CConstaterende datDronten
Koppel je AI →
Document · PDF

Perspectiefnota 2027 technische vragen.pdf

Raadsvergadering 11 juni 2026, gemeente DrontenBij agendapunt: 8: Raadsvoorstel Perspectiefnota 20277.261 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Technische vragen Perspectiefnota 2027

Inhoudsopgave Schriftelijke vragen raad inzake Perspectiefnota 2027 ................................................ 4 1. Vraagstukken integraal benaderen (CU) ............................................................ 4 2. Vertaling omgevingsvisie naar omgevingsplan (CU) ............................................ 4 3. Jeugdlasten kostprijs ontwikkelingen (CU) ......................................................... 4 4. Optimaliseren proces subsidies (CU) ................................................................. 5 5. Maatwerkoplossingen voor complexe casuïstiek (CU) .......................................... 5 6. Onderhoudsniveau wegen (CU) ........................................................................ 5 7. Speelruimtebeleid (CU) ................................................................................... 6 8. Zorglandschap WMO (CU) ............................................................................... 6 9. Uitgebreide producenten verantwoordelijkheid (UPV) plastic verpakkingen (CU) ..... 6 10. Omgevingsvisie (D66) ................................................................................... 7 11. Omgevingsvisie 2/3 (D66) ............................................................................. 7 12. Omgevingsvisie 3/3 (D66) ............................................................................. 8 13.

(I)KC Swifterbant (D66) ................................................................................ 8 14. Aanvullend budget (D66) ............................................................................... 8 15. Energietransitie (D66) ................................................................................... 8 16. Afvalstoffenheffing (D66) ............................................................................... 9 17. Swifterbant Zuid (D66).................................................................................. 9 18. Bestuur (CDA) .............................................................................................. 9 19. Actualisatie investeringsagenda (SVP en IHP) (CDA) ....................................... 10 20. Effectiviteit en efficiëntie organisatie (CDA).................................................... 10 21. Ziekteverzuim en inhuur (CDA) .................................................................... 10 22. OFGV (CDA) ............................................................................................... 11 23. Uitleggebied Zuid (CDA) .............................................................................. 11 24. Wegen (CDA) ............................................................................................. 11 25.

N307 (CDA) ............................................................................................... 11 26. Soortmanagement-plan (SMP) (CDA) ............................................................ 12 27. Algemeen (VVD) ......................................................................................... 12 28. Stevige lokale teams (VVD) ......................................................................... 12 29. Woningbouw/voorzieningen (VVD) ................................................................ 13 30. FTE-groei (VVD) ......................................................................................... 13 31. Drie lijnen organisatie (VVD) ........................................................................ 13 32. Investeringen organisatie (VVD) ................................................................... 14 33. Monitoring groei (VVD) ................................................................................ 14 34. Organisatie (VVD) ....................................................................................... 14 35. Omgevingswet/visie (VVD) .......................................................................... 15 36. Financiën (VVD) ......................................................................................... 15 37.

Beleidshuis (VVD) ....................................................................................... 16 38. Resumé (VVD) ........................................................................................... 16 39. Bedrijventerreinen (VVD)............................................................................. 17 40. Kaders groei inwoners (VVD) ....................................................................... 17 41. Kaders formatie (VVD) ................................................................................ 18 42. De ambtelijke organisatie (VVD) ................................................................... 18 43. Lokaal inzicht (VVD) ................................................................................... 18 44. Groei Dronten (VVD) ................................................................................... 19 45. Financiën (VVD) ......................................................................................... 19 46.OFGV Basistaken (VVD) ................................................................................ 19 47. Jeugdlasten (VVD) ...................................................................................... 19 48. Aanvullend benodigd (VVD) ......................................................................... 20 49.

Overhead (VVD) ......................................................................................... 20 50. Verkeer en vervoer (VVD) ............................................................................ 20 51. N307 (VVD) ............................................................................................... 21 52. MF gebouwen (VVD) ................................................................................... 21 53. De Meerpaal (VVD) ..................................................................................... 21 Technische vragen Perspectiefnota 2027

2

54. Sociaal domein (VVD) ................................................................................. 22 55. Afval (VVD) ................................................................................................ 22 Technische vragen na tafeltjesavond ..................................................................... 22 57. Benaming Swifterpark (PvdA/GL) .................................................................. 22

Technische vragen Perspectiefnota 2027

3

Schriftelijke vragen raad inzake Perspectiefnota 2027 Onderstaand treft u de beantwoording van de vragen aan.

1. Vraagstukken integraal benaderen (CU) Vraag Kan u een korte uitleg geven van ‘het principe van meervoudig kijken, denken en doen’, en waarom déze benadering de organisatie in staat stelt vraagstukken integraal te benaderen? (p. 5) Antwoord Het principe van meervoudig kijken, denken en doen houdt in dat de organisatie vraagstukken benadert vanuit meerdere perspectieven tegelijk. Door verschillende invalshoeken, disciplines en vormen van sturing te combineren, ontstaat een vollediger beeld van wat een opgave vraagt en welke aanpak het meest effectief is. In de praktijk betekent dit dat wij proces- en prestatiesturing, opgavesturing en strategische sturing naast elkaar inzetten. Hierdoor kunnen wij enerzijds leveren wat nodig is in de dagelijkse dienstverlening en anderzijds wendbaar blijven om te werken aan de meer complexe, toekomstgerichte vraagstukken van Dronten. Deze benadering is gebaseerd op organisatiekundige theorieën en sluit aan bij inzichten uit het onderzoek "De veranderende gemeente" (A&O-fonds, 2019), aangevuld met bevindingen uit onderzoek binnen onze eigen ambtelijke organisatie. Hierdoor ondersteunt dit principe een integrale aanpak van maatschappelijke opgaven.

2. Vertaling omgevingsvisie naar omgevingsplan (CU) Vraag Welke rol heeft de raad in het proces van het vertalen van de omgevingsvisie naar het omgevingsplan? Is er ruimte voor politieke sturing en afweging, of vindt die uitsluitend plaats in de aanloop naar de omgevingsvisie? (p. 6) Antwoord Op grond van de Omgevingswet stelt de gemeenteraad zowel de omgevingsvisie als het omgevingsplan vast. De omgevingsvisie bevat de strategische kaders en opgaven voor de langere termijn. Het omgevingsplan werkt deze kaders juridisch uit in bindende regels voor de fysieke leefomgeving. De raad maakt bij beide instrumenten de bestuurlijke en juridische afwegingen binnen de wettelijke kaders. Politieke sturing vindt daarmee plaats in zowel de visie- als de planfase.

3. Jeugdlasten kostprijs ontwikkelingen (CU) Vraag Op deze pagina wordt een verwachte structurele kostenstijging (max. €300.000) genoemd voor de regionale inkoop van complexe jeugdhulp. Tegelijk lezen we dat "Stevige Lokale Teams" kinderen laagdrempelig en preventief gaan ondersteunen. Is in het financiële perspectief ook (tijdelijke) extra dekkingsruimte of formatie opgenomen voor deze lokale teams om die preventieve taak goed op te pakken en zo die complexe zorg te voorkomen, of dient dit volledig binnen het huidige budget opgelost te worden? (p. 13)

Technische vragen Perspectiefnota 2027

4

Antwoord Ja, er is zowel extra dekkingsruimte als formatie opgenomen voor de doelgroep Jeugd in de SLT.

4. Optimaliseren proces subsidies (CU) Vraag Worden in dit traject ook manieren onderzocht om de aanvraag van armoederegelingen en buurtinitiatieven ('right to challenge' / bewonersparticipatie) drempelvrijer en eenvoudiger te maken? (p. 15) Antwoord In dit traject wordt gekeken naar het gehele subsidieproces en hoe dit eenvoudiger kan worden ingericht. De focus ligt daarbij met name op de reguliere subsidies, zoals de activiteitensubsidie, basissubsidie en begrotingssubsidie. Regelingen op het gebied van armoede voor inwoners, zoals de toegankelijkheidsbijdrage en de witgoedregeling, vallen niet onder de reikwijdte van dit traject rondom het subsidiebeleid en de ASV.

5. Maatwerkoplossingen voor complexe casuïstiek (CU) Vraag We lezen dat “Het streven is kwetsbare inwoners met meervoudige problematiek te ondersteunen, waarbij blijvend wordt ingezet op integrale en maatgerichte samenwerking. Domein overstijgende samenwerking staat hierbij centraal. Het doel is maatwerkoplossingen die recht doen aan de individuele situatie van de inwoner.” Kan u dit nader uitleggen? Moeten wij dit zien als een soort combinatie van een zorggerichte en repressieve benadering, en hoe zou dat eruit kunnen zien? (p. 16) Antwoord Met bovenstaande passage bedoelen wij dat de gemeente Dronten inzet op een aanpak waarin ondersteuning, zorg- en veiligheidsinterventies nadrukkelijk in samenhang worden georganiseerd. Met “integrale en maatgerichte samenwerking” wordt bedoeld dat professionals uit verschillende domeinen – zoals het sociaal domein, zorgaanbieders, wijkteams, politie, woningcorporaties en waar nodig het Zorg en Veiligheidshuis Flevoland – gezamenlijk optrekken wanneer inwoners te maken hebben met meervoudige of complexe problematiek. Deze samenwerking is een zorgvuldig afgestemde aanpak waarin per situatie wordt bepaald welke interventies het meest passend zijn.

Maatwerk kan bestaan uit het inzetten van passende voorzieningen, zoals intensieve begeleiding, tijdelijke woonoplossingen, schuldhulpverlening of verslavingszorg, maar ook uit afspraken over toezicht of gedragsbeïnvloeding wanneer dat noodzakelijk is. Deze vorm van samenwerking is als lokaal speerpunt opgenomen in het Integraal Veiligheidsbeleid (IVB) 2024-2027. De kern van deze benadering is dat we niet werken vanuit een vooraf vastgelegde mix van zorg en repressie, maar vanuit een integrale afweging die recht doet aan de individuele situatie van de inwoner én aan de veiligheid en leefbaarheid in de wijk. Daarmee blijft de inzet mensgericht, terwijl we tegelijkertijd onze verantwoordelijkheid nemen om overlast en risico’s voor de omgeving te beperken.

Technische vragen Perspectiefnota 2027

5

6. Onderhoudsniveau wegen (CU) Vraag Er wordt gesteld dat het wegennet nu het onderhoudsniveau 'Laag (C)' heeft bereikt en dat door veroudering de onderhoudsbehoefte toeneemt. Zal in het onderzoek naar de toegenomen kapitaalbehoefte de komende jaren ook rekening gehouden worden met het inhalen van de kwaliteit van de infrastructuur, d.w.z. de kosten om het niveau weer omhoog te tillen? (p. 16/17) Antwoord In de basis gaat dit niet gebeuren, tenzij de gemeenteraad besluit dat het kwaliteitsniveau naar een hoge niveau dan C moet. Het niveau C is in een vorig beleidsen beheerplan door de gemeenteraad vastgesteld als kader voor het kwaliteitsniveau en dus ook het niveau van onderhoud. Dus daar is de afgelopen jaren naartoe gewerkt. Het kiezen van een hoger kwaliteitsniveau betekent nu een aanzienlijke kapitaalbehoefte.

7. Speelruimtebeleid (CU) Vraag Hier lezen we dat inwoners actief betrokken zullen worden. Vallen alle leeftijdsgroepen – dus ook (kleine) kinderen – hieronder? (p. 18) Antwoord Ja, alle leeftijdsgroepen vallen hieronder.

8. Zorglandschap WMO (CU) Vraag Hoe groot is de huidige omvang van deze bestemmingsreserve op dit moment, en wat zijn de financiële risico's als de incidentele inkomsten vanuit de regionale begroting Flevoland (overschotten Beschermd Wonen) in de toekomst misschien teruglopen? (p. 20) Antwoord De bestemmingsreserve Zorglandschap Wmo bedraagt per 31 december 2025 € 3.946.590. Als er geen aanvullende overschotten vanuit Beschermd Wonen beschikbaar komen, resteert na huidige verplichtingen nog ongeveer € 2,84 miljoen. Daarmee kan de huidige inzet naar verwachting tot en met 2029 worden voortgezet. Het financiële risico ontstaat met name vanaf 2030, wanneer incidentele middelen zijn uitgeput, terwijl mogelijk nog sprake is van structurele voorzieningen. Het potentiële structurele risico bedraagt daarbij ongeveer € 500.000 per jaar. Tegen die tijd zullen keuzes moeten worden gemaakt over welke voorzieningen structureel worden voortgezet en hoe deze worden gedekt.

9. Uitgebreide producenten verantwoordelijkheid (UPV) plastic verpakkingen (CU) Vraag Hoe zal de verantwoordelijkheid voor schonere afvalstromen verdeeld worden in de uitwerking van de nieuwe afspraken? Oftewel: ligt de verantwoordelijkheid voor een schonere afvalstroom m.n. bij de inwoner, de fabrikant/winkel of is deze gedeeld? Of is dit iets wat in het nieuwe grondstoffenbeleidsplan van 2026 nader zal worden bepaald? (p. 21)

Technische vragen Perspectiefnota 2027

6

Antwoord Het doel van de uitgebreide producentenverantwoordelijkheid (UPV) is het stimuleren van een circulaire economie door producenten en importeurs verantwoordelijk te maken voor de geheel levenscyclus van hun producten. Dit betekent milieubewust ontwerpen en stimuleren dat producten langer in gebruik blijven. Een aanvullende maatregel is producenten een vergoeding te laten betalen voor de inzameling door gemeentes. Maar ook inwoners hebben daarnaast een verantwoordelijkheid om hun afval goed te scheiden om zo goed mogelijk herbruikbare stromen voor nieuwe grondstoffen te verkrijgen. Het goed scheiden van afval door inwoners is de essentie van het grondstoffenbeleidsplan van de afgelopen jaren, maar ook richting de toekomst.

10. Omgevingsvisie (D66) Vraag In het laatste kwartaal is de verwachting dat de omgevingsvisie afgerond is. Wat zijn de consequenties van het niet tijdig afkrijgen van de omgevingsvisie (juridisch, vanuit oogpunt ruimtelijke ontwikkelingen en bestuurskracht)? (p. 5/6) Antwoord In de omgevingsvisie komen een aantal kaderstellende besluiten, die de gemeenteraad eerder heeft genomen, bij elkaar. Te beginnen met Richting aan de groei en daaropvolgend de Toekomstvisie van het Toekomstberaad, de verschillende koersdocumenten en de strategische beleidskaders. Doordat u deze kaders al heeft gesteld, kan het werken aan de groei van Dronten zonder vertraging doorgaan, en ook zonder juridische risico’s voor de fysieke leefomgeving. Alle juridische regelgeving kan blijven gelden tot de omgevingsvisie definitief is vastgesteld.

11. Omgevingsvisie 2/3 (D66) Vraag De omgevingsvisie dient verplicht een integraal karakter te hebben. Hoe verrijken we de andere domeinen dan de fysieke in de visie? (p. 5/6) Antwoord De Omgevingswet schrijft voor dat gemeenten in een omgevingsvisie hun ambities en beleidsdoelen voor de fysieke leefomgeving vastleggen voor de langere termijn. De gemeente Dronten heeft ervoor gekozen om een integrale visie op te stellen. Dat betekent dat ook van andere beleidsvelden wordt beschouwd wat hun impact is op het fysieke domein. Concreet vormen ook de door de gemeenteraad vastgestelde beleidskaders voor wonen, sociaal domein en economie het inhoudelijk kader voor de omgevingsvisie. Daarnaast wordt een omgevingseffectrapportage (oer) opgesteld, waarin beleidsbreed wordt getoetst wat de effecten op het milieu en de leefomgeving zijn van de keuzes in de omgevingsvisie. In die oer wordt getoetst op vier hoofdthema's, te weten 1. Levensloop in Dronten, 2. Wonen, werken en ondernemen, 3. Groenblauwe ecosystemen en 4. Netwerken en infrastructuur. De aanpak van de oer is zodanig dat die ondersteunend is aan het ontwerpproces van de omgevingsvisie. Met andere woorden: bij iedere stap van het opstellen van de omgevingsvisie wordt getoetst aan de effecten voor milieu en leefomgeving.

In de startbijeenkomst over de Omgevingswet op 1 juni voor de nieuwe gemeenteraad is een uitgebreidere toelichting voorzien over dit aspect.

Technische vragen Perspectiefnota 2027

7

12. Omgevingsvisie 3/3 (D66) Vraag Als eind 2027 die omgevingsvisie er ligt, is deze dan ook met nieuw beleid verrijkt, of is dit slechts de integrale “overstap” van bestaand beleid uit de verschillende domeinen naar 1 visie? (p 5/6) Antwoord De omgevingsvisie brengt ambities en beleidsdoelen samen, waarbij wordt uitgegaan van de kaders die de gemeenteraad al eerder heeft vastgelegd, te beginnen met het besluit “Richting aan de groei” en daarna de koersdocumenten en strategische beleidskaders voor wonen, sociaal domein en economie. In deze kaderstellende besluiten zijn al meerdere ambities en beleidsdoelen voor de langere termijn vastgelegd, maar dan vooral vanuit een sectorale benadering. Verder wordt voortschrijdend inzicht over de groeiopgave naar 60.000 inwoners in 2050 in de omgevingsvisie verwerkt. Dat betekent dat de omgevingsvisie nadere kaderstellende keuzes en meer richtinggevende uitspraken zal bevatten. Het komen tot concretisering van lange termijnbeleid op basis van integrale afwegingen is een complex proces. Daarom zal de gemeenteraad dat proces in verschillende stappen kunnen zetten. Nadere toelichting hierop is voorzien in het startprogramma voor de nieuwe gemeenteraad; op 1 juni is een sessie gepland over de Omgevingswet, waarin ook nader uitleg zal worden gegeven over de stappen die leiden tot een omgevingsvisie.

13. (I)KC Swifterbant (D66) Vraag Er wordt gesproken van een latere oplevering van het (I)KC Swifterbant. Is hier nu feitelijk aanleiding toe of is dit om het risico op vertraging alvast financieel te dekken? (p. 12) Antwoord De actualisatie van de investeringsagenda heeft o.a. plaats gevonden naar aanleiding van besluitvorming(en) gemeenteraad. De globale procesplanning van KC Swifterbant is bij de besluitvorming, Q1-2026, voor het voorbereidingskrediet gedeeld. Op basis van dat wat er bij de besluitvorming is gedeeld, is er geen sprake van vertraging voor KC Swifterbant.

14. Aanvullend budget (D66) Vraag Op blz. 14 wordt gesproken over een structureel verschil van 500.000 in het jaar 2030. Klopt het dat in de tabel op blz. 11 we dit aanvullend budget treffen om zo 2030 op 0 te krijgen? En mochten wij als raad dit zo besluiten, treffen we dan bij de begroting een precieze invulling van de taakstelling voor 500.00? (p. 14) Antwoord Het klopt dat besloten wordt een aanvullend budget (maatregelen) te treffen om de stand van de begroting in 2030 naar € 0 te brengen. Dit betekent in dit geval van de getoonde stand in de Perspectiefnota een taakstelling van € 500.000.

Technische vragen Perspectiefnota 2027

8

Het college zal richting de begroting maatregelen verder uitwerken, ook gezien het feit dat de ontwikkelingen tussen Perspectiefnota en Begroting (o.a. Meicirculaire) onderdeel zullen zijn van wat hiervoor nodig is. Het besluit om tot een structureel sluitend jaarsaldo in 2027 en 2030 te komen is daarom leidend (Zie ook vraag en antwoord 48).

15. Energietransitie (D66) Vraag Wat wordt precies bedoeld met de energietransitie in deze zin? Moeten we dan (uitsluitend) denken aan isolatie van woningen of zijn er andere schadelijke aspecten aan de energietransitie voor beschermde diersoorten? (p. 18) Antwoord Ja, het betreft hier inderdaad de verduurzaming van woningen en andere gebouwen.

16. Afvalstoffenheffing (D66) Vraag In de jaarrekening 2025 was te lezen dat er onjuist is omgegaan met de BTW. In 2026 zal er een nieuw grondstoffenbeleidsplan gemaakt worden, waar uiteraard niet bekend is wat de gevolgen zijn voor de afvalstofheffing. Echter is D66 wel benieuwd of in 2027 de juiste BTW toepassing is gebruikt. En zo ja, levert dat financieel voordeel op? (p. 21) Antwoord In de begroting van 2027 wordt de juiste BTW toepassing gebruikt. Dan zal ook duidelijk worden welk effect dit heeft.

17. Swifterbant Zuid (D66) Vraag In de PPN wordt gesproken over de Biddingweg en afwaardering daarvan. Tevens de fietsroute vanuit SZ naar het centrum. Hoe zit het met het fietspad langs de Biddingweg? Is deze aanpassing in 2026 gepland? (p. 23) Antwoord Het (vrij liggende) fietspad langs de Biddingweg maakt onderdeel uit van de herinrichting van de Biddingweg/Bisonweg, fase 2. Uitvoering van dit project is in 2027 voorzien. De voor dit project benodigde financiële middelen en het dekkingsvoorstel worden meegenomen in de begroting van 2027.

18. Bestuur (CDA) Vraag ‘Om de bestuurlijke en ambtelijke slagkracht te versterken, zijn er twee directeuren aangesteld die de organisatie gerichter kunnen aansturen’. Kan er een organogram (met naam en functie) van directie en management met de raad worden gedeeld? (p. 5) Antwoord Het organogram is als bijlage bijgevoegd.

Technische vragen Perspectiefnota 2027

9

19. Actualisatie investeringsagenda (SVP en IHP) (CDA) Vraag In de tekst staat: “vooruitlopend op de herijking van het IHP en SVP is in het financieel perspectief voor de herijking van de bouwkosten een toename van 15% meegenomen.’’ In de tabel financiële ontwikkelingen op pagina 11 onder 3) staat voor het jaar 2027 ‘0’ opgenomen. Graag een nadere toelichting en uitleg bij de getallen in de tabel (0, 0, 100, 100). (p. 11/12) Antwoord Het jaar na ingebruikname van een gebouw wordt gestart met afschrijven. Dat betekent dat als een gebouw in 2027 wordt opgeleverd, de afschrijvingslasten in 2028 starten. Daarnaast wordt over 60 jaar afgeschreven. Dat betekent dat een stijging in de bouwkosten van € 1.000.000 een extra afschrijvingslast van ongeveer € 16.700 met zich meebrengt. In de lopende begroting starten de afschrijvingslasten van het KC Swifterbant (en de gymzaal) in 2029. Deze zijn in de Perspectiefnota qua verwachting bijgesteld naar 2031. Per saldo is de verwachting dat door de stijging in bouwkosten en de verdere actualisatie van het SVP en de investeringsagenda de totaal afschrijvingslasten in 2029 en 2030 met € 100.000 toenemen.

20. Effectiviteit en efficiëntie organisatie (CDA) Vraag Graag een nadere duiding van de reductie van 1,3 mio aan ‘organisatiekosten’. Waar bestaan de verbeteringen uit en hoe worden deze bereikt? (p. 12) Antwoord De reductie van € 1,3 miljoen op organisatiekosten komt vooral voort uit efficiënter werken binnen de organisatie. We hebben het aandeel externe inhuur teruggebracht, sturen scherper op de inzet van onze formatie en hebben door procesoptimalisatie en professionalisering onze bedrijfsvoering verder verbeterd. Daarmee kunnen we met dezelfde capaciteit minder middelen inzetten. Tegelijk blijft de organisatie op cruciale plekken flexibel, doordat externe inhuur gericht beschikbaar blijft voor specialistische inzet, vervanging en piekbelasting, waarbij kwaliteit en continuïteit leidend zijn.

21. Ziekteverzuim en inhuur (CDA) Vraag ‘Inhuur blijft een waardevol instrument bij arbeidsmarktkrapte, ziekteverzuim en specialistische expertise’. Uit de jaarrekening 2025 blijkt dat na een daling van het (ziekte)verzuim in 2024 het verzuim in 2025 weer boven het landelijke gemiddelde zat. Hoe verloopt de trend in 2026 m.b.t. verzuim t.o.v. landelijk gemiddelde? (p. 12) Antwoord In de eerste maanden van 2026 blijft het verzuim boven het landelijk gemiddelde van 2025. Er is wel een lichte daling zichtbaar ten opzichte van 2025. De focus op de gezondheid van onze medewerkers wordt momenteel versterkt met een integrale aanpak op verzuim en vitaliteit. Over 2026 is het gemiddeld verzuimcijfer gemeenten niet bekend. Er wordt gerapporteerd over een kalenderjaar en dat verwachten we kwartaal 1 van 2027. Technische vragen Perspectiefnota 2027

10

22. OFGV (CDA) Vraag In het voorjaar (maart/april) worden de concept begrotingen van gemeenschappelijke regelingen voor het volgende jaar (2027) voorgelegd aan de gemeenten ter goedkeuring. Hier wordt alleen lastenverzwaring t.b.v. OFGV genoemd. Betekent dit dat uit de concept begrotingen van andere GR-en zoals Veiligheidsregio géén financiële lastenverzwaringen te verwachten zijn voor 2027? (p. 11/13) Antwoord Nee, dat betekent niet dat er géén financiële lastenverzwaringen vanuit andere gemeenschappelijke regelingen te verwachten zijn voor 2027. Voor de OFGV is dit specifiek benoemd omdat de ontwerpbegroting 2027, in afwijking van het reguliere tijdpad, al eerder ter zienswijze is aangeboden en vastgesteld. Dit hing samen met de landelijke deadline van 1 april 2026 voor omgevingsdiensten om te voldoen aan de robuustheidscriteria en Kritieke Prestatie-Indicatoren (KPI’s) binnen de versterking van het VTH-stelsel. De ontwerpbegroting van de OFGV heeft daarom al van 8 oktober 2025 tot en met 5 januari 2026 ter inzage gelegen en hierover heeft op 17 december 2025 een zienswijzeprocedure in de raad plaatsgevonden.

23. Uitleggebied Zuid (CDA) Vraag Is er inmiddels wel duidelijkheid over de financiële verwachting Dronten eerste kwadrant uitleggebied Zuid? (p. 14) Antwoord Er wordt gewerkt aan het stedenbouwkundig plan, waarna op basis hiervan de grondexploitatie zal worden geactualiseerd. Verwachting is dat het resultaat hiervan medio oktober 2026 bekend zal zijn en ter besluitvorming kan worden aangeboden aan de raad in december.

24. Wegen (CDA) Vraag Hoeveel bedraagt de WoKT-rijkssubsidie en voor welke infrastructurele projecten is deze aangevraagd? (p. 17) Antwoord Voor het project Herinrichting Biddingweg/Bisonweg, fase 2 is op basis van de WoKTregeling een bijdrage van ruim 5,1 miljoen euro voorlopig toegezegd. Voor het project Dronterweg/Uitleggebied Dronten Zuid is een bijdrage op basis van de WoKT-regeling van 5,9 miljoen euro voorlopig toegezegd. De definitieve aanvragen voor beide projecten worden voorbereid. De definitieve toekenningen worden in de loop van september/oktober 2026 verwacht.

25. N307 (CDA) Vraag In hoeverre heeft het college al concrete afspraken en/of overleg gehad met Provincie Flevoland over de knelpunten in de N307, zijn er al verkeersscenario’s en -maatregelen verkend? (p. 17) Technische vragen Perspectiefnota 2027

11

Antwoord De knelpunten zijn in bestuurlijk overleg met de Provincie Flevoland tijdens het Vervoerberaad van april besproken. Het onderzoek met mogelijke verkeersscenario's en maatregelen moet nog worden opgepakt. Hierin trekken provincie- en gemeente gezamenlijk op.

26. Soortmanagement-plan (SMP) (CDA) Vraag Pakket 5K Openbaar Groen: Waarom wordt er alleen gesproken over een SMP voor gebouwbewonende soorten? Voor elke ingreep in de openbare ruimte die flora en - vooral - fauna betreffen, is een SMP toch van belang? Kan het college aangeven hoe ver zij is met het SMP, al dan niet specifiek voor gebouwen? (p. 18) Antwoord Het beschermen van fauna (vleermuizen, huismus en gierzwaluw) bij na-isolatie en beheer en onderhoud van gebouwen vraagt een andere aanpak dan de bescherming van flora en fauna bij ruimtelijke ingrepen in - en beheer van - de openbare ruimte. Wettelijke natuurbescherming wordt bij deze ingrepen via andere sporen geregeld. De voorbereiding van een SMP vraagt veel tijd, ook omdat we dit traject met alle andere Flevolandse gemeenten gezamenlijk doen. Het eerste (voor)onderzoek wordt momenteel uitgevoerd. In 2027 en 2028 wordt vervolgens het 0-onderzoek uitgevoerd. Naar verwachting kan vanaf 2029 worden gewerkt met een gebiedsdekkende omgevingsvergunning die gebaseerd is op het SMP.

27. Algemeen (VVD) Vraag Zit in deze perspectiefnota alle aanwezige informatie in het gemeentehuis voor mogelijke meerjarige (t/m 2030 e.v.) mee- en tegenvallers? (p. 3) Antwoord Voor het opstellen van de Perspectiefnota wordt gewerkt met een vaste planning en aanlevertermijnen. Alle informatie die binnen de gestelde termijn beschikbaar en aangeleverd was, is meegenomen in de Perspectiefnota. De Perspectiefnota is daarmee gebaseerd op de op dat moment bekende inzichten en verwachtingen. Tegelijkertijd geldt dat ontwikkelingen, mee- en tegenvallers zich ook na het moment van opstellen kunnen voordoen of op een later moment concreet worden (denk bijvoorbeeld aan de uitkomsten van de meicirculaire).

28. Stevige lokale teams (VVD) Vraag Is al besloten over de Stevige Lokale Teams? En zijn deze helemaal ingericht? Er wordt aangegeven dat die aansluit bij de aanpak van jeugdzorg. Is dat de meest effectieve werkwijze (gelet op benchmark-resultaten)? (p. 4) Antwoord Ja, in het strategisch beleidskader ‘Mensen maken de samenleving’, dat in 2024 door uw raad is vastgesteld, is besloten om te starten met de vorming van de Stevige Lokale Teams (SLT). De teams zijn op dit moment nog niet volledig ingericht. Technische vragen Perspectiefnota 2027

12

Later dit jaar en in 2027 starten pilots in Swifterbant en Biddinghuizen, met als doel om in 2028 verder uit te rollen binnen Dronten. De keuze voor deze werkwijze sluit aan bij de beweging binnen de jeugdzorg om ondersteuning dichter bij inwoners te organiseren, signalen eerder op te vangen en zwaardere en duurdere zorg waar mogelijk te voorkomen. Dit sluit ook aan bij de uitkomsten uit de benchmark en de RIB (zaaknummer 976331), waaruit blijkt dat relatief veel jeugdigen in Dronten gebruikmaken van jeugdzorg ten opzichte van het landelijk gemiddelde.

29. Woningbouw/voorzieningen (VVD) Vraag Hoe voorkomt het college dat woningbouw sneller groeit dan de voorzieningen zoals scholen, zorg, sport en bereikbaarheid? Welke normen worden hiervoor gehanteerd? Hoe wordt veiligheid geborgd? (p. 4) Antwoord We spreken met regelmaat met de organisaties en verenigingen in Dronten over de groei en de implicaties voor hun activiteiten (dus scholen, sport en zorg). Daar waar nodig houden we hier in het Strategisch VastgoedPlan (SVP) en Integraal HuisvestingsPlan (IHP) rekening mee, waar het onze eigen accommodaties en verantwoordelijkheid (onderwijshuisvesting etc.) betreft. Dit is straks terug te zien in de herijking van het SVP en IHP. Met betrekking tot bereikbaarheid voeren we nu een herijking van mobiliteit uit. Met de inrichting van het programma Dronten Perspectief 2050 gaan we dit meer programmatisch aanpakken.

30. FTE-groei (VVD) Vraag Hoe is de FTE-groei van de gemeente sinds 2023 en hoeveel FTE-groei zit in deze PPN verwerkt? Specifiek voor de groei van Dronten (met toelichting op waar fte's naar toe gaan) (p. 5) Antwoord In deze PPN is geen specifieke verandering van FTE’s verwerkt. Technische wijzigingen kunnen leiden tot kleine wijzigingen in FTE. Ontwikkeling FTE In 2023 waren er 464 FTE begroot (structureel + incidenteel). In 2026 is dit 519 FTE (structureel + incidenteel). Dit is een toename van 55 FTE. In grote lijnen heeft de groei van de formatie te maken met inderdaad de groei van de gemeente Dronten in brede zin (taken, beleid en omvang).

31. Drie lijnen organisatie (VVD) Vraag Hoe zijn de drie lijnen hoe de organisatie gaat werken SMART opgesteld? Wanneer is duidelijk dat deze werkwijze een succes is geworden? (p. 5)

Technische vragen Perspectiefnota 2027

13

Antwoord De organisatie is ingericht langs drie samenhangende lijnen: de ontwikkelopgave van Dronten richting 2050, de dienstverlening aan inwoners en organisatie, en het maken van strategische keuzes voor de lange termijn ondersteund door passende bedrijfsvoering. Deze inrichting zorgt ervoor dat verantwoordelijkheden, prioriteiten en besluitvorming scherper worden georganiseerd en dat meer focus ontstaat op zowel de groei van de gemeente als de kwaliteit van de dagelijkse dienstverlening waaraan de bedrijfsvoering ondersteunend en faciliterend is. Deze werkwijze is succesvol wanneer zichtbaar wordt dat de gekozen effecten worden gerealiseerd (effect gericht sturen), de dienstverlening aansluit bij wat inwoners en ondernemers nodig hebben, en opgaven samenhangend en met een duidelijke koers worden opgepakt.

32. Investeringen organisatie (VVD) Vraag De afgelopen jaren is er geïnvesteerd in de organisatie ter voorbereiding van groei. Wat ontbreekt nog in de organisatie om de groei tot 2030 voor elkaar te krijgen? (p. 5) Antwoord De groei naar circa 60.000 inwoners vraagt om een organisatie die qua vaardigheden, kennis en werkwijze meegroeit met een steeds diversere samenleving. Om deze ontwikkeling richting 2030 te ondersteunen, is het noodzakelijk blijvend te investeren in professionalisering en wendbaarheid, zodat de organisatie kan inspelen op maatschappelijke dynamiek en tegelijkertijd de dagelijkse dienstverlening op niveau houdt. Dit vereist een realistische balans tussen ambitie en uitvoerbaarheid, waarbij ruimte wordt geborgd om effectiviteit en efficiëntie verder te versterken en de organisatie structureel in staat te stellen de gevraagde slagvaardigheid te leveren.

33. Monitoring groei (VVD) Vraag Welke indicatoren (bijv. huisartscapaciteit, ruimte op scholen of verkeersdrukte) gebruikt het college om te bepalen of de groei “gezond” verloopt? (p. 5) Antwoord We hebben doorlopend contact met de organisaties in het dorp over hun absorptievermogen en wat wanneer nodig is. Vanuit de studie van BVR weten we hoeveel te verwachten is aan voorzieningen van supermarkt tot apotheek en van sportveld tot kerk (zie afbeelding hieronder). In Dronten Zuid hebben we ten behoeve van het meten van “geluk” indicatoren bepaald. Bij verkeer gebruiken we de CROW normen. Daarnaast staan in het strategisch beleidskader sociaal domein indicatoren die niet alleen voor de groei, maar voor de gehele samenleving van belang zijn om het sociale component binnen de Drontense samenleving op pijl te houden.

Technische vragen Perspectiefnota 2027

14

34. Organisatie (VVD) Vraag Hoe is duidelijk dat medewerkers zich veilig, gezien en gesteund voelen? Hoe wordt de Raad hierbij betrokken? (p. 5) Antwoord Het creëren van een veilige en ondersteunende werkomgeving is een verantwoordelijkheid van de gemeentesecretaris. Medewerkers zijn ons grootste kapitaal en komen tot bloei indien zij zich veilig voelen, zich uit durven te spreken en met plezier het werk doen. Via onder andere het medewerkeronderzoek en gerichte aandacht voor vitaliteit en gezondheid wordt structureel gevolgd hoe medewerkers dit ervaren en waar verbetering nodig is. De raad wordt hierover geïnformeerd via de reguliere rapportages over bedrijfsvoering en organisatieontwikkeling, zodat u zicht houdt op de ontwikkeling van het werkklimaat.

35. Omgevingswet/visie (VVD) Vraag Wat is de status van, en hoe wordt de raad meegenomen in omgevingswet en -visie? Hoe verhouden wij ons tot andere gemeenten? Koplopers/volgers/achterblijvers? (p. 5) Antwoord De raad wordt betrokken via de al geplande startsessie (1 juni 2026) over de Omgevingswet, waarin de instrumenten (omgevingsvisie, omgevingsplan en programma’s) en het verdere proces worden toegelicht. Daarnaast wordt de raad geïnformeerd over de voortgang en de te maken keuzes ten aanzien van de omgevingsvisie, onder meer via raadswerkgroepen. De gemeente bevindt zich, net als veel andere gemeenten, in de transitiefase van de implementatie en verdere uitwerking van de Omgevingswet.

Technische vragen Perspectiefnota 2027

15

36. Financiën (VVD) Vraag Kan het college inzichtelijk maken wat de cumulatieve impact van deze perspectiefnota is op de woonlasten van onze inwoners? (p. 5) Antwoord In het financieel perspectief is rekening gehouden met een indexatie van 4%. Op basis hiervan gelden de volgende gemiddelde woonlasten: Lastendruk per huishouden zonder of met eigen woning

2022

2023

2024

2025

Afvalstoffenheffing eenpersoonshuishouden

279,18

282,65

300,46

319,99

2026 327,03

2027

Rioolheffing

139,22

159,00

169,02

180,00

183,96

191,32

Totaal lastendruk zonder eigen woning eenpersoonshuishouden

418,40

441,65

469,48

499,99

510,99

531,43

Afvalstoffenheffing

348,97

353,31

375,57

399,98

408,78

425,13

Rioolheffing

139,22

159,00

169,02

180,00

183,96

191,32

Totaal lastendruk zonder eigen woning meerpersoonshuishouden

488,19

512,31

544,59

579,98

592,74

616,45

Afvalstoffenheffing eenpersoonshuishouden

279,18

282,65

300,46

319,99

327,03

340,11

Rioolheffing

139,22

159,00

169,02

180,00

183,96

191,32

Onroerendezaakbelasting - Eigenaar woning

372,61

389,91

419,01

444,83

454,62

472,80

Totaal lastendruk met eigen woning eenpersoonshuishouden

791,01

831,56

888,49

944,82

965,61

1.004,23

Afvalstoffenheffing meerpersoonshuishouden

348,97

353,31

375,57

399,98

408,78

425,13

Rioolheffing

139,22

159,00

169,02

180,00

183,96

191,32

Onroerendezaakbelasting - Eigenaar woning

372,61

374,87

419,01

444,83

454,62

472,80

Totaal lastendruk met eigen woning meerpersoonshuishouden

860,80

887,18

963,60

1.024,81

1.047,35

1.089,25

340,11

37. Beleidshuis (VVD) Vraag In hoeverre kan de raad nog fundamenteel andere keuzes maken in de opzet van het beleidshuis? Hoe wordt raad meegenomen hierin (en omgevingsprogramma's) en de te maken keuzes? (p. 6) Antwoord Onderdeel van de transitie naar het werken onder de Omgevingswet is het opnieuw vormgeven van het beleidshuis. Daar zijn nog geen keuzes in gemaakt. In het proces van het opstellen van de omgevingsvisie zal nader bepaald worden welke onderdelen van het beleid verder uitgewerkt gaan worden in omgevingsprogramma’s en welke landen in het omgevingsplan of regels voor het verlenen van omgevingsvergunningen. Het maken van deze keuzes is aan de gemeenteraad, omdat het de bevoegdheid van de raad is om de omgevingsvisie vast te stellen.

38. Resumé (VVD) Vraag Hoe is de zorg rond netcongestie in de prognose van baten en lasten verwerkt? Dus wat betekent vertraging van 1, 2 of meer jaar? (p. 7)

Technische vragen Perspectiefnota 2027

16

Antwoord Er is op dit moment geen financiële vertaling gegeven aan het signaal van de netcongestie, vooral omdat we als Dronten geen rode vlag hebben gekregen op dit punt. Wel werken we aan risico-reductie door te onderzoeken welk 2e scenario er kan zijn wanneer er een aansluitstop zou zijn.

39. Bedrijventerreinen (VVD) Vraag Hoe zorgt het college dat economie en bedrijventerreinen gelijk op groeien met de woningbouw? (p. 7) Antwoord De ambities uit het Strategisch Beleidskader Economie zijn vertaalt in de concrete Strategie Werklocaties. Hierin voeren we een actieve regie op de verhouding tussen het aantal banen en het aantal inwoners. De groei van het aantal vierkante meters werklocatie is geen doel op zich, maar een middel om de banen-inwonersratio op een gezond niveau te houden. De uitvoering rust op drie hoofdlijnen: Hoofdlijn 1: Ruimtelijk maatwerk per kern • Intensiveren en mengen: We benutten bestaande ruimte op bedrijventerreinen slimmer door herstructurering en intensivering. In specifieke zones (zoals centrumranden) zetten we in op functiemenging van wonen en lichte bedrijvigheid. • Profilering per kern: o Dronten: Focus op het optimaliseren en toekomstbestendig inrichten van bovenlokale locaties (zoals Poort van Dronten) en het transformeren van locaties nabij woonkernen naar vitale menggebieden. o Biddinghuizen & Swifterbant: Faciliteren van de lokale ondernemersgeest door vitale lokale terreinen en het verkennen van uitbreidingsruimte voor groeiende of te verplaatsen dorpsbedrijven.

Hoofdlijn 2: Kwalitatieve selectie aan de poort • Sturen op toegevoegde waarde: Bij gronduitgifte sturen we niet op meters, maar op maatschappelijke en economische meerwaarde. We selecteren bedrijven die bijdragen aan de brede welvaart, werkgelegenheid bieden die aansluit op onze (toekomstige) inwoners, en investeren in een duurzame, nette kavelinrichting. Hoofdlijn 3: Uitstekend lokaal vestigingsklimaat • Proactief accountmanagement: We optimaliseren onze dienstverlening. Als strategische sparringpartner voor het lokale mkb zorgen we voor korte lijnen, minder regeldruk en snellere interne processen, zodat ondernemers de ruimte krijgen om te ondernemen.

40. Kaders groei inwoners (VVD) Vraag Er wordt vooruitgelopen op groei van inwoners. Waar is dit op gebaseerd? Hoe zit de herverdeling van het gemeentefonds in deze cijfers? Wat zou dit voor Dronten potentieel betekenen (p. 8)

Technische vragen Perspectiefnota 2027

17

Antwoord De groei van Dronten wordt realistischer begroot. Dat doen we door de groei die in de woonagenda is geschetst financieel te vertalen naar de begroting. Daarbij is rekening gehouden met de berekening van de inkomsten vanuit het gemeentefonds. Gemeente Dronten is op basis van de huidige herverdeling (2022) van het gemeentefonds een nadeelgemeente. Per inwoner komt de herverdeling neer op - € 28,31. De herverdeling wordt niet in een keer doorgevoerd, maar met een ingroeipad. Met begrotingsjaar 2025 is de gehele herverdeling voor Dronten al doorgevoerd. Tot en met 2025 is de herverdeling van - € 37,5 en + € 37,5 verwerkt in het gemeentefonds. Het Rijk heeft recentelijk adviesverzoeken voorgelegd aan de VNG en de Raad van het Openbaar Bestuur (ROB) voor aanpassingen van maatstaven (basis voor verdeling) en is bezig met onderzoek om te komen tot een betere verdeling van het gemeentefonds. Hierbij is de verwachting dat in de toekomst een aanvullende herverdeling dan wel andere verdeling van het gemeentefonds wordt voorgesteld. Hier kan nu geen rekening mee gehouden worden. Verwacht wordt dat de huidige herverdeling met de Meicirculaire 2026 wordt voortgezet, waardoor de gemeente dus niet aanvullend gekort wordt.

41. Kaders formatie (VVD) Vraag Hoe wordt gekeken hoe taken slimmer kunnen, of er niet geïnvesteerd kan worden in herscholing en het kritisch kijken naar de formatie? (p. 8) Antwoord De organisatie werkt al toe naar slimmer organiseren van taken. Met verbeterd inzicht in taken, formatie en prestaties wordt continu gekeken waar werkzaamheden efficiënter kunnen worden ingericht en waar ontwikkeling van medewerkers nodig is. De concrete invulling daarvan is onderdeel van de bedrijfsvoering en daarmee aan het college. De raad stelt de kaders en prioriteiten waarbinnen deze optimalisaties plaatsvinden.

42. De ambtelijke organisatie (VVD) Vraag Strakkere sturing door inhuur is een groot goed en werpt zijn vruchten af. Hoe zit het met de inzet van externe bureaus voor onderzoeksopdrachten? Kan een overzicht gegeven worden van het aantal onderzoeken dat wordt uitgevoerd? Wordt ook gekeken of dit door eigen organisatie of eigen inwoners kan? (p. 8) Antwoord Bij onderzoeksopdrachten sluiten wij aan bij wat de inhoudelijke vraag vereist. Dat betekent dat we per onderzoek bepalen welke expertise nodig is en of deze binnen de eigen organisatie beschikbaar is. Een overzicht van alle lopende onderzoeken waarbij externe partijen betrokken zijn, vraagt een afzonderlijke inventarisatie. Wanneer specifieke of onafhankelijke externe deskundigheid nodig is, wordt volgens het inkoopbeleid een passend bureau geselecteerd.

43. Lokaal inzicht (VVD) Vraag Worden vanuit de motie over beheersbaarheid jeugdzorg (en rest van het sociaal domein) ook nog besparingen verwacht? (p. 9)

Technische vragen Perspectiefnota 2027

18

Antwoord Door het creëren van structureel inzicht in resultaten, processen en financiën worden uitgaven beter beheersbaar en kan mogelijk op termijn een besparing plaatsvinden.

44. Groei Dronten (VVD) Vraag Welke fasering is mogelijk in de groei van de uitgaven voor de groei van Dronten? Hoe is de link tussen deze extra uitgaven en de extra inwoners in woningen waarover afgelopen jaren al is besloten? Welk deel van deze investeringen is voor specifiek groeibeleid en welk deel voor bestaande taken en werkzaamheden? (p. 11) Antwoord De organisatie heeft de opdracht om dit verder uit te werken om dit financieel beeld te verscherpen. Op dit moment is dit nog niet op dit detailniveau inzichtelijk gemaakt.

45. Financiën (VVD) Vraag De organisatie claimt structureel € 1,3 miljoen te kunnen besparen via efficiëntere inzet (inhuur van 20% naar 15%). Wat zijn de maatregelen die dit structureel borgen? Hoe groot is de kans dat door ziekteverzuim of krapte het inhuurpercentage weer stijgt? (p. 12) Antwoord De structurele besparing wordt geborgd doordat we niet alleen minder inhuur inzetten, maar ook onze sturing op taken, formatie en bedrijfsvoering hebben verbeterd. Met beter inzicht en procesoptimalisatie kunnen we structureel efficiënter werken en deze lijn vasthouden. Tegelijk blijft inhuur nodig bij ziekte, krapte of specialistische inzet. Daarom sturen we niet op een vast percentage, maar op een verantwoorde balans tussen kosten, kwaliteit en continuïteit.

46. OFGV Basistaken (VVD) Vraag Hoe verlopen de gesprekken met OFGV? Hoe verhoudt dit zich tot de recente extra investeringen in OFGV? (p. 13) Antwoord De gesprekken met de OFGV verlopen goed en constructief, met een stabiele samenwerking gericht op de verdere doorontwikkeling en het oppakken van nieuwe wettelijke en regionale opgaven. De extra investeringen hangen direct samen met de uitbreiding van taken en de versterking van de organisatie. Ze maken het mogelijk om onder meer vergunningactualisatie, circulaire economie en strafrechtelijke handhaving structureel en risicogericht uit te voeren. Deze werkzaamheden zijn al gestart: vergunningactualisatie is vanaf 2025 een vaste basistaak, ketentoezicht wordt na een pilot in 2026 opgeschaald, en circulaire economie wordt binnen toezicht en vergunningverlening verder doorontwikkeld.

Technische vragen Perspectiefnota 2027

19

47. Jeugdlasten (VVD) Vraag Wat zijn nu de resultaten van de kostprijsontwikkelingen o.a. voor het product multidisciplinaire jeugdhulp? Hoe verhoudt dit zich tot andere gemeenten? (p. 13) Antwoord Reële tarieven voor multidisciplinaire jeugdhulp zijn inmiddels vastgesteld. De totale kostenontwikkeling van multidisciplinaire jeugdhulp en de overige vormen van nieuw in te kopen regionale jeugdhulp per 2027 (Logeren, jeugd GGZ, Kinderdagcentrum) blijft naar verwachting binnen de maximale bandbreedte van € 300.000 zoals opgenomen in de Perspectiefnota. Vanwege de complexiteit van multidisciplinaire jeugdhulptrajecten is tariefstelling tussen verschillende jeugdhulpregio’s niet met elkaar vergelijkbaar.

48. Aanvullend benodigd (VVD) Vraag Wat is de invulling van de taakstelling in 2030? Aan welke oplossingsrichtingen wordt gedacht? Mochten er tegenvallers in 2030 komen, kan deze taakstelling dan opgeplust worden? (p. 14) Antwoord Hier is nog geen invulling aan gegeven. Aangezien de Perspectiefnota beleidsarm is opgesteld, is het aan het nieuwe college om hier een gepaste invulling aan te geven. Wanneer de raad besluit tot het opleveren van een structureel sluitende begroting in 2027 en 2030, bepalen ze indirect ook dat de opgave groter/kleiner wordt wanneer tegenvallers of meevallers zich voordoen (Zie ook vraag en antwoord 14).

49. Overhead (VVD) Vraag ASV wordt geactualiseerd, wanneer kunnen we dat verwachten? Welke communicatie hierover wordt voorzien? (p. 15) Antwoord De verwachting is dat de geactualiseerde ASV uiterlijk op 1 januari 2029 ingaat. We proberen dit al per 1 januari 2028 te realiseren. De ASV wordt voorgelegd aan het college en daarna aan de raad. De ASV komt dus via die route voorbij.

50. Verkeer en vervoer (VVD) Vraag De nota constateert dat grote delen van Dronten 40 jaar of ouder zijn, onderhoudsbehoefte toeneemt door boomwortels. Wat is een inschatting van de extra kapitaalbehoefte de komende jaren? Worden extra kosten ook al verwacht binnen deze PPN-periode? (p. 16) Antwoord Het probleem van boomwortels opdruk is een landelijk probleem. In Dronten kampen we hier al een aantal jaren mee. We proberen dit op te lossen door werk met werk te maken en zodoende de kosten zoveel mogelijk te beheersen. De verwachting is dat we dit de komende jaren nog binnen de begroting kunnen gaan oplossen.

Technische vragen Perspectiefnota 2027

20

Maar we zullen wel op termijn met een notitie komen om in beeld te brengen wat de gevolgen zijn van boomwortelopdruk in relatie tot het beheer en onderhoud van wegen, maar ook in relatie tot de beleving van openbaar groen voor de inwoners van de gemeente Dronten. Het kan namelijk ook betekenen dat op onderdelen bomen moeten worden verwijderd, omdat ze niet meer handhaafbaar zijn als gevolg van wortelopdruk en ouderdom. Wat een belangrijk criterium is, is veiligheid van de openbare ruimte en dan vooral voor voetgangers.

51. N307 (VVD) Vraag Wat is de status van het genoemde onderzoek i.s.m. de provincie Flevoland? (p. 17) Antwoord Dit onderzoek moet nog met de provincie worden opgepakt.

52. MF gebouwen (VVD) Vraag Waarom duikt het eigendomsvraagstuk "ineens" op? Wat is hiervoor de aanleiding? (p. 19) Antwoord De Meerpaal als object is opgenomen in het strategisch vastgoedplan (2023) en destijds als PM post benoemd, met de opgave na te denken over visie en toekomst. Visie en toekomst gaat over het inhoudelijke programma én wat je daar aan faciliteiten (gebouw) voor nodig hebt. Hierbij gaat het dan ook om de eigendomsverhouding in relatie tot de financiële investeringen (groot onderhoud) die er de komende jaren aan komen.

53. De Meerpaal (VVD) Vraag Posten van groot onderhoud en vervangingsinvestering zijn voorspelbaar. Waarom is hiervan geen indicatie van omvang gegeven? Welk bedrag moeten we ongeveer denken? Wanneer wil het college dit budgettair verwerken? (p. 19) Antwoord Na de besluitvorming aangaande het strategisch vastgoedplan, september 2023, is gewerkt aan een meerjarenonderhoudsplanning op basis van de afspraken (demarcatie) uit 2015. Primair is groot onderhoud voor rekening van eigenaar Stichting De Meerpaal. Wanneer op dezelfde voet met het accommodatiebeheer, en de financiële bijdrage daarvoor vanuit de gemeente, van de Meerpaal wordt doorgegaan, kunnen niet alle (groot) onderhoudswerkzaamheden conform meerjarenonderhoudsplanning worden uitgevoerd. Dit heeft als resultaat dat er door de Meerpaal keuzes worden gemaakt wat wel/niet wordt uitgevoerd. Noodzakelijke onderhoudswerkzaamheden worden doorgeschoven, waardoor de financiële last toekomstig groter wordt. Daarnaast heeft de gemeente weinig tot geen regie op de besteding van de financiële middelen die jaarlijks aan de Meerpaal worden overgemaakt. Meerkosten ten aanzien van verschuiving van rollen en verantwoordelijkheden kunnen gevolgen hebben voor de gemeentelijke begroting. Daar is vooralsnog niet vanuit gegaan in de PPN.

Technische vragen Perspectiefnota 2027

21

54. Sociaal domein (VVD) Vraag De nota stelt dat aanvullende middelen via separaat raadsvoorstel komen. Wanneer precies? Welke bedragen zijn intern al geraamd en op welke termijn heeft de raad volledig financieel inzicht? (p. 19) Antwoord Zie het antwoord op vraag 52 en vraag 53.

55. Afval (VVD) Vraag Welke stijgende kosten voor de afvalverwerking worden eerst op andere manieren (bijvoorbeeld door efficiënter afvalbeleid) voordat deze worden doorberekend aan inwoners? (p. 21) Antwoord De stijgende kosten worden voornamelijk veroorzaakt door overheidsmaatregelen. Er komt een CO2 heffing op de afvalverbranding die afvalverbranders moeten stimuleren om minder restafval te verwerken en er komt een extra verhoging op de afvalstoffenbelasting voor restafval. Deze extra kosten kunnen beperkt worden door inwoners beter hun afval te laten scheiden, zodat er minder restafval ontstaat en afval verbrand moet worden. Daarnaast blijft communicatie en voorlichting over beter scheiden van afval van groot belang, betere scheiding betekent meer bruikbare stromen en minder dure verbranding.

Technische vragen na tafeltjesavond 57. Benaming Swifterpark (PvdA/GL) Vraag Hoe zit het met de benaming van de tekst over Swifterpark? Graag context. Swifterpark ligt in Swifterbant, hier gaat het over Biddinghuizen (p 22/23) Antwoord De benaming zoals opgenomen in de Perspectiefnota is inderdaad onjuist. Bedoeld wordt het park tussen de Havenweg en de Swifterweg.

Technische vragen Perspectiefnota 2027

22

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://gemeenteraad.dronten.nl/api/v1/meetings/1401/documents/21930