CConstaterende datEpe
Koppel je AI →
Document · PDF

20240627 Technische vragen en antwoorden jaarstukken 2023

Gemeenteraad 11 juli 2024, gemeente EpeBij agendapunt: Hamerstuk: Jaarstukken2.065 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Niet gevonden in dit document.

Technische vragen jaarstukken 2023 gemeente Epe

versie 26-06-2024

1

Fractie: Vraag heeft betrekking op: Blz. 68 opgroeien in Epe CDA Vraag: € 4.750.000 uit reserves onttrokken, hoe is dit besteed? (Blz. 9 Opgroeien in Epe, -240.000 verschil mbt begroting) Antwoord: Dit betreft een toevoeging aan de reserve huisvesting onderwijsvoorzieningen. Conform programmabegroting 2023 nieuw beleid. Dit wordt in de toekomst ingezet ten behoeve van het integraal huisvestingsplan (IHP). 2

Fractie: Vraag heeft betrekking op: Blz. 27 programma 11 bestuur en CDA organisatie Vraag: Het percentage begroot en werkelijk voor inhuur extern is ieder jaar weer een groot verschil, waarom blijven we dan zo begroten? Antwoord: In algemene zin zien we altijd dat het percentage externe inhuur hoger ligt dan in de begroting. De personele lasten worden jaarlijks in de begroting geraamd op basis van de personele formatie en niet op basis van de bezetting. In de begroting wordt in beperkte mate rekening gehouden met externe inhuur. Indien een vacature niet ingevuld wordt of niet ingevuld kan worden leidt dit tot financiële ruimte binnen de bestaande financiële middelen die beschikbaar zijn. Deze middelen kunnen dan worden ingezet ter dekking van externe inhuur. Hierdoor ontstaat het verschil tussen begrote percentages en de gerealiseerde percentages voor externe inhuur. Daarnaast is het moeilijk om te begroten voor incidentele opgaven waar de gemeente voor staat. Deze worden ook gedekt uit incidenteel geld. 3

Fractie: Vraag heeft betrekking op: Blz.32 onderaan en 33 lokale CDA heffingen Vraag: precariobelasting: aanslagen standplaatsen 2022 zijn eind 23 verzonden. Aanslagen terrasvergunningen nog niet verzonden. Ondernemers kunnen dus nog een aanslag verwachten voor deel 2022 en 2023, wordt dit geen onaangename verrassing? Wat voor bedragen praten we dan over? Antwoord: In Q3 2024 worden de terrassen opnieuw geïnventariseerd. Hierna kunnen ondernemers een aanslag voor precariobelasting verwachten. De ondernemers worden na de inventarisatie hierover geïnformeerd. Of de aanslagen voor deel 2022 en 2023 worden geïnd vraagt nog nadere besluitvorming. Het gaat momenteel om 11 terrassen met in totaal zo’n 617 m2, waarvan: 6 stuks < 40 m² 5 stuks > 40 m², waarbij 1 terras een oppervlakte heeft van 130 m² en 1 terras een oppervlakte van 160 m². Precariotarief in 2022: € 71,65 per m2, per jaar. Precariotarief in 2023: € 75,14 per m2, per jaar. Een inschatting van de totale aanslag per jaar betreft tussen de €40.000 - €50.000 op basis van de op dit moment bekende cijfers. Door de inventarisatie in Q3 2024 kunnen de daadwerkelijke cijfers afwijken van de inschatting. 4

Fractie: CDA

Vraag heeft betrekking op: Blz.38 risicokaart: onderhoud openbare ruimte, midden risico met grote kans. Blz. 108 Langlopende verplichtingen die niet uit balans blijken Vraag: Uitleg onderaan blz. 40. Moet er niet structureel meer geld naar Onderhoud Openbare ruimte? Door klimaatverandering en hogere prijzen aannemers stijgen de prijzen alleen maar en ook al is er besloten om op basis niveau te onderhouden, het moet er wel fatsoenlijk en aantrekkelijk blijven uitzien. Op verschillende plaatsen in Epe begint het er nu wel slordig uit te zien (ook de rotondes). Blz. 108 Langlopende verplichtingen die niet uit balans blijken: Vebego 4.407.000 euro doorlopend, hoe is de controle op het werk van Vebego? Is in dit bedrag van 4.407.000 euro alleen contract Vebego opgenomen of ook mogelijke claims van inwoners?

Antwoord: In het algemeen wordt en blijft de openbare ruimte onderhouden op kwaliteitsniveau Basis. Dat is binnen de overeenkomst de afspraak waar de aannemer zich aan moet houden. Een risico is klimaatverandering. Er kunnen zich calamiteiten voordoen, zoals een meer dan gemiddelde storm, regenval of droogte. Hierover zijn in de overeenkomst afspraken gemaakt. Schade door calamiteiten kunnen leiden tot eenmalige, hogere kosten. Hogere prijzen worden jaarlijks gecompenseerd door het toepassen van een prijsindex. Een andere nieuwe ontwikkeling is het toepassen van meer biodiversiteit in de openbare ruimte. Meestal kan dit worden uitgevoerd binnen het bestaande budget. Soms moeten er afspraken worden gemaakt, die leiden tot meerkosten. Meer natuur geeft ook een ander beeld. In sommige situaties wordt dit door sommige inwoners ervaren als een slordiger beeld. De overeenkomst voor het beheer van de openbare ruimte in Epe is op basis van een UAVgc contract. Dat betekent dat de aannemer aan moet tonen dat hij het werk volgens de overeenkomst uitvoert. Er wordt een maandelijkse schouw uitgevoerd, in het beheerregistratiesysteem worden werkzaamheden en resultaten vastgelegd en er zijn meldingen van inwoners. De gemeentelijke toezichthouders beoordelen situaties in de praktijk.

Op de diverse onderdelen in de openbare ruimte, zoals bomen, groen, speelplaatsen, verhardingen, bermen, watergangen, bossen, begraafplaatsen vindt maandelijks operationeel overleg plaats met de aannemer, waarin de resultaten van de afgelopen maand en de planning voor de volgende maand worden besproken. 5

Fractie: Vraag heeft betrekking op: Blz. 44 onderhoud kapitaalgoederen CDA 3.3.1 wegen Vraag: er wordt een uitvoeringsplan wegen opgesteld. Wanneer gaat dit gebeuren en wat kunnen we hiervan verwachten? Op verschillende plekken zijn de wegen best slecht. Wordt in dit uitvoeringsplan ook het onderhoud van de zandwegen meegenomen? Hier zou een onderzoek lopen naar de beste wijze van onderhoud. Antwoord: Op basis van de jaarlijkse weginspectie maken wij een onderhoudsplan. Wij toetsen deze weginspectie aan de hand van het door de raad besloten beeldkwaliteitsniveau laag. De instandhoudingsverplichting van de onverharde wegen is ondergebracht in het contract met de onderhoudsaannemer Vebego. Er worden geen financiële middelen uit het wegbeheer gebruikt voor het onderhoud aan de onverharde wegen. Voor wat betreft een onderhoudsplan zal de raad in Q3 worden geïnformeerd. 6

Fractie: Vraag heeft betrekking op: Blz. 52 5.3.5 Financiën. CDA Vraag: Gewaagd doel van 86% van de facturen gedurende 8 maanden op of voor vervaldatum betaald. Het lijkt echter niet meer dan normaal om hier naar 95 % te streven. Zo scoren we niet best op betrouwbaarheid. Wat is de reden om niet naar meer te streven en ook 12 maanden per jaar? Antwoord: Wij streven ernaar om facturen zo spoedig mogelijk te betalen. Soms is er vertraging onder meer doorat er aanvullende informatie nodig is. Het streven is een zo hoog mogelijk percentage in combinatie met juiste en volledige facturen die voldoen aan de voorwaarden die wij stellen gericht op rechtmatigheid. 7

Fractie: CDA

Vraag heeft betrekking op: Blz. 79 bestuur en organisatie

Vraag: verlenging van de huidige wachtgeldvoorziening tot aan de pensioendatum. Omvang geschat op 500.000. Op blz. 86 lezen we dat dit in relatie tot arbeidsongeschiktheid staat van oudwethouder. Hoe werkt deze regeling, geldt dit voor elke wethouder, er zijn ook heel jonge wethouders. Zijn hier verzekeringen voor, gelet op de soms jonge leeftijd van wethouders? Antwoord: Dit geldt voor elke wethouder. Hier zijn wel verzekeringen voor. De hoogte van de voortgezette uitkering is afhankelijk van de mate van arbeidsongeschiktheid, de duur is afhankelijk van de leeftijd van de betrokkene. Indien een wethouder jonger is dan 33 jaar heeft de wethouder geen recht op de voortgezette uitkering. Er zijn verschillende gradaties die te vinden zijn in artikel 133b van de Algemene pensioen- en uitkeringswet politieke ambtsdragers:

Bron: https://wetten.overheid.nl/BWBR0002691/2023-07-01#AfdelingVijfde 8

Fractie: Vraag heeft betrekking op: Blz.86 incidentele lasten CDA programma 10 Vraag: trajectbegeleider werkervaringsplekken 108.000, wat is hiervoor gebeurd? Is dit een raadsbesluit geweest? Is dit 1 kracht die zo duur is? Antwoord: In 2020 en 2021 is 300.000 beschikbaar gesteld door de raad voor pilots en projecten om de uitstroom uit de uitkering te bevorderen. Dit is o.a. ingezet voor een trajectbegeleider voor werkervaringsplekken. In 2022 en 2023 is deze inzet van de trajectbegeleider incidenteel opgenomen in de begroting. In het eerste kwartaal 2024 zijn de werkervaringsplekken geëvalueerd. Uit de evaluatie blijkt dat de werkervaringsplekken succesvol zijn; inwoners met een uitkering worden geactiveerd, werken aan persoonlijke leerdoelen en kunnen vervolgens doorstromen uit uitstromen naar (on)betaald werk. De kosten van de werkervaringsplekken worden opgeheven doordat het aantal uitkeringen afneemt. Ingaande 2024 is dit structureel opgenomen in de begroting en wordt de trajectbegeleider bekostigd door de verlaging van uitkeringen BUIG. 9

Fractie: Vraag heeft betrekking op: Blz. 109 94030 asbestsanering CDA scholen Vraag: geen onttrekking, wel toevoeging. Zijn er scholen in zicht met asbest, is hier geen enkel risico voor de gezondheid? Waarom anders wachten? Aanvulling vanuit het vragenuurtje: zijn er écht geen scholen meer met asbest? Antwoord: In 2012 is er onderzoek gedaan naar asbest in de verblijfsruimtes van alle scholen. In de meeste gevallen heeft sanering plaatsgevonden. Asbestsanering kan, afhankelijk van de locatie in het pand, een ingrijpende operatie zijn. Als er geen risico’s zijn mag een schoolbestuur besluiten dit uit te stellen tot een logisch moment. Bijvoorbeeld als er in de buurt van het asbest gewerkt wordt aan een installatie (ihkv SUVIS), of voorafgaand aan een renovatie. Voor de RSG heeft de sanering enkele weken geleden plaatsgevonden en ook bij de Gildeschool en De Sprenge Vaassen zal dit jaar asbest verwijderd worden. Aangezien het onderzoek uit 2012 zich gericht heeft op de verblijfsruimtes, wordt bij de business case bij renovatie uitgegaan van een stelpost asbest. Op het moment van renovatie wordt nogmaals een grondig onderzoek gedaan naar (verborgen) asbest. Het is niet met zekerheid te zeggen dat alle asbest in beeld is. 10

Fractie:

Vraag heeft betrekking op: blz. 63 7.3.1. Voortgang van de exploitaties Vraag: Wat zijn op dit moment de grondposities van de gemeente Epe? Antwoord: Van de in 7.3.1 genoemde exploitaties, is de gemeente alleen eigenaar van de gronden in de drie genoemde aankomende exploitaties. Bij de woningbouwlocaties Kerkenland en Zuukerenk heeft de gemeente nog wel enkele percelen grond in eigendom. Deze zullen aan de ontwikkelaars worden

verkocht, net zoals de percelen grond bij de Griseeweg, die inmiddels aan de ontwikkelaar zijn verkocht. Daarnaast heeft de gemeente nog enkele locaties in eigendom, bijvoorbeeld in het gebied 't Hoge Land, waar niet direct woningbouwplannen zijn. Ook worden enkele percelen benut voor het plaatsen van units voor statushouders, zoals de Apeldoornseweg in Vaassen. 11

Fractie: Vraag heeft betrekking op: blz. 41 solvabiliteitsratio D66 Vraag: Ligt de solvabiliteitsratio in lijn met de ratio van andere gemeenten? Antwoord: De solvabiliteitsratio van de gemeente Heerde is 32% (jaarrekening 2023). De solvabiliteitsratio van de gemeente Nunspeet is 54,6% (jaarrekening 2023). De solvabiliteitsratio van de gemeente Oldebroek is 40% (jaarrekening 2023). De solvabiliteitsratio van de gemeente Apeldoorn is 33,35% (jaarrekening 2023). De solvabiliteitsratio van de gemeente Epe ligt met 74% dus ver boven het gemiddelde van omliggende gemeenten. 12 Fractie: Vraag heeft betrekking op: blz. 46 3.3.6 gebouwen Vraag: Per jaar wordt minimaal 50% van de MJOP’s van de gebouwen geactualiseerd. Gebeurd dat echt voor alle gebouwen die de gemeente Epe bezit? Antwoord: Per jaar wordt 50% van alle gemeentelijke panden die we zelf beheren, het MJOP geactualiseerd. 13

Fractie: Vraag heeft betrekking op: blz. 105 stand algemene reserve SGP-CU Vraag: Is het weerstandsvermogen van de gemeente hoog genoeg in relatie tot de gewenste ratio van 2,0? Antwoord: De stand van de algemene reserve op 31 december 2023 bedraagt €3,3 miljoen. Het uitgangspunt is dat het overgrote deel van de financiële gevolgen (eenmalig) opgevangen kunnen worden in de algemene reserve waarvan de hoogte is vastgesteld op minimaal € 2,5 mln. Op pagina 41 wordt de stand van de algemene reserve in relatie tot de risico’s toegelicht. Dit laat zien dat de gemeente Epe voldoende algemene reserve bezit om risico’s op te kunnen vangen. Ons ratio van 5,1 is aanzienlijk hoger en wordt als uitstekend beoordeeld. 14 Fractie: Vraag heeft betrekking op: blz. 57 basispakket, pluspakket en D66 pluspluspakket Vraag: Klopt het dat de gemeente Epe geen pluspluspakket bij een verbonden partij heeft? Antwoord: Dit klopt. Op basis van de in de nota verbonden partijen 2023 opgenomen risico analysemodellen wordt per partij bezien hoeveel bestuurlijk (inhoudelijk) en financieel belang er is en hoeveel risico er wordt gelopen. Op basis van beide analyses wordt tweemaal per jaar het risicoprofiel bepaald. 15

Fractie:

Vraag heeft betrekking op: blz. 27 toegestane formatie en bezetting Vraag: De daadwerkelijke bezetting is hoger dan de toegestane formatie. Zorgt niet dit voor een structureel tekort? Antwoord: De toegestane formatie betreft de begrote formatie van het ambtelijk apparaat op peildatum 1 januari. De toegestane formatie betreft de begrote formatie en is een indicator met informatie van de gemeente. De reden dat de daadwerkelijke bezetting hoger ligt dan de toegestane (begrote) formatie komt doordat er ook formatie incidenteel wordt aangetrokken voor incidentele opgaven.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14333847/2