11-05-2022, verslag politiek vragenuur 15.30 uur - Radesingel.pdf
Tekst van het document
POLITIEK VRAGENUUR VAN WOENSDAG 11 MEI 2022 15.30 UUR Voorzitter: H. Sietsma (GroenLinks) Namens de raad: J. Lo-A-Njoe (D66), M. Sloot (Stadspartij), H. de Waard (SP), I. Jacobs (VVD), S. Bosch (Student&Stad), E. Armut (CDA) Namens het college: G. Chakor (wethouder), R. van der Schaaf (wethouder), P. Broeksma (wethouder) Namens de griffie: P. Kommerij
Politiek vragenuur en mededelingen college 00:17:56
Voorzitter: Goedemiddag, het is half vier geweest. Welkom bij het politiek vragenuur. We hebben een redelijk volle agenda, maar met weinig aanwezigen dus dat beperkt het onderlinge debat waarschijnlijk wat. Ik wil er wel op aandringen dat u niet het hele epistel gaat voorlezen - zo doen we dat niet bij het politiek vragenuur - maar even een korte toelichting geeft. De vragen staan op het raadsinformatiesysteem en zijn beschikbaar voor alle raadsleden en het publiek. Als eerste wil ik mevrouw Armut het woord geven voor vragen over de horeca rondom het Paterswoldsemeer. 00:18:33
mevrouw Armut - CDA: Dank u wel voorzitter. Het CDA vindt het belangrijk dat ondernemers weer volop kunnen ondernemen, vooral na een financieel zware corona-periode. Helaas wordt dit voor de ondernemers van DVK Groep, waar wij eind april een brief van ontvingen, erg lastig gemaakt. Het verbaasde onze fractie dat de ondernemers aangaven dat de herindeling meermaals als oorzaak van deze onduidelijkheden werd aangehaald, want de herindeling ligt immers al jaren achter ons. Dan zou je denken dat dit soort dingen al geregeld zijn. Het wordt, wat ons betreft, tijd om te stoppen deze ondernemers van het kastje naar de muur te sturen en zo snel mogelijk te komen met een, desnoods tijdelijke, oplossing. We hopen dat het college bereid is hieraan mee te denken en dat de ondernemers zo snel mogelijk weer evenementen kunnen organiseren, zoals zij tot voor kort ook altijd al deden. Dank u wel, voorzitter. 00:19:23
Voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Chakor voor de beantwoording. 00:19:26
mevrouw Armut - CDA: Dank voorzitter. Ik begin even met uw eerste vraag of wij op de hoogte zijn. Wij zijn inderdaad op de hoogte. De regels in de APV van Groningen en Meerschap over evenementenvergunningen voor festiviteiten op terrassen bij de horeca zijn niet helemaal uniform. Daardoor is er ook wat verwarring ontstaan, zowel intern als bij de ondernemers van, onder andere, Kaap Hoorn en dit betreuren we. Op termijn zoeken we de oplossing in het verder integreren van die twee APV's en op korte termijn hebben we een oplossing gevonden in het afgeven van een evenementenvergunning door het Meerschap, dus zonder geluidsvoorschriften, en daarnaast het afgeven van een ontheffing voor incidentele festiviteiten door de gemeente. Er is net met elkaar al kort overlegd hierover en u vroeg ook of het gesprek heeft plaatsgevonden. We hebben inderdaad met elkaar gesproken, maar met de ondernemer zullen we contact opnemen en natuurlijk ook vertellen 1
welke oplossingsrichtingen er zijn. Op de vraag of wij ons herkennen: ja, die ligt ietsjes-- Ik zal het even uitleggen: voorheen nam de voormalige gemeente Haren dergelijke aanvragen in behandeling. Na de herindeling is er wat onduidelijkheid ontstaan over waar deze verantwoordelijkheden nu zijn komen te liggen. In de APV van het Meerschap zijn geen uitgangspunten geformuleerd ten aanzien van evenementen op terrassen, alleen in de openbare ruimte. Dit maakt dat zij deze aanvraag niet goed in behandeling kunnen nemen. We gaan hier nu dus naar kijken om dit onderdeel van de APV te gaan maken en vanzelfsprekend op een manier waarbij natuurlijk de balans tussen rust, natuur en recreatie in stand blijft. Door het combineren van oplossingen-- Daar vroeg u ook naar: welke oplossing ziet u nu voor zich? We denken dat door het combineren van de evenementenvergunning met meldingen voor incidentele festiviteiten volgens de APV geldt dan een maximum drie festiviteiten per bedrijf. Dus we zijn echt aan het kijken hoe we het nu kunnen integreren. Hiervoor had je Tynaarlo, Groningen en Haren. Het Meerschap heeft natuurlijk zijn eigen bestuurders en eigen APV, dus wij gaan niet over de wetgeving bij Kaap Hoorn. Die vallen een beetje tussen wal en schip. Het is alsof Meerschap een soort Zwitserland is. Ik kan het niet beter uitleggen, maar zo is het wel.
We gaan nu kijken hoe we dit kunnen integreren en hoe we daar een oplossing voor kunnen vinden met elkaar, dus ik denk dat het goed is dat we dat gesprek erover aangaan. In ieder geval hebben we voor de korte termijn een oplossing gevonden en dat gaan we communiceren. 00:22:24
Voorzitter: Groningen en een Zwitsers bergmeer. Ik krijg nu al zin in vakantie. Is er reden voor vervolgvragen? Ja, mevrouw Armut. 00:22:32
mevrouw Armut - CDA: In ieder geval mooi dat er op korte termijn een oplossing wordt gezocht, maar ik vraag me dan toch wel af: hoe kan het dan dat het al zo lang heeft geduurd sinds die herindeling en dat er dan nu pas wordt gekeken naar zo'n oplossing? 00:22:49
mevrouw Chakor - wethouder: Dat is een goede vraag die u stelt. Vanuit de vergunningen hebben we geen poot om op te staan. Om aan te geven van--Het werd op een gegeven moment van het kastje naar de muur. Er werd aangeklopt bij het Meerschap en het Meerschap heeft daar, volgens mij, anderhalve fte op zitten en die geeft natuurlijk informatie aan die zij willen. Zij sturen het door naar Groningen, Groningen krijgt weer--Ik denk dat het goed is dat we met elkaar op een bestuurlijk niveau gaan zitten en kijken hoe we hier nou een oplossing voor kunnen vinden. 00:23:25
Voorzitter: Mevrouw Jacobs. 00:23:28
mevrouw Jacobs - VVD: Dank u wel, voorzitter. Ik hoor u het een en ander zeggen: "We gaan binnenkort--" en dit soort dingen, maar - zoals het CDA ook al zegt - zijn we bijna drieënhalf jaar na de herindeling, dus het lijkt me op zich wel handig dat u enige tijdsaanduiding geeft wanneer een en ander tot een oplossing komt. Dat heb ik u eigenlijk niet horen zeggen. Op de korte termijn wel, maar vooral wanneer het definitief is opgelost en wanneer het kastje naar de muur over is. 2
00:23:53
mevrouw Chakor - wethouder: Volgens mij ben ik begonnen om te zeggen dat wij op korte termijn - vanochtend is hierover al een gesprek geweest. Dat is ook naar aanleiding van de brief die we hebben ontvangen. Het gaat over muziek wat daar wordt afgespeeld, enzovoorts - een oplossing hebben gevonden in het afgeven van een evenementenvergunning door het Meerschap en daarnaast het afgeven van een ontheffing voor incidentele festiviteiten door de gemeente. Dus dat hebben we alvast gevonden. We gaan natuurlijk nog wel met elkaar in gesprek van: hoe kan je nou zorgen dat de mensen niet van het kastje naar de muur worden gestuurd? Want ook mensen die klachten hebben die daar wonen en die bij ons aankloppen met: "We hebben lawaai en je stuurt ze door naar het Meerschap", dat wil je ook niet. Je wilt eigenlijk gewoon één portaal en dat mensen gewoon goed geïnformeerd worden, of ze nou bij het Meerschap aankloppen of bij ons, maar dat ze hetzelfde antwoord krijgen. Dus we zijn met elkaar in gesprek om te kijken hoe we kunnen zorgen dat onze bewoners niet van het kastje naar de muur gestuurd worden, maar ook de organisaties niet. 00:24:55
Voorzitter: Dank u wel. Ik zie een ontevreden blik bij mevrouw Jacobs. 00:25:00
mevrouw Jacobs - VVD: Ik vraag nadere duiding en binnenkort kan voor mij zes dagen zijn en voor u zes maanden. Dus we kunnen in gesprek zijn, maar ik vroeg heel concreet: denkt u dat de procedure op 1 juli helder is waar je moet zijn als je lawaaioverlast hebt of waar je moet zijn als je vragen hebt? Ik denk dat ik zo concreet de vraag bedoel. 00:25:20
mevrouw Armut - CDA: Ik begrijp dat u dat zegt. Volgens mij hebben we nu gekeken naar wat we op korte termijn kunnen oplossen. Dat heb ik nu gezegd. Dit kunnen we nu en de rest heb ik geen overzicht op, want ik ga over de evenementenvergunning en er zijn collega's die zitten bij het Meerschap erbij. We moeten, denk ik, integraal met elkaar, als portefeuillehouders, intern bespreken van: hoe zien we dit? 00:25:44
mevrouw Jacobs - VVD: Dan concludeer ik dat het nog wel even kan duren. 00:25:45
mevrouw Chakor - wethouder: Precies, het kan nog wel even duren, inderdaad, maar we hebben in ieder geval voor de korte termijn een oplossing gevonden. Dat gaan we nu communiceren richting, in ieder geval, Kaap Hoorn. 00:25:56
Voorzitter: Dank u wel. We laten het hierbij. Dan zie ik op mijn lijstje staan Jimmy Dijk, maar die is er niet. Gaat meneer De Waard de vragen van-- Ja, meneer De Waard heeft vragen over de opvang van Oekraïense vluchtelingen in relatie tot anti-leegstand huur. 00:26:12
de heer De Waard - SP: Dat klopt. Dank u wel, voorzitter. Als gemeente Groningen vangen we een hoop Oekraïense vluchtelingen op en het is ontzettend belangrijk dat we dat doen. Iedereen die vlucht voor geweld en zijn leven niet zeker is, verdient een veilige plek om te 3
kunnen leven. Maar goed, het botst op sommige punten wel met die anti-leegstand bewoning en daardoor komen mensen in een moeilijke situatie terecht. Dat kan de solidariteit ondermijnen, die ook wel de bron is van het opvangen van die vluchtelingen, dus dat is een kwalijke zaak. Ik hoor graag wat de wethouder daarover te zeggen heeft. 00:26:56
Voorzitter: De heer Van der Schaaf. 00:26:57
de heer Van der Schaaf - wethouder: Dank u wel. Dank voor de vragen. Het klopt helemaal wat u zegt. We doen veel als gemeente Groningen als het gaat om de opvang van Oekraïners en dat doen we in een - om een woord te gebruiken - vastgoedmarkt, vastgoed-hoeveelheid, die heel vol zit. We hebben groot tekort aan woningen, bedrijven zoeken ruimte en er zijn allerlei mensen die daar gebruik van maken, dus het is echt schipperen met de ruimte die we hebben om deze mensen op te kunnen vangen. Dat geldt ook voor heel veel andere groepen die we willen opvangen. We rekken ons echt tot het uiterste uit. Wat we inderdaad niet moeten hebben is dat er een gevoel ontstaat over het feit dat de ene groep de andere verdrinkt. Daar moeten we ontzettend goed op letten en daar proberen we ook op te letten. Het geval waar u naar verwijst is één geval, één situatie, waarin dat is gebeurd en dan gaat het om een pand aan de Avondsterlaan 134. Het is in principe het uitgangspunt dat we dus niet willen dat de ene groep de andere verdrinkt, dus we zijn echt op zoek gegaan naar leegstaande panden, op korte termijn, om mensen op te kunnen vangen. Het beeld was dat het hier ook zo was. Het pand is ons door Cosis aangeboden zijnde leeg, maar bij nader inzien bleek dat niet zo te zijn. We hebben toch besloten om op het aanbod van Cosis, in dit geval, in te gaan.
We hebben dit pand nodig, omdat straks een deel van de Oekraïners die nu in een studentenflat in de Kornoeljestraat zitten daar weer uit moeten voor buitenlandse studenten - daar kom ik zometeen nog over te spreken - dus we hebben die ruimte hard nodig, maar we maken hier geen gewoonte van. In dit geval is dat - ook door een interne communicatiefout binnen Cosis - niet goed gegaan. 00:28:32
de heer Van der Schaaf - wethouder: We zijn het inderdaad met u eens dat we hier heel terughoudend in zijn en dat we dit in principe ook niet willen doen en de panden die door leegstandsbeheer, of op een andere manier, worden bewoond te moeten ontruimen ten faveure van andere groepen. Wat we wel hebben gedaan - dat is eigenlijk de derde vraag gezien de situatie in de Avondsterlaan, is dat we met de betrokken leegstandsbeheerder, dat is CareX, hebben gekeken hoe we dit nu kunnen oplossen. Natuurlijk is het zo dat CareX zelf contracten heeft met haar huurders, de mensen die daar wonen, dat er een bepaalde opzegtermijn is en daar houdt CareX zich ook gewoon aan. Dus in die zin wordt er formeel eigenlijk niks verkeerd gedaan, maar uw vraag gaat daar natuurlijk niet over. Wij hebben wel met CareX afgesproken - en CareX heeft ook aangeboden dat te zullen doen - dat zij binnen hun eigen bezit wat ze hebben, het vastgoed wat ze beheren, deze mensen een voorrangspositie kunnen geven, zodat ze zo snel mogelijk weer iets anders kunnen vinden. Dat hoort ook natuurlijk een beetje bij CareX wonen. Ten tweede, mocht dat nou allemaal niet lukken, dat ze dan eventueel met ons in gesprek kunnen om te kijken of er een andere oplossing mogelijk is. 4
00:29:38
Voorzitter: Dan kunnen we, geloof ik, door naar de vragen, ook van meneer De Waard, over betaald parkeren in Paddepoel, Selwerd en De Hoogte. Gaat uw gang. 00:29:48
de heer De Waard - SP: Dank u. Excuses voor de volle agenda. Maar goed, dat betaald parkeren. Een paar weken geleden heb ik hier ook vragen over gesteld. Het is een onderwerp wat veel mensen aangaat en wat ook diep gevoeld is. In de hoogte gaat het dan over een stukje communicatie wat niet helemaal goed is gegaan. We hebben veel meldingen gekregen van mensen die zich miskend voelen. Er was grote verwarring ontstaan en dat is geen goede situatie. Ik benieuwd wat de wethouder daarop te zeggen heeft. 00:30:21
Voorzitter: Meneer Broeksma. 00:30:23
de heer Broeksma - wethouder: Dank u wel, voorzitter. Even terug naar de tweede- en derde schil, waar vorig jaar besluitvorming over heeft plaatsgevonden. Om een onderscheid te maken tussen die tweede- en derde schil hebben we logische en harde infrastructurele grenzen gezocht: Zuidelijke- en Westelijke Ringweg, de spoorlijn, Van Starkenborghkanaal, enzovoort. Een aantal wijken valt buiten die grens en dat noemen we de derde schil. Een aantal wijken zit binnen die grens en dat is dan de tweede schil. Als het over de binnenstad gaat is dat de eerste schil. Een aantal wijken is door die nieuwe keus van de tweede- naar de derde schil gebracht. Daarmee is het parkeren daar goedkoper geworden voor de mensen die daar wonen en op zo'n manier willen we die grens tussen de tweede- en derde schil helder en logisch houden in de toekomst. Het is niet zo dat we vorige keer een besluit hebben genomen dat in alle wijken, waar we het betaald parkeren aanvullend hebben ingevoerd, het automatisch de derde schil is. Het staat ook expliciet in het raadsvoorstel waarmee dat is vastgesteld. 'Een klein aantal nieuwe wijken binnen de grens, zoals De Hoogte, vallen binnen de tweede schil. Zij betalen het tarief van de tweede schil.' Ik citeer vrijwel letterlijk uit het raadsvoorstel van destijds.
Dat gold trouwens ook voor delen van de Oosterparkwijk en de Indische buurt en dat is - ook gezien, wat ik net zeg, die harde infrastructurele grenzen - de meest logische keuze, want in delen van de Oosterparkwijk, de Indische buurt en De Hoogte gold immers al langer betaald parkeren, dus het tweede schiltarief. We hebben een aansluiting gezocht bij de tijden en de prijzen in die bestaande gebieden, zodat een bewonersvergunning in die wijken dan ook in die hele wijk geldig is, anders zou je weer opnieuw onderscheid krijgen. 00:32:06
de heer Broeksma - wethouder: Op die manier voorkomen we ook dat in één parkeergebied verschillende prijzen zouden gelden en dat je niet in dezelfde wijk in het ene deel van de wijk wel zou kunnen parkeren en in het andere deel niet. Wat tot verwarring heeft geleid dat herken ik wel wat u zegt - is dat alle wijken waar we betaald parkeren hebben ingevoerd vorig jaar of nog gaan invoeren, in de volksmond en in de pers de derde schil is gaan heten. Dat heeft mogelijk bij een aantal bewoners tot verwarring geleid en dat kan ik goed begrijpen. We zullen ons natuurlijk inspannen om dit in de toekomst te voorkomen. Betaald parkeren is ook in De Hoogte ingevoerd op 1 mei jongstleden en veel bewoners zijn er blij 5
mee. Dat wil ik u ook nog even meegeven. Als voorbeeld kreeg ik vorige week een bericht van een bewoner uit De Hoogte, die aangaf dat het een genot is om thuis te komen en niet eerste rondjes te hoeven rijden om een plekje te zoeken. Zij gaf ook aan dat alle wijkbewoners - of ze dat aan iedereen gevraagd heeft, dat weet ik niet - opgelucht en hier heel blij mee zijn. Als het gaat over de tarieven, u stelt daar ook een vraag over: uw raad nam vorig jaar een motie aan met daarin de vraag of de parkeertarieven nogmaals tegen het licht gehouden kunnen worden. Dat gaan we doen. Daarin is ook de vraag opgesloten of de prijsverschillen tussen de tweede- en derde schil niet kleiner zouden kunnen worden en de status van die hoogte is daarmee een onderdeel van die onderzoeksvraag. Tot zover, voorzitter. 00:33:34
Voorzitter: Is dat aanleiding tot vervolgvragen? De heer De Waard. 00:33:42
de heer De Waard - SP: Het is in ieder geval goed om te horen dat er weer wordt gekeken naar de tarieven tussen de tweede- en derde schil, want mensen vonden het toch wel schrikken om ineens dubbel zoveel te moeten betalen. Ik heb ook nog een brief gezien, waarin stond dat men tot de derde schil zou gaan behoren en volgens mij is dat ook ergens in de communicatie van de gemeente ingeslopen. Ik denk niet dat de wethouder dat heeft gezien, dus ik denk dat we dat nog even moeten doornemen met elkaar, maar daar is wel grote verwarring ontstaan. Zoals ik al zei: het is toch ineens twee keer zoveel betalen en dat in een wijk waar de inkomens wat lager liggen, dus dat is voor mensen toch wel een grote klap, vandaar de vragen. 00:34:25
Voorzitter: De wethouder toont zich, geloof ik, bereid om dat even nader te bekijken. 00:34:28
de heer Broeksma - wethouder: Ja, die brief wil ik graag bekijken en u kunt zeggen: "Twee keer zoveel betalen", maar voor de derde schil hebben we het tarief op de helft vastgesteld van de tweede schil. 00:34:39
Voorzitter: Dan heeft meneer De Waard ook nog- hij rekent nu uit dat de helft hetzelfde is als twee keer zoveel - vragen over gladde stenen in Vinkhuizen. Gaat uw gang. 00:34:54
de heer De Waard - SP: Dat klopt. De wethouder is net buiten geweest en heeft het daar ook al uitgebreid kunnen aanhoren. Zij heeft een steen in ontvangst genomen, dus zij weet ervan. Wat ik in ieder geval nog even wil toevoegen aan de vraag is dat ik het toch best bijzonder vind dat hier zoveel mensen vanuit Vinkhuizen op de stoep komen om dat verhaal te vertellen. Volgens mij bewijst dat wel dat het diep gevoeld is bij deze mensen en dat ze heel graag op korte termijn een oplossing daarvoor willen hebben. Ik hoor dat het al twintig jaar speelt en volgens mij is het ontzettend belangrijk dat wij dat als gemeente heel serieus gaan oppakken. 00:35:38
Voorzitter: Mevrouw Chakor. 6
00:35:41
mevrouw Chakor - wethouder: Dank, voorzitter. Dat klopt inderdaad, ik heb een hele delegatie vanuit de wijk mogen ontvangen. Ook wel bekende gezichten erbij, dus dat is heel mooi. Laat ik beginnen om te zeggen dat wij inderdaad de mening delen dat de stenen veilig moeten zijn en dat de klachten gewoon serieus genomen moeten worden. We hebben, inderdaad, onlangs vernomen dat in twee straten in Vinkhuizen - die noemde u, volgens mij, ook - de Zandsteenlaan en de Arduinstraat, klinkers liggen die glad zijn. De gladheid wordt veroorzaakt door algenvorming, zoals ze net vertelden. Door het grondig schoonmaken daarvan voldoen de stenen weer aan de gladheidseisen. De schoonmaak van deze stenen hebben wij uitbesteed aan een aannemer. Door een wisseling van de aannemers door corona zijn de stenen helaas al enige tijd niet schoongemaakt. Dat had gewoon wel gemoeten en we zorgen ervoor dat dit zo snel mogelijk echt gaat gebeuren. Er vinden op dit moment nog wel bouwactiviteiten plaats, waardoor nu direct schoonmaken minder zinvol is. We verwachten dat deze activiteiten binnen nu en zes weken in ieder geval zijn afgerond. Zodra deze zijn afgerond starten we direct met de grondige schoonmaak van de steentjes en we hopen dat het probleem dan verholpen is. 00:36:54
mevrouw Chakor - wethouder: Ik heb inderdaad, zoals u zei, een steen mogen ontvangen. Ik heb ook gezegd dat, mocht dit geen resultaat opleveren, we zullen kijken naar andere oplossingen. Dat betekent dat we voor de langere termijn kijken naar een andere steensoort, zoals gelijk al genoemd is als een oplossing. Dit willen we wel combineren met groot onderhoud en we willen ook met inwoners kijken naar mogelijkheden voor - daar was ook een vraag naar - herinrichting, vergroening en vermindering van hittestress. We willen Vinkhuizen graag met inwoners vergroenen en hier zetten we op in gezien de nieuwe subsidie die we net een nieuw jasje hebben aangetrokken, de groene- en blauwe subsidie. Wat betreft de ideeën van de bewoners voor het verbreden en verbeteren van de straat of buurt: dit gaan we ook zeker bespreken met het gebiedsteam. Ik heb, volgens mij, net toegezegd dat ik samen met de gebiedsbeheerder en andere betrokkenen, maar even kijken wie dan, die kant opga en dat ik in gesprek ga met de inwoners om te kijken hoe we de wijk kunnen vergroenen. Ik heb ook verteld dat we met Operatie Steenbreek nu naar de wijk toegaan, dus dat start ook binnenkort. Er zijn dus ontzettend veel ontwikkelingen en misschien zijn er veel kansen die integraal, zeg maar, als puzzelstukjes in elkaar kunnen steken om de wijk veiliger en groener te maken. 00:38:22
Voorzitter: Dank u wel. De heer De Waard nog? 00:38:25
de heer De Waard - SP: Dank voor het antwoord, wethouder. Het doet me goed om te horen dat dit zo wordt opgepakt. Zoals u ook buiten hoorde hebben mensen niet veel vertrouwen in het opruwen van de stenen. Zij hebben gezegd dat het eerder is geprobeerd, maar dat het niet echt resultaat heeft opgeleverd. Nou goed, ik weet ook niet precies hoe dat zit, maar het lijkt me wel heel redelijk dat voor het najaar en de winter, wanneer het echt weer glad wordt, het probleem, links- of rechtsom, is opgelost. Zou ik die toezegging kunnen krijgen?
7
00:38:59
mevrouw Chakor - wethouder: Ja, zonet buiten heb ik aangegeven dat over zes weken die werkzaamheden zijn afgerond en dan gaan we gelijk schoonmaken. We monitoren dat het goed en veilig blijft. We gaan het nu zelf doen. Voorheen hadden we het uitbesteed, maar we gaan het nu zelf doen. We hebben daar ook de apparatuur voor. Ik begrijp heel goed dat mensen aangeven dat het glad is. Er zijn al een aantal valpartijen geweest en dat is niet wat we willen. Dus we doen dit eerst en mocht dit niet werken, dan zullen we kijken naar andere oplossingen. Wat ik nog wel wilde zeggen is: wat we merken is dat er werd aangegeven dat men in het contact met het gebiedsteam toch het gevoel had van: we worden niet gehoord of we leggen een vraag neer bij het WIJ-team en het wordt niet opgepakt. Dus het is belangrijk dat we de juiste kanalen aangeven waar je je kunt melden. Vandaar het werkbezoek of het wijkbezoek wat ik ga doen, waar we dan hopelijk ook met elkaar gaan kijken hoe we het nou met de speeltoestellen gaan doen - daar waren wat vragen over enzovoorts en het dan stapje voor stapje gaan oppakken. 00:40:07
Voorzitter: Dank u wel. Dan komen we nu bij een groot aantal vragen over de piekopvang voor studenten in de komende collegeperiode. Ik zou dat bijna de hoofdmaaltijd van vandaag noemen, maar dan zou ik het andere tekort doen. Het zijn er wel heel veel en het viel mij op - dat moet ik toch even kwijt - dat het begint met een aantal vragen die vrij technisch van aard zijn. Ik zou er echt op willen aandringen dat u dat soort informatie eerst technisch verzameld. Dat zou uw vragen kunnen aanscherpen in politieke zin, want we hebben hier een politiek vragenuur. Het zijn vragen van Steven Bosch van Student & Stad en van Jim Lo-A-Njoe van D66. Het woord is eerst aan meneer Bosch voor een korte toelichting. Gaat uw gang. 00:41:01
de heer Bosch - Student & Stad: Dank u wel, voorzitter. Het is al jarenlang een probleem dat er in augustus en september nieuwe studenten komen in onze stad en vaak studenten die nog niet zijn afgestudeerd en die nog niet uit de stad zijn verhuisd. Die doen dat niet of hebben geen vervangende woonruimte gevonden. Dat is een terugkerend probleem dat heel bekend is. Het is heel belangrijk dat daar een goede oplossing voor wordt gevonden, want er zijn veel schrijnende verhalen van de afgelopen jaren en ik hoop dat dat dit jaar niet zal gebeuren. Mijn vragen gaan allereerst over het aantal plekken en hoe dat georganiseerd wordt voor flexibele- of vaste plekken. Ook de communicatie naar studenten is heel belangrijk en daar zijn een aantal vragen over. Wat Student & Stad betreft is het heel belangrijk dat studenten, die in de piekopvang zitten, zekerheid hebben dat ze niet op straat staan en daar is een vraag over. Over de kwaliteit en de prijs van de woningen zijn allemaal vragen. Dan heeft mijn collega van D66 nog wat aanvullingen over wat meer structurele oplossingen. 00:42:04
Voorzitter: Meneer Lo-A-Njoe, gaat uw gang. 00:42:07
de heer Lo-A-Njoe - D66: Dank u wel, voorzitter. Inderdaad, zoals de heer Bosch van Student & Stad al zei: dit is eigenlijk al jaren een issue waar we ongeveer in dezelfde periode, in mei, 8
steeds over spreken en dan vervolgens weer als we met de problemen geconfronteerd worden in september en oktober. Naast de vragen die Student & Stad heeft gesteld, die vooral over komend jaar gaan, vragen wij ons af of we deze cyclus niet kunnen doorbreken. Er is een convenant afgesloten sinds het tentenkamp-debacle in 2018 en dat loopt tot 2022, tot nu. Wat hebben we daarvan geleerd? Heeft dat geholpen? Ik zou het jammer vinden, zeker gezien het feit dat de kennisinstellingen nu aangeven dat voor de komende jaren - de RUG heeft het over de komende acht jaar - de groei gewoon doorgaat-- Dus dit gaat niet zomaar weg. We zullen een andere strategie moeten gaan vinden om hiermee om te gaan. We horen graag van het college wat ze geleerd heeft over de afgelopen vier jaar en wat we nu dan anders gaan doen om dit te doorbreken. 00:43:05
Voorzitter: Helder. De wethouder, de heer Van der Schaaf. 00:43:09
de heer Van der Schaaf - wethouder: Dank u wel. Om even te beginnen, het klopt dat wij de afgelopen jaren samen met de kennisinstellingen, en overigens ook samen met studentenorganisaties, moet ik wel zeggen, als een van de weinige studentengemeentes in Nederland piekopvang hebben georganiseerd. Het punt over het structurele karakter van dit vraagstuk is dat, door aan de ene kant de groei van de universiteit en hogeschool, maar ook de toenemende internationalisering, het piek-probleem - wat er natuurlijk altijd al was. Zelfs twintig jaar geleden had je dat in augustus en september - enorm in omvang heviger is geworden. Een grote groep buitenlandse studenten, die geen ander netwerk hebben of familie of vrienden in de buurt waar ze op terug kunnen vallen, melden zich allemaal tegelijkertijd in augustus voor een kamer. Inderdaad, de heer Bosch zei het al, de uitstroom van andere mensen wiens plek ze als het ware kunnen innemen verloopt op een hele andere manier. Dus je hebt bijna altijd onvermijdelijk een piek. Daarbovenop komt nog eens de structurele groei en de structurele situatie op de woningmarkt die algemeen slecht is, die dan juist misschien wel de meest zwakke mensen op dat moment - de woningzoekende buitenlandse studenten zonder netwerk - als hardste raakt. Dat heeft inderdaad tot een aantal schrijnende situaties geleid.
Tegelijkertijd moet ik ook wel weer zeggen dat we de afgelopen jaren samen met organisaties en kennisinstellingen veel hebben georganiseerd en laten we niet vergeten dat er ook veel inwoners waren die vorig jaar via Shelter Our Students veel mensen zonder kamer hebben opgevangen. 00:44:39
de heer Van der Schaaf - wethouder: Dit jaar moeten we dat weer doen. Ik denk eerlijk gezegd dat het de realiteit is, dat is ook die structurele oplossing, dat het hebben van nooden piekopvang onvermijdelijk is. Als er zo'n - naar de toekomst toe - groot deel van onze studenten van ver komt, uit het buitenland, dan is een markt zonder piekopvang of iets van een noodopvang ondenkbaar. Als iedereen in augustus direct al een kamer zou hebben, dan zou je in oktober met enorme leegstand worden geconfronteerd, omdat die uitstroom daarna natuurlijk wel doorgaat. Dus moeten we dat organiseren en dat doen we ook, maar we moeten dat op een meer structurele manier organiseren. Daar kom ik zo nog op terug. Dat is niet iets wat je van het ene op het andere jaar doet. Dus als je het hebt over wat je hebt geleerd, ik kom daar zo op terug, dan is het met name dat. Wat doen we dit jaar? Daarmee is het belangrijk om te vertellen dat in dit jaar, zeker meer dan ooit, de situatie nog 9
ingewikkelder is. We weten nog niet precies hoe het zit met de instroom van buitenlandse studenten. Daar zijn inderdaad cijfers over dat het weer gaat toenemen. Of dat ook zo is voor internationale studenten moeten we afwachten. Dat is elk jaar weer afwachten, want we weten pas heel laat zeker hoeveel er komen. Als je kijkt naar de situatie op de woningmarkt, dan is het eigenlijk slechter dan ooit. De krapte is alleen maar toegenomen de afgelopen jaren in Nederland en daar komt bij - dat heeft een relatie met het vorige punt dat wij op dit moment natuurlijk ook op zoek zijn naar plekken voor statushouders, asielzoekers en de Oekraïners, die er met elkaar voor gezorgd hebben dat we afgelopen tijd plus de zoektocht naar ruimte voor piekopvang - elk hoekje of gaatje in onze stad en in de omgeving van onze stad, waar mogelijk nog huisvesting gevonden zou kunnen worden voor welke doelgroep dan ook, wel hebben omgedraaid. Dus de rek is er echt uit. 00:46:15
de heer Van der Schaaf - wethouder: We moeten het echt doen met bestaand vastgoed en bestaande mogelijkheden. Daar hoort een communicatiestrategie bij - dat hebben we ook geleerd van de afgelopen tijd - die veel helderder en scherper is dan de afgelopen jaren. Dat is met name een stap die de kennisinstellingen hebben moeten maken, maar daar kom ik zometeen op terug. Wat hebben we dit jaar in ieder geval in de pijplijn zitten? Wat ik al zei: we gaan inzetten op een meer structurele vorm van noodopvang. Dat betekent dat wij - wij hopen dat we dat volgend jaar september gereed hebben in Zernike - structureel een gebouw willen gaan neerzetten die in augustus, september en oktober gebruikt kan worden voor piekopvang en op het moment dat de piek is gedaan die weer voor reguliere studentenhuisvesting ingezet kan worden. Dat wordt bijna een soort permanente voorziening voor piekopvang. Die kan, als het ware, meegroeien en mee-krimpen. We willen dat in 2023 in Zernike hebben staan. Dat is op dit moment onze ambitie, maar goed, dat kost natuurlijk nog tijd en daarmee lopen we al wat vooruit op de planning om in 2025 meer structurele huisvesting op Zernike te realiseren. Voor het komende studiejaar zetten wij in op dubbele bezetting van een aantal panden die we hebben. We hebben bijvoorbeeld een pand van Lefier aan het Damsterdiep, plus nog een aantal andere aanbieders.
Daar hebben we op dit moment voor ongeveer 260 plekken extra piekopvang, waar studenten uit het buitenland - dat is ook nieuw - vooraf op kunnen intekenen. 00:47:41
de heer Van der Schaaf - wethouder: Wij zeggen - dat is ook echt anders dan de jaren daarvoor - dus niet van: "Je komt maar naar Groningen en kijk of er plek is in de noodopvang of dat je een andere kamer hebt." Nee, je kunt je vooraf intekenen op die noodopvang en die is tijdelijk. De vraag van hoeveel flexibele plekken er beschikbaar zijn is in principe nul. Wij zetten in op: dit is de noodopvang en we gaan ook heel duidelijk - dat is de volgende vraag - samen met de kennisinstellingen, vooral zij moeten dat natuurlijk doen, communiceren dat, op het moment dat je op 1 augustus nog geen kamer hebt in Groningen of op een andere manier geen plek hebt in Groningen ofwel geen plek in die noodopvang, dat je dan niet moet komen. Dat zeggen we harder dan ooit. Niet alleen wij zeggen dat, maar ook de kennisinstellingen gaan dat veel actiever communiceren, omdat de realiteit gewoon is dat de woningmarkt, zoals het nu lijkt, en de ruimte in de markt zo beperkt is, dat niet te verwachten is dat er nog andere oplossingen denkbaar zijn. Dus je moet een kamer geregeld hebben anders kun je er beter van uitgaan dat, als je wel komt, je gewoon niks kan 10
vinden. Dat kan in de loop van het studiejaar anders worden, maar dat is wel de communicatieboodschap die de kennisinstellingen samen met ons gaan voeren. Om die boodschap op een scherpe manier te gaan formuleren en ook bij de aankomende studenten te laten landen werken we samen met studentenorganisaties om daar de juiste communicatiemiddelen voor in te zetten. 00:49:07
de heer Van der Schaaf - wethouder: Dan nog de vraag: is het college het eens dat de manier van communiceren de verantwoordelijke organisaties nooit ontslaat van de verantwoordelijkheid om voldoende fatsoenlijke huisvesting te organiseren? Dan zeg ik er wel even bij dat - tenminste in Nederland is dat zo en trouwens in meer landen - uiteindelijk de student natuurlijk zelf - zonder dat ik het nu af ga schuiven - primair verantwoordelijk is voor het vinden van huisvesting. Uiteraard doen de kennisinstellingen, de gemeente en de corporaties er alles aan om zoveel mogelijk huisvesting te organiseren. Structureel door middel van nieuwbouw, uitbreiding en via de piekopvang die ik net heb genoemd. Het is niet zo dat, op het moment dat je ervoor kiest om naar Groningen te gaan, je er dan op kan rekenen dat een instelling - of het nou de gemeente is of een kennisinstelling - iets voor jou organiseert. Dat gaan we dus heel duidelijk communiceren. We gaan heel veel organiseren, maar we gaan ook heel duidelijk communiceren dat als je ondanks dat je geen kamer of plek hebt toch wil komen, het wel je eigen keuze is. We zullen ook de kennisinstellingen erop aanspreken - ze hebben dat ook gezegd - dat zij een heldere boodschap naar hun aankomende studenten moeten delen. Even kijken, dan zijn er nog een aantal vragen gesteld over de piekopvang zelf straks.
Nou kijk, wat wij de afgelopen tijd hebben gemerkt is dat het eigenlijk altijd gelukt is om bij de piekopvang, hoe wij die ook georganiseerd hebben - die moet op een gegeven moment sluiten - zonder mensen op straat te zetten, ze uiteindelijk toch een andere kamer hebben weten te vinden. 00:50:31
de heer Van der Schaaf - wethouder: Er is nog nooit iemand uit de piekopvang op straat gezet, dus er is altijd voldoende tijd voor het vinden van een andere kamer. Er zijn vragen over de slaapzalen gesteld: we zetten dit jaar dus geen slaapzalen in. We gaan in op dubbele bezetting van bestaande kamers, die dan tijdelijk dubbel worden ingezet. Dat betekent ook, als het gaat om de kosten, dat die kosten dan door twee gaan, waarbij het natuurlijk afhankelijk is van de aanbieder en het type kamer hoe hoog die huurprijs daadwerkelijk is. Dan de vragen van D66. Voor een deel heb ik daar, denk ik, al antwoord op gegeven. De echte oplossing zit hem natuurlijk in het zorgen dat er meer dan voldoende aanbod is. Dus niet alleen voor studenten, maar in zijn algemeenheid en dat doorstroming kan plaatsvinden. Desalniettemin zal er altijd iets van piekopvang nodig blijven. Structureel via een goed gebouw op Zernike, via een soort harmonica-model. Met in het begin veel mensen en later regulier, hoop je dat structureel te kunnen opvangen, dus dat er eigenlijk niemand is die toevlucht moet zoeken tot containers, tijdelijke containers of tenten of wat dan ook. Als het gaat om de communicatie: in ieder geval voor dit jaar hele heldere communicatie en we zullen elk jaar moeten gaan bekijken of dat voortgezet moet worden. 00:51:47
Voorzitter: Is dat reden tot vervolgvragen? Meneer Bosch. 11
00:51:51
de heer Bosch - Student & Stad: Voorzitter, dat is het zeker, want waar begin ik? Ik begin bij het aantal woningen, want dit antwoord baart me best wel zorgen, moet ik heel eerlijk zeggen. Ik hoor 260 plekken voor dubbele bezetting, dus 260 extra plekken. Dat is minder dan de afgelopen jaren en de afgelopen jaren hadden we dus opvang van andere studenten via een soort een couchsurfing. Dus vorige jaren was het al veel minder, nu is het ook veel minder. Vorig jaar was het te weinig en nu is het nog steeds een laag getal met nul flexibele woningen. Als ik de woorden van de wethouder anders verwoord, dan hoor ik eigenlijk: we gaan scherper, duidelijker communiceren en ja, dat ontslaat ons van de verantwoordelijkheid om ervoor te zorgen dat ze een fatsoenlijke piekopvang hebben. Dat vind ik nogal wat, want dan zeg je dus: we hebben een probleem met een landelijk beleid, waardoor de universiteit niet kan zorgen hoeveel instroom er is en we hebben een probleem in een universiteitsstad dat er veel studenten komen. Linksom of rechtsom, ze kunnen zich inschrijven voor die studie en ze moeten vaak een hele aanmeldingsprocedure doorlopen. Dan zijn ze aangemeld voor die studie en dan zeggen wij: "We hebben niet genoeg plekken. Kom maar niet." Dat is best wel een heftige keuze en ik kan er ook niet zo goed bij dat dat de enige optie is. We hebben dit probleem al twintig jaar, hoor ik net.
Dan kan je toch niet zeggen: "Nou, dat probleem is er al twintig jaar. We gaan nu minder plekken realiseren en we communiceren beter, dus het is niet meer ons probleem." Dat daarover en dan nog00:53:36
Voorzitter: Dit is een statement? Dat mag hoor, maar kunt u daar nog een vraag aan koppelen. 00:53:40
de heer Bosch - Student & Stad: Nou, mijn vraag is: is dat daadwerkelijk de lijn die het college vasthoudt? Heb ik dit goed begrepen is dan de vraag, maar ik heb nog een andere vraag en dat gaat over de zekerheid van studenten. De wethouder zegt: "Er zijn nog nooit mensen op straat gezet." Volgens mij, in de documentaire waar de wethouder zelf in speelde van Hanzemag - een hele goede documentaire - werd iemand maandenlang gevolgd en die is in december vertrokken naar, als ik het me goed herinner, Estland, omdat hij geen plek meer had. Dus dat is in ieder geval al één voorbeeld en studenten leven in onzekerheid. Hoe kun je je nou focussen op een normaal leven en studeren op het moment dat je iedere keer weer denkt dat je uit huis gezet gaat worden? Vandaar was mijn vraag heel duidelijk: kunnen we garanderen dat ze kunnen blijven zitten totdat er voldoende woningen zijn? Daar hoor ik de wethouder eigenlijk 'nee' zeggen dus we laten die studenten die hier komen weer maandenlang in onzekerheid zitten. Klopt dat? 00:54:41
Voorzitter: De wethouder? 00:54:42
de heer Van der Schaaf - wethouder: Het tweede klopt niet. Volgens mij, ik ken het voorbeeld niet, waren er zeker in december wel degelijk kamers te vinden in Groningen. Er is niemand uit de piekopvang gezet, die vervolgens op straat is gezet. Ook over het eerste punt wil ik vrij duidelijk zijn: u draait de zaak volledig om. De gemeente Groningen heeft de afgelopen jaren met enorm veel inzet, echt enorm veel inzet, ervoor gezorgd dat een 12
probleem, wat primair wordt veroorzaakt door kennisinstellingen die mensen aannemen en studenten die ervoor kiezen om hier te komen terwijl ze geen zekerheid hebben op huisvesting, om toch via piekopvang de ergste gevallen daarvan-- Ik ben het helemaal met u eens dat het schrijnende gevallen zijn. Dat is maatschappelijk een groot probleem. Dat probleem bestaat inderdaad al twintig jaar, simpelweg omdat we te weinig huizen in Nederland hebben. Als wij meer dan 260 piekopvang plekken zouden kunnen maken, bijvoorbeeld 400, dan zouden we dat doen. Geen enkel probleem, maar u weet ook hoe de situatie op de woningmarkt is. U weet ook wat voor andere problemen wij op dit moment hebben in Groningen om mensen op te vangen en u weet ook heel goed wat de mogelijkheden zijn als het gaat om leegstand, want er is vrijwel geen leegstand. Daar heb ik net ook al vragen over beantwoord, dat we dachten dat een gebouw leeg was wat helemaal niet leeg was. We zitten, wat dat betreft, met een heel groot probleem. Niet alleen in Groningen, maar in Nederland. Op het moment dat er in zo'n situatie duizenden mensen naar Groningen komen die geen huisvesting hebben, dan spannen we ons echt tot het maximale in om, inderdaad, voor die mensen 260 plaatsen te realiseren.
Wat er veel meer zijn, voor alle duidelijkheid, dan vier jaar geleden en vergelijkbaar is met wat we vorig jaar aanvankelijk hebben aangeboden. 00:56:17
de heer Van der Schaaf - wethouder: Dat is niet zozeer de keuze van het college om maar minder te doen. Meer zit er gewoon simpelweg niet in en vanuit die realiteit is het juist heel sociaal en volstrekt helder om duidelijk te maken richting studenten, via de kennisinstellingen want daar ligt primair de verantwoordelijkheid als het gaat om de communicatie, om duidelijk te maken dat als het niet gelukt is op 1 augustus om een kamer te vinden, dat je er verstandig aan doet om niet te komen. A: de kans is erg groot dat je niks weet te vinden en b: zoals u zelf ook aangeeft, dat studeren waarbij je onzekerheid hebt over je eigen huisvesting, waar je inderdaad onzekerheid hebt of je volgende week wel ergens kan wonen en dat je niet op een comfortabele plek kan studeren, dat dat je studietijd inderdaad verknalt. Daarover hoort dus een volstrekt heldere boodschap bij van de kennisinstellingen. Ik ben het inderdaad met u en ook met veel studentenvertegenwoordigers eens dat er de afgelopen jaren een behoorlijke discrepantie zat in de boodschap die werd uitgedragen, namelijk: 'kom naar Groningen, dat is fantastisch. Het is een feest om hier te studeren', terwijl voor veel mensen de realiteit was dat ze inderdaad zo in onzekerheden leven. Daar hebben we drie dingen tegen te doen. Eén is natuurlijk - daar zijn we het over eens - ontzettend ons best doen - dat doen we ook.
Er wordt er heel veel bijgebouwd - voor studenten, ook internationale studenten, om gewone, nette, georganiseerde en betaalbare huisvesting te organiseren. Twee: als ze hier massaal komen om voor die piek een oplossing te bieden en als het er meer dan 260 zouden kunnen zijn, zouden we dat doen, maar op dit moment hebben we er gewoon niet meer kunnen vinden. Dat is de stand van nu, op dit moment. De derde lijn is dat je daar ook een volstrekt heldere en eerlijke communicatieboodschap bij hebt. Ja inderdaad, ik vertel ook liever een ander verhaal van: 'Kom naar Groningen. Er zijn kamers in overvloed', maar dat is gewoon niet de realiteit. 00:58:00
Voorzitter: De heer Lo-A-Njoe wil ook nog een vervolgvraag stellen, blijkbaar. Gaat uw gang. 13
00:58:04
de heer Lo-A-Njoe - D66: Dank dat het mag, voorzitter. Als we naar andere landen kijken, die ook actief internationale studenten werven, dan is residential living en wonen op de campus een vast onderdeel. In 2018, bij de tekening van het convenant, viel te lezen dat er op termijn 1500 extra kamers gebouwd zouden worden op de Zernike-campus en dat de RUG en Hanze zich daarvoor gaan inzetten. De RUG heeft grote verbouwingsplannen met de ACLO onder andere. Kunnen we er nu vanuit gaan dat die campus er dan ook komt met dit soort aantallen? Want dat gaat natuurlijk wel heel erg schelen. Dat zien we in het buitenland en dat kan hier ook werken. Vanuit de campus kun je dan in de stad een kamer zoeken. 00:58:47
Voorzitter: De wethouder. 00:58:48
de heer Van der Schaaf - wethouder: Ja, op zich wel. De eerste stap is dat we in 2023 dat flexibele gebouw willen gaan neerzetten. Dat is overigens iets wat we als gemeente zelf gaan doen. Tenminste, we gaan de grond laten ontwikkelen door een partij. We gaan niet zelf bouwen. Als het gaat om die meer structurele ontwikkeling voor de campus, waar we dan 1000-1500 eenheden hebben, dan gaat het inderdaad precies om dit soort projecten. Een combinatie met bijvoorbeeld de Kapteynborg en de ACLO. Waar we wel tegen aanlopen daar zal ik ook heel eerlijk zijn - is dat het soms lijkt alsof er op de Zernike-campus ontzettend veel ruimte is en dat je zomaar ergens kan bouwen. Het is behoorlijk ingewikkeld om bestaande programma's te combineren met huisvesting. Dat zijn ingewikkelde trajecten, maar u kunt er wel van op aan dat dit een inzet is die gedeeld wordt door de kennisinstellingen en door de ondernemers op de campus. Als je het over een paar jaar hebt, dan zie ik inderdaad zo'n beeld voor me van een campus waarbij ook gewoond wordt.
We moeten ook eerlijk zijn, stel dat het lukt om daar 1500 eenheden neer te zetten, dan nog is de omvang van de hoeveelheid studenten en de instroom in Groningen zodanig, dat we een aantal meer jaren en meer plekken nodig hebben - daar ben ik met de heer Bosch over eens - en dat we moeten blijven werken aan het toevoegen van studentenhuisvesting, ook op andere locaties in onze stad. Dat is een opgave waar we de komende jaren aan moeten werken. 01:00:08
Voorzitter: De heer Bosch nog. 01:00:10
de heer Bosch - Student & Stad: Dank u wel, voorzitter. De wethouder zegt dat 260 plekken uiteindelijk het maximale is wat we kunnen organiseren. Ik heb het eerder gezegd, maar ik ga dat herhalen: ik vind het echt moeilijk te geloven dat, in een grote gemeente en restgemeenten om ons heen, 260 goede woningen voor twee maanden als enige mogelijk is, maar ik heb natuurlijk niet de kennis om dat te staven. Ik zou allereerst aan de wethouder willen vragen om dan de komende maanden, in ieder geval als er extra wordt - want ik heb begrepen dat wel naar extra gezocht wordt - gevonden, dat we daar dan, als raad, van op de hoogte blijven. Dat ten eerste. Dan nog even door op het punt over het geven van zekerheid aan studenten die in de noodopvang zitten. We blijven dus hetzelfde beleid voeren als vorig jaar. Nou, het is een beetje een welles-nietes verhaal of dat anders is en of we studenten op 14
straat zetten of niet, maar communiceren we in ieder geval richting die studenten die in de noodopvang zitten, dat zij er uitgaan wanneer er een andere plek op de woningmarkt vrij is en niet eerder? Dat ze in ieder geval die zekerheid hebben en dat we dat duidelijk communiceren. Kan ik die toezegging krijgen? 01:01:31
Voorzitter: Wethouder. 01:01:32
de heer Van der Schaaf - wethouder: Ja, we zullen zeker duidelijk communiceren op het moment dat je ergens in de noodopvang zit voor hoe lang dat is en met welke verantwoordelijkheid. Dat zullen we zeker doen. Alleen tekenen de studenten zelf een contract met de verhuurder. Dat is het contract wat getekend wordt. Wij zetten sowieso niemand op straat. Wij kunnen - dat ga ik als gemeente niet doen en dat geldt ook voor allerlei andere mensen in deze gemeente - geen individuele huisvestingsgaranties gaan afgeven. Dat is onbegonnen werk, dus dat soort garanties ga ik hier ook niet afgeven. Wat ik wel als garantie afgeef is dat we volstrekt helder zullen communiceren en dat wij, niet alleen als gemeente, maar ook samen met alle betrokkenen en de studenten die in de noodopvang zitten, natuurlijk ontzettend zullen helpen om ervoor te zorgen dat ze een definitieve kamer zullen vinden. Of definitief, dan de volgende stap kunnen zetten. De eerste vraag: ja, natuurlijk zullen we u op de hoogte houden als het lukt om meer te vinden, maar ik ben daar niet zo optimistisch over. Waarom? De markt is op dit moment niet zo ruim, niet alleen in de stad, maar ook buiten de stad en dan druk ik me heel eufemistisch uit. We hebben ook nog een heleboel andere doelgroepen.
Collega's Chakor, Diks en de burgemeester zijn ook naarstig op zoek, met mij, naar plekken voor Oekraïners, asielzoekers en statushouders. Dus als u zegt: "Ik kan het bijna niet geloven", tja, we hebben op dit moment echt een serieus probleem in Nederland en dan doen we het in Groningen eigenlijk nog heel goed. 01:03:05
Voorzitter: Dank u wel, we gaan het hierbij laten. Ik wil iedereen in ieder geval complimenteren met de zeer korte en zeer to the point zijnde inleidingen. Dank voor die medewerking, want dat verheldert het gesprek hier. Graag tot een andere keer.
15