CConstaterende datEnkhuizen
Koppel je AI →
Document · PDF

Verslag raadsvergadering 26 januari 2021

gemeenteraad 26 januari 2021, gemeente Enkhuizen9.704 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

RAADSNOTULEN

Enkhuizen, januari 2021

Zakelijk verslag van het verhandelde in de openbare vergadering van de gemeenteraad van Enkhuizen, de dato dinsdag 26 januari 2021, aanvang 20.00 uur, online Voorzitter: Griffier: Aanwezig 17 leden, namelijk:

de heer E. van Zuijlen (burgemeester) de heer J.J. den Hollander de dames: J.A. Aukes (Nieuw Enkhuizen), M.G. Buit (Democraten 66), M. Keesman (Socialistische Partij), G. Nauta (Socialistische Partij), I. Stemmler (Socialistische Partij) de heren: B. Ermiş (Socialistische Partij) L. Venneman (Christen Democratisch Appèl) G.G.F. van Galen (Christen-Democratisch Appèl), A. Hotting (ChristenUnie/SGP), F.C. Jans (Het Enkhuizer Alternatief) E.C. van Marle (Democraten 66) J. Raven (Enkhuizen Lokaal) M. de Jong (Enkhuizen Vooruit) A. Mazloumian (Partij van de Arbeid) J. Sandstra (Partij van de Arbeid). R. van Reijswoud (Volkspartij voor Vrijheid en Democratie), D. Stomp (Volkspartij voor Vrijheid en Democratie),

Tevens zijn aanwezig de wethouders mevrouw E. Heutink, de heren D. Luyckx en E. Struijlaart. Afwezig met kennisname:

de heer: J.H. van der Werf (Christen-Democratisch Appèl).

De heer E. Wendt (Notuleerservice Nederland) werkt de geluidsopname uit tot een verslag.

1

Gemeenteraad van Enkhuizen 26 januari 2021

2

Agenda Voorstel Bladzijde 1.

Opening

3

2.

Bepaling volgorde bij stemming

3

3.

Definitieve vaststelling agenda

3

4.

Spreekrecht burgers

3

5.

Gelegenheid tot het stellen van vragen

3

6.

Mededelingen

5

7.

Installatie nieuw raadslid

5

8.

Aanpassing van de P&C-cyclus, voorstel tot integratie van de voorjaarsnota in de Kadernota (akkoordstuk)

5

9.

Parkeer- en verkeersontwikkelplan

5

10.

Pré-raad – Peilnotitie Cultuurnota

12

11.

Pré-raad – Peilnotitie houtrook stookoverlast

14

12.

Budget Woonakkoord

15

13.

Digitaliseren archief

18

14.

Raadsvoorstel geheimhouding krediet IKC

-

15.

Moties vreemd aan de orde van de dag

-

16.

Besloten deel van de vergadering: Raadsvoorstel krediet IKC GEHEIM

-

17.

Sluiting

18

Gemeenteraad van Enkhuizen 26 januari 2021

1.

3

Opening

De voorzitter opent de digitale vergadering. Er is een afmelding van de heer Van der Werf wegens ziekteverlof. Vanwege diens langdurige afwezigheid wordt later in deze vergadering een tijdelijke vervanger geïnstalleerd, de heer Venneman. 2.

Bepaling volgorde bij stemming

Bij loting wordt de heer Van Marle aangewezen als lid dat het eerst aan de beurt is indien er hoofdelijk wordt gestemd. 3.

Definitieve vaststelling agenda

De heer Stomp stelt voor om de stand van zaken met betrekking tot coronarellen te bespreken. De voorzitter houdt er gezien de lengte van de agenda en het gewicht van de agenda op voorhand rekening mee dat een tweede avond nodig is. Voor het genoemde onderwerp wordt evenwel tijd ingeruimd. Mevrouw Keesman stelt voor agendapunt 16 van de agenda te halen en behandeling in commissie en raad op te schuiven naar februari omdat dit te belangrijk is om zonder voorafgaande commissiebehandeling te bespreken. Op dit moment zou dan moeten worden besloten over al dan niet geheimhouding. De voorzitter geeft aan dat hiervoor een raadsmeerderheid is vereist. De heer Stomp geeft aan dat geheimhouding betekent dat alleen de raadsleden van de inhoud op de hoogte mogen zijn. Gevolg daarvan is dat behandeling in de commissie niet mogelijk is en voorheen ook niet mogelijk was. De voorzitter stelt voor de vraag over eventuele geheimhouding later in deze vergadering aan de orde te stellen. Aan de hand van de uitkomst wordt bepaald hoe de behandeling plaatsvindt. 4.

Spreekrecht burgers

De voorzitter geeft aan dat zich hiervoor niemand heeft gemeld. 5.

Gelegenheid tot het stellen van vragen

Mevrouw Keesman verwijst naar vragen die haar fractie begin deze maand heeft gesteld in de commissie BOFS over de vergunningverlening aan de geitenhouderij. Dat is niet goed gegaan. In de raadsbrief zou antwoord worden gegeven op de vragen. Dit blijkt niet voor alle vragen te zijn gebeurd. Om die reden stelt zij ze hier opnieuw: - Waarom is de vergunning verleend? Had de wethouder ook kunnen besluiten de vergunning niet te verlenen? - Begin november vroeg mevrouw Keesman hoe met de geitenhouderij stond, mede in relatie tot de volksgezondheid en met de uitspraak van de Rechtbank Midden-Nederland. Hierop antwoordde de wethouder dat er juridische procedures en voorlopige voorzieningen lopen. Het was op dat moment aan de gemeente een besluit te nemen, wat nog wel even zou duren. Ingaan op de rechtszaak werd als te ingewikkeld beschouwd. Inmiddels is duidelijk dat de Raad van State begin oktober de gemeente heeft verplicht tot het nemen van een besluit. Dit roept de vraag op waarom de wethouder dat toen niet heeft geantwoord. In de motie die SP, D66, Enkhuizen Vooruit, Enkhuizen Lokaal en de PvdA in december 2018 indienden werd het college door een grote raadsmeerderheid met klem verzocht de gezondheidsrisico’s van geitenhouderijen mee te nemen in de vergunningverlening. Waarom is niet uitgegaan van het voorzorgsbeginsel? Op 22 december is besloten de vergunning te verlenen.

Op 2 oktober heeft het RIVM een rapport

Gemeenteraad van Enkhuizen 26 januari 2021

4

uitgebracht. Op 27 oktober is een nieuwe GGD-richtlijn uitgevaardigd. In november 2019 is een handreiking van de VNG verschenen die beschrijft dat de gemeente een onderzoeksplicht heeft als een activiteit een risico vormt voor de omwonenden van de veehouderij. De vraag is wat heeft de wethouder heeft gedaan en waar de rapportage hiervan is te vinden. Welke langdurige longklachten de coronapandemie gaat opleveren, is nog niet bekend. Dat corona en longen onlosmakelijk zijn verbonden, is zeker. De vraag is waarom bij het verlenen van de vergunning het gezondheidsaspect geen reden tot weigering is geweest. Zeker omdat de motie van december 2018 hiertoe oproept. In november 2018 is ingesproken door een inwoner die in reactie op de aangevraagde omgevingsvergunning om gezondheidsredenen vraagt niet over te gaan tot afgifte. De wethouder antwoordt dat de boodschap duidelijk is en dat bij de in behandeling zijnde vergunningaanvraag alle randvoorwaarden worden meegenomen. De fractie hoort graag hoe de wethouder het aspect gezondheidszorg heeft meegenomen en waarom de raad in december niet is geïnformeerd over het voorgenomen besluit. Er was voldoende reden de vergunning niet te verlenen. De voorzitter wijst erop dat mondelinge vragen in de raad een informerend karakter hebben en vraagt de raad en de wethouder hier in hun reacties en beantwoording rekening mee te houden.

Wethouder Struijlaart geeft aan dat bij zijn beantwoording de uitspraak van de voorzieningenrechter nog niet bekend was. Op 6 november 2018 heeft de Omgevingsdienst besloten tot een vormvrije MERbeoordeling. Tegen dat besluit staat geen bezwaar open. In januari 2019 heeft de Omgevingsdienst op basis van het besluit positief geadviseerd op de aanvraag OBM (Omgevingsvergunning Beperkte Milieutoets). Er was volgens de Omgevingsdienst geen juridische grond om de OBM te weigeren. De OBM is verleend op basis van de aanvrage en de daarbij behorende documenten, zonder toetsing aan het bestemmingsplan. Het college heeft geoordeeld of er redenen waren de OBM te weigeren, in het belang van aanvrager of omwonenden. De recente GGD-richtlijn Medische Milieukunde van het RIVM adviseert om geitenhouderijen niet binnen twee kilometer van scholen, woningen en andere gevoelige bestemmingen te plaatsen. Deze richtlijn was ten tijde van de aanvraag en het besluit vormvrije MER niet beschikbaar. De aanvraag OBM kon vanuit juridisch oogpunt niet worden geweigerd. De wettelijke weigeringsgronden zijn beperkt. Voor het houden van geiten wordt volgens het Besluit Omgevingsrecht (Art. 5.13b, lid 1) de OBM alleen geweigerd indien het bevoegd gezag een MER eist. Dat was niet het geval. Wel heeft het college letterlijk alle rechtsmiddelen benut om nog geen besluit te hoeven nemen op de aanvraag OBM.

Het nog lopende hoger beroep tegen het buiten behandeling stellen van de OBM wegens vermeende strijdigheid met het bestemmingsplan werd nog afgewacht. Op grond van de uitspraak van de voorzieningenrechter d.d. 7 oktober kon het hoger beroep niet worden afgewacht. Er werd geen mogelijkheid gezien om alsnog een MER te eisen. Het is onhandig geweest van het college om niet direct de raadsbrief te versturen. Dat is reeds aangegeven. Aan de hand van de bezwaren zou nu nog kunnen worden bekeken wat verder speelt, zoals de jurisprudentie inzake stikstof. De bestuursrechter heeft in juli 2020 bepaald dat het college alsnog moest besluiten op de aanvraag van 2018. Tegen de verleende OBM staat nu bezwaar open. Tot op heden zijn zestig bezwaarschriften ontvangen. Als op basis van de bezwaren de OBM alsnog wordt geweigerd, op grond van inzichten die na december 2018 zijn gewijzigd, dan bestaat mogelijk het recht op schadevergoeding voor de aanvrager. Mogelijk neemt de Raad van State de nu binnenkomende bezwaarschriften mee in het reeds lopende hoger beroep. Het college stemt dit af met de Raad van State en houdt de gemeenteraad op de hoogte. De juristen die het college bijstaan, zowel van binnen de gemeentelijke organisatie als extern, geven aan dat de vergunning niet kan worden geweigerd. Mevrouw Keesman leest in de OBM dat de gemeente toetst of de activiteit past in de lokale situatie.

Het verhaal van de wethouder verklaart niet waarom de jurisprudentie in den lande verschilt. Elders was het gezondheidsaspect bepalend om besluitvorming aan te houden in afwachting van beheersmaatregelen. Ook het niet informeren door de wethouder past niet bij een onderwerp dat alle inwoners aangaat en is volgens de SP kwalijk. Wethouder Struijlaart erkent dat dit laatste niet de schoonheidsprijs verdient. Het besluit is gedelegeerd aan de Omgevingsdienst. Het onderwerp is zeer complex. Ook het college vindt het zorgelijk als

Gemeenteraad van Enkhuizen 26 januari 2021

5

gezondheidsaspecten aan de orde zijn, zoals al is aangegeven. De externe jurist heeft toegezegd de raad donderdag 28-1 de raad een uur lang te willen informeren over de juridische kant van de zaak. De voorzitter geeft aan dat de raadsleden via de griffier kunnen laten weten of zij hieraan behoefte hebben. Indien gewenst, organiseert die dat. 6.

Mededelingen

Er zijn geen mededelingen.

7.

Installatie nieuw raadslid

De voorzitter zet uiteen dat de heer Van der Werf gedurende zestien weken afwezig is. De heer L. Venneman is door de PvdA voorgedragen als tijdelijk opvolger. De heer Hotting, voorzitter van de commissie tot onderzoek van de geloofsbrieven (de heren Hotting, Jans en Mazloumian) deelt mede dat de geloofsbrieven voldoen aan de eisen van de Kieswet en Gemeentewet. De commissie adviseert de heer Venneman toe te laten als lid van de gemeenteraad van Enkhuizen. De heer Venneman legt de ambtseed af en wordt toegelaten als waarnemend raadslid. Het is voor hem een terugkeer in dit gremium. 8.

Aanpassing van de P&C-cyclus, voorstel tot integratie van de voorjaarsnota in de Kadernota (akkoordstuk)

Het voorstel wordt met algemene stemmen aangenomen. 9.

Parkeer- en verkeersontwikkelplan

De voorzitter zet het voorstel uiteen en maakt melding van twee vooraf ingediende amendementen. Amendement A (Jans – Nauta): Het college te verzoeken om deelvoorstellen op te stellen van de maatregelen ‘reguleren verkeersbewegingen’ zoals benoemd in het raadsvoorstel en het parkeer- en verkeersontwikkelplan. te wijzigen in: 1. De uitgangspunten uit het Parkeer- en verkeersontwikkelplan inclusief bijlage als leidraad te gebruiken voor de verdere uitwerking; 2. Het college te verzoeken om deelvoorstellen op te stellen van de maatregelen ‘reguleren verkeersbewegingen’ zoals benoemd in het raadsvoorstel en het parkeer- en verkeersontwikkelplan en deze raadsvoorstellen voor te bespreken in de raadscommissie alvorens de inspraakprocedure te starten. Toelichting: Er wordt voor gekozen uitgangspunten te bespreken, om te voorkomen dat het parkeer- en verkeersontwikkelplan als regelgeving wordt gehanteerd. Ook willen indieners in een eerder stadium worden meegenomen bij de deelvoorstellen. De regie moet bij de raad blijven. Amendement B (Nauta – Jans): Het college te verzoeken een haalbaarheidsonderzoek uit te voeren voor de uitbreiding van parkeerareaal aan de buitenranden van de binnenstad en hiervoor een krediet van € 80.000,- beschikbaar te stellen en deze te dekken uit de reserve stadsuitleg. te wijzigen in: 2.

Het college te verzoeken om de invoering van betaald parkeren in de binnenstad volgens

Gemeenteraad van Enkhuizen 26 januari 2021

6

de uitgangspunten van het parkeer- en verkeersontwikkelplan te onderzoeken op verkeerskundige effecten, op economische effecten en op sociale effecten; hiervoor een onderzoekkrediet van € 40.000,- beschikbaar te stellen en dit krediet te dekken uit de reserve stadsuitleg. 3. Het college te verzoeken een haalbaarheidsonderzoek uit te voeren voor de uitbreiding van het parkeerareaal in de binnenstad en aan de buitenranden van de binnenstad; hiervoor een onderzoekkrediet beschikbaar te stellen van € 40.000,- en dit krediet te dekken uit de reserve stadsuitleg. Eerdere onderzoeksrapporten moeten hierbij worden betrokken. Toelichting: Dit plan heeft impact op alle bewoners en bezoekers van de stad. De uitvoering ervan heeft vele besluiten tot gevolg die iedereen aangaan. Dit amendement beoogt de vele gevolgen van dit voorstel eerst in kaart te brengen om tijdig de kaders te kunnen aangeven en op de hoogte te zijn van de financiële consequenties. Voorafgaand aan een besluit tot invoering van betaald parkeren moet eerst gedegen onderzoek plaatsvinden, waarin nut en noodzaak worden aangetoond en waarbij verschillende factoren worden meegenomen. Daaronder vallen verkeerskundige effecten op de korte en langere termijn, maar ook effecten op de economie van de stad en de sociale aspecten die invoering van betaald parkeren zal beïnvloeden.

De noodzaak van het aanpakken van de parkeerproblemen speelt al meer dan tien jaar. Er zijn in de afgelopen jaren al een aantal onderzoeken uitgevoerd naar de oplossingsmogelijkheden van ervaren parkeerproblematiek. Deze onderzoeken dienen in een nieuw en finaal onderzoek naar de mogelijkheden tot uitbreiding van het parkeerareaal te worden meegenomen. Hierdoor kan het krediet naar beneden worden bijgesteld. Reactie college in eerste termijn: Wethouder Struijlaart schetst dat het besluit over betaald parkeren en het realiseren van parkeerplaatsen aan de stadsranden van groot belang is. Minder verkeer betekent meer veiligheid voor fietsers en wandelaars. Minder drukte betekent meer beleving van de historie. Betaald parkeren zorgt ervoor dat groepen die niet specifiek in de binnenstad hoeven te zijn er ook niet komen. Op de vragen in de amendementen is het college deels al ingegaan. Het besluit in twee stappen wordt bewust op die manier voorgesteld. Allereerst ligt de vraag over al dan niet betaald parkeren voor. Vervolgstappen volgen later. In de afgelopen anderhalf jaar zijn wel twintig avonden gehouden en is gesproken met bewoners, winkeliers, horeca, toerisme, deskundigen, ambtenaren en binnen het college. Een besluit is nodig. Tijdens een van de terugkoppelavonden gaf een bewoner al stevig aan dat al dertig jaar over oplossingen wordt nagedacht.

De opdracht uit het Raadsbrede Akkoord – kom met een goed plan - is door het college opgepakt. De raad is vanaf het begin betrokken. Het voorliggende plan wordt beter als gezamenlijk wordt gekeken naar de deeloplossingen. Betaald parkeren is de enige oplossing om verkeer en parkeren te reguleren en een manier om structureel geld te genereren om de structurele lasten van parkeerplaatsen aan de randen van de stad te betalen. Het besluit is aan de raad. Amendement A: in het wijzigingsvoorstel bij punt 1 kan het college zich vinden. Het plan is niet compleet omdat het zich moet gaan vullen met wat raad en college met elkaar gaan afspreken. Het tweede deel van A is ook mogelijk. De vraag is of de raad wil dat het college eerst het voorstel in de raad brengt en daarna naar de inwoners toe gaat of dat de raad een hybride vorm voorstaat. Amendement B beschouwt de wethouder als ‘ingewikkeld’. De SP is (nog) geen voorstander van betaald parkeren. De heer De Jong geeft (bij interruptie) aan dat het amendement niet alleen door de SP maar door vier partijen is ondertekend. Wethouder Struijlaart vervolgt en merkt op dat indieners Nauta, Jans, De Jong en Raven tegen betaald parkeren zijn. Het niet uitvoeren van betaald parkeren betekent concreet dat punt 3 – uitvoering haalbaarheidsonderzoek naar uitbreiding parkeerareaal – zinloos is. Daarmee kan het punt beter worden geschrapt.

Pas als over betaald parkeren wordt besloten, zou tot een onderzoek kunnen worden

Gemeenteraad van Enkhuizen 26 januari 2021

7

overgegaan. Zonder betaald parkeren heeft de gemeente geen geld voor structurele parkeergelegenheid aan de stadsranden. Dat de bedragen voor de onderzoeken ruim gehalveerd zijn, bevreemdt het college. Een onderzoek naar de parkeerdruk alleen al vergt de door de indieners als totaal genoemde € 40.000. Dat het college zo omzichtig mogelijk met haar middelen moet omspringen, is duidelijk en begrijpelijk. Op dit specifieke punt wordt evenwel een onderbouwing gevraagd. Als de raad niet kiest voor betaald parkeren, moeten college en raad opnieuw om de tafel over hoe zij verder kunnen op parkeren in de binnenstad en verkeersstromen. Eerste termijn raad De heer Venneman geeft aan dat de gemeenteraad zich eind 2016, net voordat spreker de gemeenteraad de vorige keer verliet, juist had uitgesproken tégen de invoering van betaald parkeren. Dit gebeurde op basis van uitgebreid onderzoek door een verkeerskundig bureau. Vier jaar later ligt er nu opnieuw een voorstel waarin betaald parkeren wordt voorgesteld. Dit wordt gevraagd zonder dat de raad inzicht heeft gekregen over het totaalplaatje. Vragen in de commissie over kosten en baten zijn niet beantwoord omdat volgens het college aanvullend onderzoek nodig was.

Dat de raad desondanks wordt gevraagd om definitieve instemming met de invoering van betaald parkeren, voelt als de aankoop van een huis waarvan de grootte of de materiaalkeuze niet bekend zijn. De nu voorliggende plannen zijn volgens de portefeuillehouder grotendeels overeenkomstig met die van vier jaar geleden. Dat roept de vraag op wat er is veranderd: waarom zou de raad nu wel moeten instemmen met een plan dat vier jaar geleden werd afgekeurd? Het argument dat zonder instemming niets kan worden gedaan aan de stadsranden, ziet het CDA als te gemakkelijk. Voor de ingediende amendementen bestaat waardering. Net als indieners is het CDA ook tegen betaald parkeren, zoals de fractie altijd al was. De amendementen vragen evenwel om het opknippen. Dat is een exercitie die vier jaar geleden al werd uitgevoerd. Toen is na rijp beraad besloten niet voor deze aanpak te kiezen. Het is niet onaannemelijk dat de uitkomst nu vergelijkbaar zal zijn. Daarom steunt de fractie de amendementen niet. De gemeentelijke capaciteit kan beter elders worden ingezet. Een herzien parkeervergunningenstelsel dient aan te sluiten bij een bij Enkhuizen passende parkeerbehoefte en parkeerintensiteit.

Het raadsvoorstel om geen nieuwe parkeervergunningen af te geven bij bijvoorbeeld de bouw van nieuwe huizen steunt het CDA niet: mensen willen in een niet al te centraal gelegen stad als deze graag in de buurt van hun huis parkeren. Als die parkeerruimte er daadwerkelijk niet is, kan worden gewerkt met een wachtlijst. Dit gebeurt in de grote steden ook. De parkeertijd met de blauwe schijf kan worden ingekort om de doorstroming in het centrum te bevorderen. Vanwege de herziening van de parkeervergunningen is de verstrekking van vergunningen stopgezet. Sommige inwoners wachten al driekwart jaar. Dit moet weer op gang komen. Degenen die het langst wachten, dienen als eerste aan bod te komen. De heer Stomp beschouwt een parkeeroplossing niet als doel, maar als middel om de verkeersdoelstellingen van de stad te managen. Dat was het uitgangspunt van dat plan. Doordat het niet Verkeersplan maar Verkeers- en Parkeerplan heet, krijgt parkeren te veel de nadruk als afzonderlijk onderwerp. Net als de heer Venneman kan ook de heer Stomp ver terugkijken: in de zestien jaar waarin hij met tussenpozen in de raad zat, ging het altijd over parkeren. Niet over parkeren als onderdeel van een verkeersplan, maar over betaald parkeren an sich. In 2016 heeft de VVD ook om die reden tegengestemd. Altijd was betaald parkeren een kostendrager voor voorzieningen die moesten worden getroffen.

Met al die voorstellen in het achterhoofd kan men eigenlijk niet tegen betaald parkeren zijn. Omdat het onderwerp nu onderdeel is van het vraagstuk wat Enkhuizen wil met het verkeer in de stad zou de fractie niet willen tegenstemmen. Amendement A heeft uitgangspunten waarin de VVD zich kan vinden. Voorbespreking in de raad met inwoners en andere betrokkenen is begrijpelijk, maar de vraag is hoe dat dan werkt. Niet ondenkbaar is dat hun inbreng op een reeds goedgekeurd raadsvoorstel weer zou leiden tot nieuwe aanpassingen van het voorstel. Dat leidt tot een onnodig bureaucratisch proces. Wel zou de raad kunnen adviseren op een voorzet vanuit het college. Op de opmerking van de heer Venneman vraagt de heer Stomp wat die verstaat onder ‘parkeren in de buurt’. Hij woont zelf op 800 meter van het station: is dat ‘in de buurt’? Wonen in de oude binnenstad vraagt een offer. Amendement B verbaast de VVD: op basis van aannames wordt geopteerd voor halvering van het budget. Beter kan het college worden gevraagd om een onderbouwing van het budget, waarna de raad hierin na

Gemeenteraad van Enkhuizen 26 januari 2021

8

een kritisch oordeel kan schrappen. Die werkwijze is ook in het bedrijfsleven gebruikelijk. Ongewijzigd zal de VVD het amendement niet steunen. De heer De Jong geeft aan dat het parkeren een van de onderwerpen in het Raadsbreed Akkoord was. In Dit geval is de keuze uit betaald parkeren of niet. Zo niet, dan gaat niets door. Dat mag niet de strekking zijn. Om die reden is Enkhuizen Vooruit mede-indiener van de amendementen. Transparantie is voor de fractie te prefereren boven gesprekken binnen het college achter gesloten deuren, zoals spreker die proeft in de suggestie van de VVD. Richting geven moet in de openbaarheid gebeuren. Mevrouw Nauta noemt de koppeling tussen betaald parkeren als kostendrager en het doorgaan van de rest van het plan te kort door de bocht. Wie betaald parkeren invoert, moet bij benadering lasten en baten kunnen afwegen. Ook moeten de effecten van betaald parkeren bekend zijn, zoals in het amendement aangegeven. Invoering zonder gedegen onderzoek is de fractie een brug te ver. Dat een onderwerp bespreekbaar is, wil niet zeggen dat het akkoord is. Voor de in het amendement genoemde verlaagde bedragen wordt aangevoerd dat er al veel rapporten liggen die in het onderzoek kunnen worden meegenomen. Vragen om een onderbouwing en daarna schrappen, is ook een optie. De heer Stomp vraagt bij interruptie of de genoemde € 40.000 is onderbouwd.

Mevrouw Nauta stelt dat dit bedrag op basis van de bestaande rapporten redelijk te noemen is. De heer Sandstra geeft aan dat zijn fractie blij verrast is door het plan. De PvdA ziet het stuk als een leidraad voor de toekomst. Voor concretisering en financiering van afzonderlijke onderdelen zal het college terugkomen bij de raad. Van betaald parkeren is gedeeltelijk al sprake in bepaalde wijken, waar de bewoners die kosten voor hun rekening nemen. Het is dus niet nieuw, wel is sprake van centreren. Het stuk combineert zaken in samenhang om de stad autoluw te maken, wat de leefbaarheid vergroot. In de in Amendement A genoemde uitgangspunten kan de PvdA zich goed vinden. Ook met het tweede deel van A kan de fractie wel wat. In Amendement B komt de halvering van de kosten uit de lucht vallen. Er liggen geen gegevens aan ten grondslag. Er wordt verwezen naar onderzoeken die reeds zijn verricht, maar wellicht zijn die ook al verwerkt in de berekeningen van het college. Daar kan het college helderheid in scheppen. Als voor realisatie van dit plan extra onderzoek nodig is, zal dit moeten gebeuren omwille van verbetering van de leefbaarheid en optimale verkeersstromen. Hiervan profiteren bewoners en toeristen. Het is tijd hier handen en voeten aan te geven.

Mevrouw Nauta (bij interruptie) maakt uit het betoog van de heer Sandstra op dat hij de onderbouwing van € 40.000 belangrijker vindt dan het niet onderbouwd invoeren van betaald parkeren. De heer Sandstra vraagt juist óók aan het college een onderbouwing van de € 80.000. Zijn opmerking ligt in het verlengde van de vraag van mevrouw Nauta. Uit de antwoorden in de commissie en uit eigen onderzoek maakt de PvdA op dat betaald een oplossing kan zijn voor een deel van het parkeerprobleem en de verkeersstromen in Enkhuizen. De heer De Jong vraagt of de PvdA zonder onderbouwing voor dit voorstel gaat stemmen of tegen dit voorstel is in afwachting van onderbouwing. De heer Sandstra begrijpt de vraag niet. De heer Ermiş heeft moeite met de emoties die de heer Stomp uit als iemand reageert. De heer Raven geeft aan dat ook Nieuw Enkhuizen een leefbare binnenstad wil. Toch is de fractie tegen betaald parkeren in de binnenstad. Wel kan men instemmen met betaald parkeren aan de buitenzijde van de stad, zoals de Ossenmarkt. Voor de concurrentiepositie van de binnenstad is betaald parkeren een slechte keuze. Een kortere parkeertijd in de blauwe zones zou wel een keuze kunnen zijn. Hiermee kan worden voorkomen dat de schijven tussentijds worden doorgedraaid. Parkeergarages kunnen door externe partijen worden neergezet. Daar moet dan wel worden betaald, maar zonder dat hiermee

Gemeenteraad van Enkhuizen 26 januari 2021

9

gemeentelijk kapitaal is gemoeid. Een stalen frame gevuld met betonplaten kan worden geplaatst en desgewenst in korte tijd weer worden verwijderd. In Leiden bestaat hier een voorbeeld van. Het amendement is geschikt om dergelijke ideeën eens te onderzoeken. Een uurtje voor boodschappen is voor het publiek genoeg, maar het winkelpersoneel staat langer op de parkeerschijf. Door kortere draaicirkels te maken, wordt dat minder interessant. De heer Van Marle herhaalt de opmerking van D66 in de commissie, leefbaarheid is ook parkeergelegenheid in de woonbuurt. Termen als een prominente plek voor wandelaars en fietsers en autoluw klinken D66 als muziek in de oren. Dit plan is nog wel vrij wollig. Een aantal zaken heeft nog verdieping nodig. Onduidelijk is wat de inwoner van de binnenstad met dit plan opschiet: hoeft die straks geen rondjes meer te rijden? Welke plekken en hoeveel verdwijnen er? Waar komen alternatieve plekken? Wat gaat dit de centrumbewoner kosten? Het voorstel is sterk gericht op de bezoeker van de stad, weinig op de bewoner van de binnenstad en op de doelen die Enkhuizen wil bereiken. Ook bij nieuwe ontwikkelingen hebben bewoners recht op een vergunning, als hier plek voor is. Het voorstel tot schrappen van het recht op een vergunning kan beter worden bekeken bij het deelvoorstel Parkeervergunningen.

Het verbod te parkeren voor monumenten is pas aan de orde als er meer zicht is op de verschillende elementen en de effecten ervan op de parkeercapaciteit in de binnenstad. D66 zou voor het voorstel de Melkmarkt af te sluiten eerst de evaluatie van de afsluiting vanwege de coronamaatregelen willen afwachten. Financieel is er ook nog te weinig bekend voor een goede kosten-batenanalyse, zeker in het licht van de huidige financiën. D66 wil in deze vergadering graag helderheld over Beslispunt 1. Wat betekent het om dit plan als leidraad te gebruiken? Waar legt de raad zich vast en waar is nog ruimte? Het is erg jammer dat middels een amendement bij de begroting de parkeeruitbreiding bij het station is opgeofferd. De hoop bestaat dat de raad hier snel op terugkomt. Punt 4, 5 en 6 van het voorstel mogen wat D66 betreft vooruitgeschoven worden tot behandeling bij de deelvoorstellen. De heer Stomp vraagt of het genoemde wijzigingsvoorstel als mondeling amendement moet worden beschouwd. De heer Van Marle reageert dat dit goed zou kunnen. De fracties zullen elkaar moeten vinden op zoek naar meerderheden. Amendement A krijgt geen steun van D66. De gevolgen voor de benodigde verdieping zijn niet duidelijk. Amendement B klinkt interessant, mede vanwege de beoogde inspraakmomenten voor bewoners. D66 is het eens met de VVD dat inspraak impliceert dat naar de bewoners wordt geluisterd.

De heer Hotting ondersteunt de VVD dat het verkeersplan en het parkeerplan bij elkaar horen. De focus moet niet op parkeren alleen komen te liggen. Daar zit volgens CU/SGP wel de bottleneck: de positieve zaken hebben raakvlakken met zowel het verkeersplan als het parkeerplan. In het parkeerplan worden voorstellen voor een parkeergarage gedaan. De fractie heeft dit in de commissie als fata morgana omschreven. De gemeente kan de kosten voor aanleg en exploitatie niet dragen. Zoekgebieden aan de rand van de stad passen de gemeente beter. CU/SGP onderschrijft de opmerking van D66 dat de partijen tot een plan moeten komen. In het collegevoorstel wordt veel meer vastgesteld dan waar het om gaat. De raad dient vast te stellen of er animo is voor parkeren aan de rand van de stad. Als dat niet lukt, sluit de fractie aan bij de wethouder dat zonder die randvoorwaarde het hele plan terzijde geschoven kan worden. Niet voor niets duurt dit al jaren. Het is geen schande bezoekers een vergoeding te vragen. De heer Jans geeft aan dat hij in de jaren nul ook in de raad zat. Ook toen ging het al over afsluiting van de Melkmarkt. Een voordeel van de coronacrisis is dat nu de afsluiting van de Melkmarkt kan worden geëvalueerd. Hopelijk wordt die evaluatie meegenomen in de behandeling van het totale parkeer- en verkeersplan.

Betaald parkeren kan een oplossing zijn om het Parkeer- en Verkeersplan tot ontwikkeling te brengen. Het amendement is hierop gericht. Zoals eerder aangestipt, wie een huis wil bouwen, moet weten wat dat kost. Eerst moeten kosten en baten op een rij worden gezet. Er is nu niets concreet. Ter nadere toelichting op Amendement A geeft de heer Jans aan dat de deelvoorstellen niet in de raad moeten worden besproken, maar in de commissie. De bedragen in Amendement B geven aan wat de indieners ervoor over hebben, mede gezien de huidige moeilijke financiële situatie. Het leveren van een onderbouwing is niet aan de indieners van het amendement.

Gemeenteraad van Enkhuizen 26 januari 2021

10

Reactie college in tweede termijn: Wethouder Struijlaart geeft aan dat de in het amendement genoemde bedragen niet zijn onderbouwd. Als de raad niet het in het overzicht genoemde bedrag beschikbaar stelt, kan er geen onderzoek worden uitgevoerd. De heer De Jong reageert dat het totale parkeerbeleid dat het college hier presenteert elke vorm van onderbouwing ontbeert. Dat gaat om een nog veel hoger bedrag dan € 40.000. Wethouder Struijlaart geeft aan dat met de vermelde € 95.000 het voorstel voor betaald parkeren wordt uitgewerkt en onderbouwd. Op dat moment praat de raad mee en beslist over het voorstel. Als de raad besluit geen betaald parkeren in te voeren, leidt dat ertoe dat de problemen met verkeer en parkeren in de stad niet worden opgelost. Gewoon vergunningen verstrekken, zoals partijen opperen, kan op dit moment niet. De ontwikkelaar die zo’n twintig appartementen wil bouwen in de Xaveriuskerk moet parkeren op eigen terrein realiseren. Omdat dat niet kan, kunnen de appartementen niet worden gerealiseerd. Dat betekent dat er 25 tot vijftig auto’s bij komen als wordt uitgegaan van het ‘gewoon vergunningen verstrekken’ dat een deel van de raad bepleit. De heer Jans stelt bij interruptie dat hij het niet over vergunningen heeft gehad. De situatie moet worden herzien. Wethouder Struijlaart biedt voor dit kennelijke misverstand zijn excuses aan.

Betaald parkeren is een middel om verkeer en parkeerplekken te reguleren. Betaald parkeren op de Ossenmarkt is niet reëel. Dan kiest iedereen voor de binnenstad, waar parkeren gratis is. Men rijdt liever een halfuur rondjes dan dat er vijf euro voor een dag parkeren wordt betaald. Hoorn rekent € 2,50 aan de rand van de stad en in de binnenstad een wat hoger bedrag. Als de raadsfracties bij hun standpunt blijven, moeten ze straks niet gaan klagen over drukte of gevaarlijke situaties. Er zijn meer woningen in de stad gekomen. Deskundigen geven al jaren aan dat betaald parkeren het middel voor regulering is. Externe partijen die een garage neerzetten, zoals de heer Raven opperde, rekenen ook geld. Zij zullen hun hand ophouden bij de gemeente. Een parkeergarage in Enkhuizen is immers niet te vergelijken met het centrum van Amsterdam, waar ze € 7,00 per uur kunnen vragen. Aanpassing van de blauwe zone werkt alleen als er een alternatief is. De inkomsten ervan gaan naar het CJIB, maar de inzet van boa’s om te controleren drukt wel op de gemeente. Niet besluiten tot uitwerking van betaald parkeren heeft tot nu toe € 40.000 à € 50.000 gekost. Nieuwe onderzoeken kosten nogmaals € 175.000, met de onzekerheid of de raad daarna wel besluit tot invoering. Dat geld heeft het college met dit voorstel alvast bespaard.

Een onderzoek naar parkeren aan de randen is zinloos omdat dit niet valt te realiseren. De wethouder benadrukt dat de raad nu niet besluit tot uitvoering van een compleet plan, maar slechts een leidraad aangeeft: invoering van betaald parkeren, uitwerking hiervan in samenwerking mét de raad en inzet van de verkregen middelen voor parkeergelegenheid aan de randen van de stad. Ook dat komt bij de raad terug. De wethouder hoort wat de raadsmeerderheid zegt. Een onderzoek kost een jaar, daarna komt hetzelfde voorstel met een extra vraagstelling uit het amendement naar voren. Het door de heer Hotting bepleite onderzoek naar meerdere locaties heeft meermaals plaatsgevonden. In 2016 zijn tien locaties bekeken, waaruit er drie naar een tweede ronde gingen en er één overbleef, de Flevolaan. Die is bij de begroting weggestreept. De raad maakt het zichzelf moeilijk door niet te besluiten over een mooie toekomst met minder auto’s in de binnenstad. Mevrouw Nauta reageert dat de Flevolaan is geschrapt met de opmerking deze locatie mee te nemen in het Parkeer- en Ontwikkelplan. Daarvan heeft de raad niets teruggezien. Wethouder Struijlaart reageert dat daar geen geld voor is. Het college heeft daarmee een onmogelijke opdracht gegeven. Dan gaat, zoals de heer De Jong aangaf, het hele feest niet door. De voorzitter schorst de vergadering gedurende vijf minuten vanwege technische problemen.

Tweede termijn gemeenteraad

Gemeenteraad van Enkhuizen 26 januari 2021

11

De heer Hotting wijst op het besluit over de Flevolaan van de meerderheid van de raad dat het college niet heeft uitgevoerd. Dit loopt al drie jaar. Dat is iets anders dan een bezuiniging in de afgelopen programmabegroting. Hij ziet de wethouder nee schudden, maar blijft erbij dat hier meermaals op is gewezen. Het college zou in eerste instantie de raad moeten vragen de intentie tot betaald parkeren uit te spreken. Daarop aanhakend zou dit als leidraad gebruikt moeten worden. Mevrouw Nauta vindt het onbegrijpelijk dat sommige fracties zonder onderbouwing betaald parkeren willen doorvoeren. Het amendement is vrij mild. Er wordt gevraagd naar kosten en baten voordat carte blanche wordt gegeven. De heer Jans sluit zich aan bij de SP: hoe kijkt de meerderheid tegen betaald parkeren aan? Dan kan later naar de invulling worden gekeken. Het complex en onduidelijk overkomende collegevoorstel is met de amendementen verduidelijkt. Door die zaken mee te nemen, wordt duidelijk wat de kosten en baten kunnen zijn, eventueel te combineren met andere kostendragers. De heer Hotting vraagt de heer Jans bij interruptie of een geamendeerd besluit hetzelfde is als een nieuw voorstel voor betaald parkeren. Dat laatste lijkt hem in dit geval wijzer. De heer Jans is het hiermee eens.

De heer Venneman geeft aan dat de portefeuilleouder er in eerste termijn onvoldoende in is geslaagd het CDA te overtuigen waarom betaald parkeren nu wél moet worden ingevoerd. Naar aanleiding van de amendementen stelt hij een gewetensvraag aan de raad. Er wordt nu gevraagd om nieuw onderzoek. Dit is in het verleden ook gebeurd, waarna de raad besloot niet voor betaald parkeren te kiezen. De situatie is, zoals de portefeuillehouder al aangeeft, niet sterk veranderd. De kans is aannemelijk dat de resultaten ongewijzigd zullen blijven. Dit roept de vraag aan de raad op of nieuw onderzoek wél kan leiden tot een besluit betaald parkeren in te voeren. De heer Jans reageert dat volgens de amendementen gebruik wordt gemaakt van de bestaande onderzoeken, zodat nieuw onderzoek niet per se nodig is. Om die reden is ook het lagere bedrag genoemd. De heer Venneman geeft aan dat dan de vraag blijft staan of de uitkomst op basis van die bestaande onderzoeken anders kan zijn dan in het verleden, dus een uitslag vóór betaald parkeren. De heer Jans geeft aan dat hij op basis van een duidelijk beeld van kosten en opbrengsten een gefundeerde beslissing kan nemen. De heer Van Marle geeft aan dat de raad na al die jaren op deze avond wel een uitspraak kan doen over betaald parkeren ja of nee. Van het amendement zou, zoals de heer Hotting suggereert, slechts punt 2 overeind blijven.

De heer Stomp mist een gebrek aan lef. Parkeren is een onderdeel van wat Enkhuizen wil met verkeer in de stad. Wil de gemeente iets met het verkeer, dan zal betaald parkeren een middel moeten zijn. Deze raad mist het lef daarover een besluit te nemen. Ingaand op de gewetensvraag van het CDA: met behoorlijk veel zekerheid zal uit de onderzoeken het advies voor betaald parkeren komen. Zal de raad dan wéér met een voorstel tot nadere uitwerking of onderbouwing komen? De hete aardappel wordt steeds weer overgegooid tot er een volgende raad zit. In het Raadsbrede Akkoord is een aantal onderwerpen aangegeven waarover is afgesproken in déze raadsperiode een besluit te nemen, goed voorbereid door het college. Verkeer, met daarbij parkeren, was er één. Dat ligt er nu en men durft geen besluit te nemen. De heer Venneman roept zijn eigen motie-Venneman uit 2016 in herinnering, waarin de raad besloot voorlopig niet meer te spreken over betaald parkeren of de invoering daarvan. Daarmee hééft de raad in 2016 toch besloten? Is het dan niet raar dat nu toch te doen?

Gemeenteraad van Enkhuizen 26 januari 2021

12

De heer Stomp reageert dat de wereld niet stilstaat. De hete aardappel is door de vorige raad weggestopt, maar door deze raad via het Raadsbrede Akkoord weer op de agenda gezet. Het zou heel zonde zijn als na alle gedane moeite door ambtenaren, bureaus en college nu alsnog geen besluit werd genomen. Daarom het pleidooi het voorstel niet opnieuw een jaar op te schuiven. Beantwoording college in tweede termijn Wethouder Struijlaart herhaalt dat door de amendementen feitelijk het hele plan van tafel wordt gehaald. Er is ofwel geen geld om uit te werken, ofwel is er wél geld om uit te werken, maar geen geld om datgene wat is uitgewerkt te realiseren. Als raad plannen uitgevoerd wil hebben, dient men ook de dekking te leveren. De voorzitter brengt in stemming Amendement A, Amendement B en vervolgens het volledige voorstel. Amendement A wordt verworpen met acht stemmen voor en negen stemmen tegen. Amendement B wordt verworpen met acht stemmen voor en negen stemmen tegen. Het ongewijzigde collegevoorstel wordt verworpen met zeven stemmen voor en tien stemmen tegen. De voorzitter wijst op de bijzondere situatie dat noch het collegevoorstel noch de gewijzigde teksten zijn aangenomen. De toekomst zal uitwijzen wat dit betekent.

10.

Peilnotitie Cultuurnota

De voorzitter geeft aan dat de Peilnotities een uitvloeisel zijn van het raadsbreed werken zoals afgesproken in het Raadsbreed Akkoord. De heer Venneman geeft aan dat het CDA de uitgangspunten steunt. Het voorstel over te gaan tot verstrekking van meerjarige subsidie roept wel de vraag op of dit een afwijking op de jaarlijkse verstrekking is die alleen voor cultuur geldt of een algehele wijziging van de subsidieverordening betreft. Ook is onduidelijk of bij deze driejarige verstrekking nog steeds een jaarlijkse verantwoording nodig is. de mogelijkheid tot verantwoording was ooit de reden om te kiezen voor jaarlijkse verstrekking. Mevrouw Keesman is het eens met de gevraagde samenwerking, maar vraag het college om duidelijker terminologie te kiezen dan ‘actief’, ‘receptief’ en ‘reflectief’. Bij vraag 2 worden bij ‘erfgoed’ Engelse termen gebruikt. Daarvoor kunnen beter Nederlandse woorden worden gekozen. Onduidelijk is of bij culturele diversiteit en inclusie meer diversiteit in verschillende soorten worden bedoeld of in verschillende culturen. Graag hoort de fractie wie bepaalt wat een eerlijke beloning is en hoe die term wordt gedefinieerd. Ook wil men graag weten wie de bij vraag 3 bedoelde stakeholders zijn. De coördinatiefunctie als in vraag 4 benoemd, dient met ieders goedkeuren te worden ingevuld.

Deze functie dient onafhankelijk te zijn en los te staan van enige aanbieder. Bij vraag 5 dient de participatie verder te gaan dan woorden op papier. Mevrouw Buit vraagt zich af of hoe de Code Diversiteit en Inclusie zich laat rijmen met een geschiedenis die allesbehalve divers en inclusief was. De vrijwilligers die zijn betrokken, moeten hun plezier behouden. Onnodige bureaucratische verplichtingen of procedures passen hierbij niet. De fractie meent te begrijpen dat de planning jaarlijks plaatsvindt, maar drie jaar vooruit. Graag een bevestiging hiervan. In de praktijk zullen keuzes gemaakt moeten worden uit de vragen naar tijd en geld in de cultuur en cultuurhistorie. Cultuur kan botsen met andere waarden die belangrijk worden gevonden. De fractie wil weten of het college daarin handvaten aanreikt.

Gemeenteraad van Enkhuizen 26 januari 2021

13

De heer Raven heeft er begrip voor dat degenen die van subsidie afhankelijk zijn vastigheid nodig hebben, maar beschouwt het voorliggende stuk als ondoorzichtig. De coronacrisis heeft duidelijk gemaakt dat er veel kan veranderen. Een jaaroverzicht is in dat kader goed werkbaar. Plotseling subsidies afbouwen kan leiden tot beroepsprocedures. De fractie wil graag weten of er veel verandert als aan een driejarige termijn wordt vastgehouden. Wie wat verdeelt en wie de leidende rol heeft, is nog niet duidelijk. De heer Sandstra stelt dat meerjarige subsidies de organisaties de mogelijkheid bieden tot meerjarige planning. Van de cultuureducatie – genoemd bij lokale thema’s – kan de PvdA zich op lokaal vlak nog niet direct iets voorstellen. Beantwoording college in eerste termijn Wethouder Luyckx hoort dat de raad grosso modo kan leven met de Peilnotitie rondom de tot stand te brengen Cultuurnota in relatie tot het Uitvoeringsprogramma. Dit stuk laat in abstractie zien wat in het Uitvoeringsprogramma wordt geconcretiseerd. Bewust heeft het college vragen voorgelegd aan de raad. De gehanteerde Engelse termen en termen uit het cultuurjargon zijn gehandhaafd nadat de tekst al grotendeels is vernederlandst. Woorden als governance en reflectief zijn bewust gehandhaafd.

De bedoeling is dat een driejarige of wellicht vierjarige subsidie wordt verstrekt zodat de instellingen – van Oud Enkhuizen tot De Dromedaris – zodanig worden ingericht dat zij met de gemeente meerjarige prestatieafspraken maken. De subsidies worden wel jaarlijks afgerekend, maar de instellingen krijgen meer ruimte om in te vullen wat zij in een periode willen doen. Dat zou leiden tot een grote verlichting van de ambtelijke werkdruk. Dit betekent niet dat de instellingen een vrijbrief krijgen. Met de stakeholders wordt dit constant besproken. De uitwerking hiervan komt in het Uitvoeringsprogramma. Het perspectief van de instelling gaat verder dan dat eindeloze formulieren invullen aan het eind van elk jaar. Los van de ambtelijke verlichting geeft het rust bij de instellingen. Op termijn kunnen ze nadrukkelijker hun beleid vormgeven. De invulling van de inclusie wordt in de Beleidsnota verder uitgewerkt. Het spectrum is breed. Dit zal in gezamenlijkheid worden ingericht vanuit een gelijk speelveld. De coördinatie zal in de monitoring plaatsvinden. Van uitsluiting zal geen sprake zijn. Wel zullen dingen worden gewijzigd. Er zal over een andere vorm van inclusie worden gesproken dan een paar jaar geleden werd gedacht. Door voor een driejarig subsidiebeleid te kiezen, neemt het plezier bij de vrijwilligers toe.

Het elke keer weer moeten invullen van formulieren werkt demotiverend. Wel blijft een continue monitoring richting evaluatie en naleving van de prestatieafspraken plaatsvinden. Over de vermeende ondoorzichtigheid van het stuk merkt de wethouder op dat hier een eerste poging ligt. Met deze systematiek wordt juist getracht de ondoorzichtigheid weg te nemen. Wel moet binnen de kaders worden gewerkt en moeten de afspraken worden waargemaakt. Daar houdt men in dit systeem meer grip op. De culturele educatie betreft het betrekken van de scholen bij de culturele activiteiten en vice versa. Gezocht wordt naar een kruisbestuiving die de stad nog cultureler maakt, met meer diversiteit en inclusie. De wethouder hoop dat nu snel aan het vervolmaken van de Cultuurnota kan worden gewerkt. Met de voorstellen over erfgoedbeleid komt het college in een later stadium naar de raad. Tweede termijn raad: Mevrouw Keesman vraagt of de coördinatiefunctie los staat van een aanbieder. Hoe wordt diens onafhankelijkheid geborgd? Wethouder Luyckx benadrukt dat de coördinatie onafhankelijk zal plaatsvinden. De heer Jans wacht op het raadsvoorstel dat dit kwartaal komt. De heer Venneman geeft aan dat controle op prestatieafspraken doelmatiger is dan verregaande controle.

Gemeenteraad van Enkhuizen 26 januari 2021

14

De voorzitter stelt vast merkt op dat de Peilnotitie Cultuurnota zonder stemming wordt aangenomen. 11.

Pré-raad – Peilnotitie houtrook stookoverlast

De voorzitter geeft mevrouw Aukes, als ‘dossiereigenaar’ het woord. Mevrouw Aukes geeft aan dat zij een bezorgde burger die de raad een brief schreef heeft verwezen naar de voorliggende stukken. De Peilnotitie is te omschrijven als helder. Er staat in wat wel kan en wat niet en waarom. De gemeente heeft de optie om een actievere rol te gaan spelen. Dat kan binnen de huidige werkzaamheden. Het zou goed zijn als er meer besef komt van de effecten van houtrook en mensen meer rekening houden met de omgeving. De vergelijking gaat op met de manier waarop de beleving van roken in twintig jaar is veranderd. De heer Van Marle geeft aan dat D66 de huidige rol wil behouden en de landelijke ontwikkelingen af te wachten. De raad moet een keuze maken bij het inzetten van de capaciteit. Dit onderwerp heeft voor D66 geen prioriteit. Wel wil men de gemeente vragen bewoners die met ernstige overlast te maken hebben te blijven helpen. De heer Jans spreekt van een heldere notitie die de mogelijkheden en onmogelijkheden om de stookoverlast aan te pakken goed weergeeft. De huidige coronasituatie is voor de fractie aanleiding om voor te stellen de gemeentelijke rol om te zetten in een wat actievere zoals in de Peilnotitie beschreven. Financiële lasten zijn hiermee niet gemoeid. Met een echt proactieve rol zou Enkhuizen tegen nog niet geregelde zaken aanlopen. Dat is niet gewenst.

Het is goed om mensen met CARA-achtige klachten in bescherming te nemen. Mevrouw Nauta vindt dat de gemeente het landelijk onderzoek met betrekking tot de normering kan afwachten vooruitlopend op een eventuele proactieve rol. Een vraag aan het college is of palletkachels worden gelijkgeschakeld aan houtkachels. De heer Mazloumian stelt dat het juridisch niet mogelijk is houtkachels efficiënt te verwerken. Daarom wil de fractie dat het college inzet op een ontmoedigingsbeleid. Verbrandingskachels in het algemeen zijn slecht voor de luchtkwaliteit. Het stoken van petroleum of biomassa is evenmin goed. Het ontmoedigingsbeleid dient dan ook breed van opzet te zijn. De heer Van Galen geeft aan dat ook het CDA een actievere rol bepleit, die zonder meer kosten leidt tot meer activiteit. Aan de wethouder wordt de vraag gesteld waarom Enkhuizen nog niet meedoet aan het Schone Lucht Akkoord. De heer Hotting is tevreden met de huidige rol van de gemeente. Buurtbemiddeling of een individuele aanpak kan daarnaast altijd. De heer Van Reijswoud sluit zich aan bij D66 en CU/SGP. De houding van de gemeente kan ongewijzigd blijven, in afwachting van landelijke wetgeving. Als een actievere informatievoorziening kostenneutraal kan, zou de VVD dat graag ook bij andere voorstellen zien. Daar kost extra communicatie doorgaans wel geld.

Beantwoording college in eerste termijn: Wethouder Heutink beantwoordt de vragen. Omdat in relatie tot de Omgevingswet extra informatie wordt verstrekt, kan met dit onderwerp worden aangehaakt bij de overige communicatie zonder dat dit extra uren kost. Het Schone Lucht Akkoord is begin 2020 door de minister gesloten. Een aantal gemeenten in NoordHolland doet daaraan mee, met name gemeenten vlakbij Schiphol die met grote vervuiling te maken hebben. Enkhuizen zit gemiddeld boven de gewenste grenswaarde. Onderdeel van het Schone Lucht Akkoord is een verbetering van de luchtkwaliteit van 2016 met vijftig procent in 2030. Dat is voor Enkhuizen niet haalbaar.

Gemeenteraad van Enkhuizen 26 januari 2021

15

De wethouder sluit zich aan bij de fracties die een actievere rol bepleiten, met zoveel mogelijk voorlichting en bemiddeling. Brede toepassing van het ontmoedigingsbeleid is inderdaad de bedoeling. De subsidie op palletkachels is sowieso stopgezet. Voor meer gedetailleerde beantwoording wordt vragenstellers aangeraden de vraag opnieuw te stellen via Agora. In meerderheid lijkt de raad voor een actievere rol te gaan. Daar wil de wethouder ook zonder specifiek besluit mee aan de slag gaan. Er lijken geen financiële gevolgen te zijn. De voorzitter heeft al turvend ongeveer een twee derde meerderheid geteld voor de actievere rol. Dat is daarmee de richting die het college op wordt gestuurd. Zonder stemming wordt hiertoe besloten.

12.

Budget Woonakkoord

De voorzitter geeft aan dat voor de uitvoering van Woonakkoord West-Friesland 2020-2025 uit de post Onvoorzien voor 2021 € 5.900 en voor 2022 € 7.200 gevoteerd dienen te worden. Bij zit voorstel zijn twee amendementen en een motie ingediend. De heer Ermiş verwoordt dat Amendement Ermiş -Aukes-De Jong uitgaat van dekking van genoemde bedragen uit het Volkshuisvestingsfonds in plaats van de post Onvoorzien. De voorzitter geeft dit amendement de letter C. De Jans geeft aan dat als voornoemd amendement het haalt hij zijn eigen amendement intrekt. Zo niet dan wil hij de kosten voor 2022 opnieuw rubriceren in de Programmabegroting en niet ten laste van Onvoorzien brengen. De voorzitter geeft Amendement Jans de letter D. De heer Ermiş draagt zijn motie voor: De Raad van de gemeente Enkhuizen, in openbare vergadering bijeen op 26 januari 2021, Gelezen dat, 1. In de doelstellingen van het woonakkoord het volgende is opgenomen, De woondeal Noord-Holland Noord is mede gericht in het verleiden van de huidige inwoners van Amsterdam om naar de regio Noord-Holland Noord te gaan verhuizen. Constaterende dat, 1. In de regio een groot tekort aan woningen is voor eigen woningzoekenden. 2.

Het aantrekken van inwoners van metropoolregio Amsterdam het voor woningzoekenden in de regio West-Friesland alleen maar lastiger maakt en geen positieve bijdrage levert aan de lange wachtlijst voor woningzoekenden in deze regio. Verzoekt het college, 1. Om met een voorstel te komen om te borgen dat woningzoekenden uit de eigen regio voorrang krijgen op de woningmarkt, dit ook te bespreken met collega-wethouders binnen het Pact 7.1 en dit uiterlijk in mei 2021 te rapporteren aan de raad. De voorzitter geeft deze motie het cijfer 1. Reactie college: Wethouder Struijlaart laat het oordeel over de moties aan de raad. De motie roept bij het college de vraag op of men een voorstel voor Enkhuizen maakt of voor de hele regio West-Friesland. Dat laatste zou overdreven zijn. Omdat verdere kaders waaraan dit voorstel zou moeten voldoen, ontbreken, worstelt het college met deze motie. De hieraan verbonden kosten zouden in de Voorjaars- of Najaarsnota moeten worden meegenomen. Het college neemt aan dat indiener doelt op sociale huur. Dat komt niet duidelijk

Gemeenteraad van Enkhuizen 26 januari 2021

16

naar voren. Als de strekking iets is in de trant van ‘regio first’ zou dit binnen het college bespreekbaar zijn. Voor een concreet voorstel wordt meer onderbouwing verwacht. Eerste termijn raad: De heer Stomp stemt in met Amendement C. De motie krijgt geen steun van de VVD. De huisvesting van de inwoners van West-Friesland is in de regionale VVD al jaren een discussiepunt. Een aantal VVDwethouders heeft al getracht plannen te maken om Westfriese inwoners voorrang te geven bij huisvesting. Die voorrang is al verwerkt in het urgentiesysteem. Verder gaan dan dat is juridisch lastig en gaat al snel richting discriminatie. Als deze wens bestaat, kan Enkhuizen dit niet op eigen kracht. Voor koopwoningen is iedereen vrij die te kopen. De heer Van Marle ziet in Amendement D een vestzak-broekzakbenadering. Voor de raad moet duidelijk blijven waar het geld vandaan is gekomen en waaraan het wordt uitgegeven. In dit geval is er geen probleem, opletten dat alles helder blijft, is wel van belang. Voor 2021 zullen uitgaven via een raadsbesluit langs de normale cyclus in de begroting terechtkomen. Besluiten van dit jaar hoeven niet voor volgend jaar te worden geamendeerd om ze uit Onvoorzien te halen. De motie krijgt geen steun. De fractie wil geen voorrang voor een bepaalde groep.

Studerende mensen in de Randstad die willen terugkeren, zijn formeel geen inwoners van de regio, toch wil D66 ze graag terug hebben als ze in de stad of de regio een baan vinden en/of een gezin stichten. De heer Ermiş geeft aan dat er na tien jaar Rutte 331.000 woningen te kort zijn in Nederland en dat burgers al negen jaar of langer wachten op een sociale huurwoning. Huurders betalen 35% meer huur en er is een verdubbeling van het aantal daklozen. De steeds diepere wooncrisis reflecteert duidelijk op WestFriesland. De SP merkt dat het voorstel te veel punten kent waarop nog geen duidelijk antwoord bestaat. Vandaar deze motie. Er zijn te weinig woningen voor jongeren en voor ouderen. Als de motie niet haalbaar is, hoort de SP graag hoe de wethouder deze mensen anderszins tegemoet kan komen. Als meer mensen uit de regio Amsterdam richting Enkhuizen komen, zullen de wachtlijsten verder groeien. De SP voert al langer actie om meer te bouwen, juist voor de inwoners in de regio. Hoe draagt dit Woonakkoord bij aan bekorting van de wachtlijsten? Wordt allereerst gebouwd voor de eigen inwoners of voor mensen die vanuit Amsterdam komen? Kan de wethouder de raad een eerlijke verdeling van de sociale woningbouw toezeggen? Op 26 augustus 2020 hebben de marktpartijen via een marktconsultatie input gegeven op het Woonakkoord.

Wat is hun invloed op dit plan? Graag ziet de SP de uitwerking van de Side Letter openbaar tegemoet. Voor de arbeidsmigranten zou er een apart plan komen. Dit zou niet in dit Woonakkoord worden geïntegreerd. In dit plan staan de arbeidsmigranten genoemd als ‘specifieke opgave op het snijvlak van wonen en economie’. De fractie ziet graag een plan waarin de arbeidsmigranten goed worden gehuisvest en vragen of dit uit het Woonakkoord kan worden gehaald. De heer Van Galen geeft aan dat het CDA zich kan vinden in Amendement C. Daarmee kan Amendement D vervallen. De woningbouwopgave is met een miljoen woningen in de komende tien jaar inderdaad fors. De hoop wordt uitgesproken dat de SP blijft meedenken over de tweede fase van Gommerswijk WestWest, zodat daar meer dan vijftien woningen per hectare kunnen verrijzen. Complimenten voor de wethouder voor het afgesloten akkoord. Over de motie merkt het CDA op dat in tegenstelling tot wat de VVD ziet in West-Friesland er toch gemeenten zijn die voorrang geven aan oud-burgers. Terugkeerders moeten mogelijkheden krijgen. De heer Sandstra geeft aan dat zijn fractie instemt met Amendement C. Met de motie gaat de PvdA mee. Bij het verleiden van Amsterdammers om naar Enkhuizen te komen, zal het niet direct storm lopen. Wie wel naar Enkhuizen komt, zal er ook komen werken.

Niemand zal met werk in Amsterdam naar Enkhuizen verhuizen om dagelijks een uur in de file te staan. Arbeidsmigranten komen ook niet uit deze regio. Die moeten zich ook kunnen vestigen, in enkele gevallen permanent. Dat wordt gebouwd voor eigen mensen is een goede zaak. Het uitsluiten van anderen lijkt geen goed plan. Wel kan rekening worden gehouden met grote vraag vanuit de eigen populatie, door te bekijken of voor die groep extra kan worden gebouwd.

Gemeenteraad van Enkhuizen 26 januari 2021

17

De heer Hotting beschouwt beide amendementen als een vervolg op een commissie-opmerking van CU/SGP over de incorrecte financiering vanuit Onvoorzien. Met Amendement C kan de fractie instemmen, al zou het zuiverder zijn dit bij de behandeling voor 2022 mee te nemen. De motie is volgens de fractie niet uitvoerbaar. De heer Jans steunt Amendement C. Als dat wordt aangenomen, trekt hij Amendement D in. De intentie van de motie spreekt aan, de toevoeging van de heer Van Galen even zeer. Daarom de vraag aan de wethouder hoe kan worden bewerkstelligd dat een groot deel van de nieuwbouw wordt toegekend aan inwoners uit de eigen regio. Beantwoording college in eerste termijn: Wethouder Struijlaart herkent het door een groot deel van de raad gedeelde gevoel uit de motie om rekening te houden met de Westfriese bewoners. In de geest van de motie wordt al gedacht. Het is voor Enkhuizen ingewikkeld om met een lokaal voorstel te komen. Daar is men mee bezig, getuige ook de raadsinformatiebrief. ‘Snel’ bouwen is in deze sector altijd een relatief begrip, maar de wethouder geeft aan hier bovenop te zitten. Voor de sociale huur heeft Enkhuizen de kortste wachtlijst van heel WestFriesland. Daarvoor verdient de wooncorporatie complimenten. Er moet worden gebouwd, college en raad moeten samen bepalen voor wie. Bij koop kan van de eerste eigenaar wel worden bepaald wie deze krijgt.

De technische vragen van de SP zijn op dit moment niet alle te beantwoorden. Het Woonakkoord staat dan ook ter kennisname geagendeerd. Achter het Woonakkoord, dat bovenliggend is, liggen veel afspraken, ook over huisvesting van arbeidsmigranten. Als de woonakkoorden in West-Friesland zijn vastgesteld, zal daaraan worden gewerkt. De motie wordt ontraden. Tweede termijn raad: De heer Ermiş geeft aan dat dit plan in de hele regio wordt besproken, maar ook in de provincie, waar het begin februari op de agenda staat. Een reden daarvoor is het voornemen inwoners van de Metropoolregio Amsterdam naar deze regio te halen. Om die reden is de SP met deze motie gekomen. Aan de portefeuillehouder de aanvullende vraag hoe wordt voorkomen dat de huizen worden opgekocht vanuit de Metropoolregio. Ook al zijn het technische vragen, hier wordt wel over nagedacht. De heer Van Marle stelt dat de heer Ermiş met de verwijzing naar de Metropoolregio en Amsterdam buiten de kaders van het onderwerp treedt, dat het Woonakkoord en de gevolgen daarvan voor Enkhuizen is. De motie is erg breed opgezet. De heer Ermiş reageert dat in de doelstelling van het Woonakkoord is opgenomen dat ‘de Woondeal Noord-Holland noord mede is gericht op het verleiden van de huidige inwoners van Amsterdam om naar de regio Noord-Holland noord te verhuizen’.

Het streven is op die manier de wachtlijsten in Amsterdam te bekorten, door mensen te wijzen op regio’s waar de drempel lager is. Met de motie is beoogd dat duidelijk te maken. Wethouder Struijlaart reageert dat de heer Ermiş wellicht het Woonakkoord en de Woondeal door elkaar haalt. De Woondeal is een lobbydocument om vanuit Den Haag geld naar Noord-Holland noord te krijgen. Dat heeft maar heel weinig te maken met de Westfriese afspraken in het Woonakkoord met de provincie. De heer Ermiş reageert dat dit wel staat beschreven in het Woonakkoord. In de provincie is het ook meermalen genoemd. De voorzitter stelt vast dat Amendement C met algemene stemmen is aangenomen. Amendement D wordt ingetrokken. Motie 1 wordt verworpen met acht stemmen voor en negen stemmen tegen. Het geamendeerde collegevoorstel wordt met algemene stemmen aangenomen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/9712711/1