819010 brief bijenconcurrentie gemeenten
Tekst van het document
Leiden, 1 mei 2023
Geacht bestuur / college, U heeft het vast eerder gehoord: het gaat niet goed met de wilde bijen in ons land en ook niet met zweefvliegen. Beide groepen zijn bloembezoekers en spelen een belangrijke rol in de bestuiving van onze planten. De achteruitgang wordt in eerste instantie veroorzaakt door de verminderde kwaliteit van natuur in onze natuurgebieden, bebouwde gebieden en landbouwgronden door vermesting, klimaatopwarming, verdroging en intensivering van het landgebruik. Als bloembezoekende insecten worden de wilde bijen en zweefvliegen specifiek getroffen door neonicotinoïden en de achteruitgang van bloemdichtheid in ons landschap. Helaas staat maar liefst 55 % van het aantal soorten wilde bijen
in ons land op de Rode Lijst!. Uit wetenschappelijk onderzoek? wordt meer en meer duidelijk dat onze wilde bijen ook last hebben van voedselconcurrentie met de honingbij. De honingbij is in ons land een door de mens gehouden, gedomesticeerde diersoort.
Anders dan de wilde bij, leeft de honingbij in volken met tienduizenden
werksters. Door het teruglopen van het aanbod aan bloemen in ons land, neemt de zorg rond de
voedselconcurrentie tussen wilde en gehouden bijen toe. Recent onderzoek? van EIS Kenniscentrum Insecten naar de effecten van honingbijkasten op heidevelden toont aan dat die zorgen terecht zijn. Het aantal geplaatste honingbijkasten is in de regel veel hoger dan de draagkracht van het heideveld. Natuurgebieden zijn er primair voor de natuur. Het plaatsen van honingbijkasten op heidevelden, is slechts dan aanvaardbaar wanneer het zeker s dat dat geen negatieve effecten op de natuur heeft (voorzorgsbeginsel). Imkerij op heidevelden in natuurgebieden zou daarom in veel gevallen fors terug gebracht moeten worden ten gunste van de wilde bestuivers. Ook binnen de bebouwde kom worden wilde bestuivers negatief beïnvloed door de aanwezigheid van honingbijen. Daarbij zijn wij ons natuurlijk wel bewust dat honingbijkasten ook een belangrijke educatieve functie kunnen hebben. Voor kinderen kan kennismaking met bijenkasten de belangstelling voor natuur vergroten. zeker niet onze bedoeling bijenkasten uit te willen bannen.
Het is
Een gemeente kan in de Algemene Plaatselijke Verordening nadere regels stellen aan het plaatsen van honingbijkasten. Wij geven u in overweging de Algemene Plaatselijke Verordening zodanig aan te passen, dat het plaatsen van honingbijkasten in clusters van meer dan tien niet langer toegestaan wordt. Met een dergelijke regel kunnen (semi-Jcommerciële ondernemers, die vaak van elders komen, geweerd worden, zonder dat het lokale kleine hobbyimkers treft. Op gronden in eigendom van de gemeente, kan de gemeente ook privaatrechtelijk maatregelen nemen, door het verlenen van toestemming aan imkers voor het plaatsen van honingbijkasten in aantal verder te beperken. Wellicht heeft u ook heidegebieden onder uw beheer. Om u te ondersteunen in het maken van goede afwegingen voor deze natuurgebieden
hebben wij een rekenmodule ontwikkeld die een indicatie
geeft van het aantal bijenkasten dat in een heide geplaatst kan worden zonder onoverkomelijke schade aan wilde bijen. Daarnaast is uiteraard een algemene stelregel dat het de voorkeur verdient bijenkasten alleen aan de randen van heidegebieden toe te laten. In de regel kan het maximale aantal kasten
al bereikt worden
met
uitsluitend
lokale imkers.
* https://www.bestuivers.nl/rodelijst ? https://www.bestuivers.nl/concurrentie 3 https://www.eisnederland.nl/DesktopModules/Bring2mind/DMX/AP|/Entries/Download?command=core_download&entryid=1 0028language=nl-NL&Portalid=48Tabld=563
Wij kunnen ons voorstellen, dat een ingewikkeld onderwerp als bijenconcurrentie vragen bij u op roept. Indien u daar prijs op stelt, geven betrokken medewerkers van EIS Kenniscentrum Insecten
(geanonimiseerd) e(geanonimiseerd) E zr22g een nadere toelichting op de problematiek en zij denken ook graag met u mee bij het vinden van oplossingen voor uw specifieke situatie.
Hoogachtend,
(geanonimise rd) (geanonimiseerd) EIS Kenniscentrum
Insecten