22-06-2022 verslag politiek vragenuur 15.30 uur - Radesingel.pdf
Tekst van het document
WOENSDAG 22 JUNI 2022 15.30 UUR – POLITIEK VRAGENUUR Aanwezigen: Voorzitter: H. Sietsma (GroenLinks) Namens de raad: B. Leemhuis, P. Swart, E. Hillekens (GroenLinks), R. Gierkink, J. van Veen (PvdA), V. Boswijk, M. Gietema, J. Lo A Njoe (D66), (D66), T. van Zoelen, K. de Wrede (Partij voor de Dieren), ), M. Sloot (Stadspartij 100% voor Groningen), J. Dijk, H. de Waard (SP), R. Heiner (VVD), S. Bosch (Student&Stad), S. Wennink (ChristenUnie), J. de Haan (CDA), D. Ram (PVV). Namens het college: I. Jongman, I. Diks en P. Broeksma (wethouders) Namens de griffie: P. Kommerij
Politiek Vragenuur 00:17:04
Voorzitter: Het is half vier. Er was een technisch probleem, maar dat schijnt opgelost te zijn. Ja, ik krijg je een knikje, dus we hebben een live-uitzending. Welkom bij het vragenuur van 22 juni 2022. Er zijn zeven sets vragen aangeleverd. Zijn er mededelingen van het college? Nee, die zijn er niet. Ik heb wel een mededeling en die is een beetje lang. Ik heb de indruk dat u de relatieve luwte - nu er nog steeds geen nieuw college is en serieuze debatten over grote kwesties dus niet op de agenda staan - graag invult met uw eigen politieke prioriteiten. U zoekt daarbij ook regelmatig de samenwerking met andere fracties. Dat is beide zeer wenselijk en mooi om te zien. U maakt al enkele weken gretig gebruik van het politiek vragenuur en dat mag. Het vragenuur is een belangrijk politiek middel, maar ik permitteer me toch enkele opmerkingen vooraf. Ik citeer even uit het Reglement van Orde: 'Vragen voor het politiek vragenuur dienen bondig geformuleerd en politiek van aard te zijn en de actualiteiten betreffen. De voorzitter kan vragen weigeren die naar zijn oordeel niet aan genoemde voorwaarden voldoen. Tijdens het politiek vragenuur kunnen andere fracties aanvullende vragen stellen of kort met de vragenstellers of het college in debat gaan.' Dan kun je eindeloos delibereren wat precies bondig is, wanneer een vraag politiek is en hoe actueel een kwestie moet zijn.
Dat gaan we hier nu niet doen. Daarvoor hebt u een voorzitter de bevoegdheid gegeven om daarover te beslissen. Ik constateer dat er opnieuw technische vragen worden gesteld en ik ga dat in het vervolg niet meer toestaan, ook niet als ze bedoeld zijn als aanloopje naar het politieke punt. 00:18:52
Voorzitter: Ik kijk bijvoorbeeld even naar de heer Leemhuis die eerst eens informeert wat er eigenlijk precies gebeurd is bij de brug-aanvaring, maar hij is niet de enige. Dat de vragen niet bondig zijn, maar erg uitgebreid. Dat maakt het politieke punt dat u wilt maken er niet helderder op en daarmee doen we, denk ik, elkaar tekort. Maak er alstublieft geen mondelinge variant van schriftelijke vragen van. Dat kost zinloze tijd in de beantwoording en het kost erg veel ambtelijke capaciteit. Bij een vraag voor het vragenuur hoort, denk ik, een ander format dan bij schriftelijke vragen. Dat is mijn overtuiging. Misschien kunnen we daar samen naar zoeken. Ten derde kun je je afvragen hoe dringend sommige punten, die u vandaag aankaart, wachten op beantwoording. Overweegt u ook vooral eens het middel van schriftelijke vragen of een agenderingsverzoek. Het geeft minder instand bevrediging, maar meer resultaat. Het kan ook zeer bevredigend en verhelderend zijn en dus helpen om de politieke vraag scherper te krijgen, als u ambtenaren belt. Ze helpen u graag en dat kost hun 1
minder tijd dan deze vragen beantwoorden. Als laatste punt: als u vragen blijft stellen in deze hoeveelheid per woensdag, dan zal er van een onderling debat weinig terechtkomen. Ik ga u daarvoor in elk geval vandaag geen ruimte geven. Dat maakt uw vragen tot een one man- of one woman show en ik betreur dat. Kortom, mijn oproep is om het vragenuur vooral te gebruiken waar het voor bedoeld is: een politiek punt maken, iets voor elkaar krijgen, een toezegging van het college verkrijgen en andere fracties uitnodigen tot een debat over iets dat actueel is. Dat is een stuk moeilijker dan vragen stellen waarmee u de pers kunt halen, maar uiteindelijk zitten we daarvoor hier wel. Ik ben graag bereid u persoonlijk toe te lichten hoe ik vanuit deze overwegingen naar uw vragen heb gekeken, maar dat gaan we dan op een later moment doen. Ik ben na afloop nog ruim beschikbaar in de hal. Dan gaan we verder met de vragen van Partij voor de Dieren en GroenLinks over de boerenprotesten. Het woord is aan de heer Van Zoelen. 00:21:03
de heer Van Zoelen - Partij voor de Dieren: Dank, voorzitter. Dit onderwerp lijkt mij zeer actueel. Er is veel onrust onder de boeren die geconfronteerd worden met de aangekondigde stikstof-maatregelen. Wij begrijpen de onrust en wij wensen ook de boeren een betere toekomst toe. Het recht op demonstreren is echt een groot goed, maar wij maken ons wel zorgen over de veiligheid rondom de recentelijke boerenprotesten, bijvoorbeeld afgelopen woensdag 15 juni, waarbij tractoren in een drukke binnenstad rijden. Daarover hebben wij enkele vragen en die zal ik even kort toelichten. Het politieke punt wat we willen vragen: hoe kijkt het college aan als het gaat om veiligheid en tractoren in de binnenstad? Als we u om een toezegging vragen zouden we willen kijken wat we kunnen doen om dat te weren, bijvoorbeeld middels afspraken. We hebben in het verleden gezien dat er gevaarlijke situaties zijn ontstaan en dat eigenaren niet achterhaald konden worden, omdat er geen kentekenplicht is. Wij zijn benieuwd hoe dat nu gehandhaafd wordt, aangezien daar nu wel een gedeeltelijke invoering van heeft plaatsgevonden. De rest staat op papier, dus graag een reactie van het college. 00:22:20
Voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Diks. 00:22:22
mevrouw Diks - wethouder: Dank u wel, voorzitter. Bij ontstentenis van de burgemeester zal ik uw vragen beantwoorden. Het college is het helemaal met u eens dat het gebruik van landbouwvoertuigen bij demonstraties tot gevaarlijke situaties zou kunnen leiden voor omstanders. Daar hebben we in het verleden ook voorbeelden van gezien. Het is natuurlijk sowieso aan de orde op het moment dat deze voertuigen zich in zo'n krappe binnenstad als die van Groningen begeven of op andere locaties, die logischerwijs niet zijn ingericht op, dan wel, voortrekkers. De aanwezigheid daarvan zou dus tot levensgevaarlijke situaties kunnen leiden. Jullie vroegen in de vragen of de politie en/of de gemeente op de hoogte waren van de actie van vorige week. Dat waren wij niet. Gemeente en politie waren hiervan niet op de hoogte. U vroeg naar de kentekenplaten en het mogelijk kunnen identificeren met wie we nou eigenlijk precies te maken hebben. Inderdaad heeft u er gelijk in dat die kentekenplicht per 1 januari is ingevoerd. Het ministerie van IenW heeft echter bekendgemaakt dat de politie tot 1 juli 2022 geen boetes zal uitdelen voor landbouwvoertuigen en rijdend werkmaterieel die nog geen kentekenbewijs hebben. Dat betekent dat eigenaren wier 2
aanvraag niet voor 1 januari is afgehandeld toch de openbare weg op kunnen. Handhaven doen we dus pas vanaf 1 juli en dat betekent dat eventuele boetes geen zaak zijn van de gemeente, maar natuurlijk van politie en, uiteindelijk, het OM. U stelt ook nog een vraag over de wijze waarop de boeren hebben aangekondigd om eventueel wegen te blokkeren en voedseldistributie plat te leggen. Voor vandaag is er heel nadrukkelijk een grote actie aangekondigd in Stroe. Die is ook van start gegaan. Weliswaar later dan gepland, maar die is van start gegaan en tot dusverre gaat dat goed. 00:24:38
mevrouw Diks - wethouder: De burgemeester, de driehoek politie en het OM zijn goed voorbereid op dit soort acties, waar we ondertussen al enige ervaring mee hebben opgedaan. Vanuit de politie is ook de landelijke Staf Grootschalig en Bijzonder Optreden actief. U vraagt: is het mogelijk om afspraken te maken? Wat wij doen of al hebben gedaan is dat er, naar aanleiding van de protesten van afgelopen week en de aankondiging van de protesten deze week, al is gesproken met vertegenwoordigers van de boeren uit onze provincie. Daarbij is heel nadrukkelijk het belang uitgelegd en onderstreept van het uitgangspunt dat we niet weer landbouwvoertuigen willen zien in de binnenstad, gezien de gevaren die daarmee eventueel samenhangen. We hebben met vertegenwoordigers van deze boeren afspraken gemaakt over wat wel en niet kan worden toegestaan tijdens demonstraties. Er zijn ondertussen natuurlijk goede voorbeelden, waarbij we in goed overleg met boeren afspraken hebben gemaakt en we toch voor een deel tegemoet hebben kunnen komen aan het feit dat zij de grondrechtelijke mogelijkheid hebben om te demonstreren. Daarvan is de fakkeltocht in januari een goed voorbeeld. Daar moet wel de nuance bij gemaakt worden dat de boerenorganisaties niet per se alle boeren aan een touwtje hebben, zal ik maar zeggen. Dat betekent dat er dus ongecoördineerde wilde acties zouden kunnen zijn.
We proberen steeds zoveel mogelijk en zo goed mogelijk te borgen dat het gecontroleerd en goed georganiseerd gaat, maar ook dat kunnen we natuurlijk vanuit de gemeente niet helemaal garanderen. We merken wel in de gesprekken dat de nood - u gaf het zelf ook aan - onder de boeren steeds groter wordt en emoties lopen heel hoog op. Daarmee zou het kunnen zijn dat de situatie steeds onberekenbaarder wordt en daarom proberen we ook zoveel mogelijk en zo goed mogelijk vinger aan de pols te houden. 00:26:40
Voorzitter: Is dat voor u voldoende, meneer Van Zoelen? Ja, dat is het geval. Dan zijn we toe aan vragen van de fracties van D66, Student en Stad, GroenLinks en de Partij van de Arbeid over energietoeslag voor studenten. Mevrouw Gietema. 00:26:56
mevrouw Gietema - D66: Dank, voorzitter. Geen nieuw onderwerp, maar wel dat we de krachten gaan bundelen ten aanzien van het onderwerp. Eerder hebben al PvdA en GroenLinks vragen gesteld en ook Student en Stad en ditmaal dus met zijn vieren. Parallel aan deze politieke vragen hebben we al verschillende technische vragen uitstaan. Aanleiding voor deze vragen is het artikel waarin naar boven komt dat het uitsluiten van studenten van energietoeslag juridisch mogelijk niet houdbaar is. Gezien het groot aantal jongeren en studenten in onze gemeente kan dit mogelijk grote impact hebben. Vandaar dat we benieuwd zijn naar de reactie van het college op het stuk wat is verschenen, waarin deze juridische houdbaarheid in twijfel is getrokken. 3
00:27:41
Voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Diks nog een keer? 00:27:43
mevrouw Diks - wethouder: Ja, nog een keer, maar nu gewoon uit mijn eigen portefeuille. Wij zijn bekend met de uitzending. Eén van de vragen die u heeft gesteld: kent u deze uitzending van Nieuwsuur over die mogelijkheid dat misschien het weigeren van deze toeslag aan studenten onrechtmatig is? Daar zijn wij natuurlijk mee op de hoogte en we zijn er ook mee op de hoogte dat studenten, net als een heleboel andere mensen, in problemen zijn gekomen, dan wel gaan komen, vanwege de hoge energieprijzen. Dan vraagt u vervolgens: is het college het met ons eens dat de conclusie van het uitsluiten van studenten onrechtmatig is? Daarvan moeten we eigenlijk zeggen: voorlopig ben ik dat nog niet, want wij voeren momenteel uit wat het kabinet en het ministerie van ons vragen, namelijk: richt gewoon op grote groepen studenten die onder de minima-regeling vallen, deze energietoeslag. Het zal best zijn dat een aantal juristen deze opvatting heeft. Het zou ook kunnen dat er een andere groep juristen is die misschien een andere opvatting heeft. Daarom is dat geen leidraad voor dit college. Wij richten ons op wat het kabinet en het ministerie zeggen. Helder is wel - dat gaf ik net ook al aan - dat wij natuurlijk ook zien dat een aantal studenten echt in problemen komt.
Daarom hebben we voor studenten - net als voor ieder ander die eventueel niet in de minima-groep valt - de mogelijkheid voor bijzondere bijstand openstaan. Die bijzondere bijstand staat al open sinds deze regeling überhaupt aan de orde is gekomen. Normaal gesproken geldt de bijzondere bijstand niet voor energietoeslagen of energieprijzen, maar in deze bijzondere situatie is deze daarvoor opengesteld. 00:29:27
mevrouw Diks - wethouder: Het kabinet is druk bezig met een wetswijziging over die energietoeslag. Ook de gemeente Groningen heeft er via VNG al meermaals aandacht voor gevraagd dat studenten nu op een bijzondere wijze worden uitgesloten, maar wel getroffen zouden kunnen worden door deze situatie. Wij doen ons best om te zorgen voor een landelijk juiste regel, zal ik maar zeggen. Daarnaast hebben we vorige week aan verschillende onderwijsinstellingen, mbo, hbo, universiteit en allerlei organisaties van studenten, zoals Stichting Wijs, een mailing gestuurd waarin we ze informeren over de mogelijkheid voor studenten om aanspraak te maken op de bijzondere bijstand in dit bijzondere geval. Die bijzondere bijstand staat voor hen open, dus daar is geen bezwaar om dat te doen. Ik geef u mee - misschien nog één opmerking, want ik voel de voorzitter - dat het college zich voor kan stellen dat het kabinet dit besluit heeft genomen, omdat de enkele student op een kamer, logisch, de verhoging van zijn energielasten kan aantonen, maar u moet zich voorstellen dat in de uitvoering van deze regel in een studentenhuis zes studenten allemaal individueel aanspraak zouden kunnen maken op die €800 en dan zou een studentenhuis ineens € 4.800 krijgen. Dat is, denk ik, ook niet wat u wilt. Die individuele aanpak is redelijk om goed in aanmerking te nemen.
Iedereen, afgezien van studenten of wie dan ook, kan aanspraak maken op bijzondere bijstand op het moment dat de energielasten maken dat deze persoon in problemen komt. 00:31:15
Voorzitter: Dank u wel. U wilt vervolgvragen stellen, maar ik ging dat niet toestaan. 4
00:31:21
de heer Bosch - Student en Stad: Ik dacht dat een debat niet hoefde, maar een vervolgvraag zou toch mogelijk moeten zijn? 00:31:25
Voorzitter: Nou vooruit. 00:31:26
de heer Bosch - Student en Stad: Dank u wel, voorzitter. 00:31:27
Voorzitter: Een korte00:31:28
de heer Bosch - Student en Stad: Ik zal het kort proberen te houden. De wethouder zegt, volgens mij, dat het nog onduidelijk is. Ten eerste is het al twee weken geleden dat dit naar buiten kwam en ten tweede is het ook best elementair, juridisch, dat er nu onderscheid wordt gemaakt op een groep die wel of niet studeert. Het is eigenlijk heel logisch dat dit geen geldige grond is. Wat het college volgens mij ook zou kunnen zeggen-- Mijn vraag is dan ook: wil het college dat doen? Bij het Rijk ervoor zorgen dat iedereen die daar in dezelfde categorie valt, dus er recht op heeft-- Want andere mensen hoeven ook helemaal niet aan te tonen dat hun energielasten omhoog gaan, maar studenten moeten dat wel doen00:32:12
Voorzitter: Wat is uw vraag? 00:32:13
de heer Bosch - Student en Stad: Zou het college ervoor willen pleiten, bij het Rijk, dat iedereen die daar recht op heeft dat geld kan krijgen? 00:32:19
mevrouw Diks - wethouder: Misschien was ik onduidelijk, maar volgens mij had ik in mijn eerdere beantwoording al aangegeven dat wij samen met VNG en andere gemeenten bij het Rijk aankloppen om voor een eenduidige regeling te zorgen. Dus dat is waar dit verhaal over gaat. Ik heb u net aangegeven dat er ook bij studenten nu juist uitzonderingen kunnen zijn, waarbij een aantal mensen in een studentenhuis samenwoont en dan zou het mijns inziens maar goed, u moet daar over nadenken wat u daarvan vindt - onredelijk zijn om een huis € 4.800 energietoeslag te geven waar een bijstandsmoeder recht heeft op € 800. Ik denk dat dat gesprek op een andere manier gevoerd moet worden en dan zou je misschien naar huishouden moeten kijken of anderszins. Dat is nou juist, denk ik, een van de redenen waarom het kabinet heeft aangegeven dat studenten vaak in zo'n bijzondere samenstelling samenwonen, die heel divers en verschillend is, waardoor het juist onhandig zou zijn om een eenduidige regeling voor deze groep te maken. Het is dus, nogmaals, aan onze kant geen enkel probleem om voor studenten die in problemen komen deze aanvraag mogelijk te maken. Die staat voor hen open via de bijzondere bijstand. Geen enkel probleem, maar om het op deze manier voor alle studenten mogelijk te maken, dan zou u heel wat meer miljoenen nodig hebben, dan we nu beschikbaar hebben.
5
00:33:37
Voorzitter: Dank u wel. Hebt u nog een andere vraag? Gaat uw gang. 00:33:43
mevrouw Hillekens - GroenLinks: Dank u wel, voorzitter. Het is een hele korte vraag. Er is vorige week een brief verzonden aan het college vanuit een groep studenten, onder andere in samenwerking met Volt Groningen, waarin zij zeggen dat ze eventueel via de rechter alsnog deze compensatie willen afdwingen in een rechtszaak tegen de gemeente. Hoe kijkt het college hiernaar? 00:34:02
mevrouw Diks - wethouder: Het college gaat natuurlijk nooit filosoferen in het openbaar over rechtszaken die eventueel nog zouden moeten gaan beginnen, maar ik heb u net al aangegeven: het probleem is, ons inziens, helemaal niet zo groot, want de student in nood kan gewoon aanspraak maken op de bijzondere bijstand en daarmee is zijn of haar financiële probleem opgelost, mijns inziens. 00:34:23
Voorzitter: Dank u wel. We gaan door naar het vragen over het windpark Roodehaan. Dat zijn vragen van de fractie van D66. Het woord is aan meneer Boswijk. Ik heb u hier nog niet gezien, u bent welkom. Gaat u gang. 00:34:39
de heer Boswijk - D66: Bedankt, voorzitter. We doen gauw even een wissel. Mijn fractie is blij met het nieuws dat er bij windpark Roodehaan wordt vastgehouden aan 50 procent lokaal eigendom, want het instrument lokaal eigendom voegt, volgens ons, een belangrijke pijler toe in bijvoorbeeld het klimaatakkoord en andere landelijke afspraken voor het creëren van draagvlak voor de energietransitie en dat is niet voor niks. Wij zijn ervan overtuigd dat lokaal eigendom een belangrijk instrument is bij het realiseren van een energietransitie met de inwoners in plaats van voor de inwoners en dus een energietransitie met draagvlak. In het verleden hebben we daarom ook verschillende keren aangedrongen op het inzetten van 50 procent lokaal eigendom in energieprojecten in onze gemeente door middel van verschillende moties. Direct omwonenden ondervinden dagelijks de effecten van opwekken in hun achtertuin en als het aan D66 ligt zijn het niet alleen de negatieve effecten, maar ook de positieve effecten. Dat de provincie nu 50 procent lokaal eigendom gebruikt als eis bij de overdracht van de vergunningsbevoegdheid is voor ons dan ook een grote stap en reden om deze vragen voor te leggen aan het college en we zijn benieuwd naar de antwoorden. 00:35:42
Voorzitter: Wethouder Broeksma. 00:35:45
de heer Broeksma - wethouder: Dank u wel, voorzitter. Lokaal eigendom en participatie is inderdaad essentieel bij hernieuwbare energieprojecten. Daarbij hanteren we als uitgangspunten dat de direct omwonenden delen in de lusten van het project door bijvoorbeeld compensatie waarmee investeringen kunnen worden gedaan in de omgeving of financiële participatie waarmee mensen hun huis verder kunnen verduurzamen. Zoals ook in het coalitieakkoord verwoord is een eerlijke verdeling van de opbrengsten belangrijk, waarbij we de balans zoeken tussen direct omwonenden en de omgeving enerzijds en het 6
bestrijden van energiearmoede en verduurzaming van huizen in bijvoorbeeld de noordelijke wijken anderzijds. Bij windparken zien wij 50 procent lokaal eigendom als een reële invulling van de financiële participatie. In het beleidskader Kleine Zonneparken streven we naar minimaal 51 procent lokaal eigendom, u kent het. Grote parken doen we als gemeente en daar hanteren we sociaal eigendom, waarbij dan de meeropbrengst naar het fonds Energietransitie gaat. Met betrekking tot de Lageland polder- u noemt dat - hebt u in de Gebiedsvisie ook de actieve participatie en de verhouding daarvan al vastgesteld, dus daar verwijs ik verder naar. In het beleidskader Zonneparken, dat uw raad vorig jaar heeft vastgesteld, streven we naar minimaal 51 procent lokaal eigendom, conform het Klimaatakkoord waar u naar verwijst. De motie van de raad 'Meer inspraak en profijt voor de Lageland polder' is dan ook de basis van het handelen van het college. U roept op tenminste € 1.000 per megawatt ter beschikking te stellen en dat is dan de passieve financiële participatie daarover. Dat geven wij verder vorm met de directe omgeving en de energiecoöperatie Collectief Duurzaam Lageland. Bij de vierde vraag of andere vragen wil ik verwijzen naar het kader wat u, als raad, ons heeft meegegeven via moties, maar ook via de Gebiedsvisie Meerstad Noord. Daar verwijs ik verder naar, voorzitter. Tot zover. 00:37:44
Voorzitter: Dank u wel. Daar moet u het mee doen, denk ik. Dan zijn we toe aan- Ik zie de heer Leemhuis met de hand bij de knop. U wilt graag de vragen stellen namens GroenLinks, Partij van de Arbeid, SP, D66, Partij voor de Dieren en de VVD, een brede groepering, over de aanvaarding van de Busbaanbrug. 00:38:04
de heer Leemhuis - GroenLinks: Daar kan ik zelfs mondeling aan toevoegen dat de ChristenUnie ook mede-indiener is geworden. Er is een aanvaring geweest en de indieners willen weten: wat is er gebeurd? Hoe heeft het kunnen gebeuren? Wat is de gevaarzetting geweest? We willen graag weten hoe het kan en wat eraan gedaan wordt, dat er zoveel schepen tegen bruggen aanvragen op deze hoofd-vaarroute Lemmer-Delfzijl? Bij RTV Noord staat een mooie lijst van wat er allemaal in de afgelopen vele jaren is gebeurd. Sinds 2016 gaat het om vijftien aanvaringen en bijna allemaal in de gemeente Groningen of daaromheen, dus er is zeker iets. Wij vragen ons af of Rijkswaterstaat voldoende doet om snel de veiligheid op de vaarweg te vergroten? Wij vragen het college of het bereid is om Rijkswaterstaat te vragen om een bijeenkomst te organiseren met de raad, waarbij de raad ook Rijkswaterstaat kan bevragen, precies op dit punt, het punt van de veiligheid, de vele aanvaringen en wat eraan gedaan wordt op de hoofd-vaarroute Lemmer- Delfzijl? 00:39:10
Voorzitter: Dank u wel. Meneer Broeksma. 00:39:12
de heer Broeksma - wethouder: Dank u wel, voorzitter. Om met het laatste te beginnen: zeker! Het college deelt natuurlijk uw zorg over de aanvaringen die plaatsvinden op de vaarweg midden in onze stad, dus wij zullen zeker Rijkswaterstaat verzoeken om met u in gesprek te gaan en een technische- en beeldvormende sessie te beleggen om toelichting te geven over wat er nu precies is gebeurd en welke stappen er door het Rijk, dan wel Rijkswaterstaat, gezet worden voor de veiligheid van de scheepvaart en voor het van 7
Starkenborghkanaal Lemmer-Delfzijl in het bijzonder. Ik wil daar nog aan toevoegen dat ik daags na het ongeluk minister Harbers persoonlijk heb gesproken over dit ongeluk naar aanleiding van de actualiteit en hem op het hart heb gedrukt als het gaat over de bruggen op het van Starkenborghkanaal, de vervanging van de Busbaanbrug en de veiligheid van het van Starkenborghkanaal dwars door de stad en hij was zich daar ten volle van bewust. Dus de minister kent de kwestie, persoonlijk door het college overgebracht, over de aanvaring van de Busbaanbrug zoals die vorige week plaatsvond. Dan over de, deels technische, vraag wat er precies is gebeurd. Helaas weet ik dat nog niet. De toedracht, waarom de aanvaring is gebeurd, wat er precies is gebeurd en waarom dit incident zich heeft voorgedaan, is nog niet bekend. Dat onderzoek loopt nog. Rijkswaterstaat kan op dit moment nog niks zeggen over de toedracht. Voor de beantwoording van uw vragen hebben wij ook deels bij Rijkswaterstaat moeten buurten om daar antwoord op te krijgen. Het college is natuurlijk wel opgelucht dat de aanvaring niet tot een ernstig ongeluk heeft geleid en ook niet tot grote schade, voor zover we dat nu kunnen overzien. Zoals ik zeg: de aanvaring van de fietsen loopbruggen en de Busbaanbrug zou tot een verdere ontwrichting van het stedelijke regionale mobiliteitssysteem hebben geleid. 00:41:12
de heer Broeksma - wethouder: Zoals u weet is de Busbaanbrug een cruciale schakel in het lijnennet van het openbaar vervoer en dat kunnen we er domweg niet bij hebben, gezien de andere twee bruggen die er al uitgevaren zijn. Als nuance: de Busbaanbrug zelf is op het hele traject van Lemmer tot Delfzijl de laagste brug, dus dat is maatgevend voor de boten en dus ook de hoogte van het schip en de actuele waterstand, wat allemaal van invloed kan zijn. De passeerbaarheid van Lemmer-Delfzijl gaat allemaal over de Busbaanbrug en dat is de laagste brug. Ik ben geïnformeerd dat de fiets/loopbruggen zeventien centimeter hoger zijn. Veel is het allemaal niet, maar het schijnt in scheepvaartkringen toch een behoorlijke afstand te zijn. Voor wat het waard is word ik daar zo over geïnformeerd, maar in ieder geval is de Busbaanbrug de laagste brug. Een boot die onder de Busbaanbrug door kan, kan in alle gevallen zeker ook onder de fiets/loopbrug van de Korreweg door. Of er sprake is van onzorgvuldigheid of enige andere omstandigheid is dus nog niet bekend. Het onderzoek naar de toedracht loopt nog. Rijkswaterstaat zet altijd zo'n onderzoek in. Ik kan u wel het volgende vertellen: voor dit betreffende transport is door de Inspectie Leefomgeving en Transport ontheffing verleend. Het vervoer voldeed aan alle daarvoor gestelde richtlijnen op grond van de verleende ontheffing.
Het vervoer van stoffen over water is aan strikte voorschriften verbonden, overigens net als over de weg en over het spoor. Voor uw informatie: als een containerschip twee kegels voert, wil dat zeggen dat er aan boord een stof is die giftig is en in een daarvoor gemaakte verpakking in een container zit. Dat noemen wij een tanktainer. Wij niet, want ik doe dat niet dagelijks, maar de mensen die erover gaan noemen dat een tanktainer en dit zijn tanktainers voor chloorazijnzuur. 00:43:13
de heer Broeksma - wethouder: Die staan niet in de zon en worden zo vervoerd dat ze bij een aanvaring niet worden geraakt. Met u vindt ook het college dat het aantal aanvaringen in Groningen veel te hoog is. Het is irrelevant of dat meer of minder is dan op andere vaarwegen. Elke aanvaring is er natuurlijk één te veel en zeker op een vaarweg die zich midden in een stad bevindt en waar cruciale verkeerswegen overheen gaan. Rijkswaterstaat 8
heeft in totaal 1.100 bruggen in beheer. Op Lemmer-Delfzijl is er een relatief grote objectdichtheid, dus veel objecten op een relatief korte afstand van elkaar, een verscheidenheid aan objecten, verschillende brugtypes, verschillende verschijningsvormen, enzovoort. Wij vinden, met u, dat de veiligheid op het water structureel verbeterd moet worden op consistente bestendige wijze en eigenlijk zijn we niet tevreden over de snelheid waarmee dat nu gebeurt. We zien wel dat Rijkswaterstaat op dit moment werkt, waar nodig samen met ons als gemeente, aan een fundamentele verbetering van de nautische veiligheid op de hoofdvaarweg Lemmer-Delfzijl en het vervangen en optimaliseren van de bediening en de bedieningsapparatuur. Een aantal bruggen wordt vervangen, u weet dat, naar nautisch veilige hoogtes en daarna geeft Rijkswaterstaat aan schippers aan te spreken op het veilig gebruik van de vaarweg en daar zo nodig op te handhaven. Tot slot: op de laatste vraag die u stelt heb ik antwoord gegeven. Ja, we zullen Rijkswaterstaat verzoeken om met u tekst en uitleg te geven en vragen te beantwoorden die u heeft naar aanleiding van dit en misschien ook andere incidenten. Tot zover, voorzitter. 00:45:00
Voorzitter: De heer Leemhuis. 00:45:02
de heer Leemhuis - GroenLinks: Dank voor de uitgebreide beantwoording. Ik heb eigenlijk nog één punt. Ik ben blij om te horen dat het college zegt niet tevreden te zijn over de situatie waarin we op dit moment zijn met zoveel aanvaringen. De concrete vraag die wij bij vraag vijf stellen is: is het college van oordeel dat Rijkswaterstaat accuut voldoende actie onderneemt? De punten die het college noemt en die we hier in deze raad al uitgebreid hebben besproken, zijn voor de toekomst, voor de komende jaren. Deze vraag gaat specifiek over het nu en over een dag, een week en een maand. Doet Rijkswaterstaat voldoende voor de veiligheid op de kanalen in onze gemeente - maar wat dat betreft moet dat natuurlijk overal op de hoofd-vaarroute zijn - en kan het college Rijkswaterstaat ertoe aanzetten meer te doen? Want de conclusie die ik in ieder geval voorlopig trek, als je ziet vijftien aanvaringen sinds 2016, is dat het onvoldoende is anders zou dat niet zoveel zijn. 00:46:09
Voorzitter: De wethouder. 00:46:10
de heer Broeksma - wethouder: De volledige maatregelen die Rijkswaterstaat neemt zijn natuurlijk van langere- en kortere adem. Het vervangen van bruggen - nou, u kent de discussie natuurlijk uitentreuren hoe dat zich allemaal afspeelt en daar kunnen we ook iets van vinden - is natuurlijk iets van de langere adem. Als het gaat over acuut, en dan gaat het bijvoorbeeld over het veilig gebruik van de vaarweg door de schippers et cetera, dan zal ik namens u en het college Rijkswaterstaat die vraag met urgentie stellen. Dank u wel. 00:46:42
Voorzitter: Dank u wel. Dan kunnen we naar de vragen van de PVV-fractie over de Ontwerpbegroting 2023 van het OV-bureau. Tenminste, dat is de aanleiding en er worden nog een aantal andere stukken bijgehaald en dat noopt u tot enige vragen over de besteding van corona-middelen. Gaat uw gang. 9
00:47:03
de heer Ram - PVV: Dank u wel, voorzitter. Tijdens de bespreking van het stuk over OV werd heel nadrukkelijk vermeld dat er geen enkele middelen beschikbaar waren. Daarom hebben wij wat technische vragen gesteld via het vragencarrousel en daar hebben we antwoord op gekregen. Het was een wat summier antwoord, maar uiteindelijk hebben we wel in de jaarrekeningen kunnen vinden dat er toch wel degelijk, tenminste dat is de indruk, geld beschikbaar is voor openbaar vervoer. Het is ook politiek belangrijk, omdat voor 5 juli de begroting van het OV wordt vastgesteld, hebben wij begrepen, en 6 juli zijn dan de jaarrekeningen, dus dan is het belangrijk om van tevoren te weten of er middelen beschikbaar zijn. Vandaar onze vragen aan de wethouder, voorzitter. 00:47:49
Voorzitter: Dank u wel. 00:47:50
de heer Broeksma - wethouder: Ik had de microfoon nog aanstaan. 00:47:52
Voorzitter: Gaat uw gang. 00:47:52
de heer Broeksma - wethouder: Voorzitter, dank u wel voor het woord en dank u wel voor de vragen die grotendeels technisch van aard zijn. Ik begrijp dat u er een aantal al technisch heeft gesteld. Veel informatie over de TSSG-regeling, Tegemoetkoming Specifieke Sectoren Groningen, over de gelden van de voormalige TONK-regeling staat in de brief die u vandaag ontvangt. Het college heeft die gisteren vastgesteld en u vindt hier antwoord op een deel van uw vragen. Over hoe we omgaan met de tekorten bij het openbaar vervoer bent u vorige week uitgebreid geïnformeerd. In het raadsvoorstel van 16 februari 2022 staat dat het een mogelijke optie zou zijn om deze middelen in te zetten voor een aantal bedrijfssectoren en vervoer stond daarbij. Dat is toen in dat raadsvoorstel genoemd op basis van de globale gegevens om de dekking te verkrijgen. In de uiteindelijke TSSG-regeling, die op 30 april is afgelopen, komt het openbaar vervoer er niet onder. De reden daarvoor is omdat het gaat over ondernemers en ondernemers in het openbaar vervoer zijn in onze regio de NS, Arriva en de Qbuzz. Het is niet aan ons om die ondernemers te subsidiëren. Dat is niet het doel van de TONK-regeling en ook niet de bedoeling geweest van de TSSGregeling. We gaan niet de NS, de Arriva en de Qbuzz ondersteunen.
Als het gaat over het OVbureau - dat is waar we het vorige week over hadden - dan is dat geen onderneming en dus valt die niet onder de TSSG- en TONK-regeling. TSSG en TONK zijn afgelopen. Die regelingen bestaan niet meer, dus daar zouden we niet naartoe kunnen grijpen. NS, Arriva en Qbuzz zijn overigens door het Rijk ondersteund via de beschikbaarheidsvergoeding van het OV. Tot zover mijn reactie, voorzitter. 00:49:44
Voorzitter: De heer Ram nog? 00:49:48
de heer Ram - PVV: Dan toch nog even voor alle helderheid: die middelen moeten nog worden vastgesteld door de jaarrekeningen en daar moeten we nog een akkoord op geven. Betekent het nou dat wij, als raad, nog steeds de vrijheid hebben om dat anders in te vullen? 10
00:50:04
de heer Broeksma - wethouder: U heeft, als raad, altijd de vrijheid om de rekeningen anders in te vullen en de rekeningresultaten anders te bestemmen, maar bij het voorstel van 16 februari 2022 - in uw herinnering, de laatste vergadering van de vorige raad - heeft u een voorbeslag op het rekeningresultaat gelegd, dus daar heeft uw raad al een uitspraak over gedaan. 00:50:25
Voorzitter: Dank u wel. Dan zijn wij bij vragen van, nogmaals, de PVV-fractie over het parkeren in de noordelijke stadswijken Selwerd en Paddepoel. De heer Ram. 00:50:39
de heer Ram - PVV: Dank u wel. Wederom hebben bewoners ons benaderd over het parkeren en zij voelen zich nog steeds overvallen met de parkeermaatregelen die zijn genomen. Dat is de werkgroep Vereniging huiseigenaren Bouwfonds van Paddepoel. Daar heb ik een aantal vragen voor opgesteld die zij ook hadden en die hebben we dus bij deze ingediend. 00:51:11
Voorzitter: De wethouder. 00:51:14
de heer Broeksma - wethouder: Het parkeerbeleid is vorig jaar door uw raad vastgesteld. Vraag één, twee en drie zijn beantwoord ten tijde van de discussie over het parkeerbeleid en de antwoorden daarop veranderen eigenlijk niet. Dus ik verwijs u naar die discussie. Over vraag vier en vijf, het betaald parkeren op zaterdag: we hebben dit verzoek niet uit de wijken gekregen. We zijn wel met de wijk in gesprek over de tijden van het parkeerregime voor het waterbedeffect op uurniveau met aangrenzende wijken, zoals dat de binnenstad naar de Noorderplantsoenwijk gaat. Dat grenst weer aan Selwerd en dat grenst weer aan de Paddenpoel. Dan zeggen we om over een soort waterbedeffect, als het gaat over het tijdstippen s' avonds, daar met hen in gesprek te gaan. U vraagt specifiek naar de zaterdag. In de discussie vorig jaar is dat door de raad niet aan de orde geweest. We denken ook dat betaald parkeren, wat u suggereert, voor forensen niet van belang is. Het gaat wel over de dagjesmensen die vervolgens de auto parkeren en die de buitenwijken zien als een soort P+R om zo dicht mogelijk bij de Grote Markt en de winkels hun auto gratis te kunnen parkeren. Op zaterdag is het niet stil in de steden. Op zondagen, omdat er heel veel winkels dicht zijn, is het wel stil rondom de winkelcentra. Trouwens niet in de binnenstad, maar die is dan weer ver weg vanaf Paddepoel.
Ook bij winkelcentrum Paddepoel is betaald parkeren op zaterdag om die reden van belang. Betaald parkeren is overigens niet voor hen die daar wonen. 00:53:01
de heer Broeksma - wethouder: De bewoners hebben een parkeervergunning en die is van maandag tot vrijdag geldig, maar ook op zaterdag en zondag. Dus degenen die hier last van krijgen zijn die forensen. Dat zijn de mensen die van buiten komen en die eigenlijk zeggen: "Nou, deze wijk Paddepoel is voor ons een gratis P+R-terrein. Dus wij zijn bereid onze auto bij inwoners van Groningen voor de deur te zetten, omdat het hier nou eenmaal gratis is." U noemt forensen en woon-werkverkeer, maar er zijn ook dagjesmensen en als het op 11
zaterdag nu geen hele grote groep is dan maakt het eigenlijk niet heel veel uit. Is het wel een grote groep, dan is dat niet de groep die wij willen. Daarvoor zeggen wij: wij hebben de P+R's aan de randen van de stad. Daar koop je een kaartje en voor € 5 of € 3 mag je met het hele gezin naar de binnenstad en laat die auto op die P+R staan en zet die niet bij onze inwoners voor de deur. Die plekken zijn voor onze inwoners bedoeld. Die hebben een bewonersvergunning en gratis op zaterdag parkeren is contrair aan het belang van de bewoners. Tot zover, voorzitter. 00:53:58
Voorzitter: De heer Ram met een vervolgvraag. 00:54:01
de heer Ram - PVV: De reden waarom ik die vragen stel komt niet zomaar uit de lucht vallen. Bewoners geven zelf aan dat ze het als belemmering vinden voor de leefbaarheid in de wijk. Met name als er een keer een feestje is of iets dergelijks, dat mensen allemaal betaald moeten parkeren. Ze pleiten eigenlijk voor een dag in het weekend dat het extra mogelijk is en zij ervaren in ieder geval niet het grote verkeer vanuit Paddepoel naar de binnenstad. 00:54:38
de heer Broeksma - wethouder: [onhoorbaar] 00:54:39
de heer Ram - PVV: Daarvoor ook al niet. Voor 1 mei ook niet, dus de vraag is aan de wethouder: is hij bereid om na te denken over een pilot om te kijken wat de resultaten zijn? Dan hebben we ook echt resultaten waar we onze mening op kunnen baseren. 00:54:56
Voorzitter: De wethouder. 00:54:58
de heer Broeksma - wethouder: Het verbaast me een beetje dat die vraag via u komt. Als het bewonerscomité, buurtcomité of wijkcomité gewoon een belletje pleegt met onze parkeer-Andere wijken doen dat. Soms gebeurt dat van: "We zitten hiermee" of "we zitten daarmee." Ik gaf u het voorbeeld over het tijdvenster in Selwerd-Zuid: "Kan het niet anders dan zoals nu is vastgesteld om 22:00 uur 's avonds? Kan dat niet een ander moment worden?" Daar denken we over na en daar willen we ze in tegemoet komen. Die bellen gewoon het telefoonnummer van de gemeente, dan hebben we het erover en dan volgt er een gesprek of het een goed of slecht idee is. Nu gebruikt u het vragenuur om deze vragen te stellen als een soort boodschapper namens het wijkcomité. Ik ben wat verbaasd over deze gang van zaken. Als u vraagt of ik bereid ben om met bewoners in gesprek te gaan om een ander tijdvenster, dan is dat natuurlijk vanzelfsprekend. Natuurlijk doen we dat. 00:55:45
Voorzitter: Het mag hè, dat raadsleden hier de belangen van bewoners vertegenwoordigen. Meneer Ram, de laatste keer. 00:55:53
de heer Ram - PVV: Toch een kleine reactie op wat de wethouder zegt. We hebben gewoon een volksvertegenwoordigende taak en dat staat letterlijk in de wet. 12
00:56:00
Voorzitter: Dat zei ik al, meneer Ram. Hebt u nog een nieuwe vraag? 00:56:03
de heer Ram - PVV: Dat wil ik nog even benadrukken, want ik stoor me daar eerlijk gezegd aan en heb enige irritatie. 00:56:09
Voorzitter: Helder. 00:56:09
de heer Broeksma - wethouder: Nou, dan wil ik daar even op reageren, voorzitter, als het mag? U stelt de vraag: bent u bereid met de bewoners in gesprek te gaan? Dat is een vanzelfsprekende vraag. Alsof het antwoord daarop 'nee' zou kunnen zijn. Dus ik ben bereid om met de bewoners in gesprek te gaan en het feit dat u die vraag stelt suggereert iets dat ik dat misschien niet van plan zou zijn. Ik doe niets af aan uw volksvertegenwoordigende vraag. Ik ben juist van de directe democratie. Als wijkbewoners een probleem hebben met iets van de gemeente, bel ons op en we hebben het erover. Daar heeft u de volksvertegenwoordiger, met alle respect voor uw taken, daar doe ik helemaal niets af-- We hebben dat rechtstreekse telefoonnummer. Het zou niet zo moeten zijn dat wijkbewoners alleen met een wethouder in contact komen, omdat een volksvertegenwoordiger daar een vraag over stelt. Dat is mijn reactie geweest en dat is wat u hoort. Bel ons op en we gaan in gesprek. 00:56:54
Voorzitter: Dat is ook helder. Dank u wel. Wij gaan naar de laatste vragen van de fractie van D66, VVD en Stadspartij 100% - er staat niks meer achter, maar het is 'voor Groningen' geloof ik - over de beachweek in Haren. Nu heb ik hier meneer Lo-a-Njoe staan. U gaat de vragen stellen? Gaat uw gang. 00:57:19
de heer Lo-a-Njoe - D66: Dank u wel, voorzitter. Dat is inderdaad de bedoeling. Ik zal niet de hele inleiding doen. Wat betreft de eerste vraag, ga ik er eigenlijk vanuit dat de wethouder de mening deelt dat dit echt een succesvolle week is. Zij heeft de week het afgelopen jaar ook geopend, dus eigenlijk is dat wel een heldere. Toch waren wij verbaasd om te lezen dat de betreffende buurtsportcoaches echt de handdoek in de ring gooien en dat is doodzonde voor een week als deze en zeker ook met de redenen die zij aangeven. Vandaar dat wij daar vragen over hebben van: herkent het college dat? Hoe kan het nou, dat het in plaats van een energiegever een energielek is geworden? Het was een energiegever in het verleden. Het was iets waar deze professionals echt trots op waren. Het is acht dagen keihard werken voor deze buurtsportcoaches, maar na afloop was het gewoon helemaal oké. Dat is het nu niet meer en daarmee zeggen ze eigenlijk: "Op deze manier kan het niet meer." Daarnaast lezen we een aantal zaken over de communicatie. Wellicht kan de wethouder daar wat over zeggen? Eigenlijk zitten er twee duidelijke verzoeken in. Eén gaat over één aanspreekpunt en de andere gaat over: kunnen we niet leren van de voordelen van kleinschaligheid die de voormalige gemeenten Haren en Ten Boer hadden? Het zou mooi zijn voor wijken als we dat ook doen.
Hoe kunnen we daarvan leren als gemeente? Tot zover.
13
00:58:45
Voorzitter: Dank u wel voor deze inleiding. Mevrouw Jongman voor de beantwoording. 00:58:48
mevrouw Jongman - wethouder: Dank u wel, voorzitter. Vooropgesteld is het natuurlijk buitengewoon jammer dat de beachweek Haren dit jaar geen doorgang kan vinden. Dat ben ik met u eens, want met veel plezier was ik inderdaad aanwezig bij de voorgaande editie en heb daar met eigen ogen kunnen zien hoe een evenement van betekenis is voor Haren en ook van onmiskenbare maatschappelijke waarde voor de kinderen in Haren en de breedtesport in zijn algemeenheid. Het klopt dat er aan een dergelijk evenement, met een duur van acht dagen en meer dan 2.000 deelnemers, allerlei regels en procedures zijn verbonden. De organisatie of de organisator dient de plannen met ons af te stemmen en draaiboeken uit te werken en dat doen we echt niet voor niets. Dat doen we ook omdat we de veiligheid van de bezoekers willen en kunnen waarborgen. Het is een taak van de overheid om daarvoor te zorgen. Waar wij vanzelfsprekend wel begrip voor hebben, is dat dit voor de buurtsportcoaches soms als onwenselijke administratieve last wordt ervaren en dat men hun tijd en energie liever aan andere dingen besteed. Wat er is gebeurd? Uiteindelijk heeft het Huis voor de Sport onder tijdsdruk moeten besluiten dat het niet haalbaar was om de beachweek dit jaar te organiseren en wij betreuren dit, maar we begrijpen deze beslissing wel. Onze relatie daarin met het Huis voor de Sport was en is uitstekend.
We hebben nog persoonlijk met hen over deze kwestie gesproken en persoonlijk contact gehad. Wat ik nog even wil benoemen en daar hecht het Huis voor de Sport ook aan, is dat er veel activiteiten in Haren georganiseerd worden door de buurtsportcoaches die naar volle tevredenheid plaatsvinden. 01:00:34
mevrouw Jongman - wethouder: Wat we op dit moment gaan doen, is dat we het vizier toch volledig gaan richten op de editie van volgend jaar, om die als vanouds - want het vond altijd in juni plaats - weer in juni te laten plaatsvinden. Wat we daarbij tegelijkertijd gaan doen is kritisch kijken naar het efficiënter organiseren van financiële processen - u hebt daar ook wat over opgeschreven in uw tekst - en het mogelijk ontlasten en ontzorgen van organisatoren en ook wellicht het wat vereenvoudigen van de procedure zonder de veiligheid daarbij uit het oog te verliezen. Voor wat betreft de nationale sportweek - die vindt elk jaar in september plaats, waarin de beachweek georganiseerd had moeten worden - gaan we samen met de buurtsportcoaches kijken of er wellicht een alternatief denkbaar is voor Haren, zodat die activiteiten daarin wat kunnen samenvallen. Ik ga nog even specifiek in op vraag vier waarin gevraagd wordt waarom er geen reactie is gekomen op het schriftelijke verzoek van de buurtsportcoaches. Het klopt dat men eind april een mail heeft gestuurd over deze situatie, maar daaropvolgend hebben we gesprekken gevoerd met het Huis voor de Sport in aanwezigheid van de sportcoaches uit Haren. Daarin hebben we alle mogelijkheden en consequenties besproken en daarom was een schriftelijke reactie niet langer nodig.
Kortom, we gaan kijken wat mogelijk is in juni volgend jaar, de oorspronkelijke datum van de beachweek, en we gaan kijken wat er nog mogelijk is in vormen van een alternatief in de sportweek in september.
14
01:02:09
Voorzitter: Meneer Lo-a-Njoe of mevrouw Sloot? Wie wil een vervolgvraag stellen? Mevrouw Sloot. 01:02:18
mevrouw Sloot - Stadspartij 100% voor Groningen: Voorzitter, dank en ook dank voor deze beantwoording. Dat helpt hopen dat het volgend jaar toch weer georganiseerd kan worden en daarom willen we gelijk een tip geven aan het college om te zorgen dat, bijvoorbeeld, een stukje financiën bespaard kan worden. In het verleden was het altijd zo dat het zand wat gebruikt wordt voor de beachweek direct daarna gebruikt werd voor de sportvelden op de Koepel, waardoor je dus geen twee keer zand hoeft aan te schaffen en in één keer door kan rijden na een week. Dus die tip wil ik nog even meegeven, want dat was altijd heel handig voor het onderhoud van de velden. 01:02:55
Voorzitter: Dank u wel. De wethouder heeft u gehoord. Meneer Lo-a-Njoe. 01:02:58
de heer Lo-a-Njoe - D66: Ook mijn dank voor de beantwoording. Fijn dat we met de blik vooruit dit volgend jaar goed gaan doen, want dat haal ik uit de woorden van de wethouder. Ik heb eigenlijk twee vragen. Eén is: zijn de regels dan veranderd ten opzichte van voor de herindeling? Want voor de herindeling werden de coaches niet geconfronteerd met deze regels. Als dat niet zo is: werden die regels dan niet gehandhaafd of uitgevoerd door Haren? Wat is er dan anders geworden waardoor er zoveel extra regels zijn? 01:03:28
Voorzitter: U had twee vragen, maar dit zijn ze? 01:03:31
de heer Lo-a-Njoe - D66: Ja, laten we het hier maar bij houden. Ik heb u goed gehoord aan het begin. 01:03:33
Voorzitter: De wethouder. 01:03:35
mevrouw Jongman - wethouder: Allereerst dank voor gratis tips, want daar zijn we altijd voor. Of het zo werkt in de praktijk? We hebben een nieuw bedrijf wat die onderhoud verzorgt. Volgens mij is dat De Enk, wellicht u wel bekend. Mocht het een slimme combinatie zijn, dan zijn we daar heel erg toe bereid. Als tweede: zijn die regels dan zo veranderd? Ik denk zeker in het kader van de harmonisatie dat de evenementenregels zijn geharmoniseerd. Wellicht is daar de wijziging wat ingekomen, maar nogmaals, dat doen we niet zomaar omdat we denken: nou, laten we eens even lekker mensen die iets organiseren het leven een beetje zuur en heel moeilijk maken. Nee, integendeel, want voor die veiligheid, ook als er iets gebeurt, wordt er naar ons gekeken. Wat hebt u als gemeente eraan gedaan? Of vraagt u mij: er is een willekeurig iets geweest en wat hebt u eraan gedaan om dat te voorkomen? Daarvoor hebben we, denk ik, die regels nodig, alleen het klopt dat dat niet iets is wat je even op één A4-tje invult. Daar zit echt een organisatie achter, juist om die veiligheid te duiden. In het antwoord aan u allen, maar ik kijk u nu even aan, kijken we hoe we die procedure wat kunnen ontzorgen of vereenvoudigen met hetzelfde doel, 15
namelijk het kunnen garanderen van een veilig evenement. We kijken echt hoe we dat beter kunnen inrichten, zodat zij inderdaad die tijd en energie aan het sporten kunnen besteden in plaats van hele avonden aan formulieren invullen. Daarmee hoop ik u nu voldoende van een antwoord te hebben voorzien. 01:05:03
de heer Lo-a-Njoe - D66: Bijna. Ik heb geen nieuwe vraag, maar mijn vijfde vraag, die vooraf gestuurd is, sluit daarop aan. Dat is: bent u bereid om toe te zeggen dat u één contactpersoon voor al die regels kunt zetten, zodat die buurtsportcoaches daar niet mee geconfronteerd worden? Dan kunnen we het én veilig doen én het is werkbaar. 01:05:22
mevrouw Jongman - wethouder: Ik snap uw vraag, maar op het moment dat ik op die vraag ik vind hem heel logisch - 'ja' zou zeggen, betekent dat, dat we daarmee voor alle evenementen die er zijn - dat zijn er nogal wat in onze gemeente - op dit moment nogal een bestelling van u binnenkrijgen. Om u voor teleurstelling te behoeden denken we dat er in het duidelijk en misschien wat eenvoudiger maken van die procedure en ook kijken van: waar past nou wat bij welk evenement, dus een goede procedure-- Dat zeg ik u toe, maar om te zeggen: dat wordt één coördinator? Dan wordt het een grote bestelling en een grotere last voor de organisatie, omdat er heel veel gradaties zijn in evenementen. Het is van een wandeling in de buurt tot en met een groter evenement, waarbij misschien wel meer veiligheid in het geding is en waar wij misschien meer stappen moeten zetten. Of dat er misschien een commerciële partij is die het organiseert, los van de buurtsportcoaches, maar een willekeurig bedrijf wat X,Y,Z wil organiseren in de wijk, waar dan ook. Dus ik hoop dat ik u hiermee dan, desondanks dat het niet het antwoord is wat u wenst-- We proberen er iets meer te zijn in deze regeling naar de buurtsportcoaches. 01:06:34
Voorzitter: Dank u wel. Dan zijn we door de vragen heen. Ik dank u voor uw aanwezigheid en uw bijdrage. Volgende week is er geen politiek vragenuur in verband met de extra raadsvergadering en de volle agenda die daardoor is ontstaan. De week daarna kunnen we weer los. Tot een volgende keer.
16