CConstaterende datDinkelland
Koppel je AI →
Document · PDF

Omgevingsplan Rosum Noord 2 (raadsvoorstel-raadsbesluit)

Gemeenteraad 23 juni 2026, gemeente DinkellandBij agendapunt: 13: Voorstel inzake vaststelling omgevingsplan ‘Rossum Noord 2”2.272 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Raadsvoorstel Zaaknummer: Datum vergadering: Datum voorstel: Nummer: Onderwerp:

1523309 23 juni 2026 26 mei 2026 A Vaststelling omgevingsplan 'Rossum Noord 2'

Voorgesteld raadsbesluit De raad besluit om: 1. geen project-milieueffectrapport en geen plan-milieueffectrapport op te stellen voor de wijziging van het omgevingsplan ‘TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22h Rossum Noord 2’, nu er geen aanzienlijke milieueffecten optreden, gelet op de inhoud van het rapport ‘Gecombineerde project- en plan-merbeoordeling - Rossum, Rossum Noord 2’, dat ook als bijlage 1 bij dit besluit is gevoegd; 2. omgevingsplan ‘TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22h Rossum Noord 2’ als vervat in het digitale bestand met NL.IMRO.1774.TAMKKROSSUMNOORD2-VG01 en de bijbehorende bestanden met de bijbehorende ondergrond gewijzigd vast te stellen; 3. de zienswijzen gedeeltelijk over te nemen overeenkomstig de zienswijzennota, opgenomen als bijlage 11 bij de toelichting van het omgevingsplan; 4. nota ‘Beeldkwaliteitsplan Deeluitwerking Rossum-Noord (2e fase)’ als beleidsregel als bedoeld in artikel 4:81 Algemene wet bestuursrecht vast te stellen. Samenvatting van het voorstel Het ontwerpbesluit tot wijziging van het omgevingsplan ‘Rossum Noord 2’ heeft gedurende zes weken ter inzage gelegen. Tijdens deze periode zijn dertien zienswijzen ingediend. De zienswijzen hebben deels geleid tot aanpassing van het plan. Het plan maakt de realisatie van maximaal 36 woningen mogelijk voor verschillende doelgroepen.

Naar aanleiding van de zienswijzen zijn aanvullende onderzoeken uitgevoerd, onder meer naar geluid- en lichthinder. Ook zijn aanvullende maatregelen en planregels opgenomen. Daarnaast wordt een spuitvrije zone opgenomen op delen van omliggende agrarische gronden. Hiervoor heeft een belangenafweging plaatsgevonden en is nadeelcompensatie beoordeeld. Wij stellen de raad voor het gewijzigde omgevingsplan vast te stellen, de zienswijzen gedeeltelijk over te nemen, het beeldkwaliteitsplan als beleidsregel vast te stellen en de gecombineerde plan- en project-MER vast te stellen. Aanleiding voor het voorstel Wij willen op de locatie Rossum Noord 2 een woningbouwontwikkeling mogelijk maken. Het plan voorziet in de realisatie van maximaal 36 woningen in een mix van diverse woningtypen en eigendomsvormen, waaronder: 19 kavels voor koopwoningen; • waarvan 5 kavels bestemd voor rijwoningen in de goedkope koopsector (geschikt voor jongeren). • 10 kavels bestemd voor twee-onder-een-kap woningen in de betaalbare koopsector. • 4 kavels bestemd voor vrijstaande woningen in de vrije koopsector. 9 rijwoningen bestemd voor sociale huurwoningen; waarvan • 4 nultreden woningen (geschikt voor ouderen). • 5 rijwoningen (geschikt voor jongeren). 8 beneden-boven woningen (koop); waarvan • 4 nultredenwoningen beneden (geschikt voor ouderen).

•

4 woningen boven (geschikt voor starters).

De voorgenomen ontwikkeling past niet binnen de regels van het geldende omgevingsplan. Daarom is een wijziging van het omgevingsplan noodzakelijk. Met het besluit tot wijziging van het omgevingsplan maken wij de ontwikkeling planologisch mogelijk. Voor deze wijziging wordt gebruikgemaakt van het TAM-IMRO omgevingsplan. Dit is een tijdelijke alternatieve maatregel waarmee gemeenten onder de Omgevingswet wijzigingen van het omgevingsplan kunnen vaststellen via de IMRO-standaard. Beoogd resultaat van het voorstel Met het project Rossum Noord 2 willen wij bijdragen aan de woningbouwopgave binnen de gemeente Dinkelland. Het plan voorziet in de realisatie van maximaal 36 woningen voor verschillende doelgroepen, waaronder starters, senioren en huishoudens met een behoefte aan betaalbare woningen. Het woningbouwprogramma bestaat uit sociale huurwoningen, betaalbare koopwoningen, levensloopbestendige woningen en woningen in het vrije marktsegment. Hiermee leveren wij een bijdrage aan zowel de kwantitatieve als kwalitatieve woningbehoefte binnen Rossum en de gemeente Dinkelland. Argumentatie VOORSTEL BESLUITPUNT 1 GECOMBINEERDE PLAN- EN PROJECT-MER De gemeenteraad is bevoegd gezag voor de vaststelling van het besluit tot wijziging van het omgevingsplan. De milieueffectrapportage (hierna: MER) ondersteunt deze besluitvorming.

De raad moet de milieugevolgen en de betrokken belangen betrekken bij de vaststelling van het plan. Er is beoordeeld of voor het besluit tot wijziging van het omgevingsplan een plan-MER, een project-MER of een gecombineerde MER nodig is. Het TAM-Omgevingsplan Rossum Noord 2, dat voorziet in een stedelijk ontwikkelingsproject en waarvoor een passende beoordeling is opgesteld, is project- en plan-m.e.r.-beoordelingsplichtig. Omdat het TAM-omgevingsplan Rossum Noord 2 zowel project-m.e.r.-beoordelingsplichtig als plan-m.e.r.beoordelingsplichtig is, zijn beide beoordelingen gecombineerd in de notitie ‘Gecombineerde project- en plan-m.e.r.-beoordeling Rossum, Rossum Noord 2’,. Op basis van dit document kan de raad in de vorm van een gecombineerd project- en plan-m.e.r.-beoordelingsbesluit beslissen of aanzienlijke milieueffecten optreden en daarmee of voor het TAM-omgevingsplan Rossum Noord 2 een project- of planmilieueffectrapport moet worden opgesteld. De gecombineerde plan- en project-mer-beoordeling is opgenomen als bijlage 1 bij dit voorstel. Uit een integrale beoordeling van de milieueffecten gelet op het voorliggende plan en de selectiecriteria uit bijlage III m.e.r.-richtlijn (in onderlinge samenhang beschouwd) concluderen wij dat het voorgenomen TAMOmgevingsplan Rossum Noord 2 niet leidt tot aanzienlijke milieueffecten.

Het opstellen van een projectmilieueffectrapportage is daarom niet noodzakelijk. Uit deze inhoudelijke beoordeling volgt tevens, nu sprake is van een lokaal plan dat het gebruik bepaalt van kleine gebieden, dat gelet op de criteria uit bijlage II bij de smb-richtlijn er eveneens geen sprake is van aanzienlijke milieueffecten. Ook een planmilieueffectrapportage is daarom niet aan de orde. VOORSTEL BESLUITPUNTEN 2 EN 3 WIJZIGING OMGEVINGSPLAN Het besluit tot wijziging van het omgevingsplan maakt de realisatie van maximaal 36 woningen mogelijk. Het plan draagt bij aan de gemeentelijke woningbouwopgave en voorziet in een behoefte aan sociale huurwoningen, betaalbare koopwoningen en levensloopbestendige woningen. Bij de voorbereiding van het plan hebben wij beoordeeld of sprake is van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties. Daarbij hebben wij rekening gehouden met de belangen van omwonenden, omliggende agrarische bedrijven, toekomstige bewoners en het algemene belang van voldoende woningbouw. Uit de toelichting en de uitgevoerde onderzoeken blijkt dat het plan aansluit bij het gemeentelijke beleid voor het plangebied en voldoet aan de instructieregels van het Rijk en de provincie. Ook blijkt dat de ontwikkeling ruimtelijk aanvaardbaar is en bijdraagt aan een veilige en gezonde leefomgeving en een goede omgevingskwaliteit.

Bij de beoordeling zijn onder meer betrokken • verkeersveiligheid en verkeersontsluiting; • geluid- en lichthinder; • waterhuishouding en wateroverlast; • ruimtelijke kwaliteit; • woon- en leefklimaat; • de invloed op omliggende agrarische gronden. Zienswijzen Het ontwerpbesluit tot wijziging van het omgevingsplan heeft gedurende zes weken ter inzage gelegen. Gedurende deze periode kon een ieder een zienswijze indienen. Er zijn dertien zienswijzen ingediend. De zienswijzen zijn samengevat en voorzien van een gemeentelijk standpunt in de zienswijzennota, opgenomen als bijlage 11 bij de toelichting van het besluit tot wijziging van het omgevingsplan. De zienswijzen hebben onder meer betrekking op: • spuitvrije zones; • verkeersveiligheid en verkeersontsluiting; • geluid- en lichthinder; • waterhuishouding en wateroverlast; • woningbehoefte en woningprogramma; • aantasting van het woon- en leefklimaat; • ruimtelijke kwaliteit; • participatie. Naar aanleiding van de zienswijzen zijn aanvullende onderzoeken uitgevoerd en is het plan op onderdelen aangepast. Met name de onderwerpen geluid- en lichthinder en de spuitvrije zone hebben geleid tot nadere onderzoeken, aanvullende motivering en aanpassing van het plan. Daarom lichten wij deze onderwerpen hieronder afzonderlijk toe.

Geluid- en lichthinder Naar aanleiding van de zienswijzen over verkeersgeluid en lichthinder zijn aanvullende onderzoeken uitgevoerd. Daarbij is gekeken naar verkeersbewegingen en de situering van parkeerplaatsen. Uit deze onderzoeken blijkt dat sprake blijft van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat. Er wordt geen onaanvaardbare hinder verwacht. Om mogelijke lichthinder verder te beperken, wordt in de planregels vastgelegd dat op meerdere locaties hagen worden aangelegd en in stand gehouden. Spuitvrije zone en nadeelcompensatie In het omgevingsplan wordt een spuitvrije zone opgenomen op delen van agrarische gronden die binnen 50 meter van de voorziene woningen liggen. Binnen deze zone mogen vanaf het moment dat de woningen in gebruik worden genomen geen gewasbeschermingsmiddelen meer worden gebruikt. De regeling geldt uitsluitend voor gronden met de functieaanduiding ‘specifieke vorm van agrarisch uitgesloten – het spuiten van gewasbeschermingsmiddelen’. De spuitvrije zone is noodzakelijk om een aanvaardbaar woon- en leefklimaat voor toekomstige bewoners te waarborgen. Volgens vaste jurisprudentie moet bij woningbouw nabij agrarische gronden in beginsel een afstand van 50 meter worden aangehouden. Op dit moment is geen wetenschappelijk aanvaard model beschikbaar waarmee een kleinere afstand zorgvuldig kan worden onderbouwd.

Daarom achten wij een spuitvrije zone van 50 meter noodzakelijk. Bij de voorbereiding van het besluit hebben wij de betrokken belangen zorgvuldig afgewogen. Daarbij hebben wij meegewogen dat de betreffende gronden sinds in ieder geval 2014 als grasland worden gebruikt. Dit gebruik kan worden voortgezet. Daarnaast hebben wij betrokken dat onkruidbestrijding ook zonder gewasbeschermingsmiddelen mogelijk is,

bijvoorbeeld door mechanische bestrijding, handmatige bestrijding of beweiding. Wij erkennen dat de spuitvrije zone de mogelijkheid beperkt om andere gewassen te telen waarvoor gewasbeschermingsmiddelen noodzakelijk zijn. Daarbij hebben wij echter meegewogen dat deze gebruiksmogelijkheden de afgelopen jaren feitelijk niet zijn benut. Ten behoeve van de besluitvorming is een taxatie uitgevoerd. Uit deze taxatie blijkt dat sprake is van een totale waardedaling van € 24.250,00. Rekening houdend met het normaal maatschappelijk risico van 2% komt een bedrag van € 21.825,00 voor vergoeding in aanmerking. Het college heeft aan de eigenaren van de percelen laten weten dat de gemeente bereid is om het geleden nadeel tot een bedrag van respectievelijk € 17.325,00 en € 4.500,00 te vergoeden. De vergoeding van deze bedragen wordt op voorhand toegezegd en betaald indien de woningen in gebruik worden genomen. Het beperkte nadeel van respectievelijk € 1.925,00 en € 500,00 blijft vanwege het normaal maatschappelijk risico voor rekening van de eigenaren van de percelen. Omdat de gemeente bereid is het nadeel te vergoeden en daarvoor een concreet aanbod aan de eigenaar heeft gedaan, mag de raad in redelijkheid een zwaarder gewicht toekennen aan het belang van de bouw van 36 woningen in een situatie van woningnood. Belangenafweging Wij hebben alle betrokken belangen afgewogen.

Het algemeen belang bestaat uit het realiseren van woningen voor doelgroepen met een woningbehoefte. Het plan levert een bijdrage aan de gemeentelijke woningbouwopgave en aan een gevarieerd woningaanbod. Omwonenden hebben belang bij het behoud van een goed woon- en leefklimaat. Daarom hebben wij onderzoek laten uitvoeren naar onder meer geluid, lichthinder en verkeersaspecten. Uit deze onderzoeken blijkt dat geen sprake is van onaanvaardbare hinder. Daarnaast worden maatregelen getroffen om hinder verder te beperken. Ook hebben wij rekening gehouden met de belangen van eigenaren en gebruikers van omliggende agrarische gronden. De opgenomen spuitvrije zone beperkt het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen op delen van deze gronden. Daarbij hebben wij meegewogen dat het huidige gebruik als grasland kan worden voortgezet en dat voor de waardevermindering nadeelcompensatie wordt aangeboden. Gelet op alle betrokken belangen achten wij de wijziging van het omgevingsplan evenwichtig. Wij vinden de nadelige gevolgen voor omwonenden en omliggende gronden niet onevenredig in verhouding tot het belang van de ontwikkeling. De wijziging is evenwichtig en geschikt om het project te realiseren. VOORSTEL BESLUITPUNT 4 NOTA OMGEVINGSKWALITEIT Voor onderhavig project bevat het omgevingsplan regels over het uiterlijk van bouwwerken. Dit heet welstandstoezicht.

De Nota Omgevingskwaliteit (welstandsnota) bevat onvoldoende welstandscriteria voor het project. In het besluit tot wijziging van het omgevingsplan zijn daarom op grond van artikel 4.19 van de Omgevingswet regels opgenomen over het uiterlijk van bouwwerken en voor de uitleg daarvan stelt de gemeenteraad beleidsregels vast, zodat kan worden beoordeeld of bouwwerk aan die regels voldoet. Dit heet welstandscriteria. De beleidsregel met welstandscriteria voor dit plan wordt op grond van artikel 4:81 van de Algemene wet bestuursrecht vastgesteld. Participatie samenleving Bij de voorbereiding van het plan hebben wij de omgeving actief betrokken. In het kader van participatie zijn inloopbijeenkomsten georganiseerd op 1 november 2023 en 17 september 2025. Ook is deelgenomen aan de WOON2025 woonbeurs op 21 maart 2025. Daarnaast hebben individuele gesprekken plaatsgevonden met omwonenden die behoefte hadden aan een nadere toelichting of het bespreken van specifieke aandachtspunten. De ontvangen reacties, zorgen en suggesties zijn beoordeeld en betrokken bij de verdere uitwerking van het plan. Dit heeft onder meer geleid tot aanvullende onderzoeken en aanpassingen van het plan naar aanleiding van ingediende zienswijzen. Externe communicatie Van het plan wordt kennisgegeven in het Gemeenteblad. Het plan wordt digitaal ontsloten via de landelijke

voorziening ‘regels op de kaart’. De indieners van de zienswijzen worden op de hoogte gesteld van het vastgesteld plan en van de reactie op hun zienswijze. Financiele paragraaf Voor de opgenomen spuitvrije zone is een taxatie uitgevoerd. Op basis hiervan komt een bedrag van € 21.825,00 aan nadeelcompensatie voor vergoeding in aanmerking. Uitbetaling vindt plaats nadat het besluit tot wijziging van het omgevingsplan onherroepelijk is geworden. Uitvoering Niet van toepassing. Evaluatie Niet van toepassing. Harmonisatie Dinkelland-Tubbergen Niet van toepassing.

Burgemeester en wethouders van Dinkelland, de secretaris

de burgemeester

drs. C.H.A.A. Luttikhuis

J.G.J. Joosten

Raadsbesluit Datum: Nummer: Onderwerp:

23 juni 2026 B Vaststelling omgevingsplan 'Rossum Noord 2'

De raad van de gemeente Dinkelland, gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 26 mei 2026, nr. A; gelet op het advies van de commissie Omgeving en Economie van 9 juni 2026; Gelet op artikel 2.4 Omgevingswet en artikel 4:81 Algemene wet bestuursrecht. besluit: De raad besluit om: 1. geen project-milieueffectrapport en geen plan-milieueffectrapport op te stellen voor de wijziging van het omgevingsplan ‘TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22h Rossum Noord 2’, nu er geen aanzienlijke milieueffecten optreden, gelet op de inhoud van het rapport ‘Gecombineerde project- en plan-merbeoordeling - Rossum, Rossum Noord 2’, dat ook als bijlage 1 bij dit besluit is gevoegd; 2. omgevingsplan ‘TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22h Rossum Noord 2’ als vervat in het digitale bestand met NL.IMRO.1774.TAMKKROSSUMNOORD2-VG01 en de bijbehorende bestanden met de bijbehorende ondergrond gewijzigd vast te stellen; 3. de zienswijzen gedeeltelijk over te nemen overeenkomstig de zienswijzennota, opgenomen als bijlage 11 bij de toelichting van het omgevingsplan; 4. nota ‘Beeldkwaliteitsplan Deeluitwerking Rossum-Noord (2e fase)’ als beleidsregel als bedoeld in artikel 4:81 Algemene wet bestuursrecht vast te stellen. Aldus besloten in de openbare raadsvergadering van 23 juni 2026 De raadsgriffier,

De voorzitter,

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://gemeenteraad.dinkelland.nl/api/v1/meetings/1047/documents/25470