CConstaterende datDen Haag
Koppel je AI →
Document · PDF

RIS325513 Jaarrapportage 2025 Wmo

Algemene Raadscommissie 25 juni 2026, gemeente Den HaagBij agendapunt: Ingekomen bestuurlijke stukken2.425 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Niet gevonden in dit document.

Mariëlle Vavier Wethouder van Armoede, Inclusie, Zorg en Internationale Zaken

Retouradres: Postbus 12600, 2500 DJ Den Haag

Ons kenmerk

Aan de voorzitter van de algemene raadscommissie (Samenleving)

OCW/11044223 RIS325513 Contactpersoon

Colin Crooks en Theo Bovenlander Dienst

Dienst Onderwijs, Cultuur en Welzijn Afdeling

OCW Stad en Bestuur Telefoonnummer

14070 Datum

E-mailadres

9 juni 2026

theo.bovenlander@denhaag.nl

Onderwerp

Jaarrapportage 2025 Wmo

Geachte voorzitter, Inleiding en inhoud Hierbij presenteren wij u de Jaarrapportage 2025 Wmo. Daarin doen wij verslag van de behaalde resultaten in het hele jaar 2025. De jaarrapportage is bij deze brief gevoegd. Voor financiële en budgettaire informatie wordt, zoals gebruikelijk, verwezen naar andere stukken. Bijvoorbeeld de Programmarekening 2024 (RIS321975), de Programmabegroting 2025-2028 (RIS319799) en de Voorjaarsnota 2025 (RIS322212). Hierna geven wij eerst een toelichting op actuele ontwikkelingen (1). Daarna gaan wij in op de toezeggingen (2). 1. Actuele ontwikkelingen 1.1. Trapliften De raamovereenkomsten voor de levering en het onderhoud van Wmo-trapliften liepen af op 1 april 2026. De voorbereiding van de nieuwe inkoop startte begin 2025.1 De nieuwe raamovereenkomst is voor het einde van 2025 opgesteld en ondertekend met drie leveranciers: Otolift Trapliften, Handicare Stairlifts en Smienk Trapliften. Met Otolift Trapliften en Handicare Stairlifts hadden wij al een overeenkomst. Smienk Trapliften is nieuw toegetreden. De raamovereenkomst benadrukt het belang van korte levertijden, kwaliteit, veiligheid en gebruikersvriendelijkheid, en betrouwbare dienstverlening voor de cliënt door goed opgeleid personeel. Er verandert niets voor de cliënten die al een traplift ontvingen vanuit de voorgaande overeenkomst. Zij behouden hun huidige leverancier.

Het onderhoud blijft in handen van die leverancier. Het monitoren en sturen op de contracteisen (zoals levertijden, onderhoud, responstijd bij storing) gebeurt via Contract- en Relatiemanagement (CRM).

1

Zie Collegebesluit ‘Europese aanbesteding Wmo-trapliften’ (RIS322401).

Gemeente Den Haag

Spui 70 Den Haag

Postbus 12600 2500 DJ Den Haag

Telefoonummer 14070 www.denhaag.nl

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

OCW/11044223

1.2. Voorkomen diefstal scootmobielen In de vorige commissiebrief werd u geïnformeerd over de acties die in gang werden gezet om diefstal van scootmobielen te voorkomen.2 We gingen daarmee verder. • In de 1e helft van 2025 werden 281 scootmobielen gestolen en in de 2e helft 125 scootmobielen. Dankzij de GPS-chip werden 39 scootmobielen teruggevonden en weer in gebruik genomen. • Sinds november 2025 ontvangen alle nieuwe Wmo-cliënten een scootmobiel die standaard is uitgerust met een GPS-chip en een extra slot. • In februari 2026 werden 5.166 informatiebrieven verzonden aan Haagse scootmobiel-gebruikers. De brief vermeldt tips wat mensen zelf kunnen doen om het risico op diefstal te verkleinen. Ook wordt een uitleveractie van gratis extra sloten aangekondigd. Verder bevat de brief een uitleg hoe bij de politie aangifte van diefstal kan worden gedaan. Een stappenplan is bijgevoegd (flyer). • In april 2026 startte de uitgifte van de gratis extra sloten door Welzorg en Medipoint. • In Q2 2026 wordt verder onderzocht hoe de terugvind- en pakkans kan worden vergroot bij diefstal. Dat doen wij samen met politie-eenheid Zuiderpark en bureau Heemstraat. 1.3.

Maatschappelijke ondersteuning en welzijn (2028-2035) Op 1 januari 2028 lopen verschillende inkoopcontracten en subsidies af: de contracten voor de Wmomaatwerkarrangementen (hulp bij het huishouden, individuele begeleiding, dagbesteding en beschermd wonen), de subsidieregeling professioneel welzijnswerk, en verschillende subsidieregelingen voor de sociale basis en de maatschappelijke opvang. Momenteel ontwikkelen wij een integraal beleidskader voor meer samenhang en samenwerking. Hiermee geven we (gefaseerd) invulling aan verschillende bewegingen: gebiedsgericht werken, integrale toegang, houdbaarheid van de Wmo, en het versterken van zorgzame buurten en de sociale basis.3 Het integrale beleidskader drijft op 6 uitgangspunten: • de ondersteuning voor kwetsbare inwoners – jong en oud – is tijdig beschikbaar en van goede kwaliteit binnen het beschikbare budget; • we versterken de beweging naar het voorliggend veld. Meer inzet op sociale basis, en daarmee op preventie en vroeg-signalering; • we werken gezinsgericht. Het is essentieel dat de zorgvraag wordt benaderd met een brede (gezinsgerichte) blik. Hierbij werken we in samenhang met het jeugd- en jongerenwerk, de jeugdhulp en de sociale pedagogische basis; • we werken gebiedsgericht.

Omdat de vraag per gebied in onze stad verschilt, moet de dienstverlening daarop aansluiten; • we laten aanvullende zorg beter aansluiten op wat in de directe omgeving van inwoners beschikbaar is in de sociale basis en buurtteams; • we richten het lokale stelsel voor hulp, ondersteuning en welzijn zo eenvoudig en transparant mogelijk in voor onze inwoners.4 Voor het vervolg betrekken wij graag de stad én de raad. Het proces staat beschreven in de aankondiging. Inmiddels is uw raad uitgenodigd voor een technische toelichting. Op 19 mei 2026 vond die bijeenkomst plaats. Toen werd de commissiebrief over de ‘doorontwikkeling Welzijn en Maatschappelijke ondersteuning’ toegelicht. Omdat dit een grootschalige ontwikkeling is voor de komende jaren, zijn de achtergronden toegelicht en hebben de aanwezigen verdiepende, inhoudelijke vragen kunnen stellen. Hierna komt het college met een voorstel zodat uw raad het beleidskader kan vaststellen in Q3 2026. 2

Zie Commissiebrief ‘Halfjaarrapportage 2025 Wmo’ (RIS324224), par. 1.1.

3

Zie Commissiebrief ‘Aankondiging en proces beleidskader maatschappelijke ondersteuning en welzijn (2028–2035)’ (RIS324748).

4

Zie Commissiebrief ‘Doorontwikkeling Welzijn en Maatschappelijke ondersteuning’ (RIS325148).

2/5

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

OCW/11044223

1.4. Landelijke ontwikkelingen Wmo Uw raad wordt op uw verzoek periodiek geïnformeerd over landelijke ontwikkelingen bij de Wmo. Hierna volgen enkele belangrijke actualiteiten. •

VWS-rapport ‘Tijd voor stevige keuzes’ Het Rijk en de VNG hebben samen een beeld neergezet met het Wmo-houdbaarheidsonderzoek. De eindrapportage constateert dat de Wmo buitengewoon sterk wordt beïnvloed en onder druk wordt gezet door ontwikkelingen buiten de invloeds- en werkingssfeer van de maatschappelijke ondersteuning zelf, waar gemeenten slechts gedeeltelijk grip op hebben. Ten eerste wordt de zelfen samenredzaamheid van het individu in belangrijke mate bepaald buiten de zorg. Iemands levensloop, het gebrek aan bestaanszekerheid en het huisvestingsvraagstuk drukken een fors stempel. Ten tweede wordt geconstateerd dat de Wmo regelmatig de rol vervult van stelselondersteunend vangnet. Waar andere domeinen tekortschieten – zoals het openbaar vervoer, de GGZ, ouderenhuisvesting of de eerstelijnszorg – wordt al snel van gemeenten verwacht dat zij als vangnet optreden via de Wmo. Maar die kan deze systeemdruk niet (structureel) oplossen. De aanbevelingen zijn o.a. bewaken van de bestaanszekerheid van alle inwoners. Zorgen voor een afdoende aanbod aan geschikte huisvesting voor ouderen, mensen met een beperking en dakloze mensen. En zorgen dat het voor inwoners transparant is waar, hoe en welke ondersteuning zij kunnen krijgen. Het is aan de landelijke en lokale politiek om keuzes te maken.

5 Inmiddels liet de VNG weten met het nieuwe kabinet in gesprek te gaan over het totaalpakket van voorgestelde maatregelen en de rol van gemeenten in de uitwerking en uitvoering daarvan. 6

•

Huishoudelijke hulp uit Wmo Het Kabinet meldt in het coalitieakkoord niets over de Wmo.7 De budgettaire tabel introduceert wél de maatregel ‘huishoudelijke hulp uit Wmo met vangnet.’ Mensen die dat kunnen gaan zelf betalen. Huishoudelijke hulp als Wmo-maatwerkvoorziening wordt daarom geschrapt vanaf 1 januari 2029. Voor de mensen die niet zelf hulp kunnen regelen, blijft de gemeente daarin voorzien. Het Kabinet boekt een forse besparing in van 435 miljoen euro per jaar. De maatregel wordt de komende tijd nader uitgewerkt door het Ministerie van VWS. Het is nog niet bekend wat de gevolgen zijn van het schrappen van de huishoudelijke hulp uit de Wmo op de maandelijkse lasten van gebruikers.8 Het Rijk is nu aan zet om een invulling te ontwerpen met draagvlak in de samenleving en waarvoor een meerderheid is te vinden in de landelijke politiek.

•

Herinvoeren inkomens- en vermogensafhankelijke eigen bijdrage Wmo (ivb) Ook liet het Kabinet recent weten dat de invoering van de inkomens- en vermogensafhankelijke eigen bijdrage Wmo 2015 (ivb) wordt uitgesteld van 1 januari 2027 naar 1 januari 2028. 9 De eerdere uitname uit het Gemeentefonds wordt teruggedraaid in 2027. Financieel heeft dit geen directe gevolgen voor gemeenten. Dit is de derde keer dat het wetsvoorstel een jaar wordt doorgeschoven.10 De VNG benadrukte daarom onlangs het belang van samenhangend, uitvoerbaar en betaalbaar beleid. Een reële inkomensafhankelijke eigen bijdrage voor de hele Wmo is daarvoor noodzakelijk.11

5

Zie Kamerbrief ‘Eindrapportage Houdbaarheidsonderzoek Wmo 2015’ van 26 november 2025.

6

Zie VNG-beleidsreactie op het Houdbaarheidsonderzoek Wmo van 24 maart 2026.

7

Zie D66, VVD en CDA in coalitieakkoord 2026-2030 ‘Aan de slag. Bouwen aan een beter Nederland’ van 30 januari 2026.

8

Zie Kamerstukken ‘Lijst van vragen en antwoorden over de brief van de informateur mw. R.M. Letschert’ (Kamerstuk 36848-31).

9

Zie Rijksoverheid ‘Voorjaarsnota 2026,’ pag. 17.

10

Zie Rijksoverheid ‘Voorjaarsnota 2023,’ pag. 14 voor de eerste aankondiging van herinvoering met ingang van 2025.

11

Zie VNG-bericht ‘Gemeenten: toekomst van Wmo samen vormgeven’ van 24 maart 2026.

3/5

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

OCW/11044223

•

TSD-rapport over cliëntondersteuning Gemeenten moeten zorgen voor een breed aanbod van cliëntondersteuning. Bijvoorbeeld op het gebied van onderwijs, inkomen, participatie, zorg en jeugd. Uit landelijk onderzoek van Toezicht Sociaal Domein (hierna: TSD) blijkt dat veel inwoners onafhankelijke cliëntondersteuning niet weten te vinden. Dat baseert TSD op het onderzoek in gemeenten en op gesprekken met landelijke patiënten- en cliëntenorganisaties.12 In Den Haag herkennen wij dat beeld. We gaan een duidelijker onderscheid maken tussen cliëntondersteuning en onafhankelijke cliëntondersteuning (OCO), zodat de juiste ondersteuning voor inwoners makkelijker te begrijpen en vindbaar is. Cliëntondersteuning voor inwoners vindt plaats bij de Servicepunten en vanaf 1 januari 2028 bij de buurtteams. OCO behelst het onafhankelijk ondersteunen van inwoners bij het maken van keuzes, het voorbereiden en voeren van gesprekken met gemeente of aanbieders en het versterken van hun rechtspositie binnen het sociaal domein. We werken toe naar OCO als één herkenbare stedelijke functie, expliciet onafhankelijk en gescheiden van toegang, toeleiding, ondersteuning (buurtteams) en zorg binnen de sociale basis. De toekomstige buurtteams wijzen inwoners altijd op het bestaan van OCO, zodat inwoners daar desgewenst gebruik van kunnen maken.

2. Toezeggingen Uw raad wordt hierna geïnformeerd over de afdoening van verschillende toezeggingen. 2.1. Fraudeproeftuinen Tijdens de Wmo-themabespreking in de commissie Samenleving van 12 februari 2026 werd toegezegd om terug te komen op de opvolging van de uitkomsten uit de fraudeproeftuinen. 13 Zoals eerder aangegeven staat het college altijd open voor ervaringen en successen die elders worden geboekt. Daarom onderhouden wij contacten met lokale, regionale en landelijke partners en instanties. Zoals de Proeftuin Aanpak Zorgfraude (Hart van Brabant) en de daarbij behorende VNG-community.14 De ene keer brengen wij vooral onze expertise. Bijvoorbeeld over het screenen en selecteren van Wmoaanbieders. Want toezicht houden op Wmo-aanbieders en handhaven vermindert de kans op uitwassen. Daarom hanteert het college strenge contracteisen (bijv. Bibob-toets, maximaal 5% winst, Haagse pgb kwaliteitstoets). Andere keren halen wij juist ideeën op of leren wij van anderen. Wij dachten mee en stelden vragen, bijvoorbeeld over de mogelijkheden om binnen de privacyregels een samenwerkingsverband op te zetten tussen verschillende gegevensbanken. En een resultaat dat wij overnamen uit de proeftuin is het idee van preventief toezicht door locatiebezoek.

Tijdens de Wmo-themabespreking werd ook gevraagd hoe het college inzet op de bewustwording bij cliënten van veilige zorg en het herkennen van signalen. Allereerst hebben wij in Den Haag een meldpunt waar iedereen vermoedens kan melden van misbruik of fraude met zorg.15 Verder is de verstrekkingsvorm een vast onderdeel van het keukentafelgesprek. Een cliënt kan een persoonsgebonden budget (pgb) toegekend krijgen waarmee hij de mogelijkheid heeft zelf te bepalen bij wie hij de maatwerkvoorziening wil inkopen. Uiteraard toetst het college van tevoren of iemand pgb-vaardig is. Een belangrijk aspect hiervan is dat de budgethouder kan garanderen dat er altijd een veilige situatie is met alle nodige zorg. Dat wordt besproken en ook benoemd in de infographic.16

12

Zie Toezicht Sociaal Domein, ‘Onafhankelijke cliëntondersteuning in de praktijk’ van 26 februari 2026.

13

Toezeggingen commissies, toezegging 1.269 is hiermee afgedaan.

14

Zie VNG-bericht ‘Proeftuin Aanpak Zorgfraude’ van 20 maart 2026.

15

Zie Misbruik of fraude met zorg melden - Den Haag

16

Zie Infographic met toelichting - Checken 10 punten pgb-vaardigheid | Publicatie | Rijksoverheid.nl

4/5

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

OCW/11044223

2.2. Onderzoek bid Europese Vrijwilligershoofdstad Tijdens het debat over de Programmabegroting 2026 (commissie Samenleving, 6 november 2025) werd gevraagd of het college bereid is te onderzoeken of de gemeente kan meedoen met de competitie voor Europese vrijwilligershoofdstad van het jaar. Eerder gaf het college aan hierover nog het gesprek te voeren met stichting PEP Den Haag.17 Dit zijn de uitkomsten van die verkenning: • Wat is de zienswijze van PEP Den Haag? PEP stelt dat Den Haag sterke uitgangspunten heeft voor een mogelijk bid. De stad heeft een in zowel landelijke als Europese context onderscheidende infrastructuur voor vrijwilligerswerk, aangevuld met een internationale profilering via het Engelstalige platform Volunteer The Hague. In combinatie met de omvangrijke lokale vrijwilligersbasis positioneert dit Den Haag gunstig voor een impactvolle strategie die aansluit bij Europese criteria. • Wat kost het organiseren van het jaar? Op basis van door de gemeente geziene data van voorgaande Europese Vrijwilligershoofdsteden zijn de eerste voorzichtige ramingen van de kosten voor Den Haag ingeschat binnen een bandbreedte van 300.000 tot 600.000+ euro exclusief btw na een winnend bid voor het jaar 2029. Daarnaast brengt het maken van het bid zelf ook de nodige additionele kosten met zich mee.

• Wat is de meerwaarde en zijn de vereisten van een bid? Deelname levert Europese zichtbaarheid, erkenning en toegang tot een kennisnetwerk van kandidaten op, inclusief instrumenten om vrijwilligersbeleid te versterken. Een sterk bid vereist aantoonbare aansluiting door gemeentelijk beleid op Europese kaders en een uitgewerkte aanvraag met beleidsanalyse, toekomststrategie, impactplan en actieve deelname aan het Europese kandidatennetwerk. • Afweging en besluit is aan een volgend college. Het college streeft ernaar een besluit te nemen in 2026. Latere besluitvorming kan het beoogde bidjaar verschuiven van 2029 naar 2030. Een bid biedt geen garantie op winst en brengt bij toekenning aanzienlijke kosten met zich mee, met een piek vanaf 2029. Vooruitlopend hierop heeft Den Haag de landelijke afsluiting van het internationaal jaar van de vrijwilliger 2026 verworven, wat landelijke zichtbaarheid biedt en een leerervaring vormt richting een mogelijk bid. Het college beschouwt deze informele toezegging hiermee als afgedaan. Afsluiting Ten slotte hopen wij dat deze jaarrapportage u een goed overzicht biedt van de inzet en resultaten die wij in het jaar 2025 samen met vele maatschappelijke partners en inwoners in de stad hebben geboekt voor de zorg, begeleiding en ondersteuning van de mensen in onze stad die dat nodig hebben.

Wij vertrouwen erop u hiermee voldoende geïnformeerd te hebben.

Met vriendelijke groet, de wethouder van Armoede, Inclusie, Zorg en Internationale Zaken Mariëlle Vavier

17

Zie Commissiebrief ‘Halfjaarrapportage 2025’ (RIS324224), par. 2.6.

5/5

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/17053003/1