CConstaterende datEpe
Koppel je AI →
Document · PDF

Beantwoording technische vragen - PlusOV - Nieuwe Lijn

Gemeenteraad 18 juni 2026, gemeente EpeBij agendapunt: Hamerstuk: PlusOV - definitieve jaarrekening 2025 en begroting 2027-20301.261 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Niet gevonden in dit document.

T e c h n i s c h e

v r a a g

R a a d s c o m m i s s i e A g e n d a p u n t F r a c t i e D a t u m

M & B 4 j u n i 2 0 2 6 6 . P l u s O V N i e u w e L i j n 1 j u n i 2 0 2 6

Vraag

Beslisnota, Argumenten 2.3 - Er wordt gesproken over 'maatregelen' om kosten te beperken. Kan het college concreet benoemen welke keuzes er op tafel liggen en wat dit betekent voor inwoners die afhankelijk zijn van basismobiliteit? - Hoe borgt het college dat kostenbeheersing niet ten koste gaat van de toegankelijkheid en kwaliteit van het vervoer voor inwoners die hiervan afhankelijk zijn? - Het plan van aanpak is begin 2025 geactualiseerd. Welke resultaten zijn sindsdien behaald en waarom is het blijkbaar alsnog nodit om aanvullende maatregelen te onderzoeken? - Waarom eerdere beleidskeuzes onvoldoende hebben bijgedragen aan het beheersbaar houden van de uitgaven van basismobiliteit? - In hoeverre houdt de gemeente zelf regie op deze maatregelen, gezien de samenwerkingen met andere gemeenten? Kunnen wij als gemeente daadwerkelijk sturen op de uitkomsten? Antwoord 1. Er wordt gesproken over 'maatregelen' om kosten te beperken. Kan het college concreet benoemen welke keuzes er op tafel liggen en wat dit betekent voor inwoners die afhankelijk zijn van basismobiliteit? Er wordt gekeken naar verschillende mogelijkheden om de kosten van het doelgroepenvervoer te beperken.

Voor het vraagafhankelijke WMO-vervoer zijn er 2 voorstellen gedaan waar bij de deelnemende gemeenten breed draagvlak voor is om verder te onderzoeken: Het invoeren van een abonnementaratief van €5,- per reiziger per maand. De Wmo biedt de mogelijkheid om naast een vergoeding per rit, ook een maandelijks abonnementstarief in rekening te brengen bij inwoners die gebruik maken van één of meer Wmo-voorzieningen. Tot op heden is het gebruik van het

2

Wmo-vervoer uitgezonderd van dit abonnementstarief. Voorstel is om de deelnemende gemeenten voor te stellen deze uitzondering op te heffen en vanaf een nader te bepalen moment wél een abonnementstarief van € 5,- per maand in rekening te gaan brengen bij mensen die gebruik maken van het Wmo-vervoer. De impact van deze regeling is nog niet duidelijk en kan per gemeente verschillen. Voor reizigers die naast het Wmo-vervoer ook gebruik maken van andere Wmo-voorzieningen, kan gelden dat ze het maximale (wettelijke) abonnementstarief van € 21,- per maand voor het gebruik van andere/meerdere Wmo-voorzieningen al betalen. Het toevoegen van een aanvullend abonnementstarief van € 5,- per maand voor het gebruik van het Wmo-vervoer levert in die gevallen geen extra inkomsten voor de gemeente op.

Na succesvolle uitrol van de plusOV reizigers-app de telefonische bereikbaarheid van PlusOV voor het aannemen van ritboekingen te beperken, te weten van 8.30 uur 's morgens tot 17.00 uur 's middags. Via deze app kunnen reizigers o.a. 24/7 ritten boeken bij PlusOV. Die mogelijkheid bestaat al langer via de website van PlusOV. Verwachting is dat deze beperking in de telefonische bereikbaarheid direct een besparing oplevert van circa 110K per jaar en op termijn van 170 K per jaar. PlusOV blijft wel bereikbaar voor incidenten (taxi’s die niet op komen dagen e.d.) op alle momenten dat het Wmo-vervoer actief is. Het voorstel betreft enkel het boeken van ritten. Dat kan op basis van dit voorstel voortaan niet meer tussen 17:00 uur en 20:00 uur.

Voor het doelgroepenvervoer moet gedacht worden aan: - Bij de nieuwe aanbesteding routegebonden vervoer wordt de vervoerder verantwoordelijk gemaakt voor het organiseren, begeleiden en uitvoeren van de ritten; de regie en de uitvoering komt daarmee bij de vervoerders te liggen en PlusOV richt zich dan volledig op haar kerntaak (namens de gemeenten betrouwbaar, doelmatig en passend vervoer organiseren). De verwachting is dat dit een prijsdrukkend effect met zich meebrengt én minder personeel bij PlusOV. - Stimuleren van het gebruik van OV en fiets door inzet Reiskoffer en de GoOV-app. Ook wordt nu onderzocht of door inzetten van een e-bike middels een leaseconstructie bepaalde kinderen ook uit het collectief taxivervoer kunnen worden gehaald. Dit vergroot de zelfstandigheid en zelfredzaamheid van deze leerlingen - Onderzoek naar invoeren van opstapplaatsen voor het leerlingenvervoer. Dit betekent dat leerlingen (die dat kunnen) op een centrale plek worden opgehaald en afgezet, wat een kostenbesparend effect heeft. Daarnaast wordt er binnen de regio stedendriehoek gekeken naar publieke mobiliteit. De wethouders mobiliteit en sociaal domein van de 9 gemeenten hebben hiervoor de regionale uitvoeringsagenda Publieke Mobiliteit ondertekend (moet gezien worden als een onderzoeksagenda).

Hierin zijn 4 sporen opgenomen (OV flexibiliseren, WMO-vervoer anders bekijken, vrijwilligersvervoer ondersteunen, deelmobiliteit verbreden) die moeten zorgen voor een goede bereikbaarheid én betaalbaarheid van het vervoer, rekening houdend met de vergrijzing, vervoersarmoede en woningbouwopgave. 2.

Hoe borgt het college dat kostenbeheersing niet ten koste gaat van de toegankelijkheid en kwaliteit van het vervoer voor inwoners die hiervan afhankelijk zijn? Er wordt zorgvuldig gekeken naar de effecten van elke besparende maatregel of wijziging,

3

en dit wordt ook gemonitord met klanttevredenheidsonderzoeken. Ook aan het reizigerspanel kan advies worden gevraagd. Doelgroepenvervoer blijft maatwerk; voor die mensen waar de wijziging een onoverkomelijk nadelig effect heeft wordt naar een andere oplossing gezocht.

3. Het plan van aanpak is begin 2025 geactualiseerd. Welke resultaten zijn sindsdien behaald en waarom is het blijkbaar alsnog nodig om aanvullende maatregelen te onderzoeken? Er zijn diverse resultaten behaald, zoals: - Waar mogelijk leerlingen ipv het taxivervoer met het OV of fiets laten reizen. Hier wordt bij de aanvraag leerlingenvervoer nadrukkelijker naar gekeken, en er kunnen ondersteunende maatregelen worden ingezet (Reiskoffer, GoOV app) - Verhoging kilometervergoeding als ouders kind zelf naar school brengen - Verhoging bezettingsgraad door betere afstemming in het routegebonden vervoer - Alleen bij duidelijk onderbouwde redenen leerlingen naar een school vervoeren die niet de meest dichtbijzijnde toegankelijke school is. Aanvullende maatregelen blijven nodig om ook in de toekomst de kosten te kunnen beperken. De verwachting is namelijk dat de totale vervoerskosten in de toekomst weer gaan stijgen. Daarom wordt er continu gekeken naar mogelijkheden om de kosten te verlagen, terwijl mensen wel prettig, betaalbaar en efficiënt worden vervoerd.

4. Waarom eerdere beleidskeuzes onvoldoende hebben bijgedragen aan het beheersbaar houden van de uitgaven van basismobiliteit? Het is niet zozeer dat de keuzes onvoldoende hebben bijgedragen, maar door verschillende oorzaken wordt een stijging in de vervoerskosten verwacht voor de komende jaren. Zo wordt de NEA-index verwacht met 5,2% per jaar te stijgen (NEA-index is de jaarlijkse kostenontwikkelingsindex voor het taxivervoer, die inzicht geeft in de stijging van o.a. loonkosten en brandstofkosten). Daarom is het van belang continu te blijven kijken op welke manier de uitgaven verlaagd kunnen worden.

5. In hoeverre houdt de gemeente zelf regie op deze maatregelen, gezien de

samenwerkingen met andere gemeenten? Kunnen wij als gemeente daadwerkelijk sturen op de uitkomsten? De gemeente Epe kan zeker sturen op de uitkomsten. Enkele maatregelen worden gezamenlijk genomen en zijn geldend voor alle deelnemende gemeenten. Over deze maatregelen wordt dan eerst een besluit genomen in het bestuurlijk overleg waar wethouder van den Berg dus ook een stem in heeft. Daarnaast is het mogelijk om gemeente-specifieke maatregelen te nemen, zelfs als Epe hier als enige gemeente toe zou besluiten. Te denken valt dan bijvoorbeeld aan het verder stimuleren van en begeleiden in het OV in het leerlingenvervoer, bevorderen van zelfredzaamheid en eigen vervoer, inzetten van e-bikes, vaststellen van een maximaal aantal reiskilometers in het vraagafhankelijk vervoer of het instellen van opstapplaatsen.

4

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/17030770/2