CConstaterende datDen Haag
Koppel je AI →
Document · PDF

RIS313425 Bijlage 1

Commissie Samenleving 8 december 2022, gemeente Den HaagBij agendapunt: Raadsmededeling: Actuele situatie jeugdbescherming480 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Niet gevonden in dit document.

Bijlage 1 Verantwoordelijkheidsverdeling en ontwikkelingen 2019 t/m 2021 De verantwoordelijkheidsverdeling van de jeugdbescherming Bij de jeugdbescherming is het Rijk stelselverantwoordelijk en zijn de gemeentes opdrachtgever van de Gecertificeerde Instellingen (GI’s), de organisaties die de jeugdbescherming uitvoeren. Bij de decentralisatie in 2015 van de jeugdhulp zijn de middelen voor de financiering van de GI’s naar de gemeenten overgeheveld. Krachtens de gemeentewet dienen de gemeenten voor deze taak passende financiering te krijgen van het Rijk. Vanwege het gespecialiseerde werk en vanwege het belang van robuuste GI’s, hecht het Rijk aan een stevige schaalgrootte. Daarom wordt er door de gemeenten bij de jeugdbescherming samengewerkt in twaalf regio’s. Deze worden als bestuurlijk en ambtelijk aanspreekpunt gebruikt door VNG, Rijk en Inspectie. Aangezien Nederland 42 jeugdhulpregio’s kent, bestaat een jeugdbeschermingsregio uit meerdere jeugdhulpregio’s. De regio Haaglanden vormt samen met de jeugdhulpregio’s Zuid-Holland Zuid, Midden Holland en Holland Rijnland de jeugdbeschermingsregio Zuid West. De wethouder van Den Haag is daarbij q.q. de accounthoudende wethouder en ook ambtelijk is het accounthouderschap belegd bij Den Haag.

Dit betekent dat Den Haag zorg draagt voor organisatie, afstemming en coördinatie van de acties van de regio ZW, in eerste instantie alleen voor JB west maar vanaf 2020 ook voor de William Schrikker Groep en het Leger des Heils. De afgelopen jaren is er met succes geïnvesteerd in een vruchtbare en effectieve samenwerking, overigens zonder dat aan de accounthoudende regio daarvoor formele bevoegdheden zijn verstrekt. De ontwikkelingen van 2019 tot en met 2021 In november 2019 brengen de IGJ en de Inspectie Justitie en Veiligheid (IJV) een landelijk rapport uit over de stand van zaken van de jeugdbescherming met als titel: Kwetsbare kinderen onvoldoende beschermd. De kern van dit rapport is dat de jeugdbescherming onvoldoende middelen heeft om het werk goed te doen waardoor een aantal normen niet worden gehaald. Deze normen houden in dat binnen 5 werkdagen een jeugdige met een kinderbeschermingsmaatregel een vaste jeugdbeschermer dient te hebben die contact heeft gelegd met het gezin. Daarnaast moet er binnen 6 weken een gedragen koers zijn voor de aanpak van de problematiek van de jeugdige en gezin. Een derde norm is dat jeugdigen met een maatregel binnen drie maanden passende hulp dienen te ontvangen, bij deze norm heeft de gemeente/jeugdhulpregio een belangrijke rol.

Dit rapport was aanleiding om in de regio ZW vanaf 2020 afspraken te maken over het financieren van een verbeterplan voor de GI’s . In oktober 2020 constateren de inspecties dat er onvoldoende voortgang werd geboekt en wordt er gestart met een doorbraakaanpak om voor jeugdigen met een maatregel eerder passende hulp te realiseren. In juli 2021 constateren de inspecties onvoldoende voortgang op het punt van tijdig passende hulp voor jeugdigen met een maatregel. Er wordt bij vier jeugdbeschermingsregio’s verscherpt toezicht ingesteld door de inspecties en Interbestuurlijk Toezicht door het Rijk. Ook bij de regio ZW .

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11954092/1