211019 Gespreksnota Strategische herorientatie def.pdf
Tekst van het document
Gespreksnota Strategische heroriëntatie
Versie: Status: Steller:
19/10/2021 Definitief Janke Bolt Mariël van Loenhout Leanne van Tilborg
1
Inhoudsopgave 1. Inleiding ............................................................................................................................................... 3 1.1 Leeswijzer ...................................................................................................................................... 3 2. Projectopdracht: onze opgave en de aanpak ...................................................................................... 4 2.1 Besturen in onzekerheid ............................................................................................................... 4 2.2 Dynamiek in het financieel perspectief ......................................................................................... 4 2.3 Procesaanpak ................................................................................................................................ 5 3 Het financiële beeld.............................................................................................................................. 8 3.1 Aanleiding, aanpak en voorlopige conclusies................................................................................ 8 3.2 Samenvatting BMC rapportage ..................................................................................................... 9 4.
De scenario’s 2040 ............................................................................................................................ 12 4.1 Leidende principes voor de scenario’s ........................................................................................ 12 4.2 Scenario 1: De inwoner ............................................................................................................... 14 4.3 Scenario 2: Wonen ...................................................................................................................... 18 4.4 Scenario 3: Het klimaat (energietransitie en klimaatmitigatie) .................................................. 22 5. Het laatste woord…… ........................................................................................................................ 25 6. Bijlagen .............................................................................................................................................. 26
2
1. Inleiding De gemeenteraad van Goirle heeft zichzelf de opgave gesteld om door middel van een strategische heroriëntatie de koers voor de komende jaren te bepalen. De raad beoogt daarbij ook op lange termijn zoveel mogelijk van haar ambities te realiseren en tegelijkertijd de structurele financiële gezondheid van onze gemeente te borgen. Om daar te komen heeft de raad in juni 2021 het college opdracht verstrekt om de volgende resultaten op te leveren om het gesprek over de strategische heroriëntatie in het najaar van 2021 op hoofdlijnen te kunnen voeren:
Een gezamenlijk vertrekpunt, gedragen door raad, college en ambtelijke organisatie, voor een zelfstandige gemeente waarbij inkomsten, uitgaven en ambities structureel met elkaar in evenwicht zijn; Een nota met beleidsscenario’s en voorstellen voor een strategische heroriëntatie; Een college- en raadsvoorstel met daarin beleidsscenario’s voor de raad. Scenario’ s die passen binnen een gezond financieel perspectief en richting geven om daarheen te groeien.
In deze rapportage geven we invulling aan de opdracht van de raad. Recent hebben wij de raad geïnformeerd over de uitkomsten van de septembercirculaire. Het zou kunnen dat daardoor twijfel ontstaat aan de urgentie van deze opdracht. Wij willen nog eens benadrukken dat de strategische heroriëntatie een beleidsmatig uitgangspunt kent conform de wens van de raad. Het is zo dat wij op korte termijn voldoende middelen hebben om een sluitende begroting op te stellen. Op de middellange termijn is dat onzeker en voor de lange termijn is het volstrekt koffiedik kijken. Vanuit onze beleidsmatige ambities zien wij een aantal uitdagingen op ons afkomen in het sociale domein, op het gebied van wonen en ten aanzien van klimaat. Die vragen allemaal om extra inzet. Wij willen het liefst op al die terreinen voor goud gaan maar mocht dat financieel gezien niet mogelijk zijn dan is het van belang om prioriteiten te bepalen. Daar is deze gespreksnota voor bedoeld. Vooruitkijken naar 2040 om van daaruit terugkijkend naar nu keuzes te kunnen maken. De grote vraag daarbij is wat voor gemeente Goirle in de toekomst wil zijn. De mogelijkheden zijn in deze gespreksnota niet tot achter de komma uitgewerkt, omdat daarvoor eerst een keuze van de raad voor een scenario nodig is. Daarna kan de raad daar een vervolgopdracht aan verbinden.
1.1 Leeswijzer In hoofdstuk 2 plaatsen we de opdracht van de raad in de context van de financiële dynamiek zoals die recent weer eens is bevestigd door de septembercirculaire. Verder staan we hier stil bij de procesaanpak. In hoofdstuk 3 treft u een samenvatting van het financiële beeld dat uit de analyse van het externe bureau (BMC) naar voren is gekomen. Vervolgens schakelt hoofdstuk 4 door naar een ander abstractieniveau. We nodigen u uit om met ons mee te gaan naar het jaar 2040 en schetsen daarvoor een aantal fictieve scenario’s die weergeven hoe Goirle er dan uit zou kunnen zien. En tot slot treft u in hoofdstuk 5 nog een kort nawoord van het college aan.
3
2. Projectopdracht: onze opgave en de aanpak 2.1 Besturen in onzekerheid Het takenpakket van gemeenten is in de afgelopen dertig jaar flink uitgebreid en dit zal doorzetten door de Omgevingswet en nieuwe taken voor gemeenten zoals de energietransitie, klimaatadaptatie, circulaire economie en stikstofproblematiek. Gemeenten zijn niet alleen verantwoordelijk voor meer taken, er is ook sprake van groeiende complexiteit en krimpend budget. Hierdoor staat de uitvoeringskracht van gemeenten onder druk. Combineer dat met de discussie tussen rijksoverheid en lokale overheid over de financieringsstructuur van de jeugdzorg, de Wmo én de herverdeling van het gemeentefonds, lange termijn consequenties van de coronapandemie, toekomstige keuzes van het te formeren kabinet en één ding is zeker: we blijven ook de komende jaren besturen in onzekerheid. Gemeenten kunnen geen afwachtende houding aannemen en zullen zich moeten beraden op hun toekomst. Mensen (arbeidsmarkt) en middelen (inkomensbronnen) zorgen ervoor dat de mogelijkheden niet oneindig zijn in de ambities die gemeenten kunnen realiseren. Om de juiste keuzes voor middellange- en lange termijn te kunnen maken is inzicht en grip nodig op het hier en nu. Weten wat ons nu én straks te doen staat en hoe we dat op de meest doelmatige en doeltreffende wijze kunnen realiseren.
Weten welke alternatieven we hebben en welke voor- en nadelen die ons opleveren. Dat vertaalt zich in integrale, brede en kwalitatief hoogwaardige advisering aan onze besluitvormers.
2.2 Dynamiek in het financieel perspectief In het voorjaar van 2021 schetsten wij u bij de Perspectiefnota 2022 een meerjarenperspectief dat gedomineerd werd door ‘financieel zwaar weer’. Dat beeld kwam tot stand op basis van de op dat moment beschikbare informatie. Sindsdien kwam het demissionaire kabinet over de brug met (incidentele) rijksmiddelen voor jeugd, werd de herverdeling van het gemeentefonds opnieuw berekend en voorlopig gemaximeerd en besloot het demissionaire kabinet op Prinsjesdag voor een aantal portefeuilles fors meer geld uit te trekken. Via het principe ‘samen de trap op’ betekent dat ook gemeentelijke overheden structureel extra geld tegemoet kunnen zien. Ook heeft de raad de afgelopen maanden besluiten genomen of zijn deze nog te nemen bij de begroting 2022. Een groot deel van die besluiten werken meerjarig financieel door. In onderstaande tabel hebben we de oorspronkelijke tabel uit de projectopdracht geactualiseerd met de nieuwste autonome ontwikkelingen én de lokale besluitvorming tot en met de begroting 2022.
4
Financieel Perspectief 2022 e.v.
2022
2023
2024
A. Structureel saldo uitgaven > inkomsten (stand april 2021)
€
-9 €
Terugdraaien opgenomen herverdeling vanaf 2022 Prognose effecten herijking gemeentefonds* Prognose effecten herijking op de exploitaitie
€ € €
600 € 1.200 € - € -360 € 600 € 840 €
Prognose compensatie Jeugdzorg (alleen 2022 is zeker)** Meicirculaire 2021 e.a. Septembercirculaire 2021 Wijzigingen in de algemene uitkering van het rijk
€ € € €
Corona-effect
2025
2026
2027
-728 € -1.026 € -1.047 € -1.047 € -1.047 € -1.047 € -1.047
1.479 486 387 2.352
€ 892 € 174 € 427 € 1.493
pm
pm
€ € € €
1.200 € 1.200 € 1.200 € 1.200 € 1.200 € 1.200 -720 € -1.080 € -1.440 € -1.440 € -1.440 € -1.440 480 € 120 € -240 € -240 € -240 € -240 816 -113 613 1.316
€ € € €
724 22 739 1.485
€ € € €
390 22 739 1.151
€ € € €
342 22 739 1.103
€ € € €
342 22 739 1.103
€ € € €
342 22 739 1.103
pm
pm
pm
pm
pm
pm
770 €
B. Perspectief incl. autonome ontwikkelingen
€
2.943 € 1.605 €
558 €
-136 €
-184 €
-184 €
-184
Structurele doorwerking besluitvorming t/m begroting 2022
€
-1.761 € -1.537 € -1.185 € -1.005 €
-987 €
-987 €
-987 €
-987
C. Perspectief incl. lokale beleidskeuzes
€
1.182 €
68 €
-415 €
-447 € -1.123 € -1.171 € -1.171 € -1.171
pm
-300 € pm
-600 € pm
-900 € pm
Nieuw beleid vanaf 2023 (aanname in projectopdracht) Nog op te nemen i.v.m. bekende en onbekende opgaves D. Perspectief voor de strategische heroriëntatie (stand oktober 2021) €
€
1.182 €
-900 € pm
-900 € pm
-900 € pm
-900 pm
-232 € -1.015 € -1.347 € -2.023 € -2.071 € -2.071 € -2.071
Hierbij wordt zichtbaar dat ons meerjarenperspectief weliswaar ‘onderaan de streep’ minder slecht is geworden (van € 2,7 mio nadeel naar € 2,1 mio nadeel). Nadere analyse van de oorzaken onderschrijft echter de blijvende noodzaak om de discussie over de strategische heroriëntatie te voeren. Immers: ook nu nog, terwijl we ons voorbereiden op de heroriëntatie, maken onze lokale besluiten de financiële opgaaf langjarig zwaarder dan de extra rijksmiddelen kunnen opvangen. Daarin zit een fors risico dat als de autonome ontwikkelingen minder positief zijn, ons eigen perspectief onbeïnvloedbaar verslechtert. Ook de komende maanden zullen er nog autonome ontwikkelingen en besluitvorming zijn die dit meerjarenperspectief in positieve of negatieve zin zullen beïnvloeden. Maar ook continu eigen voortschrijdend inzicht, bijvoorbeeld naar aanleiding van de verdere sturing op de uitgaven in het Sociaal Domein, beïnvloeden deze saldi in de tijd. Zowel in positieve, als negatieve zin. Het ‘samen trap op’ kan evengoed op een later moment ‘samen trap af’ worden, bijvoorbeeld omdat een nieuw kabinet vanwege de coronapandemie fors moet bezuinigen. Maar ook toekomstige opgaven brengen nieuwe investeringen met zich mee die we willen kunnen inbedden in onze werkzaamheden. Dát is de échte opgave waar we voor staan.
De raad mag erop vertrouwen dat het (nieuwe) college de komende raadsperiode met voorstellen komt om de financiën structureel op orde te brengen en houden. De wereld om ons heen is echter dynamisch. Voor zover nieuwe taken en opgaven niet gedekt worden door extra middelen van de rijksoverheid, moeten we daar zelf middelen voor vrijmaken. Om de kansrijkheid van toekomstige voorstellen te vergroten en draagvlak te creëren is het belangrijk te weten in welke richting het college die kan zoeken. Dát is de reden waarom de discussie door de raad over de strategische heroriëntatie, ongeacht het actuele financiële meerjarenperspectief, van belang blijft. Daarom ontvangt u met deze beleidsnota geen voorstellen om concrete activiteiten weg te bezuinigen, noch om ons financieel meerjarenperspectief in de zwarte cijfers te brengen. Het is niet, net als in voorgaande jaren, een dekkingsplan voor de korte of middellange termijn. Randvoorwaardelijk om in die onzekere en financieel dynamische wereld te opereren is dat we grip hebben en houden op onze maatschappelijke effecten en de middelen die we daaraan besteden. Daarom zetten we de ingezette koers voort om grip te krijgen op de uitgaven in het sociaal domein. De belangrijkste opgave voor de raad is om, met de verstrekte informatie, met elkaar en onze inwoners het gesprek aan te gaan over de gemeente die we willen zijn.
Als die richting helder is, helpt ons dat in alle tussenliggende keuzes over activiteiten en maatregelen om daar te komen. Daarin ligt een rol voor zowel raad, college als 5
ambtelijke organisatie. Met elkaar creëren wij de context om te kunnen anticiperen op alle opgaven die er al liggen en die (nog) op ons af zullen komen.
2.3 Procesaanpak Nog voordat de projectopdracht Strategische heroriëntatie formeel door de raad was vastgesteld is een ambtelijk kernteam geformeerd om na te denken over en invulling te geven aan deze opdracht. Voorop stond echter dat het niet alleen een ‘kunstje’ van het kernteam, van Financiën, noch van raad of college alleen kon zijn. We beseffen dat we met elkaar voor een gezamenlijke opdracht aan de lat staan om, ieder vanuit de eigen rol, het best mogelijke voor Goirle te realiseren. Voor nu, voor straks en ……….voor later. Nog vóór het zomerreces heeft het kernteam, samen met vele collega’s uit de beleidsclusters, in een 15-tal themasessies geïnventariseerd welke toptaken er op dit moment liggen, waaraan we onze middelen (mensen en €) besteden, welke opgaven er nog op ons afkomen en hoe zij kijken naar de kansen en risico’s die er daarmee binnen het beleidsveld zijn. Deze input heeft o.a. geleid tot de ‘bronszilver-goud tabellen (BZG-tabellen)’ zoals u ze in bijlage 2 kunt vinden. Deze tabellen zijn bedoeld om een ‘gevoel’ te krijgen bij een verschuiving op activiteitenniveau naar brons, zilver of goud. Het is geen objectief oordeel of effectclassificatie, maar bedoeld als beeldvorming hoe ‘meer’ of ‘minder’ eruit kan zien indien de raad voor een bepaalde richting kiest.
Ook is op basis van deze inventarisatie in een vroeg stadium begonnen met het maken van de eerste ruwe schetsen van toekomstige scenario’s die u nu in deze gespreksnota worden aangeboden: stof tot nadenken en voer voor discussie om uiteindelijk te bepalen welke keuzes je kan én wil maken. Omdat al langere tijd duidelijk was dat we als gemeente een koers moeten kiezen is uiteindelijk bewust gekozen om in de discussie-scenario’s steeds één opgave centraal te zetten: verdubbeling van de vergrijzing, woningbouwopgave en de klimaat/duurzaamheidsopgave. Onze verwachting is dat de keuze voor die drie fictieve extremen de discussie in de raad kan versterken. Uiteraard zijn vele varianten op deze fictieve scenario’s denkbaar. De scenario’s gaan uit van een aantal leidende principes. Deze worden toegelicht in hoofdstuk 4. Vanaf medio juli is door een extern bureau onderzoek gedaan naar onze financiën. Met inzicht in de taakvelden waaraan we onze middelen besteden én een benchmark met soortgelijke gemeenten geven we een beeld van onze gemeentelijke financiën en de mate van beïnvloedbaarheid van beleid en budget voor nu, straks en later. Ook heeft het externe bureau gekeken naar de omvang van onze formatie en heeft het (financiële) kansen en risico’s in beeld gebracht.
Ook de leden van de raadswerkgroep zijn vanaf medio juli een aantal keren uitgenodigd om mee te denken over het proces en de door de raad benodigde inhoud. Wij zijn dankbaar daarover met hen te hebben kunnen overleggen en het heeft ook zeker tot tussentijdse aanscherping en bijsturing geleid. Zo zijn de financiële analyses op onderdelen meerjarig gemaakt en werd steeds duidelijker dat beleidsmatige keuzes centraal moeten staan. Ook is daarbij input verkregen over de uitgangspunten waaraan scenario’s zouden moeten voldoen. Deze zijn elders in deze nota nader beschreven. Met een tweetal inloopsessies in september hebben alle raadsleden kennis kunnen nemen van de opzet en globale inhoud van datgene op basis waarvan zij de discussie in het najaar kan opstarten. Het algemene beeld was dat het veel informatie is die door raadsleden moet worden doorleefd, voordat tot een betekenisvolle discussie kan worden gekomen. De raadswerkgroep heeft vervolgens met ons meegedacht over de manier waarop de discussie het best kan worden gefaciliteerd. Conclusie was dat er een knelpunt ontstond indien deze discussie gelijktijdig met de begrotingsbehandeling zou worden gevoerd. Daarom heeft zij de regiegroep geadviseerd de beeldvorming over de strategische heroriëntatie te verplaatsen naar 2 november a.s.
6
Gaandeweg het tijdspad werd steeds duidelijker dat het opstarten van de discussie op hoofdlijnen in de raad slechts het begin is van de majeure opgave waar wij als gemeente voor staan. Deze gaat niet over het nu ‘in control’ zijn, of over te maken keuzes voor de begroting 2023 om het meerjarenperspectief sluitend te krijgen. De werkelijke opgave ligt erin dat we als gemeente ‘bewust, fit, gezond en in beweging’ moeten en willen zijn om invulling te kunnen geven aan alle toekomstige, bekende en onbekende, opgaves die nog op ons afkomen. Wanneer we ook daarin willen of moeten meedoen, moeten we de financiële consequenties daarvan óók kunnen inbedden in onze begroting. Dit betekent dat we in een complexe en dynamische omgeving overeind willen blijven, met een bewuste keuze of en zoja hoe we die opgaven gaan oppakken. Die afweging kan en hoeft nu nog niet gemaakt te worden. Met een discussie over de richting die we op willen kan vervolgens een koers worden uitgestippeld en de reis worden gepland. Dat vergt echter als vervolgtraject een verdiepende analyse welke route de grootste kans biedt om op de bestemming aan te komen. De u aangeboden nota voorziet in een discussiestuk voor de richting. Het vervolgtraject zal in de vorm van een raadsvoorstel later aan u worden aangeboden.
7
3 Het financiële beeld 3.1 Aanleiding, aanpak en voorlopige conclusies 3.1.1 Aanleiding De toekomstige financiële situatie van de gemeente Goirle is zorgelijk. We geven al enige jaren meer uit dan we te besteden hebben. Daarnaast wordt onze financiële positie fors nadelig beïnvloed door de landelijke herverdeling van het gemeentefonds. Dat gemeentefonds bepaalt voor een groot deel onze inkomsten. Om te kunnen anticiperen op huidige en toekomstige opgaven voeren we een strategische heroriëntatie uit. Daarin staat de vraag ‘Wat voor gemeente willen we zijn?’, centraal. Op die manier bereiden we ons voor op de toekomst en weten we wat ons te doen staat op de weg ernaartoe. We hebben BMC gevraagd onze financiële situatie te analyseren en objectief te vergelijken. De daaruit voortgekomen rapportage bevat geen oordeel over de juistheid waarom we geld uitgeven aan specifieke onderwerpen. Doorgaans ligt daar een bewuste, lokale beleidskeuze aan ten grondslag. Met de analyse en vergelijking verkrijgt u een beeld van de financiële context van dit moment, als vertrekpunt voor de strategische heroriëntatie. Verschillen die hieruit naar boven komen kunnen als aanknopingspunten dienen om te blijven bouwen aan een solide en realistisch beleidsmatig en financieel fundament.
“Als je moet watertrappelen om boven te blijven, kom je niet aan de overkant.” 3.1.2 Aanpak Aan de hand van de begroting 2021 heeft BMC een analyse gemaakt van de hoofdtaakvelden waaraan wij onze middelen besteden. Hiervoor is gekozen omdat dat de vergelijking met andere gemeenten vereenvoudigt. Daarmee wordt inzichtelijk hoe de begroting, ons gemeentelijke ‘huishoudboekje’ is onderverdeeld. Zo ontstaat een beeld op welke onderdelen we, in vergelijking, meer of minder uitgeven. In de rapportage van BMC is naast de benchmark van onze inkomsten en uitgaven ook een formatiescan, een stresstest BIGTIRE1 en een analyse naar de beïnvloedbaarheid van beleid en budgetten uitgevoerd. 3.1.3 Voorlopige conclusies Goirle geeft structureel meer geld uit dan we te besteden hebben. Deze overbesteding wordt in de toekomst nijpender omdat onze reservepositie fors is verminderd; Bovendien dalen onze inkomsten fors ten gevolge van de herverdeling van het gemeentefonds.
Goirle is voor + 70% van haar inkomsten afhankelijk van de uitkering van het rijk; Het sociaal domein is zowel in absolute als in relatieve zin een uitschieter; Financiële sturingseffecten zijn in omvang en tijd afhankelijk van de mate van beleidsvrijheid en budgetbeïnvloedbaarheid; Op basis van besluitvorming zijn nog niet alle vervangingsinvesteringen geraamd; Onze formatie is in vergelijking met andere gemeenten bescheiden te noemen. In de volgende paragraaf is een voor de strategische heroriëntatie relevante samenvatting van de BMC rapportage weergegeven. Het volledige onderzoek van BMC is bijgevoegd als bijlage 1.
1
Bigtire: analyse van Belastingen, Inkomsten, Grondexploitatie, Treasury, Investeringen, Reserves en Exploitatie
8
3.2 Samenvatting BMC rapportage 3.2.1 Uitgaven: absoluut en relatief Indien de we uitgaven op basis van de primaire begroting 2021 van Goirle visualiseren in een verdeling over de 9 hoofdtaakvelden geeft dat het volgende beeld.
Duidelijk wordt dat de uitgaven Sociaal Domein een aanzienlijk deel van onze totaalbegroting in beslag nemen. De verhouding tussen de diverse hoofdtaakvelden zijn zeer divers. In de benchmark is een vergelijking gemaakt met gelijksoortige gemeenten op het gebied van inwonertal, sociale structuur en het ontbreken van een centrumfunctie. Uit die benchmarkanalyse blijkt het volgende: Goirle geeft meer uit dan vergelijkbare gemeenten op de hoofdtaakvelden - Verkeer, vervoer en waterstaat - Onderwijs - Sociaal Domein, onderdelen Inkomen en participatie, Jeugd en Maatschappelijke ondersteuning - Ruimtelijke ordening en volkshuisvesting. Goirle geeft minder uit dan vergelijkbare gemeenten op de hoofdtaakvelden - Bestuur en ondersteuning2 - Veiligheid - Cultuur en ontspanning - Samenkracht en burgerparticipatie - Volksgezondheid Zoals eerder toegelicht liggen aan deze verschillen doorgaans bewuste, lokale beleidskeuze ten grondslag. Indien de behoefte ontstaat de verschillen te elimineren om daarmee bijvoorbeeld een bezuiniging in te vullen is het belangrijk om gedetailleerder inzicht te krijgen op de opbouw van deze kosten. Wanneer door andere beleidskeuze het gemiddelde bedrag omlaag kan worden gebracht is besparingspotentieel.
Dat potentieel is enerzijds afhankelijk van de totale omvang van het hoofdtaakveld, anderzijds van de mate van beïnvloedbaarheid van de budgetten en de beleidsvrijheid. 2
Het aandeel overhead is in Goirle laag ten opzichte van vergelijkbare gemeenten
9
3.2.2 Beleids- en budgetruimte BMC heeft ook op hoofdlijnen onderzocht hoe het staat met de beleidsvrijheid en budgetbeïnvloedbaarheid. Daarbij is in beeld gebracht om hoeveel middelen het binnen een hoofdtaakveld gaat én hoe beïnvloedbaar de uitgaven zijn. Uit de analyse blijkt dat een groot deel van onze begroting maar beperkt beïnvloedbaar is omdat het beleid en de bijbehorende regels vanuit de rijksoverheid zijn opgelegd. Uitgaven die gebaseerd zijn op eigen beleid zijn op termijn beïnvloedbaar wanneer we het lokale beleid aanpassen. En ook al is er lokale beleidsvrijheid, dan nog kan beïnvloeding niet altijd onmiddellijk plaatsvinden. Zo zijn kapitaalslasten op reeds gedane investeringen niet of nauwelijks meer te beïnvloeden en heeft ingrijpen in personeelslasten doorgaans pas na één of twee jaar financieel effect. Op het gebied van cultuur en ontspanning, infrastructuur en gebiedsontwikkeling heeft Goirle nagenoeg volledige beleidsvrijheid. Voor het Sociaal Domein, sociale voorzieningen, waarborgen van de kwaliteit van het openbaar bestuur en openbare veiligheid is er in zeer beperkte mate sprake van beleidsvrijheid. Dat betekent niet dat er geen beïnvloedbare budgetten zijn: de wijze van uitvoering is veelal wél beïnvloedbaar. Ondanks het feit dat het Sociaal Domein valt onder de zeer beperkte mate van beleidsvrijheid, liggen er wel financiële kansen voor budgetruimte.
Hoewel de verplichting tot het uitvoeren van taken wettelijk niet beïnvloedbaar is, hebben we wel invloed op de manier waarop we invulling geven aan de wettelijke taken. Beïnvloeding in het Sociaal Domein is niet eenvoudig en heeft tijd nodig. Daarvoor worden ook nu al stappen gezet. Ook de taakvelden Ruimtelijke Ordening en Volkshuisvesting, Verkeer, vervoer en waterstaat en Onderwijs zijn kansrijk voor een nader onderzoek naar budgetruimte. Tot slot kan ook cultuur en ontspanning nader beschouwd worden, hoewel daar in vergelijking met andere gemeenten wel sprake is van lagere uitgaven. 3.2.3 Formatie De formatiescan gaat in op de vraag hoe onze formatie zich verhoudt tot de formatie van gemeenten van vergelijkbare omvang en wat een mogelijke oorzaak van verschillen is. De volledige formatiescan treft u in de bijlagen. Daarin staan veel details die interessant zijn voor de organisatie, maar in mindere mate relevant zijn voor de raad in de discussie over de strategische heroriëntatie.
In relatie tot vergelijkbare gemeenten heeft Goirle een bescheiden formatie. Met 6.31 fte per 1.000 inwoners zitten we aan de onderzijde van het gemiddelde. Bij het vergelijken van de formatie zijn de uitbestede werkzaamheden aan de Diamantgroep meegenomen. Met overige verschillen in uitbesteding is geen rekening gehouden. De bescheiden omvang van de formatie met relatief veel zogenoemde éénpitters maakt het ambtelijk apparaat wel kwetsbaar. Goirle bevindt zich onder de landelijke overheidsnorm voor externe inhuur en scoort onder het gemiddelde ten opzichte van referentiegemeenten. Aan de verschillen in de formatie tussen beleidsclusters liggen eerder gemaakte (bestuurlijke) keuzes ten grondslag.
10
3.2.4 De ‘BIGTIRE’ Om verder inzicht te verkrijgen in onze huidige financiële positie heeft een ‘BIGTIRE’-onderzoek uitgevoerd. Dat is een soort stresstest en geeft inzicht in de flexibiliteit om de begroting structureel te verbeteren en risico’s te kunnen opvangen. De letters staan voor de beginletters van de onderstaande kopjes. In deze paragraaf benoemen we kort de opvallendste zaken uit dit onderzoek. De volledige BIGTIRE-rapportage is in de bijlagen toegevoegd. Belastingen Voor woningeigenaren behoort Goirle op de landelijke ranglijst voor lokale lasten tot de duurdere gemeenten. Voor huurders is Goirle qua lokale lastendruk juist een relatief goedkopere gemeente. Onze OZB-tarieven liggen boven het landelijk gemiddelde. Die voor rioolheffing en afvalstoffenheffing liggen eronder. In vergelijking met regiogemeenten hanteren we relatief hoge tarieven. Goirle heeft nog een onbenutte belastingcapaciteit op de OZB van afgerond € 500.000. Inkomsten Voor inkomstenverwerving is Goirle voor 69% afhankelijk van rijksinkomsten (algemene uitkering, integratie-uitkeringen). Omdat de overige eigen inkomsten (belastingen, leges, grondexploitaties) teruglopen wordt die afhankelijkheid groter, zelfs met de terugloop in rijksinkomsten bij de herverdeling van het gemeentefonds. ‘Samen de trap op’ en ’samen de trap af’ maakt ons daarmee kwetsbaar aan inkomstenzijde.
Grondexploitaties De risico’s van het grondbedrijf kunnen worden afgedekt door de reserve Grondexploitatie. De gemeente hanteert zowel actief als faciliterend grondbeleid. Treasury De kengetallen zijn nog voldoende, wel is de afgelopen jaren een verslechtering zichtbaar. Goirle financierde de afgelopen jaren een steeds groter deel van haar activa met vreemd vermogen. Dat vormt op dit moment geen probleem voor de mate waarin de schuldenlast op de begroting drukt omdat de bijbehorende kapitaallasten laag zijn. Investeringen Vanaf 2020 laten onze kapitaallasten in absolute zin, maar ook in relatieve zin (als % van de totale exploitatielasten) een daling zien. Met het oog op instandhouding is het van belang de vrijval niet te benutten voor andere uitgaven. Vervangingsinvesteringen zijn, op basis van besluitvorming, niet in alle gevallen in de ramingen opgenomen. Reserves Onze reservepositie is de afgelopen jaren met € 10 miljoen verslechterd, met name vanwege tekorten bij de jaarrekening. De meerjarenbegroting geeft zicht op een verdere intering op de vermogenspositie. De weerstandsratio, oftewel de mate waarin Goirle in staat is haar risico’s op te vangen, is ruim voldoende. Dat is mede te danken aan de reserve grondexploitatie. Exploitatie Onze meerjarenramingen zijn niet structureel sluitend: we geven meer uit dan we beschikbaar hebben.
Onbeperkt putten uit een riante reservepositie is niet meer aan de orde. Ondanks tussentijdse bijstellingen van de begroting vertoonden onze jaarrekeningen verschillen die juist groter zijn ten opzichte van de primaire begroting.
11
4. De scenario’s 2040 4.1 Leidende principes voor de scenario’s In dit hoofdstuk beschrijven wij de uitgangspunten die als basis hebben gediend voor de toekomstscenario’s. Het is goed om dit in het achterhoofd te houden wanneer u de scenario’s leest. Geen kaasschaafmethode Natuurlijk willen wij als gemeente ons werk zo goed mogelijk doen. Het hoeft niet overal goud te zijn wat blinkt, maar we willen in ieder geval wel in de prijzen vallen. Welke prijs dat is, wordt o.a. bepaald door het beschikbare budget. We willen geen kaasschaaf hanteren, nu blijkt dat ons budget op middellange en lange termijn niet toereikend is. Het lijkt ons beter om duidelijke keuzes te maken. Eén thema voorop Om de goede discussie in de raad te prikkelen hebben we in deze nota per scenario één thema vooropgezet. Op dat thema blijven we volop sturen en doen we er alles aan om die ambities te halen. Liever doen we het op dat éne terrein echt goed en gaan we voor goud, dan alles een beetje. Dat wil niet zeggen dat we de andere ambities niet nastreven in zo’n scenario. Maar wel doen we daarbij soms een stap of stapje terug. Een scenario in deze beleidsnotitie is een toekomstbeeld De scenario’s kijken vooruit naar het Goirle van 2040. Wat hebben we bereikt wanneer dat scenario is uitgevoerd.
Dat is nodig omdat bijvoorbeeld ambities op het gebied van wonen en op het gebied van duurzaamheid veel tijd vragen om gerealiseerd te worden. Een windmolen of nieuwe woonwijk staat er niet van de ene dag op de andere. Per scenario is een beschrijving gegeven hoe Goirle eruit zou kunnen zien wanneer wij ons vanaf nu gaan richten op het realiseren van ambities op een scherp afgebakend gebied. Het aantal keuzemogelijkheden daarin is groot. De scenario’s in hoofdstuk 4 zijn beschreven, lijken concreet om de discussie van de raad te faciliteren maar ze zijn niet tot achter de komma uitgewerkt. De raad heeft dus volop de kans om gezamenlijk haar eigen toekomstbeeld te bepalen. Beleid, bestuursakkoord en global goals In het bestuursakkoord zijn brede ambities opgenomen ten aanzien van people, planet, profit. Door B&W zijn die in haar uitvoeringsgagenda vertaald naar de manier waarop wij in Goirle aan een aantal van de Global goals (of sustainable development goals ofwel duurzame ontwikkelingsdoelen) gaan bijdragen. Zowel de Omgevingsvisie als ook de visie Goirle glanst borduren voort op de global goals. Op het moment van schrijven van de strategische heroriëntatie is de visie Goirle glanst net vastgesteld. Naar verwachting volgt nog dit najaar de Omgevingsvisie.
In de voorbereiding op de strategische heroriëntatie is ambtelijk uiteraard de input geleverd vanuit deze twee grote beleidsnota’s. Daarnaast hebben we natuurlijk ook andere beleidsdocumenten gebruikt als onderlegger voor deze nota. Goud, zilver of brons Per hoofdtaakveld zijn de belangrijkste activiteiten beschreven op drie niveaus: namelijk een gouden, zilveren of bronzen uitvoeringsniveau. (zie hoofdstuk 2 voor een toelichting op de tabellen) Het doel hiervan is om een beeld te geven van wat we nu doen (niveau) en wat verandert er wanneer we meer of minder doen. De tabellen zijn vooral bedoeld als beeldvorming. In ieder scenario hebben het huidige niveau en het mogelijk toekomstige uitvoeringsniveau weergegeven.
12
Vergelijkbaarheid De raadswerkgroep heeft aangegeven dat vergelijkbaarheid van de scenario’s een vereiste is. Wij hebben dit op verschillende manieren aangepakt. Zo hebben we gekozen voor begrotingstaakvelden en niet voor de programma’s uit de begroting om zo een goede vergelijking met andere gemeenten mogelijk te maken. Iedere gemeente levert namelijk de financiële informatie uit de begroting op het niveau van taakvelden aan het CBS. De Brons Zilver Goud-tabel die hierboven is omschreven, vormt de basis voor de vergelijkingstabel per scenario op inhoud. Maatschappelijke en financiële effecten Natuurlijk is het nodig om de maatschappelijke en financiële effecten te benoemen, voordat er op begrotingsniveau keuzes gemaakt gaan worden. De scenario’ s zijn toekomstbeelden. Daar ligt geen wetenschappelijke onderbouwing onder. Wanneer de raad een keuze voor één van de scenario’s heeft gemaakt, dan kan dat scenario verder uitgewerkt worden. Dan kunnen we in samenspraak met inwoners, ondernemers en het maatschappelijk middenveld in beeld brengen wat de maatschappelijke consequenties zijn van maatregelen. En we zullen dan berekenen wat de financiële effecten zijn, welke investeringen nodig zijn, op welke termijn maatregelen realiseerbaar zijn enz. Leestip vooraf Deze scenario’s zijn geen betrouwbare voorspelling van de toekomst.
Ze zijn bedoeld om het gesprek in de raad te ondersteunen. De vraag, wat voor gemeente we willen en kunnen zijn, is abstract. Door in scenariovorm scherpe keuzes te laten zien, kan het gesprek in de raad op gang komen, waardoor zij een goede keuze kan maken welk scenario verder (al dan niet aangepast) uitgewerkt gaat worden.
13
4.2 Scenario 1: De inwoner Het is 6 november 2040. De gemeenteraad van Goirle is begonnen aan de algemene beschouwingen over de begroting 2041. Raadslid, mevrouw De Wit, heeft het woord gekregen van de voorzitter: “Voorzitter, het is nu 20 jaar geleden dat ik als raadslid voor het eerst meedeed aan de begrotingsbehandeling. Het was toen een ongelooflijk spannende tijd want wij moesten aan de vooravond van de gemeenteraadsverkiezingen een strategische heroriëntatie doorvoeren omdat wij structureel meer geld uitgaven dan wij binnenkregen. Wij hebben op die avond een historisch besluit genomen. Waar we tot dan toe steeds op alle terreinen ernaar streefden om goud te leveren, hebben we toen besloten, dat we beter op 1 terrein konden uitblinken. We hebben toen besloten dat te allen tijde mensen boven stenen gaan. Ik wil daar graag aan de hand van onderstaande schets nog eens op terug kijken met u.
In 2020 zagen wij dat de opgaven op het gebied van wonen en op het gebied van klimaat groot waren. De planvorming voor Bakertand was nog niet afgerond maar het was al wel duidelijk dat wij in theorie – wanneer wij mee zouden willen doen met de Verstedelijkingagenda, wij nog stevig zouden kunnen groeien als dorp. Echter de investeringen die dat zou vragen, zouden ten koste gaan van het sociaal domein. Datzelfde gold voor de REKS. Daarom hebben wij de woningbouwopgave aan de markt overgelaten. Gelukkig hebben projectontwikkelaars de uitdaging opgepakt en is de Spaanse Hoek bij Riel, inmiddels een mooie woonwijk geworden. Het is echter maar zeer beperkt gelukt om de ambities die wij hadden op het gebied van sociale huurwoningen, goedkope koop en geschikte huisvesting voor ouderen te realiseren.
14
Ten aanzien van klimaat is het een vergelijkbaar verhaal. De REKS was buitengewoon ambitieus. Wij hebben echter vanuit Den Haag maar beperkt extra middelen hiervoor gekregen. Daardoor hebben wij vooral een passieve rol moeten innemen. Het Energiecollectief Duurzaam Riel-Goirle heeft ervoor gezorgd dat er in ieder geval op zoveel mogelijk bedrijfspanden en woningen zonnepanelen zijn gelegd. We hebben de realisatie van windmolens en zonneweides volledig overgelaten aan onze buurgemeenten. We zijn ook niet ingestapt in het regionaal ontwikkelbedrijf en hebben geen aandelen in de windmolens bij onze buren. Daardoor hebben we geen financiële risico’s gelopen maar hebben we ook niet kunnen profiteren van opbrengsten. Je ziet dat terug in ons landschap. Het ligt er nog net zo bij als 20 jaar geleden. Ik weet dat sommigen van ons daar blij mee zijn want bij ons zie je geen windmolens en zonneweides. Maar we hebben ook niet kunnen investeren in onze Ecologische Verbindingszones ’s waardoor we nu op sommige plekken last hebben van verdroging en op andere plekken van wateroverlast. Wel hebben wij kleinschalige initiatieven op het gebied van de warmtetransitie enige ondersteuning kunnen bieden, waardoor het isoleren van woningen is gestimuleerd. Het aardgas verbruik is hierdoor iets afgenomen, maar er zijn nog geen wijken van het aardgas afgehaald.
Zelfs de gemeentelijke gebouwen zijn nog niet allemaal helemaal aardgasloos. In de zomers hebben Goirlenaren steeds meer last van hittestress doordat woningen nog niet goed zijn geïsoleerd en er te weinig groen is aangelegd om voor verkoeling en schaduw te zorgen. Doordat nu steeds meer behoefte is aan airco’s neemt het elektriciteitsverbruik steeds meer toe. Daar staat tegenover dat in het sociaal domein wij onze inwoners nog steeds de ondersteuning bieden die nodig is. Ondanks dat wij ook hier toch een bezuiniging moesten realiseren, heeft dat geen schade toegebracht aan onze samenleving. We moesten wel bezuinigen want in 2021 gaven we in het sociaal domein het meeste geld uit, meer ook dan in vergelijkbare gemeenten het geval was. We zitten gelukkig nog steeds op een zilveren uitvoeringsniveau met zo hier en daar een paar gouden uitschieters. Voorop staat dat mensen die het op eigen kracht niet redden, snel en laagdrempelig hulp krijgen. Dankzij een goed gebruik van het voorliggend veld en preventie worden veel hulpvragen daar al beantwoord. Het begrip “normaliseren” dat is geïntroduceerd in 2022 in de beleidsvisie Sociaal Domein “Goirle glanst” heeft hier veel aan bijgedragen.
En we hebben mooie successen geboekt door scherpere afspraken te maken met zorgaanbieders en ruimte te creëren voor innovatieve oplossingen (een geslaagd voorbeeld daarvan is de was- en strijkservice van de Diamantgroep) Ook is het gelukt om grote stappen te zetten bij het realiseren van de global goals op het gebied van armoedebestrijding. We hebben veel bereikt door gezinnen die in armoede leven, gericht te ondersteunen met bijvoorbeeld schuldhulpverlening, begeleiden naar werk en opvoedingshulp. Een integrale aanpak waar we trots op mogen zijn. In 2021 zagen wij aankomen dat dubbele vergrijzing een grote opgave zou worden in het sociaal domein. Dat is ook wel gebleken. Het is goed dat wij nog steeds wijkgebouwen hebben waarin onze inwoners elkaar kunnen ontmoeten. Dankzij een geslaagde crowdfundingsactie hebben we nu zelfs een mini-wijkgebouw “De Huiskamer” in de Bakertand bij de school gekregen wat geheel draait op eigen inkomsten. Wij hebben alleen de grond om niet ter beschikking gesteld. Daar mogen wij onze actieve inwoners toch wel heel dankbaar voor zijn. Qua onderwijs hebben wij het zilveren niveau behouden. De jeugd heeft tenslotte de toekomst. Dat hadden we ook graag willen doen op het gebied van sport maar we moesten bezuinigen op sommige terreinen om ervoor te zorgen dat we zoveel mogelijk voorzieningen overeind hielden.
Het zwembad is gesloten maar gelukkig hebben onze inwoners genoeg mogelijkheden in onze omgeving. De 15
sportverenigingen hebben hun eigen kracht getoond en het sportpark Van den Wildenberg gekocht. Ze zijn nu in staat om zonder enige bijdrage van de gemeente dit te exploiteren. Het leek erop dat wij op het gebied van cultuur flink zouden moeten inleveren. De kosten van de renovatie van het Cultureel Centrum Jan van Besouw waren zo hoog dat wij dachten dat we het zouden moeten verkopen aan een projectontwikkelaar. Wij hebben het uiteindelijk ook verkocht en wel voor 1 euro aan het SCAG en we hebben de subsidie afgebouwd. Ik stel met trots vast dat we nog steeds een bloeiend cultureel leven hebben. De vele burgerinitiatieven die zijn ontstaan na de felle protesten tegen onze plannen, hebben veel goeds opgeleverd. De vereniging Vrienden van het Jan van Besouw is enorm gegroeid. Dankzij een uitgekiende mix van commerciële verhuur en cultureel ondernemerschap kunnen wij nog steeds in ons eigen dorp naar ons eigen theater. Hoewel een goed onderhouden openbare ruimte zeer bijdraagt aan het welbevinden van mensen, hebben wij toch een stap terug moeten doen in het onderhoudsniveau. We zijn bijna overal in onderhoudsniveau achteruitgegaan. Daar staat wel tegenover dat er diverse straten zijn, waar de bewoners zelf de handen uit de mouwen steken zodat daar het groen er nog steeds goed uitziet.
Kortom, voorzitter, volgens mij hebben wij toen de juiste keuzes gemaakt en kunnen wij nu met trots constateren dat Goirle een gemeente is, waar het goed toeven is voor haar inwoners.
16
Consequenties scenario 1 Vergelijking 2021-2040 op BZG-niveau. Per taakveld is aangegeven of het gemeentelijk budget groter dan wel kleiner moet worden ten opzichte van nu of dat het gelijk blijft. Het spreekt eigenlijk voor zich dat een heroriëntatie op de prioriteiten leidt tot een ander budget. We hebben dat niet doorgerekend. De complete BZG-tabel vindt u in de bijlage.
Scenario 1: De Inwoner Niveau 2021 Hoofdtaakveld
0. Bestuur & Ondersteuning 1. Veiligheid 2. Verkeer, vervoer en waterstaat 3. Economie 4. Onderwijs 5. Sport, Cultuur en recreatie 6. Sociaal Domein 7. Volksgezondheid en milieu 8. RO en volkshuisvesting
Budget 2021
€ 9.307.000 Brons € 1.736.000 Zilver € 3.249.000 Brons/Zilver € 724.000 Zilver € 2.516.000 Zilver € 5.072.000 Zilver € 26.581.000 Zilver/Goud € 5.578.000 Brons € 6.465.000 Zilver/Goud Totaal € 61.228.000
Transitie naar meer, minder of gelijk
-
↓ ↓ ↓ -
↓ ↓ -
↓
Niveau 2040 Brons Brons Brons Brons Zilver Brons Zilver Brons Brons
17
4.3 Scenario 2: Wonen Het is 6 november 2040. De gemeenteraad van Goirle is begonnen aan de algemene beschouwingen over de begroting 2041. Raadslid, mevrouw De Wit, heeft het woord gekregen van de voorzitter: “Voorzitter, het is nu 20 jaar geleden dat ik als raadslid voor het eerst meedeed aan de begrotingsbehandeling. Het was toen een ongelooflijk spannende tijd want wij moesten aan de vooravond van de gemeenteraadsverkiezingen een strategische heroriëntatie doorvoeren omdat wij structureel meer geld uitgaven dan wij binnenkregen. Wij hebben op die avond een historisch besluit genomen. Waar we tot dan toe steeds op alle terreinen ernaar streefden om goud te leveren, hebben we toen besloten, dat we beter op 1 terrein konden uitblinken. We hebben toen besloten dat onze prioriteit moest liggen bij een enorme versnelling van de woningbouw. Ik wil daar graag aan de hand van onderstaande schets nog eens op terug kijken met u.
In 2021 zagen wij natuurlijk ook dat de opgaves op het gebied van het sociaal domein en op het gebied van duurzaamheid groot waren. Desondanks hebben wij het accent gelegd op wonen en op bouwen. En daarvoor waren vier redenen. 1. Wij wilden er nu eindelijk eens voor zorgen dat starters, mensen met een kleine beurs en anderen die zijn aangewezen op een huurwoning voldoende mogelijkheden zouden krijgen. 2. Minder belangrijk maar toch: een groei met 3000 woningen extra betekent aanzienlijk meer geld uit het Gemeentefonds (hoewel het natuurlijk ook meer kosten met zich meebracht).
18
3. Er lag een fantastische kans om mee te doen met het Verstedelijkingsakkoord dat door Breda-Tilburg was gesloten en waarvoor wij waren uitgenodigd door Tilburg om daarbij aan te sluiten. Niet ingaan op die uitnodiging zou betekenen dat wij een soort van Asterix-dorpje in het stedelijke gebied zouden worden. Ook aan het Verstedelijkingsakkoord waren financiële voordelen in de vorm van subsidies verbonden. 4. Het Verstedelijkingsakkoord heeft een impuls gegeven om te investeren in ons prachtlandschap, in mobiliteit en in onze klimaatopgaven in het buitengebied ten aanzien van verdroging. Wanneer we nu in onze mooie gemeente rondkijken, dan zien we de prachtige woonwijken die rond Riel zijn gebouwd in de Spaanse Hoek en in Goirle o.a. op het voormalig sportpark Van de Wildenberg. De groei van het aantal inwoners is snel gegaan. Dat heeft wel ook een extra investering gevraagd. Om ervoor te zorgen dat wij ook actief konden sturen op het realiseren van sociale huur en goedkope koop zijn we weer actief zelf gronden gaan kopen. Ik kan mij nog goed herinneren dat daar veel koffie over is gezet want om die investering mogelijk te maken hebben we onze ambities op het gebied van duurzaamheid op een bronzen niveau gezet. We hebben daar niet meer aan uitgegeven dan we van het rijk ontvingen.
Hoewel het tegenstrijdig lijkt om aan de ene kant het accent te leggen op wonen en aan de andere kant te bezuinigen op het onderhoud van de openbare ruimte hebben wij toch een stap terug moeten doen in het onderhoudsniveau. We zijn bijna overal in onderhoudsniveau achteruitgegaan. Uit alle onderzoeken uit die tijd is gebleken dat mensen vooral graag in Goirle wonen vanwege de ligging dicht tegen Tilburg aan. De kwaliteit van de openbare ruimte is dan toch van ondergeschikt belang. Hij is nu overal sober en doelmatig en wordt minimaal onderhouden. Maar vooral heeft het veel pijn gedaan dat we echt moesten gaan snijden in het sociaal domein. We zijn van goud geleidelijk gaan afbouwen en we zitten nu op een bronzen niveau. In die tijd waren de tekorten in het sociaal domein al groot en daarbovenop kwamen nog eens extra bezuinigingen om de investering ten behoeve van wonen mogelijk te maken. Daarvoor hebben wij moeten besluiten om fors te bezuinigen in het voorliggend veld. We hebben de meedoenregeling die nog maar net bestond weer afgeschaft en de subsidies voor burgerinitiatieven stopgezet. Gelukkig zijn wij een doenerig dorp en hebben veel inwoners laten zien dat zelf creatief genoeg zijn om elkaar te helpen. En wie echt hulp nodig heeft, krijgt het ook nu natuurlijk nog steeds. We blijven natuurlijk voldoen aan onze wettelijke verplichtingen.
Het is mij ook echt aan het hart gegaan dat wij de wijkcentra hebben moeten verkopen. Gelukkig is de Leijbron in Riel gekocht door een grote groep betrokken Rielenaren. Dankzij de groei van het aantal inwoners van Riel en dankzij het feit dat veel activiteiten vanuit Goirle daar een plek hebben gekregen, draait het nu als een tierelier. Ook op het gebied van kunst en cultuur en sport ziet ons dorp er nu anders uit als in 2021. Om te beginnen is er natuurlijk een nieuw sportpark Van den Wildenberg aangelegd in het Riels Kwadrant. Het oude plan van 2008 is van stal gehaald. Het is echter vele malen soberder uitgevoerd als toen de gedachte was want het moest worden betaald uit de opbrengst van de woningen die in de nieuwe wijk Van den Wildenberg zijn gebouwd. De sportverenigingen hebben samen één clubgebouw met kantine en kleedruimtes. Ze zijn zelf verantwoordelijk voor beheer en onderhoud van zowel het gebouw als de velden. Ondanks de groei in het aantal inwoners zijn er niet meer velden gekomen daardoor en moeten de verenigingen met ledenstoppen en wachtlijsten werken.
19
Het Cultureel Centrum Jan van Besouw is verkocht aan een projectontwikkelaar die er een aantal prachtige woningen in heeft gerealiseerd in aanvulling op de ontwikkeling van de andere centrumlocaties waar ooit Mainframe, De Wildert, de Marmot en ’t Loket stonden. Wij hebben daarmee in het centrum veel (betaalbare) woningen voor ouderen kunnen realiseren. Gelukkig is daar waar vroeger de bibliotheek in het Jan van Besouw zat, nu een mooi restaurant met een leuk terras gevestigd. Het Kloosterplein is daardoor groter dan 20 jaar geleden en met alle horeca erom heen is het daar bruisender als ooit tevoren. Dankzij de groei van ons dorp hebben we zowel in Riel als in Goirle nog steeds mooie winkelvoorzieningen. Het enige dat wij op het gebied van cultuur nog faciliteren is cultuuronderwijs. We willen onze jeugd nog steeds in staat stellen om kennis te maken met cultuur. Met de subsidies vanuit het Verstedelijkingsakkoord hebben wij niet alleen in huizen geïnvesteerd maar ook bijvoorbeeld in de Ecologische Verbindingszones langs de Ley een enorme verbeterslag gemaakt. Natuur en landschap hebben volop kunnen meeprofiteren. Kortom, voorzitter, volgens mij hebben wij toen de juiste keuzes gemaakt en kunnen wij nu met trots constateren dat Goirle een gemeente is, waar het goed toeven is voor haar inwoners.
20
Consequenties scenario 2 Vergelijking 2021-2040 op BZG-niveau. Per taakveld is aangegeven of het gemeentelijk budget groter dan wel kleiner moet worden ten opzichte van nu of dat het gelijk blijft. Het spreekt eigenlijk voor zich dat een heroriëntatie op de prioriteiten leidt tot een ander budget. We hebben dat niet doorgerekend. De complete BZG-tabel vindt u in de bijlage.
Scenario 2: Wonen Niveau 2021 Hoofdtaakveld
Budget 2021
0. Bestuur & Ondersteuning 1. Veiligheid 2.Verkeer, vervoer en waterstaat 3. Economie 4. Onderwijs 5. Sport, Cultuur en recreatie 6. Sociaal Domein 7. Volksgezondheid en milieu
€ 9.307.000 Brons € 1.736.000 Zilver € 3.249.000 Brons/Zilver € 724.000 Zilver € 2.516.000 Zilver € 5.072.000 Zilver € 26.581.000 Zilver/Goud € 5.578.000 Brons
8. RO en volkshuisvesting
€ 6.465.000 Totaal € 61.228.000
Zilver/Goud
Transitie naar meer, minder of gelijk
-
Niveau 2040
-
Brons Brons Brons Brons Brons Brons Brons Brons
↑
Goud
↓ ↓ ↓ ↓ ↓ ↓
21
4.4 Scenario 3: Het klimaat (energietransitie en klimaatmitigatie) Het is 6 november 2040. De gemeenteraad van Goirle is begonnen aan de algemene beschouwingen over de begroting 2041. Raadslid, mevrouw De Wit, heeft het woord gekregen van de voorzitter: “Voorzitter, het is nu 20 jaar geleden dat ik als raadslid voor het eerst meedeed aan de begrotingsbehandeling. Het was toen een ongelooflijk spannende tijd want wij moesten aan de vooravond van de gemeenteraadsverkiezingen een strategische heroriëntatie doorvoeren omdat wij structureel meer geld uitgaven dan wij binnenkregen. Wij hebben op die avond een historisch besluit genomen. Waar we tot dan toe steeds op alle terreinen ernaar streefden om goud te leveren, hebben we toen besloten, dat we beter op 1 terrein konden uitblinken. We hebben toen besloten dat onze prioriteit moest liggen bij het klimaat. Ik wil daar graag aan de hand van onderstaande schets nog eens op terug kijken met u.
We hebben in 2021 de REKS vastgesteld. We wisten toen al dat de uitvoering daarvan ons veel ging brengen maar ook dat wij hiervoor extra geld moesten vinden. Tenslotte is het bedrijfsleven wel bereid om de aanleg van zonneweides en windmolens te financieren maar niet de klimaatmitigatie. Onze ambities om te komen tot de omvorming naar een klimaat robuust landschap met bronnen, vennen, landgoederen en voedselbossen komt voor onze eigen rekening. Natuurlijk doen wij dat samen met de andere gemeenten in Hart van Brabant. Het is een opgave die toen en nu onze eigen capaciteit te boven gaat. We hebben al veel bereikt. Als we nu zien, hoeveel windmolens er uiteindelijk in Goirle zijn geplaatst, dan kan je alleen maar constateren dat ons landschap veranderd is. We zijn ingestapt in het regionaal ontwikkelbedrijf en dat heeft ons geen windeieren gelegd. De deelname aan het klimaatfonds, dat is gekoppeld aan het ontwikkelbedrijf heeft ervoor gezorgd dat wij actief aan onze klimaatopgaven 22
hebben kunnen werken. Ga toch eens buiten kijken hoe ons Natura 2000 gebied – de Regte Heide – floreert. Dat lag er 20 jaar geleden echt heel anders bij. Wat mij veel plezier doet, is dat we de 20 % energiebesparing in 2030 hebben gerealiseerd en dat we goed op weg zijn om te komen tot het tweede doel van 50% energiebesparing in 2050. Maar daar moeten we nog wel het nodige voor doen. Het isoleren van bestaande woningen is nog steeds niet afgerond. Wel hebben we 2 warmtenetten gerealiseerd en daarmee een paar wijken aardgasloos gemaakt. Deze wijken kunnen ook gebruik maken van koeling uit het warmtenet en hebben daardoor geen airco’s nodig tijdens de hete zomers. We hebben indertijd een forse structurele subsidiepot in het leven geroepen om van daaruit burgerklimaatinitiatieven te faciliteren. Ook onze duurzaamheidsleningen zijn nog steeds broodnodig. Het is goed dat we het budget daarvoor in 2023 enorm verruimd hebben. De consequentie van is wel geweest dat wij in het sociaal domein veel hebben moeten versoberen. We zijn hier van een gouden niveau in 2021 naar een bronzen niveau nu gegaan. Natuurlijk hebben we in de beleidsvisie Goirle glanst afgesproken om alleen diegenen die echt hulp nodig hebben, die ook te geven. Maar toen wisten we nog niet precies hoe ingrijpend dat uitpakte in sommige maatwerkvoorzieningen.
We hebben ook minder budget beschikbaar kunnen stellen voor preventie en regelingen op het gebied van bijzondere bijstand en de meedoenregeling uitgekleed tot het wettelijk minimum. Dat heeft pijn gedaan. Het is tenslotte zo dat we daarmee direct mensen die het toch al moeilijk hebben, hebben geraakt. Maar daar staat wel tegenover dat wij onze openbare ruimte veel klimaatbestendiger hebben gemaakt. Wij hebben veel meer groen in het dorp als in 2021, hoewel we ook hebben moeten inleveren op het onderhoudsniveau. Meer groen betekent nu eenmaal meer kosten. Maar meer groen draagt ook bij aan gezondheid en welbevinden. Het is goed dat we de winsten uit het regionaal ontwikkelbedrijf deels hierin hebben gestopt. Ten aanzien van cultuur hebben wij indertijd felle discussie gevoerd over het voortbestaan van het Cultureel Centrum Jan van Besouw. Hoewel onze uitgaven op het gebied van Cultuur in vergelijking met andere gemeenten laag waren, was de besparing die mogelijk werd door het CC JVB fors in te krimpen, toch wel heel noodzakelijk voor de investeringen die wij voor de REKS moesten doen. De vleugel waar ooit de bibliotheek en de muziekschool zaten, zijn verbouwd tot woningen. De bovenverdieping is nu grotendeels in gebruik bij kleine bedrijven. Eigenlijk alleen het theater en de ruimtes van atelier ’78 zijn onveranderd gebleven.
Gelukkig bleken onze inwoners flexibel genoeg om alternatieven te vinden. De wijkgebouwen hebben opvang geboden voor de muzieklessen, de bibliotheek (in afgeslankte vorm) en alle verenigingen en dat heeft als voordeel dat zij nog meer de ontmoetingsplek in de wijk zijn geworden. Die andere grote opgave uit 2021, de noodzakelijke groei van het aantal woningen, is gedeeltelijk gerealiseerd. Goirle is fors gegroeid, ook al is het behalen van de doelstelling om vooral voor starters te bouwen niet helemaal gehaald. Wel hebben wij met de projectontwikkelaars goed uit onderhandeld dat alle nieuwe wijken qua duurzaamheid, klimaatbestendigheid en biodiversiteit zo niet op een gouden dan toch op een zilveren niveau zijn aangelegd (op kosten van de ontwikkelaar!). Kortom, voorzitter, volgens mij hebben wij toen de juiste keuzes gemaakt en kunnen wij nu met trots constateren dat Goirle een gemeente is, waar het goed toeven is voor haar inwoners.
23
Consequenties scenario 3 Vergelijking 2021-2040 op BZG-niveau. Per taakveld is aangegeven of het gemeentelijk budget groter dan wel kleiner moet worden ten opzichte van nu of dat het gelijk blijft. Het spreekt eigenlijk voor zich dat een heroriëntatie op de prioriteiten leidt tot een ander budget. We hebben dat niet doorgerekend. De complete BZG-tabel vindt u in de bijlage.
24
5. Het laatste woord…… Wat voor gemeente is Goirle in 2040? Waar legt ú de prioriteiten? Onze financiële toekomst voor de korte termijn ziet er minder somber uit dan wij verwachtten in het begin van dit jaar. Daar staat tegenover dat onze opgaven en ambities onveranderd zijn, dat wij daarvoor nu nog onbekende investeringen moeten doen terwijl wij tegelijkertijd daar binnen ons huidige budget geen ruimte voor hebben. Het is dus zaak om in beweging te blijven. Om onszelf voor te bereiden op wat er gaat komen zodat we (financieel) veerkrachtig zijn en fluctuaties in de algemene uitkering uit het gemeentefonds kunnen opvangen als dat nodig is. Zodat we zoveel mogelijk ambities kunnen realiseren. Als raad bent u nu bijna aan het einde van uw bestuurstermijn en daardoor heeft u veel deskundigheid en kennis opgebouwd. Het besluit om meer tijd te nemen voor discussie met elkaar en om daarbij door te gaan op het pad van de bestuurlijke vernieuwing geeft ons het vertrouwen dat u met elkaar tot wijze besluiten zult komen. Het laatste woord is nu aan u, raad!
25
6. Bijlagen Bijlage 1: Financiën: Stand van zaken (concept BMC d.d. 14 oktober 2021) Bijlage 1a: Formatie scan (concept BMC d.d. 13 oktober 2021) Bijlage 1b: BIG TIRE – Financiële situatie belicht (concept BMC d.d. 14 oktober 2021) Bijlage 2: Brons, Zilver Goud tabellen
26