CConstaterende datEpe
Koppel je AI →
Document · PDF

882202 Transitieplan omgevingsplan

Gemeenteraad 14 september 2023, gemeente EpeBij agendapunt: Vaststelling Lijst ingekomen stukken d.d. 14 september 20235.783 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Niet gevonden in dit document.

Transitieplan omgevingsplan Projectteam omgevingsplan

Datum: 4 juli 2023

Inhoud 1.

Inleiding .................................................................................................................................... 3 1.1

2

3

4

5

6

7

Leeswijzer......................................................................................................................... 3

Omgevingsvisie, omgevingsprogramma’s en omgevingsplan ................................. 4 2.1

Omgevingsvisie ................................................................................................................ 4

2.2

Omgevingsprogramma .................................................................................................... 4

2.3

Relatie met omgevingsplan ............................................................................................ 4

Wat is het omgevingsplan? ................................................................................................. 5 3.1

Wat is het omgevingsplan?............................................................................................ 5

3.2

Tijdelijk deel omgevingsplan ........................................................................................... 5

3.3

Meerdere aanleidingen om het omgevingsplan te wijzigen ....................................... 5

3.4

Autonome uitrol................................................................................................................. 5

Strategie en uitgangspunten wijzigen omgevingsplan ................................................ 7 4.1

Invoeringsstrategie ........................................................................................................... 7

4.2

Onze strategie - vóór en na 1 januari 2024 .................................................................. 7

4.3

Ontwerpgerichte aanpak ................................................................................................. 8

4.4

Fouten maken mag .......................................................................................................... 8

Aanpak ...................................................................................................................................... 9 5.1

Aanpak 2023 ..................................................................................................................... 9

5.2

Aanpak 2024 en verder ................................................................................................. 13

Projectorganisatie ................................................................................................................ 16 6.1

Opdrachtgever en opdrachtnemer ............................................................................... 16

6.2

Projectteam ..................................................................................................................... 16

6.3

Coördinatie wijzigingen.................................................................................................. 16

Capaciteit ............................................................................................................................... 17 7.1 Benodigde uren .................................................................................................................... 17 7.2 Beschikbare uren ................................................................................................................. 17

8

9

Financiën ................................................................................................................................ 19 8.1

Autonome uitrol............................................................................................................... 19

8.1

Mogelijk maken concrete initiatieven .......................................................................... 19

8.1

Verankeren nieuw beleid ............................................................................................... 19

Participatie en communicatie ........................................................................................... 20 9.1

Participatie ....................................................................................................................... 20

9.2

Interne communicatie .................................................................................................... 20

9.3

Externe communicatie ................................................................................................... 20

2

1. Inleiding De Omgevingswet treedt per 1 januari 2024 in werking. Op dat moment nemen we afscheid van de huidige ruimtelijke plannen. Dat betekent een behoorlijke verandering, want de ruimtelijke plannen, zoals de bestemmingsplannen, regelen bijvoorbeeld wat waar gebouwd mag worden, en welk gebruik (wonen, bedrijven, natuur, enz.) is toegestaan. Dit wordt vanaf 1 januari 2024 geregeld in het omgevingsplan. Op 1 januari 2024 heeft elke gemeente een tijdelijk deel van het omgevingsplan. Dit tijdelijk deel moet in de jaren die volgen worden omgezet in een volwaardig omgevingsplan dat voldoet aan de eisen die de Omgevingswet eraan stelt. Om dit proces te regelen is dit Transitieplan opgesteld. Het is in feite een plan van aanpak. Hierin staat hoe we vanuit de keuzes die we gaan maken, komen tot het volwaardig omgevingsplan. Dit Transitieplan is gemaakt op basis van de huidige situatie (juni 2023). Er kunnen dan ook wijzigingen plaatsvinden wanneer er extern (landelijk) of intern (organisatie) nieuwe inzichten zijn of zich praktische zaken voordoen die invloed hebben op hoe we naar het volwaardig omgevingsplan toe werken. Parallel aan de uitvoering van dit transitieplan gaan we komende maanden ook verschillende strategische ontwerpkeuzes maken. Zo kiezen we bijvoorbeeld of we in het omgevingsplan met open of gesloten normen gaan werken, en met doel- of middelvoorschriften.

Ook kijken we in welke gevallen we gaan werken met een vergunningsplicht, en in welke gevallen met een meldings- of informatieplicht, of juist met algemene regels. Epe staat niet stil. De komende jaren zullen allerlei ruimtelijke initiatieven ontplooid worden en zullen we onze ambities uit de Omgevingsvisie verder uitwerken in gebiedsgerichte uitwerkingen. In het Transitieplan besteden we ook aandacht aan de relatie met deze ontwikkelingen.

1.1

Leeswijzer

In het volgende hoofdstuk worden de verschillende instrumenten onder de Omgevingswet toegelicht. Hoofdstuk 3 gaat verder in op de inhoud van het omgevingsplan en hoofdstuk 4 beschrijft onze strategie en ons ambitieniveau bij het wijzigen van het omgevingsplan. In hoofdstuk 5 staat beschreven hoe wij de komende maanden te werk gaan om te zorgen dat we op 1 januari klaar zijn voor de inwerkingtreding van de Omgevingswet. Ook kijken we vast naar wat ons te wachten staat ná 1 januari 2024. Hoofdstuk 6 bevat informatie over de projectorganisatie en hoofdstuk 7 over de verdeling van capaciteit. In hoofdstuk 8 is terug te lezen hoe het project wordt gefinancierd en, tot slot, staat in hoofdstuk 9 beschreven hoe we omgaan met participatie en communicatie.

3

2 Omgevingsvisie, omgevingsprogramma’s en omgevingsplan 2.1

Omgevingsvisie

De omgevingsvisie is, onder de Omgevingswet, een verplicht instrument voor het Rijk, provincies en gemeenten. De gemeente Epe heeft op 9 december 2021 de Omgevingsvisie Epe ‘Natuurlijk goed leven’ vastgesteld. Dit is een integrale langetermijnvisie voor de hele fysieke leefomgeving voor het gehele grondgebied van Epe. Vier grote opgaven worden onderscheiden: -

Duurzame toekomst Gezondheid, zorg en welzijn Goed wonen Ondernemen

De omgevingsvisie verdeelt de gemeente op in een aantal gebieden, met ieder zijn eigen doelstellingen en uitdagingen: Veluwe, Veluweflank, IJsselvallei, Epe, Vaassen, Emst en Oene.

2.2

Omgevingsprogramma

Om ambities uit de omgevingsvisie waar te maken is concrete uitwerking nodig. Daartoe is het omgevingsprogramma het instrument binnen de Omgevingswet. In een programma bepaalt de gemeente hoe, wanneer en met welke middelen ze een bepaalde ambitie wil bereiken. Door middel van programma’s kan het beleid verder uitgewerkt worden. De gebiedsgerichte uitwerkingen van de omgevingsvisie zijn omgevingsprogramma’s.

2.3

Relatie met omgevingsplan

Voor de uitvoering van de omgevingsprogramma’s kan gebruikt gemaakt worden van verschillende maatregelen. Een van de mogelijke instrumenten is verankering in het omgevingsplan. In het vierde kwartaal van 2023 wordt gestart met de eerste gebiedsgerichte uitwerking, het eerste omgevingsprogramma. Zodra een gebiedsgerichte uitwerking gereed is kunnen we een omgevingsplanwijziging voorbereiden voor het desbetreffende gebied.

4

3 Wat is het omgevingsplan? 3.1

Wat is het omgevingsplan?

Onder de Omgevingswet heeft iedere gemeente één omgevingsplan voor het gehele grondgebied. In het omgevingsplan worden alle regels opgenomen voor de fysieke leefomgeving: alles wat je om je heen ziet, ruikt en hoort. Dus niet alleen wat je waar mag bouwen en waarvoor je gronden mag gebruiken. Ook zaken als geur, geluidsoverlast, bomenkap en gezondheid worden in het omgevingsplan geregeld. Het is dus veel breder dan de huidige ruimtelijke plannen, zoals het bestemmingsplan. En anders dan bij bestemmingsplannen wordt het omgevingsplan niet steeds opnieuw vastgesteld, maar wordt het omgevingsplan voor een deel gewijzigd. Dat kan een wijziging voor een thema of een gebied zijn.

3.2

Tijdelijk deel omgevingsplan

Op 1 januari 2024 krijgen alle gemeenten een omgevingsplan van rechtswege. Het omgevingsplan van rechtswege bestaat uit een tijdelijk deel en een nieuw deel. Het tijdelijk deel van het omgevingsplan bestaat uit de huidige ruimtelijke plannen zoals bestemmingsplannen, wijzigingsplannen, beheersverordeningen en exploitatieplannen, de regels uit gemeentelijke verordeningen over onder andere erfgoed, afvoer van regen- en grondwater en de bruidsschat. De bruidsschat is een verzameling van ca. 600 regels die onder de omgevingswet worden verhuisd van het Rijk naar gemeenten. De regels uit het tijdelijk deel van het omgevingsplan moeten omgezet worden naar het nieuwe deel. Daarnaast gaan we daarin ook nieuwe regels opnemen over ruimtelijke ontwikkelingen en beleid. De huidige situatie wordt dus automatisch gezien als omgevingsplan (het tijdelijke deel). Vervolgens is het wel de bedoeling dat deze huidige situatie langzaamaan opgenomen wordt in het volwaardige omgevingsplan (het nieuwe deel) dat aan alle vereisten van de Omgevingswet voldoet.

3.3

Meerdere aanleidingen om het omgevingsplan te wijzigen

Na 1 januari 2024 zijn er meerdere aanleidingen om het omgevingsplan te wijzigen, zoals: - het mogelijk maken van concrete ruimtelijke initiatieven via een wijziging van het omgevingsplan; - het wijzigen van het omgevingsplan om nieuw ruimtelijk beleid te verankeren, zoals de gebiedsgerichte uitwerkingen van de omgevingsvisie; - de autonome uitrol, ofwel het wijzigen van de regels uit het tijdelijk deel van het omgevingsplan om ervoor te zorgen dat het omgevingsplan uiteindelijk in de volledige gemeente voldoet aan alle wettelijke eisen die in de Omgevingswet aan het omgevingsplan worden gesteld. Naar verwachting hebben we hier tot eind 2029 de tijd voor, maar de officiële einddatum wordt nog met een koninklijk besluit vastgesteld; en - (wets)technische redenen, zoals het verwerken van omgevingsvergunningen in het omgevingsplan, waarbij eerder is afgeweken van de regels in het omgevingsplan (de zogeheten omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit, of BOPA).

3.4

Autonome uitrol

Met de autonome uitrol zorgen we ervoor dat de regels uit het tijdelijk deel van het omgevingsplan voldoen aan alle wettelijke eisen. Daarnaast heeft het omgevingsplan een bredere reikwijdte dan de huidige ruimtelijke plannen. Zaken zoals geur, geluidsoverlast, bomenkap, en gezondheid krijgen een plekje in het omgevingsplan. Voor de autonome uitrol zijn o.a. de volgende acties nodig:

5

-

-

het opnemen van de inhoud van de huidige ruimtelijke plannen in het omgevingsplan, aangepast aan de systematiek van het omgevingsplan; het overnemen, aanpassen of schrappen van regels uit de bruidsschat en daarmee bepalen hoe we invulling willen geven aan de lokale afwegingsruimte die we met de bruidsschat krijgen. Dit betekent het analyseren van en keuzes maken over circa 600 regels; het aanpassen van regels uit het tijdelijk deel op de instructieregels uit het Besluit kwaliteit leefomgeving en de provinciale omgevingsverordening; het opnemen van (delen van) verordeningen die betrekking hebben op de fysieke leefomgeving in het omgevingsplan of opnemen van de regels uit de Verordening fysieke leefomgeving.

Deze autonome uitrol is belangrijk, mede omdat hierin de basisvoorwaarden zitten die wij aan het gehele grondgebied van de gemeente Epe gaan opleggen.

6

4 Strategie en uitgangspunten wijzigen omgevingsplan 4.1

Invoeringsstrategie

De VNG onderscheidt vier invoeringsstrategieën voor de invoering van de Omgevingswet, verdeeld in 1) een interne of een externe focus en 2) een adaptieve of vernieuwende werkwijze. Dit leidt tot vier kwadranten, namelijk:

-

4.2

Consoliderend: de noodzakelijke wijzigingen conform de wet invoeren vanuit een interne focus; Calculerend: gebruik maken van de ruimte die de wet biedt waar dat na afweging van baten en kosten aanwijsbaar voordelen oplevert; Onderscheidend: gebruik maken van de ruimte die de wet biedt om in specifieke gebieden het verschil te maken; Vernieuwend: gebruik maken van de ruimte die de wet biedt om vanuit opgaven anders te werken

Onze strategie - vóór en na 1 januari 2024

Gelet op de beschikbare capaciteit en beperkte tijd die er is tot inwerkingtreding van de wet kiezen we vooralsnog voor een consoliderende strategie: we zorgen dat we voor 1 januari 2024 in ieder geval alle noodzakelijke wijzigingen hebben doorgevoerd. Vanaf dat moment kiezen we voor een calculerende strategie en kijken we waar we de meerwaarde van de Omgevingswet kunnen gebruiken om opgaven te realiseren. Door de VNG is het overzicht 'Minimale acties Omgevingswet' opgesteld. Dit overzicht geeft aan welke voorbereidingen gemeenten minimaal moeten hebben getroffen vóór 1 januari 2024, om te kunnen starten met werken volgens de Omgevingswet. Met ons ambitieniveau, een consoliderende strategie, sluiten we aan bij dit overzicht. Voor het omgevingsplan betekent dit concreet dat we op 1 januari 2024 het omgevingsplan kunnen wijzigen om daarmee ruimtelijke initiatieven te kunnen faciliteren, een plan(ning) gemaakt hebben voor een nieuw omgevingsplan en kunnen werken met het tijdelijk omgevingsplan. Daarmee voldoen we enerzijds aan alle wettelijke verplichtingen en kiezen we anderzijds een ambitieniveau dat past bij de schaal binnen het fysiek domein in Epe. 7

4.3

Ontwerpgerichte aanpak

In de transitie van de huidige ruimtelijke plannen en gemeentelijke verordeningen naar het omgevingsplan kunnen grofweg twee ontwikkelprincipes onderscheiden worden: een stapsgewijs lerende aanpak of een ontwerpgerichte aanpak. Het gaat hierbij om een procesvraagstuk: op welke wijze komen we van het tijdelijk omgevingsplan naar het volwaardig omgevingsplan. De stapsgewijs lerende aanpak (het bovenste ontwikkelprincipe in onderstaande afbeelding) gaat uit van de huidige regels die geleidelijk doorontwikkelen richting het omgevingsplan. Bij aanvang bestaat nog geen (concreet) beeld van het uiteindelijke omgevingsplan. Dit beeld gaat geleidelijk ontstaan. Bij de ontwerpgerichte aanpak (het onderste ontwikkelprincipe in de afbeelding hiernaast) is het eindbeeld of ontwerp van het omgevingsplan het uitgangspunt en werken we daar vervolgens naar toe. We kiezen voor een ontwerpgerichte aanpak. Er zijn inmiddels behoorlijk wat voorbeeldplannen van andere gemeenten en staalkaarten van de VNG. Daarmee hebben we een beeld van het eindbeeld van het omgevingsplan. We kiezen er daarom voor om allereerst de visie op het omgevingsplan verder te ontwikkelen (in dit transitieplan en door het maken van strategische ontwerpkeuzes). Met die basis gaan we vervolgens het nieuwe deel van het omgevingsplan gebiedsgericht en thematisch opbouwen.

Tegelijkertijd kiezen we voor een lerende aanpak door ook het omgevingsplan thema voor thema of gebied voor gebied te wijzigen. De lessen die we daarbij leren gebruiken we voor volgende wijzigingen.

4.4

Fouten maken mag

Het omgevingsplan is een nieuw instrument en het wijzigen van het omgevingsplan is een nieuw proces en een nieuwe werkwijze. Op dit moment is er niemand in Nederland die dit instrument, dit proces en deze werkwijze volledig overziet. Dat betekent dat het wijzigen van het omgevingsplan ongetwijfeld gepaard zal gaan met fouten of keuzes die in de praktijk toch anders uitpakken. We zijn hier naar elkaar, naar de gemeenteraad, ketenpartners, inwoners en ondernemers open over en gebruiken deze inzichten om van te leren.

8

5 Aanpak 5.1

Aanpak 2023

Planning 2023 De belangrijkste doelstelling is om op 1 januari 2024 in staat te zijn het omgevingsplan te kunnen wijzigen (zie hoofdstuk 4). Om daartoe in staat te zijn, pakken we in 2023 de onderstaande acties op. Onderstaand zijn deze acties schematisch verbeeld. Onder de tabel worden de acties toegelicht. Actie

Juli

Augustus

September

Oktober

November

December

Einddatum aanleveren bestemmingsplannen Opstellen van handboek

Strategische ontwerpkeuzes omgevingsplan Marktverkenning en aanbesteding huisbureau Kennisontwikkeling

Techniek omgevingsplan

Eerste wijziging omgevingsplan

Wijziging omgevingsplan bruidsschatregels bouwen Opstellen van juridische regelset

Keuze maken over gebruik TAM-IMRO

Einddatum aanleveren bestemmingsplannen De inwerkingtreding van de Omgevingswet 1 januari 2024 heeft gevolgen voor de lopende planologische procedures, in het bijzonder de aanvragen voor een bestemmingsplanwijziging.

9

2024

Voor aanvragen voor herziening of wijziging van het bestemmingsplan geldt namelijk dat deze alleen nog onder het ‘oude recht’ kunnen worden vastgesteld als deze vóór 1 januari 2024 als ontwerp ter inzage zijn gelegd. Ontwerpplannen die op of na 1 januari 2024 ter inzage worden gelegd moeten voldoen aan de regels in de Omgevingswet. Er moet dan ook helderheid gecreëerd worden in wanneer een verzoek nog onder de Wro kan vallen en wanneer een verzoek onder de werking van de Omgevingswet behandeld moet worden. Daarom heeft het college op 13 juni 2023 besloten dat initiatieven waarvoor voor 1 juli 2023 geen volledig concept ontwerpbestemmings-/wijzigingsplan is aangeleverd conform de Omgevingswet worden behandeld. De wethouder Ruimte, Wonen en Verkeer heeft wel de mogelijkheid om, in afwijking van deze datum, bepaalde initiatieven conform de Wet ruimtelijke ordening te blijven behandelen, ondanks dat pas na 1 juli 2023 een volledig concept ontwerpbestemmings-/wijzigingsplan wordt aangeleverd. Zoals aangegeven in bovenstaande planning verwachten we dit jaar een handboek gereed te hebben. Pas zodra het handboek gereed is kunnen we initiatiefnemers aangeven welke informatie zij moeten aanleveren. Tot die tijd hoeven we echter niet stil te zitten. Initaitiefnemers kunnen al wel aan de slag met de voorbereidingen, zoals het laten uitvoeren van onderzoeken.

Deze ‘bestemmingsplanstop’ heeft naar verwachting gevolgen op de werkdruk van collega’s die ruimtelijke initiatieven begeleiden. Zodra wij het handboek gereed hebben kunnen we in korte tijd meerdere wijzigingen van het omgevingsplan afronden en laten vaststellen. Dit veroorzaakt een piek in de werkdruk in 2024. Opstellen van handboek Het werken met een omgevingsplan vraagt afstemming, afspraken, standaarden, etc. Daarom maken we in 2023 een handboek. In dit handboek leggen we vast hoe we in Epe het omgevingsplan wijzigen. Te denken valt aan: - Praktische werkafspraken - Handvatten voor een motivering bij een wijzigingsbesluit Dit handboek vormt daarmee de basis voor wijzigingen van het omgevingsplan die we eventueel zelf maken, dan wel door adviesbureaus of initiatiefnemers worden opgesteld. Onze eerste wijziging omgevingsplan zal ons helpen om het handboek in te vullen. Strategische ontwerpkeuzes omgevingsplan In 2022 is de “Rapportage implementatie Omgevingswet 2018- (februari) 2022” door het college vastgesteld. Hierin hebben we een tussenbalans gegeven over de implementatie van de Omgevingswet tot begin 2022. Ook is een aanzet gedaan voor eerste strategische keuzes hoe we het omgevingsplan willen gebruiken en opbouwen.

Dit jaar werken we deze keuzes verder uit naar strategische ontwerpkeuzes voor het omgevingsplan: hoe willen we bijvoorbeeld omgaan met het gebruik van vergunningplichten en algemene regels? Willen we in de basis gebruiken maken van de bestuurlijke afwegingsruimte die we van het Rijk krijgen? Kiezen we in de basis vooral voor open of gesloten normen, voor doel- of middelvoorschriften? Deze keuzes kunnen ook grote financiële effecten hebben. Daarom leggen we deze strategische ontwerpkeuzes in december 2023 ter besluitvorming voor aan de gemeenteraad.

10

Marktverkenning en aanbesteding adviesbureaus Zoals hiervoor aangegeven ligt het sterk voor de hand om ook voor het omgevingsplan adviesbureaus te vragen om wijzigingen voor te bereiden. Dit jaar gaan we met een aantal adviesbureaus in gesprek om te bekijken wat zij voor dienstverlening aanbieden. De mate waarin wij gaan samenwerken met adviesbureaus is afhankelijk van de uitkomsten van de eerste wijziging die we zelf gaan doen. Vanaf juli 2023 gaan we onderzoeken op welke manier we een adviesbureau de verschillende opdrachten kunnen verlenen. Kleine, concrete opdrachten kunnen we mogelijk (enkelvoudig) onderhands verlenen, maar voor complexe opdrachten die gemoeid gaan met hogere bedragen zullen we door middel van een aanbesteding op zoek gaan naar geschikte partijen. Kennisontwikkeling De afgelopen maanden heeft een aantal ervaren collega’s de gemeente verlaten of een nieuwe functie (buiten de afdeling Ruimte) gekregen. Daarmee is ook veel omgevingsplankennis verloren gegaan. Dit jaar bouwen we die kennis weer op door de huidige medewerkers diverse opleidingen te laten volgen. Desalniettemin is het lastig, zo niet onmogelijk om alle kennis in huis te hebben. Enerzijds omdat de Omgevingswet nieuw is, anderzijds omdat het technisch (zowel juridisch als qua ICT) een ingewikkeld geheel is.

De gemeente zal dan ook op diverse momenten moeten vertrouwen op kennis van buiten de organisatie. Deze kennis zal op diverse momenten geworven moeten worden. Techniek omgevingsplan Het wijzigen van het omgevingsplan is deels anders dan het wijzigen van het bestemmingsplan. Zo is het een volledig digitaal plan dat niet meer via een pdf-bestand kan worden bekeken. Ook wordt niet meer een nieuw plan gemaakt, zoals bij een bestemmingsplan, maar wordt één omgevingsplan op onderdelen gewijzigd. Dat vraagt om een ander werkproces, en een toegankelijke digitale omgeving, zodat o.a. burgers, college en gemeenteraad (ontwerp)wijzigingen van het omgevingsplan goed kunnen inzien. In 2023 ontwikkelen we dit werkproces. Dat doen we met de ambtelijke organisatie, het college en de griffie. Aanvullend op bovenstaande zijn er een aantal technische aspecten die nader zullen moeten uitgewerkt in de loop van 2023: Basis Omgevingsplan •

Het maken van een Omgevingsplan

•

De werking van het DSO en de samenwerking met andere bevoegde gezagen

Annotaties & Locaties •

Het gebruik van annotaties, locaties en geometrieën

Aanleveringsbesluit & Publicatie •

Het publiceren van besluiten

•

Het Aanleveringsbesluit, de toelichting, motivering en bijlagen

Ketentesten •

Het doorlopen van het volledige mutatie- en publicatieproces van het wijzigen van een Omgevingsplan

11

Ook zullen we moeten onderzoeken hoe we op een geordende manier het tijdelijk deel van het omgevingsplan gaan opnemen in een volwaardig omgevingsplan. Als een ruimtelijke regel voor een locatie vervalt in het tijdelijke deel van het omgevingsplan, moeten alle ruimtelijke regels voor diezelfde locatie vervallen (artikel 22.6, 1e lid, Omgevingswet). Het is dus niet mogelijk om voor een locatie een ruimtelijke regel te schrappen en tegelijkertijd een andere ruimtelijke regel voor diezelfde locatie te behouden. Het omzetten van regels vanuit het tijdelijk deel naar het nieuwe deel van het omgevingsplan kan wel per locatie. We kunnen zelf bepalen hoe groot zo'n locatie is. Dit hoeft niet in 1 keer voor het hele grondgebied gedaan worden. De ruimtelijke regels voor een locatie kunnen daardoor alleen gezamenlijk komen te vervallen. Het is wel mogelijk om alle ruimtelijke regels voor een bepaalde locatie te laten vervallen maar voor andere locaties nog wel te behouden. Bruidsschatregels mogen wel gedeeltelijk voor een locatie vervallen of wijzigen. Eerste wijziging omgevingsplan Het opstellen van een wijziging van het omgevingsplan is significant anders dan het maken van een nieuw bestemmingsplan en is voor iedereen nieuw: voor inwoners, ondernemers, adviesbureaus, voor de ambtelijke organisatie, voor college en voor gemeenteraad. Tot op heden maken wij niet zelf bestemmingsplannen.

Het ligt sterk voor de hand om ook voor het wijzigen van het omgevingsplan gebruik te maken van adviesbureaus die wijzigingen van het omgevingsplan opstellen. Alvorens de definitieve keuze te maken in welke mate we gebruik maken van adviesbureaus stellen we eerst zelf een wijziging van het omgevingsplan op voor een klein gebied binnen de gemeente. Dit is een volwaardige wijziging die zal worden vastgesteld door de gemeenteraad. Het plangebied voor deze wijziging wordt een nader te bepalen locatie welke geschikt is om mee te oefenen. Het zelf opstellen van een eerste wijziging helpt ons om: - Kennis op te bouwen van het omgevingsplan als instrument - Te oefenen met het proces om te komen tot een wijziging van het omgevingsplan - In de toekomst adviesbureaus en initiatiefnemers beter aan te kunnen sturen - Het handboek en de eerste regelset op te stellen en om vervolgens verder uit te werken Wijziging omgevingsplan bruidsschatregels bouwen Onder de Omgevingswet verhuizen veel regels van het Rijk naar gemeenten. Het Rijk zorgt er met het Invoeringsbesluit voor dat deze regels automatisch in het omgevingsplan komen. Dit heet ook wel de 'bruidsschat' en deze is voor iedere gemeente gelijk op het moment van inwerkingtreding van de wet. De bruidsschat bestaat uit ongeveer 600 regels uit het huidige Activiteitenbesluit, Bouwbesluit en het Besluit omgevingsrecht (Bor).

De regels hebben betrekking op een grote diversiteit aan onderwerpen, zoals horeca, detailhandel, recreatie, lozingen, emissies van geluid, geur en trillingen door bedrijven en bouwen. Vanaf de inwerkingtreding van de wet kunnen gemeenten de bruidsschat regels wijzigen, handhaven of laten vervallen. Binnen de wettelijke kaders van de Omgevingswet kunnen regels dus worden aangepast aan de gemeentelijke situatie en het gemeentelijk beleid. Alle bruidsschatregels moeten voor het einde van de overgangsfase op deze wijze zijn behandeld. Voor wat betreft het behandelen van de bruidsschatregels beginnen we met de regels die betrekking hebben op bouwen. In de loop van 2023 verlenen wij een adviesbureau de opdracht om een wijziging van het omgevingsplan voor te bereiden om de bruidsschatregels voor bouwen te verwerken. De bruidsschatregels voor andere thema’s, zoals geluid en geur zullen op een later moment worden verwerkt.

12

Opstellen van juridische regelset Een van de benodigde standaarden om in de toekomst het omgevingsplan te kunnen wijzigen is een regelset: standaardregels voor heel Epe. Deze juridische regels kunnen door initiatiefnemers of bureaus gebruikt worden, maar ook door interne collega’s als we ervoor kiezen een wijziging zelf op te stellen. Deze regelset zorgt voor regie en uniformiteit. Het streven is om in 2023 een start te maken met het opstellen van standaardregels voor veelvoorkomende activiteiten, zoals bouwen en wonen. We benaderen adviesbureaus om te kijken op welke wijze zij ons kunnen ondersteunen (zie hierna). In de loop van 2024 zal de standaard regelset verder worden opgesteld. Tot op het moment dat de regelset voltooid is maken we gebruik van andere oplossingen om het omgevingsplan toch te kunnen wijzigen, zoals het handboek (zie hierboven) en het werken met een huisbureau (zie ‘Faciliteren initiatieven via wijzigingen van het omgevingsplan’ onder 5.2) TAM-IMRO De Tijdelijke Alternatieve Maatregel IMRO (TAM-IMRO) biedt de mogelijkheid om tijdelijk wijzigingen van het omgevingsplan te maken via de 'oude' IMRO-standaard die gebruikt wordt onder de Wro. Zo kan je blijven werken met de techniek die al gebruikt wordt voor het maken en publiceren van bestemmingsplannen.

Een TAM-IMRO omgevingsplanwijziging is dus technisch een bestemmingsplan, maar juridisch een wijziging van het omgevingsplan. Uiteindelijk moeten alle TAM-IMRO documenten wel worden omgezet naar de nieuwe standaard (STOP-TPOD) die gebruikt zal gaan worden voor wijzigingsbesluiten. Ook kent een TAM-IMRO omgevingsplanwijziging een aantal beperkingen, waaronder de afwezigheid van annotaties en toepasbare regels, instrumenten die onder de nieuwe standaard wél gebruikt gaan worden. Vooralsnog gaan we ervan uit dat we in staat zijn om het omgevingsplan vanaf 1 januari 2024 te wijzigen volgens de omgevingsplanstandaarden. We gaan er daarmee vooralsnog vanuit dat we geen gebruik hoeven we maken van TAM-IMRO. We houden daarbij als peildatum 1 oktober 2023 aan: We evalueren op dat moment of we zover zijn dat we op 1 januari in staat zijn om het omgevingsplan te wijzigen volgens de omgevingsplanstandaarden, of dat er nog een tijdelijke oplossing in de vorm van TAM-IMRO nodig is. Als dat het geval is, hebben we het vierde kwartaal om te oefenen met TAM-IMRO en de werkprocessen in te regelen.

5.2

Aanpak 2024 en verder

Uitgangspunten 1. Het faciliteren van ruimtelijke initiatieven en grootschalige projecten heeft prioriteit De capaciteit binnen team Ontwikkeling is beperkt en dat vraagt om het maken van keuzes. Het omgevingsplan is primair een instrument om maatschappelijke initiatieven in de fysieke leefomgeving te faciliteren. Daarom richten we ons in eerste instantie op het wijzigen van het omgevingsplan om ruimtelijke initiatieven en grootschalige projecten mogelijk te maken, voor zover dat niet met een buitenplanse omgevingsplanactiviteit (BOPA) kan. Dat betekent wel dat de autonome uitrol langer zal duren dan in de “Rapportage implementatie Omgevingswet 2018- (februari) 2022” is aangegeven. 2. We koppelen de planning van de gebiedsgerichte uitwerking van de omgevingsvisie aan de autonome uitrol van het omgevingsplan

13

In de omgevingsvisie van de gemeente Epe staan diverse gebiedsgerichte uitwerkingen gepland. We koppelen de autonome uitrol van het omgevingsplan aan deze gebiedsgerichte uitwerkingen. Dat betekent dat elke keer dat een gebiedsgerichte uitwerking gereed is, de juridische borging hiervan in het omgevingsplan wordt verwerkt. Voordeel hiervan is dat we het omgevingsplan voor de diverse gebieden maar 1 keer hoeven te wijzigen. En dus niet eerst een autonome uitrol voor een gebied, en daarna ook nog een gebiedsuitwerking. Of andersom. Voor de autonome uitrol volgen we de planning van de gebiedsgerichte uitwerkingen. 3. We verwerken periodiek verleende BOPA’s in het omgevingsplan Net als nu het geval is, zullen we ook onder de Omgevingswet geregeld afwijken van de regels in het omgevingsplan om gewenste ruimtelijke initiatieven mogelijk te maken. Dat zal zowel met een BOPA als met een wijziging van het omgevingsplan gebeuren. BOPA’s dienen binnen vijf jaar in het omgevingsplan te worden verwerkt. Gedurende de transitieperiode kiezen we ervoor de verleende BOPA’s mee te nemen met de wijziging van het omgevingsplan in het kader van de autonome uitrol voor het betreffende gebied. Op een later moment bepalen we hoe we BOPA’s verwerken in het omgevingsplan voor gebieden waar het omgevingsplan al gewijzigd is in het kader van de autonome uitrol.

Ook gaan we onderzoeken hoe we reeds verleende uitgebreide omgevingsvergunningen verwerken in het omgevingsplan. 4. We verwerken de Verordening fysieke leefomgeving in het omgevingsplan Vooruitlopend op de Omgevingswet worden gemeentelijke verordeningen en onderdelen van verordeningen die gaan over de fysieke leefomgeving gebundeld in één samenhangende verordening: de Verordening fysieke leefomgeving. De Verordening fysieke leefomgeving wordt na de inwerkingtreding van de Omgevingswet verwerkt in het omgevingsplan. Het tijdstip hiervan wordt nader bepaald.

5. We verwerken nieuw beleid betreffende o.a. evenementen in het omgevingsplan In de komende maanden wordt nieuw beleid ontwikkeld voor onder andere de thema’s evenementen, standplaatsen, horeca en terrassen. Dit beleid verankeren we in het omgevingsplan. Een van de eerste wijzigingen van het omgevingsplan, naar verwachting begin 2024, zal hiervoor dienen. Faciliteren initiatieven via wijzigingen van het omgevingsplan Zoals hiervoor is aangegeven is één van de aanleidingen om het omgevingsplan te wijzigen het faciliteren van ruimtelijke initiatieven. Anders dan nu, maken we onder de Omgevingswet een splitsing tussen de voorbereiding van een wijziging van het omgevingsplan (onderzoeken, onderbouwing, etc) en het maken van de wijziging (aanpassen van regels, etc). Voor de voorbereding heeft iedere individuele initiatiefnemer de mogelijkheid om zelf een ruimtelijk advies- of planbureau in te schakelen. Het planbureau zorgt er o.a. voor dat een plan wordt voorzien van een goed onderbouwde motivering en dat de benodigde onderzoeken worden uitgevoerd. Vervolgens wordt het plan ingediend bij de gemeente. Medewerkers van de gemeente Epe beoordelen het plan.

Omdat alle verschillende ruimtelijke initiatieven - afkomstig van verschillende initiatiefnemers en verschillende planbureaus – uiteindelijk een plekje moeten krijgen in één omgevingsplan, is het nodig dat de regels van de plannen op een gestandaardiseerde en juridisch kloppende wijze worden opgesteld. Deze taak belegt de gemeente Epe bij één extern bureau (huisbureau). Het huisbureau levert de gemeente vervolgens per initiatief een wijziging van 14

het omgevingsplan aan, waarbij de motivering en onderzoeken van de initiatiefnemer als basis wordt gebruikt. Dit plan wordt nog een laatste keer gecontroleerd door de gemeente en vervolgens ter inzage gelegd en uiteindelijk aangeboden aan de raad ter vaststelling. In beginsel wordt elk initiatief als individuele wijziging van het omgevingsplan vastgesteld. Desalniettemin is het denkbaar dat er situaties optreden waar enkele kleine initiatieven gecombineerd kunnen worden tot één wijziging van het omgevingsplan. In het derde kwartaal van 2023 starten we met een marktverkenning om een geschikt huisbureau te vinden. Onderzocht wordt welke (aanbestedings)procedure hier het meest geschikt voor is.

Initiatiefnemer 1

Initiatiefnemer 1

Initiatiefnemer 3

Planbureau 1

Planbureau 1

Planbureau 3

Gemeente

Huisbureau

Gemeente

Raad

1 Van initiatief tot wijziging omgevingsplan - globaal stappenplan

15

6 Projectorganisatie 6.1

Opdrachtgever en opdrachtnemer

Opdrachtgever is de teamleider van Team Ontwikkeling. Opdrachtnemer is projectteam Omgevingsplan.

6.2

Projectteam

Het projectteam omgevingsplan bestaat uit: Rol Ingevuld door Beschikbare capaciteit Projectleider Projectleider 8u per week omgevingsplan omgevingsplan (inhuur) Projectteamlid 1 16u per week Projectteamlid omgevingsplan (inhuur) Projectteamlid 2 8u per week (vast) Projectteamlid 3 8u per week (vast) Projectteamlid 4 8u per week (vast)

Opmerkingen voorlopig tot 1 september 2023, mogelijk verlenging tot 2024 voorlopig tot 1 oktober 2023, mogelijk verlenging tot 2024

Naast het projectteam zijn verschillende collega’s betrokken bij het omgevingsplan, waaronder - Projectleider DSO: Digitale Stelsel Omgevingswet, software, toepasbare regels - Regisseur geo-informatie en producthouder planapplicaties - Adviseurs Omgevingsrecht: transitie van de huidige omgevingsvergunningen naar OPA’s en BOPA’s en de relatie met het omgevingsplan - Adviseur gebiedsontwikkeling: relatie tussen het Omgevingsplan en andere voorbereidingen op de Omgevingswet, waaronder het nieuwe werkproces bij ruimtelijke initiatieven (proces Omgevingsoverleg) - Adviseur gebiedsontwikkeling en strategische adviseurs: relatie tussen het Omgevingsplan en de gebiedsgerichte uitwerkingen van de Omgevingsvisie - Klantregisseurs Omgeving - Communicatieadviseurs afdeling Ruimte Bovenstaande collega’s informeren we via een weekstart Omgevingswet (dinsdagen). Documenten worden voorgelegd aan bovenstaande collega’s wanneer relevant.

6.3

Coördinatie wijzigingen

De komende jaren zal het omgevingsplan veelvuldig gewijzigd worden. Deze wijzigingen zullen elkaar geregeld beïnvloeden. Om knelpunten te voorkomen wijzen we een ‘coördinator wijzigingen’ aan. Deze coördinator zorgt voor afstemmen van de verschillende wijzigingen met leden van het projectteam, projectleiders en omgevingsontwikkelaars. Daarnaast zorgt de coördinator voor afstemming van de verschillende wijzigingen in het bestuurlijke besluitvormingsproces. Naar verwachting zullen de werkzaamheden van een coördinator wijzigingen één dag per week (0,2 fte) bedragen. Onderzocht wordt of hiervoor de capaciteit van de eenheid uitgebreid moet worden.

16

7 Capaciteit 7.1 Benodigde uren Jaar

Werkzaamheden (hoofdlijn)

2023 Kennisontwikkeling Strategische ontwerpkeuzes Marktverkenning & aanbesteding adviesbureau(s) Handboek Start eerste wijziging omgevingsplan Bruidsschatregels voor bouwen (aansturen bureau) Overleggen en overige werkzaamheden Totaal 2023

Benodigde uren vast 100 100 100

Benodigde uren tijdelijk 0 200 100

Benodigde uren totaal 100 300 200

100 100

400 100

500 200

50

50

100

50

50

100

600

900

1500

2024 Eerste wijziging omgevingsplan 400 200 200 (vervolg) Begeleiding bij nieuwe initiatieven 100 500 400 Aansturen adviesbureau(s) 100 400 500 Autonome uitrol (afhankelijk van 100 150 250 planning gebiedsgerichte uitwerkingen Bruidsschatregels voor bouwen 100 300 400 (aansturen bureau) Coördinator wijzigingen 400 0 400 Overleggen en overige 100 100 200 werkzaamheden Totaal 2024 2650 1100 1550 2025 Afhankelijk van evaluatie eind 2024 2030 Kanttekening: Het wijzigen van het omgevingsplan om ruimtelijke initiatieven mogelijk te maken, is regulier werk en daarom geen onderdeel van deze capaciteitsraming. Dit werk wordt echter wel uitgevoerd door dezelfde mensen wat mogelijk kan zorgen voor capaciteitsproblemen.

7.2 Beschikbare uren 2023

2024

Op basis van de huidige capaciteit van het projectteam (24 uur vast, 24-40 uur inhuur per week) zijn er tot het eind van het jaar ca. 1500 uur beschikbaar. Hiermee hebben we voldoende capaciteit voor bovenstaande planning. Op basis van de huidige vaste capaciteit van het projectteam (24 uur) hebben we voor het gehele jaar 1100 uur beschikbaar aan vaste kracht. Om voldoende capaciteit te hebben in 2024 zal er naar verwachting 17

voor 1550 uur (ca. 0.9 fte) aan capaciteit moeten worden ingehuurd om op een totaal van 2650 uur uit te komen.

18

8 Financiën 8.1

Autonome uitrol

Voor het wijzigen van het omgevingsplan in het kader van de autonome uitrol is voor 2023 nog een bedrag van 90.000 euro beschikbaar. Voor de jaren 2024 tot en met 2026 is een bedrag van 75.000 euro per jaar beschikbaar. Voor de jaren daaropvolgend zal op een later moment een financiële schatting worden gemaakt. De inzet van de vaste formatie wordt niet ten laste gebracht van deze financiële ruimte. Op dit moment verwachten we dat deze financiële reserveringen toereikend zijn.

8.1

Mogelijk maken concrete initiatieven

De kosten voor een wijziging van het omgevingsplan om een concreet initiatief mogelijk te maken worden in rekening gebracht bij de initiatiefnemer van het betreffende initiatief.

8.1

Verankeren nieuw beleid

Voor de gebiedsgerichte uitwerking van de omgevingsvisie en de verankering in het omgevingsplan is voor zowel 2023 als 2024 een bedrag van 175.000 euro gereserveerd.

19

9 Participatie en communicatie 9.1

Participatie

De aanleiding om het omgevingsplan te wijzigen is bepalend voor de manier waarop participatie een rol speelt. In het geval dat het omgevingsplan wordt gewijzigd ten behoeve van een ruimtelijk initiatief, dan is de initiatiefnemer aan zet. Soms is de gemeente Epe zelf initiatiefnemer. Gesprekken met omwonenden en andere belanghebbenden vinden plaats voordat een officiële aanvraag wordt ingediend, als onderdeel van het proces Omgevingsoverleg. Hierbij maakt de initiatiefnemer gebruik van de hulpmiddelen uit het participatiebeleid van de gemeente Epe ‘Samen werken aan een plan’ (2023). Zoals besproken in hoofdstuk 5 kan een omgevingsplan ook worden gewijzigd ten behoeve van de autonome uitrol of om nieuw beleid juridisch te verankeren. We zullen voor deze twee gevallen nog nader uitwerken op welk moment participatie- en/of informatiemomenten zullen plaatsvinden. Ongeacht de aanleiding om het omgevingsplan te wijzigen kan er gebruik gemaakt worden van de officiële wegen om te reageren op een plan, waaronder het indienen van een zienswijze en het instellen van beroep.

9.2

Interne communicatie

We houden onze collega’s betrokken bij de werkzaamheden die gepaard gaan bij de voorbereidingen op het omgevingsplan. Collega’s die inhoudelijk bij onderdelen moeten worden betrokken haken aan bij de weekstart Omgevingswet. Afhankelijk van het onderwerp worden de desbetreffende teamleiders en portefeuillehouders op de hoogte gehouden van dit project via de portefeuillehoudersoverleggen. Waar nodig zullen de teamleiders relevante informatie verspreiden onder de medewerkers binnen hun team. Ook het college en de raad houden we op de hoogte. We zijn aan het onderzoeken welk medium we hiervoor gaan inzetten. Een mogelijkheid is een informatiesessie waarin we een stand van zaken van het project presenteren. Voorliggend transitieplan wordt aangeboden aan het college ter vaststelling.

9.3

Externe communicatie

Voor wat betreft de externe communicatie over dit project is de website van de gemeente Epe een belangrijk medium. Op de pagina waar initiatiefnemers aanvragen kunnen indienen voor ruimtelijke initiatieven staat reeds een mededeling over de bestemmingplanstop op 1 juli 2023 en de overgang naar de Omgevingswet en het omgevingsplan. Wanneer initiatiefnemers een verzoek indienen zullen ze aanvullend geïnformeerd worden over de benodigde voorbereidingen om een wijziging van het omgevingsplan mogelijk te maken, mede aan de hand van het nog op te stellen handboek.

20

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13109063/1