835678 Bijlage 12 Archeologisch verkennend booronderzoek
Tekst van het document
Hoofdstraat 117 te Epe gemeente Epe Inventariserend Veldonderzoek, verkennend booronderzoek
Opdrachtgever
Projectleider
Onze Bouwmeester
T. van Essen, BA
Versie Definitief
H. W. Lordensweg 1 7391KA Twello Projectnummer
Autorisatie
Datum
Synthegra Rapport S220042-B
drs. F. Stevens
12-12-2022
Synthegra B.V., Olmenlaan 6a, NL-3833 AV Leusden Telefoon +31 (0)88 81 81 981, Internet: www.synthegra.nl
Project: Hoofdstraat 117 te Epe, gemeente Epe. Inventariserend Veldonderzoek, verkennend booronderzoek Projectnummer: S220042-B
COLOFON
Opdrachtgever
: Onze Bouwmeester te Twello
Project
: Hoofdstraat 117
Projectnummer
: S220042-B
Titel
: Hoofdstraat 117 te Epe. Bureauonderzoek
Datum
: 12-12-2022
Projectleider
: T. van Essen, BA
Auteurs
: T. van Essen, BA
Autorisatie
: drs. F. Stevens Senior KNA archeoloog/-prospector
Druk
: Synthegra B.V., Leusden
Afbeeldingen
: Synthegra B.V., tenzij anders vermeld
ISSN
: 1874-9771
Synthegra B.V. is gecertificeerd voor de BRL 4000 protocollen 4001 t/m 4004 (landbodems)
Synthegra B.V. Olmenlaan 6a NL-3833 AV Leusden T: +31 (0)88 81 81 981 E: info@synthegra.nl
© Synthegra B.V., 2022
© Synthegra B.V., Olmenlaan 6a, NL-3833 AV Leusden
2 van 19
Project: Hoofdstraat 117 te Epe, gemeente Epe. Inventariserend Veldonderzoek, verkennend booronderzoek Projectnummer: S220042-B
INHOUD ADMINISTRATIEVE GEGEVENS
4
SAMENVATTING
5
1 1.1 1.2 1.3 1.4
INLEIDING Onderzoekskader Onderzoeksdoel en vraagstellingen Ligging en huidige situatie plangebied Toekomstige situatie plangebied
8 8 9 9 10
2 2.1 2.2 2.3
VOORONDERZOEK Inleiding Verwachtingsmodel Conclusie en aanbeveling
11 11 11 12
3 3.1 3.2 3.3 3.4
INVENTARISEREND VELDONDERZOEK Methode Beschrijving en interpretatie van de boorgegevens Archeologische indicatoren Archeologische interpretatie
14 14 15 16 16
4 4.1 4.2 4.3
CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN Inleiding Conclusies / beantwoording onderzoeksvragen Aanbevelingen
17 17 17 18
BRONNEN
19
Bijlagen: Bijlage 1: Overzicht van de relevante geologische en archeologische tijdvakken Bijlage 2: Boorprofielen Afbeelding voorblad: Het plangebied in september 2022 (bron Google Maps)
© Synthegra B.V., Olmenlaan 6a, NL-3833 AV Leusden
3 van 19
Project: Hoofdstraat 117 te Epe, gemeente Epe. Inventariserend Veldonderzoek, verkennend booronderzoek Projectnummer: S220042-B
Administratieve gegevens Toponiem
Hoofdstraat 117
Plaats
Epe
Gemeente
Epe
Provincie
Gelderland
Projectnummer
S220042
Bevoegde overheid
Gemeente Epe. Deskundige namens de bevoegde overheid: H.G. Pape-Luijten (regio-archeoloog Stedendriehoek).
Opdrachtgever
OnzeBouwmeester
Uitvoerende instantie
Synthegra B.V.
Datum uitvoering veldwerk
12-09-2022
Uitvoerders veldwerk
T. van Essen
Onderzoeksmelding (ARCHIS)
5288331100
Datum onderzoeksmelding
30-08-2022
Kaartblad
27D
Periode
Laat-Paleolithicum tot en met Nieuwe tijd
Oppervlakte
Circa 0,11 ha / 1100 m2
Perceelnummer(s)
Kadastrale gemeente Epe en Oene, sectie U, perceelnummer(s): 8460, 8461, 8451
Grond eigenaar / beheerder
Onze Bouwmeester
Grondgebruik
Woningbouw
Geologie
Formatie van Boxtel
Geomorfologie
Droogdal of glooiing van sneeuwsmeltwaterafzettingen
Bodem
Verharding / dekzand, en eventueel löss. Hoge zwarte enkeerdgrond.
Depot
Documentatie en vondsten zullen worden aangeleverd aan het Provinciaal Depot van Gelderland, te Nijmegen.
De onderzoekslocatie wordt omsloten door de volgende coördinaten: Noord:
x 195682
y 484461
Oost:
x 195716
y 484459
Zuid:
x 195671
y 484432
West:
x 195664
y 484458
Centrum:
x 195692
y 484449
© Synthegra B.V., Olmenlaan 6a, NL-3833 AV Leusden
4 van 19
Project: Hoofdstraat 117 te Epe, gemeente Epe. Inventariserend Veldonderzoek, verkennend booronderzoek Projectnummer: S220042-B
Samenvatting Inleiding Synthegra B.V. heeft in opdracht van Onze Bouwmeester een archeologisch verkennend booronderzoek uitgevoerd op een terrein aan de Hoofdstraat 117 te Epe. De aanleiding voor het onderzoek is de voorgenomen realisatie van 22 appartementen en 98 m 2 winkelruimte, met een parkeerkelder. De oppervlakte van de toekomstige bodemverstoring bedraagt ca. 1100 m2 met een diepte van 3 meter beneden maaiveld. De bodem zal waarschijnlijk tot ver in het archeologische niveau worden verstoord, ca. 3 m onder maaiveld. Eventueel aanwezige archeologische waarden kunnen daarbij verloren gaan.
Specifieke archeologische verwachting bureauonderzoek Op basis van het bureauonderzoek is voor het plangebied een gespecificeerde archeologische verwachting opgesteld.
Het plangebied ligt op een stuwwal (Formatie van Boxtel). Gezien de ouderdom van de te verwachte afzettingen kunnen in het plangebied vindplaatsen aanwezig zijn vanaf het laat-paleolithicum tot en met de nieuwe tijd.
Op basis van de bevindingen van onderzoek in de omgeving is de verwachting dat ook binnen de planlocatie een antropogeen eerddek te verwachten is (tussen 80 en 100 cm -mv), met hieronder begraven middeleeuwse akkers. De verwachting is hoog voor de Middeleeuwen t/m de Nieuwe Tijd, en vondsten kunnen zich in het eerddek bevinden (tot ca. 80 cm -Mv), terwijl sporen tussen 80 en 100 cm -Mv te verwachten zijn.
De verwachting van sporen en vondsten van het neolithicum t/m de vroege middeleeuwen is middelhoog, aangezien de aanwezigheid van vindplaatsen uit het neolithicum en de late bronstijd op circa 300 meter ten zuiden van het plangebied is aangetoond. De verwachting voor het laat-paleolithicum t/m het mesolithicum is laag vanwege de ligging in het droogdal. Als er sporen of vondsten van deze periodes aanwezig zijn, dan zal dit in de top van het dekzand zijn, direct onder de eerdlaag, naar verwachting tussen 80 en 100 cm -Mv.
Op basis van de huidige bebouwing, is de kans groot dat het aanleggen van de kelder onder het gebouw de sporen zal hebben vernietigd. Onder de rest van het pand is een kruipruimte aanwezig van ca. 80 cm. Het is mogelijk dat, als de eerdlaag de verwachte dikte van 80 centimeter heeft, er hieronder nog archeologische sporen bevinden. De garage en parkeerplaats zijn hoogstwaarschijnlijk op zand gestort, dus de kans is groot dat hieronder nog archeologische sporen aanwezig zijn.
Veldonderzoek Op basis van het gespecificeerde verwachtingsmodel uit het bureauonderzoek is aan de hand van de Leidraad Inventariserend Veldonderzoek een verkennend booronderzoek met een boordichtheid van ten minste 6 boringen per hectare uitgevoerd. Aangezien het plangebied circa 1100 m 2 groot is, zijn verspreid over het plangebied in totaal 6 boringen gezet. Vanwege het geringe oppervlak en de terreinomstandigheden (bebouwing, verhardingen, begroeiing etc.) zijn de boringen zo gelijkmatig mogelijk over het plangebied verdeeld. De exacte boorlocaties zijn ingemeten met een gps.
© Synthegra B.V., Olmenlaan 6a, NL-3833 AV Leusden
5 van 19
Project: Hoofdstraat 117 te Epe, gemeente Epe. Inventariserend Veldonderzoek, verkennend booronderzoek Projectnummer: S220042-B
Er is geboord met een Edelmanboor met een diameter van 7 cm. De boringen zijn uitgevoerd tot minimaal 25 cm in de C-horizont. Het opgeboorde sediment is verbrokkeld en versneden en geïnspecteerd op de aanwezigheid van archeologische indicatoren. De boringen zijn lithologisch beschreven conform de NEN 5104 en bodemkundig geïnterpreteerd.
Archeologische interpretatie veldonderzoek Het natuurlijke bodemtype is in bijna het hele plangebied intact. Vuursteenvindplaatsen bestaan voornamelijk uit strooiing van fragmenten vuursteen en ondiepe grondsporen, zoals haardkuilen, en bevinden zich in de bovengrond (de bodemhorizonten) van het dekzand. De top van de het dekzand, en de bodemhorizonten daarmee, zijn in het hele plangebied verstoord, waardoor resten uit het Laat-Paleolithicum en Mesolithicum die niet dieper zullen reiken dan deze bodemhorizonten, niet meer in het gebied aanwezig zullen zijn. Nederzettingsresten uit het Neolithicum tot en met de Nieuwe Tijd bestaan niet alleen uit fragmenten aardewerk, maar ook uit diepere sporen zoals paalgaten en afvalkuilen. Deze sporen kunnen nog tot in de C-horizont reiken en zijn mogelijk nog intact. Deze kunnen zich direct onder het esdek al voordoen. Resten uit de Late Middeleeuwen en Nieuwe tijd zullen zich bevinden in het esdek.
Aanbeveling Op grond van de resultaten van het onderzoek wordt voor de voorgenomen ontwikkeling van het plangebied zoals omschreven in de vergunningsaanvraag nader archeologisch onderzoek geadviseerd.
Op basis van de resultaten van het booronderzoek is het nog steeds mogelijk dat er een archeologische vindplaats in het plangebied aanwezig is. Wanneer de geplande graafwerkzaamheden dieper reiken dan 60 cm beneden maaiveld kunnen eventueel aanwezig archeologische resten verloren gaan en is vervolgonderzoek noodzakelijk. Ter plaatse van de huidige bebouwing is dit niveau waarschijnlijk al verstoord en zijn eventueel aanwezige archeologische resten verdwenen. Naast de huidige bebouwing is de bodem vrijwel intact. Met de geplande werkzaamheden komen eventuele resten in deze lagen in gevaar.
Wij adviseren een vervolgonderzoek in de vorm van een proefsleuvenonderzoek, of een archeologische begeleiding, om vast te stellen of in het plangebied archeologische resten aanwezig zijn en zo ja, welke waardering hieraan gegeven kan worden. Voor dit proefsleuvenonderzoek, of een archeologische begeleiding, is een Programma van Eisen (PvE) noodzakelijk dat is goedgekeurd door de bevoegde overheid. In dit PvE wordt de werkwijze en de randvoorwaarden van het proefsleuvenonderzoek vastgelegd. Hierbij hoeft alleen het deel waar de huidige woning niet staat onderzocht te worden. Door de onder de bebouwing aanwezige kelder zullen de archeologisch interessante resten op deze plekken zijn verstoord, gezien de ligging tussen 0,6 en 1,9 meter beneden maaiveld en de minimale verstoringsdiepte van 2 meter door de kelder. Waar deze kelder zich niet in het gebied bevindt zullen deze lagen wel intact zijn. Deze delen zullen nader onderzocht moeten worden.
Bovenstaande vormt een selectieadvies. Met nadruk willen wij de opdrachtgever erop wijzen dat dit advies nog niet betekent dat in deze fase van het vergunningsverleningstraject reeds bodemverstorende activiteiten of daarop voorbereidende activiteiten kunnen worden ondernomen. De resultaten van dit onderzoek dienen vooraleerst te worden beoordeeld door de bevoegde overheid (gemeente Epe). Deze neemt een definitief selectiebesluit aangaande de vrijgave van het plangebied voor verdere ontwikkeling zoals omschreven in de vergunningsaanvraag.
© Synthegra B.V., Olmenlaan 6a, NL-3833 AV Leusden
6 van 19
Project: Hoofdstraat 117 te Epe, gemeente Epe. Inventariserend Veldonderzoek, verkennend booronderzoek Projectnummer: S220042-B
Er is getracht een zo gefundeerd mogelijk advies te geven op grond van de gebruikte onderzoeksmethoden. De aanwezigheid van archeologische sporen of resten in het plangebied kan nooit volledig worden uitgesloten. Synthegra wil de opdrachtgever er daarom op wijzen dat, indien tijdens de werkzaamheden een (mogelijke) archeologische vondst wordt gedaan dan geldt de wettelijke meldingsplicht, zoals omschreven in artikel 5.10 van de Erfgoedwet bij de minister. Uit praktisch oogpunt kan een dergelijke toevalsvondst bij de gemeente worden gemeld.
© Synthegra B.V., Olmenlaan 6a, NL-3833 AV Leusden
7 van 19
Project: Hoofdstraat 117 te Epe, gemeente Epe. Inventariserend Veldonderzoek, verkennend booronderzoek Projectnummer: S220042-B
1
Inleiding
1.1
Onderzoekskader Synthegra B.V. heeft in opdracht van Onze Bouwmeester een archeologisch verkennend booronderzoek uitgevoerd op een terrein aan de Hoofdstraat 117 te Epe. De aanleiding voor het onderzoek is de voorgenomen realisatie van 22 appartementen en 98 m 2 winkelruimte, met een parkeerkelder. De oppervlakte van de toekomstige bodemverstoring bedraagt ca. 1100 m2 met een diepte van 3 meter beneden maaiveld. De bodem zal waarschijnlijk tot ver in het archeologische niveau worden verstoord, ca. 3 m onder maaiveld. Eventueel aanwezige archeologische waarden kunnen daarbij verloren gaan.
Het onderzoek is uitgevoerd in het kader van een bestemmingsplanprocedure. Op basis van het bestemmingsplan, waarin het vigerende archeologiebeleid van de gemeente Epe is verwoord, dient voor het plangebied een rapport overhandigd te worden waarin de aan- of afwezigheid van archeologische waarden wordt aangetoond.
Aangezien er sprake is van een bestemmingsplanwijziging dienen de bepalingen vanuit de archeologishe verwachtingskaart overgenomen te worden. Hierbij ligt het plangebied in de Categorie 3: zone met archeologische waarden. Voor terreinen vallend binnen categorie 3 geldt dat een rapport dient te worden overlegd waaruit blijkt dat de archeologische waarde van het terrein in voldoende mate is vastgesteld bij plangebieden groter dan 100 m2 en verstoringen die dieper reiken dan 30 centimeter beneden maaiveld. De bevoegde overheid, de gemeente Epe, heeft een specifiek archeologisch beleid vastgesteld en beschikt over een Archeologische Verwachtings- en Beleidsadvieskaart.
Het onderzoek is uitgevoerd conform de vigerende Kwaliteitsnorm Nederlandse Archeologie 4.1 en de handreiking voor bureau- en verkennend booronderzoek van de gemeente Epe. 1
De bevoegde overheid, gemeente Epe, zal de resultaten van het onderzoek toetsen en een selectiebesluit nemen aangaande de vrijgave van het plangebied voor verdere ontwikkeling zoals omschreven in de vergunningsaanvraag.
1
Pape-Luijten (2019)
© Synthegra B.V., Olmenlaan 6a, NL-3833 AV Leusden
8 van 19
Project: Hoofdstraat 117 te Epe, gemeente Epe. Inventariserend Veldonderzoek, verkennend booronderzoek Projectnummer: S220042-B
1.2
Onderzoeksdoel en vraagstellingen Het doel van het bureauonderzoek is het opstellen van een gespecificeerde archeologische verwachting aan de hand van bestaande bronnen over bekende of verwachte landschappelijke, historische en archeologische waarden.
De volgende onderzoeksvragen zullen worden beantwoord: •
Wat is de opbouw van de ondergrond en is het bodemprofiel intact?
•
Zijn in het plangebied archeologische vindplaatsen aanwezig of worden deze verwacht? Indien ja (dan zijn de volgende twee subvragen van toepassing)? o
Wat is te zeggen over de horizontale en verticale verspreiding van de (verwachte) archeologische waarden?
o
•
Wat is de vermoedelijke aard en datering van de (verwachte) archeologische resten?
In hoeverre worden eventueel aanwezige of verwachte archeologische resten bedreigd door de voorgenomen ontwikkeling van het gebied?
1.3
Ligging en huidige situatie plangebied Het plangebied beslaat een oppervlak van circa 0,11 ha / 1100 m 2 en is gelegen aan de Hoofdstraat 117 te Epe (afbeelding 1), tussen de Hoofdstraat (westen), de Gildenweg (zuiden) en het Gruttersplein (oosten). Het plangebied is in gebruik als detailhandel en is bebouwd met een aantal gebouwen en een parkeergarage. De zuidelijke en zuidoostelijke delen van het perceel zijn op dit moment niet bebouwd, en zijn verhard om als parkeerplaats te kunnen functioneren. De locatie bevindt zich in het centrum van Epe, ca. 300 m ten zuiden van de Markt, binnen de historische kern van de stad. Het gebouw is gedeeltelijk van een kelder voorzien en van een kruipruimte. De kelder zal de bodem tot minimaal ca. 200 cm -mv hebben verstoord. De kruipruimte zal de bodem tussen 40 en 80 cm -mv hebben verstoord. De diepte van de funderingen is onbekend, maar zal de grond dieper dan 60 cm -mv hebben verstoord.
© Synthegra B.V., Olmenlaan 6a, NL-3833 AV Leusden
9 van 19
Project: Hoofdstraat 117 te Epe, gemeente Epe. Inventariserend Veldonderzoek, verkennend booronderzoek Projectnummer: S220042-B
Afbeelding 1: Het plangebied, rood omkaderd, op de Open Topografische Kaart van Nederland (Bron: www.Pdok.nl).
1.4
Toekomstige situatie plangebied De huidige inrichting zal worden gewijzigd. De huidige gebouwen zullen worden gesloopt en vervangen voor nieuwbouw (afbeelding 2). De oppervlakte van het plangebied bedraagt 0,11ha (1100 m2), en de parkeergarage zal de bodem tot ca. 3 m -mv verstoren.
Afbeelding 2: Toekomstige situatie binnen het plangebied. (Bron: Onze Bouwmeester)
© Synthegra B.V., Olmenlaan 6a, NL-3833 AV Leusden
10 van 19
Project: Hoofdstraat 117 te Epe, gemeente Epe. Inventariserend Veldonderzoek, verkennend booronderzoek Projectnummer: S220042-B
2
Vooronderzoek
2.1
Inleiding Op 15/08/2022 heeft Synthegra BV. een bureauonderzoek2 uitgevoerd voor het terrein aan de Hoofdstraat 117 te Epe. In dit hoofdstuk volgt een korte samenvatting van de belangrijkste punten van dit onderzoek.
2.2
Verwachtingsmodel Op basis van het bureauonderzoek is voor het plangebied een gespecificeerde archeologische verwachting opgesteld. De essentie hiervan is weergegeven in tabel 1.
Het plangebied ligt op een stuwwal (Formatie van Drenthe). Gezien de ouderdom van de te verwachte afzettingen kunnen in het plangebied vindplaatsen aanwezig zijn vanaf het laat-paleolithicum tot en met de nieuwe tijd.
Op basis van de bevindingen van onderzoek in de omgeving is de verwachting dat ook binnen de planlocatie een antropogeen eerddek te verwachten is (tussen 80 en 100 cm -mv), met hieronder begraven middeleeuwse akkers. De verwachting is hoog voor de Middeleeuwen t/m de Nieuwe Tijd, en vondsten kunnen zich in het eerddek bevinden (tot ca. 80 cm -Mv), terwijl sporen tussen 80 en 100 cm -Mv te verwachten zijn.
De verwachting van sporen en vondsten van het neolithicum t/m de vroege middeleeuwen is middelhoog, aangezien de aanwezigheid van vindplaatsen uit het neolithicum en de late bronstijd op circa 300 meter ten zuiden van het plangebied is aangetoond. De verwachting voor het laat-paleolithicum t/m het mesolithicum is laag vanwege de ligging in het droogdal. Als er sporen of vondsten van deze periodes aanwezig zijn, dan zal dit in de top van het dekzand zijn, direct onder de eerdlaag, naar verwachting tussen 80 en 100 cm -Mv.
Op basis van de huidige bebouwing, is de kans groot dat het aanleggen van de kelder onder het gebouw de sporen zal hebben vernietigd. Onder de rest van het pand is een kruipruimte aanwezig van ca. 80 cm. Het is mogelijk dat, als de eerdlaag de verwachte dikte van 80 centimeter heeft, hieronder nog archeologische sporen bevinden. De garage en parkeerplaats zijn hoogstwaarschijnlijk op zand gestort, dus de kans is groot dat hieronder nog archeologische sporen aanwezig zijn.
2
Stoll, 2022.
© Synthegra B.V., Olmenlaan 6a, NL-3833 AV Leusden
11 van 19
Project: Hoofdstraat 117 te Epe, gemeente Epe. Inventariserend Veldonderzoek, verkennend booronderzoek Projectnummer: S220042-B
Periode
Verwachting
Verwachte kenmerken vindplaats
Diepteligging sporen
laat-paleolithicum –
laag
Bewoningssporen: tijdelijke kampementen
vanaf 80 tot 100 cm -Mv
mesolithicum
Mobilia: vuursteen artefacten, haardkuilen
neolithicum -
middelhoog
Bewoningssporen: (semi permanente)
vroege
nederzettingen, sporen van
middeleeuwen
agrarisch/industrieel landgebruik, percelering:
vanaf 80 tot 100 cm -Mv
cultuurlaag, Mobilia: fragmenten keramiek, glas, metaal, natuursteen, bouwmaterialen late middeleeuwen
hoog
vanaf maaiveld tot 100 cm -Mv
- nieuwe tijd Tabel 1: Gespecificeerde archeologische verwachting.
2.3
Conclusie en aanbeveling Conclusie Op basis van het bureauonderzoek kunnen de volgende vragen worden beantwoord: •
Wat is de opbouw van de ondergrond en is het bodemprofiel intact? De opbouw van de ondergrond bestaat vermoedelijk uit een laag antropogeen eerddek dat op dekzand is aangebracht. De top van het dekzand met de bodemhorizonten zal waarschijnlijk verstoord zijn. De verwachting is dat het bodemprofiel grotendeels intact is onder de parkeerplaats en de garage intact zijn. De kelder onder het pand heeft de sporen hoogstwaarschijnlijk grotendeels vernietigt. De kruipruimte onder de rest van het pand heeft een groot deel van het eerddek verstoord, maar er kunnen nog vondsten en sporen aanwezig zijn.
•
Zijn in het plangebied archeologische vindplaatsen aanwezig of worden deze verwacht? Indien ja (dan zijn de volgende twee subvragen van toepassing) o
Wat is te zeggen over de horizontale en verticale verspreiding van de (verwachte) archeologische waarden? De meeste vondsten en sporen zullen zich direct onder het eerddek bevinden in de top van het dekzand, tussen 80 en 100 cm -Mv, voornamelijk in het zuiden en oosten van het perceel.
o
Wat is de vermoedelijke aard en datering van de (verwachte) archeologische resten? Er worden voornamelijk sporen van de middeleeuwse agrarische nederzettingen verwacht, en sporen van de bewoning in de Nieuwe Tijd. Mogelijk kunnen hier ook sporen aanwezig zijn uit het Neolithicum en de late Bronstijd.
•
In hoeverre worden eventueel aanwezige of verwachte archeologische resten bedreigd door de voorgenomen ontwikkeling van het gebied? De verwachte archeologische sporen worden bedreigd door de voorgenomen ontwikkeling van het gebied, voornamelijk door het aanleggen van de parkeerkelder. De eventuele sporen onder de kruipruimte kunnen ook verstoord worden door de afbraak van het gebouw, en eventuele funderingen. Het vermoedelijk intacte eerddek onder de parkeerplaats en garage wordt bedreigd door de funderingen.
© Synthegra B.V., Olmenlaan 6a, NL-3833 AV Leusden
12 van 19
Project: Hoofdstraat 117 te Epe, gemeente Epe. Inventariserend Veldonderzoek, verkennend booronderzoek Projectnummer: S220042-B
Aanbevelingen Op grond van de resultaten van het bureauonderzoek werd voor de voorgenomen ontwikkeling van het plangebied zoals omschreven in de vergunningsaanvraag nader archeologisch onderzoek geadviseerd. In eerste instantie werd een verkennend booronderzoek geadviseerd om de bodemopbouw in kaart te brengen en daarmee het verwachtingsmodel te toetsen. Daarnaast dient de bodem worden onderzocht op de aanwezig van archeologische indicatoren.
Op basis van het verwachtingsmodel uit het bureauonderzoek werd een verkennend booronderzoek met een boordichtheid van ten minste 7 boringen per hectare aanbevolen. Aangezien het plangebied circa 1100 m 2 groot is, dienen in totaal 5 boringen worden gezet.
Er werd geadviseerd te boren met een Edelmanboor met een diameter van 7 cm, eventueel aangevuld met guts van 3 cm doorsnede. De boringen worden uitgevoerd tot minimaal 25 cm in de C-horizont. Het opgeboorde sediment dient te worden verbrokkeld en/of versneden en geïnspecteerd op de aanwezigheid van archeologische indicatoren. De boringen worden lithologisch beschreven conform de NEN 5104 3 en bodemkundig4 geïnterpreteerd.
3
Nederlands Normalisatie-instituut 1989.
4
De Bakker en Schelling 1989.
© Synthegra B.V., Olmenlaan 6a, NL-3833 AV Leusden
13 van 19
Project: Hoofdstraat 117 te Epe, gemeente Epe. Inventariserend Veldonderzoek, verkennend booronderzoek Projectnummer: S220042-B
3
Inventariserend Veldonderzoek
3.1
Methode Op basis van het gespecificeerde verwachtingsmodel uit het bureauonderzoek is aan de hand van de Leidraad Inventariserend Veldonderzoek5 een verkennend booronderzoek met een boordichtheid van ten minste 6 boringen per hectare uitgevoerd. Aangezien het plangebied circa 1100 m2 groot is, zijn verspreid over het plangebied (afbeelding 3) in totaal 6 boringen gezet. Vanwege het geringe oppervlak en de terreinomstandigheden (bebouwing, verhardingen, begroeiing etc.) zijn de boringen zo gelijkmatig mogelijk over het plangebied verdeeld. De exacte boorlocaties zijn ingemeten met een gps.
Er is geboord met een Edelmanboor met een diameter van 7 cm. De boringen zijn uitgevoerd tot minimaal 25 cm in de C-horizont. Het opgeboorde sediment is verbrokkeld en versneden en geïnspecteerd op de aanwezigheid van archeologische indicatoren. De boringen zijn lithologisch beschreven conform de NEN 5104 6 en bodemkundig7 geïnterpreteerd.
Afbeelding 3: Boorpuntenkaart geprojecteerd op de huidige topografische ondergrond.
5
SIKB 2006.
6
Nederlands Normalisatie-instituut 1989.
7
De Bakker en Schelling 1989.
© Synthegra B.V., Olmenlaan 6a, NL-3833 AV Leusden
14 van 19
Project: Hoofdstraat 117 te Epe, gemeente Epe. Inventariserend Veldonderzoek, verkennend booronderzoek Projectnummer: S220042-B
3.2
Beschrijving en interpretatie van de boorgegevens De laagopeenvolging aan de hand van de boorprofielen8 is als volgt.
In boring 1 is op een diepte van 50 centimeter beneden maaiveld (11,39 meter +NAP) een laag bruin, sterk grindig, matig fijn, kalkrijk zand aangetroffen. Dit is geïnterpreteerd als puinlaag en deze bleek ondoordringbaar. Deze laag liep tot aan het maaiveld (11,89 meter +NAP).
Boring 2 en 6 hebben een gelijke opbouw. Hier is onderin bij beide boringen op een diepte van 2 meter beneden maaiveld (9,87 meter +NAP voor boring 2, 9,97 meter +NAP voor boring 6) een laag geel wit, matig fijn, kalkloos, matig siltig zand aangetroffen. Dit is geïnterpreteerd als dekzand behorende tot de Formatie van Boxtel. Hierop volgde in beide boringen op een diepte van 1,5 meter beneden maaiveld (10,37 meter +NAP voor boring 2, 10,47 meter +NAP voor boring 6) een laag bruin geel, matig fijn, kalkarm, matig siltig zand, met in boring 2 veel ijzervlekken en in boring 6 ijzer-concreties. Dit is geïnterpreteerd als BC horizont. Hierop volgde in boring 2 op een diepte van 1,2 meter beneden maaiveld (10,67 meter +NAP) en in boring 6 op een diepte van 1,3 meter beneden maaiveld (10,67 meter +NAP) een laag zwart, sterk humeus, matig fijn, kalkrijk, matig siltig zand met veel puin fragmenten (o.a. baksteen). Dit is geïnterpreteerd als esdek. Hierop lag in boring 2 op een diepte van 40 centimeter beneden maaiveld (11,47 meter +NAP) en in boring 6 op een diepte van 10 centimeter beneden maaiveld (11,87 meter +NAP) een laag licht grijs, matig fijn, kalkrijk, matig siltig zand. Dit is geïnterpreteerd als opgebrachte grond direct onder de klinkers. Deze laag liep tot aan het maaiveld (11,87 meter +NAP in boring 2, 11,97 meter +NAP in boring 6).
Boring 3, 4 en 5 hebben een vrijwel gelijke opbouw. In alle boringen is op een diepte van 2 meter beneden maaiveld (gemiddeld 9,92 meter +NAP) een laag geel wit, matig fijn, kalkloos, matig siltig zand aangetroffen. Dit is geïnterpreteerd als dekzand behorende tot de Formatie van Boxtel. Hierna volgde op een gemiddelde diepte van 1,85 meter beneden maaiveld (gemiddeld 10,08 meter +NAP) een laag oranje geel, matig tot sterk grindig, matig fijn, kalkloos, matig siltig zand. Dit is geïnterpreteerd als daluitspoelingsafzettingen (fluvioperiglaciaal) behorende tot de Formatie van Boxtel. De oranje kleur in de laag is geen ijzer, maar ijzerhuidjes om de zandkorrels heen. Hierop volgde op een gemiddelde diepte van 1,45 meter beneden maaiveld (gemiddeld 10,48 meter +NAP) een laag bruin geel, matig fijn, kalkarm, matig siltig zand, met in boring 3 en 4 veel ijzervlekken en in boring 5 ijzer-concreties. Dit is geïnterpreteerd als de BC horizont. Hierop volgde op een gemiddelde diepte van 1,25 meter beneden maaiveld (gemiddeld 10,65 meter +NAP) een laag zwart, sterk humeus, matig fijn, kalkrijk, matig siltig zand met veel puin fragmenten (o.a. baksteen). Dit is geïnterpreteerd als esdek. Hierop lag alleen in boring 3 op een diepte van 40 centimeter (11,47 meter +NAP) een laag licht bruin grijs, matig fijn, kalkarm, matig siltig zand met ijzerconcreties.
Dit is geinterpreteerd als overgangslaag van het esdek naar de verstoorde bovenlaag. Hierop lag in alle boringen op een gemiddelde diepte van 40 centimeter (op 30 centimeter in boring 3) beneden maaiveld (gemiddeld 11,48 meter +NAP, 11,37 meter +NAP in boring 3) een laag licht grijs, matig fijn, kalkrijk, matig siltig zand. Dit is geïnterpreteerd als opgebrachte grond direct onder de klinkers. Deze laag liep tot aan het maaiveld (gemiddeld 11,92 meter +NAP).
8
bijlage 2
© Synthegra B.V., Olmenlaan 6a, NL-3833 AV Leusden
15 van 19
Project: Hoofdstraat 117 te Epe, gemeente Epe. Inventariserend Veldonderzoek, verkennend booronderzoek Projectnummer: S220042-B
3.3
Archeologische indicatoren Bij de controle van het opgeboorde bodemmateriaal zijn geen vondsten aangetroffen die wijzen op de aanwezigheid van een archeologische vindplaats. Wel is er een intact bodemprofiel aangetroffen. In het gebied is sprake van een hoge zwarte enkeerdgrond (dik esdek, gevolgd door een ijzerrijke BC gevolgd door de C) met leemarm zand. De C betreft daluitspoelingsafzettingen met daaronder dekzand.
3.4
Archeologische interpretatie Het natuurlijke bodemtype is in bijna het hele plangebied intact. Vuursteenvindplaatsen bestaan voornamelijk uit strooiing van fragmenten vuursteen en ondiepe grondsporen, zoals haardkuilen, en bevinden zich in de bovengrond (de bodemhorizonten) van het dekzand. De top van de het dekzand, en de bodemhorizonten daarmee, zijn in het hele plangebied verstoord, waardoor resten uit het Laat-Paleolithicum en Mesolithicum die niet dieper zullen reiken dan deze bodemhorizonten, niet meer in het gebied aanwezig zullen zijn. Nederzettingsresten uit het Neolithicum tot en met de Nieuwe Tijd bestaan niet alleen uit fragmenten aardewerk, maar ook uit diepere sporen zoals paalgaten en afvalkuilen. Deze sporen kunnen nog tot in de C-horizont reiken en zijn mogelijk nog intact. Deze kunnen zich direct onder het esdek al voordoen. Resten uit de Late Middeleeuwen en Nieuwe tijd zullen zich bevinden in het esdek.
© Synthegra B.V., Olmenlaan 6a, NL-3833 AV Leusden
16 van 19
Project: Hoofdstraat 117 te Epe, gemeente Epe. Inventariserend Veldonderzoek, verkennend booronderzoek Projectnummer: S220042-B
4
Conclusies en aanbevelingen
4.1
Inleiding Het doel van het archeologisch bureauonderzoek was het opstellen van een gespecificeerde archeologische verwachting voor het plangebied. Voor het plangebied gold op basis van het bureauonderzoek een lage verwachting voor vuursteenvindplaatsen uit het laat-paleolithicum en mesolithicum, een middelhoge verwachting voor nederzettingsresten uit het neolithicum tot en met de vroege middeleeuwen en een hoge verwachting voor de late middeleeuwen en de nieuwe tijd. Het doel van het inventariserend veldonderzoek is het toetsen van deze verwachting.
4.2
Conclusies / beantwoording onderzoeksvragen •
Wat is de opbouw van de ondergrond en is het bodemprofiel intact? Op één boring na (boring 1 in het oosten) is in het hele gebied een vrijwel intact bodemprofiel aangetroffen. Het betreft een dik esdek, gevolgd door een dunne bruine ijzerrijke BC laag, gevolgd (in boringen 3, 4 en 5) door daluitspoelingsafzettingen, gevolgd door een laag dekzand. In het gebied ligt een vrij intacte hoge zwarte enkeerdgrond. De bodemhorizonten die bij een oorspronkelijk podzolprofiel horen zijn wel verstoord in alle boringen.
•
Zijn in het plangebied archeologische vindplaatsen aanwezig? In geen van de boringen zijn vondsten aangetroffen die wijzen op de aanwezigheid van een archeologische vindplaats. Er is een esdek aangetroffen op het dekzand. Dit vertegenwoordigt derhalve een intact profiel (boring 2 en 6, in het oosten en westen van het gebied).
•
Wat is te zeggen over de horizontale en verticale verspreiding van de archeologische waarden? De top van het esdek bevindt zich direct onder de verstoorde bovenlaag en is te vinden tussen een diepte van 10 en 60 centimeter beneden maaiveld. De verstoorde top van het dekzand bevindt zich tussen een diepte van 1,5 en 1,9 meter beneden maaiveld.
•
Wat is de vermoedelijke aard en datering van de archeologische resten? Voor de top van het esdek zal het gaan om bewoningssporen uit de Late Middeleeuwen en Nieuwe tijd. Direct onder het esdek tot in het dekzand of de daluitspoelingsafzettingen kunnen zich resten bevinden uit de perioden Neolithicum tot en met de Vroege Middeleeuwen.
•
In hoeverre worden eventueel aanwezige archeologische resten bedreigd door de voorgenomen ontwikkeling van het gebied? In het gebied zal er tot 3 meter beneden maaiveld verstoord worden. Hierdoor komen de archeologisch interessante lagen in gevaar. Nader onderzoek is hier dus nodig.
De (middel)hoge archeologische verwachting uit het bureauonderzoek voor nederzettingssporen uit het neolithicum tot en met de nieuwe tijd kan op grond van de resultaten van het veldonderzoek worden gehandhaafd. De lage verwachting voor Laat-Paleolithicum en Mesolithicum kan eveneens worden gehandhaafd.
© Synthegra B.V., Olmenlaan 6a, NL-3833 AV Leusden
17 van 19
Project: Hoofdstraat 117 te Epe, gemeente Epe. Inventariserend Veldonderzoek, verkennend booronderzoek Projectnummer: S220042-B
4.3
Aanbevelingen Op grond van de resultaten van het onderzoek wordt voor de voorgenomen ontwikkeling van het plangebied zoals omschreven in de vergunningsaanvraag nader archeologisch onderzoek geadviseerd.
Op basis van de resultaten van het booronderzoek is het nog steeds mogelijk dat er een archeologische vindplaats in het plangebied aanwezig is. Wanneer de geplande graafwerkzaamheden dieper reiken dan 60 cm beneden maaiveld kunnen eventueel aanwezig archeologische resten verloren gaan en is vervolgonderzoek noodzakelijk. Ter plaatse van de huidige bebouwing is dit niveau waarschijnlijk al verstoord en zijn eventueel aanwezige archeologische resten verdwenen. Naast de huidige bebouwing is de bodem vrijwel intact. Met de geplande werkzaamheden komen eventuele resten in deze lagen in gevaar.
Wij adviseren een vervolgonderzoek in de vorm van een proefsleuvenonderzoek, of een archeologische begeleiding, om vast te stellen of in het plangebied archeologische resten aanwezig zijn en zo ja, welke waardering hieraan gegeven kan worden. Voor dit proefsleuvenonderzoek, of een archeologische begeleiding, is een Programma van Eisen (PvE) noodzakelijk dat is goedgekeurd door de bevoegde overheid. In dit PvE wordt de werkwijze en de randvoorwaarden van het proefsleuvenonderzoek vastgelegd. Hierbij hoeft alleen het deel waar de huidige woning niet staat onderzocht te worden. Door de onder de bebouwing aanwezige kelder zullen de archeologisch interessante resten op deze plekken zijn verstoord, gezien de ligging tussen 0,6 en 1,9 meter beneden maaiveld en de minimale verstoringsdiepte van 2 meter door de kelder. Waar deze kelder zich niet in het gebied bevindt zullen deze lagen wel intact zijn. Deze delen zullen nader onderzocht moeten worden.
Bovenstaande vormt een selectieadvies. Met nadruk willen wij de opdrachtgever erop wijzen dat dit advies nog niet betekent dat in deze fase van het vergunningsverleningstraject reeds bodemverstorende activiteiten of daarop voorbereidende activiteiten kunnen worden ondernomen. De resultaten van dit onderzoek dienen vooraleerst te worden beoordeeld door de bevoegde overheid (gemeente Epe). Deze neemt een definitief selectiebesluit aangaande de vrijgave van het plangebied voor verdere ontwikkeling zoals omschreven in de vergunningsaanvraag.
Er is getracht een zo gefundeerd mogelijk advies te geven op grond van de gebruikte onderzoeksmethoden. De aanwezigheid van archeologische sporen of resten in het plangebied kan nooit volledig worden uitgesloten. Synthegra wil de opdrachtgever er daarom op wijzen dat, indien tijdens de werkzaamheden een (mogelijke) archeologische vondst wordt gedaan dan geldt de wettelijke meldingsplicht, zoals omschreven in artikel 5.10 van de Erfgoedwet bij de minister. Uit praktisch oogpunt kan een dergelijke toevalsvondst bij de gemeente worden gemeld.
© Synthegra B.V., Olmenlaan 6a, NL-3833 AV Leusden
18 van 19
Project: Hoofdstraat 117 te Epe, gemeente Epe. Inventariserend Veldonderzoek, verkennend booronderzoek Projectnummer: S220042-B
Bronnen Literatuur
Bakker, H. de en J. Schelling, 1989: Systeem van bodemclassificatie voor Nederland, de hogere niveaus. Staring Centrum, Wageningen.
Berendsen, H.J.A., 2004: De vorming van het land. Van Gorcum, Assen.
Berendsen, H.J.A., 2005: Landschappelijk Nederland. Van Gorcum, Assen.
Mulder, E.F.J. de, M.C. Geluk, I.L. Ritsema, W.E. Westerhoff en T.E. Wong, 2003: De ondergrond van Nederland. Wolters-Noordhoff, Groningen/Houten
Nederlands Normalisatie-instituut, 1989: NEN 5104 Geotechniek - Classificatie van onverharde grondmonsters. Nederlands Normalisatie-instituut, Delft.
Pape-Luijten, H. 2019: Handreiking archeologisch bureau- en verkennend booronderzoek (gemeentes Brummen, Epe, Lochem en Voorst)
Stichting Infrastructuur Kwaliteitsborging Bodembeheer, 2006: Leidraad inventariserend veldonderzoek; Deel: karterend booronderzoek (aanvulling op de KNA 3.1). SIKB, Gouda.
Stichting Infrastructuur Kwaliteitsborging Bodembeheer, 2018: Kwaliteitsnorm Nederlandse Archeologie, versie 4.1. SIKB, Gouda.
Stoll M., 2022: Hoofdstraat 117 te Epe. Bureauonderzoek, Synthegra BV, Leusden.
Internet (geraadpleegd september 2022) http://beeldbank.cultureelerfgoed.nl https://zoeken.cultureelerfgoed.nl/ www.ahn.nl www.bodemloket.nl www.dinoloket.nl http://www.gelderland.nl/kaartenencijfers http://www.explosievenopsporing.nl/veo-bommenkaart/ topotijdreis.nl gahetna.nl pdok.nl
© Synthegra B.V., Olmenlaan 6a, NL-3833 AV Leusden
19 van 19
Bijlagen:
Bijlage 1:
Overzicht van relevante geologische en archeologische tijdvakken
Overzicht geologische en archeologische tijdvakken
Ouderdom in jaren
Chronostratigrafie
MIS
Holoceen
1
11.755 12.745 13.675 14.025
LaatWeichselien (LaatGlaciaal)
15.700
Late Dryas (koud) Allerød (warm) Vroege Dryas (koud) Bølling (warm)
Lithostratigrafie Formaties: Naaldwijk (marien), Nieuwkoop (veen), Echteld (fluviatiel)
2
LaatPleniglaciaal 29.000
50.000
MiddenWeichselien (Pleniglaciaal)
MiddenPleniglaciaal VroegPleniglaciaal
3
Formatie van Kreftenheye
Formatie van Boxtel
4
75.000
VroegWeichselien (VroegGlaciaal) 115.000 130.000
370.000 410.000
5a 5c 5d
Eemien (warme periode)
5e
Saalien (ijstijd)
6
Holsteinien (warme periode)
Formatie van Beegden
5b
Eem Formatie Formatie van Drente Formatie van Urk
Elsterien (ijstijd) 475.000
Cromerien (warme periode) 850.000
Pre-Cromerien 2.600.000
Formatie van Sterksel
Formatie van Peelo
Cal. jaren v/n Chr. 1950
14
C jaren
Chronostratigrafie
Pollen zones
0
Vb2
1500
Subatlanticum koeler vochtiger
450 0 12
Vb1 Va
Vegetatie Loofbos eik en hazelaar overheersen haagbeuk veel cultuurplanten rogge, boekweit, korenbloem
Archeologische perioden Nieuwe tijd Middeleeuwen Romeinse tijd IJzertijd
800 815
2650
IVb Subboreaal koeler droger
2000
3755
IVa
5000
4900
5300
7020
8240
III
Boreaal warmer
II
Preboreaal warmer
I
8000
9000
8800 11.755
Atlanticum warm vochtig
10.150
12.745
10.800
13.675
11.800
14.025
12.000
15.700
13.000
LaatWeichselien (LaatGlaciaal)
Late Dryas
LW III
Allerød
LW II
Vroege Dryas LW I Bølling
35.000
Loofbos eik en hazelaar overheersen beuk>1% invloed landbouw (granen)
Bronstijd
Neolithicum
Loofbos eik, els en hazelaar overheersen in zuiden speelt linde een grote rol den overheerst hazelaar, eik, iep, linde, es eerst berk en later den overheersend
Mesolithicum
parklandschap dennen- en berkenbossen open parklandschap open vegetatie met kruiden en berkenbomen
MiddenWeichselien (Pleniglaciaal)
perioden met een poolwoestijn en perioden met een toendra
VroegWeichselien (VroegGlaciaal)
perioden met bos en perioden met een subarctisch open landschap
Laat-Paleolithicum
75.000
115.000 130.000
Eemien (warme periode)
Midden-Paleolithicum loofbos
Saalien (ijstijd) 300.000
Vroeg-Paleolithicum Chronostratigrafie voor Noordwest-Europa volgens Zagwijn (1974), Vandenberghe (1985) en De Mulder et al. (2003). Lithostratigrafie volgens De Mulder et al. (2003). Mariene isotoop stadium (MIS) volgens Bassinot et al. (1994). Atmosferische data volgens Stuiver et al. (1998). Zuurstofisotoop calibratie (OxCal) versie 3.9 Bronk Ramsey (2003), toegepast op het Laat-Weichselien en het Holoceen. Archeologische periode-indeling en ouderdom volgens de Rijksdienst voor het Oudheidkundig Bodemonderzoek (ROB). Vegetatie bewerkt volgens Berendsen (2000). Pollenzones volgens P. Vos & P. Kiden (2005).
Bijlage 2:
Boorprofielen
Boring: S220042B_1 Kop algemeen: Projectcode: S220042B, Boornummer: 1, Beschrijver(s): TE, Datum: 12-09-2022, Doel boring: archeologie - verkenning, Einddiepte boring in cm: 50 Coördinaten: X-coördinaat in meters: 195675.789, Y-coördinaat in meters: 484436.048, Precisie coördinaat: 1 cm, Coördinaatsysteem / epsg: Rijksdriehoeksmeting (NL), Hoogte maaiveld in meters: 11.886, Precisie hoogte: 1 cm, Referentievlak hoogte: Normaal Amsterdams Peil, Bepalingsmethode maaiveldhoogte: GPS Plaats: Provincie: Gelderland, Gemeente: Epe, Opdrachtgever: Onze Bouwmeester, Uitvoerder: Synthegra B.V. 0 / 11.89 Laag algemeen: Bovengrens laag in cm: 0, Ondergrens laag in cm: 50, Boortype en diameter: Edelman-7 cm, Kleur: bruin Lithologie: Grondsoort: zand, Bijmengsel: matig siltig, Bijmengsel grind: sterk grindig, Mediaanklasse: matig fijn, Kalkgehalte: kalkrijk Bodem: Bodemkundige interpretatie: puinlaag Archeologie: Puin onbepaald: ondoordringbaar Einde boring 50 / 11.39
Boring: S220042B_2 Kop algemeen: Projectcode: S220042B, Boornummer: 2, Beschrijver(s): TE, Datum: 12-09-2022, Doel boring: archeologie - verkenning, Einddiepte boring in cm: 200 Coördinaten: X-coördinaat in meters: 195687.404, Y-coördinaat in meters: 484438.466, Precisie coördinaat: 1 cm, Coördinaatsysteem / epsg: Rijksdriehoeksmeting (NL), Hoogte maaiveld in meters: 11.872, Precisie hoogte: 1 cm, Referentievlak hoogte: Normaal Amsterdams Peil, Bepalingsmethode maaiveldhoogte: GPS Plaats: Provincie: Gelderland, Gemeente: Epe, Opdrachtgever: Onze Bouwmeester, Uitvoerder: Synthegra B.V. 0 / 11.87 Laag algemeen: Bovengrens laag in cm: 0, Ondergrens laag in cm: 40, Aard ondergrens: abrupt (<0,3 cm), Boortype en diameter: Edelman-7 cm, Kleur: geel-grijs Lithologie: Grondsoort: zand, Bijmengsel: matig siltig, Mediaanklasse: matig fijn, Kalkgehalte: kalkrijk Bodem: Bodemkundige interpretatie: opgebrachte grond 40 / 11.47 Laag algemeen: Bovengrens laag in cm: 40, Aard bovengrens: abrupt (<0,3 cm), Ondergrens laag in cm: 120, Aard ondergrens: geleidelijk (0,3-3 cm), Boortype en diameter: Edelman-7 cm, Kleur: zwart Lithologie: Grondsoort: zand, Bijmengsel: matig siltig, Bijmengsel humus: sterk humeus, Mediaanklasse: matig fijn, Kalkgehalte: kalkrijk Bodem: Bodemkundige interpretatie: esdek Archeologie: Puin onbepaald: veel fragmenten 120 / 10.67 Laag algemeen: Bovengrens laag in cm:
120, Aard bovengrens: geleidelijk (0,3-3 cm), Ondergrens laag in cm: 150, Aard ondergrens: geleidelijk (0,3-3 cm), Boortype en diameter: Edelman-7 cm, Kleur: bruin-geel Lithologie: Grondsoort: zand, Bijmengsel: matig siltig, Mediaanklasse: matig fijn, Kalkgehalte: kalkarm Bodem: Bodemhorizont: BC-horizont, Ijzer/mangaan: veel Fe-vlekken 150 / 10.37 Laag algemeen: Bovengrens laag in cm: 150, Aard bovengrens: geleidelijk (0,3-3 cm), Ondergrens laag in cm: 200, Boortype en diameter: Edelman-7 cm, Kleur: oranje-geel Lithologie: Grondsoort: zand, Bijmengsel: matig siltig, Mediaanklasse: matig fijn, Kalkgehalte: kalkloos, Lithogenese: dekzand, Lithostratigrafie: Fv Boxtel Bodem: Bodemhorizont: C-horizont Laag opmerking: Opmerking: IJzerhuidjes om zandkorrels Einde boring 200 / 9.87
1 bron: S220042-b.geojson - 22-09-2022 17:01:46
Boring: S220042B_3 Kop algemeen: Projectcode: S220042B, Boornummer: 3, Beschrijver(s): TE, Datum: 12-09-2022, Doel boring: archeologie - verkenning, Einddiepte boring in cm: 200 Coördinaten: X-coördinaat in meters: 195698.796, Y-coördinaat in meters: 484441.375, Precisie coördinaat: 1 cm, Coördinaatsysteem / epsg: Rijksdriehoeksmeting (NL), Hoogte maaiveld in meters: 11.874, Precisie hoogte: 1 cm, Referentievlak hoogte: Normaal Amsterdams Peil, Bepalingsmethode maaiveldhoogte: GPS Plaats: Provincie: Gelderland, Gemeente: Epe, Opdrachtgever: Onze Bouwmeester, Uitvoerder: Synthegra B.V. 0 / 11.87 Laag algemeen: Bovengrens laag in cm: 0, Ondergrens laag in cm: 30, Aard ondergrens: abrupt (<0,3 cm), Boortype en diameter: Edelman-7 cm, Kleur: geel-grijs Lithologie: Grondsoort: zand, Bijmengsel: matig siltig, Mediaanklasse: matig fijn, Kalkgehalte: kalkrijk Bodem: Bodemkundige interpretatie: opgebrachte grond 30 / 11.57 Laag algemeen: Bovengrens laag in cm: 30, Aard bovengrens: abrupt (<0,3 cm), Ondergrens laag in cm: 40, Aard ondergrens: abrupt (<0,3 cm), Boortype en diameter: Edelman-7 cm, Kleur: licht-bruin-grijs Lithologie: Grondsoort: zand, Bijmengsel: matig siltig, Mediaanklasse: matig fijn, Kalkgehalte: kalkarm Bodem: Ijzer/mangaan: Fe-concreties, Bodemkundige interpretatie: opgebrachte grond Laag opmerking: Opmerking: Bij overgang naar A veel ijzer 40 / 11.47 Laag algemeen:
Bovengrens laag in cm: 40, Aard bovengrens: abrupt (<0,3 cm), Ondergrens laag in cm: 130, Aard ondergrens: geleidelijk (0,3-3 cm), Boortype en diameter: Edelman-7 cm, Kleur: zwart Lithologie: Grondsoort: zand, Bijmengsel: matig siltig, Bijmengsel humus: sterk humeus, Mediaanklasse: matig fijn, Kalkgehalte: kalkrijk Bodem: Bodemkundige interpretatie: esdek Archeologie: Puin onbepaald: veel fragmenten 130 / 10.57 Laag algemeen: Bovengrens laag in cm: 130, Aard bovengrens: geleidelijk (0,3-3 cm), Ondergrens laag in cm: 150, Aard ondergrens: geleidelijk (0,3-3 cm), Boortype en diameter: Edelman-7 cm, Kleur: bruin-geel Lithologie: Grondsoort: zand, Bijmengsel: matig siltig, Mediaanklasse: matig fijn, Kalkgehalte: kalkarm Bodem: Bodemhorizont: BC-horizont, Ijzer/mangaan: veel Fe-vlekken 150 / 10.37 Laag algemeen: Bovengrens laag in cm: 150, Aard bovengrens: geleidelijk (0,3-3 cm), Ondergrens laag in cm: 180, Aard ondergrens: geleidelijk (0,3-3 cm), Boortype en diameter: Edelman-7 cm, Kleur: oranje-geel Lithologie: Grondsoort: zand, Bijmengsel: matig siltig, Bijmengsel grind: matig grindig, Mediaanklasse: matig fijn, Kalkgehalte: kalkloos, Lithogenese: fluvioperiglaciale afzettingen, Lithostratigrafie: Fv Boxtel Bodem: Bodemhorizont: C-horizont Laag opmerking: Opmerking: IJzerhuidjes om zandkorrels 180 / 10.07 Laag algemeen: Bovengrens laag in cm: 180, Aard bovengrens: geleidelijk
(0,3-3 cm), Ondergrens laag in cm: 200, Boortype en diameter: Edelman-7 cm, Kleur: geel-wit Lithologie: Grondsoort: zand, Bijmengsel: matig siltig, Mediaanklasse: matig fijn, Kalkgehalte: kalkloos, Lithogenese: dekzand, Lithostratigrafie: Fv Boxtel Bodem: Bodemhorizont: C-horizont Einde boring 200 / 9.87
2 bron: S220042-b.geojson - 22-09-2022 17:01:46
Boring: S220042B_4 Kop algemeen: Projectcode: S220042B, Boornummer: 4, Beschrijver(s): TE, Datum: 12-09-2022, Doel boring: archeologie - verkenning, Einddiepte boring in cm: 200 Coördinaten: X-coördinaat in meters: 195696.227, Y-coördinaat in meters: 484449.851, Precisie coördinaat: 1 cm, Coördinaatsysteem / epsg: Rijksdriehoeksmeting (NL), Hoogte maaiveld in meters: 11.932, Precisie hoogte: 1 cm, Referentievlak hoogte: Normaal Amsterdams Peil, Bepalingsmethode maaiveldhoogte: GPS Plaats: Provincie: Gelderland, Gemeente: Epe, Opdrachtgever: Onze Bouwmeester, Uitvoerder: Synthegra B.V. 0 / 11.93 Laag algemeen: Bovengrens laag in cm: 0, Ondergrens laag in cm: 40, Aard ondergrens: abrupt (<0,3 cm), Boortype en diameter: Edelman-7 cm, Kleur: geel-grijs Lithologie: Grondsoort: zand, Bijmengsel: matig siltig, Mediaanklasse: matig fijn, Kalkgehalte: kalkrijk Bodem: Bodemkundige interpretatie: opgebrachte grond 40 / 11.53 Laag algemeen: Bovengrens laag in cm: 40, Aard bovengrens: abrupt (<0,3 cm), Ondergrens laag in cm: 120, Aard ondergrens: geleidelijk (0,3-3 cm), Boortype en diameter: Edelman-7 cm, Kleur: zwart Lithologie: Grondsoort: zand, Bijmengsel: matig siltig, Bijmengsel humus: sterk humeus, Mediaanklasse: matig fijn, Kalkgehalte: kalkrijk Bodem: Bodemkundige interpretatie: esdek Archeologie: Puin onbepaald: veel fragmenten 120 / 10.73 Laag algemeen: Bovengrens laag in cm:
120, Aard bovengrens: geleidelijk (0,3-3 cm), Ondergrens laag in cm: 130, Aard ondergrens: abrupt (<0,3 cm), Boortype en diameter: Edelman-7 cm, Kleur: bruin Lithologie: Grondsoort: zand, Bijmengsel: matig siltig, Mediaanklasse: matig fijn, Kalkgehalte: kalkarm Bodem: Bodemhorizont: BC-horizont, Ijzer/mangaan: veel Fe-vlekken 130 / 10.63 Laag algemeen: Bovengrens laag in cm: 130, Aard bovengrens: abrupt (<0,3 cm), Ondergrens laag in cm: 180, Aard ondergrens: geleidelijk (0,3-3 cm), Boortype en diameter: Edelman-7 cm, Kleur: oranje-geel Lithologie: Grondsoort: zand, Bijmengsel: matig siltig, Bijmengsel grind: matig grindig, Mediaanklasse: matig fijn, Kalkgehalte: kalkloos, Lithogenese: fluvioperiglaciale afzettingen, Lithostratigrafie: Fv Boxtel Bodem: Bodemhorizont: C-horizont, Ijzer/mangaan: veel Fe-vlekken Laag opmerking: Opmerking: IJzerhuidjes om zandkorrels 180 / 10.13 Laag algemeen: Bovengrens laag in cm: 180, Aard bovengrens: geleidelijk (0,3-3 cm), Ondergrens laag in cm: 200, Boortype en diameter: Edelman-7 cm, Kleur: geel-wit Lithologie: Grondsoort: zand, Bijmengsel: matig siltig, Mediaanklasse: matig fijn, Kalkgehalte: kalkloos, Lithogenese: dekzand, Lithostratigrafie: Fv Boxtel Bodem: Bodemhorizont: C-horizont Einde boring 200 / 9.93
3 bron: S220042-b.geojson - 22-09-2022 17:01:46
Boring: S220042B_5 Kop algemeen: Projectcode: S220042B, Boornummer: 5, Beschrijver(s): TE, Datum: 12-09-2022, Doel boring: archeologie - verkenning, Einddiepte boring in cm: 200 Coördinaten: X-coördinaat in meters: 195702.222, Y-coördinaat in meters: 484452.288, Precisie coördinaat: 1 cm, Coördinaatsysteem / epsg: Rijksdriehoeksmeting (NL), Hoogte maaiveld in meters: 11.952, Precisie hoogte: 1 cm, Referentievlak hoogte: Normaal Amsterdams Peil, Bepalingsmethode maaiveldhoogte: GPS Plaats: Provincie: Gelderland, Gemeente: Epe, Opdrachtgever: Onze Bouwmeester, Uitvoerder: Synthegra B.V. 0 / 11.95 Laag algemeen: Bovengrens laag in cm: 0, Ondergrens laag in cm: 60, Aard ondergrens: abrupt (<0,3 cm), Boortype en diameter: Edelman-7 cm, Kleur: geel-grijs Lithologie: Grondsoort: zand, Bijmengsel: matig siltig, Mediaanklasse: matig fijn, Kalkgehalte: kalkrijk Bodem: Bodemkundige interpretatie: opgebrachte grond 60 / 11.35 Laag algemeen: Bovengrens laag in cm: 60, Aard bovengrens: abrupt (<0,3 cm), Ondergrens laag in cm: 130, Aard ondergrens: geleidelijk (0,3-3 cm), Boortype en diameter: Edelman-7 cm, Kleur: zwart Lithologie: Grondsoort: zand, Bijmengsel: matig siltig, Bijmengsel humus: sterk humeus, Mediaanklasse: matig fijn, Kalkgehalte: kalkrijk Bodem: Bodemkundige interpretatie: esdek Archeologie: Puin onbepaald: veel fragmenten 130 / 10.65 Laag algemeen: Bovengrens laag in cm:
130, Aard bovengrens: geleidelijk (0,3-3 cm), Ondergrens laag in cm: 150, Aard ondergrens: geleidelijk (0,3-3 cm), Boortype en diameter: Edelman-7 cm, Kleur: bruin-geel Lithologie: Grondsoort: zand, Bijmengsel: matig siltig, Mediaanklasse: matig fijn, Kalkgehalte: kalkarm Bodem: Bodemhorizont: BC-horizont, Ijzer/mangaan: Fe-concreties 150 / 10.45 Laag algemeen: Bovengrens laag in cm: 150, Aard bovengrens: geleidelijk (0,3-3 cm), Ondergrens laag in cm: 190, Aard ondergrens: geleidelijk (0,3-3 cm), Boortype en diameter: Edelman-7 cm, Kleur: oranje-geel Lithologie: Grondsoort: zand, Bijmengsel: matig siltig, Bijmengsel grind: sterk grindig, Mediaanklasse: matig grof, Kalkgehalte: kalkloos, Lithogenese: fluvioperiglaciale afzettingen, Lithostratigrafie: Fv Boxtel Bodem: Bodemhorizont: C-horizont Laag opmerking: Opmerking: IJzerhuidjes om zandkorrels 190 / 10.05 Laag algemeen: Bovengrens laag in cm: 190, Aard bovengrens: geleidelijk (0,3-3 cm), Ondergrens laag in cm: 200, Boortype en diameter: Edelman-7 cm, Kleur: geel-wit Lithologie: Grondsoort: zand, Bijmengsel: matig siltig, Mediaanklasse: matig fijn, Kalkgehalte: kalkloos, Lithogenese: dekzand, Lithostratigrafie: Fv Boxtel Bodem: Bodemhorizont: C-horizont Einde boring 200 / 9.95
4 bron: S220042-b.geojson - 22-09-2022 17:01:46
Boring: S220042B_6 Kop algemeen: Projectcode: S220042B, Boornummer: 6, Beschrijver(s): TE, Datum: 12-09-2022, Doel boring: archeologie - verkenning, Einddiepte boring in cm: 200 Coördinaten: X-coördinaat in meters: 195711.172, Y-coördinaat in meters: 484452.451, Precisie coördinaat: 1 cm, Coördinaatsysteem / epsg: Rijksdriehoeksmeting (NL), Hoogte maaiveld in meters: 11.972, Precisie hoogte: 1 cm, Referentievlak hoogte: Normaal Amsterdams Peil, Bepalingsmethode maaiveldhoogte: GPS Plaats: Provincie: Gelderland, Gemeente: Epe, Opdrachtgever: Onze Bouwmeester, Uitvoerder: Synthegra B.V. 0 / 11.97 Laag algemeen: Bovengrens laag in cm: 0, Ondergrens laag in cm: 10, Aard ondergrens: abrupt (<0,3 cm), Boortype en diameter: Edelman-7 cm, Kleur: licht-grijs Lithologie: Grondsoort: zand, Bijmengsel: matig siltig, Mediaanklasse: matig fijn, Kalkgehalte: kalkrijk Bodem: Bodemkundige interpretatie: opgebrachte grond 10 / 11.87 Laag algemeen: Bovengrens laag in cm: 10, Aard bovengrens: abrupt (<0,3 cm), Ondergrens laag in cm: 130, Aard ondergrens: geleidelijk (0,3-3 cm), Boortype en diameter: Edelman-7 cm, Kleur: zwart Lithologie: Grondsoort: zand, Bijmengsel: matig siltig, Bijmengsel humus: sterk humeus, Mediaanklasse: matig fijn, Kalkgehalte: kalkrijk Bodem: Bodemkundige interpretatie: esdek Archeologie: Puin onbepaald: veel fragmenten 130 / 10.67 Laag algemeen: Bovengrens laag in cm:
130, Aard bovengrens: geleidelijk (0,3-3 cm), Ondergrens laag in cm: 150, Aard ondergrens: geleidelijk (0,3-3 cm), Boortype en diameter: Edelman-7 cm, Kleur: bruin-geel Lithologie: Grondsoort: zand, Bijmengsel: matig siltig, Mediaanklasse: matig fijn, Kalkgehalte: kalkarm Bodem: Bodemhorizont: BC-horizont, Ijzer/mangaan: Fe-concreties 150 / 10.47 Laag algemeen: Bovengrens laag in cm: 150, Aard bovengrens: geleidelijk (0,3-3 cm), Ondergrens laag in cm: 200, Boortype en diameter: Edelman-7 cm, Kleur: geel-wit Lithologie: Grondsoort: zand, Bijmengsel: matig siltig, Mediaanklasse: matig fijn, Kalkgehalte: kalkloos, Lithogenese: dekzand, Lithostratigrafie: Fv Boxtel Bodem: Bodemhorizont: C-horizont Einde boring 200 / 9.97
5 bron: S220042-b.geojson - 22-09-2022 17:01:46