Beantwoording technische vragen - VNOG - CDA
Tekst van het document
T e c h n i s c h e
v r a a g
R a a d s c o m m i s s i e A g e n d a p u n t F r a c t i e D a t u m
O & F 4 V N O G C D A 2 j u n i
j u n i
2 0 2 6
2 0 2 6
Vraag Als Lokaal CDA zien wij de uitdagingen en missies, waarvoor het VNOG staat de komende periode. De 6 speerpunten kunnen wij dan ook volledig onderschrijven en staan positief ten opzichte van de inzet en daadkracht van de VNOG. Toch hebben wij nog een paar vragen over de concept programmabegroting 2027-2030 van de VNOG. Technische vragen: 1) In de conceptprogrammabegroting staat op blz. 20 de mutaties in de reserves. In de kadernota op blz. 27 staat een nog duidelijker overzicht, waaruit blijkt dat er de komende vijf jaren rond de 25 miljoen aan onttrekkingen gaan plaatsvinden en er in 2030 nog maar ongeveer 500.000 aan reserve kapitaallasten en afschrijvingen over is. Dit ondanks toevoegingen in de komende jaren van ruim14,5 miljoen. Op blz.40 van de concept programmabegroting wordt aangegeven dat de onttrekking aan de egalisatiereserve bij de halfjaarcijfers van 2026 wordt aangepast aan de werkelijk te verwachten kapitaallasten en dat die onttrekking naar alle waarschijnlijkheid 1.000.000 zal zijn in plaats van de begrote 3.962140. Dat scheelt bijna 3 miljoen. Hoe reëel zijn de begrote bedragen voor de komende jaren en als gevolg van welke ontwikkeling zijn deze onttrekkingen nodig? 2) Op blz. 21/22 staat het FLO overgangsrecht.
Hiervoor wordt in de meerjarenbegroting ieder jaar hetzelfde bedrag opgenomen, maar de uitgaven waren in 2025 al 9% meer dan de begroting voor de komende jaren. Wordt de FLO vanaf 2027 dan minder? 3) Op blz. 25 staat het weerstandsvermogen waarbij de personele knelpunten maar tot 2026 worden meegenomen Klopt dat? Antwoord 1) Deze vraag betreft de egalisatiereserve afschrijvingen. De onttrekking aan deze reserve wordt sterk beïnvloed door de snelheid waarmee VNOG het inmiddels ingezette programma voor uniformering van haar (blus)voertuigen kan uitvoeren. De egalisatiereserve is de afgelopen jaren gevuld door een lagere realisatie van
2
kapitaallasten als gevolg van tijdelijk uitstel van investeringen en door vertraagde leveringen als gevolg van (o.a.) COVID-19 en de Oekraïne-oorlog die in komende jaren ingelopen worden. Hiernaast wordt de egalisatiereserve tijdelijk gevuld door gemeentelijke bijdragen. Het vervangingsprogramma loopt inmiddels voorspoedig waardoor de verwachting is dat de egalisatiereserve afschrijving rond 2030 haar basisniveau van € 500.000,- bereikt zal hebben. De realisatie afschrijvingen zal dan ook weer op het jaarlijks hiervoor begrote niveau zijn. Uiteraard kan dit beïnvloed worden door nieuwe crises, bijvoorbeeld als gevolg van geopolitieke spanningen. 2) Deze vraag betreft programma 8, de één op één verrekening met gemeenten voor de kosten van kazernes en oude FLO overgangsrechten. Het FLO-recht betreft gemeenten met een beroepsbrandweer. Op dit moment worden hiervoor alleen nog kosten afgerekend met gemeente Apeldoorn. Met gemeente Epe worden wel facilitaire kosten voor kazernes afgerekend. Deze kosten worden nu nog gelijkblijvend opgenomen in de meerjarenbegroting omdat er nog sprake is van een aantal ervaringsjaren op grond van de demarcatieregeling. De mogelijkheid bestaat dat deze kosten in de loop van komende jaren bijgesteld moeten worden. 3) Deze vraag betreft de looptijd van een aantal personele knelpunten.
Ja, de kosten hiervoor worden tot eind 2026 onttrokken aan de bedrijfsvoeringsreserve waarna zij onderdeel uitmaken van de begroting en/of opgelost zijn. De bedrijfsvoeringsreserve maakt onderdeel uit van het weerstandsvermogen waardoor deze knelpunten hier correct vermeld worden.