CConstaterende datEindhoven
Koppel je AI →
Document · PDF

22bst01123 - Bijlage 1 - Regionaal Veiligheidsplan Oost-Brabant

Raadsvergadering 11 oktober 2022, gemeente EindhovenBij agendapunt: Raadsvoorstel Regionaal Veiligheidsplan 2023-202626.773 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

8 alinea's met “politiek”: 129 133 174 236 257 258 359 735

Ook de samenstelling van de criminele netwerken verandert: dit loopt niet meer langs de traditionele (etnische) lijnen, maar de netwerken zijn veel meer divers geworden qua achtergrond van de criminelen. Daarnaast zijn het geen vaste organisaties meer, maar vooral gelegenheidscoalities met extensieve financiële middelen (dit in tegenstelling tot gelimiteerde budgetten bij de overheid), die gebruik maken van (financiële) facilitators in de ‘bovenwereld’. Ten slotte deinzen criminelen er (in toenemende mate) niet voor terug om bestuurders, politici en ambtenaren te intimideren, te bedreigen en met geweld te confronteren.

9

Jaarverslag 2020 RVP Oost-Brabant: blz 17.

Samen bouwen aan een veilig Oost-Brabant

31

Concept versie 27 Juni 2022

5. Daling traditionele criminaliteit: Sommige vormen van “traditionele” criminaliteit10 zijn de afgelopen jaren (fors) gedaald. Zo werd in 2015 in Oost-Brabant nog 5.272 keer ingebroken in woningen, in 2019 was dat al gedaald naar 3.329, in 2020 daalde dat (mede als gevolg van corona) naar 2.528 en in 2021 zette de daling door naar 2.072. Ondanks deze daling zijn er in 2021 nog steeds meer dan 2.000 huishoudens in Oost-Brabant geconfronteerd met een inbraak in hun eigen woning. Dit geeft aan dat er nog steeds een “markt” is voor deze vorm van criminaliteit. Criminelen die letterlijk de persoonlijke levenssfeer betreden van de burger hebben een grote invloed op het veiligheidsgevoel in onze samenleving. De lockdowns in 2020 en 2021 tonen aan dat externe factoren leiden tot een dynamisch veiligheidsbeeld. Dit maakt dat het noodzakelijk is om in planvorming en bij het stellen van prioriteiten een bepaalde mate van flexibiliteit in te bouwen en toont het belang aan van monitoring en tussentijdse bijsturing van prioriteiten door het gezag. De daling van de traditionele (aangifte)criminaliteit lijkt gepaard te gaan met de stijging van cybercrime en gedigitaliseerde criminaliteit. Het zullen zeker niet altijd dezelfde daders zijn, maar duidelijk is wel dat crimi­ nelen steeds nieuwe verdienmodellen zoeken.

Er zijn echter ook vormen van traditionele criminaliteit die niet dalen: het aantal gevallen van openlijk geweld tussen 2015 en 2019 is met bijna 27% gestegen (in 2021 daalt dit aantal overigens weer met 11,4%11 ). Geweldsdelicten als mishandeling en bedreiging hebben vaak betrekking op uitgaansgeweld, drugshandel of vinden plaats binnen de relationele sfeer (huiselijk geweld en kindermishandeling). Bij huiselijk geweld en kindermishandeling wordt niet van alle feiten en incidenten ook daadwerkelijk aangifte gedaan door de slachtoffers en/ of de betrokken professionals (voldoen aan meldplicht). Soms wordt op basis van dalende criminaliteitscijfers geconcludeerd dat het de goede kant op gaat met de veiligheid in ons land. Deze conclusie is echter helaas te voorbarig: de enorme stijging van cybercrime en gedigitaliseerde criminaliteit (in combinatie met de lage aangifte­bereidheid) en de vermoedelijke “dark numbers” bij ondermijnende criminaliteit, mensenhandel of huiselijk geweld laten een ander beeld zien. Eerder is sprake van een verschuiving dan van een afname.

6. Maatschappelijke en sociale onrust bedreigen de samenleving: De inwoners van ons land (en dus ook in onze regio) gaan offline en online steeds meer om met mensen die op hen lijken en verkeren daarmee in “bubbels” van gelijkgestemden. De tegenstellingen tussen verschillende bevolkingsgroepen verdiepen zich (hoogopgeleid versus laagopgeleid, stad versus platteland, gelovig versus ongelovig, gevaccineerd versus niet gevaccineerd, rijk versus arm of links versus rechts). Groepen in de samenleving die minder goed kunnen meekomen hebben doorgaans een lager inkomen, meer schulden, een slechtere gezondheid en hun kinderen krijgen een lager schooladvies. Kortom: duidelijke risico’s die de sociale stabiliteit (en veiligheid) in ons land bedreigen. Daarnaast leiden gebeurtenissen elders in de wereld tot onrust in ons land en kunnen gevolgen hebben voor de manier waarop we met elkaar samenleven. De samenleving en de sociale cohesie staan momenteel continu onder zware druk. Sluimerende sociale spanningen kunnen bij een incident tot ontbranding komen. Dit kan leiden tot een verdergaande afname van vertrouwen in de (vertegenwoordigers van de) media, wetenschap (zoals het RIVM) en overheid, en op langere termijn tot disfunctioneren van het politieke en maatschappelijke systeem.

Ook het optreden van de overheid zelf (zoals de toeslagenaffaire en de discussies hierover) heeft bij sommige inwoners geleid tot een daling van het vertrouwen in overheid en/of politiek. De overheidspartners (zoals gemeenten, politie of politiek) zullen actief in woord en daad het vertrouwen moeten terugwinnen van burgers die hun vertrouwen hebben verloren in de overheid om te voorkomen dat grote groepen in onze samenleving zich buitensluiten of buitengesloten voelen. Maatschappelijke onrust is geen nieuw fenomeen, maar is mede door corona wel meer aan de oppervlakte gekomen. Complottheorieën wakkeren dit maatschappelijk ongenoegen verder aan en kunnen verregaand ontwrichtend zijn. In 2020 heeft de NCTV in haar Dreigingsbeeld Terrorisme Nederland dan ook een nieuwe vorm van radicalisering benoemd: anti-overheidsradicalisering. Op de openbare uitingen van deze vorm van radicalisering kan de overheid reageren. Maar in het sluimerende niet-zichtbare ongenoegen schuilen mogelijk veiligheidsrisico’s. Het is daarom belangrijk dat politie, gemeenten en andere buurt- en wijkgerichte partijen hun voelsprieten in

Voor de informatie en cijfers in dit hoofdstuk is gebruik gemaakt van de Jaarverslagen RVP Oost-Brabant 2019, 2020 en 2021. 11 Zie jaarverslag RVP 2021. 10

32

Regionaal Veiligheidsplan Oost-Brabant 2023-2026

Concept versie 27 Juni 2022

wijken en buurten op orde hebben. Het in buurten en wijken aanwezig zijn biedt ook kansen om signalen van andere vormen van radicalisering (jihadistische radicalisering, extreem rechts, extreem links en dierenen milieuextremisme) te herkennen en daar vervolgens op te reageren.

7. Toename van incidenten met kwetsbare personen en/of personen met onbegrepen gedrag: De afgelopen jaren werden er steeds meer (veiligheids) incidenten geregistreerd met betrokkenheid van kwetsbare personen of personen met onbegrepen gedrag. In 2015 vonden er in onze regio Oost-Brabant 4.240 incidenten plaats met personen met onbegrepen gedrag. In 2020 waren er dat al 9.024.12 In 2021 steeg dat aantal door naar 10.021 incidenten. Ondanks discussies over wat nu precies een persoon met onbegrepen gedrag is, of discussies over de waarde van deze getallen, laten de cijfers wel een duidelijke trend zien. De toename wordt in de praktijk ook ervaren door politie en de hulpverleningsinstanties. De oorzaken zijn heel divers: van meer thuiswonende dementerenden als gevolg van de dubbele vergrijzing (meer ouderen en een ouder wordende bevolking) tot een gebrek aan woningen voor personen met psychische problematiek. De belasting op de reeds schaarse politiecapaciteit is enorm: elke minuut die besteed moet worden aan deze menselijke drama’s kan niet besteed worden aan andere politietaken. Onze samenleving wordt voor sommigen steeds ingewikkelder (digitalisering) en niet iedereen kan meekomen. Dat kan leiden tot armoede, een problematische schuldensituatie of dakloosheid. In 2009 waren 17 op de 10.000 Nederlanders dakloos.

In 2020 waren dat er 34 per 10.000 Nederlanders.13 Volgens het CBS is de stijgende trend van het aantal dakloze mensen in ons land wel tot stilstand gekomen. Opvallend is de daling van het aandeel 18- tot 27-jarigen onder de groep daklozen: dat daalde van 35% begin 2016 naar 18% op 1 januari 2021. Naar verwachting telt Nederland in 2026 18 miljoen inwoners en 19 miljoen in 2038.14 De vraag naar woningen zal toenemen. Om aan deze groeiende vraag te voldoen, moeten er tot 2030 bijna 900.000 nieuwe woningen worden gebouwd.15 Zo lang die woningen er nog niet zijn, zal de druk, zeker aan de onderkant van de woningmarkt, groot zijn en zullen sommigen buiten de boot vallen. De problematiek rondom personen met onbegrepen gedrag en/of kwetsbare personen zal vooralsnog niet afnemen.

Zie de Jaarverslagen RVP Oost-Brabant 2019, 2020 en 2021. Cijfers CBS d.d. 1 april 2021: in 2018 waren zelfs 37 op de 10.000 Nederlanders dakloos. Daklozen zijn volgens het CBS mensen die slapen op straat, in portieken, gebruikmaken van laagdrempelige opvang of incidenteel van opvang bij vrienden of familie. 14 Cijfers van het CBS: op 23 augustus 2021 13.00 uur schatte de bevolkingsteller van het CBS het aantal inwoners van ons land op 17.526.701 inwoners. Bij de prognoses is nog geen rekening gehouden met migratiestromen door oorlogen en klimaatcrises. 15 Nieuwsbericht op de site van de Rijksoverheid d.d. 28 januari 2021. 12 13

Samen bouwen aan een veilig Oost-Brabant

33

Concept versie 27 Juni 2022

8. Positie jongeren staat onder druk: Tijdens de coronapandemie bleek hoe kwetsbaar de positie van sommige jongeren is. Zeker tijdens de gedwongen schoolsluitingen bleken relatief grote groepen jongeren onbereikbaar voor scholen (en hulpverleners) en hebben veel jongeren onderwijsachterstanden opgelopen. Hoewel volgens een onderzoek van Unicef in september 2020 wereldwijd Nederland op nummer 1 staat inzake mentale en fysieke gezondheid16, zijn er helaas ook veel jongeren in ons land waarmee het niet goed gaat. Overigens blijkt uit het Unicef-onderzoek “Geluk onder druk” dat jongeren zelf de meeste druk voelen door school en nauwelijks door social media. Tegelijkertijd zien we echter ook dat jongeren veel tijd doorbrengen op social media en daardoor vaak slachtoffer worden van gedigitaliseerde criminaliteit (en ook vaak dader zijn). De laatste jaren vindt een toename plaats van de criminaliteit bij jongeren. Ook bij de jeugd wordt meer geweld in de openbare ruimte waargenomen en vindt er normalisering van wapengebruik plaats17. Zorgwekkend is het aantal steekincidenten in ons land: landelijk waren er in 2017 135 verdachten van steekincidenten in de leeftijdscategorie van 12 tot en met 17 jaar en 260 in

Unicef-rapport Report Card 16 waarbij de mentale en fysieke gezondheid van kinderen tussen 17 Aldus het Strategisch Omgevingsbeeld 2020 van het Ministerie van Justitie & Veiligheid. 16

34

Concept versie 27 Juni 2022

de categorie 18 tot en met 22 jaar. In 2021 bedroegen die cijfers respectievelijk 295 en 345. Dat zijn stijgingen van 118,5% en 32,7%18. Bij jongvolwassenen (18- tot en met 21-jarigen) zien we een toename van personen die worden verdacht van moord of poging tot moord met 49% (2021 vergeleken met 2020)19. Helaas zijn veel jongeren gevoelig voor de verlokkingen van criminaliteit: drugshandel en digitale criminaliteit leveren nu eenmaal meer geld op dan een stagevergoeding. Daarnaast is ook het drugsgebruik onder jongeren (en de normalisering daarvan) een voortdurende bron van bezorgdheid. Hoewel dus veel jongeren het in ons land goed doen en een gelukkig leven leiden, zijn er helaas ook groepen die kwetsbaar zijn door huiselijk geweld, schulden of andere problemen achter de voordeur. Deze jongeren krijgen doorgaans een lager schooladvies, er is meer schooluitval en zijn vatbaarder voor bijvoorbeeld psychische problemen, criminaliteit, mensenhandel of radicalisering. Zeker jongeren met een migratieachtergrond kunnen soms moeilijk meekomen in onze samenleving door de achterstandssituatie van hun ouders.

18 19

Gebaseerd op cijfers uit bericht van de NOS d.d. 20 januari 2022. Bericht van Nu.nl d.d. 29 december 2021 n.a.v. interview met Gerrit van der Burg, voorzitter van het College van procureurs-generaal in het Algemeen Dagblad

Regionaal Veiligheidsplan Oost-Brabant 2023-2026

Samen bouwen aan een veilig Oost-Brabant

35

Concept versie 27 Juni 2022

Concept versie 27 Juni 2022

Zorg en Veiligheid  (prioriteit 1) Inleiding: We leven in een complexe samenleving waarin niet iedereen op elk moment van zijn of haar leven mee kan komen. Dit kent verschillende achtergronden. Soms is er sprake van (een opeenstapeling van) psychische klachten, een verslaving of een verstandelijke beperking. Soms is er sprake van crimineel gedrag en soms is er gewoonweg sprake van pech. Dit kan persoonlijk lijden tot gevolg hebben en incidenten kunnen escaleren tot situaties met grote impact voor de betrokken personen en mensen om hen heen. We kennen allemaal de schokkende voorbeelden van huiselijk geweld of incidenten met personen met onbegrepen gedrag. Dit zijn de excessen, maar vaak kennen deze situaties een langere aanlooptijd, waarbij het van belang is dat instanties waar mogelijk al in een vroegtijdig stadium acteren. Hiermee voorkomen we dat situaties escaleren, waardoor er een minder groot veiligheidsrisico is voor de samenleving, maar het ook recht doet aan het individu dat op dat moment de juiste zorg en ondersteuning nodig heeft. Soms zijn de incidenten van dien aard dat het strafrecht primair aan zet is. Dat is niet alleen rechtstatelijk juist, maar biedt ook de gelegenheid om, naast strafrechtelijke interventies, ruimte te bieden aan een gedwongen zorgkader of dwingende interventies in het sociaal domein. Tegelijk geldt dat voorkomen beter is dan genezen.

Dus waar dat kan worden bereikt heeft dit zonder meer de voorkeur. Meer aandacht voor preventie, gezondheid, eenzaamheid en armoede leidt tot reductie van het aantal personen met onbegrepen gedrag. Een brede benadering, met een goed evenwicht tussen preventie en repressie en tussen zorg en straf, doet recht aan de situatie van het individu, zijn of haar omgeving en de belangen van onze samenleving.

De afgelopen jaren is de samenwerking tussen zorg en veiligheid in de regio en in veel gemeenten steeds beter geworden: in sommige gemeenten zijn de afdelingen veiligheid en zorg geïntegreerd of vinden gezamenlijke acties plaats tussen deze afdelingen. Daarnaast sluit in veel gemeenten een wethouder zorg met regelmaat aan bij een Driehoek of een ander veiligheidsoverleg met de burgemeester. Onder andere de (regionale) implementatie van de Wvggz21 en de aanpak van personen met onbegrepen gedrag hebben hierbij als katalysator gewerkt. Hiermee zijn we er echter nog niet. Er zijn maatschappelijke ontwikkelingen zoals bijvoorbeeld het woningtekort en de wachtlijsten die leiden tot een grotere kans op escalatie van problemen. Daarnaast blijft integraal werken de voortdurende aandacht nodig hebben. Hiertoe jaagt de Programmaraad Zorg en Veiligheid Oost-Brabant aan en adviseert en agendeert waar nodig. Door met de inhoudelijke onderwerpen op het snijvlak van zorg en veiligheid aan de slag te gaan, levert de PRZV een bijdrage aan de verdere verbinding tussen zorg en veiligheid in de regio Oost-Brabant.

Kortom: het veiligheidsdomein heeft het zorg- en sociaal domein20 nodig en vice versa. Een goede verbinding tussen deze domeinen is noodzakelijk en kan beiden ten goede komen. 20

Daar waar we in dit document spreken over het zorgdomein bedoelen we het zorg- en sociaal domein.

36

Waarom is een integrale aanpak van zorg en veiligheid ook in de komende jaren van belang?

» Zoals in de inleiding reeds opgemerkt kan het veiligheidsdomein niet zonder het zorgdomein en vice versa.22 De hier beschreven problematiek bevindt zich op het snijvlak van zorg en veiligheid en daarom is een integrale aanpak nodig. Hierbij is het voorkomen van een probleem (een persoon met onbegrepen gedrag die op straat voor overlast of gevaar zorgt) noodzakelijk: zowel voor de persoon in kwestie, de directe omgeving van deze persoon als voor de organisaties die zich met deze persoon bezighouden (naast sociaal domein en GGZ-instellingen ook bijvoorbeeld politie of OM). Zorg (en welzijn en buurt- en jongerenwerk) is essentieel bij het voorkomen dat jongeren bijvoorbeeld radicali­ seren of dreigen af te glijden in de zware onder­ mijnende criminaliteit. » Hoewel er kanttekeningen te maken zijn als het gaat om registraties van incidenten en het aantal E33-meldingen bij de politie niet het complete beeld schetst als het gaat om het aantal personen met onbegrepen gedrag, laat het wel nog steeds een stijgende trend zien, wat herkend wordt in de praktijk.23 Daar waar er aan het begin van de vorige RVP-periode in 2015 nog 4.240 meldingen waren in de regio Oost-Brabant is dat aantal nu reeds gestegen tot 10.021 in 2021.

Ondanks dat het regionale project inzake personen met onbegrepen gedrag in Oost-Brabant begin 2020 is afgesloten, is de problematiek alleen nog maar verder toegenomen. De redenen voor deze toename zijn niet eensluidend: een complexe samenleving, wachtlijsten bij de GGZ-instellingen, een tekort aan betaalbare woningen en minder tolerantie voor afwijkend gedrag kunnen hebben bijgedragen aan deze stijging.

» Huiselijk geweld en kindermishandeling is de meest voorkomende vorm van geweld in onze samen­ leving. Met ongeveer 130.000 meldingen bij Veilig Thuis (landelijke cijfers) is het een van de grootste geweldsmisdrijven is in ons land (en ook in Oost-Brabant). Gemiddeld zijn er 50 zaken per jaar in Nederland met dodelijke afloop (ongeveer 1 per week) en 1 op de 5 vrouwen is ooit fysiek mishandeld (vaak door de (ex)-partner). Verder is 2/3 van de daders ooit zelf slachtoffer geweest. Het is dus van belang om hierop verder te investeren. » Naast de bovenstaande onderwerpen, die de komende RVP-periode de bijzondere aandacht hebben van de PRZV is het soms – door incidenten of signalen uit het werkveld – noodzakelijk om op andere onderwerpen op het snijvlak van zorg en veiligheid knelpunten te agenderen, aanjagen of adresseren. De belangrijkste rollen voor de Programmaraad Zorg & Veiligheid waar zij zich op het snijvlak van zorg en veiligheid mee bezig houdt zijn de “3 A’s”: 1. Afstemmen, signaleren en kennisdelen 2. Agenderen/ambassadeur (richting eigen achter ban én extern) 3. Aanjagen

Overigens zijn er meer domeinen die relevant zijn bij het aanpakken van veiligheidsonderwerpen: wonen, onderwijs en jeugd. Daar wordt elders in dit RVP aandacht aan besteed; dit hoofdstuk ziet vooral toe op de verhouding tussen zorg en veiligheid. 23 Zie Onderzoeksrapport DSP: ‘E33 – Meer dan een label’. 22

21

Wvggz = Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg.

Regionaal Veiligheidsplan Oost-Brabant 2023-2026

Samen bouwen aan een veilig Oost-Brabant

37

Concept versie 27 Juni 2022

Ambitie voor 2023-2026:

» We investeren in een nog sterkere verbinding tussen de domeinen zorg en veiligheid om een integrale aanpak te realiseren, zowel binnen de gemeentelijke organisaties als tussen de partners zoals bijvoorbeeld de politie, OM, GGZ-instellingen, verslavingszorg, Zorg- en Veiligheidshuizen, GGD of Veilig Thuis. Zowel op ambtelijk/beleidsmatig niveau als op bestuurlijk niveau. » De PRZV ondersteunt bij knelpunten op het snijvlak van zorg en veiligheid conform de “3 A’s”; Afstemmen, Agenderen en Aanjagen. Naast knelpunten op het brede terrein van zorg en veiligheid ligt de focus van de PRZV de komende jaren op enerzijds personen met onbegrepen (en overlastgevend) gedrag (en een hoog veiligheidsrisico) en anderzijds huiselijk geweld en kindermishandeling. » “Jeugd” komt als specifieke doelgroep terug bij de vraagstukken op het snijvlak van zorg en veiligheid. » Doorlopend moet bezien worden of er onder­werpen in overleggremia gebundeld kunnen worden. Als partners moeten we ervoor waken dat voor elk onderwerp dat valt onder het thema “zorg en veiligheid” een separate governance wordt opgetuigd.

38

Wat gaan we de komende jaren doen?

Eerder in dit hoofdstuk is de nieuwe werkwijze van de PRZV beschreven: afstemmen, agenderen en aan­jagen. De kracht van de PRZV zit juist in deze actieve werkwoorden: anders dan de meeste andere Programma­ raden of bestuurlijke werkgroepen is de PRZV geen platform waar alle onderwerpen betreffende zorg en veiligheid kunnen worden ondergebracht, maar is het wel hét platform in Oost-Brabant dat mede richting kan geven aan deze onderwerpen. Hierbij wordt gebruik gemaakt van, en aangesloten op, de bestaande organi­ saties en structuren. De PRZV kan bijvoorbeeld constateren dat het gebrek aan passende woonvormen een adequate aanpak van personen met onbegrepen gedrag in de weg staat of dat sommige gemeenten het onderwerp “nazorg” niet goed hebben geborgd. Het brede netwerk (waaronder gemeenten, politie, OM, GGZ instellingen, afdelingen jeugd, onderwijs, wonen en welzijn, de Zorg- en Veiligheidshuizen, de GGD, de woningbouwverenigingen, HALT, DJI, Novadic-Kentron, de Reclassering etc.) moet daar dan mee verder aan de slag gaan. De PRZV is daarmee geen actieoverleg. Dat is gelet op de veelvoud van onderwerpen, belangen en verantwoordingslijnen niet mogelijk.

Daar waar “veiligheid” strak is georganiseerd langs de kaders van de Politiewet (de politie-eenheid Oost-Brabant met het Regionaal Overleg Veiligheid, de Regionale Driehoek, de Bestuurlijke Regiegroep en de Driehoeken Basisteams) is het Zorg- of Sociaal Domein anders en op een andere schaal georganiseerd (verschillende soorten overleggen, portefeuillehouders en externe partners met eigen besturen). Verschillende van onderstaande speerpunten zijn dus niet of niet vol­ ledig voor verantwoording van de PRZV. Sterker: ook de andere Programmaraden, bestuurlijke werkgroepen en Driehoeken staan aan de lat om de verbinding tussen zorg en veiligheid te verstevigen en te borgen door middel van concrete onderwerpen.

Regionaal Veiligheidsplan Oost-Brabant 2023-2026

Concept versie 27 Juni 2022

Speerpunten voor de komende jaren zijn: » De aanpak van huiselijk geweld en kindermishandeling verdient extra aandacht, focus en inzet van alle partijen, primair vanuit het veiligheidsdomein in nauwe relatie met het zorgdomein. Het gaat immers om (vaak) zware geweldsmisdrijven. Daarbij moet er ingezet worden op daders en de slachtoffers. Geweld in afhankelijkheidsrelaties kent primaire en secundaire slachtoffers. Als kinderen secundair slachtoffer zijn, kan dat hun dagelijkse leven ernstig ontregelen en hun toekomst verstoren. Een verstoord en verzwakt thuisfront en het ontbreken van adequate hulp kunnen leiden tot schoolverzuim, het terecht komen in criminele circuits en uiteindelijk kunnen kinderen zelf vroeg of laat geweldpleger worden. De stuurgroepen maken gebruik van de bestaande structuur van de Zorg- en Veiligheidshuizen om voorstellen positief te bekrachtigen in de situaties dat besluitvorming door de gemeenten of overige gremia nodig is. Opdracht: de stuurgroepen Huiselijk Geweld en Kindermishandeling.

» De jeugd heeft de toekomst! Die toekomst zit vol mooie kansen en uitdagingen, maar is soms ook onderhevig aan risico’s en gevaren. Jongeren zijn bijna 24/7 digitaal en derhalve vaak slachtoffer én dader van cybercrime. Ook worden jongeren, door hun leeftijd nog vaak beïnvloedbaar en soms op zoek naar “snel geld”, ingezet bij ondermijnende criminaliteit (als geldezels of drugskoeriers). Maar ze lopen ook het risico op (seksuele) uitbuiting of zijn beïnvloedbaar voor extremistische en radicale boodschappen. Kortom: een weerbare jeugd is van groot belang voor een veilige toekomst. Bij het oppakken van vraagstukken op het snijvlak van zorg en veiligheid zal daarom standaard de vraag moeten worden gesteld of een specifieke jeugdaanpak noodzakelijk is. Hoewel het onderdeel “jeugd” in dit RVP is opgenomen in het hoofdstuk zorg en veiligheid, moet het ook onderdeel zijn van de aanpak op de andere prioriteiten (digitale veiligheid, maatschappelijke onrust, mensenhandel en ondermijning). Opdracht: alle partners.

» Bij de aanpak van personen met onbegrepen gedrag wordt de focus de komende jaren gelegd op het aanjagen dat er passende woonruimte voor deze doelgroep komt én richten we ons op het voorkomen van overlast en criminaliteit. Interveniëren vanuit vroegsignalering, verbeteren van de integrale acute ketenzorg en tijdelijk rust creëren, bijvoorbeeld door middel van time-out voorzieningen, kan er aan bijdragen dat personen met onbegrepen gedrag niet escaleren tot hoog-veiligheidsricio’s, of erger nog; tot impactvolle incidenten voor het individu en de samenleving. Domeinoverstijgend samenwerken is hierbij essentieel. De zorg- en veiligheidsoverleggen in de subregio’s zijn hierbij in eerste instantie aan zet. Opdracht: de subregio’s en de PRZV.

» De Zorg- en Veiligheidshuizen zijn de expertise­centra voor verschillende onderwerpen betreffende zorg en veiligheid. Daar vinden casusoverleggen plaats voor complexe casuïstiek en worden aanpakken opgezet voor specifieke groepen. Tevens spelen de Zorg- en Veiligheidshuizen een belangrijke rol bij de aanpak van radicalisering (weegtafel) en de Ketenveldnorm. Daarmee zijn ze de knooppunten voor gecoördineerde acties van de zorg- en veilig­heidspartners waar de kennis aanwezig is over de verschillende onderwerpen. En verder hebben beide organisaties een taak in de ontwikkeling van kennis en expertise in de regio en het bevorderen van domeinoverstijgende samenwerking in de keten van zorg en veiligheid. Het uitbreiden van hun rol als kennis- en expertisecentrum zal de komende jaren centraal staan. De organisaties bekijken hoe werk­afspraken met partners op elkaar kunnen worden afgestemd. De Zorg- en Veiligheidshuizen werken onder aansturing van een stuurgroep (ZVHBNO) c.q. regiegroep (ZVHBZO) waarin de ketenpartners zijn vertegenwoordigd. Daarin worden ook de regionale prioriteiten benoemd, naast de opdracht zoals die is vastgelegd in de landelijke Meerjarenagenda 2021-2024. Opdracht: Zorg- en Veiligheidshuis Brabant-Noord en Zorg- en Veiligheidshuis Brabant-Zuidoost.

» Verder gaat de regio Oost-Brabant door met uitvoering van de ketenveldnorm Levensloopfunctie en Beveiligde bedden. Doel is betere ondersteuning en zorg voor mensen met (potentieel) gevaarlijk gedrag als gevolg van een psychische stoornis en/of een verstandelijke beperking, zonder strafrechtelijke titel. Met de Ketenveldnorm bieden we continuïteit van ambulante ondersteuning en risicogerichte zorg (forensisch FACT-zorg en de mogelijkheid om tijdelijk op te schalen naar beveiligde intensieve zorg). Dit alles draagt bij aan de veiligheid in de directe lokale leefomgeving. Opdracht: uitvoerende organisaties Ketenveldnorm en ondersteunen vanuit de PRZV.

Samen bouwen aan een veilig Oost-Brabant

39

Concept versie 27 Juni 2022

Concept versie 27 Juni 2022

Ambtelijk en bestuurlijk platform:

Thans zijn in onze regio de (bestuurlijke) Programma­ raad Zorg & Veiligheid (PRZV) en het (ambtelijk) Agendaoverleg Zorg & Veiligheid actief. Daarnaast is er een breed Netwerk Zorg & Veiligheid. Voor inhoudelijke informatie over deze platforms wordt verwezen naar de bijlage “Governance”.

40

Regionaal Veiligheidsplan Oost-Brabant 2023-2026

Samen bouwen aan een veilig Oost-Brabant

41

Concept versie 27 Juni 2022

Concept versie 27 Juni 2022

Digitale Veiligheid  (prioriteit 2) Inleiding Onze samenleving is in toenemende mate afhankelijk van informatietechnologie (IT). Nieuwe technologie leidt tot nieuwe waardevolle toepassingen, maar het faciliteert en genereert ook nieuwe kwetsbaarheden en dreigingen. Door werk en vrije tijd zijn veel van onze inwoners een groot deel van de dag online en daarmee ook kwetsbaar voor criminelen. Voor de komende periode voorzien we dat het belang van informatietechnologie voor alle maatschappelijke processen nog groter wordt, waarbij geldt dat niet alleen haast elk delict een digitale component kent, maar elke maatschappelijke gebeurtenis een digitaal spiegelbeeld heeft. De snel stijgende trend maakt vele slachtoffers en kan ontwrichtende effecten hebben op de maatschappij. Dit is zeker het geval in de kennisintensieve en hightech omgeving van Oost-Brabant; de effecten zijn des te groter wanneer daar grote verstoringen in optreden. We pakken Digitale Veiligheid als onderwerp daarom in de volle breedte aan: van grootschalige ransomware aanvallen vanuit criminelen of cyberaanvallen van statelijke actoren tot digitale criminaliteit die individuen raakt zoals phishing of sexting. Kortom, we richten ons op cybercrime én gedigitaliseerde criminaliteit. De aanpak van Digitale Veiligheid vraagt om een verschuiving van werkzaamheden en competenties.

Daarom bevorderen we dat de eigenstandige organisaties vanuit ieders rol en taak volop inzetten op Digitale Veiligheid. Daarnaast werken we aan een integrale aanpak als het gaat om het verhogen van de cyberweerbaarheid van de samenleving als geheel.

Waarom is dit onderwerp ook in de komende jaren van belang?

» De media staan bol van misdrijven met een digitaal aspect. Cijfers en rapporten ondersteunen deze stijgende trend. We zien hierbij een verschuiving van traditionele criminaliteit (zoals woninginbraken, afpersing of babbeltrucs) naar digitale criminaliteit (zoals hacking, ransomware of phishing). Als we kijken naar de politiecijfers24 in Oost-Brabant van 2021 vergeleken met de cijfers van 2019 dan zien we een forse stijging van cybercrime- en fraudezaken (veelal digitale fraude) van respectievelijk 250% en 50% en een daling van 38% van het aantal woninginbraken. » Deze digitalisering van de criminaliteit zal alleen maar verder toenemen. In feite is het al de nieuwe werkelijkheid. Onze manier van het tegengaan van deze digitalisering van de criminaliteit blijft echter achter. » Naast het leed van individuele burgers of bedrijven die slachtoffer worden van digitale criminaliteit beschrijft het Dreigingsbeeld statelijke actoren25 dat Cybercrime ook om andere motieven dan geldelijk gewin wordt gepleegd. Het is dus niet alleen schrijnend voor de individuele slachtoffers, het kan ook nog eens ontwrichtend zijn voor de maatschappij. Deze dreiging houdt zich niet aan regionale grenzen, maar we kunnen stellen dat we in Oost-Brabant niet minder kwetsbaar zijn dan andere delen van Nederland, mede gezien de hightech industrie en de toegenomen digitalisering in de agrarische sector.

» Internationale conflicten, zoals de oorlog in Oekraïne, vergroten het risico op cyberaanvallen vanuit Rusland. Deze dreiging zal door de oorlog steeds reëler worden. Bron: data.politie.nl. Een kanttekening bij deze cijfers is op zijn plaats. De politiecijfers geven enkel de cijfers weer van mensen die aangifte hebben gedaan en de cijfers kunnen zijn vertekend door vervuiling in de registraties en het hanteren van verschillende definities. Ook wordt veel niet gemeld. Hiermee zijn deze cijfers slechts het topje van de ijsberg. De stijgende trend is evenwel duidelijk en wordt ook ondersteund door cijfers van het CBS en de Fraudehelpdesk. 25 Dreigingsbeeld statelijke actoren (uitgave AIVD, MIVD, NCTV, februari 2021). 24

42

Regionaal Veiligheidsplan Oost-Brabant 2023-2026

» De coronapandemie heeft de toch al stijgende trend in een stroomversnelling gebracht. Mensen gingen thuiswerken en winkels werden webwinkels. De verwachting is dat de informatiebeveiliging niet in hetzelfde tempo is meegegroeid. Hierdoor ontstonden kwetsbaarheden waar criminelen slim gebruik van hebben gemaakt. De verwachting is dat we deels digitaal blijven werken in de toekomst. De voor­delen van deze versnelde digitalisering hebben we er namelijk ook van ondervonden. Het zal nog enige tijd kosten om de informatiebeveiliging verder in te regelen waardoor de kwetsbaarheden blijven bestaan. Daarnaast is het een continue “ratrace” tussen criminelen en informatiebeveiligingsmaatregelen, waarbij informatiebeveiliging een balans is tussen enerzijds “dichttimmeren” en anderzijds “gebruikersgemak”. » We zien dat openbare ordeverstoringen steeds meer online worden aangejaagd, ook in Oost-Brabant. We hebben hier voorbeelden van gezien bij de rellen in Eindhoven en ’s-Hertogenbosch, maar ook bij een dreigend project-X feest in Katwijk (gemeente Land van Cuijk). Er zijn nog onvoldoende handvatten om hier tegen op te treden. » Daders van cybercrime en gedigitaliseerde criminaliteit zijn moeilijk op te sporen en te vervolgen.

Waar er bij de traditionele criminaliteit tussen daders en slachtoffers veelal een direct (fysiek) verband (met sporen) is, is dat bij cybercrime en gedigitaliseerde criminaliteit veel minder het geval. Digitale sporen zijn niet altijd te traceren en daders kunnen zich op andere continenten bevinden. Alhoewel hier wel slagen in gemaakt worden door politie en OM is het voorkomen van slachtoffers (door mensen cyberweerbaar te maken én de informatiebeveiliging op orde te brengen) en het verstoren van processen vele malen effectiever. Mocht er zich toch een incident voordoen dat is het van belang dat de cybergevolgbestrijding ook op orde is.

» Breed inzetten op Cyberweerbaarheid is dus een belangrijk speerpunt voor de komende jaren. Het jaarlijkse Cybersecurity onderzoek Veilig Online van Alert Online26 laat echter zien dat de Cyberweer­ baarheid van de samenleving achterblijft. Dit maakt de noodzaak om hier op te investeren én een inhaalslag te maken erg groot.

Ambitie voor 2023-2026:

» We streven naar een weerbare samenleving met minder slachtoffers doordat er minder geslaagde pogingen van cyberaanvallen en gedigitaliseerde criminaliteit zijn. Dit doen we door te investeren in cyberweerbaarheid en informatieveiligheid. » We zorgen er voor dat de organisaties (politie, OM en gemeenten) een stap verder komen in de interne transitie als het gaat om de verschuiving van criminaliteit van het fysieke naar het digitale domein. Het Regionaal Expertteam Digitale Veiligheid kan hierbij adviseren. » Wanneer er zich een cyberaanval voordoet dan zorgen we voor schadebeperking doordat de cyber­ gevolgbestrijding bij organisaties beter op orde is en er op cyberincidenten geoefend wordt.

26

Alert Online is een initiatief dat overheid, bedrijfsleven, onderwijs, wetenschap en consumenten in Nederland faciliteert en stimuleert samen te werken aan cybersecurity én hen meer cyber secure te laten handelen.

Samen bouwen aan een veilig Oost-Brabant

43

Concept versie 27 Juni 2022

Wat gaan we de komende jaren doen?

Als regio Oost-Brabant kunnen we niet alle cybercriminelen oppakken; juist bij deze vorm van criminaliteit hebben we te maken met daders en slachtoffers die niet in dezelfde regio of hetzelfde land of hetzelfde continent hoeven te wonen. Dat maakt opsporing en vervolging lastig. Maar niet onmogelijk! Daarom is het zaak om te kijken wat we wél kunnen doen als regio. » Politie en OM gaan onverminderd door met opsporing en vervolging en werkt hierin bovenregionaal en internationaal samen. Daarnaast wordt ingezet op verstoring van het criminele proces. De digitalisering biedt ook kansen voor politie en OM als het gaat om opsporing, maar ook als het gaat om slimme inzet van schaarse capaciteit. Opdracht: OM, Politie, Taskforce-RIEC (met partners): verstoren, opsporen en vervolgen.

» Zoals gezegd is opsporen en vervolgen moeilijk. Daarom is het raadzaam om - naast verstoren - in te zetten op het voorkomen van slachtoffers. Dit doen we door te investeren in digitale weerbaarheid. Digitale weerbaarheid kent twee facetten: – enerzijds moeten blijven bevorderen dat het “eigen huis op orde” is als het gaat de informatiebeveiliging. Overheidsorganisaties hebben hierin een extra verantwoordelijkheid gelet op de voorbeeldfunctie én op het feit dat de overheid soms werkt met vertrouwelijke persoonsgegevens. Het vertrouwen in de overheid wordt geschaad indien privacygevoelige informatie “op straat belandt”. Opdracht: alle partners zullen er zelf voor moeten zorgen dat het eigen huis op orde is. Hierbij houden we de verbinding met de CISO's27’ in de regio. – anderzijds moeten we werken aan het bewust maken en het bieden van een handelingsperspectief aan burgers, bedrijven en overheden. Gemeenten ondersteunen burgers en bedrijven bij het vergroten van de digitale weerbaarheid. De focus ligt hierbij op de kwetsbare groepen zoals jeugd (als dader en slachtoffer), het Midden- en Kleinbedrijf, ouderen, laaggeletterden en “digibeten”, maar ook ‘de burger’ in algemene zin zal weerbaar moeten zijn en blijven.

De Programmaraad Digitale Veiligheid en het Regionale Expertteam Digitale Veiligheid ondersteunen hierbij door inter­venties en campagnes laagdrempelig aan te bieden aan de gemeenten en hierover te adviseren. Het Expertteam zal hiertoe in de volgende RVP-periode ook nieuwe samenwerkingsverbanden zoeken, o.a. op het thema Jeugd en Ondermijning. Opdracht: alle partners, ondersteund door de Programmaraad Digitale Veiligheid en het Regionale Expertteam Digitale Veiligheid, Cyberweer-baarheidscentrum Brainport, Platform Veilig Ondernemen (PVO) Oost-Brabant.

» Cybercrime en gedigitaliseerde criminaliteit is een relatief nieuw fenomeen. De verschuiving van criminaliteit van het fysieke naar het digitale domein (de “crime change”) vraagt om een transitie binnen organisaties; het vraagt om nieuwe en andere werkzaamheden, andere competenties, andere samenwerkingsverbanden en ander beleid (bijvoorbeeld als het gaat om online aangejaagde openbare ordeverstoringen). Op den duur zullen cybercrime en gedigitaliseerde criminaliteit “business-as-usual” zijn, waar organisaties toekomstbestendig op ingericht moeten zijn. Opdracht: alle partners zullen deze transitie door moeten maken. De Programmaraad Digitale Veiligheid en het Regionale Expertteam Digitale Veiligheid kunnen hierbij ondersteuning bieden.

27

44

Concept versie 27 Juni 2022

- Ongetwijfeld lukt het nooit helemaal om cyberincidenten te voorkomen. Daarom is het van belang om hier op voorbereid te zijn en de schade te beperken mocht het zich onverhoopt voordoen. Daarom is het van belang om te investeren in cybergevolgbestrijding. Organisaties dienen voorbereid te zijn op de gevolgen van een cyberincident, zowel bij interne incidenten als bij incidenten met een extern effect. Planvorming en oefenen gaan hierbij hand in hand. Opdracht: alle partners, ondersteund door de Veiligheidsregio’s - Online aangejaagde ordeverstoringen komen steeds meer voor. Reeds ontwikkelde bevoegdheden en interventies worden ontsloten voor onze partners. Opdracht: alle partners. De Programmaraad Digitale Veiligheid en het Regionale Expertteam Digitale Veiligheid bieden hierbij ondersteuning.

Ambtelijk en bestuurlijk platform:

Thans zijn in onze regio de Programmaraad Cyber en de Projectgroep Cyber actief. In deze RVP-periode gaan we overeenkomstig de benaming van dit hoofdstuk “Digitale Veiligheid” het ambtelijke en bestuurlijke platform ook zo noemen waarbij de Projectgroep wordt omgevormd tot een Regionaal Expertteam Digitale Veiligheid. De Programmaraad is het strategisch bestuurlijk platform voor Digitale Veiligheid. Het Expertteam is het ambtelijk gremium dat enerzijds de Programmaraad voedt en ondersteunt en anderzijds zijn de deelnemers voor hun collega’s in het basisteam het aanspreekpunt voor deze onderwerpen. Voor inhoudelijke informatie over deze platforms wordt verwezen naar de bijlage “Governance”.

- Politie, OM en andere informatiebronnen kunnen voor actuele informatiebeelden zorgen die gemeenten kunnen helpen in de preventiestrategieën, zodat ze die daar waar nodig ook op de actualiteit aan kunnen passen (is er bijvoorbeeld sprake van een nieuwe vorm van gedigitaliseerde criminaliteit of is er een nieuwe modus operandi waar we burgers en bedrijven weerbaar voor moeten maken?). Opdracht: politie, OM en andere houders van informatie.

Ciso = Chief information Security Officer. De Ciso is binnen een organisatie verantwoordelijk voor het implementeren van informatiebeveiligingsbeleid en het toezicht daarop.

Regionaal Veiligheidsplan Oost-Brabant 2023-2026

Samen bouwen aan een veilig Oost-Brabant

45

Concept versie 27 Juni 2022

Concept versie 27 Juni 2022

Maatschappelijke onrust “ (prioriteit 3) Inleiding: Onze samenleving staat onder constante druk die kan leiden tot maatschappelijke onrust. Dit is geen nieuwe ontwikkeling, maar de coronapandemie heeft deze problematiek meer aan de oppervlakte gebracht én verdiept. Polarisatie28, extremisme29 en radicalisering30 ondermijnen en ontwrichten onze samenleving en leiden tot een afname van vertrouwen in instanties (zowel in de overheid als in het maatschappelijk middenveld) en op termijn zelfs tot het disfunctioneren van het politieke en maatschappelijke systeem. Dit is een bedreiging voor een vrije democratische samenleving. In de Horizonscan 2020 van de Nationale Veiligheid Strategie van het Ministerie van Justitie & Veiligheid wordt opgemerkt dat meer aandacht nodig is voor ‘niet-gewelddadig extremisme’. Een toename van tegenstellingen (sociaaleconomisch én sociaal-­ cultureel), het toenemende belang van ervaren primaire identiteit en toename van complotdenken vormen een voedingsbodem voor niet-gewelddadig extremisme en polarisatie. Dit kan ontwrichtend werken voor de stabiliteit en leefbaarheid in ons land.

Polarisatie is het versterken van tegenstellingen tussen partijen of bevolkingsgroepen. 29 Extremisme is een vorm van radicalisering met een tot het uiterste door­ getrokken ideologie waarbij de bereidheid tot het sluiten van compromissen ontbreekt. 30 Radicalisering is een proces van toenemende bereidheid om de uiterste consequentie uit een denkwijze te aanvaarden en die in daden om te zetten. Deze toenemende bereidheid kan leiden tot gedrag dat andere mensen diep kwetst of in hun vrijheid raakt, kan aanleiding zijn voor individuen of groepen om zich af te keren van de samenleving en kan leiden tot het gebruik van (definitie van de NCTV). 28

46

Waarom is dit onderwerp ook in de komende jaren van belang?

» Het dreigingsniveau in ons land staat (begin 2022) op Dreigingsniveau 3, hetgeen betekent dat een terroristische aanslag in Nederland voorstelbaar is. De jihadistische dreiging tegen Nederland blijft onveranderd in stand en ook een terroristische aanslag in Nederland uit rechts-extremistische hoek is voorstelbaar (met extra aandacht voor accelerationistische31 netwerken). Er vinden in Europa nog steeds aanslagen plaats door alleen handelende daders (met politieagenten als primair doelwit). Verder is sprake van een mogelijke verharding bij een klein deel van het coronaprotest.32 Het debat (ook in Oost-Brabant) is verhard en verruwd en politici, journalisten, maar ook GGD-medewerkers of anderen die zich uitspreken, worden bedreigd. » Door grote processen als globalisering, individuali­ sering en informatisering is de Nederlandse samen­ leving veranderd. De grote diversiteit van de bevolking is daar onderdeel van op het gebied van etnische en religieuze achtergrond, in opvattingen en competenties en in mogelijkheden en kansen33 (Boutellier 2012).

Accelerationisme: het extreemrechtse gedachtegoed waarbij het creëren of versnellen van chaos wordt nagestreefd, om zo een rassenoorlog en de vervanging van de democratie door een witte etnostaat te bespoedigen. 32 Dreigingsbeeld Terrorisme Nederland (DTN) 55 uit oktober 2021. 33 Boutellier et al., 2012 31

Regionaal Veiligheidsplan Oost-Brabant 2023-2026

» Corona heeft een katalyserende werking op al sluimerend maatschappelijk ongenoegen gehad. Sinds de uitbraak van het virus heeft ontevredenheid in de samenleving zich zowel online als offline sterker gemanifesteerd. Op verschillende thema's vinden individuen en groepen - geholpen door sociale media - elkaar in gevoelens van onbehagen, onrechtvaardigheid of een andere werkelijkheidsbeleving. Dat geeft brandstof aan wantrouwen tegen traditionele instellingen als de overheid, de wetenschap of reguliere media.34 Tegenstanders van de corona-maatregelen en/of tegenstanders van vaccinatie waren prominent aanwezig in het publieke debat. In 2020 heeft de NCTV dan ook een nieuwe vorm van radicalisering toegevoegd aan de verschillende vormen van radicalisering: anti-overheidsradicalisering.35 Het is de vraag of geharde tegenstanders van het coronabeleid zich na de coronapandemie weer voegen in onze samenleving of nieuwe thema’s vinden. De onvrede in de samenleving lijkt al voor corona aan een opmars begonnen. Het aantal demonstraties is, ook in de Brabantse steden, fors toegenomen.36

» Complottheorieën wakkeren het maatschappelijk ongenoegen verder aan en kunnen verregaand ontwrichtend zijn.37 Daar waar in het verleden de onvrede van sommigen zich richtte op specifieke bevolkingsgroepen (en de overheid nog als een mediator kon optreden), is die overheid (maar ook de media) nu zelf het mikpunt van onvrede en agressie. Veel van onze inwoners volgen niet meer de traditionele media (krant, Omroep Brabant, NOS-journaal of RTL-nieuws) en staan niet open voor mededelingen van de overheid, maar vertrouwen op (des)informatie die tot hen komt via social media. Bekend zijn de algoritmes waarmee personen die ontvankelijk zijn voor deze boodschappen continu worden gevoed. Tevens kan geconstateerd worden dat dit soort desinformatie mede gevoed wordt door sommige politici.

Midterm review 2021 Nationale Veiligheid Strategie Hieronder vallen bijvoorbeeld gewelddadig verzet tegen de corona-maatregelen, het vernielen van (vermeende) 5G-masten of het delen van privégegevens om iemand (bijvoorbeeld een politiemedewerker of journalist) te intimideren (doxing). 36 T.a.v. het aantal demonstraties in Brabantse steden: in Eindhoven werden in 2017 48 manifestaties (demonstraties) georganiseerd. In 2019 waren dat er al 200, in 2020 184 en in 2021 318. In ’s-Hertogenbosch werd in 2015 3 keer gedemonstreerd en in 2021 24 keer. Overigens zien we, zeker in Eindhoven, ook een toename van demonstraties tegen de overheid (en/of tegen de corona-­ maatregelen) die niet van te voren worden aangemeld. In 2018 kwam dit nog maar 1 keer voor en in 2021 waren er 52 niet aangemelde manifestaties.

37

34 35

Ook in het straatbeeld in Oost-Brabant zijn uitingen te zien van complot­ theorieën zoals QAnon of graffiti tegen de coronamaatregelen.

Samen bouwen aan een veilig Oost-Brabant

47

Concept versie 27 Juni 2022

» Tegenstellingen in onze samenleving zijn er legio: klimaat, koloniaal verleden, vaccinaties, dierenrechten, ras, gender, vermogen, wonen etc. In het maatschappelijk debat is er vaak aandacht voor de uitgesproken opvattingen van de polen, terwijl het grootste deel van de mensen ergens in het midden zit. Deze middengroep is divers en wordt ook wel het ‘stille midden’ genoemd. Door de polen wordt druk uitgeoefend om het midden mee te krijgen. Het midden voelt zich gedwongen een keuze te maken als de twee uiterste groepen steeds feller van zich laten horen. Het aantal mensen aan beide polen neemt toe, waardoor het ‘stille midden’ en de ruimte voor nuance verdwijnen. Dit heeft als gevolg dat mensen steeds extremere standpunten innemen in het polarisatieproces.38 De kans is dus groot dat de polarisatie eerder zal toenemen dan afnemen. Juist dan verdient het midden dat er meer aandacht is voor hun geluid en dat er meer geluisterd wordt door overheden naar het midden en voorkomen wordt dat men moet gaan schreeuwen om gehoord te worden. Daarmee wordt polarisatie voorkomen en het midden versterkt!

» Polarisatie, extremisme en radicalisering spelen helaas, in meer of mindere mate, in alle 32 gemeenten in Oost-Brabant. Daar waar de ene gemeente misschien meer alert is op jihadisme of rechts­ extremisme, zal een andere gemeente juist op haar hoede zijn door de aanwezigheid van nertsfokkerijen of 5G-masten. » De komende jaren zal Nederland geconfronteerd worden met het vrijkomen van (ex-)gedetineerden die eerder zijn veroordeeld voor extremistische of terroristische strafbare feiten. Ook kan het zijn dat er uitreizigers en/of hun minderjarige kinderen uit oorlogs­gebied terugkomen naar Nederland (en zij gaan niet per definitie wonen in de regio waarvandaan is uitgereisd).

» De inval van Rusland in de Oekraïne in februari 2022 heeft de geopolitieke verhoudingen in Europa ingrijpend veranderd. Dit heeft ook invloed op ons land en onze regio: de opvang van vluchtelingen uit Oekraïne, spanningen tussen Russen en Oekraïners in ons land, mogelijke cyberaanvallen of desinformatie uit Rusland en verdere polarisatie rondom dit onderwerp in onze samenleving. Ook andere internationale ontwikkelingen hebben direct invloed op de situatie in onze regio (zoals de onthoofding van een Franse leraar op 16 oktober 2020 of de bestorming van het Capitool in Washington39).

38 39

Kennisplatform Integratie en Samenleving, 2018 Marnix Eysink Smeets van de Hogeschool Inholland ziet een direct verband tussen de bestorming van het Capitool en de avondklokrellen in ons land. Hij verwacht dat de verwachte polarisatie en onrust rondom de presidentsverkiezingen in de VS in 2024 (zeker als voormalig president Trump weer mee gaat doen) ook zal leiden tot een toenemende polarisatie in Europa.

48

Regionaal Veiligheidsplan Oost-Brabant 2023-2026

Concept versie 27 Juni 2022

Ambitie voor 2023-2026:

» Ondersteunen van sociale cohesie in onze wijken en dorpen door een nauwe samenwerking (ambtelijk en bestuurlijk) van de kolom veiligheid en het sociaal domein; » Aanjagen van en investeren in (de verdere opbouw en verankering van) stevige lokale netwerken die, indien nodig, de weg naar de regio weten te vinden en bijdragen aan het voorkomen van maatschappelijke onrust, polarisatie, extremisme en radicalisering. Dit is een laagdrempelige manier om juist in tijden van rust lokale sleutelfiguren duurzaam te verbinden in bondgenootschappen; » Investeren in kennis en awareness rondom extremisme, radicalisering en polarisatie; » Zerotolerance voor geweld tegen ambtsdragers, hulpverleners, journalisten en anderen die bedreigd worden in de uitoefening van hun functie.

Wat gaan we de komende jaren doen?

Als regio Oost-Brabant kunnen we niet de loop van de geschiedenis veranderen, we hebben geen invloed op internationale ontwikkelingen en we kunnen het internet niet vrijwaren van desinformatie of extremistische boodschappen. Maar er is veel wat we wel kunnen doen. Het blijft van belang om tijdig te herkennen als inwoners van onze regio radicaliseren. Awareness en urgentie zijn daarbij essentieel. Daarnaast is het voorkomen van verdergaande polarisatie een gezamenlijke opgave. Het versterken van het brede netwerk en het maatschappelijk middenveld en het weerbaar maken van onze samenleving blijven kern van deze aanpak: » De aandacht voor polarisatie, extremisme en radicali­ sering mag niet verslappen. Awareness en urgentie blijven belangrijk. Een Aandachtsfunctionaris Maatschappelijke Onrust40 kan hieraan een waarde­volle bijdrage leveren. Dankzij deze Aandachts­functionaris blijven deze thema’s geagendeerd op de lokale agenda. We stimuleren dat elke gemeente in Oost-Brabant in 2024 over een Aandachtsfunctionaris beschikt. Opdracht: alle partners. » Bij de aandacht voor radicalisering zal er vanuit politie, OM en gemeenten (inclusief de lokale netwerkpartners) ook uitdrukkelijk aandacht zijn voor radicalisering online. Onderdeel van deze online aanpak is het identificeren van verspreiders van digitale propaganda en, daar waar mogelijk, verstoren van de verspreidingskanalen.

Opdracht: alle partners. » Het is van belang om de informatiedeling tussen de organisaties, met name uit het zorgdomein, te optimaliseren. Gezien de risico’s op radicalisering bij personen met onbegrepen gedrag is de capaciteit en het detectievermogen in de geestelijke gezondheidszorg en andere maatschappelijke instellingen eveneens van groot belang. De NCTV verwijst hier ook expliciet naar bij het benoemen van het opkomende accelerationisme en bij potentieel gevaarlijke eenlingen. Opdracht: Programmaraad Maatschappelijke Onrust en de Zorg- en Veiligheidshuizen in samenwerking met Programmaraad Zorg & Veiligheid.

40

Een aandachtsfunctionaris (binnen een gemeente) is geen fulltime functie, maar het gaat om taken die voor een deel binnen het huidige takenpakket vallen. Te denken valt om deze functionaris te koppelen aan het Expertteam. Daarnaast kan overwogen worden om ook te stimuleren dat partner­ organi­saties (bijvoorbeeld jongerenwerk of GGZ) aandachtsfunctionarissen aanstellen.

Samen bouwen aan een veilig Oost-Brabant

49

Concept versie 27 Juni 2022

» Polarisatie is een thema voor ons allen: een ieder moet zijn rol pakken! De gemeente (vaak het sociaal domein) heeft de regierol in de lokale aanpak van polarisatie. Regionaal kunnen hiervoor handvatten worden aangedragen. Het voorkomen van polari­ satie betekent ook dat een ieder mee kan doen in de (lokale) samenleving en dat de overheid hiervoor de kaders stelt en actief hieraan bijdraagt. Dus: tegengaan discriminatie, tegengaan armoede, gelijke kansen voor iedereen (stageplekken en arbeidsmarkt), talentontwikkeling etc. Alle partijen zijn nodig bij de signalering, indamming en bestrijding van polarisatie. De politie richt zich op zowel de signalering als interveniëring, omdat polarisatie tot verstoring van de openbare orde kan leiden. Het Openbaar Ministerie (OM), bureau Halt en de Dienst Justitiële Inrichtingen (DJI)41 hebben een rol bij de aanpak van polarisatie wanneer er strafbare feiten zijn gepleegd. Scholen zijn een belangrijke partner omdat zeker ook jongeren vatbaar zijn voor polariserende invloeden. In het onderwijs ligt de focus op de preventie van polarisatie. Jeugdhulpverlening is belangrijk doordat zij dichtbij jongeren staan, hun leef- en denkwereld (proberen) te begrijpen en te investeren in regulier contact met jongeren.42 Opdracht: alle partners.

» De samenleving zijn wij allen! Dat betekent dat gemeenten sterk inzetten op netwerken om lokale verbindingen te onderhouden en te borgen. Dit wordt regionaal ondersteund. Bondgenoten, Focusgroepen, Sleutelfiguren of andere vormen van lokale netwerken moeten de verbinding onderhouden tussen inwoners en overheidspartners. Netwerken kunnen worden ingericht op religieuze basis, op wijkniveau of op leeftijd. Opdracht: alle gemeenten. De Programmaraad Maatschappelijke Onrust ondersteunt deze projecten door expertise met hulp van de Expertise-unit Sociale Stabiliteit (ESS).43

Naast deze partners zijn er nog meer partijen die een rol hebben in dit dossier zoals bijvoorbeeld 3RO en de Jeugdreclassering. 42 Uit: De aanpak van polarisatie: een verkenning van de rol van de Veiligheids­ regio. Rapport van Instituut Fysieke Veiligheid (IFV) d.d. 9 december 2021. 43 De ESS biedt gemeenten, professionals en gemeenschappen praktijkkennis aan over maatschappelijke spanningen en polarisatie en over radicalisering. 41

50

» Doorgaan met het trainen van medewerkers gemeenten, politie, OM, welzijnsorganisaties, maatschappelijk werkers, Reclassering, Jeugdzorg, buurt- en wijkwerkers, wijk-GGD’ers en anderen om tijdig radicalisering te herkennen en te voorkomen dat inwoners radicaliseren. Extra aandacht hierbij voor het trainen van medewerkers uit de geestelijke gezondheidszorg (zoals de GGZ), aangezien uit veel cases blijkt dat radicalisering regelmatig samengaat met psychische problemen. Opdracht: Programmaraad Maatschappelijke Onrust. Naast de trainingen die aangeboden worden door de Programmaraad zijn er natuurlijk ook interne trajecten ter bevordering van de kennis van professionals en worden de partners die deelnemen aan de weegtafel getraind. » Mede door corona, maar ook door intensief gebruik van social media, zijn jongeren extra kwetsbaar voor complottheorieën, extremisme en radicali­ sering. Veel jongeren zitten in een ‘informatiebubbel’ waarin groepsleden elkaars ideeën en meningen onder­steunen.44 Scholen, jongerenwerk, ouders, sport­verenigingen, bedrijfsleven en de cultuursector worden gestimuleerd om enerzijds de kansen­ ongelijkheid te verminderen en uitsluiting tegen te gaan en anderzijds moeten extremisme en radicalisering hard de kop worden ingedrukt.

Rolmodellen, stageplekken en tegengaan van discriminatie moeten hand in hand gaan met een “zero-­tolerance”beleid richting desinformatie en extremistische standpunten. Opdracht: alle gemeenten, scholen, jongerenwerk, Jeugdzorg, Bureau Halt en politie (jeugdagenten en digitale wijkagenten).

Concept versie 27 Juni 2022

» De overheid (gemeenten, politie, OM, belastingdienst etc.) trekt 1 duidelijke lijn met betrekking tot hetgeen geaccepteerd en hetgeen niet-geaccepteerd gedrag is. Discussiëren mag (dat is zelfs gezond voor een levendige democratie), maar bedreigingen, beledigingen of het verspreiden van onwaarheden zijn niet toelaatbaar. In tijden van toenemende anti-overheidsradicalisering is het belangrijk dat de overheid goed communiceert en beter en vaker uitlegt waarom bepaalde beslissingen worden genomen. Opdracht: alle partners.

Ambtelijk en bestuurlijk platform:

Thans zijn in onze regio het Expertteam Radicalisering en de Programmaraad Radicalisering actief. Overeenkomstig de benaming van dit hoofdstuk en de bredere focus op de problematiek rondom polarisatie, wordt voorgesteld deze gremia voortaan te benoemen als Expertteam Maatschappelijke Onrust47 en Programma­ raad Maatschappelijke Onrust. Voor inhoudelijke informatie over deze platforms wordt verwezen naar de bijlage “Governance”.

» Anti-overheidsradicalisering kan leiden tot meer geweld tegen bestuurders, handhavers, politieagenten, baliemedewerkers, brandweerlieden, ambulancemedewerkers of GGD-medewerkers. Dat is ontoelaatbaar. Na elke jaarwisseling of elk incident is de maatschappelijke verontwaardiging weer groot, maar het probleem is hardnekkig en doet zich bijvoorbeeld ook voor bij de aanpak van ondermijnende criminaliteit. Het onderwerp VPT moet regionaal (en waar nodig lokaal) weer hoger op de agenda komen, met een stevige aanpak zodat we blijven uitstralen dat we geweld tegen professionals te allen tijde afkeuren en aanpakken. Hiervoor richten we een tijdelijk werkgroep VPT op die een regionaal actieplan uitwerkt.46 Opdracht: stel een tijdelijke werkgroep VPT in die een Actieplan VPT opstelt.

» Naast de PGA-aanpak (individuele casuïstiek) in de Zorg- en Veiligheidshuizen moet er ook aandacht komen voor fenomeenaanpak en voor georganiseerde verbanden. Het is cruciaal dat ook bij de aanpak van georganiseerde verbanden multidisci­ plinair en integraal wordt samengewerkt (met de verschillende partners uit de diverse domeinen al dan niet onder de vlag van het Zorg- en Veiligheidshuis). Opdracht: politie, OM, Zorg- en Veiligheidshuizen45 in samenwerking met de partners. 44 45

Nederlands Jeugdinstituut (NJI) Het Zorg- en Veiligheidshuis heeft geen rol bij fenomeenanalyses; wel bij PGA.

Regionaal Veiligheidsplan Oost-Brabant 2023-2026

46

Goed om hiervoor de samenwerking te zoeken met het TF-RIEC-programma inzake de Brabantse norm voor bestuurlijke weerbaarheid.

47

Het begrip “maatschappelijke onrust” wordt ook gebruikt bij cases waarbij bijvoorbeeld onrust ontstaat in een wijk bij huisvesting van een voormalige zedendelinquent. De aanpak van dit soort cases behoort tot de lokale verantwoordelijkheden op het gebied van openbare orde en veiligheid en valt niet onder de scope van een Programmaraad Maatschappelijke Onrust.

Samen bouwen aan een veilig Oost-Brabant

51

Concept versie 27 Juni 2022

Concept versie 27 Juni 2022

Ondermijning  (prioriteit 4) Inleiding Oost-Brabant heeft geen uitzonderingspositie waar het georganiseerde criminaliteit en ondermijning betreft. Lokaal op gemeentelijk en basisteamniveau, maar ook op regionaal niveau speelt er veel onder en boven de oppervlakte. Beide niveaus zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden, hebben elkaar nodig en versterken elkaar wederkerig. Op beide niveaus wordt stevig doorgepakt. Er liggen echter nog voldoende kansen om deze aanpak te intensiveren, verbindingen te leggen en de actiegerichtheid en maatschappelijk impact te vergroten. Hierbij gaan we werken vanuit een Brabantse norm voor bestuurlijke weerbaarheid. De hoofdaanpak binnen het thema ondermijning richt zich op impactrijke48 acties en het werken aan een weerbare overheid en maatschappij. Daarnaast krijgt mensenhandel een bijzondere plek in dit hoofdstuk.

Waarom is dit onderwerp ook in de komende jaren van belang?

Zichtbaar het verschil maken houdt enerzijds in de korte zichtbare klap maken op een lokale locatie zoals een witwaspraktijk in een nagelstudio, op een object zoals een witte Mercedes van een crimineel die het straatbeeld domineert en intimideert of op een subject zoals een beruchte straatdealer. Anderzijds houdt het ook een aanpak in van een criminele familie die zich onaantastbaar waant, een crimineel samenwerkingsverband, (jeugd)straatbende of mensenhandel in bijvoorbeeld de vleesverwerkingsindustrie of illegale prostitutie die juist weer een wat langere adem vergt maar wel structureler het criminele verdienmodel verstoort. Lokale, regionale en landelijke partners en gremia zetten zich ieder keihard in om maatschappelijke impact te bereiken, maar hebben elkaar daarbij ook nodig. Het is van belang dat daarbij de inhoud voorop staat, en dat de institutionele actoren en gremia met elkaar in verbinding staan en elkaar ondersteunen waar nodig en de mogelijkheden daartoe vergroten. Structuren (afstemming en governance) waarin we werken zijn belangrijk, maar volgen altijd de inhoud. Randvoorwaardelijk is, naast het beschikbaar hebben en efficiënt en effectief inzetten inzetten van capaciteit, het op de hoogte houden van elkaar en het delen van informatie tussen partners waar dat kan.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11782973/1