CConstaterende datDinkelland
Koppel je AI →
Document · PDF

Jaarstukken 2025 Dinkelland

Gemeenteraad 30 juni 2026, gemeente DinkellandBij agendapunt: 5: Voorstel inzake ontwerp-jaarstukken 2025 Dinkelland43.637 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 5

1 alinea's met “commissievergadering”: 919

2023

2024

2025

Banen (per 1.000 inwoners van 15-64 jaar)

780,3

789,5

nnb

Jongeren met een delict voor de rechter (percentage 12 t/m 21 jaar)

1,0%

nnb

nnb

Kinderen in uitkeringsgezin (percentage tot 18 jaar)

3,0%

3,0%

nnb

Werkloze jongeren (16 t/m 22 jaar als werkzoekend ingeschreven)

1,0%

1,0%

nnb

Netto arbeidsparticipatie (percentage werkzame beroepsbevolking t.o.v. beroepsbevolking)

75,2%

75,3%

nnb

Personen met een bijstandsuitkering (aantal per 10.000 inwoners)

101,5

104,7

104,8

Lopende re-integratievoorzieningen (aantal per 10.000 inwoners van 15-64 jaar)

66,2

73,0

nnb

Jongeren met jeugdhulp (percentage van alle jongeren tot 18 jaar)

9,6%

9,9%

nnb

Jongeren met jeugdbescherming (percentage van alle jongeren tot 18 jaar)

0,9%

1,3%

nnb

Niet bekend

Niet bekend

Niet bekend

660

680

660

Jongeren met jeugdreclassering (percentage van alle jongeren van 12 t/m 23 jaar) Clienten met een maatwerkarrangement WMO (aantal per 10.000 inwoners)

Jaarstukken 2025 I Gemeente Dinkelland

60

1

Bron: https://noaberkracht.incijfers.nl/dashboard/sociaal-domein - Deze cijfers worden periodiek geactualiseerd. Voor de meest actuele cijfers raadpleeg de website. Een vergelijking met landelijke cijfers is ook te vinden op deze website.

2

3

4

5

6

7

(t.o.v. € 2.738.000 in 2024). Dit betekent een nadeel van € 79.000 in 2025. Het nadeel ontstaat doordat het aantal cliënten gedurende het jaar gestaag gestegen is. Vanaf september 2025 is de stijging het sterkst. Het aantal cliënten dat gebruikmaakt van de HO is gedurende het jaar met 25 toegenomen.

Overzicht baten en lasten (Bedragen x € 1.000)

Raming begrotingsjaar voor wijziging

Raming begrotingsjaar na wijziging

Realisatie begrotingsjaar

Verschil realisatie versus begr. na wijz.

Baten

4.873

11.715

12.755

1.040

Lasten

28.470

35.499

36.773

- 1.274

Gerealiseerde totaal saldo van baten en lasten

- 23.598

- 23.784

- 24.018

- 234

Onttrekkingen aan reserves

13

257

394

137

Toevoegingen aan reserves

0

0

0

0

- 23.585

- 23.527

- 23.625

- 97

Gerealiseerde totaal resultaat van baten en lasten

Hieronder wordt op hoofdlijnen aangegeven hoe de verschillen tussen de gerealiseerde bedragen en de begrote bedragen na wijziging zijn ontstaan. Wmo ondersteuning individueel en groep (nadeel €27.000) Voor ondersteuning individueel en groep is een bedrag begroot van € 2.718.000. De werkelijke kosten in 2025 zijn afgerond € 2.745.000 (t.o.v. € 2.646.000 in 2024). Dit betekent een nadeel van € 27.000 in 2025. De afgelopen jaren zagen we dat er een verschuiving plaatsvond van groepsondersteuning naar individuele ondersteuning. Hier hadden we in de nieuwe ramingen voor 2025 al rekening mee gehouden. We zien dat de verschuiving van groep naar individueel zich ook voortgezet heeft in 2025, maar minder hard dan we hadden begroot. Het nadeel op de ondersteuning in zijn geheel ontstaat doordat er wat fluctuatie is geweest gedurende het jaar. Wmo huishoudelijke ondersteuning (nadeel € 79.000) In totaal is een bedrag begroot van € 2.820.000 voor alle modules huishoudelijke ondersteuning samen. De werkelijke kosten in het jaar 2025 zijn € 2.902.000

Wmo Dakjes (nadeel € 57.000) Voor de Wmo Dakjes is een bedrag begroot van € 123.000. De werkelijke kosten in 2025 zijn afgerond € 180.000 (t.o.v. € 29.000 in 2024). Dit betekent een nadeel van € 57.000, dat vooral wordt veroorzaakt door een klein aantal cliënten dat gedurende het jaar is ingestroomd en deze extra kosten veroorzaakt. Jeugdzorg (nadeel € 475.000) In 2025 is de nieuwe inkoop ingegaan. Voorafgaand hieraan is een inschatting gemaakt van de hogere kosten als gevolg van de inkoop. Aan de hand hiervan is een stelpost van € 335.000 opgenomen in de begroting van Dinkelland om de hogere kosten als gevolg van de inkoop te kunnen dekken. Halverwege het jaar 2025 waren de gemaakte kosten nog nagenoeg gelijk aan de begrote budgetten. De stelpost leek dit jaar niet nodig en is daarom ook vrijgevallen in het resultaat van het programmajournaal 2025. In het tweede half jaar zijn de kosten licht gestegen. Deze stijging zat niet in het aantal cliënten, maar vooral in de kosten per client. Er zaten geen grote uitschieters bij. De verwachting is dat de financiële effecten van de nieuwe inkoop hier toch zichtbaar werden. Voor 2026 en verder verwachten we dat de kosten op dit niveau blijven, mits er geen uitschieters bij komen. Participatiewet (voordeel € 82.000) Het participatiewet-budget bestaat uit het budget voor algemene bijstand, IOAW, IOAZ en loonkostensubsidie.

Het totale budget bedroeg in 2025 € 4.614.500. Het budget voor loonkostensubsidie is gebaseerd op de werkelijke uitgaven van een aantal jaren eerder, we zien daardoor dat dit budget de laatste jaren stijgt. Dat is een goed teken, we hebben de afgelopen jaren meer inwoners aan een baan geholpen met een loonkostensubsidie. Meer dan de helft van het voordeel heeft ook betrekking op dit onderdeel, een compensatie voor de tekorten die we hierop de afgelopen jaren hebben gehad doordat wij dit als gemeente moesten voorfinancieren.

Jaarstukken 2025 I Gemeente Dinkelland

61

1

Bijzondere bijstand (voordeel € 65.000) In 2025 is het aantal aanvragen bijzondere bijstand aanzienlijk lager geweest dan in de jaren daarvoor. Voorgaande jaren waren er ongeveer 162 aanvragen per jaar, in 2025 waren er maar 125 aanvragen. Dit levert een voordeel op van € 65.000. Het is op dit moment nog niet duidelijk of dit een incidentele daling is of dat dit structurele effecten heeft. We monitoren dit de komende tijd. Bijstandsverlening zelfstandigen (voordeel € 105.000) Het voordeel is ontstaan doordat in december twee bedrijfskredieten volledig zijn afgelost. Dit leverde een extra inkomst op in 2025.

2

3

4

5

6

7

Mutaties reserves Het verschil op de mutaties van de reserves betreft voornamelijk lagere onttrekkingen voor de motie maatwerkbudget minimabeleid voor €20.000 (zie voorstel budgetoverheveling en hogere onttrekking voor het AZC voor een bedrag van €166.000. Een gedetailleerde toelichting op de verschillen tussen gerealiseerde bedragen en begrote bedragen na wijziging is te vinden in de Jaarrekening 2025 onder “Toelichting en analyse op de baten en lasten”.

Sociale werkvoorziening (voordeel € 161.000) Het voordeel op de sociale werkvoorziening komt voort uit het positieve resultaat van Stichting Participatie Noaberkracht (SPN) over 2025. 2025 is het laatste jaar waarin de gemeente Dinkelland op voorhand meer dan de rijksbijdrage overmaakt aan SPN, dit omdat SPN de laatste jaren fors positieve resultaten behaalt. In overleg is daarom besloten om per 2026 aan het begin van het jaar een subsidie te verstrekken ter hoogte van maximaal de rijksbijdrage die de gemeente ontvangt. Een extra gemeentelijke bijdrage wordt dus niet meer gedaan op basis van een begroting van SPN. Kijkend naar de begroting van SPN lijkt dit reeel. Mochten zich gedurende het jaar onvoorziene zaken voordoen dan wordt de bijdrage uiteraard opnieuw bekeken in overleg met SPN. Participatie en reintegratie (voordeel € 76.000) We zien al een aantal jaren een voordeel op het budget voor participatie en reintegratie. Dit komt enerzijds doordat het aantal inwoners met een loonkostensubsidie toeneemt. Hierdoor belanden ze niet in een re-integratietraject. Een positieve ontwikkeling. Anderzijds is er in de jaarstukken van 2024 aangegeven dat er in 2024 een bestandsanalyse is gemaakt voor de reintegratie. In 2025 zouden er plannen gemaakt worden om dit verder op te pakken en hierop in te zetten, de kosten zouden daardoor weer stijgen. Dit is ook gebeurd in 2025.

Er is extra ingezet en daardoor zien we ook een minder hoog voordeel op dit budget dan eerdere jaren, bijna een halvering. In 2026 wordt dit verder doorgezet.

Jaarstukken 2025 I Gemeente Dinkelland

62

1

PROGRAMMA MILIEU Portefeuillehouders Cel Severijn Algemeen In 2024 heeft de gemeenteraad het gemeentelijk Grondstoffenplan vastgesteld. Uitgangspunt is dat we meer grondstoffen van het restafval willen scheiden en dat de ingezamelde grondstoffen zo hoogwaardig mogelijk worden verwerkt. Wij willen de hoeveelheid restafval verder verminderen en de kwaliteit van de ingezamelde grondstoffen verbeteren. Voor de inzameling van huishoudelijk afval zijn wij aangesloten bij ROVA. Daarnaast kunnen onze inwoners gebruikmaken van een gemeentelijk afvalbrengpunt in Tubbergen en particuliere afvalbrengpunten in Tilligte en Denekamp. Kringloopbedrijf De Beurs zamelt textiel en kringloopgoederen in. Ook haalt De Beurs overige grof huishoudelijk afval tegen een kostendekkend tarief aan huis op. Kengetallen Binnen het programma Milieu maken we gebruik van de volgende kengetallen: • Restafval per inwoner: 65 kg • GFT per inwoner: 183 kg • PMD per inwoner: 36 kg • Scheidingspercentage: 84 % Wat hebben we in 2025 gedaan? Inzameling Huishoudelijk Afval Rova verzorgt de huis aan huis inzameling van restafval, GFT en PMD. Voor grof huishoudelijk afval kunnen inwoners gebruik maken van afvalbrengpunten in Denekamp, Tilligte en Tubbergen. Oud papier wordt door scholen en verenigingen ingezameld. Voor de verwerking van restafval en GFT zijn wij aangesloten bij Twence.

2

3

4

5

6

7

Aanbesteding Kringloopactiviteiten en inzameling grof huisvuil en textiel gemeenten Dinkelland en Tubbergen Op 31 december 2025 liep het contract met kringloopbedrijf De Beurs voor het aan huis ophalen grof huishoudelijk afval, kringloopgoederen en de inzameling van textiel af. Rova heeft deze werkzaamheden voor een periode van 5 jaar aanbesteed, opnieuw aan De Beurs. Na deze periode kan het contract nog twee maal voor een periode van 2 jaar worden verlengd. Nieuwe samenwerkingsovereenkomst VNG/Verpact Voor de inzameling van plastic en metalen verpakkingen en drankenkartons (PMD) ontvangen wij een vergoeding van Verpact. In september 2025 heeft de algemene ledenvergadering van de VNG ingestemd met de nieuwe samenwerkingsovereenkomst. In december 2025 zijn wij een nieuwe deelnemersovereenkomst met Verpact aangegaan. Per 1 januari 2026 gelden er nieuwe afspraken voor de inzameling van PMD. Gemeenten ontvangen een vergoeding voor de inzameling die gebaseerd is op de kwaliteit. Hoe beter die is, hoe hoger de vergoeding. Rova ondersteunt ons bij het verbeteren van die kwaliteit. Prullenbakkenvergoeding en SUP vergoeding Sinds 2024 ontvangen wij een vergoeding voor het beheer en onderhoud van de gemeentelijke prullenbakken. De vergoeding wordt betaald door Verpact aan gemeenten voor het aandeel verpakkingen in openbare prullenbakken. In 2025 bedroeg de vergoeding € 0,98 per inwoner.

De producenten van wegwerpplastic producten moeten sinds 2023 meebetalen aan de kosten die gemeenten maken voor het opruimen van zwerfafval zoals bijvoorbeeld plastic bekers, flesjes en zakjes. De SUP-vergoeding komt voort uit de EU-richtlijn Single-Use Plastics. Ook hiervoor krijgen wij een bedrag per inwoner. In 2025 is de vergoeding over 2023 en 2024 met terugwerkende kracht uitbetaald. Wij gebruiken de bijdrage die wij ontvangen voor extra inzet bij straatreiniging, het faciliteren van onze zwerfvuilvrijwilligers en educatie op scholen.

Jaarstukken 2025 I Gemeente Dinkelland

63

1

Beleidsindicatoren De effecten van ons lokale beleid worden toegelicht aan de hand van een vaste set (verplichte) beleidsindicatoren. Indicator

2023

2024

2025

Omvang huishoudelijk restafval (kilogram per inwoner)

70,0

68,0

nnb

Hernieuwbare elektriciteit (percentage)

nnb

nnb

nnb

Bron: https://noaberkracht.incijfers.nl/dashboard/volksgezondheid-en-milieu Deze cijfers worden periodiek geactualiseerd. Voor de meest actuele cijfers raadpleeg de website. Een vergelijking met landelijke cijfers is ook te vinden op deze website.

Raming begrotingsjaar voor wijziging

Raming begrotingsjaar na wijziging

Realisatie begrotingsjaar

Verschil realisatie versus begr. na wijz.

Baten

2.706

2.690

2.473

- 218

Lasten

2.553

2.679

2.354

324

Gerealiseerde totaal saldo van baten en lasten

154

12

118

106

Onttrekkingen aan reserves

0

0

0

0

Toevoegingen aan reserves

0

0

0

0

154

12

118

106

Gerealiseerde totaal resultaat van baten en lasten

3

4

5

6

7

Juridische kosten (voordeel €75.000) Tijdens de raadsvergadering van 24 juni 2024 is de motie klimaatprogramma 2024–2050 aangenomen. In deze motie wordt het college onder andere opgedragen om, zolang in afwachting van de nieuwe regering nog niet duidelijk is welke regelgeving zal gaan gelden, tegen initiatieven die niet binnen het huidige gemeentelijk (wind)beleid passen alle beschikbare rechtsmiddelen in te zetten. Het inzetten van alle rechtsmiddelen om dergelijke initiatieven tegen te gaan brengt juridische kosten met zich mee. Naar verwachting beslaat de doorlooptijd van de betreffende procedures de periode 2025–2027, waardoor de kosten zich over meerdere jaren uitstrekken. Om deze kosten te kunnen dekken, dient het beschikbare saldo uit 2025 te worden overgeheveld. Een gedetailleerde toelichting op de verschillen tussen gerealiseerde bedragen en begrote bedragen na wijziging is te vinden in de Jaarrekening 2025 onder “Toelichting en analyse op de baten en lasten”.

Overzicht baten en lasten

(Bedragen x € 1.000)

2

Hieronder wordt op hoofdlijnen aangegeven hoe de verschillen tussen de gerealiseerde bedragen en de begrote bedragen na wijziging zijn ontstaan.

Jaarstukken 2025 I Gemeente Dinkelland

64

1

PROGRAMMA VOLKSHUISVESTING & RUIMTELIJKE ORDENING Portefeuillehouders Cel Severijn, Rob Olde Kalter Algemeen Voor de gemeente is het van groot belang dat de fysieke leefomgeving zodanig is ingericht dat een goed woon- en leefklimaat is gegarandeerd. Het woningaanbod moet zowel voorzien in een kwantitatieve als een kwalitatieve behoefte van de samenleving. Er moet echter ook ruimte zijn voor bedrijvigheid. Een integrale blik op de fysieke leefomgeving is hiervoor een vereiste. De inrichting van de fysieke leefomgeving raakt in die zin dan ook alle agenda’s die zijn opgenomen in het koersdocument. Kengetallen Binnen het programma Volkshuisvesting & ruimtelijke ordening maken we gebruik van de volgende kengetallen: • Woningvoorraad: 11.452 (dec 2025 verwachting) • Gemiddeld bouwjaar woningvoorraad: 1978 • Gemiddelde koopprijs woningen: €456.044 Wat hebben we in 2025 gedaan? Omgevingswet De Omgevingswet is per 1 januari 2024 in werking getreden. In aanloop naar de inwerkingtreding hebben wij onze werkprocessen volledig ingericht op het behandelen en afhandelen van aanvragen onder de Omgevingswet. Vergunningaanvragen en meldingen worden sindsdien digitaal ingediend via het landelijke systeem. Daarnaast zijn wij gestart met de actualisatie van ons eigen omgevingsplan. Op dit moment hebben we nog een omgevingsplan van rechtswege die moet worden omgezet naar een ‘eigen’ omgevingsplan.

Het omgevingsplan van rechtsweg omvat alle vastgestelde bestemmingsplannen, milieuregels en verordeningen. Op uiterlijk 1 januari 2032 moeten we beschikken over één integraal omgevingsplan voor het gehele grondgebied.

2

3

4

5

6

7

Wij hebben ervoor gekozen het omgevingsplan gefaseerd op te stellen en per deelgebied ter besluitvorming voor te leggen aan de gemeenteraad van de betreffende gemeente. De werkzaamheden zijn gestart met het gebied “Kernen”. Vervolgens hebben wij voorbereidingen getroffen voor het gebied “Bedrijfsterreinen”, waarna het gebied “Buitengebied” zal volgen. Volkshuisvesting In 2025 is gewerkt aan de eerste aanpassing van het Volkshuisvestingsprogramma zodat deze nog beter kan functioneren en weer actueel wordt. Daarnaast zijn in verschillende kernen 112 woningen gereed gemeld en aan de woningvoorraad toegevoegd. Ook is er gewerkt aan diverse woningbouwplannen ter voorbereiding op de procedure, maar ook aan de procedures zelf met enkele successen op de versnelling. Beleidsindicatoren De effecten van ons lokale beleid worden toegelicht aan de hand van een vaste set (verplichte) beleidsindicatoren. Indicator

2023

2024

2025

Gemiddelde WOZ waarde (duizend euro)

379,0

410,0

424,0

8,9

8,8

nnb

Nieuw gebouwde woningen (aantal per 1.000 woningen) Demografische druk (percentage)

80,1

80,2

81,5

Gemeentelijke woonlasten eenpersoonshuishouden (in euro's)

862,0

903,0

942,0

Gemeentelijke woonlasten meerpersoonshuishouden (in euro's)

890,0

931,0

972,0

Bron: https://noaberkracht.incijfers.nl/dashboard/volkshuisvesting--ro-en-stadsvernieuwing - Deze cijfers worden periodiek geactualiseerd. Voor de meest actuele cijfers raadpleeg de website. Een vergelijking met landelijke cijfers is ook te vinden op deze website.

Jaarstukken 2025 I Gemeente Dinkelland

65

1

2

3

4

5

6

7

Overzicht baten en lasten Raming begrotingsjaar voor wijziging

Raming begrotingsjaar na wijziging

Realisatie begrotingsjaar

Verschil realisatie versus begr. na wijz.

Baten

3.309

2.932

7.270

4.339

Lasten

4.402

4.437

9.048

- 4.611

Gerealiseerde totaal saldo van baten en lasten

- 1.093

- 1.506

- 1.777

- 272

Onttrekkingen aan reserves

0

350

790

440

Toevoegingen aan reserves

121

28

160

- 132

- 1.213

- 1.184

- 1.147

36

(Bedragen x € 1.000)

Gerealiseerde totaal resultaat van baten en lasten

Hieronder wordt op hoofdlijnen aangegeven hoe de verschillen tussen de gerealiseerde bedragen en de begrote bedragen na wijziging zijn ontstaan. Omgevingsvergunningen (voordeel €70.000) De hogere inkomsten uit leges omgevingsvergunningen zijn het gevolg van een incidenteel toename in de vergunningverlening voor projecten waarvoor dit jaar de planologische kaders zijn vastgesteld. De ontwikkeling van een aantal grotere projecten was vooraf niet voorzien. Naast de reguliere vergunningaanvragen heeft dit geleid tot hogere legesinkomsten dan geraamd. De overschrijding heeft een incidenteel karakter en leidt niet tot structureel hogere inkomsten. Mutaties reserves Het verschil op de mutaties van de reserves betreft voornamelijk hogere mutaties m.b.t. winst- en verliesnemingen en mutatie verliesvoorziening van de grondexploitaties voor €308.000. Een gedetailleerde toelichting op de verschillen tussen gerealiseerde bedragen en begrote bedragen na wijziging is te vinden in de Jaarrekening 2025 onder “Toelichting en analyse op de baten en lasten”.

Jaarstukken 2025 I Gemeente Dinkelland

66

1

2

3

4

5

6

7

4. Paragrafen LOKALE HEFFINGEN In de begroting wordt een uitgebreide beschrijving van en toelichting op de verschillende lokale heffingen gegeven. Dit, omdat bij de vaststelling van de begroting besluiten worden genomen over de gewenste belastingontvangsten en - in aansluiting daarop - daarbij tariefstructuur en hoogte wordt bepaald. In de jaarrekening wordt verantwoording afgelegd over de wijze waarop de belastingontvangsten zijn gerealiseerd en in hoeverre daarbij afwijkingen zijn ontstaan ten opzichte van de begroting. Overzicht belastingopbrengsten jaarrekening 2025 Soort heffing/belasting (bedragen x € 1.000) Onroerendezaakbelastingen

Begroting 2025 na wijzigingen

Werkelijk 2025

7.654

7.733

1.629

1.627

410

537

3.642

3.637

662

693

Afvalstoffenheffing • Basistarief (vast recht) • Diftar (ledigingen) De aanslagen Diftar worden jaarlijks achteraf opgelegd. Rioolheffingen Toeristenbelasting (De aanslagen toeristenbelasting worden jaarlijks achteraf opgelegd). Forensenbelasting

93

91

Precariobelasting

30

34

BIZ-belasting (Ootmarsum)

86

85

14.206

14.437

Totaal

Bestaand beleid ten aanzien van de lokale heffingen De belastingenstructuur en de tarieven van de gemeentelijke belastingen zijn voor het belastingjaar 2025 als volgt vastgesteld: 1. De ozb-tarieven zijn zodanig aangepast dat voor 2025 sprake is van een meeropbrengst (exclusief areaaluitbreiding) van 2%, Ook voor de daaropvolgende jaren wordt rekening gehouden met een meeropbrengst van 2% per jaar (eveneens exclusief areaaluitbreiding); 2. De tarieven afvalstoffenheffing bestaan uit een basistarief vermeerderd met

3. 4.

een capaciteitsafhankelijk tarief per lediging van de restafvalcontainer (grijs) respectievelijk per aanbieding aan de verzamelcontainer. De tarieven zijn voor 2025 t.o.v. 2024 verlaagd met € 8,50 tot €149,50; De tarieven van de rioolheffingen zijn voor 2025 t.o.v. 2024 verhoogd met €17,70 tot €298,30; De tarieven voor leges en rechten zijn afgestemd op de lasten ter zake en zijn kostendekkend.

Onroerendezaakbelasting (ozb) Onder de naam ‘Onroerendezaakbelastingen’ worden van binnen de gemeente gelegen onroerende zaken twee directe belastingen geheven: • een gebruikersbelasting van degene die – naar omstandigheden beoordeeld – een onroerende zaak die niet in hoofdzaak als woning dient, al dan niet krachtens eigendom, bezit, beperkt recht of persoonlijk recht gebruikt en • een eigenarenbelasting van degene die van een onroerende zaak het genot heeft krachtens eigendom, bezit of beperkt recht. De gebruikersbelasting wordt uitsluitend geheven over niet-woningen, terwijl de eigenarenbelasting wordt geheven van zowel woningen als niet-woningen. De tarieven worden jaarlijks (opnieuw) bepaald aan de hand van twee factoren, te weten: a. de waardeontwikkeling van het WOZ-bestand in de gemeente en b. de gewenste OZB-opbrengst in het begrotingsjaar. Opbrengsten onroerende zaakbelastingen (bedragen x €1.000)

2024

2025

Raming OZB

7.585

7.761

Werkelijke opbrengst OZB

7.554

7.733

Verschil tussen werkelijke opbrengst en raming

-/ 31

-/- 28

Oninbare vorderingen voorgaande dienstjaren

-/ 1

-/ 6

Jaarstukken 2025 I Gemeente Dinkelland

67

1

2

3

4

5

6

7

Afvalstoffenheffing Deze heffing heeft als uitgangspunt dat de lasten van de afvalinzameling en -verwerking voor 100% worden gedekt door de heffing. Naast een basistarief per huishouden betaalt de gebruiker een capaciteitsafhankelijk tarief per lediging restafval voor het gebruik van een verzamelcontainer, een 140-liter container of een 240-liter container. Op deze wijze wordt uitvoering gegeven aan het beginsel van ‘de vervuiler betaalt’. De opbrengst is bestemd voor de kostendekking van de afvalinzameling en -verwerking. Berekening kostendekkende afvalstoffenheffing (bedragen x € 1.000) Kosten taakveld(en)

Begroting 2025

Werkelijk 2025

Tarieven en opbrengst afvalstoffenheffing (in €)

2024

2025

Basistarief (vast recht)

158,00

149,50

1 lediging restafvalcontainer (grijs) 240 liter

10,60

10,60

1 lediging restafvalcontainer (grijs) 140 liter

6,50

6,50

1 lediging bij de verzamelcontainer via een chipkaart met een kleine opening

1,35

1,35

1 lediging bij de verzamelcontainer via een chipkaart met een grote opening

2,70

2,70

Opbrengsten afvalstoffenheffing (basistarief + ledigingen) (bedragen x € 1.000)

2024

2025

Raming opbrengst basistarief (vast recht)

1.713

1.629

Werkelijke opbrengst basistarief

1.709

1.627

Verschil tussen werkelijke opbrengst en raming basistarief

-/ 4

-/- 2

2.345

2.045

298

269

Netto kosten taakveld

2.047

1.776

Toe te rekenen kosten

2.047

1.776

Raming opbrengst ledigingen restafval:

502

410

552

537

Inkomsten taakveld(en) exclusief heffingen

Overhead incl. (omslag)rente

100

100

Werkelijke opbrengst ledigingen restafval

BTW

316

316

Verschil tussen werkelijke opbrengst en raming ledigingen

50

127

Oninbare vorderingen voorgaande dienstjaren

-/ 2

-/ 2

11.250**

5.883

Totale kosten

2.463

2.192

Opbrengst afvalstoffenheffing

2.457

2.164

Dekkingspercentage*

99,7%

98,7%

Aantal ledigingen bij de verzamelcontainer (30 liter vulopening) via een chipkaart*

Totale kosten

2.463

2.192

Opbrengst afvalstoffenheffing

2.457

2.164

Aantal ledigingen bij de verzamelcontainer (60 liter vulopening) via een chipkaart *

Dekkingspercentage*

99,7%

98,7%

*Als het dekkingspercentage hoger is dan 100% worden de overtollige middelen aan de voorziening gedoteerd.

6.614

Aantal ledigingen restafvalcontainer (grijs) 140 liter*

12.697

12.784

Aantal ledigingen restafvalcontainer (grijs) 240 liter *

40.322

42.003

*Gegevens verstrekt door Rova ** Ledigingen bij verzamelcontainer voor 30 en 60 liter vulopening samen

De opbrengst van het aantal ledigingen is voor 2025 geraamd op een bedrag van € 410.000. De werkelijke opbrengst ad € 537.000 voor 2025 is € 126.000 hoger dan de raming. Dit is deels te verklaren doordat de tarieven bij amendement op het laatste moment zijn gewijzigd en deze verlaging (deels) via de opbrengst van de ledigingen (diftar) is verwerkt. Het werkelijke verschil bedraagt € 34.000 en is te verklaren doordat feitelijk meer ledigingen hebben plaatsgevonden dan begroot waren.

Jaarstukken 2025 I Gemeente Dinkelland

68

1

Voorziening afvalstoffenheffing Deze voorziening wordt ingezet om een gelijkmatige ontwikkeling van de afvalstoffenheffing te waarborgen. De stand van deze voorziening afval bedraagt per 31 december 2025 € 416.000. Rioolheffingen De gebruiker van een perceel van waaruit afvalwater direct of indirect op de gemeentelijke riolering wordt afgevoerd is belastingplichtig voor de rioolheffing. Voor de rioolheffing geldt eveneens als algemeen uitgangspunt dat 100% van de kosten worden gedekt. De tarieven zijn gebaseerd op de geraamde kosten, zoals die zijn opgenomen in het gemeentelijk rioleringsplan. Incidentele over- en onderdekking wordt verrekend met een voorziening om sterke tarieffluctuaties op te kunnen vangen. De tarieven voor het belastingjaar 2024 zijn verhoogd met €15 ten opzichte van 2023. Berekening kostendekkende rioolheffing (bedragen x €1.000) Kosten taakveld(en) Inkomsten taakveld(en) exclusief heffingen

Begroting 2025

Werkelijk 2025

2.958

2.726

0

0

Netto kosten taakveld

2.958

2.726

Toe te rekenen kosten

2.957

2.726

Overhead incl. (omslag)rente

452

452

BTW

163

163

Totale kosten

3.574

3.341

Opbrengst rioolheffing

3.573

3.637

Dekkingspercentage*

100,0%

108,8%

*Als het dekkingspercentage hoger is dan 100% worden de overtollige middelen aan de voorziening gedoteerd.

Tarieven rioolheffingen (in €)

2

3

4

2024

2025

Rioolheffing gebruiker (tot 300 m³)

280,60

298,30

Meerverbruik per 100 m³ of een deel daarvan

21,30

22,64

Agrarisch bedrijf

323,20

343,58

2024

2025

Opbrengsten rioolheffingen (bedragen x € 1.000) Raming rioolheffing gebruiker

3.364

3.642

Werkelijke opbrengst rioolheffing gebruiker

3.363

3.637

Verschil tussen werkelijke opbrengst en raming

-/ 1

-/ 5

Oninbare vorderingen voorgaande dienstjaren

-/ 3

-/ 4

5

6

7

De bestaande voorziening gekoppeld aan het huidige GRP bedraagt per 31 december 2025 €4.602.000. Bedrijven Investeringszone (BIZ) Onder de naam ‘BIZ-bijdrage’ wordt jaarlijks een directe belasting geheven ter dekking van de kosten die zijn verbonden aan activiteiten in de openbare ruimte en op internet, gericht op het bevorderen van de leefbaarheid, veiligheid, ruimtelijke kwaliteit en/of de economische ontwikkeling binnen het daartoe aangewezen gebied van de bedrijveninvesteringszone. De BIZ geldt voor het belastingjaar 2024 alleen nog in Ootmarsum. De BIZ-opbrengsten worden in subsidievorm doorbetaald naar de ‘Stichting BIZ Ootmarsum’. De tarieven, zoals hieronder vermeld, zijn afhankelijk van de WOZ-waarde van een object en gelden voor de gehele looptijd (2022 2026) van de belastingverordening. Voor de periode 2022-2026 is in overleg met de Stichting BIZ Ootmarsum een nieuwe BIZ-verordening vastgesteld. De tarieven, zoals hieronder vermeld, zijn afhankelijk van de WOZ-waarde van een object en gelden voor de gehele looptijd (2022-2026) van de belastingverordening. Omdat in de nieuw vastgestelde BIZ-verordening de werkplaatsen en dergelijke m.i.v. 2022 niet meer als belastbaar object worden aangemerkt ligt de opbrengst lager dan in de vorige BIZ-periode (2017-2021).

Jaarstukken 2025 I Gemeente Dinkelland

69

1

Opbrengstraming BIZ-belasting Ootmarsum (in €)

2024

2025

€ 100.000 of minder

500

500

meer dan € 100.000 en minder dan € 200.001

615

615

meer dan € 200.000 en minder dan € 300.001

730

730

meer dan € 300.000 en minder dan € 750.000

845

845

€ 750.000 of meer

1190

1.190

Opbrengstraming BIZ-belasting Ootmarsum (bedragen x €1.000)

Bij een WOZ-waarde van:

2024

2025

Raming opbrengst BIZ-belasting

82

86

Werkelijke opbrengst BIZ-belasting

82

85

Verschil tussen werkelijke opbrengst en raming

-

-/- 1

Oninbare vorderingen (voorgaande) dienstjaren

-

-

Precariobelasting Deze directe belasting wordt geheven voor het hebben van voorwerpen onder, op of boven voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond. De raad heeft besloten om de precariobelasting te beperken tot de horecaterrassen. Bij de precariobelasting wordt (tarief-)onderscheid gemaakt tussen enerzijds de binnenstad van Ootmarsum en de overige terrassen in de gemeenten en anderzijds tussen vaste terrassen en tijdelijke terrassen. Tarieven precariobelasting (in €)

2024

2025

a. Vaste terrassen

14,15

14,15

- Binnenstad Ootmarsum

11,20

14,15

- Overige delen van de gemeente b. Tijdelijke terrassen - Binnenstad Ootmarsum

4,75

14,15

Opbrengstraming precariobelasting (bedragen x € 1.000)

2024

2025

Raming precariobelasting

16

30

Werkelijke opbrengst precariobelasting

16

34

-

4

Verschil tussen werkelijke opbrengst en raming

2

3

4

5

6

7

Toeristenbelasting Deze belasting wordt geheven ter zake van het houden van verblijf met overnachting binnen de gemeente tegen vergoeding in welke vorm dan ook door personen, die niet in de gemeentelijke ‘Basisregistratie personen’ zijn opgenomen. De toeristenbelasting is een algemeen dekkingsmiddel. De belasting vindt plaats op basis van aangifte. De aangiftes worden jaarlijks steekproefsgewijs gecontroleerd. Niet alleen om de aangiftes op juistheid en volledigheid te controleren, maar ook om de exploitanten, daar waar nodig, te adviseren bij een doelmatiger opzet van de administratie, zodat het invullen van de aangifte toeristenbelasting eenvoudiger en sneller kan geschieden. De tarieven zijn al een aantal jaren niet gewijzigd. Tarieven toeristenbelasting (prijs per persoon per nacht in €)

2024

2025

Hotels, pensions, appartementen, boerderijkamers, etc.

1,60

1,60

Recreatiewoningen respectievelijk niet beroepsmatig verhuurde ruimten

1,00

1,00

Kampeermiddelen: mobiele kampeeronderkomens en stacaravans

0,60

0,60

Groepsaccommodaties (o.a. kampeerboerderijen)

0,60

0,60

Opbrengst toeristenbelasting (bedragen x €1.000)

2024

2025

Raming toeristenbelasting

551

662

Werkelijke opbrengst toeristenbelasting

795

693

Verschil tussen werkelijke opbrengst en raming

244

31

Oninbare vorderingen voorgaande dienstjaren

-/ 2

-

*raming 2025 op basis van werkelijke aantallen 2023.

De aanslagen toeristenbelasting worden eerst na afloop van het belastingjaar opgelegd, omdat deze gebaseerd wordt op het aantal overnachtingen in het belastingjaar (=kalenderjaar). Dit betekent, dat bij het opmaken van de jaarrekening een schatting moet worden gemaakt van de opbrengst. Deze schatting wordt doorgaans gebaseerd op het meest recente kohier, rekening houdend met eventueel gewijzigde omstandigheden.

Jaarstukken 2025 I Gemeente Dinkelland

70

1

Forensenbelasting Deze belasting wordt geheven van natuurlijke personen die, zonder in de gemeente hoofdverblijf te hebben, er op meer dan negentig dagen van het belastingjaar voor zich of hun gezin een gemeubileerde woning beschikbaar te houden. De forensenbelasting is een algemeen dekkingsmiddel.

Eigen woning

2024

2

3

2025 Verschil

4

OZB

410,11

418,31

8,20

2%

Rioolheffing (tot 300 m3 waterverbruik):

280,60

298,30

17,70

6,3 % -/ 5,4%

a. basistarief (vast recht)

158

149,5

-/ 8,5

2025

b. 4 ledigingen restafval (container 240 liter)

42,4

42,4

0

0

Forensenbelasting: vast bedrag per gemeubileerde woning

285

285

Eenmalige korting

26,00

0,00

26,00

n.v.t.

Opbrengst forensenbelasting (bedragen x €1.000)

2024

2025

Totaal

865,11

908,51

43,40

5%

Raming opbrengst forensenbelasting

120

93

Werkelijke opbrengst forensenbelasting

92

91

Verschil werkelijke opbrengst en raming

-/ 28

-/ 2

-

-/- 1

Verschil in %

Geen eigen woning* (in €)

2024

2025 Verschil

Rioolheffing (tot 300 m³ waterverbruik)

280,6

298,3

17,7

6,3%

148

149,5

-/ 8,5

-/ 5,4%

Afvalstoffenheffing: a. basistarief (vast recht)

Kwijtscheldingsbeleid Kwijtschelding is één van de wijzen waarop een schuld teniet gaat. Kenmerk van kwijtschelding is, dat het gaat om belastingschuldigen die niet in staat zijn anders dan met buitengewoon bezwaar de belasting te betalen. Op grond van artikel 255 van de Gemeentewet bestaat de mogelijkheid om belastingplichtigen, die een inkomen en een vermogen beneden bepaalde minimum normen hebben, kwijtschelding te verlenen van hun belastingschuld. Gemeenten beschikken hierin over een zekere mate van beleidsvrijheid. Gemeenten mogen ook zelf bepalen welke belastingsoorten in aanmerking komen voor kwijtschelding. Dinkelland past kwijtschelding toe voor de volgende heffingen: • Afvalstoffenheffing: basistarief + variabel tarief (maximaal 5 ledigingen van een 240-liter container restafval); • Rioolheffing; en • Onroerendezaakbelastingen Aantal Kwijtscheldingsverzoeken Aanvragen: volledige afwijzing Aanvragen: gedeeltelijke toewijzing

2024

2025

65

76

0

3

230

209

b. 4 ledigingen restafval (container 240 liter)

42,4

42

0

0

Eenmalige heffingskorting

26,00

0,00

26,00

n.v.t.

Aanvragen: volledige toewijzing

Totaal

455,00

490,20

35,20

7,7%

Totaal aantal aanvragen

295

288

Kwijtscheldingsbedragen (bedragen x €1.000)

2024

2025

Raming kwijtschelding gemeentelijke belastingen en heffingen

101

101

Werkelijke kwijtschelding gemeentelijke belastingen en heffingen

95

95

Verschil tussen werkelijke kwijtschelding en raming

6

6

Bij de berekening van de lokale woonlasten is uitgegaan van een gemiddelde woningwaarde van € 413.000 in 2024 respectievelijk € 424.000 in 2025, conform de uitgangspunten van de Waarderingskamer.

7

Afvalstoffenheffing:

2024

Lokale lastendruk Om een indruk te geven van de lastendrukontwikkeling op basis van aanvaard beleid worden hierna de gevolgen belastingplichtigen met of zonder eigen woning weergegeven. Deze vergelijking is gebaseerd op de onroerendezaakbelastingen (alleen voor bezitters van een eigen woning), de afvalstoffenheffing en de rioolheffing. Bij de afvalstoffenheffing is uitgegaan van een gemiddelde van 4 ledigingen. De ontwikkeling van de lokale lastendruk in de gemeente Dinkelland is als volgt:

6

Verschil In %

Tarieven forensenbelasting (in €)

Oninbare vorderingen (voorgaande) dienstjaren

5

Jaarstukken 2025 I Gemeente Dinkelland

71

1

RISICOBEHEERSING EN WEERSTANDSVERMOGEN Op 24 november 2021 is door de raad de Kadernota Integraal Risicomanagement en Weerstandsvermogen 2021 vastgesteld. Risicomanagement omvat alles wat we doen om risico’s, kansen en onzekerheden in beeld te brengen en te beheersen. Risicomanagement moet onze organisatie in staat stellen doelstellingen optimaal te realiseren. Dit impliceert prioriteiten stellen en sommige risico’s bewust accepteren. Daartoe is het noodzakelijk gedetailleerd inzicht te hebben in alle risico’s die samenhangen met alle gemeentelijke activiteiten en processen. De uitdaging is om binnen de organisatie het risicomanagement niet alleen onbewust onderdeel van ons werkproces te laten zijn maar risico’s en kansen en de wijze waarop we daarmee om willen gaan juist ook expliciet en transparant te betrekken bij de realisatie van onze doelen als ook bij bestuurlijke besluitvorming Hierbij is een voortdurende balans tussen de systeemwereld en de leefwereld van groot belang. Hierin is de belangrijkste uitdaging binnen de organisatie dat we deze twee werelden samenbrengen in wat gemeenten doen, hoe zij dat doen en hoe ze hierin omgaan met de samenleving en de kracht van de samenleving en de inwoners benutten. Kortom: Nevenheid waar het kan, overheid waar het moet.

Integraal risicomanagement kan hierin bijdragen door het in balans brengen/houden van deze twee werelden en daardoor een verbetering te bewerkstelligen in geprofessionaliseerde sturing en een verbeterde borging en bestendiging van de organisatie te creëren. Met deze kadernota zetten we een belangrijke stap in het versterken van risicomanagement, met als doel het bewust en verantwoord omgaan met risico’s door een open en transparante manier van samenwerken. Integraal risicomanagement is de nieuwe manier van denken over risico’s, kansen en onzekerheden. Het doel van deze integrale aanpak is het vergroten van het risicobewustzijn van organisatie en bestuur, zodat een goede en verantwoorde balans ontstaat tussen risico’s nemen en risico’s beheersen. Het continu organiseren van aandacht voor en het gesprek over risico’s vormt de basis van deze aanpak. Door regelmatig het gesprek te voeren - zowel op ambtelijk als bestuurlijk niveau - over (strategische) risico’s, ontstaat een gezamenlijk beeld. Niet door te zenden, te vertellen en voor te lichten, maar door te delen, te bespreken en de dialoog aan te gaan. De risicodialoog is een open gesprek met als doel het gezamenlijk bepalen van een constructieve risico-aanpak. Het gesprek en de communicatie

2

3

4

5

6

7

over risico’s is een essentieel onderdeel van integraal risicomanagement. Transparantie is hierbij het uitgangspunt. Risico’s kunnen financiële consequenties met zich meebrengen. De financiële gevolgen van de risico’s worden periodiek tijdens de P&C-Cyclus inzichtelijk gemaakt in de paragraaf Weerstandsvermogen en Risicobeheersing. Naast financiële consequenties worden dan ook de impact van imagoschade en de impact op de realisatie van onze organisatiedoelstellingen gewogen. Het weerstandsvermogen kunnen we bepalen door onderstaande stappen te doorlopen: 1. Een inventarisatie van de risico’s (risicoprofiel); 2. Benodigde weerstandscapaciteit; 3. Beschikbare weerstandscapaciteit; 4. Relatie benodigde en beschikbare weerstandscapaciteit. Risicoprofiel en weerstandscapaciteit In onderstaande tabel worden de tien risico’s gepresenteerd met de hoogste bijdrage aan de berekening van de benodigde weerstandscapaciteit. Risico

Kans

Maximaal

Effect

Verhoogde vraag naar voorzieningen met een open-eind karakter zoals WMO, Jeugd en WWB

70

800.000

8,61

Grondbedrijf: Als gevolg van onvoorzienbare zaken (vooraf) bestaat de kans op extra kosten met als gevolg tegenvallers bouw- en woonrijp maken (o.a. bodem)

50

1.000.000

7,71

Datalek: Als gevolg van onjuist en onzorgvuldig handelen van medewerkers en/of systemen bestaat de kans op het weglekken of het onjuist/ongewild verspreiden van informatie aan onbevoegde partijen/ individuen ( Noaberkracht werken / privacy en informatiebeveiliging), waardoor en een boete of aansprakelijkstelling volt vanuit AP

30

810.000

3,83

Als gevolg van het verliezen van bezwaar- en beroepsprocedures inzake ruimtelijke (bestemmings)plannen bestaat de kans op overschrijden van termijnen en budgetten waardoor de gemeente extra kosten moet maken.

40

500.000

3,06

Bezittingen/Kunstobjecten: Als gevolg van onvolledige en niet-actueel registratie van bezittingen/kunstobjecten bestaat de kans dat op onrechtmatige wijze bezittingen/kunstobjecten aan de gemeente worden onttrokken of op onrechtmatige wijze gebruik worden gemaakt van bezittingen, met als gevolg dat wij onvolledig zijn verzekerd voor mogelijke schade

30

500.000

2.35

Jaarstukken 2025 I Gemeente Dinkelland

72

1

Risico

Kans

Maximaal

Effect

Grondbedrijf: Als gevolg van economische groei bestaat de kans op schaarste met als gevolg Kostenstijging bouw- en woonrijpmaken (stijging > cbs index en voor een periode van 2 jaar)

30

500.000

2.30

Proces Subsidies: Als gevolg van foutieve beoordeling van juridische aspecten bestaat de kans op onrechtmatig buiten behandeling stellen

50

250.000

1.98

Subsidieverlening: Het risico dat subsidiegelden niet worden verantwoord en/of ontvangen door de organisatie.

50

250.000

1.94

Proces Subsidies: Als gevolg van foutieve beoordeling van juridische aspecten bestaat de kans op onrechtmatige weigeringsgronden.

50

250.000

1,93

Subsidieverlening: Het risico dat subsidievoorwaarden niet worden nageleefd en/of subsidies onrechtmatig worden gedeclareerd.

50

250.000

1,93

Weerstandscapaciteit

Algemene reserve

3

4

5

6

7

WEERSTANDSVERMOGEN

Benodigde weerstandscapaciteit Op basis van de ingevoerde risico’s is een risicosimulatie uitgevoerd (Monte Carlo). Hieruit volgt dat 90% zeker is dat alle risico’s kunnen worden gedekt met een bedrag van €4,15 miljoen (benodigde weerstandscapaciteit). Beschikbare weerstandscapaciteit De beschikbare weerstandscapaciteit van de gemeente bestaat uit het geheel aan middelen dat de organisatie daadwerkelijk beschikbaar heeft om de risico’s in financiële zin af te dekken. In onderstaande tabel wordt de totale weerstandscapaciteit weergegeven.

De benodigde weerstandscapaciteit die uit de risicosimulatie voortvloeit, kan worden afgezet tegen de beschikbare weerstandscapaciteit. De uitkomst van die berekening vormt het weerstandsvermogen. beschikbare weerstandscapaciteit Ratio weerstandsvermogen

=

€7.605.000 =

benodigde weerstandscapaciteit

€4.150.000

1,8

De normtabel is ontwikkeld in samenwerking met de Universiteit Twente. Het biedt een waardering van het berekende ratio. Hieronder is de normtabel weergegeven. Weerstandsnorm

Beschikbare weerstandscapaciteit ( x €1.000) Weerstand

Riciso’s Bedrijfsproces Financieel Imago / Politiek Informatie / Strategie Juridisch / aansprakeliijkheid Letsel / Veiligheid Materieel Milieu Personeel / Arbo Product

2

Capaciteit

Waarderingscijfer

Ratio

Betekenis

2025

A

> 2.0

uitstekend

Algemene reserve

7.605

B

1.4 - 2.0

ruim voldoende

Totale weerstandscapaciteit

7.605

Relatie benodigde en beschikbare weerstandscapaciteit Om te bepalen of het weerstandsvermogen toereikend is, dient de relatie te worden gelegd tussen de financieel gekwantificeerde risico’s en de daarbij gewenste weerstandscapaciteit en de beschikbare weerstandscapaciteit. De relatie tussen beide componenten wordt in onderstaande figuur weergegeven.

C

1.0 - 1.4

voldoende

D

0.8 - 1.0

matig

E

0.6 - 0.8

onvoldoende

F

< 0.6

ruim onvoldoende

Het ratio valt dan in klasse B Dit duidt op een ruim voldoende voor het weerstandsvermogen.

Jaarstukken 2025 I Gemeente Dinkelland

73

1

Kengetallen Om de financiële positie van de gemeente in beeld te brengen, stelt de gemeente Dinkelland jaarlijks een balans en een overzicht van de exploitatie in baten en lasten op. Maar voor een goed oordeel over deze financiële positie zijn aanvullende kengetallen nodig. Deze kengetallen bieden u ondersteuning bij uw kaderstellende en controlerende rol. Bovendien kan met deze kengetallen de gemeente Dinkelland goed worden vergeleken met andere gemeenten. Eén afzonderlijk kengetal zegt niet alles en moet altijd in relatie worden gezien met andere kengetallen. We onderscheiden vijf kengetallen: 1a. netto schuldquote 1b. netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen 2. solvabiliteitsratio 3. grondexploitatie 4. structurele exploitatieruimte 5. belastingcapaciteit: woonlasten meerpersoonshuishouden 1a. Netto schuldquote Dit kengetal zegt het meest over de financiële vermogenspositie van de gemeente. Hoe hoger de schuld, hoe meer kapitaallasten (rente en aflossing) er zijn. De netto schuldquote geeft een indicatie van de druk van de rentelasten en de aflossing op de exploitatie. (bedragen x € 1.000)

Jaarrekening 2024

Begroting 2025

Jaarrekening 2025

A

Vaste schulden

19.003

15.723

15.723

B

Netto vlottende schuld

4.928

5.654

6.189

C

Overlopende passiva

11.029

29.242

11.747

D

Financiële vaste activa

8.310

6.429

10.843

E

Uitzettingen < 1 jaar

20.039

17.762

15.192

F

Liquide middelen

421

488

486

G

Overlopende activa

2.474

1.090

4.392

H

Totale baten

91.579

77.530

96.201

Netto schuldquote (A+B+CD-E-F-G)/H x 100%

4,1

32,1

2,9

2

3

4

5

6

7

1b. Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen Zie netto schuldquote, maar dan gecorrigeerd voor de doorgeleende gelden. (bedragen x € 1.000)

Jaarrekening 2024

Begroting 2025

Jaarrekening 2025

A

Vaste schulden

19.003

15.723

15.723

B

Netto vlottende schuld

4.928

5.654

6.189

C

Overlopende passiva

11.029

29.242

11.747

D

Financiële vaste activa

2.803

2.803

2.803

E

Uitzettingen < 1 jaar

20.039

17.762

15.192

F

Liquide middelen

421

488

486

G

Overlopende activa

2.474

1.090

4.392

H

Totale baten

91.579

77.530

96.202

Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen (A+B+C-D-E-F-G)/H x 100%

10,1

36,7

11.2

2. Solvabiliteitsratio De solvabiliteitsratio geeft inzicht in de mate waarin de gemeente in staat is aan haar financiële verplichtingen te voldoen. Hieronder wordt verstaan het eigen vermogen als percentage van het totale vermogen. Hoe hoger het aandeel, hoe gezonder de gemeente. (bedragen x € 1.000)

Jaarrekening 2024

Begroting 2025

Jaarrekening 2025

A

Eigen vermogen

49.772

40.926

51.843

B

Balanstotaal

92.875

99.455

94.264

Solvabiliteit (A/B) x 100%

53,6

41,2

55,0

Jaarstukken 2025 I Gemeente Dinkelland

74

1

3. Grondexploitatie Dit kengetal geeft aan hoe groot de grondpositie (boekwaarde) is ten opzichte van de jaarlijkse baten. Deze boekwaarde van de voorraden grond is van belang, omdat deze waarde moet worden terugverdiend bij de verkoop. (bedragen x € 1.000)

Jaarrekening 2024

Begroting 2025

Jaarrekening 2025

A

Niet in exploitatie genomen bouwgronden

0

0

0

B

Bouwgronden in exploitatie

1.117

1.336

C

Totale baten

91.579

77.530

Grondexploitatie (A+B)/C x 100%

1,2

1,7

(bedragen x € 1.000)

2

3

Jaarrekening 2024

Begroting 2025

Jaarrekening 2025

423

431

431

A

OZB-lasten voor een gezin bij gemiddelde WOZ-waarde (uitgangspunt COELO-atlas) Rioolheffing voor gezin bij gemiddelde WOZ-waarde

281

298

298

2.707

C

Afvalstoffenheffing voor een gezin

200

222

222

96.201

D

Eventuele heffingskorting

26

0

26

2,8

E

Totale woonlasten (A+B+C+D)

878

951

951

F

Woonlasten landelijk gemiddelde

994

1.052

1.052

Woonlasten t.o.v. landelijke gemiddelde (E/F) x 100%

88,3%

90,4%

90.4%

6

7

Totaal tabel kengetal en uitkomst Op basis van onderstaand overzicht blijkt dat qua signaleringswaarden van de kengetallen de gemeente Dinkelland zich in de categorie “minst risicovol” bevindt.

(bedragen x € 1.000)

Jaarrekening 2024

Begroting 2025

Jaarrekening 2025

A

Totale structurele lasten

78.966

72.342

77.213

Kengetal

JRK 2024

Beg. 2025

JRK 2025

Minst risicovol

Neutraal

Meest risicovol

B

Totale structurele baten

81.093

72.853

80.307

Netto schuldquote

4,1

32,1

2,9

<90

90 - 130

>130

C

Totale structurele toevoegingen aan de reserves

0

0

0

Totale structurele onttrekkingen aan de reserves

10,1

36,7

11,2

<90

90 - 130

>130

D

283

833

326

Netto schuldquote gecorrigeerd voor verstrekte geldleningen

E

Totale Baten

91.579

75.530

96.202

Sovabiliteit

53,6

41,2

55,0

>50

20 - 50

<20

Structurele exploitatieruimte (B-A)+(D-C)/E x 100%

2,6

1,7

3,6

Grondexploitatie

1,2

1,7

2,8

<20

20 - 35

>35

Structurele exploitatieruimte

2,6

1,7

3,6

>0

0

<0

Belastingcapaciteit

88,3

90,4

90,4

<95

95 - 105

>105

5. Belastingcapaciteit Dit kengetal geeft de ruimte weer die de gemeente Dinkelland heeft om zijn belastingen te verhogen. De O.Z.B. is voor gemeenten de belangrijkste eigen belastinginkomst. Een hoog tarief ten opzichte van het landelijk gemiddelde geeft aan in hoeverre de gemeente al gebruikt heeft moeten maken van deze optie.

5

OZB-lasten voor gezin bij gemiddelde WOZ-waarde

B

4. Structurele exploitatieruimte Het financiële kengetal structurele exploitatieruimte geeft aan hoe groot de (structurele) vrije ruimte binnen de vastgestelde begroting is. Daarnaast geeft het ook aan of de gemeente in staat is om structurele tegenvallers op te vangen, dan wel of er nog ruimte is voor nieuw beleid.

4

Jaarstukken 2025 I Gemeente Dinkelland

75

1

ONDERHOUD KAPITAALGOEDEREN De paragraaf kapitaalgoederen gaat in op de manier waarop het op duurzame wijze in stand houden van kapitaalgoederen (de fysieke gemeentelijke infrastructuur) is geborgd. Onder kapitaalgoederen verstaan we wegen (inclusief kunstwerken), riolering, water, groen en gebouwen. Voor het geformuleerd doel zijn en worden onderhoudsplannen opgesteld waarin we aangeven op welk kwaliteitsniveau kapitaalgoederen worden onderhouden. Als introductie op deze paragraaf staat hieronder het overzicht van de beheerplannen voor de kapitaalgoederen: Beheerplannen

Vaststelling door raad in jaar

Looptijd

Financiële vertaling in begroting

Uitgesteld onderhoud

Wegen

2016

n.v.t.

ja

nee

Riolering

2025

5 jaar

ja

nee

Groen beeldkwaliteitsplan en KOG

2020

4 jaar

ja

nee

Gebouwen

2025

4 jaar

ja

nee

Civiele kunstwerken

2025

5 jaar

ja

nee

KADERS EN CIJFERS Kaders Wettelijk De relevante wettelijke kaders zijn: • Gemeentewet: waarin door de gemeenteraad is vastgelegd welke regels voor de waardering en afschrijving van activa gelden. De in artikel 212 Gemeentewet bedoelde verordening is de ‘Financiële verordening gemeente Dinkelland (2024)’. • Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV): op grond van artikel 12 moeten de kapitaalgoederen wegen, riolering, water, groen en gebouwen in deze paragraaf aan de orde komen. • Burgerlijk Wetboek: waarin opgenomen de gemeentelijke taak als ‘goed wegbeheerder’ om te zorgen dat het gebruik van de weg geen risico oplevert voor de weggebruiker (wettelijke aansprakelijkheid).

2

3

4

5

6

7

• Omgevingswet (en voorheen Wet milieubeheer): Gemeenten hebben een wettelijke zorgplicht voor de inzameling en transport van stedelijk afvalwater, afvloeiend hemelwater en de grondwaterstand. Het Water en rioleringsrioleringsprogramma (vroeger het gemeentelijk rioleringsplan, GRP) het beleidsdocument waarin de gemeente invulling geeft aan deze zorgplichten. • Gemeentewet (art. 228a): De basis voor de rioolheffing, waarmee de kosten van het rioleringsprogramma worden gedekt. Algemeen financieel De kosten van het reguliere en ‘groot’ onderhoud van de kapitaalgoederen wegen, bruggen, duikers, groen en gebouwen zijn in het algemeen gedekt via structurele onderhoudsmiddelen in de begroting. Vervangingsinvesteringen en onderhoudskosten van de riolering dekken we via de rioolheffing. Grotere vervangingsinvesteringen voor kapitaalgoederen, uitgezonderd rioleringen, staan in het algemeen als incidentele investeringen opgenomen in de begroting. De raad stelt de incidentele vervangingsinvesteringen vast. Voor gebouwen stelt de raad de kosten van het groot onderhoud uit de reserve ‘Onderhoud gebouwen’ beschikbaar. Algemeen technisch/inhoudelijk Voor het beheer van wegen en groen wordt de (beeld)kwaliteitscatalogus openbare ruimte van CROW (de onafhankelijke kennisorganisatie voor infrastructuur, openbare ruimte, verkeer en vervoer en werk en veiligheid) toegepast.

Bij het onderdeel ‘beleid en beheer’ gaan we hier nader op in. In het Water en Riolerings Programma 2025 2030 zijn de kaders en verplichtingen aangegeven voor riolering en water. In het WRP is vastgelegd hoe we verbeteringsmaatregelen op het rioolsysteem toepassen en hoe we onze wettelijke zorgplichten (bijv. onderhoud) uitvoeren. Het WRP is door de raad vastgesteld. Voor het beheer van gebouwen is een meerjaren onderhoudsprogramma (MOP) vastgesteld, waarin de onderhoudsniveaus zijn aangegeven.

Jaarstukken 2025 I Gemeente Dinkelland

76

1

Kerncijfers Voor de onderscheiden kapitaalgoederen zijn in de tabel hieronder de kerncijfers vermeld.

Wegen

Riolering

Groen

Aspect

Binnen de kom

Buiten de kom

Weglengte totaal

139 km

446 km

Oppervlakte elementenverharding

84,7 ha

4,6 ha

Oppervlakte asfaltverharding

29,1 ha

127,4 ha

Oppervlakte betonverharding

0,4 ha

5,9 ha

Oppervlakte overige

1,5 ha

40,9 ha

Aantal bruggen

29 st

59 st

Aantal duikers

1.148

Gemengde hoofdriolering

98 km

(verbeterd) Gescheiden stelsel hoofdriolering

58 km

Kolken

10.000

Pompunits drukriolering buitengebied

1200

Drukriool buitengebied

380 km.

Rioolgemalen

61

Persleidingen

15 km

IT riolen

17 km.

Wadi’s

75

Bergbezinkbassins

10

Externe overstorten

44

Interne overstorten, stuwputten, wervelventielen, etc.

37

Beplantingsoppervlakte (natuurlijk)

28 ha

17 ha

Beplantingsoppervlakte (in cultuur)

13 ha

-

Oppervlakte gazon

46 ha

2 ha

Aantal bomen

9.911 st

20.391 st

Gebouwen 14

Schoolgebouwen

7

Sportaccommodaties

13.077 m²

3

Maatschappelijke/culturele doeleinden

1.179 m²

3

Monumentale gebouwen

4.273 m²

2

Eigen bedrijfsvoering

12.564 m²

2

Overige gebouwen

4.269 m²

2

3

4

5

6

7

BELEID EN BEHEER Algemeen Het onderhoudsniveau van de openbare ruimte is vastgesteld in het beleidsplan Integraal Beheer Openbare Ruimte (IBOR). Dit plan, dat uitgaat van de systematiek om te werken volgens zogeheten beeldkwailteit, is door de raad vastgesteld in 2014. Voor het beheer van de wegen en het groen maken we gebruik van de (beeld) kwaliteitscatalogus openbare ruimte van CROW en de systematiek rationeel wegbeheer. In de catalogus is met foto’s aangegeven wat de relatie is tussen beeldkwaliteit (foto) en het onderhoudsniveau (A, B, enz.). De raad heeft daarmee vastgesteld op welk niveau de verschillende kapitaalgoederen of delen van de openbare ruimte worden onderhouden. Daarbij is desgewenst voor de onderscheiden gebiedstypen (binnen of buiten de kom; hotspots) per beheergroep/kapitaalgoed het onderhoudsniveau vastgelegd. Hulpmiddel bij het beheer en onderhoud van de kapitaalgoederen zijn de beheersystemen en de koppeling tussen de beheersystemen en de Basisregistratie Grootschalige Topografie (BGT). Door het integrale karakter van het systeem is het een sterk instrument voor het opstellen van beleid voor de openbare ruimte en we kunnen hierdoor optimaal met kosten omgaan. Wat de gebouwen betreft is de gemeente Dinkelland in veel gevallen verantwoordelijk voor het groot onderhoud.

De verantwoordelijkheden voor het dagelijks (klein) en groot onderhoud zijn vastgelegd in huurcontracten of gebruiksovereenkomsten. Daar waar sprake is van leegstand, draagt de gemeente als eigenaar weer de verantwoordelijkheid voor ook het klein onderhoud. Voor de schoolgebouwen heeft de stichting Katholiek Onderwijs Noordoost-Twente (KONOT) en in een enkel geval stichting Consent, de verantwoordelijkheid over het dagelijks, klein en groot onderhoud. Het dagelijks en klein onderhoud van de gebouwen voor de eigen bedrijfsvoering valt onder de verantwoordelijkheid van de gemeenschappelijke regeling Noaberkracht.

Jaarstukken 2025 I Gemeente Dinkelland

77

1

Wegen Voor het beheer van de wegen gebruiken we de (beeld)kwaliteitscatalogus |openbare ruimte van de CROW en de systematiek Rationeel wegbeheer. Jaarlijks beoordelen we de wegen in kwalitatieve zin met een visuele inspectie. Op basis van de resultaten uit de visuele inspecties en de gewenste kwaliteitsniveaus worden onderhoudsmaatregelen bepaald. Om onderhoudsmaatregelen te prioriteren zijn de arealen onderverdeeld in structuurelementen. Dat zijn wegvakken met een min of meer vergelijkbare gebruiksfunctie. Als structuurelement zijn gebruikt de categorieën Hoofdweg, Buitengebied, Woongebied, Bedrijventerrein en Centrum. Binnen de categorie buitengebied is onderverdeling gemaakt in klassen Standaard, Fietsroute en Extensief (wegen van laagste orde). Binnen Centra is ook de categorie Hot-Spot onderscheiden. Ook is een onderscheid gemaakt naar de aard van de verharding. Gesloten verhardingen als asfalt of beton vergen een geheel andere wijze van onderhoud dan elementenverhardingen en worden daarom afzonderlijk benaderd. Daarnaast is een onderscheid gemaakt naar verhardingsfunctie (rijbaan, fietspad, voetpad en overige (inritten, parkeervakken etc.). Door gebruik te maken van de genoemde indelingen wordt de mogelijkheid geboden om gedifferentieerd om te gaan met kwaliteit voor de verschillende categorieën. Het kwaliteitsniveau is aangeduid tussen niveau A (goed) en D (slecht).

In 2016 hebben we een meerjaren onderhoudsprogramma voor de kapitaalgoederen wegen en kunstwerken vastgesteld. Daarbij is vastgesteld dat we het wegenonderhoud gedifferentieerd gaan uitvoeren op basis van de reeds vermelde functionele indeling van wegen. Daarbij is vastgesteld de hieronder staande kwaliteit te gaan hanteren.

2

3

4

5

6

7

Scenario 3B: Alles C met Hot-spots /centra A en voetpaden B

Gewenste kwaliteit Rijbanen Asfalt

BuitenFietsBedrijven- BuitenHoofd- Woongebied paden/ Centra Hotspot terrein gebied weg gebied extensief recreatief C

C

C

Fietspad

C

C

C

C

A

A

C

C

C

C

C

C

C

C

Voetpaden Overige

Beton

Elementen

Alle

C

C

C

C

Rijbanen

C

C

C

C

C

Kwaliteitsniveau

Elementen

A

C

Voetpaden C Overige

Asfalt/beton

A

Fietspad C

C

C

A

C

A

A

C

B

C

C

A

B

C

D

Aanzien/uitstraling

Hoog

Standaard

Sober

Verloedering

Kapitaalvernietiging

Matig

Nihil

Groot

Zeer groot

Beheerbaarheid

Voldoende

Goed

Matig

Slecht

Veiligheid/ Aansprakelijkheid

Veilig

Grotendeels veilig

Beperkt Veilig

Onveilig

Hinder/Overlast

Nauwelijks

Incidenteel

Regelmatig

Constant

Aanzien/uitstraling

Hoog

Standaard

Sober

Verloedering

Kapitaalvernietiging

Matig

Nihil

Matig

Groot

Beheerbaarheid

Voldoende

Goed

Matig

Slecht

Veiligheid/ Aansprakelijkheid

Veilig

Grotendeels veilig

Beperkt Veilig

Heel onveilig

Hinder/Overlast

Nauwelijks

Incidenteel

Regelmatig

Constant

Bij de keuze voor deze kwaliteitsniveaus horen de effecten zoals weergegeven in de tabel. Het meerjaren onderhoudsprogramma betreft ook de civiele kunstwerken. We hebben in dat programma vastgelegd dat we voor de bruggen en duikers een beheer- en monitoringsprogramma gaan toepassen voor het gepland onderhoud. Op basis van inspecties van de kunstwerken is een onderhouds- en vervangingsprogramma opgesteld. De resultaten van die onderzoeken zijn opgeleverd en de resultaten zijn verwerkt in het onderhoudsbestek. Dit onderhoudsbestek is aanbesteed voor 2025. De onderhoudswerkzaamheden zijn eind 2025 geheel afgerond.

Jaarstukken 2025 I Gemeente Dinkelland

78

1

Openbare verlichting Aan de hand van het beleidsplan ‘Verlichten openbare ruimte’, met daarin uitgangspunten en keuzes voor het beleid, ontwikkelen we plannen voor vervanging en nieuwe plaatsing van openbare verlichting. Sociale veiligheid en verkeersveiligheid spelen daarbij een rol. Ook met milieuaspecten, lichthinder en tegengaan van lichtvervuiling houden we rekening. Het onderhoud van de openbare verlichting is geregeld via een meerjaren onderhoudsbestek met in totaal zes gemeenten. In totaal worden ca. 5.870 lichtmasten en 5.935 armaturen onderhouden. Energiebesparing en duurzaamheidsdoelstellingen behalen we door vervanging van de huidige verlichting door LED verlichting. Inmiddels is 96% van de armaturen voorzien van LED. Riolering In het Water en Riolerings Programma 2025 2030 (WRP) zijn de kaders en het beleid vastgelegd voor het onderhoud en vervanging van de riolering, maar ook voor verbeteringsmaatregelen. Jaarlijks inspecteren we een deel van de riolering. De kwaliteit van de riolering wordt bepaald met een analyse van video-inspecties, waarbij we inspectiecatalogus NEN-EN13508 2 gebruiken. Op basis van geavanceerde degradatie analyses in combinatie met het berekende effect van elk riool op de omgeving en het stelsel, wordt bepaald “wat”, “waar” en “wanneer” uitgevoerd moet gaan worden. Dit alles met het oog op het hoogst haalbare maatschappelijk rendement.

Naast de periodieke (onderhouds)inspecties monitort een hoofdpost dagelijks de werking van het rioolsysteem. Via online monitoring worden storingen en calamiteiten automatisch gemeld. Klimaatatlas In het WRP 2025 2030 is vanwege het Deltaprogramma Ruimtelijke Adaptatie (DPRA) een budget geraamd voor klimaatmaatregelen. In het Deltaprogramma Ruimtelijke Adaptatie 2018 is door gemeenten, waterschappen, provincies en het Rijk de ambitie vastgelegd dat Nederland in 2050 klimaatbestendig en waterrobuust is ingericht. Als eerste stap in dat proces is er in 2019 binnen het Twents waternet een klimaatatlas opgesteld, waarmee de kwetsbaarheden voor weersextremen in beeld zijn gebracht. Deze atlas is de afgelopen jaren geactualiseerd en verbetert. Het Uitvoeringsprogramma Klimaatadaptatie is in 2021 door de gemeenteraad vastgesteld en in het actuele WRP geïntegreerd.

2

3

4

5

6

7

Groen De kwaliteit van groenvoorzieningen wordt primair bepaald op basis van beeldkwaliteit. Hiervoor gebruiken we ook de (beeld)kwaliteitscatalogus Openbare Ruimte van CROW. Deze catalogus wordt toegepast om vast te leggen op welk kwaliteitsniveau het groen wordt onderhouden. Daarmee vormt zij de basis voor het onderhoudsbestek. Maandelijks wordt door middel van steekproeven de kwaliteit van het totale groenareaal beoordeeld. Bij goed en tijdig onderhoud van het groenareaal is geen sprake van kapitaalvernietiging. Cultuurbeplanting heeft echter een eindige levensduur en wordt daarom via cyclische vervanging op kwaliteitsniveau gehouden. Afhankelijk van de locatie heeft de gemeenteraad minimale beeldkwaliteitsniveaus vastgesteld. In het algemeen geldt kwaliteitsniveau C als het gewenste niveau. Uitzondering hierop vormen de zogenoemde hotspots, die worden onderhouden op beeldkwaliteit B. Voor alle bomen, zowel binnen als buiten de bebouwde kom, wordt een wettelijke veiligheidsinspectie uitgevoerd volgens de methode Visual Tree Assessment (VTA). Op basis hiervan wordt bepaald welke onderhoudsmaatregelen noodzakelijk zijn. Deze vormen ook de basis voor het boomonderhoud. Alle bomen in eigendom van de gemeente Dinkelland worden minimaal eens per vier jaar onderhouden en geïnspecteerd.

Afstemming Jaarlijks stemmen we de onderhoudsplannen voor wegen, riolering en groen op elkaar af. Soms is het mogelijk om het onderhoud in technische en/of financiële zin te combineren. Dat heeft de voorkeur wanneer we daarmee ook de effecten voor de omgeving of de samenleving positief beïnvloeden. Gebouwen Het groot onderhoud van de gemeentelijke gebouwen is opgenomen in het door de raad vastgestelde meerjarenonderhoudsplan 2026 2030. Het meerjarenonderhoudsplan is opgesteld conform de systematiek van de NEN 2767 normering (conditiemeting). Conditiescore 1 representeert de nieuwbouwstaat en conditiescore 6 de slechts aan te treffen conditie waarbij het verval onomkeerbaar is. De gemeentelijke gebouwen worden grotendeels in stand gehouden op basis van conditiescore 3. Wij hebben het voornemen om het meerjarenonderhoudsplan iedere vier jaar te actualiseren.

Jaarstukken 2025 I Gemeente Dinkelland

79

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://gemeenteraad.dinkelland.nl/api/v1/meetings/1048/documents/25412