CConstaterende datDinkelland
Koppel je AI →
Document · PDF

Springendal 6 Oud Ootmarsum BOPA.pdf

Commissie Omgeving & Economie 30 juni 2025, gemeente DinkellandBij agendapunt: 6: Voorstel inzake bindend advies uitbreiding bedrijfsgebouw wasserij Springendal18.166 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

42 alinea's met “omgevingsplan”: 1 7 18 19 21 22 23 36 37 39 47 48 49 51 52 53 55 56 78 173 184 185 186 188 193 194 197 206 219 222 223 224 227 232 236 240 241 245 247 250 …

Afbeelding 13: locatie van de meetpunten (bron: Dumea) Gehele locatie In het bovengrondmengmonster BM1 en in het ondergrondmengmonster OM1 zijn geen verhogingen aangetroffen boven de interventiewaarde. In het mengmonster BM2 zijn lichte verhogingen aangetroffen, alsmede een sterke verhoging nikkel. Naar aanleiding van deze matige verhoging zijn de separate deelmonsters van BM2 geanalyseerd op nikkel. In de separaat geanalyseerde monsters is een verhoging koper aangetoond boven de interventiewaarde ter plaatse van meetpunt 7. Met een nader onderzoek kan de mate en omvang van de verontreiniging beter bepaald worden. Voor het graven in de bodem met een kwaliteit boven de interventiewaarde bodemkwaliteit gelden algemene rijksregels van het Bal. In het grondwatermonsters Pb1wm1 zijn lichte verhogingen dichlooretheen en barium aangetroffen. Tevens is in het grondwatermonster Pb1wm1 vinylchloride verhoogd aangetroffen ten 44

opzichte van de tussenwaarde. Naar aanleiding van deze verhoging is de bestaande peilbuis opnieuw bemonsterd. Uit het analysecertificaat van het her-monster Pb1wm2 blijkt dat er een lichte verhoging vinylchloride is aangetroffen in het grondwater. Verkennend bodemonderzoek NEN5897 "asbest in puin" Tijdens de maaiveld- inspectie zijn ter plaatse van de onderzoekslocatie geen asbestverdachte materialen op het maaiveld aangetroffen. Halfverharding Ter plaatse van de halfverharding zijn meerdere inspectiegaten gegraven, bemonsterd en geanalyseerd op de aanwezigheid van asbest. In het mengmonster is analytisch geen asbest aangetoond. Toetsing CROW 400 Middels het berekeningsprogramma "Bepaling Veiligheidsklasse" van de CROW-publicatie 400 is bepaald dat er geen veiligheidsklasse van toepassing is op deze locatie. Algemeen Ter plaatse van de aangetroffen verhoging vinden vooralsnog, voor zover bekend, geen ruimtelijke ontwikkelingen plaats. Sanering zal bij huidig gebruik niet urgent zijn aangezien de plaats van de verontreiniging, voor zover bekend, niet tot nauwelijks betreden zal worden. Bij eventuele ruimtelijke ontwikkelingen ter plaatse van de verhoging kan een nader onderzoek en/of sanering noodzakelijk worden geacht. De bovengrond valt in de bodemkwaliteitsklasse Landbouw/natuur en Sterk verontreinigd. De ondergrond valt in de bodemkwaliteitsklasse Landbouw/natuur.

Aangezien geen partijkeuring conform het Regeling Bodemkwaliteit is uitgevoerd, dienen de resultaten in het kader van de Rbk als indicatief beschouwd te worden. Er heeft geen onderzoek naar de parameters PFAS plaats gevonden. Bij afvoer van grond zal dit wellicht alsnog in een later stadium moeten worden uitgevoerd. Als grond van de locatie vrijkomt, moet er rekening mee worden gehouden dat deze niet zonder meer elders toepasbaar is. De toepassing van grond elders moet worden gemeld via het ‘Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO)’. Het ODT heeft het onderzoek beoordeeld en kwam met het volgende advies: Binnen de onderzoekslocatie is een verontreiniging met nikkel boven de interventiewaarde bodemkwaliteit aangetroffen. De verontreiniging is nog niet afgeperkt. Ter plaatse van de aangetoonde verontreiniging met nikkel in de grond dient onderzocht te worden of er sprake is van een toevalsvondst en/of er sanerende of beschermende maatregelen nodig zijn. Daardoor is het niet duidelijk of er sprake is van ETFAL. Er kan nog niet ingestemd worden met het verlenen van de omgevingsvergunning voor een Buitenplanse Omgevingsplanactiviteit (BOPA).

Alvorens de omgevingsvergunning voor de bouwactiviteit kan worden verleend zal door middel van nader onderzoek moeten worden bepaald of de toelaatbare kwaliteit van de bodem (> 25 m³ met gehalten boven de interventiewaarde bodemkwaliteit) wordt overschreden binnen de bodemgevoelige locatie (=onderzoekslocatie). Derhalve wordt een aanvullend bodemonderzoek als voorwaarde gesteld aan de BOPA. 5.12 Waterbelang Artikel 5.37 van het Bkl stelt dat in een omgevingsplan rekening wordt gehouden met de gevolgen voor het beheer van watersystemen. Naast de specifieke regels als gesteld in paragraaf 5.1.3 Bkl over onderdelen van het watersysteem in het omgevingsplan, worden voor een duiding van de gevolgen voor het beheer van het watersysteem, de opvattingen van het bestuursorgaan dat is belast met het beheer van die watersystemen betrokken. Denk bijvoorbeeld aan (instructie)regels (al dan niet ter nastreving van omgevingswaarden*) uit de provinciale omgevingsverordening en de waterschapsverordening. Daarnaast bevatten de artikelen 45

5.38 t/m 5.49 Bkl rijksregels met betrekking tot: 1. het voorkomen van belemmeringen voor primaire waterkeringen; 2. het bouwen binnen kustfundamenten buiten stedelijk gebied; en 3. het ontplooien van activiteiten in en nabij grote rivieren en het IJsselmeergebied. Het is aan het bevoegd gezag om te bepalen hoe andere bestuursorganen bij de besluitvorming worden betrokken bij de weging van het waterbelang. Zodoende is de oorspronkelijke watertoets niet langer voorgeschreven en is de gemeente vrij om hier zelf invulling aan te geven. Ten slotte zijn de regels van art. 5.165 Bkl en paragraaf 22.3.8 uit de bruidsschat van belang met betrekking tot het lozen van (industrieel) afvalwater in het openbaar vuilwaterriool. Artikel 5.165 Bkl schrijft voor in welke gevallen het omgevingsplan lozingen van industrieel afvalwater mag toestaan. Gemeenten kunnen voor sommige lozingen specifieke regels stellen. In het algemeen is de specifieke zorgplicht voor milieubelastende activiteiten die in de bruidsschat zijn. Beoordeling van de plannen: Omliggend aan het bedrijf zijn voldoende eigen gronden aanwezig die agrarisch in gebruik (en daarmee onbebouwd) zijn. Er is ook een sterke groenstructuur aanwezig. Hemelwater heeft voldoende ruimte om te infiltreren of af te voeren.

Beoordeling van de plannen De beantwoording van de vragen voor de watertoets heeft er toe geleid dat de korte procedure van de watertoets is toegepast. De korte procedure is goed doorlopen. De bestemming en de grootte van het plan hebben een geringe invloed op de waterhuishouding. Het waterschap Vechtstromen geeft een positief wateradvies. Ook de normale procedure is goed doorlopen, hiervoor is de standaard waterparagraaf van toepassing (Bijlage 10). De ruimtelijke relevante wateraspecten van dit plan zijn gering en/of tijdelijk van aard. Waterschap Vechtstromen heeft geen bezwaar tegen dit plan.

46

6. Financiële haalbaarheid De investeringen die nodig zijn voor de te realiseren ontwikkelingen moeten passen in de budgetten die daarvoor beschikbaar zijn. Partijen die bouwen in de kernen, dorpen en in het buitengebied dragen op twee manieren bij aan Dinkelland. Enerzijds door direct invulling te geven aan de visie voor de fysieke leefomgeving, zoals verwoord in MijnOmgevingsvisie. Anderzijds via financiering van deze ruimtelijke ontwikkelingen via kostenverhaal en financiële bijdragen voor ontwikkelingen ter verbetering van de kwaliteit van de fysieke leefomgeving. Ter uitvoering van deze visie heeft de gemeenteraad het Programma Kostenverhaal vastgesteld ten behoeve van een eenduidige en transparante manier van kosten verhalen bij bouwplannen en activiteiten vanwege gebruikswijzigingen in de gemeente. De gemeente borgt het kostenverhaal en de financiële bijdrage voor een ruimtelijke ontwikkeling in een anterieure overeenkomst. Naast het kostenverhaal en een financiële bijdrage wordt in een anterieure overeenkomst ook het verhaal van nadeelcompensatie geregeld. Mogelijke claims voor nadeelcompensatie worden altijd doorgelegd aan initiatiefnemer. Voor onderhavige ontwikkeling is met initiatiefnemer een anterieure overeenkomst gesloten over: ­ het kostenverhaal; ­ nadeelcompensatie.

Los van het kostenverhaal is initiatiefnemer leges verschuldigd voor het verkrijgen van een omgevingsvergunning. Hierop is de legesverordening en de bijbehorende tarieventabel van toepassing, welke jaarlijks wordt vastgesteld. Gelet op het vorengaande is het project financieel uitvoerbaar.

47

7. Voorwaarden omgevingsvergunning Een evenwichtige toedeling van functies aan locaties wordt bereikt door activiteiten evenwichtig over locaties te reguleren. In dat verband worden de volgende voorwaarden aan de vergunning verbonden: 1. KGO investering; 2. Uitvoering van benodigde landschappelijke maatregelen zoals opgenomen in bijlage 1 en 2 van deze BOPA. 3. Aanvullend bodemonderzoek

48

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://gemeenteraad.dinkelland.nl/api/v1/meetings/942/documents/23751