonen 14 Maatschappelijke opvang / Vrouwenopvang (MO /VO) 15 Veilig Thuis Groningen en Centrum Seksueel Geweld 16 WIJ Groningen 17 Wet Open Overheid (met DMO en SO) Wet Open Overheid (met DMO en SO) 18 Nieuwe CAO uitzendkrachten 19 Vervangen SBR-kunstgrasvelden en saneren SBR-korrels Tota a l bijna onontk oom ba re k nelpunten

2027 0 -558 -43 -70 -151 -435 -450 -200 -350 -581 -130 0 329 -155 -1.162 -1.020 -493 -339 -95 -1.763 -114 - 7. 779

s s s i s i s s s i s s s s s s i s i s i

2028 0 -558 -37 -70 -151 0 -450 -200 -550 -596 -130 -7.200 587 -528 -430 -1.020 0 -339 -95 -1.763 0 - 13. 530

2029 0 -558 -37 -70 -151 0 -450 -200 -625 -341 -130 -8.600 862 -1.583 -682 -1.020 0 -339 -95 -1.763 -34 - 15. 815

2030 -454 -558 -37 -70 -151 0 -450 -200 -625 -103 -130 -7.400 841 -2.670 -740 -1.020 0 -339 -95 -1.763 0 - 15. 964

2031 -454 -558 -37

2032 -454 -558 -37

-151 0 -450 -200 -625 0 -130 -7.400 841 -2.670 -740 -1.020 0 -310 0 -1.763 0 - 15. 666

-151 0 -450 -200 -625 0 -130 -7.400 841 -2.670 -740 -1.020 0 -310 0 -1.763 0 - 15. 666

Alle bedragen in duizenden euro’s (x 1.000 euro)

Toelichting bijna onontkoombare knelpunten 1. Onderhoud openbare ruimte- kosten sociaal werkgeverschap SW medewerkers worden ingezet voor het onderhoud van de stad. Doordat instroom in de sociale werkvoorziening sinds 2015 niet meer mogelijk is, stijgen de kosten die gemoeid zijn met sociaal werkgeverschap. De meerkosten tot en met 2029 zijn gedekt. De uitstroom zal daarna ook doorgaan. Hiervoor zijn aanvullende middelen nodig. Het gaat om 382 duizend euro vanaf 2030. De formatie-uitbreiding van 9,0 fte leidt vanaf 2030 tot een verhoging van de overhead van 72 duizend euro. 2. Kostendekkendheid bedrijfsafval In de begroting 2026 houden we (structureel) rekening met een voordeel op bedrijfsafval (De kostendekkendheid in de begroting 2026 is 107%). Dit heeft geleid tot een structureel voordeel van 558 duizend euro ten gunste van de algemene middelen. In 2025 werd duidelijk dat door diverse ontwikkelingen de inkomsten van bedrijfsafval onder druk staan en het in de begroting 2026 opgenomen structurele voordeel niet wordt niet gerealiseerd. Dit betekent dat de geraamde inkomsten naar beneden moeten worden bijgesteld. Dit leidt tot een structureel nadeel van 558 duizend euro. 3. Areaaluitbreiding brugbediening Bij Meerstad komt een nieuwe brug/sluiscombinatie. De brug en sluis worden op afstand bediend vanuit het Havenkantoor.

Voor de bediening en het onderhoud van de glasvezelverbinding is extra capaciteit nodig. De kosten zijn 43 duizend euro in 2027 en 28 duizend euro vanaf 2028. De formatie-uitbreiding van 0,3 fte leidt vanaf 2028 tot een verhoging van de overhead van 9 duizend euro. 4. Noodzakelijk onderhoud sanitaire units bijzondere woonvormen Bijzondere Woonvormen beheert 95 sanitaire units. Di zijn stenen gebouwtjes waar huurders een douche, toilet en wasruimte houden. Die units zijn dit jaar door een externe partij geïnspecteerd. Bij die inspectie zijn gebreken en noodzakelijke vervangingen geconstateerd die op korte termijn moeten aangepakt (binnen nu tot 5 jaar). Een deel van de kosten moet al in 2026 worden gedekt. In de jaren 2027-2030 is 70 duizend euro per jaar nodig.

1

Bijlage 3 – Voorjaarsbrief 2026

5. Beheer- en onderhoudskosten Dudok Bij de kredietaanvraag voor de bouw van Dudok aan het Diep is besloten het onderhoud op een hoger niveau uit de voeren. De meerkosten hiervan waren tot en met 2026 gedekt. Vanaf 2027 zijn de kosten 151 duizend euro per jaar. 6. Ontzorgen statushouders We hebben een tekort op de middelen voor de uitvoering van de wet inburgering. Dit komt omdat er geen directe koppeling is tussen de middelen die we van het rijk ontvangen en de omvang van de taakstelling. Een van de taken die we hebben in het kader van de Wet inburgering 2021 is het financieel ontzorgen van statushouders gedurende het eerste halfjaar dat zij zelfstandig wonen. Dit gebeurt door de Gemeentelijke Kredietbank. We ramen het tekort in 2027 op 333 duizend euro. Voor 2028 bekijken we op basis van de nieuwe taakstelling wat de benodigde inzet dan zal zijn. De formatie-uitbreiding van 3,5 fte leidt in 2027 tot een verhoging van de overhead van 102 duizend euro. 7. Bijzondere Bijstand De verstrekkingen voor de bijzondere bijstand in 2025 zijn gestegen. We verwachten dat deze stijging zich doorzet in 2026 en verder. De stijging doet zich vooral voor bij de medische dienstverlening, voorzieningen voor het wonen (o.a. de woonkosten en de vergoeding voor inrichting en huisraad), de witgoedregeling en de post PGB beheer / mentorschap.

Daarnaast is bij de maaltijdvoorziening sprake van een forse prijsstijging als gevolg van hogere loonkosten en toegenomen transportkosten. We verwachten vanaf 2027 een tekort op de bijzonder bijstand en de maaltijdvoorziening van 450 duizend euro. 8. Wet Kinderopvang De stijging van de uitgaven van de Wet Kinderopvang zijn ook in 2025 verder toegenomen. De hogere uitgaven worden veroorzaakt doordat steeds meer ouders langdurig en intensief gebruik maken van een tegemoetkoming kosten kinderopvang o.g.v. sociaal medische indicatie als gevolg van complexe problematiek in gezinnen. Tegelijkertijd stijgen de prijzen van de kinderopvang en zijn de GGZwachtlijsten langer. De lange wachtlijsten en langdurige behandeltrajecten leiden tot een verdere toename van de kosten. Hierdoor is er sprake van een structureel tekort op de regeling. We verwachten vanaf 2027 een tekort op de Wet Kinderopvang van 200 duizend euro. 9. Individuele Inkomenstoeslag We verwachten een tekort op de Individuele inkomenstoeslag. Dit tekort hangt samen met de verhoging van het wettelijk minimumloon en de doorwerking naar de bijstandsnormen. De bedragen voor de IIT zijn daarvan afgeleid. We verwachten een tekort van 350 duizend euro in 2027, 550 duizend euro in 2028 en 625 duizend euro vanaf 2029. 10.

Begeleiding statushouders Thuisin050 De hoge instroom van statushouders en stijgende taakstelling leiden tot extra instroom van statushouders bij Thuisin050, de afdeling van de gemeente Groningen die verantwoordelijk is voor de uitvoering van de Wet inburgering 2021 (Wi2021). Om wachtlijsten te voorkomen en aan de wettelijke termijn van 10 weken tussen huisvesting en vaststelling PIP te kunnen voldoen, is het nodig om de formatie van Thuisin050 op sterkte te houden. We verwachten een tekort van 473 duizend euro in 2027, 487 duizend euro in 2028 en 287 duizend euro in 2029 en 81 duizend euro in 2030. De formatie-uitbreiding leidt tot een verhoging van de overhead van 108 duizend euro in 2027, 109 duizend euro in 2028, 54 duizend euro in 2029 en 22 duizend euro in 2030. Daarnaast zijn er extra middelen nodig voor de bekostiging van de medewerker huisvesting om te zorgen dat de taakstelling huisvesting wordt gehaald. Tot slot zijn er extra middelen nodig voor de Zroute en B1-route trajecten, zodat statushouders zo snel mogelijk participeren en re-integreren. 2

Bijlage 3 – Voorjaarsbrief 2026 Hiervoor aanvullend vanaf 101 duizend euro structureel nodig voor een medewerker huisvesting. De formatie-uitbreiding van 1 fte leidt vanaf 2027 tot een verhoging van de overhead van 29 duizend euro. 11. Jeugdzorg Op basis van de ontwikkelingen in 2025 zijn de jeugdzorgkosten voor de komende jaren geactualiseerd. Daarbij is een inschatting gemaakt van de volumeontwikkelingen in de jeugdzorg in de komende jaren. Vooralsnog houden we voor de jaren 2027-2029 rekening met een volumegroei van 2% per jaar. Voor 2030 houden we vooralsnog geen rekening met volumegroei omdat we er vanuit gaan dat er een plafond aan de groei zit. Vanaf 2028 hebben we te maken met een (landelijk) opgelegde taakstelling vanuit de hervormingsagenda. De totale taakstelling voor Groningen is 23,1 miljoen euro en bestaat uit de volgende onderdelen: Tek ort jeugdzorg Opbouw ta a k s telling herv orm ings a genda Vanuit de Hervormingsagenda Indexatie hervormingsagenda (2025) Sturen op verkorten trajectduur (2025 Invoering eigen bijdrage Tota a l ta a k s telling herv orm ings a genda

2027

2028

2029

2030

2031

2032

2.600

9.800 8.100 1.100 4.100 23. 100

9.800 8.100 1.100 4.100 23. 100

9.800 8.100 1.100 4.100 23. 100

9.800 8.100 1.100 4.100 23. 100

9.800 8.100 1.100 4.100 23. 100

2. 600

In de begroting 2026 hanteerden we het uitgangspunt dat de taakstelling uit de hervormingsagenda kon worden gerealiseerd door een verlaging van de kosten bij jeugdzorg als gevolg van maatregelen uit de hervormingsagenda of aanvullende middelen door het Rijk. De taakstelling was daarmee niet zichtbaar als tekort in de (meerjaren)begroting 2026. In het actuele financiële beeld hebben we een inschatting gemaakt van welk deel van de taakstelling we kunnen realiseren. Hiervoor hebben we gekeken naar de realisatie over 2025 (op basis van de voorlopige rekening 2025) en is een inschatting gemaakt van de het effect op de zorgkosten van de hoogspecialistische hulp, aanvullende hulp en overige maatregelen uit de hervormingsagenda. Daarnaast is een inschatting gemaakt van de compensatie die het Rijk beschikbaar gaat stellen. Het rijk heeft de taakstelling voor Groningen in 2025 verhoogd met 9,2 miljoen euro (8,1 miljoen euro indexering taakstelling en 1,1 miljoen euro verkorten trajectduur). Deze verhoging was in strijd met het advies van de deskundigencommissie en deze taakstellingen zijn niet onderbouwd. Ook wil het kabinet vanaf 1 januari 2028 een inkomensafhankelijke eigen bijdrage invoeren voor sommige vormen van jeugdhulp. Voor Groningen is deze eigen bijdrage berekend op 4,1 miljoen euro. De uitwerking van de regeling is nog niet duidelijk.

Vooralsnog houden we er rekening mee dat de verhoging van de taakstellingen in 2025 (9,2 miljoen euro) wordt gerealiseerd door maatregelen uit de hervormingsagenda of door het Rijk wordt gecompenseerd. En houden we er rekening mee dat de voor Groningen geraamde eigen bijdrage van 4,1 miljoen euro volledig wordt gerealiseerd. Dit is een risico omdat in het verleden de eigen bijdrage in Groningen nooit volledig kon worden gerealiseerd omdat in Groningen het gemiddeld inkomen lager ligt dan landelijk. Het totale knelpunt voor jeugdzorg komt daarmee op een tekort van 7,2 miljoen euro in 2028, 8,6 miljoen euro in 2029 en 7,4 miljoen euro vanaf 2030. Het advies van de VNG gaat nog een stap verder. De VNG adviseert uit te gaan van realistische kostenramingen en daarnaast te werken met stelposten. Gemeenten kunnen rekening houden met maatregelen uit de Hervormingsagenda Jeugd en kunnen deze budgetneutraal verwerken. Daarmee ontstaat op het onderdeel Hervormingsagenda geen nadeel. We komen in de begroting 2027 terug op hoe we hiermee omgaan. Begin 2027 verschijnt het advies van de Deskundigencommissie Hervormingsagenda Jeugd. Dat advies moet meer duidelijkheid geven over de verhouding tussen kosten en beschikbare middelen en wat de commissie daarover adviseert. 3

Bijlage 3 – Voorjaarsbrief 2026

Tek ort jeugdzorg Tota a l ta a k s telling herv orm ings a genda Mogelijk e rea lis a tie ta a k s telling herv orm ings a genda Transformatie zorglandschap en maatregelen hervormingsagenda Ex tra gelden Rijk Inkomsten eigen bijdragen + stelpost 1,1 miljoen euro Tota a l m ogelijk e rea lis a tie ta a k s telling Tek ort ta a k s telling

2027 2. 600

2028 23. 100

2029 23. 100

2030 23. 100

2031 23. 100

2032 23. 100

2.600

3.700 9. 200 4.100 17. 000 - 6. 100

5.000 9. 200 4.100 18. 300 - 4. 800

6.700 9. 200 4.100 20. 000 - 3. 100

6.700 9. 200 4.100 20. 000 - 3. 100

6.700 9. 200 4.100 20. 000 - 3. 100

-2.100 -500 1.500 - 1. 100 - 7. 200

-4.500 -1.000 1.700 - 3. 800 - 8. 600

-4.700 -1.100 1.500 - 4. 300 - 7. 400

-4.700 -1.100 1.500 - 4. 300 - 7. 400

-4.700 -1.100 1.500 - 4. 300 - 7. 400

2. 600 0

Ov erig k nelpunt jeugdzorg Volume stijging jeugdzorg (+2% in 2028 en 2029) Effect indexatie (en afronding) Ruimte meerjarenraming Tota a l ov erig k nelpunt jeugdzorg Bijna onontk oom ba a r k nelpunt jeugdzorg

12. Zorgkosten WMO De meerjarenraming voor de zorgkosten WMO is geactualiseerd op basis van de ontwikkelingen in 2025 en recente inzichten over onder andere prijs- en volume-effecten. Ten opzichte van de in de begroting 2026 opgenomen ontwikkelingen is er per saldo sprake van een voordeel, onder andere bij collectief vervoer in verband met het aflopen van in de corona periode afgesproken fluctuatievergoeding en een kleine bijstelling in geraamde aantallen huishoudelijk hulp. Verder is de volumegroei op een aantal onderdelen neerwaarts bijgesteld, waardoor het voordeel in latere jaren iets oploopt. We houden rekening met een voordeel van 329 duizend euro in 2027, 587 duizend euro in 2028, 862 duizend euro in 2029 en 841 duizend euro vanaf 2030. In de zomer volgt er een update in verband met aanbesteding van de GON en zo mogelijk met het effect van de voorgenomen rijksmaatregelen bij de WMO. 13. Beschermd wonen Op basis van de conceptbegroting 2027 van de centrumregeling Beschermd wonen, moet de bijdrage van de gemeente Groningen worden verhoogd. Het nadeel ontstaat omdat de volumecompensatie van het rijk en de geraamde groei van beschermd wonen niet in evenwicht zijn. Het rijk heeft de volumecompensatie al paar jaar verlaagd naar aanleiding van de overgang van cliënten naar de Wet Langdurige Zorg (WLZ). Hierdoor wordt de groei niet voldoende gecompenseerd.

Van de voor 2027 geraamde groei van 3,3% wordt maar 0,86% gecompenseerd door het rijk. De geraamde groei van 3,3 procent komt door: ▪ Doorlopende groei van het aantal plaatsen “Thuis Plus” van 25 (2%). ▪ Extra groei van aantal plaatsen “toezicht nabij en op afroep” van 20 (1,3%) om wachtlijsten weg te werken. We houden rekening met een nadeel van 155 duizend euro in 2027, 528 duizend euro in 2028, 1,6 miljoen euro in 2029 en 2,67 miljoen euro vanaf 2030. 14. Maatschappelijke opvang / Vrouwenopvang De begroting van de centrumregeling Maatschappelijke opvang / vrouwenopvang (MO/VO) is gebaseerd op regionaal Actieprogramma Dak- en thuisloosheid Groningen en de transformatiebeweging waarbij opvang voorkomen moet worden en MO/VO een noodvoorziening is voor kwetsbare bewoners. Toewerken naar minder opvang is een langjarig traject en gezien krappe woningmarkt moeten alle zeilen bijgezet worden. Ondertussen is er sprake van een toenemende verblijfsduur en lagere uitstroom. De opvanglocaties zitten (over) vol.

Dit heeft zijn weerslag op de regiobegroting waarin extra incidentele en structurele kosten zijn opgenomen: ▪ Extra structurele kosten door verhuizing, verduurzaming en verruiming (0,3 miljoen euro); ▪ Voor doelgroep “woonvaardigen (die eigenlijk niet in MO thuishoren)”is extra tijdelijke huisvesting geregeld (1 miljoen euro in 2027); ▪ Extra gedragswetenschapper door overvolle opvang (0,2 miljoen euro); ▪ Versterking pilots samenwerking complexe doelgroepen (0,35 miljoen euro).

4

Bijlage 3 – Voorjaarsbrief 2026 De hogere kosten de regionale begroting leiden voor de gemeente Groningen tot een nadeel van 1,162 miljoen euro in 2027, 430 duizend euro in 2028, 682 duizend euro in 2029 en 740 duizend euro vanaf 2030. 15. Veilig Thuis Groningen en Centrum Seksueel Geweld Dit knelpunt heeft betrekking op Veilig Thuis Groningen (VTG en het Centrum Seksueel Geweld (CSG). Veilig Thuis Groningen (VTG) valt onder een regionale wettelijke taak. Structureel zijn de beschikbare middelen al lager dan de kosten van de taken uitgevoerd door VTG. Daarnaast zien we elk jaar het aantal meldingen stijgen. Om te komen tot een duurzame begroting, zijn de middelen die nu structureel beschikbaar zijn onvoldoende. VTG speelt een cruciale rol in de gehele veiligheidsketen. Als de kwaliteit onvoldoende gewaarborgd is, heeft dit grote consequenties voor de meest kwetsbare inwoners. Het Centrum Seksueel Geweld (CSG) is een regionale voorziening die deel uitmaakt van een landelijk stelsel. In iedere regio is een CSG aanwezig en zij worden gefinancierd vanuit de Decentralisatie Uitkering Vrouwenopvang (DUVO), eventueel aangevuld met gemeentelijke middelen.

Conform landelijke afspraken met het Ministerie van VWS is het CSG verantwoordelijk voor het aannemen van meldingen seksueel geweld en voor het bieden van hulp en ondersteuning aan slachtoffers bij het verdere traject (medisch, forensisch, juridisch en psychosociale nazorg). De afgelopen jaren is het aantal meldingen seksueel geweld aanzienlijk gestegen (jaarlijks met 13%) en we verwachten dat deze stijging zich de komende jaren verder zal doorzetten. Een stijging van het aantal meldingen betekent meer inzet op medisch en forensisch onderzoek en op psychosociale nazorg en dit leidt tot extra kosten. Binnen de DUVO zijn geen middelen beschikbaar om deze kosten te kunnen dekken. Hiervoor zal een beroep gedaan worden op de Groninger gemeenten, op basis van inwoneraantal. Vooralsnog houden we rekening met een structureel knelpunt van 1,02 miljoen euro vanaf 2027. 16. WIJ Groningen De begroting van WIJ Groningen bestaat uit drie geldstromen: de reguliere opdracht (RO), de basis Jeugdhulp (BJH) en tijdelijke deelopdrachten. In de afgelopen jaren heeft WIJ Groningen middelen voor tijdelijke deelopdrachten in moeten zetten voor dekking van reguliere taken. De begroting van de reguliere opdracht en basisjeugdhulp is dus niet structureel in evenwicht. Voor een toekomstbestendige WIJ Groningen is dit wel belangrijk.

Tegelijkertijd spelen inhoudelijke en organisatorische ontwikkelingen mee. WIJ Groningen heeft aangegeven dat het met de huidige middelen niet voldoende toekomt aan de basisopdracht Jeugd en Samenlevingsopbouw & Preventie. Daarom werken WIJ Groningen en gemeente gezamenlijk aan een herijking van de opdracht. De keuzes die hierbij worden gemaakt, hebben directe gevolgen voor zowel de benodigde middelen als de verdere organisatie-inrichting. Vooralsnog houden we rekening met een tekort van 493 duizend euro in 2027. De consequenties van de herijking van de opdracht aan de WIJ worden betrokken bij het opstellen van de begroting 2027. 17. Wet Open Overheid Het aantal verzoeken op basis van de Wet Open Overheid ( Woo verzoeken) stijgt. In 2025 hebben we 26% meer passieve Woo verzoeken ontvangen dan in 2024. Dit vraagt een grote inspanning van de gemeentelijke organisatie. De verwachting is dat door de invoering van de wettelijk verplichte actieve Woo, de komende jaren het aantal passieve Woo verzoeken verder toe zal nemen. De uitvoering van de Woo betreft een wettelijke taak met dwingende termijnen. Niet-tijdige afhandeling leidt tot juridische risico’s, bezwaar- en beroepsprocedures en bestuurlijke en reputatierisico’s. Vooralsnog houden we rekening met structurele meerkosten van 237 duizend euro vanaf 2027 en incidentele meerkosten van 95 duizend euro in de jaren 2027 -2030.

De formatie-uitbreiding van 3,5 fte leidt in 2027-2030 tot een verhoging van de overhead van 102 duizend euro. Vanaf 2031 leidt de formatie-uitbreiding van 2,5 fte tot een verhoging van de overhead van 73 duizend euro per jaar. 5

Bijlage 3 – Voorjaarsbrief 2026

18. Nieuwe CAO uitzendkrachten Door een cao-wijziging van de CAO Uitzendkrachten hebben uitzendkrachten per 1 januari 2026 het recht op dezelfde beloning als vaste medewerkers met een vergelijkbare functie. De inzet van uitzendkrachten wordt hierdoor een stuk duurder. De exacte financiële impact is nog niet duidelijk. Vooralsnog houden we rekening met een kostenstijging van uitzendkrachten van 1,763 miljoen euro vanaf 2027. 19. Vervangen SBR-kunstgrasvelden en saneren SBR-korrels Bij vervanging van kunstgras wordt het kunstgras vervangen door non-infill kunstgrasvelden. De oude SBR velden worden gesaneerd als ze vervangen moeten worden. De (gefaseerde) vervanging leidt tot meerkosten. De onder- en bovenlaag van de oude SBR velden moet opgeruimd worden. Daarnaast zijn non-infill kunstgrasvelden duurder. De kosten voor het vervangen van kunstgrasvelden zijn geactualiseerd. Dit leidt tot hogere kosten in 2027 (114 duizend euro) en 2029 (34 duizend euro).

6

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://gemeenteraad.groningen.nl/api/v1/meetings/5423/documents/93824