RIS317116 Bijlage
Tekst van het document
Halfjaarrapportage 2023
Inhoud Voorwoord .............................................................................................................................................. 3 1. Demografische gegevens .................................................................................................................... 4 2. Wmo in de wijk ................................................................................................................................... 5 2.1 Informele zorg (vrijwilligerswerk en mantelzorg) ......................................................................... 5 2.2. Seniorvriendelijke stad ................................................................................................................. 7 2.3. Haags Ontmoeten ........................................................................................................................ 8 2.4. Eenzaamheid (sociale verbondenheid) ........................................................................................ 9 2.5. Subsidieregeling samen sociaal en vitaal Den Haag .................................................................. 10 2.6. Sociale Kaart Den Haag .............................................................................................................. 11 3.
Wmo in en om eigen huis ................................................................................................................. 12 3.1. Informatievoorziening................................................................................................................ 12 3.2. Klanttevredenheid bij toegang .................................................................................................. 13 3.3. Wmo-meldingen ........................................................................................................................ 14 3.4. Jmo-regisseurs ........................................................................................................................... 14 3.5. Verdeling afgehandelde Wmo-meldingen ................................................................................. 15 3.6. Spreiding doorlooptijden ........................................................................................................... 15 3.7. Werkvoorraad ............................................................................................................................ 16 3.8. Trend Wmo-maatwerkarrangementen ..................................................................................... 16 3.9. Intensiteiten per resultaatgebied .............................................................................................. 16 3.10.
Looptijd indicaties .................................................................................................................... 17 3.11. Persoonsgebonden budget (pgb)............................................................................................. 18 3.12. Soepele overgang van Jeugdwet naar Wmo............................................................................ 18 3.13. Vervoersvoorzieningen ............................................................................................................ 19 3.14. Ritten en klachten AV070 ........................................................................................................ 20 3.15. Hulpmiddelen en woningaanpassingen ................................................................................... 20 4. Wmo met verblijf .............................................................................................................................. 21 4.1. Beschermd en begeleid wonen.................................................................................................. 21 4.2. Wachtlijst beschermd wonen .................................................................................................... 21 4.3. Maatschappelijke opvang .......................................................................................................... 21 5.
Cliëntervaringen bij de Wmo ............................................................................................................ 22 5.1. Klanttevredenheid ..................................................................................................................... 22 5.2. Klachten Wmo............................................................................................................................ 23 5.3. Klachten verdeeld naar behoorlijkheidsnorm ........................................................................... 23 5.4. Bezwaren Wmo .......................................................................................................................... 24
2 HALFJAARRAPPORTAGE 2023 Wmo
Voorwoord Inleiding Voor u ligt de Halfjaarrapportage 2023 Wmo. Hierin wordt verslag gedaan van de behaalde resultaten in de eerste helft van 2023. Voor de financiële informatie wordt zoals gebruikelijk verwezen naar andere stukken. Bijvoorbeeld de voortgangsrapportages kostenbeheersing,1 de raadsmededelingen over de energiecrisis,2 en de Programmarekening 2022 (RIS315244). Wmo is… De wettelijke opdracht aan gemeenten om maatschappelijke ondersteuning te bieden is breed. Dat gaat over het bevorderen van sociale samenhang, mantelzorg en vrijwilligerswerk, toegankelijkheid van voorzieningen, veiligheid, leefbaarheid en het bestrijden van huiselijk geweld (art. 1.1.1 lid 1 Wmo). En ook over het ondersteunen van zelfredzaamheid en participatie van personen met een beperking of psychische of psychosociale problemen (lid 2), en beschermd wonen en opvang (lid 3). Wmo is dus méér dan geïndiceerde maatwerkvoorzieningen alléén. Ook onderwerpen zoals welzijn in de wijk, huiselijk geweld, beschermd wonen en maatschappelijke opvang zijn onderdeel van de Wmo. Indeling rapportage Met ingang van de Jaarrapportage 2022 Wmo (RIS315710) heeft deze rapportage de volgende indeling: 1. Demografische gegevens; 2. Wmo in de wijk; 3. Wmo in en om eigen huis; 4. Wmo met verblijf; 5. Cliëntervaringen in de Wmo.
1 2
Zie bijv. Commissiebrief ‘Tweede voortgangsrapportage kostenbeheersing Wmo en Jeugd 2022’(RIS314510). Zie bijv. Raadsmededeling ‘Vervolgaanpak energieproblematiek Gemeente Den Haag’ (RIS316715).
3 HALFJAARRAPPORTAGE 2023 Wmo
1. Demografische gegevens
4 HALFJAARRAPPORTAGE 2023 Wmo
2. Wmo in de wijk 2.1 Informele zorg (vrijwilligerswerk en mantelzorg) Mantelzorgers en vrijwilligers vormen een onmisbaar onderdeel van de Haagse samenleving. Of het nu meehelpen bij het inpakken van voedselpakketten bij de voedselbank is, of een jongere die naast een drukke studie zorgt voor haar chronisch zieke vader, ze zetten zich belangeloos in voor een ander. In de eerste helft van 2023 heeft het college, in aanloop naar nieuw beleid, acties uitgevoerd als onderdeel van o.a. het in 2023 aflopende actieprogramma ‘Goed voor Elkaar’ (RIS307795). Zo is gesproken met het Platform Mantelzorgbelang Den Haag, de Cliëntenraad Sociaal Domein en andere partners om het te hebben over het mantelzorgpamflet van het platform. De opbrengst van deze gesprekken wordt meegenomen in het nieuwe beleid. In de tweede helft van 2023 worden nadere gesprekken gevoerd, onder meer met de belangrijkste partners op het gebied van vrijwilligerswerk. In de eerst helft van 2023 zijn de volgende resultaten bereikt op het gebied van informele zorg. Waardering en erkenning van mantelzorgers en vrijwilligers Mantelzorgers en vrijwilligers verdienen waardering en erkenning voor wat zij voor naasten en de stad doen. Hiervoor kent de gemeente, naast dat vrijwilligers vaak al bedankt worden door hun eigen organisatie, tal van waarderingsinstrumenten.
Één daarvan is het waarderingsprogramma voor mantelzorgers en vrijwilligers. Nadat het waarderingsprogramma voor vrijwilligers en mantelzorgers per 1 augustus 2023 weer werd opengesteld, ontvingen wij in korte tijd veel aanvragen. Eind augustus waren dit er 19.000 en op 4 september 2023 waren dit er 38.442. Voor 2023 hadden we in de begroting rekening gehouden met 1 miljoen euro aan uitgaven. Met een totaal van 2,55 miljoen euro aan blijken van waardering is deze raming ruimschoots overschreden. Dit wordt gedekt uit onderbesteding op overige zorgactiviteiten. Mede door evaluatie en onderzoek naar het waarderingsprogramma in voorgaande jaren, is de voorziening voor het aanvragen van waardering laagdrempelig opgezet. Er is in korte tijd massaal gebruik gemaakt van de mogelijkheid om waardering aan te vragen. Dit maakt dat binnen een maand het budget op was voor 2024. Gedurende de openstelling zijn een aantal signalen ontvangen van oneigenlijk aanvragen van de waardering. Door de laagdrempelige opzet is bij de aanvraag niet te achterhalen in hoeverre de aanvrager als vrijwilliger of mantelzorger recht heeft op de waardering. Daar waar het gaat om dubbele aanvragen, is hierop direct actie ondernomen om dit te herstellen. Vanwege de overschrijding van het beschikbare budget en deze onzekerheid over de rechtmatigheid van de uitgaven is de aanvraagmogelijkheid offline gehaald.
Voor 2024 wordt de mogelijkheid weer live gebracht waarbij gekeken wordt naar meer waarborgen. 3 Hierna volgt een overzicht van het aantal mantelzorgers en vrijwilligers die zich aanmeldden voor het waarderingsprogramma.
3
Zie Raadsmededeling “Oneigenlijk gebruik waarderingsprogramma mantelzorgers en vrijwilligers” (RIS317006) van 3 november 2023.
5 HALFJAARRAPPORTAGE 2023 Wmo
* Peildatum 30 augustus 2023
Ondersteuning van maatschappelijke (vrijwilligers)organisaties Om een fijne en veilige omgeving te realiseren waarin vrijwilligers iets doen voor een ander, is het nodig dat vrijwilligersorganisaties de juiste kennis en kunde hebben om deze randvoorwaarden te kunnen bieden. In de eerste helft van 2023 heeft PEP Den Haag zich hierbij weer ingezet voor de ondersteuning van maatschappelijke initiatieven. PEP biedt Haagse maatschappelijke organisaties kosteloos advies, ondersteuning en training op de thema’s vrijwilligerswerk, emancipatie/diversiteit en mantelzorg. Dat doet zij met haar accounthouders in de acht stadsdelen. Het doel van PEP is organisaties te versterken en het onderling samenwerken en verbinden van organisaties te bevorderen. In de eerste helft van 2023 zijn de volgende resultaten bereikt: • PEP heeft een verdere focus op advies en ondersteuning aangebracht in haar dienstverlening. In de eerste helft van 2023 heeft PEP 690 keer advies of ondersteuning aan maatschappelijke organisaties geboden. Dat is een toename van ruim 60% in vergelijking met de eerste helft van 2022; • In meer dan de helft van de gevallen ging het over de onderwerpen financiën (vooral ondersteuning bij het aanvragen van subsidies en fondsen) en vrijwilligers (het vinden van en het begeleiden); • Een toename is zichtbaar bij vragen over het verbinden van organisaties met het bedrijfsleven.
PEP maakt hierbij als onderdeel van een pilot verbindingen tussen maatschappelijke organisaties en opdrachtnemers van de gemeente die moeten voldoen aan een Social Return On Investment (SROI) verplichting; • In de eerste helft van 2023 zijn 11 organisaties door PEP gecertificeerd op het gebied van goed vrijwilligersbeleid; • PEP biedt via de Den Haag Doet Vrijwilligersacademie trainingen en workshops voor Haagse vrijwilligers, vrijwillige bestuurders en coördinatoren. 52 trainingen van PEP trokken 886 deelnemers. 22 externe aanbieders hebben in de eerste helft van het jaar 131 trainingen geplaatst; • Via de online vacatureplatforms van PEP (Den Haag Doet en Volunteer The Hague) kwamen tot en met juni 2023 minimaal 1.725 matches tussen aspirant vrijwilligers en vrijwilligersvacatures van vrijwilligersorganisaties tot stand; • In mei 2023 organiseerde PEP het The Hague Mix & Match Event om de internationale inwoners van Den Haag te enthousiasmeren voor vrijwilligerswerk en organisaties te wijzen op het grote potentieel dat deze groep vrijwilligers kan bieden. Dit trok ruim 300 internationals en ca. 30 maatschappelijke organisaties; • De gemeente maakte procesafspraken met PEP waarbij participatieklanten een brief van de gemeente ontvangen met meer informatie wanneer een vrijwilligersmarkt in hun stadsdeel wordt georganiseerd.
Inclusieve en diverse mantelzorgondersteuning Om het welbevinden van mantelzorgers op peil te houden en overbelasting en uitval van mantelzorgers te voorkomen, ondersteunt het college mantelzorgers. De ondersteuningsbehoefte van een mantelzorger hangt van verschillende factoren af. De behoefte is ook afhankelijk van de zorg en ondersteuning die de mantelzorgontvanger krijgt. Dat ondersteuning nodig blijft, blijkt uit de cijfers van de stadsenquête. Er is een forse groep mantelzorgers die zich op een wijze belast voelt.
6 HALFJAARRAPPORTAGE 2023 Wmo
Bron: Stadsenquête 2022. Cijfers 2021 ontbreken vanwege corona.
Vanuit de Subsidieregeling ‘Samen sociaal en vitaal’ worden meerdere activiteiten gesubsidieerd om mantelzorgers te ondersteunen. Er zijn activiteiten voor verschillende doelgroepen: mensen met een beperking, ouderen met GGZ-problematiek ontlasten via bijvoorbeeld maatjesprojecten, lotgenotencontact en psycho-educatie (een vorm van ondersteuning die zich niet alleen richt op het geven van informatie over een bepaalde ziekte, bijvoorbeeld dementie, maar die zich ook richt op de psychische en sociale gevolgen van de ziekte). Een voorbeeld is het project OpenJeHart/Mantelkring van LWPC. Met de campagne ‘Bakkie Aandacht’ wordt met een rijdende huiskamer (SRV-wagen) verschillende stadsdelen aangedaan. In de eerste helft van 2023 zijn ruim 30.000 flyers verspreid en 5.000 gesprekken gevoerd in en rondom de bus en door middel van huis-aan-huis aanbellen. Er is een ook telefonisch ‘Aandachtscentrum’ voor mantelzorgers ingericht. Er worden 305 mensen regelmatig gebeld voor een luisterend oor en ondersteuning. Ook heeft het college het mogelijk gemaakt om gericht ondersteuning aan te bieden voor mantelzorgers die zorgen voor een gezinslid met een beperking. Via VTV Thuismaatjes worden maatjes ingeschakeld voor gezinsleden met een beperking, maar ook voor zelfstandig wonende jongeren en volwassenen met een beperking.
Een maatje gaat bijvoorbeeld wandelen waardoor de mantelzorger even iets voor zichzelf kan doen en op adem kan komen. Verder kunnen Hagenaars een parkeervergunning voor mantelzorgers aanvragen wanneer zij in een gebied wonen waar betaald parkeren geldt. Zo kunnen hun mantelzorgers en verzorgers bij hen parkeren zonder te hoeven betalen. Er zijn in de eerste helft van het jaar 1.157 parkeervergunningen voor mantelzorgers aangevraagd. Informatievoorziening mantelzorgers en vrijwilligers(organisaties) Het is belangrijk dat Haagse mantelzorgers gemakkelijk informatie kunnen vinden die hen helpt bij hun inzet als mantelzorger. Daarom zorgt het college dat alle informatie en het bijbehorende aanbod samenkomt op de website van de gemeente. Hier is deze zomer een start mee gemaakt. Samen met belangenorganisaties en ervaringsdeskundigen breidt het college dit verder uit gedurende de tweede helft van het jaar. Door deze website als uitgangspunt te houden, is er één centrale plek voor informatie voor alle bewoners. En is het ook duidelijk wat de Gemeente Den Haag doet om mantelzorgers te ondersteunen. Een aparte website voor dit aanbod zoals denhaagmantelzorg.nl is lastiger vindbaar en verwarrend voor bewoners. Uit de stadsenquête over de informatievoorziening voor mantelzorgers blijkt dat het overgrote deel van de Hagenaars niet bekend is met deze website (83%).
Op het gebied van vrijwilligerswerk heeft het college vergelijkbare stappen gezet. Alle pagina’s op denhaag.nl die over vrijwilligerswerk gaan, zijn in samenspraak met PEP geactualiseerd.
2.2. Seniorvriendelijke stad Het college zet zich met het actieprogramma ‘Seniorvriendelijk Den Haag’ (RIS307178) in voor Haagse senioren. Met dit actieprogramma maakt het college senioren mogelijk om op hun eigen manier mee te kunnen blijven doen en van betekenis te zijn voor de stad. In de eerste helft van 2023 zijn de volgende resultaten bereikt: • De Ouderenmonitor 2023 (RIS316022) is op 4 juli aangeboden aan de raad. De ouderenmonitor biedt actuele informatie over Haagse senioren. Het college gebruikt de ouderenmonitor om nieuw beleid te
7 HALFJAARRAPPORTAGE 2023 Wmo
•
•
•
•
• •
•
ontwikkelen. Als input voor nieuw beleid hebben er daarnaast 5 stadsgesprekken plaatsgevonden met in totaal 41 senioren om op te halen wat zij belangrijk vinden voor een seniorvriendelijk Den Haag. Vanaf 2023 worden er jaarlijks valpreventiemiddelen vanuit het Rijk beschikbaar gesteld voor gemeenten. Er is gewerkt aan een integrale valpreventie-aanpak 2024-2026, deze aanpak is geland in de Haagse Preventieaanpak (RIS316587) en bevat onder andere interventies op het gebied van bewegen, gezonde voeding en het toegankelijk maken van de buitenruimte. Voor 2023 worden deze middelen gebruikt om de valpreventie-trainingen uit te breiden. Zo worden de trainingen sinds dit jaar in elk stadsdeel aangeboden. In de eerste helft van 2023 zijn 21 groepen aan de valpreventietraining gestart, met een totaal van meer dan 300 deelnemers (in 2022 waren er 300 deelnemers in het gehele jaar). Deelnemers boekten positieve resultaten op het gebied van balans, kracht en mobiliteit. Op 29 juni vonden de Haagse Vitaliteitsspelen plaats, een sport- en beweegevenement voor 50-plussers. Op de vitaliteitsspelen konden 50-plussers verschillende beweegactiviteiten uitproberen, hun gezondheid laten controleren en nieuwe organisaties leren kennen. Op initiatief van de Raad (RIS312535) is er een rollatorloop als onderdeel van Vitaliteitsspelen georganiseerd.
Deelnemers konden met een rollator 400 of 800 meter op de atletiekbaan afleggen. Er hebben 375 deelnemers aan de Haagse Vitaliteitsspelen deelgenomen, waaronder 30 senioren aan de rollatorloop. In de eerste helft van 2023 hebben 220 burgers zich geregistreerd bij het Centrum Groepswonen als belangstellenden voor het wonen in een voor collectieve woonvorm. Het Centrum Groepswonen heeft verschillende woongroepen ondersteund bij het vinden van nieuwe bewoners. Er lopen verschillende gesprekken om de mogelijkheden te verkennen om een woongroep op te richten in nieuwbouw of herontwikkelingsprojecten. Er is gestart met de ontwikkeling van de woonzorgvisie bij Dienst Stedelijke Ontwikkeling. Vanuit Dienst Onderwijs, Cultuur en Welzijn heeft adviesbureau Companen de opdracht gekregen om een woonzorganalyse uit te voeren. Deze analyse brengt de woonzorgbehoefte van verschillende zorgdoelgroepen, waaronder senioren, in kaart en vormt de basis voor de woonzorgvisie die elke gemeente verplicht dient op te stellen. 107 ouderensociëteiten hebben subsidie ontvangen voor het organiseren van activiteiten voor en door senioren op regelmatige basis (minimaal 26 keer per jaar). Er is gestart met het aanbieden van scholing over dementie aan Wmo-casemanagers.
Het doel hiervan is dat casemanagers de signalen van dementie beter leren herkennen en beter in staat zijn om iemand goed door te verwijzen, zodat iemand de juiste hulp en ondersteuning tijdig ontvangt. Het college heeft een opdracht uitgezet om het informatieaanbod voor senioren te verbeteren, zodat zij zich beter kunnen voorbereiden op het ouder worden. Eerst vindt een analyse plaats van de informatie die senioren ontvangen vanuit de gemeente en andere organisaties. Op basis van deze analyse wordt het aanbod verbeterd, zodat senioren en hun mantelzorgers toegang hebben tot informatie om te weten wat ze nodig hebben om prettig zelfstandig ouder te worden in Den Haag.
2.3. Haags Ontmoeten De activiteit 'Haags Ontmoeten' is onderdeel van het genoemde actieprogramma 'Seniorvriendelijk Den Haag’ (RIS307178). Haags Ontmoeten is dé plek in de wijk waar zelfstandig wonende senioren met regieverlies en hun mantelzorgers vrij binnen kunnen lopen. Het is een plek om te ontmoeten, ervaringen te delen en te ontspannen. Daarnaast worden op de Haag Ontmoeten-locaties activiteiten aangeboden die fysiek en mentaal prikkelend zijn. Senioren kunnen daardoor langer zelfstandig thuis wonen en meedoen in de samenleving, zonder dat direct een maatwerkvoorziening nodig is. In de eerste helft van 2023 zijn de volgende resultaten bereikt: • Het aantal Haags Ontmoeten locaties staat op 56. • Op basis van het doorontwikkeltraject, dat in 2022 heeft plaatsgevonden, is er gewerkt aan een rechtmatige en duurzame financieringssystematiek voor Haags ontmoeten. Dit heeft geresulteerd in de Subsidieregeling Haags Ontmoeten 2023 (RIS315531). Met de nieuwe subsidieregeling kan het college meer sturen op een evenwichtigere verdeling van locaties over de stad. De subsidieregeling bevat twee aanvraagmomenten voor Haags Ontmoeten. Het eerste aanvraagmoment is voor de jaarsubsidies van Haag Ontmoeten voor het volgende jaar. Het tweede aanvraagmoment is voor het openen van nieuwe locaties of aanvullende openingsuren als daar gedurende het jaar behoefte aan blijkt.
De subsidieregeling is tot stand gekomen in consultatie met de partners in de stad.
8 HALFJAARRAPPORTAGE 2023 Wmo
•
Er is extra ingezet op communicatie voor Haags Ontmoeten. Er is een nieuw communicatiebureau aangesteld en een nieuwe huisstijl ontwikkeld. Er wordt gewerkt aan nieuwe communicatie-uitingen met als doelstellingen het beter bekendmaken van Haags Ontmoeten en het Haags Ontmoeten-aanbod.
Haags Ontmoeten biedt wekelijks activiteiten. Veruit de meeste deelnemers komen wekelijks deelnemen aan de activiteiten op een of zelfs meerdere locaties. Per kwartaal worden deelnemers die wekelijks gebruikmaken van het aanbod slechts 1 keer meegeteld (unieke bezoeker). Het aantal deelnemers dat per dag of per week deelneemt aan activiteiten is dan ook hoger dan de kwartaalcijfers laten zien.
2.4. Eenzaamheid (sociale verbondenheid) Het actieprogramma ‘Met z’n allen niet alleen’ (RIS301657) vormt de basis voor de Haagse aanpak Eenzaamheid. Hierbij zijn de daarin genoemde persona's van groot belang. De persona's bestaan hoofdzakelijk uit vijf hoofdgroepen, o.a. kwetsbare ouderen, mantelzorgers, alleenstaande jonge ouders, kwetsbare jongeren 18-27/30 jaar en 30-plussers met diverse belastende factoren, zoals o.a. armoede/schulden, GGZ, een migratieachtergrond en chronische aandoeningen. In de dagelijkse praktijk is de term ‘sociale verbondenheid’ vaak aan de orde, om een positieve invulling te geven aan de gespreksvoering rond eenzaamheid. In de eerste helft van 2023 zijn de volgende resultaten bereikt: • In de eerste helft van 2023 was de communicatie vooral gericht op het verminderen van zomereenzaamheid bij kwetsbare inwoners, vooral 55-plussers. Er verscheen een editie ‘Zomers ontmoeten,’ een ruime bijlage van de Stadskrant. Hierin een scala aan activiteiten ter inspiratie. • Het aantal subsidiepartners dat bijdraagt aan de aanpak van eenzaamheid is ten opzichte van het jaar 2022 toegenomen, waaronder een aantal migrantenorganisaties die zorgen voor vertrouwdheid bij hun
9 HALFJAARRAPPORTAGE 2023 Wmo
•
•
•
deelnemers vanwege eenzelfde achtergrond en culturele denkwijze. Ook is er een ruim aanbod voor kwetsbare ouderen en kwetsbare inwoners vanaf 30 jaar die meerdere belastende factoren ervaren. Voor jongeren van 18-27/30 jaar, zijn er initiatieven zoals Maatschappelijke Diensttijd. De Liefste Straat Verkiezing vond plaats in het voorjaar, waarbij Spoorwijk de prijs ontving in aanwezigheid van ruim 200 gangmakers, buren en samenwerkingspartners van Lief en Leed Straten. Deze organisatie is gericht op het versterken van buurtnetwerken, zodat eenzame inwoners ook in hun eigen buurt hun eigen contacten aangaan of versterken. De leidinggevenden van de Wmo-thuishulporganisatie hielpen bij de voorbereiding van een maatwerktraining ‘Signaleren eenzaamheid.’ Nadat in september 2022 bleek dat de reguliere training onvoldoende aansloot, werd samen met de docent gezocht naar een passende oplossing. De training zal in het najaar 2023 plaatsvinden. Hierbij is ook aandacht voor de coachende rol die de leidinggevenden van de thuishulpen hebben bij het signaleren van eenzaamheid. Vanaf 2023 zijn er jaarlijks middelen vanuit het Rijk beschikbaar gesteld voor gemeenten voor het verminderen van eenzaamheid. Er wordt gewerkt aan een versterking van de integrale Haagse aanpak eenzaamheid 2024-2025.
Bij deze aanpak worden meerdere partners betrokken, onder meer intern op het gebied van de Wijkaanpak zodat eenzaamheid nog meer in de directe nabijheid van inwoners kan worden aangepakt.
2.5. Subsidieregeling samen sociaal en vitaal Den Haag Voor subsidiejaar 2023 is voor de financiering van organisaties met activiteiten voor mantelzorgers, vrijwilligers, thuiswonende senioren en mensen met een beperking opnieuw de Subsidieregeling samen sociaal en vitaal Den Haag 2022 ingezet. Als belangrijkste uitvoeringsinstrument van de sociale basis is hiermee voor subsidiejaar 2023 ruim 4,8 miljoen euro subsidie verleend aan 83 subsidierelaties. De samenstelling van organisaties is divers, zo worden ook activiteiten aangeboden voor Haagse inwoners met een Afrikaanse, Poolse en Chinese achtergrond. In de eerste helft van 2023 zijn de volgende resultaten bereikt: • Januari 2023: Evaluatie met de stad en intern t.b.v. aanpassingen 2024. Op verzoek van de Cliëntenraad Sociaal Domein Den Haag is de subsidieregeling voor het lopende subsidiejaar 2023 zo snel mogelijk geëvalueerd samen met de stad. Op 23 januari waren ongeveer 90 mensen uit wel- en niet-gesubsidieerde organisaties met ouderen, vrijwilligers, mantelzorgers, en mensen met een beperking als doelgroep aanwezig bij de evaluatiebijeenkomst. • Over het algemeen waren de aanwezigen tevreden over de wijzigingen die het afgelopen jaar zijn doorgevoerd en over de communicatie tijdens het proces.
Wel werd vaak de behoefte gehoord tot het eerder communiceren van de regeling en de formulieren en het verduidelijken van termen in de regeling. • Maart-juni 2023: Totstandkoming nieuwe regeling. Na de evaluatie is besloten om voor subsidiejaar 2024 opnieuw de Subsidieregeling samen sociaal en vitaal in te zetten en deze aan te passen aan de hand van de uitkomsten van de evaluatie met de stad en interne evaluatiepunten. De bestaande regeling is in de kern gehandhaafd en er zijn op basis van de interne en externe evaluatie verschillende verbeterpunten doorgevoerd. Zo is het proces vereenvoudigd, zijn de aanvraagtermijnen verruimd en zijn de subsidieplafonds verhoogd. Het resultaat is de Subsidieregeling samen sociaal en vitaal Den Haag 2023 (RIS315437) voor het komende subsidiejaar 2024. • Een belangrijke en veelgevraagde wijziging is dat in de Subsidieregeling samen sociaal en vitaal voor subsidiejaar 2024 nu mogelijk is om subsidie voor vrijwilligersvergoeding en onkostenvergoeding aan te vragen. Dit heeft het college voor het komende subsidiejaar op proef mogelijk gemaakt. Deze proef wordt in het najaar geëvalueerd. Op basis daarvan wordt besloten of en op welke manier kosten voor vrijwilligers in verdere jaren worden gesubsidieerd. De optie voor het aanvragen van onkostenvergoeding en vrijwilligersvergoeding is door organisaties positief ontvangen.
• Een andere verandering die het college heeft gerealiseerd, is het integreren van de in het najaar aflopende Subsidieregeling stimuleren vrijwilligerswerk informele zorg Den Haag 2021 (RIS307479) in de Subsidieregeling samen sociaal en vitaal Den Haag 2023 (RIS315437). Dit versimpelt de aanvraagmogelijkheid, verkleint het aantal regelingen en maakt gebruik van de grote bekendheid van de bestaande regeling. • Na het vaststellen van de regeling door het college, half mei 2023, vond een grote informatiebijeenkomst plaats. Ruim 100 geïnteresseerden namen deel en werden meegenomen door de regeling en het proces.
10 HALFJAARRAPPORTAGE 2023 Wmo
•
Opvallend was dat organisaties zich positief uitspraken bij de bijeenkomst over de nieuwe regeling en de communicatie over de regeling. Voor en na de bijeenkomst zijn organisaties, wanneer zij dat wensten, ook regelmatig geïnformeerd via een nieuwsbrief. Op 19 juni 2023 is de aanvraagtermijn voor jaarsubsidies tussen de 45.000 euro en 400.000 euro geopend. Het college heeft tot het sluiten van de aanvraagtermijn in deze categorie 44 aanvragen ontvangen. De tweede helft van 2023 staat in het teken van het beoordelingsproces, ook van de andere categorieën subsidie waarvoor dan de aanvraagtermijn opent.
2.6. Sociale Kaart Den Haag De Sociale Kaart (te vinden via www.socialekaartdenhaag.nl) is de gemeentelijke wegwijzer naar activiteiten, ondersteuning en zorg in Den Haag. De Sociale Kaart is gemaakt voor Haagse inwoners en voor professionals zoals zorg- en hulpverleners. De Sociale Kaart wordt gemaakt door de gemeente en Haagse organisaties. De Sociale Kaart Den Haag wordt beheerd door de redactie in samenwerking met organisaties en professionals in de stad. Inmiddels zijn er 3.442 organisaties aangesloten. Deze organisaties hebben afgelopen maanden een verzoek gekregen om te laten weten of hun gegevens nog up-to-date zijn. De redactie controleert zelf ook proactief of de informatie nog klopt. In de eerste helft van 2023 zijn de volgende resultaten bereikt: • In de eerste helft van 2023 hebben 109.920 mensen gebruikgemaakt van de Sociale Kaart. Bijvoorbeeld om te zoeken naar een organisatie of dienst bij hen in de buurt; • Dit is een stijging van 33 procent in vergelijking met het de eerste helft van het jaar 2022; • Dezelfde periode stond ook in het teken van de doorontwikkeling van de Sociale Kaart. Binnenkort krijgt de Sociale Kaart weer een update. Met deze update wordt het zoeken en de toegankelijkheid van de website verder verbeterd. Dit zal het voor bezoekers nog makkelijker maken om diensten of organisaties in hun wijk, stadsdeel of stad te vinden.
De update maakt het ook mogelijk om nieuwsitems op de Sociale Kaart te plaatsen. Zo kan het college bezoekers gericht informeren over de thema’s die spelen in de stad.
11 HALFJAARRAPPORTAGE 2023 Wmo
3. Wmo in en om eigen huis 3.1. Informatievoorziening Voordat er sprake is van een Wmo-melding kunnen Hagenaars al op verschillende manieren informatie krijgen of om hulp vragen. Digitaal via de gemeentelijke website of social media (‘click’) of door te bellen naar de Klantenservice SZW (‘call’). Inwoners die bij een fysiek loket langs willen, kunnen naar het Servicepunt XL in de buurt (‘face’). Daar kunnen zij terecht met al hun vragen en krijgen zij informatie en advies op het brede terrein van zorg en ondersteuning, wonen, werk en inkomen. Veel vragen worden meteen beantwoord of opgelost door de inzet van algemeen maatschappelijke ondersteuning of vrij toegankelijke voorzieningen.4 Voor Wmo-vragen en meldingen zijn Wmo-casemanagers aanwezig op het Servicepunt XL.
Telefonische informatievoorziening In de eerste helft van 2023 werden ruim 26.700 telefoontjes over Wmo-onderwerpen centraal ontvangen bij de Klantenservice SZW. Dit is op hetzelfde niveau vergeleken met 2022.
Cliëntondersteuning Het aantal enkelvoudige informatie- en adviesvragen op de Servicepunten XL lag in de eerste helft van 2023 lager dan in 2022. De oorzaak van deze daling is het hoge aantal vragen dat in de eerste helft van 2022 werd ontvangen naar aanleiding van de invoering van de regeling Energietoeslag. Daarnaast neemt de complexiteit van de adviesvragen toe, waardoor meer inwoners vaker direct cliëntondersteuning ontvangen.
4
Zie voor een overzicht bijv. de Sociale Kaart van Den Haag.
12 HALFJAARRAPPORTAGE 2023 Wmo
Het aantal inwoners dat in de eerste helft van 2023 cliëntondersteuning ontving is aanzienlijk hoger dan in 2022. Trajecten voor cliëntondersteuning duren vanwege de complexer wordende problematiek, veelal van ouderen, vaker langer dan gemiddeld (10 uur). Ook neemt het aantal kortdurende trajecten toe vanwege het feit dat inwoners vaker meer dan één afspraak nodig hebben.
3.2. Klanttevredenheid bij toegang De Customer Effort Score (CES) wordt standaard uitgevraagd zodra de cliënt het Wmo-advies ontvangt. Dan wordt gevraagd hoe makkelijk het was om de hulpvraag te stellen. Door de overstap naar een nieuw automatiseringssysteem werd de uitvraag tijdelijk gestaakt. Inmiddels is de uitvraag weer opgestart. In 2023 (tot en met september) vond 62% dat (erg) makkelijk (2022: 57%). Het aantal respondenten was 87.
13 HALFJAARRAPPORTAGE 2023 Wmo
3.3. Wmo-meldingen In de eerste helft van 2023 werden 13.002 Wmo-meldingen ontvangen. Dit ligt op hetzelfde niveau als in de vergelijkbare periode in het vorige jaar (1e helft 2022: 13.792). En er werden 13.840 Wmo-meldingen afgehandeld (1e helft 2022: 13.282).
3.4. Jmo-regisseurs In het sociaal domein werken professionals vaak op basis van verschillende regels en wetten met elkaar samen voor hetzelfde gezin. Als professionals vastlopen kan de Jmo-regisseur worden ingeschakeld. Die zoekt de juiste professionals bij elkaar om samen een gedragen oplossing te vinden. Komt het probleem vaker voor? Dan kunnen Jmo-regisseurs voorstellen om samenwerkingsafspraken, werkprocessen en/of beleid te ontwikkelen of aan te passen (= organisatie-leren). Herkomst van signalen In de eerste helft van 2023 kwamen de meeste signalen van het Centrum voor Jeugd en Gezin (82x), Gecertificeerde Instellingen (74x), zorgaanbieders (26x) en het Daklozenloket (21x). Vaak naar aanleiding van een ingediende Wmo-meldingen, maar ook tijdens de ondersteuning. Voorbeeld van organisatie-leren De Jmo-regisseurs ontvingen diverse casussen over kwetsbare dakloze mensen (jongeren, lhbtqia+, ernstig zieken). Daar speelde naast een acute behoefte aan opvang óók een verhoogd risico op het gebied van de persoonlijke veiligheid. Door de druk op de maatschappelijke opvang en omdat die kan werken met wachtlijsten konden zij niet regulier geplaatst worden. Als maatwerkoplossing werden steeds samen met het Doorbraaklab tijdelijke opvangplekken geregeld en gefinancierd. Inmiddels zijn deze bijzondere situaties toegevoegd aan, en geborgd in het primaire proces van het Daklozenloket.
14 HALFJAARRAPPORTAGE 2023 Wmo
3.5. Verdeling afgehandelde Wmo-meldingen In de eerste helft van 2023 leidde 68% van de afgehandelde meldingen tot een Wmo-maatwerkvoorziening en 32% tot een advies met een oplossing in het voorliggend veld (zoals de wijkbus of Haags Ontmoeten), in het sociaal netwerk of de eigen kracht. Vanwege de overgang naar een nieuw ICT-systeem is dit niet goed te vergelijken met 2022 omdat toen het resultaat “overig” nog mogelijk was.
3.6. Spreiding doorlooptijden In de eerste helft van 2023 zijn 13.840 Wmo-meldingen afgehandeld. De boxplot toont de spreiding van deze meldingen ten opzichte van de wettelijke doorlooptijd van melding tot advies van 42 dagen (rode stippellijn) en de gemiddelde doorlooptijd per maand (grijze vlak). Ieder kwartiel staat voor 25% van de afgehandelde meldingen. De gemiddelde doorlooptijd steeg licht naar 68 dagen in 2022 (2022: 65 dagen). Zie verder de Commissiebrief bij deze halfjaarrapportage voor de actuele stand van zaken van de wachtlijsten en doorlooptijden.
15 HALFJAARRAPPORTAGE 2023 Wmo
3.7. Werkvoorraad Op 30 juni 2023 was de werkvoorraad met bijna 18 procent fors gedaald naar 4.080 Wmo-meldingen (31 december 2022: 4.955). Zie ook par. 1.3 van de Commissiebrief bij deze halfjaarrapportage voor de actuele stand van zaken van de werkvoorraad.
3.8. Trend Wmo-maatwerkarrangementen Deze grafiek geeft de trend weer in het aantal lopende Wmo-maatwerkarrangementen (mwa’s) in 2023. Het aantal indicaties daalde, net als vorig jaar in dezelfde periode, licht en stond halverwege het jaar op 23.973.
3.9. Intensiteiten per resultaatgebied Deze tabellen vermelden het aantal lopende indicaties voor Wmo-maatwerkarrangementen op de peildatum. In de tabel voor de eerste helft 2023 is door middel van de kleur van het veld aangegeven of er sprake is van een toename (groen) of daling (oranje) ten opzichte van eind 2022. De veranderingen lijken normale fluctuaties. Het aantal indicaties bij hulp bij huishouden, sociaal en persoonlijk functioneren en dagbesteding liggen medio 2023 weliswaar lager dan eind 2022, maar zijn óók allemaal hoger dan medio 2022.5
5
Halfjaarrapportage 2022 Wmo (RIS313783) vermeldt in tabel 11 het aantal indicaties op 30 juni 2022. Hulp bij huishouden 13.326, sociaal en persoonlijk functioneren 5.121, en dagbesteding 1.352.
16 HALFJAARRAPPORTAGE 2023 Wmo
3.10. Looptijd indicaties Deze tabel vermeldt de gemiddelde indicatieduur voor huishoudelijke hulp. Uitgangspunt is om beschikkingen voor mensen met een niet-tijdelijke, levenslange beperking bij voorkeur meerjarig af te geven. Dit uitgangspunt geldt met name voor indicaties voor huishoudelijke hulp omdat bij andere indicaties zoals begeleiding geldt dat de situatie in de regel niet stationair is. Deze maatwerkvoorzieningen zijn er immers op gericht om deze cliënten stapjes vooruit te laten maken en hun zelfredzaamheid te vergroten. Uit onderstaande tabel blijkt dat 65% van de afgegeven indicaties huishoudelijke hulp een duur heeft vanaf 3 jaar of langer. Dit is een stijging ten opzichte van vorig jaar (in 2022: 62%). De gemiddelde indicatieduur steeg in de eerste helft van 2023 naar 3,76 jaar (2022: 3,6 jaar).
17 HALFJAARRAPPORTAGE 2023 Wmo
3.11. Persoonsgebonden budget (pgb) In de eerste helft van 2023 is € 3,05 miljoen toegekend (1e helft van 2022: € 3,85 miljoen) voor het inkopen van een Wmo-maatwerkarrangement of beschermd wonen. Daarvan hebben cliënten € 2,65 miljoen besteed (1e helft van 2022: 3,34 miljoen). Het totaal aantal budgethouders was 1.360 (1e helft van 2022: 1.633). In Den Haag hebben wij een PGB-kwaliteitstoets. PGB-aanbieders die aan de hand van een melding of herindicatie in beeld komen worden getoetst aan de hand van kwaliteitseisen. In de eerste helft van 2023 zijn 159 PGBaanbieders (nieuwe en al bekende) getoetst. Hiervan waren 58 akkoord. Cliënten (= budgethouders) die zorg inkopen bij een PGB-aanbieder die niet akkoord is bevonden, worden geadviseerd over te stappen naar een andere PGB-aanbieder of naar zorg in natura (ZIN). Die wordt geleverd door één van de gecontracteerde Wmo-aanbieders.6 Deze cliënten krijgen dus nog wel ondersteuning, maar het wordt geleverd door een andere aanbieder.
3.12. Soepele overgang van Jeugdwet naar Wmo Het uitgangspunt van het 'Afwegingskader 16-23' is dat bij jongeren gekeken wordt wat het meest passend is. Inzetten van jeugdhulp als er behoefte is aan gezinsgerichte ondersteuning of verblijf in een pedagogische setting. Een Wmo-maatwerkarrangement wordt ingezet als de jongere vooral behoefte heeft aan ondersteuning naar zelfstandigheid. De leeftijd is dus niet bepalend voor de keuze tussen jeugdhulp of maatschappelijke ondersteuning, maar de mate van zelfstandigheid. In de eerste helft van 2023 hadden 600 jongeren een Wmo-indicatie (1e helft 2022: 595).
6
Zie de beantwoording van de schriftelijke vraag “Kwetsbare burgers in Den Haag slachtoffer van malafide PGB-zorgaanbieders” (RIS315433) voor meer achtergronden.
18 HALFJAARRAPPORTAGE 2023 Wmo
3.13. Vervoersvoorzieningen Compensatie voor beperkingen bij het lokaal verplaatsen van personen is gericht op het sociaal vervoer. Dit wordt ook wel genoemd het vervoer in het kader van het leven van alledag in de directe woon- of leefomgeving. Daarbij gaat het om verplaatsingen die de gemiddelde Hagenaar in zijn of haar eigen woonomgeving maakt, zoals vervoer om boodschappen te doen, vrienden en familie te bezoeken, vervoer naar clubs en sociaal-culturele instellingen. In de eerste helft van 2023 daalde het aantal vervoersvoorzieningen, vooral het aantal pashouders AV070. Hier zijn diverse verklaringen voor. Het volume (aantal ritten) nam tijdens de coronacrisis sterk af. Mensen hebben op andere manieren hun vervoersbehoefte vervuld, waardoor er ook nu nog minder ritten gereden worden. De daling kan ook veroorzaakt worden door natuurlijke oorzaken (verhuizing, overlijden) of omdat mensen zelf de voorziening stop hebben gezet. Bijvoorbeeld wegens de inning van de eigen bijdrage.
19 HALFJAARRAPPORTAGE 2023 Wmo
3.14. Ritten en klachten AV070 In de eerste helft van 2023 reed Noot 194.640 Wmo-ritten (1e helft 2022: 215.156 ritten). Er is een lichte daling zichtbaar. Mogelijk vanwege het feit dat pashouders in het eerste halfjaar niet altijd op elk moment een rit konden boeken. Het aantal klachten steeg naar 116 (1e helft 2022: 57). Mogelijk dat het chauffeurstekort en het opleiden van nieuw personeel een reden is geweest voor deze toename. De meeste klachten (36x) gingen over de chauffeur (gedrag, behulpzaamheid of rijgedrag). En verder o.a. over de rijtijden, loosmeldingen en het aanvragen van een rit. In de eerste helft van 2023 steeg het aandeel klachten als percentage van het aantal uitgevoerde ritten licht naar 0,06% (in 2022: 0,05%).
3.15. Hulpmiddelen en woningaanpassingen In de eerste helft van 2023 maakten 2.964 inwoners gebruik van een hulpmiddel (in geheel 2022: 4.213) en ontvingen 381 inwoners een woningaanpassing (in geheel 2022: 615). Hulpmiddelen zijn losse voorzieningen die geleverd wordt door een door de gemeente gecontracteerde leverancier. Denk hierbij aan elektrische rolstoelen, buggy's en transferhulpmiddelen. Woningaanpassingen worden aard- en nagelvast aangebracht in de woning. Deze worden pas geteld op het moment dat ze zijn gerealiseerd en gecontroleerd. Dit werk wordt vaak later uitgevoerd, doordat een (particuliere) woningeigenaar nog moet zoeken naar een aannemer. Voorbeelden van woningaanpassingen zijn trapliften, elektrische deuropeners of deurautomaten, hellingbanen en wandbeugels. Vanaf 2022 worden woonvoorzieningen (zoals een douche- of toiletstoel, en pakpaal) geregistreerd als hulpmiddel en niet meer onder woningaanpassingen. Dit geeft inhoudelijk een beter beeld omdat een woonvoorziening doorgaans eenvoudig en niet per se aard- en nagelvast in de woning is te plaatsen.
20 HALFJAARRAPPORTAGE 2023 Wmo
4. Wmo met verblijf 4.1. Beschermd en begeleid wonen Op 30 juni 2023 hadden 1.055 inwoners een indicatie voor beschermd of begeleid wonen. Hiervan zijn 1.037 indicaties toegekend in de verzilveringsvorm ‘zorg in natura’ (ZIN) en 18 in de vorm van een persoonsgebonden budget (PGB). Het aantal daalt omdat de instroom van de Ggz-doelgroep in de Wet langdurige zorg (Wlz) nog steeds hoger is dan verwacht.
4.2. Wachtlijst beschermd wonen In de eerste helft van 2023 steeg de wachtlijst Beschermd Wonen van 235 indicaties op 31 december 2022 naar 245 indicaties op 30 juni 2023. Hiervan zijn 11 ‘wenswachtenden.’ Zij wonen al in een beschermde woonvorm, maar hebben de wens om te verhuizen naar een andere locatie of zorgaanbieder van voorkeur. Er wordt contact gehouden met de mensen die op de wachtlijst staan. Per situatie wordt gekeken welke ondersteuning nodig is om de wachtduur te overbruggen. Het beleid is erop gericht dat iedereen de ondersteuning krijgt die nodig is.
4.3. Maatschappelijke opvang In de eerste helft van 2023 was het aantal unieke aanmelders bij het Daklozenloket 1.473 (geheel 2022: 2.514). Het aantal aanmelders ligt hoger dan vorige jaar. Door de beperkte capaciteit en beperkte uitstroom neemt de druk op opvang verder toe. Het aantal pashouders voor de nachtopvang is 370. Dit is een raming omdat de ICT-systemen worden heringericht.
21 HALFJAARRAPPORTAGE 2023 Wmo
5. Cliëntervaringen bij de Wmo 5.1. Klanttevredenheid Klanttevredenheid gemeentelijke dienstverlening De Haagse Tevredenheid Score (HTS) wordt standaard uitgevraagd als de client zijn Wmo-advies ontvangt. We vragen de cliënt ‘Hoe tevreden bent u over de manier waarop de gemeente Den Haag u heeft geholpen met uw Wmo-hulpvraag?’ Door de overstap naar een nieuw automatiseringssysteem werd de uitvraag tijdelijk gestaakt. Inmiddels is de uitvraag weer opgestart. De gemeentelijke dienstverlening werd in 2023 (tot en met september) door 75% (geheel 2022: 72%) gewaardeerd met een 7 of hoger (schaal van 0-10). Cliëntervaringen bij Wmo-maatwerkarrangementen In de eerste helft van 2023 steeg de gemiddelde beleving van cliënten bij geleverde huishoudelijke hulp naar 7,3 (in 2022: 6,9). De kwaliteit steeg naar 7,6 (in 2022: 7,5). Vanaf 2023 wordt de kwaliteit niet meer aan huis gecontroleerd door inspecteurs van ZorgLokaal. Het wordt gebaseerd op de eigen waardering van de cliënt voor het goed schoonmaken van het huis.
Effectindicator Het Klant Tevredenheids Onderzoek (KTO) dat gebruikt wordt om de tevredenheid bij de Wmo te meten, is gebaseerd op een continue meting. Ook hier wordt vanwege de tijdelijke stop in de uitvraag, de tevredenheid weergegeven zoals gemeten tot en met september 2023. Toen gaf 83% van de respondenten aan dat voor hun hulpvraag een passende oplossing was gevonden (in 2022: 90%).
22 HALFJAARRAPPORTAGE 2023 Wmo
5.2. Klachten Wmo In de eerste helft van 2023 daalde het aantal ontvangen klachten naar 64 (1e helft van 2022: 67). Het aantal afgehandelde klachten daalde naar 58 (1e helft van 2022: 72). Belangrijkste thema’s blijven goede informatieverstrekking en de doorlooptijden. De klachten van AV070 zijn eerder in de rapportage vermeld. Zie daarvoor grafiek 19.
5.3. Klachten verdeeld naar behoorlijkheidsnorm Hierna volgt een overzicht van de afgehandelde Wmo-klachten die (deels) gegrond zijn verklaard in de eerste helft van 2023. Deze zijn uitgesplitst naar behoorlijkheidsnorm. De behoorlijkheidswijzer van de Nationale Ombudsman geeft een nadere uitleg over de bepaling van die normen.
23 HALFJAARRAPPORTAGE 2023 Wmo
5.4. Bezwaren Wmo In de eerste helft van 2023 zijn bij de Wmo 159 bezwaren binnengekomen (1e helft van 2022: 165) op een totaal van 20.279 eerstelijnsbeschikkingen. Bij de afgehandelde bezwaren heeft de categorie ‘Overig’ betrekking op die gevallen waarin geen beschikking werd meegestuurd, niet werd genoemd waartegen het bezwaar was gericht, of er niet was voldaan aan een ander vormvoorschrift.
24 HALFJAARRAPPORTAGE 2023 Wmo