Bijlage - 1 Perspectiefnota 2027.pdf
Tekst van het document
Perspectiefnota 2027
Gemeente Dronten, Definitieve besluitvorming College: Raad:
Perspectiefnota 2027
7 april 2026 11 juni 2026
1
Inhoudsopgave Een eerste blik op 2027 ......................................................................................... 3 Financiële kaders voor de begroting......................................................................... 8 Beleidsontwikkelingen .......................................................................................... 15 Bijlagen ............................................................................................................. 24
Perspectiefnota 2027
2
Een eerste blik op 2027 Inleiding Aan het begin van een nieuwe bestuursperiode biedt deze Perspectiefnota 2027 nog niet het volledige (financiële) perspectief op 2027. Het nieuwe college zal uw raad meenemen in nadere accenten die in de komende vier jaar gelegd zullen worden. Daarom wordt in deze Perspectiefnota geen nieuw beleid toegevoegd, behalve als daar bijvoorbeeld door in werking tredende nieuwe wetten noodzaak toe is. Vanzelfsprekend wordt er voortgeborduurd op bestaand beleid, zoals bijvoorbeeld het Perspectief op Dronten 2050. Vanuit dat strategisch perspectief heeft het college u vorig jaar al meegenomen in vijf deelperspectieven, te weten: 1. Gestage groei, met vertrouwen in de toekomst 2. Een brug over het ravijn 3. Dronten groeit met en voor de samenleving 4. Dronten groeit niet alleen voor zichzelf 5. Bestuur en organisatie groeien mee Bij twee van deze deelperspectieven, namelijk 3 en 5, heeft het college behoefte om een nadere verdieping aan te brengen. Voor de andere deelperspectieven geldt dat de hoofdlijnen van dit meerjarenperspectief niet wezenlijk zijn veranderd; die zullen in deze Perspectiefnota daarom niet nader worden toegelicht. Wat het college ten aanzien van de groei van onze gemeente in deze Perspectiefnota wil laten doorklinken, is dat organisatie, college én raad een slag hebben te maken in het programmatisch werken.
Dat betekent: meer denken en werken vanuit de beelden en doelen die we op langere termijn willen bereiken en dus minder vanuit het hier en nu. Wat daarvoor nodig is, is dat we een scherper beeld krijgen van wat er nodig is om de Dronter gemeenschap op een gezonde en verantwoorde manier te laten groeien; in ruimtelijk opzicht en zeker ook vanuit een sociaal, economisch en maatschappelijk perspectief. In deze Perspectiefnota verwoorden we wat nodig is om dat scherpere beeld te krijgen én er vervolgens ook naar te handelen. Koersvast én wendbaar Er is veel onrust in Nederland en de wereld. En hoewel de onrust vaak groot is op plekken ver weg van Dronten, het kan wel doorwerken op de gemeente Dronten en haar inwoners. Denk aan plotseling stijgende brandstofprijzen of, zoals na het uitbreken van de oorlog in Oekraïne, vluchtelingen die een veilige plek zoeken. Dit is reden om ons beleid op specifieke onderdelen, snel en vaak tijdelijk, aan te kunnen passen. Bovendien is in februari een nieuw kabinet aangetreden, waarvan de komende tijd duidelijk moet worden hoe nieuwe plannen worden uitgerold naar onder meer gemeenten. Ook dat vraagt, vanuit de koers die Dronten vaart, mogelijk om gerichte bijstelling. Op hoofdlijnen is de koers voor lange termijn stevig verankerd.
De gemeente Dronten is op weg naar 60.000 inwoners in 2050 en in de Toekomstvisie Dronten 2050 hebben inwoners hun beelden als richtsnoer voor de toekomst meegegeven. Daarmee liggen inwoners en haar gemeente op hoofdlijnen samen op koers. Waar de afgelopen vier jaar nadrukkelijk gingen over het uitzetten van een koers, zullen de komende jaren meer gaan over de exacte route, het wenselijke tempo en het logisch ordenen en prioriteren. Wendbaar zijn als het moet, koersvast blijven omdat we dat willen. De drie rode draden die de inwoners in de Toekomstvisie benoemden, kunnen daarbij helpen. Want ze vatten helder samen wat inwoners van de gemeente verwachten als die koers zet naar 2027 met 2050 als horizon. Perspectiefnota 2027
3
“De flinke groei mag het dorpse karakter van Dronten niet in de weg staan” Wees Gericht op samen-leven: ruimte voor elkaar, ruimte voor de natuur en ruimte voor diversiteit. Dit gaat niet alleen over een natuurlijke ruimtelijke inrichting, maar ook zeker over mentaliteit. “Omzien naar elkaar moet een speerpunt zijn” – Zorg ervoor dat Dronten een gemeente is waar we veilig kunnen wonen, waar niemand vergeten wordt en waar iedereen mee kan komen. “We willen vooruitgang, zolang we de mens centraal stellen en de technologie ondersteunend laten zijn” – Geef ruimte voor initiatieven: aangereikt door de gemeenschap en gedragen door de gemeente, en ook andersom. Geef ruimte voor innovatie en vernieuwing, bijvoorbeeld op gebied van (alternatieve) energie, landbouw en de omgang met water. Met deze drie passages doen we de Toekomstvisie als geheel natuurlijk te kort. Maar ze geven concreet inhoud aan wat onze inwoners van het gemeentebestuur verwachten bij het navigeren richting de nabije en verder liggende toekomst. Onze inwoners willen de waarden die onze gemeente gemaakt hebben tot wat het is, gebruiken om ons door te ontwikkelen naar wat de samenleving in de toekomst vraagt. Zorgen voor de groeiende samenleving (deelperspectief 3) "We bouwen geen huizen, maar een samenleving.” Steeds duidelijker wordt zichtbaar dat dit mantra van de groeiopgave voor Dronten, geen lege huls is.
Uw gemeenteraad heeft in 2024 het Strategisch Beleidskader Sociaal Domein vastgesteld, met programmalijnen voor bestaanszekerheid, kansengelijkheid en gezond leven. In een groeiende gemeente zien we inmiddels dat de behoefte aan zorg aan het toenemen en het veranderen is. Enerzijds is dat demografisch te verklaren; onze samenleving vergrijst bovenmatig snel en dat levert andere woon- en zorgbehoeften op. Daarnaast is het ook de toename van inwoners die het complexer maakt om de groeiende behoefte aan jeugdzorg, jongerenwerk en inkomensondersteuning op een goede manier te organiseren. Met als extra punt van aandacht dat het nieuwe kabinet heeft aangekondigd te willen bezuinigen op zorg (onder meer verhoging eigen risico en afschaffing WIA) en ook de ww-duur wil beperken. Hoewel deze ingrepen ook zijn gericht op het versterken van zelfredzaamheid, bestaat het risico voor de gemeenten dat mensen die onvoldoende zelfredzaam zijn, meer beroep zullen doen op ondersteuningen vanuit de eigen woongemeente. Voor de gemeente Dronten is het in dat licht zaak om gericht te (voor)investeren in maatschappelijke voorzieningen en daarmee tijdig te anticiperen op een groei van het aantal inwoners.
Uitbreiding van Dronten met 9.000 woningen en 15.000 inwoners in nauwelijks 25 jaar vraagt naast een goede woningbouw programmering ook om sociaal ruimtelijk programmeren, zodat de huisarts, de supermarkt en ontmoetingsplekken een plek hebben in het plan voor een nieuwe wijk en niet achteraf hoeven worden toegevoegd. Ook het sociale netwerk heeft nadrukkelijk een plek nodig in de groei van Dronten, Biddinghuizen en Swifterbant. Met Stevige Lokale Teams, waarin zorgverleners en gemeente samen optrekken, willen we inwoners helpen voor ze in problemen geraken. Een aanpak die we ook in de Jeugdzorg voorstaan, want de beste manier om het sociale vangnet van uitkeringen en zorgverlening beheersbaar te houden, is zo veel mogelijk voorkomen dat mensen van dat vangnet gebruik moeten maken. Door in te zetten op het versterken van gemeenschappen, preventie en gerichte ondersteuning, hebben we als gemeente de meeste invloed op het beheersbaar houden van zorgkosten. Perspectiefnota 2027
4
Fundament om op te bouwen (deelperspectief 5) Zoals vorig jaar al in de Perspectiefnota 2026 is geschetst, is de ambtelijke en bestuurlijke organisatie het fundament om op te bouwen. De gemeente wordt groter, de maatschappelijke opgaven zijn complex. Het is zaak de organisatie toe te rusten op wat er van de gemeente wordt gevraagd. Het is niet vreemd dat een groeiende gemeenschap vraagt om een groter wordende organisatie, maar – goed gedoseerde toename van de formatie zal alleen van waarde zijn als de organisatie ook kwalitatief een verandering ondergaat. Kritisch zijn op de huidige manier van werken, en van daaruit komen tot aanpassingen op het vlak van competenties en werkwijzen die zijn toegesneden op versneld groeien. In het afgelopen jaar heeft de organisatie gekozen voor het principe van meervoudig kijken, denken en doen. Deze benadering stelt ons in staat om vraagstukken integraal te benaderen en om de dynamiek in de samenleving, de ontwikkeling van onze gemeente en de interne organisatie in samenhang te begrijpen. Daarbij sturen we in de organisatie vanuit drie lijnen: het borgen van dienstverlening, het ondersteunen van de ruimtelijke en sociale ontwikkeling van Dronten en het maken van strategische keuzes die richting geven aan de toekomst.
De groeiopgave richting 2050 vraagt om een stevig fundament en een hechte samenwerking tussen raad, college en ambtelijke organisatie. Om de bestuurlijke en ambtelijke slagkracht te versterken, zijn er twee directeuren aangesteld die de organisatie gerichter kunnen aansturen. Hiermee ontstaat meer focus op de strategische- en operationele opgaven, terwijl managers worden ontlast en meer ruimte krijgen voor leiderschap binnen hun teams. Parallel hieraan investeren we in een organisatie waarin de medewerker zich veilig, gezien en gesteund voelen en waarin de basis van onze werkprocessen verder wordt gestroomlijnd en geprofessionaliseerd. Daarbij hoort ook het creëren van financiële ruimte om de kosten van groei tijdig op te vangen. Want als je nu al weet dat je over 5 jaar drie- tot vierduizend inwoners erbij hebt, kan je nu al bedenken wat ervoor nodig is aan maatschappelijke voorzieningen. Of het nou gaat om een extra vuilniswagen, een groter areaal wegen, meer uitgifte van paspoorten of meer mensen die een beroep doen op de WMO, in een gemeente die groeit, mogen die extra taken en kosten geen verrassing zijn. Samen met uw raad concretiseren wij de groeiambitie voor Dronten 2050, zodat deze ambitie vertaald kan worden naar gezonde keuzes voor wonen, werken, voorzieningen en leefbaarheid. Deze inzet leidt tot meer rust, helderheid en samenhang binnen de organisatie.
De samenwerking tussen raad, college en ambtelijke organisatie verdiept zich doordat we elkaar frequenter en inhoudelijker ontmoeten en beter zicht krijgen op elkaars rollen en verantwoordelijkheden. Leiders binnen de organisatie faciliteren de noodzakelijke interactie en zorgen voor verbinding tussen beleid, uitvoering en bestuur. Hierdoor ontstaat een stevig fundament om gezamenlijk het beste te doen voor onze samenleving, zowel bij de ontwikkeling van nieuw beleid als in het leveren van dienstverlening. Omgevingsvisie Bij het leggen van een stevig fundament voor de bestuurlijke koers, biedt de Omgevingswet het instrumentarium om doelen, randvoorwaarden en ook de mate van wendbaarheid vast te leggen. Daarom zal er deze nieuwe bestuursperiode hard gewerkt worden aan de implementatie van deze wet. De eerste stap die daarin gezet gaat worden is het vaststellen van een Omgevingsvisie. In deze visie maakt het gemeentebestuur nadere keuzes voor de inrichting van de leefomgeving, gebaseerd op de maatschappelijke effecten die daarmee – uitgaande van de groei naar 60.000 inwoners in 2050 – beoogd worden. Daarmee worden de kaders op hoofdlijnen verankerd in ons gemeentelijk beleid.
Perspectiefnota 2027
5
Sinds de gemeenteraad met het besluit “Richting aan Groei” in mei 2023 besloot om de gemeente Dronten te laten doorgroeien naar een hechte samenleving van 60.000 inwoners in 2050, is er al begonnen met dat keuzeproces. Met de koersdocumenten voor de sleutelprojecten Biddinghuizen en Swifterbant en het Ontwikkelkader voor uitleglocatie Dronten Zuid, heeft de raad eerste stappen gezet over hoe de groei van de samenleving ingevuld wordt. En ondertussen komt de bouw van nieuwe woningen ook op stoom in het Hanzekwartier in Dronten, De Graafschap in Biddinghuizen en in de nieuwe wijk Swifterbant-Zuid. Daarnaast heeft uw raad in 2025 gevraagd om aandacht voor het meegroeien van locaties voor nieuwe bedrijven. En met het strategische vastgoedplan heeft u inzicht in de (vervangings)investeringen die de komende jaren nodig zijn om de maatschappelijke voorzieningen als scholen en sportaccommodaties op peil te houden en mee te laten groeien met de groei van de Dronter gemeenschappen en kernen. Het verbinden en borgen van deze ontwikkelingen en besluiten van de afgelopen jaren in de Omgevingsvisie is een complexe klus. Temeer omdat uw gemeenteraad altijd helder is geweest over de werking van de Omgevingsvisie: het dient een visie te zijn op de fysieke leegomgeving, onderbouwd vanuit zowel ontwikkelingen in het fysieke domein als de maatschappelijke impact van de groei naar 60.000 inwoners.
Daarbij hecht het college aan een zorgvuldig proces, waarin uw raad bepalende keuzes over het “hoe” van de groei van onze gemeente goed onderbouwd kunt maken. Bij het opstellen van de Omgevingsvisie zal het komende jaar een zogeheten ontwerpende milieueffectrapportage (mer) worden gemaakt, die helpt om de effecten van de groei van Dronten een plek te geven in beleid en regelgeving. Door eerder opgelopen vertraging en meer benodigde tijd voor een goede marktuitvraag voor het opstellen van een ontwerpende mer, zal de Omgevingsvisie naar verwachting in het laatste kwartaal van 2027 vastgesteld worden. Bouwen aan beleidshuis Met het implementeren van de Omgevingswet, waaraan al sinds 2022 doorlopend wordt gewerkt, komt er de komende jaren in het beleid van de gemeente Dronten een eind aan sectoraal werken: er is één visie (de Omgevingsvisie), een plan waarbij maatschappelijke doelen zijn geïntegreerd in het fysieke beleid en regelgeving is gericht op hoe we in Dronten met elkaar willen samenleven. Onderdeel van het opstellen van een Omgevingsvisie is daarom ook het bouwen aan een logisch beleidshuis, waarvoor de Omgevingsvisie de lijnen naar de toekomst uitzet. Op onderdelen waar nadere uitwerking van beleid wenselijk is, kan de gemeenteraad besluiten tot het opstellen van Omgevingsprogramma’s.
Feitelijk fungeren de bestaande strategische beleidskaders voor wonen, sociaal domein en economie al als een soort Omgevingsprogramma’s, en het is goed mogelijk dat uw raad een dergelijke nadere uitwerking van beleid ook wenst voor bijvoorbeeld mobiliteit & bereikbaarheid, veiligheid of maatschappelijke voorzieningen. Deze kan de gemeenteraad aanvullen met samenlevingsprogramma’s voor beleidsvelden die geen doorwerking hebben op het fysieke domein (denk aan beleid voor sociale zekerheid en financiële regelingen voor zorg). Voor de regelgeving waarmee de gemeente stuurt op ruimtelijke ordening, zullen de Omgevingsvisie en Omgevingsprogramma’s vertaald worden in het Omgevingsplan. Dat Omgevingsplan komt uiterlijk 1 januari 2032 in de plaats van bestemmingplannen, het huidige juridische sturingskader voor ruimtelijke ordening.
Perspectiefnota 2027
6
Resumé De organisatie heeft met het omarmen van het versterkende sturingsmodel en de verdergaande inzichten in financiën een professionaliseringsslag op de bedrijfsvoering van de organisatie gemaakt. Hiermee zijn voorwaarden gecreëerd om ook in 2027 samen -raad, college en ambtelijke organisatie- te verkennen wat de groei van de gemeente Dronten voor de omgeving en de organisatie betekent. Voor 2027 betekent dat concreet: • Het logisch inrichten van het beleidshuis: met één (Omgevings)visie, ontwikkelgerichte programma’s en een Omgevingsplan met een integraal afwegingskader. • Voorinvesteren op groei én investeren in de kwaliteit van de bestaande wijken en voorzieningen, vooral ook in sociaal beleid door sociaal ruimtelijk programmeren. • De ambtelijke organisatie versterken waarbij beleid, uitvoering én beheer zijn toegesneden op de maatschappelijke opgaven waarvoor onze gemeente staat. • Financiële stabiliteit behouden. De organisatie groeit mee met de groei van de gemeente. Kwalitatief en kwantitatief. Dat betekent: • Bestendiging en professionalisering organisatie. • Versterken programmatisch werken. • Verstevigen integrale beleidsontwikkeling. • Blijvend investeren in samenwerking raad–college–ambtelijke organisatie op basis van de besturingsfilosofie.
De ambtelijke organisatie moet voldoende kwalitatieve en kwantitatieve capaciteit krijgen om groei, complexe opgaven en nieuwe en gewijzigde wet- en regelgeving aan te kunnen. In februari maakten de netbeheerders expliciet dat het aansluiten van nieuwe woningen, voorzieningen en bedrijven op het stroomnet tot 2035 geen vanzelfsprekendheid zal zijn. Het is een voorbeeld van een omstandigheid die ons mogelijk dwingt de route of mogelijk zelfs het groeitempo aan te passen. Maar we zien in omstandigheden als deze een aansporing om lef te tonen, creativiteit aan te boren en vooral ons niet af te laten leiden van ons doel: een hechte en vitale samenleving van 60.000 inwoners in 2050.
Perspectiefnota 2027
7
Financiële kaders voor de begroting In de aanloop naar de Perspectiefnota 2027 is door de organisatie veel aandacht besteed aan de niet sluitende meerjarenbegroting. De focus is gelegd op structurele beheersbaarheid en hiervoor is zowel de inkomstenkant als uitgavenkant geanalyseerd. Dit heeft geleid tot diverse bruikbare inzichten en hierop zijn aanvullende acties uitgezet in de organisatie. In dit onderdeel worden de belangrijkste inzichten gedeeld en wordt een financieel perspectief geschetst die de basis vormt voor het uitwerken van de Programmabegroting 2027. Toename van het gemeentefonds In de 1e Financiële Tussenrapportage 2026 is het jaar 2030 toegevoegd aan het meerjarenbeeld en is toegelicht dat dit gunstig uitvalt. De opbrengsten uit het gemeentefonds nemen met € 2 miljoen toe ten opzichte van 2029. In de systematiek van het Rijk valt namelijk een zeer slecht jaar (het Coronajaar 2020) buiten de berekening. Het financieel beeld voor 2030 wordt hierdoor een stuk positiever. Daarbij is het belangrijk om te benadrukken dat wanneer zowel in 2027 én 2030 een positief structureel saldo wordt gerealiseerd, er tevens een basis wordt gelegd om een groene status bij de Provincie (in het IBT) te realiseren. De twee tussenliggende jaren - 2028 en 2029 - mogen dus negatief zijn.
Bij het stellen van de kaders voor de uitwerking van de begroting 2027 is het verstandig dit mee te laten wegen. De groei van Dronten Dronten groeit veel harder dan waar het gemeentefonds rekening mee houdt. Dit inzicht is belangrijk, omdat het gemeentefonds de belangrijkste bron van inkomsten is. Meer inwoners betekent simpelweg meer geld. Deze hogere inkomsten zijn nodig voor de bekostiging van gemeentelijke taken en het is daarom de vraag hoe de balans tussen de groei aan inkomsten en de groei aan (beheers)lasten er uitziet. Daar draait juist het vraagstuk van structurele beheersbaarheid om. En misschien ontstaat hier ook financiële ruimte om de samenleving van Dronten verder vorm te geven. In deze Perspectiefnota wordt de Groei van Dronten voor het eerst financieel opgenomen, waarbij de organisatie dit verder zal uitwerken. Daarbij wordt ook naar andere gemeenten gekeken die een dergelijke vorm van begroten al verder hebben geoperationaliseerd. Het verder ontwikkelen van deze begrotingssystematiek levert al bij de begroting 2027 nuttige inzichten op en zal richting de toekomst een belangrijk instrument zijn die de structurele beheersbaarheid verder moet vergroten. De ambtelijke organisatie In de begroting 2025 is een extra structurele investering gedaan in de formatie.
Met de beschikbare middelen is de ambtelijke organisatie in staat gesteld om de basis voor het uitvoeren van het gemeentelijke takenpakket te herstellen. Uit de analyse van de jaarrekening blijkt dat niet alle middelen zijn benut. Dit komt onder andere door strakkere sturing op inhuur, waardoor het aandeel inhuur is gedaald van 20% naar 15%. Daarmee is in 2025 efficiënter omgegaan met de beschikbare middelen voor de uitvoering van gemeentelijke taken. Om het inzicht in taken en formatie verder te vergroten, is in 2025 een sturingsinstrument ontwikkeld. Dit instrument geeft aanvullend inzicht in de verschillende taakgebieden waarvoor de gemeente verantwoordelijk is. Ook maakt het duidelijk welke invloed wettelijke verplichtingen en beleidskeuzes hebben op de benodigde formatie. Deze verbeterde informatie helpt ons om de gerealiseerde efficiëntieverbetering uit 2025 vast te houden richting de begroting 2027.
Perspectiefnota 2027
8
Op deze manier levert de ambtelijke organisatie een belangrijke bijdrage aan het herstellen van het structurele evenwicht van de begroting. Naast deze zelfkritische houding en de genomen en te nemen beheersmaatregelen ten aanzien van de huidige formatie staat de groeiopgave van de gemeente. Voor nu is het nog niet precies te kwantificeren welke extra investeringen daarvoor nodig zijn. Lokaal inzicht: rust en sturing In 2025 hebben de ontwikkelingen met betrekking tot de jeugdhulp duidelijk gemaakt dat een aantal verbeteringen verwacht mogen worden. Hiervoor heeft de raad ook de motie beheersbaarheid jeugdzorg aangenomen. De organisatie heeft op basis hiervan en in het bredere kader van structurele beheersbaarheid - een concrete opdracht gedefinieerd die in 2026 zal worden uitgevoerd. Die opdracht levert drie kernresultaten op: structureel inzicht in resultaten, processen en financiën; een cultuur van gedeeld eigenaarschap waarin het 'goede gesprek' centraal staat; en een schaalbare blauwdruk voor 'in control' zijn die breed toepasbaar is binnen Dronten. De opdracht richt zich hoofdzakelijk op de ambtelijke organisatie, omdat het merendeel van de gewenste verbeteringen in de uitvoering moet plaatsvinden. De uitvoering van deze opdracht zal door (reeds aanwezige) interne professionals worden opgepakt en loopt tot 1 januari 2027.
De scope van de opdracht is beperkt tot het sociaal domein, op de gebieden Jeugd, Onderwijs en Wmo. De focus op deze kritieke gebieden moet een bewezen en werkende methodiek voor de planning- en controlcyclus creëren, die na succesvolle implementatie breed toepasbaar moet zijn voor alle domeinen. Dit moet de organisatie rust en sturing opleveren, en (zorg)professionals, management en bestuur daadwerkelijk ondersteunen. Vanwege het belang van deze opdracht en de directe relatie tot de motie beheersbaarheid jeugdzorg zal de raad over de voortgang van dit project regelmatig worden geïnformeerd via de reguliere P&C cyclus. Effect Gericht Sturen Bij de begroting 2026 is een belangrijk sturingsinstrument aan de raad opgeleverd. Vanuit de lijn van Effect Gericht Sturen zijn per pakket doelenbomen opgenomen, waarbij maatschappelijke effecten en factoren van invloed inzichtelijk zijn gemaakt. Bij de behandeling van de begroting 2026 is duidelijk geworden dat dit sturingsinstrument juist bij de behandeling van een Perspectiefnota van grote waarde is. Dat is hét moment waar de raad de kaders (bij)stelt en de prioriteiten van de gemeente vanuit de maatschappelijke effecten bepaalt. Het is verleidelijk om hierbij te kijken naar het geld wat hiermee gemoeid gaat. Het gedachtengoed van Effect Gericht Sturen stelt dat niet geld, maar maatschappelijke waarde hierin bepalend dient te zijn.
Wanneer het structurele evenwicht onder druk staat, en dus geld wél een rol gaat spelen, wat betekent dit dan? Juist dan zou de raad in debat moeten gaan om de koers van de gemeente te bepalen. Wat is belangrijk? Waar blijven we van af? Waar moet juist wel iets extra’s gebeuren? Wat is urgent en heeft prioriteit? Hiermee kan u als raad het college en de organisatie de richting meegeven en bijbehorende kaders stellen die gebruikt worden voor het opstellen van de volgende begroting. Voor het gemak is in de bijlage een korte samenvatting van de maatschappelijke effecten en factoren van invloed opgenomen. Voor het volledige overzicht wordt verwezen naar de (samenvatting van de) begroting 2026.
Perspectiefnota 2027
9
Financiële hoofdlijnen Het financieel perspectief hanteert als vertrekpunt de stand van de 1 e Financiële Tussenrapportage 2026. Hou er rekening mee dat uw raad deze stand nog niet heeft vastgesteld op het moment van het aanbieden van deze Perspectiefnota en dat deze kan wijzigen. Financieel perspectief 2026-2030 (x € 1.000)
2026
2027
2028
2029
2030
Stand na 1e Financiële Tussenrapportage (structureel)
184
-1.116
-2.555
-2.767
-875
Stand na 1e Financiële Tussenrapportage (incidenteel)
-6.013
-4.387
-1.539
221
221
Stand na 1e Financiële Tussenrapportage 2026
-5.829
-5.503
-4.094
-2.546
-654
Wijzigingen structurele lasten
0
-1.205
-3.005
-3.955
-7.605
Wijzigingen structurele baten
380
2.480
4.280
5.130
8.480
Wijzigingen incidentele lasten
1.000
0
0
0
0
Wijzigingen incidentele baten
2.329
-673
538
121
142
-2.120
-4.901
-2.281
-1.250
363
Waarvan Structureel
564
159
-1.280
-1.592
0
Waarvan Incidenteel
-2.684
-5.060
-1.001
342
363
Prognose begrotingssaldo bij Perspectiefnota 2027
-2.120
-4.901
-2.281
-1.250
363
Prognose begrotingssaldo bij Perspectiefnota 2027
Het financieel perspectief 2027 toont een structureel sluitende begroting voor 2027 en 2030, waarbij in de tussenliggende jaren een negatief structureel saldo zichtbaar is. De volgende tabel toont met welke wijzigingen rekening is gehouden in het perspectief van 2027. Het is belangrijk om te vermelden dat deze Perspectiefnota in feite beleidsarm is. Alleen autonome en wettelijke ontwikkelingen zijn structureel financieel vertaald. Op basis van de nummering worden de onderwerpen onder de tabel toegelicht.
Perspectiefnota 2027
10
Financiële ontwikkelingen Lasten
S/I
2026
2027
2028
2029
2030
Autonome en wettelijke ontwikkelingen 1) Groei Dronten (eigen perspectief)
S
-700
-2.500
-3.350
-6.700
2) Effectiviteit en efficiëntie van de organisatie
S
1.300
1.300
1.300
1.300
3) Actualisatie investeringsagenda (incl. SVP)
S
0
0
100
100
4) Rentelasten vreemd vermogen (leningen)
S
0
0
-200
-1.000
5) Indexaties lokale belastingen en leges
S
-1.400
-1.400
-1.400
-1.400
6) Jeugdlasten kostprijs ontwikkelingen
S
-300
-300
-300
-300
7) OFGV Basistaken
S
-105
-105
-105
-105
11) Aanvullend benodigd voor 2030
S
0
0
0
500
1.000
0
0
0
0
1.000
-1.205
-3.005
-3.955
-7.605
2026
2027
2028
2029
2030
Incidentele ontwikkelingen 2) Effectiviteit en efficiëntie van de organisatie
I
Totaal impact lasten
Baten
S/I
1) Groei Dronten (eigen perspectief)
S
700
2.500
3.350
6.700
5) Indexaties lokale belastingen en leges
S
1.400
1.400
1.400
1.400
8) Rioolheffing | Afvalstoffenheffing BCF
S
380
380
380
380
9) Impact Meicirculaire 2026
S
0
0
0
0
10) Prognose grondbedrijf
I
2.329
-673
538
121
142
Totaal impact baten
2.709
1.807
4.818
5.251
8.622
Totaal impact saldo
3.709
602
1.813
1.296
1.017
380
1) Groei Dronten (eigen perspectief) Het gemeentefonds houdt rekening met een groei van 600 inwoners richting 2030. Per inwoner ontvangt Dronten ongeveer € 2.100. Met de huidige ontwikkelingen, waaronder de start van uitleggebied Zuid, is het plan om Dronten met meer dan 3.000 inwoners te laten groeien. Deze groei zal leiden tot ongeveer € 7 miljoen aan hogere inkomsten vanuit het gemeentefonds en OZB in 2030. We onderzoeken in welke mate we die inkomsten kunnen gebruiken om de toenemende kosten die gerelateerd zijn aan de omvang van Dronten (o.a. meer jeugdigen, ouderen, groen, wegen, overhead) te dekken. In het financieel perspectief is de groei van Dronten budgetneutraal verwerkt, wat betekent dat er (nog) geen rekening wordt gehouden met een eventueel voor- of nadeel vanuit deze groei. Deze begrotingssystematiek zal worden verfijnd en het is belangrijk om hierin een bepaalde voorzichtigheid te hanteren. De realiteit is dat het een grote uitdaging is om bouwontwikkelingen conform plan te laten verlopen, gezien de netcongestie, stikstofproblematiek en grote ketenafhankelijkheid.
Perspectiefnota 2027
11
2) Effectiviteit en efficiëntie van de organisatie De ambtelijke organisatie werkt toe naar een structureel financieel evenwicht in 2027 en verwacht hiervoor in totaal € 1,3 miljoen aan organisatiekosten te kunnen reduceren. De jaarrekening 2025 laat zien dat de formatie duurzaam kan worden bekostigd met minder middelen, mede dankzij de ingezette verbeteringen in de bedrijfsvoering. Door het succesvol terugdringen van relatief dure inhuur kan de organisatie met dezelfde kwaliteit en capaciteit efficiënter functioneren. Deze professionaliseringsslag vertaalt zich nu zichtbaar in de financiële resultaten. Op basis hiervan is voor 2026 een incidentele meevaller van € 1,0 miljoen opgenomen. Tegelijkertijd vraagt deze structurele aanpassing om een zorgvuldige en realistische benadering. Inhuur blijft een waardevol instrument bij arbeidsmarktkrapte, ziekteverzuim en specialistische expertise. Op cruciale plekken die direct bijdragen aan de uitvoering of de groeiambities, blijft de keuze voor tijdelijke inzet daarom afhankelijk van kwaliteit, continuïteit en maatschappelijke impact, en niet uitsluitend van financiële overwegingen. Het sturen op maatschappelijke resultaten en het goed ondersteunen van onze medewerkers vormt hierbij het belangrijkste uitgangspunt. 3) Actualisatie investeringsagenda (incl.
SVP) De afgelopen jaren is de investeringsagenda uitgebreid met de investeringen van het Strategisch Vastgoedplan (SVP). Voor de investeringsagenda zijn een aantal ontwikkelingen relevant die vragen om bijstelling voor de begroting van 2027. In 2026 zullen het IHP en het SVP worden herijkt. Eens per vijf jaar is dit wenselijk. Op deze wijze kunnen actuele ontwikkelingen worden meegenomen in de verdere planuitwerking en gemeentelijke begroting. Parallel aan deze herijking van de plannen zal ook gekeken worden naar de herijking van de bouwkosten. Vooruitlopend op de herijking van het IHP en SVP is in het financieel perspectief voor de herijking van de bouwkosten een toename van 15% meegenomen. Ook is vanuit het sleutelproject Swifterbant voor het IKC Swifterbant al rekening gehouden met een latere oplevering. Deze twee ontwikkelingen maken dat in de afschrijvingslasten voor het huidige meerjarenperspectief per saldo geen grote veranderingen worden verwacht. Vanuit de sleutelprojecten Swifterbant en Biddinghuizen zullen ook (maatschappelijke) investeringen volgen die op een gegeven moment op de juiste wijze in de begroting moeten landen. Met de verdere invulling van deze projecten is bij het opstellen van dit financieel perspectief nog geen rekening gehouden. 4) Rentelasten vreemd vermogen (leningen) Met het jaar 2030 neemt de financieringsbehoefte toe.
In 2030 wordt verwacht dat hierdoor de rentelasten voor het vreemd vermogen met ongeveer € 1 miljoen toenemen ten opzichte van 2029. Belangrijk is hierbij de volledige herijking van het IHP en SVP, die de grootste invloed heeft op deze berekening. Ook kan de ontwikkeling van de rente zowel in positieve als negatieve zin impact hebben. In 2026 zullen passende maatregelen worden genomen om dit renterisico te minimaliseren. 5) Indexaties lokale belastingen en leges Bij de begroting 2027 zal worden voorgesteld met welk percentage de lokale belastingen, heffingen en leges kunnen worden bijgesteld. Belangrijk is om daarbij te kijken naar de prijscompensatie voor 2027 die vanuit de Meicirculaire 2026 wordt ontvangen. In het financieel perspectief is de impact vanuit prijseffecten budgetneutraal opgenomen. Voor het financieel perspectief is als voorbeeld gewerkt met een indexatie van 4%, wat gelijk staat aan ongeveer €1,4 miljoen aan financiële begrotingsruimte. Perspectiefnota 2027
12
6) Jeugdlasten kostprijs ontwikkelingen De gemeente is verantwoordelijk voor de uitvoering van de Jeugdwet. De Wet verbetering beschikbaarheid jeugdzorg verplicht gemeenten om bepaalde vormen van jeugdhulp regionaal in te kopen per 1 januari 2027. Deze vormen (jeugd GGZ, Logeren, Kinderdagcentrum, Multidisciplinaire jeugdhulp) worden in 2026 regionaal aanbesteed. De Algemene Maatregel van Bestuur (AMvB) Reële Prijzen Jeugdwet verplicht gemeenten om voor de inkoop van jeugdhulp reële tarieven te betalen. Conform de AmvB worden tariefonderzoeken uitgevoerd. Voor de producten jeugd GGZ, Logeren en Kinderdagcentrum zijn deze onderzoeken inmiddels afgerond en zijn de tarieven 2027 vastgesteld. Voor het product Multidisciplinaire jeugdhulp worden het tarievenonderzoek en de impactanalyse eind maart 2026 afgerond. In april 2026 hebben we inzicht in de kostenontwikkeling. In afwachting van de complete kostenanalyse kan een totale structurele kostenstijging van € 150.000 tot € 300.000 bovenop de reguliere indexering worden verwacht, mede gezien de toegenomen complexiteit van de doelgroep die één van deze regionale zorgvormen nodig heeft. Regionale jeugdhulp zal alleen indien noodzakelijk en zo kort als mogelijk worden ingezet op basis van een beschikking voor kinderen met een complexe zorgbehoefte.
Door de inrichting van stevige lokale teams in de komende jaren zullen kinderen met een minder complexe zorgbehoefte laagdrempelig en preventief ondersteund gaan worden. Vanuit het voorzichtigheidsprincipe is in het financieel perspectief de maximale bandbreedte voor deze kostprijsontwikkeling aangehouden. 7) OFGV basistaken In de ontwerpbegroting van OFGV wordt rekening gehouden met een uitbreiding van de basistaken, waarvoor € 105.000 extra benodigd is. De ontwerpbegroting van OFGV is afhankelijk van de zienswijzen van gemeenten. In het financieel perspectief is rekening gehouden met de financiële impact van deze ontwikkeling. 8) Rioolheffing | Afvalstoffenheffing BCF Eind 2025 is middels een raadsinformatiebrief aangekondigd dat de raad in de eerste helft van 2026 wordt meegenomen in de uitkomsten van de financiële analyse van het riool. Vooruitlopend hierop kan worden gesteld dat de toerekening van de (compensabele) btw dient te worden geactualiseerd. De toerekening van btw leidt tot structurele ruimte in de begroting. Per saldo vergroot deze actualisatieslag de structurele ruimte naar verwachting met € 380.000. De huidige heffingen zitten op een dusdanig niveau dat deze actualisatieslag niet direct leidt tot een aanpassing van de heffing (anders dan indexatie).
Bij dit onderwerp wordt uitvoeriger stilgestaan wanneer de uitkomsten van de financiële analyse van het riool worden behandeld. Daarbij wordt voor het riool deze actualisatieslag in het bredere perspectief van kostendekkendheid geplaatst. 9) Impact Meicirculaire 2026 Voor de impact van de Meicirculaire 2026 is geen bedrag opgenomen. Toch zal de Meicirculaire 2026 impact hebben op het financieel perspectief. Bij de behandeling van de Perspectiefnota zullen de uitkomsten van de Meicirculaire bekend zijn en daarover wordt u als raad apart geïnformeerd. 10) Prognose grondbedrijf In de begroting van 2025 is voor het eerst het resultaat op het grondbedrijf begroot. Wanneer de jaarrekening is vastgesteld, kunnen de bij te stellen financiële verwachtingen worden verwerkt in de begroting. Dit zal bij de 2e Financiële
Perspectiefnota 2027
13
Tussenrapportage gebeuren en levert per saldo een positieve bijstelling van € 2,5 miljoen op. De financiële verwachting van het eerste kwadrant van uitleggebied Zuid is niet verwerkt in dit financieel perspectief. 11) Aanvullend benodigd voor 2030 De verwachting is dat de begroting 2027 structureel sluitend kan worden gemaakt. Voor 2030 is dit nog de vraag, omdat het verschil met een structureel evenwicht € 500.000 is. Dit is een overbrugbaar verschil dat nu als taakstelling is opgenomen. Mocht u als raad besluiten dat het begrotingsjaar 2030 structureel sluitend moet zijn, dan bestaat de mogelijkheid dat wanneer dit een minimale omvang heeft, hiervoor een algemene taakstelling zal worden opgenomen.
Perspectiefnota 2027
14
Beleidsontwikkelingen Hieronder worden de beleidsontwikkelingen voor 2027 geschetst. Deze ontwikkelingen zijn opgedeeld in twee typen: wettelijke ontwikkelingen en beleidsmatige ontwikkelingen. Wettelijke ontwikkelingen De wettelijke ontwikkelingen zijn onontkoombaar. Denk hierbij aan indexaties of kostprijsontwikkelingen, die direct invloed hebben op middelen. Omdat deze verplicht zijn, zijn de structurele financiële consequenties verwerkt in het financieel beeld. Ontwikkelingen uit deze categorie worden aangeduid met (W). Beleidsmatige ontwikkelingen De beleidsmatige ontwikkelingen laten zien welke inhoudelijke onderwerpen voor 2027 in beeld zijn. Een deel van deze ontwikkelingen vraagt geen aanvullende financiering, omdat ze bijvoorbeeld betrekking hebben op het herijken van beleidsplannen of op ontwikkelingen die aandacht verdienen. Ontwikkelingen uit deze categorie worden aangeduid met (B). Daarnaast is er een categorie beleidsmatige ontwikkelingen waarbij mogelijk financiële middelen nodig zijn, maar waarbij de financiële impact nog niet volledig in beeld is. Deze ontwikkelingen worden op inhoud beschreven, zodat de raad tijdig zicht heeft op deze ontwikkelingen. Ontwikkelingen uit deze categorie worden aangeduid met (BF).
Pakket 0C - Overhead Optimaliseren proces subsidies (B) De gemeente zet subsidies in om maatschappelijke doelen te realiseren. Het huidige subsidieproces functioneert in de basis goed. Tegelijkertijd zien we kansen om het proces verder te verbeteren door voorwaarden duidelijker te formuleren en het proces te uniformeren. Hiermee sluiten we beter aan bij de behoeften van aanvragers en wordt het aanvragen van subsidie laagdrempeliger en toegankelijker. Om dit te bereiken, ontwikkelen we een nieuw subsidiebeleid en een daarop afgestemde Algemene Subsidieverordening (ASV). De gemeente heeft hierin een belangrijke rol: het bieden van duidelijke, rechtmatige en toegankelijke kaders voor inwoners en organisaties. Herijking beleidsdocumenten (B) We starten met de voorbereiding van een nieuw subsidiebeleid. Dit beleid vormt een samenhangend en uniform kader voor de manier waarop subsidies worden verstrekt. Onderwerpen die hierbij worden betrokken zijn onder andere: 1. Een eenduidige manier van werken; 2. De rol en inzet van meerjarige subsidies; 3. Een mogelijke systematiek voor indexering. De inhoudelijke keuzes worden in een later stadium uitgewerkt en bestuurlijk afgestemd. Nieuwe Algemene Subsidieverordening (ASV) (B) Na vaststelling van het nieuwe subsidiebeleid wordt de ASV geactualiseerd, zodat deze volledig aansluit bij het nieuwe beleid en bij de praktijk.
De vernieuwde ASV vormt het juridische fundament onder alle subsidieregelingen en subsidiebeschikkingen.
Perspectiefnota 2027
15
Pakket 1E Rampenbestrijding en crisisorganisatie Weerbaarheid en veerkracht (B) Toenemende geopolitieke spanningen, hybride dreigingen, klimaatverandering en het grotere risico op langdurige verstoringen, zoals uitval van energie en digitale infrastructuur, maken de samenleving kwetsbaarder. De gevolgen van een (langdurige) crisis worden uiteindelijk lokaal gevoeld, bij inwoners, bedrijven en instellingen, en juist daarom spelen gemeenten een sleutelrol in het versterken van de maatschappelijke weerbaarheid en veerkracht. Sinds 2025 zet het Rijk expliciet in op deze brede en complexe opgave en de verwachting is dat er de komende jaren veel op gemeenten afkomt. Zo heeft een gemeente wettelijke taken tijdens crises, onder andere op het gebied van bevolkingszorg, crisiscommunicatie en zorg voor noodsteunpunten. Maar ook in de preventieve en nazorgfase kan de gemeente een belangrijke rol spelen, bijvoorbeeld met het oog op kwetsbare, niet-zelfredzame inwoners. Op dit moment vormen we binnen de Veiligheidsregio, samen met onze veiligheidspartners, de beleidskaders om deze weerbaarheidsopgave regionaal en lokaal structureel en toekomstbestendig te borgen. Op basis van de Voorjaarsnota 2025 komt vanaf 2027 structureel € 70 miljoen beschikbaar vanuit het Ministerie van Justitie en Veiligheid voor de versterking van de regionale- en lokale weerbaarheid.
Echter, op dit moment zijn nog geen directe en structurele middelen beschikbaar gesteld aan individuele gemeenten. Desondanks is het uitgangspunt om de taken vanuit de weerbaarheidsopgave binnen de bestaande begroting en aanvullende middelen van het Rijk te borgen. Pakket 1F Integraal veiligheidsbeleid en openbare orde Maatwerkoplossingen voor complexe casuïstiek (B) De komende periode blijven we onverminderd inzetten om de leefbaarheid van de wijken en de veiligheid van onze inwoners te versterken. Met inzet van repressieve- en preventieve middelen en het versterken en waarborgen van samenwerking met onze partners willen we jonge aanwas in de criminaliteit tegengaan, overlast verminderen en de veilige leefomgeving van onze inwoners versterken. De samenleving verhardt, armoede neemt toe en de sociale cohesie daalt, waar anderzijds de capaciteit bij zorgpartners verminderd. Landelijke trends laten zien dat casuïstiek op het snijvlak van zorg en veiligheid steeds complexer wordt. Deskundigen signaleren dat zowel de aard van de problematiek als het aantal zorg- en overlastmeldingen bovengemiddeld toeneemt. Hoewel deze cijfers landelijk zijn, is het aannemelijk dat een groeiende gemeente als Dronten vergelijkbare ontwikkelingen zal ervaren.
Het streven is kwetsbare inwoners met meervoudige problematiek te ondersteunen, waarbij blijvend wordt ingezet op integrale en maatgerichte samenwerking. Domein overstijgende samenwerking staat hierbij centraal. Het doel is maatwerkoplossingen die recht doen aan de individuele situatie van de inwoner. Pakket 2G Verkeer en vervoer Wegen (BF) Met de gemeenteraad is 5 jaar geleden afgesproken dat het overgrote deel van het wegennet wordt onderhouden op het niveau Laag (C) (landelijk beeldkwaliteitssystematiek van het CROW). Daar is de afgelopen jaren aan gewerkt en op dat niveau zijn we nu aangekomen. In het nieuwe beleidsplan wegen (2026 naar de raad) zal hier nader op ingegaan worden. Dronten heeft te maken met een veroudering van het wegennet en dan met name de wegen die bestaan uit elementenverharding. Grote delen van Dronten zijn 40 jaar of ouder.
Perspectiefnota 2027
16
Wat voornamelijk wordt geconstateerd bij de elementenverhardingen is dat de kwaliteit hiervan, conform het vastgestelde beleid, nu daadwerkelijk het niveau ‘laag’ heeft bereikt. En dat dit, in combinatie met een sterke toename van verhardingsopdruk door ouder wordende bomen, resulteert in een toename van de onderhoudsbehoefte en de hierbij horende kosten. Daarnaast constateren we dat de prijsindexatie voor civiele werken hoger is dan de indexatie die wordt aangehouden in de gemeentelijk begroting. Voor de beide onderdelen wordt onderzocht wat dit inhoudt voor de kapitaalbehoefte de komende jaren. Gezonde en duurzame mobiliteit In ons verkeers- en vervoersbeleid (GVVP) zetten we in op gezonde mobiliteit. Dit blijkt onder andere uit het feit dat we daarin twee speerpunten hebben benoemd, namelijk het stimuleren van het fietsgebruik en inzetten op duurzame mobiliteit. Behalve deze speerpunten hebben we ook rekenschap te houden met onze groeiambitie en wat dit betekent voor regionale- en lokale bereikbaarheid en verkeersveiligheid. Rivierendreef (BF) Een van de opdrachten die nog in het uitvoeringsprogramma GVVP staat is het verbeteren van de bereikbaarheid en doorstroming op de Rivierendreef. De Rivierendreef staat in 2027 geprogrammeerd voor grootonderhoud. In 2026 vindt er een verkeerstudie plaats om de doorstroming te verbeteren en welke maatregelen daarvoor nodig zijn.
De mogelijke extra inrichtingsmaatregelen zijn niet begroot. Alleen de kosten voor groot onderhoud zijn begroot. Met subsidie van Het Rijk en Provincie zoeken wij naar aanvullende dekking. In de Programmabegroting 2027 brengen wij de financiële consequenties in beeld. Inframaatregelen ten behoeve van ontwikkeling uitleggebied Zuid (BF) De ontwikkeling van de nieuwe woonwijk Dronten-Zuid vraagt ook om directe, comfortabele en veilige verbindingen met het bestaande dorp. In 2025 is er voor veel nieuwe infrastructurele maatregelen een WoKT-rijkssubsidie (Woningbouw Korte Termijn) aangevraagd. De eerste bewoners zullen waarschijnlijk in 2028 gaan wonen in deze wijk, dat betekent dat een aantal inframaatregelen eind 2027 moeten zijn uitgevoerd. Corridor Lelystad – Dronten - Kampen – Zwolle (N307/ N50) (B) Dronten ligt op het scharnierpunt tussen de Regio Zwolle en de Metropool Regio Amsterdam. Om de bereikbaarheid naar beide regio’s te blijven behouden moeten we ons (economisch) belang op deze corridor prominent naar voren brengen in de regio. De groeiopgave naar 60.000 inwoners in 2050 en de groei van bedrijven betekent duidelijke afspraken maken met de verantwoordelijke overheden over de bereikbaarheid en verkeersveiligheid.
• N50 Voor de bereikbaarheid is het van belang dat we in de lobby de urgentie voor het verbeteren van de verkeersveiligheid en bereikbaarheid van de N50 blijven benoemen. In deze lobby zitten we als DUN-gemeenten samen met de gemeenten Kampen, Hattem, Zwolle en de provincies Overijsel en Flevoland. • N307 Voor de bereikbaarheid moet er met de provincie Flevoland onderzoek gedaan worden naar de mogelijke bottlenecks in dit tracé. Het gaat hierbij om de twee ovondes Overijsselseweg – Dronterringweg en Hanzeweg – Dronterringweg. Op dit moment zien we in avondspits wachtrijen ontstaan. Met de groeiopgave en uitbreiding van bedrijventerreinen worden deze problemen in de toekomst groter.
Perspectiefnota 2027
17
Pakket 4P Opgroeien en opvoeden Lokale inclusie agenda (BF) De gemeente heeft de wettelijke taak om te voldoen aan het VN-verdrag Rechten voor mensen met een handicap (2016), met als doel om een samenleving te creëren waarin iedereen – ongeacht achtergrond, fysieke of mentale mogelijkheden – mee kan doen. Dit verdrag vereist dat iedere gemeente een Lokale Inclusie Agenda (LIA) opstelt. In 2019 heeft de gemeenteraad de motie ‘Samen werken aan een inclusieve samenleving’ aangenomen met daarin het verzoek een lokale inclusieagenda op te stellen. In de jaren daarna hebben een interne en externe werkgroep hieraan gewerkt, gebaseerd op de VNG-routekaart. Ook hebben we een overzicht gemaakt van wat gemeente Dronten al doet op gebied van inclusie. Na de totstandkoming van het Strategisch Kader Sociaal Domein ‘Mensen maken de samenleving’ in 2024 hebben we de verbinding gelegd tussen dat kader en het inclusiebeleid. Dat zal in 2026 leiden tot de vaststelling van de Drontense Lokale Inclusie Agenda. Hierin wordt beschreven wat de gemeente al doet én in de toekomst graag wil doen om nog toegankelijker te worden. Dit is belangrijk om het recht op gelijke behandeling en het gelijkwaardig meedoen van mensen met een beperking of chronische aandoening te kunnen waarborgen. Het opstellen van een LIA is slechts het begin.
De acties die hierin opgenomen worden dienen ook uitgevoerd te worden, vanaf 2027. Denk hierbij aan activiteiten die 1) zichtbaarheid bevorderen, 2) ervaringskennis inzetten en 3) discriminatie tegengaat. Investeren in het uitvoeren van de acties zoals opgenomen in de LIA sluit aan bij het Strategisch kader ‘Mensen maken de samenleving’ en het uitvoeringsprogramma Kansengelijkheid vergroten. Door hierop in te zetten, wordt er voldaan aan wetgeving én kan er gewerkt worden aan een samenleving die echt voor iedereen is. Pakket 5J (Openlucht)recreatie Speelruimtebeleid (B) In 2027 wordt het Speelruimtebeleid herzien. Het Speelruimtebeleid heeft als doel om mensen te stimuleren samen naar buiten te gaan. Dit wordt gerealiseerd door ruimte te bieden voor spelen, sporten en ontmoeten. Inwoners worden actief betrokken bij het ontwerp en de inrichting van deze plekken. Pakket 5K Openbaar groen Toegankelijk en divers groen in de kernen (B) In 2027 wordt het Groenbeleidsplan herzien. Dit plan bevat het beleid voor openbaar groen, dorpsbossen en bomen. De actuele opgaven zoals klimaatadaptatie, vergroening en het versterken van biodiversiteit worden in het geactualiseerde plan meegenomen. Inwoners worden intensief betrokken bij de herziening.
Energietransitie en wettelijk beschermde diersoorten (B) Met een Soortmanagementplan (SMP) voor gebouwbewonende soorten wordt de impact op wettelijk beschermde dieren als gevolg van maatregelen binnen de energietransitie beperkt. Op deze manier kunnen we actief bijdragen aan de energietransitie, zonder dat dit leidt tot achteruitgang van deze soorten.
Perspectiefnota 2027
18
De Flevolandse gemeenten bereiden het SMP gezamenlijk voor. In 2027 en 2028 wordt onderzoek gedaan naar de populaties van gebouwbewonende soorten. Naar verwachting kan vanaf 2029 worden gewerkt met een gebiedsdekkende omgevingsvergunning die gebaseerd is op het SMP. Pakket 6M3 Arbeidsparticipatie en minima ondersteunende regelingen Minima ondersteunende regelingen (W) Door aanhoudende prijsstijgingen neemt de koopkracht af en stijgt de vraag naar ondersteuning voor inwoners met financiële problemen. Om het bestaande voorzieningenniveau in stand te houden en inwoners te blijven ondersteunen, zijn aanvullende structurele middelen noodzakelijk. Dit betreft de jaarlijkse indexering van de toegankelijkheidsbijdrage, volgens het amendement van de raad van 7 november 2024 (2027: 2%), en de indexering van de individuele inkomenstoeslag. Daarnaast vraagt recente jurisprudentie om het juridisch in lijn brengen van de draagkrachtregeling voor bijzondere bijstand bij bewindvoering met de algemene norm. Pakket 6M5 Multifunctionele gebouwen De Meerpaal (BF) Uit de gesprekken met de Meerpaal is gebleken dat er diverse posten qua groot onderhoud en/of vervangingsinvesteringen op de gemeente afkomen. Op dit moment is de omvang hiervan nog niet exact te duiden. Naar verwachting is in de loop van 2026 hier meer over bekend.
Uw raad zal in 2026/2027 via een separaat raadsvoorstel op de hoogte worden gehouden van de eventuele gevolgen voor de gemeentelijke begroting. Parallel aan deze discussie gaat het college ook in gesprek over het eigendomsvraagstuk van de Meerpaal aangaande het gebouw en de rollen, taken en verantwoordelijkheden tussen gemeente en de Meerpaal. Pakket 6N Zelfredzaamheid en eigen mogelijkheden Wonen-Welzijn-Zorg (BF) De gemeente Dronten en haar partners Coloriet, De Meerpaal en OFW hebben eind 2025 het koersdocument wonen-welzijn-zorg Dronten ondertekend, waarmee de koers op wonen, welzijn en zorg voor de komende jaren is bepaald. Het document biedt de visie en uitvoeringsprincipes voor de aanpak van de woonzorgvraagstukken in Dronten. Het document biedt een integrale benadering van wonen, zorg en welzijn, en richt zich op het versterken van zorgzame gemeenschappen, het bevorderen van sociale verbinding en het toevoegen van geclusterde woonvormen die passen bij de zorgbehoefte van onze inwoners. Het koersdocument sluit aan bij het Strategisch kader Woonperspectief, de routekaart Wonen en Zorg Flevoland, de landelijke kaders als WOZO, GALA, AZWA en HLOOpdracht en het Wetsvoorstel versterking regie volkshuisvesting. De partijen willen niet dat het bij slechts ambitie blijft, en willen om die reden zo snel mogelijk aan de slag met de uitvoering.
Er wordt gewerkt aan een plan van aanpak ‘toekomstbestendig zorglandschap Dronten’ en een concept uitvoeringsprogramma, waarin concrete maatregelen zijn benoemd. Nu is het zaak om deze maatregelen gereed te maken voor uitvoering en te koppelen aan het vastgestelde Strategisch beleidskader sociaal domein “Mensen maken de samenleving”, Strategisch kader Woonperspectief en bijbehorende plannen. We gaan ervan uit dat veel maatregelen gekoppeld kunnen worden aan de uitvoeringsplannen.
Perspectiefnota 2027
19
Indien blijkt dat er aanvullende middelen nodig zijn, zullen deze middels separaat raadsvoorstel aangeboden worden parallel aan de behandeling van de Perspectiefnota. Bestedingsplan Zorglandschap WMO 2027 t/m 2031 (BF) Op 25 maart 2021 heeft uw raad kennis genomen van het Bestedingsplan zorglandschap Wmo 2020-2026 (hierna: Bestedingsplan). Hiervoor heeft uw raad een bestemmingsreserve ‘Zorglandschap Wmo 2021-2026’ ingesteld. Dit bestedingsplan loopt tot en met 2026. Op dit moment wordt gewerkt aan een evaluatie van de projecten van het huidige bestedingsplan (zie ook motie raadsvergadering 5 februari 2026) en volgt er in het tweede halfjaar een verzoek (raadsvoorstel) om een nieuw bestedingsplan voor de komende jaren vast te stellen waarbij rekening wordt gehouden met de kaders en vastgestelde maatschappelijke effecten. Het Regionale Zorglandschap Wmo richt zich op de ondersteuning van inwoners met een kwetsbaarheid en/of een ondersteuningsvraag door psychische problemen, verslaving, een lichte verstandelijke beperking en/of problemen door huiselijk geweld of kindermishandeling. Deze mensen willen wij helpen om zo veel mogelijk naar een normale leefsituatie te komen. Daarbij blijven ze zo veel mogelijk in hun eigen woonomgeving. Hun behoeften en mogelijkheden staan centraal.
Eigen regie, inzet op kansen en het aansluiten bij wat iemand wil en kan zijn namelijk belangrijke voorwaarden voor herstel. Het Strategisch beleidskader sociaal domein sluit aan bij bovenstaande visie. Ook Dronten wil bouwen aan een samenleving waarin iedereen de kans krijgt om mee te doen en bij te dragen. Samen zorgen we er voor dat iedereen een plek heeft en kan participeren. De uitvoeringsprogramma’s zetten vanuit de maatschappelijke opgaven in op onder meer sociale cohesie, preventie, normalisering van hulp en het versterken van lokale netwerken en stevige lokale teams. Hierbij gelden als uitgangspunten het kunnen bieden van de juiste ondersteuning in de omgeving en aansluitend bij behoefte van de inwoner, passend binnen een financieel kader. Tot nu toe is er jaarlijks sprake van een overschot op de post Beschermd Wonen van de regionale begroting sociaal domein Flevoland. In het bestuurlijk overleg sociaal domein Flevoland is afgesproken dat overschotten en tekorten naar rato worden verrekend tussen gemeenten. Het zijn incidentele inkomsten die ten goede komen aan de doelgroep van het Zorglandschap Wmo. Aangezien er jaarlijks een positieve mutatie plaatsvindt vanuit de regionale begroting sociaal domein Flevoland naar de bestemmingsreserve, omvat de bestemmingsreserve ‘Zorglandschap Wmo 2021-2026’ middelen om toekomstige projecten mogelijk te kunnen financieren.
Omdat het bestedingsplan Zorglandschap nog opgesteld moet worden, kunnen wij niet aangeven wat de financiële consequentie is, dit wordt meegenomen in het nog op te stellen raadsvoorstel waarbij de raad voorgesteld zal worden om de middelen te onttrekken aan de bestemmingsreserve. Wij proberen deze gelijktijdig aan te bieden met de behandeling van de Perspectiefnota (afhankelijk van raadpleging ASD, termijn van advies).
Perspectiefnota 2027
20
Pakket 7Q Gemeentelijke basisvoorzieningen Maatregelen overheid huishoudelijk restafval (B) De CO2-heffing op afvalverbranding gaat de komende jaren fors stijgen. Het biedt een sterke prikkel om minder verbrandbaar afval aan te bieden en om buitenlands afval te weren. Daarnaast stijgt volgens het belastingplan 2026 ook de belasting op het verbranden van afval. Volgens dat plan zal door de CO2-heffing en de Afvalstoffenbelasting de afvalstoffenheffing de komende jaren trapsgewijs stijgen tot € 55 per woonhuisaansluiting in 2030. Dit betekent dat voor het beheersen van deze kostenstijgingen voor de inwoners het sturen op reductie van restafval door betere afvalscheiding financieel steeds belangrijker wordt. De afvalsector wordt nog gelegenheid geboden om met alternatieve voorstellen te komen, die voor het Rijk dezelfde belastingopbrengst dienen op te leveren. Uitgebreide producenten verantwoordelijkheid (UPV) plastic verpakkingen (B) De producenten van verpakkingen, verenigd in Verpact, zijn verantwoordelijk voor een goede inzameling en recycling, inclusief het statiegeldsysteem van PBD (plastic verpakkingen, blik en drinkpakken). Gemeenten ontvangen hiervoor van Verpact een inzamelvergoeding. Eind 2025 is door VNG, NVRD (branchevereniging afvalbeheer en reiniging) en Verpact een nieuwe samenwerkingsovereenkomst verpakkingen getekend.
In de nieuwe afspraken staat kwaliteit voorop. Schonere stromen leveren betere recyclingresultaten. De uitwerking van deze nieuwe afspraken vindt plaats in 2026 en zal impact hebben op de hoogte van de vergoeding. In het gunstigste geval zal dit de komende jaren leiden tot een gelijkblijvende opbrengst voor gemeente Dronten, maar er blijft onzekerheid bestaan over de uiteindelijke financiële effecten totdat de definitieve kaders zijn vastgesteld. Grondstoffenbeleidsplan In 2026 wordt een nieuw grondstoffenbeleidsplan vastgesteld door de raad. Daarin wordt ook gekeken naar een vervolgonderzoek en herijking van de doelen aangaande het aantal kg restafval per inwoner per jaar en welke wijze van doorbelasting naar de inwoner daar het beste bij past om het gewenste scheidingsgedrag en de doelstellingen te behalen. Afhankelijk van de keuze die gemaakt gaan worden kan dit ook gevolgen hebben voor het investeringsniveau voor de begroting 2027. Pakket 7R (Milieu)omgevingsveiligheid Voorbereiding op uitbreiding BOA-bevoegdheden (B) De gemeente is verantwoordelijk voor een veilige uitvoering van toezicht en handhaving in de openbare ruimte. Er komt een wetswijziging van het Rijk (doorontwikkeling van het boa-bestel) die het mogelijk maakt dat BOA’s onder strikte voorwaarden (meer) geweldsbevoegdheden en bijbehorende uitrusting kunnen krijgen.
Van belang is dat het toekennen van (meer) geweldsbevoegdheden geen generieke verplichting is, maar een lokale beleidskeuze: de gemeente beslist of en in welke mate zij deze bevoegdheden wil aanvragen en implementeren. Daarom moeten we in 2027 rekening houden met een mogelijke implementatie: afspraken met politie/OM, actualisatie van werkwijzen, opleiding/toetsing en registratie/verantwoording. Dit sluit aan bij onze VTH-opgave om rechtmatig, effectief en veilig te handhaven. Europese Natuurherstelverordening (B) De Europese Natuurherstelverordening is in 2024 in werking getreden en zet in op het verbeteren van natuurkwaliteit en biodiversiteit. Dit is iets anders dan de natuurtoetsen bij evenementen: natuurtoetsen zijn (project)specifieke beoordelingen die nodig kunnen zijn bij een concrete vergunning of activiteit (zoals een evenement),
Perspectiefnota 2027
21
terwijl de Natuurherstelverordening een bredere, structurele Europese verplichting is die via nationale uitwerking en lokale keuzes gaat doorwerken in beleid, inrichting en beheer van de fysieke leefomgeving. De komende jaren zal dit merkbare gevolgen hebben voor de gemeente, omdat natuurherstel en biodiversiteit zwaarder gaan meewegen in keuzes over ruimtelijke ontwikkelingen en het beheer van groen, water en bodem. We nemen deze opgave daarom actief mee in de integrale omgevingsvisie en vertalen dit vervolgens stapsgewijs naar het omgevingsplan, zodat de ambities niet alleen richting geven, maar ook concreet en juridisch geborgd kunnen worden. Tegelijkertijd is de precieze doorwerking nu nog niet volledig te overzien, omdat landelijke uitwerking en lokale keuzes (waaronder het natuurherstelplan) nog in ontwikkeling zijn. Ook al is dat plan nog niet bekend: het ligt voor de hand dat dit wél gevolgen gaat hebben voor onze toezicht- en handhavingsrol. We blijven dit daarom nauwgezet volgen en verwerken nieuwe kaders zodra deze beschikbaar zijn. Pakket 8S Fysieke leefomgeving / Omgevingswet Uitvoeringskrediet herinrichting Baan, Achterbaan, Verlengde Baan en Plein (Biddinghuizen) (BF) De gemeente heeft de verantwoordelijkheid om het centrum van Biddinghuizen veilig, groen en toekomstbestendig in te richten.
Het centrum is momenteel sterk versteend en verkeerskundig ingericht op autoverkeer, waardoor verkeersveiligheid, verblijfskwaliteit en klimaatadaptatie onder druk staan. Dit is belangrijk, omdat het centrum het dorpshart vormt en een cruciale rol speelt in leefbaarheid, ontmoeting en economische vitaliteit. Als we de inrichting niet aanpassen, blijven verkeersveiligheidsrisico’s bestaan en wordt onvoldoende ingespeeld op de groei van het dorp en de klimaatopgave. De opgave speelt nu, omdat Biddinghuizen groeit en de druk op het centrum toeneemt. Omdat de openbare ruimte gemeentelijk eigendom is, ligt de verantwoordelijkheid voor uitvoering bij de gemeente. In juli 2025 heeft de raad het Koersdocument Sleutelproject Biddinghuizen vastgesteld, waarin is gekozen voor een integrale herinrichting van de openbare ruimte. De herinrichting sluit aan bij Richting aan Groei, de Toekomstvisie Dronten 2050 en het Gemeentelijk Verkeer- en Vervoerplan Dronten, waarin wordt ingezet op verkeersveiligheid, vergroening en versterking van het dorpshart. Door nu door te pakken, wordt uitvoering gegeven aan vastgesteld beleid en kan het centrum transformeren naar een veilig, groen en samenhangend dorpshart dat past bij de groeiambities van de gemeente. Het Koersdocument Sleutelproject Biddinghuizen is in juli 2025 door de raad vastgesteld.