RIS315872 Bijlage 2 verslag informatieavond Scheveningseveer 17-23 CONCEPT
Tekst van het document
Verslag informatieavond Scheveningseveer 17-23
7 maart 2023
C
T P E C ON
1. VERSLAG INFORMATIEAVOND Verslag van de informatieavond Scheveningseveer van de gemeente Den Haag op 7 september 2022 in Hotel Carlton Ambassador te Den Haag, aanvang 19.30 uur
Aanwezig:
18 aanwezigen (buiten hieronder genoemde personen die ambtshalve aanwezig waren) hebben de presentielijst ondertekend. Daarvan 2 beleggers, 3 gebruikers van het complex en 13 omwonenden.
Gemeente DH:
Laurens Mantel, Coskun Yilmaz, Arnie Caprino
Gemini Dev. BV:
Gerard de Greef, Jelle Bakkum
Architect:
Stijn van den Boogaard
Voorzitter:
Gerard de Greef
Notulen:
Edwin Wendt (Notuleerservice Nederland)
1. Opening De voorzitter opent de vergadering om 19.30 uur en heet iedereen welkom. Hij verzorgt een inleiding. Voordat het terrein Scheveningseveer 17-23, waar vroeger Pont Meyer, Hubo en een dansschool waren gevestigd, door deze ontwikkelaar werd verworven, was er al een andere projectontwikkelaar bezig geweest met de locatie, waar ook Noordeinde 119 toe behoort. Diens plan bestond uit drielaags ondergrondse publieke parkeergarage voor 240 plaatsen. Op die garage zou woningbouw plaatsvinden. Door de gemeente was een Plan Uitwerkingskader (PUK) vastgesteld waarmee B&W akkoord waren. Na de overname werd besloten dit plan niet door te zetten. Het werd als technisch te complex beoordeeld om ondergronds drie lagen te bouwen waar in de omgeving nogal wat historische bebouwing staat. Het creëren van in- en uitgangen aan Amaliastraat of Noordeinde was even zeer ingewikkeld. Het verkeerscircuit dat zou ontstaan, leidde op voorhand tot veel onrust in de buurt. Daarop is gekozen voor een vereenvoudiging van het plan en is de keuze gemaakt voor woningbouw met daaronder parkeerplaatsen voor gebruikers. De PUK was inmiddels verlopen en de plannen weken af van het bestemmingsplan. Architect Stijn van den Boogaard is gevraagd om een concept plan dat zou voldoen aan de randvoorwaarden. 2.
Presentatie Laurens Mantel, projectleider van de dienst Stedelijke Ontwikkeling De heer Mantel, projectleider van de dienst Stedelijke Ontwikkeling van de gemeente Den Haag, geeft aan dat in de afgelopen anderhalf, twee jaar is gewerkt aan gemeentelijke randvoorwaarden in de lijn van de PUK uit 2013 om nieuwe plannen aan te toetsen. Op de randvoorwaarden, die op deze avond worden gepresenteerd, kunnen omwonenden en belanghebbenden vanavond reageren. In het 4e kwartaal van dit jaar worden de conceptrandvoorwaarden met de inspraakreacties voorgelegd aan de raad, waarna het college ze kan vaststellen. Een en ander wordt per e-mail aan de aanwezigen teruggekoppeld, zodat de aanwezigen kunnen zien wat er met hun reactie is gebeurd. Daarna kan volgend jaar de omgevingsvergunning worden ingediend. Houthandel Pont Meyer is al zo’n twintig jaar weg van deze locatie. Het is een vrij groot terrein. De panden aan het Scheveningseveer hebben de bestemming ‘Gemengd’ 1 (o.a. wonen, detailhandel, sport). Het binnenterrein heeft een bedrijfsbestemming. Het nieuwe plan van medio 2019 is ambtelijk positief ontvangen. In de randvoorwaarden is een aantal verbeterpunten en een aanscherpingen opgesteld. Goede borging van de inpassing van de nieuwe gevels op het Scheveningseveer vanwege de status van beschermd stadsgezicht,
2
CONCEPT BIJLAGE INFORATIEBIJEENKOMST SCHEVENINGSEVEER 17-23 • 7 MAART 2023
1
een gesloten voorgevel, doorgang naar het binnenterrein, de maximale bouwhoogte voor de bebouwing en de parkeerkelder en duurzaamheids- en vergroeningaspecten. De bebouwing moet voldoen aan de karakteristieken van de historische binnenstad bebouwing. Op het binnenterrein moet worden voortgeborduurd op de historische bebouwingsstructuur met verschillende volumes. Aan de zijde van het Scheveningseveer komen maximaal vijf bouwlagen waarvan de bovenste bouwlaag minimaal vijf meter terug liggend moet zijn. Aan de twee bovenste verdiepingen is een balkons mogelijk. Het hoofdgebouw krijgt een in- en uitrit aan het Scheveningseveer waarbij de bestaande inrit kan worden verlegd. Er moet een collectief binnenterrein komen, groen en duurzaam. Aan de Noordeinde-zijde krijgen de private ruimten een groen en duurzaam karakter. De levendige plint aan het Scheveningseveer (winkels, horeca) is en blijft uitgangspunt. Voor de verdiepingen van het hoofdgebouw is de functie wonen voorzien. Op het binnenterrein is halfverdiept parkeren voorzien. Vragen: Mevrouw B vraagt naar de doorlooptijd van de vergunningen en de planning. De heer Mantel geeft aan dat de doorlooptijd van de vergunning minimaal 26 weken is. Daaraan vooraf gaat de voorbereiding door de architect. Ook de gemeenteraad moet nog akkoord geven op de randvoorwaarden.
De heer Van S merkt op dat bepaalde belanghebbenden niet zijn uitgenodigd en vraagt zich af of dit proces tegen die achtergrond wel kan worden voortgezet. De heer B geeft ook aan dat hij en enkele andere gebruikers niet zijn uitgenodigd. De heer De Greef geeft aan dat het hele Scheveningseveer, de gehele Amaliastraat en een groot deel van het Noordeinde persoonlijk zijn ingelicht. Daarnaast zijn huis-aan -huis in alle brievenbussen niet gepersonaliseerde uitnodigingen gestopt, hebben de ondernemersverenigingen toestemming gekregen deze avond op hun websites aan te kondigen en is er een gesprek met de wijkvereniging geweest. Hiermee is aan de handleiding van de gemeente voor soort situaties meer dan ruimschoots voldaan. Geen enkel adres is bewust overgeslagen. Fijn dat betrokkenen er in elk geval zijn. Op een vraag van mevrouw W over het aantal parkeerplaatsen wordt aangegeven dat aan de parkeernormen van de gemeente moet worden voldaan en dat een veilige in- en uitrit moet worden gecreëerd. Een en dezelfde poort wordt voor in- en uitgaand verkeer gebruikt. De heer De Greef merkt op dat op het terrein binnen de huidige bestemming veel meer bedrijvigheid zou kunnen zijn dan er nu plaatsvindt. Het gaat vooralsnog om een globale conceptuele benadering. De heer B vraagt naar de betekenis van het flexibele karakter van de in- en uitrit.
De heer Mantel verklaart dat de in- en uitrit, die so wie so aan het Scheveningseveer komt, van de rechter- naar de linkerzijde kan worden verplaatst. De afdeling verkeer heeft dit beoordeeld en goed gevonden mits er een goed signaleringssysteem komt, zodat de veiligheid is gewaarborgd. De heer V vraagt of er wordt geheid. De heer Mantel geeft aan dat dit volgens hem sowieso nauwelijks nog in de stad gebeurt. Deze ontwikkelaar is het daarnaast niet van plan. 3. Presentatie architect Stijn van den Boogaard Ter plaatse is sprake van een samensmelting van gebouwen. Het Noordeinde kenmerkt zich door alle aan- en opbouwen. Het gevelbeeld van het Scheveningseveer kenmerkt zich door statige gevels. De oude dansschool is een grote massa midden in het binnengebied. Voor de nieuwbouw worden volgens de plannen twee panden aan het Scheveningseveer gesloopt en vervangen door vier lagen plus één terug liggende laag, te bouwen in een nieuwe historische stijl die in het gevelbeeld past. Voor het achter gebied wil de architect de sfeer van de vroegere houthandel terugbrengen. Vandaar het voornemen er huizen met een houten ‘look’ neer te zetten en wat vrijer van de erfgrenzen staan. De 10 woningen en twee stadswoningen worden alle voorzien van een stadstuin/patio. Ook zijn er twee appartementen voorzien.
Onder een half verhoogd dek zit de parkeerplaats met 26 parkeerplaatsen, bergingen en fietsenstallingen. Op het binnenterrein rijden straks
2 CONCEPT BIJLAGE INFORATIEBIJEENKOMST 17-23 • 7 MAART 2023
3
geen auto’s meer. Het wordt er dus rustiger, verstild zelfs. Zodra auto’s naar binnen rijden, zijn ze direct van maaiveld af. Vragen: Mevrouw W vreest voor de grondwaterstand gedurende de werkzaamheden. De heer De Greef geeft aan dat de parkeerlaag boven het grondwaterniveau blijft. De heer D wijst op de twee woningen met een terras in de hoek waar zijn eigen woning aan grenst. De heer Van den Boogaard geeft aan dat het terras op circa 1,20 meter komt. De huidige loodsen zijn vijf meter hoog. Daar gaan deze twee bouwlagen min of meer in op. De heer D benadrukt dat de architect de woorden ‘min of meer’ gebruikt. De heer Van den Boogaard meent dat het balkon van de heer Droste er net boven ligt. De heer K (die in hetzelfde gebouw woont als de heer D) wil op voorhand genoteerd hebben dat de architect en de ontwikkelaar de exacte maten niet weten. De balustrade waarover zij spreken, is zijn achterkant. Hij heeft nu een terras met vrij uitzicht. . De heer K maakt bezwaar tegen de bouw van de twee appartementen in het zijgebouw van het project, omdat het zijn huidige vrije zicht tot aan de oude sporthal ontneemt, en grote impact heeft op de lichtval en privacy in de aan deze zijde gelegen slaapkamer en werkkamer. Hij vraagt er kritisch naar te kijken. Dit wordt toegezegd. Mevrouw J vreest ook voor haar privacy en de bezonning.
De heer Van den Boogaard antwoordt dat de nieuwe bebouwing t.p.v. Mevrouw J niet hoger wordt dan de huidige zodat er geen vermindering van bezonning of privacy is op deze plek. Mevrouw C van het COC Scheveningseveer vraagt aandacht voor de bestaande vluchtweg. Initiatiefnemer is hierover met COC in gesprek en zegt toe daar een oplossing voor voor te leggen. De heer L is eigenaar van een buurpand op het Noordeinde en heeft nu ook een vluchtweg naar het terrein. Initiatiefnemer is ook met hem in gesprek over de vraag of en hoe deze in het plan kan worden ingepast Mevrouw B vraagt naar de doorlooptijd van het hele project. Zij houdt kantoor op de Mauritskade en vraagt aandacht voor eventuele bouwoverlast. De heer Bakkum geeft aan dat er veel met prefab onderdelen wordt gewerkt. De sloop zal een maand duren. De voorbereidingstijd tot de bouw begint duurt nu nog een jaar. Dat de ruwbouw voor overlast kan zorgen, erkent hij. De heer De Greef wijst op het belang van afspraken met degenen die het werk realiseren. Gemini werkt veel op binnenstedelijke locaties en heeft goede ervaringen. De aannemers worden hierop geselecteerd. De heer B maakte zich over het vorige plan zorgen, maar wil gezegd hebben dat dit plan er veel beter uitziet en geeft daar complimenten voor. De heer Van S komt terug op het punt van de niet bezorgde brieven.
Volgens de voorzitter ontaardt dit in een welles-nietes spelletje. Dat hier veel mensen zijn, geeft aan dat de brieven zijn verspreid. Als spreker iemand kent die vindt dat die hier ook zou moeten zijn, zal Gemini die inlichten. Het is nog vroeg in het proces, dus alle opmerkingen kunnen nog aan bod komen. De heer Van S heeft geen opmerkingen of aanvullingen op de concept randvoorwaarden. De heer K vraagt of er wat zijn vraag betreft een toets moment komt. Hij vraagt of heel concreet wordt vastgesteld dat er een hoogteverschil is tussen zijn eigen terras en het nieuwe terras. De heer Mantel geeft aan dat dit wordt beoordeeld aan de hand van de concept-randvoorwaarden. De heer Van den Boogaard vult aan dat de heren K en D nu duidelijk hebben benoemd waar zij voor vrezen. De architect benadrukt dat hij niet op een terras kijkt, maar op een dak. Afgesproken wordt dat de architect met de initiatiefnemer naar Noordeinde 141/141A komt om dat ter plekke te bekijken en bespreken. De heer M merkt aanvullend op dat hij als directe buurman positief is gestemd en complimenten geeft voor het bouwplan. 4. Sluiting De voorzitter dankt de aanwezigen voor hun inbreng en sluit de vergadering om 21.00 uur.
4
3 CONCEPT BIJLAGE INFORATIEBIJEENKOMST SCHEVENINGSEVEER 17-23 • 7 MAART 2023
2. BEANTWOORDING REACTIES Hieronder is de gemeentelijke beantwoording te lezen naar aanleiding van zes reacties van omwonenden en belanghebbenden tijdens de informatieavond van 7 september 2022.
1 Inhoud reactie
Gemeentelijke beantwoording
1. Hoeveel parkeerplaatsen moeten worden gerealiseerd.
Het parkeren dient in principe op eigen terrein te worden gerealiseerd conform het bestemmingsplan Parapluherziening (fiets)parkeren. De parkeernorm is uitgewerkt in de Nota parkeernormen. Voor deze locatie gelden de parkeernormen voor de zone Centrummilieus. De norm is afhankelijk van de grootte van de appartementen en eengezinswoningen.
2. Wat is een veilige in- en uitrit.
In de randvoorwaarden is opgenomen dat maximaal één gecombineerde in- uitrit mag worden gerealiseerd. Of de bestaande in- uitrit handhaven of een nieuwe in- uitrit aan het Scheveningseveer realiseren. Voor zicht en veiligheid moeten technische en/of visuele oplossingen bij de in-uitrit worden aangebracht. Voor de in-uitrit is een vergunning nodig.
3. Zorgen over bouwoverlast.
Uit hoofdstuk 8 van het Bouwbesluit volgt dat de uitvoering van de werkzaamheden zodanig dient te geschieden dat voor de omgeving een onveilige situatie of voor de gezondheid of bruikbaarheid nadelige hinder zoveel moet worden voorkomen en daartoe noodzakelijke maatregelen moeten worden genomen in een Bouwveiligheidsplan. De initiatiefnemer en aannemer moeten voorafgaand aan de bouw met de omwonenden goede afspraken maken.
4. Zorgen over vermindering privacy.
De nieuwe woningen worden dusdanig gesitueerd dat rekening wordt gehouden met de privacy: • Balkons aan de achterzijde van het hoofdgebouw (gelegen aan het Scheveningseveer) dienen op afstand van de perceelgrens geplaatst te worden; • De lagere bebouwing op het binnenterrein staat op voldoende afstand t.o.v. de omliggende bestaande hoofdbebouwing; • Zijde Amaliastraat: ca.12 meter; • Zijde Noordeinde: gemiddeld ca. 20 meter; • Naar aanleiding van deze reactie zijn de randvoorwaarden aangepast. Aan de achterzijde van Noordeinde 141 is in de bestaande situatie een ondiep dakterras gelegen met vrij uitzicht over een (opslag)loods/bedrijfshal met een diepte van circa 18 meter en een bouwhoogte van circa 4 meter. Er omheen staan hogere bouwvolumes (volumes van circa 7,10 en 11 meter) die het zicht beperken. Voor de nieuwe bebouwing op het binnenterrein wordt voortgeborduurd op de historische bebouwingstructuur van lage en hoge volumes wat het bestaande binnenterrein kenmerkt. Een hoger bouwvolume aan de achterzijde van Noordeinde 141 is voorstelbaar met een minimaal afstand van 7,75 meter tussen de bestaande hoofdbebouwing en de nieuwe bebouwing. Een afstand die vaker voorkomt aan het Noordeinde tussen hoofdgebouwen en de erachter gelegen (vrij)staande aan- en/of bijgebouwen.
Om te voorkomen dat er aan de achterzijde te hoog wordt gebouwd, en voor behoud van voldoende licht en lucht in de bestaande woning, is een (denkbeeldige) lijn met een hellingshoek van 27⁰ getekend vanaf de achtergevel van de woning schuinoplopend richting het binnenterrein. Deze lijn bepaald de maximale bouwhoogte op het binnenterrein voor de bebouwing nabij Noordeinde 141 met een maximum van 3 bouwlagen.
.
CONCEPT BIJLAGE INFORATIEBIJEENKOMST 17-23 • 7 MAART 2023
5
1 Inhoud reactie
Gemeentelijke beantwoording
5. Zorgen over verminderde bezonning.
Het plan dient in beginsel te voldoen aan de bezonningsnormen van de gemeente. De Haagse bezonningsnorm gaat uit van de ondergrens van tenminste twee mogelijke bezonningsuren per dag in de periode van 19 februari tot 21 oktober op de (gevels) van woningen, uitgaande van een zonhoogte van meer dan 10 graden. Bij de vergunningsaanvraag moet de initiatiefnemer een bezonningsonderzoek indienen.
6. Aandacht voor bestaande vluchtwegen.
De initiatiefnemer gaat over bestaande privaatrechtelijk afspraken, zoals over vluchtwegen, met derden in gesprek en goede afspraken maken. vluchtwegen, met derden in gesprek en goede afspraken maken.
Colofon Gemeente Den Haag Dienst Stedelijke Ontwikkeling Afdeling Stedenbouw & Planologie
7 maart 2023
6
CONCEPT BIJLAGE INFORATIEBIJEENKOMST SCHEVENINGSEVEER 17-23 • 7 MAART 2023