CConstaterende datDordrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Visie op regie 11032026 (1).pdf

Gemeenteraad Dordrecht 23 juni 2026, gemeente DordrechtBij agendapunt: 25: Raadsinformatiebrief over Visie op regie Zorg & Veiligheid - Raadsinformatiebrief3.800 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Niet gevonden in dit document.

2024

Visie op Regie Zorg & Veiligheid Maartje Klaverdijk & Nane Akpa 11-03-2026

Inleiding De gemeente Dordrecht wil dat inwoners zoveel mogelijk zelf de regie houden over hun leven. Soms lukt dat niet door problemen op meerdere leefgebieden of doordat een situatie onveilig wordt. In die gevallen is het nodig dat een professional uit het zorg-, gemeentelijk of veiligheidsdomein de regie tijdelijk overneemt. De bedoeling is om dit op een duidelijke en voorspelbare manier te doen. De landelijke Aanpak ter Voorkoming van Escalatie (AVE) is een uniforme werkwijze die helpt bij het maken van afspraken over regie. Enkele uitgangspunten uit AVE zijn vroeg signaleren, samenwerken vanuit één plan en scherp zijn op risico’s voor inwoners en hun omgeving. Op basis van de ernst van de situatie moet gezamenlijk worden bepaald wie de regie voert: de inwoner, de casusregisseur, de procesregisseur en/of – in uitzonderlijke situaties – bestuurders. Met deze visie leggen we vast hoe we in de samenwerking tussen het gemeentelijk, zorg- en veiligheidsdomein optreden bij complexe situaties die dreigen te escaleren. We maken afspraken over rollen, verantwoordelijkheden, de manier van op‑ en afschalen en de samenwerking tussen partners. Het uitgangspunt is hierbij altijd hetzelfde: snel duidelijkheid, één aanspreekpunt voor de inwoner en zorgvuldig handelen om escalatie te voorkomen.

Integrale Aanpak ter Voorkoming Escalatie (AVE) AVE is een integrale aanpak die is ontwikkeld door de gemeente Leeuwarden in samenwerking met bureau HHM, vanuit de behoefte om problematische situaties in huishoudens tijdig te signaleren, te stabiliseren en waar mogelijk te voorkomen. Het is een duidelijke aanpak waarin betrokken organisaties en gemeenten helderheid krijgen over wie wat doet en wie de regie heeft. Inmiddels heeft AVE zich landelijk bewezen en wordt zij in steeds meer gemeenten toegepast. In Dordrecht sluiten we hierbij aan, omdat ook wij te maken hebben met een – gelukkig beperkte – groep inwoners met complexe en soms escalerende problematiek. De AVE gaat daarbij uit van de verhouding 80-15-5: circa 80% van de inwoners is zelfredzaam, 15% kampt met meervoudige maar hanteerbare problemen en ongeveer 5% heeft te maken met ernstige problematiek, waarvan een zeer kleine kern (circa 0,05%) zich bevindt in situaties met een hoog veiligheidsrisico1. Deze verdeling is in Dordrecht herkenbaar2. AVE onderscheidt verschillende fases waarin een casus zich kan bevinden, opbouwend in niveau van ernst van de situatie. Deze ernst wordt geduid door een combinatie van de inhoud van de casus (gebeurtenissen in de situatie van de betrokkene(n)), en de beheersbaarheid vanuit het professionele netwerk. Zie hieronder een overzicht van de verschillende fases met toelichting.

1

HHM. (2020). Handreiking AVE 2.0 (webversie). Enschede: HHM. Bron: https://www.hhm.nl/wpcontent/uploads/Handreiking-AVE-2.0-webversie.pdf (p. 14). 2

Concrete cijfers zijn op dit moment niet beschikbaar omdat casuïstiek nog niet wordt gelabeld volgens AVE.

1

AVE model – uitgangssituaties AVE 1 80%

AVE 2 15%

AVE 3 < 5%

AVE 4 0,05% (van AVE3)

Het reguliere leven voor het merendeel van de huishoudens. Eventuele problemen zijn te overzien en de controle ligt bij de persoon zelf en het informele netwerk.

Er is sprake van enkelvoudige of meervoudige problematiek met een professionele hulpvraag, waar hulp bij nodig is vanuit bijvoorbeeld het wijkteam, de huisarts, en/of politie.

Er is sprake van complexe, meervoudige problematiek, met mogelijke veiligheidsrisico’s. De situatie dreigt ondanks de inzet van de professionals te escaleren of het lukt niet om hulpverleningsdoelen te behalen.

Dit is een zeldzame situatie. De problemen zijn dusdanig complex of groot, dat de situatie totaal escaleert. Er is maatschappelijke onrust en de veiligheid van meerdere mensen is in gevaar.

In deze fase is een preventieve aanpak zinvol: risico’s kunnen zo vroeg mogelijk worden gesignaleerd om problemen te voorkomen.

In deze fase komen meerdere partijen bij elkaar en moet er een persoonsgerichte aanpak worden opgesteld om de hulpvraag het hoofd te bieden.

In deze fase is er iets nodig om de situatie (op korte termijn) te doorbreken

In deze fase is een acute, vaak bestuurlijke doorbraak nodig

Invulling regierollen Op basis van de verschillende fases/uitgangssituaties in de AVE zijn er verschillende regierollen die moeten worden vervuld, om de situatie weer beheersbaar te maken en om hulpverleningsdoelen te halen. AVE omschrijft ‘regie’ in brede zin als het duidelijk beleggen van verantwoordelijkheden en coördinatie binnen de keten van zorg en veiligheid, met als doel dat hulpverlening effectief en tijdig kan worden opgeschaald of afgebouwd3. Een heldere definitie en taakomschrijving bij regierollen is nodig, omdat er op dit moment in de betrokkenheid bij casuïstiek geen duidelijk beeld is bij regie. Het is een term die vaak wordt gebruikt in afspraken en functieomschrijvingen, terwijl de concrete afspraken hierover ontbreken. In AVE wordt er gesproken over 3 verschillende regierollen: casusregie, procesregie en ketenregie. In deze visie ligt de nadruk op de doorontwikkeling van casusregie en procesregie. 1) Casusregie: het inhoudelijk coördineren van een plan van aanpak voor de inwoner/het huishouden op alle nodige leefgebieden, wanneer er sprake is van een complexe hulpvraag.

3

HHM. (2020). Handreiking AVE 2.0 (webversie). Enschede: HHM. Bron: https://www.hhm.nl/wpcontent/uploads/Handreiking-AVE-2.0-webversie.pdf (p. 11)

2

2) Procesregie: het coördineren van de samenwerking tussen domeinen en organisaties, wanneer de situatie van een inwoner/huishouden escaleert en/of de samenwerking tussen betrokken professionals stagneert.

Casusregie Casusregie wordt ingezet in AVE 2, wanneer er sprake is van een complexe, meervoudige hulpvraag waar meerdere organisaties bij betrokken zijn. Het is erop gericht om vanuit een overkoepelende doelstelling interventies op elkaar aan te laten sluiten, en te signaleren of er nog zaken spelen op andere leefgebieden die moeten worden meegenomen in het plan van aanpak. Idealiter is de casusregisseur een partij die een inhoudelijke (hulpverlenende) taak heeft met betrekking tot de casus, die laagdrempelig contact kan onderhouden met de betrokkene(n). De belangrijkste taken van de casusregisseur zijn: • • • •

Inventariseren van problemen en behoeften bij de betrokkene(n)/het huishouden Opstellen en indien nodig bijstellen van een plan van aanpak op alle relevante leefgebieden Monitoren van voortgang en resultaten van hulpverlening Signaleren wanneer opschaling (naar procesregie), of afschaling (regie weer bij de inwoner) nodig is

Op het moment dat een casus van AVE 2 naar AVE 3 of 4 gaat blijft de professional die casusregie uitvoert betrokken, maar dan vanuit inhoudelijke taak in plaats van als regievoerder. De procesregisseur of ketenregisseur is bij AVE 3 en 4 de regievoerder. Dit is belangrijk, zodat er één aangewezen regisseur is maar dat er ook een warme overdracht kan plaatsvinden wanneer de casus weer wordt afgeschaald naar AVE 2.

Procesregie De rol van procesregisseur wordt ingezet op het moment dat er sprake is van (dreigende) escalatie met veiligheidsrisico’s, stagnerende samenwerking en/of het netwerk onder coördinatie van de casusregisseur niet het gewenste resultaat bereikt. Dit is AVE 3 of 4. Bij procesregie is er vaak een doorbraak nodig om verbetering te krijgen in de situatie rondom de inwoner/het huishouden, soms in combinatie met de inzet van middelen4. Een procesregisseur staat niet in verbinding met de inwoner/het huishouden maar acteert in het speelveld van de betrokken organisaties en alle mogelijke interventies. De belangrijkste taken van de procesregisseur zijn: • • • •

Adviseren over mogelijke interventies bij complexe casussen Borgen van samenhang tussen interventies vanuit één integraal plan van aanpak Faciliteren van overleg tussen professionals bij stagnerende samenwerking Signaleren wanneer opschaling (bestuurlijk/regionaal) of afschaling (naar casusregie) nodig is

De profielen van casusregisseur en procesregisseur zijn uitgewerkt in bijlage 1.

4

Dit betreft middelen die vanuit bestuurlijk mandaat kunnen worden ingezet door de ketenregisseur.

3

Ketenregie In AVE 3 of 4 is er mogelijk ketenregie nodig, uitgevoerd door de gemandateerde ambtenaren in de gemeente. Zij beschikken over geleend mandaat van burgemeester en wethouder en over budget dat ingezet kan worden om doorbraken te realiseren wanneer reguliere interventies onvoldoende effect hebben. De inzet van dit mandaat en budget vindt plaats volgens het vierogen-principe, waarmee zorgvuldigheid, legitimiteit en bestuurlijke verantwoording zijn geborgd. De wettelijke onderbouwing voor de verschillende regierollen is opgenomen onder ‘Wettelijke grondslag regietaken’ (p.6).

Regie en verantwoordelijkheid In onderstaande tabel staat hoe de regierollen zich ontwikkelen in de verschillende escalatieniveaus, en hoe deze zich verhouden tot de betrokkene(n) in de casus. Zowel de casusregisseur als de procesregisseur moeten expliciet worden benoemd op het moment dat deze rol gevraagd wordt. Belangrijk is dat de professional die een regierol vervult ook verantwoordelijkheid hiervoor neemt (samenhang bewaken, tijdig opschalen etc.), maar de verantwoordelijkheid om de casus inhoudelijk verder te brengen blijft altijd gedeeld onder de betrokken organisaties.

Regie per uitgangssituatie AVE AVE 1

AVE 2

AVE 3

AVE 4

Regie ligt bij de inwoner

Regie ligt bij de inwoner of de casusregisseur

Regie ligt bij de procesregisseur of ketenregisseur

Regie ligt bij de bestuurder/gemandateerde ketenregisseur

Toelichting

Toelichting

Toelichting

Toelichting

De inwoner lost zijn/haar problemen zelf op, eventueel met behulp van zijn/haar informele netwerk of laagdrempelige maatschappelijke hulp.

De casusregisseur stelt in het geval van complexe, meervoudige problematiek een plan van aanpak op samen met de inwoner en coördineert deze.

De inwoner heeft geen grip meer en de casusregisseur verliest ook grip over de situatie/het proces. De procesregisseur coördineert vanaf nu het samenwerkingsproces & realiseert een doorbraak waar nodig.

De risico's zijn dusdanig groot dat er bestuurlijke doorbraak nodig is, de rol van de casusregisseur is beperkt en die van de procesregisseur is afwisselend.

Er kan eventueel advies worden ingewonnen bij de procesregisseur om escalatie te voorkomen.

Ontwikkeling in opschaling en afschaling Wanneer er sprake is van een complexe casus, is het van belang dat er heldere en eenduidige afspraken bestaan in het opschalen en afschalen van regie, zowel in de onderlinge samenwerking tussen netwerkpartners als binnen de gemeente. Het zorgvuldig toepassen van deze afspraken vormt een kerntaak van de regisseurs. Ten grondslag aan dit proces ligt een belangrijk uitgangspunt, namelijk dat regie altijd tijdelijk van aard is en dat deze zo dicht 4

mogelijk bij de inwoner wordt belegd. Opschaling betekent dat de regie op grotere afstand van de inwoner komt te liggen, daarom is het essentieel dat het perspectief en de wensen van de inwoner structureel terugkomen in het plan van aanpak. In het plan van aanpak wordt ook de rol van het informele netwerk meegenomen (o.a. buren, familieleden, vrijwilligers).

Opschaling in de keten In Dordrecht wordt ‘procesregie’5 bij opgeschaalde casuïstiek op dit moment uitgevoerd door drie partijen: het Zorg- en Veiligheidshuis, de GGD en de gemeente. Deze partijen vervullen elk vanuit hun eigen opdracht en wettelijke of bestuurlijke kaders een rol in de coördinatie van complexe zorg-, veiligheid- en leefbaarheidsvraagstukken. In de komende periode wordt er samen met de bovengenoemde partijen, Dordrecht Sociaal en de Sociale Dienst gewerkt aan verdere invulling van en afstemming over regierollen en het werkproces rondom opschaling en afschaling. Dit betreft onder meer het verduidelijken van wanneer opschaling/afschaling passend is, wie welke rol vervult bij verschillende typen casuïstiek en hoe de samenwerking tussen de betrokken partijen optimaal kan worden georganiseerd. Het doel hiervan is te komen tot een helder, samenhangend en efficiënt systeem, waarin de inwoner centraal blijft staan en partijen consistent handelen volgens gezamenlijke uitgangspunten. Om bekwaam te worden in het passend opschalen en afschalen zijn er enerzijds duidelijke criteria en werkprocessen nodig – daarin vormt deze visie een handvat. Anderzijds vraagt het ervaring en training in het werken met AVE om situaties goed in te schatten.

Hierin kan er een beroep worden gedaan op trainingen vanuit bureau HHM en op het landelijke netwerk van maatwerkprofessionals waar Dordrecht bij aangesloten is (PMM)6.

Gemeentelijke opschaling Gemeentelijke opschaling is nodig wanneer een casus om politieke betrokkenheid vraagt of wanneer er structurele problemen zijn in de aanpak rondom casuïstiek. Bij opschaling binnen de gemeente is het belangrijk dat er wordt gewerkt volgens vastgelegde routes en formats, maar wel met inachtneming van de ernst van de situatie. Soms vraagt een casus om snelle bestuurlijke afstemming, en moet de route vervolgens worden uitgelopen met terugwerkende kracht. In de meeste situaties wordt echter de reguliere route gevolgd (gebaseerd op AVE), zoals hieronder beschreven. De opschaling onderscheidt meerdere niveaus: 1. 2. 3. 4.

Melding casus in lokale zorg en veiligheidskamer7 Opschaling naar het Kernteam Zorg & Veiligheid Opschaling naar het Team Overstijgend Overleg (TOO) Bestuurlijke opschaling (staf OOV)

5

Dit betreft procesregie zoals deze in huidige opdrachtomschrijvingen is opgenomen, niet procesregie volgens de visie op regie. 6

Professionals voor Maatwerk Multiproblematiek (PMM) is een samenwerking tussen de Rijksoverheid, landelijke publieke dienstverleners en gemeenten en fungeert als netwerk/vraagbaak voor professionals die vastlopen in een complexe casus. 7

Naar verwachting in Q3 2026 operationeel, tot die tijd vindt er individuele behandeling plaats door de procesregisseurs.

5

Nieuwe ontwikkeling: zorg & veiligheidskamer In 2026 wordt er gewerkt aan een nieuw platform, de lokale zorg en veiligheidskamer. De kamer functioneert als triage- en overlegplatform voor complexe casuïstiek waar waarschijnlijk procesregie op moet worden gevoerd (AVE 3). Wanneer procesregie niet nodig is, voorzien zij advies aan de casusregisseur (AVE 2). De lokale zorg en veiligheidskamer is niet een platform wat naast bestaande overlegtafels komt waar vergelijkbare doelgroepen worden besproken. Omdat casuïstiek hier integraal behandeld wordt, is het de bedoeling dat de lokale zorg en veiligheidskamer, waar dat logisch is, in de plaats komt van bestaande overlegtafels. De afspraken die worden gemaakt met de GGD, Veilig Thuis, Zorg en veiligheidshuis, Dordrecht Sociaal en de Sociale Dienst Drechtsteden hebben ook betrekking op de lokale zorg en veiligheidskamer.

Wettelijke grondslag regietaken De basis voor regierollen vanuit AVE en andere taken ten aanzien van complexe casuïstiek (signaleren, onderzoeken, coördineren) hangt samen met de wettelijke taken binnen het gemeentelijk, zorg- en veiligheidsdomein. Het sociaal domein in Dordrecht kenmerkt zich door een brede uitbesteding van de uitvoering van wetten (de Participatiewet, Wet maatschappelijke ondersteuning, de Wet schuldhulpverlening en de Jeugdwet) aan partnerorganisaties zoals de SDD en DG&J. Dat betekent dat deze organisaties, die een gemandateerde/gedelegeerde wettelijke taak hebben, vanuit de uitvoering ook vaak een coördinatietaak op zich nemen (bij casuïstiek). Tegelijkertijd blijft de gemeente als bestuursorgaan eindverantwoordelijk voor het bewaken van de continuïteit, kwaliteit en samenhang in de lokale publieke dienstverlening en heeft de burgemeester wettelijke verantwoordelijkheid op het gebied van openbare orde en veiligheid en voor de inzet van verplichte zorg in crisissituaties. Dit maakt het lokale speelveld relatief complex en verklaart gedeeltelijk de onduidelijkheid die er nu is over regie bij inwoners die tussen wal en schip dreigen te vallen. In de doorontwikkeling van deze visie is dit echter wel het kader waarmee gewerkt moet worden en moet dit in alle afspraken tussen partners worden meegenomen.

Zie bijlage 2 en 3 voor de wettelijke onderbouwing van de aanpak van complexe, domeinoverstijgende problematiek en de verschillende rollen van de organisaties die hier een aandeel in hebben. Let op: niet alle wetgeving in het zorg & veiligheidsdomein is opgenomen. De wetten die direct verband houden met de regierollen zijn toegelicht en/of is naar verwezen.

6

Bijlagen Bijlage 1a: functieprofiel casusregisseur Als casusregisseur ben je de centrale coördinator van de hulpverlening voor een inwoner die kampt met problemen op meerdere leefgebieden. Je overziet als casusregisseur iemands meervoudige hulpvraag en creëert duurzame oplossingen en stabiliteit door naast de inwoner te gaan staan. Vanuit een helder plan van aanpak doe je wat nodig is en werk je nauw samen met de hulpverleningspartners. Voor deze partners maar ook voor de persoon (of personen) in de casus ben jij het eerste aanspreekpunt. Je zorgt dat doelstellingen binnen het plan gehaald worden en stimuleert de betrokkene(n) vanuit eigen draagkracht om aan de slag te gaan met de problemen. Je werkt vanuit het principe 1 gezin, 1 plan, 1 regisseur. Als casusregisseur is het belangrijk dat je beschikt over een aantal competenties. Zo heb je kennis van het lokale hulpverleningsaanbod, en kan je een brug slaan tussen deze 'systeemwereld’ en de leefwereld van de betrokken inwoner(s). Je kan een meervoudige hulpvraag herkennen en kan je hoofd boven water houden wanneer iets anders loopt dan gepland. Je hebt daarnaast oog voor de relatie maar durft ook knopen door te hakken wanneer dat nodig is.

Bijlage 1b: functieprofiel procesregisseur Als procesregisseur zorg en veiligheid heb je een centrale rol in het coördineren van het plan van aanpak voor casuïstiek waarin de samenwerking stagneert en/of (een risico op) onveiligheid aanwezig is. Je overziet als procesregisseur welke risico's er zijn in de verschillende situaties en/of waar de samenwerking op vastloopt. Je hebt kennis van de werkwijze van de betrokken organisaties in de zorg en veiligheidsketen en de wet- en regelgeving waarbinnen zij opereren. Je onderhoudt daarnaast een goede relatie met deze organisaties en weet ze met elkaar te verbinden, maar kan ook knopen doorhakken wanneer belangen lijken te botsen. Dit doe je niet alleen in een casus, maar ook door het herkennen van patronen en het aanspreken van het netwerk hierop. Tot slot weet je als procesregisseur op basis van deze visie en ervaring in de praktijk wanneer een casus moet worden opgeschaald of afgeschaald, en beschik je over bestuurlijke sensitiviteit.

7

Bijlage 2: wetgeving onderliggend aan regie- en coördinatietaken8 Taak

Uitvoerende partij

Wet

Omschrijving

Inhoudelijke taak

SDD/Gemeente

Art. 2.1.1 en 2.1.2 Wmo

Meldpunt nietacute zorg

DG&J (GGD, meldpunt Zorg & overlast)

Memorie van toelichting Wmo (Art. 2.1.1)

Gemeenten moeten ondersteuning bieden bij zelfredzaamheid, participatie, beschermd wonen en maatschappelijke opvang. Gemeenten moeten actief signaleren wanneer inwoners ondersteuning nodig hebben.

Inhoudelijke taak

DG&J/DS

Art. 2.1. en 2.3 Jeugdwet

Inhoudelijke taak

SDD

Art. 7 Participatiewet

Inhoudelijke taak

SDD/DS

Art. 3 Wet gemeentelijke schuldhulpverlening

Inhoudelijke taak

DG&J

Art. 2 lid 2 Wet publieke gezondheid

Inhoudelijke taak

Sociaal pontonnier & re-integratie officier

Art. 172 - 176 Gemeentewet Art. 10.1 & 10.2 Algemene wet bestuursrecht

Inhoudelijke taak

Burgemeester

Art. 175 Gemeentewet

Inhoudelijke taak

Burgemeester

Art 7:1 lid 1 Wvggz

Samenwerken

Ketenpartners gemeentelijk- en zorgdomein

Art. 2.1.2 lid 4a + b Wmo

Samenwerken

Ketenpartners gemeentelijk, zorg- en veiligheidsdomein GGD/Gemeente

Art. 2.2 Jeugdwet

Samenwerken

Art. 2 lid 1 Wet publieke gezondheid

Gemeenten zijn verantwoordelijk voor jeugdhulp, jeugdbescherming en jeugdreclassering. Gemeenten moeten mensen begeleiden naar werk, inkomensondersteuning bieden en re-integratie bevorderen. Gemeenten moeten schuldhulpverlening aanbieden en vroegsignalering toepassen. Gemeenten moeten zorgen voor publieke gezondheidszorg via de GGD, inclusief preventie en infectieziektebestrijding. De gemandateerde ambtenaren voeren handelingen uit ter voorbereiding of uitvoering van de bevoegdheden van de burgemeester, die belast is met de handhaving van openbare orde en veiligheid9. De burgemeester is bevoegd om (nood)bevelen te geven ter bescherming van de openbare orde. De burgemeester is bevoegd om een crisismaatregel op te leggen bij acute psychiatrische problematiek. Gemeenten moeten samenwerken met zorgpartijen bij het uitvoeren van maatschappelijke ondersteuning. Gemeenten moeten samenwerken met zorgaanbieders, onderwijs en veiligheidspartners. Gemeenten moeten de afstemming en de samenhang in

8

Bij Dordrecht Sociaal is er bij onderstaande taken sprake van een gemandateerde uitvoerende taak. Bij de taken van de SDD en de DG&J in deze tabel is er sprake van een gedelegeerde uitvoerende taak. 9

De bevoegdheid zelf blijft altijd bij de burgemeester.

8

Samenwerken en gegevensdeling

Zorg en veiligheidshuis

Art. 3.1 Wet gegevensdeling samenwerkingsverbanden

de publieke gezondheidszorg waarborgen. Samenwerkingsverbanden (zoals het ZVH) mogen persoonsgegevens delen met als doel ernstige criminaliteit, fraude of risico’s voor de samenleving te voorkomen of te bestrijden.

9

Bijlage 3: Rollen per (keten)partner Om duidelijkheid te geven aan verschillende (keten)partners is hieronder een overzicht opgenomen waar per (keten)partner en per AVE-fase staat aangegeven welke rol ze hebben. Enkele partijen hebben een signaleringstaak, dat houdt in dat zij de opdracht hebben om signalen van zorg of risico’s rond inwoners tijdig te melden volgens hun interne werkprocessen, bijvoorbeeld woningcorporaties, welzijnsorganisaties en aanbieders van huishoudelijke hulp. Deze signalen vormen vaak een belangrijke aanleiding voor verdere afstemming of opschaling binnen de keten. Andere partijen hebben weer een coördinerende taak vanuit hun wettelijke of gemandateerde bevoegdheid, zoals de SDD en Veilig Thuis. Deze partijen kunnen onafhankelijk handelen, maar worden bij voorkeur betrokken bij het plan van aanpak vanuit casus- of procesregie om hun inzet goed te laten aansluiten op andere interventies. Tot slot zijn er partijen die vanuit een beschikking (vanuit de Zorgverzekeringswet, Wet Langdurige Zorg, Jeugdwet, Informatiesysteem Forensische Zorg) zorg uitvoeren. (Keten)partner

Onderdeel

Zorg- en Veiligheidshuis

Gemeente

Kernteam Zorg & Veiligheid (procesregie & ketenregie)

Handhaving

Team Wijken

Afdeling Veiligheid OOV-specialist

AVE 2

AVE 3

AVE 410

n.v.t.

Procesregie bij casussen met de component strafrecht, en een zorg-/bestuurlijke component

Procesregie bij casussen met de component strafrecht, en een zorg-/bestuurlijke component

Beschikbaar voor ketenpartners t.b.v. consultatie en advies

Procesregie/keten Procesregie/keten regie bij casussen regie bij casussen met minimaal 2 met minimaal 2 van de van de componenten componenten zorg, leefbaarheid zorg, leefbaarheid of bestuurlijk of bestuurlijk Signaleringstaa Signaleringstaak bij Signaleringstaak bij k bij overlast en overlast en overlast en leefbaarheid leefbaarheid leefbaarheid n.v.t. bij Coördinatie bij Coördinatie casussen met een casussen met een leefbaarheidscompo leefbaarheidscomp onent nent Inzet van Inzet van Beschikbaar bestuurlijke bestuurlijke voor maatregelen en maatregelen en ketenpartners juridische juridische t.b.v. interventies in het interventies in het consultatie en kader van kader van advies o.a. handhaving, o.a. handhaving, bewaren van de openbare orde en

10

bewaren van de openbare orde en

Regie is hier hetzelfde als bij AVE 3, alleen de uitgangssituatie is anders.

10

optreden tegen criminaliteit.

Dordrecht Sociaal (Sociale wijkteams)

Sociale wijkteams Jeugd- en volwassene professional Jongerenwerk

optreden tegen criminaliteit.

Signaleringstaak vanuit wijkgerichte werkwijze

Signaleringstaak en contact leggen met jongere en netwerk(partners) Buurtwerk/ Sociaal Signaleringstaak en contact leggen met volwassene en Makelaars netwerk(partners) DG&J Veilig Thuis Uitvoeren wettelijke onderzoekstaak/maatregel bij casussen over huiselijk geweld en (kinder)mishandeling GGD: Meldpunt Z&O Coördinatie van de zorg- en overlastmeldingen die zij schriftelijk of telefonisch binnenkrijgen. Team Toegang & Uitvoerende rol bij casussen over zorgmijding Bemoeizorg Leerplicht Coördinatie en uitvoering van wettelijke taak/maatregel bij ingekomen casussen over schoolverzuim Wijk GGD Signaleringstaak en contact leggen met inwoner en netwerk(partners) bij overlast of meldingen van partners Sociale Dienst Bestaanszekerheid Coördineren en uitvoeren van wettelijke taak/maatregel Drechtsteden (SDD), Versterken bij ingekomen casussen over schuldhulpverlening vanuit Participatiewet, (Schuldhulpverlening) Wmo, en Schuldhulpverlening Ontwikkelen naar Coördineren van en uitvoering bij ingekomen casussen Werk over werk en participatie (Participatiewet) Zorgen voor Coördineren en uitvoeren van wettelijke taak/maatregel Ondersteuning bij ingekomen casussen over maatschappelijke ondersteuning (Wmo) Dienstverlening Coördineren van samenhang tussen de drie (Integrale bovenstaande onderdelen consulent) GGZ GGZ-behandeling Coördinatie en uitvoering van wettelijke taak/maatregel Antes bij

GGZ behandeling Yulius De Hoop Gecertificeerde Jeugdbescherming Coördinatie en uitvoering bij casussen over Instellingen Jeugdreclassering jeugdbescherming/ jeugdreclassering Jeugdbescherming West Leger des Heils WSG

11

Reclassering Reclassering organisaties (3RO) Reclassering Nederland Leger des Heils Stichting Verslavingsreclasserin g GGZ Woningcorporaties Incasso Trivire Leefbaarheid Woonbron Wmo-aanbieders* Jeugdhulp-aanbieders*

Coördineren en uitvoeren van wettelijke taak/maatregel bij reclassering

Signaleringstaak bij overlast, woningvervuiling, incassoachterstanden en zorgelijke situaties. Coördinatie van zorg Coördinatie van zorg

12

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.dordrecht.nl/api/v1/meetings/1105/documents/48530